Tag: London

  • Bankier, prinses, warlord: de vele levens van Asma al-Assad

    Bankier, prinses, warlord: de vele levens van Asma al-Assad

    In interviews met westerse media stelde ze Bashar in de schaduw. Ze was zijn ambassadeur in landen waar hij niet graag werd gezien, wilde Damascus omvormen tot Europese metropool en ging uit winkelen terwijl de stad afbrandde. Wie is de vrouw die in het naoorlogse Syrië de touwtjes in handen heeft?

    De keuze van hoofdredacteur Laura Weeda

    Dit Economist-artikel is buitengewoon goed geschreven en geeft een heel mooi en genuanceerd beeld van de ontwikkelingen in Syrië de laatste dertig jaar vanuit een verrassend perspectief: de First Lady, Asma al-Assad. Ooit was ze in Syrië een gevierde vrouw die van Damascus één groot cultureel park wilde maken, nu komt ze vooral mysterieus en meedogenloos over. In haar levensverhaal wekt ze soms bewondering op, dan weer zijn haar gedrag en beslissingen volstrekt onnavolgbaar.

    Deze longread van Nicholas Pelham geeft ook goed weer hoe wankel geopolitieke relaties zijn door het grote contrast tussen Damascus als opbloeiende stad, toen Al-Assad er kwam wonen, en de ruïne die de hoofdstad van Syrië nu is.‘

    Afgelopen zomer circuleerde een foto van de First Lady van Syrië op social media. In het noordwesten van het land bombardeerden regeringstroepen op dat moment de overgebleven verzetshaarden. De foto toont Asma al-Assad, haar man Bashar al-Assad en hun drie kinderen op een winderige heuveltop, geflankeerd door soldaten in camouflagetenue. Met zijn windjack, sportschoenen en poloshirt vlot over zijn broek lijkt Bashar in alles op een huisvader die zijn kroost meeneemt op een zondagmiddagwandelingetje, en in niets op een man die dissidenten laat martelen. Asma oogt wat stijfjes, houdt haar armen langs haar lichaam. Witte spijkerbroek, sportschoenen en zo’n vliegeniersbril waar despoten in het Midden-Oosten om de een of andere reden dol op zijn. Ze staat midden op de foto; Bashar, president van Syrië, schurkt wat onhandig tegen haar aan.

    Achter Asma is een bedrieglijk vredig landschap te zien. Tien jaar na de Arabische lente, waarin miljoenen mensen in het Midden-Oosten zich tegen repressieve regimes keerden, heeft de heersende familie van Syrië de macht behouden en daar een gruwelijke prijs voor geëist.

    Het regime heeft honderdduizenden Syriërs vermoord en er ruim 14.000 doodgemarteld. De helft van de bevolking sloeg op de vlucht, waarmee de grootste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog een feit werd. Iran, Turkije, de Verenigde Staten en Rusland, stuk voor stuk streden ze direct of indirect om invloed op Syrische bodem. In de hele Arabische wereld is de hoop op een betere toekomst vermorzeld, maar nergens ging dat met zo veel bloedvergieten gepaard als in Syrië.

    Marie Antoinette 

    Asma’s ster is in die tijd echter tot ongekende hoogte gerezen. Haar pad naar de heerschappij over dit verwoeste land was bochtig en legde ze af in vele gedaanten: de financieel expert van J.P. Morgan die tot in de kleine uurtjes doorwerkte om lucratieve deals uit het vuur te slepen; de glamoureuze First Lady die in de overtuiging verkeerde dat sociale hervormingen en haute couture een pariastaat konden moderniseren; de Marie Antoinette van Damascus, die uit winkelen ging, ook al stond haar land in brand; de moeder van de natie, die tegen kanker streed terwijl de troepen van haar man opstandelingen verpletterde.

    Waar eindigt de reis? De prominente plaats die ze in de hofhouding van de Assads wist te veroveren is niet langer alleen maar voer voor Syrische roddelcircuits. Vorig jaar bestempelde de Amerikaanse regering Asma tot een van de beruchtste oorlogsprofiteurs van Syrië. Er wordt nu zelfs gefluisterd dat ze haar man als president zou kunnen opvolgen. Asma al-Assad heeft de gestucte twee-onder-een-kapwoning in Londen waar ze is opgegroeid ver achter zich gelaten.

    Voor een dictatorsvrouw is haar achtergrond ongewoon. Asma Akhras werd in 1975 geboren in Acton, een onopvallend deel van West-Londen dat grenst aan veel rijkere buurten. Zoals de meeste Syriërs zijn haar ouders soennitische moslims: die vormden de dominante groep in Syrië totdat in de jaren zestig een kleine, gemarginaliseerde sekte, de Alawieten, een staatsgreep pleegde. Bashars vader, Hafez al-Assad, zat in het complot en riep zichzelf in 1970 uit tot leider van het land.

    Asma’s ouders kwamen in de jaren zeventig naar Londen, hopend op een beter bestaan. Het gezin bleef religieus: haar vader bezocht het vrijdaggebed in de moskee en haar moeder wierp haar hijab pas af nadat Asma was getrouwd. Vrienden omschrijven het gezin als cultureel conservatief, al was het wel de bedoeling dat de kinderen zouden assimileren. Op haar Anglicaanse basisschool stond Asma bekend als Emma. ‘Als je het niet wist, zou je niet denken dat ze Syrisch was,’ herinnert een buurman zich.

    Haar bezoeken aan Damascus met haar ouders bracht zij grotendeels bij het zwembad van het Sheraton-hotel door

    Asma leek bestemd voor een leven te midden van Londense welgestelden. Als tiener ging ze naar een van de oudste particuliere meisjesscholen van Groot-Brittannië, Queen’s College, niet ver van haar vaders particuliere medische praktijk in Harley Street. Ze studeerde computerwetenschappen aan King’s College in Londen. Vriend en vijand zeggen dat ze slim en ijverig was.

    Niemand kan zich herinneren dat zij enige belangstelling voor het Midden-Oosten toonde. Haar bezoeken aan Damascus met haar ouders bracht zij grotendeels bij het zwembad van het Sheraton-hotel door. ‘Ze was erg Engels en leek niets met Syrië te maken te willen hebben,’ aldus een vriend van de familie.

    Weinigen waren verrast toen ze een baan kreeg bij J.P. Morgan, een investeringsbank. Het personeel werd geacht soms 48 uur achter elkaar te werken en zelfs op kantoor te slapen. Sommige stagiairs waren vrijpostig en onverholen ambitieus, maar Paul Gibbs, Asma’s leidinggevende, herinnert zich haar als ‘bescheiden, beleefd en dienstbaar’. Ze droeg keurige zwarte pakjes. Ze specialiseerde zich in fusies en overnames (wat haar later in Syrië van pas kwam). Af en toe ging ze uit met een collega, ze kreeg zelfs huwelijksaanzoeken.

    Haar moeder, Sahar, had grootse plannen voor Asma. Haar eigen oudoom had Hafez al-Assad geholpen bij diens machtsgreep. Sahar wilde deze connectie gebruiken om Asma te koppelen aan Bashar, de tweede zoon van Hafez. Ten minste, dat schrijft de Libanees-Amerikaanse journalist Sam Dagher, auteur van het boek Assad or We Burn the Country.

    Slungelige student

    Bashar en Asma ontmoetten elkaar in het Londen van de jaren negentig. Hij was toen nog een slungelige student medicijnen, die in de schaduw van zijn autoritaire vader was opgegroeid. Als enige van zes broers en zussen ging hij in het buitenland studeren. Zijn afkeer van bloed bracht hem ertoe zich te specialiseren in oogheelkunde, een medisch vakgebied met niet al te veel aanzien. Bashars oudere broer, Basil, diende in het Syrische leger, reed in snelle auto’s en zat achter de vrouwen aan. Bashar was juist ‘ijverig, punctueel, ging elke dag naar de universiteit en vermeed uitspattingen’, aldus Wafic Said, een rijke Syrische expat die de familie kent. Hij luisterde naar Phil Collins en Electric Light Orchestra, dronk groene thee en bewoog zich op de fiets door de stad. In tegenstelling tot zijn vader, die zijn boerse tongval nooit zou kwijtraken, eigende Bashar zich het verfijnde, zangerige accent van de Damasceense elite toe.

    Hij was wel gevoelig voor vrouwelijk schoon en ging vaak uit met de gemanicuurde afdankertjes van zijn broer. De keuze van een vrouw mocht hij echter niet helemaal zelf bepalen. Toen Basil in 1994 omkwam bij een auto-ongeluk, rustte het lot van de Assad-dynastie plotseling op de schouders van Bashar. Die was nog ongetrouwd toen zijn vader in juni 2000 overleed. Twee maanden later bezorgden schijnverkiezingen hem het presidentschap.

    Bij terugkeer vertelde ze haar werkgever dat een onstuimige Syriër haar had veroverd

    Op dat moment werkte Asma al twee jaar bij J.P. Morgan. Maar ineens verdween ze en bleef drie weken lang weg, zonder kennisgeving. Bij terugkeer vertelde ze haar werkgever dat een onstuimige Syriër haar had veroverd. Hij had haar meegenomen naar Libië, waar hij hun verbintenis bezegelde in een tent in de Sahara. Asma koos voor de liefde en nam onmiddellijk ontslag.

    Buiten het Sheraton is Syrië een ingewikkelde plek. De bergen en woestijnen herbergen een lappendeken aan etnische en religieuze groepen, waarvan de meeste elkaar wel eens hebben dwarsgezeten. De Fransen maakten het land buit op de Ottomanen, hun bestuur tussen de wereldoorlogen was kort en omstreden. De eerste jaren van Syriës onafhankelijkheid verliepen echter ook verre van rimpelloos. Er woedde er een continue onderlinge strijd, de staatsgrepen volgden elkaar in rap tempo op.

    Aan deze woelingen kwam in 1970 een einde met de komst van Hafez al-Assad, een onbuigzame luchtmachtofficier van de regerende Baath-partij. Tijdens zijn schrikbewind onderhielden veiligheidsdiensten informantennetwerken, luisterden ze telefoons af en martelden ze mensen in het wilde weg. Toen soennitische islamistische dissidenten in 1982 in hun bolwerk Hama de Baath-heerschappij tartten, maakte Hafez een deel van de stad met de grond gelijk.

    GettyImages 110839797 2
    Bashar en Asma al-Assad te gast in Parijs bij de Quatorze Juillet-parade in 2008. – © Pool Benaninous / Getty Images

    Hafez was al dood tegen de tijd dat Asma eind 2000 naar Damascus verhuisde, maar zijn nalatenschap was alomtegenwoordig: van architectuur in Sovjetstijl tot uithangborden met zijn beeltenis die zijn lof prezen. Zijn steun aan terroristische organisaties in de regio had Syrië van het Westen vervreemd. De opkomst van Bashar bood een kans de betrekkingen te herstellen.

    In zijn inaugurele rede beloofde Bashar de corruptie te bestrijden en eerlijke meerpartijenverkiezingen toe te staan. Kort daarna sloot hij een van de grootste gevangenissen van het land. In de cafés van Damascus begon men voorzichtig over politiek te praten.

    Asma leek in deze periode van dooi een zeer geschikte partner voor de nieuwe Syrische leider. Koningin Rania van Jordanië, Sheikha Moza van Qatar, zelfs prinses Diana in Groot-Brittannië hadden stuk voor stuk laten zien hoe een door glamour omgloorde first lady een drijvende kracht achter hervormingen kon zijn. Dankzij de dominante positie van de seculiere Baath-partij, waren openbare functies toegankelijker voor vrouwen dan in de meeste Arabische landen. ‘Ik verwachtte dat deze twee Syrië samen tot een hemel aarde zouden maken,’ zegt Wafic Said, de eerder vermelde Syrische expat.

    Net als veel vrouwen die haar voorgingen, moest Asma wel rekening houden met haar schoonfamilie. Bashars moeder Anisa had gewild dat haar zoon binnen de clan was getrouwd teneinde een duurzame dynastie, zoals die van de Saoeds in Saoedi-Arabië, te creëren. Sommige familieleden vonden zelfs dat Bashar het presidentschap moest opgeven omdat hij met een soennitische was getrouwd.

    Bashars moeder stond erop de titel ‘First Lady’ te behouden

    Het lukte de moeder van Bashar niet het huwelijk af te wenden, dus besloot ze het te verdonkeremanen. Er kwamen geen nieuwsbulletins over de bruiloft. Officiële foto’s werden nooit vrijgegeven. Asma kreeg herhaaldelijk te horen dat het haar taak was om erfgenamen voort te brengen en uit het nieuws te blijven. Bashars moeder stond erop de titel ‘First Lady’ te behouden; staatsmedia noemden Asma akilatu alrais, de echtgenote van de president. Niemand die haar op straat herkende. Het huiselijk leven ging bepaald niet over rozen. ‘Ze haatten haar,’ aldus Ayman Abdel Nour, destijds adviseur van Bashar. Asma sprak nog geen vloeiend Arabisch. 

    Tijdens etentjes maakte de familie er een punt van om in onverstaanbaar Alawitisch dialect te converseren. De rest van de heersende elite was ook niet toeschietelijk. Met name de voormalige bondgenoten van zijn vader dwarsboomden de hervormingen van Bashar. ‘Hafez al-Assad was een octopus die zijn tentakels aanstuurde,’ zegt een aan het regime gelieerde zakenman. 

    Masker

    Binnen enkele maanden werd duidelijk dat Bashars beloften van hervormingen weinig om het lijf hadden en vooral waren bedoeld om steun voor zijn opvolging te verwerven. ‘Bashar vertelde je precies wat je wilde horen en deed vervolgens helemaal niets,’ zegt Wafic Said. Al snel viel het masker. Academici belandden in de cel. De affiches van Bashar kregen nog grotere afmetingen dan die van zijn vader. Het recht op openbare vergaderingen werd dermate ingeperkt dat paren een overheidsvergunning nodig hadden om een bruiloft in een hotel te houden.

    Herhaaldelijk werd de hoop op verandering in Syrië getorpedeerd. Na de aanslagen van 11 september 2001 gaf Bashar de Amerikanen de middelen om terreurverdachten te ondervragen. ‘Democratie verspreiden’ was destijds evenwel het credo van de regering-Bush, en Syrië kon wel eens het volgende doelwit van dit voornemen zijn. De ontwikkelingen in Irak brachten het Syrische regime ertoe het roer weer om te gooien. Bashar stuurde jihadisten van eigen bodem de grens over om de Iraakse opstand tegen de Amerikanen te steunen.

    Terwijl hij zijn machtspositie versterkte, vervulde Asma plichtsgetrouw de rol van fokmerrie. Ze kreeg snel achter elkaar drie kinderen, van wie twee zonen. Nog steeds kleedde ze zich als een ingetogen bankemployé. De enige keren dat ze de krantenkoppen haalde, was tijdens buitenlandse reizen. En zelfs dan werd de woede van haar schoonfamilie gewekt.

    Onmenselijkheid

    De onmenselijkheid binnen de familie werd geëvenaard door wreedheid erbuiten. Op 14 februari 2005 kwam een van de meest prominente politici van Libanon, Rafik Hariri, om het leven door een aanslag met een autobom. Syrië hield zijn kleine, disfunctionele buurman al jaren onder de duim en velen gingen ervan uit dat Bashar de opdracht had gegeven. Onder druk van mogelijke internationale sancties en massale demonstraties in Libanon, haalde Bashar bakzeil. Na dertig jaar bezetting trok hij zijn troepen terug uit Libanon – tot woede van de Syrische hardliners. Meer dan ooit had Bashar bondgenoten nodig: zijn Britse vrouw zou westerse regeringen gunstig kunnen stemmen. Hij beloofde Asma dat hij haar schoonfamilie het zwijgen zou opleggen en stemde ermee in haar tot ‘First Lady’ te promoveren.

    Twee maanden na de moord op Hariri stond zij aan de zijde van haar man bij de begrafenis van paus Johannes Paulus II. Weinigen wilden zijn hand schudden, maar Asma, discreet aantrekkelijk in haar zwartkanten sluier, viel wél in de smaak. Op foto’s is te zien hoe zij zich met wereldleiders onderhoudt. Dit was een beslissend moment voor het paar. Tot dan was Asma, de indringer, naar het tweede plan verbannen. Nu ging ze een centrale rol spelen in de internationale rehabilitatie van Bashar. ‘Ze was zijn ambassadeur in alle landen waar hij niet graag gezien werd,’ zegt Abdel Nour, de voormalige adviseur van Bashar.

    In interviews met westerse media stelde ze Bashar in de schaduw. Zij zou het niet in haar hoofd halen joden ‘moordenaars van Christus’ te noemen, zoals hij had gedaan in een poging christenen aan zich te binden. Ook thuis retoucheerde Asma het imago van het stel. De Assads gingen voortaan prat op hun bescheidenheid. Ze meden het gigantische, met marmer beklede paleis dat de Saoedi’s voor de Assads hadden laten bouwen, en kozen voor een soberder onderkomen van drie verdiepingen. Asma haalde haar kinderen elke dag op van de plaatselijke Montessorischool. Toen Wafic Said bij hen thuis dineerde, was hij verbaasd over het gebrek aan pracht en praal. Het echtpaar diende het eten zelf op.

    ‘Ze wilde van Damascus een regionaal Dubai maken, een belastingparadijs’

    Niettegenstaande deze soberheid gaf Asma met hulp van een nieuwe kapper haar uiterlijk en uitstraling een stevige oppepper. Haar naaldhakken en oorbellen kregen er een paar centimeter bij, haar nagels waren verzorgd en gelakt. Hoewel zij noch Bashar een trouwring droeg, sierden koninklijke agaten haar hals. Het grondpersoneel van Syrian Airlines in Londen herinnert zich de aanvoer van talloze kisten met kleding uit de beste Londense warenhuizen.

    Syrische diplomaten noemden haar Imelda Marcos, naar de Filipijnse first lady met een schoenenverslaving. Het charmeoffensief wierp vruchten af. Slechts enkele maanden na de moord op Hariri opperde The New York Times dat het paar ‘de essentie van seculiere West-Arabische fusion’ belichaamde. ‘Ik was betoverd,’ zegt een Syrische diplomaat die nu in ballingschap is en destijds een Europese rondreis voor hen organiseerde. ‘Ze pakt je onmiddellijk in met haar lieftalligheid. En hij is anders dan andere dictators in het Midden-Oosten, ziet er modern en verfijnd uit. Dat maakt hem zo gevaarlijk.’

    Asma’s volgende project was Syrië zelf. Na decennia van centrale planning en importbeperkingen wilde ze een frisse wind door het land laten waaien. Ze begoochelde haar man met financieel jargon en drong er bij de banksector op aan zich open te stellen voor particuliere en buitenlandse bedrijven. ‘Ze wilde van Damascus een regionaal Dubai maken, een belastingparadijs,’ vertelt een Syrische econoom.

    Economische hervormingen strookten echter niet met de belangen van een aantal machtige Syriërs. Om de zakelijke cultuur te veranderen, moest Asma het opnemen tegen Rami Makhlouf, neef van Bashar en lid van de aristocratische clan van diens moeder. Volgens sommige schattingen hadden de bedrijven van Makhlouf meer dan de helft van de Syrische economie in handen. Asma tartte zijn suprematie in 2007 door haar eigen holdingmaatschappij op te richten, maar slaagde er niet in genoeg Syrische zakelijke zwaargewichten aan haar kant te krijgen. Haar plannen voor de Syrische economie moesten in de ijskast.

    Asma vond al snel een nieuwe manier om haar invloed uit te breiden. Al vroeg in haar huwelijk had ze zich met liefdadigheid beziggehouden. Nu probeerde ze haar projecten in één organisatie, de Syria Trust for Development, samen te brengen. Ze wilde van deze trust de voornaamste trait d’union van Syrië  met de rest van de wereld maken. Met dat doel ging ze koortsachtig werven onder Engelstalige Syriërs in het buitenland, voormalige functionarissen van de Verenigde Naties en strategen van het Amerikaanse managementadviesbureau Monitor Group. ‘De trust mocht met buitenlanders omgaan, terwijl andere organisaties daar geen toestemming voor hadden,’ zegt een diplomaat die in Damascus werkte.

    Met zijn ruige landschap en archeologische rijkdommen behoorde Syrië een toeristische trekpleister te zijn, vond Asma. Ze wierf curatoren van het Louvre en het British Museum en liet die op het centrum van Damascus los. Een cementfabriek zou een galerie worden, naar het voorbeeld van het Londense Tate Modern. De oevers van een smoezelige rivier door de stad moesten in een cultureel park worden omgetoverd. Er zou een spoorlijn komen om Damascus te verbinden met de oude Assyrische steden in het onderontwikkelde noordoosten.

    Prinsessengedrag

    De meeste westerse diplomaten in Damascus steunden de trust van Asma van harte. Ze wist de Europese Unie, de VN, de Wereldbank en Qatar voor zich te winnen, en vergaarde miljoenen dollars voor de financiering van haar visie. Krantenartikelen bejubelden de ‘culturele renaissance’ van Damascus, zoals Asma die noemde. ‘Dit is hoe je extremisme bestrijdt: met kunst,’ zei Bashar.

    Haar collega’s zagen ook een andere kant van haar. Op goede dagen was ze ‘enorm nieuwsgierig’ en ‘uitermate behulpzaam’, aldus een oud-medewerker. Maar een andere adviseur bewaart wat minder prettige herinneringen aan haar ‘prinsessengedrag’, haar geschreeuw, en hoe ze zich op anderen afreageerde. Hij nam na acht maanden ontslag: ‘Ze is een control freak, een eng mens.’

    Asma werd geportretteerd als ‘een roos in de woestijn’, die vastbesloten was om van Syrië een ‘merk’ te maken

    Maar ze was ook effectief. ‘Het was opvallend hoe vaak ze zei: Ik zou willen dat er dit of dat gebeurde, en het dan ook gebeurde,’ aldus iemand die zes jaar voor haar in Damascus werkte. Haar personeel hield zich aan het straffe schema waaraan ze bij J.P. Morgan gewend was geraakt: het kantoor ging om zes uur ’s ochtends open en het werk ging tot in de late uren door. Ambtenaren wisten dat ze Asma beter konden raadplegen dan de minister van Cultuur als het om belangrijke kwesties ging.

    Asma huurde Britse en Amerikaanse pr-firma’s in om haar imago op te poetsen. Die vlogen parlementariërs van over de hele wereld in om haar goede werken te bewonderen. Allerlei beroemdheden kwamen naar Damascus, onder wie Angelina Jolie en Brad Pitt, Sting en Damon Albarn van Blur. De grootmoefti nodigde Syrische joden uit die decennia eerder voor vervolging waren gevlucht. Brown Lloyd James, een Amerikaans pr-bedrijf, regelde in maart 2011 een coverstory in Vogue, waarin Asma werd geportretteerd als ‘een roos in de woestijn’, die vastbesloten was om van Syrië een ‘merk’ te maken. 

    Onbenullen

    De trust had beperkte bevoegdheden. ‘Wat met de moskee, religie en politiek te maken had lieten we ongemoeid,’ zegt een medewerker. Dergelijke grenzen waren wel moeilijk te bewaken. Opvoeders reisden door Syrië met een grote opblaasbare iglo die bedoeld was als ‘vertelruimte’, gebouwd met de hulp van een voormalig directeur van het Science Museum in Londen. Het was de bedoeling dat alleen onomstreden kwesties aan de orde zouden komen, zoals het recht van een kind op schone lucht. Er werden echter ook misstanden van het regime aangekaart.

    ‘Een jongen zei dat hij een verhaal had over mensenrechten en vertelde hoe hij werd gearresteerd, uitgekleed en op een fles moest gaan zitten,’ aldus een organisator. De buitenlandse consultants van de trust woonden in een vergulde bubbel in Damascus: ze bestelden sushi via roomservice, streken hoge salarissen op, en kletsten ondertussen over vermogensopbouw. ‘Veel dorpen hadden geen goede riolering of elektriciteit en dan verscheen zij daar met haar adviseurs en vertelde ze over ondernemerschap, het maatschappelijk middenveld, duurzame ontwikkeling en kaas maken,’ zegt Samir Aita, een adviseur van het ministerie van Financiën. ‘Asma dacht dat de Syria Trust alles voor elkaar kon krijgen, maar het waren gewoon onbenullen die arme boeren in het Engels toespraken.’

    Binnen de trust zelf rees het vermoeden dat de organisatie slechts een voertuig was voor Asma’s zelfverheerlijking. Adviseurs moesten haar aanspreken met ‘excellentie’ en opstaan als ze een vertrek betrad. Onder hen die garen sponnen bij Asma’s opkomst was haar eigen vader, Fawaz Akhras. Kort nadat Asma met Bashar getrouwd was, richtte hij de British-Syrian Society op, een organisatie in Londen die politieke en financiële steun voor Syrië wierf. Hij coördineerde de activiteiten van de vereniging met de club van Asma en trok tal van rijke Syriërs aan. Akhras was openhartig over zijn nauwe banden met de macht: zijn favoriete aanhef van een toespraak was: ‘Als schoonvader van de president…’ 

    ‘Vergeleken met hem was de Syrische ambassadeur een loopjongen,’ zegt Yahya al-Aridi, die voor de Syrische regering de communicatie verzorgde in Londen. Asma’s rijzende ster kwam ook het internationale profiel van Syrië ten goede. Amerikaanse functionarissen bezochten Damascus weer, zeker na Obama’s presidentsverkiezing in 2008. Het gerucht deed de ronde dat er een uitnodiging voor Washington ophanden was. De Fransen waren haar nog gunstiger gezind. Paparazzi volgden de Assads op de voet toen ze Parijs bezochten. ‘Zij verspreidt licht in een land vol schaduwen,’ schreef Paris Match over Asma.

    Op 10 december 2010 sprak ze de verzamelde Franse elite toe op de Internationale Diplomatieke Academie, een denktank in Parijs. Ze repte over de ‘verandering die gaande is in mijn land’. Een paar dagen later stak een Tunesische groenteverkoper zichzelf in brand en ontketende daarmee opstanden in Noord-Afrika en het Midden-Oosten die spoedig de Arabische Lente werden genoemd. *Snel zou blijken dat de Assads niet genoeg hadden aan soft power en naaldhakken om die lente te kunnen overleven.

    De eerste twee maanden van 2011 heerste er opwinding in het Midden-Oosten. Na decennia van stagnatie en onderdrukking werd het overspoeld door demonstraties, van Tunesië tot Libië, Algerije tot Bahrein, Jordanië tot Jemen. Massaprotesten in Caïro brachten het bewind van Hosni Moebarak, dictator van Egypte gedurende bijna dertig jaar, ten val. Het tij van de revolutie leek niet te keren. Veel Syriërs lieten zich meeslepen door wat ze zagen, maar angst weerhield de meesten van hen de straat op te gaan. Toen, op een februariavond in het saaie plattelandsstadje Deraa ten zuiden van Damascus, spoot een groep schoolkinderen graffiti op een muur met de tekst: ‘Nu is het jouw beurt, dokter.’

    Adviseurs moesten haar aanspreken met ‘excellentie’

    De plaatselijke veiligheidschef was een neef van Bashar – een misdadiger, zelfs naar de maatstaven van de Syrische geheime diensten. Zijn mannen pakten de kinderen op en martelden ze. Grote groepen mensen verzamelden zich buiten de moskeeën van Deraa en eisten waardigheid en vrijheid. Troepen openden het vuur.

    Aanvankelijk was het niet duidelijk – zelfs niet voor Asma, zo lijkt het – hoe Bashar zou reageren. Een generaal gaf hem de raad de plaatselijke veiligheidschef gevangen te zetten en excuses aan te bieden voor het bloedvergieten in Deraa. De grotere steden in Syrië waren nog steeds rustig, dus zouden publiek berouw en nieuwe hervormingsbeloften mogelijk volstaan om de situatie in de hand te houden.

    In Washington hielp de ambassadeur van Syrië Bashar bij het opstellen van een toespraak waarin hij deze hervormingen aankondigde. Ook Asma leek een sussende boodschap aan het volk te verwachten. Toen de Arabische lente in een stroomversnelling kwam, zei ze dat het regime wist dat het moest veranderen. Volgens een voormalige medewerker probeerde ze met de oppositie te praten.

    ‘Toen ik met Bashar kennismaakte, sprak hij over hervormingen. Het was verschrikkelijk om te ontdekken dat het een schijnvertoning was’

    Op 30 maart sprak Bashar het grotendeels ceremoniële parlement van Syrië toe. ‘Syrië moet een grote samenzwering het hoofd bieden,’ verklaarde hij tot veler verrassing. Hij bestempelde beelden van veiligheidstroepen die demonstranten neerschoten tot nep. Hij wees de oproepen tot hervorming af en zei dat ze een dekmantel vormden voor een niet nader gespecificeerd buitenlands complot.

    ‘Hier sprak het oude regime,’ zegt een van Asma’s bestuursleden, die Syrië direct na de toespraak verliet. ‘Er was geen enkel woord van verzoening, geen erkenning dat er veel dingen anders konden. Toen ik met Bashar kennismaakte, sprak hij over hervormingen. Het was verschrikkelijk om te ontdekken dat het een schijnvertoning was.’

    Na de toespraak groeiden de demonstraties wekelijks in aantal en omvang. Zeker na het vrijdaggebed namen ze massale vormen aan. Zo begon een escalerende cyclus van begrafenissen, protesten en geweld. Binnen een maand stuurde het regime eerst boeventuig op de bevolking af, daarna kwamen de sluipschutters en ten slotte werd er zwaar geschut ingezet.

    De invloed van Syrische generaals, hoofden van inlichtingendiensten en van de Baath-partij was de afgelopen tien jaar afgenomen. Dit was hun moment van vergelding. Anisa, de moeder van Bashar, drong ook aan op een ferme reactie. Wat zou je vader hebben gedaan, schamperde ze tegen Bashar. De opstand tegen diens bewind in 1982 had hij op uiterst brute wijze de kop ingedrukt. Een voormalige Franse ambassadeur in Damascus zegt dat Bashar rond deze tijd op de volgende uitspraak werd betrapt: ‘Mijn vader had gelijk. Duizenden doden in Hama hebben ons drie decennia stabiliteit opgeleverd.’

    Ziektekiemen

    Terwijl Syrië in chaos verviel, stortten Asma’s luchtkastelen in. Een gala ter gelegenheid van de herlancering van het nationaal museum werd afgelast. Haar culturele vernieuwingsprojecten kwamen niet van de grond. Na zeven jaar planning bleef het Museum of Discovery, naar het voorbeeld van het Science Museum in Londen, een betonnen omhulsel. De financiering droogde op en adviseurs verlieten het land. Ze verwijderden de Syria Trust uit hun bestanden. De meest prominente westerse bezoekers waren paria’s als Nick Griffin, toenmalig hoofd van de extreemrechtse British National Party. Wafic Said zegt dat hij Bashar destijds op het hart drukte een gematigde koers te volgen. ‘Ze houden van jou en je vrouw, je bent geen Moebarak,’ hield hij hem voor. ‘Mis deze kans niet om de grootste leider in de Arabische wereld te worden. Geef ze gewoon wat rechten, een beetje waardigheid en je zult voor de rest van je leven worden bemind.’ Maar Bashars koers lag vast. In een tweede toespraak, in juni, vergeleek hij demonstranten met ‘ziektekiemen’. Syrië stond aan de vooravond van een duister hoofdstuk in zijn geschiedenis.

    In februari 2012, een jaar nadat de Arabische Lente was uitgebroken, richtte de Vierde Pantserdivisie van Syrië onder bevel van Maher, de jongere broer van Bashar, haar artillerie op Homs, in het westen van Syrië. Asma’s ouders waren opgegroeid in de stad; nu waren de protesten daar tot een gewapende opstand uitgegroeid. Soldaten liepen over naar de rebellen. In het hele land waren al zo’n zevenduizend burgers omgekomen.

    Sinds het begin van de protesten was Asma nauwelijks in het openbaar verschenen, wat aanleiding gaf tot geruchten. Was ze een gevangene van de omstandigheden of steunde ze de acties van haar man? Misschien was ze wel naar het buitenland gevlucht. Mensen die in de begindagen van de crisis vertrouwelijk met haar spraken, zeggen dat ze strikt vasthield aan de officiële lijn: de opstand was een buitenlandse samenzwering. 

    In theorie had Asma naar Londen kunnen gaan. Er werd haar een veilige doortocht aangeboden. De Britse regering verklaarde herhaaldelijk dat ze haar als Brits staatsburger de toegang tot het land niet kon ontzeggen. Maar ook in Londen was de sfeer weinig uitnodigend. Demonstranten smeerden rode verf op de deur van haar ouderlijk huis in Acton. Queen’s College schrapte haar naam van de lijst eervolle alumni.

    Om sancties te vermijden liet ze haar kapper inkopen doen

    Er werd gefluisterd dat Asma de wijk had genomen. Een toenmalige functionaris van de Syrische ambassade in Londen herinnert zich dat veiligheidsfunctionarissen zich voorbereidden om eind 2011 een VIP te ontvangen. Anderen zeggen dat ze op weg naar de luchthaven van Damascus werd tegengehouden door handlangers van het regime. Maandenlang gaf Asma geen interviews. Vroegere vrienden vonden dat ze er in januari 2012, tijdens een zeldzaam openbaar bezoek aan een pro-regeringsbijeenkomst, uitgemergeld uitzag. Op zeker moment verhuisden zij en haar kinderen naar het zomerpaleis van de familie aan de kust, ver van beschietingen en traangas.

    Nu ze het zonder openbare functie moest stellen, concentreerde Asma zich op een opknapbeurt van haar huis. In het eerste jaar van de opstand plaatste ze een advertentie voor een tuinman en gaf ze 250.000 Britse ponden uit aan meubels. Om sancties te omzeilen stuurde ze haar kapper naar Dubai om boodschappen te doen en gebruikte ze een schuilnaam voor haar bestellingen bij Harrods. Een contact van de Assad-familie in Londen handelde haar verzoeken voor kroonluchters af. Asma’s koopwoede kwam aan het licht aan de hand van duizenden e-mails van Assads intimi, die in 2012 door activisten van de Syrische oppositie naar The Guardian werden gelekt. Ook WikiLeaks deed een duit in het zakje. De berichten wekken de indruk dat Asma in dubio verkeerde.

    In december 2011 had ze een e-mail-uitwisseling met de dochter van de toenmalige emir van Qatar, die een vriendin van haar was totdat de Qatari’s zich achter de Syrische rebellen schaarden. De prinses hield Asma voor dat het ‘niet te laat was om zich te bezinnen en die staat van ontkenning af te schudden’. Asma’s antwoord was opvallend dubbelzinnig: ‘Het leven is niet eerlijk, meisje – maar uiteindelijk is er een realiteit waar we geen van allen omheen kunnen.’ Ze leek te suggereren dat er krachten waren die haar dwongen te blijven.

    De e-mails boden ook een inkijkje in het huwelijk van de Assads. Velen menen dat de verbintenis vooral gericht was op veiligstelling van de belangen beider families. Bashar stond bekend als schuinsmarcheerder. Dat bleek ook uit eveneens gelekte aanhankelijke mails van jonge vrouwelijke assistenten. Toch toonden Bashar en Asma genegenheid voor elkaar. Op 28 december 2011, toen tanks de geboorteplaats van haar familie – Homs – beschoten, schreef Asma haar echtgenoot: ‘Als we samen sterk zijn, komen we dit ook samen te boven … ik hou van je.’ Het is onduidelijk of wat ze ‘te boven moesten komen’, betrekking had op Syrië of op hun huwelijk.

    Een paar dagen later, toen ze haar batta (‘eend’ in het Arabisch, en haar koosnaam voor haar man) mailde, reageerde hij met een hartje. In februari 2012 leek Bashar zich op verdekte wijze te verontschuldigen voor zijn gescharrel door haar een country-and-western liedje te sturen met de tekst: ‘I’ve made a mess of me / The person that I’ve been lately / Ain’t who I wanna be.’ Niet veel later gaf Asma haar eerste officiële verklaring af sinds het begin van de opstand: ‘De president is de president van heel Syrië, niet de leider van een Syrische factie, en de First Lady steunt hem in deze rol.’

    Als men dissidenten mag geloven maakte Asma’s verzoening met haar echtgenoot deel uit van haar pogingen terug te keren in het openbare leven. Voortaan zou ze een volwaardige partner van het staatshoofd zijn. In de zomer van 2012 vluchtte de zus van Bashar, Bushra, naar Dubai nadat haar man was omgekomen bij een bomaanslag. De rebellen eisten de verantwoordelijkheid op, maar ze leken helemaal niet in staat tot een dergelijke actie. Bushra en haar echtgenoot behoorden tot de grootste vertolkers van anti-Asma-sentiment in intieme kring. Velen gingen ervan uit dat de moord een inside job was.

    Zenuwgas

    Het jaar daarop verbeterden de vooruitzichten van Bashar. Hij bracht de opmars van de rebellen tot staan en joeg ze uit hun bolwerk in Homs. Antiregeringstroepen controleerden nog steeds enkele buitenwijken van Damascus en bestookten het stadscentrum met granaten, maar waren niet in staat de Assads omver te werpen.

    Naarmate de oorlog voortduurde, werd Bashar meedogenlozer. Een westerse diplomaat herinnert zich de langzame escalatie van geweld – het gebruik van artillerie tegen burgers, de luchtaanvallen en tenslotte vaatbommen. ‘Ze deden iets één keer, en dan was er verontwaardiging, maar niet zo veel dat er internationale interventie dreigde,’ zei de diplomaat. ‘Dus breidden ze het uit, en werd dat het nieuwe normaal.’

    De internationale veroordeling van de misdaden van Bashar zwol aan, maar de langzame wurging van Syrië in plaats van een grootscheeps offensief zorgde ervoor dat er geen interventie kwam. Op 21 augustus 2013 verschenen er nieuwe beelden van mensen in de door rebellen bezette buitenwijken van Damascus met schuimende bellen bij hun neus en mond en schokkende ledematen. Honderden stierven aan vergiftiging door sarin, een zenuwgas, zo bleek uit een VN-onderzoek. Het was de ergste aanval met chemische wapens sinds de gifgasaanval van Saddam Hoessein in 1988 op het Koerdische stadje Halabja, die aan zo’n vijfduizend mensen het leven kostte. De volgende dag, terwijl de wereld nog bezig was de beelden te verwerken, werd op Facebook een uitgebreide fotoreportage gepubliceerd van officiële activiteiten van de First Lady. Op een foto was zij te zien met haar man, zetelend in een zee van bloemen op een balkon. Het onderschrift luidde: ‘Liefde is een land dat wordt geleid door een leeuw die korte metten maak met samenzweringen, en een First Lady die haar vaderland is toegewijd.’ 

    Nieuwe Asma

    De vernietiging van Syrië in de daaropvolgende jaren valt moeilijk te becijferen. In 2014 benutte de soennitische terreurbeweging Islamitische Staat de chaos om een zogenaamd kalifaat in Syrië en Irak te stichten. Die vormde een ernstige bedreiging voor de troepen van Bashar, maar verzwakte ook de steun voor zijn oppositie en legitimeerde Iraanse en Russische steun. Hoewel Bashar Aleppo als laatste van de grote steden in 2016 heroverde, bleef hij met bommen gooien: bijna de helft van de Syrische steden kwam in puin te liggen. De VN stopten in 2016 met het tellen van doden: dat waren er al bijna een half miljoen. Ruim 10 miljoen Syriërs werden vluchteling. 

    De nieuwe realiteit van Syrië vereiste een nieuwe Asma. De hakjes, de manicures, de powerjackets en de sieraden verdwenen. Ervoor in de plaats kwamen platte schoenen, T-shirts en broeken, die haar dunne armen en breekbare gestalte aan het licht brachten. 

    ANP 415356501 2
    Bashar al-Assad en zijn vrouw Asma op bezoek bij soldaten ergens in Syrië in 2020. Op de achterste rij hun kinderen. – © ANP / Abacapress

    In 2018 werd er bij Asma borstkanker vastgesteld. De ziekte weerhield haar er niet van om zorgvuldig toe te zien op haar publieke imago en ervoor te zorgen dat iedereen wist dat ze in Syrië was gebleven voor haar behandeling. Van haar strijd brachten de presidentiële sociale mediakanalen en staatsmedia gedetailleerd verslag uit. Ze werd zelfs gefilmd terwijl ze de operatiekamer in werd gereden. Toen haar haar uitviel werd ze gefotografeerd met chique hoofddoeken die zowel van kwetsbaarheid als kracht getuigden, een onweerstaanbare metafoor voor de strijd van haar man tegen de opstand. ‘Gefeliciteerd met uw overwinning op kanker,’ stak een tv-interviewer van wal. ‘Dank u,’ antwoordde Asma. ‘Ik hoop dat we binnenkort ook de overwinning van Syrië kunnen vieren.’ Nog voor haar volledige herstel toonden regeringsgezinde media hoe Asma deelde in het verdriet van Syrië. 

    Vergezeld van cameraploegen klopte ze op deuren in verarmde bergdorpen, omhelsde de verraste moeders van martelaren en stopte hen wat toe. Ze werkte zo hard aan haar Arabisch dat zelfs Syriërs geen Engels accent meer ontwaarden. Westerse media stond ze niet meer te woord, ze accepteerde alleen nog verzoeken van Russische en lokale zenders. 

    Het inkomen van haar liefdadigheidsinstelling, de Syria Trust, droogde op nadat de EU in 2012 sancties had opgelegd. Nu stroomde er internationale humanitaire hulp binnen om Syriërs te ondersteunen die door de oorlog alles kwijt waren geraakt. Veel van dat geld kwam al snel bij Asma terecht. Voor VN-agentschappen die hulp wilden bieden aan door het regime gecontroleerde gebieden, was de trust een onschatbare gesprekspartner: het Engelssprekende personeel was vertrouwd met internationale regel-geving. Asma kon deuren en checkpoints openen. In 2017 werd er meer VN-geld via de trust gesluisd dan via veruit de meeste andere Syrische organisaties. Zelfs VN-veteranen waren geschokt door de mate waarin hun organisatie zich inliet met Syrische overheidsinstanties. 

    Van 2016 tot en met 2019 ontving de Syria Trust elk jaar steeds méér geld van VN-agentschappen (de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR alleen al schonk 6,5 miljoen dollar in de eerste vijf maanden van 2018). De trust telde tegen 2020 bijna vijftienhonderd medewerkers, een vertienvoudiging in tien jaar tijd, en vijfduizend vrijwilligers. Als hoofd van de Syria Trust verwierf Asma meer dan alleen rijkdom. Ze schiep een uitgebreid patronagenetwerk, waartoe ook Syrische krijgsheren behoorden. Naar verluidt betuigden mensen hun dankbaarheid voor haar bescherming en welwillendheid door geldkoffers af te leveren bij organisaties waarmee ze banden had. Asma profiteerde ook nog op directere wijze van de oorlogseconomie. Een bedrijf waaraan ze gelieerd was sleepte een overheidscontract voor het beheer van smartcardbetalingen binnen. Ze lanceerde ook een distributiebedrijf van mobiele telefoons, Emmatel geheten (als kind werd ze Emma genoemd). Het kwam op naam te staan van Khodr Ali Taher, ‘Asma’s façade voor alles’, volgens een zakenman. 

    Syriatel

    Asma is volgens een Europese Assad-lobbyist Bashars ‘belangrijkste economische adviseur’ geworden. In 2019 zetten de Russen hem onder druk om leningen terug te betalen, en verscherpte Amerika de sancties. De Syrische regering had dringend geld nodig en de Assads zochten een doelwit. In de loop van tientallen jaren had Rami Makhlouf, de neef van Bashar, zijn connecties met de heersende familie gebruikt om een zakelijk imperium op te bouwen, met importmonopolies en smokkelroutes. Een van zijn troeven was Syriatel, de belangrijkste gsm-aanbieder. Op papier was Makhlouf een succesvol zakenman, in de praktijk trad hij op als overheidspotentaat. Beweerd werd dat hij met één telefoontje een minister kon ontslaan.

    Sinds Anisa – Bashars moeder – dood was, had Makhlouf zijn beschermer verloren. De Syria Trust nam de liefdadigheidsinstelling over die hij had gebruikt om gunsten te winnen in gebieden waar veel Alawieten wonen. De regering stelde Syriatel onder curatele. De bankrekeningen van Makhlouf werden bevroren en relaties van Asma werden aangesteld in de raden van bestuur van zijn ondernemingen. De fusies en overnames van Asma gaan in hoog tempo door. Het op een na grootste gsm-bedrijf van Syrië is ook onder curatele gesteld; vorige maand werden Asma’s trawanten in het bestuur benoemd. Emmatel heeft nu vestigingen in het hele land, zelfs in gebieden die haar man niet controleert. 

    Vlak na de gifgasaanval zitten ze samen in een bloemenzee op een balkon

    Hoe het ook zij: Asma kan niet meer worden verweten dat ze niet begrijpt hoe Syrië werkt. In het naoorlogse Syrië heeft Asma de touwtjes in handen*. In Homs zijn portretten van haar te zien die hele woonblokken beslaan. Ministers hebben ervoor gekozen haar beeltenis naast die van Bashar in hun kantoren te tonen. Zo ver had nog geen enkele Syrische First Lady het geschopt. Nu Makhlouf op een zijspoor is gezet en de zus en moeder van Bashar er niet meer zijn, heeft Asma nog maar weinig rivalen van enige statuur in intieme kring. Veel van haar naaste adviseurs vervullen topfuncties in het kantoor van de president.

    Zowel in Damascus als in buitenlandse hoofdsteden speculeren Syriërs er openlijk over of ze het hoogste ambt nastreeft. Als de positie van Bashar onhoudbaar wordt, zou een presidentschap van Asma dan een zoethoudertje kunnen zijn voor de soennitische meerderheid? ‘Bashar en Asma denken er allebei over na,’ zegt een voormalige Syrische diplomaat. ‘Ze zou dolgraag president willen worden en beiden beschouwen het als een revolutionaire oplossing om het regime te redden.’

    Ooit zou Groot-Brittannië Asma’s ambities wellicht hebben gesteund, en haar dankbaar hebben toegevoegd aan de reeks leiders uit het Midden-Oosten met Britse banden. Hoewel de Britse regering de Assads luidkeels heeft aangeklaagd, is het staatsburgerschap van Asma nooit ingetrokken – in tegenstelling tot dat van Shamima Begum, die in 2015 als tiener vanuit Oost-Londen naar Syrië reisde om zich bij Islamitische Staat aan te sluiten. Alawitische hardliners zien waarschijnlijk niets in Asma’s presidentschap. Ze is sterker, maar ook kwetsbaarder dan ooit. Alleen al praten over presidentiële ambities kan gevaarlijk voor haar zijn. De jacht op de hoogste prijs zou het meisje uit West-Londen wel eens de kop kunnen kosten. ‘Ik maak me zorgen om haar,’ zegt vriend van de familie Wafic Said. Maar Asma weet al heel lang dat er geen weg terug meer is. 

  • De ravenmeester van de Tower of Londen

    De ravenmeester van de Tower of Londen

    De legende wil dat als alle raven de Tower of London verlaten, het Britse Rijk ten onder zal gaan. Er zijn er nog zeven. En als het aan ‘Yeoman Warder’ Christopher James Skaife ligt, worden het er weer acht. Hij mist Merlina.

    Niets in Edgar Allan Poe’s majestueuze gedicht ‘De raaf’ bereidt je voor op die penetrante geur. Maar Ravenmeester Christopher James Skaife van de Tower of London kent die maar al te goed. ‘Raven kunnen behoorlijk stinken, vooral de jongen. Ik heb maar een klein huisje, verstopt in de muren van de Tower of London, en de raven lopen daar graag omheen en poepen overal. Dat was het eerste waar mijn vrouw over klaagde.’

    Skaife (55) heeft een baan die vaak is omschreven als de ‘merkwaardigste van heel Groot-Brittannië’: hij is verantwoordelijk voor de raven die de Tower als hun huis beschouwen. De legende wil dat als alle raven de Tower verlaten, het Britse Rijk ten onder zal gaan. Deze statige bewakers, die Skaife als zijn ondeugende kinderen beschouwt, wonen op het zuidgazon en zwerven over het hele terrein. En Skaife, de zesde Ravenmeester in de geschiedenis van de Tower, zorgt voor ze.

    Volgens de legende moeten er altijd minstens zes raven zijn. Vorige maand waren het er acht. Nu nog maar zeven.

    De sociale media waren in rouw gedompeld, toen vorige maand bleek dat Skaifes beste vriendin en socialemediaster Merlina vermist was. Een woordvoerder van de Historic Royal Palaces (HRP), de  liefdadigheidsinstelling die de Tower en andere koninklijke locaties zoals Hampton Court en Kensington beheert, verklaarde: ‘Onze zeer geliefde raaf Merlina is al enkele weken niet bij de Tower gezien, en vanwege haar langdurige afwezigheid moeten we helaas aannemen dat ze is overleden.’

    Skaife: ‘Ik hou natuurlijk van alle raven, maar zij was net even anders.’

    De raven van de Tower zijn geen gevangenen: ze zijn niet gekortwiekt, hun vleugels zijn alleen enigszins bijgeknipt. In het verleden zijn er een paar verdwenen en nooit meer teruggekomen, maar Merlina was anders. Zij en Skaife waren maatjes, ze hadden een sterke band. Filmpjes waarop de twee aan het spelen zijn, werden kortgeleden een rage op TikTok. Maar toen Merlina een paar weken vermist was, besloot de Tower met een verklaring te komen.

    Ten tijde van haar verdwijning was Merlina volledig ‘vliegwaardig’: haar veren waren al verscheidene jaren niet geknipt en ze kon gaan en staan waar ze wilde. ‘Ik hoopte dat ze altijd in de buurt van de Tower zou blijven, omdat ze dat wilde, omdat ze mijn maatje was,’ zegt Skaife. ‘En ik denk dat ik mijn werk goed heb gedaan, omdat ze zo lang is gebleven. Ik heb geen flauw idee waarom ze nu opeens is verdwenen, het is heel vreemd. Ik heb geen enkel spoor van haar gevonden.’

    Intieme band

    Nu wordt de wereld van de ravenhouders in de kranten als geheimzinnig omschreven, maar in feite gaat het alleen maar om een man die zijn ziel en zaligheid wijdt aan zijn vogels. ‘We hebben in de loop van de jaren een ongelooflijk intieme band gekweekt,’ zegt Skaife tegen The Independent. ‘Ik voelde haar stemmingen aan en ik denk dat zij de mijne soms ook aanvoelde. Ik hou natuurlijk van alle raven, maar zij was net even anders.’

    Toen Merlina in 2007 in de Tower kwam wonen, vlak voordat Skaife daar kwam werken, werd ze Merlin genoemd. Ze was als jong langs de kant van de weg aangetroffen in Wales en opgenomen in de volière van een gezin. ‘Toen ik werd aangesteld als Ravenmeester hebben we haar naam veranderd in Merlina, omdat we erachter kwamen dat ze een vrouwtje was,’ zegt Skaife. ‘Vreemd genoeg hebben raven in de loop van de geschiedenis voornamelijk mannennamen gekregen, en dat probeer ik een beetje recht te trekken.’

    Omdat ze als jong door mensenhanden was grootgebracht, beschouwde ze mensen als familie. Maar zoals veel intelligente vogelsoorten had ze moeite met een leven in gevangenschap. Ze werd overgeplaatst naar een zwanenopvangcentrum in Barry [in Zuid-Wales], waar ze, zo schrijft Skaife in zijn in 2018 verschenen autobiografie The Ravenmaster, berucht werd om haar woedeaanvallen. In wanhoop benaderde het centrum de Tower, en Merlin (zoals ze toen dus nog heette) trad in koninklijke dienst.

    Raven behoren tot de intelligentste dieren ter wereld, ze kunnen zich meten met apen

    Je zou verwachten dat een Ravenmeester een ornithologische achtergrond heeft, maar dat was bij Skaife niet het geval. Voordat hij als Yeoman Warder of Beefeater [ceremonieel bewaker] in dienst kwam bij de Tower of London, had hij nog nooit een raaf gezien.

    Skaife had het grootste deel van zijn tienerjaren in Dover doorgebracht, waar hij voornamelijk spijbelde in de bossen met zijn vrienden. Door puur toeval was hij op school toen daar een legervoorlichter kwam spreken. Begeesterd door de verhalen over goeieriken en slechteriken ging de zestienjarige Skaife van school om soldaat te worden. Artillerist en tamboer, om precies te zijn.

    Iedere militair kan Yeoman Warder worden, maar dan moet hij wel minimaal 22 jaar in dienst zijn, over een onbevlekt blazoen beschikken en wellicht over een voorliefde voor macabere zaken. In theorie bewaken de Yeoman Warders de kroonjuwelen en eventuele gevangenen in de Tower of London. In de praktijk fungeren ze tegenwoordig als gidsen voor het bezoekende publiek, als verhalenvertellers aan de kinderen en als bewaarders van de legenden.

    Komische vogels

    Toen Skaife op zijn veertigste in de Tower kwam werken, raakte hij gefascineerd door de enorme maar ook komische vogels. Charles Dickens, die bekendstond als houder en liefhebber van raven, beschreef hun tred als die van een heer met te strakke laarzen aan, die over losse kiezels probeert te lopen. Skaife zegt: ‘Pas als je naast een raaf staat, besef je hoe groot en sterk ze zijn. Maar toen ik die raven gemoedelijk rond de Tower zag hopsen, was ik vooral geboeid door hun bewegingen en de manier waarop ze het publiek gadeslaan.’

    Raven behoren tot de intelligentste dieren ter wereld. Ze kunnen zich meten met apen: ze gebruiken gereedschap, denken vooruit en zijn in staat om wrok te koesteren. Maar Skaife wist praktisch niets van raven en kende alleen de grondregels voor hun verzorging. Derrick Coyle, zijn voorganger, had het gevoel dat de vogels weleens op Skaife gesteld zouden kunnen raken. Op een dag duwde Coyle hem in een ravenkooi en zei dat hij de vogels niet in de ogen moest kijken.

    De raven – en Coyle – besloten dat Skaife geschikt was. Coyle nam hem onder zijn hoede als assistent. Toen Coyle in 2011 met pensioen ging, nam Rocky Stones het over, maar toen die kort daarna ziek werd, was het Skaifes beurt, bijna bij gebrek aan beter. ‘Pas toen ik het werk al maanden deed, besefte ik dat er heel wat meer bij de verzorging van raven komt kijken dan je op het eerste gezicht zou zeggen.’

    Om Ravenmeester te worden moet je de regels van de vogels leren, hun pikorde. Een beetje zoals in het leger. De raven dulden niet dat er van hun routine wordt afgeweken, en ze bewaken hun territorium agressief. Een dag begint doorgaans om half zes, wanneer Skaife zich in het donker aankleedt bij het geluid van het vroegeochtendverkeer en de vogels naar buiten laat voor hun ontbijt.

    ‘Raven zijn wilde vogels. Net als mensen hebben ze behoefte aan vrijheid. Maar ze hebben ook behoefte aan bescherming’

    Toen hij net begon zaten de vogels nog in de tamelijk krappe nachthokken uit de jaren tachtig. Maar Skaife zegt in zijn boek dat dat hem een onprettig gevoel gaf. ‘Raven zijn wilde vogels. ‘Net als mensen hebben ze behoefte aan vrijheid. Maar ze hebben ook behoefte aan bescherming.’

    Hij ging met de HRP in gesprek over de bouw van een omheinde plek die de vogels overdag vrijheid zou bieden en ’s nachts bescherming. Na twee jaar onderzoek en na overleg met de Londense dierentuin kwam er een ontwerp, al viel het nog niet mee om daarvoor een vergunning te krijgen. En natuurlijk moest het onderkomen bestand zijn tegen vossen, de ‘roodharige ellendelingen’ waarmee Skaife in een voortdurende strijd is verwikkeld.

    De vogels werden gevreesd, gehaat als overbrengers van de pest, en als voorbodes van de dood beschouwd

    De rest van de dag is Skaife bezig zijn levende haven in toom te houden. Hij heeft assistentie van een team collega-Beefeaters, het Raventeam. Ze beëindigen ruzies, voeren de vogels, delen medicatie uit en helpen wetenschappers die het gedrag van de vogels komen bestuderen. De raven eten kip, lam, rat en, als traktatie, in bloed gedrenkte hondenbrokjes. Anderhalve ton voedsel per jaar. Skaife brengt heel wat tijd door op de Smithfield-markt, om voedsel los te praten bij de handelaars.

    Net als andere Yeomen geeft hij rondleidingen door de Tower en staat hij journalisten, historici en kinderen te woord. Skaife is zowel rondleider als  verhalenverteller. Hij is ook een icoon: volgens zijn eigen berekening wordt hij zo’n drie- à vierhonderd keer per dag gefotografeerd. En hij heeft meerdere raventatoeages, waaronder een van een raaf met een bolhoed die een pijp rookt.

    Daarnaast doet Skaife onderzoek naar raven en schrijft daar uitgebreid over, vooral kinderverhalen. Maar hij was nooit van plan geweest The Ravenmaster te schrijven. ‘Ik kreeg het verzoek van een Amerikaanse uitgever die zo aardig was een hele dag naar mijn gewauwel te luisteren.’

    Balanceeract

    Skaife gunt de raven meer vrijheid dan enige Ravenmeester voor hem. Het is een eindeloze balanceeract, zegt hij, om ze vrij te laten ronddolen en ze tegelijkertijd aan te moedigen om te blijven. Hij knipt de veren zo min mogelijk bij. Met name Merlina had een vrijbrief. Ze was de enige raaf die weigerde de omheining binnen te gaan; ze bracht de nacht liever door op een dak. ’s Ochtends speurde Skaife altijd eerst de lucht af, op zoek naar haar silhouet.

    Maar de rest van de vogels laat zich ’s avonds een voor een, in de juiste volgorde, naar hun omheinde ruimte sturen. Een volgorde waarin je je beter niet kunt vergissen. In 2010 nam raaf Munin een verstoring van de vaste routine te baat om te ontsnappen. En net als kinderen gaan de dieren vaak met tegenzin naar bed. ‘Als ik soms naar die jonge verzorgers kijk, vraag ik me af of ze het geduld hebben om vijf uur lang in de stromende regen te staan om een raaf van een dak te lokken.’ Skaife moest een keer de White Tower op klimmen om een ongehoorzame vogel te vangen en hij komt regelmatig te laat thuis voor het avondeten.

    Stel je de Ravenmeester voor die, in zijn statige blauwe uniform met koninklijke insignes, met een visnet achter een vogel van drie kilo aan zit. Skaife zegt dat hij dat net in zestien jaar maar één keer heeft hoeven gebruiken, toen de poot van een raaf vastzat.

    Wat vind Skaifes echtgenote van Merlina, die andere vrouw? ‘Nou, in haar jonge jaren heeft ze The Birds van Alfred Hitchcock gezien, en die is ze nooit vergeten. Dus mijn vrouw en de vogels kunnen niet zo goed met elkaar opschieten,’ lacht hij. ‘Ze vindt het mooi wat ik doe en steunt me voor honderd procent, maar van de vogels moet ze niet zo veel hebben.’

    Hij herinnert zich dat zijn vrouw, toen hij de jongen grootbracht, haar teennagels rood had gelakt. ‘Poppy was gefascineerd door die rode nagels. En als er nu bezoekers binnenkomen, denkt Poppy nog steeds dat die rode teennagels hebben; ze heeft al heel wat keren in schoenen en voeten van mensen gepikt. Dus pas op als je in de buurt van de ravenomheiningen komt, want enig voetenfetisjisme is Poppy nog altijd niet vreemd.’

    Legende

    De raven zijn het symbool van de Tower, de grote toeristentrekpleister, de gevederde kroonjuwelen. Maar de menselijke fascinatie voor deze vogels dateert al van ver voor het beroemde Londense vestingwerk. Raven zijn de meest wijdverbreide leden van de familie der kraaiachtigen, waartoe ook gewone kraaien, eksterachtigen en roeken behoren; ze kunnen op ieder continent worden aangetroffen, behalve op Antarctica. Ook figureren ze overal ter wereld als spirituele figuren in inheemse verhalen, van Siberië en Bhutan tot Noord-Amerika. In de noordse mythologie is een hoofdrol weggelegd voor een ravenpaar genaamd Huginn (‘gedachte’) en Muninn (‘herinnering’), die de wereld over vliegen en de goden nieuws brengen. Ze worden nog altijd aanbeden door de IJslanders. Volgens de Bijbel was een raaf het eerste dier dat Noach losliet op zijn ark.

    Ze komen ook veel voor in Keltische verhalen. Volgens de Welshe legende werd het hoofd van Bran de Gezegende in de buurt van de Towerheuvel begraven. (‘Bran’ betekent raaf.) De vogel figureert nog altijd op het wapenschild van het eiland Man. Het zou koning Karel II zijn geweest die in de zeventiende eeuw beval de zwarte lijfwachten bij de Tower te stationeren. Tot de achttiende en negentiende eeuw, toen ze in groten getale werden afgemaakt, kwamen raven veelvuldig voor in het Verenigd Koninkrijk.

    historicroyalpalaces5 2 2 1
    De raven van de Tower of London zijn geen gevangenen: ze zijn niet gekortwiekt, hun vleugels zijn alleen enigszins bijgeknipt – © Historic Royal Palaces / Richard Lea-Hair

    De vogels werden gevreesd, gehaat als overbrengers van de pest en andere ziekten, en als voorbodes van de dood beschouwd. Zoals Poe schreef: ‘Wat die zwarte, nare vogel uit het donkre schimmenheer?’ (Ironisch genoeg viel Poe’s gedicht, dat was geïnspireerd door Charles Dickens en diens huisraaf Grip, samen met een grote gotische opleving die tot gevolg had dat de vogels weer in zwang raakten.) Maar aan het eind van de negentiende eeuw waren de wilde exemplaren praktisch uitgeroeid.

    Hun onderkomen droeg ook al niet bij aan hun reputatie. De Tower was al synoniem met dood, marteling en straf. Er werden daar maar liefst drie koninginnen van Engeland vermoord: Anne Boleyn, Katherine Howard en Lady Jane Grey. Het donkergrijze steen oogt onheilspellend in het schemerlicht, en bloed bevlekt rijkelijk het gras.

    Zoals Skaife zegt: ‘Mensen zijn behoorlijk morbide aangelegd, dus zijn we altijd op zoek naar het kwaad. We zijn echt gefascineerd door macabere dingen.’ Om die reden gelooft hij dat heel wat marteldetails uit de koker van vroegere Yeoman-bewaarders komen; er is immers maar een handjevol mensen in de Tower terechtgesteld, en maar heel weinigen werden werkelijk gemarteld op koninklijk bevel.

    De legende van de raven van de Tower, en het verhaal dat hun verdwijning een voorbode zou zijn van het eind van het Britse Rijk, deed pas opgeld aan het eind van de negentiende eeuw. Skaife vermoedt dat het een verhaal van behoorlijk recente datum is, verzonnen door Yeoman-bewaarders ‘om hun zakgeld wat op te krikken’.

    Tijdens de Blitzkrieg dienden de vogels hun land als vliegtuigspotters. Helaas waren er na afloop van de bombardementen nog maar twee raven over. In 1969 werd de eerste officiële Ravenmeester aangesteld, maar pas in 1981 werden de vogels in het Verenigd Koninkrijk tot beschermde diersoort verklaard. En toch worden kraaiachtigen, en dan vooral kraaien, ondanks hun grote intelligentie nog altijd bij honderden afgeschoten.

    Katten 

    Volgens Nicola Clayton, hoogleraar dierlijke cognitie in Cambridge en een vermaard deskundige op het gebied van kraaiachtigen, lijdt de soort onder een slecht imago. ‘Er wordt beweerd dat kraaiachtigen de nesten van andere vogels uitmoorden en allerlei andere schade aanrichten, maar dat is niet waar. Of dat ze verantwoordelijk zijn voor de vermindering van het aantal zangvogels, en ook dat is niet waar. De schuldigen zijn katten die naar buiten worden gelaten, en homo sapiens.’

    Interessant genoeg voegt ze eraan toe dat hoe zwarter de kraaiachtigen zijn, des te slechter hun reputatie is. Mensen hebben een grotere hekel aan kraaien en eksterachtigen dan aan bijvoorbeeld Vlaamse gaaien, misschien ‘omdat we van mooie kleuren houden’. Het zou ook bijgeloof kunnen zijn, zoals in het geval van zwarte katten.

    Tegenwoordig zijn raven nog steeds uiterst zeldzaam. De Tower of London is waarschijnlijk de enige plek waar je ze nog kunt zien. Clayton kent de raven van de Tower en ook Skaife goed: ‘Ik had de indruk dat Merlina dol op hem was, en hij op haar, en hij zal er vast kapot van zijn.’

    Tijdens de Blitzkrieg dienden de vogels hun land als vliegtuigspotters

    Net als in victoriaanse tijden maakt de raaf een soort comeback. Toen George R.R. Martin begon met het schrijven van zijn serie A Song of Ice and Fire, bracht hij regelmatig een bezoek aan de Tower, en aan Skaife. Martin nam de raven in zijn wereld op als boodschappers, met een almachtige, allesziende wijze genaamd de Drieogige Kraai die de jonge Bran Stark uiteindelijk moest worden. In de tv-bewerking werd hier een drieogige raaf van gemaakt.

    ‘George Martin heeft de raven echt een dienst bewezen,’ zegt Skaife. ‘Als anderen over ze schrijven, is het met allerlei duistere connotaties, zoals dood en verderf, terwijl George iets anders deed. Hij zei tegen me dat hij de raven in een positiever daglicht wilde stellen. Ik ben nu een groot fan van Game of Thrones.’

    Raven in Game of Thrones.

    Het is die combinatie van gotisch en komisch die raven zo boeiend maakt: ze zijn paradoxaal. Skaife zegt dat al zijn raven iets ondeugends hebben. ‘Het is alsof je een speelgoedwinkel binnenkomt met een stuk of zes kinderen van wie je hoopt dat ze netjes bij je blijven, maar die door de looppaden rennen en al het speelgoed aanraken. Ze kunnen lastig zijn, maar ook heel aanhalig.’

    Wat misschien verklaart waarom ze zo populair zijn geworden op sociale media. Daar gaat momenteel zelfs alle vrije tijd van de Ravenmeester aan op. Hij begon pas een maand geleden filmpjes te posten op TikTok, maar heeft nu al een enorm publiek. ‘Ik probeer zo veel mogelijk fratsen vast te leggen die de raven uithalen, zoals van hun stok vallen en tegen dingen aan botsen; ze doen alles wat mensen ook doen en het is zo grappig om naar ze te kijken. Ik heb een paar filmpjes gepost waarin ik Merlina aai en ook een paar andere raven. Je kunt zien dat ze vraagt om een aai en dat ze me haar genegenheid wil tonen. Ze kunnen echt contact met je maken. Net als wij hebben ze gevoelens, die ze misschien niet altijd geweldig goed kunnen uiten, maar ze bezitten wel de emotionele kracht om dat te doen, en dat is ongelooflijk.’

    Kroepoek

    Merlina is de ster, met ook op Instagram en Twitter een grote schare trouwe volgers. ‘Ze krijgt kaarten van over de hele wereld, is op televisie geweest, speelt met stokken, rolt over de grond,’ zegt Skaife. ‘Ze is vooral dol op kroepoek. Ze is erg fotogeniek, en ik denk dat ze een gevoelige snaar raakt bij mensen.’

    Volgens Skaife trekken raven van nature mensen aan die met de donkerder kant van het leven worden geassocieerd. En ook de toename van hun populariteit heeft een donkerder kant.

    Lloyd Buck, vogelkenner en presentator van natuurprogramma’s, zegt dat door het succes van Games of Thrones veel mensen met het idee speelden om een raaf als huisdier te nemen. ‘Maar daarvoor zijn ze waarschijnlijk de minst geschikte vogels die je maar kunt bedenken. Heel intelligent, ja, maar ook onvoorspelbaar, vernielzuchtig en verbazingwekkend humeurig.’

    Opening 2

    Buck (53) kan het weten. Hij werkt al bijna dertig jaar met vogels en heeft ze al sinds zijn zesde als huisdier. Hij en zijn vrouw Rose helpen dieren trainen voor natuurfilms en -series, onder meer van David Attenborough. Buck heeft zijn eigen raaf, die ook Bran heet. Zijn Bran is de zoon van een ravenpaar uit de Tower.

    Het is die combinatie van gotisch en komisch die raven zo boeiend maakt: ze zijn paradoxaal

    ‘Alle kraaiachtigen,’ zegt Buck, ‘hebben net iets extra’s, iets wat ze een beetje anders maakt. Ik houd al mijn hele leven vogels, en ik heb nooit andere vogels gehad die op ze lijken. Als ze je aankijken, proberen ze je echt te doorgronden.’

    Net als Merlina is Bran door mensenhanden grootgebracht – Buck kreeg hem als jong van amper twintig dagen – en hij ziet Buck als een vaderfiguur. Volgens Buck is Bran een lieverd: dol op zwarte bessen plukken en uiterst gevoelig voor Bucks stemmingen. Voor zover hij weet, is Bran de eerste en enige raaf die ooit een camera heeft gedragen, aan een tuigje. Hij is waarschijnlijk ook de eerste raaf die het heeft overleefd nadat hij per ongeluk in zijn borst was geschoten.

    Buck zegt dat hij menigmaal is benaderd door mensen met ravenjongen. Hij raadt altijd af de vogel als huisdier te houden. Zelf denkt hij overigens dat Merlina nog wel ergens rondzwerft. ‘Soms willen ze gewoon eens wat anders. Volgens mij is er een goede kans dat ze nog leeft.’

    Rage

    Mike Keen, een ander lid van de broederschap van ravenhouders, deelt Bucks zorgen over het feit dat de vogels zo’n rage zijn geworden. Omdat ze zo intelligent zijn, zegt hij, is het gemeen om ze in een volière op te sluiten. Ze raken gemakkelijk verveeld, en ze kunnen in gevangenschap wel veertig worden. ‘Het zijn geen hamsters.’ Maar toen de 51-jarige kroegbaas uit Suffolk een ravenjong kreeg aangeboden door een vriend, aarzelde hij geen moment. ‘Ze was drie weken oud toen ik haar kreeg, en toen ik haar een week of vijf had, begon ik foto’s en filmpjes te posten op Instagram. Toen kreeg ik te maken met de schimmige wereld van de ravenhouderij.’

    Ook Keen maakte kennis met de Ravenmeester, via Instagram. Skaife bracht een bezoek aan Keens café en stond er versteld van hoe tam de vogel was: ze vloog vrij rond maar kwam altijd terug. ‘Hij wilde de raven van de Tower net zo aanhankelijk maken, zodat ze niet zouden wegvliegen. Dus zijn we daar samen mee aan de slag gegaan.’

    Dat raven zich graag met mensen inlaten heeft maar één reden: eten

    In 2018 lanceerde de Tower een ravenfokprogramma, omdat het steeds moeilijker werd aan jongen te komen. (Er zijn betrekkelijk weinig legale fokkers.) Het jaar daarop bracht Skaifes broedpaar vier jongen voort, de eerste in de Tower sinds dertig jaar. Keen nam er drie, Skaife hield George die later een meisje bleek te zijn, Georgina. En Keen verzorgde de drie ravenjongen van de Tower in een kooi in zijn slaapkamer.

    Wat Keen betreft is er geen betere ravenverzorger dan Skaife. ‘Hij is ongelooflijk. Maar het is altijd link om te proberen ze in de Tower te houden zonder dat ze kunnen wegvliegen. Ze zinnen altijd op een kans om ervandoor te gaan. Dat hoort er gewoon bij als je raven houdt.’

    ‘Maar,’ zegt hij, ‘de sociale media laten alleen de positieve kanten zien. Er is me door heel wat mensen gevraagd waar ze een ravenjong kunnen scoren, en ik heb het bijna iedereen afgeraden. Gelukkig is het behoorlijk moeilijk om er een op te kop te tikken, en het zijn beschermde vogels in Engeland. Hopelijk blijft dat zo. De ravenhouders vormen een heel klein wereldje, en dat kan maar beter zo blijven.’

    Speelse kinderen

    Het tijdstip van Merlina’s verdwijning, midden in de pandemie, in een land dat nog natrilt van de brexit, heeft het publiek de stuipen op het lijf gejaagd. ‘Wij zijn een bijgelovig volkje,’ zegt Skaife. Maar hij voegt eraan toe; ‘We hebben nog altijd zeven raven. Pas als die allemaal weg zijn zou ik zonder werk zitten.’

    Hij beschrijft de vogels als ‘een groep speelse kinderen’, elk met een ander karakter en met een andere kleur ring om zijn poot, om ze uit elkaar te houden. Al heeft Skaife die ringen niet nodig. ‘Erin is mijn oudste, zij is moeder de gans, ze heeft de wind eronder. Rocky heeft een machonaam maar is helemaal geen macho. Harris en Gripp zijn mijn pubers. Kleine Poppy is prachtig en ze doet het heel goed, maar ze is vreselijk ondeugend. Georgie gaat goed vooruit en leert een heleboel van Poppy. Jubilee is wat majestueuzer.’

    Vorige zomer meldden veel kranten dat de raven verveeld raakten door het gebrek aan toeristen, en dat ze daarom verder weg vlogen

    Dus de toekomst van het Britse Rijk is voorlopig veiliggesteld. Maar hoe zit het met de Tower, en de raven die er wonen? Als liefdadigheidsinstelling is de HRP afhankelijk van bezoekers. Met de inkomsten kunnen de gebouwen worden onderhouden en de vogels worden gevoerd. De verzorging van de raven kost nog geen tienduizend pond per jaar en ze zijn hun geld meer dan waard als toeristische trekpleister, en natuurlijk ook door het auteursrecht van Skaifes boek. Maar de pandemie is funest voor de inkomsten van de liefdadigheidsinstelling. Volgens een woordvoerder kelderen die dit jaar met honderd miljoen pond, een afname van ruim 85 procent.

    Vorige zomer meldden veel kranten dat de raven verveeld raakten door het gebrek aan toeristen, en dat ze daarom verder weg vlogen. Maar Skaife haast zich dat te corrigeren. ‘Wat er toen in de kranten stond was feitelijk onjuist. Natuurlijk waren de dieren door de lockdown lange tijd op zichzelf aangewezen, maar raven zijn heus niet de beste vrienden van mensen. Dat ze zich graag met mensen inlaten heeft maar één reden: eten. Ze raakten helemaal niet verveeld.’

    Schermafbeelding 2021 02 24 om 22.20.27 2
    Ten tijde van haar verdwijning was Merlina volledig ‘vliegwaardig’: haar veren waren al verscheidene jaren niet geknipt en ze kon gaan en staan waar ze wilde. – © Historic Royal Palaces / Richard Lea-Hair

    Dichtten de media de vogels te veel menselijk eigenschappen toe en projecteerden ze hun eigen frustratie op de raven? Skaife denkt dat er eerder sprake is van een misvatting. De vogels gingen gewoon eens ergens anders hun benen strekken.

    En bovendien waren de raven helemaal niet alleen. Wat mensen altijd verbaast, zegt Skaife, is dat er zo’n honderdvijftig mensen binnen de muren van de Tower wonen. ‘We hebben hier onze eigen kroeg, we hebben een kapelaan, een politieman, een eigen arts.’

    Toeristen die over de kantelen lopen, zijn vaak verbaasd als ze beneden auto’s zien staan, was die te drogen hangt en spelende kinderen. ‘Het is een kleine gemeenschap in het hart van Londen. En de raven zijn daar onderdeel van.’

    Net als wij allemaal zijn Skaife en zijn Tower-team in lockdown – Skaife beklaagt zich over de slechte wifi tussen de oeroude muren – maar ze hopen voor Pasen weer open te kunnen. Er zijn voorlopig nog geen plannen om Merlina te vervangen (al is ze volgens Skaife onvervangbaar). ‘Merlina was de onbetwiste aanvoerder van het stel, de ravenkoningin van de Tower,’ zegt een woordvoerder. ‘Ze zal node worden gemist door de andere raven, de Ravenmeester en alle anderen binnen de Tower-gemeenschap.’ Maar haar naam zal voorlopig niet in een grafsteen worden gebeiteld, voor het geval ze toch nog terugkomt.

    Raaf onder de raven

    Nathan Emery, gespecialiseerd in cognitief vogelgedrag, heeft de raven van de Tower de afgelopen vier jaar bestudeerd. De experimenten leveren geen geld op, maar ze zijn van onschatbaar belang voor de studie van de dierlijke intelligentie. Naast de intelligentie van kraaiachtigen krijgt ook het voortbestaan van de soort steeds meer aandacht. Ravenpopulaties beginnen zich te herstellen, en de Britse vogelbescherming doet er alles aan om illegale jagers voor de rechter te brengen.

    Maar volgens Emery heeft Skaife ‘meer voor de kraaiachtigen betekend, en voor raven in het bijzonder, dan honderd wetenschappelijke studies ooit zouden kunnen. Zijn aanstekelijke humor en zijn grote inzicht in hun aard, die hij heeft verkregen door raaf onder de raven te zijn, is zowel een bewijs van zijn fascinatie voor de soort als van zijn vermogen om zich om dieren te bekommeren die in veel opzichten van ons verschillen maar ook frappante gelijkenissen met ons vertonen. Dat zijn favoriete pupil, Merlina, vermist wordt, en misschien wel dood is, is hartverscheurend, maar we kunnen ook wensen dat ze heeft besloten de wereld te gaan verkennen, nu wij mensen een minder prominente rol in haar leven spelen.’

    Skaifes vrouw en 31-jarige dochter wonen inmiddels niet meer bij hem in de Tower-bubbel. Ze zijn twee jaar geleden verhuisd naar Whitstable in Kent, waar Skaife op zijn vrije dagen heen reist. ‘Dus ik leef hier een beetje als een vrijgezel. Met alleen zeven raven.’

    En over Merlina, die nooit meer zijn maatje zal zijn, zegt hij: ‘Ik hoop echt dat ze nog ergens is, waar ze waarschijnlijk vakantie viert of iets liefdadigs doet. Dat blijf ik hopen. Als eeuwige optimist. Ja, het verlies van een raaf is afschuwelijk voor mij, afschuwelijk voor de Tower, maar er gebeuren momenteel veel dingen in de wereld die het volstrekt onbetekenend maken. Belangrijker is dat ze mensen in de loop der jaren een heleboel liefde heeft gegeven. Ik wil dat ze daarom herinnerd wordt.’