Het is een boosaardige grap van de geschiedenis. Honderdvijftig jaar nadat Karl Marx met Das Kapital zijn beroemde kritiek op het kapitalisme publiceerde, is hij zelf een product geworden waarmee geld wordt verdiend.
Het kapitalisme is meedogenloos. Vriend noch vijand ontziend dringt het door tot in de kleinste poriën van de maatschappij; alles en iedereen moet zich eraan onderwerpen. Zo ongeveer beschreef Marx de dynamiek van de moderne economische wereld. De man had gelijk – op een klein schoonheidsfoutje na. Waar Marx als uiteindelijke ommekeer een zegetocht van het proletariaat voorspelde, trok de wereldgeschiedenis een heel ander plan en bezorgde het kapitalisme de definitieve overwinning.
Wie daarvoor nog bewijs nodig heeft, moet naar Trier gaan. Daar staat in het voetgangersgebied tussen ijssalons en schoenwinkels een huis waar de filosoof zijn kinderjaren en jeugd heeft doorgebracht. Een stenen gedenkplaat herinnert aan de vroegere bewoner. Nu is er een EuroShop gevestigd: zonnebrillen, haarklemmen, fietspompen, alles kost hier een euro. Het is een boosaardige grap van de geschiedenis. In zijn belangrijkste werk Das Kapital (1867) waarschuwde de beroemdste telg van Trier immers voor minimale lonen, bedenkelijke arbeidsomstandigheden en globalisering. In 2017 is hijzelf allang een product waarmee geld wordt verdiend.
De man met de volle baard die zijn hele leven kritiek uitoefende op de rijken en met zijn grote gezin in soms bittere armoede leefde, maakt vlak voor zijn tweehonderdste geboortedag een revival door. Hij wordt weer gelezen, zijn werk is voor honderdduizenden mensen over de hele wereld een geestelijk kompas door bewogen tijden en zijn naam is de garantie voor toeristen en bezoekers. ‘Het is interessant om te zien hoe de grote analyticus van producten, waarde en prijsmechanismen nu zelf een product wordt,’ zegt Marien van der Heijden, hoofd Collectievorming van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam. Daar liggen diep weggestopt in de archieven handgeschreven documenten en alle bewaard gebleven manuscripten van Marx.
De recente financiële crisis heeft hernieuwde belangstelling gewekt voor de crisisprofeet en ook het komende jubileum zorgt voor een opleving in de Marx-business: in Trier, in Berlijn, in China – en ook een beetje in Londen. In de Britse hoofdstad heeft Marx meer dan de helft van zijn leven doorgebracht. Op de Highgate Cemetery in het noordwesten van Londen, waarvoor de toegangsprijs vier pond bedraagt, ligt hij begraven. Wie op een lentezondag in de metropool op zoek gaat naar sporen van Marx, stuit op Piccadilly Circus op een clubje geïnteresseerden – en op Heiko Khoo, een overtuigd marxist.
Khoo geeft enkele toeristen een twee uur durende rondleiding door de wijk Soho. Tien pond betalen ze ervoor. ‘U mag van geluk spreken dat u er op tijd bij bent,’ zo begroet hij zijn klanten, ‘want zodra de Chinezen horen dat Marx in Londen is geweest, komen er miljoenen hiernaartoe om deze excursie te maken.’ Een grap die maar ten dele grappig is bedoeld. De Marx-kenner heeft onlangs een boek geschreven over de Londense periode van de grote man. Dat wordt allereerst in China uitgegeven, zegt Khoo, daar waar hij de grote groeimarkt voor zijn nering vermoedt. De Chinese ambassade benadert hem nu al voor rondleidingen. Ook Chinese bankiers die op zakenreis in Londen zijn, volgen samen met hem het spoor van Marx. Maar op deze zondagmorgen zijn er geen Chinezen van de partij. Er is een bont gezelschap uit de hele wereld komen opdagen, onder wie de Amerikaan Joe. ‘Het kapitalisme is negentiende-eeuws. Wij hebben een economisch model voor de eenentwintigste eeuw nodig,’ vindt hij. Daarom is hij hier.
De eerste stop is bij een kroeg op een hoek, maar een paar straten van Piccadilly Circus. Tegenwoordig is hier een cocktailbar gevestigd, maar in de tijd van Marx heette deze zaak The Red Lion. In de vergaderruimte op de bovenverdieping van de pub kwamen Marx en zijn aanhangers in 1847 bijeen. Hier kreeg hij opdracht om Het Communistisch Manifest te schrijven. Khoo citeert de beroemde eerste zin: ‘Een spook waart door Europa. Het spook van het communisme.’
Armzalige jaren in Soho
Tijdens zijn leven was vrijwel niemand geïnteresseerd in de Duitse immigrant uit Trier, die in het Engeland van de industriële revolutie het grootste deel van zijn werk schreef. Hij was naar de stad aan de Theems gekomen omdat hij in Frankrijk en Duitsland als revolutionair werd vervolgd door de overheid. Een hoogopgeleide rebel.
Londen was de wereldhoofdstad van het kapitaal. Het was groot, rijk en duur. Het waren armzalige jaren voor Marx in Soho, zegt Khoo. Op de gevel van een huis in Dean Street is een blauwe gedenkplaat geschroefd. Vijf jaar heeft het gezin hier in een klein huisje gewoond, drie kinderen zijn hier gestorven. In de British Library verderop in de stad werkte Marx aan zijn boek. Tegenwoordig parkeren er dure sport- en terreinauto’s in Dean Street. Aan het einde van de rondleiding heft Khoo op straat De Internationale aan: ‘Makkers, ten laatste male.’ De voorbijgangers trekken hun wenkbrauwen op, de deelnemers applaudisseren.
In het IISG-archief in Amsterdam staan tientallen dikke boeken met daarin de bekendste citaten, stellingen en uitdrukkingen van Marx. Het manuscript van _Das Kapita_l is in juli 1943 verbrand bij het bombardement van Hamburg, zegt Van der Heijden. Het manuscript van Het Communistisch Manifest is vlak na de druk in 1848 door de zetter in Londen verscheurd. In Amsterdam hebben ze nog de handgeschreven eerste bladzijde van het manifest en de eerste druk van Das Kapital, met persoonlijke notities van Marx.
Van der Heijden heeft voor beide een aanvraag ingediend voor opname op de Werelderfgoedlijst van UNESCO, en op beide een positieve reactie gekregen. De twee geschriften zijn tegenwoordig onbetaalbaar. Op veilingen in Londen kost een simpele brief van de hand van Marx nu evenveel als een Volkswagen Golf en een kopie van Das Kapital met een handtekening van de auteur heeft de prijs van een Porsche. De kostbaarheden in Amsterdam liggen achter dikke deuren van staal. De archivarissen hebben er een waardevol pakket uit samengesteld, dat volgend jaar in bruikleen wordt gegeven aan Duitsland. In Trier moet de handel in Marx een economische factor van belang worden.
In zijn geboortehuis, waar hij ook zijn eerste levensjaar doorbracht, is al lange tijd een museum van de Friedrich-Ebert-Stiftung gevestigd. Meer dan 40.000 bezoekers heeft het afgelopen jaar getrokken, van wie een op de drie Chinezen. Een kaartje kost € 4, een fles Marx-wijn uit het Moezelgebied € 8,99. Dat is alleen maar een voorproefje: volgend jaar viert Trier de tweehonderdste geboortedag van Marx. Uit de hele wereld zullen bewonderaars toestromen. De oude Romeinse stad is zich aan het opmaken voor die stormloop.
De straten van de grote steden zijn weliswaar het decor van Porsches en Gucci-winkels, maar dat is niet meer dan een tussenstap op China’s pad naar het einddoel van de klasseloze maatschappij
Rainer Auts, verantwoordelijk voor de organisatie, bereidt met tien medewerkers de Groβe Landesausstellung in de zomer van 2018 voor. Dat moet een ‘kritisch eerbetoon’ aan de denker worden. De Bondsregering stelt 1,5 miljoen euro beschikbaar. De stad en de deelstaat doneren samen nog een miljoen. Het gemeenschapsgeld verhoogt de druk. ‘De wereld zal toekijken hoe we het doen,’ zegt Auts.
Evenals in Londen heeft men in Trier zijn hoop gevestigd op de Chinezen. Auts heeft een medewerkster naar een beurs in Xiamen gestuurd, de partnerstad van Trier. ‘Het potentieel is daar enorm,’ zegt hij. Een juiste bewering, want in China, het land dat binnenkort zeventig jaar lang door één partij wordt geregeerd die volgens velen alleen nog in naam communistisch is, heeft de commercialisering van Marx net een hoogtepunt bereikt. Bovendien is China het land met de meeste nieuwe rijken ter wereld.
Er zijn inmiddels meer dan een miljoen miljonairs. Sinds Deng Xiaoping aan het einde van de jaren zeventig met zijn hervormingen begon, propageert de Partij namelijk een ongebreideld kapitalisme in plaats van de klasseloze maatschappij. Juist daarom wordt de merknaam Marx graag gebruikt door de heersers van China: als bewijs voor het bestaansrecht van de dictatuur van het proletariaat in de vorm van de Partij. Zo’n 250 miljoen yuan (ongeveer 34 miljoen euro) aan subsidies stelt de Chinese president Xi Jinping, die zijn doctorstitel in de marxistische theorie behaalde, elk jaar beschikbaar: aan universiteiten, scholen, denktanks en nieuwe Marx-archieven ter ere van de denker. Een etikettenzwendel waar iedereen van weet.
Marx, aldus de propaganda, is voor China nog altijd actueel. De straten van de grote steden zijn weliswaar het decor van Porsches en Gucci-winkels, maar dat is niet meer dan een tussenstap op China’s pad naar het einddoel van de klasseloze maatschappij. Zo vond anderhalf jaar geleden in Beijing de eerste ‘wereldconferentie van het marxisme’ plaats. De Partij had professoren uit de hele wereld laten invliegen. Ze luisterden naar de toespraken van wetenschappers van de Partijscholen, die probeerden te motiveren waarom Marx nog een rol speelt in het China van nu.
In China oefent de staat controle uit over de Marx-business. In Duitsland loopt die vlak voor het kroonjaar helemaal vanzelf. In de bioscopen heeft wekenlang de film Der junge Karl Marx gedraaid, met August Diehl in de hoofdrol. In de boekhandels liggen pas verschenen biografieën. En dan zijn er nog de werken van Marx zelf, waarmee – dankzij verlopen auteursrechten – goed geld kan worden verdiend. In Duitsland wordt dat in praktijk gebracht door de Karl Dietz Verlag, een kleine uitgeverij van vakliteratuur met een ‘lang en ondanks alle verdiensten op uitgeefgebied toch roemloos verleden’, aldus directeur Martin Beck.
Tot 1989 heeft de Dietz Verlag als ‘een vlaggenschip van de SED-rechtvaardigingspropaganda’ gefungeerd, nu verschijnt daar Das Kapital als onderdeel van de Marx-Engels-Werke. Het boek behoort ‘tot onze kassuccessen’, zegt Beck. Op het dieptepunt van de financiële crisis in 2008 zijn er van het eerste deel ruim 3100 exemplaren verkocht, twee jaar daarvoor waren het er nog geen 800. Nu ligt het aantal ergens daartussen. De toenemende belangstelling in tijden van crisis heeft hebzucht gekweekt. Ook de uitgeverijen Kröner en Faber & Faber hebben de dikke pil opnieuw uitgegeven.
Geld verdienen met Marx is in trek. Maar is het niet een contradictie om de criticus van het kapitalisme zelf tot product te maken? Rainer Auts, de tentoonstellingsmanager in Trier, moet daar even over nadenken. Dan zegt hij: ‘Tegen dat verwijt kun je niets inbrengen.’ Voor hem staat de educatieve taak echter duidelijk op de voorgrond. Zullen de kaartjes in Trier dan goedkoper zijn dan bij vergelijkbare tentoonstellingen? Auts schudt het hoofd. ‘Ook wij staan bloot aan het kapitalistische streven naar meerwaarde.’
Auteur: Johannes Pennekamp, Marcus Theurer, Hendrik Ankenbrand, Stephan Finsterbusch
Vertaler: Pieter Streutker
Frankfurter Allgemeine Zeitung
Duitsland | dagblad | oplage 382.000
Een van de belangrijkste kranten van Duitsland. Hoewel politiek onafhankelijk, wordt de FAZ over het algemeen een gematigd conservatief profiel toegedicht.

