Tag: Kraken

  • De krakersbeweging is terug van nooit weggeweest

    De krakersbeweging is terug van nooit weggeweest

    Krakers leggen opnieuw hun vingers op de zere plek. Een huis zou geen businessmodel moeten zijn, iedereen verdient een gelijke kans op de woningmarkt.

    De inmiddels overleden Nederlandse schrijver en holocaust-overlever Marga Minco schreef ooit over een leegstaand Amsterdams huis waar zij samen met een groep kunstenaars en studenten onderdak zocht na de Tweede Wereldoorlog. Afgelopen maand werd het huis waar zij decennialang heeft gewoond, bezet door een nieuwe berooide generatie. Op de dure, overvolle Amsterdamse huizenmarkt, waar huizen per vierkante meter gemiddeld duurder zijn dan in Londen, zijn de krakers terug van weggeweest.

    Ze zijn een bijverschijnsel van een op hol geslagen crisis waarin men terecht boos is vanwege een schrikbarende en onhoudbare oneerlijkheid. De kosten van royale Nederlandse belastingvoordelen voor huiseigenaren – meer dan de helft van de bevolking – worden door hardwerkende huurders getorst. De terugkeer van het kraken wijst erop dat een groot deel van de bevolking steeds bozer wordt vanwege het gebrek aan oplossingen. En nu er op 29 oktober verkiezingen voor de deur staan, kan deze woede een politiek kantelpunt vormen.

    Kraken werd in Nederland strafbaar gesteld, deels als reactie op de Vondelstraatrellen in 1980, waarbij voor het eerst sinds de oorlog tanks door de straten rolden om het tegen de krakers op te nemen. Vandaag de dag gaat er nauwelijks een maand voorbij zonder een melding van ME’ers die een kraakpand ontruimen.

    Eigendomsmiljonairs

    In juni ontruimde de ME een pand in de Pijp. De gekraakte woning stond meer dan twee jaar leeg. Een paar dagen nadat Minco’s oude huis werd gekraakt werd een ander pand, op de Plantage Kerklaan, geruimd door de ME. De overheid hoeft niet op te kijken van deze ontwikkeling, aangezien het aantal eigendomsmiljonairs groter is dan ooit, wat ten koste gaat van belastingbetalers en een generatie zonder enige kans op een koophuis.

    Zo sprak ik laatst met de achtentwintigjarige Raoul. Hij heeft een universitair diploma en komt uit een familie van huiseigenaren. Toch kan hij nergens wonen, dus is hij kraker geworden. Zoals veel leeftijdsgenoten is Raoul goed opgeleid, heeft hij werkervaring en zoekt hij een baan. Toch weet hij dat het vinden van een baan geen garantie is dat hij een betaalbare woning voor de langere termijn kan vinden. Zijn verhaal is misschien anekdotisch, maar hij heeft het idee dat de krakersbeweging, die in de jaren zestig begon en in de jaren tachtig een anarchistische uitstraling kreeg, terug is. ‘Dat is tenminste de bedoeling,’ zegt hij. ‘De omstandigheden zijn hetzelfde. De behoefte aan woonruimte is groot, misschien zelfs groter dan toen. Het mag dan wel verboden zijn, maar kraken is terug.’

    De cijfers zijn minder subjectief. Ze tonen aan dat Nederland meer dan 400.000 huizen tekortkomt en dat 81.000 mensen naar een eerste woning zoeken. Nu de prijzen hoger liggen dan ooit en er nieuwe regulaties zijn omtrent verhuur besluiten duizenden privéverhuurders de woningmarkt te verlaten. Daardoor staan er misschien meer panden te koop, maar voor prijzen die veel andere Europeanen absurd zullen vinden, zeker gezien het inzakkings- en overstromingsgevaar. Voor veel jongeren zijn de enige opties ille- gaal onderhuren of een exorbitant hoge huur betalen voor een kamer.

    De Amsterdammers hebben zichzelf buitenspel gezet

    Er zijn strikte regels voor huurprijzen in gedeelde woningen, waardoor huisbazen niet graag verhuren. En de universiteiten bie- den studenten geen huisvesting. ‘Het wordt steeds moeilijker,’ vertelt Maaike Krom, voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSV b). ‘We hoorden een verhaal van een student die drie uur moest reizen omdat niet alle steden alle studies aanbieden. Men beseft niet wat al die stress over reizen, de zoektocht naar woonruimte, geldproblemen met jonge mensen doet… terwijl ze over vijf jaar deel moeten uitmaken van de economie en een toekomst moeten opbouwen.’

    Wat is hieraan te doen? Gelukkig bestaat er een brede consensus dat de belastingvoordelen voor huiseigenaren moeten worden uitgefaseerd. De huizenprijzen kunnen stijgen doordat in Nederland de totale hypotheekschuld ten opzichte van het bbp zo hoog is, de hoogste van de EU. De Europese Commissie heeft Nederland al vijf keer opgeroepen de riskante hypotheekschuld te beperken en de hypo- theekrenteaftrek af te schaffen – de laatste keer was in juni – en ze krijgt bijval van de Nederlandsche Bank, vooraanstaande huisvestingexperts en economen. Maar de grootste mentaliteitsverandering moet worden teweeggebracht onder Nederlandse huiseigenaren, die 57 procent van de bevolking uitmaken.

    Totdat de rijke burgerij accepteert dat ze geen recht heeft op subsidie door middel van de hypotheekrenteaftrek, die ongeveer 11,2 miljard per jaar kost en de belasting voor de gemiddelde belastingbetaler met anderhalf procentpunt verhoogt, gaat Nederland een toekomst tegemoet waarin de bezitlozen nog minder te verliezen hebben.

    Buitenspel

    In plaats van in hun handen te wrijven over hun toenemende rijkdom ‘op papier’ moeten ze inzien dat hun kinderen indi- rect zullen moeten opdraaien voor elke 100.000 euro die ze aan hun huis ‘verdienen’. Zo is Amsterdam een stad geworden waarin alleen de rijkste expats zich een huis kunnen veroorloven. Nederlandse kiezers hebben in feite gekozen voor beleid waarbij ze zichzelf buitenspel hebben gezet. Schrijver en ondernemer Jona van Loenen ziet het als bedreiging voor de Nederlandse welvaart wanneer banken blijven investeren in hypotheken in plaats van beginnende bedrijven en wanneer het bezitten van een huis een beter verdienmodel is dan het opzetten van een bedrijf. In zijn woorden: ‘We hebben gezorgd voor een van de allerslechtste stimulansen die je als maatschappij kan hebben: mensen worden in feite aangemoedigd om te zitten niksen in plaats van hun armen uit de mouwen te steken.’ Natuurlijk wordt er bij een huizentekort ook meer gebouwd; Nederland is van plan om vóór 2030 ruim 1 miljoen woningen te bouwen – maar deze plannen schuren nu al met de belangen van bestaande huiseigenaren.

    Je kunt zien waar een gebrek aan actie toe leidt, als je in aanmerking neemt dat een gezin met een modaal inkomen inmiddels maar 4,5 procent van de Nederlandse huizen zou kunnen betalen, aldus het Kadaster. In 2017 kon een doorsneegezin 23 procent van de huizen betalen. De prijzen zijn in de afgelopen tien jaar bijna verdubbeld.

    Sinds 2014 is de Nederlandse bevolking met ongeveer 1 miljoen gegroeid door migratie – maar dit is vooral werkmigratie. In tegenstelling tot wat extreemrechts wil doen geloven zijn er de afgelopen twee jaar steeds minder asielaanvragen en ligt Nederland op het gebied van asielopvang onder het EU-gemiddelde. De ruimhartige opvang van Oekraïense vluchtelingen heeft de huizendruk drastisch verhoogd, bovendien is de Nederlandse industrie afhankelijk van ongeveer 850.000 arbeidsmigranten, die vaak worden onderbetaald en volgens de arbeidsinspectie soms worden uitgebuit. Hoogopgeleide expats verhogen de druk op de huizenmarkt in plaatsen als Amsterdam en Eindhoven, aldus een speciale rapporteur van de VN, maar Nederlandse bedrijven zeggen dat het land geen mondiale techindustrie kan behouden zonder buitenlands talent.

    Bij een recent ‘niet te koop’-protest voor de deur van een van de vele socialehuurwoningen die in de verkoop gaan, pakt Jan Leegwater een megafoon. ‘Ze vragen er 600.000 euro voor omdat er mogelijkheid is tot uitbouw,’ zegt hij. ‘En als je dit over een paar jaar weer verkoopt, verdien je er meer aan dan als je gewoon had gewerkt… We zijn belazerd en we zitten vast in dit systeem.’
    Veel woede is ten onrechte gericht op asielzoekers en andere migranten. Het zijn niet de immigranten die verantwoordelijk zijn voor deze crisis, maar de rijke Nederlandse huizenbezitters en kiezers die jaar in, jaar uit een systeem hebben verdedigd dat hun eigen belangen behartigt. Totdat er verandering komt in die mindset zullen hun kinderen alleen maar bozer worden en kunnen we verwachten dat nog meer krakers het recht in eigen hand nemen.

  • Waarom Polen massaal Spaans vastgoed opkopen

    Waarom Polen massaal Spaans vastgoed opkopen

    Emigranten uit Oost-Europa kopen massaal vastgoed in Spanje. Dit doen ze niet alleen vanwege oorlogsdreiging, maar ook vanwege toenemende welvaart in het oosten en de gunstige Spaanse woningmarkt.

    Spanje staat van oudsher bekend als een populaire bestemming voor investeringen in vastgoed. Vanwege zijn warme klimaat, ontwikkelde infrastructuur, lekkere eten en culturele verscheidenheid is het land een toeristenparadijs en een trekpleister voor investeringen. Normaal gesproken waren Britten, Duitsers en Fransen het meest actief op de vastgoedmarkt. Sinds het begin van de oorlog van Rusland tegen Oekraïne zijn er echter ook steeds meer Polen die in Spanje een woning aanvragen. 

    Vooral in 2022 toonden Polen de meeste belangstelling voor vierkante meters aan de Spaanse kust: het percentage steeg toen naar 161 procent. Sindsdien vestigen kopers uit Polen ieder jaar weer een nieuw record qua hoeveelheid aangeschafte woonruimte. Dit beursspel heeft niet alleen te maken met de behoefte om naar een veel warmer gebied te verhuizen. Veel mensen die in Spanje een huis of appartement hebben gekocht, zijn bang dat de oorlog tussen Rusland en Oekraïne ook Polen zal raken. Zij investeren in vastgoed in vakantieoorden in de hoop een veilige plek te vinden voor het geval de oorlog verder escaleert. 

    Volgens gegevens van Bank Pekao S.A. hebben Polen alleen al in de eerste negen maanden van 2022 in Spanje 2300 onroerende goederen gekocht, 102 procent meer dan in heel 2021. Dit verklaart waarom de Spaanse woningmarkt toen het hoogste niveau in de laatste vijftien jaar bereikte: in 2022 werden er in totaal zo’n 700.000 huizen en appartementen verkocht. Spanje is tevens een populair land onder Oekraïense huizenkopers. Alleen al in de eerste zes maanden na het begin van de oorlog hebben Oekraïners in het land 1237 onroerende goederen aangekocht; 60 procent meer dan het gemiddelde van de laatste vijftien jaar. 

    Angst voor oorlog

    Tegen de achtergrond van de oorlog in Oekraïne en de toegenomen welvaart kopen Polen al een aantal jaren appartementen en villa’s in Spanje op. In 2022 schaften ze 2300 onroerende goederen aan, twee keer zo veel als in 2021. In 2023 stond de teller al op 3118. In 2024 hebben Poolse kopers 4000 transacties gesloten en dit aantal zal in 2025 naar verwachting nog verder oplopen. Dankzij deze explosief toegenomen investeringsdrang staan de Polen nu op de vierde plaats qua aantal transacties met buitenlands vastgoed, na de Britten, Duitsers en Fransen. Poolse huizenkopers lopen zelfs voor op de Amerikanen en de Russen.  

    Het aandeel van de Polen onder de buitenlanders die actief zijn op de Spaanse vastgoedmarkt, groeit gestaag: waar dit aandeel in 2019 nog 1,6 procent bedroeg, was dit percentage tegen 2023 verdubbeld. In de regio’s Marina Baja en Marina Alta aan de Costa Blanca doen Poolse kopers meer investeringen in nieuwbouw dan de Spanjaarden zelf. 

    De gemiddelde prijs per vierkante meter aan woonruimte zat in Spanje eind 2022 op 1700 euro. Met de vraag naar woningen stegen ook de kosten: in de tweede helft van 2023 moesten niet-ingezetenen gemiddeld 2715 euro neertellen per vierkante meter. Polen betalen doorgaans alles in één keer, zonder een hypotheek af te sluiten, en kiezen vaker voor een appartement (65 procent van alle transacties) dan voor een villa of huis. Mensen die een villa kopen, kiezen voor een villa met een oppervlakte tussen de 250 en 600 vierkante meter en een zwembad. De meeste kopers gaan voor een villa met een prijs die tussen 350.000 en 1,5 miljoen euro ligt. Polen kiezen in de meeste gevallen voor de Costa del Sol en de Costa Blanca. Onder rijke kopers zijn Barcelona, Madrid, Valencia, Marbella, Malaga en Calpe geliefd. 

    ‘Veel mensen belden ons met de vraag of ze binnen drie dagen konden komen om vastgoed te kopen’

    Volgens Agnieszka Marciniak-Kostrzewa, die werkzaam is als vastgoedbeheerder aan de Costa del Sol, weerspiegelt de plotselinge stijging van de vraag naar woningen de onrust in Polen vanwege de oorlog in Oekraïne en de angst dat de gevechten zich naar Pools grondgebied zullen uitbreiden. ‘Ik kan twee perioden aanwijzen waarin de belangstelling voor de aankoop van vastgoed razendsnel steeg. De eerste was februari 2022, direct na het begin van de oorlog. De tweede begon in februari 2024, toen Rusland zijn offensief aan het front intensiveerde,’ vertelt ze. 

    In februari 2024 zei Trump dat hij tijdens zijn eerste termijn eens had gedreigd ‘Rusland aan te moedigen’ om een van de NAVO-leden aan te vallen die hun financiële verplichtingen tegenover het bondgenootschap niet nakomen. Deze uitspraak was volgens haar een wake-upcall voor de Polen. Ook de waarschuwingen van de Poolse premier Donald Tusk voor een ‘vooroorlogs tijdperk’ in Europa brachten veel Polen op de gedachte om een huis over de grens aan te schaffen. ‘Na die uitspraken van Trump en Tusk hebben veel mensen ons gebeld met de vraag of ze binnen drie dagen konden komen om vastgoed te kopen en hoeveel tijd de sleuteloverdracht in beslag zou nemen,’ vertelt Marciniak-Kostrzewa. 

    De advocaat María Ruis López, die zowel in Spanje als in Polen werkt, zegt dat de vraag naar de diensten van notarissen en juristen in drie jaar tijd ‘ongelooflijk hard’ is toegenomen. ‘Onze cliënten zeggen dat de belangrijkste reden om appartementen en huizen in Spanje aan te schaffen de angst voor de oorlog is. Mensen zijn bang voor Rusland, daarom willen ze graag een plaats “achter de hand” hebben,’ legt ze uit.   

    ‘Mensen zijn bang voor Rusland, daarom willen ze graag een plaats “achter de hand” hebben’

    Verkopers en tussenpersonen geven toe dat Polen zich bij hun beslissing om een woning te kopen soms laten leiden door hun emoties. Marciniak-Kostrzewa vertelt dat een van haar cliënten, uit angst dat de oorlog zich naar Polen zou uitbreiden, een appartement in Spanje kocht en vroeg of hij het mocht verhuren op voorwaarde dat hij er binnenkort in zou kunnen wonen. Toen ze hem uitlegden dat het uitzetten van een huurder enige tijd in beslag neemt, antwoordde hij: ‘Laat het dan maar leegstaan.’ 

    Tegen de achtergrond van een dreigende aanval van Rusland op de Baltische staten investeren ook steeds meer Litouwers en Esten in huisvesting in Spanje. Liivia Illak, een vastgoedmakelaar in Tallinn die appartementen in Spanje verkoopt, vertelt dat ze in 2023 heel wat meer van dat soort aanvragen heeft gekregen. ‘Ik kreeg steeds meer aanvragen binnen voor heel kleine appartementen, omdat mensen in Estland en Litouwen een plek hebben om snel naartoe te kunnen verhuizen. We zitten natuurlijk in de NAVO, maar in werkelijkheid zijn veel mensen erg bang voor een oorlog.’ 

    Economische factoren

    De vraag naar woningen stijgt mede als gevolg van de toegenomen koopkracht van de Polen. Dat Polen economisch succes boekt, blijkt uit het feit dat het bbp per hoofd van de bevolking is verdrievoudigd, aldus Marcin Piątkowski, hoogleraar aan de Koźmiński-universiteit. ‘Meer dan dertig jaar na de val van het communisme zijn de Polen rijker dan ooit tevoren. Veel mensen die begin jaren negentig een zaak zijn begonnen, willen nu met pensioen. En het thuiswerken dat door de pandemie gebruikelijk is geworden, heeft ervoor gezorgd dat jongeren een zorgelozer leven kunnen leiden en voor het warmere klimaat van Spanje kiezen,’ zegt hij. 

    Veel Polen zien vastgoed als een stabiele investering, vooral in tijden van globale onzekerheid. Over het algemeen zijn er twee redenen waarom ze vastgoed in Spanje kopen: ze willen erin gaan wonen, of ze willen het verhuren. Het potentieel van verhuur voor de korte termijn groeit: het aantal toeristen nam in de eerste helft van 2024 met 13 procent toe ten opzichte van diezelfde periode in 2023. Poolse kopers worden aangetrokken door de niet al te hoge levenskosten, het warme klimaat en de ontwikkelde sociale infrastructuur. Agnieszka Durlik, werkzaam bij de Poolse Kamer van Koophandel, noemt behalve de veiligheid ook de voordelige prijzen en de behoefte aan een warmer klimaat als de belangrijkste redenen waarom Polen meer interesse in Spanje hebben gekregen. 

    Een vierkante meter woonruimte is in Spanje een paar duizend zloty’s goedkoper dan in Polen. Zo heb je aan de Spaanse oostkust voor 400.000 zloty’s (ongeveer 95.000 euro) een appartement van zestig vierkante meter. Bovendien ligt het tempo waarin de vastgoedprijzen stijgen in Polen naar schatting hoger dan in Spanje. Daar komt bij dat de koers van de zloty sinds september 2023 sterker is dan die van de euro, wat de aankoop van vastgoed in het buitenland nog voordeliger maakt. 

    Veel Polen zien vastgoed als een stabiele investering, vooral in tijden van globale onzekerheid

    De volgende factor is de staat van de economie. Hoewel Spanje hard werd getroffen door de wereldwijde crisis van 2008 en de eurocrisis van 2012, is het land nu weer de weg naar dynamische ontwikkeling ingeslagen. Ook heeft de toeristische sector zich weer hersteld van de coronacrisis. Daarnaast is het mogelijk om bij een ontwikkelaar vastgoed te kopen waar je meteen in kunt gaan wonen. Een investeerder uit het buitenland hoeft alleen maar het meubilair aan te schaffen zonder nog allerlei andere grote investeringen te hoeven doen (zoals het controleren van ingehuurde werknemers). 

    Een andere oorzaak waardoor de vraag is toegenomen, is de soepele verkeersverbinding. Zo is het vier uur vliegen van Warschau naar Malaga. Ook de toegang tot kwalitatief hoogstaande medische zorg trekt investeerders aan. De meeste Poolse investeerders vallen in de leeftijdscategorie 35-plus, velen van hen hebben een gezin en daarom is goede medische zorg voor hen een prioriteit. Behalve openbare ziekenhuizen zijn er in het land ook veel privéklinieken, vooral aan de Costa del Sol. 

    De lokale vastgoedmarkt zou voor Polen nog aantrekkelijker kunnen worden nu de Spaanse regering voor de sector nieuwe regels heeft ingevoerd. In januari kondigde premier Pedro Sánchez een reeks maatregelen aan die huisvesting toegankelijker moeten maken. Een van de geplande maatregelen is de verhoging van de belasting op de verhuur van vastgoed aan toeristen en een belastingheffing van 100 procent op de aankoop van woonruimte door niet-ingezetenen van buiten de EU. Volgens Sánchez hebben niet-ingezetenen van buiten de EU alleen al in 2023 27.000 onroerende goederen aangeschaft, niet om erin te wonen, maar om winst te maken. Daardoor is er een tekort aan woonruimte ontstaan voor de Spanjaarden zelf. 

    Belastingverhogingen geven Polen een voordeel, terwijl niet-ingezeten kopers lijden onder de inperking van het ‘gouden visum’-programma. Dankzij dit programma kunnen mensen een verblijfsvergunning krijgen op voorwaarde dat ze investeren in vastgoed ter waarde van minimaal 500.000 euro. Bovendien hebben Polen er geen moeite mee om zich in Spanje aan te passen. In het land worden Poolse scholen geopend en in alle regio’s van het land kun je emigranten uit Polen aantreffen. Daar komt bij dat Polen groot fan zijn van de mediterrane leefstijl met zijn zonnige weer, dat een schril contrast vormt met de gure Poolse winters. Zes van de tien zonnigste steden van Europa liggen in Spanje. 

    Trekpleister voor Oekraïners, Polen en Russen

    Het Canadese dagblad The Globe and Mail, dat eveneens de toegenomen belangstelling van Oost-Europese kopers voor vastgoed in Spanje beschrijft, haalt het voorbeeld aan van Torrevieja, een kleine stad aan de Costa Blanca in de provincie Alicante die is uitgegroeid tot een heuse trekpleister voor Polen, Oekraïners en Russen. Een recente volkstelling toonde aan dat bijna de helft van de 100.000 inwoners van de stad buitenlanders zijn, van wie Polen, Oekraïners en Russen tot de grootste etnische groepen behoren. 

    Vastgoedmakelaars beamen dat ze het aantal aanvragen vanuit deze drie gemeenschappen maar nauwelijks kunnen bijbenen. ‘Het is gewoon gekkenwerk. Ze verhuizen niet allemaal hierheen, maar ze willen hun geld uit een gevaarlijk gebied halen en het investeren in een veiligere plek,’ verklaart Katarzyna Stadnicka, van het makelaarskantoor RO Spain Real Estate. De vraag naar huisvesting in de provincie Alicante is het hoogst onder de Polen. In 2023 hebben ze daar 2160 huizen gekocht, bijna drie keer zo veel als in 2021. 

    Ook het aantal Russen in de regio neemt toe. Ondanks de sancties die in 2022 en 2023 zijn ingevoerd, zijn ze erin geslaagd bijna 2500 villa’s en appartementen aan te schaffen. Oekraïners kopen er in Alicante ook gretig op los: in 2022 kregen ze de eigendom van 1036 onroerende goederen, in 2023 waren dat er 1400. Ter vergelijking: in 2021 sloten ze slechts 376 transacties. 

    Het doorsnee profiel van een Oekraïner die een luxe onroerend goed aanschaft, is een gezin dat op zoek is naar een villa met een terras en een huis met een tuin in de buurt van Barcelona of in een groene regio. De gemiddelde verkoopprijs ligt boven de 500.000 euro, zeggen ze bij het makelaarskantoor Uniko International Real Estate. 

    Fraude en okupas

    Hoewel het aantrekkelijk is om in Spaans vastgoed te investeren, waarschuwen marktdeelnemers voor wijdverbreide frauduleuze praktijken. Het is in Spanje al meer dan eens voorgekomen dat frauderende ontwikkelaars buitenlanders bedrogen, waarbij ze handig profiteerden van het feit dat een notariële akte in het Spaans moet worden opgesteld. Daarbij bestaat het risico dat, als een huis of appartement een tijdlang leegstaat, ze worden ingenomen door illegalen, de zogeheten okupas (krakers). Okupas handelen uit verschillende motieven: soms zijn ze wanhopig op zoek naar een dak boven hun hoofd, in andere gevallen hebben ze winst voor ogen. 

    Volgens gegevens van het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn er in 2024 16.426 gevallen vastgesteld waarin mensen illegaal een woning binnendrongen – 7,4 procent meer dan in 2023. Catalonië staat ruim bovenaan de ranglijst illegale huisbezettingen met 7000 ingediende klachten – dat is meer dan 40 procent van alle gevallen. In deze situatie moest de overheid wel ingrijpen. In april 2025 werd een hervorming van het strafrecht van kracht die een verandering moet aanbrengen in de manier waarop de strijd tegen de krakers wordt gevoerd. De rechtszaken worden sindsdien behandeld volgens de ‘versnelde gerechtelijke procedure’.  

    ‘Daardoor is een snellere uitzetting mogelijk in gevallen waarin krakers een huis binnenvallen of illegaal eigendommen in bezit nemen. Het is een overgang van een traag en bureaucratisch naar een sneller proces dat het in theorie mogelijk maakt om mensen binnen vijftien dagen uit te zetten. Ja, het rechtssysteem is traag en problematisch, dat zal niet onmiddellijk verholpen zijn, maar het zal een stuk sneller gaan dan eerst,’ legt advocaat Xavi Abat uit. 

    Onder de nieuwe wet kan de rechtbank, als het oordeel in het nadeel van de krakers uitvalt, een gebod tot uitzetting uitvaardigen waartegen geen hoger beroep mogelijk is. Er wordt een concrete datum vastgesteld en vertegenwoordigers van de rechtbank zien erop toe dat de krakers uiterlijk op die datum worden uitgezet. In maart gaf de rechtbank huizenbezitters een extra drukmiddel in handen: het wettelijke recht om elektriciteit, water en gas in een gekraakt huis uit te schakelen zonder dat ze hoeven te vrezen voor strafrechtelijke vervolging. Nu zijn eigenaars van gekraakte huizen niet verplicht om de rekening voor water, gas of stroom te betalen zolang de krakers in hun huis wonen.

  • Spanje, het land waar je ongestraft een woning kunt bezetten

    Spanje, het land waar je ongestraft een woning kunt bezetten

    Door de hoge woningnood in Spanje is er een toename aan krakers, of okupas, die woningen innemen en claimen. Deze huisbezettingen zorgen voor veel sociale onrust en hevige politieke debatten, maar zijn niet in strijd met de Spaanse huurwetten. Wie te lang weg blijft, moet maar hopen dat zijn huis niet wordt gekraakt.

    Stadsdeel Carabanchel is de dichtstbevolkte wijk van Madrid; hier leven ongeveer een kwart miljoen mensen aan de zuidwestelijke rand van de hoofdstad. In de tijd van Franco was er in Carabanchel een beruchte gevangenis. Het is geen dure wijk, maar ook geen probleemwijk. De woningprijzen stijgen ook hier, net als in de rest van de stad. Aan de zuidrand van de buurt, tussen een militaire kazerne en de ringweg M-40, is een splinternieuw woonwijkje van ongeveer 170 appartementen ontstaan.

    Een prijs voor architectuur zullen de zwart-witgestreepte blokkendozen in de Calle Excelente niet winnen. De een- en tweekamerwoningen zijn aan de kleine kant. Maar de verhuurder lokt huurders met faciliteiten als een padel/tennisveld, een gym, een zonnebank en een speelplaats. Een paar appartementen hebben een dakterras, sommige een stukje tuin. De huren variëren van bijna 900 tot rond de 1500 euro, voor Madrileense begrippen redelijk betaalbaar.

    ‘We moeten bergen papieren inleveren,’ zegt een huurder die er in de herfst met haar beide zonen is komen wonen. Bovendien moet ze drie maanden borg betalen. In het begin was ze tevreden met haar nieuwe huis, onder andere vanwege de praktische parkeerplaatsen in de ondergrondse garage. Maar intussen, zegt ze, is ze alleen nog maar bang.

    Ze is bang dat ‘die lui’ zien dat ze met een journalist spreekt

    Dat komt door wat er sinds december gaande is in het wooncomplex. Ze wil dan ook in geen geval met haar naam in de krant; het gesprek vindt voorzichtigheidshalve plaats in het café om de hoek. Ze is bang dat ‘die lui’ zien dat ze met een journalist spreekt.

    ‘Die lui’, dat zijn de nieuwe buren. Het zijn ongeveer 130 mensen, de meesten komen uit Peru, zo is gebleken. Die nieuwkomers zijn in een weekend in december ’s nachts het woonblok ingetrokken. Ze kwamen met meubels en huisraad en bezetten 27 – andere bronnen zeggen 28 – van de nog lege woningen zonder legaal huurcontract. Sindsdien heerst er chaos.

    Op social media en de Spaanse tv-zenders worden voortdurend beelden en video’s uit de flat vertoond. Er wordt ’s nachts luidkeels gevloekt op de binnenplaats. Er zijn beelden van mensen die reusachtige luidsprekers naar binnen dragen, video’s van een flinke vechtpartij in het trappenhuis.  Als de vrouw in het café vertelt wat er in haar flat aan de hand is, probeert ze zakelijk te blijven. Steeds weer drukt ze haar handpalmen tegen elkaar: ‘Ik voel me gevangen in mijn eigen huis.’ Als het kon, zou ze weer verhuizen. Een paar van de nieuwe buren zijn wel fatsoenlijk, dat zijn heel normale gezinnen, zegt ze, maar sommige andere woningen noemt ze ‘een hel’. Er wordt gefeest, er is geschreeuw en veel nachtelijk bezoek. Sommige van de bezetters zouden kamers onderverhuurd hebben, wat tot ruzies leidt. Regelmatig komt de politie langs. Inmiddels heeft zich een harde frontlinie gevormd tussen de reguliere huurders en de huisbezetters, die in Spanje okupas heten.

    48 uur

    Dat begrip is in het hele land bekend. De gebeurtenissen in Carabanchel zijn maar een voorbeeld van een in Spanje intussen alomtegenwoordig fenomeen. Dat heeft allemaal niets te maken met de herkomst van de mensen. Latijns-Amerikanen zijn er zowel onder de reguliere als onder de illegale bewoners.

    Het kraken van woonruimte is in Spanje aan de orde van de dag. Het begon ten tijde van de financiële crisis en de jeugdwerkloosheid als een radicale sociale beweging. Okupa is afgeleid van het Spaanse woord ocupación, bezetting. Met hun acties wilden ze de maatschappelijke misstanden aan de kaak stellen en het recht op woonruimte afdwingen. Ze kregen steun van linkse politici zoals de voormalige burgemeester van Barcelona, Ada Colau. Maar steeds vaker onderscheiden de nieuwe okupa’s zich van de krakers, die leegstaande afbraakpanden of fabrieksruïnes innemen. De okupa’s daarentegen kraken lang niet alleen maar onbenutte woonruimte. Onder het mom van maatschappelijke betrokkenheid zijn bovendien steeds vaker ook georganiseerde bendes actief.

    Zo ging het vermoedelijk ook in Carabanchel. Een paar van de huisbezetters vertelden in de Spaanse media hetzelfde verhaal: dat ze in een kantine voor daklozen waren aangesproken. Daar zouden hun woningen zijn aangeboden. Voor ongeveer 2500 euro contant, soms iets meer, soms iets minder, zouden ze een eenzijdig huurcontract en een sleutel voor de appartementen in Calle Excelente nummer 6 in handen krijgen.

    Was het naïviteit? Dachten die huisbezetters echt dat ze voor 2500 euro contant een splinternieuwe woning konden betrekken? Het lijkt er eerder op dat ze begrepen wat hier aan de hand was, en bovendien van één ding heel goed op de hoogte waren: het Spaanse huurrecht.

    In het ergste geval dreigt er enkel een boete voor hen; de bezetting zelf is geen strafbaar feit

    Dat is namelijk, kort gezegd, nogal riskant voor vastgoedbezitters. Het vastgoedplatform dat in Spanje het meest gebruikt wordt, Idealista, beschrijft het zo: ‘Volgens de Spaanse wet is een huisbezetting niet uitdrukkelijk toegestaan, maar onder bepaalde voorwaarden kunnen huisbezetters een zekere rechtspositie krijgen. Wanneer een pand bijvoorbeeld niet adequaat beveiligd is en onbewaakt wordt gelaten, kan het bezet worden. Wanneer de huisbezetters eenmaal binnen zijn, kunnen ze aanspraak maken op de woonruimte, wat het ontruimingsproces voor de eigenaar bemoeilijkt.’

    48 uur: zo veel tijd hebben de eigenaars of reguliere huurders om hun aanspraak op de eigen woning te doen gelden. In die 48 uur moeten ze de bezetting bij de politie en de autoriteiten melden en de eigendomsverhoudingen bewijzen. Wanneer eigenaars of huurders een bezetting niet tijdig signaleren, staan de autoriteiten en de politie machteloos – tot de uitspraak van een rechtbank de doorslag geeft. En dat kan maanden duren, zo niet jaren.

    Al die tijd kunnen de okupa’s dus gratis in de woonruimte van anderen leven. En in het ergste geval dreigt er enkel een boete voor hen; de bezetting zelf is geen strafbaar feit. Over dit onderwerp raken de gemoederen in Spanje regelmatig verhit. Het is al voorgekomen dat een gepensioneerde na een ziekenhuisopname haar woning bezet aantrof. En zelfs eigenaars die binnen de limiet van 48 uur blijven, kunnen in het ongelijk worden gesteld.

    Toerisme en immigratie

    Zo berichtte onlangs een huiseigenaar uit de Catalaanse provincie Girona over okupa’s die het zich gemakkelijk maakten in zijn pand, dat hij wilde verbouwen. Toen de politie kwam, werden er drie ‘bewoners’ aangetroffen, alsmede vuilnis en beddengoed op de vloer. De bezetters konden naar het schijnt met filmpjes op hun mobieltje aannemelijk maken dat ze daar woonden. Het is het woord van de een tegen dat van de ander, stelde de politie vast. Uiteindelijk dreigden de agenten zelfs om hem te arresteren als hij zijn eigen woning niet zou verlaten, klaagde de boze huiseigenaar in een post op X.

    Behoefte aan onderdak staat hier tegenover bescherming van eigendom. Inderdaad wordt dit conflict in Spanje niet alleen uitgevochten tussen eigenaren en krakers, maar ook op het politieke toneel. Naar aanleiding van de bezetting in Carabanchel leverden rechtse en linkse politici de laatste tijd luidruchtige gevechten in Spaanse tv-debatten. De Europese parlementariër van de linkse Podemos-beweging en voormalig minister voor emancipatie Irene Montero zette het publieke debat op scherp met een video waarin ze spotte met het okupaprobleem en in plaats daarvan de exploderende huurprijzen en het hoge aantal toeristenappartementen aan de kaak stelde. Dáár waren de echte okupa’s volgens haar te vinden.

    Het probleem is: ze hebben allemaal gelijk. De woningschaarste in Spanje is nijpend, ook vanwege het toerisme. Maar de toestanden in de flats in Carabanchel zijn niet de oplossing.

    De leiders van beide volkspartijen in Spanje, premier Pedro Sánchez met zijn sociaaldemocratische PSOE en de oppositieleider Alberto Núñez Feijóo van de Partido Popular, overtroeven elkaar met aangekondigde maatregelen en programma’s om de woningnood te lenigen. Er moet een staatswoningbouwbedrijf komen, er moet belastingverlichting voor verhuurders komen, belastingverhoging voor buitenlandse kopers, er is behoefte aan meer inspecteurs die illegale vakantiewoningen moeten opsporen. De regering wil bovendien grond vrijgeven voor nieuwe huurwoningen. Maar dat alles kan de acute woningtekorten niet opheffen. Temeer omdat de regering sinds jaar en dag twee dingen op grote schaal stimuleert: toerisme en immigratie. Beide verhogen de druk op de woningmarkt.

    Het grootste deel van de nieuwkomers is simpelweg op zoek naar een nieuw, beter leven

    Al jaren ligt het geboortecijfer in Spanje onder het sterftecijfer. Maar de bevolking groeit. De 47.000 Afrikanen die alleen al in het afgelopen jaar onder de gevaarlijkste omstandigheden met boten op de Canarische eilanden zijn aangekomen, vormen slechts een deel van de toename. De belangrijkste route van de migranten loopt eveneens over de Atlantische Oceaan, maar per vliegtuig. Luchthaven Madrid Barajas is Spanjes grootste toegangspoort voor migratie.

    Alleen al in groot-Madrid leven meer dan een miljoen mensen uit Latijns-Amerika. Onder hen zijn rijken en welgestelden die liever in Madrid wonen dan in de jachthaven van Miami. Venezolanen zijn op de vlucht voor de socialistische dictatuur thuis. Maar het grootste deel van de nieuwkomers is simpelweg op zoek naar een nieuw, beter leven. En naar werk, dat ze in het economisch bloeiende Spanje in overvloed vinden, temeer omdat de taalbarrière hier geen rol speelt.  

    De meeste latina’s en latino’s werken in bars en restaurants, als hulp in de huishouding, als schoonmaker, fietskoerier of bouwvakker. Migratie staat op het programma van de links-socialistische regering van Pedro Sánchez. Met succes. De toename van vlijtige arbeidskrachten draagt er flink aan bij dat Spanjes economie viermaal zo sterk groeit als het gemiddelde in de EU, zoals economen recent hebben berekend.

    Na twee jaar kunnen Latijns-Amerikanen hun verblijfsvergunning verlengen en na nog een paar jaar het staatsburgerschap aanvragen. Met de immigratie uit Latijns-Amerika stemmen zelfs de rechtse partijen in. Men beschouwt elkaar als Spaanse broedervolken.

    Sleutels

    Maar de nieuwe inwoners hebben woningen nodig, zoals ieder ander. En die vinden ze vaak net zo moeilijk als veel, vooral jonge Spanjaarden. Het is dus geen wonder dat menigeen toehapt wanneer, zoals in het geval van Carabanchel, de sleutel van een woning wordt aangeboden tegen een contant bedrag.

    Wat die sleutels betreft, voor de hoofdingang tot het wooncomplex in de Calle Excellente hebben de bezetters geen sleutel ontvangen. Daarom hebben ze maar een eigen poortwachtersdienst ingesteld. Achter het traliewerk van de hoofdingang staat een jongeman met een diep over het gezicht getrokken capuchon. Zodra een van zijn medebezetters naar binnen wil, opent hij de deur. Als hij wordt aangesproken, buigt hij zijn hoofd en wendt zich mompelend af.

    De officiële portiers zitten daar vlak naast achter glas. Zij kunnen niets doen tegen het illegale komen en gaan: Spaanse huurbescherming. Alleen een gerechtelijk vonnis kan de okupa’s uit het gebouw verdrijven. En dat kan, zoals gezegd, jaren duren.

    Zo lang wilde de woningbouwvereniging Vivenio in Carabanchel niet wachten. Na de bezetting in december greep ze naar een in Spanje inmiddels gangbaar middel: ze gaf een speciaal bedrijf opdracht tot ontruiming. Maar de actie eindigde in een debacle. De ontruimingsploeg, potige kerels van middelbare leeftijd, was in de minderheid en werd door de okupa’s met slaag en stokken de flat uit gejaagd.

    Intussen is in de Calle Excellente een tweede bedrijf aan het werk, genaamd Servi-okupas. Hun website belooft het herstel van ‘juridisch correcte verhoudingen’ met een team van ‘hooggekwalificeerde vaklieden’. De firma liet meerdere aanvragen voor een gesprek onbeantwoord.