Tag: Kaczynski

  • Ivan Krastev: ‘De “samenzwering” van Smolensk sluit aan bij het zelfbeeld van de Polen’

    Ivan Krastev: ‘De “samenzwering” van Smolensk sluit aan bij het zelfbeeld van de Polen’

    Vijf jaar geleden vonden de president van Polen en 95 anderen de dood bij een vliegtuigcrash in Rusland. Volgens de nieuwe Poolse leiders was het geen ongeluk, dus werd de zaak toegedekt. Die theorie vormt de basis van hun huidige succes en beleid, schrijft Oost-Europaspecialist Ivan Krastev.

    Keuze uit het archief

    Afgelopen zondag werden in Polen parlementsverkiezingen gehouden. Hoewel de regeringspartij PiS (Recht en Gerechtigheid) het hoogste absolute aantal stemmen heeft gehaald, waren het de oppositiepartijen die met 53 procent van de stemmen samen een meerderheid behaalden.
    In dit artikel van Foreign Policy uit 2016 laat Oost-Europakenner Ivan Krastev zien hoe het komt dat PiS jarenlang zo’n grote aanhang had (en nog heeft) onder de Poolse bevolking. Op een doortastende wijze legt hij uit hoe de theorie dat de vliegramp bij Smolensk in 2010 geen ongeluk was, maar een moordaanslag door Rusland, PiS heeft geholpen om zijn macht te consolideren en jarenlang zo populair te blijven. ‘De “samenzwering” van Smolensk is een quasi-ideologie geworden voor Recht en Gerechtigheid’, zo stelt hij.

    In 2007, hetzelfde jaar dat de eerste regering van Recht en Gerechtigheid, onder leiding van Jaroslaw Kaczynski, de macht verloor, bracht de legendarische Poolse filmregisseur Andrzej Wajda zijn epische film Katyn uit. In een tijdsbestek van twee uur vertelt Katyn het verhaal van duizenden Poolse krijgsgevangenen – voornamelijk militaire officieren en hogere burgers – die in 1940 op bevel van Stalin werden omgebracht in het bos van Katyn. Het is eigenlijk een film over twee misdaden: de executie van Poolse patriotten in een bos in de buurt van Smolensk, en de daaropvolgende verdoezeling van de waarheid.

    De officiële versie van de tragedie, verspreid door de communistische regering van het naoorlogse Polen, was dat de nazi’s verantwoordelijk waren geweest voor de executies. Maar er waren Polen die niet bereid waren met deze leugen te leven. Een van de hoofdpersonen in de film, Agnieszka, wil een marmeren grafsteen voor haar vermoorde broer neerzetten, met daarop alleen het werkelijke jaar van zijn dood – 1940 – als een aanwijzing dat louter de Sovjets, die het gebied destijds controleerden, de moorden hebben kunnen uitvoeren. Ze wordt vervolgd wegens het verspreiden van een samenzweringstheorie, maar ze weet dat ze de waarheid spreekt.

    Toen Kaczynski – die opnieuw aan de macht is gekomen als leider van de wederom regerende partij Recht en Gerechtigheid – in een toespraak op 10 december aankondigde dat hij van plan is een plaquette aan te brengen op het presidentiële paleis in Warschau om zijn tweelingbroer te herdenken, zag hij zichzelf waarschijnlijk als de hoeder van het erfgoed van mensen als Agnieszka, die weigerden de communistische leugen te slikken. Kaczynski’s broer, president Lech Kaczynski, kwam in 2010 om, samen met 95 andere leden van de Poolse elite, toen zijn vliegtuig neerstortte tijdens de landing op de militaire luchthaven van Smolensk in West-Rusland. (Ze waren daarheen gereisd om de herdenking van de zeventigste verjaardag van Katyn bij te wonen). Jaroslaw Kaczynski heeft sinds de crash een buitensporige hoeveelheid tijd en energie gewijd aan zijn pogingen om te bewijzen dat het geen ongeluk was, en dat de destijds regeren-de partij Burgerplatform, om politieke of geopolitieke redenen, de waarheid heeft verdoezeld.

    Geen geloofwaardige bewijzen

    Er zijn zeker parallellen tussen de twee voorgestelde monumenten – dat van Agnieszka en dat van Kaczynski. Maar de analogie is niet duidelijk. De opening van de Sovjetarchieven in de jaren negentig liet geen enkele twijfel bestaan over het feit dat de Sovjets in 1940 inderdaad zo’n 22.000 Polen hadden vermoord (over het exacte aantal slachtoffers is nog steeds een discussie gaande). De gebeurtenissen van 10 april 2010, toen het vliegtuig neerstortte, zijn niet zo makkelijk te reconstrueren. Maar er zijn geen geloofwaardige bewijzen die de bewering van Recht en Gerechtigheid ondersteunen dat wat in Smolensk is gebeurd een moordaanslag door de Russen was, of dat met name de Russische luchtverkeersleiders verantwoordelijk waren voor de ramp. In Wajda’s film wilde Agnieszka een monument voor de waarheid bouwen, maar wat Kaczynski voorstelt is een eerbetoon aan een samenzweringstheorie.

    De strijd van Kaczynski om de waarheid over Smolensk boven tafel te krijgen en het erfgoed van zijn broer te kunnen verheerlijken, hebben de afgelopen vijf jaar de kern gevormd van de politieke strategie van Recht en Gerechtigheid. Kaczynski heeft dikwijls persoonlijk de marsen bijgewoond die de tiende van iedere maand in Warschau plaatsvonden om de slachtoffers van de crash te herdenken, waarbij deze werden gebruikt als instrument om steun voor de partij te helpen mobiliseren. De Polen lijken op hun beurt steeds meer bereid om hierin mee te gaan. Waar vijf jaar geleden de meeste Polen nog Kaczynski’s versie van de gebeurtenissen afwezen en zelfs de manier goedkeurden waarop de Russen met de tragedie omgingen, geeft vandaag de dag een op de drie Moskou de schuld. Bij opiniepeilingen heeft de partij Recht en Gerechtigheid steun onder alle leeftijds- en inkomensgroepen, en onder mensen van uiteenlopende opleidingsniveaus. Het geloof in de cover-up van Smolensk lijkt de sterkste factor te zijn bij de beantwoording van de vraag of iemand zich achter Kaczynski zal scharen.

    Het gevoel dat de overgangsfase nooit zal ophouden heeft de postcommunistische landen bijzonder vruchtbaar gemaakt voor samenzweringstheorieën

    De Polen zijn niet de enigen die massaal geloof hechten aan het bestaan van cover-ups door regeringen, ondanks het gebrek aan bewijsmateriaal. Volgens opiniepeilingen betwijfelt de helft tot driekwart van de mensen in diverse landen in het Midden-Oosten dat Arabische kapers verantwoordelijk waren voor de aanslagen van 9/11, denken vier op de tien Russen dat de Amerikaanse maanlandingen nep waren en denkt de helft van de Amerikanen dat hun regering waarschijnlijk de waarheid over de aanslagen van 9/11 verborgen houdt. Zolang er verdachte sterfgevallen en machtige mensen bestaan, zijn samenzweringstheorieën overal in groten getale aanwezig. Maar het gevoel dat de overgangsfase nooit zal ophouden heeft de postcommunistische landen van Oost-Europa bijzonder vruchtbaar gemaakt voor de verspreiding ervan. Wetenschappers zijn het er in meerderheid over eens dat dit soort theorieën op hun populairst zijn in perioden van grote sociale veranderingen, en dat ze een verlangen naar orde weerspiegelen in een complexe en verwarrende wereld. De tientallen rapporten die ‘bewijzen’ dat Smolensk géén ongeluk was, zijn wat dit aangaat klassiekers: zorgvuldig van voetnoten voorzien, zoals een proefschrift, en opgebouwd rond adembenemende generalisaties (‘als een staatshoofd omkomt bij [een] vliegtuigongeluk, is er onveranderlijk … sabotage in het spel’), en rond kleine details (zoals de tienduizenden kleine brokstukken die op de plek waar het vliegtuig is neergestort zijn gevonden, waarnaar wordt verwezen alsof het bewijsmateriaal voor een explosie is).

    Maar wat er vandaag de dag in Polen gebeurt heeft nog iets anders aan het licht gebracht: hoe, in sommige gevallen althans, een gedeeld geloof in een specifieke samenzweringstheorie een rol kan spelen die voorheen was weggelegd voor religie, etniciteit, of een goed gearticuleerde ideologie. Vandaag de dag kan dit een politieke identiteit markeren.

    Inwoners van Warschau kijken naar foto’s van de voormalige Poolse president Lech Kaczynski en de 95 andere slachtoffers van de vliegtuigcrash bij een herdenking in 2015. – © HH / Czarek Sokolowski
    Inwoners van Warschau kijken naar foto’s van de voormalige Poolse president Lech Kaczynski en de 95 andere slachtoffers van de vliegtuigcrash bij een herdenking in 2015. – © HH / Czarek Sokolowski

    Politici hebben het graag over eenheid, maar wat werkelijk belangrijk is in de politiek zijn juist dingen die verdelen. Polen is etnisch homogeen. De overweldigende meerderheid van de bevolking is katholiek. Noch nationalisme noch religie biedt dus de juiste voorwaarden om er een gevoel van eigenheid aan te ontlenen. Dat helpt verklaren waarom de ‘samenzwering’ van Smolensk een quasi-ideologie is geworden voor Recht en Gerechtigheid.

    De ‘moordhypothese’ heeft een zeker ‘wij’ helpen consolideren: wij die niet geloven in de leugens van de overheid, wij die weten hoe de wereld écht in elkaar steekt. De ‘samenzwering’ van Smolensk was cruciaal voor het weer aan de macht komen van Kaczynski, omdat ze weerklank vond bij het diepe gevoel van wantrouwen dat Poolse mensen hebben jegens iedere officiële versie van de gebeurtenissen, en omdat dit aansluit bij het zelfbeeld van de Polen als slachtoffers van de geschiedenis.

    Aanhangers van Recht en Gerechtigheid waren niet bereid de bewering van de voormalige Poolse premier Donald Tusk te aanvaarden dat Polen nu een gewoon Europees land is, waar normale regels gelden en waar geen poppenspelers op de achtergrond aan de touwtjes trekken. Voor het Kaczynski-publiek was deze bewering van Tusk juist het bedrog.

    Oorlogszuchtige regeerstijl

    Politieke partijen die tuk zijn op samenzweringen zijn echter beter geschikt voor de oppositie dan voor de macht. Als buitenstaanders kunnen zij hun aanhangers een parallel universum bieden om in te wonen. Maar als het op regeren aankomt, is het geen voordeel meer om het geloof in een samenzweringstheorie te delen. Als je gelooft dat Polen wordt bestuurd door geheime machten, hoe zit dat dan als jij Polen zelf bestuurt? In dat geval is de enige manier om de loyaliteit te behouden van aanhangers die niet alles vertrouwen wat de overheid zegt, het hanteren van een oorlogszuchtige regeringsstijl. Daarom zien we dat Kaczynski zijn critici ‘verraders’ noemt en ze vergelijkt met Gestapo-collaborateurs, en de media opzoekt om degenen die tegen hem zijn neer te sabelen als ‘mensen van de ergste soort, die nu zeer actief zijn omdat ze zich bedreigd voelen’.

    Kaczynski’s partij Recht en Gerechtigheid komt voort uit de traditie van Solidariteit, maar niet uit het optimistische en zelfbewuste Solidariteit van 1980, toen tien miljoen mensen zich bij de vakbond aansloten en burgers het gevoel hadden dat ze macht hadden. De partij is eerder het resultaat van de ervaringen van Solidariteit midden jaren tachtig, toen de oppositie ondergronds was gegaan, de meesten van haar leiders in de gevangenis zaten, de meerderheid van de Polen zich had teruggetrokken in het privéleven, en de frustratie en angst voor infiltratie hoog waren opgelopen. De politiek van Recht en Gerechtigheid van radicaal wantrouwen heeft zijn wortels in die paranoïde tijd. Het kan dus geen verrassing zijn dat voor de nieuwe Poolse regering niets helemaal toevallig is. Alle tegenstanders van de regering spelen onder één hoedje, en politici van de Europese Unie zweren samen om de Poolse soevereiniteit te ondermijnen.

    In dit geestelijke klimaat is het gevaarlijk om mensen te vertrouwen die geen deel uitmaken van de inner circle, en is het logisch om te proberen alle macht in handen van de partij te houden, want onafhankelijke instellingen als de gerechtshoven, de media en de centrale bank zijn niet echt onafhankelijk: ze worden óf door ons óf door onze vijanden gecontroleerd. Je hebt het gevoel dat Kaczynski, nu hij weer aan de macht is, zich als de hoofdrolspeler voelt van een van die sciencefictionhorrorfilms waarin de held ontdekt dat de mensen om hem heen een voor een zijn vervangen door gevaarlijke mutanten.

    Scène uit de film Katyn van Andrzej Wajda.
    Scène uit de film Katyn van Andrzej Wajda.

    En dat is het punt waarop een op samenzweringstheorieën geënte regering een probleem kan worden. De nieuwe Poolse regering, verloren in het labyrint van haar eigen fantasieën, dreigt een gevaar te worden voor het beginsel 
van de scheiding der machten: Recht en Gerechtigheid heeft vorig jaar een constitutionele crisis veroorzaakt door de genomineerden van het vorige parlement voor het Constitutionele Hof af te wijzen, en in plaats daarvan haar eigen kandidaten te benoemen. Dit beleid kan ambtelijke diensten vernietigen: sommigen hebben al geopperd dat de regering stappen moet zetten om de ambtenarij te ontdoen van alle critici 
van het regeringsbeleid. Dat zal voor zowel de EU als de NAVO een zeer lastige partner opleveren, die altijd paraat staat om in tijden van crisis te overreageren.

    Besmettelijk

    Het idee dat Polen kernwapens op zijn grondgebied zou moeten vragen, een idee dat een paar uur de ronde deed in Warschau, is een goed voorbeeld van dit noodlottige denken. De nachtelijke inval van de Poolse militaire politie bij een NAVO-kantoor in Warschau om het hoofd van het kantoor te vervangen, belooft weinig goeds voor de toekomstige samenwerking.

    Maar wat ook niet mag worden vergeten is dat samenzweringsdenken besmettelijk kan zijn. Degenen die geloof hechten aan de ene samenzweringstheorie staan meestal ook open voor andere. Wees dus niet verrast als velen van hen die geloven dat Smolensk een complot was van de Russische president Poetin en de toenmalige Poolse premier Tusk, er op een dag van overtuigd zullen zijn dat Duitsland een akkoord heeft gesloten met de Russen om Polen op te delen, of zelfs dat de huidige regering van Recht en Gerechtigheid, tot en met Kaczynski zelf, bij een of andere cover-up betrokken is – wat die ook moge zijn.

    CONTEXT: Poolse media in Duitse handen

    Sinds de parlementsverkiezingen in oktober 2015 beschikt de uiterst rechtse partij Recht en Gerechtigheid (Prawo i Sprawiedliwosc, ofwel PiS) over een meerderheid in het Poolse parlement (236 van de 450 zetels in de Sejm (het Lagerhuis) en 61 van de 100 zetels in de Senaat). Ook de president, Andrzej Duda, behoort tot de aanhang, hoewel de politieke macht ligt bij partijleider Jaroslaw Kaczynski, die in 2001 samen met wijlen zijn broer Lech de partij oprichtte.

    In de eerste maanden na de machtswisseling versterkte de partij haar greep op de veiligheidsdiensten, het Constitutionele Hof en het ambtenarenapparaat. Op de laatste dag van 2015 werd een amendement op de mediawet aangenomen, waarbij de leiding van de publieke omroep, TVP1 en Polskie Radio, aan de kant werd gezet. De minister van Financiën kreeg de bevoegdheid hun opvolgers te benoemen. Het parlement negeerde een brandbrief van de Europese Commissie waarin tegen deze machtsgreep werd gewaarschuwd. Polskie Radio 1 liet een protest horen: vanaf 1 januari draaide de radio op de hele uren afwisselend het Poolse volkslied en Beethovens Ode an die Freude, het ‘volkslied’ van de Europese Unie.

    Volgens PiS was de ingreep bij de publieke omroep nodig om de ether ‘te depolitiseren’, maar volgens een rapport van de Poolse nationale omroepraad zijn de meeste omroepen buiten het publieke bestel, zoals Telewizja Republika en TV Trwam (geleid door de ultraconservatieve priester Tadeusz Rydzyk, tevens sinds 1992 leider van Radio Marija) al uitgesproken op de hand van de nieuwe machthebbers.

    De bedoeling van de ingreep werd het meest onomwonden verkondigd door het parlementslid Ryszard Terlecki, leider van de PiS-fractie in de Sejm: ‘Indien de media zich voorstellen dat zij in de komende weken de aandacht van de bevolking kunnen trekken met hun kritiek op de politieke veranderingen die wij willen doorvoeren, dan hebben ze het mis.’

    Vanuit de PiS komt ook kritiek op media die niet in staatshanden zijn. Volgens partijleider Kaczynski zijn de meeste Poolse media ‘in Duitse handen’. De Europese Commissie zal zich in de tweede helft van januari buigen over de mediavrijheid in Polen.

    (360 | Amsterdam)