Tag: Laura Penny

  • Duurzame liefde

    Duurzame liefde

    Laurie Penny (dertig en single) heeft haar twijfels over het huwelijk en moederschap. Denk nou niet meteen: Ze kan zeker niemand krijgen, maar volg haar redeneringen.

    Susan B. Anthony is nooit getrouwd. Deze voorvechtster van het vrouwenstemrecht, van burgerrechten voor iedereen, en van de afschaffing van de slavernij voorzag in 1877 dat ‘ten behoeve van de overgang die de vrouw doormaakt van ondergeschikt naar onafhankelijk, er een periode dient aan te breken met zelfstandige, in de eigen behoeften voorzienende huishoudens’, hetgeen ‘onontkoombaar’ zal leiden tot ‘een tijdperk van alleenstaande vrouwen’.

    Zeven generaties later hebben we dat misschien eindelijk bereikt. Meer vrouwen dan ooit tevoren wonen alleen of zonder partner, en de vraag die nu weer wordt gesteld is niet hoe we een beter huwelijk kunnen krijgen, maar of we überhaupt wel een huwelijk willen.

    Bevrijding

    Twee recente boeken van Amerikaanse journalisten hebben het sinds lange tijd uitgedoofde debat aangewakkerd over het huwelijk, het partnerschap, en de enorme hoeveelheid werk die met dit alles gepaard gaat, en over de vraag of dat wel de moeite waard is voor vrouwen die hun persoonlijke onafhankelijkheid hoger achten dan de afbrokkelende zekerheid van het tweemanschap. All the Single Ladies van Rebecca Traister vestigt de aandacht op de groeiende macht van partnerloze vrouwen in de Verenigde Staten, en de bedreiging die dat betekent voor de sociaaleconomische status quo. Labor of Love van Moira Weigel richt zich op het feit dat wat voor liefde en toekomst doorgaat, voor veel vrouwen in feite neerkomt op hard werken: eindeloze arbeid, organisatorisch, huishoudelijk en emotioneel werk zonder begrenzing of beloning – terwijl dit veel facultatiever is dan de maatschappij ons wil doen geloven. ‘Leven als single vrouw is geen beperking’, schrijft Traister, ‘maar het tegenovergestelde: een bevrijding.’

    Allerlei onderzoeken hebben aangetoond dat het de mannen zijn, niet de vrouwen, die het meest gebaat zijn bij het huwelijk en een langdurig partnerschap

    Deze boeken hadden voor mij niet op een beter moment kunnen komen. Ik vond het moeilijk om mijn toenemende bezorgdheid onder woorden te brengen over het feit dat ik al tegen de dertig liep en nog steeds geen behoefte had om me te settelen en een traditioneel gezin te stichten. Ik had zo onbevooroordeeld mogelijk gewacht op de plotselinge neodarwiniaanse neiging om me te verenigen en te vermenigvuldigen. Maar daar is het nog steeds niet van gekomen. Ondanks de niet onaanzienlijke sociale druk, ben ik gelukkig zoals ik ben.

    Uit de serie Everlasting. – © Annabel Oostewegel
    Uit de serie Everlasting. – © Annabel Oostewegel

    Ik ben heel tevreden met het feit dat mijn werk, mijn politieke overtuigingen, mijn sociale omgeving en mijn boeken net zo belangrijk voor me zijn als degene met wie ik toevallig een relatie heb. Ik hou van kinderen, maar niet zo veel dat ik het werk, de pijn, de zorgen en de gemiste kansen die ze met zich meebrengen ervoor overheb – nu niet, en misschien wel nooit. Ik woon in een commune, ik date met meerdere mensen, en ik ben carrièregericht. Ik heb altijd gedacht – omdat men dat altijd tegen me zei – dat dit een fase was die ik doormaakte.

    Door deze twee boeken heb ik ingezien dat trouwen en kinderen krijgen altijd al heel laag op mijn prioriteitenlijst hebben gestaan, en dat ze er zelfs bijna van geschrapt worden. Er zijn gewoon te veel andere dingen die ik wil doen. Ik heb een keuze gemaakt die mannen van mijn leeftijd eeuwenlang hebben kunnen maken zonder daarop te worden aangekeken door de maatschappij, of zelfs zonder er maar over na te hoeven denken, en daar is op zich niets radicaals aan. De mogelijkheid dat miljoenen vrouwen en masse dezelfde keuze maken is echter wel een dreigend vooruitzicht.

    Nu vrouwelijke auteurs wereldwijd voor het eerst in generaties eerlijk zijn over de bedenkingen die ze heimelijk over het huwelijk en het moederschap hebben, wordt eindelijk duidelijk hoe veel werk er met beide zaken gemoeid is. Het kernbegrip daarbij is ‘emotionele arbeid’. Emotionele arbeid, aldus Weigel, is niet alleen schoonmaken, koken en snotneuzen afvegen, maar ook de organisatie van het huishouden, van relaties, het plannen van het huwelijk en de vruchtbaarheid, de aandacht voor verjaardagen en feesten, het sussen van stress, aandacht voor voedselallergieën – kortom alles wat nodig is om mensen op huiselijk niveau tevreden te houden.

    Iemand moet dat doen, en vrouwen zijn daar al zo lang mee belast dat het vanzelfsprekend lijkt, onzichtbaar is geworden door de aanname dat het alleen maar logisch is dat vrouwen en meisjes dat soort dingen doen, dat God, of anders de natuur, ze daarvoor heeft geschapen, en soortgelijk pseudowetenschappelijk vaag gewauwel. Het idee dat dat misschien helemaal niet zo is, en dat we er bovendien meer dan genoeg van hebben om dat ondankbare werk gratis en voor niets te moeten doen, is een heftige bedreiging voor de soepel draaiende maatschappij zoals we die kennen.

    Emotionele arbeid

    Het is zeer goed mogelijk dat degenen die de emotionele en huiselijke arbeid verrichten vervreemd raken van de producten van die arbeid, vooral als er zo weinig compensatie tegenover staat. Emotionele en huiselijke arbeid is werk, en vrouwen hebben al veel te lang genoegen genomen met slechte werkomstandigheden.

    Ik wist dat de discussie over emotionele arbeid gemeengoed was geworden toen ik die term op de cover zag van Psychologies, een glossy vrouwentijdschrift dat niet bepaald bekendstaat als een feministisch kanaal. ‘Wie doet het werk in jullie relatie?’ stond er, met daarnaast een foto van Beyonce, die onlangs een album uitbracht waarop ze eiste dat haar man zijn leven moest beteren ‘or you’re gonna lose your wife’, plus een paar gecodeerde dreigementen om de regering ten val te brengen. Bey heeft blijkbaar een ontwikkeling doorgemaakt sinds ‘All the single ladies / put a ring on it’, en dat geldt voor iedereen.

    ‘De revolutie,’ verklaart Traister, ‘heeft te maken met het uitbreiden van keuzemogelijkheden, met het opheffen van de dwang die eeuwenlang bijna alle vrouwen de snelweg op heeft gestuurd naar een heteroseksueel huwelijk op jonge leeftijd en het moederschap.’ Als huwelijk en partnerschap niet zozeer als werk maar als vrijwillig werk worden geherformuleerd, werpt dat voor meisjes en vrouwen die overwegen om zich te settelen reële vragen op. Is het dat wel waard? Is iets wat, zelfs als je geluk hebt, zal uitdraaien op een leven van huiselijk geregel tegen een beperkte beloning een te hoge prijs die moet worden betaald? Wil je echt jarenlang zorgen voor kinderen en een partner terwijl het al moeilijk genoeg is om voor jezelf te zorgen?

    Het is nog niet zo lang geleden dat het huwelijk de enige optie was voor vrouwen die financiële zekerheid, wettige kinderen, maatschappelijk aanzien en min of meer regelmatige seks wilden. Onze voormoeders hebben gevochten om dat alles te kunnen krijgen zonder de ketenen van het partnerschap, en tegenwoordig wegen de voordelen van het huwelijk en monogamie steeds minder op tegen de nadelen.


    Allerlei onderzoeken hebben aangetoond dat het de mannen zijn, niet de vrouwen, die het meest gebaat zijn bij het huwelijk en een langdurig partnerschap. Mannen die trouwen zijn over het algemeen gezonder en gelukkiger dan alleenstaande mannen. Getrouwde vrouwen daarentegen waren niet beter af dan hun alleenstaande tegenhangers. Gescheiden mannen willen twee keer zo graag hertrouwen als vrouwen. Dat is misschien de verklaring waarom vrouwen, en niet mannen, van jongs af aan in de richting van een partnerschap moeten worden gemanoeuvreerd.

    Het zijn de meisjes, niet de jongens, die wordt geleerd om zich voor te bereiden op het huwelijk, om zich een toekomst als echtgenote en moeder voor te stellen, om bang te zijn ‘de boot te missen’. ‘Vrijgezel’ is een respectvolle term, maar ‘ouwe vrijster’ is een scheldwoord, en de romantische propaganda is gericht op vrouwen, niet op mannen. Overal, van Hollywood tot reality-tv en de ingezonden brieven in de kwaliteitskranten, is het een algemeen erkende waarheid dat een alleenstaande vrouw, over wat voor middelen ze ook beschikt, beslist een man nodig heeft.

    Jane Austen schrijft geen romantische verhalen. Het is pure horror

    Of niet? Ik heb Jane Austen, wier beroemde aforisme ik zojuist verbasterde, altijd geminacht, totdat ik vorig jaar in de trein zat en behalve Emma niets te lezen bij me had. Toen drong iets tot me door wat ik me tijdens mijn literatuurstudie nooit heb gerealiseerd: dat Jane Austens beroemde romans over romantiek in de bosschages van landgoederen en de benauwende koppelpogingen veel beter te begrijpen zijn als je je realiseert dat al haar belangrijkste personages zwaar gedeprimeerd en financieel wanhopig zijn. De reden dat haar middle-classheldinnen zo gefixeerd zijn op het huwelijk komt doordat ze geen zinvol alternatief hebben: zonder geschikte partner zijn ze overgeleverd aan armoede, schande en sociaal isolement. Het zijn geen romantische verhalen. Het is pure horror. Ik was meteen verkocht en verslond binnen drie weken haar hele oeuvre.

    De boeken van Jane Austen worden nog steeds gelezen als dwaze, onnozele verhalen voor en over dwaze, onnozele vrouwen, maar er staat erg veel voor ze op het spel. Austen, die zelf nooit getrouwd is geweest, schrijft over vrouwen in een kooi die is gemaakt door mannen en zo goed mogelijk proberen te overleven, en dat is precies waarom haar verhalen zo spannend en – althans voor mij – zo beangstigend zijn.

    De oprechte angst en zorgen van vrouwen over huwelijk en samenwonen zijn altijd op exact dezelfde manier afgedaan: als iets onbelangrijks wat de moeite van het openlijk bespreken niet waard was. Maar het gaat om wezenlijke, diepgewortelde zaken met betrekking tot macht en werk, en dat is nog steeds zo in deze moderne tijd, waarin vrouwen gelukkig meer mogelijkheden hebben dan rond 1810.

    Vijf maal zo veel kans op armoede

    Tegenwoordig staan vrouwen die single zijn steviger in hun schoenen dan ooit tevoren, maar toch moet er een prijs worden betaald als je ervoor kiest om alleen te blijven. Niet alleen omdat het stressvol is om in je eentje door de onbekende wateren van het leven te navigeren, en omdat het moeilijk is de jarenlange conditionering ongedaan te maken waardoor we diep in ons ontvankelijke hart zijn gaan geloven dat het leven zonder partner gelijkstaat aan doffe ellende, maar het heeft ook te maken met geld.

    Meer dan de helft van alle Amerikanen die het minimumloon of minder verdienen zijn alleenstaande vrouwen, en alleenstaande moeders hebben vijf maal zoveel kans om in armoede te leven als getrouwde moeders. Dat wordt gezien als bewijs dat je als vrouw beter getrouwd kunt zijn, terwijl het eigenlijk een signaal zou moeten zijn dat de maatschappij meer moet doen om de keuzes van vrouwen te steunen, zoals mannen eeuwenlang in hun keuzes zijn gesteund.

    Als vrouwen massaal zouden afzien van trouwen en samenwonen, zou de maatschappij op zijn economische en sociale grondvesten staan te schudden. Dat is in feite nu al het geval. Het kapitalisme heeft kans gezien om de massale toestroom van vrouwen op de traditioneel mannelijke arbeidsmarkt op te vangen door de lonen te verlagen, maar de vraag hoe huishoudens moeten worden gerund en kinderen worden grootgebracht is nog niet beantwoord.

    De algemene zorgen over het lage geboortecijfer onder blanke middle-classvrouwen wordt slechts geëvenaard door de hysterie over de zwarte working-classmigrantenvrouwen die ‘te veel’ kinderen krijgen – de pogingen van de neoconservatieven om rijke blanke vrouwen door intimidatie, dreigementen of vleierij weer achter het aanrecht en de kinderwagen te krijgen, hebben net zo veel te maken met racistische paniek als met het herstellen van een maatschappelijk systeem dat vroeger alleen in het voordeel was van mannen.


    ‘Single vrouwen nemen ruimte in in een wereld die niet voor hen is gemaakt’, concludeert Traister. ‘Als we succesvol willen zijn, moeten we ruimte maken voor vrije vrouwen, moeten we onze economische en sociale systemen aanpassen, de systemen die zijn ontworpen op basis van de aanname dat vrouwen eigenlijk niet meetellen, behalve wanneer ze getrouwd zijn.’ Traister ziet wel voor zich dat single vrouwen zullen verlangen dat de steun die een echtgenoot vroeger leverde nu van overheidswege beschikbaar wordt gesteld. ‘Als single vrouwen van de overheid verlangen dat die hun ambities, keuzes en onafhankelijkheid steunt door middel van een beter beleid’, schrijft ze, ‘dan laten ze zich daardoor alleen maar gelden als burgers op een manier waarop Amerikaanse mannen dat generaties lang hebben gedaan.’ En dat geldt overal ter wereld: de bevrijding van vrouwen van de verplichte huishoudelijke en emotionele arbeid opent de weg naar een vrijheid waarvan vroegere generaties alleen maar hebben kunnen dromen, en we zijn het aan hen verplicht om die vrijheid serieus te nemen.

    En wat als vrouwen ondanks deze opties toch kiezen voor het huwelijk of een partnerschap? Dan weten ze in elk geval dat ze hun keuze in alle vrijheid hebben gemaakt. Als een partnerschap niet meer verplicht is, wordt het alleen maar bijzonderder. Volgende week gaat een van mijn partners trouwen en ik ben deze week naar zijn vrijgezellenavond geweest. Ik ben blij voor hem en voor zijn verloofde, aan wie ik toestemming heb gevraagd om haar in dit artikel te vermelden. Ik ben dol op bruiloften. Ik vind het geweldig als mensen van wie ik hou samen een toekomst opbouwen, en ik vind het heerlijk om me mooi aan te kleden en samen met hun rare familieleden dronken te worden van goedkope champagne. Er zijn weinig dingen die ik leuker vind dan een weekendgast zijn op een bruiloft – maar ik geloof tegelijkertijd in het ontmantelen van de maatschappelijke en economische instituten van het huwelijk en het gezin.

    De liefde moet bevrijd worden van de ketenen van het traditionele kerngezin en het monogame huwelijk

    Ik geloof in dat alles: niet ondanks maar dankzij mijn teergevoelige hart. Ik ben een romantica. Ik vind dat de liefde bevrijd moet worden van de ketenen van het traditionele kerngezin en het monogame huwelijk, net als vrouwen. De intiemste, uitputtendste aspecten van de menselijke arbeid verstoppen in een mierzoet pakje versierd met hartjes en bloemen, dit bestempelen als liefde en er vervolgens van uitgaan dat vrouwen die arbeid gratis en zonder bedankje zullen uitvoeren, is volgens mij het tegenovergestelde van romantiek.

    In de echte wereld is de liefde misschien wel de enige echt oneindige en duurzame energiebron die we hebben, en het is de hoogste tijd dat we meer mogelijkheden krijgen. Ik wil die niet alleen voor mezelf, maar voor iedereen, en niet alleen omdat ik een feministe maar ook omdat ik een romantica ben: het is de enige manier waarop we elkaar op een dag eindelijk als echte gelijken kunnen ontmoeten en beminnen.

    Onze persoonlijke keuzes blijven echter een politiek aspect houden. Als je als vrouw niet wilt voldoen aan de traditionele eisen van de liefde en het huwelijk, heeft dat niet alleen met het inrichten van je leven te maken, maar ook met arbeid. Het is niet ondenkbaar dat vrouwen, voor wie de arbeidsomstandigheden altijd ronduit slecht zijn geweest, nog eens zullen gaan staken, en dat zal een staking zijn die zijn weerga niet kent. Een wijdverspreide staking, in elk huishouden en in elk hart. Net zoals bij gewone stakingen is daarvoor een bewustwording en een zekere solidariteit onder de stakers vereist, en dat zal zeker zijn tol eisen. Maar dat is de manier waarop de vrijheid kan worden bevochten.

    Auteurs: Laurie Penny
    Vertaler: Lidwien Biekmann

    New Statesman
    Verenigd Koninkrijk, weekblad, oplage 23.900

    Sinds 1913 hét tijdschrift voor de Britse linkse intelligentsia. Bekend om zijn diepteanalyses en stevige maatschappijkritiek. In de columns en andere opiniërende stukken stelt het blad zich ook open voor andere dan linkse geluiden.