De in Rusland geboren schrijver Gary Shteyngart sluit zich een week op in een hotel in Manhattan om zich onder te dompelen in de wereld van de Russische televisie. Het wordt een even hilarische als pijnlijke ervaring: ‘Het onophoudelijke lawaai maakt je duidelijk dat je een miniem radertje bent in de visie van een ander. En die ander is Vladimir Poetin.’
Het is in een heel ander tijdperk, februari 2015, dat de populaire Amerikaanse auteur Gary Shteyngart, zoon van Russisch-Joodse immigranten, besluit dit project te ondernemen. Kort ervoor heeft Poetin zijn neo-imperialistische ambities op de Krim gericht, ‘een zonnig schiereiland in de Zwarte Zee’, waarvan Poetin beweerde dat het voor het Russische volk betekent wat de Tempelberg voor de joden en de moslims betekent – ‘een opmerking die kwetsend is voor zowel Russen als joden en moslims’. Shteyngarts psychiater, die bij hem langskomt, vertelt hij dat een van zijn motivaties misschien is om beter te begrijpen wat zijn ouders in de USSR hebben doorgemaakt. Ook is hij benieuwd of zijn visie op Poetin, ‘een bron van kwaad is die we allemaal als zodanig herkennen’, zou kunnen veranderen: ‘Zal ik ook van Poetin gaan houden, wat naar het schijnt voor 85 procent van de Russen opgaat?’ De lezer krijg in ieder geval inzicht in de beelden waarmee de Russische bevolking wordt overspoeld, en van de reusachtige rol van de president daarin.
Op een koude, zonnige avond zit ik op de rand van mijn kingsize bed in het Four Seasons Hotel in New York, kauw op reepjes gedroogd wagyu-rundvlees en sla een hele fles pinot noir achterover terwijl ik toekijk hoe op de Russische staatstelevisie een vrouw een man speelt die een bebaarde vrouw speelt. Op een podium, dat wordt verlicht door zachtgloeiende kroonluchters, geeft de parodiste Elena Vorobei, voor een publiek van vooraanstaande bekende Russen, op de maten en de tekst van Gloria Gaynors ‘I Will Survive’, een nogal crue imitatie ten beste van Conchita Wurst, de Oostenrijkse dragqueen die in 2014 het Eurovisiesongfestival heeft gewonnen. Vorobei draagt een fonkelende jurk, geeft vette knipogen, krabt aan haar bebaarde gezicht en zwiept met een weelderige pruik. ‘Ik heb een baard!’ brult ze. Op een zeker moment brengt ze de Hitlergroet, bedoeld om het beeld op te roepen van Conchita’s vaderland, Oostenrijk. De camera glijdt langs alle lachende gezichten, blijft heel even hangen bij een bekende acteur-zanger-schrijver-bodybuilder, en vervolgens bij een van de presentatoren, Ruslands beroemde popster, de eveneens bebaarde Philipp Kirkorov (van wie algemeen wordt aangenomen dat hij homo is). De mannen, vrijwel allemaal gebronsd en strak in het pak, lachen zonder enige terughoudendheid. De vrouwen, behangen met sieraden, glimlachen veelbetekenend. Iedereen beweegt mee op de maat van de muziek en klapt.
In Rusland worden maar weinig dingen zo serieus genomen als het Eurovisiesongfestival (vissen, voetballen en de Russisch orthodoxe kerk daargelaten). Veel van de muziek die wordt uitgezonden op de Russische televisie, met alle glamour en glitter, doet dan ook denken aan een eindeloze repetitie voor het Eurovisiesongfestival. Toen Conchita won, zei Vladimir Zjirinovski, een ultranationalist in het Russische parlement, dat Conchita’s overwinning het ‘einde van Europa’ betekende. De vicepremier en de orthodoxe kerk gaven verklaringen uit waarin ze het einde aankondigden van de christelijke beschaving zoals wij die kennen. De boodschap van het programma waarnaar ik nu kijk laat aan duidelijkheid niets te wensen over: Europa mag dan door de muziekprijs uit te reiken aan een dragqueen afstand hebben genomen van de homofobie – een waarde die het ooit deelde met Rusland –, maar Rusland zal, gelijk Gloria Gaynor, standhouden en nooit zwichten voor de slappe opvattingen van tolerantie die de rest van de wereld erop nahoudt. Het land waar burgerwachten, met als leuze ‘Occupy pedofilie’, door de straten van de grote steden trekken en homoseksuele mannen en vrouwen in elkaar slaan, hult zich nu in de mantel van het Europese christendom.
‘I love you, Russia,’ zingt de bebaarde zangeres aan het einde van haar nummer in het Engels. ‘Rusland, ik behoor jou toe,’ voegt ze er in het Russisch aan toe.
Nog zeven dagen, denk ik, terwijl ik richting minibar kruip.
Als ik me moet onderdompelen in het televisieaanbod van de gewone Russen, dan wil ik wel baden in de luxe van hun opperheren
Je vraagt je wellicht af waarom ik huis en haard heb verlaten om hier naar Russische parodieën op dragqueens te kijken. Ik doe mee aan een experiment. De komende week zal ik me vrijwel uitsluitend voeden met beelden van de Russische staatstelevisie, die tot mij komen via drie Apple-laptops en drie Samsung-beeldschermen van 55-inch in een kamer in het Four Seasons in Manhattan. (Als ik me moet onderdompelen in het televisieaanbod van de gewone Russen, dan wil ik wel baden in de luxe van hun opperheren.) Twee van de schermen staan recht voor mijn bed, met net voldoende ruimte voor het karretje van de roomservice. Het derde scherm hangt aan een muur rechts van me. Het geheel doet denken aan de beursvloer van een zeer bescheiden hedgefund of de controlekamer van het ruimtevaartprogramma van een armlastig land. Maar ik zit hier niet om een astronaut te volgen op zijn weg door het niets. In zekere zin ben ik degene die de wereld de rug toekeert.
Ik zit vast in mijn luxe kooi van 55 vierkante meter waarin ik, met slechts een paar momenten van respijt, televisie zal kijken wanneer ik niet slaap. Ik mag bezoek ontvangen, zolang de televisie maar aan blijft staan. Elke ochtend mag ik naar de New York Health & Racquet Club op West 56th Street lopen om baantjes te trekken in het zwembad. Vladimir Poetin schijnt elke ochtend twee uur te zwemmen om zijn hoofd leeg te maken en zich te bezinnen op staatsaangelegenheden. Ik ben net als hij, maar dan zonder Connecticut in te lijven of te proberen een zwakke munt overeind te houden – en natuurlijk zonder de beroemde ontblote borstkas te paard.
Karakter
Volgens het Levada Center, een onafhankelijk onderzoeksbureau, ontleent 90 procent van de Russen hun informatie voornamelijk aan de televisie. Met name mensen van middelbare en oudere leeftijd, die zijn gevormd binnen het Sovjetsysteem en die buiten Moskou en Sint-Petersburg wonen, kijken erg veel televisie. Twee van de belangrijkste zenders – Kanaal 1 en Rossiya 1 – zijn in handen van de staat. De derde zender, NTV, is in naam onafhankelijk, maar is in werkelijkheid in handen van Gazprom-Media, een dochtermaatschappij van het gigantische energie-bedrijf dat min of meer in staatshanden is. Bestuurders van alle drie de bedrijven vergaderen geregeld met hooggeplaatste ambtenaren in het Kremlin.
Elke zender heeft net een ander karakter. Kanaal 1 was de oorspronkelijke Sovjetzender, die mijn ouders en grootouders vrolijk stemmende landbouwgegevens en ijshockeyoverwinningen voorschotelde. Er worden veel films uitgezonden, veelal klassiekers, en er is een schreeuwerig programma over gezondheid, waarvan de titel zoveel betekent als: ‘Het is echt te gek om te leven!’ Rossiya 1 is misschien wel vooral bekend vanwege het programma Nieuws van de week, waarin een hoofdrol is weggelegd voor een Kremlinpropagandist, Dmitri Kiselev, die ooit impliciet heeft gedreigd de Verenigde Staten plat te gooien, totdat er niets meer zou resten dan een hoopje radioactieve as. (Helaas voor mij heeft Kiselev even een weekje vrij genomen en zijn tirades opgeschort.) NTV is een wat gezelliger zender, met detectives en comedy’s. Ook heeft de zender een show die is geënt op Saturday Night Live, en die men schaamteloos Saturday. Night. Show. heeft genoemd. Maar tijdens de veelvuldige onderbrekingen voor het nieuws zijn de drie zenders niet van elkaar te onderscheiden in hun liefde voor zowel het vaderland als Poetin en hun dedain voor wat ze zien als het op hol geslagen, moreel verwerpelijke Westen, dat in toenemende mate wordt bevolkt door bebaarde dames.
De vraag die ik probeer te beantwoorden is de volgende: Wat gebeurt er met mij – een veramerikaniseerde, Russisch sprekende schrijver die als kind de Sovjet-Unie heeft verlaten – als ik me laat meevoeren in de door televisie gevormde gedachtewereld van mijn voormalige landgenoten? Zal ik ook van Poetin gaan houden, wat naar het schijnt voor 85 procent van de Russen opgaat? Zal ik me naar het Russische consulaat op East 91st Street reppen om mijn Russisch staatsburgerschap terug te vragen? Zal ik New York verruilen voor de Krim, dat is geannexeerd door Poetins troepen omdat het al sinds de dagen van het Oude Testament deel zou uitmaken van Rusland? Of zal ik gewoon gek worden?
Gewaarschuwd
Een vriend van me in Sint-Petersburg, een man van in de dertig die, zoals veel van zijn leeftijdsgenoten, zo min mogelijk naar de staatstelevisie kijkt en zijn informatie van alternatieve nieuwsbronnen op internet haalt, waarschuwt me per e-mail: ‘Dit experiment kan schadelijk zijn voor je geestelijke gezondheid en je gezondheid in het algemeen. De Russische televisie, en dan met name het nieuws, vormt een gevaar voor de volksgezondheid.’ Ik maak me niet al te veel zorgen. Het Russische volk heeft veel ergere dingen overleefd. Maar voor het geval dát, heb ik een voorraadje kalmerende middelen, slaappillen en pijnstillers mee.
Dag 1
Mijn blik gaat van scherm naar scherm, ik demp het volume van kanaal 1, zet dat van Rossiya 1 harder, dat van NTV twee streepjes zachter. Op het ene kanaal bestoken Aziatische dwergen elkaar met confetti. Op een ander scherm is een muzieknummer te zien, uitgevoerd door gespierde dansers, ter ere van de 33 medailles die Rusland bij de Olympische Spelen in Sotsji in de wacht heeft gesleept. Elke regel wordt gevolgd door het Engelse refrein: ‘Oh, yeah!’
Op een andere zender zijn twee mannen, verkleed als reusachtige beren, aan het breakdancen.
De Russische televisie heeft met grote zorg alle tijdperken van de Amerikaanse en Engelse popcultuur bewaard en er wordt eindeloos gecombineerd – hoe gekker hoe beter, lijkt het. Twee figuren met blonde plukjes – een kleine man met een baard en een reuzin van middelbare leeftijd – brullen een cover van ‘The Look’, een hit van Roxanne uit 1989. Op een ander scherm is de beroemde Tataarse smartlappenzanger Renat Ibragimov te zien, een parmantige heer op leeftijd, die een opzwepende uitvoering ten beste brengt van Tom Jones’ weemoedige popballade uit de jaren zestig, ‘Delilah’. Als Spinal Tap echt zou bestaan, zouden die bandleden in Rusland kunnen optreden tot ze erbij neervielen. Het publiek in de studio gaat volkomen uit zijn dak, ongeacht de muziekstijl. Er wordt gejuicht en meegeklapt. Ik stuur een paar clips door naar mijn vriend Mark Butler, docent muziek en perceptie aan Northwestern University, in de hoop dat hij me kan helpen deze Russische vorm van enthousiasme te duiden. ‘Het publiek klapt niet alleen op de tweede en de vierde maat, zoals luisteraars van popmuziek meestal doen,’ schrijft hij me. ‘En het zijn ook geen “één-drie-klappers” (het cliché van mensen die niets met het ritme van popnummers hebben). Nee, deze mensen klappen op elke maat.’
Ik herinner me al dat meeklappen van mijn vroege tienerjaren, in kroegen en tijdens bar mitswa’s in de Russische nachtclubs in Queens en Brooklyn. Ik herinner me vooral ook mijn verlangen om me aan al dat geklap te onttrekken en me stilletjes terug te trekken op de parkeerplaats. Het gelukkigste geklap, in ieder geval in mijn herinnering, is dat van mijn grootmoeder en haar generatie – mensen die zich erover leken te verwonderen dat ze nog in leven waren en dan ook nog eens op een relatief paradijselijke plek als Rego Park in Queens.
Licht aangeschoten van de dartele Clos Du Val pinot noir, die ik achterover heb geslagen met nog wat wagyu-rundvlees, laat ik mezelf volledig gaan. Ik begin ook mee te klappen en zing zachtjes: ‘Forgif me, Deelaila, I jas kudn take anymorr.’ Ik ben in een uitstekende bui en kijk tevreden om me heen. Het Four Seasons is een perfecte setting voor de taak die mij wacht. In de lobby wemelt het van de Russen, modieuze oma’s die van top tot teen in Louis Vuitton en Chanel zijn gestoken, en die hun al even opgesmukte kleindochters langs een gigantische kerstboom voeren. Mijn kamer biedt uitzicht op het bijna voltooide 432 Park Avenue, een luxe appartementencomplex van 96 verdiepingen, dat een van de hoogste woontorens in Manhattan moet worden (de prijzen voor een appartement beginnen bij een kleine zeventien miljoen dollar). Als ik deze kamer over een jaar zou boeken, wanneer de bouw van 432 Park Avenue vermoedelijk voltooid is, dan zouden mijn blikken misschien beantwoord worden door bewoners die behoren tot de klasse van de Russische oligarchen.
Zij die de onroerendgoedprijzen in Londen tot ongekende hoogte hebben opgedreven en die daar nu ook in New York voor zorgen.
In de uitbundige oudjaarsprogramma’s op NTV beginnen de presentatoren steeds meer over politiek. Oudjaar is tenslotte het moment om de balans op te maken, en het opmaken van de balans is echt een Russische traditie, of het nu aan de keukentafel is of in het badhuis, of op een of ander ijzig perron ver van huis na een nacht met veel drank. Rusland is een gezegend land, maar ook een land dat dusdanig wordt geteisterd door langdurige burgeroorlogen, mondiale spanningen en ingrijpende veranderingen na het uiteenvallen van het rijk, dat veel andere landen het bijltje erbij neer zouden hebben gegooid. 1917, 1941 en 1991 – stuk voor stuk jaren waarin het hele wezen van Rusland een transformatie heeft doorgemaakt. In 2014 veranderde Rusland opnieuw, of, beter gezegd: in 2014 is Poetin een nieuwe koers gaan volgen in zijn steeds agressievere, tegen het westen gekeerde beleid. Hij heeft zich ontpopt tot een veroveraar, gelijk de Russische tsaren aan wie hij soms met pseudo-mystieke verering refereert in zijn toespraken. In 2014 richtte hij zijn neo-imperialistische ambities op de Krim, een zonnig schiereiland in de Zwarte Zee.
Het jaar had heel anders zullen eindigen. De Olympische Spelen in Sotsji, misschien wel de meest corrupte winterspelen ooit, waren bedoeld om te laten zien dat Rusland een land was dat zich kon meten met het Westen, een land dat een peperduur pyrotechnisch spektakel kon organiseren terwijl het ook kan bogen op literaire helden als Tolstoj, Dostojevski, Tsjechov en Nabokov. Over het feit dat in 2013 een museum in Sint-Petersburg, gewijd aan het werk van Nabokov, werd beklad met het woord ‘pedofiel’ door dezelfde mensen die Conchita beschimpten, hoorde je niemand.
Ondanks de ijzige betrekkingen met Amerika lijkt het onmogelijk om een dag televisie vol te krijgen zonder Die Hard of een goochelprogramma met David Blaine
In februari werd de Oekraïense president, Viktor Janoekovitsj, een bondgenoot van Poetin, uit de macht gezet als gevolg van een pro-Europese revolutie. Zijn plaats werd ingenomen door Petro Porosjenko. Toen Oekraïne zich dreigde te onttrekken aan de invloedssfeer van het Kremlin, stuurde Poetin Russische troepen om de Oekraïense Krim te bezetten en vervolgens te annexeren. Poetin heeft gezegd dat de Krim voor het Russische volk betekent wat de Tempelberg voor de joden en de moslims betekent – een opmerking die kwetsend is voor zowel Russen als joden en moslims. Voor de meeste mensen die zijn geboren in de USSR, onder wie ik, roept het woord Krim beelden op van zomervakanties in vervallen hotels en vakantiehuisjes, waarin je je tegoed deed aan pelmeni (een soort dumplings) en eindelijk weer eens wat zon zag. Een soort armoedig Fort Lauderdale met her en der een standbeeld van Tsjechov. Hoe dan ook, het verlies van de Krim, met een overwegend Russisch sprekende bevolking, was als een open wond bij het uiteenvallen van de Sovjet-Unie – dat de Krim niet meer binnen de grenzen van Rusland viel, is zoiets als het schiereiland Florida afkappen bij Jacksonville. Door de herovering is Poetin tot grote hoogten gestegen, meer dan welke Russische leider in pakweg een eeuw. Maar dat bleek voor hem niet voldoende.
De sancties die het Westen aan Rusland oplegde na de annexatie van de Krim, brachten de Russische economie geen al te grote schade toe. Poetins volgende zet, steun aan de pro-Russische rebellen in Donbass, het geïndustrialiseerde deel van Oekraïne, heeft geleid tot een oorlog die volgens schattingen van de Verenigde Naties heeft geresulteerd in een miljoen ontheemden en meer dan vijfduizend doden, en zwaardere sancties van het Westen. De daling van de prijs van olie, Ruslands voornaamste exportartikel, betekent wel een gevoelige klap voor het regime. Hoe verder de prijs van een vat ruwe olie en de waarde van de roebel dalen, hoe meer de Russische propagandamachine op televisie wordt opgeschroefd. De presentatoren van een pan-Slavisch, Russisch-Oekraïens-Wit-Russisch concert lezen een lijst voor met namen van Russische popsterren die de toegang tot Oekraïne is ontzegd na Poetins invasie van de Krim. ‘Wij hebben niet van dat soort zwarte lijsten,’ zegt de presentator. ‘Wij gunnen iedereen liefde en vriendschap, zonder boycots.’
‘Zij’ – en daarmee worden Oekraïne en het Westen bedoeld; volgens de Russische media hebben de NAVO en de CIA de Oekraïense regering min of meer overgenomen, dus is het heel verleidelijk om die twee op een hoop te vegen – ‘onderdrukken onze kunstenaars!’ zingt iemand anders.
‘Wij mogen geen eigen kijk op de zaak hebben.’
‘Hoe kun je niet van je eigen president houden? Dat is onze kijk op de zaak.’ ‘Ons toneel kent geen grenzen.’
De presentatoren lijken het zich oprecht aan te trekken, en ze spreken namens een groot deel van hun publiek wanneer ze zich beklagen over de afwerende houding van het Westen. Dit is zowel geopolitiek als puberaal gedoe. Als een schoolkind dat goede cijfers wil halen én veel vriendjes wil hebben, wil Rusland zowel gezien als gerespecteerd worden. De invasie van de Krim en het bloedige conflict in Oost-Oekraïne kregen wereldwijd aandacht, maar inmiddels nodigen de populaire landen Rusland niet meer uit voor slaapfeestjes en plakken alleen Kim Jong-un en Raúl Castro nog briefjes op Ruslands kluisje.
Dag 2
Ik mis Poetin. Hij verschijnt bijna deze hele week niet op televisie omdat hij geniet van een elf dagen lang kerstreces, waarin hij ongetwijfeld een hele tsunami bij elkaar zwemt in zijn presidentiële zwembad. Tegen middernacht Moskou-tijd verschijnt Poetins hoofd op alle drie mijn schermen tegelijk, voor zijn nieuwjaarstoespraak. ‘Liefde voor het vaderland is een van de sterkste, krachtigste emoties denkbaar,’ laat Poetin weten, met de afstandelijke maar toch dodelijke ernst waarop hij het alleenrecht lijkt te hebben. De annexatie van de Krim zal ‘een van de belangrijkste gebeurtenissen in de geschiedenis van het vaderland’ blijken.
De rest van nieuwjaarsdag lijkt Rusland weg te zakken in een catatonische Amerikaanse-speelfilmstand. De staatstelevisie levert zich uit aan Avatar, The Seven Year Itch en The Chronicles of Narnia. Ondanks de ijzige betrekkingen met Amerika lijkt het onmogelijk om een dag televisie vol te krijgen zonder Die Hard of een goochelprogramma met David Blaine. Ik dommel wat, afgewisseld met rundvleesinjecties van de roomservice.
Het avondjournaal op Rossiya 1 begint met Oekraïne. Op alle drie de zenders wordt het nieuws voorgelezen door aantrekkelijke mannen en vrouwen met een koele blik. Ze praten allemaal op dezelfde uit-mijn-mond-klinken-slechts-onberispelijke-mannelijke-waarhedentoon die Poetin hanteert wanneer hij het volk toespreekt, met heel soms een vleugje ijzig sarcasme. Hun geratel heeft een hypnotiserend, staccato ritme, alsof er telkens een mitrailleursalvo klinkt, waardoor je soms vergeet dat ze hun lippen bewegen of zuurstof in- en uitademen.
Poetins populariteit is nauwelijks afgenomen, terwijl de roebel is ingestort en zijn onderdanen armer en armer worden. De media helpen hem, met een tweeledige aanpak. Om te beginnen wordt de economische achteruitgang in de schoenen geschoven van het Westen, met zijn sancties. Ten tweede wordt de opkomende democratie in Oekraïne afgeschilderd als een beweging van fascisten die met fakkels zwaaien, en dat alles in opdracht van hun westerse bevelhebbers. Maar weinig Russische families zijn ongeschonden tevoorschijn gekomen uit het bloedbad dat Hitler heeft aangericht, en de nazi-beeldspraak, die nog altijd keihard aankomt, wordt te pas en te onpas in de strijd geworpen om historische wonden open te rijten.
In het journaal van vandaag staan de zogeheten Oekraïense nazifacisten stil bij het leven van de neonazi Stepan Bandera, door met fakkels in een Hitlerparade door de straten te trekken. Bandera is een omstreden figuur, een Oekraïense nationalist die tijdens de Tweede Wereldoorlog met de Duitse bezetters flirtte, maar die uiteindelijk door hen in de gevangenis werd gegooid. Een mars door Kiev van de Rechtse Sector, een xenofobische, conservatieve, rechtse partij die meer gemeen heeft met de huidige regering in Moskou dan beide partijen willen toegeven – daar kunnen de nieuwslezers maar moeilijk weerstand aan bieden. ‘In plaats dat ze oud en nieuw vieren, gedenken zij de fascist Stepan Bandera,’ laat de verslaggever weten. ‘Het ziet ernaar uit dat de fascistische ideologie de basis wordt van de Oekraïense staat.’
De leider van de Rechtse Sector was presidents-kandidaat in de verkiezingen van mei 2014. Met zijn ‘fascistische ideologie’ kreeg hij 0,7 procent van de stemmen. Sinds de verkiezing van Porosjenko, die met een meerderheid is verkozen, is Oekraïne nu zonder meer de meest democratische en pro-Europese partij in de voormalige Sovjet-Unie, als je de Baltische staten niet meerekent. Het land is zelfs anti-Russisch. En dat, zal iedereen begrijpen, drijft Rusland tot wanhoop.
Dag 3
Bij het ontwaken heb ik een opgeblazen gevoel. Het kost me moeite om te bewegen, vooral met mijn benen. Waarschijnlijk jicht. De schermen zijn ’s nachts uit, maar de laptops brommen zachtjes, de satellieten zenden gewoon uit. Ik strompel naar mijn marmeren badkamer en kijk naar mijn gezicht, vol vouwen van de slaap.
Mijn dag kent één moment van troost: 57th Street oversteken, tussen alle Russische, Aziatische en Zuid-Amerikaanse mensen door die overal in New York lopen te winkelen, om uiteindelijk in het zoutwaterbad van de Health Club te kunnen duiken.
Ik probeer de Russische televisie uit mijn hoofd te krijgen, maar de hoge decibellen van de pop-soundtracks en de diepe stem van de nieuwslezers achtervolgen me ook onder water, trillen nog na tegen mijn trommelvlies.
Als ik weer ben teruggekeerd in mijn kooi worden de sandwiches met gerookte Catskill-zalm en eiwit gebracht, net op het moment dat ik de schermen weer aanzet. Op het ene scherm is het koor van het Rode Kruis te zien dat de longen uit het lijf zingt, op een ander scherm een reclame voor een ketting van 24-karaats goud, voor mannen die ‘niet alleen hun status willen tonen, maar ook hun goede smaak’.
De dikke, glanzende ketting – kettingen, moet ik zeggen: twee voor de prijs van een – kost 1490 roebel, wat begin 2014 neerkwam op zo’n 45 dollar, maar begin 2015 nog maar een dollar of 25, aangezien de roebel in waarde blijft dalen.
Er is spectaculair nieuws, vandaag. Van twee verslaggevers van LifeNews, een Russisch televisiekanaal dat de opstandelingen in Oekraïne steunt en dat banden zou onderhouden met de FSB, Poetins veiligheidsdienst, is tijdens een fakkelparade in Kiev de camera aan stukken geslagen. ‘De anti-Russische sentimenten beginnen te grenzen aan hysterie,’ zegt een van de verslaggevers.
Ik kijk op mijn horloge. Het item is al een minuut bezig en hij heeft de woorden fascisme, nazisme en neo-nazisme nog niet in de mond genomen, en ook heeft hij nog niet gerept van het onbetrouwbare Westen.
‘Fakkeloptochten worden geassocieerd met nazi-Duitsland,’ zegt de verslaggever.
Op het scherm dat NTV toont, zie ik een comedy met als titel Het ideale stel. In een korte beschrijving staat te lezen: ‘Zoja is een atlete met een mannelijk karakter. Daarom heeft ze moeite met het sterke geslacht en houdt niemand het met haar uit.’
Ik constateer een trend: films over Russen van halverwege de dertig die nog niet getrouwd zijn, een ontwikkeling die moeilijk is te volgen voor de meeste Russen, die willen trouwen, 1,61 kinderen willen krijgen en dan weer jong willen scheiden (volgens cijfers van de Verenigde Naties loopt Rusland al heel lang op kop wat scheidingspercentage betreft). Zoals de meeste ‘romcoms’ is ook deze film langdradig, wordt er oeverloos in gepraat en is hij bespottelijk preuts. Zelfs een voorzichtige kus word uitgefaded voordat er onder de lakens ook maar iets kan gebeuren. Ik ken geen andere samenleving met zo’n dubbele moraal ten opzichte van seks. Het nieuwe conservatisme, onder aanvoering van de orthodoxe kerk, botst aan de lopende band met de progressieve opvattingen die opgang deden tijdens de Sovjetperiode. Abortus was lange tijd de meest gebruikelijke vorm van geboortebeperking: de betrouwbaarheid van de Sovjetvoor-behoedmiddelen liet veel te wensen over. Vandaag de dag zit er vrijwel niet één expliciete seksscène in een film als Het ideale stel, maar als je naar een van de dansnummers op televisie kijkt, zou je bijna voor alle zekerheid een condoom pakken.
Ik trek nog een fles wijn open en laat me meevoeren in een wereld die ik niet de rug kan toekeren, terwijl de januariwind mijn eenzame wolkenkrabber geselt. Op Kanaal 1 wordt het schandaal van de kapot getrapte camera breed uitgemeten. Veel close-ups van de gewonde camera in de sneeuw, of in een berg confetti. Dan is het tijd voor Macaulay Culkin in de originele versie van Home Alone.
Dag 4
Ik kruip op handen en voeten door de sneeuw in Kiev, op zoek naar mijn mobiel, die is gejat door de neofascisten. Ik zie hem liggen, tegen een muur waar een enorm hakenkruis op is gekalkt. Het schermpje is kapot getrapt door fakkeldragende Oekraïners. ‘Hallo,’ zeg ik in het Russisch. ‘Kan iemand me helpen, alsjeblieft? Ik heb het ijskoud.’ Op mijn FaceTime verschijnt een nieuwslezer van Rossiya 1, met een kille blik in zijn ogen. ‘Fakkelparades worden in verband gebracht met nazi-Duitsland,’ laat hij weten. Ik word wakker en strompel naar de badkamer, neem wat benzodiazepine en kruip mijn bed weer in. Ik slaap misschien drie uur, alles bij elkaar. Ik ben wel eens terug geweest naar Rusland, en dan werd ik soms midden in de nacht wakker met het idee: Stel dat ze de grenzen sluiten? Stel dat ik de rest van mijn leven hier moet slijten? Hoewel ik me veilig in een cocon van weelde in het midden van Manhattan bevind, houdt een vergelijkbare angst me uit mijn slaap.
Ik ben gebroken, vandaag. Mijn borstcrawl in het zwembad doet eerder denken aan een kikkervisje dan aan een kikker. Als ik weer in mijn zonovergoten horrorhotelkamer zit, gaat het journaal op Rossiya 1 helemaal los. Een kettingbotsing van wel 35 auto’s in New Hampshire. Geen zwaargewonden, naar het zich laat aanzien, maar het is duidelijk dat het Westen op de afgrond afstevent. Aan de andere kant van de oceaan is het allemaal nog veel erger. ‘Een onaangenaam nieuwjaarsgeschenk voor prins Andrew,’ zegt een verslaggever met een venijnige mengeling van ernst, cynisme en opgetogenheid. ‘Engeland is geschokt door een seksschandaal tussen de prins en een minderjarige die beweert als “seksslavin” te zijn gehouden.’
Kijkers in Jekaterinenburg schuiven ‘s ochtends vroeg hun kasja [een soort grutten] naar binnen terwijl ze een opsomming krijgen van alles wat de Britse koninklijke familie heeft misdaan – van prins Harry die in een nazi-uniform liep tot de ‘nooit opgehelderde’ dood van prinses Diana.
De Russen leiden daarentegen een opmerkelijk non-fascistisch bestaan. Op de plek van de Air Asia-ramp, in de Java-zee, ‘hebben de Indonesische autoriteiten al hun hoop gevestigd op de Russische duikers en hun apparatuur’, die wellicht het verdwenen vliegtuig kunnen opsporen.
In het hoge Russische noorden zien we Aleksej Trjapitsin, een brave postbode in een klein gehuchtje.
De man rookt niet en hij drinkt niet, en onlangs is er een documentaire over hem gemaakt: The White Nights of the Postman Aleksej Trjapitsin. Zijn vrouw is ook de goedheid zelve. ‘Ik ben een heel gewone vrouw,’ zegt ze. ‘Ik kan eigenlijk van alles: ik kan met een geweer overweg, ik kan eenden vangen.’
De les voor de doorsnee-Rus, en met name voor de verwende camembert etende Moskoviet, is duidelijk: Er wachten onze zware tijden, dus zorg dat je met een geweer overweg kunt, leer eenden vangen.
Vandaag krijg ik bezoek: de in Moskou geboren schrijfster Anja Ulinitsj en haar vriendin Olga Gershenson, hoogleraar aan de University of Massachusetts, in Amherst. Ik bel roomservice voor een schotel vleeswaren, en we gaan lunchen. Gisteravond heeft Anja te horen gekregen dat haar neef is vermoord, in een plaatsje niet ver van Donetsk, de Oekraïense stad die een bolwerk is van pro-Russische strijders. ‘Hij is dood aangetroffen in de hal van zijn appartementencomplex,’ vertelt Anja me. ‘Niemand weet wie hem heeft vermoord. Er is geen politie. Het is pure anarchie.’
Er wachten onze zware tijden, dus zorg dat je met een geweer overweg kunt, leer eenden vangen
‘Ik schrijf dit allemaal op Poetins conto,’ zegt ze. ‘Het was altijd een doodnormale stad.’
Ze slaakt een zucht. We laten onze blik van scherm naar scherm glijden. Op NTV danst een man in een leren pakje met een vrouw die ook een leren pakje draagt – ze hebben min of meer gemeenschap in leer. Achter hen staan twee reusachtige, vergulde standbeelden van gladiatoren.
‘Dat ballet is niet onaardig,’ zegt Anja.
‘Ja, te gek,’ valt Olga haar bij.
We kijken nog een poosje, zonder een woord te zeggen.
Dag 5
Mijn psychiater komt op huisbezoek, wat uitzonderlijk genoemd mag worden. We zoeken een beetje naar de gebruikelijke divanstoelopstelling, maar ik lig op mijn kingsize bed en hij zit direct rechts van me. De schermen staan nog altijd aan. Op een van de schermen is een Oekraïense drugdealer te zien die in Moskou is opgepakt, met close-ups van zijn gemeen rode Oekraïense paspoort. Op een ander scherm liggen twee mannen languit in het gras, een lege wodkafles tussen hen in. ‘Kijk,’ zeg ik tegen mijn psychiater, ‘dat is nou Rusland.’
Ik sluit mijn ogen en probeer te bedenken wat ik daarmee bedoel.
‘In mijn boeken heb ik geprobeerd mijn ouders te begrijpen, en wat ze in de Sovjet-Unie hebben meegemaakt,’ zeg ik. Misschien is dit project ook een poging om hen te leren kennen. De tijden veranderen, het regime verandert, maar de televisie blijft min of meer hetzelfde. ‘Mijn ouders en ik zitten niet echt op één lijn wat de Amerikaanse politiek betreft, maar over Poetin zijn we het wel eens. En dat geldt voor veel van mijn vrienden met Russische wortels. Het is gek, maar Poetin brengt ons en onze ouders bij elkaar. Het is een prettige gedachte dat er op deze wereld een bron van kwaad is die we allemaal als zodanig herkennen.’
‘Stel dat mijn ouders nooit met mij uit Rusland waren vertrokken. Hoe zou het dan nu met me gesteld zijn? Dit alles’ – ik gebaar naar de drie schermen – ‘zou mijn dagelijkse realiteit zijn.’
‘Je bevindt je hier in een virtuele jeugd,’ zegt mijn psychiater. ‘Die regressie roept bepaalde gevoelens op.’
‘De televisies in Rusland hadden de neiging om te ontploffen,’ zeg ik. ‘In Moskou werd 60 procent van alle branden in huis veroorzaakt door een televisie die uit elkaar knalde.’
We zwijgen even, wat geregeld gebeurt tijdens analyse.
Toch is het goed om te praten.
Dag 6
Ach, bekijk het ook. Ik begin gewoon meteen na het ontbijt met drinken. Niks scheren of aankleden. Niks mis met de badjas van het Four Seasons. Een vrouw met een Russische naam op haar naamplaatje rolt mijn koffie naar binnen, en een bagel met witvis.
‘Witvis, geen zalm?’ zegt ze bestraffend, alsof zij een nieuwslezeres van Kanaal 1 is, en ik Oekraïne.
‘Morgen neem ik zalm,’ beloof ik.
Ik kijk naar een Jerry Springer-achtige show met als titel Man/vrouw. Het onderwerp van vandaag: Tatjana, een vrouw uit het dorp Bolsheorlovskoe, 450 kilometer van Moskou, wil uitzoeken wie de vader van haar jongste kind is. Van talloze mannen in het dorp wordt een DNA-monster genomen, en er zijn beelden van Tatjana’s haveloze buren die hun mening over haar ventileren.
‘Eens een hoer, altijd een hoer.’
‘Je drinkt je een stuk in je kraag, gaat naar haar huis en hoppa – je kunt er zo overheen!’
Het dorp zelf ziet eruit alsof er een Russische boer in een slobberige trui van Chinese makelij overheen is gegaan. De onderkomens zijn klein – kamertjes voorzien van koelkast, televisie en een paar kakkerlakken.
Een panel van experts, onder wie een psycholoog, een schilder en een dichter in een fluwelen jasje en met een weelderige, zeer dichterlijke snor, voorziet Tatjana’s strubbelingen van commentaar. ‘Voor alle Russische echtparen geldt dat ze het beste kinderen kunnen verwekken als ze nuchter zijn,’ merkt de dichter heel verstandig op.
Tatjana zelf praat binnensmonds, met een schorre stem, en ze mist een paar voortanden. Toch is ze op een merkwaardige manier mooi, en in tegenstelling tot vele gasten bij Jerry Springer, geeft ze geen tegengas, zelfs niet wanneer presentatoren en publiek haar vernederen. Ze blijft onverstoorbaar voor zich uit kijken, alsof ze zo uit een Dostojevski-roman komt. Op haar geheel eigen manier is ze een modelburger van Poetins moderne Rusland. Ze weet dat ze haar mond moet houden wanneer ze een uitbrander krijgt van mensen met macht.
De resultaten van het DNA-onderzoek worden bekendgemaakt, en geen van de trieste figuren blijkt de vader. Morgen is op Kanaal 1 het tweede deel van Tatjana’s verhaal te zien. Er zullen DNA-monsters worden afgenomen van nog meer dorpsgenoten.
Ook dan weer zal Tatjana te horen krijgen dat ze een hoer is.
Ik kan inmiddels niet meer naar het journaal kijken zonder minstens twee kleine flesjes Absolut-wodka, die ik wegspoel met een paar biertjes. De schermen beginnen te versmelten en het kost me moeite het allemaal nog te volgen. Op het ene scherm doet een man met een wapen onmenselijke dingen, terwijl op een ander scherm een vrouw, die lijkt opgetrokken uit fonkelend zirkonium, zingend allerlei nonsens uitkraamt. Ik laat mezelf meevoeren door nietszeggendheid en dreigende gevaren, alsof ik thuiskom na een lange dag hard werken, gefrustreerd over bazen die hun zakken vullen en verkeersagenten die hetzelfde doen, ergens in Tomsk of Omsk. Poetins televisie is een machtig wapen, dat op vakkundige wijze nostalgie, kwaadaardigheid, paranoia en flauwe humor weet te combineren, dat je gevoelens afstompt maar tegelijkertijd je woede weet te wekken.
Ik druk mijn gezicht in mijn hypoallergene kussen. Ik heb dringend behoefte aan nog een borrel. Maar in plaats van mijn toevlucht te zoeken in de wodka, vergrijp ik me aan de verboden vrucht.
Ik pak mijn laptop en log in op de vooruitstrevende nieuwssite www.slon.ru (slon betekent ‘olifant’ in het Russisch). Voor mijn vrienden in Sint-Petersburg zijn dit soort analytische blogs en nieuwssites een levensader – de kritische en culturele tijdschriften van Rusland, zou je kunnen zeggen. Slon is een van de weinige sites die nog niet is gezwicht voor de wil van het regime. Twee andere favoriete sites, Gazeta.ru (gazeta betekent ‘krant’) en Lenta.ru, zijn hun onafhankelijkheid inmiddels kwijt.
De twee belangrijkste artikelen op Slon gaan niet over de waarde van de euro ten opzichte van de dollar. Ze gaan over de prijs van een vat ruwe olie, die onder de zevenenvijftig dollar is gekomen. Een ander artikel gaat over de weigering van oppositieleider Aleksej Navalni om zich aan zijn huisarrest te houden (de activist en zijn broer zijn veroordeeld wegens samenzwering tegen de staat, een aanklacht waarvoor geen bewijzen zijn). Een ander artikel is getiteld: ‘How the Regime Will Fall: A Possible Scenario.’ (De val van het regime: een mogelijk scenario).
Tientallen miljoenen Russen, veelal jong en woonachtig in de stad, maken gebruik van sociale media. Ik kan me zo voorstellen dat zeker enkelen van hen dit artikel op hun tijdlijn zullen zetten, of er naar hartenlust over zullen twitteren.
Dag 7
Dit is mijn laatste dag in het virtuele Rusland. De kerstboom in de lobby van het Four Seasons wordt ontmanteld, de versiering gaat in dozen met als opschrift: ‘Kerstmis in Amerika, de magie komt tot leven.’ Boven, in mijn kamer, begint de Russische kerstavond – de orthodoxe kerst wordt gevierd op 7 januari.
Ik kijk naar het tweede deel van het programma over Tatjana, de verleidster van het dorp. In het panel van vooraanstaande mensen dat een oordeel over Tatjana mag vellen, zit dit keer geen dichter maar een performer, met een Barbie op de revers van zijn beslagen jack, en hoog opgekamd haar. Een roodharige knul met een jack waarop het woord ‘Rusland’ prijkt, blijkt de vader te zijn. ‘Ja! Ja! Ja!’ gilt Tatjana.
‘Ik zou al die mannen castreren,’ zegt een van de presentatoren over de dorpelingen die zich in de studio hebben verzameld.
Keith Gessen, een in Moskou geboren schrijver en journalist, komt langs. Ik heb mortadella besteld, en een schotel met Spaanse hammen. ‘Je bent net een Rus die in weelde baadt, maar je bent gedwongen deze troep tot je te nemen,’ zegt Keith na een blik op mijn drie schermen.
Keith volgt de Russische televisie aandachtig, en hij heeft de afgelopen jaren een verschuiving waargenomen. ‘Je kijkt naar het nieuws, maar het eigenlijke nieuws is het nieuws zelf. Niet vanwege de informatie die wordt gegeven, maar vanwege de manier waarop die informatie wordt gepresenteerd. Je hebt het gevoel alsof de berichten uit het Kremlin afkomstig zijn.’
Moord op Batman
Terwijl de televisie doorzaagt over de overwinningen van de door de Russen gesteunde opstandelingen in Oekraïne, vraagt hij of ik heb gehoord over de moord op Batman, een rebellencommandant in de Donbass-regio in de oostelijke Oekraïne, die zich aan niets en niemand iets gelegen liet liggen.
‘Naar het schijnt,’ zegt Keith, ‘is hij vermoord door Russische troepen of andere rebellen, omdat hij niet langer in de hand viel te houden.
Ik klap meteen mijn laptop open en kijk op de ongecensureerde Russische websites. De moord op Batman is wereldnieuws. The New York Times heeft al een artikel geplaatst over het verscheiden van Batman. De enige plekken waar niets over hem is te vinden zijn Rossiya 1, NTV en Kanaal 1.
Na Keiths vertrek richt ik mijn aandacht op de galmende kerstviering, die op twee zenders live wordt uitgezonden. Ik zie vrouwen met blauwe ogen en een hoofddoekje, bebaarde, in goud gehulde priesters, en wierookwolken. Van de uitbundig versierde kathedraal van Christus de Verlosser schakelen we plotseling over naar een eenvoudig dorpskerkje in een klein en al even eenvoudig plaatsje ten zuiden van Moskou.
Gekleed in een trui, en met een vastberaden blik, viert Poetin de kerst te midden van enkele meisjes met een witte hoofddoek. Poetin neemt de religieuze rituelen zeer serieus, maar zijn blik is onpeilbaar als altijd. Daar staat hij dan, de man die zowel zijn eigen identiteit als die van het land eigenhandig heeft vormgegeven. Maar wie is deze man? We krijgen snelle shots te zien van mensen in kerkbankjes, die zich zo lang mogelijk proberen te maken in de hoop met hun mobiele telefoon een foto van hem te kunnen maken. We krijgen te horen dat de kerk onderdak biedt aan kinderen uit Loehansk, dat in handen is van de rebellen. Het Kremlin heeft hen voorzien van ‘snoep en klassieke boeken’ voor de kerstdagen. Zijn de meisjes met hun witte hoofddoekjes, die naast Poetin staan, dezelfde kinderen die op de vlucht zijn voor het geweld in Oekraïne dat zijn regime heeft gesteund, zo niet eigenhandig heeft ontketend?
Poetin staat daar als een pièce de milieu, een tevreden man. En dat is nou precies de kracht van de Russische televisie, precies de reden dat het zo pijnlijk is er een week lang naar te moeten kijken. Tenzij je een ware gelovige bent, maakt het onophoudelijke lawaai je alleen maar duidelijk dat je een miniem radertje bent in de visie van een ander. En die ander is Vladimir Poetin. Je kijkt naar zijn zenders, zijn programma’s, zijn dromen en zijn overtuigingen.
Tijdens mijn laatste bezoek aan Moskou, enkele jaren terug, bracht een dronken taxichauffeur me naar de andere kant van de stad. Hij was bijna in tranen omdat hij niet in staat was zijn gezin te onderhouden. ‘Ik wil emigreren naar de Verenigde Staten,’ zei hij. ‘Dit is geen leven.’
‘Probeer Canada,’ opperde ik. ‘Het immigratiebeleid daar is vrij soepel.’
Hij deed alsof hij op de vloer spuugde, waarbij hij bijna tegen de stoeprand knalde. ‘Canada? Dat nooit! Ik kan alleen in een supermacht wonen!’
Tenzij je een ware gelovige bent, maakt het onophoudelijke lawaai je alleen maar duidelijk dat je een miniem radertje bent in de visie van een ander. En die ander is Vladimir Poetin
Het doet niet ter zake dat het ware pad van Rusland rechtstreeks van de olievelden naar 432 Park Avenue loopt. Wie naar de Poetin-show kijkt, leeft in een supermacht. Je bent een opstandeling in Oekraïne die heldhaftig het ooit zo moderne vliegveld van Donetsk met de grond gelijkmaakt, met door Rusland geleverde wapens. Je bent een Russisch sprekende oma die naast haar verwoeste huis in Loehansk staat en tekeergaat tegen de fascistische nazi’s, zoals haar moeder meer dan zeventig jaar eerder ook zal hebben gedaan toen de Duitsers het land binnenvielen. Je bent een priester die zijn zegen uitspreekt over een fotogeniek konvooi Russische hulpgoederen op weg naar de frontlinie. Lijden en je niet laten kisten: Waarschijnlijk is dat wat het betekent om een Rus te zijn. Zo was het in het verleden en zo zal het altijd zijn. Dit is de fantasie die avond aan avond wordt opgedist op Kanaal 1, op Rossiya 1, op NTV.
Over één generatie zal het huidige nieuws van Kanaal 1 ons net zo bespottelijk voorkomen als een Sovjet-documentaire over het toe-eigenen van de graanvoorraden. Jonge mensen zullen zich afvragen hoeveel onzin hun ouders over zich uitgestort hebben gekregen en hoe ze ondanks dat alles redelijk gewone mensen zijn gebleven. En ik? Ik ontvlucht Rusland voor een tweede keer. Drie verrukkelijke klikjes met de drie Samsung-afstandsbedieningen en mijn hele week gaat op zwart.
Over de auteur
Gary Shteyngart (1972) is zoon van Russisch-Joodse immigranten. Toen hij zeven jaar oud was, verhuisde de kleine Gary, toen nog Igor geheten, met zijn ouders van Leningrad naar New York. Zijn ouders waren straatarm, maar ze hadden grootse plannen met hun zoon, die advocaat moest worden en veel geld zou gaan verdienen. Gary voldeed niet aan hun verwachtingen: hij werd schrijver. Hij is nu een ster en een van de geliefdste schrijvers in New Yorks literaire kringen. Zijn boeken gaan vaak over het immigrantenbestaan. Shteyngart heeft talloze literaire prijzen gewonnen en zijn werk werk is in 28 talen is vertaald.