Tag: geboorte

  • VK: acht baby’s in goede gezondheid geboren na IVF met DNA van drie personen

    VK: acht baby’s in goede gezondheid geboren na IVF met DNA van drie personen

    Volgens wetenschappers zijn deze resultaten zeer bemoedigend

    Artsen in het Verenigd Koninkrijk hebben de geboorte bekendgemaakt van acht gezonde baby’s die ter wereld kwamen dankzij een baanbrekende procedure waarbij IVF-embryo’s worden gecreëerd met DNA van drie personen om te voorkomen dat de kinderen ongeneeslijke genetische aandoeningen erven. Dat schrijft The Guardian.

    De twintig moeders die betrokken waren bij het experiment, liepen allemaal een hoog risico om levensbedreigende ziekten door te geven aan hun baby’s als gevolg van mutaties in hun mitochondriën, de kleine structuren die zich in cellen bevinden en die de energie leveren die ze nodig hebben om te functioneren.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In het onderzoek dat woensdagavond in het New England Journal of Medicine werd gepubliceerd en waar de wetenschappelijke gemeenschap al jarenlang naar uitkeek, is te lezen dat het twintigtal vrouwen een ‘mitochondriale donatie’ kreeg om te voorkomen dat ze een zeldzame genetische ziekte aan hun kind zouden doorgeven.

    ‘De procedure bestaat erin de eicel van de moeder te bevruchten met het sperma van de vader en vervolgens het genetisch materiaal van de kern over te brengen naar een gezonde, bevruchte eicel van een donor waarvan de kern is verwijderd’, legt The Guardian uit.

    Het Verenigd Koninkrijk is een pionier op het gebied van mitochondriale donatie. Dit is daar sinds 2015 toegestaan, wat het experiment mogelijk heeft gemaakt. Volgens verschillende wetenschappers zijn deze resultaten zeer bemoedigend.

  • Oekraïense draagmoeders zijn in trek, ondanks de oorlog

    Oekraïense draagmoeders zijn in trek, ondanks de oorlog

    De oorlog heeft een groot deel van de Oekraïense economie verwoest, maar de draagmoederschapsindustrie gaat gewoon door. Zo biedt het Oekraïense bedrijf BioTexCom wensouders de mogelijkheid om via draagmoeders kinderen te krijgen.

    Tanya, een 45-jarige vrouw in Los Angeles, betaalde zes jaar geleden 10.000 dollar en stuurde twee embryo’s naar een draagmoederkliniek in Oekraïne, in de hoop een gezin te kunnen stichten. Ze zegt dat ze nooit had verwacht hoeveel onzekerheid en hartzeer dat proces met zich mee zou brengen.

    Tanya wilde zielsgraag een kind, maar kon zelf niet zwanger te worden. Nadat ze had ontdekt dat de kosten voor draagmoederschap in de VS hoog kunnen zijn, gingen zij en haar man op zoek naar opties in het buitenland. Ze stuitten op het in Kyiv gevestigde bedrijf BioTexCom. Tanya’s ouders komen oorspronkelijk uit Odessa, en ze vond het toepasselijk dat haar toekomstige kind in Oekraïne geboren zou worden.

    Maar toen het traject met BioTexCom in de herfst van 2017 begon, zat het Tanya al snel niet lekker. Nadat ze haar embryo’s had opgestuurd, kreeg ze te horen dat die vrijwel onmiddellijk bij een draagmoeder zouden worden geïmplanteerd. Dat was een tijdlijn die niet overeenkwam met al het onderzoek dat ze had gedaan naar het proces van draagmoederschap. 

    Toen het bedrijf haar een paar dagen later vertelde dat de embryotransfer niet was gelukt en slechts minimale informatie gaf over waarom het was misgegaan, vermoedde ze dat er iets niet klopte.

    Haar man was een paar weken later voor zijn werk in Kyiv en besloot langs de kliniek te gaan om te zien of hij antwoorden kon krijgen. Hij stelde zich voor aan een medewerker van de kliniek, die hem meteen bedankte voor het doneren van hun embryo’s aan een ander stel. Hij was verbijsterd: zat dit achter de mededeling van het bedrijf dat het proces onsuccesvol was?

    ‘Dat was het moment waarop de pleuris uitbrak,’ zegt Tanya. Ze voegt eraan toe dat BioTexCom haar berichten nooit meer heeft beantwoord en dat ze haar embryo’s nooit heeft teruggekregen.

    Tweeling ruilen

    Het verhaal van Tanya en haar man is een van de vele klachten die verslaggevers van Politico en de Duitse krant Die Welt aan het licht brachten tijdens hun onderzoek naar BioTexCom, mogelijk ’s werelds populairste kliniek voor draagmoederschap. Aan de betrokkenen is anonimiteit beloofd om over dit gevoelige onderwerp te kunnen spreken. 

    Volgens een Duits koppel verwisselde BioTexCom hun draagmoedertweeling met die van een ander koppel en zagen ze zich gedwongen de baby’s om te ruilen op een geheime plek in Duitsland. Een Duitse vrouw vertelde over haar onzekerheid en stress nadat BioTexCom had verzuimd al haar embryo’s terug te geven nadat ze haar plannen voor een draagmoederschap in Oekraïne had geannuleerd. 

    Die Welt sprak ook met voormalige aanklagers, draagmoeders en advocaten in Oekraïne. Zij beschuldigen BioTexCom van gebrek aan goede medische zorg voor vrouwen die de baby’s baarden, ook in geval van complicaties. Ze zeggen dat verschillende zaken niet voor de rechter zijn gekomen vanwege het soms chaotische rechtssysteem in het land. Ondertussen bevestigde de oprichter van het bedrijf dat hij huisarrest heeft gekregen vanwege een lopend vooronderzoek.

    Tanya werd gedwarsboomd in haar pogingen om een onderzoek naar haar embryo’s te starten. Zij en haar man vrezen dat hun embryo’s zijn geïmplanteerd en dat er een kind is geboren dat aan een ander stel is gegeven. Hoewel ze een klacht heeft ingediend bij het internationale misdaadagentschap Interpol, weet ze meer dan vijf jaar later nog steeds niet wat er precies is gebeurd. (Interpol reageerde niet op een verzoek van Politico om commentaar.)

    ‘Weet je, het ergste is dat we er zo weinig aan konden doen,’ zegt ze. ‘Dat was zeer traumatisch… We zijn nu vijf jaar verder en ik denk dat ik er pas een jaar geleden mee in het reine ben gekomen.’

    ‘Er werden tegelijkertijd twee tweelingen geboren en helaas heeft het personeel de kinderen door elkaar gehaald’

    Albert Totsjilovsky, de oprichter van BioTexCom, laat in een schriftelijke verklaring aan Die Welt en Politico weten dat de zorgen van Tanya over de implantatie van haar embryo’s bij een ander koppel ‘volkomen misplaatst’ zijn. ‘De kwaliteit van het materiaal was absoluut slecht – het had voor ons geen enkele zin om het voor een ander stel te gebruiken.’ Wat de Duitse tweeling betreft, gaf Totsjilovsky de schuld aan de openbare kraamkliniek van Kyiv. ‘Er werden tegelijkertijd twee tweelingen geboren en helaas heeft het personeel de kinderen door elkaar gehaald. Het is de enige keer dat zoiets is voorgekomen. We controleren alle processen zorgvuldig,’ schrijft hij.

    Ook vindt hij de vrees onterecht dat de embryo’s van de Duitse vrouw verkeerd geplaatst zouden zijn of voor een ander gezin zouden zijn gebruikt. ‘We geven het materiaal van onze cliënten altijd vrij op hun verzoek en we helpen zelfs met het vervoer ervan,’ laat hij weten. ‘We hebben geen donoreicellen en -embryo’s nodig – we beschikken over een grote voorraad donoreicellen (meer dan tienduizend) die afkomstig zijn van jonge, gezonde donoren.’

    Maar de zorgen blijven, gezien de omvang van de draagmoederindustrie in Oekraïne – die honderden baby’s per jaar produceert – en de zorgen en wanhoop bij betrokkenen. Niet onbelangrijk is dat het hele proces plaatsvindt te midden van een enorm militair conflict waarbij de toekomst van het land op het spel staat.

    De Oekraïense economie mag dan zware klappen hebben gekregen door de Russische invasie, maar de babyindustrie van het land is – mede dankzij een gunstig wettelijk klimaat – in vol bedrijf.

    Een bloeiende industrie

    De afgelopen tien jaar heeft draagmoederschap – of de rent-a-womb-branche [‘huur een baarmoeder’], zoals critici het soms noemen – zich ontwikkeld tot een bloeiende mondiale industrie. De Zwitserse ngo International Social Service schatte in 2016 dat er jaarlijks twintigduizend baby’s werden geboren via draagmoederschap. Beroemdheden als Kim Kardashian, Elton John en Paris Hilton promootten deze industrie, die in 2022 naar schatting 14 miljard dollar waard was en tegen 2032 zo’n 129 miljard dollar zou kunnen bedragen, zo berekende onderzoeks- en consultancybedrijf Global Market Insights.

    Hoewel draagmoederschap in de meeste Amerikaanse staten legaal is en ook een steeds belangrijkere optie wordt, is het verboden in een groot deel van Europa en in veel andere delen van de wereld. Dit betekent dat mensen die hierop aangewezen zijn, veelal naar een buitenlandse oplossing zoeken. Op plekken als Californië, waar draagmoederschap algemeen geaccepteerd is, is het vaak onbetaalbaar. Daardoor gaan vrouwen zoals Tanya op zoek naar meer betaalbare opties in het buitenland. De wirwar van tegenstrijdige nationale regelgevingen en de toename van vrouwen die over landsgrenzen reizen op zoek naar draagmoeders, bieden ruimte aan bedrijven zoals BioTexCom, de meest succesvolle kliniek voor draagmoederschap in Oekraïne.

    Ondanks de oorlog met Rusland blijft de Oekraïense draagmoederindustrie – die een internationale klantenkring bedient – op zoek naar klanten. In een uitgekiende online omgeving presenteert BioTexCom honderden verhalen van gelukkige gezinnen die dolblij zijn met hun pasgeborene. Maar er zijn weinig details te vinden over de klachten die in het verleden tegen BioTexCom zijn ingediend, noch over aanvaringen met de Oekraïense politie.

    Zo kregen Oekraïense aanklagers in 2018 en 2019 bijvoorbeeld het gerechtelijke bevel om Totsjilovsky onder huisarrest te plaatsen. Voormalig aanklager Joeri Kovaltsjoek deed onderzoek naar hem wegens mogelijke kinderhandel – omdat het DNA van sommige kinderen mogelijk niet overeenkwam met dat van de ouders – en wegens beschuldigingen van belastingontduiking en witwassen. Die zaken werden doorverwezen naar andere wetshandhavers en lagere rechtbanken en uiteindelijk geseponeerd. Kovaltsjoek zegt dat hij door hoge ambtenaren op een zijspoor is gezet onder het mom van institutionele hervormingen om de ongebreidelde corruptie in de Oekraïense rechtshandhaving aan te pakken.

    Sinds de brute inval van Rusland heeft het draagmoederschap in Oekraïne meer internationale aandacht gekregen

    Gevraagd naar een reactie op deze en andere beschuldigingen antwoordt Totsjilovsky dat de strafrechtelijke onderzoeken ‘hysterisch’ waren, aangewakkerd door corrupte Oekraïense aanklagers. Hij spreekt van pogingen om hem en zijn bedrijf af te persen voor een belang in het bedrijf of een losprijs van 1 miljoen dollar. ‘Alle beschuldigingen die hij en zijn team hebben geuit zijn volkomen onjuist,’ zegt hij in zijn verklaring over Kovaltsjoek.

    Sinds de brute inval van Rusland heeft het draagmoederschap in Oekraïne meer internationale aandacht gekregen. De draagmoederschapsbusiness in Oekraïne heeft een waarde van tientallen miljoenen dollars en gaat gewoon door. Te midden van bombardementen, haperende watertoevoer en stroomtekorten paste BioTexCom, een van de populairste klinieken ter wereld, zich gewoon aan. Volgens eigen berichten op sociale media beschermt het bedrijf baby’s in bunkers en begeleiden gewapende soldaten pasgeborenen van en naar het ziekenhuis. Ondertussen doen buitenlanders verwoede pogingen om in Kyiv te geraken om zich bij hun pasgeborenen te voegen.

    Tijdens deze oorlog baren honderden Oekraïense vrouwen baby’s voor kinderloze stellen, iets wat zelfs in vredestijd al een logistieke – en voor sommigen een ethisch dubieuze – uitdaging is. Toch staan de sociale media van BioTexCom vol met blije verhalen van buitenlandse stellen die alles riskeerden door naar een oorlogsgebied te reizen omdat ze voor het eerst ouders werden dankzij BioTexCom.

    Terwijl Oekraïne vecht tegen Rusland, probeert BioTexCom de oorlog in zijn marketing te verwerken. Het bedrijf lanceerde de pr-campagne Make babies, not war en zegt ‘hun best te zullen doen voor jullie droom om ouders te worden. Niets kan ons tegenhouden’. Dat wordt regelmatig gepost op hun Facebook-, Telegram-, Tik Tok- en Instagram-accounts.

    BioTexCom schaamt zich niet voor deze business-as-usual aanpak in oorlogstijd. In zijn schriftelijke reactie zegt Totsjilovsky dat het bedrijf actief vrouwen werft uit recent bevrijde gebieden in Oekraïne: ‘We hebben een groot tekort aan draagmoeders, het aantal potentiële klanten is drie keer zo groot als het aantal draagmoeders.’

    ‘Absolute onvruchtbaarheid bestaat niet’

    Draagmoederschap is wereldwijd een controversiële kwestie. Commercieel draagmoederschap werd in 2015 verboden in Thailand en Nepal en in 2019 in India, na een reeks ophefmakende schandalen over uitbuiting en beschuldigingen van dubieuze ethiek. De vraag naar draagmoederschap verdween daarmee echter niet, maar verschoof naar landen zoals Oekraïne, waar het proces vergeleken met veel andere landen minder duur is en minder zwaar gereguleerd. 

    De vereisten voor draagmoederschap in Oekraïne zijn eenvoudig. De aanvraag moet afkomstig zijn van een getrouwd, heteroseksueel stel dat kan aantonen medisch niet in staat te zijn om kinderen te krijgen en dat bereid is om minstens de helft van de genetische link van het kind te leveren via sperma of embryo. BioTexCom adverteert op zijn website met pakketten vanaf slechts 40.000 dollar. Gemiddeld kost draagmoederschap bij BioTexCom 40.000 tot 50.000 dollar; een all inclusive VIP-pakket kost volgende de website 71.000 dollar. Dat is aanzienlijk minder dan wat draagmoederschap in de Verenigde Staten kost: experts en bedrijven schatten dat de gemiddelde prijs daar boven 100.000 dollar ligt.

    Kenners van de Oekraïense draagmoederindustrie van voor de oorlog schatten dat jaarlijks bijna de helft van de 2000 tot 2500 zwangerschappen van draagmoeders in het land voor rekening van BioTexCom kwam. In februari 2023 meldde het bedrijf dat zeshonderd gezinnen gebruik hebben gemaakt van zijn diensten in de eerste elf maanden na de Russische invasie. Als elk gezin gemiddeld 50.000 dollar heeft betaald, zou BioTexCom dus 30 miljoen dollar hebben binnengehaald.

    Met als motto ‘Absolute onvruchtbaarheid bestaat niet’ promoot BioTexCom een reeks diensten zoals ‘de grootste (eicel)donordatabase van Europa’, afkomstig van vijftienhonderd middle-class Oekraïense vrouwen. Maar ook ‘innovatieve’ mitochondriale vervangingstherapie, die zwangerschap garandeert. Tot de opties behoort ook pPre-implantatie genetische screening’ (PGS), een controversiële behandeling die wordt gebruikt voor geslachtsselectie. Het bedrijf biedt accommodatie in eersteklas hotels in Kyiv en belooft de geboorteakte van het kind te regelen. Dat is allemaal onderdeel van het pakket, aldus de website.

    Tegelijkertijd zijn duizenden jonge Oekraïense vrouwen afhankelijk van deze industrie om te overleven. BioTexCom adverteert op bussen en via sociale media en heeft medewerkers in dienst om jonge vrouwen te werven in heel Oekraïne, zo zeggen vrouwen die als draagmoeder hebben gewerkt. Die Welt interviewde zeven Oekraïense draagmoeders van BioTexCom, op voorwaarde van anonimiteit. De meesten zeiden spijt te hebben van hun beslissing.

    Zo vertelt Victoria aan Die Welt dat ze haar gewelddadige partner had verlaten en geld nodig had om een huis te kunnen kopen. BioTexCom betaalde haar in 2018 in totaal 12.000 euro voor drie zwangerschapspogingen, waarvan er uiteindelijk een succesvol was. Nadat het kind was geboren, werd Victoria volledig weggehouden van de baby; ze zei dat ze hem niet mocht voeden of bezoeken, wat ze schokkend en verontrustend vond.

    ‘Het kind werd niet aan mijn borst gelegd, ik had niet het recht om hem te voeden, ik had niet het recht om hem te zien,’ zei ze. ‘Ik was bevallen, had alles gegeven en dat was het. Ik moest huilen en schreeuwde over de afdeling. Ik kon het niet verdragen, ik voelde me slecht, ik droomde over het kind.’ Maar, voegt ze eraan toe, ze kalmeerde toen ze de vader van de baby zag. ‘Toen wist ik dat ik het niet voor niets had gedaan, dat ik twee mensen gelukkig heb gemaakt die hun hele leven van een kind hebben gedroomd,’ zegt ze.

    Tatjana, een 41-jarige vrouw uit de Noord-Oekraïense stad Tsjernihiv, zegt dat ze gezondheidsklachten kreeg na haar draagmoederschap in 2014-2015. ‘Ik maak me zorgen om mensen die de armoede hopen te ontlopen en via het programma voor draagmoederschap geld willen verdienen om een huis te kopen. Ik wil niet dat het met hen afloopt zoals het met mij is gegaan, ik wil ik ze waarschuwen.’

    Ze beweert dat BioTexCom-medewerkers begonnen te lachen toen ze hulp vroeg om noodzakelijke medicijnen te kunnen betalen. In 2018 sloot ze zich aan bij andere voormalige draagmoeders die hun klachten deelden met het Openbaar Ministerie in een zaak die nooit de rechtbank heeft gehaald. Tatjana zegt dat artsen haar baarmoederhals, baarmoeder en eierstokken hebben verwijderd. Sindsdien is ze twintig keer bestraald en is ze begonnen met chemotherapie tegen kanker. ‘Ik kampte met aandoeningen van maag, blaas, nieren en milt,’ zegt ze.

    Overijverige aanklagers

    In zijn verklaring verwerpt Totsjilovsky hun klachten en zegt dat het bedrijf voldoende medische zorg biedt aan de draagmoeders.

    Olga, uit de regio Zjytomyr, ongeveer 140 kilometer ten westen van Kyiv, zegt dat artsen in 2014 haar baarmoeder volledig verwijderden nadat de baby die ze droeg stierf tijdens de zwangerschap. Haar klacht maakte deel uit van het onderzoek dat later werd stopgezet. Een andere voormalige draagmoeder, Nadia, spande een rechtszaak aan tegen de kliniek wegens gezondheidsschade. Die klacht is officieel geregistreerd en ligt nog bij een van de rechtbanken in Kyiv, zegt ze.

    Anna, een voormalige verpleegster van BioTexCom die in de buurt van Rivne woont, 330 kilometer ten westen van Kyiv, vertelde Die Welt dat ze een ziek kind adopteerde nadat de Chinese biologische ouders weigerden het mee naar huis te nemen. Ze zegt dat dat vaker voorkomt als baby’s worden geboren met medische of gezondheidsaandoeningen.

    Die Welt kreeg een reeks documenten van BioTexCom in handen – daterend van 2014 tot 2017 – waaruit blijkt hoe weinig draagmoeders betaald kregen. Vrouwen ontvingen 100 tot 200 euro voor elke embryotransfer en hetzelfde bedrag voor een succesvolle zwangerschap en de bijkomende onderzoeken. Voor eiceldonaties werd 500 euro per eicel betaald. In de VS kan dat oplopen tot 10.000 dollar per eicel. Elk contract varieert, maar gemiddeld kregen draagmoeders 8.000 tot 12.000 euro voor het dragen van een kind tot en met de geboorte. BioTexCom rekende klanten vaak het vijfvoudige van dat bedrag.

    Een andere set documenten, die bekend staan als ‘protocollen’, laat zien hoe vijf vrouwen tussen de 27 en 35 jaar instemden met meerdere embryotransplantaties, een procedure waarvan bekend is dat er een hoger risico op complicaties aan verbonden is. Het toestemmingsformulier van één pagina bevatte zinnen als: ‘In geval van onvoorziene situaties of complicaties ga ik er bij voorbaat mee akkoord om alle noodzakelijke maatregelen te treffen ter voorkoming van complicaties.’ Volgens het formulier kunnen ‘complicaties, risico’s en andere gevolgen’ voorkomen, maar er staat niet bij wat de gezondheidsrisico’s of mogelijke gevolgen op lange termijn dan zijn.

    In het onderzoek van de voormalige openbare aanklager beweren sommige voormalige draagmoeders dat BioTexCom hun nooit heeft betaald, noch verantwoordelijkheid heeft genomen voor hun gezondheidsproblemen en hen onvoldoende heeft gewaarschuwd voor de risico’s die ze liepen door draagmoeder te worden.

    Totsjilovsky gaat in zijn schriftelijke verklaring niet in op specifieke gevallen, maar erkent dat sommige vrouwen een klacht hebben ingediend over het bedrijf. Velen van hen, beweert hij, worden opgejut door overijverige aanklagers. ‘We hebben enkele klachten ontvangen van draagmoeders die beweren dat ze door de aanklagers gedwongen werden om te zeggen wat die graag wilden horen en niet wat de draagmoeders eigenlijk zelf wilden zeggen,’ zegt hij. En dat terwijl het bedrijf zich volgens hem bekommert om het welzijn van de draagmoeders, hun medische zorg serieus neemt en hun compensatie onlangs nog heeft verhoogd naar een bedrag dat in de buurt komt van 20.000 dollar. ‘Alle draagmoeders krijgen uitgebreide controles en gesprekken met het medische team, en ze krijgen alle noodzakelijke informatie,’ aldus Totsjilovsky.

    Desondanks zeggen externe experts dat het proces van het voldragen en vervolgens afstaan van een baby het risico van zowel fysieke als psychologische complicaties met zich meebrengt. Sommigen zijn bezorgd over het gebrek aan toezicht in Oekraïne.

    ‘Pleitbezorgers voor de gezondheid van vrouwen zijn ernstig bezorgd om het gebrek aan regelgeving’

    Katie Hasson, adjunct-directeur van het Center for Genetics and Society in Oakland, Californië, houdt zich al jaren bezig met de ethische aspecten van menselijke genetische en reproductieve technologieën. Ze zegt dat draagmoederschap een belangrijk thema is geworden nu het deel uitmaakt van de reguliere vruchtbaarheidspraktijk. ‘Pleitbezorgers voor de gezondheid van vrouwen en vrouwenrechten zijn ernstig bezorgd om het gebrek aan regelgeving ter bescherming van draagmoeders en leveranciers van eicellen in Oekraïne,’ zegt ze.

    Meer specifiek, zegt Hasson, gaan sommige medische procedures die BioTexCom en andere internationale bedrijven voor draagmoederschap aanbieden, gepaard met aanzienlijke gezondheidsrisico’s voor vrouwen. Het implanteren van meerdere embryo’s in draagmoeders om de kans op een succesvolle zwangerschap te vergroten of omdat aanstaande ouders twee kinderen willen, verhoogt volgens haar het risico aanzienlijk op complicaties voor zowel de baby’s als voor de draagmoeders.

    Naarmate de vruchtbaarheidswetenschap voortschrijdt, wordt de behoefte aan voorzorgsmaatregelen groter. ‘Een onbewezen en riskante techniek, die bekendstaat als “mitochondriale overdracht” bijvoorbeeld, houdt in dat materiaal van de eicellen van twee verschillende vrouwen wordt gecombineerd,’ zegt Hasson. ‘Dat is in de VS verboden, maar in Oekraïne prijzen sommige klinieken het aan als een manier om algemene onvruchtbaarheid aan te pakken, hoewel er geen bewijs voor deze claim is.’

    Op 9 mei van dit jaar meldde de Britse krant The Guardian dat in het Verenigd Koninkrijk de eerste baby was geboren met DNA van drie mensen via mitochondriale overdracht. Ondertussen leeft echter ook de zorg dat het toestaan van dit soort procedures de deur opent naar erfelijke genetische modificaties, oftewel designer baby’s, aldus Hasson.

    Geen veilige plekken

    De oorlog in Oekraïne heeft de harde realiteit van draagmoederschap in het Oost-Europese land blootgelegd, die in vredestijd grotendeels verborgen bleef of verdoezeld werd. Maryna Legenka, vicevoorzitter van de ngo voor mensenrechten La Strada-Oekraïne, heeft twijfels over de veiligheid van draagmoederschap tijdens de oorlog, ondanks het potentiële geluk dat het aanstaande ouders kan brengen. ‘Er zijn vandaag de dag geen plekken in Oekraïne waar het veilig is,’ zegt ze. ‘Alle klinieken kampen met ernstige problemen.’

    Legenka, wier ngo honderden draagmoeders heeft ondersteund, zegt dat de meeste Oekraïners tegen draagmoederschap zijn en dat er een stigma kleeft aan vrouwen die ervoor kiezen. ‘De overgrote meerderheid van de vrouwen die als draagmoeder een kind dragen, verbergt voor de maatschappij dat ze in zo’n programma zit. Ze verbergen het vaak zelfs voor hun eigen familie.’

    Maria Dmytrieva, een Oekraïense activist voor vrouwenrechten en programmadirecteur van het Democracy Development Center in Kyiv, is fel tegenstander van draagmoederschap. ‘De bescherming van vrouwen in Oekraïne is verschrikkelijk,’ zegt ze, en ze omschrijft draagmoederschap als ‘slavernij’.

    ‘In de wetgeving en de praktijk is er maar weinig interesse voor deze kwesties. De biologische moeder die de baby draagt, heeft geen rechten. Ze is wettelijk geen moeder, heeft geen rechten op de baby en geen recht op een medische procedure als er complicaties optreden,’ zegt ze. ‘Dit zijn dingen die uiteindelijk worden bepaald door de wensouder en de kliniek voor draagmoederschap.’

    Legenka van La Strada heeft gelijkaardige zorgen. Ze wijst erop dat sommige contracten voor draagmoederschap beperkingen opleggen voor het dagelijkse leven van vrouwen, zoals een verbod om meer dan drie kilogram te tillen en andere instructies, zoals wat ze mogen eten. ‘De beperkingen in de contracten met draagmoeders – bedoeld om het risico op vroegtijdige beëindiging van de zwangerschap te verkleinen – verbieden hun vaak om hun eigen kinderen op te halen of om boodschappen te dragen die nodig zijn om ze te voeden,’ zegt ze.

    Commercieel draagmoederschap is illegaal in de meeste Europese landen, het Verenigd Koninkrijk, Canada en Australië. Maar andere landen zetten juist stappen om aan de vraag te voldoen. Veel van die landen hebben ontoereikende regelgeving en handhaving ervan is laks. 

    ‘BioTexCom lijkt een soort fabriek die zorg voor draagmoeders niet vooropstelt, we raden ze niet aan’

    Nadat hij zelf ouder was geworden via draagmoederschap in India, richtte Sam Everingham in zijn woonplaats Sydney Growing Families op, een adviesbureau voor draagmoederschap. De afgelopen tien jaar adviseerde hij gezinnen die via draagmoederschap een kind willen. Hij zegt dat BioTexCom ‘opereert in een grijze zone’ en dat het bedrijf de risico’s vergroot in een toch al ingewikkelde procedure. ‘BioTexCom lijkt een soort fabriek die zorg voor draagmoeders niet vooropstelt,’ zegt hij. ‘We raden ze niet aan. Maar ze beschikken over een enorme marketingmachine, vooral online, en ze zijn goedkoop, dus ze zijn nog steeds populair.’

    Ook Sylvie Mennesson, voorzittter van CLARA, een Parijse ngo die onvruchtbare stellen bijstaat met advies over draagmoederschap – ondanks het feit dat het proces illegaal is in Frankrijk – vindt dat ouders met een kinderwens Oekraïne moeten mijden. ‘Als er problemen ontstaan, zullen ze die niet oplossen. Vooral als de baby prematuur is. Het is niet alleen een ethische, maar ook een medische kwestie,’ zegt ze. ‘Het gaat uiteindelijk ook om het belang van het kind. Welk verhaal ga je ze vertellen? Wie wil er nou te midden van bommen geboren worden? We weten niet wat de impact op het kind zal zijn.’

    Tattoo met logo

    De feministische activist Marie-Josèphe Devillers, auteur van Towards the Abolition of Surrogate Motherhood [Op weg naar afschaffing van draagmoederschap] zegt dat Europeanen die betalen voor toegang tot de lichamen van Oekraïense vrouwen een al afschuwelijke situatie nog veel erger maken. ‘Het is neoliberale uitbuiting. Een marktgedreven winstoogmerk dat het individu, dat koste wat het kost een baby wil, boven het collectieve goed stelt dat vrouwen beschermt,’ zegt ze.

    Natuurlijk zijn er ook positieve verhalen over BioTexCom. Honderden nieuwe gezinnen hebben video’s online gezet waarin ze BioTexCom bedanken. Ze komen uit landen als Australië, Brazilië en China en hun vreugde en tevredenheid over het nieuwe ouderschap kent geen grenzen. Een gelukkig Spaans koppel liet zelfs het logo van BioTexCom als tatoeage zetten.

    Maar BioTexCom is niet onbekend met controverse, en net zomin als voor Tanya is er voor veel buitenlandse gezinnen die voor het bedrijf kiezen sprake van een happy end. In 2011 leverde BioTexCom zonder bevestigde DNA-link een kind af aan een Italiaans stel in Brescia. Volgens berichten in de media moest het echtpaar na jarenlange rechtszaken in Italië het kind ter adoptie afstaan. In de loop der jaren doken er ook andere verhalen op. In maart 2011 werden een Franse vader en zoon betrapt toen ze twee baby’s in een busje over de grens van Oekraïne naar Hongarije smokkelden. Hun ambassade had geweigerd de paspoorten van de kinderen goed te keuren omdat draagmoederschap in Frankrijk illegaal is.

    Voormalige klanten vertelden Die Welt over hun persoonlijke trauma’s of tragedies die verband hielden met het bedrijf. Zo vertelde het Duitse stel Anke en Ingo, dat anoniem wil blijven, dat ze kort na thuiskomst in 2020 een mysterieuze e-mail ontvingen van een medewerker van BioTexCom, waarin stond dat er een misverstand was met een ander Duits koppel over hun tweeling. Ze vreesden dat ze de wet hadden overtreden en namen contact op met de andere ouders. In het geheim verwisselden ze de kinderen zodat hun zoon Anton, die was verwisseld met een andere jongen, weer kon worden herenigd met zijn broer. ‘Als we ze het babyalbum van hun eerste levensdagen laten zien, zullen we moeten zeggen “Dit ben jij niet, Anton”,’ zegt Anke.

    Een andere Duitse vrouw, Inge, besloot in 2016 niet door te gaan met het draagmoederschap, ook al had ze al meer dan 11.000 dollar uitgegeven en had ze haar eicellen geleverd. Ondanks vele verzoeken heeft BioTexCom nooit haar eicellen teruggegeven, zegt ze. ‘We hebben onze embryo’s nooit teruggekregen. Het is mogelijk dat ze die in een andere zwangerschap hebben gebruikt. Maar we kunnen het niet bewijzen,’ zegt ze. Totsjilovsky betwist dat en zegt dat ‘we het materiaal van onze patiënten op hun verzoek altijd vrijgeven’.

    Wet en politiek

    Voor de oorlog had de regering van president Volodymyr Zelensky gezworen om de Oekraïense economie te hervormen en het politieke systeem te verbeteren. Dat werd vaak bekritiseerd omdat het de rijke en machtige elite in staat stelde om oneerlijke voordelen te behalen via een netwerk van wetshandhaving, zakelijke en politieke belangen.

    Kovaltsjoek, de voormalige aanklager, vertelde Die Welt over de moeilijkheden die hij en anderen ondervonden toen ze Totsjilovsky wilden aanklagen. Na een onderzoek dat een reeks kantoorinvallen omvatte, werd Totsjilovsky in 2018 officieel aangeklaagd, maar in 2019 liep de zaak spaak en bleef Totsjilovsky een vrij man. ‘Albert en zijn advocaat vertelden me openlijk dat ik niet langer als openbare aanklager kon blijven werken als ik de zaak voor de rechter zou brengen,’ zegt Kovaltsjoek. Hij werd daarna – na veertien jaar dienst als openbaar aanklager – daadwerkelijk uit het BioTexCom-onderzoek gehaald.

    Totsjilovsky zegt dat hij niet verantwoordelijk is voor het ontslag van aanklagers en laat in een verklaring weten inderdaad contact te hebben met Oekraïense politici, maar niet te lobbyen ‘voor mijn bedrijf of voor het beschermen van mezelf in strafzaken. Ik streef ernaar om nieuwe veelbelovende industrieën te ontwikkelen’. Ondertussen is wel duidelijk dat BioTexCom en Totsjilovsky prominente aanhangers hebben, in het bijzonder Vitali Koepri, voormalig parlementariër en presidentskandidaat in 2019, die in augustus 2018 een aflevering van zijn tv-programma wijdde aan het verdedigen van BioTexCom.

    Koepri, voormalige vicevoorzitter van de juridische toezichtscommissie van het Oekraïense parlement, vertelde Die Welt in 2018 dat hij van Totsjilovsky’s advocaten klachten had ontvangen over het onderzoek naar kinderhandel door het Openbaar Ministerie. ‘Ik heb die zaak nader bekeken,’ zegt hij in een WhatsApp-bericht. ‘Voor zover ik heb begrepen heeft BioTexCom besloten geen steekpenningen te betalen, maar juridische middelen te gebruiken om zijn rechten en belangen te verdedigen.’

    Het meest schokkende aan de beschuldigingen van de voormalige aanklager is dat BioTexCom documenten en DNA-tests vervalste om kinderen die in Oekraïne waren geboren te kunnen verkopen aan ouders die genetisch niet aan hen verwant waren. ‘Ook als er van elke duizend kinderen slechts één (illegaal) verkocht wordt, vaagt dat alle goede, humane bedoelingen weg die de kliniek zichzelf gesteld heeft. Ik vind dat onacceptabel,’ zegt Kovaltsjoek. Maar Totsjilovsky verwerpt zijn beweringen en roept de aanklager op om met DNA-bewijs te komen.

    ‘Voor mij als onderzoeker was het psychologisch zwaar omdat elk van hen die haar levensverhaal vertelde, een tragisch verhaal had’

    Volgens Kovaltsjoek kwamen tal van vrouwen die van 2013 tot 2017 draagmoeder waren, met tientallen beschuldigingen, waaronder beweringen dat BioTexCom hun niet had betaald en niet had gecompenseerd voor een mislukte zwangerschap of voor de kosten van medische complicaties die zich voordeden tijdens het draagmoederschap. ‘Voor mij als onderzoeker was het psychologisch zwaar omdat elk van hen haar levensverhaal begon te vertellen,’ zegt hij. ‘Degenen die durfden te praten, hadden allemaal een tragisch verhaal.’

    Het Openbaar Ministerie beweert dat er sprake is van belastingontduiking waarbij tientallen miljoenen aan BioTexCom-gelden zijn weggemoffeld via offshorebedrijven die geregistreerd staan op de Seychellen of in Letland, Cyprus en Tsjechië.

    Totsjilovsky, die tijdens het onderzoek in 2018 twee maanden onder huisarrest stond, vertelt Politico en Die Welt in zijn schriftelijke reacties dat de aanklagers geen bewijs hebben kunnen leveren en geen enkel voorbeeld van kinderhandel konden vinden. Dat kinderen aan ouders werden geleverd zonder DNA-link was gewoon een menselijke fout, zegt hij, en hij beweert dat het Openbaar Ministerie de omvang van deze kwestie overdrijft. ‘We doen zelf een verplichte DNA-test, dat hoort gewoon bij het pakket,’ zegt hij. Hij zegt ook dat hij nooit is veroordeeld voor een misdaad die verband houdt met zijn werk met draagmoeders.

    Volgens Totsjilovsky probeerden machtige figuren uit de vorige regering van Oekraïne hem af te persen. ‘Ze wilden gewoon geld verdienen,’ zegt hij. ‘Net als in Rusland gebeurt het hier vaak dat wetshandhavers erg rijk zijn, omdat ze betrokken raken in andermans zaken,’ zegt hij. Hij heeft geen bewijzen overgelegd om deze beschuldigingen te staven.

    Niets te verbergen

    Op de dag dat Die Welt de kliniek van BioTexCom in Kyiv bezocht, eind december 2022, zaten tientallen draagmoeders geduldig in de ontvangsthal het resultaat van hun medische onderzoeken af te wachten. Het team van Die Welt kreeg te horen dat ze alles mochten filmen. ‘We hebben niets te verbergen,’ zei Totsjilovsky met een glimlach toen hij hen welkom heette.

    Volgens zijn website is Totsjilovsky larger-than-life, een ‘zakenman, filantroop en publiek figuur,’ die zich op zijn gemak voelt bij internationale media en critici uitdaagt. Maar als hem wordt gevraagd hoeveel baby’s er in oorlogstijd zijn geboren, wordt hij minder direct en schat hij de geboortes per maand in het vroege voorjaar op slechts dertig. ‘We overleven, maar draaien nu met verlies omdat we veel onkosten en een groot team hebben en heel weinig programma’s.’

    Hij ontkent miljonair te zijn geworden door het draagmoederschap. ‘Ik heb rijke familieleden,’ zegt hij. ‘Ik heb veel geld geleend.’

    In werkelijkheid is er nog weinig gedaan om de industrie te reguleren

    In de loop der jaren heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verschillende zaken over draagmoederschap behandeld. Hoewel de meeste uitspraken ouders bevoordelen ten opzichte van nationale wetten, tonen ze de complexe aard van de Europese wetgeving in deze kwesties. Het is duidelijk dat er geen consensus bestaat over draagmoederschap. Binnen het Parentage/Surrogacy Project worstelden internationale juridische experts in Den Haag de afgelopen tien jaar alleen al met het ontwikkelen van een kader, laat staan dat ze zijn gekomen tot implementatie van regelgeving voor deze wereldwijde handel. Het Comité voor de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties steunde in februari 2021 de ‘Verona-principes’ om richtlijnen te ontwikkelen ter bescherming van kinderen uit draagmoederschap. Het Europees Parlement veroordeelde draagmoederschap in mei 2022 en roept in een rapport over de oorlog in Oekraïne op tot ‘bindende maatregelen’ om vrouwen en kinderen te beschermen.

    Maar in werkelijkheid is er nog weinig gedaan om draagmoeders mondiger te maken, kinderen te beschermen en de industrie te reguleren. Een persvoorlichter van de Europese Commissie zegt dat draagmoederschap niet onder haar bevoegdheid valt. ‘De EU heeft geen bevoegdheden om wetgeving aan te nemen die nationale wetten harmoniseert over familierecht in het algemeen en over methoden van menselijke voortplanting met behulp van draagmoeders in het bijzonder,’ zegt ze.

    Volgens een woordvoerder van Europol, het Europese agentschap voor wetshandhaving dat onder meer mensenhandel bestrijdt, ‘moet de kwestie van draagmoederschap – die buiten ons mandaat valt – worden behandeld op nationaal niveau’. Organisaties van de Verenigde Naties, of ze nu bedoeld zijn om mensenrechten, vrouwen of kinderen te beschermen, weigerden commentaar of gaven vergelijkbare antwoorden waarin de verantwoordelijkheid wordt afgewezen.

    Everingham van Growing Families zegt dat regeringen zoals die van Australië draagmoederschap openlijk kunnen ontmoedigen, net als in Europa, maar weinig kunnen doen om de wet te handhaven en om verwarrende binnenlandse of internationale geschillen te voorkomen. ‘Het zou verschrikkelijk zijn om nieuwe ouders gevangen te zetten wegens het stichten van een gezin,’ zegt hij.

    Wetgeving

    Het streven van Oekraïne om EU-lidstaat te worden – in juni 2022 kreeg het land de status van kandidaat-lidstaat – zou voor ambtenaren aan beide zijden een punt van aandacht kunnen zijn om de industrie verder te reguleren.

    Er zijn tekenen dat Oekraïne stappen onderneemt om het toezicht te vergroten. In april van dit jaar werd een wetsontwerp voor het parlement opgesteld om draagmoederschap voor buitenlanders te verbieden, maar er werd niet gespecificeerd wanneer het zal worden behandeld. De Oekraïense commissie voor gezondheidszorg buigt zich momenteel over het voorstel.

    ‘De status van deze wetgeving is onbekend,’ zegt Maria Dmytrieva van het Democracy Development Center. In dit stadium kan het nog alle kanten op wat betreft de vraag of de wet wordt aangenomen. We proberen meer informatie te krijgen over de details.’ 

    ‘De wetgeving garandeert noch de bescherming van de rechten van de moeder noch die van het kind’

    Maar het staat laag op de prioriteitenlijst zolang er een oorlog wordt uitgevochten waar geen einde aan lijkt te komen. ‘Het probleem zit in onze wetgeving zelf,’ zegt voormalig aanklager Kovaltsjoek. ‘Die garandeert noch de bescherming van de rechten van de moeder, noch die van het kind. In het algemeen is er op dit gebied praktisch niets geregeld. En daar profiteren gewetenloze klinieken van.’

    Totsjilovsky vecht tegen het wetsvoorstel. ‘We hopen dat de wet niet aangenomen wordt,’ zegt hij, maar hij laat ook weten dat BioTexCom ‘voorbereidingen treft om vestigingen op te zetten in Georgië en Kazachstan om klaar te zijn voor elk denkbaar scenario’.

    Tot op de dag van vandaag is Tanya onzeker en gefrustreerd door het gebrek aan duidelijkheid en uitleg van BioTexCom. Het bedrijf reageerde na het bezoek van haar man niet meer op haar telefoontjes en e-mails, zegt ze. Ze nam contact op met Interpol om een claim in te dienen, maar sinds de pandemie uitbrak, heeft ze van dat internationale agentschap niets meer gehoord.

    Zij en haar man besloten toch verder te gaan met draagmoederschap in de VS en hebben nu een zoontje. ‘Het verhaal eindigt dus niet tragisch,’ zegt ze. Maar ze zegt wel dat ze zich de rest van haar leven zal afvragen wat er met dat embryo is gebeurd en of er ergens een kind opgroeit zonder ooit zijn biologische ouders te kennen. ‘Ik moest er altijd veel om huilen en was er altijd boos over,’ zegt Tanya. ‘Maar wat de situatie ook is, ik kan er niet veel aan doen. Dus daar heb ik me maar bij neergelegd.’

    Lees ook:

  • Hoe Europese landen het geboortecijfer proberen op te krikken

    Hoe Europese landen het geboortecijfer proberen op te krikken

    Bijna overal in Europa proberen regeringen de geboortecijfers op te krikken. In het ene land gaat dit met meer succes gepaard dan in het andere. Eén ding staat in ieder geval als een paal boven water: geld alleen helpt niet.

    Het plan van minister Lisa Paus [de Duitse minister van Gezin, Senioren, Vrouwen en Jongeren] om de ouderschapsuitkering af te schaffen voor stellen met hogere inkomens is onderwerp van verhitte debatten. Ook de toekomst van de gescheiden belastingaanslag voor echtgenoten is binnen de Duitse coalitie een twistpunt. Maar is gezinsbeleid alleen in Duitsland controversieel? Hoe is de situatie in andere Europese landen? Hoe ontwikkelen de cijfers zich daar en welke tegemoetkomingen krijgen ouders en kinderen?

    Polen

    Spanje en Italië kijken misschien jaloers naar het geboortecijfer van Polen, maar vergeleken met zijn EU-buren komt Polen achteraan met 1,33 kind per gezin (in 2021). Zelfs het Familie 500+-programma heeft daar geen verandering in kunnen brengen. Sinds de partij PiS in 2016 aan de macht is, ontvangt elk gezin 500 złoty per kind per maand, ongeacht het inkomen, tot de achttiende verjaardag van het kind. Omgerekend is dat ongeveer 112 euro.

    De PiS-regering verwaarloost de gezondheidszorg, schaft seksuele voorlichting op scholen af, beperkt de toegang tot voorbehoedsmiddelen en staat abortussen alleen toe na verkrachting, incest of als het leven van de moeder gevaar loopt. Toch is het 500+-programma als belangrijke sociale beleidsmaatregel onomstreden. In de verkiezingscampagne overboden de PiS en zijn grootste tegenstander, de PO van Donald Tusk, elkaar met beloftes. De PiS heeft vanaf 2024 een kinderbijslag van 800 złoty beloofd. Hoe dat gefinancierd moet worden is onduidelijk.

    Dat het geboortecijfer nog steeds niet stijgt, komt volgens activisten voor vrouwenrechten mede door het verbod op abortus. Jonge vrouwen zijn bang om zwanger te worden. Er sterven regelmatig zwangere vrouwen in Poolse ziekenhuizen. In alle gevallen stierf de foetus in de baarmoeder. Als er niet snel wordt ingegrepen, leidt dat tot een fatale sepsis [een heftige reactie op een bacterie]. 

    Door een gebrek aan kinderopvangplaatsen is het vooral voor vrouwen ook moeilijk om weer aan het werk te gaan. Pas na de derde verjaardag van het kind is er recht op gratis kinderopvang. Het maakt de wetgever niet uit of de vader of de moeder ouderschapsverlof opneemt; degene die voor het kind zorgt, krijgt kinderopvangtoeslag. Om het geboortecijfer te verhogen, dragen verschillende steden bij aan de kosten van in-vitrofertilisatie (ivf). Onder de PO-regering gold dat voor het hele land, maar de PiS heeft deze maatregel stopgezet.

    Oostenrijk

    Wat betreft sociale uitkeringen voor ouders is Oostenrijk vrij royaal in vergelijking met de rest van Europa. Er is een inkomensafhankelijke ouderschapsuitkering van 80 procent van het inkomen, tot een maximum van 2100 euro per maand – als alternatief zijn er verschillende soorten forfaitaire regelingen, bijvoorbeeld voor mensen die voor de geboorte geen betaald werk hadden. Er is een gezinstijdbonus en een leeftijdsgebonden kinderbijslag. De regeringspartij ÖVP heeft zich onlangs zelfs uitgesproken voor uitbreiding van de kinderopvang vanwege het enorme tekort aan geschoolde arbeidskrachten en het hoge percentage deeltijdwerkers onder vrouwen.

    Op papier ziet het er allemaal goed uit, maar in de praktijk ontbreekt het belangrijkste: keuzevrijheid. Het blijft bij mooie woorden, en vooral in deelstaten waar de FPÖ in de regering zit, wordt symboolpolitiek bedreven. In Salzburg hebben de rechtspopulisten een ‘kuddepremie’ in het regeerakkoord laten opnemen, en ook in Neder-Oostenrijk wil de FPÖ ‘staatskinderbijslag’ voor ouders die hun kinderen thuis opvangen. De ‘kuddepremie’ bestaat in Opper-Oostenrijk al jaren. Tegelijkertijd bestaat er in alle conservatief geregeerde deelstaten een enorm tekort aan plekken op kinderdagverblijven. Gedurende bijna twee maanden per jaar, veel langer dan welke vakantie ook, is meer dan een tiende van de kinderdagverblijven gesloten. Salzburg heeft voor slechts 24 procent van de kinderen onder de drie jaar plek bij de kinderopvang.

    Ondertussen daalt het geboortecijfer (in 2021 was het 1,48). Het antwoord van de FPÖ, met ongeveer 30 procent de sterkste partij in de peilingen: ‘Oostenrijk is geen immigratieland. Daarom voeren we een geboortegericht gezinsbeleid.’ Dat gaat de partij doen door ‘prioriteit te geven aan het huwelijk tussen man en vrouw als een bijzondere vorm van bescherming van het welzijn van het kind’. ‘De opvang van kinderen binnen de zekerheid van het gezin heeft bij ons de voorkeur boven vervangende maatregelen van de overheid.’

    Groot-Brittannië

    De Britten worden van oudsher voornamelijk geregeerd door conservatieve Tories en die hebben als uitgangspunt dat de staat zo min mogelijk moet ingrijpen, lees: regelen of helpen. Voor ouders is er daarom weinig financiële steun. Wat er wel is, voor wie, wanneer en hoeveel, is bovendien behoorlijk ingewikkeld.

    De situatie van de moeder is altijd doorslaggevend (ongeacht of ze een natuurlijke moeder of een adoptiemoeder is). Als de moeder vóór de zwangerschap in vaste dienst was en in ieder geval het minimumloon verdiende, hebben de ouders recht op maximaal 39 weken door de staat betaald ouderschapsverlof, waarbij het aan de ouders is hoe ze deze 39 weken onderling verdelen. De eerste zes weken wordt 90 procent van het salaris van de moeder uitbetaald, zonder bovengrens. Deze periode van zes weken kan ook beginnen tijdens de zwangerschap, bijvoorbeeld als de moeder niet kan werken. Voor de resterende 33 weken is er slechts een maximum van ongeveer 172 pond (200 euro) per week. Als de moeder vóór de zwangerschap geen vast dienstverband had, kan de vader maximaal twee weken betaald ouderschapsverlof aanvragen, maar ook hij ontvangt dan slechts 172 pond per week. Als het huishouden als geheel weinig verdient, zijn er nog andere sociale uitkeringen mogelijk, zoals huursubsidie of een bijdrage in de kosten voor kinderopvang.

    De combinatie van relatief weinig financiële tegemoetkoming van de staat en de algemeen stijgende kosten van levensonderhoud heeft vanzelfsprekend gevolgen voor de manier waarop Britse gezinnen leven en werken. Het Office for National Statistics merkt op dat het sinds 2020 ‘gebruikelijk is dat beide ouders voltijds werken’, in tegenstelling tot vroeger, toen in het typische Britse gezin een tweede werkende ouder hoogstens een deeltijdbaan had. Gezinsbeleid is een terugkerend thema in het Verenigd Koninkrijk – maar geen centraal thema, althans niet voor de huidige Tory-regering. Premier Rishi Sunak heeft vijf doelen gesteld voor de verkiezingen van volgend jaar, en die gaan over vluchtelingen en de slechte economische situatie. Gezinnen komen er niet in voor.

    Spanje

    Rechtse partijen in Spanje willen meer prioriteit voor de verhoging van het relatief lage geboortecijfer (1,19 in 2021). Het gezinsbeleid van de linkse regering van premier Pedro Sánchez was daarentegen vooral gericht op het bevorderen van gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Tweeënhalf jaar geleden veranderde de regering de regels voor ouderschapsverlof en ouderschapsuitkering. Sindsdien hebben vaders in Spanje recht op dezelfde hoeveelheid ouderschapsverlof als moeders, namelijk zestien weken. En dat niet alleen: de eerste zes weken ouderschapsverlof direct na de geboorte zijn verplicht voor vaders. Daarna is het aan hen of ze het verdere ouderschapsverlof in één keer opnemen of in losse weken tot de eerste verjaardag van het kind. 

    Tijdens de ambtstermijn van Sánchez werd het ouderschapsverlof voor vaders steeds een beetje verlengd: van vier weken in 2018 naar acht, toen twaalf en uiteindelijk zestien weken. Vaders kunnen hun weken niet overdragen aan moeders. Hiermee voorkomt de Spaanse regering wat in Duitsland nog steeds gebruikelijk is: dat moeders aanzienlijk meer ouderschapsverlof opnemen dan vaders.

    Toen de laatste stap van dit beleid werd doorgevoerd, noemden veel feministen dat historisch. Werkgevers weten nu dat iedereen, man of vrouw, na de geboorte van een kind een tijdje thuis zal blijven. Er is echter ook kritiek: velen vinden de zestien weken ouderschapsverlof per partner te kort. Vooral omdat openbare kinderdagverblijven niet voor alle kinderen plek hebben. Als er dan evenmin genoeg geld is voor een oppas, zijn het uiteindelijk meestal de vrouwen die thuisblijven.

    Tijdens de bij elkaar opgeteld acht maanden ouderschapsverlof krijgen vaders en moeders in Spanje volledige looncompensatie. In Spanje bestaat in het algemeen echter geen kinderbijslag, die is er alleen voor kinderen met een handicap. Alleenstaande ouders of ouders met drie of meer kinderen ontvangen een eenmalige uitkering van 1000 euro na de geboorte.

    Italië

    Terwijl extreemrechts in Spanje er nog van droomt om de macht te grijpen, is dat in Italië al gelukt. Het is duidelijk dat het dramatisch lage geboortecijfer (1,25 in 2021) deze regering zorgen baart. Het aantal pasgeborenen daalde in 2022 voor het eerst onder de drempel van vierhonderdduizend. De bevolking van Italië daalt al jaren gestaag – tot 58,85 miljoen mensen bij de laatste telling – en zou kunnen krimpen naar 37 miljoen in 2060. De partij Fratelli d’Italia van premier Giorgia Meloni liet weten dat er geen ‘etnische vervanging’ zal plaatsvinden, dus geen ‘bevolkingsuitruil’ van Italianen tegen immigranten. Dit fascistische taalgebruik leidde tot een storm van verontwaardiging bij gematigde partijen.

    Tot nu toe heeft Meloni echter nog geen strategie om de bevolkingsafname tegen te gaan en daarmee de economie te voorzien van meer werknemers en het sociale stelsel van meer belastingbetalers. De nadruk op conservatieve gezinswaarden is duidelijk niet genoeg om het tij te keren. Er wordt gesproken over meer kinderopvang en hiervoor is zelfs 4,6 miljard euro beschikbaar, voornamelijk uit EU-fondsen. Maar de staat slaagt er niet in om landelijk meer kinderdagverblijven te bouwen. Zelfs een belastingvrije toelage van 950 euro per kind en de aanzienlijk verhoogde kinderbijslag onder de vorige regering van Mario Draghi blijken niet bevorderend te werken. 

    Al met al bevindt Italië zich wat betreft financiële steun voor kinderen in het laagste derde deel van de groep geïndustrialiseerde landen van de OESO. Er is geen sprake van gelijke voorwaarden voor vaders en moeders: moeders kunnen vijf maanden ouderschapsverlof nemen tegen 80 procent van hun salaris, vaders slechts tien dagen, tegen 100 procent van hun salaris.

    Frankrijk

    Frankrijk wordt in Duitsland vaak genoemd als rolmodel, en als je een van de belangrijkste doelen van gezinsbeleid – een groot aantal kinderen – als maatstaf neemt, is dat ook wel terecht. In Frankrijk worden aanzienlijk meer kinderen geboren, het land loopt al lang voorop in de EU en de staat werkt hier dan ook al sinds de Tweede Wereldoorlog aan. Hoewel het geboortecijfer de laatste tijd is gedaald, ligt het met ongeveer 1,8 kinderen nog steeds ver boven het Duitse cijfer, dat rond de 1,5 schommelt. Vrouwen blijven niet alleen minder vaak kinderloos, ze hebben ook vaker grote gezinnen met drie of meer kinderen.

    Daar zijn verschillende redenen voor. In 2020 bleek uit een vergelijkende studie van het Europees Centrum voor Economisch Onderzoek dat financiële factoren vooropstaan. Dankzij betere kinderopvang is het al tientallen jaren gemakkelijker om gezin en werk te combineren. Veel Franse vrouwen beginnen snel na de bevalling weer te werken. Tussen twee bevallingen verlaten ze de arbeidsmarkt meestal niet. De kleintjes worden ondergebracht bij een kinderoppas of in een kinderdagverblijf, waar echter een tekort aan plaatsen is. 

    Op driejarige leeftijd gaan ze naar de école maternelle, de kleuterschool. Ook in Frankrijk neemt het aantal kinderen af naarmate de ouders beter opgeleid zijn, maar lang niet zo veel als in Duitsland. Meer vrouwen werken fulltime. Dit alles bevordert de gelijkheid, maar vrouwen dragen nog steeds veruit de grootste lasten en ervaren dan ook veel stress.

    De sociale uitkeringen voor gezinnen liggen ver boven het EU-gemiddelde. Naast een geboortepremie is er kinderbijslag vanaf het tweede kind en een extra vaste uitkering voor drie of meer kinderen. Moeders hebben recht op minstens zestien weken betaald zwangerschapsverlof, dat vanaf het derde kind wordt verlengd. Ze kunnen tot drie jaar ouderschapsverlof aanvragen bij hun werkgever, maar krijgen ondertussen relatief weinig steun. Belastingtechnisch profiteren Franse stellen van een splitsingssysteem voor gezinnen dat in feite nauwelijks verschilt van het Duitse systeem; in plaats van kindertoeslagen zijn er echter extra splitsingsfactoren voor kinderen. De toeslag voor het derde kind is twee keer zo hoog als voor het tweede.

    Lees ook:

  • Voortplantingscrisis

    Voortplantingscrisis

    Het is moeilijk voor te stellen dat in deze wereld met een recordaantal van bijna 71 miljoen op drift geraakte burgers er naast een vluchtelingencrisis tegelijkertijd een waarachtige voortplantingscrisis bestaat. En toch is het zo.

    Al tientallen jaren worden er minder kinderen geboren. Hoezeer ook het beeld wordt geschapen dat Europese landen de meeste vluchtelingen moeten opnemen, zijn de grootste gastlanden in werkelijkheid Turkije, Pakistan, Oeganda, Soedan en Libanon. Sterker nog, het overgrote deel dat huis en haard moest verlaten – iets meer dan 41 miljoen – zijn mensen die in hun eigen land op de vlucht zijn geslagen en daar ook worden opgevangen. En hoezeer er ook gedacht mag worden dat het Europese continent ‘vol’ is, noemt de gemeente Fermoselle zich de hoofdstad van het lege Spanje met net zoveel wethouders als er kinderen staan ingeschreven: vijf namelijk. De laatste twee jaar werd er geen een kind geboren, nul.

    Ook Rusland, Hongarije, Zweden, Duitsland en Frankrijk weten van gekkigheid niet meer hoe ze hun vrouwelijke ingezetenen naar het kraambed kunnen lokken. Gratis ivf. Geld toe. Het kan niet op. In Denemarken, je zou er als jonge ouder een moord voor plegen, is twaalf maanden doorbetaald ouderverlof nog geen prikkel om aan gezinsuitbreiding te beginnen. Sociologe Anna Louie Sussman wijst slechte zowel als uitstekende sociale en economische omstandigheden aan als spelbreker bij gezinsuitbreiding. Welvaart spoort aan tot individualisme. En bij gebrek aan middelen doemt een onzekere toekomst op. Hoe het ook zit, er worden nog steeds te weinig baby’s geboren worden in het Scandinavische land, dat er alles aan doet om de bevolkingsgroei op peil te brengen. Als het maar niet met asielzoekende aanwas hoeft. De Deense premier Mette Frederiksen zei vrijwel direct na haar intrede immigratie zo veel mogelijk te willen inperken.

    Wie snapt het nog? Baby’s genoeg, maar blijkbaar gaat het om ‘eigen baby’s eerst’ en verhelpt immigratie uit over-bevolkte landen de vergrijzing niet. Om de leeftijdsopbouw stabiel te houden, rekende het Nederlands interdisciplinair demografisch instituut,  zou Nederland er in 2025 27 miljoen inwoners bij moeten hebben. Dan is gewone voortplanting handiger. Maar om daartoe te worden aangezet, zocht een groep wetenschappers van de Kansas University uit, is er juist een economische crisis nodig die mannen onzeker maakt over hun toekomst, waardoor ze hun genen willen verspreiden om uitsterven te voorkomen.

    Katrien Gottlieb
    gottlieb@360international.nl

  • Waarom we later en minder kinderen krijgen – terwijl we ze wel graag willen

    Waarom we later en minder kinderen krijgen – terwijl we ze wel graag willen

    Wereldwijd vertonen de vruchtbaarheidscijfers al enkele decennia een dalende lijn. De oorzaak moeten we zoeken in economische en sociale omstandigheden, die als onzichtbaar voorbehoedsmiddel dienen, schrijft Anna Louie Sussman. Een verklaring van de zogeheten voorplantingsmalaise.

    Keuze uit ons archief

    Nu bevolkingsrijke landen als China en India een steeds grotere middenklasse krijgen, daalt ook het wereldwijde geboortecijfer. Na het loslaten van de eenkindpolitiek in 2015, heeft China onlangs zelfs de driekindpolitiek ingevoerd om bevolkingskrimp te voorkomen. Maar zoals dit artikel van South China Morning Post stelt, zijn veel Chinese stellen door sociaal-economische factoren huiverig om een derde kind te nemen.

    Wat de grondslag achter dezelfde aarzeling in de westerse wereld om kinderen te nemen is, legt Anna Louie Sussman van The New York Times scherp bloot. Want het lage geboortecijfer ligt niet aan de afwezigheid van een kinderwens, zo schrijft Sussman, maar aan ‘het onvermogen van overheden en werkgevers om de combinatie werk en gezin mogelijk te maken; van de hele gemeenschap om de klimaatcrisis het hoofd te bieden zodat het stichten van een gezin geen onverantwoorde keuze lijkt; van de in toenemende mate ongelijke mondiale economie. In dit licht bezien is het krijgen van minder kinderen niet eens zozeer een keuze als wel een wrange consequentie van een aantal stuitende omstandigheden.’

    Dit artikel verscheen eerder in nummer 175 van 360 Magazine, februari 2020.

    In het najaar van 2015 doken ineens overal in Kopenhagen posters op. Op een ervan stond met grote, roze letters, dwars over een afbeelding van eendeneieren: ‘Heeft u vandaag uw eieren al geteld?’ Op een andere poster – een blauwige close-up van menselijk sperma – stond de vraag: ‘Zwemmen ze wel hard genoeg?’

    De posters, die deel uitmaakten van een campagne van de gemeenteraad om jonge Denen te herinneren aan het gestage tikken van hun biologische klok, viel niet bij iedereen in de smaak. De campagne werd bekritiseerd omdat jonge vrouwen gelijk zouden worden gesteld aan fokvee. De timing was ook niet al te gelukkig: Denen aanmoedigen om meer kinderen te krijgen terwijl op de televisie voortdurend beelden zijn te zien van Syrische vluchtelingen die door Europa trekken, riekt onbedoeld naar nativisme.

    © Getty Images
    © Getty Images

    Als er een land bestaat waarvan je zou verwachten dat het er wemelt van de baby’s, is het Denemarken wel. Het is een van de rijkste landen van Europa. Jonge ouders krijgen twaalf maanden doorbetaald ouderschapsverlof en de kinderopvang wordt zwaar gesubsidieerd. Vrouwen onder de veertig kunnen door de overheid betaalde ivf-behandelingen krijgen. Toch houdt het Deense geboortecijfer, met 1,7 kind per vrouw, min of meer gelijke tred met dat van de Verenigde Staten. Er is sprake van een voortplantingsmalaise in dit verder zo gelukkige land.

    Het zijn niet alleen de Denen. Wereldwijd vertonen de vruchtbaarheidscijfers al enkele decennia een dalende lijn – in landen met een gemiddeld inkomen, in arme landen, maar ook, en dat wekt misschien nog wel de meeste verbazing, in rijke landen.

    Kleine gezinnen

    Economische voorspoed gaat wel vaker hand in hand met een afnemende vruchtbaarheid en dat hoeft niet per se een slechte ontwikkeling te zijn. In het gunstigste geval betekent het betere scholing en betere kansen op de arbeidsmarkt voor vrouwen, een bredere acceptatie van de keuze om kinderloos te blijven en een hogere levensstandaard.

    Maar in het ergste geval is het een blijk van onvermogen: van overheden en werkgevers om de combinatie werk en gezin mogelijk te maken; van de hele gemeenschap om de klimaatcrisis het hoofd te bieden zodat het stichten van een gezin geen onverantwoorde keuze lijkt; van de in toenemende mate ongelijke mondiale economie. In dit licht bezien is het krijgen van minder kinderen niet eens zozeer een keuze als wel een wrange consequentie van een aantal stuitende omstandigheden.

    In de VS is de kloof tussen het aantal kinderen dat mensen willen en het aantal kinderen dat ze in werkelijkheid krijgen, groter dan in de afgelopen veertig jaar

    Uit onderzoeksgegevens over enkele tientallen jaren blijkt dat mensen steeds vaker de voorkeur geven aan een klein gezin. Maar ook wordt duidelijk dat in het ene na het andere land de feitelijke vruchtbaarheidscijfers sneller dalen dan de opvattingen over de ideale gezinsgrootte rechtvaardigen.

    In de Verenigde Staten is de kloof tussen het aantal kinderen dat mensen willen en het aantal kinderen dat ze in werkelijkheid krijgen, groter dan in de afgelopen veertig jaar. De Organization for Economic Cooperation and Development heeft onderzoek gedaan in 28 verschillende landen. In 2016 wilden vrouwen gemiddeld een gezin met 2,3 kinderen en mannen wilden een gezin met 2,2 kinderen. Maar slechts weinigen wisten dat te realiseren. Iets weerhoudt ons ervan het gezin te stichten dat we willen. Maar wat is dat dan precies?

    Op die vraag zijn er net zoveel antwoorden als er mensen zijn die er al dan niet voor kiezen zich voort te planten.

    Op landelijk niveau zijn er verschillende verklaringen voor wat demografen een ‘achterblijvende vruchtbaarheid’ noemen, variërend van de opvallende afwezigheid van gezinsvriendelijk beleid in de Verenigde Staten tot genderongelijkheid in Zuid-Korea tot een hoge werkloosheid onder jongeren in heel Zuid-Europa. Dat heeft geleid tot zorgen over publieke gelden en de stabiliteit van de arbeidsmarkt en in sommige gevallen heeft het bijgedragen aan een opkomende xenofobie.

    Maar dat gaat allemaal voorbij aan het grotere plaatje.

    screenshot 2020 02 19 at 14 35 53

    ‘Laatkapitalisme’

    Onze huidige versie van het mondiale kapitalisme – waaraan maar weinig landen en individuen kunnen ontsnappen – heeft ertoe geleid dat sommige mensen stuitend rijk zijn, terwijl vele anderen met moeite het hoofd boven water weten te houden.

    Deze economische omstandigheden genereren sociale condities die niet bevorderlijk zijn voor het stichten van een gezin: onze werkweek is langer en ons inkomen is lager, waardoor we minder tijd en geld hebben om iemand te ontmoeten, diegene beter te leren kennen en verliefd te worden. Onze steeds competitievere maatschappij vereist dat kinderen veel aandacht krijgen en dure opleidingen volgen, waardoor we ons meer en meer gaan afvragen wat voor toekomst we een kind kunnen bieden. Een leven vol moderne media drijft ons juist in een andere richting: scholing, werk, reizen.

    Naast deze economische en sociale dynamiek is er nog de verslechtering van onze leefomgeving, op manieren die het krijgen van kinderen niet bepaald bevorderen: steeds meer chemicaliën en giffen sijpelen ons lichaam binnen, verstoren onze endocriene systemen. Het lijkt erop dat er altijd wel een deel van de bewoonde wereld is dat in brand staat of is ondergelopen.

    Wie zich zorgen maakt over de teruglopende geboortecijfers omdat ze het sociale vangnet dreigen te ondergraven of omdat er in de toekomst niet voldoende arbeidskrachten zullen zijn, ziet over het hoofd waar het werkelijk om gaat: de dalende geboortecijfers zijn een symptoom van iets veel ingrijpenders.

    Het lijkt duidelijk dat het ‘laatkapitalisme’, zoals wij het noemen – dus niet alleen het economische systeem, maar alle bijbehorende vormen van ongelijkheid en vernedering, kansen en absurditeiten – de voortplanting dwarsboomt. Over de hele wereld functioneren de economische en sociale omstandigheden, en het milieu, als een vrijwel onzichtbaar voorbehoedsmiddel. En ja, dat fenomeen doet zich zelfs voor in Denemarken. De Denen hebben niet te kampen met de verschrikkingen van de Amerikaanse studentenschulden, onze torenhoge ziektekostenrekeningen of het ontbreken van fatsoenlijke regelingen voor ouderschapsverlof. Studeren is gratis. De inkomensverschillen zijn relatief klein. Om kort te gaan: veel van de factoren die jonge Amerikanen ervan weerhouden een gezin te stichten spelen in Denemarken domweg geen rol.

    De sociale acceptatie van vrijwillige kinderloosheid is zonder meer een stap in de goede richting, zeker voor vrouwen

    Toch gaan ook veel Denen gebukt onder de sombere gevoelens die het laatkapitalisme zelfs in rijke, egalitaire landen met zich meebrengt. De Denen hoeven zich geen zorgen te maken over hun primaire levensbehoeften en de kansen liggen voor het oprapen, maar ondertussen hebben ze toch moeite met alle beloften en de druk van hun schier onbeperkte vrijheid, waardoor het krijgen van kinderen op de lange baan wordt geschoven, of wordt gezien als een onaangename verstoring van een leven dat een heel ander soort genoegens en beloningen biedt – een interessante carrière, esoterische hobby’s, exotische vakanties.

    Natuurlijk zijn er veel mensen die ervoor kiezen om geen kinderen te krijgen, en de sociale acceptatie van vrijwillige kinderloosheid is zonder meer een stap in de goede richting, zeker voor vrouwen. Maar de stijging van het aantal vruchtbaarheidsbehandelingen in Denemarken en enkele andere landen (zoals Finland, waar het aantal kinderen dat met behulp van vruchtbaarheidsbehandelingen ter wereld is gekomen in minder dan
    tien jaar bijna is verdubbeld; in Denemarken gaat het om ongeveer een op de tien geboorten) suggereert dat dezelfde mensen die kinderen als een belemmering zien, ze uiteindelijk toch vaak willen.

    ‘Solomors’

    Kristine Marie Foss, een netwerkspecialist en eventmanager, had bijna haar kans voorbij laten gaan om moeder te worden. Foss, een elegante vrouw van vijftig met een innemende glimlach, heeft er altijd van gedroomd om de ware te vinden, maar met geen van haar vriendjes hield het lang stand. Ze is heel lang single geweest. Toen ze in de dertig en in de veertig was, werkte ze als interieurarchitect en heeft ze verschillende sociale netwerken opgezet (waaronder eentje voor singles, toen het nog niet ‘cool was om single te zijn’). Ze is veel vriendschappen aangegaan en heeft die verdiept.

    Pas op haar negenendertigste realiseerde ze zich dat het misschien wel eens tijd werd om serieus over kinderen te gaan nadenken. Bij een routinebezoekje aan de gynaecoloog dacht ze ineens tot haar eigen verbazing: ‘Als ik straks vijftig of zestig ben en ik heb geen kinderen, zal ik mezelf dat nooit vergeven,’ aldus Foss, die inmiddels moeder is van twee kinderen, van negen en zes, met behulp van een spermadonor. Foss maakt nu onderdeel uit van wat de Denen ‘solomors’ noemen, moeders die bewust single zijn, een groep die steeds groter is geworden sinds 2007, toen de Deense regering besloot ivf-behandelingen voor alleenstaande moeders te vergoeden.

    Er zijn mensen die de schuld voor de afnemende vruchtbaarheid op de een of andere manier bij de vrouwen proberen te leggen – omdat ze een egoïstische keuze zouden maken door het moederschap te schuwen, of omdat ze zich scharen achter een feministische visie die zich verzet tegen de beperkte rol van de vrouw. Maar het instinct om te onderzoeken hoe het leven eruitziet zonder kinderen, is niet voorbehouden aan vrouwen. In Denemarken zal een op de vijf mannen nooit vader worden, een percentage dat vergelijkbaar is met de Verenigde Staten.

    Anders Krarup is een 43-jarige softwareontwikkelaar uit Kopenhagen die onlangs zijn liefde voor vissen heeft herontdekt. In het weekend rijdt hij vaak naar de kust van Seeland, waar hij op zeeforel vist. Als hij niet met zijn start-up bezig is, gaat hij met vrienden naar een concert. Een gezin hoeft van hem niet zo nodig. ‘Ik ben heel tevreden met het leven dat ik nu leid,’ zegt hij.

    Zijn al deze keuzemogelijkheden niet precies wat het kapitalisme ons voorhield? We kregen voorgespiegeld dat we met de juiste opleiding, het juiste arbeidsethos en de juiste visie beroepsmatig succes konden behalen en een inkomen zouden kunnen vergaren dat we konden gebruiken om uit te groeien tot de meest interessante, cultureel ontwikkelde, uitgebalanceerde versie van onszelf. Ons werd te verstaan gegeven dat dit alles – leren, werken, creëren en reizen – belangrijk was en voldoening zou schenken.

    Trent MacNamara, verbonden aan de geschiedenisfaculteit van de Texas A&M University, houdt zich al een jaar of tien bezig met de opvattingen over vruchtbaarheid en het gezin. Economische omstandigheden zijn slechts een deel van het plaatje, merkt hij op. Wat misschien wel veel belangrijker is, zijn ‘de kleine morele signalen die we elkaar geven’, schrijft hij in een artikel dat nog moet uitkomen. Het gaat om ‘signalen die hun wortels vinden in bredere opvattingen over waardigheid, identiteit, transcendentie en betekenis’. In de moderne maatschappij hebben we andere manieren gevonden om betekenis te geven, identiteiten te vormen en ons te verhouden tot transcendentie.

    ’Binnen deze context’, aldus MacNamara, lijkt het krijgen van kinderen misschien niet veel meer dan een ‘wat wereldvreemde lifestylekeuze’, bij gebrek aan sociale signalen die het idee uitdragen dat het ouderschap mensen verbindt met ‘iets wat op een unieke manier waardig, waardevol en transcendent is’. Die signalen zijn steeds lastiger op te pikken of uit te zenden in een seculiere wereld waarin een kapitalistische ethiek – onttrekken, produceren, optimaliseren, verdienen, bereiken, groeien – de boventoon voert. Op plekken waar een ander waardesysteem prevaleert, kunnen nog altijd veel kinderen worden geboren. In de Verenigde Staten zie je bijvoorbeeld dat in gemeenschappen van orthodoxe of chassidische joden, mormonen en mennonieten, het geboortecijfer veel hoger is dan het landelijk gemiddelde.

    screenshot 2020 02 19 at 14 36 14

    Zingeving

    Lyman Stone, een econoom die onderzoek doet naar populaties, wijst op twee karakteristieken van het moderne bestaan die verband houden met lage geboortecijfers: het opkomende workism – een term die is gemunt door Derek Thompson, een schrijver van The Atlantic – en de afnemende religiositeit. ‘Mensen hebben een verlangen naar zingeving,’ aldus Stone. Zonder religie gaan mensen op zoek naar externe bevestiging, bijvoorbeeld in werk, dat ‘inherent nadelig is voor de vruchtbaarheid’ wanneer het een dominante culturele waarde wordt.

    Denemarken is geen land van workaholics, zegt hij, maar het land is wel in hoge mate seculier. In Oost-Azië, waar het vruchtbaarheidscijfer tot een van de laagste ter wereld behoort, geldt het allebei. In Zuid-Korea heeft de regering belastingmaatregelen ingevoerd om het krijgen van kinderen te stimuleren en men heeft de kinderopvang toegankelijker gemaakt. Maar door de combinatie van ‘excessief workism’ en het vasthouden aan de traditionele rolverdeling is het ouderschap er niet makkelijker op geworden, en het is met name een onaantrekkelijk perspectief voor vrouwen, die thuis een tweede baan wacht.

    Er is een enorm verschil tussen het leven in het kleine Denemarken, met de goede sociale voorzieningen en een grote mate van gendergelijkheid, en het leven in China, waar het sociale vangnet niet zo sterk is en vrouwen stelselmatig worden gediscrimineerd. Toch hebben beide landen een geboortecijfer dat de bevolking steeds meer doet krimpen.

    Denemarken laat zien hoe de kapitalistische waarden van individualisme en zelfverwezenlijking ook voet aan de grond kunnen krijgen in een land waar de ergste gevolgen ervan zijn afgevlakt. China daarentegen is een voorbeeld van een land waar diezelfde waarden de concurrentiestrijd zodanig aanwakkeren dat ouders het water aan de lippen voelen staan en termen gebruiken als ‘winnen vanaf de start’, waarmee wordt bedoeld dat ze hun kinderen al op zo vroeg mogelijke leeftijd zo veel mogelijk kansen willen geven. (Dat kan ver gaan: een onderzoeker vertelde me dat er zelfs ouders zijn die de bevruchting timen vanwege de toelating tot bepaalde scholen.)

    Het instinct om te onderzoeken hoe het leven eruitziet zonder kinderen is niet voorbehouden aan vrouwen

    Na tientallen jaren een eenkindpolitiek te hebben gevoerd heeft de Chinese regering in 2015 laten weten dat elk echtpaar twee kinderen mag krijgen. Ondanks deze maatregel is het geboortecijfer nauwelijks gestegen. In 2018 was het geboortecijfer in China 1,6.

    De Chinese overheid heeft lang gezocht naar manieren om de bevolking te sturen, om de kwantiteit te verkleinen teneinde de ‘kwaliteit’ te vergroten. Deze inspanningen richten zich meer en meer op wat Susan Greenhalgh, die aan Harvard onderzoek doet naar de Chinese samenleving, ‘het cultiveren van wereldburgers’ noemt, door middel van scholing en opleiding, als middel voor de Chinese bevolking en het land als geheel om een belangrijke rol te spelen in de mondiale economie.

    In de jaren tachtig van de vorige eeuw, zegt Greenhalgh, werd het opvoeden van kinderen in China meer en meer geprofessionaliseerd, volgens richtlijnen die werden opgesteld door experts op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en pedagogiek. Vandaag de dag is het grootbrengen van een kwaliteitskind niet langer alleen een kwestie van de nieuwste opvoedadviezen volgen; het gaat ook om de bereidheid er zoveel geld in te steken als maar nodig is.

    screenshot 2020 02 19 at 14 36 46

    Kwaliteitskind

    ‘Dit concept van het kwaliteitskind, een kwaliteitsmens, is doorgedrongen in de taal van de markt,’ zegt ze. ‘Het laat zich vertalen als: “Wat kunnen we voor het kind kopen? We moeten een piano in huis halen, we moeten dansles betalen, we moeten een Amerikaanse uitwisseling bekostigen.”’

    In gesprekken met jonge Chinezen die veel baat hebben gehad bij alles wat hun ouders in hen hebben geïnvesteerd, hoorde ik de woorden doorklinken van hun Deense leeftijdsgenoten. Wie over de juiste diploma’s beschikt, heeft de afgelopen decennia kansen gekregen waar zijn of haar ouders nooit van hadden kunnen dromen, en in vergelijking daarmee lijkt het krijgen van kinderen een zware last.

    ‘Ik heb het gevoel alsof ik nog maar net ben afgestudeerd, alsof ik nog maar net ben begonnen met werken,’ zegt Joyce Yuan, een 27-jarige tolk uit Beijing, die graag een MBA-opleiding wil gaan volgen buiten China. ‘Ik heb nog steeds het gevoel dat ik aan het begin van mijn leven sta.’

    De factoren die een negatieve invloed hebben op de vruchtbaarheid doen zich in het hele land gelden: op het platteland, waar nog altijd 41 procent van de bijna 1,4 miljard Chinezen woont, staat men niet te popelen om een tweede kind te nemen, en beleidsmakers lijken daar weinig tegen te kunnen uitrichten. Nadat de centrale overheid in 2013 besloot dat echtparen in het geval dat een van beide partners zelf enig kind was dispensatie konden krijgen om twee kinderen op de wereld te zetten, dienden in de hele provincie Xuanwei – een gebied met zo’n 1,25 miljoen inwoners – in de eerste drie maanden slechts 36 mensen daartoe een aanvraag in. ‘De ambtenaren die zijn belast met gezinsplanning wijten dit aan de economische druk die jonge mensen voelen,’ valt te lezen in een onderzoek naar China en vruchtbaarheid.

    In stedelijke omgevingen zijn veel scholings- en carrièremogelijkheden, en er heerst dan ook een veel competitievere sfeer. Maar overal in het land reageren echtparen op de druk van de hyperkapitalistische Chinese economie, waar mensen hun hele leven op z’n kop moeten zetten wanneer ze een kind krijgen en dat kind op het juiste pad willen zetten – het verkeerde pad betekent een moeizaam bestaan vol onzekerheid.

    Mijn eigen ervaring als Amerikaanse is in bepaalde opzichten Deens, in andere opzichten Chinees. Ik ben een van de gelukkigen: dankzij beurzen en de ongekende offers die mijn moeder heeft gebracht, heb ik kunnen studeren zonder een schuld op te bouwen. Tot ongeveer mijn dertigste heb ik in die zin redelijk onbekommerd kunnen werken en in het buitenland kunnen studeren. Ondertussen heb ik twee masters gehaald en een mooie, zij het niet echt rendabele carrière opgebouwd. Toen ik tegen de dertig liep, hoorde ik over de mogelijkheid eitjes te laten invriezen. Het leek een geheim wapen, waarmee ik de beslissing voor me uit kon schuiven óf en wanneer ik kinderen wilde – een soort absolutie voor al die jaren die ik in het buitenland had gezeten zonder al te veel moeite te doen een partner te vinden.

    Tientallen jaren lang zijn mensen die net zoveel geluk hebben gehad als ik betrekkelijk ongevoelig geweest voor de zorgen van de jongeren van nu. Maar ineens worden we geconfronteerd met veel van de problemen waar vrouwen uit de arbeidersklasse, en met name vrouwen van kleur, al veel langer mee hebben te kampen. Deze vrouwen hadden vaak verschillende baantjes zonder enige vorm van zekerheid, zonder sociaal vangnet, en ze hebben kinderen moeten grootbrengen in gemeenschappen met vervuild drinkwater of met scholen die onvoldoende budget hadden. Ook vandaag de dag hebben ouders uit de middenklasse een structureel tijdgebrek, worden ze geweerd uit de buurten met de betere scholen en maken ze zich zorgen over plastic en milieuverontreiniging.

    artboard 1

    In de jaren negentig van de vorige eeuw ontwikkelden zwarte feministen die met bovenstaande omstandigheden werden geconfronteerd, het analytische kader dat bekend is komen te staan als reproductive justice (reproductieve rechtvaardigheid), een benadering die verder gaat dan de reproductieve rechten zoals die gewoonlijk worden begrepen – het recht op abortus en voorbehoedsmiddelen. Reproductive justice omvat ook het recht om op een humane wijze kinderen te krijgen: om ‘kinderen te krijgen, of geen kinderen te krijgen, en de kinderen die we hebben in een veilige en stabiele omgeving groot te brengen’, om de woorden te gebruiken van het collectief SisterSong.

    Het concept reproductive justice werd niet altijd helemaal begrepen, of toegejuicht, door mainstreamgroeperingen die zich bezighouden met reproductieve rechten (Loretta Ross, een van de oprichters van de beweging, zei dat een focusgroep uit de begindagen meende dat het iets van doen had met een eerlijke beloning voor kopieerbedrijven). Maar doordat er steeds meer sprake is van reproductieve onrechtvaardigheid zou de beweging wel eens aan kracht kunnen gaan winnen. ‘Wit Amerika ervaart nu de gevolgen van het neoliberale kapitalisme die de rest van Amerika altijd al heeft gevoeld,’ aldus Ross.

    Er ligt een voortplantingscrisis op de loer, en wie goed kijkt ziet overal de tekenen. Je ziet het aan de geboortecijfers die elk jaar weer een nieuw dieptepunt bereiken. Je ziet het aan de aanhoudende stroom onderzoeken die aantonen dat er een verband is tussen enerzijds onvruchtbaarheid en lage geboortecijfers en anderzijds vrijwel alle facetten van het moderne bestaan – fastfoodverpakkingen, luchtvervuiling, bestrijdingsmiddelen. Je ziet het aan de verlangende blik in de ogen van je vrienden die naar hun eerste kind kijken dat zoet zit te spelen in hun te kleine appartement, en zeggen: ‘We zouden er dolgraag nog eentje willen, maar…’ Je ziet het aan al die mensen die de top proberen te bereiken en tot de pijnlijke constatering komen dat de lat te hoog ligt.

    Vanuit dit perspectief bezien zou het debat over voortplanting even prangend kunnen – of moeten – zijn als het debat over klimaatverandering. We realiseren ons pas hoe machtig de natuur is nu het te laat is, we hebben pas oog voor de unieke schoonheid van de natuur nu ze in brand staat.

    ‘Ik zie veel parallellen tussen het kantelpunt dat mensen in hun eigen leven ervaren waar het gaat om de vraag of ze zich willen voortplanten in deze kapitalistische maatschappij en het lot van de aarde in deze kapitalistische wereld, zoals dat in bredere, meer existentiële gesprekken terugkomt,’ aldus Sara Matthiesen, een historica verbonden aan de George Washington University. Binnenkort verschijnt er een boek van haar hand over het stichten van een gezin in de tijd na Roe versus Wade (de uitspraak van het Amerikaanse Hooggerechtshof, in 1973, die abortus in de VS legaliseerde). Het lijkt erop dat steeds meer mensen in de hoek worden gedrukt van: ‘Oké, dit normen-en-waardenstelsel wordt letterlijk onze dood.’

    Individualisme

    De klimaatcrisis heeft het verraderlijke debat over geboortebeperking nieuw leven ingeblazen, maar tegelijkertijd ook geleid tot een nieuwe golf van activisme, geboren uit het besef dat er sprake is van een innige verstrengeling van deze twee wezenlijke componenten van het leven – voortplanting en de gezondheid van onze planeet – en dat gezamenlijk optreden is vereist om beide te waarborgen.

    De eerste stap is afstand nemen van het individualisme dat het kapitalisme zo hoog in het vaandel heeft staan, en inzien dat we van elkaar afhankelijk zijn willen we op lange termijn overleven. We rekenen erop dat ons drinkwater schoon is, en onze rivieren rekenen erop dat wij ze niet verontreinigen. We vragen onze buren om voor onze hond en de planten te zorgen als we op vakantie gaan, en bieden aan om dat ook voor hen te doen. We huren onbekenden in om onze kinderen of onze bejaarde ouders te verzorgen en we vertrouwen erop dat die onbekenden competent en zorgzaam zijn. We betalen belasting en hopen dat de politici die wij kiezen dat geld gebruiken om te zorgen dat de wegen worden onderhouden, de scholen openblijven en de nationale parken worden beschermd.

    Al deze betrekkingen – tussen mensen onderling en tussen mens en natuur – zijn het bewijs van de onderlinge afhankelijkheid die de kapitalistische logica ons wil laten loochenen.

    Voortplanting is de ultieme erkenning van onderlinge afhankelijkheid. Er zijn tenminste twee mensen voor nodig. We worden voldragen in het lichaam van een ander mens en we komen ter wereld met hulp van artsen of vroedvrouwen of familieleden. We groeien op in omgevingen en gemeenschappen die bepalend zijn voor onze gezondheid, onze veiligheid en onze normen en waarden. We moeten concrete manieren zien te vinden om deze onderlinge afhankelijkheid te erkennen en we moeten alles op alles zetten om die te versterken. 

    Schermafbeelding 2021 06 04 om 11.18.51 1
  • 1. De stille strijd voor het recht om te leven

    1. De stille strijd voor het recht om te leven

    Meer dan 5000 moeders sterven elk jaar in Bangladesh bij de bevalling. Vroedvrouwen moeten levens redden – maar ze moeten zich ook verdedigen tegen vooroordelen van artsen en families. Zo worden ze voortrekkers van de emancipatie.

    Ze trekt haar witte kiel over haar hoofd, pakt haar stethoscoop in en verlaat de kraamkliniek in Dhaka, Bangladesh. De hete lucht van de hoofdstad waar 8 miljoen mensen wonen waait Afroja Akter tegemoet. Het riekt naar uitlaatgassen en rijpe bananen. Vandaag bezoekt de vroedvrouw een jongetje van zeventien dagen oud. De kelderkamer is donker. De ventilator snort tegen de middaghitte.

    ‘Zuster, kijk eens,’ zegt Afroja tegen de moeder terwijl ze het gezichtje van de zuigeling streelt. ‘Zijn oogwit is geelachtig. Hij heeft daglicht nodig.’

    ‘Maar ik kan niet naar buiten,’ zegt de 25-jarige. ‘Buiten zijn zoveel mensen.’

    ‘’s Morgens tien minuten, dat is genoeg,’ zegt Afroja.

    Afroja Akter, 23 jaar oud, in roze hoofddoek en roze gewaad, werkt sinds acht maanden als vroedvrouw. In die tijd heeft ze ongeveer honderd baby’s ter wereld gebracht. Ze geeft zwangere vrouwen voorlichting over geelzucht bij pasgeborenen en helpt moeders bij de borstvoeding. Geboortebegeleiding, preventieve zorg en nazorg – het zijn dezelfde diensten die ook opgeleide vroedvrouwen in Kaapstad, Londen of Hamburg aanbieden.

    Het verschil is dat dit beroep in Bangladesh tot acht jaar geleden niet bestond. Afroja Akter behoort tot de pioniersters in deze professie. De wens kwam vanuit de politiek, om de sterfte onder jonge moeders in het land terug te dringen. Maar Afroja is niet alleen aangesteld in de strijd tegen de vermijdbare dood. Haar beroep heeft in het islamitische land een neveneffect: het emancipeert Afroja en haar collega’s – en meteen ook de jonge moeders van de wijk.

    Een goed alternatief

    Bangladesh heeft de millenniumontwikkelingsdoelstellingen ondertekend, waarvan ook de verbetering van gezondheidszorg voor moeders deel uitmaakt. Het sterftecijfer in het land was sinds de jaren negentig voortdurend gedaald. Maar het streefdoel van de VN – een vermindering van de sterfte met driekwart – haalde het land niet. Per jaar sterven hier meer dan 5000 vrouwen aan complicaties bij de bevalling [ter vergelijking: is Nederland zijn dat er minder dan tien]. De meesten bloeden dood. Voor 2015, zo kondigde de premier Sheikh Hasina toen aan, zouden er 3000 vroedvrouwen aan het werk gaan. Het idee daarachter was simpel: de meeste moeders stierven in de landen met de minste vroedvrouwen.

    Maar de praktische uitvoering in het dichtbevolkte Bangladesh was ingewikkelder. Bijna de helft van alle vrouwen bevalt thuis, ondersteund door ongekwalificeerde helpsters. Velen leven verstoken van medische zorg, en zijn moeilijk bereikbaar. Vaak staat de man niet toe dat de vrouw naar het ziekenhuis gaat. Een reden zijn ook de kosten. Het aantal keizersneden ligt in veel privéziekenhuizen in de buurt van 80 procent. En die zijn tienmaal zo duur als een natuurlijke bevalling. Sommige kraamafdelingen hebben wel operatiekamers, maar geen zaal met kraambedden.

    Afroja’s vader, een handelaar in fietsonderdelen, wilde dat zijn middelste dochter medicijnen ging studeren. Maar haar schoolcijfers waren niet goed genoeg. ‘Deze opleiding was een goed alternatief,’ zegt ze. De drie jaren waren kosteloos, gefinancierd onder andere door het Britse ministerie van Ontwikkelingssamenwerking. Maar wat een vroedvrouw precies is, begreep Afroja pas toen ze bijvoorbeeld leerde hoe hormonen die de borstvoeding regelen beïnvloed worden door huidcontact.

    Vroedvrouw Laili Khatun bezoekt Rabeya (18) en haar dochter Lamia, van vijftien dagen oud. – © Jaco Klamer. Panos Pictures
    Vroedvrouw Laili Khatun bezoekt Rabeya (18) en haar dochter Lamia, van vijftien dagen oud. – © Jaco Klamer. Panos Pictures

    Ook veel burgers weten niet wat een vroedvrouw precies doet. Familieleden vragen bij de geboorte geïrriteerd waar de dokter blijft, vertelt Afroja. Een keer riep een schoonmoeder uit: ‘Hoe moet dit kleine meisje, ongetrouwd en kinderloos, onze kleinzoon op de wereld brengen?’ Afroja, 1 meter 52 lang en tenger als een dertienjarige, lacht. Intussen is ze er wel aan gewend. ‘Ik leg steeds weer uit dat ik voor bevallingen ben opgeleid.’

    Haar kennis van zaken heeft haar zelfverzekerder gemaakt. Tegenwoordig slaat ze haar blik niet meer neer, ook niet wanneer ze argumenten tegen tradities inbrengt of over seks praat. Ze legt families uit dat pasgeborenen geen honing verdragen. Velen geloven dat kinderen daar zoeter van worden.

    Als Afroja een vrouw naar het ziekenhuis verwijst omdat ze syfilis vermoedt, zegt ze: neem je man mee. Wat ze niet zegt is dat de echtgenoot, een riksjarijder, het waarschijnlijk bij prostituees heeft opgelopen. Bij een huisbezoek vertrouwt een textielarbeidster, in de vierde maand van haar zwangerschap, Afroja haar angst toe. Ze is bang dat het weer een miskraam wordt. ‘Als ik slaap merk ik dat mijn man aan mijn buik luistert of hij de baby hoort,’ fluistert ze. Maar haar gebrek aan eetlust en haar knagende angst met hem bespreken? Ze houdt haar sjaal voor haar mond. O nee, dat gaat niet. ‘Wij zijn allemaal vrouwen. Je hoeft je niet te schamen,’ zegt Afroja.

    Afroja is een stille strijdster voor de rechten van vrouwen. ‘De meesten weten gewoon niet beter,’ zegt ze op weg naar de kraamkliniek. Ze weet dat ze haar taal moet aanpassen. Bovendien heeft ze het vertrouwen van de wijk nodig. Ook daarom wordt ze bij haar visites altijd begeleid door een medewerkster van de gemeente die in de betreffende buurt is opgegroeid.

    ‘Er bestaat geen eten dat jouw kind bitter of zoet kan maken. Het heeft alleen maar jouw melk nodig’

    Afroja werkt zes dagen in de week, ze moet dagelijks drie uur door de chronische verkeersopstoppingen van Dhaka rijden. Ze heeft klem zittende baby’s uit moeders bevrijd, bloedingen gestopt en beslist wanneer de vrouwen naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis moeten. Ze is trots op zichzelf: bij haar is geen moeder gestorven.

    Tijdens de nachtdienst slaapt ze in de behandelkamer van het geboortecentrum op de vloer. Ze verdient omgerekend 270 euro per maand; slechts ongeveer een derde meer dan textielarbeidsters. Toch zegt ze: ‘Ik heb mijn doel bereikt.’ Ze is de uitzondering onder haar voormalige vriendinnen uit de klas. Die zijn bijna allemaal getrouwd en hebben geen vak geleerd. De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen trouwen ligt in Bangladesh in de buurt van negentien jaar. Ook daarom moesten de vroedvrouwen zich verplichten, tijdens hun opleiding niet te trouwen. ‘Het huwelijk sluit veel vrouwen op achter de voordeur,’ zegt Afroja.

    Statistisch is nog niet na te gaan hoe de vroedvrouwen de sterftecijfers onder moeders in Bangladesh beïnvloeden. Rondi Anderson, de vroedvrouwenspecialiste van het bevolkingsfonds van de Verenigde Naties in Dhaka, hoopt dat dit over ongeveer tien jaar mogelijk is. In totaal had men ongeveer 20.000 vroedvrouwen nodig om alle vrouwen te kunnen bedienen. Tot op heden is slechts een tiende van dat aantal gerealiseerd. Daar komen andere problemen bij. Er zijn geen ervaren collega’s die pas opgeleide vrouwen kunnen instrueren. Veel klinieken zetten de vroedvrouwen weer als verpleegster in, en niet in de ruimte waar de bevallingen plaatsvinden. Bovendien ontbrak het aan medicijnen, vertelt Rondi Anderson: ‘Bangladesh staat nog aan het begin.’

    Aangekomen

    Maar alleen al in Afroja’s kleine kraamkliniek werden verleden jaar meer dan 500 baby’s geboren. De families lijken er dus voor open te staan, de bevalling zonder artsen en traditionele helpsters te laten plaatsvinden. Ook al is er zeker nog een tweede generatie vroedvrouwen nodig om het beroep ingeburgerd te krijgen – Afroja Akter lijkt door de vrouwen in de wijk geaccepteerd te worden.

    ‘Jij weet het beste wat goed is voor jouw zoon,’ bemoedigt ze de moeder wiens baby aan geelzucht lijdt. ‘Er bestaat geen eten dat jouw kind bitter of zoet kan maken. Het heeft alleen maar jouw melk nodig.’ Dan zet ze de weegschaal klaar. 3,2 kilo. De zuigeling is aangekomen. De moeder belooft dat ze de volgende dag naar buiten zal gaan. Tien minuten, heel vroeg in de ochtend.

    Auteur: Fiona Weber-Steinhaus
    Vertaler: Piet Meeuse

    Stern
    Duitsland | weekblad | oplage 1.275.000

    Het grootste actualiteitenblad van Duitsland, bekend om de rijk geïllustreerde reportages.