Tag: hezbollah

  • Libanon, Syrië en Jemen dreigen met aanvallen vanwege rol VS

    Libanon, Syrië en Jemen dreigen met aanvallen vanwege rol VS

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Finland meldt sabotage aan onderzeese pijpleiding

    » Meldingen nepnieuws nemen toe sinds conflict tussen Israël en Hamas

    De VS hebben munitie en een vliegdekschip naar Israël gestuurd

    Het conflict tussen Israël en Hamas dreigt zich uit te breiden, nu meerdere landen in het Midden-Oosten zich hebben uitgesproken tegen de militaire steun van de Verenigde Staten aan Israël. Al Jazeera schrijft dat onder meer Hezbollah in Libanon, de Houthi-rebellen in Jemen en Syrische milities zich roeren vanwege de groeiende bemoeienis vanuit de VS. De VS hebben munitie en een vliegdekschip naar Israël gestuurd.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Houthi-rebellen in Jemen hebben gedreigd met raketten en drones als de VS militair zullen interveniëren, iets wat de VS zelf uitsluiten. Een topman van de Hezbollah zei eerder op dinsdag dat Amerikaanse bases in het Midden-Oosten doelwit van raketten zullen worden als de VS zich mengen.

    Ook Syrië lijkt zich te roeren: vanuit de Golan-vlakte, een door Israël bezet deel van Syrië, werden dinsdag raketten op Israël afgevuurd. Israëlische strijdkrachten beantwoordden de raketten met artillerievuur. Er zouden geen gewonden zijn gevallen.

    Lees ook:

  • 3. Steeds machtiger wordende milities

    3. Steeds machtiger wordende milities

    Het wemelt van de paramilitaire groeperingen in het Midden-Oosten. Uniek aan Hezbollah is dat het zich steeds meer gedraagt als een echte staat.

    Het komt zelden voor dat milities net zo machtig worden als het leger. Over het algemeen is een militie oneindig veel zwakker dan het leger van de staat waarvan ze deel uitmaakt. Neem de voorvechters van white supremacy in de VS, of de extremistische Joodse kolonisten op de Westelijke Jordaanoever. De milities die ze vormen zijn niet opgewassen tegen het militaire apparaat van de overheden. Bovendien is de zaak waarvoor ze strijden doorgaans zo omstreden en op een beperkte groep gericht, dat niemand ze ervan zal verdenken de belangen van een breder collectief te behartigen. Hun racisme staat niet ter discussie, en ze doen ook geen moeite om anderen te winnen voor hun ideeën over superioriteit, of om eenstemmigheid omtrent hun uitspraken af te dwingen.

    Niemand zal het in zijn hoofd halen ze als lichtend voorbeeld op te voeren. Het zijn derhalve ‘marginale’ milities. Maar er zijn ook ‘centrale’ milities. Zoals de Revolutionaire Garde in Iran, of de Iraaks-sjiitische milities Hashd al-Shaabi. Die vormen geen tegenwicht voor het leger van hun staat, maar vullen het aan. Ze volgen het model van Europese totalitaire regimes door taken uit te voeren die hun door de regimes zijn opgedragen. Hiervoor ontvangen ze aanzienlijke budgetten, die worden toegewezen uit naam van ideologische credo’s over de verdediging van het vaderland, de strijd tegen verraderlijke buitenlandse of binnenlandse samenzweringen, enzovoort.

    Ooit was [het Libanese] Hezbollah een militie van de eerste soort: ‘marginaal’. Dat was in de jaren tachtig, toen ze door de Revolutionaire Garde werd getraind, in de dagen dat slogans als ‘uw sluier is mij dierbaarder dan mijn bloed’ het goed deden, en ongesluierde vrouwen zuur in hun gezicht kregen. Maar al snel werd Hezbollah een ‘centrale’ militie. Daartoe doopte ze zich om tot verzetsorganisatie die als heilig streven zei te hebben om door Israël bezet Arabisch land te bevrijden. Vervolgens werd Hezbollah erkend en gelegitimeerd door de inter-Libanese vredesakkoorden. De beweging ging deel uitmaken van de regeringsmachinerie, met parlementariërs en ministers. Uiteindelijk werd Hezbollah een actor in de oorlog in Syrië. De benoeming tot Libanese president van christen Michel Aoun, die nooit een geheim heeft gemaakt van zijn banden met Hezbollah, betekent dat de beweging het Libanese buitenlandbeleid mag bepalen.

    Door zich voor te doen als het ‘verzet’ verschafte Hezbollah zich voldoende legitimiteit om over alle belangrijke politieke kwesties mee te beslissen

    Dit alles heeft de status van Hezbollah als ‘centrale’ militie versterkt. De beweging heeft zich altijd als grensbewaker opgeworpen, in het zuiden tegen Israël, en daarna op nog wat grovere wijze in het oosten, waar Libanon aan Syrië grenst. In werkelijkheid ging het Hezbollah niet om bescherming van de grenzen, maar om binnenlandse politiek. Door zich voor te doen als het ‘verzet’ verschafte Hezbollah zich voldoende legitimiteit om over alle belangrijke politieke kwesties mee te beslissen – en uiteindelijk naar de politieke macht te reiken en sterker te worden dan het Libanese leger.

    Vandaag betalen we de prijs. De wereld behandelt Libanon en Hezbollah alsof ze twee hoofden van hetzelfde lichaam zijn. Recente Amerikaanse sancties en het Europese verzoek om geen onderscheid te maken tussen de ‘politieke’ en de ‘militaire’ tak van Hezbollah zijn wellicht een eerste stap naar vijandelijkheden die hun beslag zullen krijgen tegen de achtergrond van de spanningen tussen de VS en Iran.

    Auteur: Hazem Saghieh
    Vertaler: Carl Stellweg

    CONTEXT: Eén groot slagveld

    Vanaf een grondgebied dat zich uitstrekt van Iran tot aan Libanon – een grondgebied van vier landen die onder Iraanse controle staan – kunnen raketten op Israël worden afgevuurd om de wereld de macht van Teheran te tonen.

    Na veertig jaar vijandschap tussen Irak en Syrië – twee landen die onder bewind stonden van rivaliserende facties van de Baath-beweging – wordt de Iraaks-Syrische grens tegenwoordig gecontroleerd door twee regimes die strategische bondgenoten zijn van Iran. Iraakse sjiitische militieleden zouden zelfs de grens zijn overgestoken om de Syrische strijdkrachten en hun bondgenoten te assisteren bij de bevrijding van de Syrische stad Deir ez-Zor, die onder controle stond van IS.

    Qassem Soleimani, de leider van de Al-Quds Brigade, een speciale Iraanse strijdmacht die zich mengt in de oorlogen in Irak en Syrië, verwelkomde de Iraakse milities ter plaatse. De grens overwippen was geen probleem, ook niet voor Iraanse leiders die het front kwamen inspecteren.

    Dit is meer dan politiek vertoon, het is een tot wasdom gekomen militaire strategie

    Libanon hoort ook bij deze invloedssfeer, omdat ook het pro-Iraanse Hezbollah zich aan beide kanten van de grens ophoudt. Recent zijn grote tanks in Hezbollah-kleuren waargenomen in Noord-Irak, nabij Syrië, en het lijkt erop dat deze tanks van het Syrische leger afkomstig zijn. Volgens het Russische nieuwsagentschap Spoetnik heeft het Iraakse leger alleen T90-tanks, terwijl Hezbollah en Iraakse sjiitische milities de beschikking hebben over efficiëntere T90A’s met Chilka-kanonnen. Dit kan erop wijzen dat er niet alleen internationale grenzen maar ook wapens worden gedeeld, maar het herinnert ook aan de Iraanse voorkeur voor milities die sterker zijn dan nationale legers: zie Hezbollah in Libanon en de Revolutionaire Garde in Iran zelf.

    De geografische continuïteit van deze ‘As van Verzet’ (anti-Israël en anti-Saoedi-Arabië) is een bron van trots geworden voor Iraanse gezagsdragers, die daar ook intern gebruik van maken. Ali Akbar Velayati, adviseur van geestelijk leider Ali Khamenei, liet pro-Iraanse strijders in Aleppo weten dat toekomstige gevechten zich zullen afspelen in de rest van Oost-Syrië, wat een uitbreiding van het slagveld betekent. Iraanse functionarissen herhaalden dat de As van Verzet vanuit Teheran via Bagdad, Damascus en Beiroet naar Palestina leidt. Dit is meer dan politiek vertoon, het is een tot wasdom gekomen militaire strategie, zo bleek bijvoorbeeld toen er een Israëlisch vliegtuig boven Libanees grondgebied vanaf de Syrische kant van de grens werd bestookt door een luchtdoelraket.

    Hoe denkt Iran op deze aan elkaar grenzende slagvelden te opereren als er een totale oorlog zou uitbreken met Israël? Ten eerste zouden er vanaf verschillende locaties, en met grote intensiteit, ballistische raketten worden afgevuurd om het Israëlische luchtverdedigingssysteem, dat bekendstaat als de ‘ijzeren koepel’, lam te leggen, en zo belangrijke Israëlische doelen bloot te leggen. Daarnaast kunnen al deze aanvallen de vuurkracht van Israël beperken. Ten slotte vergemakkelijkt de geografische continuïteit de verplaatsing van Arabische en buitenlandse strijders op de grond, hoewel dit niet echt nuttig is gezien het luchtoverwicht van de Israëliërs en hun vermogen om infanterie op die manier een halt toe te roepen. Anderzijds zorgt deze geografische continuïteit ervoor dat de boodschap van Irans kracht in de regio luid en duidelijk aankomt, dat er oorlogen en conflicten op afstand kunnen worden beslecht en dat Teheran, zeker op nucleair gebied, een benijdenswaardige internationale onderhandelingspositie krijgt. (Al-Modon, Beiroet)

    Auteur: Mohanad Hage Ali
    Vertaler: Carl Stellweg

  • 1. Wie wil er oorlog en waarom?

    1. Wie wil er oorlog en waarom?

    De hoofdrolspelers.

    Er doen steeds meer geruchten de ronde over een ophanden zijnde oorlog tussen de coalitie onder leiding van Iran en een onwaarschijnlijk Israëlisch-Saoedisch bondgenootschap, maar een scenario daarvoor is moeilijk voorstelbaar. Hoewel de twee graag met hun tegenstander zouden willen afrekenen, heeft geen van beide er voorlopig belang bij een militaire confrontatie aan te gaan. Een rondgang langs de partijen die graag een goede oorlog zouden willen… maar dan wel bij volmacht.

    IRAN

    Sinds zes jaar investeert de Iraanse Revolutionaire Garde (IRG) in Teheran zwaar in Syrië om het regime van Assad te steunen. Deze steun kent diverse vormen: het sturen van ‘militaire adviseurs’ van de Sepah-e Qods, een speciale afdeling van de IRG, het inzetten van enkele duizenden (Libanese) Hezbollahstrijders, het aanvliegen van nieuwe wapens naar de luchthaven van Damascus, het werven door sjiitische milities van duizenden burgers (voornamelijk Afghaanse vluchtelingen) en het verstrekken van kredieten ter hoogte van 1 miljard dollar om de solvabiliteit van de clan van Assad te garanderen. Toch is dat alles onvoldoende gebleken voor een definitieve overwinning van het Syrische regime, dat daardoor slechts in het zadel werd gehouden totdat in september 2015 de Russen tussenbeide kwamen. Nu het voortbestaan van Assad verzekerd is, heeft Iran van de situatie gebruikgemaakt door zeer belangrijke strategische mijnconcessies in Syrië te bedingen en het recht om er een luchtmachtbasis en een militaire haven in de Middellandse Zee te bouwen.

    ISRAËL

    Bedient zich afwisselend van diplomatieke druk en militaire dreigementen om Teheran ervan te weerhouden een permanent bastion in Syrië te vestigen. Dit Israëlische beleid lijkt in te spelen op een interne strijd binnen het Iraanse regime, waar sommige facties van mening zijn dat de miljardeninvesteringen in de Syrische infrastructuur een beletsel zijn voor het economisch herstel van Iran zelf. Voorlopig heeft Teheran er geen enkel belang bij om in Syrië of Libanon een oorlog te ontketenen tussen zijn plaatselijke bondgenoten en Israël. Iran zou de confrontatie met Israël liever op een ‘gemakkelijker’ terrein willen aangaan: de zuidgrens tussen Israël en de Gazastrook. Een delegatie van Hamas (dat nog steeds Gaza bestuurt) was onlangs op bezoek in Teheran, en een tweede bezoek is binnenkort voorzien.

    De relatie tussen Hamas en Iran is bekoeld aan het begin van de Syrische oorlog, toen Iran het Syrische regime hielp honderdduizenden soennieten 
af te slachten, onder wie de Moslimbroeders, die bondgenoten waren van Hamas. Op het hoogtepunt van de 
burgeroorlog had Iran zijn steun aan de tegenstander van Hamas, de Palestijnse Islamitische Jihad (PIJ), zelfs opgevoerd. Maar nadien is de relatie verbeterd en zou Iran het oogluikend toelaten als Hamas en de PIJ hun krachten zouden bundelen om incidenten aan de Israëlische grens uit te lokken en de Israëlische aandacht af te leiden van het Syrische strijdtoneel.

    DE GAZASTROOK

    Ondanks de Iraanse bemoeienis kent de Gazastrook zijn eigen problemen, en hoewel Hamas dolblij is dat zijn relatie met Teheran is hersteld, liggen zijn belangen momenteel in Caïro, waar afgelopen oktober een verzoeningsakkoord is getekend met Al-Fatah en de Palestijnse Autoriteit. Egypte wil dat Hamas de orde in Gaza bewaart en dat de strook geen logistieke vrijplaats wordt voor IS-strijders in de Sinaï. Als er al twijfel bestond, met name in Israël, over de vraag of de onderlinge Palestijnse verzoening het zoveelste fiasco zou zijn, dan is die definitief weggenomen toen Israël op 30 oktober een tunnel van de PIJ verwoestte waarbij veertien PIJ– en Hamasstrijders omkwamen. In andere tijden zou zo’n operatie onmiddellijk tot Palestijnse represailles hebben geleid, maar die zijn ditmaal uitgebleven. Sterker nog, Hamas heeft de PIJ gedwongen de officieuze wapenstilstand te respecteren die in de zomer van 2014 met Israël overeen was gekomen.

    HAMAS

    De islamitische verzetsbeweging Hamas die al sinds juni 2007 aan de macht is in Gaza, heeft zich zeker niet bekeerd tot het zionisme. Maar de permanente blokkade door Israël van de Gazastrook en de verslechterde economische situatie hebben de nieuwe ‘premier’ van Hamas, Yahya Sinwar, tot de pijnlijke conclusie gebracht dat er zo snel mogelijk een akkoord moet worden gesloten met buurland Egypte en de Palestijnse Autoriteit. Zo niet, dan zal de situatie in de Gazastrook volledig uit de hand lopen. Sinwar is een politieke havik die lange jaren in Israëlische gevangenissen heeft doorgebracht, maar hij is ook afkomstig uit Gaza en kent de politieke spelletjes maar al te goed. En de Hamasdelegatie die naar Teheran is gestuurd legt in Gaza geen enkel gewicht in de schaal.

    EGYPTE

    Het is nog niet zo lang geleden dat Egypte als de meest vastberaden Arabische partner werd beschouwd in de regionale coalitie die tegen Iran in het leven was geroepen. Maar door zijn zwakke politieke en economische positie heeft het land zich gedwongen gezien pas op de plaats te maken en zich te concentreren op het elimineren van IS in de Sinaï, waar enkele honderden jihadisten dagelijks een veel zwaarder bewapende Egyptische strijdmacht uitdagen. Paradoxaal genoeg is Egypte waarschijnlijk het land dat het meest te vrezen heeft van de eliminering van de bastions van Islamitische Staat in Irak en Syrië. De ontsnapte IS-strijders zijn bezig zich in het naburige Libië te vestigen en de terroristische beweging is er waarschijnlijk op uit haar bastions in de Sinaï te versterken. Daarom heeft Egypte afstand gedaan van zijn historische missie als leider van het soennitisch-Arabische front en de fakkel overgedragen aan Saoedi-Arabië.

    SAOEDI-ARABIË

    De gebeurtenissen van de afgelopen tijd in Riyad hebben zelfs de best geïnformeerde waarnemers verrast: grootscheepse arrestatie van hooggeplaatste Saoediërs, met inbegrip van prinsen, op verdenking van corruptie; de benoeming op sleutelposities van vertrouwelingen van prins Mohamad bin Salman, alias MBS; een raadselachtig helikopterongeluk waarbij een prins om het leven kwam; het onder druk zetten van vrienden van de Saoediërs, zoals de Libanese premier Saad Hariri (die in Riyad onmiddellijk zijn aftreden bekendmaakte) en Mahmoud Abbas, de president van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) et cetera. Deskundigen kunnen alleen maar gissen naar de werkelijke motieven van MBS, die vermoedelijk ambitieuzer zijn dan de wens om zijn greep op het Saoedische koninkrijk te consolideren.

    Een van de theorieën over het aftreden van Hariri is dat hij bevel zou hebben gekregen naar Riyad te vluchten, zodat hij niet betrokken zou raken bij een ophanden zijnde, door Saoedi-Arabië gesteunde operatie van Israël tegen Libanon, oftewel een Israëlische aanval op Hezbollah. Het feit dat Hezbollah van een poging tot moord op Hariri is beschuldigd versterkt deze theorie alleen maar. De Saoediërs zouden ongetwijfeld dolblij zijn om hun Iraanse vijanden afgestraft te zien, en vanuit dat oogpunt zou Hezbollah een uitgelezen doel zijn. Maar het geval wil dat Riyad niet zelf een oorlog tegen Teheran kan beginnen. Tweeënhalf jaar geleden zijn de Saoediërs verwikkeld geraakt in een oorlog tegen de door Iran gesteunde Houthi’s in Jemen. Dat werd zo’n fiasco dat de laatsten er begin november in zijn geslaagd een raket af te vuren op de internationale luchthaven van Riyad. Het is dus moeilijk voorstelbaar dat de Saoediërs zich aan een offensief in het Golfgebied wagen tegen een veel sterker en krijgsvaardiger Iran. Vooral op het moment dat MBS zijn handen vol heeft aan binnenlandse politieke uitdagingen.

    HEZBOLLAH

    Na zes jaar strijd in Syrië onder de vlag van Iran kan Hezbollah zich beroepen op indrukwekkende overwinningen en een ruime mate van militaire ervaring, dankzij een geavanceerd wapenarsenaal en het bevel over indrukwekkende paramilitaire Syrische brigades. Maar de organisatie heeft minstens achthonderd manschappen in de strijd verloren terwijl enkele duizenden zwaargewond zijn geraakt, oftewel een kwart van haar troepen aan het begin van de oorlog in Syrië. Zeker, er zijn duizenden nieuwe rekruten getraind en naar het Syrische front gestuurd, maar dat is op weerstand gestuit binnen de sjiitische gemeenschap in Libanon, waar velen van mening zijn dat Hezbollah zijn rol van ‘Libanese verzetsbeweging’ te lang heeft verwaarloosd en van Libanon een gijzelaar van Iran heeft gemaakt.

    Militair gezien is Hezbollah niet meer in staat een oorlog tegen Israël te beginnen. De organisatie levert nog altijd strijd op diverse Syrische fronten en zou haar brigades weer op sterkte moeten brengen alvorens zich aan een nieuwe oorlog te wagen. Er zijn inmiddels achttien maanden verstreken sinds de moord op haar militaire bevelhebber Mustafa Badr al-Din, een aanslag waarvoor de opdracht zou zijn gegeven door Hassan Nasrallah, de 
feitelijke leider van Hezbollah, op aandringen van Iran. Badr al-Din is nog steeds niet vervangen. Bovendien heeft Nasrallah het aanzien verspeeld dat hij in de Arabische wereld genoot sinds de tweede Libanese oorlog in 2006, waarin Israël en Hezbollah tegenover elkaar stonden. Momenteel wordt hij niet langer gezien als de moedige speerpunt van het anti-Israëlische verzet, maar als moordenaar van Syrische verzetsstrijders tegen het regime van Assad. Nasrallah zou in de verleiding kunnen komen een nieuwe oorlog tegen Israël te beginnen in de hoop zijn imago op te poetsen, maar hij lijkt te beseffen dat zijn manschappen daar niet klaar voor zijn en dat vooral de vernietigende Israëlische represailles tegen de burgerinfrastructuur van Libanon een averechts effect zouden kunnen hebben. Nasrallah zou in dat geval door de Libanezen verantwoordelijk worden gehouden voor hun nieuwe leed. Maar als Hezbollah zich in zo’n kwetsbare positie bevindt, zou Israël dan niet in de verleiding kunnen komen daarvan te profiteren?

    ISRAËL

    Eén ding is vrijwel zeker. Zelfs als Hariri en de Saoediërs denken dat een Israëlische aanval op Libanon ophanden is, zou die niet voor begin december kunnen plaatsvinden. Israël is momenteel het toneel van de meest ambitieuze internationale militaire manoeuvres uit zijn geschiedenis, waaraan de luchtmachten van zeven andere landen deelnemen. Dit militair-diplomatieke machtsvertoon is al meer dan een jaar geleden gepland en de Israëlische luchtmacht heeft voorlopig geen tijd om zich met iets anders bezig te houden. Israël kan dus op zijn vroegst eind november een oorlog ontketenen, en dan alleen als de spanningen op zijn andere fronten zijn afgenomen.

    Voorlopig moet Israël er tot elke prijs voor zorgen dat de rust rond de Gazastrook bewaard blijft. Zijn nieuwe ondergrondse afweersysteem tegen aanslagen vanuit de tunnels van Hamas en de PIJ is nog in ontwikkeling en zal pas eind 2018 operationeel zijn. Bovendien wil Israël de diplomatieke inspanningen van Egypte om de Gazastrook te pacificeren niet in de wielen rijden. Op de Israëlisch-Libanese grens, daarentegen, is de zaak-Hezbollah veel complexer. Zeker, Israël valt regelmatig doelen op Syrisch grondgebied aan, meestal op Hezbollahkonvooien die geavanceerde wapens naar Libanon willen brengen. Syrië heeft herhaaldelijk geprobeerd terug te slaan door weinig effectieve raketten op de Israëlische vliegtuigen af te vuren, maar noch het regime van Assad noch Hezbollah is uit op een escalatie. In militaire kringen in Israël gaan stemmen op voor een grote preventieve operatie op Libanees grondgebied ter voorkoming van raketaanvallen door Hezbollah, maar deze stemmen zijn voorlopig nog in de minderheid.

    Ondanks zijn anti-Iraanse retoriek hoedt Benjamin Netanyahu zich ervoor de vijandelijkheden uit te breiden tot de belangrijkste handlanger van Iran, Hezbollah, en geeft hij de voorkeur aan precisieaanslagen. De lessen van de oorlog van 2006, die enkele weken duurde, liggen nog vers in het geheugen bij de militair verantwoordelijken in Israël, en de echte Netanyahu is in de grond van de zaak minder oorlogszuchtig dan hij voorgeeft te zijn. Hij is nooit voorstander geweest van grootscheepse militaire operaties 
die de mobilisatie van het hele leger vereisen, met het risico dat de waakzaamheid op andere fronten verslapt. Natuurlijk zou Netanyahu meer dan opgetogen zijn als iemand anders Iran blindelings te lijf zou gaan (de Amerikanen, om maar eens iemand te noemen). Maar hoewel de regering-Trump geen gelegenheid voorbij laat gaan om haar anti-Iraanse retoriek te ventileren, lijkt Washington niet te watertanden bij het idee van een oorlog die van retoriek in praktijk zou kunnen omslaan.

    Op 6 november verklaarde John Kerry, de voormalige minister van Buitenlandse Zaken van Barack Obama, bij het Royal Institute of International Affairs in Londen dat de Israëlische, Saoedische en Egyptische leiders Obama allemaal hadden gesmeekt Iran te bombarderen. Zijn conclusie was dat geen van deze leiders zich daar rechtstreeks aan durfde te wagen. Dat is een mooie samenvatting van de situatie.

    Auteur: Anshel Pfeffer
    Vertaler: Peter Bergsma

    Beeld: © Getty

    Haaretz
    Israël | dagblad | oplage 80.000

    Haaretz (Het Land, aanvankelijk Hadashot Haaretz, Nieuws uit Het Land) werd opgericht in Jeruzalem 
in 1918, nog voor het einde van de Eerste Wereldoorlog en vlak na de Balfour-verklaring van 1917, die het ontstaan van de staat Israël (in 1948) een forse stap dichterbij bracht. De krant verhuisde in 1923 naar Tel Aviv.

    Aanvankelijk werd de krant gesubsidieerd door het Britse militaire bestuur in Palestina, maar in 1919 werd hij overgenomen door een groep linkse zionisten. In 1935 werd Haaretz gekocht door de uit Berlijn afkomstige uitgever Salman Schocken. Diens zoon Gershom was hoofdredacteur tussen 1939 en 1990, zijn kleinzoon Amos is de huidige uitgever. Haaretz heeft qua oplage een bereik van slechts 4 procent van het Israëlische publiek, maar zijn invloed op de politiek en de Israëlische intelligentsia is aanzienlijk. De krant verschijnt in zowel een Hebreeuwse als een Engelstalige editie.

  • 7. Redt Assad zich eruit?

    7. Redt Assad zich eruit?

    De Syrische dictator heeft zijn land verwoest, maar de kans is groot dat hij blijft zitten. Donald Trump in de VS, en misschien François Fillon in Frankrijk, zouden hem zelfs kunnen rehabiliteren.

    Bashar al-Assad heeft gelijk: er zal een vóór- en een na-Aleppo zijn. De overwinning van de Assad-gezinde strijders in de tweede stad van Syrië is een belangrijk keerpunt in de Syrische oorlog. Het vierde sinds 2013 dat de positie van de Syrische president verder verstevigt. Dit laatste keerpunt is in zekere zin het rechtstreekse gevolg van de drie vorige: de weigering van Barack Obama om militair in te grijpen nadat het regime in 2013 chemische wapens had gebruikt in Ghouta, de toenemende macht van Islamitische Staat in 2014 en de Russische militaire interventie in 2015. Assad is bij al deze ontwikkelingen meer toeschouwer geweest dan actor, maar hij trekt er momenteel alle profijt van.

    Sinds Aleppo zit de koning vastgenageld aan zijn troon, en het zal heel moeilijk zijn om hem te laten vertrekken. Maar de nagels zijn van Russische en Iraanse makelij, en de koning is naakt. Zijn bewind berust nog maar op één ding: het feit dat hij de enige link is tussen alle partijen die momenteel de werkelijke macht in Syrië in handen hebben. Dat wil zeggen de Russen en de Iraniërs, maar ook de machtige inlichtingendiensten, de krijgsheren, de buitenlandse milities en de Syrische milities, die allemaal andere en soms tegenstrijdige belangen hebben.

    De koning heeft geen legitimiteit meer. De meerderheid van het Syrische volk is tegen hem en de helft van de bevolking bestaat uit binnen- of buitenlandse vluchtelingen

    Het koninkrijk van Assad is geamputeerd. Hij is de controle over het grootste deel van het Syrische grondgebied kwijtgeraakt. Een deel is in handen van de opstandelingen, een ander in die van de Koerden, weer een ander in die van de Turken en het laatste valt onder het juk van IS. Hoe vaak hij ook herhaalt dat hij heel Syrië wil heroveren, de uiteindelijke beslissing daarover zal in Moskou en Teheran worden genomen. En daar lijkt men zich a priori tevreden te stellen met het ‘nuttige Syrië’. Het koninkrijk ligt in puin en de twee peetvaders hebben geen zin om voor de wederopbouw op te draaien. Vooral niet als hun beschermeling niet eens de heroverde gebieden kan behouden, zoals in het geval van de stad Palmyra, die heroverd is door IS.

    De koning heeft geen legitimiteit meer. De meerderheid van het Syrische volk is tegen hem en de helft van de bevolking bestaat uit binnen- of buitenlandse vluchtelingen. Hij zou op dit moment nieuwe verkiezingen kunnen uitschrijven, mits die alleen plaatsvinden in de gebieden waarover hij de controle heeft en de Syriërs uit het buitenland niet meedoen. Hij is de belangrijkste reden voor de breuk tussen de verschillende lagen binnen de Syrische maatschappij, tussen degenen die hem steunen uit ideologische overtuiging of uit angst voor verandering en degenen die koste wat het kost willen dat hij vertrekt.

    De koning heeft geen vrienden. Zijn betrekkingen met de Russen en de Iraniërs stoelen hooguit op loyaliteit. Met het Westen heeft hij helemaal geen betrekkingen. Washington, Londen en Parijs hebben de afgelopen dagen voortdurend herhaald dat de Syrische president moet vertrekken, ondanks zijn overwinning in Aleppo. Assadistan is voorlopig een geïsoleerd koninkrijk. Maar het jaar 2017, waarin Donald Trump de macht in de Verenigde Staten overneemt, en François Fillon misschien die in Frankrijk, zou hem een rehabilitatie kunnen opleveren, al was het maar de facto. Dat is geen gering wapenfeit, gezien zijn situatie.

    Een jongen met een poster van de Syrische president Assad. – © HH
    Een jongen met een poster van de Syrische president Assad. – © HH

    Een failliete staat, een opgeblazen bewind, een in stukken gehakt grondgebied en een verdeeld volk: ziedaar de totale chaos. Maar de koning heeft er lak aan. Hij heeft de chaos sinds het begin van het conflict omarmd en er zijn belangrijkste bondgenoot van gemaakt. Door zich een slachtofferrol aan te meten.

    De koning heeft de oorlog niet gewonnen, maar hij kan hem ook niet verliezen. Hij heeft zijn land opgeofferd om een schijnbare macht veilig te stellen. Hij heeft gewonnen, maar Syrië heeft verloren. Hij is er nog, maar zijn land bestaat niet meer.

    Auteur: Anthony Samrani

    CONTEXT: Hezbollah op oorlogssterkte

    ‘De ommekeer in de oorlog in Syrië heeft Tsahal [de Israëlische strijdkrachten] ervan overtuigd dat een hernieuwd conflict met Hezbollah niet lang op zich zal laten wachten’, schrijft de krant Haaretz. Volgens bronnen van het dagblad voeren militaire leiders de druk op de Israëlische minister van Defensie op om de beschikking te krijgen over enkele honderden langeafstands- en precisieraketten teneinde de vijand ook ver binnen de grenzen van Libanon te kunnen vernietigen.

    ‘De aanschaf van deze nieuwe ballistische wapens vergroot de opties voor Israël in geval van een grondaanval.’ Van haar kant zou de sjiitische organisatie in Libanon de beschikking hebben gekregen over ‘een arsenaal aan de modernste raketten voor de aanval op gronddoelen’.

    ‘Het feit dat Hezbollah erin is geslaagd een arsenaal aan raketten voor de lange afstand te verwerven, verontrust Tsahal’, aldus de Israëlische krant. Bovendien, zoals Haaretz al in november onthulde, heeft ‘het vooruitzicht van een oorlog tegen een zwaarbewapende Hezbollah de Israëlische legerleiding ertoe aangezet een evacuatieplan op te stellen voor rond 80.000 burgers uit Galilea, mocht Hezbollah trachten diep door te dringen op Israëlisch grondgebied of langdurig de grensstreek te bestoken met langeafstandswapens.

    Het gaat daarbij om een strategische breuk met de doctrine die al zo oud is als het zionisme zelf en die behelst dat er nooit burgers geëvacueerd worden uit oorlogsgebied, omdat dit het gevaar zou meebrengen van het demografisch dan wel territoriaal ineenstorten van de staat Israël.’

    L’Orient-Le Jour
    Libanon | dagblad | oplage onbekend

    In 1971 fuseerden de twee grootste Franstalige kranten van Beiroet: L’Orient en Le Jour. Behartigt de preoccupaties van de Libanese christenen.