Tag: inlichtingendiensten

  • Waarom Lissabon al decennia een nest van geheime agenten is

    Waarom Lissabon al decennia een nest van geheime agenten is

    Als NAVO-land met een hoogwaardige technologiesector en banden met Afrika staat Portugal in de belangstelling van onder meer de Iraanse, Chinese en Russische geheime dienst. Die interesse dateert niet van gisteren.

    Een vierdaagse reis in juni 2014 naar Isfahan, de derde stad van Iran, bracht João F. op het netvlies van de Amerikaanse geheime dienst. In gezelschap van een Turkse ondernemer had de ingenieur uit Lissabon een ontmoeting met ene Reza. Het doel was zakelijk: de installatie in Iran van twee grote Duitse machines voor het slijpen van lenzen. Het betrof het eerste in een reeks Europese en Noord-Amerikaanse contracten voor de levering van hoogwaardige technologie – technologie die in de ogen van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken geschikt was voor militaire toepassingen.

    Het Amerikaanse wantrouwen groeide toen de Portugees ten westen van Lissabon een kleine hangar huurde om de machines tussentijds in op te slaan, alvorens ze via ‘complexe zeeroutes’, over Turkije en China, naar Isfahan te verschepen. Twee jaar later werd een machine die het bedrijf van João F. van New York naar Lissabon moest overbrengen, onderschept op JFK Airport. De angst bestond dat het apparaat in Iraanse handen zou vallen. Een paar maanden later werd João F. in de Verenigde Staten gearresteerd op verdenking van ‘criminele samenzwering’. Hij kwam weer vrij, zijn huidige verblijfplaats is onbekend.

    Verspieders te huur in het Verenigd Koninkrijk

    In een langetermijnonderzoek dat in maart werd gepubliceerd, besteedt The Sunday Times hernieuwde aandacht aan een zorgwekkende trend in het Verenigd Koninkrijk: het overlopen van militairen en geheime agenten naar de privésector.
    ‘Op kosten van de belastingbetaler zijn deze spionnen, militairen en agenten door de Britse staat opgeleid in het uitvoeren van clandestiene operaties,’ schrijft de zondagskrant. ‘Eenmaal in de privésector beland slaan ze munt uit deze vaardigheden door ze in te zetten ten behoeve van autocratische staten, oligarchen en rijke bedrijven. Ze schaduwen auto’s, regelen nepsollicitatiegesprekken, stelen privédocumenten uit prullenbakken en kopen getuigen om – allemaal extreme methoden om peperdure gerechtelijke procedures te doen omslaan in het voordeel van de opdrachtgever.
    ‘De rechtbanken van Londen zijn het epicentrum van de industriële spionagesector,’ stelt het conservatieve weekblad. ‘Die vormen tegenwoordig een internationaal centrum van juridische geschillen. De klanten van deze detectivebedrijven zijn machtige buitenlandse actoren, van bedrijven tot staten, die zich het volledige arsenaal aan moderne gerechtelijke procedures kunnen veroorloven.’ Het enige doel: koste wat het kost winnen. ‘Zo kan het gebeuren dat Britse rechtbanken stukken accepteren die onder dubieuze omstandigheden zijn verkregen,’ stelt The Sunday Times vast.
    Bezorgde Britse parlementsleden zijn nu van plan de sector aan banden te leggen door middel van een wetsvoorstel dat in januari is ingediend.

    Een document dat dit jaar door de Portugese geheime dienst werd gepubliceerd, verwijst indirect naar deze zaak: ‘Er zijn verdenkingen van aankopen op het nationaal grondgebied die verband houden met programma’s voor massavernietigingswapens.’ Aankoop van materiaal dus dat kan worden gebruikt voor nucleaire doeleinden. Bepaalde landen, zo gaat het verder, verwerven op discrete wijze ‘materiaal, apparatuur en technologieën voor duale toepassing, en van gevoelige aard, die ook kunnen worden gebruikt voor clandestiene militaire projecten’. Lege vennootschappen in Iran, Syrië en Pakistan zouden een rol spelen in deze transacties, aldus het document, alsook ‘diverse tussenpersonen in het buitenland’ die ‘risicovolle zaken’ afhandelen.

    Tevens maakt het rapport melding van een nieuw fenomeen: de belangstelling van studenten en wetenschappers uit ‘prolifererende landen’ (met een nucleair programma) voor allerlei universitaire en wetenschappelijke cursussen en evenementen in Portugal, wat ‘een risico’ zou kunnen betekenen op ‘overdracht van gevoelige kennis’.

    Deel2 4
    © iStock / DrAfter123

    Sinds de publicatie van het rapport is dit fenomeen toegenomen, volgens bronnen rondom de inlichtingendiensten. Iran heeft een vinger in de pap gekregen op technische universiteiten en manipuleert onderzoekers, zegt een van hen. Onder een diplomatieke of academische dekmantel benaderen Iraanse geheim agenten Portugese docenten en studenten die betrokken zijn bij projecten op het gebied van nanotechnologie, ruimtevaarttechniek en kernfusie. Veel van deze docenten en studenten onderhouden contacten met Noord-Amerikaanse, Engelse, Spaanse en Franse universiteiten. De Iraniërs proberen hen te lokken met wetenschappelijke samenwerkingsprojecten. Hun missie is om zeer gespecialiseerde knowhow binnen te halen, die het nucleaire programma van het regime in Teheran nog gevaarlijker kan maken.

    Kans van slagen

    De kwetsbaarste en minst scrupuleuze wetenschappers gaan uiteindelijk in op deze voorstellen en delen voor ze het weten gevoelige wetenschappelijke informatie. ‘Die contacten zijn echter niet altijd succesvol. Ze hebben de meeste kans van slagen bij mensen die in een lastige fase in hun leven zitten, bijvoorbeeld door een scheiding of een schuld. Ronselaars proberen zo veel mogelijk persoonlijke informatie over hun doelwitten te vergaren en hun zwakke punten te benutten,’ aldus een bron die in de binnenlandse veiligheid heeft gewerkt en anoniem wil blijven.

    Portugal beschikt over geavanceerde technologie die ‘erg interessant is voor vijandelijke machten’. Die technologie is misschien niet van hetzelfde niveau als die van de Noord-Amerikanen, maar is wel ‘makkelijk toegankelijk’, zo stelt een voormalige functionaris die banden heeft met de inlichtingendiensten.

    Iraanse gevaar

    Eén zaak illustreert hoezeer westerse mogendheden het Iraanse gevaar serieus nemen: dat van een particuliere luchtvaartmaatschappij die er door de Verenigde Staten van wordt verdacht terroristen uit Syrië en Libanon naar Venezuela te hebben gebracht voor een training. In tegenovergestelde richting zou deze maatschappij goud en wapens van Latijns-Amerika naar het Midden-Oosten overbrengen om Hezbollah en de Iraanse Revolutionaire Garde te financieren, in ruil voor Iraanse olie. De regering van Donald Trump riep in april 2020 diverse landen op om dit bedrijf uit hun luchtruim te weren. Sommige van deze vliegtuigen konden desondanks over het Iberisch Schiereiland vliegen en zo de gebruikelijke routes omzeilen.

    Anders dan de Iraniërs, die solistisch opereren, doen de Chinese inlichtingendiensten op Portugese bodem een beroep op culturele instellingen die onder auspiciën van Beijing staan. Vorig jaar besprak het tijdschrift Sábado de rol van het Confucius Instituut: dat verspreidt niet alleen propaganda, het treedt ook op als rekruteringscentrum voor agenten die gevoelige informatie moeten verzamelen. De Portugese inlichtingendiensten houden de activiteiten van de Chinese ambassade in Lissabon in de gaten, zo meldt het weekblad.

    Veilgheidsdiensten verdenken Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen

    De lijn tussen lobbyen en spionage is dun; de veiligheidsdiensten verdenken diverse Portugese academici ervan de belangen van Beijing te dienen, soms de wet te omzeilen en staatsgeheimen te schenden. ‘De geheime diensten weten heel goed wie er in Portugal voor de vijand werkt, maar het is moeilijk te bewijzen. Je moet de geldroute volgen,’ zegt beveiligingsspecialist Luiz Tomé.

    Portugal kent een vrij grote Chinese gemeenschap, en de veiligheidsdiensten en de gerechtelijke politie vermoeden dat China een discrete maar reële macht uitoefent over de leden ervan. Safeguard Defenders, een in Madrid gevestigde ngo, onthulde eind vorig jaar het bestaan van 102 Chinese ‘politiebureaus’ in 53 landen, die Chinese staatsburgers vervolgen op verdenking van diefstal, illegaal gokken of zelfs kritiek op het regime. De bureaus hebben geen officiële bevoegdheid en informeren het gastland niet over hun activiteiten. De Madrileense ngo beschuldigt Beijing bovendien van gedwongen repatriëringen.

    Beijing probeert daarnaast toegang te krijgen tot ‘gevoelige’ informatie door politieke leiders te bewerken met soft power. Daar begint de soms ingewikkelde dans van economische en politieke macht. ‘China wordt een steeds machtigere reus. Al tien jaar tracht het land Portugese bedrijven in de belangrijkste sectoren binnen zijn invloedssfeer te krijgen, en het flirt ook weleens met de politieke macht,’ zo weet Hugo Costeira, voorzitter van het Observatorium voor interne veiligheid.

    De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur

    De politici in kwestie dienen vooral om ‘deuren te openen’ naar nieuwe partnerschappen tussen ondernemers uit beide landen, maar de veiligheidsdiensten bezien dergelijke initiatieven met wantrouwen. Ze vrezen dat Beijing op deze manier vertrouwelijke overheidsdossiers in handen krijgt. Eén ding is zeker: de stormachtige entree van Huawei in Portugal en de miljoenen euro’s die grote Chinese aandeelhouders in Portugese beursgenoteerde bedrijven hebben gestoken, zijn de Noord-Amerikaanse diplomatie een doorn in het oog.

    Epicentrum

    Ook al is er sprake van internationale spionage in Portugal, op mondiaal niveau neemt het land op dat gebied nog lang geen belangrijke strategische positie in. Lissabon was ooit wél het epicentrum van wereldwijde spionage. Tijdens de Tweede Wereldoorlog nam dictator António Salazar een neutrale positie in. Dat gegeven, en de gunstige geografische positie van het land als vertrekhaven voor Amerika, trok velen aan die het oorlogsgeweld wilden ontvluchten, van leden van Europese koningshuizen tot diplomaten, bankiers, zakenlieden en voormalige heersers van landen die door de nazi’s waren bezet. De Portugese hoofdstad werd zodoende een belangrijke locatie voor grote spionagenetwerken. In de stad en langs de kust naar het noorden verscholen zich tal van geheim agenten, zowel geallieerden – vooral Britten en Amerikanen – als Duitsers.

    ‘Ze werkten meestal voor hun ambassades, maar je had ook dubbelspionnen die voor zichzelf klusten en beide partijen dienden,’ zegt historica Irene Pimentel. Garbo, de codenaam van de Catalaan Juan Pujol García, was een van de belangrijkste dubbelspionnen van Lissabon. Hij had grote invloed op de afloop van de oorlog. Aanvankelijk stond hij in dienst van de Duitsers, maar uiteindelijk werkte hij voor de Britse geheime dienst MI5, zonder dat Berlijn er lucht van kreeg. Hij maakte Hitler wijs dat de geallieerden in Pas-de-Calais zouden landen en niet in Normandië, waardoor de Duitsers een groot deel van hun troepen naar de verkeerde plek dirigeerden. De bekwame dubbelspion speelde het klaar om in de loop van de oorlog zowel door de Führer als door Churchill te worden onderscheiden.

    Een andere dubbelagent die voor de Britse geheime dienst werkte en valse informatie doorgaf aan de Duitsers, was de Serviër Dusko Popov. Hij stond model voor het door Ian Fleming gecreëerde karakter van James Bond. Popov, die de reputatie van een playboy had en buitengewoon moedig was, verbleef in die dagen in hotel Palácio in Estoril. Daar ontmoette hij Fleming, een Britse marineofficier die in Portugal diende. Talloze thrillers uit die tijd gaan over het gekuip en gekonkel dat destijds schering en inslag was in Portugal. Geen wonder, ‘het land vormde een waar nest van spionnen van alle gezindten,’ lacht Pimentel.

    Het Hongaarse perspectief

    Muren met oren
    Honderden Russische en Chinese spionnen zijn actief in de Belgische hoofdstad, stelt het Hongaarse weekblad HVG. En deze buitenlandse agenten zouden niet alleen uit vijandige staten zoals Rusland, China of Iran komen, maar ook uit bevriende landen, waaronder leden van de EU.
    De Belgische Staatsveiligheidsdienst heeft onvoldoende personeel om deze situatie het hoofd te bieden, en de lokale contraspionage werd pas alert na de Russische invasie van de Krim in 2014, de aanslagen in Parijs in 2015 en die in Brussel in 2016. Brussel is de zetel van de Europese Raad, de Commissie, het Europees Parlement en de NAVO, maar ‘er is nog geen Europese CIA of een organisatie die de diensten van de 27 lidstaten kan samenbrengen,’ schrijft HVG.

    Salazar hield iedereen scherp in de gaten, maar had aanvankelijk meer op met de Duitsers. Hij beval de geheime politie om de activiteiten van de Britse diensten de kop in te drukken. Later maakte hij hun het leven juist gemakkelijker, vooral vanaf 1943, toen de geallieerden de strijdkrachten van de asmogendheden in Noord-Afrika versloegen en het duidelijk werd dat ze aan de winnende hand waren in de oorlog. De Russen speelden een beslissende rol in de eindoverwinning: ze dwongen Duitsland in 1945 tot capituleren, terwijl de macht van hun geheime diensten zich pas na de oorlog begon af te tekenen, met de oprichting van de KGB in de jaren vijftig.

    Anjerrevolutie

    De Sovjetspionage was vooral actief in Portugal in de jaren die volgden op de val van de dictatuur in 1974 [Salazar trad in 1968 om gezondheidsredenen af als minister-president en overleed in 1970, maar zijn partij bleef tot de Anjerrevolutie van 1974 aan de macht]. Russische agenten opereerden destijds in Lissabon. Aan deze pogingen om invloed uit te oefenen kwam geen eind na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Nog maar zes jaar geleden werd een functionaris van de SIS (de Portugese binnenlandse veiligheidsdienst) veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf voor het doorgeven van staatsgeheimen aan de Russische geheime dienst. De activiteiten van de Russische inlichtingendiensten zijn sindsdien alleen maar geïntensiveerd, vooral tijdens de pandemie.

    Nieuwe mogelijkheden

    Covid-19 heeft niet alleen doden en lockdowns tot gevolg gehad, maar ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden. De pandemie noopte universiteiten, openbare instellingen en laboratoria tot het elektronisch delen van gevoelige informatie over vaccins, PCR-testen en persoonsgegevens, wat allerlei hackers in dienst van NAVO- en EU-vijandige regimes aantrok. Volgens een overheidsbron is er de laatste tijd ‘aardig wat’ informatie uitgewisseld over de gevoelige kwestie van Russische cyberaanvallen tijdens de twee jaar van de pandemie.

    uit onze archieven

    Australië zegt dat het een spionnennest heeft schoongeveegd. In februari zei Mike Burgess, hoofd van de Australische inlichtingendiensten, dat zijn land in de greep was geweest van ‘een ongekend aantal spionageactiviteiten’. Een netwerk van agenten, van wie sommigen jarenlang undercover hadden gewerkt, is volgens hem in 2022 ontmanteld. De spionnen zouden zijn uitgezet.

    Cybercriminelen uit Moskouse koker hebben hun illegale activiteiten sinds de oorlog in Oekraïne verveelvoudigd. In januari en februari was er een grootschalig cyberoffensief tegen Europese landen die Oekraïne steunen. Doelwit in Portugal waren het directoraat-generaal Gezondheid, de farmaciefaculteit van de Universiteit van Lissabon en de servers van het ziekenhuis van Amadora-Sintra.

    Covid-19 heeft ook Chinese en Russische agenten nieuwe mogelijkheden geboden

    Bruno Castro, ceo van cybersecuritybedrijf VisionWare, vermoedt dat het Kremlin achter deze aanvallen zit. ‘Zo kan het westerse landen aanvallen en tegelijkertijd represailles vermijden die tot een oorlog kunnen leiden.’ Dat wil zeggen: de Russen huren de allerbeste hackers in, die hun werk doen onder verkapte bescherming van de FSB (de opvolger van de KGB), de GROe (de militaire inlichtingendienst) en de SVR (de externe inlichtingendienst).

    Het Tsjechische perspectief

    Russische diplomaten ontmaskerd
    In april 2021 zette Praag een grote groep Russische diplomaten uit. Het ging om achttien ambassademedewerkers die werden verdacht van betrokkenheid bij de explosie van een munitiedepot, een paar jaar eerder, waarbij meerdere doden waren gevallen. Tsjechië is een van de eerste Europese landen die zo veel Russische diplomaten in één keer uitwees.
    Het dagblad Deník N wijst erop dat sinds het begin van de oorlog van Rusland tegen Oekraïne ruim vierhonderd vermeende agenten door EU-landen zijn ontmaskerd en uitgezet. De Russische spionage heeft volgens de krant de zwaarste klap sinds het einde van de Koude Oorlog te verwerken gekregen. ‘De EU, de VS en hun westerse bondgenoten steunen Oekraïne niet alleen heel zichtbaar. Ze werken er ook intensief aan om dit netwerk plat te leggen.’

    Deze cyberspionnen hebben het ook op Portugal gemunt. De aanval van vorig jaar tegen servers van de militaire staf is een van de ernstigste voorbeelden. De hackers verkochten uiteindelijk de NAVO-documenten die ze hadden buitgemaakt. De veiligheidsdiensten wisten zich echter al voordat het conflict tussen Moskou en Kiev uitbrak bedreigd door Rusland.

    deel2 1
    © iStock / DrAfter123

    De oorlog in Oekraïne en de zwarte lijst van Russische oligarchen die door de EU en de Verenigde Staten is opgesteld, hebben de Russische aanwezigheid in Portugal onder spanning gezet. De oorlog was twee maanden aan de gang toen het ministerie van Buitenlandse Zaken twee functionarissen van de Russische ambassade in Lissabon uitzette vanwege ‘activiteiten die in strijd zijn met de nationale veiligheid’. Een maand later stuurde het Kremlin vijf in Moskou gestationeerde Portugese diplomaten naar huis.

    NAVO en EU

    Het is duidelijk dat de vijand zich aangetrokken voelt door de academische en wetenschappelijke knowhow en de economische en politieke banden van een land dat, zij het enigszins in de periferie, deel uitmaakt van twee van de belangrijkste militaire en economische allianties: de NAVO en de EU. Maar wat betekent Portugal voor zijn bondgenoten? ‘We zijn nog steeds van waarde voor onze bondgenoten, omdat Lissabon dominant blijft wat het inlichtingenwerk in Afrika betreft,’ zegt Hugo Costeira. ‘Vooral de Fransen, de Britten en de Amerikanen hebben nogal wat belangen op dat continent. Ze zijn happig op de gevoelige informatie die wij bezitten, vooral in Afrikaanse landen waar Portugees de officiële taal is.’

    Oekraïne

    Geheime diensten op ramkoers
    De Russische invasie in Oekraïne heeft ook de relatie tussen de geheime diensten van de twee landen op ramkoers gezet. Sinds 24 februari 2022 zijn de FSB en zijn Oekraïense equivalent, de SBU, op alle niveaus met elkaar in botsing gekomen, zo stelt de onlinekrant Oekraïnska Pravda in een lang artikel over dit onderwerp.
    Het conflict had geen openlijke oorlog nodig om te beginnen; het zou zelfs dateren van vóór de Maidan-revolutie van februari 2014. Waaruit bestaat het werk van de Federale Veiligheidsdienst van de Russische Federatie (FSB) in Oekraïne? Antwoord: ‘Rekrutering van agenten, moorden, terreurdaden, cyberaanvallen’, maar ook ‘het aanstellen van marionetten op sleutelposities’ en ‘de strijd tegen de pro-Oekraïense publieke opinie’.
    Russische agenten, schrijft het onlinedagblad, zijn tot in de meest gesloten staatsstructuren van het land doorgedrongen. Ze beschikten over agenten binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en binnen de rechterlijke macht, in de geestelijkheid en onder afgevaardigden en gewone burgers, die bereid waren de belangen van Oekraïne te verraden.
    De SBU zelf wordt niet gespaard. In februari begon in Kiev het proces tegen Oleg Koelinitsj, voormalig hoofd van het bureau van de SBU op de Krim. Hij wordt verdacht van hoogverraad; hij zou in opdracht van zijn Russische contacten informatie hebben achtergehouden over het Russische invasieplan.
    Volgens SBU-diensten dateren de activiteiten van de FSB in Oekraïne van voor 2014. Uit onderzoek zou zijn gebleken dat ten tijde van president Viktor Janoekovitsj de FSB al was geïnfiltreerd in de Raad van nationale veiligheid en defensie (RNBO), en wel in de persoon van plaatsvervangend secretaris Volodymyr Sivkovytsj, zelf een voormalig lid van de KGB, wiens naam in verband wordt gebracht met de moorden op Maidan in februari 2014.
    De FSB heeft ook nieuwe taken gekregen in de bezette gebieden, waar zijn vertegenwoordigers onbeperkte bevoegdheden genieten. Zij benoemen nieuwe lokale gezagsdragers, verbieden pro-Oekraïense demonstraties, kiezen ‘journalisten’ uit voor het verspreiden van propaganda en oefenen druk uit op ceo’s en ambtenaren die weigeren mee te werken. Ze houden vertegenwoordigers van de Oekraïense diensten in de gaten. Ook de politie staat onder toezicht van de FSB. ‘Yakuza’s’, zo noemen soldaten van het Russische leger de vertegenwoordigers van de FSB in de bezette gebieden die ‘druk uitoefenen op de werknemers van de kerncentrale Zaporizja om samen te werken met het Russische nucleaire agentschap Rosatom’.
    Met dit inlichtingen- en veiligheidsapparaat, zo concludeert Oekraïnska Pravda, waren de Russen van plan om Kiev binnen drie dagen in te nemen. ‘Ze hebben gefaald, maar de kwestie van mollen en verraders binnen de SBU en andere staatsstructuren, zowel militair als civiel, blijft cruciaal. Met name omdat er FSB-agenten in de hoogste kringen zitten. Die kunnen de inspanningen van de Oekraïense strijdkrachten tenietdoen.’

    Een andere bron die bij inlichtingendiensten heeft gewerkt volgt een soortgelijke redenering: ‘Portugal dient als platform voor alle bevriende en vijandelijke inlichtingendiensten vanwege zijn strategische geografische ligging, zijn verbondenheid met Afrika en omdat hier tal van culturen vertegenwoordigd zijn, zodat geheim agenten niet zo snel de aandacht trekken.’ Lissabon is net zo open als Londen of Parijs, maar wordt minder bewaakt. ‘Men komt naar Lissabon en Porto om inlichtingen uit te wisselen met agenten uit andere landen. We sluiten de ogen een beetje voor die activiteiten, omdat ze ons veel voordelen opleveren.’ Wat hen, kortom, aantrekt is dat Portugal ‘een NAVO-land is dat institutionele betrekkingen heeft met Afrika’.

    Lees ook:

  • De Zweedse geheime dienst heeft zijn handen vol. ‘De acties van Moskou zijn onvoorspelbaar’

    De Zweedse geheime dienst heeft zijn handen vol. ‘De acties van Moskou zijn onvoorspelbaar’

    Sinds de spanningen op het wereldtoneel zijn toegenomen, staan de inlichtingendiensten op scherp. Maar volgens het hoofd van de Zweedse contraspionage zijn er vooral veel schermutselingen tussen totalitaire regimes en democratieën, en keren we niet terug naar de Koude Oorlog.

    Te oordelen naar de omvang van zijn spionageactiviteiten steekt Rusland veel meer energie in het infiltreren in de Zweedse samenleving dan in de Deense. Of het moet zo zijn dat de inlichtingendienst onder leiding van voormalig KGB-agent Vladimir Poetin minder succesvol is geweest aan de Deense zijde van de brug over de Sont [de zeestraat tussen beide landen].

    Vertrouwelijke documenten

    In april raakte de inlichtingenwereld in beroering nadat was gebleken dat de jonge Amerikaanse militair Jack Teixeira honderden vertrouwelijke documenten van het Pentagon had gelekt. Op de website UnHerd stelde militair historicus Edward Luttwak echter dat het overgrote merendeel van deze documenten helemaal niet ‘top secret’ is: ‘Er worden reusachtige hoeveelheden pseudogeheime documenten gefabriceerd. Dat gebeurt telkens wanneer een functionaris een stukje commentaar toevoegt aan de lange samenvattingen van mediapublicaties die Amerikaanse diplomatieke posten, waar ook ter wereld, dagelijks uitspuwen.’

    In iets meer dan tien jaar tijd zijn er in Denemarken slechts twee veroordelingen uitgesproken op grond van een wetsartikel dat lichte gevallen van spionage strafbaar stelt. De ene betrof een Finse hoogleraar aan de Universiteit van Kopenhagen, de andere een jonge Russische chemisch ingenieur aan de Technische Universiteit van Denemarken. Tijdens een proces achter gesloten deuren in Aalborg, in Noord-Jutland, werd die laatste veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, gevolgd door uitzetting.

    Een contrast met Zweden: alleen al in de afgelopen maanden speelden daar twee hoogst opmerkelijke zaken. De ene ging om een voormalig medewerker van de Säpo, de Zweedse veiligheidsdienst, die levenslang kreeg; de andere betrof de spectaculaire inrekening van een Russisch echtpaar dat jarenlang een zogeheten slapende cel bleek te hebben gevormd, een beetje zoals in de Amerikaanse Koude Oorlogsserie The Americans.

    Rusland

    In een onlangs door de Säpo [de Zweedse nationale veiligheidsdienst] vrijgegeven jaarverslag wordt Rusland zonder meer als grootste bedreiging van Zweden aangemerkt. En dat net nu dat laatste land, na tientallen jaren van neutraliteit, aan de poorten van de NAVO rammelt. De Russen leggen zich vooral toe op het verspreiden van complottheorieën en staatsondermijnende uitingen. Mosterd na de maaltijd, kun je zeggen: de toetreding van Zweden tot de westerse militaire alliantie – in het kielzog van Finland, dat op 4 april al lid werd – is onafwendbaar.

    De acties van Moskou zijn onvoorspelbaar en in potentie roekeloos, zo valt in het Säpo-rapport over Rusland te lezen. Maar het gaat niet alleen om Rusland: China is een ‘almaar grotere bedreiging op de lange termijn’ en Iran een ‘tastbare bedreiging voor de veiligheid’. Ook meldt de Säpo dat buitenlandse regimes veel geld uitgeven om in Zweden illegaal aan geavanceerde technologie te komen. Vooral de agressie tegen Oekraïne heeft geleid tot een grotere Russische behoefte aan technologische middelen om de militaire capaciteit te behouden.

    iStock 1387753089
    © iStock / breakermaximus

    Als hoofd van de afdeling contraspionage binnen de Säpo sinds 2015 heeft Daniel Stenling een zeer onaangename ervaring gekend: er bevond zich een mol binnen zijn dienst in Stockholm. Peyman Kia, een Zweed van Iraanse afkomst, verleende jarenlang zijn diensten aan de Zweedse militaire inlichtingendienst, maar maakte ondertussen gemene zaak met het Russische inlichtingenbureau GROe. Begin dit jaar veroordeelde het Hof van Stockholm de dubbelspion tot levenslang, omdat hij samen met zijn jongere broer Payam zeer vertrouwelijke documenten aan de Russische militaire inlichtingendiensten had doorgespeeld, tegen betaling van honderdduizenden Zweedse kronen.

    Recorduitzettingen in Noorwegen

    Nog nooit heeft Noorwegen zo veel diplomaten tegelijk uitgezet, meldt de Noorse krant Aftenposten. Vijftien mensen, ruim een derde van het diplomatieke personeel van de Russische ambassade in Oslo, werden op 13 april tot persona non grata verklaard. Volgens het dagblad Verdens Gang behoort ambassadeur Teimuraz Ramisjvili niet tot deze vijftien.
    De activiteiten van deze Russische diplomaten vormden ‘een bedreiging voor de Noorse belangen’, aldus de minister van Buitenlandse Zaken, Anniken Huitfeldt van de Arbeiderspartij. NAVO-lid Noorwegen stelde dat de uitzettingen niet het gevolg waren van een specifieke gebeurtenis, maar van intensiever werk van de Noorse inlichtingendiensten.
    Sindsdien is uit de berichtgeving van lokale media een concreter beeld opgerezen. Zo was er een ontmoeting in een park in Oslo tussen een Noorse zakenman en een Russische nepdiplomaat die de zakenman probeerde te rekruteren. Ten minste vijf van de vijftien uitgewezen Russen zijn inmiddels geïdentificeerd als agenten van inlichtingendiensten.
    De kou tussen Oslo en Moskou is nu ijzig, concludeert de site van de publieke radio- en televisiezender NRK. ‘Nieuw is dat Noorwegen zelf actie heeft ondernomen en niet heeft gereageerd op incidenten of soortgelijke acties van bondgenoten.’ Voorlopig zijn de door Moskou beloofde represailles uitgebleven.

    Aangezien de verdachte in beroep is gegaan, kan Stenling nog niet veel zeggen over het proces tegen deze voormalige Säpo-medewerker, die sinds 2017 in de gaten werd gehouden en in 2021 werd gearresteerd. In eerste instantie is de betrokkene schuldig bevonden aan het nemen van foto’s, met zijn mobiel, van vertrouwelijke documenten. Die kwamen vervolgens in Russische handen via zijn broer, die hiervoor werd veroordeeld tot negen jaar en tien maanden.

    ‘Dit is een zaak die wij zeer ernstig nemen,’ aldus Stenling. ‘We hebben hier lering uit getrokken en maatregelen genomen om onze interne veiligheid te verbeteren. We hebben geregeld contact gehad met buitenlandse inlichtingendiensten over alle omstandigheden rond deze zaak, maar zolang de rechtbank nog geen definitieve uitspraak heeft gedaan, kan ik niet met zekerheid zeggen dat de persoon in kwestie daadwerkelijk een spion is.’ (Inmiddels heeft Peyman Kia gedeeltelijk bekend.)

    ‘Heel Europa is het decennium van spionnen ingegaan’

    Volgens het laatste jaarverslag van de Säpo zijn ouderwetse spionagemethoden nog steeds in zwang: zo wordt er fysiek informatie vergaard voor buitenlandse mogendheden. Met name de Russen doen veel moeite om voor dit werk geschikte kandidaten te werven: vaak mensen met financiële of ideologische motieven of met wraakgevoelens, bijvoorbeeld omdat ze in hun carrière gefrustreerd zijn geraakt.

    Een van de meest vooraanstaande Zweedse experts op dit gebied is Michael Jonsson, adjunct-directeur van het FOI, het Zweedse Onderzoeksinstituut voor Defensie. In het nieuwsmagazine Politico voorspelde hij dat niet alleen Zweden maar heel Europa het ‘decennium van de spionnen’ is ingegaan. Het aantal spionage-incidenten doet denken aan de Koude Oorlog, die officieel in 1991 eindigde met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.

    Vonnissen gestegen

    Van 2010 tot 2021 zijn er in diverse Europese landen in totaal 42 mensen veroordeeld voor spionage. De laatste jaren is het aantal vonnissen aanzienlijk gestegen, vooral in de Baltische landen. Vorig jaar werden er zeven Russen en drie Chinezen veroordeeld voor clandestiene activiteiten. En dat is nog maar het topje van de ijsberg, want vaak worden alleen de gevallen die tot uitzetting leiden bekend.

    In april 2022 wees Denemarken vijftien medewerkers van de Russische ambassade in Kopenhagen uit. Volgens de Deense militaire inlichtingendienst waren ze betrokken bij spionageactiviteiten en opereerden ze onder een diplomatieke dekmantel. In april 2023 was het de beurt aan Noorwegen om vijftien mensen uit te zetten.

    Westerse inlichtingendiensten zijn inmiddels meer geïnteresseerd in contraspionage dan in terrorismebestrijding. Rusland vormt op dit moment de grootste bedreiging, China is op lange termijn de belangrijkste tegenstander, aldus Michael Jonsson.

    Er is werk aan de winkel voor de contraspionage

    De Säpo heeft ongeveer 1400 medewerkers; dat zijn er meer dan de Deense binnenlandse veiligheidsdienst PET. Maar Stenling wil niet vertellen hoeveel van zijn ondergeschikten de straten van Stockholm afspeuren op Russen die Zweedse burgers proberen aan te zetten tot illegale activiteiten. Wel zegt hij dat zijn afdeling heeft geprofiteerd van de aanzienlijke extra middelen die zijn vrijgekomen in reactie op de verhoogde Russische activiteit van de afgelopen jaren. Maar ook China en Iran hebben zich niet onbetuigd gelaten, en lijken eveneens geïnteresseerd in alle onderdelen van de Zweedse samenleving. Er is dus werk aan de winkel voor de contraspionage.

    ‘Het valt nog te bezien of dit echt een terugkeer naar de Koude Oorlog betekent,’ benadrukt Stenling. ‘Zeker is wel dat de spanningen zijn toegenomen, en daarmee ook de spionageactiviteiten. Wat we nu zien is een mondiale wedloop om informatie tussen totalitaire landen en landen als Zweden en Denemarken.’

    Beijing versterkt contraspionage

    Op 24 april onderwierp minister van Staatsveiligheid Chen Yixin de gebouwen van het Staatsveiligheidsbureau in Beijing aan een stevige inspectie. Het resultaat beviel hem niet. De spionage moest serieus de kop in worden gedrukt, zo verklaarde hij volgens de South China Morning Post. Hij noemde de Chinese hoofdstad het ‘voornaamste slagveld’ van ‘infiltraties, ondermijning en spionage’.
    Twee dagen later gaf de Wetgevende Commissie van de Nationale Volksvergadering haar goedkeuring aan de herziening van een wet op contraspionage uit 2014, zo meldt het weekblad Nikkei Asia. De nieuwe tekst richt zich met name op cyberbeveiliging, om elke aanval of inmenging via internet ‘door spionageorganisaties of hun agenten’ tegen overheidsdepartementen, bedrijven of belangrijke faciliteiten te bestrijden.
    Dit offensief volgt op de recente onthulling van een aantal spionagezaken. Een van de opvallendste betreft de publicist Dong Yuyu. Hij was adjunct-directeur van de commentaarsectie van het officiële dagblad Guangming Ribao, werkte er sinds 1987 en gaf blijk van liberale sympathieën. Hij werd opgepakt en na meer dan een jaar detentie beschuldigd van spionage, zo zei zijn familie tegen de Amerikaanse pers. Volgens The New York Times is Dong sinds zijn arrestatie in februari 2022, tijdens een lunch met een Japanse diplomaat, niet meer in het openbaar gezien.

    Volgens hem bekijken de Russen met argusogen hoe de verwachte overeenkomst tussen Zweden en de NAVO precies zal uitpakken (Stockholm hoopt uiterlijk eind dit jaar lid te worden) en welke gevolgen de toetreding zal hebben voor de wapensystemen en de troepeninzet in het koninkrijk. ‘De Russische dreiging is het concreetst, vanwege de oorlog in Oekraïne. De Russen ontberen de technologie om hun strijdkrachten op te bouwen,’ zegt Stenling. ‘Maar we mogen China niet uitvlakken; dat land heeft veel belangstelling voor hoogwaardige technologie, wetenschap en de grote Zweedse exportsectoren. De Chinezen willen de wereldleiders worden.’

    Maar als we het Kremlin mogen geloven, spioneren westerse landen zelf ook volop. Immers, zo hield president Poetin zijn veiligheidsdiensten onlangs voor, ‘westerse inlichtingendiensten zijn altijd actief geweest in Rusland. Nu ze meer personeel en andere middelen tegen ons inzetten, kunnen wij niet anders dan dienovereenkomstig reageren.’

    Lees ook:

  • Het geheime plan van het Kremlin: nepprotesten tegen Erdogan en Turkije

    Het geheime plan van het Kremlin: nepprotesten tegen Erdogan en Turkije

    Uitgelekte documenten laten zien dat Russische agenten nepprotesten organiseerden in Europese steden, waaronder Den Haag, om Erdogan te beledigen en Oekraïne daarvan de schuld te geven. Op die manier wil Rusland verdeling zaaien in Europa, zo blijkt uit een onderzoek van verschillende Europese media.

    Een koranverbranding voor de Turkse ambassade in Stockholm in januari zette de toch al gespannen betrekkingen tussen Turkije en Zweden op scherp en leidde uiteindelijk tot opschorting van het Zweedse NAVO-lidmaatschap. Het incident inspireerde Russische inlichtingendiensten; ze zagen een kans om het conflict tussen EU-landen en Turkije aan te wakkeren en ontwikkelden een plan om Erdogan in enkele grote Europese steden te beledigen. Dit blijkt uit uitgelekte documenten die werden verkregen door de journalistenorganisatie Dossier Center in Londen en gedeeld met een groep Europese media, waaronder de Zweedse krant Expressen. Tot het samenwerkingsverband behoren ook Danmarks Radio, Le Monde, Süddeutsche Zeitung, NRK, SVT, Delfi en WDR/NRD.

    In de documenten wordt de achterliggende gedachte van het plan beschreven: ‘Vandaag de dag zijn er aanzienlijke spanningen tussen Turkije en EU-landen. Dat betreft niet alleen de moeizame diplomatieke betrekkingen tussen Turkije en Zweden en uitstel van het toetredingsproces van Scandinavische landen tot de NAVO. In heel Europa is er sprake van een algehele toename van islamofobe sentimenten.’ Om de bron te beschermen zal deze niet worden gepubliceerd. De documenten zijn oorspronkelijk afkomstig van een officier van een van de Russische inlichtingendiensten, wiens identiteit bij de redactie bekend is.

    Het protest van Ankara

    De verbranding van de koran in Zweden door de Zweeds-Deense rechtsextremist Rasmus Paludan sloeg over naar Nederland; de leider van de antimoslimbeweging Pegida scheurde tijdens een demonstratie pagina’s uit een koran. Dat was voor Ankara aanleiding om de Nederlandse ambassadeur te ontbieden en protest aan te tekenen.

    De Russische documenten verwijzen naar dat incident en stellen voor dat demonstranten in Den Haag de Turkse vlag zullen vertrappen en portretten van de Turkse president in brand zullen steken. Ze beschrijven ook een uitgebreide graffiticampagne met ‘beledigingen aan het adres van Erdogan in alle grote Europese steden’. Daarnaast bevatten de documenten beknopte beschrijvingen van hoe de demonstraties kunnen worden georganiseerd: ‘Vijf mensen (lokale bewoners en migranten) met maskers vertrappen de Turkse vlag en verbranden een portret van Erdogan. Een van de deelnemers neemt dat op met een mobiele telefoon. De locatie is een iconische plek in Den Haag. De video wordt vervolgens naar Turkse media en organisaties gestuurd. De video wordt gepubliceerd op sociale netwerken, etc.’

    Behalve Den Haag zijn beoogde plekken voor zulke acties Parijs, Brussel en Frankfurt. Uit een van de gelekte documenten van de Russische inlichtingendienst blijkt dat deze acties ook al zijn uitgevoerd; een actie in Parijs met ingehuurde ‘demonstranten’ is omschreven door de Russische inlichtingendienst. ‘Op 5 maart om acht uur ’s ochtends ontvouwden leden van de Oekraïense gemeenschap een groot en een klein anti-Turkijespandoek in het centrum van Parijs, op een bekende plek, namelijk bij de toegang tot Place Saint-Pierre. Bij het spandoek stonden twee activisten, die salueerden en naar de camera riepen: STOP ERDOGAN!’

    Volgens plan werd de actie gepost op Facebook en op YouTube werden clips van de gebeurtenis geplaatst. Uit de documenten blijkt dat de actie niet al te lang duurde omdat voorbijgangers de politie belden: ‘Helaas werden de spandoeken al binnen 40 minuten van het hek gehaald’, aldus het document. Het doel van de Russische actie was vooral om Oekraïne de schuld in de schoenen te schuiven. Dat wordt expliciet beschreven: ‘Het belangrijkste doel van de actie: toon de ondankbaarheid en de provocerende reacties van Oekraïense zijde op de tragedie in Turkije (aardbeving). Benadruk het destructieve nazikarakter van pro-Oekraïense activisten en de Oekraïense samenleving onder het bewind van V. Zelensky in het algemeen.’

    Dezelfde mensen duiken op bij de ene demonstratie na de andere en hun berichten op sociale media zijn terug te voeren op drie accounts

    Uit een analyse van foto’s en socialemedia-accounts door het Deense Danmarks Radio en het Franse Le Monde blijkt dat de man die op 5 maart beweerde een pro-Oekraïense demonstrant te zijn, aan verschillende eerdere demonstraties heeft deelgenomen, maar dan in een heel andere hoedanigheid. Zo was er op 11 februari in Parijs een grote demonstratie over de pensioenhervorming in Frankrijk, waar de man een bord droeg tegen Oekraïne, de NAVO en de VS.

    Tien van zulke acties zijn getraceerd in steden als Den Haag, Brussel, Parijs en Madrid. De aanpak is steeds hetzelfde: drie mannen gaan naar demonstraties die niets met de oorlog in Oekraïne te maken hebben en fotograferen zichzelf in de menigte terwijl ze borden omhooghouden met boodschappen als ‘NAVO, stop met het bombarderen van Donetsk’ en ‘Stuur geen wapens meer naar Oekraïne!’ Deze zelfde mensen duiken op bij de ene demonstratie na de andere en hun berichten op sociale media zijn terug te voeren op drie accounts.

    Met behulp van informatie uit Russische databases van luchtvaartmaatschappijen heeft Dossier Center de man achter het meest actieve profiel kunnen traceren in Sint-Petersburg. Hij is Algerijns staatsburger en voormalig student aan de Elektrotechnische Universiteit van Sint-Petersburg. Eind december vorig jaar, vlak voordat de beïnvloedingsoperatie begon, werd hij lid van verschillende Franse Facebookgroepen. Daar plaatste hij advertenties die bijverdiensten beloofden van zo’n 80 tot 100 euro per dag voor het maken van foto’s.

    Als de man achter het Facebook-profiel telefonisch wordt benaderd, ontkent hij elke betrokkenheid en beweert hij dat zijn account enige tijd geleden is gehackt. Kort na het telefoontje worden zijn socialemedia-accounts echter opgeheven, net als enkele andere accounts die eraan gelieerd zijn. Verschillende andere mensen die deelnamen aan de demonstraties zijn geïdentificeerd, maar geen van hen wilde antwoorden op onze vraag of ze werden betaald voor hun deelname.

    Verdeeldheid

    Expressen heeft geen acties in Zweden kunnen vinden die verband houden met het Russische plan, maar het is duidelijk dat gebeurtenissen in Zweden de operatie hebben geïnspireerd. ‘Deze campagne is geïnspireerd door de koranverbranding van Paludan in januari in Zweden,’ laat Valentyna Shapovalova weten aan Danmarks Radio. Zij doet onderzoek naar Russische desinformatie en propaganda aan de Universiteit van Kopenhagen.

    Rasmus Paludan zegt tegen Danmarks Radio dat hij geen banden heeft met Rusland. ‘Ik ben niet direct of indirect door Rusland of Russische agenten beïnvloed om welke actie dan ook te ondernemen of om wat dan ook te uiten,’ zegt hij.

    Voorafgaand aan publicatie gaf Expressen de Zweedse veiligheidsdienst (Säpo) inzage in de Russische documenten met het verzoek om commentaar. ‘Dit is interessante informatie die overeenkomt met wat we eerder hebben gezien van de Russische invloed op Zweden en andere westerse landen,’ zegt Gabriel Wernstedt, woordvoerder van de Zweedse veiligheidsdienst.

    Verschillende westerse veiligheidsdiensten waren naar verluidt op de hoogte van het plan. Säpo wil geen commentaar geven op wat zij wist, maar zegt dat Russische beïnvloedingscampagnes Rusland in een gunstig daglicht willen stellen, en ‘een gebruikelijke manier om dat te doen is verdeeldheid zaaien in de samenleving’.

    ‘We weten dat Rusland op verschillende manieren agenten of proxies gebruikt voor destabilisatie’

    ‘Daarbij wordt gebruikgemaakt van strategieën die voor verdeeldheid zorgen. Ze creëren  gemeenschappen of allianties om landen uit elkaar te drijven en het vertrouwen in het liberaal-democratische regeringsstelsel van het Westen op verschillende manieren te schaden,’ zegt Wernstedt. ‘Dat gebeurt vooral binnen het kader van bestaande internationale organisaties, zoals de EU en niet in de laatste plaats de NAVO – organisaties dus die Zweden beschouwen als onderdeel van het collectieve Westen. We maken al deel uit van de EU en we zijn op weg om lid te worden van de NAVO.’

    Zulke acties van de Russische inlichtingendiensten zijn niet verrassend, vindt Indrek Kannik, directeur van het International Center for Defence and Security, die de documenten onderzocht op verzoek van het Estse Delfi. ‘Ze vormen een klassiek onderdeel van hun gedragspatroon. De Russen begrijpen dat ze geen vrienden kunnen worden met sommige landen, maar weten dat ze wel verdeeldheid tussen landen kunnen zaaien. Rusland doet dat om het Westen te verzwakken en uit elkaar te drijven.’

    In eerdere onderzoeken heeft Expressen laten zien hoe de Russische regering plannen maakte om Zweedse milieuactivisten en zelfs een afdeling van de Universiteit van Stockholm te gebruiken om pleidooien tegen de NAVO te verspreiden. Het zijn pogingen waar Säpo goed van op de hoogte is. ‘We weten dat Rusland op verschillende manieren agenten of proxies gebruikt voor destabilisatie, maar ook om platforms op te zetten voor beïnvloedingsactiviteiten of sabotage,’ zegt Gabriel Wernstedt. ‘En ze maken gebruik van bedrijven die zich legaal gezien in een grijs gebied bevinden.’

    Russische beïnvloedingsactiviteiten in Zweden zijn vaak gericht op de Russische diaspora. Volgens Wernstedt gaat het zowel om mensen van Russische afkomst als om mensen die uiteenlopende banden met Rusland hebben. ‘Maar er wordt ook op verschillende manieren invloed uitgeoefend op andere groepen in Zweden, niet in de laatste plaats op politici en ambtenaren die beslissingen nemen. Daarnaast wordt desinformatie verspreid om het imago van Rusland te verbeteren en Zweden zwart te maken.’

    Op vragen van Expressen aan de Russische regering en het Russische ministerie van Defensie werd niet gereageerd.

    Lees ook:

  • Turkije is niet langer een gastvrij ‘spionnennest’

    Turkije is niet langer een gastvrij ‘spionnennest’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Donald Trump kondigt lancering van eigen sociale media aan: Truth Social

    » Sinds brexit geven Britten meer geld uit in Spanje

    Turkije treed op tegen buitenlandse inlichtingendiensten

    Tijdens de Koude Oorlog was Istanboel een echt ‘spionnennest’, waar agenten uit de hele wereld elkaars pad kruisten, elkaar observeerden en de confrontatie met elkaar aangingen. Door zijn strategische ligging, op de scheidslijn tussen Europa, de Kaukasus en het Midden-Oosten, en door de spanningen in de regio is Turkije opnieuw een favoriete schuilplaats geworden voor schimmige mannen, schrijft Courrier International.

    Op 24 september hebben de Turkse politie en inlichtingendiensten in Van, in het noordoosten van het land, een cel ontmanteld van acht personen die voor de Iraanse geheime diensten werkten, zo meldt dagblad Sözcü.

    Het netwerk, bestaande uit twee Iraanse onderdanen en zes Turkse medeplichtigen, was van plan een tegenstander, een voormalige Iraanse militair, en zijn vrouw, die zich in Turkije verborgen hielden, te ontvoeren. Twee leden van de groep, de een Turks, de ander Iraans, werden zelfs onderschept op weg naar het huis van hun opponent, een operatie die werd gefilmd en uitgezonden door het staatsnieuwsagentschap Anadolu. Acht maanden lang werden de vermeende spionnen gevolgd door teams van het MIT, de Turkse geheime dienst. Een machtige en ondoorzichtige organisatie, deels buitenlandse inlichtingendienst, deels contraspionagedienst en deels gevreesde politieke politie, die haar grondgebied angstvallig bewaakt en niet aarzelt in te grijpen tegen rivaliserende buitenlandse diensten wanneer deze bepaalde grenzen overschrijden, of om een boodschap over te brengen, schrijft Het Franse weekblad Courrier.

    https://www.youtube.com/watch?v=rsCPnyrSak0

    Kort daarna was het op 7 oktober de beurt aan Irans gezworen vijand, de Israëlische Mossad. ‘Een team van tweehonderd MIT-leden was al een jaar bezig met dit netwerk van Mossad-agenten, verspreid over vier steden in vijf cellen van elk drie personen’, maakte dagblad Sabah bekend.

    Ze werden betaald voor hun diensten in bitcoin via een systeem waarmee ze geld konden opnemen bij handelaren en verzamelden informatie over Palestijnse en andere buitenlandse studenten in Turkije, vooral degenen die kennis konden opdoen die gebruikt kon worden in de defensie-industrie, legt Sabah uit.

    En aan de jacht op spionnen lijkt dit najaar geen einde te komen: daags na de razzia op vermeende Mossad-informanten, werd ditmaal Rusland in het vizier genomen: ‘Zes mensen gearresteerd op beschuldiging van spionage en voorbereiding van een gewapende actie’, meldt Hürriyet. Volgens het dagblad worden de zes personen, van Russische, Oekraïense en Oezbeekse afkomst, ervan verdacht de moord op Tsjetsjeense tegenstanders op Turks grondgebied te hebben beraamd en hiertoe wapens te hebben aangeschaft. Zij werden aangehouden na een proces op beschuldiging van ‘politieke en militaire spionage’, waarop volgens het Turkse strafrecht een gevangenisstraf van vijftien tot twintig jaar staat, aldus de krant.

    Lees ook:

  • 6. ‘Nachtmerrie veiligheidsdiensten is werkelijkheid geworden’

    6. ‘Nachtmerrie veiligheidsdiensten is werkelijkheid geworden’

    Gelijktijdige en op elkaar afgestemde aanslagen, dat is precies wat de Franse inlichtingendiensten al maandenlang vreesden, schrijft het Libanese dagblad L’Orient-Le Jour.

    Gelijktijdige aanslagen, een gijzel
neming door verschillende schutters en minstens één 
zelfmoordactie: dat is het nachtmerrie
scenario dat zich vrijdagavond in Parijs heeft voltrokken en dat al maandenlang door de terrorismebestrijders werd gevreesd.

    De afgelopen weken hebben experts herhaaldelijk gewaarschuwd dat er islamistische aanslagen van ongekende omvang in Frankrijk werden voorbereid die vrijwel onmogelijk konden worden verijdeld.

    ‘De thermometer stijgt. Ze wachten gewoon het juiste moment af om de gebeurtenis rechtstreeks door de media te laten verslaan zodat een maximum aan publiciteit is gegarandeerd,’ verklaarde een lid van de Franse terrorismebestrijding onlangs anoniem tegenover het Franse nieuwsagentschap AFP. ‘We vrezen aanslagen met kalasjnikovs, die lange tijd zullen duren.’

    Wat er vrijdagavond is gebeurd bij onder meer het Stade de France en Le Bataclan is precies wat de Franse terrorismebestrijders al maandenlang vreesden: een Parijse kopie, maar dan nog erger, van de aanslag door een goed bewapend islamistisch commando in het winkelcentrum Westgate in Nairobi, in september 2013, die 68 mensen het leven kostte tijdens een belegering van vier dagen, voor de lens van camera’s van over de hele wereld.

    ‘Op de dag dat je twee goede veteranen van de strijd in Syrië treft, heb je een probleem’

    ‘Als ze zich opsluiten in een warenhuis, is het een nachtmerrie om ze te vinden,’ had dezelfde leidinggevende eraan toegevoegd. ‘Je moet eerst weten hoeveel schutters er zijn, ze daarna zien te 
vinden en ze neutraliseren, en dat 
kost uren. Op de dag dat je twee goede veteranen van de strijd in Syrië treft, heb je een probleem.’

    Sinds begin dit jaar hebben alleen geluk en de onhandigheid van de mannen die een aanslag wilden plegen, zoals die op een Thalys en een kerk in Villejuif, een bloedbad kunnen voorkomen. Maar nu er tientallen steeds gehardere jihadistische strijders zijn teruggekeerd, zo’n groot aantal dat het onmogelijk is ze allemaal in het oog te houden, zijn de risico’s van een aanslag van ongekende omvang onophoudelijk toegenomen.

    Leden van de Forensische Opsporing verzamelen bewijsmateriaal bij café Comptoir Voltaire. – © SIPA / HH
    Leden van de Forensische Opsporing verzamelen bewijsmateriaal bij café Comptoir Voltaire. – © SIPA / HH

    ‘Het gevaar komt van een aanzienlijke groep jongemannen die gehard zijn in de strijd, misschien in Syrië, misschien in Libië, misschien in Jemen, en die ter plaatse (in Frankrijk) wapens vinden en tot actie overgaan,’ zo verklaarde Yves Trotignon, tot voor kort verbonden aan de antiterrorismeafdeling van Franse buitenlandse inlichtingendienst DGSE, onlangs tegenover AFP. 
Hij voegde eraan toe: ‘Jongens die vastbesloten zijn en bereid om te sterven, die hun doelwit hebben bestudeerd en operationeel gezien hun mannetje staan, kunnen veel kwaad aanrichten. Het aantal veteranen van de jihad neemt met de dag toe. De veiligheidsdiensten, je kunt er niet omheen, worden erdoor overspoeld.’

    Na de aanslagen op Charlie Hebdo en de Hyper Cacher afgelopen januari hebben de antiterrorismedienst, de inlichtingendiensten, de politie en de veiligheidsdiensten zich voorbereid op een eventuele gelijktijdige aanslag, zoals die zich in de nacht van vrijdag op zaterdag heeft voltrokken. Ze hebben geoefend op hoe ze moeten reageren, zich moeten mobiliseren en moeten samenwerken als zo’n aanslag werkelijkheid wordt.

    De aanslagen in Mumbai in november 2008, waarbij tien aanslagplegers tegelijkertijd vijf verschillende doelen aanvielen en 173 mensen doodden, waren door alle antiterrorismediensten op de wereld bestudeerd. Maar alle verantwoordelijken verklaarden desgevraagd dat het onvermijdelijk was dat de aanslagplegers methodes zouden kunnen gebruiken die ze niet hadden voorzien.

    Auteur: Michel Moutot
    Vertaler: Peter Bergsma

    Michel Moutot is journalist voor l’Agence France-Presse (AFP). Hij verbleef in die functie achtereenvolgens in Lyon, Beiroet, Bosnië, Kenia, Albanië en Servië en New York. Hij won prijzen voor zijn verslagen over de Kosovo-oorlog en de aanslagen in New York. In 2015 verscheen zijn eerste roman, Ciel d’acier: ces indiens qui ont construit l’Amérique, waarmee hij een debutantenprijs won.

    L’Orient-Le Jour
    Libanon, dagblad, oplage onbekend
    In 1971 fuseerden de twee grootste Franstalige kranten van Beiroet: L’Orient en Le Jour. Behartigt de preoccupaties van de Libanese christenen.