Tag: grondwetswijziging

  • Hongarije neemt amendement aan om twee geslachten in de grondwet vast te leggen

    Hongarije neemt amendement aan om twee geslachten in de grondwet vast te leggen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Nigeria: ten minste 52 doden door oplaaiend geweld in de deelstaat Plateau

    » VS: regering bevriest 2,2 miljard dollar aan subsidies voor de Harvard-universiteit

    De oppositie vreest dat het land afglijdt naar een dictatuur

    Maandag nam het parlement van Hongarije met een grote meerderheid (140 voor, 21 tegen) een amendement aan dat in de grondwet het bestaan van alleen het mannelijke en vrouwelijke geslacht en het primaat van kinderrechten boven alle andere vastlegt. De nationalistische premier Viktor Orbán, die in maart een ‘grote schoonmaak met Pasen’ beloofde tegen zijn rivalen die als ‘bedwantsen’ werden bestempeld, heeft ook een wettekst doorgedrukt waarin staatsburgers met dubbele nationaliteit worden weggezet als ‘verraders van de natie’, die mogelijk gericht is tegen financier en filantroop George Soros.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De oppositie vreest dat het land, dat onlangs het gebruik van gezichtsherkenning bij demonstraties heeft toegestaan, afglijdt ‘naar een ware dictatuur, zoals in Rusland gebeurt’, aldus het onafhankelijke parlementslid Ákos Hadházy, geciteerd door de Frankfurter Allgemeine Zeitung. In de vergaderzaal ontvouwden parlementsleden van de oppositie een spandoek uit protest, terwijl buiten het gebouw honderden demonstranten scandeerden: ‘We laten ons niet veranderen in het Rusland van Poetin.’

  • Nicaragua: Ortega voert nieuwe hervorming door om zijn macht te vergroten

    Nicaragua: Ortega voert nieuwe hervorming door om zijn macht te vergroten

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaza: Netanyahu biedt een bonus van 5 miljoen dollar voor elke bevrijde gijzelaar

    » VS: Senaat verwerpt voorstel van Sanders om geen wapens aan Israël te verkopen

    Zijn ambtstermijn wordt verlengd van vijf naar zes jaar

    De Nicaraguaanse president heeft ongeveer honderd grondwetsartikelen hervormd, waardoor zijn vrouw, Rosario Murillo, de rang van ‘co-president’ krijgt en de presidentiële termijn wordt verlengd van vijf naar zes jaar. Het ontwerp is voorgelegd aan de Nationale Vergadering, waar het naar verwachting zonder problemen zal worden aangenomen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Dit zal de twaalfde keer zijn dat de dictator de politieke grondwet van het land hervormt sinds hij in 2007 aan de macht kwam, schrijft het weekblad Confidencial. ’Bovendien zullen Ortega en Murillo elkaar de volledige controle geven over de andere staatsmachten.’

  • ‘We zullen de grondwet van Pinochet vastberaden ten grave dragen’

    ‘We zullen de grondwet van Pinochet vastberaden ten grave dragen’

    Het voorstel voor een grondwetswijziging waarover de Chileense bevolking begin vorige maand mocht stemmen, bevatte belangrijke verbeteringen voor de rechten van de vrouw. Kwesties die voorheen domweg onzichtbaar waren.

    Gewapend met een grote collectie feministische boeken installeert Gladys Bustos zich in de foyer van het Teatro Caupolicán, in het centrum van de Chileense hoofdstad Santiago. Omdat het vandaag een ‘speciale dag’ is, vertelt ze, verkoopt ze twee boeken voor 20.000 pesos (22 euro). ‘Het is een historische dag voor feministen en ik ben erg geëmotioneerd.’ Buiten staat een rij mensen te wachten om het gebouw te betreden. 

    Dit tafereel vond plaats op zaterdag 27 augustus, toen duizenden mensen de zogenoemde ‘Caupolicanazo Feminista’ bijwoonden, een evenement dat was voorbehouden aan vrouwen en leden van de lhbti-gemeenschap. Het was georganiseerd door 37 feministische organisaties die goedkeuring van de voorgestelde nieuwe grondwet bepleiten. 

    Op zondag 4 september beslist het Zuid-Amerikaanse land in een referendum of de huidige grondwet, die tijdens de dictatuur van Augusto Pinochet (1973-1990) tot stand is gekomen, moet worden vervangen. Er zijn twee keuzemogelijkheden om te reageren op het nieuwe grondwetsvoorstel: apruebo [ik keur het goed] of rechazo [ik verwerp het]. Uit recente opiniepeilingen blijkt dat de optie ‘rechazo’ wel eens zou kunnen zegevieren, maar volgens deskundigen kan het nog alle kanten op. 

    Het genderperspectief in de tekst

    De woordvoerder van de bijeenkomst, Cynthia Shuffer, verdedigde de voorgestelde tekst als ‘een stap in de goede richting’ en had ‘goed feministisch nieuws’. Ten minste 36 van de 388 artikelen in de nieuwe wet verwijzen expliciet naar gender en naar kwesties die voorheen domweg onzichtbaar waren, aldus een rapport van de taakgroep VN Vrouwen dat door persbureau EFE werd aangehaald. Een baanbrekend aspect is vervat in artikel 1, waarin democratie wordt omschreven als ‘inclusief en paritair’ [uitgaand van gelijke verdeling]. Het artikel bepaalt dat alle staatsinstellingen en -organen, met inbegrip van de politie en de strijdkrachten, voor ten minste 50 procent uit vrouwen moeten bestaan. 

    Democratie wordt omschreven als ‘inclusief en paritair’, uitgaand van gelijke verdeling

    ‘Dit zal de eerste grondwet ter wereld zijn die door een paritair orgaan is opgesteld, en het zal ook de eerste zijn die garandeert dat onze plek in de democratie nooit minder zal zijn dan de plek die wij in de wereld innemen, namelijk: minstens de helft,’ zei Alondra Carrillo (29) van Coordinadora Feminista 8M, een van de organisaties die de manifestatie van 27 augustus organiseerde.

    Het gaat om een gelijke verdeling die geen limiet stelt aan de hoeveelheid vrouwen en die de vertegenwoordiging van transgender en non-binaire personen erkent op alle terreinen van besluitvorming. ‘Deze grote vernieuwing zorgt ervoor dat de ogen van mensen die in constituties geïnteresseerd zijn zich nu wereldwijd op Chili richten,’ aldus Tania Busch, wetenschapper aan de Andrés Bello-universiteit en directeur van de Chileense Vereniging voor Constitutioneel Recht. 

    Weggestemd
    ​Inmiddels is de nieuwe grondwet met een overtuigende meerderheid weggestemd. 61,9 procent van de Chilenen sprak zich uit tegen de nieuwe grondwet, 38,1 procent stemde voor. 

    Het grondwetsvoorstel erkent huishoudelijk werk als werk, legt de basis voor de oprichting van een nationaal zorgstelsel, garandeert seksuele en reproductieve rechten – met inbegrip van abortus, waarvan de goedkeuring in november 2021 nog door het Congres werd verworpen, en beschouwt gender op een intersectionele manier.

    channels4 profile

    In de opsomming van rechten zijn ook onder meer opgenomen: volledige seksuele voorlichting, een leven zonder gendergerelateerd geweld, het recht op identiteit ‘in alle dimensies en uitingsvormen, met inbegrip van geslachtskenmerken, genderidentiteiten en -uitingen, naam en seksuele geaardheid’, erkenning van het gezin ‘in al zijn verschillende vormen en levenswijzen’ en rechtvaardigheid met een genderperspectief. Als de nieuwe grondwet wordt goedgekeurd, zou Chili wel eens een van de meest feministische grondwetten ter wereld kunnen hebben.

    De organisatoren van de manifestatie van 27 augustus namen een voor een de artikelen door die de vooruitgang op het gebied van vrouwenrechten en seksuele diversiteit voorstaan en riepen de bevolking op te gaan stemmen. ‘Wij zullen de grondwet van Pinochet vastberaden en krachtig ten grave dragen,’ zei een van de leden van Coordinadora Feminista 8M. De meer dan vierduizend aanwezigen scandeerden volgens de organisatie slogans als ‘libre y convencida, “apruebo” de salida’ (‘vrij en overtuigd sta ik achter deze verandering’) en ‘aprobar, aprobar, otra forma de luchar’ (‘apruebo is een andere manier om te vechten’), terwijl kunstenaars, comedians en activisten zich op het podium vertoonden. 

    Alle leeftijden

    Het evenement bracht mensen van alle leeftijden samen, die van de gebeurtenis een feest voor goedkeuring van de grondwetswijziging maakten. ‘Vrouwen zijn de sterkste pleitbezorgers voor “apruebo”, want zij hebben het meeste baat bij de nieuwe grondwet,’ zei Aurora Lizama (71), die met haar vriendinnen naar het theater was gekomen. 

    Naast Mapuche-vrouwen [de Mapuche zijn een inheems volk van Centraal- en Zuid-Chili en Zuid-Argentinië] waren ook gemeentebestuurders, parlementsleden, leden van de Constitutionele Conventie die de nieuwe tekst heeft opgesteld, en milieu-, diversiteits-, plattelands- en migrantenactivisten aanwezig. ‘Het is heel mooi om te zien dat zo veel mensen zich hebben verenigd voor goedkeuring, niet alleen uit de feministische beweging, maar ook dissidenten die mensen vertegenwoordigen zoals ik, die strijden voor een betere wereld voor iedereen door middel van de nieuwe grondwet,’ zei Sam (22).

    ‘Veel mensen kijken naar wat er in Chili gebeurt; wij hebben de gelegenheid om de grondwet van Pinochet te laten sneuvelen’ 

    Het Chileense feminisme heeft op 27 augustus een nieuwe mijlpaal bereikt. Het Teatro Caupolicán was net zo vol als op 29 december 1983, toen duizenden vrouwen er bijeenkwamen om het einde van de dictatuur te eisen. ‘De Caupolicán-manifestatie van 1983 was bedoeld om de dictatuur te bestrijden, die van vandaag is bedoeld om een van de meest structurele erfenissen van de dictatuur uit te roeien, namelijk de huidige grondwet,’ zei Cynthia Shuffer. Vicky Quevedo, een legendarische feminist die er in 1983 ook bij was, voegde eraan toe: ‘Zoveel jaar later komen we opnieuw bijeen om de vele misstanden en onrechtvaardigheden aan de kaak te stellen. De kracht van deze bijeenkomst bevestigt dat we gaan winnen.’ 

    De herinnering aan de vrouwen die voorgingen en aan de slachtoffers van femicide en seksistisch geweld was de hele manifestatie al aanwezig, en bereikte een hoogtepunt toen de Argentijnse antropoloog en feministische activist Rita Segato op het podium verscheen. Ze wees op het belang van het Chileense proces voor Latijns-Amerika en de rest van de wereld. ‘Chili vertegenwoordigt ons. Chileense vrouwen zijn wegbereiders, ze zijn het universele “wezen” dat spreekt over wat de mensheid, de hele mensheid, kan redden op dit apocalyptische moment in de geschiedenis.’ Hiphopzangeres Ana Tijoux, die de manifestatie afsloot, voegde daaraan toe: ‘Veel mensen kijken naar wat er in Chili gebeurt; wij hebben de gelegenheid om de grondwet van Pinochet te laten sneuvelen.’ 

  • Tunesië: nieuwe grondwet aangenomen die macht Kais Saied vergroot

    Tunesië: nieuwe grondwet aangenomen die macht Kais Saied vergroot

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van deze week:

    » Polio duikt voor het eerst in tien jaar op in Verenigde Staten

    » Redactie La Prensa gedwongen Nicaragua te verlaten wegens vervolging door regime Ortega

    Slechts 27,5 procent van de kiesgerechtigden kwam opdagen

    Afgelopen maandag hebben kiezers in Tunesië in een referendum voor een nieuwe grondwet van president Kais Saied gestemd, meldt Al Jazeera. Volgens een exitpoll van Sigma Conseil stemde 92,3 procent van de kiezers voor de grondwetswijziging die ervoor zorgt dat de populistische president veel meer macht krijgt. De opkomst was echter opvallend laag: slechts 27,54 procent van de 9,3 miljoen kiesgerechtigden kwam opdagen.

    Aanhangers van Saied gingen na de uitslag de straten op om de verkiezingswinst te vieren. De oppositie had daarentegen opgeroepen tot een boycot van het referendum, ‘om geen tekst te legitimeren die een terugkeer naar een dictatoriaal regime mogelijk zou maken’ in Tunesië, de bakermat van de Arabische lente, aldus Al Jazeera. Afgelopen dagen werden er in de hoofdstad al verschillende demonstraties gehouden tegen president Kais Saied, die een jaar aan de macht is.

    Lees ook:

  • Een referendum op z’n Italiaans

    Een referendum op z’n Italiaans

    De Italiaanse premier Matteo Renzi zette zwaar in op een referendum over een grondwetswijziging. Hij beloofde zelfs af te treden als hij zou verliezen. Maar toen begonnen de peilingen zich tegen hem te keren…

    Een triomf van de duidelijkheid. Het einde van de halve maatregelen. De definitieve toetreding van Italië tot de club van de westerse democratieën waar je in de nacht na de verkiezingen weet wie er heeft gewonnen. Zeventig jaar na het referendum van 2 juni 1946, toen er gekozen werd tussen de monarchie of de republiek en de koning werd verbannen, is er nu opnieuw een duidelijke keuze, namelijk tussen verandering of de status quo. Dit was het scenario dat Matteo Renzi in gedachten had vanaf het moment dat hij in februari 2014 zijn intrek nam in het Palazzo Chigi [de residentie van de Italiaanse premier].

    Nadat hij de top van de uitvoerende macht had bereikt [niet via verkiezingen, maar na een interne stemming binnen de Democratische Partij tussen hem en premier Enrico Letta], wilde de Florentijnse outsider uiteindelijk de Grondwet herzien te midden van politieke, economische en morele chaos (een parlement dat niet in staat was een president van de Republiek te kiezen, een voormalig premier, Berlusconi, die veroordeeld werd tot een taakstraf, de recessie). En zijn klim naar de top bekronen met een volksstemming.

    Circus

    Tot voor een paar maanden geleden leek het een uitgemaakte zaak. De premier riep op tot het oprichten van ‘ja’-comités in heel Italië. Hij droomde dat hij de Italiaanse Charles de Gaulle was, in burgerkleding in plaats van in uniform en communicerend via livestreams op Facebook in plaats van radiotoespraken.

    Maar in de zomer van 2016 kwam alles op losse schroeven te staan: zowel in Italië als in Europa. We hebben te maken met landen die al acht maanden zonder regering zitten (Spanje), waar de presidentsverkiezingen ongeldig worden verklaard en moeten worden overgedaan (Oostenrijk) of die hebben besloten definitief op te stappen (Groot-Brittannië). Ook Renzi’s project is vervlogen. Het was gemaakt van dromen en heeft slechts kort geleefd, om plaats te maken voor een typisch Italiaans scenario.

    Helemaal geen historische keuze dus, maar een opeenvolging van subtiliteiten. Van onduidelijkheden. Van onzekerheden. ‘Ja’ dat klinkt als ‘nee’, ‘nee’ dat zomaar kan veranderen in ‘ja’, en allemaal gedoemd om te verbleken in een groot ‘misschien’.

    Beetje bij beetje is het debat over de hervorming, die voorziet in het herschrijven van 45 artikelen van de Grondwet van 1948, veranderd in een circus: sprekers die op tournee gaan, theatrale voordrachten, een lawine van pamfletten in de boekhandels en handtekeningen die worden ingezameld. Het is een voorproefje van het nieuwe televisieseizoen, wanneer wat er over is van de talkshows terugkeert op tv.

    Slechts één ding is zeker: deze stemming, die door een deel van het land wordt gezien als de overgang naar een nieuw tijdperk, en door een ander deel als de voorbode van toenemende autoriteit, is nu al veranderd in iets heel anders. Het is een afrekening geworden tussen partijen, stromingen, professoren, intellectuelen, regisseurs, waaraan iedereen zijn steentje bijdraagt terwijl de kern van de zaak wordt genegeerd. Het voorwerp van de hervorming is nagenoeg onbekend. Een referendum op z’n Italiaans, kortom.

    Dit referendum is als een fladderende vlinder. Zelfs over de dag van het armageddon bestaat geen zekerheid meer

    Dit referendum is als een fladderende vlinder. Zelfs over de dag van het armageddon bestaat geen zekerheid meer. In november 2015 had Renzi nog stellig aangekondigd dat ‘het referendum zal worden gehouden in oktober 2016’. Maar op 27 juni, na de verkiezingsnederlaag in Rome en Turijn [waarbij twee burgemeesters werden gekozen van de Vijfsterrenbeweging, de belangrijkste oppositiepartij] en de eerste duidelijke twijfels over zijn eigen positie, liet de premier andere opties doorschemeren. ‘Oktober? Ongeveer in die periode. Misschien tegen het eind van de maand.’ Op 11 juli verandert hij opnieuw van gedachten: ‘Misschien zou het ook 6 november kunnen worden.’ Volgens de laatste berichten denkt de regeringsleider er nu over om de datum te verplaatsen naar 27 november. Technisch gesproken zou het ook nog december kunnen worden, voor Kerstmis.

    Volgens de achterdochtige leden van de Vijfsterrenbeweging en het ‘nee’-comité is deze omtrekkende beweging over de datum een spelletje, speelt Renzi ‘balletje-balletje’ om het beste karmische moment te kiezen, namelijk de dag dat de planeten gunstig staan om hem als winnaar uit de bus te laten komen. Wat zeker is, is dat Renzi geschrokken is van de nederlaag bij de lokale verkiezingen en dat zijn gezwalk over de consequenties die hij persoonlijk zou verbinden aan het referendum hem geen goed heeft gedaan in de peilingen (hij beloofde eerst af te treden als het ‘nee’-kamp zou winnen, maar kwam daar later op terug). Het is eveneens duidelijk dat de regering mikt op uitstel om de ‘ja’-campagne meer tijd te geven.

    De aanhangers van het ‘nee’-kamp zullen het meest gemotiveerd zijn om wel te gaan stemmen. – © Paola Visone
    De aanhangers van het ‘nee’-kamp zullen het meest gemotiveerd zijn om wel te gaan stemmen. – © Paola Visone

    Maar er spelen ook inhoudelijke argumenten mee, zoals de begroting voor 2017. Volgens de nieuwe voorschriften moet deze voor 12 oktober 2016 door de ministerraad worden goedgekeurd om voor 15 oktober naar Brussel te kunnen worden gestuurd. Het gevaar is, zo onderstreepte de voorzitter van de begrotingscommissie van de Kamer, dat een overwinning van het ‘nee’-kamp het parlement zal lamleggen. ‘Italië kan zich geen chaos veroorloven’, schreven de commentatoren van The Times en Die Welt. ‘De economische kwetsbaarheid (de banken, ontbrekende groei, een recordaantal werklozen, de bureaucratie) en het risico dat de begroting niet op tijd wordt aangenomen, roept bezorgdheid op bij alle EU-partners.’

    Mocht de begroting pijnlijke ingrepen bevatten om de huidige economische groei van minder dan 1 procent op te krikken, dan zou dat de genadeslag voor de referendumcampagne kunnen zijn. Natuurlijk gaat de tegenovergestelde redenering ook op: als Renzi van Europa meer ruimte krijgt voor overheidsuitgaven, dan zou hij een zou hij een genereuze begroting kunnen presenteren waarmee hij een verkiezingsslag kan slaan.

    Het nieuwe mantra van de renzianen is nu geworden om ‘de begrotingswet veilig te stellen’ door deze te laten goedkeuren door ten minste een van de twee takken van het parlement voordat het referendum plaatsvindt. Niet iedereen is het echter eens met de premier: een referendum eind november of begin december, wanneer het sneeuwt en vriest, geeft de campagne misschien meer tijd zodat de strategie beter kan worden bijgesteld en er terrein kan worden gewonnen, maar brengt anderzijds het risico met zich mee dat er minder Italianen naar de stembus zullen gaan. En degenen die het meest gemotiveerd zijn zullen in elk geval wel gaan stemmen: de aanhangers van het ‘nee’-kamp.

    Andere boodschap

    De aanhangers van ‘ja’ hebben de afgelopen maanden hun tactieken, strategieën, slogans en verkiezingsjingles veranderd en daarmee iedereen in verwarring gebracht, inclusief de journalisten. Aanvankelijk was het verhaal van Renzi, minister Maria Elena Boschi en de Democratische Partij gefocust op ‘vereenvoudiging’ van het Italiaanse constitutionele bestel en op ‘verlaging van de uitgaven van de politiek’, wat erg populair is. Maar critici hebben deze propaganda snel doorgeprikt: het geplande wegbezuinigen van tweehonderd senatoren zal slechts een druppel op de gloeiende plaat zijn van de totale uitgaven van de Senaat (volgens de Italiaanse Algemene Rekenkamer zal de besparing slechts 9 procent bedragen.)

    Het enthousiasme is onmiddellijk verstomd. Een aantal intellectuelen zal ‘ja’ stemmen, zij het met kromme tenen, anderen zullen zeggen dat ze geen prijs stellen op een hervorming die het democratische evenwicht verzwakt. Nu de constitutionalisten zich in het kamp van de tegenpartij scharen en deze steeds zekerder wordt van haar zaak, hebben de ‘ja’-aanhangers hun boodschap veranderd en richten ze zich op zaken van een hogere orde. Minister van Justitie Andrea Orlando heeft uitgelegd dat een overwinning het terugwinnen van de controle betekent op ‘grote economische en financiële machten die onze instituties hebben beroofd van hun functies’. Zijn collega Boschi heeft geprobeerd de antifascisten te rekruteren door uit te leggen dat als de ANPI [Associazione Nazionale Partigiani d’Italia – Nationale Vereniging van Partizanen van Italië] ‘nee’ zal stemmen, ‘de échte partizanen “ja” zullen stemmen’. En ze heeft de troef van het terrorisme op tafel gelegd: ‘We hebben een sterker Italië nodig en een Europa dat in staat is als eenheid te antwoorden op het internationale terrorisme … om een sterker Italië te krijgen hebben we een nieuwe grondwet nodig die ons stabieler maakt.’ Ook de Confindustria [Confederazione generale dell’industria Italiana – Algemene Confederatie van de Italiaanse industrie], die zich achter ‘ja’ heeft geschaard, voorspelt doemscenario’s als het ‘nee’-kamp wint.

    De premier weet dat hij een wet die hij zelf heeft betiteld als een wet “waar heel Europa jaloers op is”, niet kan veranderen omdat de belangrijkste oppositiepartij zou kunnen winnen

    De belangrijkste datum om het referendum te begrijpen, is niet die van de stemming zelf, maar die van de nieuwe kieswet, de zogenaamde ‘Italicum’, die een merkwaardig lot beschoren lijkt. De wet werd op 1 juli ingevoerd, is nooit door het electoraat getoetst, maar lijkt twee maanden later alweer dood en begraven. Voormalig president Napolitano was hierover pijnlijk duidelijk. In een interview met Il Foglio vroeg hij onomwonden om de wet te herzien: volgens hem is het risico te groot dat deze het land overlevert aan de Vijfsterrenbeweging, en moet Renzi zich vooral haasten om de wet te veranderen [de Italicum is bedoeld om sterkere meerderheden te creëren in de Kamer; een partij die 40 procent van de stemmen haalt krijgt een bonus die het totaal op 55 procent brengt].

    De premier heeft zich tot nu toe echter op de vlakte gehouden. Ook omdat hij een wet die hij zelf heeft betiteld als een wet ‘waar heel Europa jaloers op is’, niet kan veranderen met als reden dat de belangrijkste oppositiepartij zou kunnen winnen. Het is beter om de cruciale datum van 4 oktober af te wachten: dan komt het Constitutioneel Hof bijeen om te bepalen of de ‘Italicum’ geldig is. Eén codicil is genoeg om de Italicum ongrondwettelijk te verklaren. Het is mogelijk dat die uitspraak het referendum voor is. En daarmee zou de uitslag van de stemming nog onduidelijker worden: bij een overwinning van ‘ja’ zou de Kamer de kieswet moeten herschrijven, bij een meerderheid van ‘nee’ heeft de Kamer een verminkte kieswet en behoudt de Senaat [waarover de Italicum niet gaat] het oude systeem van evenredige vertegenwoordiging. Een middeleeuws feest der zotten, met de groeten aan de stabiliteit van de regering.

    Auteurs: Marco Damilano en Emiliano Fittipaldi
    Vertaler: Etta Maris

    L’Espresso
    Italië | weekblad | oplage 295.350

    Dit moderne nieuwsmagazine heeft naam gemaakt met doorwrochte enquêtes en vooral met het aan de kaak stellen van politieke en economische schandalen.

  • Evo Morales is niet gekomen om te vertrekken

    Evo Morales is niet gekomen om te vertrekken

    Hoe is het mogelijk, vraagt de Boliviaanse schrijver Alex Aillón Valverde zich af, dat Evo Morales, de president uit en van het volk, ook gevallen is voor de macht die hij nu middels een grondwetswijziging koste wat kost wil vasthouden?

    Hoe dat hongerlijertje dat blootsvoets over de hoogvlakte van Bolivia struinde, door de omstandigheden voorbestemd tot een leven van armoede en onderwerping, hoe die de leider werd van de machtige federale vakbond van cocaleros (cocaverbouwende boeren) in Chapare, de leider die het decadente politieke systeem ten val bracht, de man die de verpersoonlijking werd van de verandering die zich in Bolivia vertrok, dat alles is een schitterend verhaal, een verhaal van hoop, van strijd, van overwinning, een verhaal dat ons met trots vervult, trots op de rebellie van onze inheemse bevolking, trots op ons mens-zijn.

    Hoe de eerste president van het multi-etnische Bolivia – de eerste inheemse president – de verlangens en de kracht van een volk dat de uitbuiting beu was in 2006 vertaalde naar een zetel in het parlement, hoe hij de politiek-conservatieve macht van het Westen brak en confrontatie aanging met de oppositie, die zich schaarde aan de kant van het buitenlands kapitaal (een oppositie die inmiddels slechts een scharminkelige zombie is, meer dood dan levend), hoe hij daarmee het land op een nieuwe leest schoeide en de horizon verbreedde voor zijn volk, ook dat is een verhaal dat je niet genoeg kunt omarmen en op waarde schatten.

    Hoe Evo Morales de Evo Morales van nu werd is onderdeel van een fascinerend proces van mythologisering in een bewogen tijd voor Bolivia en heel Latijns-Amerika. Niemand bij zijn volle verstand, links of rechts, zal twijfelen aan het belang van zijn persoon of aan de kracht van de sociale beweging die de leider van de cocaleros in zijn tijd vertegenwoordigde.

    Hij is ervan overtuigd dat hij ons kan redden, terwijl hij in werkelijkheid zichzelf niet kan redden

    Maar Evo Morales, de kameraad, de voorman, de revolutionair, de man van de protestmarsen, de man die ons tot tranen toe bewoog toen hij in Sucre, de nieuwe hoofdstad van Bolivia, ingezworen werd als president en alle martelaren van het antikoloniale verzet rehabiliteerde, die Evo Morales bestaat allang niet meer.

    De reis van de marge, van de straat, van de historische protestmarsen, naar het centrum van de macht heeft een zware tol geëist. De Evo die overbleef is de Evo die ze de Grote Leider noemen, de Evo aan de top, de Evo van de verticale macht, de Evo die boven de grondwet wil staan, de grondwet waarvoor hij zelf gestreden heeft.
    Die Evo is de president die in onze hele geschiedenis het langst aan de macht is gebleven. Hij is inmiddels een oude potentaat en hij heeft nog vier jaar voor de boeg. Die Evo is de Evo die campagne voert voor het referendum van 21 februari om de grondwet zodanig te veranderen dat hij nog een vierde termijn krijgt. Als dat lukt, zal Morales in totaal twintig jaar aan de macht zijn, tot 2025.


    Zo staan de zaken. De Grote Leider wil blijven. Hij is niet tot hier gekomen om te vertrekken. Hij is ervan overtuigd dat hij ons kan redden, terwijl hij in werkelijkheid zichzelf niet kan redden. Vanwege belangen, andere dan vroeger, moet hij aanblijven. Het gaat niet meer om respect voor het volk en zijn strijd, het gaat niet meer om respect voor Pachamama, onze moeder aarde, het gaat niet meer om antikapitalisme of anti-imperialisme, die praatjes smaken al naar gebakken lucht, ze zijn gebakken lucht.

    Wat telt is de band met het kapitaal, de constructie van een nieuwe managers- en ambtenarenbourgeoisie, behoud van de privileges die in al deze jaren van macht zijn verworven, het extractivisme ten koste van de natuur en de inheemse bevolking, en de introductie van een nieuwe vorm van kapitalisme, een ongekende vorm, met de retoriek van links.

    Eeuwen moesten er verstrijken en rivieren van bloed moesten worden vergoten opdat dat indiaanse armoedzaaiertje kon uitgroeien tot Evo de kameraad, de revolutionair, en niet de Grote Leider. Maar toen ging het nog om eenvoud en helderheid, en daarmee is het al jaren uit.


    ’s Nachts, in de onwerkelijkheid van de gedroomde democratie, wordt de Grote Leider weer het jongetje, en een metalen condor daalt neer uit de hemel en bedekt hem met zijn vleugels. Hij tilt hem opwaarts naar de hemel en zet hem op een bergtop. Het jongetje tuurt naar de horizon en denkt terug aan zijn armoede, de eenzaamheid van de afstand, het wonder van de dageraad met haar minutieuze giften, het onverwoestbare geluk van het leven. Maar de Grote Leider wil niet weg. Hij is niet tot hier gekomen om te vertrekken. De Grote Leider is tot hier gekomen om te blijven. Het jongetje bestaat al jaren niet meer. De condor is in de ruimte verdwenen. Iets is opgehouden met kloppen. Iets is opgehouden met vliegen. Het zullen allemaal wel dromen geweest zijn. Nu is het tijd om de macht te behouden om de macht.

    Auteur: Alex Aillón Valverde
    Vertaler: Jos den Bekker

    The Clinic
    Chili | weekblad, oplage 30.000

    Het satirische weekblad 
The Clinic – de naam verwijst naar de Londense kliniek waar dictator Augusto Pinochet werd behandeld – 
rapporteert kritisch en vaak grappig over politiek en samenleving.

    Beeld bovenaan: Evo Morales wordt feestelijk verwelkomd bij de stembus. – © Nicanor Vasquez / HH

  • 7. De rechtsstaat is vervangen door het recht van de staat

    7. De rechtsstaat is vervangen door het recht van de staat

    Waarom moest de noodtoestand worden verankerd in de grondwet? Om wetten grondwettelijk te maken terwijl ze het niet zijn, schampert weekblad Politis.

    Momenteel worden er twee artikelen van de grondwetswijziging behandeld door de leden van de Franse Nationale Vergadering, waarvan de verankering van de noodtoestand in de grondwet het belangrijkste is. Maar het debat gaat eigenlijk alleen over artikel 2 van het wetsontwerp: de ontneming van de nationaliteit.

    Voorbijgegaan wordt aan artikel 1. Dat dreigt zonder slag of stoot te worden aangenomen. Dit eerste artikel is echter een vlucht naar voren op het gebied van de veiligheid, in aansluiting op de wet op de inlichtingendiensten en de toekomstige wet ‘ter versterking van de bestrijding van de georganiseerde misdaad en de financiering ervan, en met de doeltreffendheid en de waarborgen van de strafrechtelijke procedure’. Over het uit elkaar halen van de behandeling van die onderling samenhangende wetten heeft de regering nog amper uitleg hoeven geven.

    Vraag der vragen

    Waar dient deze verankering van de noodtoestand in de grondwet toe? 
Op deze essentiële vraag heeft premier Manuel Valls de commissie wetgeving van het Franse parlement op 27 januari drie antwoorden gegeven:

    De eerste reden is van juridische aard. Het gaat er volgens de premier om 
‘een onwrikbare grondwettelijke basis te verschaffen aan de noodtoestand’. Deze regeling ‘die wordt toegepast in uitzonderlijke omstandigheden en die het vaakst is toegepast in de Vijfde Republiek’, is de enige die niet is verankerd in de grondwet. Er zou dus 
juridische leemte worden opgevuld: ‘Vanuit het oogpunt van grondwettelijke jurisprudentie moeten dus alle tijdelijke bevoegdheden die aan de autoriteiten worden verleend in het kader van de noodtoestand kunnen worden gewettigd. Een grondwettelijke basis verschaffen aan de noodtoestand houdt in dat de maatregelen van de administratieve politie als bepaald in de wet van 1955 worden geconsolideerd.’

    Valls geeft toe dat de noodtoestand strijdig is met de grondwet

    Het is in verband met deze leemte dat Manuel Valls op 20 november in de Senaat zei dat het ‘riskant’ zou kunnen zijn om de Grondwettelijke Raad te raadplegen over het wetsontwerp ter verlenging van de noodtoestand en ter aanscherping van de bepalingen ervan.

    Met andere woorden: Valls geeft toe dat de noodtoestand strijdig is met de grondwet.

    De leden van de Franse Nationale Vergadering bij de hoofdelijke stemming over het afroepen van de noodtoestand. – © Charles Platiau
    De leden van de Franse Nationale Vergadering bij de hoofdelijke stemming over het afroepen van de noodtoestand. – © Charles Platiau

    Toch is dat argument zeer discutabel. Zoals de groen-linkse parlementariër Sergio Coronado al zei: ‘De Grondwettelijke Raad heeft al in 1985 erkend dat het feit dat de noodtoestand niet in de grondwet is opgenomen de wetgever niet hoeft te beletten hem af te kondigen. Ook heeft de Raad, toen hem de vraag werd gesteld of het huisarrest zoals dat wordt toegestaan door de wet op de noodtoestand van november 2015 in overeenstemming is met de grondwet, dit bevestigd. Bovendien heeft de Raad van State (Conseil d’État) in zijn advies over het voorontwerp van de wet inzake de verlenging van de noodtoestand gesteld, dat de noodtoestand niet in de grondwet hoefde te worden opgenomen. Om vervolgens het tegenovergestelde te stellen in zijn advies over de ontwerp-grondwet die nu werd ingediend. Het leek dus juridisch niet echt noodzakelijk de noodtoestand in de grondwet te verankeren.

    De tweede reden is dat de gelegenheid zich voordoet. Manuel Valls stelt dat 
hij ‘de herziening van de wet van 1955 wil voltooien’. ‘Sommige maatregelen konden niet worden opgenomen in de wet van 20 november om redenen van jurisprudentiële aard,’ zo verklaarde hij tegenover de commissie wetgeving van de Nationale Vergadering, en hij kondigde aan op korte termijn een wetsontwerp te zullen indienen. Wat zou dus nóg een reden kunnen zijn om de noodtoestand in de grondwet te verankeren?

    We weten niet wie er morgen misbruik zou kunnen maken van zijn bevoegdheden

    Een gedachtewisseling tussen het 
parlementslid Alain Chrétien 
(Les Républicains) en de minister van Binnenlandse Zaken, Bernard Cazeneuve, tijdens een debat over de noodtoestand en het strafrecht, begin januari, kan wellicht opheldering geven. De afgevaardigde beklaagde zich over het feit dat zijn amendement in november werd verworpen. Dat amendement was erop gericht bij huiszoekingen computerapparatuur in beslag te mogen nemen in plaats van alleen een kopie 
te maken van de gegevens.

    Terloops verzekerde hij dat de voorzitter van de commissie wetgeving, Jean-Jacques Urvoas, die inmiddels is benoemd tot minister van Justitie, had ‘erkend dat dit amendement zeer zinvol geweest zou zijn’.

    Hetgeen ook de opvatting was van Cazeneuve in zijn antwoord: ‘Zelf zie 
ik geen enkele reden om bezwaar te maken tegen een maatregel waarvan ik wel degelijk het nut en het belang inzie (…) De reden dat uw amendement door de regering is verworpen toen u het indiende, was onze overtuiging, 
op basis van een juridische analyse die volgens mij zeer weloverwogen was, dat het ongrondwettelijk was. Dat wij nu voorstellen de noodtoestand in 
de grondwet op te nemen is juist om dergelijke amendementen te kunnen aannemen.’

    Artikel 36-1

    In de ontwerp-grondwet werd na artikel 36 een artikel 36-1 toegevoegd: ‘Artikel 36-1. – De noodtoestand wordt afgekondigd door de ministerraad, op het gehele grondgebied van de Republiek of een deel ervan, hetzij ingeval van een onmiddellijk dreigend gevaar ten gevolge van een ernstige verstoring van de openbare orde, hetzij in geval van gebeurtenissen die door hun aard en hun ernst het karakter van een openbare calamiteit hebben.

    De wet stelt de maatregelen van de administratieve politie vast die de civiele autoriteiten kunnen nemen om dit gevaar te voorkomen of deze gebeurtenissen het hoofd te bieden.

    Voor verlenging van de noodtoestand voor een periode langer dan twaalf dagen kan alleen bij wet toestemming worden verleend. In de wet wordt de duur vastgesteld.’

    Doel van de opneming van de noodtoestand in de grondwet is dus wetten grondwettelijk te maken terwijl ze het niet zijn, door de grondwet te veranderen. En dat komt neer op vervanging van de rechtstaat door het recht van 
de staat.

    De duur van de noodtoestand wordt niet beperkt

    Dan de laatste reden die door Manuel Valls werd genoemd: het zou erom gaan ‘te voorkomen dat de noodtoestand wordt gebanaliseerd of dat er overmatig gebruik van wordt gemaakt’. Een lofwaardig streven, waar je echter om drie redenen een vraagteken bij kunt zetten.

    In de eerste plaats: het feit dat de noodtoestand wordt ‘afgekondigd’ in de ministerraad, impliceert niet dat de ministers debatteren over de vraag of het wel zinvol is. Sommige parlementariërs, onder wie de nieuwe voorzitter van de commissie wetgeving, Dominique Raimbourg, hadden er de voorkeur aan gegeven ‘te schrijven dat er over 
de noodtoestand wordt “besloten”, 
een term die lijkt te bevorderen dat er collectief over wordt beraadslaagd.’

    In de tweede plaats omdat de duur van de noodtoestand in het wetsvoorstel van de regering niet wordt beperkt. Toen hij hierop werd aangesproken toonde Manuel Valls – die recentelijk tegenover de BBC had verklaard dat ‘de noodtoestand moet worden verlengd totdat we zijn verlost van IS’ – zich 
niet bereid in te stemmen met amendementen die de verlenging van de noodtoestand door parlementariërs – tot bijvoorbeeld vier maanden – zouden beperken. De premier zag er een beperking van de prerogatieven van het parlement in, dat zich niet zou kunnen aanpassen aan bepaalde maatschappelijke crises.

    Delicaat

    Ten derde kun je alleen maar ongerust zijn wanneer je Manuel Valls tegen onze volksvertegenwoordigers hoort zeggen dat het ‘delicaat’ zou zijn in 
de grondwet te verbieden dat het 
parlement wordt ontbonden tijdens de noodtoestand, een voorzorgsmaatregel waarop met name wordt aangedrongen door Roger-Gérard Schwartzenberg (PRG) en Jean-Christophe Lagarde (UDI).

    Tegen hen voerde de premier zelfs een argument aan dat wijlen [de zeer rechtse oud-minister] Charles Pasqua niet verworpen zou hebben: als de noodtoestand in mei en juni 1968 was afgekondigd, had generaal De Gaulle dan de Nationale Vergadering kunnen ontbinden? Waarop de voorzitter van de UDI antwoordde: ‘Het punt is dat 
we niet weten wie er morgen misbruik zou kunnen maken van zijn bevoegdheden.’

    Dat is inderdaad de hele vraag van de verankering van de noodtoestand in 
de grondwet. In dit geval hadden de afgevaardigden en senatoren er goed aan gedaan het voorzorgsbeginsel toe te passen.

    Door tegen te stemmen.

    Auteur: Michel Soudais
    Vertaler: Dirk Zijlstra

    Politis 
    Frankrijk, weekblad, oplage 30.000
    Links weekblad, opgericht in 1988 en het eerste Franse tijdschrift met een vaste rubriek Ecologie.

  • 3. ‘Frankrijk vervalt snel in autoritaire reflexen’

    3. ‘Frankrijk vervalt snel in autoritaire reflexen’

    De Franse regering bewandelt een gevaarlijke weg met haar antiterrorismemaatregelen, vindt Yves Sintomer, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Parijs. Volgens hem loopt het land, veel eerder dan bijvoorbeeld Duitsland of Engeland, het risico om af te glijden naar een autoritair systeem.

    U betoogde dat van alle westerse landen Frankrijk het grootste risico loopt om af te glijden naar een autoritair systeem. Waarop baseert u die conclusie?

    Yves Sintomer: Door een groeiend wantrouwen tegenover regeringen en elites verkeren onze oude Europese en Noord-Amerikaanse democratieën in een ernstige legitimiteitscrisis. Als men bedenkt hoe groot de veranderingen zijn waarmee de politiek wordt geconfronteerd, valt niet te verwachten dat onze systemen, die uit de achttiende eeuw stammen, zonder aanpassing door deze crisis komen.

    Gokken op een terugkeer naar vroeger is ook niet realistisch – of het nu gaat om een systeem dat is gebaseerd op rivaliteit tussen de grote volkspartijen met een ideologische basis, of om een communistisch systeem, waar vooral modieuze filosofen als Giorgio Agamben, Alain Badiou en Slavoj Žižek warm voor lopen. En als noch een status quo, noch een terugkeer naar vroeger mogelijk is, dan zullen onze representatieve democratieën dus muteren.

    Yves Sintomer.
    Yves Sintomer.

    In welke richting dan? Wat zijn de scenario’s?

    Ik zie drie realistische scenario’s. Het eerste is wat ‘de postdemocratie’ wordt genoemd, een begrip dat door de Britse politicoloog Colin Crouch is bedacht. Dat is een systeem waarin ogenschijnlijk niets verandert: er worden nog steeds vrije verkiezingen gehouden, 
de rechtspraak is onafhankelijk, de individuele rechten van burgers worden gerespecteerd. Aan de buitenkant lijkt alles hetzelfde te blijven, maar het echte gezag ligt elders. Het zijn de grote bedrijven, de deelnemers aan ‘de markt’, de kredietbeoordelaars en de technocratische instanties die de besluiten nemen. In Europa gaat het deze kant al op.

    Een tweede, wat gunstiger scenario is dat van ‘een democratisering van de democratie’: daarvoor hebben we een versterking nodig van de politiek tegenover de economische krachten, en een actievere participatie van de burger. De democratie wordt in dit geval versterkt via allerhande vormen van participatie en inspraak.

    Het is Frankrijk niet gelukt op tijd mee te gaan in de globalisering

    Het derde scenario is dat van het autoritaire regime. Het gaat daarbij niet 
om een dictatuur, maar om systemen waarin, anders dan in de postdemocratie, ook de buitenkant veranderingen ondergaat: er zijn verkiezingen, maar de electorale strijd blijft beperkt. De vrijheden, van meningsuiting, van 
vereniging, van reizen, de persvrijheid worden via wetgeving ingeperkt, en de rechtspraak wordt minder onafhankelijk. Die kant zijn de Russen, de Hongaren, de Polen en de Turken opgegaan, net zoals verder weg ook in Ecuador en Venezuela is gebeurd. In Zuidoost-Azië bestaan verschillende niet-democratische 
regimes die via een zeer behoedzame liberalisering in de richting van dat model zijn opgeschoven of bezig zijn dat te doen. Ik denk dan aan Singapore en China, twee landen met beperkte vrijheden voor hun inwoners.

    Kijken we naar West-Europa en 
Noord-Amerika, dan zien we vooral 
in Frankrijk tekenen dat zoiets ook 
hier mogelijk is. Ook al is het niet het meest waarschijnlijke scenario.


    Waarom denkt u dat? Is het vanwege de besluiten die na de aanslagen van 13 november vorig jaar genomen zijn?

    Als het over openbare veiligheid en immigratie gaat, zijn de dijken doorgebroken, zowel tijdens de laatste campagne voor de presidentsverkiezingen als recenter, in de reacties op de aanslagen. Ik denk aan de discussie rond het afnemen van het staatsburgerschap [van veroordeelde terroristen], het 
verlengen van de noodtoestand, en het terugvallen op een mythisch nationaal model met als kernwaarde het secularisme. De richting die vrijwel de hele politieke klasse – van rechts én van links – is ingeslagen, is nogal bedenkelijk. De vreemdelingenhaat neemt toe, er ontstaat steeds meer een fantasiebeeld van wat Europa is. En we storten ons in militaire avonturen die meestal nauwelijks zin hebben.

    Tegelijkertijd blijft het Front National terrein winnen, en ook al is het niet waarschijnlijk dat Marine Le Pen de presidentsverkiezingen wint, je kunt dat ook niet meer helemáál uitsluiten. Stel je de situatie voor dat links en rechts verdeeld zijn, Marine Le Pen in de eerste ronde ruim aan kop eindigt en dan in de tweede ronde tegenover François Hollande komt te staan… 
Niemand kan nu met honderd procent zekerheid voorspellen dat het Front National dan de verliezer is.


    Waarom komen in Frankrijk volgens u gemakkelijker dan elders in Europa autoritaire reflexen naar boven? Zit er nog een restant van het bonapartisme in ons? Of is het omdat we de Republiek zien als ‘een mal’ voor de samenleving?

    Frankrijk heeft minder antigenen tegen autoritaire systemen dan een liberale democratie als het Verenigd Koninkrijk. Daarnaast is Duitsland door zijn geschiedenis en alles wat het land vanaf de jaren zestig heeft gedaan om die te verwerken, minder vatbaar geworden voor dit gevaar. Er zijn wel wat extreemrechtse partijtjes, maar de Duitse samenleving heeft helemaal niets op met autoritaire ideeën. Het Bundesgerichtshof in Karlsruhe treedt zeer doeltreffend op als het aankomt op het verdedigen van de grondrechten, veel meer dan de Franse Conseil constitutionnel.

    Voorts is Frankrijk een voormalige koloniale grootmacht die zich ooit in het middelpunt van de wereld bevond en het niet goed kan hebben dat het deze positie is kwijtgeraakt. Ook Groot-Brittannië had ooit die positie, maar weet zich beter aan de globalisering aan te passen. Het is Frankrijk niet gelukt op tijd mee te gaan in de globalisering, en dat verergert de Franse identiteitscrisis nu nog verder. Ook heeft het een broze economische gezondheid en wat het produceert, is – anders dan bijvoorbeeld in Duitsland – niet erg geschikt om de concurrentie met de opkomende economieën aan te gaan.

    Het gezag in onze natiestaat heeft zijn grenzen: dat moeten we erkennen en daar moeten we naar handelen

    Ten slotte, we weten dat Frankrijk in moeilijke tijden snel in autoritaire reflexen vervalt: denk aan Vichy, of aan de Algerijnse oorlog. Die crises waarin we zitten, de financiële en die van de erfenis van het verleden, vormen een explosieve cocktail. West-Europa wordt van alle kanten belaagd door een opeenstapeling van crises: de economische crisis, de vluchtelingencrisis, de crisis binnen de Verenigde Naties over de globalisering, de crisis binnen politieke partijen. Frankrijk is niet echt het juiste land om die opeenstapeling van problemen het hoofd te bieden.

    Wat zouden we moeten doen om 
te voorkomen dat we afglijden naar een autoritair systeem?

    Om te beginnen zouden we een kundige politieke klasse moeten hebben. Vergeleken met andere landen is de onze zwak. Dat komt door de manier waarop die wordt gevormd en door de grote afstand tot het volk. Er is dus een hervorming van de instituties nodig.

    Ten tweede moeten we ons verdiepen in hoe we onze identiteit definiëren. We zijn een multiculturele samenleving, we zijn een middelgrote mogendheid, het gezag in onze natiestaat heeft zijn grenzen: dat moeten we erkennen en daar moeten we naar handelen.

    Federale of sterk gedecentraliseerde landen als Spanje en Duitsland hebben minder moeite om het Europese model te begrijpen en zich ernaar te voegen. Frankrijk moet daar veel harder zijn best voor doen.

    Onze economie moet uit het slop worden gehaald. Op het ogenblik probeert men de economische blokkades weg te nemen, maar dat zet niet echt zoden aan de dijk. Tot slot moeten we ermee ophouden steeds het ene te zeggen en dan iets heel anders te doen. Om een voorbeeld te noemen: op de klimaattop in Parijs beweerde de Franse regering dat 
zij vierkant achter een forse koerswijziging van onze milieupolitiek was, maar in feite zijn de genomen maatregelen zeer bescheiden. Dit soort schizofreen gedrag is echt gevaarlijk, omdat zo het vertrouwen in de politiek wordt aangetast.

    Auteur: Pascal Riché
    Vertaler: Tess Visser

    Beeld bovenaan: _De vrijheid leidt het volk _(1830) – Eugène Delacroix

    Le Nouvel Observateur
    Frankrijk, weekblad, oplage 530.000
    In 1964 opgericht door Franse voormalig verzetsstrijders. Nog altijd is de redactie zeer geëngageerd en uit op maatschappelijke veranderingen.

  • 4. Kroniek van een aangekondigd aftreden

    4. Kroniek van een aangekondigd aftreden

    Als reactie op de aanslagen van 13 november presenteerde de Franse regering een omstreden grondwetswijziging, met daarin het plan om terroristen de Franse nationaliteit te ontnemen. Minister van Justitie Christiane Taubira trad uit protest af. Al zag iedereen haar vertrek al maanden aankomen.

    ‘Een kruiwagen vol kikkers die alle kanten op springen.’ Met deze beeldspraak beschreef de rechtse krant Le Figaro de reacties van links op het aftreden van minister Christiane Taubira.

    Met haar vertrek, dat voor flamboyant moest doorgaan maar al maandenlang werd verwacht, sloeg de voorvechtster van het homohuwelijk, die ondanks haar matige beleidsresultaten een links icoon was geworden, een deur achter zich dicht die al flinke tijd stond te klapperen.

    ‘Soms is je verzetten synoniem met vertrekken,’ verklaarde de voormalig minister op de gloedvolle toon die haar eigen is. Wat aan premier Valls onmiddellijk de reactie ontlokte dat ‘je verzetten tegenwoordig niet meer betekent dat je iets van de daken schreeuwt, maar dat je het hoofd biedt aan de realiteit van het land’.

    De minister lag al meer dan een jaar overhoop met de regering

    Toch kon je het vertrek van Christiane Taubira al maanden zien aankomen. De Franse pers zinspeelde er al sinds 
de herfst op. Waarnemers hadden zelfs verklaard dat de regering-Hollande de eerste van de Vijfde Republiek was met zo veel oppositie binnen haar eigen gelederen.

    ‘Een minister moet zijn mond houden of aftreden’: deze aan de voormalige socialistische minister Jean-Pierre Chevènement toegeschreven woorden zijn nooit het adagium van Christiane Taubira geweest. Maar na de liberale wending van het economische beleid van Hollande kon haar vertrek niet 
uitblijven.

    Emoties

    De minister lag al meer dan een jaar overhoop met de regering van Manuel Valls en had alle denkbare vernederingen ondergaan. De strafrechtshervorming en de antiterreurwet waren 
zonder haar steun tot stand gekomen.

    In feite was de Franse grondwetswetswijziging die het mogelijk maakt terroristen met een dubbele nationaliteit hun Franse staatsburgerschap te 
ontnemen voor Christiane Taubira 
het ideale excuus om een uiterst symbolische kwestie uit de weg te gaan. Hoe valt dan te verklaren dat zo’n 
langverwachte beslissing zo veel 
emoties heeft opgeroepen bij links?

    Minister Christiane Taubira nam afscheid van haar ministerie en vertrok op de fiets. – © Christian Hartmannt / Reuters
    Minister Christiane Taubira nam afscheid van haar ministerie en vertrok op de fiets. – © Christian Hartmannt / Reuters

    De enige behendigheid waarvan François Hollande de afgelopen drie jaar heeft blijk gegeven, bestond uit de combinatie van steeds meer liberale economische hervormingen met een aantal symbolische overwinningen 
om de linkervleugel van zijn partij koest te houden, zoals het mogelijk maken van het homohuwelijk.

    Als specialist van de ‘synthese’ hoopte Hollande op die manier Taubira nog een tijdje binnenboord te kunnen 
houden. In elk geval tot de volgende kabinetswijziging. Dan zouden de gevolgen minder desastreus zijn geweest.

    ‘Hollande wilde haar behouden, Valls moest de grondwetswijziging erdoor loodsen zodat er een echte kabinetswijziging kon worden doorgevoerd 
als de storm was gaan liggen,’ aldus een vertrouweling van François Hollande in het dagblad Le Parisien. ‘Haar vertrek maakt het vervolg bijzonder gecompliceerd.’

    Impopulariteitsrecords

    François Hollande heeft altijd gedacht dat Christiane Taubira, ook al gooide 
ze haar kont tegen de krib, nuttiger voor hem was binnen de regering dan daarbuiten. In de eerste plaats om zijn handen vrij te kunnen houden zodat hij bij de volgende kabinetswijziging eventueel op zoek kon gaan naar nieuwe linkse ministers. In de tweede plaats omdat het binnenboord houden van Taubira de beste manier was om te voorkomen dat ze zich eventueel kandidaat zou stellen voor het presidentschap. Dat Lionel Jospin van Jean-Marie Le Pen verloor in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen van 2002 
is een vernederende ervaring die de president altijd is blijven achtervolgen. Deze nederlaag werd vooral in de hand gewerkt door de kandidatuur van Christiane Taubira, die 2,3 procent van de stemmen binnenhaalde.


    François Hollande, die de impopulariteitsrecords blijft breken, zal de eerste ronde nooit overleven als hij ter linkerzijde zo’n kandidaat tegenover zich vindt. De Franse pers vergelijkt Taubira met een ‘granaat waar de pin uit is gehaald’.

    Niemand in Parijs gelooft Taubira wanneer ze verklaart: ‘Ik ga terug naar Guyana om mijn boeken te kunnen lezen onder een koepel van licht.’ 
Daarvoor lijkt haar vertrek te minutieus voorbereid. De voormalige minister heeft voor de komende weken diverse openbare optredens op het programma staan.


    Op vrijdag 28 januari hield ze al een eerste toespraak voor de rechtenfaculteit van de Universiteit van New York. Haar uitgever Bayard kondigt aan dat ze op 9 maart aanstaande een boek 
zal publiceren, nauwelijks zes weken na haar aftreden. Voor een petitie 
die aandringt op haar presidentskandidatuur zijn al twintigduizend handtekeningen verzameld, ook al heeft de ex-minister verklaard dat 
ze ‘absoluut niet’ beschikbaar is.

    Sinds het vertrek van Taubira gonst het bij uiterst links van de geruchten. Door haar vertrek wordt opnieuw gespeculeerd over een linksere 
kandidaat voor de eerste ronde dan François Hollande. Bekend is dat dit idee wordt geopperd door persoonlijkheden als de linkse econoom 
Thomas Piketty en de voormalige groene Europarlementariër Daniel Cohn-Bendit. Afgaande op de jongste regionale en departementale verkiezingen heeft uiterst links nog nooit zo weinig kiezers gehad. Vandaar dat premier Manuel Valls alleen maar zijn schouders ophaalt en zijn blik op het midden gevestigd houdt.

    Auteur: Christian Rioux

    Le Devoir
    Canada, dagblad, oplage 26.000
    Henri Bourassa publiceerde in 1910 het eerste nummer van Le Devoir met de belofte een opiniërende krant met ideeën te maken en het nationalisme een nieuwe impuls te geven. Tegenwoordig heeft het onafhankelijke dagblad een solide, soevereine reputatie.