Tag: Millennials

  • Boomers als boosdoeners. Waarom we af moeten van generationeel hokjesdenken

    Boomers als boosdoeners. Waarom we af moeten van generationeel hokjesdenken

    De hokjes en de labels, generaties indelen in demografische groepen om ze daarna de schuld te kunnen geven van de woningnood of van klimaatschade: het leidt alleen maar tot ongekende verdeeldheid in de samenleving. Terwijl generaties juist veel overeenkomsten hebben.

    Het typeren van generaties heeft alles te maken met verdeeldheid. We worden in groepen ingedeeld op basis van de periode waarin we zijn geboren, en die periode krijgt vervolgens een pakkend label, dat het goed doet in de media, waarna alle aandacht uitgaat naar de veronderstelde conflicten tussen de verschillende groepen.

    We vinden het veel makkelijker om de schuld voor ongewenste veranderingen in de schoenen te schuiven van bepaalde generaties dan van willekeurig welke andere demografische groep. Zo hebben de babyboomers alle huizen ingepikt, alle rijkdom weggekaapt en de aarde verwoest; millennials zijn verantwoordelijk voor het einde van het huwelijk, de teloorgang van feestjes op kantoor en zelfs voor de ondergang van marmelade (sinds 2013 daalt de verkoop). 

    Ondertussen hebben de ouderen altijd al commentaar gehad op de jongeren: in 400 v.Chr. mopperde Socrates al over de jeugd met hun ‘slechte manieren, hun minachting voor gezag en hun gebrek aan respect voor ouderen’. Maar tegenwoordig beschikken we over de middelen om deze eeuwige vooroordelen op grote schaal uit te dragen.

    Misleidend

    Dat vormt een cruciaal element van wat inmiddels is uitgegroeid tot een generatiegekleurde cultuuroorlog. We worden bestookt met verhalen over een ‘woke’ generatie die is geobsedeerd door ‘safe spaces’ en die een ‘cancelcultuur’ cultiveert. Maar dat beeld is misleidend. Het is waar dat jonge mensen een andere kijk hebben op verschuivende sociale normen – maar dat is nooit anders geweest.

    Jongere generaties voelen zich gewoon beter op hun gemak bij nieuwe culturele opvattingen, omdat ze niet zijn opgegroeid met de oude opvattingen. Sterker nog, als je over een langere termijn kijkt naar trends, is het min of meer een constante dat de jongste generatie zich twee keer zo goed op haar gemak voelt bij de nieuwste culturele opvattingen dan de oudste generatie. In de jaren tachtig, toen de babyboomers jongvolwassenen waren, speelden kwesties als de rol van vrouwen op de werkplek en de acceptatie van homoseksualiteit; voor de jongeren van nu is het belangrijkste onderwerp vermoedelijk genderidentiteit, of de manier waarop we naar de geschiedenis kijken. De hete hangijzers verschillen, maar de generationele patronen vertonen griezelig veel overeenkomsten. 

    Het feit dat we nu zo’n ongekend grote kloof ervaren heeft meer te maken met de tijd waarin we leven dan met fundamentele generationele kenmerken.

    We hebben een ongekende toename gezien van de persoonlijke rijkdom bij ouderen

    Er zijn twee wezenlijke contextuele veranderingen die een verklaring kunnen bieden. De eerste is van economische aard. We hebben een ongekende toename gezien van de persoonlijke rijkdom bij ouderen, waarbij de babyboomers op kop lopen. Zoals blijkt uit een recent rapport van de Resolution Foundation [een Britse denktank], bezit deze oudere groep meer dan de helft van al het privévermogen, zeven keer zoveel als de millennials. Natuurlijk is rijkdom in grote mate gekoppeld aan levensloop, in die zin dat vermogen wordt opgebouwd met het ouder worden. Maar deze kloof is van een andere orde dan die in het verleden, en dat patroon zien we in veel landen terug. 

    Neem de Verenigde Staten: toen de babyboomers gemiddeld 45 jaar waren, hadden ze 42 procent van al het Amerikaanse privévermogen in handen. Toen generatie X diezelfde mijlpaal bereikte, was dat slechts 15 procent – en voor de millennials zal dit ongetwijfeld nog lager zijn. Dat is een ingrijpende nieuwe verdeling, het gevolg van historische ontwikkelingen en van de bescherming van de belangen van de boomers, door hun electorale gewicht.

    Clickbait

    Daarnaast kan ons toegenomen besef van een intergenerationele kloof niet los worden gezien van onze nieuwe informatieomgeving, die ongekende verdeeldheid zaait. Conflicten zijn clickbait, en de generationele groepen staan vaak in de frontlinie.

    Ik heb zonder het te weten een klein voorbeeld van die zogenaamde verdeeldheid in het leven geroepen met een onderzoek dat we in 2022 uitvoerden om na te gaan wat voor beeld de verschillende generaties in het Verenigd Koninkrijk van elkaar hebben. In een van de vragen kwam een opmerking aan de orde uit een interview met tv-persoonlijkheid Kirstie Allsopp, die leek te impliceren dat jongeren geen huis konden kopen omdat ze te veel geld uitgaven aan Netflix, sportschoolabonnementen, dure koffietjes en vakanties naar het buitenland. Het schokkende was dat de helft van het publiek het met Allsopp eens was – en nog schokkender: generatie Z was het er percentueel gezien net zozeer mee eens als oudere generaties.

    De huidige lichting jongeren heeft zich duidelijk een zeker zelfverwijt eigen gemaakt, terwijl het feit dat de huizenprijzen al decennialang de hoogte in schieten, de lonen stagneren en het veel lastiger is geworden om een hypotheek te krijgen veel logischere verklaringen zijn voor het geringe eigenhuisbezit.

    Maar de belangrijkste les school voor mij niet in de vraag of de bewering al dan niet klopte, het interessantste was de berichtgeving over onze opiniepeiling. De koppen waren stuk voor stuk variaties op ‘Boomers wijten het aan Netflix en afhaalmaaltijden dat jongeren geen huis kunnen kopen’, terwijl de boomers die mening niet in sterkere mate waren toegedaan dan wie ook. Nieuwssites weten als geen ander dat stukken waarin een generatiekloof wordt opgevoerd, zeker als boomers de boosdoener zijn, beter worden gelezen en meer worden gedeeld.

    Ondanks alle retoriek zijn we in werkelijkheid innig verbonden met de generaties onder en boven ons

    Hoe dan ook, ondanks alle geforceerde, overtrokken maar natuurlijk ook daadwerkelijke scheidslijnen is het onwaarschijnlijk dat het tot een echte breuk zal komen tussen de generaties, of dat de jongeren een politieke tegenaanval zullen inzetten. Dat komt deels doordat ze de neiging hebben hun sombere situatie aan zichzelf te wijten, maar er zijn ook nog andere redenen.

    Ondanks alle retoriek zijn we in werkelijkheid innig verbonden met de generaties onder en boven ons, vanwege onze familie. We houden van onze ouders en onze grootouders en we willen, voor een belangrijk deel uit eigenbelang, dat ze het kapitaal behouden dat ze hebben vergaard, en dat ze alle mogelijke steun blijven ontvangen – want anders blijft er minder voor ons over of draaien wij op voor de kosten. De ontstellende hoeveelheid kapitaal bij de oudste generatie zal uiteindelijk doorsijpelen naar beneden. Het probleem is alleen dat het ongelijk verdeeld zal zijn – en dat ondermijnt de gezamenlijke inspanning van jongere generaties om verandering te bewerkstelligen.

    Het gebrek aan woede en actiebereidheid onder jongeren is frustrerend voor diegenen onder ons die vinden dat er hoognodig een betere regeling tussen de generaties moet komen. Maar om dat voor elkaar te krijgen moeten er eerst twee reusachtige beleidskwesties worden aangepakt: de vraag hoe we kapitaal belasten, en de vraag hoe we de ontwrichte huizenmarkt weer vlot trekken. Vermogen en huisvesting zijn zo nauw verbonden aan de periode waarin je bent geboren, dat alleen radicale actie de keten van intergenerationeel privilege kan doorbreken. Maar gezien het gebrek aan wrok jegens diegenen in onze omgeving die daardoor zouden worden getroffen, is de kans op dergelijke actie niet groot. De ironie wil dat de verschillen tussen de generaties niet groot genoeg zijn, noch voldoende emotioneel beladen, om tot een eerlijkere uitkomst te leiden. We zullen dus een andere manier moeten zoeken om om dat voor elkaar te krijgen.

    Lees ook:

  • De dichteres van Instagram

    De dichteres van Instagram

    ‘Insta-dichter’ Rupi Kaur (24) verkocht 1,4 miljoen exemplaren van haar eerste boek, maar is ook voortdurend mikpunt van spot. Dankt de Canadees-Indiase haar succes echt alleen aan de korte
    spanningsboog van millennials? Of is ze haar tijd gewoon vooruit?

    Rupi Kaur, 24, wil zichzelf nogal eens in omgevingen parachuteren die van oudsher niet voor haar bestemd waren. Om ze vervolgens te domineren. Zo gebeurt het niet dagelijks dat een 22-jarige universiteitsstudente een foto van menstruatievlekken post en dan strijd moet voeren tegen de socialmediasite die de boodschap heeft verwijderd (‘Ik ga me niet verontschuldigen voor het feit dat ik weiger het ego en de trots van de vrouwenhatende maatschappij te voeden’, schreef ze toen. Haar aantal volgers verzevenvoudigde.) Evenmin gebeurt het dagelijks dat een meisje uit een dorpje in Hoshiarpur, Punjab, op The New York Times Bestsellers List terechtkomt en 1,4 miljoen exemplaren van haar eerste boek verkoopt. En het gebeurt ook niet dagelijks dat een jonge, krachtige gekleurde stem weerklank vindt over de hele wereld, zoals die van Kaur, of dat nou goed of slecht is.


    De insta-dichter staat bekend om haar korte, openhartige versregels met willekeurige afbrekingen en vlotte, vaak recht-voor-zijn-raap poëzie over onderwerpen als immigratie, de mensheid, misbruik, verkrachting, alcoholisme en feminisme. (Our backs/tell stories/no books/have the spine to/carry) Ze wordt bekritiseerd (en vaak bespot) omdat ze uit het niets bekend is geworden met iets wat als ‘makkelijk’ wordt beschouwd. Kaur is zich wel degelijk bewust van de commentaren die haar tijdlijnen overspoelen. ‘Het is net als bij hedendaagse kunst. Toen die een beweging werd, raakten mensen ook geïrriteerd van een schilderij met alleen maar een stip erop, en zeiden ze: “Dat is niet eerlijk, dat zou ik ook kunnen.”’ Kaur hanteert verschillende processen voor het gesproken woord en internetpoëzie. ‘Ik schreef lange gedichten van vier pagina’s en merkte dat ze gedrukt niet zo goed vielen als gesproken. Dus ging ik op zoek naar het gedeelte waar m’n maag van omdraaide en dat bracht ik dan naar buiten.’

    Het succes van Kaurs werk wordt deels toegeschreven aan de korte spanningsboog van millenials. De poëzie die zij voorschotelt is snel en vaak provocerend, en vrijwel altijd herkenbaar. Dat laatste is de redding voor een generatie die bevestiging en kameraadschap zoekt op het internet. Het is echter niet zo dat alle 1,4 miljoen exemplaren van Milk and Honey aan millenials werden verkocht. En dat is nu precies Kaurs verdienste: ze wordt door alle generaties heen gewaardeerd.

    Zelfhaat

    Toen Kaur vier was, verhuisde ze met haar moeder naar Toronto om zich te herenigen met haar vader, die in Hoshiarpur als elektricien had gewerkt. ‘Ons dorpje is een gemeenschap,’ zei ze. ‘Die plotselinge verhuizing naar Canada was heel eenzaam.’ De ervaring nestelde zich in haar emotionele gestel en ze kan zich herinneren hoe haar vader haar plaagde: ‘Hij dacht dat ik kon huilen als hij met zijn vingers knipte.’ Wat ook waar was, geeft ze toe. Kaur denkt dat dit haar bij het schrijven heeft geholpen.

    Toen Kaur opgroeide, las ze alles van Amrita Pritam tot Maya Angelou, Roald Dahl, Doctor Suess en Harry Potter. ‘Je groeit op met zo veel zelfhaat,’ zei ze. ‘Thuis zeiden mijn ouders dat ik uit de zon moest blijven, omdat ik anders te donker zou worden. Op school kreeg ik te horen dat ik heel breed gebouwd ben en overal haar had, dus ik dacht dat ik een mislukking was.’ Ze gebruikte poëzie als ontlading. (We are all born/so beautiful/the greatest tragedy is/being convinced we are not)

    Rupi Kaur verhuisde op haar vierde van Punjab naar Toronto. – © Getty Images
    Rupi Kaur verhuisde op haar vierde van Punjab naar Toronto. – © Getty Images

    Kaurs positie van immigrant dreef haar echter niet af van haar sikh-identiteit, die haar niet alleen bij haar schrijven inspireert, maar haar op slechte dagen nog steeds kracht geeft. ‘Sikhs werden vermoord door de Mongolen. Maar ze hebben zich aan dat gevaar ontworsteld, en enerzijds vind ik dat heel pijnlijk, maar anderzijds geeft me dat juist kracht. De boodschap is dat ik afstam uit een cultuur die heeft overwonnen.’ [Het sikhisme is een monotheïstische religie die vooral in de Indiase staat Punjab wordt aangehangen.] Kaur is haar portie controversen ook wel te boven gekomen. Een paar maanden geleden werd ze door Twitteraars beschuldigd van plagiaat op mede-Tumblr dichter Nayyirah Waheed. Zoals dat gaat met nieuws op internet, werd ze verontwaardigd aan de gescherpte hooivorken van 140 karakters geregen. Dit incident leidde echter ook tot een grotere discussie over poëzie, ervaringen en vertellingen van gekleurde vrouwen die in deze nieuwe epigrammatische stijl schrijven. ‘Ik heb geen plagiaat gepleegd,’ zegt Kaur. ‘Mijn ervaring vertegenwoordigt waarschijnlijk een procent, maar mijn stem is belangrijk, net als al die andere ervaringen. We gaan heel veel vergelijkbare ervaringen horen. Maar het zou toch oneerlijk zijn om als ik over seksueel misbruik schrijf en een ander jong, bruin meisje gaat dat toevallig ook doen, te zeggen dat zij bezig is met plagiaat of toe-eigening?’ Kaur denkt dat dit een moment in de tijd vertegenwoordigt en vergelijkt het met de renaissance of victoriaanse periode. ‘Die perioden werden later zo genoemd omdat er bewegingen waren die bepaalde tijden, bepaalde metaforen, bepaalde thema’s herhaalden,’ zegt ze.

    Voor haar volgende boek, waarvoor ze op het punt staat op tournee te gaan, vertelt Kaur te zijn geïnspireerd door zonnebloemen. ‘Ik dacht, stel dat we allemaal onze eigen zon zijn? En de bloemen zijn verschillende mensen en ervaringen die we opdoen in het leven.’ Dit boek met vijf hoofdstukken (Verwelking, Neervallen, Wortelschieten, Groeien, Bloeien) is in essentie de reis door de levenscyclus van een plant, maar vertelt ‘naar buiten gekeerde’ – in tegenstelling tot bespiegelende – verhalen over migratie en andere ervaringen. Hoewel het schrijfproces bij dit boek moeizaam was voor de zeer zelfkritische Kaur, volhardde ze en schreef ze onvermoeibaar de hele dag door. ‘Als je als artiest je kunst aan de wereld laat zien, zul je nooit goed genoeg zijn. Er zal altijd wel iemand zijn die je weet te raken,’ zei ze. ‘We moeten ons op ons werk concentreren. Dat zal ons overleven en dat zal de haat overleven.’

    Auteur: Asmita Bakshi
    Vertaler: Tineke Funhoff

    India Today
    India | weekblad | oplage 1.600.000

    India Today werd in 1975 opgericht en wordt tegenwoordig uitgegeven in het Hindi, Tamil, Malayalam 
en Telugu.

  • Corbyn: oude ideeën, jonge volgers

    Corbyn: oude ideeën, jonge volgers

    Als de Britse Labourleider Jeremy Corbyn binnenkort wordt herkozen, zal dat vooral zijn dankzij zijn fanatieke jonge aanhang.

    In dit internettijdperk is het binnen de politiek niet langer mogelijk om een scenario te volgen of de touwtjes strak in handen te houden; elke misser wordt vastgelegd en hypocriete standpunten komen snel aan het licht en worden moeiteloos naar buiten gebracht. Dat mensen teleurgesteld zijn in de huidige politiek is niet te wijten aan toenemende hypocrisie of een groter aantal missers, maar aan het gemak en de snelheid waarmee alles momenteel naar buiten kan worden gebracht. Dat laatste heeft nog meer gevolgen. De politici die zich momenteel in een grote populariteit mogen verheugen, die serieus worden genomen en een trouwe achterban hebben, zijn niet degenen die zich aan de oude regels houden, maar juist degenen die de regels openlijk aan hun laars lappen: de Trumps, de Farages, de Corbyns en de Sanders van deze wereld.

    De kracht van dit nieuwe slag politici schuilt niet in het feit dat ze zich tegen het establishment keren (wat overigens nog maar de vraag is), maar eerder in de manieren waarop ze dat doen, en degenen op wie ze hun pijlen richten. Hun taalgebruik vervult een sleutelrol. Populistische politici, zowel ter linker- als ter rechterzijde, geven de voorkeur aan een staccato spreekstijl, gaan complexe problemen te lijf met ‘simpele waarheden’ en lijken spontaan en vanuit hun hart te spreken. Om kort te gaan wordt een beeld van authenticiteit opgeroepen door hun manier van doen, niet zozeer door de boodschap. Een boodschap die niet altijd vertrouwen wekt, maar die – en dat is cruciaal – steevast een emotionele reactie in de hand werkt.

    Deze intergenerationele affaire tussen een babyboomer van zekere leeftijd en de gefrustreerde millennials is zonder meer een nieuw fenomeen

    Hoewel deze populisten het afgelopen jaar een duidelijk stempel hebben gedrukt op de Anglo-Amerikaanse politiek, bekleedt over een jaar naar alle waarschijnlijkheid slechts een van hen een machtspositie – en wel Jeremy Corbyn. Centrumlinks in Engeland is er net zomin als de Republikeinen in geslaagd de opmars van hun populistische kandidaat te stuiten en zal waarschijnlijk tot een volgende algemene verkiezing moeten wachten om weer controle over de partij te krijgen. Nu het ernaar uitziet dat Corbyn zijn leiderschapspositie zal weten vast te houden en dat een overweldigende meerderheid van de leden voor hem zal stemmen, zal centrumlinks moeten zien te doorgronden wat de aantrekkingskracht is van deze rattenvanger.

    Corbyn mag dan misschien niet één originele gedachte hebben gehad sinds 1985, dat lijkt weinig uit te maken: zijn oude ideeën, zijn achtergrond en zijn amateurisme maken deel uit van zijn aantrekkingskracht. Voor zijn achterban maakt zijn onbekwaamheid hem alleen maar ‘echter’, en hoe meer mensen het tegen hem opnemen, hoe principiëler hij lijkt. Cameron mag dan tegen hem zijn uitgevaren in het Lagerhuis, om zelf te scoren, maar juist doordat Corbyn een leider is die doet denken aan een verstrooide aardrijkskundeleraar, wordt hij beschouwd als authentiek. Hij is de retropoliticus pur sang, met de charme van een platenspeler in een iPod-tijdperk.

    Dergelijke eigenschappen zien we niet alleen in zijn manier van doen, maar ook bij zijn achterban. Met zijn 67 jaar oefent hij vooral een grote aantrekkingskracht uit op jongeren.

    De politiek werkt wel vaker merkwaardige allianties in de hand, maar deze intergenerationele affaire tussen een babyboomer van zekere leeftijd en de gefrustreerde millennials is zonder meer een nieuw fenomeen. Het zou geen verbazing hoeven wekken, net zomin als de opkomst van een progressief radicalisme onder Britse jongeren. De jongeren van nu zijn in economische zin slechter af dan welke generatie ook, sinds de jaren dertig van de vorige eeuw. Hun onvrede is alleen maar toegenomen sinds het EU-referendum. Ze hebben weinig middelen en grote schulden; de lonen zijn bevroren terwijl de woonlasten in hoog tempo stijgen. Een kwart van de afgestudeerden zit tien jaar na het verlaten van de universiteit nog altijd op een salaris van zo’n 23 duizend euro per jaar. Ze zijn terecht gefrustreerd over de kabinetten die hen hebben opgezadeld met een verlammend hoge schuld, voor een diploma dat geen enkele garantie biedt op een fatsoenlijke baan. En toch zijn het, net als alle radicalen voor hen, voornamelijk de blanke middenklassers die zich keren tegen een systeem waar ze in grote lijnen baat bij hebben, en die troost zoeken bij een leider met een vergelijkbare achtergrond.

    Onzalig socialisme

    Het is een generatie die prijsstelt op ogenblikkelijke behoeftebevrediging, en dat is precies wat Corbyn biedt. Hij is geen begenadigd redenaar maar hij gebruikt precies de juiste woorden – waarden in plaats van beleid, morele verontwaardiging in plaats van oplossingen. Echte corbynista’s geven niet om gedetailleerd uitgewerkte politieke oplossingen, omdat ze denken dat die toch niet zullen werken, of dat ze in de praktijk toch weer worden teruggedraaid. Ze hechten ook geen waarde aan politieke competenties of zelfs verkiesbaarheid. Wat is er zo geweldig aan macht als het ten koste gaat van je principes?

    Natuurlijk staan niet alle jongeren achter Corbyn, en ook zijn niet alle corbynista’s jong. Er zijn ook babyboomers die zich weer laten meevoeren door de ‘democratische politiek’ die ze kennen uit hun jeugd. Het is belangrijk om vast te stellen wie we precies bedoelen met ‘jongeren’. De volgelingen van Corbyn zijn niet de kinderen van Thatcher – ze zijn nog geen vijfentwintig, ze zijn geboren in de jaren negentig, toen John Major aan de macht was. Zij zijn vertrouwd met crisis in plaats van een hausse, met campagnes voor een veilig onderkomen in plaats van gesloten winkels, en ze beschouwen drank en drugs als geldverkwisting. Gezien het feit dat zij de zwaarste klappen opvangen van de financiële crisis, wekt het nauwelijks verbazing dat zij meer neigen tot politiek radicalisme dan de kinderen van Thatcher, die hun schaapjes al aardig op het droge hadden toen een voor een de banken omvielen.

    Millennials en babyboomers zij aan zij op een Corbyn-bijeenkomst. – © Getty
    Millennials en babyboomers zij aan zij op een Corbyn-bijeenkomst. – © Getty

    Corbyns grootste kracht is misschien wel zijn vermogen om aansluiting te vinden bij de belevingswereld van de jongeren – om preciezer te zijn: om het linkse, progressieve gedachtegoed van de twintigste eeuw te verbinden aan het populisme van de eenentwintigste eeuw. Zijn motto ‘powered by the people’, (mogelijk gemaakt door de mensen zelf) is de perfecte leus voor de Facebookgeneratie, die een ingebakken wantrouwen heeft tegen een anonieme bureaucratie, die gelooft in e-burgeractivisme en die meer vrijwilligerswerk verricht binnen de eigen gemeenschap dan welke demografische groep ook. Het zou echter een vergissing zijn om te denken dat het corbynisme een nieuwe, post-Thatchersolidariteit in de hand werkt. Het tegendeel is waar. Het is precies zijn soort onzalig socialisme – een en al snapchatpolitiek en hashtaggen – dat neoliberaal geconditioneerde mensen aanspreekt die ervan overtuigd zijn dat hun mening van belang is, maar dat hun stem er niet toe doet. Ondertussen rest de centrumlinkse politiek niets anders dan wachten tot de corbynistatrein tegen het stootblok knalt.

    Auteur: Eliza Filby
    Vertaler: Nicolette Hoekmeijer

    Standpoint
    VK | 20.000

    Brits cultureel en politiek tijdschrift, in 2008 opgericht met als missie ’het vieren van de westerse beschaving’ en de bijbehorende waarden: democratie, debat en vrijheid van meningsuiting. De redactie ijvert er ook voor het Britse essay nieuw leven in te blazen, ter verrijking van het medialandschap ‘dat wordt overspoeld door het journalistieke equivalent van fastfood’.

    CONTEXT: Verkiezingen

    Jeremy Corbyn, de zeer linkse Labourleider, zal op 24 september moeten worden herkozen. Hoewel die verkiezing noodzakelijk is geworden door een motie van wantrouwen, die eind juni met overweldigende meerderheid werd aangenomen door de leden van de fractie in het Lagerhuis, zal Corbyns mandaat volgens The Guardian niettemin worden hernieuwd: 54 procent van de 650.000 leden van de partij heeft te kennen gegeven hem te steunen. Zijn voornaamste concurrent, Owen Smith, die in de partij tot het centrum behoort, zou slechts kunnen rekenen op 22 procent.

    De herverkiezing van Corbyn zal geen einde maken aan de crisis binnen Labour, maar de kloof tussen de basis en de parlementsfractie slechts kunnen verbreden. Volgens een peiling van het onderzoeksbureau YouGov zou Labour in de huidige situatie bij verkiezingen een zware nederlaag lijden, een verlies dat vooral ten goede zou komen aan de Conservatieven.

  • Millennials aan de macht

    Millennials aan de macht

    Millennials vormen in de VS sinds kort de grootste groep op de arbeidsmarkt. The New York Times nam een kijkje bij de hippe mediawebsite Mic, waar de hele werkvloer uit twintigers bestaat.

    Joel Pavelski zal niet de eerste werknemer zijn die tegen zijn baas heeft gelogen om een paar vrije dagen te versieren. Maar zeggen dat je naar de uitvaart van een vriend moet, terwijl je eigenlijk alleen een boomhut gaat bouwen? En daar dan over tweeten en bloggen, zodat iedereen op kantoor het weet? Dat lijkt wel nieuw. Met dat probleem kampte het management van Mic, een vijf jaar oude mediawebsite in New York die een van de belangrijkste nieuwssites voor en door millennials wil worden. Een paar recente koppen op de site: ‘Verbied Geen Moskeeën, Verbied Hoverboards’ en ‘Als Mannen Vagina’s Tekenen’.

    ‘Arrogant, lui, narcistisch en verslaafd aan sociale media’

    ‘Er zijn tachtig miljoen millennials’, zegt directeur Chris Altchek (28), ‘en wij mikken op de veertig miljoen die hoger opgeleid zijn.’ Maar hij weet niet altijd hoe hij moet omgaan met de karaktertrekken die zijn leeftijdgenoten vaak worden toegedicht: het arrogante gevoel dat de wereld hun iets verschuldigd is, de neiging om te veel privé-informatie op sociale media te delen en een openhartigheid die grenst aan het onbetamelijke. Zijn 106 werknemers lijken allemaal tot de doelgroep van de site te behoren: slanke twintigers, mannen met baarden en vrouwen in hippe kleding. Op hun drukke nieuwsredactie in Hudson Street hangt een opvallend speelse sfeer, als in een studentenhuis. Je ziet mensen op een hoverboard naar de keuken rijden voor de gratis drankjes en hapjes. Ze schieten pijltjes af met een speelgoedpistool of roepen ineens door een megafoon. Tussen de bureaus snuffelt Dino, de witte maltezer van de hoofddesigner.

    Ongedwongen sfeer

    Altchek is trots op die ongedwongen sfeer. ‘Daardoor durft iedereen zijn mond open te doen en weet je zeker dat de beste ideeën bovendrijven’, zegt hij. ‘Ze kunnen bot overkomen. Maar ik heb liever dat iedereen zegt wat hij denkt dan dat ze in een keurslijf zitten.’

    Toch blijkt het runnen van een kantoor met alleen twintigers ook problemen op te leveren. Altcheks tolerantie werd op de proef gesteld toen Pavelski (27) een week vrij nam onder het mom dat hij in Wisconsin naar een uitvaart ging. ‘Ik heb Joel gecondoleerd en gezegd: neem er alle tijd voor,’ zegt 
Altchek. Maar een paar dagen later zag hij dat Pavelski op Twitter een link had geplaatst naar Medium, een blogsite met persoonlijke verhalen. Daar beschreef hij in zijn artikel ‘How to Lose Your Mind and Build a Treehouse’ dat hij overspannen was geraakt en op adem wilde komen door thuis een oude boomhut te herbouwen. De eerste zin van het artikel: ‘Ik heb gezegd dat ik naar huis moest voor een uitvaart, maar dat was gelogen.’

    ‘Ik was wel een beetje uit het veld geslagen’, zegt Altchek. ‘Liegen is gewoon niet acceptabel.’ In het daaropvolgende gesprek zei de chef van Pavelski dat hij wel heel lange dagen had gedraaid. Pavelski kreeg dus een tweede kans, maar ook een waarschuwing van Altchek: ‘We hebben duidelijk gemaakt dat dit geen kwestie is van drie keer scheepsrecht. Nog één zo’n geintje en hij ligt eruit.’

    New York City. – © Marie Simonova / Getty
    New York City. – © Marie Simonova / Getty

    Pavelski mag dus blijven, maar ook in een bedrijf dat zo tolerant staat tegenover twintigers die de grens opzoeken, kan iemand te ver gaan. Dan denkt 
Altchek bijvoorbeeld aan afgelopen september, toen een bedrijfsbijeenkomst toevallig samenviel met het joodse Jom Kipoer én met het islamitische Offerfeest. Een werkneemster van Engels-Pakistaanse afkomst vroeg waarom het management had gezegd dat werknemers eerder naar huis mochten vanwege Jom Kipoer, maar met geen woord repte over het Offerfeest. ‘Dus ik zei: daar heb je helemaal gelijk in, bij Mic willen we alle geloofsovertuigingen respecteren’, zegt Altchek.

    Vervolgens werd hij daar in een kleiner gezelschap weer op aangesproken door een jongere werkneemster in een lagere functie, die zei dat er aan zijn antwoord drie woorden ontbraken. ‘Ik snapte niet waar ze op doelde, dus ik vroeg: Welke dan? En zij zei: De woorden “het spijt me”. Ik heb je geen excuses horen aanbieden.’ Altchek vond dat ongepast, zeker in een bedrijf als het zijne. ‘Ik was verbaasd door de toon waarop ze dat zei, maar ik heb gezegd dat ik het zou oppakken en zou vragen of ik de vragenstelster niet had gekrenkt,’ zegt hij. ‘Je moet je inhouden. Ze zei dit waar andere mensen bij waren, en dat was misschien maar goed ook, want dat dwingt je om kalm te blijven.’ De betreffende werkneemster werkt inmiddels niet meer bij Mic. (Volgens Altchek is haar vertrek ‘prestatie-gerelateerd’.)

    Jezelf zijn

    ‘Arrogant, lui, narcistisch en verslaafd aan sociale media’, aldus CNBC. ‘Ze willen geen trofeeën, maar ze willen wel steun’, kopte Forbes. ‘Veel millennials willen de wereld verbeteren en het is aan bedrijven is om hen te inspireren’, schrijft Fast Company. Oudere managers snappen soms niet waarom twintigers met een collega snapchatten, of waarom ze geen zin hebben om zich eerst een tijdje te bewijzen met saaie klusjes. Maar ze kunnen er maar beter aan wennen. Volgens het Pew Research Center vormen millennials sinds vorig jaar een grotere groep op de arbeidsmarkt dan Generatie X (mensen in de leeftijd van 35 tot 50). Sterker nog, er zijn zelfs meer millennials dan babyboomers.

    Joan Kuhl (36) richtte Why Millennials Matter op, een adviesbureau dat werkgevers als Goldman Sachs adviseert over het binnenhalen en binnenhouden van verse afgestudeerden. Volgens haar is het een kwestie van ‘onbekend maakt onbemind’. ‘Alle aandacht gaat uit naar extreme voorbeelden van brutaal gedrag en niet naar de overgrote meerderheid die ik zie en waar ik mee werk: gemotiveerde mensen die voor hun waarden staan,’ zegt ze. Kuhl licht haar klanten voor over de eigenaardigheden van generatie Y. Waarom mensen van 21 bijvoorbeeld veel te openhartig zijn over hun privéleven. Millennials wordt steeds voorgehouden dat ze zichzelf als een ‘sterk merk’ moeten neerzetten om een baan te krijgen, zegt Kuhl. Dus als je ze vervolgens vraagt om zich in te houden als ze 
eenmaal voor je werken, ‘geef je tegenstrijdige signalen af’.

    Al moet Kuhl af en toe ook weleens slikken. Zoals toen een stagiaire op een vergadering om tien uur ’s ochtends rustig een broodje tonijn naar binnen zat te werken. Toen ze daar achteraf op werd aangesproken, zei ze: ‘Nou ja, je had gezegd dat ik vooral mezelf moest zijn, en ik had honger.’

    et management van Mic, een vijf jaar oude media- website in New York die een van de belangrijkste nieuwssites voor en door millennials wil worden. © Mic Network Inc.
    et management van Mic, een vijf jaar oude media- website in New York die een van de belangrijkste nieuwssites voor en door millennials wil worden. © Mic Network Inc.

    Dus stel je voor dat je héle werkvloer uit twintigers bestaat, zoals bij Mic. 
Het is in 2011 opgericht door Altchek en Jake Horowitz (28), oud-klasgenoten van de Horace Mann School in New York. Horowitz werkt inmiddels vooral als verslaggever (zo berichtte hij vanaf de Griekse stranden over de vluchtelingencrisis en heeft hij Obama geïnterviewd). Altchek leidt het bedrijf vanuit hun kantoorpand, een verbouwd pakhuis van bijna 1400 vierkante meter bij Hudson Square. Kantoorgesprekken lopen hier vaak via Twitter en de scheidslijn tussen werk en privé is niet altijd duidelijk: via Periscope streamde Altchek live videobeelden van zijn bezoek aan de tandarts.

    Zo krijgt de werkvloer iets van een reality show, en misschien komt het mede daardoor dat boomhutbouwer Pavelski geen berouw toont. ‘Misschien is het de leeftijd, maar er is in mijn privéleven niet veel dat ik strikt gescheiden wil houden van mijn werk,’ zegt hij. ‘Dat essay is er in de eerste plaats gekomen omdat ik iets van me af wilde schrijven, alle denkstappen wilde doorlopen en op een rijtje wilde zetten wat er met me aan de hand was.’ Een logica die zijn leeftijdgenoten misschien meer aanspreekt. ‘Wat mensen vooral niet moeten onderschatten, is dat het ons menens is,’ voegt hij eraan toe. ‘En dat wij de boel overnemen. Zo simpel is het.’

    Auteur: Ben Widdicombe
    Vertaler: Frank Lekens

    The New York Times
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 1.120.402

    Won meer journalistieke prijzen dan enig ander medium en wordt sinds 1896 bewaakt door de familie Ochs Sulzberger. De website trekt meer dan 30 miljoen bezoekers per maand.