Afgelopen vrijdag trad het hervormde Europese asielstelsel in werking. Het migratiepact moet er onder meer voor zorgen dat er strengere regels gelden voor asielprocedures en dat asielbeleid in alle EU-landen in de kern gelijk is. Maar gaan de nieuwe regels niet te ver?
Nee: ‘Europa moet functioneren om te overleven’
‘De EU legt vluchtelingen nu nog meer restricties op – dat is moreel gezien twijfelachtig, maar uiteindelijk onvermijdelijk’, stelt Brussel-correspondent Josef Kelnberger in Süddeutsche Zeitung. Volgens hem versterkte de gastvrije koers van Angela Merkel de vreemdelingenhaat in Europa. Veel mensen kregen het gevoel dat migratie uit de hand liep en zorgde voor overbelaste scholen, woningnood, toenemende criminaliteit en identiteitsverlies. Om de rechtse partijen de wind uit de zeilen te nemen, wil inmiddels ook het politieke midden migranten ervan weerhouden om in een boot richting Europa te stappen. ‘Het nieuwe stelsel moet de burgers het gevoel geven: de EU wil de irreguliere migratie beteugelen, nog sterker dan voorheen, en dat doen we samen.’
Het pact, dat onder andere moet zorgen voor strengere screening aan de buitengrenzen, kortere procedures en meer grip op doorreizen, moet ook leiden tot meer samenhang tussen de Europese regeringen. De landen aan de buitengrenzen van Europa, zoals Griekenland en Italië, nemen de verantwoordelijkheid voor de asielprocedures op zich en landen die minder druk ervaren ondersteunen hen daarbij. Het pact bindt de lidstaten aan gemeenschappelijke procedures en daarmee, aldus Kelnberger, aan gedeelde normen voor de behandeling van vluchtelingen.
De morele rechtvaardiging voor hun beleid luidt: als migranten niet meer naar Europa komen, kunnen ze ook niet verdrinken
Het migratiepact wordt aangevuld met verdere aanscherping van het asielrecht. Sommige zogenoemde ‘innovatieve ideeën’ schuren volgens Kelnberger met de waarden van de Europese identiteit, waaronder het respect voor de menselijke waardigheid. Afgewezen asielzoekers zouden binnenkort in uitzettingscentra in ‘veilige derde landen’ kunnen belanden zoals Oeganda of Rwanda. Het EU-recht maakt het zelfs mogelijk vluchtelingen daarnaartoe te sturen zonder dat er een asielprocedure in Europa aan voorafgaat. Volgens de Brussel-correspondent zijn dit de gevolgen van het stemgedrag van de Europese kiezers.
De morele rechtvaardiging voor hun beleid luidt: als migranten niet meer naar Europa komen, kunnen ze ook niet verdrinken. ‘Je kunt deze rechtvaardiging hypocriet en onmenselijk vinden, maar daarmee ga je voorbij aan de vraag hoe vluchtelingen kunnen worden opgevangen zonder dat de druk op huisvesting, zorg en onderwijs te groot wordt en het maatschappelijke draagvlak afneemt.’
De weg die de EU inslaat ligt daarom voor de hand, concludeert hij. Te midden van de huidige wereldpolitiek moet Europa zijn burgers bescherming en orde kunnen bieden. Pas als dat gelukt is, denkt Kelnberger, ontstaat er ruimte voor een ander gesprek. ‘Over legale immigratie naar de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld. En misschien zelfs over een Europese reddingsmissie in de Middellandse Zee.’
Josef Kelnberger is journalist en correspondent in Brussel voor de Duitse krant Süddeutsche Zeitung. Eerder werkte hij onder meer als sportverslaggever en politiek correspondent.
Ja: ‘Onze politici kiezen voor de gemakkelijke weg door vluchtelingen, migranten en minderheden te demoniseren’
‘Regeringen in heel Europa – Spanje uitgezonderd – nemen maatregelen die ze vroeger als extremistisch zouden bestempelen. Het is niet alleen een droom die uitkomt voor extreemrechts, maar ook voor mainstream conservatieven en centrumlinkse politici zoals de Deense Mette Frederiksen’, schrijft EU-commentator Shada Islam in The Guardian. Het nieuwe migratiepact maakt het mogelijk om asielaanvragen buiten de EU te laten behandelen en uitgeprocedeerde migranten naar landen buiten de EU te sturen. Regeringen krijgen daarnaast uitgebreide detentiebevoegdheden – inclusief het recht kinderen vast te houden – en mogen uitzettingen versneld afhandelen.
De EU is zelfs bereid zaken te doen met de taliban. Voor het eerst bereidt het directoraat Binnenlandse Zaken van de Europese Commissie zich voor op gesprekken in Brussel met een delegatie van Taliban-vertegenwoordigers uit Afghanistan. ‘Deze gesprekken zullen niet gaan niet over de systematische inperkingen van de vrouwenrechten. Nee, ze gaan over de gedwongen uitzetting van asielzoekers van wie het verzoek om bescherming in Europa is afgewezen – uitzetting naar een land waar terugkeerders willekeurig worden opgepakt, vastgehouden en gemarteld.’
‘Dit begint bij migranten, maar ik betwijfel of het daarbij blijft’
De EU-commentator vreest dat dit nog maar het begin is. ‘Dit begint bij migranten, maar ik betwijfel of het daarbij blijft. De geschiedenis leert ons dat zodra politici mensen ervan weten te overtuigen dat bepaalde groepen minder rechten en minder empathie verdienen, iedereen uiteindelijk slachtoffer wordt.’
Na jaren de EU van dichtbij te hebben gevolgd, zag Islam hoe het beleid is verschoven van migratiebeheer naar afschrikking en nu naar uitzetting – volgens haar een ander woord voor remigratie. Ze ergert zich aan de neiging van politici om hun strengste maatregelen te verbergen achter bureaucratisch jargon. ‘Deals waarbij geld wordt betaald voor het opvangen van migratie heten nu “partnerschappen”, uitzetting wordt “terugkeerbeheer” genoemd en degenen die gedwongen naar huis worden gestuurd, worden afgeschilderd als “criminelen”, “illegalen” of “irreguliere migranten”’, merkt ze op.
Islam schrijft dat Europese samenlevingen inderdaad onder druk staan door ongelijkheid, woningnood en overbelaste publieke diensten. ‘Maar in plaats van deze problemen aan te pakken, kiezen onze politici voor de gemakkelijke weg door vluchtelingen, migranten en minderheden te demoniseren.’ Haar vertrouwen in de EU is behoorlijk geschaad. ‘Jarenlang geloofde ik dat de EU, ondanks haar tekortkomingen, altijd zou opkomen voor democratie, mensenrechten en onafhankelijke rechtspraak. Maar dat vertrouwen neemt met de dag af.’
Shada Islam is een in Brussel gevestigde commentator op het gebied van EU-aangelegenheden. Ze leidt New Horizons Project, een bureau voor strategisch advies over Europees en internationaal beleid.
‘Immigranten zijn niet de schuld van een samenleving die is ontworpen om de rijksten te bevoordelen en het is tijd dat Labour het publiek dat gaat vertellen’, schrijft Maya Goodfellow, academicus en auteur van Hostile Environment: How Immigrants Became Scapegoats.
Immigratie is de reden waarom de lonen laag zijn, of waarom je geen fatsoenlijke baan kunt krijgen. Het is de reden waarom je je ongemakkelijk voelt in je eigen buurt en waarom zo velen vinden dat er te veel veranderd is in een te korte tijd. Mensen die met kleine bootjes arriveren zullen waarschijnlijk niet de ‘Britse waarden’ begrijpen en moslims moeten beter integreren – ‘zij’ zijn niet zoals jij.
Deze uitspraken vormen de aloude politieke orthodoxie over immigratie. Het is een doctrine die hardnekkig stand houdt, en die frontaal moet worden aangepakt – vooral als politici zo verontwaardigd zijn over het recente geweld als ze zeggen.
Politieke sfeer
De meeste mainstream politici zijn het erover eens dat dit de acties zijn van een extreme groep racisten. Maar wat ze over het hoofd zien, is de bredere politieke sfeer waarin zo’n gewelddadige, racistische politiek kon ontstaan. Westminster moet zichzelf eens goed onder de loep nemen: wat veel politici nu veroordelen, hebben ze zelf in de hand gewerkt.
Het politieke ‘centrum’ reageert meestal op extreemrechts door de methoden van extreemrechts aan de kaak te stellen en zich te distantiëren van de grove, racistische retoriek – maar geven uiteindelijk toe aan de onderliggende argumenten. In de dagen na de algemene verkiezingen adviseerde Tony Blair Keir Starmer dat hij, om extreemrechts af te weren, de positieve aspecten van immigratie moet benadrukken, maar er ook voor moet zorgen dat deze ‘onder controle’ blijft. Hoe respectabel en verstandig zulk advies ook mag lijken voor sommigen binnen onze politieke klasse, het sentiment dat ‘controle’ over immigratie een manier is om sociaal conservatieve kiezers te paaien is een van de oorzaken van de corrosiviteit.
Waarom? Omdat het impliceert dat de angst voor immigratie een legitieme bezorgdheid is en dat het terugdringen van immigratie de juiste methode is om die angst weg te nemen. Dit sentiment zou wel eens bepalend kunnen zijn voor wat er nu gaat komen. Een conservatieve commentator heeft al gesuggereerd dat het terugdringen van immigratie op zijn minst deel zou moeten uitmaken van de reactie op het geweld. In een ongemakkelijk tv-interview met het onafhankelijke parlementslid Zarah Sultana (inmiddels geschorst uit Labour omdat ze stemde voor het schrappen van de uitkeringslimiet voor twee kinderen) over de rellen, hield Ed Balls vol dat, ‘als je er niet in slaagt immigratie goed te beheersen en te beheren, er dingen misgaan’.
Anti-immigratiegevoelens zijn geen natuurlijke, onvermijdelijke reactie op verandering
Zijn zorgen over immigratie ‘legitiem’? Aantoonbaar niet. Mensen die naar het Verenigd Koninkrijk komen zijn niet verantwoordelijk voor een economie die is ontworpen om de rijksten te bevoordelen en de armsten uit te buiten – immigratie is geen belangrijke oorzakelijke factor van lage lonen en het is niet de reden waarom er baanonzekerheid is. Anti-immigratiegevoelens zijn ook geen natuurlijke, onvermijdelijke reactie op verandering. Uit een onderzoek bleek dat in gebieden met een lage immigratiegraad het percentage ‘leave voters’ – een stem die op zijn minst gedeeltelijk werd gemotiveerd door bezwaren tegen immigranten – een van de hoogste was. Nee: het zijn de mainstream politici en bepaalde media die deze gevoelens oproepen. Ze karakteriseren bepaalde groepen mensen, meestal degenen die niet wit zijn (of niet helemaal wit), als een culturele bedreiging – vaak gericht op moslims, ongeacht waar ze geboren zijn.
De ‘legitieme zorgen’ zijn in dit geval illegitiem. Dit erkennen betekent niet dat je moet verwerpen wat mensen zeggen. Het aanspreken van mensen met deze opvattingen hoeft ook niet te betekenen dat je hun zorgen legitimeert. De keuze is niet simpelweg negeren of accepteren. Politiek gaat over het overtuigen van mensen van een alternatief; de gedachte dat dit niet mogelijk is, is gevaarlijk.
De regering zou het narratief kunnen veranderen door de geschiedenis van het Britse rijk en migratie verplicht op te nemen in het curriculum, en door racisme actief aan te pakken in de media, bij oppositiepartijen en binnen haar eigen gelederen. Maar de regering zou dit moment ook kunnen gebruiken om de materiële omstandigheden van mensen te verbeteren door het beleid van de ‘vijandige omgeving’ af te schaffen en te zorgen voor veilige reisroutes (een van de enige haalbare oplossingen om te voorkomen dat mensen het Kanaal moeten oversteken). Het zou ook visa goedkoper kunnen maken, voor betere huisvesting kunnen zorgen, de complexe procedures van het ministerie van Binnenlandse Zaken kunnen vereenvoudigen, en een einde kunnen maken aan tijdelijke, uitbuitende visa. Zo krijgen mensen de kans om onder fatsoenlijke voorwaarden hier te komen en te blijven, indien ze dat willen.
Alternatief
Deze doortastendheid moet verder gaan dan alleen immigratie. De regering moet de rijksten belasten, investeren in openbare diensten en doen wat nodig is voor een rechtvaardige overgang van fossiele brandstoffen. Dit is niet alleen belangrijk om het leven van mensen te verbeteren, maar ook een noodzakelijke reactie op de recente gebeurtenissen. Het zou een vergissing zijn om de extreemrechtse rellen te karakteriseren als een wanhoopskreet van de armen: dat gaat voorbij aan het feit dat het hier om racisme gaat en aan de vele mensen uit de arbeidersklasse die zich actief verzetten tegen dit soort politiek, waaronder veel minderheden. Maar door het land eerlijker te maken, zodat het makkelijker en beter is om in te leven, kunnen mensen een toekomst creëren waarin ze kunnen investeren – een alternatief voor de xenofobe, naar binnen gerichte allure van rechts.
Dit zou echter een aanzienlijke koerswijziging vereisen. De Labourregering maakt zich op voor bezuinigingen en een van de strijdpunten van de partij tijdens de verkiezingen was dat de ultravijandige Tories te liberaal waren op het gebied van immigratie. Maar ze zouden een voorbeeld moeten nemen aan de levendige antiracistische demonstraties, die een positievere visie uitdragen van het soort land dat we kunnen zijn.
De redenen voor het recente geweld zijn talrijk en complex – het kan niet alleen aan het immigratiedebat worden toegeschreven. Maar er moet een einde komen aan de anti-immigrantenretoriek: of het nu gaat om het sussen van ‘legitieme zorgen’, de belofte om ‘de boten tegen te houden’ of de meer acceptabele politieke beloften om ‘de controle op immigratie’ op te voeren. Al deze factoren hebben bijgedragen aan de huidige situatie. Als politici het extreemrechtse geweld willen begrijpen, moeten ze hier beginnen.
Duitsland heeft sinds woensdag een nieuwe, conservatieve regering
Op woensdag, een paar uur na zijn aantreden, kondigde de conservatieve minister van Binnenlandse Zaken, Alexander Dobrindt, aan dat de meeste migranten aan de grenzen zouden worden teruggestuurd, ‘met uitzondering van kwetsbare groepen zoals kinderen en zwangere vrouwen’. Hij zei dat hij een richtlijn introk die een van zijn voorgangers in 2015 had uitgevaardigd, op het hoogtepunt van Europa’s migratiecrisis.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Destijds had de conservatieve minister Thomas de Maizière de federale politie gevraagd ‘om de binnenkomst toe te staan van onderdanen van derde landen die geen documenten hebben die hun verblijf legitimeren en geen asielaanvraag hebben ingediend’. ‘Het doel van de regering is om Europa duidelijk te maken dat het Duitse beleid is veranderd’, benadrukt de Süddeutsche Zeitung. Het Beierse dagblad gelooft echter dat deze beslissing ‘kan leiden tot verhitte geschillen met buurlanden van Duitsland’: Berlijn heeft woensdag al een waarschuwing gekregen van buurland Polen, terwijl Zwitserland heeft gezegd dat het de beslissing ‘betreurt’.
Extreemrechts heeft woensdag in Duitsland een enorm ‘taboe’ doorbroken, merkt Die Zeit op. ‘Op de dag dat de Bondsdag de tachtigste verjaardag van de bevrijding van het vernietigingskamp Auschwitz herdacht’, verenigden CDU/CSU-parlementsleden – de partij van voormalig kanselier Angela Merkel – en de Alternative für Deutschland (AfD) hun stemmen om op het nippertje een wetsvoorstel door de kamer te loodsen dat gericht is op het aanscherpen van het immigratiebeleid van het land, merkt het Duitse weekblad op.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De motie, die niet bindend is maar een hoge symbolische waarde heeft, werd ingediend door rechts, dat favoriet is in de peilingen in de aanloop naar de parlementsverkiezingen op 23 februari. De motie roept Duitsland op om alle buitenlanders zonder geldige toegangsdocumenten, inclusief asielzoekers, aan de grens terug te sturen. De motie werd ingediend na een mesaanval die werd toegeschreven aan een illegale Afghaanse migrant en waarbij twee doden vielen, waaronder een kind. Sinds de Tweede Wereldoorlog hebben de traditionele gematigde partijen samenwerking met extreemrechts op federaal niveau altijd uitgesloten.
Het Verenigd Koninkrijk wil zo illegale migratie tegengaan
De regering van het Verenigd Koninkrijk wil een specifiek sanctiesysteem instellen om mensen die migranten het land binnensmokkelen aan te pakken. Het plan, dat erop gericht is om ‘financiële stromen bij de bron te stoppen, zal helpen bij het voorkomen, bestrijden en afschrikken van illegale immigratie en het smokkelen van migranten naar het Verenigd Koninkrijk’, zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken, David Lammy, in een verklaring. Hij zal het plan donderdag in een toespraak presenteren.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Vooruitlopend op kritiek van een deel van links, schreef de minister van Buitenlandse Zaken in een opiniestuk voor The Guardian dat ‘degenen die beweren dat migratie geen onderwerp is [dat door de progressieve kant moet worden opgepakt]’ het mis hebben. ‘Er is niets progressiefs aan om het te laten gebeuren dat de meest kwetsbaren worden uitgebuit,’ merkte hij op.
Sinds hij aan de macht is, heeft Labour-premier Keir Starmer beloofd de strijd tegen mensensmokkelnetwerken op te voeren, die hij als terroristen wil behandelen. Het onderwerp zal een van de thema’s zijn van zijn ontmoeting met president Emmanuel Macron op donderdag in Chequers, in het Verenigd Koninkrijk.
Het land wil op die manier illegale migratie tegengaan
Op woensdag kondigden de Dominicaanse autoriteiten de onmiddellijke uitvoering van een plan aan om elke week tot 10.000 ongedocumenteerde migranten te repatriëren, meldt Hoy. De betrokken migranten komen voornamelijk uit Haïti, dat het Caribische eiland Hispaniola deelt met de Dominicaanse Republiek.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De regering van president Luis Abinader is van plan om op deze manier illegale immigratie tegen te gaan en verzekert dat het uitwijzingsplan onderworpen zal zijn aan ‘strikte protocollen om respect voor de mensenrechten en waardigheid van de gerepatrieerden te garanderen’. Tegen 2023 waren al zo’n 250.000 Haïtianen zonder papieren het land uitgezet.
De toelage is voor mensen die Zweden vrijwillig willen verlaten
De Zweedse regering stelde donderdag voor om tot meer dan 30.000 euro per migrant toe te kennen in 2026, een nieuwe maatregel van de regerende rechtse coalitie die heeft beloofd om de immigratie aanzienlijk te verminderen. Dit is ‘een aanzienlijke verhoging’ van de 879 euro per volwassene en 439 euro per kind die momenteel worden toegekend aan migranten die bereid zijn Zweden vrijwillig te verlaten, aldus de Nigeriaanse website Pulse.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘We zetten nieuwe stappen in de heroriëntatie van het migratiebeleid’, zei minister van Migratie Johan Forssell in een verklaring, wiens regering wordt gesteund door de extreemrechtse Zweden Democraten (SD). In een onderzoeksrapport dat in augustus werd gepubliceerd, werd echter geadviseerd om deze terugkeertoelage niet aanzienlijk te verhogen, omdat ze gezien de kosten niet erg effectief zou zijn. De auteur van het rapport, Joakim Ruist, zei dat ze ook de inspanningen om migranten te integreren zou kunnen belemmeren.
El País toont samen met Lighthouse Reports de tegenstrijdigheden aan in de officiële versie van de ramp die op 14 juni het leven kostte aan meer dan zeshonderd mensen. Verschillende officiële verklaringen van overlevenden zijn volkomen identiek, alsof ze gekopieerd en geplakt zijn.
Enkele seconden voordat hij in zee viel, keek Kamal, een zevenentwintigjarige Syrische vluchteling, op zijn horloge. Het was 14 juni, 02:05 uur. Zijn lichaam zonk weg in de duisternis, samen met zo’n zevenhonderdvijftig mensen die met hem meereisden aan boord van een oude blauwe vissersboot met Italië als bestemming. ‘De kustwacht sleepte ons met hoge snelheid weg en we kapseisden,’ zegt hij. Het water, tot dan toe kalm, lag vol met mensen die wanhopig probeerden zichzelf te redden. Er klonk geschreeuw, mannen scheurden hun kleren van hun lijf om zich te bevrijden van de drenkelingen die zich aan hen vastklampten om het hoofd boven water te houden…
De boot van de Griekse kustwacht was van dichtbij getuige van de gebeurtenis. Toen de jongeman weer op zijn horloge keek – inmiddels aan boord van het superjacht dat te hulp was gekomen – was het 04:15. ‘Ik heb meer dan twee uur gezwommen,’ verklaart hij.
Kamal is een van de overlevenden van de tragische schipbreuk die drie weken geleden plaatsvond op de Ionische Zee op minder dan tachtig kilometer van de Griekse kust. Maar zijn getuigenis staat haaks op de versie van de Griekse autoriteiten. Kemal staat daarin niet alleen. Voor een gezamenlijk onderzoek van El País met Lighthouse Reports, Reporters United, Monitor, SIRAJ en Der Spiegel werden zeventien getuigen afzonderlijk ondervraagd. Zestien daarvan gaven dezelfde beschrijving: toen de motor van de vissersboot ermee ophield, sleepte een boot van de kustwacht het schip met hoge snelheid weg aan een touw. De vissersboot kapseisde. Sommigen denken dat het mislukte optreden van de kustwacht een ongeluk was, anderen vermoeden opzet. Twee overlevenden zeggen dat ze de sleepactie met hun mobieltjes hebben gefilmd, maar dat de Griekse kustwachten hun apparaten in beslag hebben genomen. Allemaal willen ze uit angst voor represailles dat hun naam wordt veranderd.
Twijfel
Het schip, dat vijf dagen eerder uit Libië was vertrokken, vervoerde zo’n zevenhonderdvijftig mensen: Syrische, Afghaanse, Egyptische en Pakistaanse vluchtelingen. Mannen en vrouwen – van wie enkele zwanger waren – maar ook tieners en kinderen die vastzaten in het ruim van de boot en op geen enkele manier konden ontkomen. Slechts tweeëntachtig lichamen zijn geborgen. Door het vermoedelijke aantal slachtoffers, zeker meer dan zeshonderd, is dit het op een na ergste scheepsongeluk in de Middellandse Zee, na dat van april 2015, waarbij elfhonderd doden vielen.
Voor degenen die het overleefden, was het verschil tussen leven en dood een kwestie van honderd of tweehonderd euro. Dat bedrag rekenden de mensenhandelaren extra voor de vluchtelingen die aan dek wilden reizen en niet in het ruim.
De Griekse regering, die elke verantwoordelijkheid ontkent, heeft op de volgende cruciale vraag geen antwoord: hoe is het mogelijk dat honderden mensen verdronken terwijl de kustwacht zich urenlang in de buurt van de vissersboot begaf? Er liggen serieuze beschuldigingen op tafel. Is de kustwacht verantwoordelijk voor het zinken van het schip? Werd redding uitgesteld, zelfs toen er mensen verdronken? Probeerde de kustwacht koste wat kost te voorkomen dat honderden migranten Grieks grondgebied zouden bereiken?
Tot op de dag van vandaag is er geen definitief bewijs dat de Griekse versie kan weerleggen. De enige juridische procedure die nu loopt, is gericht tegen negen vermeende Egyptische smokkelaars die zich aan boord van het schip bevonden.
Het gezamenlijke onderzoek van El País, Lighthouse Reports en partners levert nieuwe informatie op die de beschuldigingen aan het adres van de Griekse autoriteiten bekrachtigt. Het onderzoek legt de ontberingen bloot van een reis waarbij passagiers urine en zeewater moesten drinken – de modus operandi van de smokelaarsmaffia – en werpt vooral licht op het optreden van de kustwacht. Interne rapporten van Frontex – dat met een vliegtuig en een drone over het gebied vloog –, documenten van de rechtszaak en de zeventien interviews met de hoofdrolspelers in deze tragedie, suggereren dat de redding van de opeengepakte en uitgeputte passagiers nooit prioriteit had voor de Griekse autoriteiten.
Enkele uren na ontscheping nam de kustwacht de verklaringen van negen overlevenden op. Analyse suggereert echter dat sommige identieke getuigenissen tot stand zijn gekomen via knippen en plakken – een indicatie van mogelijke manipulatie van de feiten.
Het alarm zou bijna een half uur na het zinken zijn verzonden
Meer dan veertien uur nadat maritieme coördinatiecentra van Griekenland en Italië de vissersboot in precaire omstandigheden hadden gelokaliseerd, kwam de Griekse kustwacht pas in actie. Dat gebeurde toen de vissersboot, Adriana genaamd, al aan het zinken was.
Voorafgaand aan de schipbreuk bood Frontex de Griekse autoriteiten luchtsteun aan, zo bevestigt een woordvoerder. ‘Maar we kregen geen reactie,’ zegt ze. Ze gingen wel in op het aanbod om een drone in te zetten, maar stuurden die naar een ander schip, voor de kust van Kreta, waar ‘tachtig mensen direct gevaar liepen’. Toen de drone terugkeerde, was de redding van de Adriana al in volle gang.
Cruciaal in de door Griekenland gecoördineerde operatie was de rol van een luxe jacht van 93 meter – de Mayan Queen IV – die haar reddingsboot liet zakken en hielp bij het zoeken naar overlevenden. Wij hadden inzage in de getuigenis die de Britse kapitein Richard Kirkby heeft afgelegd bij de Griekse autoriteiten. Daaruit blijkt dat hij om 02.30 uur bericht van de schipbreuk ontving en om 02:55 uur als eerste commerciële schip in het gebied arriveerde. Als dat tijdstip correct is (de kapitein van een olietanker die ook aan de zoekactie deelnam, beweert om 02:12 een noodsignaal te hebben ontvangen), zou het alarm bijna een halfuur na het zinken zijn verzonden.
De kapitein verklaart dat zijn bemanning na noodkreten vijftien schipbreukelingen uit zee heeft gehaald. Later namen acht grote schepen deel aan de zoektocht naar meer overlevenden, zonder veel succes. Toen ze aankwamen had de zee alles opgeslokt en leek het alsof er niets was gebeurd.
Om zes uur ’s ochtends kreeg de Brit via de radio opdracht om de mensen op te pikken die in afwachting waren van de kustwacht en hen naar de haven te brengen. Daarna gingen honderd mensen en vier kustwachters op weg naar Kalamata, vier uur rijden verderop. Op de vraag of hij nog iets aan zijn verklaring wil toevoegen, knikt Kirkby. ‘Ja, ik wil gezegd hebben dat naast de tien tot vijftien mensen die we hebben gered, mijn bemanning me heeft meegedeeld dat er nog veel meer mensen aan de oppervlakte dreven.’
Omgekomen van de honger
De interviews met zestien overlevenden tijdens ons onderzoek leveren vergelijkbare versies op van wat er die ochtend gebeurde, toen amper honderdvier mensen het overleefden, terwijl er zo’n zeshonderd verdronken in een van de diepste delen van de Middellandse Zee. Getuigen zeggen dat ze, in tegenstelling tot de versie van de Griekse autoriteiten, herhaaldelijk en wanhopig om hulp hebben gevraagd. ‘Rond 13.00 uur vloog er een vliegtuig over ons heen. Met onze handen gebaarden we om hulp. Al eerder waren twee mensen omgekomen van de honger. Hun lichamen hebben we boven op de kapiteinshut gelegd, zodat het vliegtuig ze kon zien,’ zegt Amin, een Syrische overlevende van in de veertig.
Drie getuigen verzekeren ook dat de kustwacht hen beval hun reis naar de Italiaanse reddingszone voort te zetten, dus buiten hun jurisdictie. ‘Onze afspraak met de Griekse kustwacht was dat we hun schip zouden volgen naar Italiaanse wateren, waar een reddingsschip zou liggen dat ons naar Italië kon brengen. [Het Griekse schip] kreeg groen licht en we volgden het totdat onze motor het begaf,’ herinnert Manhal zich, een Syrische metselaar van in de dertig. Hij verloor zijn broer bij de schipbreuk.
Aanvankelijk ontkende de kustwacht een touw naar het schip te hebben gegooid, maar toen overlevenden hun versie aan journalisten konden navertellen, werd de hypothese dat de kustwacht het schip inderdaad had gesleept steeds aannemelijker. Degenen die verantwoordelijk waren voor de reddingsoperatie erkenden uiteindelijk gebruik van het touw, maar zeggen dat ze niet van plan waren de boot te slepen. En al helemaal niet naar Italië. De Griekse autoriteiten beweren onder meer dat de Italiaanse zoek- en reddingszone zich op meer dan honderddertig kilometer afstand bevond, een afstand van twee tot drie dagen varen.
Hassan, een drieëntwintigjarige Syriër, geeft details over de riskante operatie. ‘Ze vertelden dat ze ons naar het [Italiaanse] reddingsschip zouden brengen en dat het maar twee uur varen naar het westen was. Ze sleepten ons voort als een auto. Een keer eerder stond onze boot op het punt om te slaan, maar bleef ze overeind. De tweede keer helde de boot naar rechts en kapseisde ze. Ik had niet eens de tijd om te besluiten in het water te springen. Het touw werd doorgesneden en de boot van de kustwacht draaide om.’ Verschillende getuigenissen bevestigen dit verhaal.
‘Waarom kwam het niet terug? Waarom stopten ze? Ze hadden veel levens kunnen redden’
Maher, een zesentwintigjarige Syrische tandarts, deelt zijn herinneringen aan die vroege ochtend vanuit het vluchtelingenkamp Malakasa, veertig kilometer buiten Athene. ‘Ik was op het dek toen we kapseisden. Ik viel in het water en de boot veroorzaakte een enorme golf die me zo’n dertig meter verderop stuwde. Het was erg donker. Het Griekse schip stopte ongeveer vijfhonderd meter verderop, misschien meer. Ik ben er nog steeds van in de war… Waarom kwam het niet terug? Waarom stopten ze? Ze hadden veel levens kunnen redden.’
Het is niet de eerste keer dat de Griekse kustwacht – berucht om het verdrijven van migranten en vluchtelingen uit zijn wateren – van soortgelijke daden wordt beschuldigd. Vorig jaar veroordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens de acties van Griekenland tegen een schip met zevenentwintig Afghaanse, Syrische en Palestijnse vluchtelingen dat in januari 2014 voor het Griekse eiland Farmakonisi voer. Griekse kustwachten probeerden het overbelaste schip mee te slepen totdat het kapseisde. Bij die schipbreuk kwamen elf vrouwen en kinderen om. Ook toen beweerde de Griekse kustwacht dat paniek en plotselinge bewegingen van de vluchtelingen aan boord het schip hadden doen zinken.
Acties van de Griekse kustwacht in de Egeïsche Zee zijn al langer reden tot zorg voor Frontex. Schendingen van het internationaal recht in Griekse wateren hebben ertoe geleid dat de functionaris van het grensagentschap dat belast is met grondrechten, heeft aanbevolen om niet langer met Athene samen te werken. Vooral de bewezen praktijk om groepen vluchtelingen in reddingsboten de zee op te slepen en ze naar Turkse wateren te brengen is zorgwekkend. De functionaris, aldus The New York Times, heeft opgeroepen tot de ‘sterkst mogelijke maatregelen’ om te zorgen dat Griekenland zich aan de wet zal houden.
Volgens documenten getuigden vier mensen in vrijwel dezelfde bewoordingen dat de trawler zonk omdat hij ‘oud’ was en dat ‘er geen reddingsvesten waren’
De kustwacht beweert dat getuigenissen van overlevenden, die in eerste instantie spaarzaam waren, zijn aangedikt onder invloed van externe actoren. ‘De aanpassingen van de verklaringen volgden op de overplaatsing van getuigen naar Malakasa, een kamp waartoe – in tegenstelling tot wat ze zelf beweren – leden van ngo’s en advocaten snel toegang hadden’, schreef het Griekse dagblad I Kathimerini deze week.
Maar analyse van de verklaringen van de overlevenden aan de kustwacht wijst juist op andere vormen van interventie. In de officiële interviews staan minstens vier vrijwel identieke verklaringen over een belangrijk moment van de reis en de schipbreuk, ook al zijn ze door vier verschillende mensen afgelegd aan verschillende vertalers. In een van de gevallen trad bovendien een van de kustwachten als vertaler op. Enkele nagenoeg identieke zinnen suggereren dat één verklaring is gekopieerd en in verschillende ondervragingen is geplakt. Volgens officiële documenten zouden de vier letterlijk hebben gezegd: ‘Mensen begonnen te klagen omdat we zonder voedsel en water zaten en veel passagiers dachten dat de kapitein verdwaald was en niet wist hoe hij in Italië moest komen, dus was hij genoodzaakt om hulp te vragen.’
Twee verklaringen – waarin elke verantwoordelijkheid van de kustwacht is weggelaten – vertonen letterlijke overeenkomsten wat betreft het moment van de schipbreuk. De twee zouden ten overstaan van verschillende tolken en op verschillende tijdstippen woordelijk hebben gezegd: ‘Op een bepaald moment kwam er ’s nachts een boot van de kustwacht om te helpen, maar plotseling kapseisde de boot (…) Toen hebben ze ons gered met een rubberboot. Daarna kwamen er nog twee of drie boten (…) Bij zonsopgang hebben ze ons op een van die boten gezet en naar de haven gebracht waar we nu zijn. Ze gaven ons ook water.’ Volgens deze documenten getuigden vier mensen in vrijwel dezelfde bewoordingen dat de trawler zonk omdat hij ‘oud’ was en dat ‘er geen reddingsvesten waren’.
Van de negen verklaringen aan de kustwacht die wij inzagen, noemt slechts één het slepen van de vissersboot als oorzaak van de ramp. Maar van de verklaringen die diezelfde getuigen voor de officier van justitie aflegden, zijn er zes die uitvoeriger beschrijven hoe hun boot werd gesleept voordat ze kapseisde.
Voor het onderzoek hebben we gesproken met twee van de negen overlevenden die een verklaring hebben afgelegd, eerst bij de kustwacht en daarna bij de officier van justitie. Allebei zeggen ze dat de kustwacht het deel van hun getuigenis heeft weggelaten waarin ze melding maken van het slepen van de trawler. ‘Ze vroegen me wat er met het schip was gebeurd en hoe het zonk. Ik heb ze verteld dat de kustwacht kwam en een touw aan onze boot vastbond, ons begon te slepen en het schip liet kapseizen,’ zegt een van hen. ‘Dat deel van mijn verklaring is niet genoteerd,’ vervolgt hij. Deze overlevende beweert ook dat hij zich onder druk gezet voelde om ten onrechte mensenhandelaren aan te wijzen. ‘Ze vroegen me naar de Egyptische mensenhandelaren (…) Ik was moe, dus ik vertelde ze wat ze wilden horen.’
Groen licht
Aangenomen wordt dat toen de Adriana zonk, veel van de slachtoffers al dood waren. De zevenhonderdvijftig mensen aan boord van het schip betaalden vijfenveertighonderd euro voor de overtocht, en ondergingen voorafgaand aan de reis maanden van mishandeling en afpersing. Het Libische netwerk dat de reis organiseerde, met vestigingen in Libanon en Syrië, hield een deel van de passagiers vast in een loods bij Tobroek, een stad op honderdvijftig kilometer van de grens met Egypte. Ze konden geen contact onderhouden met de buitenwereld, hun paspoorten waren ingenomen en ze kregen per dag slechts een portie brood en een stuk kaas te eten. De bewakers, zeggen de overlevenden, sloegen en beledigden hen en vermoordden iedereen die problemen veroorzaakte. ‘Als ze rond de pakhuizen van Tobroek zouden gaan graven, zouden ze veel lichamen vinden,’ zegt Kamal. Sommigen zaten acht maanden opgesloten, in afwachting van groen licht van de maffia voor het vertrek van het schip.
Zowel Griekenland als de Europese Commissie als Frontex geeft de smokkelaarsmaffia de schuld van de tragedie, maar alle verzwijgen dat de gangsters in sommige gevallen niet alleen profiteren van migrantengeld, maar ook van Europees geld dat ze krijgen in ruil voor de belofte de komst van mensen te verhinderen. Drie verschillende bronnen bevestigen dat een van de belangrijkste leiders van het netwerk dat het vertrek van de Adriana organiseerde voor de Libische marine werkt, onder leiding van generaal Khalifa Hafter, de krijgsheer die het oosten van het land controleert. Volgens een Libische bron werd op de avond van het vertrek van de Adriana een avondklok afgekondigd om de operatie te vergemakkelijken. Niets van wat er in dat gebied gebeurt, ontgaat de generaal. Hafter is onlangs door Italië en Malta gevraagd naar een oplossing om illegale immigratie naar de Europese Unie een halt toe te roepen.
Eenmaal op zee ontstonden er al snel problemen. De reis zou maximaal drie dagen duren, op de tweede dag werd duidelijk dat de kapitein was verdwaald. Het schip stond onder bevel van een tiental Egyptenaren die voor het criminele netwerk werkten en die, aldus de verklaringen van enkele overlevenden, de passagiers sloegen en beledigden. ‘Angst en paniek maakten zich van ons meester,’ herinnert Kamal zich. ‘We vroegen om redding, ook al was het aan de Libische kustwacht, want we waren in gevaar,’ zegt Manhal.
Op de derde dag raakten het voedsel en het water op en werden mensen ziek of begonnen ze flauw te vallen. Overdag was het extreem warm en ’s nachts erg koud. Als eersten stierven een Egyptenaar en een Pakistaan van de dorst. Vervolgens stierf de kapitein aan een hartaanval, wordt gezegd. De passagiers dronken zeewater dat was gezoet met dadels en vermengd met urine en vuil water uit een radiator.
‘We vroegen hen om ons aan boord te nemen, omdat ze een grote boot hadden, maar ze wilden ons niet meenemen’
Toen in de namiddag van de vierde dag twee olietankers op verzoek van de kustwacht de Adriana naderden om voorraden af te leveren, ontstond er verwarring en paniek. Er werd gevochten om voedsel en water. ‘We vertelden aan de tweede boot die kwam (de Faithful Warrior) dat we geen water en voorraden wilden; toen er flessen naar ons werden gegooid ontstond er paniek. We vroegen hen om ons aan boord te nemen, omdat ze een grote boot hadden, maar ze wilden ons niet meenemen,’ beweert Manhal. Dit verhaal staat haaks op de officiële versie, volgens welke er nooit om hulp is gevraagd.
Toen de boot op 14 juni rond twee uur ’s nachts kapseisde, klommen tientallen mensen op de romp die ondersteboven lag. De schipbreukelingen klampten zich zo goed mogelijk vast aan wat er nog restte van de Adriana. Maar de golven – veroorzaakt door de zinkende vissersboot en door de bewegingen van de boot van de kustwacht – maakten het moeilijk om grip te houden. Vier getuigenissen bevestigen dat het Griekse schip, in plaats van direct tot redding over te gaan, nog meer slachtoffers veroorzaakte door rond het schip te cirkelen en grote golven te genereren.
‘Het schip dat ons had laten zinken kwam dichterbij en veroorzaakte een grote golf’
‘Ik was uitgeput en zwom naar onze boot. Ik hield me ongeveer tien minuten vast aan een stuk metaal, maar het schip dat ons had laten zinken kwam dichterbij en veroorzaakte een grote golf. Mensen die zich vasthielden, vielen in het water,’ zegt Samir, een zevenendertigjarige Syriër. Na een tweede golf verdween de vissersboot. ‘Alsof er niets was gebeurd,’ zegt hij. ‘Het Griekse schip deed bijna een halfuur niets,’ volgens Maher. ‘Ik heb er geen verklaring voor. Waarom kwamen ze niet meteen terug? Als ze dat wel hadden gedaan, hadden ze veel vluchtelingen kunnen redden die nog in leven waren.’
‘Het duurde lang voordat ze een kleine boot stuurden,’ beaamt Nassim, een twintigjarige vluchteling uit Syrië. Hij beweert dat de boot die hij ervan beschuldigt hen tot zinken te hebben gebracht, alles van een afstand in de gaten hield. ‘We waren bang om dichterbij te komen en zwommen weg totdat we zagen dat ze met reddingen begonnen.’ Een van de Egyptenaren die de schipbreuk overleefde vertelt dat hij twee uur in het water dreef en bleef wachten. ‘De Griekse boot lag op ongeveer vijftig meter afstand, maar een halfuur lang deden ze niets.’
Manhal, de metselaar die zijn broer verloor, herinnert zich wel een snelle interventie van de kustwacht na de schipbreuk, maar vreesde al voor zijn leven toen het touw aan de boeg van de trawler werd vastgebonden. ‘We wisten dat slepen gevaarlijk zou zijn. Zelfs iemand die onervaren is, kan je vertellen dat je om een boot te stabiliseren touwen aan beide kanten van de boot moet vastmaken en niet alleen aan de voorkant… Dit zijn mensen van de kustwacht. We dachten dat ze wisten wat ze deden.’
Door het selectieve antimigratiebeleid en de vijandigheid tegenover buitenlanders in Europa en Noord-Amerika, wijken steeds meer Afrikaanse migranten uit naar nieuwe bestemmingen als China, Turkije, het Midden-Oosten en, in sommige gevallen, Zuid-Amerika. De Rwandese journalist Eleneus Akanga zet zijn eigen ervaringen in groter perspectief.
Ik was 24 toen ik in 2007 van Rwanda naar het Verenigd Koninkrijk vluchtte. Als succesvol verslaggever was ik net hoofdredacteur geworden van de onderzoeksjournalistieke publicatie The Insight, die in Rwanda steeds meer waardering oogstte. Ik had een wekelijkse column over actuele sociale kwesties in The New Times, ‘The Municipal Watchdog’, en ik schreef voor Reuters, Al-Jazeera, Xhinua en Associated Press. Dit was mijn leven, en ik genoot er met volle teugen van.
Ondertussen begon zo’n 6500 km verderop in Groot-Brittannië, onder andere in Glasgow, de stad die inmiddels mijn nieuwe thuis was, een langdurige haatcampagne tegen mensen zoals ik. Het land had al tien jaar een Labour-regering en hoewel de partij het economische tij van het land had gekeerd, trad langzaam maar zeker een sociale malaise in. Door machtshonger gedreven oppositiepolitici (van met name de Conservatieve Partij en UKIP) wakkerden samen met de populaire media de woede van de bevolking aan over twee kwesties: immigratie en welzijn. Het immigratiedebat verhardde en kreeg steeds vaker een racistische ondertoon. De BBC zond ‘The Poles are Coming!’ uit, een aflevering van de documentaireserie White, waarin filmmaker Timothy Samuels het groeiende anti-immigratiesentiment onderzoekt.
‘Je hoeft tegenwoordig niet ver te reizen om een stukje Polen of Oost-Europa in je stad aan te treffen,’ zegt hij, om er meteen aan toe te voegen: ‘Maar voor sommige mensen in Peterborough is het allemaal te veel.’
In de documentaire zit een scène van een overvolle dokterswachtkamer en dito school, gevolgd door een shot waarin een zichtbaar geïrriteerde Brit van middelbare leeftijd zegt: ‘Peterborough wordt volledig overspoeld.’ In het volgende beeld stelt een gemeenteraadslid dat de maat vol is.
De zorgen over iedereen die je hebt achtergelaten blijven knagen
Ik weet nog dat ik de documentaire op mijn eenkamerflatje in Glasgow zag en dat de angst me om het hart sloeg. Je denkt dat je het hoofdstuk kunt afsluiten wanneer jou asiel wordt verleend. Hoewel dit enigszins klopt, is het toch verre van de waarheid. De eenzaamheid, de zorgen over iedereen die je hebt achtergelaten die maar blijven knagen. Niets is ooit zeker. Het hangt ook af van wat je allemaal hebt meegemaakt. Ik ken mensen, onder wie ikzelf, die jaren nadat ze asiel hebben gekregen, nog altijd over hun schouder kijken – want je weet maar nooit. De vraag die zich aan me opdrong was: als de Oost-Europeanen, met hun witte huid en hun blauwe ogen, al zo worden behandeld, wat kunnen wij Afrikanen dan verwachten?
Per slot van rekening woonde ik al in een flatgebouw met bewoners uit alle hoeken van de wereld, onder anderen drugsverslaafden en ex-verslaafden. Maar het leven gaat door. Ondanks wat burenoverlast kon ik het goed vinden met mijn verslaafde buren, en in de zes maanden dat ik er woonde werd ik nooit beledigd of ook maar enigszins lastiggevallen.
Niet aankloppen
Wat ons asielzoekers voortdurend voor de voeten wordt geworpen, is de vraag waarom we niet aankloppen bij het eerste het beste veilige land waar we binnenkomen. ‘Frankrijk is een prima land, daar hadden ze toch heel goed kunnen blijven,’ hoor ik Britten regelmatig zeggen over de vluchtelingen die het Kanaal oversteken in rubberbootjes. Er zijn natuurlijk talloze redenen waarom sommige mensen geen asiel aanvragen in de landen waar ze doorheen reizen. Ze willen zich vestigen in landen waar ze iemand kennen, waar vrienden of familieleden wonen, of omdat ze de taal spreken.
Ik ben door Oeganda en Kenia en via Nederland gereisd voordat ik op Heathrow landde. Tijdens mijn gesprekken met de Britse immigratiedienst vroegen ze waarom ik geen asiel had aangevraagd in Oeganda of Kenia. Mijn antwoord luidde: Rwanda heeft goede relaties met de omliggende landen, met Oeganda delen ze zelfs een grens. Hoe dichter je bij het land blijft dat je bent ontvlucht en hoe beter diens betrekkingen met je gastland, des te groter de kans dat het slecht voor je uitpakt. Bovendien zijn vluchtelingen niet wettelijk verplicht asiel aan te vragen in de veilige landen waar ze doorheen reizen. Door dat niet te doen, diskwalificeren ze zich niet voor een vluchtelingenstatus.
De meeste Afrikaanse migranten blijven op het eigen continent
Veel van dit soort ideeën komen voort uit een gebrekkig begrip van de veelvormigheid van de Afrikaanse migratie. Als je debatten over de migratie van Afrikanen naar het noordelijk halfrond volgt, krijg je de indruk dat het Westen de bulk moet opvangen. Maar uit onderzoek blijkt dat dit helemaal niet het geval is. De meeste Afrikaanse migranten blijven op het eigen continent. Ongeveer 21 miljoen gedocumenteerde Afrikanen wonen in een ander Afrikaans land, waarbij Nigeria, Zuid-Afrika en Egypte favoriete bestemmingen zijn. Door het specifiek op Afrikanen gerichte antimigratiebeleid, dat zich onder andere vertaalt in zeer strenge visumeisen, en een algeheel klimaat van vijandigheid jegens buitenlanders in Europa en Noord-Amerika, wijken steeds meer Afrikaanse migranten uit naar nieuwe bestemmingen als China, Turkije, het Midden-Oosten en, in sommige gevallen, Zuid-Amerika.
Eigen ervaring
Uit eigen ervaring als voormalig asielzoeker weet ik dat migranten niet noodzakelijkerwijs op de vlucht zijn voor oorlog of armoede. Degenen die me in de ochtend van 22 juli 2007 op Heathrow zagen landen, dachten misschien dat ik de zoveelste Afrikaanse immigrant was die armoede en ziekte probeerde te ontvluchten. Maar dat was bij mij, en bij het merendeel van de Afrikanen die naar Europa trekken, helemaal niet het geval. Ik behoorde tot de gelukkigen die aan de strenge visumeisen kunnen voldoen, die zich peperdure vliegtickets kunnen veroorloven, die de gok kunnen wagen om naar landen te gaan waarbij we, of we nu asiel zoeken of niet, niet zeker weten hoe het uitpakt. Voor Afrikanen bij wie het water echt aan de lippen staat, is dit een veel te grote hobbel, vooral wanneer het buurland of een van de omringende landen je voor minder geld dan de kosten van een Brits visum verwelkomen en onderdak geven. Afrikanen zullen pas naar het noordelijk halfrond migreren als ze de ambitie en de middelen hebben om dit te realiseren.
In de aanloop naar het brexitreferendum – dat sterk werd beïnvloed door wat de voorstanders van uittreding stug de ‘ongebreidelde immigratie’ bleven noemen – waren er meer Oost-Europeanen in het Verenigd Koninkrijk dan Afrikaanse en Aziatische migranten bij elkaar. Toch werd de hele campagne gedomineerd door discussies over illegale immigratie – waarbij opzettelijk een beeld werd geschetst van een land dat wordt overspoeld door buitenlanders, van wie velen al onderworpen worden aan ultrastrenge visumeisen. Zelfs de beruchte Breaking Point-poster van Nigel Farage, waarvoor – terecht – aangifte werd gedaan wegens haatzaaierij, liet bewust een rij vluchtelingen met donkere huidskleur zien, als om te benadrukken dat mi-gratie van zwarte mensen veel erger is dan migratie van witte mensen.
‘Als de situatie in hun land zo slecht is dat ze moeten vluchten, waarom laten ze dan vrouw en kinderen achter?’
Een paar weken geleden had ik een discussie met een van mijn buren – een zoon van Ieren die in de jaren vijftig naar Birmingham waren geëmigreerd. Hij heeft Ierland maar twee keer in zijn leven bezocht en hoewel hij zichzelf als Ier beschouwt, heeft hij niet het gevoel dat anderen hem zo zien. Hij heeft een Birminghams accent en woont inmiddels al meer dan dertig jaar in Zuidoost-Engeland. Ik geloof niet dat hij een racist is, hoewel een aantal van zijn standpunten over ‘die eeuwig klagende buitenlanders’ makkelijk als racistisch kunnen worden opgevat. ‘Waarom steken alleen jonge mannen het kanaal over?’ wilde hij weten. ‘Als de situatie in hun land zo slecht is dat ze moeten vluchten, waarom laten ze dan vrouw en kinderen achter? Zou jij je vrouw en kinderen achterlaten om vermoord te worden, of verkracht? Ik niet.’ Toen ik hem vroeg wat híj zou doen als hij bijna al zijn bezittingen had verkocht en met dat geld maar één persoon van een gezin van vier kon laten vertrekken, antwoordde hij: ‘Ik weet het niet. Maar ik zou er iets op verzinnen.’ Toen ik hem het vuur na aan de schenen legde, zei hij nog eens: ‘Ik weet het niet.’
Dit geeft mooi weer hoe dwaas die enge migratieretoriek van rechtse politici en de populaire media is. Een zoon van Ierse ouders die Ierland verlieten voor een beter leven in Birmingham en die tijdens The Troubles hoogstwaarschijnlijk als IRA-sympathisanten werden beschouwd en gediscrimineerd, zet anderen die precies hetzelfde doen als zijn ouders jaren geleden hebben gedaan weg als onwelkome vreemdelingen.
‘We kunnen niet iedereen binnenlaten,’ zegt hij. Maar dat doen we dus ook helemaal niet.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.