Tag: farmacie

  • Een bezoek aan de luxe vastenkliniek van de elite

    Een bezoek aan de luxe vastenkliniek van de elite

    Sjeiks en aristocraten, managers en politici en zelfs Hollywoodsterren: de vastenkliniek Buchinger Wilhelmi aan het Bodenmeer is een bedevaartsoord voor de rijken en superrijken.

    Zwarte chocolade. Een klein stukje. Dat is haar grootste wens, zegt een oudere dame met een aristocratische uitstraling. Met trage passen loopt ze over het terrein. Daar beneden golft het Bodenmeer zachtjes. De dame heeft wekenlang bijna niets gegeten en daar veel geld voor betaald.

    De Buchinger Wilhelmi-vastenkliniek is een opmerkelijke plek. De sfeer op het complex houdt op het eerste gezicht het midden tussen [de Duitse televisieseries] Bergdoktor en Traumschiff. Het is er stil als in een klooster: spreken vervalt bijna onvermijdelijk in gefluister. Het is er allesbehalve spartaans en luxueuzer dan in de meeste tophotels. Rijken en superrijken, mooie en niet meer zo mooie mensen zijn hier om aan te sterken. Ze mediteren en lezen, doen aan lichte sporten en lange wandelingen, lepelen bouillon en nippen thee.

    Soms lijkt het er zo gezond, gepolijst en schoon dat je verwacht dat iemand weldra de dubbelzinnigheid ervan blootlegt. Dit zou met een beetje fantasie ook het decor kunnen zijn van een misdaadserie op Netflix, waarin de heilzame façade van het therapeutische vasten instort en met elke volgende slok vruchtensap de afgrond van het afzien duidelijker zichtbaar wordt.

    Mal

    Leonard Wilhelmi belichaamt deze ideale wereld als geen ander. Hij is de vierde generatie die het familiebedrijf leidt, en als je hem ontmoet krijg je het gevoel dat de erfgenamen van de Buchinger Wilhelmi onthoudingsdynastie uit een mal komen. Zo perfect past hij in zijn rol. Hij groeide hier op en nam de kliniek over van zijn ouders. Hij kreeg het vasten mee met de moedermelk, zogezegd.

    Ooit maakte hij zijn huiswerk in de kliniek. Om de hoek, een paar honderd meter heuvelopwaarts, ging hij naar school. Zoals het toeval en de ongeschreven wet van het Duitse familieondernemerschap het wilden, was die school hét Duitse elite-internaat bij uitstek: kasteel Salem. Hij woonde er ook, ondanks de nabijheid van zijn ouderlijk huis.

    Zijn ouders stuurden hem tussendoor ook nog twee jaar naar een elite-internaat in Schotland. Hij studeerde bedrijfskunde in Sankt Gallen, aan de dichtstbijzijnde, internationaal goed aangeschreven universiteit. Maar als je naar hem luistert was hij nooit zo’n turbokapitalist, maar eerder iemand met geweten en hersens. ‘Ik vond managementconsultancy en investment banking niet creatief,’ zegt hij over zijn studententijd aan de andere kant van het Bodenmeer.

    Toch maakte hij carrière, bij een telecommunicatieconcern en ook bij een managementadviesbureau. Daarnaast richtte hij een sociale onderneming op voor gehandicapten die appelsap produceren. Maar hij nam altijd de tijd om zijn rust te nemen, zegt hij. ‘Ik had de neiging om eerder te vasten dan antibiotica te nemen.’ Hij liet zijn medestudenten kennismaken met vasten en overtuigde hen van het Tupperware-systeem dat de familie Wilhelmi toepast om hun ochtendmuesli efficiënt en gedisciplineerd te bereiden. Zelf eet hij meestal pas rond elf uur, omdat intervalvasten een lange pauze tussen avondeten en ontbijt vereist. Als je hem vraagt of hij nooit uit deze ideale wereld heeft willen breken, kijkt hij je met grote donkere ogen aan: hij heeft er nooit enige reden toe gehad.

    Wilhelmi vervult vele functies. Hij is tegelijkertijd abt van het vastenklooster, directeur, manager van het hotel en van de kliniek en familieondernemer. ’s Avonds geeft hij soms lezingen en de meeste gasten ontvangt hij persoonlijk.

    Deze kliniek is onderdeel van een internationale industrie die zorgt voor de rijkste mensen ter wereld, en vertrouwelijkheid is er het hoogste goed

    Het is een illustere omgeving. De namen van een gravin en verschillende andere aristocraten die belang lijken te hechten aan hun blauwe bloed en ook namen van buitenlandse politici zijn te vinden op de naambordjes die de plaats van de gasten aangeven in de eetzaal van de vastenkliniek. Deze schijnbare tegenstelling van ‘eetzaal’ en ‘vasten’ wordt in de stijl van de jaren vijftig opgelost. De welgestelde gasten worden teruggevoerd naar de tijd waarin de kliniek werd opgericht: wie toch iets wil eten omdat het vasten te inspannend is, krijgt bijvoorbeeld een carpaccio van rode biet of gegrilde savooiekool voorgeschoteld.

    Niet zelden bevinden zich beroemdheden onder de gasten: zelfs Hollywoodsterren komen naar Überlingen of naar de tweede Buchinger-kliniek in het Spaanse Marbella, die Wilhelmi’s grootouders in de jaren zeventig openden en die nu door zijn neef wordt geleid. Ook Saoedische sjeiks, gestreste managers of politici met lijfwachten vasten volgens de Buchinger-regels: Josef Ackermann herstelde hier van de stress die hij ervoer door het najagen van rendement en Eckart von Hirschhausen van de beproevingen van het talkshowcircuit.

    Vasten-kok Hubert Hohler, al sinds geruime tijd coryfee in zijn vakgebied en door menige superrijke vereerd als goeroe, is speciaal ingevlogen voor de luxe catering. Hij vertelt over zijn mountainbiketocht in gezelschap van een tv-dokter en vraagt zich dan plots af of hij daarmee niet een ijzeren wet van de kliniek overtreedt: niet spreken over de gasten. Want deze kliniek is onderdeel van een internationale industrie die zorgt voor de rijkste mensen ter wereld, en vertrouwelijkheid is er het hoogste goed.

    Als er televisieploegen komen om verslag te doen van de geheimen van het vasten, zijn er elke keer klachten, zegt Wilhelmi. Tegelijkertijd is publiciteit nodig. Je kunt er de klok op gelijk zetten dat artikelen over de kliniek aan het begin van het jaar verschijnen – wanneer mensen nog zo veel geloof hechten aan hun goede voornemens dat ze er ook geld aan willen spenderen – en kort voor de vastentijd voorafgaand aan Pasen. Een pr-adviseur die al lang in het vak zit, cultiveert het imago van de vastenclan.

    Jaarsalaris

    Afzien heeft zijn prijs. Het kortste vastenprogramma duurt volgens de brochure tien dagen en kost tussen de 3550 en 24.850 euro, afhankelijk van de kamer. Wie achtentwintig nachten wil blijven is minstens een kleine auto kwijt (9940 euro), maar kan ook aanzienlijk meer dan een gemiddeld jaarsalaris neertellen (69.580 euro). Die suite heeft dan wel een eigen sauna, een jacuzzi, een regendouche, een kleedkamer en natuurlijk uitzicht op het meer. Vasten, maar vorstelijk.

    Dit alles is voor Wilhelmi slechts ogenschijnlijk een tegenstelling. ‘In welke omgeving wordt een mens weer gezond?’ vraagt hij retorisch. In dit bijna kloosterachtige complex met reguliere zorg? Of in een gewoon ziekenhuis dat alleen maar diepvriesmaaltijden voorschotelt?

    De gezondheidswijsheden van Wilhelmi, zijn kok of zijn hoofdarts hebben steeds weer hetzelfde effect. Enerzijds voel je je schuldig dat je je lichaam mishandelt met stoffen die in de vastenwereld als gif worden beschouwd. En ook omdat het je niet vaak genoeg lukt om voor jezelf de strengheid en discipline op te brengen die deze kliniek uitstraalt. Aan de andere kant is hun overtuigde – zelfs autoritaire – benadering wel erg streng. Koffie met muesli is een zonde, zegt chef Hohler, alsof het een vanzelfsprekendheid is. En dan begint hij een voordracht over de vitaminen in muesli en het looizuur in koffie, terwijl de meeste mensen slechts geïnteresseerd zijn in de cafeïne.

    De familie Wilhelmi is nogal terughoudend als het over haar economische situatie gaat. Het aardse verstoort de schoonheid. Maar in de geconsolideerde jaarrekening in de Bundesanzeiger is de belangrijkste informatie te vinden, al is die niet heel recent. De kliniek kwam in 2021 samen met die in Marbella, die ongeveer een derde kleiner is dan die in Überlingen, uit op een winst van een kleine vijf miljoen euro, na een min van een kleine driehonderdduizend euro in het coronajaar 2020. De familie Wilhelmi haalde daarmee bijna het niveau van voor de pandemie in 2019, toen ze een winst boekten van ruim zes miljoen euro. Ze mikten vorig jaar op een winst van ongeveer zeven en een half miljoen euro. De omzet bereikte in 2021 met ruim vierenveertig miljoen euro bijna de waarde van voor de pandemie. Ze hoopten daar in 2022 overheen te gaan. De klinieken hebben samen zo’n vijfhonderdvijftig mensen in dienst.

    Opgeruimd

    Wilhelmi wil verder uitbreiden en zijn bijdrage leveren aan de dynastie. Zijn overgrootvader, de arts Otto Buchinger, richtte de kliniek op. Zijn grootouders breidden uit naar Marbella, vergrootten het kameraantal en ontwikkelden therapieën. Zijn ouders werkten aan de wetenschappelijke basis. Nu is het aan hem om een nalatenschap te scheppen: hij heeft een ‘vastenbox’ ontwikkeld waarmee klanten thuis kunnen vasten. ‘Zo blijven we het hele jaar door met elkaar in contact.’

    Het programma duurt vijf dagen en de box bevat onder meer verschillende soorten thee, soepen, olie en een meetlint. De inhoud is goed voor meer dan twee keer zo veel calorieën per dag als het strenge regime in Überlingen toestaat; daar komt het neer op 250 kilocalorieën per dag. Er zit een app bij die video’s bevat over meditatie en medische lezingen. De box kost 199 euro.

    Economisch gezien mogen ze de pandemie dan lang achter zich hebben gelaten, ze zien de naweeën ervan nog regelmatig bij hun patiënten. ‘Af en aan behandelen we long covid,’ zegt Wilhelmi. Hij is ervan overtuigd dat vasten daarbij helpt, wat hij verklaart aan de hand van ontstekingsparameters en de activiteit van de mitochondriën. Patiënten boeken ook vaker een psychotherapeut. Wilhelmi heeft speciaal daarvoor nieuwe specialisten aangesteld.

    Zijn relatie met andere medewerkers is opmerkelijk. De hoofdarts, chef Huber en de masseur werken al tientallen jaren in de kliniek. ‘Leo’, zoals ze hem noemen, kennen ze al sinds hij als klein kind tussen de vastende clientèle speelde. Is het niet vreemd dat die jongen nu hun baas is? O nee, geen probleem, zeggen ze. En hun vriendschappelijke omgang oogt inderdaad niet als een toneelstukje voor de pers, maar eerlijk en harmonieus. Dit is de opgeruimde wereld van het therapeutische vasten.

    Het is alsof de kliniek de deur wil openhouden naar alle milieus

    De kliniek in Überlingen heeft ongeveer twee keer zoveel medewerkers als kamers. De meeste medewerkers die je op het terrein ziet zijn jong en sportief, zoals je van een goed hotel mag verwachten. Jonge mensen uit de regio doen hier vakantiewerk. Deze medewerkers zorgen voor de grijzende gasten die hun baantjes trekken in het zwembad, fitnessoefeningen doen met uitzicht op het Bodenmeer of mediteren in de gebedsruimte.

    Dertig jaar geleden hadden gasten nog het gevoel dat ze in hun doen en laten werden beperkt als ze naar de kliniek kwamen, zegt Wilhelmi. Nu beschouwen ze een verblijf hier als een investering in zichzelf. Een psychische aandoening als burn-out behoort tot een van de vier diagnosegroepen waarin de kliniek haar gasten indeelt. Wilhelmi noemt ook het metabool syndroom, dus hart- en vaatziekten en ontstekingsziekten. Ziekten die moeilijk te genezen zijn, zoals multiple sclerose, Parkinson of kanker, vallen onder het kopje ‘veelbelovend’ – een gebied dat nog in ontwikkeling is. Met het vasten hopen ze een bijdrage te leveren aan de genezing.

    De methode die de Buchinger Wilhelmi-kliniek hanteert staat historisch gezien niet ver af van andere alternatieve geneeswijzen die in het zuidwesten van Duitsland populair zijn. Wilhelmi’s overgrootvader Otto Buchinger, die door een vastenkuur van zijn artritis genas, was eerst quaker en daarna streng katholiek en wilde de patiënten in zijn kliniek tot inkeer brengen. Wilhelmi zelf noemt hem een oerdwarsdenker uit een breder spiritueel milieu, waarin bijvoorbeeld ook Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofie, actief was.

    Wilhelmi neemt afstand van dat milieu, maar ook weer niet te veel. De esoterie die veel van deze bewegingen kenmerkt, past niet echt in de elitaire vastenkliniek van nu. Het is koorddansen, zegt hij. Hij noemt zijn aanpak complementaire in plaats van alternatieve geneeskunde en hij benadrukt dat wordt samengewerkt met zorgverzekeraars en dat de kliniek gecertificeerd is. Zijn streven naar wetenschappelijke erkenning blijkt ook uit zijn woordkeuze. Als hij bijvoorbeeld zegt ‘Vasten is de grootste niet-farmacologische interventie’, dan klinkt hij als een arts.

    Tegelijkertijd zegt hij ook dat sommige natuurlijke geneeswijzen wonderen doen. Er staan nog altijd dikke homeopathische boekwerken in de bibliotheek van de kliniek. De hoofdarts zegt niets met antroposofie te hebben, maar ze zweert bij Kneipp en natuurgeneeskunde en is sceptisch over de motieven van de farmaceutische industrie, die voor van alles geneesmiddelen probeert te maken en blij is met veel diabetici. Het is een beetje alsof de kliniek de deur wil openhouden naar alle milieus of, in zakelijke termen uitgedrukt, geen enkele klantengroep van zich wil vervreemden.

    En/en

    Het is een strategie van zo min mogelijk aanstoot geven, een voortdurend en/en. Daarin past ook de omgang van Wilhelmi met de traditie, die hij benadrukt waar hij maar kan. Zo staat er een standbeeld in de tuin: Otto Buchinger tijdens een van zijn geliefde wandelingen met zijn teckel. En bij de ingang en in het trappenhuis van de kliniek hangen familiefoto’s uit verschillende decennia, waarop alle mooie, gezonde familieleden van Wilhelmi te zien zijn. De meeste vrouwen zijn blond, de donkerharige mannen tonen Spaanse invloed. Ze zien eruit als de familie in een Spaanse telenovela [een uit Latijns-Amerika afkomstig televisiegenre].

    Aan de andere kant, zo zegt Wilhelmi, doen ze niets ‘enkel omdat Otto Buchinger het heeft gezegd’. En daarom streven ze, ondanks de associatie met natuurgeneeskunde en het Demeter-voedsel dat in overeenstemming met de maanstanden wordt gekweekt, naar wetenschappelijke erkenning. De kliniek werkt samen met wetenschappers van de Charité [een van de grootste universitaire ziekenhuizen van Europa in Berlijn] en publiceert studies in wetenschappelijke tijdschriften. Al die onderzoeken hebben één ding gemeen: ze zijn betaald door de Wilhelmi-familie. Aan onderzoek geven ze een bedrag uit van zeven cijfers per jaar, zegt Leonard Wilhelmi. De onderzoeksafdeling, opgebouwd door zijn moeder, telt zeven vaste medewerkers.

    Is dat eigenlijk niet gewoon een succesvolle marketingcampagne? Wilhelmi verwerpt dat. ‘Wij doen dit niet vanwege commerciële doeleinden.’ Ze willen ‘de pioniers van het vasten’ blijven en conclusies kunnen trekken als iets niet werkt, zegt hij. De kliniek is met zes- tot zevenduizend gasten per jaar het grootste onderzoekslaboratorium voor therapeutisch vasten ter wereld.

    Maar zouden ze ook onderzoeksresultaten publiceren waaruit blijkt dat vasten niet werkt? De erfgenaam van de vastendynastie geeft een ontwijkend antwoord. ‘Tot nu toe heeft het altijd gewerkt,’ zegt hij met vriendelijke glimlach. Hij gelooft hoe dan ook dat er duidelijk bewijs is: ‘We beschikken over een stroom aan wetenschappelijke documentatie. Het wordt steeds moeilijker om de werking van vasten te ontkennen.’

  • Farmagigant GSK betaalt 2,2 miljard dollar om rechtszaken te beslechten

    Farmagigant GSK betaalt 2,2 miljard dollar om rechtszaken te beslechten

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zelensky doet Rome aan tijdens tournee door Europa en bezoekt Meloni

    » Bij Israëlische aanvallen op Beiroet zijn 22 mensen omgekomen

    Het maagzuurmedicijn Zantac zou kanker veroorzaken

    Het Britse farmaceutische megabedrijf GSK [GlaxoSmithKline] kondigde woensdag aan dat het een financiële overeenkomst heeft getekend in de Verenigde Staten om ‘de overgrote meerderheid van de zaken met betrekking tot zijn maagzuurmedicijn Zantac’, dat ervan wordt beschuldigd kanker te veroorzaken, af te handelen, schrijft de Financial Times.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Onder de voorwaarden van de overeenkomst, die is bereikt met ‘tien advocatenkantoren die ongeveer 80.000 mensen vertegenwoordigen die de zaken hebben aangespannen’ bij Amerikaanse rechtbanken, zal het bedrijf tot 2,2 miljard dollar (ongeveer 2 miljard euro) betalen om rechtszaken te vermijden.

    De farmaceutische gigant hield vol dat het ‘geen aansprakelijkheid’ aanvaardde en dat het enige doel van de overeenkomst was om ‘financiële onzekerheid’ weg te nemen, in het ‘beste langetermijnbelang van het bedrijf en zijn aandeelhouders’.

  • ‘Mannenpil’ krijgt nieuwe kans

    ‘Mannenpil’ krijgt nieuwe kans

    Het Amerikaanse ministerie van Gezondheid start binnenkort een klinische trial met een hormonaal anticonceptiemiddel voor mannen. De farmaceutische industrie reageert afwachtend, want is er wel vraag naar?

    Ruim een halve eeuw na de uitvinding van de anticonceptiepil voor vrouwen lijkt een equivalent voor mannen nog mijlenver weg. Door dit manco resten er voor de heren niet veel alternatieven: het condoom, een vasectomie of het aloude en riskante voor het zingen de kerk uitgaan. Een hormonale methode zoals die voor vrouwen bestaat, is er nog niet.

    Begin dit jaar vindt een internationale klinische trial plaats die hierin verandering kan brengen. Onder leiding van het Amerikaanse ministerie van Gezondheid (NIH) wordt bij 420 stellen uit de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Zweden, Italië, Chili en Kenia een hormonale anticonceptiegel voor mannen uitgetest. In de eerste fase moeten de mannen elke dag in de buurt van hun schouders een gel aanbrengen. Dit moeten ze twee à drie maanden lang volhouden, de gemiddelde duur van het proces van spermatogenese [de aanmaak van sperma]. Heeft de gel het gewenste effect, dan zou hierna de concentratie spermacellen radicaal afgenomen moeten zijn, van tientallen miljoenen tot minder dan één miljoen spermacellen per milliliter sperma. Onder die grens wordt zaad als steriel beschouwd. Daarna worden de proefpersonen een jaar lang nauwgezet gevolgd, om te zien of het middel inderdaad werkt en vooral ook om mogelijke bijwerkingen te registreren. In het verleden zijn vanwege vervelende bijwerkingen al meermaals klinische trials stopgezet.

    Het onderliggende principe van hormonale anticonceptie is bij mannen en vrouwen in feite hetzelfde: het verstoort het subtiele hormonale evenwicht dat nodig is voor de productie van gameten (sperma- of eicellen). ‘De pil voor vrouwen bevat kleine hoeveelheden oestrogeen en progestageen, hormonen die de ovulatie verhinderen,’ vertelt Serge Nef van de vakgroep Medische genetica en ontwikkelingsbiologie van de Universiteit van Genève. Toch is deze methode ‘veel moeilijker te gebruiken bij mannen’, voegt uroloog Patrice Jichlinski van het universitair ziekenhuis van Lausanne daaraan toe. Onder andere komt dat door de hoeveelheid gameten die de twee seksen produceren: bij vrouwen hoeft maandelijks maar één eicel geblokkeerd te worden, terwijl het bij mannen om miljoenen spermacellen gaat.

    Testosteron

    Om die toch allemaal af te stoppen, bevatte de eerste ‘mannenpil’ testosteron, een hormoon dat de teelballen van nature produceren; als er daarvan veel in het lichaam aanwezig is, houdt dat de aanmaak van spermacellen tegen. Nadeel was echter dat de pil ook andere functies verstoorde waarin testosteron een rol speelt, zoals het libido en de aanmaak van rode bloedcellen. ‘Zelfs de spiermassa nam erdoor af,’ vertelt Nef. ‘Er is een vrij hoge dosis testosteron voor nodig om spermatogenese te verhinderen, maar tegelijkertijd mag die ook weer niet te hoog zijn, zodat alle andere functies gewoon door kunnen gaan. Het is dus een kwestie van dosering,’ zo vat hij het probleem samen. Andere vormen van hormonale anticonceptie, zoals de gel die het NIH binnenkort uittest, bevatten een mix van testosteron en progestageen. Het doel is om de testosteronconcentratie in de teelballen omlaag te brengen terwijl die in het bloed op een normaal niveau blijft.

    Al in 2012 werd een pilotstudie met de gel gedaan, al was het recept toen ietsje anders. Onderzoekers van het Eunice Kennedy Shriver-instituut voor kindergeneeskunde en menselijke ontwikkeling in het Amerikaanse Bethesda zagen de concentratie spermacellen toen bij 89 procent van de proefpersonen onder de kritische grens van één miljoen per milliliter zakken, zonder dat er noemenswaardige bijwerkingen optraden.

    Als de nieuwe proef succesvol verloopt, zullen er rond 2020 eerst nog andere klinische trials volgen. De gel zal dus voorlopig nog niet op de markt komen. ‘We moeten er natuurlijk ook heel zeker van zijn dat het proces omkeerbaar is,’ vertelt Jichlinski.

    Welke rol speelt de industrie in dit alles? ‘Voor zover ik weet is die niet bezig met een anticonceptiepil voor mannen,’ zegt Nef. ‘Dat komt waarschijnlijk doordat het voor farmaceutische bedrijven niet rendabel is om zo’n medicijn te ontwikkelen, helemaal als je bedenkt hoe goedkoop de anticonceptiepil voor vrouwen is.’ Het is een groot risico om miljoenen uit te geven aan de ontwikkeling van een goedkope pil waarvan onduidelijk is of het publiek die wel wil gebruiken en die misschien op de plank blijft liggen. ‘Het is geen toeval dat het ministerie van Gezondheid deze trial leidt,’ aldus Nef.

    Een toename van het aantal anticonceptiemethoden is bepaald geen overbodige luxe

    Het onderzoek op dit gebied vordert inderdaad maar langzaam. Een ander product, Vasalgel, dat de spermacellen in de zaadleider blokkeert, is bijvoorbeeld nog steeds niet uitgetest. Bij nog een ander middel, geïnspireerd op een traditionele Indonesische methode op basis van de plant gendarussa, wacht men nog op de eerste voorlopige testresultaten.

    Een toename van het aantal anticonceptiemethoden is overigens bepaald geen overbodige luxe. Wereldwijd is volgens het Guttmacher Instituut naar schatting 40 procent van de zwangerschappen ongewenst. Daarnaast is het goed voor de gelijkheid tussen de seksen als mannen de verantwoordelijkheid voor anticonceptie helpen dragen. De socioloog Cyril Desjeux, auteur van een proefschrift over de praktijk, beeldvorming en verwachtingen omtrent mannenanticonceptie, verwoordde het in 50 /50 Magazine [een Franse informatiesite over gelijkheid tussen de seksen] als volgt: ‘Anticonceptie moet helemaal niet worden gezien als iets voor mannen of voor vrouwen, maar als een normaal onderdeel van de seks tussen personen van verschillend geslacht. Het is dus een zaak van zowel mannen als vrouwen.’

    Auteur: Fabien Goubet
    Vertaler: Valentijn van Dijk

    Le Temps
    Zwitserland | oplage 49.000

    Voortgekomen uit een fusie van Nouveau Quotidien, Journal de Genève en Gazette de Lausanne. Rechts van het midden, populair bij leidinggevenden, krant voor Franstalige Zwitsers. Oorspronkelijk gefinancierd door de private bankers uit 
Genève, sinds april 2015 bezit van de Zürichse persgroep Ringier. De krant werkt samen met o.a. Le Monde en The New York Times.

  • Moeten we medicijnen vegetarisch maken?

    Moeten we medicijnen vegetarisch maken?

    In India wil de regering dierlijk gelatine in medicijnen vervangen door plantaardig cellulose. Een populaire maatregel in het land van de heilige koe, maar in de medische wereld is er veel scepsis.

    Als de regering haar zin krijgt, zullen medicijnen binnenkort geheel vegetarisch worden. Er ligt een voorstel om in pillen met een gelatine-omhulsel de gelatine te vervangen door cellulose.

    Gelatine wordt gemaakt uit runderbotten, in India meestal uit botten van buffels. Vóór gebruik wordt de stof volledig ontgift en gezuiverd, maar toch bestaat er een lobby die van deze niet-vegetarische oorsprong een punt maakt. De samenstelling zou de religieuze gevoelens van veel Indiase patiënten kunnen krenken. Het voorgestelde alternatief, cellulose, is van ‘puur vegetarische’ oorsprong.

    In maart 2016 deelde de Drug Controller General of India (DCGI) mee dat het een voorstel had ontvangen om gelatinecapsules voortaan te vervangen door capsules van hydroxypropyl methylcellulose (HPMC), ofwel cellulose. Het bericht veroorzaakte paniek in de Indiase farmaceutische industrie, want als deze plannen werkelijkheid worden zullen de productiekosten en daarmee de prijs van medicijnen flink omhooggaan.

    Het is nog steeds niet duidelijk wie de indiener van het voorstel was en de details zijn niet publiek gemaakt door de regering of door DCGI.

    Cellulose is drie à vier keer zo duur als gelatine en volgens experts zullen deze extra kosten uiteindelijk voor rekening komen van de consument

    De kwestie is voorgelegd aan het Drug Technical Advisory Board (DTAB) van het ministerie voor Volksgezondheid. Deze dienst besloot dat het medicijnen niet het predikaat ‘rood’ (niet-vegetarisch) maar evenmin het predikaat ‘groen’ (vegetarisch) kon geven. Volgens de dienst betrof de kwestie bovendien ook andere ministeries en was er eerst een bredere discussie nodig over het onderwerp.

    Sindsdien pleiten farmaceutische bedrijven en toezichtsorganen van de sector fel tegen vervanging van gelatine. De maatregel zou de fabricage van medicijnen duurder maken en bovendien nadelige effecten hebben op het menselijk lichaam.

    In maart dit jaar stelde de regering een twaalfkoppige commissie in onder leiding van dr. Chandrakant Kokate om de zaak te onderzoeken en tot aanbevelingen te komen. Tot dusver kwam de commissie maar één keer bijeen en heeft zij nog geen beslissing genomen.

    120 miljard gelatinecapsules

    Cellulose is drie à vier keer zo duur als gelatine en volgens experts zullen deze extra kosten uiteindelijk voor rekening komen van de consument. Bovendien heeft de farmaceutische industrie al aanzienlijke investeringen gedaan in medicijnen op basis van gelatine; een omschakeling naar cellulose zou nog eens enorme investeringen vergen.

    ‘Als dit doorgaat wordt de fabricage van medicijnen duurder en moeten consumenten daar uiteindelijk voor opdraaien. Een omschakeling naar cellulose betekent forse investeringen in machines en in het fabricageproces; dat zul je onherroepelijk terugzien in de prijs van medicijnen,’ aldus voorzitter Daara Patel van de Indian Drug Manufacturers Association (IDMA). ‘De industrie is nog niet klaar voor cellulose. De API [active pharmaceutical ingrediënt, actieve farmaceutische ingrediënten]-industrie ontworstelt zich net aan de klauwen van China. Dit zal ons voor de cellulose en grondstoffen weer afhankelijk maken van Chinese bedrijven. De leden van de IDMA maken zich zorgen.’

    Jaarlijks produceert India zo’n 120 miljard gelatinecapsules; voor capsules van cellulose bestaat hooguit een capaciteit voor 2 miljard stuks. India heeft de grondstoffen voor cellulosecapsules niet. Zonder de benodigde capaciteit voor cellulosefabricage wordt India geheel afhankelijk van import. Ruim zestig procent van deze capaciteit bevindt zich in China, waar de kwaliteit van het product vaak te wensen overlaat. De overige veertig procent zit in de Verenigde Staten, Europa, Zuid-Korea en Canada. Overigens valt de import van cellulose door eigenaardige regelgeving in India onder de categorie plastics.

    ‘Als we in India overstappen op harde celluloseomhulsels, dan gaat de prijs met drie- tot vierhonderd procent omhoog,’ zegt Dinesh Dua, CEO van Nectar Lifesciences Limited. ‘En mocht China ooit de export van deze grondstof blokkeren, dan kan dat de ineenstorting van deze 6 miljard dollar grote industrie in ons land betekenen. Afhankelijkheid van de import van cellulose vormt voor de Indiase farmaceutische industrie en ook voor gelatinefabrikanten een serieuze existentiële bedreiging. Het concept “Made in India” betekent dan niets meer.’

    capsule pill health medicine

    Veel ernstiger nog zijn de vragen naar hoe goed cellulose eigenlijk samengaat met de werkzame stoffen in pillen en wat hun gezamenlijk effect is op het menselijk lichaam. ‘Gelatinecapsules bestaan al honderd jaar,’ vertelt hoofd marketing Ishah Khaitan van Sunil Healthcare Limited. ‘Zowel farmaceutische toezichthouders als bedrijven hebben de wisselwerking ervan met een breed scala aan medicijnen getest op veiligheid, effectiviteit en zuiverheid. En gelatine is geschikt bevonden voor menselijke consumptie.’

    Voor cellulose is dit alles nog niet gebeurd. ‘Alle medicijnen in het generieke en niet-generieke segment moeten eerst uitvoerig “in vitro” (in het laboratorium) en “in vivo” (in het lichaam) worden getest op stabiliteit, giftigheid en veiligheid,’ aldus Dua. Als cellulose in medicijnen wordt toegestaan, moeten al die tests over worden gedaan. Nog nergens ter wereld is een breed opgezet onderzoek uitgevoerd naar de effecten binnen het menselijk lichaam en er bestaan geen procedures voor reglementering. Daar komt nog bij dat gelatine vijf jaar houdbaar is en cellulose maar drie jaar.

    Alles opnieuw testen in combinatie met cellulose is een langdurig en kostbaar proces. Hoofd productontwikkeling van Cipla Geena Malhotra vindt dat een keuze voor ofwel gelatine ofwel HPMC afhankelijk zou moeten zijn van de toepasbaarheid in een bepaald type medicijn en dat het niet van overheidswege over de hele linie mag worden opgelegd. ‘Het kost per product zo’n twaalf tot vijftien maanden om het met een HPMC– of cellulose-omhulsel goedgekeurd te krijgen, want voor sommige kritische ingrediënten zijn specifieke tests vereist,’ vertelt ze. ‘Voor elk product is opnieuw onderzoek van de stabiliteit en het effect op de menselijke biologie nodig.’

    De ironie wil dat het wetsvoorstel gelatine wel toe wil staan in voor de export bestemde capsules en men alleen in India het gebruik van cellulose voor wil schrijven. Ook staat het voorstel het gebruik van gelatine in zachte gelcapsules wel toe. Zelfs de commissie die de zaak onderzoekt laat zachte gelcapsules buiten beschouwing. Commissievoorzitter Chandrakant Kokate en de minister van Volksgezondheid gaven op onze vragen hierover geen antwoord.

    ‘Niemand weet welk effect cellulose heeft op medicijnen,’ zegt Ajit Singh van ACG, de op een na grootste fabrikant ter wereld van lege harde capsules. ‘Eerst moet het getest worden over de gehele twee tot drie jaar van de levensduur van een medicijn. Momenteel worden cellulosecapsules zelden voor medicijnen gebruikt. Ze zijn alleen gangbaar bij voedingssupplementen en medicijnen; als we omschakelen op cellulose moet de industrie flink gaan investeren.’

    Niet volledig vegetarisch

    Ook blijft de vraag onbeantwoord of de omschakeling op cellulose medicijnen eigenlijk wel volledig vegetarisch zal maken, toch de voornaamste reden van de voorgestelde verandering. Experts noemen het gebruik van cellulose als middel om vegetarische medicijnen te creëren onzinnig, omdat veel medicijnen zelf uit niet-vegetarische stoffen zijn gemaakt. ‘Zelfs als je cellulose gebruikt om het omhulsel van de capsule vegetarisch te maken, is daarmee de stof binnen in de capsule nog niet vegetarisch,’ aldus Singh. ‘Veel medicijnen bevatten lever- of visolie-extracten. En de farmaceutische industrie maakt bijvoorbeeld ook bloedplasmavervangers en in het lichaam aangebrachte homeostatische sponzen uit gelatine. Zelfs insuline heeft een niet-vegetarische oorsprong.’

    De Indiase farmaceutische industrie is verbijsterd en maakt zich zorgen om haar investeringen. Als de regering per se cellulose wil doorvoeren, zou het als optie naast gelatine moeten bestaan, zodat patiënten die een medicijn gebruiken en artsen die het voorschrijven zelf kunnen kiezen. Ook vrezen ze dat als er met de invoering van cellulose iets misgaat, zij daar de schuld van zullen krijgen. Het laatste woord over de kwestie is nog niet gezegd, want de commissie-Kokate heeft nog niets besloten. Maar afgaand op de recente geschiedenis van regeringsdecreten, staat de uitkomst eigenlijk al vast.

    Auteur: Arindam Mukherjee
    Vertaling: Valentijn van Dijk

    Outlook
    India | weekblad | oplage 250.000

    Een van de meest gelezen Engelstalige weekbladen van India. Outlook bestaat sinds 1995 (sinds 2002 is er ook een versie in het Hindi) en onderscheidt zich van andere weekbladen door stevige kritiek op onder meer conservatieve hindoepartijen.