Tag: Fillon

  • 1. Frankrijk, het zwakke broertje van Europa?

    1. Frankrijk, het zwakke broertje van Europa?

    Eigenlijk maakt het weinig uit welke president de Fransen dit jaar kiezen, schrijft de Brit John Gray. De verkiezingsuitslag zal sowieso bijdragen aan de politieke instabiliteit van Europa.

    Het is nog te vroeg om de volledige impact in te schatten van de Oostenrijkse presidentsverkiezingen en het constitutionele referendum in Italië. De overwinning van de door de Groenen gesteunde kandidaat in Oostenrijk toont een Europees electoraat dat weigert een president te kiezen van een organisatie die werd opgericht door een voormalige SS-officier. Maar de Oostenrijkse Vrijheidspartij van Norbert Hofer is erin geslaagd 47 procent van de stemmen naar zich toe te trekken, en met deze mate van steun onder het volk kan zij nog steeds de grootste partij van het land worden bij de parlementsverkiezingen die in september 2018 gehouden zouden moeten worden, maar nu wellicht worden vervroegd. In dat geval kan de leider van de FPÖ bondskanselier worden. De sluipende vooruitgang van extreemrechts in Europa maakt misschien even pas op de plaats, maar is nog geen halt toegeroepen.

    De verpletterende nederlaag van de Italiaanse premier Matteo Renzi, die heeft gezegd dat hij ontslag zal nemen na zijn verlies in het referendum van 4 december, moet in een soortgelijk licht worden bezien. De voornaamste begunstigde zal de Vijfsterrenbeweging van Beppe Grillo zijn, die een referendum eist over het Italiaanse lidmaatschap van de eurozone en algemene verkiezingen begin dit jaar.

    Grillo’s beweging is geen Italiaanse versie van de FPÖ, maar kent wel verontrustende antisemitische onderstromingen. De uitslag zou echter ook de extreemrechtse, separatistische Lega Nord de wind in de zeilen kunnen geven, evenals Silvio Berlusconi’s Forza Italia. Maanden van politieke onzekerheid zullen de plannen laten ontsporen om het fragiele banksysteem van Italië aan te pakken. Als een van de genoemde drie partijen dit jaar tot de regering toetreedt, zal de euro zelf ter discussie komen te staan.

    Shocktherapie

    Het patroon zou herhaald kunnen worden in Frankrijk. François Hollande kondigde op 2 december aan dat hij geen herverkiezing zal nastreven, en het is de eerste keer in de geschiedenis van de Vijfde Republiek dat een president op deze manier het toneel verlaat. Zijn Parti Socialiste zal deze maand presidentiële voorverkiezingen houden, maar nu iedere centrumlinkse kandidaat het loden gewicht van het presidentschap van Hollande moet torsen, lijkt het waarschijnlijk dat het bij de uiteindelijke verkiezingsstrijd zal gaan om twee figuren van rechts: de kandidate van het Front National, Marine Le Pen, en de kandidaat van de centrumrechtse Republikeinen, François Fillon. Velen die – terecht – wantrouwig staan tegenover de bewering van Le Pen dat zij haar partij ‘ontgift’ heeft, putten enige troost uit de overtuiging dat Fillon zo’n strijd met gemak zal winnen. Toch is dit verre van zeker, en een overwinning van Fillon zou de toestand in Europa niet stabiliseren. Welke kandidaat ook komt bovendrijven, de uiteenvallende internationale orde zou opnieuw een stevige tik oplopen.

    Fillon, een voormalige premier onder Nicolas Sarkozy, is opgehemeld als een katholieke conservatief die de provinciale bourgeoisie kan aanspreken, maar tevens een dosis thatcheristische shocktherapie aan het krakende Franse economische model kan toedienen. (Fillon is in sociale kwesties nóg minder progressief dan Margaret Thatcher ooit is geweest, maar dat zullen we maar even laten passeren.) Je hoeft geen helderziende te zijn om in te zien dat deze twee rollen met elkaar conflicteren. Net als het neoliberalisme overal heeft het thatcheristische beleid een groot deel van de middenklasse in Groot-Brittannië in een precaire positie gebracht. De meeste Britten hebben geen arbeidszekerheid en gaan een onzekere oude dag tegemoet, en kunnen zich geen tijd herinneren dat ze konden sparen en plannen maken voor de toekomst.

    De voorstellen van Fillon – onder meer het ontslaan van een half miljoen ambtenaren en het terugdringen van de overheidsuitgaven met 100 miljard euro binnen vijf jaar – zouden een grote bijdrage leveren aan het vernietigen van de levensstijl van de Franse middenklasse. In de praktijk is er geen enkel reëel vooruitzicht dat zo’n programma ook daadwerkelijk ten uitvoer kan worden gelegd. Het thatcherisme was mogelijk en, op zijn eigen economische voorwaarden, succesvol, omdat het werd toegepast toen Groot-Brittannië niet onder deflatie gebukt ging. De bezuinigingen op de openbare voorzieningen hebben een tijdje tot hogere werkloosheid geleid, maar de economie niet over de rand geduwd en in een afgrond laten vallen.

    5727c9fef0ef4442b34082649724a6de 0

    Toch is dat precies wat een soortgelijk programma vandaag de dag in Frankrijk zou bewerkstelligen, niet in de laatste plaats omdat Frankrijk geen flexibele nationale munt heeft die een deel van de spanningen zou kunnen opvangen.

    De politieke situatie in beide landen is ook heel verschillend. Thatcher had geen serieuze oppositie, omdat Labour – toen zij Tory-leider werd – naar extreemlinks was opgeschoven, en vervolgens in tweeën was gesplitst door de vorming van de SDP. Fillon wordt daarentegen geconfronteerd met een krachtige uitdaging van de kant van Le Pen, die zich aan de kant van extreemlinks in Frankrijk zal scharen door zijn programma als economisch vandalisme te veroordelen. Dat is een standpunt dat het goed zal doen bij de machtige Franse vakbonden, die Fillon heeft beloofd te zullen verpletteren, en bij delen van de conservatieve middenklasse. Omdat het zichzelf met de falende status quo heeft geïdentificeerd, lijkt centrumlinks buitenspel te staan.

    Frankrijk kent geen traditie van het conservatisme van de ‘kleine overheid’, en vijandigheid jegens het marktkapitalisme heeft altijd tot het programma van extreemrechts behoord. Het idee was dat het Franse, op meerdere partijen en meerde rondes gebaseerde systeem van de presidentsverkiezingen tot in de oneindigheid zou kunnen verhinderen dat extreemrechts aan de macht zou komen. De stank die de familie van Le Pen en veel van haar aanhangers omringt zou voor welke Franse meerderheid dan ook te veel zijn om haar ooit in het Élysée te doen belanden. Maar bij een strijd met een neoliberale kandidaat, in een tijd dat het bezuinigingsbeleid zwaar in diskrediet is geraakt, kan een dergelijke uitkomst niet langer als vanzelfsprekend worden beschouwd. Als zij in staat is de risico’s van Fillons thatcheristische programma aan een breed scala kiezers duidelijk te maken, kan Le Pen dit jaar dichter bij de macht komen en bij de algemene verkiezingen daarna een overtuigende gooi naar het presidentschap doen. Volgens sommige berichten is dat de uitslag waar zij en haar adviseurs op hopen, en waar hun plannen op gericht zijn. Als het plan bij de verkiezingen dit jaar lijkt te werken, is nauwelijks minder choquerend dan een regelrechte overwinning.

    Door het ultraliberale project na te streven van een grenzeloos continent zorgen Europa’s heersende elites ervoor dat juist het tegenovergestelde gestalte krijgt

    Zelfs een overtuigende verkiezingswinst voor Fillon zou méér problemen inhouden voor wat nog steeds met enige tederheid wordt omschreven als de liberale internationale orde. Hij heeft op ondubbelzinnige wijze opgeroepen tot een verreikende détente met Moskou – door bijvoorbeeld de sancties tegen Rusland te beëindigen, de opdeling van Oekraïne te aanvaarden en de Russische interventie in Syrië te steunen. Dat het islamisme en niet Vladimir Poetin het voornaamste gevaar voor Europa vormt, is een populair standpunt in Frankrijk en een groot deel van Europa. Wat de uitkomst van een strijd tussen Fillon en Le Pen ook zal zijn, de invloed van Rusland op het continent zal toenemen.

    De aard van de politieke opschudding in Europa wordt voortdurend verkeerd begrepen. Schrijver en horzel Bernard-Henri Lévy, een onverschrokken volger van de heersende mode, heeft net als vele anderen gezegd dat de kiezers niet langer in feiten of argumenten geïnteresseerd zijn. Maar ‘post-truth’-politiek is net als ‘populisme’ een term die vooral wordt gebruikt door progressieven die de zelfdestructieve gevolgen van hun buitensporige ideologie niet onder ogen durven zien. Zij zouden baat kunnen hebben bij een herwaardering van een idee dat een eerdere generatie progressieve denkers heeft aangesproken, namelijk dat de geschiedenis gehoorzaamt aan een wet van dialectische tegenstellingen. Door het ultraliberale project na te streven van een grenzeloos continent, waar nationale identiteiten er weinig toe doen, zorgen Europa’s heersende elites ervoor dat juist het tegenovergestelde gestalte krijgt.

    Helaas is er niets wat op een hogere synthese wijst. In Europa is weer eens een periode van langdurige wanorde aangebroken. Dat lijkt nog niet te zijn doorgedrongen tot degenen die pleiten voor een ‘zachte’ Brexit. Tegen de tijd dat overeenstemming is bereikt over een ‘zachte’ Brexit, zal het Europese politieke landschap onherkenbaar zijn veranderd.

    Auteur: John Gray

    John Gray is de voornaamste boekenrecensent van New Statesman. Zijn jongste boek is The Soul of the Marionette: A Short Enquiry into Human Freedom.

    New Statesman
    Verenigd Koninkrijk | weekblad | oplage 23.900

    Sinds 1913 hét tijdschrift voor de Britse linkse intelligentsia. Bekend om zijn diepteanalyses en stevige maatschappijkritiek. In de columns en andere opiniërende stukken stelt het blad zich ook open voor andere dan linkse geluiden.