Tag: etnische bezienswaardigheid

  • Tentoongesteld als etnische bezienswaardigheid

    Tentoongesteld als etnische bezienswaardigheid

    Gevlucht naar Thailand vanwege de conflicten in Myanmar, vinden de Kayan Lahwi een nieuw bestaan als toeristische attractie. Op steun van de Thaise overheid hoeven ze echter niet te rekenen.

    Elke ochtend nadat ze heeft gekookt en het huishouden heeft gedaan, steekt Mai zichzelf en haar zesjarige dochtertje Poe Yal Bal in de traditionele kleding van hun etnische groepering, compleet met de karakteristieke sieraden die de Kayan Lahwi-vrouwen dragen. 

    Nadat ze hun blouse met korte mouwen hebben aangetrokken, die is afgezoomd met kleurrijk garen, en hun haar hebben vastgezet, brengen Mai en haar dochter de koperen nekringen aan die duidelijk maken dat ze tot de Kayan Lahwi behoren. In het Birmees worden ze meestal Padaung genoemd, een term waar velen van hen bezwaar tegen maken. Hun thuisland in Myanmar omvat de subdistricten Demoso en Loikaw in de deelstaat Kayah, het subdistrict Pekon in het zuiden van de deelstaat Shan, en delen van Naypyidaw Union Territory.

    Zodra ze geheel in traditionele kledij zijn gestoken, zijn Mai en haar dochter klaar voor de toeristen. In de meer dan dertig jaar dat er bezoekers naar deze afgelegen Kayan-dorpen in Thailand komen, is er maar weinig veranderd. Evenmin is er veel veranderd aan de groeiende stroom etnische Kayanen die vluchten voor de oorlog in Myanmar.

    Mai en de andere dorpelingen verdienen geld aan de toeristen die foto’s maken

    ‘De kinderen zijn gekleed in etnische dracht en de toeristen die naar het dorp komen maken foto’s van hen en geven hun wat geld. Er zijn ook mensen die foto’s van ons willen maken terwijl we aan het weven zijn. Soms trekken ze zelf onze traditionele kleren aan en laten zich zo fotograferen,’ zegt Mai.

    Mai en de andere dorpelingen verdienen geld aan de toeristen die foto’s maken, en daarnaast verkopen ze handgeweven stoffen en traditionele kledij, en sieraden die worden geassocieerd met de Kayan Lahwi: armbanden, oorbellen en koperen nekringen. 

    Door die koperen nekringen zijn de Kayan Lahwi-vrouwen zowel hier als in Myanmar uitgegroeid tot een toeristische attractie, en in het dorp waar Mai woont is dan ook geen tekort aan bezoekers. Het dorp ligt zo’n 26 kilometer van de stad Mae Hong Son in de gelijknamige Thaise provincie, dat onderdeel uitmaakt van een populaire toeristische route. Over de rivier de Pai is het een tocht van zo’n vier uur naar de grens met de deelstaat Kayah (ook wel Karenni genoemd), waar Mai is geboren.

    Felle strijd

    Na de militaire coup van 2021 zijn de subdistricten Demoso en Loikaw in Kayah getuige geweest van een felle strijd. In een rechte lijn is het vanaf daar zo’n honderd kilometer naar de stad Mae Hong Son, maar via de grenspost bij Myawaddy in de deelstaat Kayin is het een lange, kronkelige weg van zo’n 920 kilometer.

    Huay Pu Keng is, net als enkele andere Kayan Lahwi-dorpen in het noordwesten van Thailand, zo’n dertig jaar geleden ontstaan, toen de inwoners van Kayah op de vlucht sloegen voor de steeds hevigere strijd in hun thuisland. Te midden van de vele ontheemden wisten de Kayan Lahwi de aandacht te trekken met hun fysieke verschijning, die niet alleen belangstelling wekte, maar ook een bron van inkomsten bleek, die uitbuiting met zich meebracht.

    Saw Eh Ke woont al vanaf het begin in Kayan Taryar, een ander Kayan Lahwi-dorp in de provincie Mae Hong Son, maar hij is geboren in het dorp Panpet in Demoso.

    lawrence makoona zvMXo5o3DbE unsplash
    Huay Pu Keng wordt in de volksmond aangeduid met de botte benaming ‘Langenekkendorp’. – © Unsplash

    ‘Ik was heel jong toen ik vertrok, dus ik herinner me er maar weinig van, maar ik weet nog wel dat we een week hebben gelopen’

    Toen in 1990 hun huis ten prooi dreigde te vallen aan de strijd tussen de Tatmadaw [het Myanmarese leger] en het Karenni-leger, besloot zijn moeder, Saw Ae Ke, met hem en zijn zus naar de Thaise grens te vluchten. Saw Eh Ke was acht jaar oud toen de soldaten optrokken naar Panpet, en hij is nooit meer teruggekeerd.

    ‘Ik was heel jong toen ik vertrok, dus ik herinner me er maar weinig van, maar ik weet nog wel dat we een week hebben gelopen. Vervolgens zat ons gezin een maand of drie, vier in een kamp voor ontheemden aan de Thaise grens, waarna we uiteindelijk Kayan Taryar wisten te bereiken. Mijn moeder is inmiddels 72. Ze is de oudste inwoner van het dorp en draagt nog altijd de traditionele kledij, voor bezoekers,’ zegt hij.

    Nooit meer gezien

    Na zijn vertrek uit Kayah heeft Saw Eh Ke zijn vrienden en familieleden die in Myanmar zijn achtergebleven nooit meer gezien, en hij weet maar weinig van de situatie op dit moment, vertelt hij aan Frontier. Omdat hij geen identiteitsbewijs heeft, is er geen legale mogelijkheid voor hem om terug te keren.

    ‘We hebben gehoord dat er een militaire coup is gepleegd in onze thuisstaat – ik ben bereid mijn landgenoten die hier weten te komen [in de Kayan Lahwi-dorpen in Thailand] zo goed mogelijk te helpen,’ zegt Saw Eh Ke, die eraan terugdenkt hoe moeilijk zijn eigen reis is geweest.

    ‘Toen wij de Karenni-regio ontvluchtten, werd mijn zus tijdens onze tocht door de jungle heel erg ziek, van uitputting. We hadden geen eten en geen drinken, en ik zal nooit vergeten dat we de bladeren uit het bos moesten eten om in leven te blijven,’ zegt hij. ‘Alle eerdere oorlogen én de huidige oorlog in Myanmar zijn veroorzaakt door een militaire dictatuur. Zonder het leger van Myanmar zou er in alle regio’s vrede heersen. Ik haat het leger van Myanmar,’ zegt hij.

    Mai is, net als Saw Eh Ke, naar Thailand gekomen om te ontsnappen aan de burgeroorlog. Ze was toen nog heel jong – nog maar net vier – en inmiddels woont ze alweer 28 jaar in Huay Pu Keng.

    Etnische kaart

    Desondanks is Mai nog altijd geen Thais staatsburger en haar enige identiteitsbewijs is een zogenaamde ‘etnische kaart’, een kaart die eens in de tien jaar kan worden verlengd.

    ‘Het is een soort gastburgerschap,’ zegt Mai, die eraan toevoegt dat mensen met zo’n kaart niet stemgerechtigd zijn en te maken krijgen met reisbeperkingen.

    Van de ongeveer tweehonderd mensen in het dorp hebben er maar dertig of veertig zo’n etnische kaart, en de anderen hebben een soort migrantenkaart (ook wel een ‘roze kaart’ genoemd, die wordt uitgereikt aan ongedocumenteerde arbeiders) of ze hebben helemaal geen papieren.

    Op een bord bij de ingang van Huay Pu Keng staat de botte benaming waarmee het dorp in de volksmond wordt aangeduid: ‘Langenekkendorp’

    In het verleden weigerden veel touroperators om naar de Kayan Lahwi-dorpen te gaan, vanwege ethische bedenkingen en zorgen over mogelijke dwangarbeid en mensenhandel. Op een bord bij de ingang van Huay Pu Keng staat, zowel in het Engels als in het Thais, de botte benaming waarmee het dorp in de volksmond wordt aangeduid: ‘Langenekkendorp’. Het dorp kan alleen worden bereikt via een tocht van een half uur per boot, wat de romantische uitstraling voor de toeristen vergroot en tegelijkertijd de bewegingsvrijheid van de inwoners, zoals Mai, verkleint.

    Het dorpshoofd, Naung, zegt dat Huay Pu Keng nog niet officieel is erkend als Kayan-dorp.

    ‘Er wonen meer dan tweehonderd mensen in ons dorp en hoewel het al meer dan dertig jaar bestaat, is het nooit officieel erkend omdat minder dan vijftig procent van de inwoners Thais staatsburger is,’ zegt Naung, die een etnische kaart heeft. Zodra een dorp die grens van vijftig procent bereikt en officieel wordt erkend, is het ook voor de anderen makkelijker om het Thaise staatsburgerschap te krijgen.

    ‘Kinderen van ouders met een etnische kaart worden beschouwd als Thais staatsburger en hebben het recht om naar een Thaise school te gaan. In dit dorp wonen kinderen die als Thais staatsburger worden gezien. Maar voor andere kinderen, van wie de ouders een migrantenkaart hebben, geldt dat niet,’ zegt hij.

    Als ongedocumenteerde dorpelingen naar Mae Hong Son gaan, lopen ze het risico te worden opgepakt door de politie, aldus Naung.

    ‘Mensen zonder kaart kunnen niet naar de stad; ze worden opgepakt door de politie,’ zegt hij. Hij vertelt erbij dat er meestal een uitzondering wordt gemaakt voor Kayan Lahwi in traditionele dracht. Zo worden de vrouwen gedwongen de rol van levende toeristische attractie te spelen, die de plaatselijke overheid hun heeft toegedicht. 

    ‘Als ik met mijn dochter naar Mae Hong Son ga, moet ik de traditionele dracht aan. Als ik dat niet doe, ben ik bang dat de politie me staande houdt voor controle,’ zegt Eh Mwi Paw (42) die een migrantenkaart heeft.

    Toestemming

    De man van Eh Mwi Paw heeft een etnische kaart en hij heeft dan ook officieel toestemming om te werken. Hun twee zoons studeren in Mae Hong Son.

    ‘Mijn zoons vragen altijd waarom hun moeder zich niet kleedt zoals andere vrouwen die naar de stad gaan. Ze snappen niet dat ik het risico loop gearresteerd te worden als ik geen traditionele kledij draag,’ zegt ze. ‘Hoewel we al jaren en jaren in Thailand wonen, worden we van Myanmarese kant niet erkend als etnische groepering, en worden we ook niet erkend als Thais staatsburger. We worden gewoon tentoongesteld als een toeristische attractie.’

    Saw Ae Sehun, dorpshoofd van Kayan Taryar, zegt dat de Thaise autoriteiten sinds de staatsgreep in Myanmar de controles in de grensgebieden hebben aangescherpt, en dat treft ook de Kayan Lahwi die zich in Thailand hebben gevestigd.

    ‘Het is verreweg het veiligste om in traditionele kledij de deur uit te gaan’

    ‘Het is verreweg het veiligste om in traditionele kledij de deur uit te gaan. Onze traditionele dracht garandeert onze veiligheid. Als de Thaise politie ons in traditionele dracht ziet, laten ze ons met rust,’ zegt hij.

    De politieke crisis heeft geleid tot een toestroom van vluchtelingen. Sommigen leven in kampen en anderen hebben hun toevlucht gezocht in Kayan Lahwi-gemeenschappen zoals Huay Pu Keng en Kayan Taryar.

    lawrence makoona cNvwOa6HH4Y unsplash
    Huay Pu Keng wordt in de volksmond aangeduid met de botte benaming ‘Langenekkendorp’. – © Unsplash

    ‘Sommige mensen hier in het dorp zijn weggelopen uit de opvangkampen,’ zegt Hla Bwe Sae uit Kayan Taryar. ‘Ze kunnen niet terug naar huis, dus zitten ze hier vast.’

    Opvangkampen

    Kayan Lahwi die familieleden hebben in een van de toeristendorpen mogen met toestemming van de Thaise autoriteiten de opvangkampen verlaten en naar die dorpen gaan, maar de meesten hebben moeite om te vertrekken. 

    ‘Er wonen hier veel Kayan Lahwi, maar er zijn er maar weinig die ooit in Mae Hong Son zijn geweest. De meesten wagen zich niet buiten het dorp,’ aldus Hla Bwe Sae.

    In tegenstelling tot Huay Pu Keng trekt Kayan Taryar maar weinig bezoekers, omdat het dorp minder inwoners heeft en afgelegener is.

    ‘De Thaise overheid heeft een lagere school geopend in ons dorp, en er is ook een medische post. Hoewel we allemaal hier wonen, spreken we geen Thais en wagen we ons dan ook zelden buiten het dorp. We verbouwen het een en ander in de bergen hier in de buurt, en verder blijven we thuis,’ zegt hij.

    Hla Bwe Sae, die inmiddels dertig is, is op zijn tiende uit Demoso vertrokken. 

    ‘Ik kan niet terug naar Demoso en ik ken niets anders dan het dorp waar ik woon, aan de Thaise kant van de grens. Waarschijnlijk blijf ik hier tot mijn dood,’ zegt hij.

    Kayan Lahwi worden vaak uitgebuit – ze krijgen geen enkele steun

    Hoewel de Kayan Lahwi-dorpen worden gepromoot als toeristische attractie, krijgen ze geen enkele andere steun van de Thaise overheid, zegt Saw Ae Sehun.

    ‘We worden afgeschilderd als een etnische groepering met interessante tradities voor toeristen. Maar onze Kayan Lahwi-familieleden die aan de Thaise grens wonen, worden vaak uitgebuit – ze krijgen geen andere rechten en geen enkele steun,’ zegt hij. ‘Ik droomde er vaak van om terug te gaan naar Myanmar, maar sinds de staatsgreep is dat onmogelijk.’

    Saw Ae Sehun zegt dat hij, hoewel hij zelf niet meer kan terugkeren naar Myanmar, alles wil doen wat in zijn vermogen ligt om de vluchtelingen te helpen die de grens zijn overgestoken en naar Kayan Taryar zijn gekomen.