Reden voor het geweld is een omstreden verkiezingswinst
Deze telling werd donderdag bekendgemaakt door Plataforma Decide, een ngo met een serieuze reputatie waarvan de gegevens regelmatig worden gebruikt door Amnesty International en andere internationale ngo’s. De afgelopen drie dagen zijn er maar liefst 125 doden gevallen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Sinds de oppositie protesteert tegen de overwinning van de regeringspartij in de verkiezingen van oktober, is het dodental opgelopen tot 252. Mozambique heeft sinds het einde van de burgeroorlog in 1992 niet meer zoveel geweld meegemaakt, afgezien van de wreedheden die gewapende jihadistische groeperingen in het noorden hebben begaan.
De meeste doden vielen rond de hoofdstad Maputo, in de noordelijke provincies, vooral Nampula, waar de oppositie sterk staat, en rond Beira, de tweede stad van het land. ‘In het huidige tempo en gezien de onverzettelijkheid van de twee partijen valt te vrezen dat Mozambique in een burgeroorlog kan terechtkomen,’ analyseert het Burkinese dagblad Le Pays.
De regering heeft de regio uitgeroepen tot ‘rampgebied’
Ten minste 99 mensen zijn maandag omgekomen nadat orkaan Freddy het zuiden van Malawi had getroffen. De meeste doden zouden gevallen zijn in Blantyre, de commerciële hoofdstad van Malawi, schrijft CNN. ‘We hebben 99 doden geregistreerd in ongeveer zeven gemeenten, met Blantyre als de zwaarst getroffen stad met 85 doden en ongeveer 134 ziekenhuisopnames,’ aldus Charles Kalemba, de commissaris voor rampenbestrijding van het land. Hij waarschuwde dat het aantal doden en gewonden nog kan stijgen.
Freddy is op weg het record te breken van de langst aanhoudende orkaan
De regering van Malawi heeft de zuidelijke regio van het land uitgeroepen tot ‘rampgebied’. Ook heeft ze in een verklaring laten weten dat ze ‘reageert op de noodsituatie, noodhulp verleent aan alle getroffen districten en een beroep doet op lokale en internationale steun voor alle gezinnen die door deze ramp zijn getroffen’. De minister van Onderwijs verklaarde zondag dat de scholen in de tien zwaarst getroffen districten tot en met woensdag gesloten zullen blijven.
Door de zware regenval vinden er aardverschuivingen en overstromingen plaats en rollen er stenen van heuvels af, wat de reddingsoperatie bemoeilijkt. Veel plekken waar hulp verleend moet worden, zijn daardoor erg lastig te bereiken. De dodelijke orkaan is op weg het record te breken van de langst aanhoudende storm in zijn soort en heeft ook het naburige Mozambique en Madagaskar getroffen, waarbij meer dan twintig mensen zijn omgekomen en duizenden anderen zijn ontheemd, aldus CNN.
Verschillende Afrikaanse landen kampen momenteel met een cholera-uitbraak. Afrika kent een ‘exponentiële toename van het aantal choleragevallen’, waarschuwde de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) op 9 februari. ‘Het adjectief “exponentieel” is beangstigend, aangezien tien Afrikaanse landen te kampen hebben met epidemieën van uiteenlopende omvang’, schrijft Le Monde. Alleen al in januari ligt het aantal cholerabesmettingen in Afrika op ‘al meer dan 30 procent van het totale aantal geregistreerde gevallen voor heel 2022’, aldus de WHO.
Terwijl in het westen momenteel alleen Nigeria en Kameroen zijn getroffen, hebben Centraal- en Oost-Afrika meer te lijden: de Democratische Republiek Congo (DRC), Burundi, Kenia, Ethiopië, Somalië, Mozambique, Zambia – en vooral Malawi.
Een overgrote meerderheid van de farmaceutische industrie beschouwt het choleravaccin als onrendabel
Dat Zuid-Afrikaanse land met twintig miljoen inwoners is alleen al goed voor bijna de helft van de besmettingen op het continent, met 49.207 gemelde gevallen en 1564 doden sinds maart 2022. Begin december omschreef de regering van Malawi de epidemie als een noodsituatie.
Volgens Marion Pechayre, missiehoofd in Malawi voor Artsen zonder Grenzen, is de ergste cholera-epidemie in de geschiedenis van het land ontstaan door een gebrek aan toegang tot schoon drinkwater en sanitaire voorzieningen. Malawi is het armste land ter wereld waar geen oorlog is.
Ook is het tekort aan choleravaccins een groot probleem, zei Pechayre tegen Le Monde. Een overgrote meerderheid van de farmaceutische industrie beschouwt dit vaccin als onrendabel.
Van overstromingen als verdediging tot het instellen van bufferzones: het inzetten van de natuur in gewapende conflicten is zo oud als oorlog zelf. Een extra voordeel: de natuur raakt erdoor hersteld. Zo ook rondom de Oekraïense rivier de Irpin.
Keuze uit het archief
Begin deze week werd de Nova Kachovka-dam in de regio Cherson opgeblazen, met grote overstromingen tot gevolg. Dat was niet de eerste keer dat in de oorlog in Oekraïne water werd ingezet om de tegenstander dwars te zitten. Al in de eerste dagen van de oorlog zetten de Oekraïners het gebied rond de rivier de Irpin bij Kyiv onder water om de opmars van de Russen tegen te houden. Gelukkig had dat toen minder desastreuze gevolgen dan nu in Cherson. Integendeel, de natuur bloeide ervan op.
In de eerste dagen van de oorlog tussen Rusland en Oekraïne naderde de invasiemacht de rivier de Irpin en stond bijna voor de poorten van de Oekraïense hoofdstad. Maar toen het water van de rivier plotseling begon te stijgen, werden de Russen gedwongen om te draaien, waarbij ze een spoor van tanks en ander militair materieel moesten achterlaten. Kyiv kon weer ademhalen en het wetlands-ecosysteem raakte voor het eerst in meer dan zeventig jaar overstroomd.
Al had de gebeurtenis veel weg van een wonder, het was niet de hand van God die Oekraïne te hulp schoot. Jasper Humphreys, programmadirecteur van de Marjan Study Group, onderdeel van het departement oorlogsstudies aan het King’s College in Londen, dat onderzoek doet naar conflicten en milieu, noemt wat er bij de Irpin gebeurde warWilding, ofwel het manipuleren van de natuur tijdens conflictsituaties.
‘Ik werd ’s nachts wakker, een paar dagen nadat ik het verhaal over de “heldenrivier” in The Guardian had gelezen, over hoe het Oekraïense leger de opdrogende Irpin en de voormalige moerasgebieden weer onder water zette om de Oekraïense hoofdstad te redden,’ vertelt de academicus. Zo kwam hij op het woord. ‘Ik ging rechtop in bed zitten en fluisterde tegen mezelf: “Dit is warWilding.”’
Verwildering
Humphreys bedacht de term voor ‘het creëren en soms zelfs het vernietigen van een habitat als resultaat van tactische manipulatie van de natuur’. Of, om het simpeler te zeggen; ‘het toepassen van de natuur bij oorlogsvoering’. De tweede W wordt met een hoofdletter geschreven om het belang van wilding te benadrukken, legt hij uit.
‘Het tactische vernuft van het Oekraïense leger was dat ze de natuur inzetten om de invasie te stoppen, en het resultaat was positief omdat de Russische opmars door de “verwildering” van land en water tot halt werd geroepen. In die zin is deze gebeurtenis een klassiek voorbeeld van warWilding.’
Hoewel warWilding een neologisme is, is het strategische en tactische gebruik van de natuur al zo oud als oorlog zelf, zegt Humphreys, die eraan toevoegt dat de resultaten niet altijd positief uitpakken. ‘Helaas heeft warWilding ook een schaduwzijde. Saddam Hoesseins tactische manipulatie van de natuur resulteerde bijvoorbeeld in de drooglegging van de moerassen in Centraal-Irak en in de [etnische] zuivering van de Ma’dan, ofwel de moerasarabieren [de oorspronkelijke Arabische bewoners van de moerassen van Mesopotamië (het zuiden van het hedendaagse Irak en aangrenzende Iran)].’
‘De overstroming van de Irpin kan resulteren in een unieke hotspot van biodiversiteit’
Hij voegt eraan toe: ‘WarWilding is van nature onvoorspelbaar, maar als de strategische motieven creatief zijn en niet destructief, dan biedt deze tactiek uitgelezen mogelijkheden om grote stukken wildernis te redden en bufferzones in conflictgebieden te creëren. Op langere termijn kunnen deze zelfs voor vrede zorgen.’
De aanpak van het Oekraïense leger bij de overstroming van de Irpin is volgens Humphreys een goed voorbeeld van een geslaagde vorm van warWilding. ‘De overstroming van de Irpin redde niet alleen de Oekraïense staat, maar kan in het naoorlogse Oekraïne bovendien resulteren in een unieke hotspot van biodiversiteit door de heropleving van de eens zo machtige rivier en de tienduizenden hectaren aan moerasland.’
Park van de vrede
Humphreys noemt ook het Gorongosa Park in Mozambique als voorbeeld van een succesvol staaltje warWilding. ‘Negentig procent van de fauna was verwoest als gevolg van de burgeroorlog, maar dankzij gecoördineerde inspanningen en investeringen zijn de populaties olifanten en leeuwen weer hersteld. De waardering voor deze aanpak bleek uit de benoeming van het gebied tot “park van de vrede”.’
‘Op dezelfde manier zou een hersteld ecosysteem rondom de Irpin een monument kunnen worden voor een van de meest legendarische warWildings in de geschiedenis: een hotspot voor biodiversiteit, met safari’s voor toeristen, en bovendien een wildernisbarrière die Kyiv honderden jaren kan beschermen tegen indringers,’ aldus Humphreys.
De Amerikaanse bioloog en natuurbeschermer Thor Hanson, expert op het gebied van de invloed van oorlogen op het milieu, noemt de nieuwe term ‘aanstekelijk’. ‘Hij kan goed van pas komen om bepaalde milieugevolgen van oorlogsvoering mee aan te duiden,’ aldus Hanson, coauteur van het artikel Warfare Ecology uit 2008.
‘Vaker gebeurt deze verwildering onbedoeld, als gevolg van ingrijpende veranderingen in menselijk gedrag’
‘Aanzienlijke “verwilderings”-trends doen zich ook wel voor tijdens de voorbereiding op een oorlog, met name op de grote stukken land die zijn gereserveerd voor het trainen van troepen en het testen van bewapening. De gevolgen zijn dan niet noodzakelijkerwijs opzettelijk; in grote delen van zo’n gebied zijn simpelweg de meeste menselijke activiteiten opgeschort,’ zegt Hanson.
‘Ik weet nog niet goed of de term warWilding ook van toepassing is in dergelijke situaties, die zich ver buiten de context van de oorlogen zelf voordoen. Ik vind het een relevante term voor het opnieuw verwilderen van habitat als gevolg van oorlog. Dat kan om tactische redenen zijn, zoals het opzettelijk onder water zetten van de Irpin, maar vaker gebeurt deze verwildering onbedoeld, als gevolg van ingrijpende veranderingen in menselijk gedrag en landgebruik. Je kan denken aan regeneratie van verlaten landbouwgrond, of aan onderbreking van de exploitatie van een gebied, zoals commerciële visserij, bosbouw of jacht.’
Ecologische vredesopbouw
Verwijzend naar de Irpin, stelt Hanson voor om ten minste enkele van de overstroomde gebieden van het voormalige moerasland te behouden om daarmee ‘ecologische vredesopbouw’ in het naoorlogse Oekraïne te bevorderen. ‘Betwiste grensgebieden worden vaak bufferzones die conflicten kunnen helpen temperen, doordat ze het contact tussen beide partijen belemmeren,’ zegt hij.
‘Vermindering van menselijke activiteit in dergelijke gebieden kan leiden tot herstel van de habitat en de bijbehorende flora en fauna. Het klassieke moderne voorbeeld hiervan is de gedemilitariseerde zone tussen Noord- en Zuid-Korea, maar er zijn vele andere voorbeelden te vinden in de geschiedenis. Als we milieuoverwegingen een rol laten spelen bij de vredesinspanningen, kan dat beide partijen in het conflict aanzienlijke voordelen opleveren – denk aan betere waterkwaliteit, leefgebied voor wilde dieren of beheersing van overstromingen. Bovendien nemen de spanningen mogelijk af doordat het conflict over de betwiste grond wordt weggenomen.’
‘Ik ken niet alle details van de situatie rond de Irpin, maar het is denkbaar dat een dergelijke situatie kan worden bereikt als ten minste een deel van dat overstroomde land in permanent moerasgebied wordt veranderd. Strategisch gezien kunnen permanente, onbegaanbare moerasgebieden ook potentiële toegangswegen blokkeren voor aanvallen in de toekomst. Dit is een goed voorbeeld van de overlap tussen militaire overwegingen en die van milieuplanning.’
‘Er is een sterk historisch patroon van geïntensiveerde conflicten in perioden van klimaatstress’
Hoewel de twee academici het nog niet helemaal eens zijn over de exacte definitie van warWilding, beamen beiden dat het fenomeen door de huidige klimaatsituatie, de voortdurende plundering van natuurlijke hulpbronnen en de snelle vernietiging van vitale ecosystemen steeds vaker zal voorkomen.
‘Er is een sterk historisch patroon van geïntensiveerde conflicten in perioden van klimaatstress, dus we verwachten wel degelijk dat spanningen toenemen naarmate de klimaatcrisis zich verder ontvouwt. Dat zal een context creëren voor oorlogszuchtige handelingen, zowel tactisch als onbedoeld,’ zegt Hanson.
‘Ik zie een toekomst waarin de Irpin weer krioelt van de wilde dieren’
‘Beleidsmakers, wetenschappers en natuurbeschermers moeten zich bewust zijn van de mogelijkheden die “verwildering” biedt om vrede en veiligheid te bevorderen, zoals het creëren van grensoverschrijdende vredesparken en bufferzones, maar ook sociale en politieke stabiliteit op de lange termijn, die worden geassocieerd met een gezond milieu.’
Humphreys, die de Oekraïense Groep voor Natuurbehoud heeft gevraagd een studie uit te voeren naar de ecologische staat van het gebied, stelt voor dat de Irpin, net als Gorongosa, een vredespark wordt.
‘Soms is “verwildering” alleen niet genoeg, maar warWilding kan er de perfecte voorwaarden voor scheppen en die kans moeten we grijpen, zowel tijdens de oorlog als in post-conflictfases,’ zegt hij. ‘Ik zie een toekomst waarin de Irpin weer krioelt van de wilde dieren, met waterbuffels die zich wentelen in onneembare moerasgebieden, lynxen die diep in het dichte kreupelhout sluipen en daarboven rondzwevende zeearenden.’
De oorlog met Rusland heeft ervoor gezorgd dat de EU haar vizier richt op Afrika voor olie en gas. Het continent heeft die brandstoffen evengoed nodig.
Naar aanleiding van de Russische invasie in Oekraïne is de EU al een tijdje wanhopig op zoek naar vervangers voor steenkool, olie en gas. In het document REPowerEU stelt de Europese Commissie zich ten doel ‘Europa vóór 2030 onafhankelijk te maken van Russische fossiele brandstoffen’. Daartoe wil de EU in de eerste plaats samenwerken met ‘internationale partners om alternatieve energiebronnen te vinden’, zoals het gas dat in sommige Afrikaanse landen onder de grond is opgeslagen.
In de afgelopen maanden hebben verschillende Europese ambtenaren Algiers, Dakar, Abuja, Brazzaville en Luanda bezocht om de mogelijkheden voor grotere gasinvoer te onderzoeken. De Europese Commissie heeft een tripartiete overeenkomst ondertekend om de aankomst van Israëlisch gas via Egypte te verzekeren. Bovendien worden de investeringen van Europese ondernemingen in lng-projecten nieuw leven ingeblazen. Enkele voorbeelden: BP in Senegal en Mauritanië; ENI in Algerije, Egypte, Nigeria, Angola en de Republiek Congo; Equinor en Shell in Mozambique en Tanzania.
Afrikaanse ontwikkeling
Aardgas wordt echter niet alleen geëxporteerd, maar ook steeds meer binnen Afrikaanse landen gebruikt. Het wordt veelal gezien als een belangrijke stap richting de energietransitie, en een garantie voor ontwikkeling. Gasflessen kunnen heviger vervuilende energiebronnen als brandhout of houtskool vervangen, die nu nog op grote schaal in Afrikaanse huishoudens worden gebruikt, en die slecht zijn voor de gezondheid.
De belangrijkste toepassing van gas – vooral in een werelddeel waar maar weinig mensen toegang hebben tot stroom – is het opwekken van elektriciteit. Hiervan wordt al gebruikgemaakt in landen als Ghana, dat weliswaar het grootste deel van zijn olie naar internationale markten exporteert, maar gas gebruikt om in elektrische energie te voorzien. Bovendien kunnen zowel de nationale als de regionale markten via pijpleidingen van aardgas worden voorzien.
Momenteel doorkruist de West-Afrikaanse gaspijpleiding het grondgebied van Nigeria, Benin, Togo en Ghana en een andere pijpleiding verbindt Zuid-Afrika met Mozambique. Dat systeem wordt nog verder uitgebreid via verschillende projecten, zoals de Afrikaanse Renaissance-pijpleiding – een van de twee tussen Mozambique en Zuid-Afrika – en een initiatief dat de levering van gas vanuit Tanzania aan Oeganda mogelijk maakt. In Nigeria werkt men ten slotte aan de Trans-Sahara-gaspijpleiding, die reikt tot aan Algerije, en aan een leiding tussen Nigeria en Marokko. Belangrijk aan deze laatste twee pijpleidingen is dat ze kunnen worden aangesloten op de Europese gasnetwerken.
Export leidt hoe dan ook tot de uitputting van een niet-hernieuwbare hulpbron
Maar is dat wel mogelijk, om tegelijkertijd naar buiten toe uit te breiden en intern te optimaliseren? Zijn die twee doelen verenigbaar? Kunnen gasleveringen aan Europa worden verhoogd terwijl tegelijkertijd de Afrikaanse huishoudens en productiesector van energie worden voorzien? Hoe kunnen projecten op de buitenlandse markt worden gecombineerd met de energietransitie waar zoveel mensen in Afrika en Europa terecht om vragen?
Sommigen zijn van mening dat al deze doelstellingen samenvallen. Hun voornaamste argument is het geloof dat groeiende Europese belangstelling zal leiden tot de investeringen die nodig zijn om de energiebronnen te exploiteren. Verder wordt beweerd dat de uitvoer van gas naar Europa Afrikaanse landen aanvullende middelen zal verschaffen om in de eigen ontwikkeling te investeren. Maar er zijn factoren die stemmen tot een minder optimistische houding.
Risico’s van aardgas
De energiebehoeften van Afrika zijn veel groter dan die van Europa. Hoezeer de productie en beschikbaarheid van gas op een gegeven moment ook mogen toenemen, export leidt hoe dan ook tot de uitputting van een niet-hernieuwbare hulpbron. Zo kan een soort hypotheek ontstaan, die de middellange- en langetermijnstrategie voor de ontwikkeling van Afrikaanse energie en industrie in de weg staat.
De infrastructuur die de elektriciteitsvoorziening en de levering van gasflessen aan huishoudens op het continent mogelijk maakt, is niet geschikt voor de export van gas. Waar sprake is van gasexport, ontstaan vaak zogenaamde enclave-economieën. Er zijn talrijke verhalen over mislukte ontwikkelingsprocessen die geworteld waren in de winning en verkoop van natuurlijke hulpbronnen.
De aanleg van meer gasinfrastructuur zou ontwikkeling dus flink kunnen tegenwerken
Ook vanuit andere hoek klinken tegenargumenten, namelijk van Afrikaanse milieugroeperingen: gas is een fossiele brandstof, die bijdraagt aan klimaatverandering. Investeren in gas betekent dus dat er minder geld wordt besteed aan de bevordering van hernieuwbare energiebronnen. De Europese belangstelling zou bovendien van korte duur kunnen blijken, aangezien de EU ernaar streeft haar afhankelijkheid van fossiele brandstoffen vóór 2030 drastisch te verminderen. De aanleg van meer gasinfrastructuur zou ontwikkeling dus flink kunnen tegenwerken.
Net als andere onderaardse grondstoffen leidt de aanwezigheid van gas nogal eens tot perverse, politieke situaties in landen waar het sociaal contract tussen heerser en burger op losse schroeven staat. Zo worden de opbrengsten van gasverkoop vaak ingezet om de macht en de rijkdom van machthebbers uit te breiden, en niet om openbare diensten en economische ontwikkeling te financieren.
Het spreekt voor zich dat de stabiliteit van het sociaal contract en van staatsinstellingen in verschillende Afrikaanse landen sterk uiteenloopt. Maar externe partijen maken geen onderscheid tussen meer of minder democratische regeringen. Paradoxaal genoeg kan Europa’s streven om op het gebied van energie autonoom te worden en niet langer afhankelijk te zijn van een autocraat als Vladimir Poetin, uiteindelijk een steun zijn voor andere autocraten.
Toekomstige dilemma’s
Op een moment als dit, waarop iedereen onder hoogspanning staat, zullen Afrikaanse en Europese leiders weinig interesse hebben in deze redenen, die ertegen pleiten om Europa van meer Afrikaans gas te voorzien. Gelukkig neemt dit alles niet de aandacht weg van de tweede en derde strategie van het REPowerEU-plan, waarmee enige vooruitgang kan worden geboekt, namelijk energiebesparing en versnelde overgang op hernieuwbare energiebronnen.
Ook Afrika kan een belangrijke rol spelen bij de productie van deze schone energiebronnen, zowel voor binnenlands gebruik als voor export. Maar ook dit toekomstbeeld levert dilemma’s op. We kunnen nog niet voorzien wat voor evenwicht Afrikaanse leiders vinden tussen de belangen van internationale investeerders en de behoeften van hun eigen burgers.
In de jaren tachtig werd 90 procent van de olifanten gedood
Onderzoekers stelden vast dat jaren van conflict in Mozambique hebben geleid tot een groter aantal olifanten zonder slagtanden.
Tijdens de burgeroorlog tussen 1977 en 1992 slachtten strijders van beide kanten olifanten om oorlogsinspanningen te financieren met ivoor. In een regio die nu Gorongosa National Park heet, werd ongeveer 90 procent van de olifanten gedood. De overlevende olifanten hadden iets gemeenschappelijks: de helft van de vrouwtjes had van nature geen slagtanden, terwijl voor de oorlog minder dan een vijfde geen slagtanden had.
De helft van de vrouwtjesolifanten heeft geen slagtanden meer
Na de oorlog gaven de overlevende vrouwtjes zonder slagtanden hun genen door met verwachte, maar ook verrassende resultaten. Ongeveer de helft van hun dochters had geen slagtanden. Verbluffender was dat twee derde van hun nakomelingen vrouwelijk was, schrijft NBC. De jaren van burgeroorlog ‘veranderden het evolutietraject in die populatie’, aldus evolutionair bioloog Shane Campbell-Staton van de Princeton University. Evolutie wordt doorgaans gezien als een traag verlopend traject, maar blijkbaar vinden soms ook op korte termijn veranderingen plaats.
Op een na grootste brand in de geschiedenis van Californië
Met een getroffen gebied van 187.000 hectare is de Dixie Fire vanaf zondag de op één na grootste natuurbrand in de geschiedenis van Californië, schrijft Los Angeles Times. De brand is vernoemd naar de straat waar hij op 13 juli begon, Dixie Street. Het vuur heeft al vierhonderd woningen en bedrijfsgebouwen verwoest, aldus het dagblad. De vlammenzee, die deze week het stadje Greenville in de as legde, is nog maar voor 21 procent onder controle en de brandweer vreest dat ze het vuur pas tegen 20 augustus helemaal zal hebben geblust.
‘We moeten openlijk toegeven dat deze branden worden veroorzaakt door het klimaat’
De gouverneur van Californië, Gavin Newsom, bezocht zondag de ruïnes van Greenville en sprak zijn ‘diepe waardering’ uit voor de brandweerlieden. Hoewel Californië gewend is aan bosbranden, ‘is de droogte veel ernstiger, het is heter dan ooit’, aldus Newsom in een verklaring op Twitter. ‘We moeten openlijk toegeven dat deze branden worden veroorzaakt door het klimaat.’ Officieel heeft de Dixie Fire geen slachtoffers gemaakt, maar vier inwoners van Greenville worden nog vermist.
The #DixieFire is now the largest single fire in CA history.
Greenville in Plumas County has been completely destroyed by this fire – not dissimilar to what we saw in Paradise.
There are 8,500 firefighter personnel out here – thank you for your heroic & extraordinary work. pic.twitter.com/pavsSV69V2
Mozambikaanse havenstad heroverd op opstandelingen
Het Mozambikaanse leger kondigde zondag aan dat het de stad Mocimboa da Praia had heroverd, een belangrijke haven in het noordoosten van het land en ‘het laatste bolwerk van de opstandelingen’, meldde BBC. Mozambikaanse troepen werden bij deze operatie bijgestaan door een contingent van duizend Rwandese soldaten.
Mocimboa da Praia ligt in de provincie Cabo Delgado, waar het Franse olie- en gasbedrijf TotalEnergies afgelopen voorjaar een megagasproject onderbrak vanwege jihadistische dreiging. De Mozambikaanse regering, die lange tijd gekant was tegen internationale hulp in haar strijd tegen de opstandelingen, heeft afgelopen juli eindelijk hulp van haar buurlanden geaccepteerd. Rwanda, Botswana, Zimbabwe, Zuid-Afrika en Angola behoren tot de landen in de regio die troepen hebben gestuurd. De crisis in Mozambique heeft meer dan 2800 mensenlevens geëist, vooral burgers, en meer dan 800.000 mensen zijn ontheemd geraakt.
Europa roept VS op om reizigers uit EU toe te laten
De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, heeft de Verenigde Staten opgeroepen om reizigers uit Europa toe te laten tot hun grondgebied, bericht Deutsche Welle.
Sinds juni heeft de EU de 27 lidstaten aanbevolen om reizigers uit de VS binnen te laten, maar andersom is een verbod voor reizigers uit Europa nog van kracht. ‘We dringen erop aan dat vergelijkbare regels worden toegepast op aankomsten in beide richtingen’, zei Von der Leyen tegen Duitse media. ‘We moeten dit probleem zo snel mogelijk oplossen en daarover hebben we contact met onze Amerikaanse vrienden, voegde ze eraan toe, ‘maar het mag geen weken blijven voortslepen.’
In de EU heeft 59,3 procent van de bevolking een eerste vaccin gekregen, tegenover 57,8 procent in de VS
Von der Leyen merkte op dat de epidemiologische situatie in de VS en EU-landen ‘zeer vergelijkbaar’ is. In de EU heeft 59,3 procent van de bevolking een eerste vaccin gekregen, tegenover 57,8 procent in de VS. Aan beide kanten van de oceaan stijgt het aantal gevallen overigens weer door de deltavariant, aldus DW.
In Ethiopië nemen rebellen de hoofdstad van Tigray weer in
De Ethiopische regering heeft afgelopen maandag een ‘unilateraal en onvoorwaardelijk staakt-het-vuren’ afgekondigd in Tigray, de provincie waar het rebellerende Tigray People’s Liberation Front (TPLF) de hoofdstad Mekelle heroverde. Volgens de internationale pers is dit een grote tegenslag voor premier Abiy Ahmed, die in november nog beweerde de regio onder controle te hebben.
Dit is een ‘groot keerpunt’ in het conflict in Tigray, schrijft The New York Times. Maandag trokken troepen die loyaal zijn aan de dissidente autoriteiten in dat deel van Noord-Ethiopië, Mekelle binnen, waar de regering na bijna acht maanden vechten een staakt-het-vuren beval. Het Ethiopische leger bezet sinds november vorig jaar de regio Tigray, na de controle van de regionale regering te hebben overgenomen. Maar de Tigrese troepen (TPLF) brachten maanden door met hergroeperen en rekruteren van nieuwe strijders, en kwamen na enkele tegenaanvallen van afgelopen week terug naar de hoofdstad Mekelle.
Al-Jazeera bevestigt dat TPLF, de voormalige regerende partij van de regio, maandag de controle over de hoofdstad van Tigray heeft herwonnen. Inwoners beweren voor het eerst sinds november troepen met regionale uniformen in de stad te hebben gezien.
Tegenslag
Verschillende bronnen vertelden BBC dat mensen op straat opgetogen zijn en dat op sociale media sympathisanten van de Tigrinya-rebellen te zien zijn die met vlaggen door de straten marcheren.
‘De snelle opmars van de Tigrese troepen is een grote tegenslag voor de regering van de Ethiopische premier Abiy Ahmed’, legt The New York Times uit. Toen het federale leger vorig jaar naar Tigray werd gestuurd om dissidente lokale autoriteiten af te zetten, verzekerde Abiy Ahmed dat de operatie slechts een paar weken zou duren. Mekelle werd op 28 november ingenomen. Maar de gevechten tussen TPLF-troepen en het Ethiopische federale leger, gesteund door troepen van regionale autoriteiten in de buurt van Amhara en het leger van Eritrea, dat grenst aan Tigray, werden nooit echt beëindigd.
‘Veel jonge mensen, handelaren en boeren hebben zich aangesloten bij TPLF’
Het TPLF lanceerde vorige week een offensief, terwijl in een groot deel van de rest van het land nationale verkiezingen werden gehouden, waarvan de resultaten nog moeten worden bekendgemaakt. ‘Veel jonge mensen, handelaren en boeren hebben zich aangesloten bij TPLF’, vertelde een functionaris in de interim-regering van Tigray aan The Washington Post. ‘Ze hebben het gevoel dat ze vechten voor hun voortbestaan. Ze zullen nooit stoppen met vechten, dat is zeker. Dat is nu ondenkbaar.’
Het eenzijdige staakt-het-vuren dat maandag is afgekondigd, heeft volgens de regering tot doel de voedselproductie en de verdeling van humanitaire hulp mogelijk te maken. De wapenstilstand zou in ieder geval moeten duren tot het einde van het oogstseizoen in Tigray, dat in september eindigt.
‘Het aanhoudende conflict leidt tot een snel verergerende humanitaire crisis, die er volgens de VN voor zorgt dat 350.000 mensen, waarvan 140.000 kinderen, op de rand van hongersnood verkeren, zo bericht Emmanuel Akinwotu, correspondent van The Guardian in West-Afrika.
Kinderen zijn doelwit van jihadisten in Mozambique
In een jaar tijd zijn naar verluidt zeker vijftig kinderen ontvoerd in de Mozambikaanse provincie Cabo Delgado, waar de bevolking sinds 2017 massaal op de vlucht is voor jihadisten, schrijft Le Courrier International. Meisjes moeten trouwen onder dwang en worden onderworpen aan seksueel geweld, terwijl jongens worden geïndoctrineerd en getraind om te doden.
Die alarmerende signalen klinken ook in de Mozambikaanse pers. Op 20 juni wijdde de krant O Paíseen artikel aan het voortdurende humanitaire drama in Cabo Delgado. Deze provincie, die rijk is aan natuurlijke hulpbronnen, is gelegen in het uiterste noordoosten van het land aan de grens met Tanzania, en is sinds 2017 het strijdtoneel voor bloeddorstige eenheden onder leiding van islamitische terroristen, waarvan sommigen zijn gelieerd aan de Islamitische Staat.
‘In april waren er 732.000 ontheemden in Cabo Delgado’, schrijft het dagblad, ‘waarvan 46 procent kinderen.’ Deze laatsten, verzwakt door de exodus, vallen ten prooi aan de jihadisten, schrijft Myrta Kaulard, coördinator van de Verenigde Naties in Mozambique, in O País: ‘Er zijn meldingen van meisjes en vrouwen die zijn ontvoerd, gedwongen werden tot huwelijken en die seksueel worden misbruikt, evenals berichten over kinderen die onder dwang worden gerekruteerd voor gewapende groepen.’
‘In een jaar tijd zijn ten minste 51 kinderen ontvoerd door gewapende, opstandige groepen
De ngo Save the Childen, geciteerd door de krant Notícias, stelde eerder deze maand vast dat ‘in een jaar tijd ten minste 51 kinderen, voornamelijk meisjes, zijn ontvoerd door gewapende, opstandige groepen in de provincie Cabo Delgado’. Deze cijfers geven alleen de gemelde gevallen weer, aldus het artikel; het daadwerkelijke aantal kinderontvoeringen ligt veel hoger.
Indoctrinatie
Mussa Amade bevestigt dit in een artikel vanLusa News Agency. Amade is gevlucht uit Palma, een stad die afgelopen 24 maart door jihadisten werd bestormd tijdens een spectaculaire aanval, dichtbij faciliteiten die Total aan het opzetten was voor een toekomstig gasproject. Amade ‘vertelt over nachten waarin vreemden de huizen binnenkwamen om te doden, te ontvoeren en te plunderen wat ze konden’.
Het conflict tussen islamitische terroristen en het Mozambikaanse leger, dat volgens de ngo ACLED al minstens 2800 levens heeft geëist, wordt op de voet gevolgd door João Feijó, die werkt voor de ngo Observatório do Meio Rural. In een interview dat hij eerder deze week gaf aan Deutsche Welle, zegt de onderzoeker: ‘De opstandige gewapende groepen die actief zijn in Cabo Delgado breiden hun gelederen uit door jonge mensen te ontvoeren. Het gaat om kinderen en pre-adolescenten vanaf twaalf jaar, die ze indoctrineren en militair training geven. Dat worden degenen die vervolgens aanslagen uitvoeren.’
‘Het deradicalisering van kindsoldaten zal nog lange tijd duren’
Het is een fenomeen dat niet nieuw is in Mozambique, constateert João Feijó, aangezien ‘er al honderden kindsoldaten werden gerekruteerd tijdens de burgeroorlog’, die het land zestien jaar lang teisterde. Het probleem dat zich toen voordeed, duikt weer op benadrukt hij: ‘De waarheid is dat de regering strijdt tegen kinderen die zich in het tegenovergestelde kamp bevinden, hetzij onder dwang, hetzij vrijwillig. Het wordt steeds moeilijker om mensen aan te vallen waarvan niet bekend is of het burgers of opstandelingen zijn.’
De tragedie zal nog lang voortduren, voegt hij eraan toe: ‘ouders waarvan kinderen werden ontvoerd, hebben geen toegang meer tot gerechtigheid. Ze kunnen nergens hun beklag doen omdat de autoriteiten in het noorden van het land zelf op de vlucht zijn geslagen. Het deradicaliseren van deze kindsoldaten, van wie sommigen heroïsche verhalen opdissen over aanslagen die ze pleegden, en het opnieuw professioneel integreren ervan, zal nog lange tijd duren.’
De temperaturen in Siberië overtreffen momenteel die van Delhi, schrijft de Indiase nieuwssite DNA. Volgens de site registreerden twee EU-satellieten een temperatuur van 48 graden Celsius aan de grond in Arctisch Siberië tijdens een aanhoudende hittegolf.
We weten allemaal, schrijft DNA, dat Rusland en dan vooral het noordelijke deel van Sint-Petersburg via Moskou tot aan Siberië, een van de koudste regio’s op aarde is. Maar klimaatverandering is zeer zichtbaar in dit deel van de wereld. De registratie van 48 graden Celsius werd gedaan door de Copernicus Sentinel 3A- en 3B-satellieten van de EU op 20 juni, de langste dag van het jaar.
Sint-Petersburg en Moskou braken vorige week decenniaoude temperatuurrecords
De temperaturen in Sint-Petersburg stegen vorige week dinsdag tot een recordhoogte van 34 graden, en daarmee beleefde de stad de hoogste temperaturen sinds 1998. De temperaturen in Moskou braken een dag later een record toen ze 34,8 graden bereikten. Het vorige record van 34,7 graden, stamt uit 1901.
In Siberië lag de temperatuur van het landoppervlak zondag boven de 35 graden en pieken van 48 graden werden geregistreerd bij Verchojansk en van 37 graden in Saskylach, die beide ten noorden van de poolcirkel liggen.
Klimaatverandering
Het is een voorspelbare start van het zomerseizoen, volgens DNA, na een lente waarin honderden bosbranden het Siberische platteland verschroeiden en grote steden verduisterden en bedekten met dekens van rook.
Veel van deze lentebranden worden ‘zombievuren’ genoemd omdat het bosbranden betreft die vorige zomer begonnen, nooit volledig werden geblust en nu weer opflakkeren. De zombievuren smeulen maandenlang onder winterijs en sneeuw, gevoed door het koolstofrijke veen onder het oppervlak. Met de komst van de dooi in de lente, laaiden de oude vuren weer op.
Mei 2021 was Delhi’s warmste meimaand ooit
De gemiddelde temperaturen in het noordpoolgebied stijgen al jarenlang veel sneller dan waar dan ook op aarde, grotendeels doordat zee-ijs smelt als gevolg van door de mens veroorzaakte opwarming van de aarde.
Ondertussen zijn New Delhi en de omliggende gebieden in India dit jaar ook getuige van een zomer met recordtemperaturen, met kwik dat steeg tot 45 graden. Mei 2021 was Delhi’s warmste meimaand ooit, met maximumtemperaturen van 45 graden of zelfs hoger.
Het is bizar maar waar: op 20 juni lagen de temperaturen in Delhi tussen de 25 en 35 graden, veel lager dus dan de thermometers in Siberië aangaven.
EU-herstelplan: Frankrijk en Duitsland nemen het voortouw
De politieke boodschap was duidelijk. Op dinsdag 27 en woensdag 28 april hebben de vier grootste Europese economieën – Frankrijk, Duitsland, Spanje en Italië – gezamenlijk hun nationale herstelplannen gepresenteerd, die zij vóór de deadline van vrijdag 30 april bij de Europese Commissie zullen indienen.
Hoewel de Europese eenheid werd benadrukt, was ‘urgentie de basisboodschap’, aldus El Economista, een in Madrid gevestigd zakenblad. De vier grote lidstaten manen de rest van de EU aan hun plannen spoedig in te dienen ‘bij monde van hun almachtige ministers van Financiën’, aldus de krant.
‘Het geld [voor de plannen] moet voor het einde van de zomer beschikbaar komen’, aldus de Franse minister van Financiën Bruno Le Maire op dinsdag 27 april. Zijn Duitse ambtgenoot, Olaf Scholz, verzocht tijdens dezelfde bijeenkomst andere landen hun herstelplannen ‘zo spoedig mogelijk’ in te dienen, aldus El Economista.
Het Frans-Duitse duo gaf eens te meer ‘blijk van eenheid in de sterkste bilaterale relatie in Europa’, aldus weekblad Politico. De twee landen waren vanaf het begin de voortrekkers van ‘een schuldfonds om de door de pandemie getroffen Europese economie te redden. Hun initiatief heeft geleid tot de uitgifte van een gezamenlijke schuld van 800 miljard euro. Een primeur voor het Europese blok.’
Maar volgens Handelsblatt ‘zijn Berlijn en Parijs een slecht voorbeeld voor Europa’. ‘Door hun gebrek aan ambitie dreigen de twee grootste economieën van de EU een grote kans te laten liggen om Europa te moderniseren’, aldus de Duitse zakenkrant.
‘Duitsland financiert met Europees geld projecten die toch al voor 80 procent waren gepland’
De EU-fondsen zouden naast onderzoek en innovatie prioriteit moeten geven aan een groene en digitale transitie. In werkelijkheid ‘financiert Duitsland met Europees geld projecten die toch al voor 80 procent waren gepland’, aldus Handelsblatt, dat vaststelt dat dit eveneens voor Frankrijk opgaat.
Zodra de dossiers zijn ingediend, heeft de Europese Commissie twee maanden de tijd om alle nationale plannen te bestuderen, waarna de Europese Raad groen licht moet geven.
‘Op woensdag 28 april had de Commissie slechts de officiële investerings- en hervormingsplannen van Portugal, Griekenland en Duitsland ontvangen’, aldus El Economista. ‘In totaal worden deze week nog de plannen van een dozijn Europese hoofdsteden verwacht.’
Nederland gaat de deadline van 30 april niet halen. Het heeft recht op 5,6 miljard euro uit het fonds, maar door de lopende formatie is er nog geen plan opgesteld dat goedkeuring van de Tweede Kamer heeft gekregen.
China’s ‘ruimtedroom’ in een baan om de aarde gebracht
‘Jaag de ruimtedroom na!’ kopte de krant Xin Jingbao uit Beijing enthousiast na de lancering op 29 april van de centrale module Tianhe (‘Hemelse Harmonie’) van het toekomstige Chinese ruimtestation. Het ruimtevaartuig vertrok vanaf de basis bij de stad Wenchang, gelegen in de provincie Hainan.
China’s ruimtestation Tiangong (‘Hemels Paleis’) zal uit drie delen bestaan, waaronder de kernmodule Tianhe, die 16,6 meter lang is, een doorsnede van 4,2 meter heeft en een lanceermassa van 22,5 ton. Twee andere experimentele modules – Wentian (‘Hemelse zoektocht’) en Mengtian (‘Hemelse droom’) – van ieder 14,4 meter lang, zullen aan Tianhe worden gekoppeld.
China verwacht zijn ruimtestation in 2022 te voltooien door middel van elf opeenvolgende missies, waarvan vier bemand zullen zijn. Het station zal in een baan om de aarde worden gebracht, op een hoogte van 340 tot 450 kilometer, waar het ongeveer tien jaar zal kunnen blijven. Het zal worden uitgerust met laboratoria voor wetenschappelijk onderzoek, met name op het gebied van biologie, materiaalkunde, fundamentele natuurkunde en microzwaartekracht. De module Tianhe zal het controlecentrum van het station vormen.
Renmin Ribao (‘People’s Daily’), de krant van de Communistische Partij, legt aan de hand van illustraties enkele feitjes uit over het toekomstige station. De T-vormige constructie zal 70 ton wegen, met een totaal volume van 110 kubieke meter, en kan voor korte duur plaats bieden aan drie permanente astronauten en drie bemanningsleden. De krant noemt het station een ‘comfortabele, zorgvuldig ontworpen accommodatie’.
Op de nieuwssite Pengpai pocht Shi Liming, hoofdontwerper van de centrale module, over de ‘zeer ruime’ activiteitenruimte. Met een lengte die langer is dan de hoogte van een gebouw van vijf verdiepingen en een diameter die groter is dan die van een trein of een metrostel, is Tianhe ‘groter dan een compartiment van het internationale ruimtestation ISS’, zegt ze.
Volgens South China Morning Post zal de totale omvang van Tiangong echter slechts ongeveer ‘een kwart van die van het internationale ruimtestation ISS’ bedragen. Chinese wetenschappers voorspellen een levensduur van vijftien jaar voor het ruimtestation, die kan worden verlengd door onderhoudswerkzaamheden. ISS is al twintig jaar oud.
Total schort megaproject in Mozambique op na terroristische aanslag
Hoewel al een maand voor het besluit werd gevreesd, kwam het toch als een schok. Op maandag 26 april bevestigde Total de stopzetting van een megagasproject in het noorden van Mozambique, bericht de Mozambikaanse krant O País.
Na de jihadistische aanslag van 24 maart in Palma, een havenstad in de provincie Cabo Delgado die zeer dicht bij de installaties van Total ligt, heeft het Franse olieconcern al zijn personeel van de bouwplaats teruggetrokken en verklaard dat er sprake is van overmacht, om zo onder contractuele verplichtingen uit te komen.
Sindsdien probeert ‘de regering de nervositeit van de bedrijven’ in de regio, die sinds de aanslag op Palma al 74 miljoen euro zouden hebben verloren, tot bedaren te brengen, meldt Mediafax, ook al klinken er nog steeds schoten in de stad en zijn er nog steeds mensen op de vlucht.
De Mozambikaanse autoriteiten doen ondertussen hun best de situatie te relativeren. Zo beweerde president Filipe Nyusi na het besluit van Total dat ‘ondanks enkele terroristische brandhaarden, het land politiek stabiel is en de publieke voorzieningen normaal functioneren’.
Filipe Nyusi werd op 18 mei door Emmanuel Macron uitgenodigd in het Élysée om te praten over de economie van Mozambique en vooral de veiligheid in het land. Sinds 2017 is het leger in Mozambique er niet in geslaagd de invallen van Al-Shabab (‘De Jeugd’), gelieerd aan de terreurorganisatie Islamitische Staat, in te dammen. En de tijd dringt, merkt academica Ana Paula Dourado op in haar opiniestuk in de Portugese krant Expresso. Zij spreekt van een ‘naderende economische catastrofe’.
De noodsituatie doet zich momenteel voor op het schiereiland Afungi, in de buurt van Palma, waar het project van Total zich bevindt, een van de drie bedrijven die in het noorden van het land vloeibaar aardgas (totaal ongeveer 13,1 miljoen ton per jaar) moeten gaan produceren. De start van de productie, die voor 2024 was gepland, kan met een jaar of twee worden uitgesteld.
‘Indien de bedrijfsomstandigheden niet snel worden hersteld, zullen de gevolgen zeer ernstig zijn’, schrijft de krant Carta de Moçambique. De Mozambikaanse staat zou 25 miljard euro kunnen mislopen over een periode van vijfentwintig jaar.
‘Veiligheid is een fata morgana’, ‘een utopie’
Vooral omdat het nieuws ter plaatse niet veel goeds voorspelt. De dreiging van een nieuwe terroristische aanslag hangt nog steeds boven Cabo Delgado, waar de jihadistische opmars sinds 2017 al minstens 2780 doden tot gevolg had en meer dan 700.000 inwoners ontheemd raakten.
‘Veiligheid is een fata morgana’, ‘een utopie’, schrijft Magazine Independente in zijn laatste nummer. ‘Jihadisten vormen een groeiende maritieme dreiging’, aldus Diário de Notícias. Volgens het Mozambikaanse dagblad bewees Al-Shabab, die zich terdege bewust is van het strategisch belang van de haven van Palma voor de exploitatie van gas, dat onlangs door op hun motorboten een patrouilleboot van de toch al zwakke Mozambikaanse vloot tot zinken te brengen.
Door een gebrek aan perspectief is de industrialisatie van de provincie nu tot stilstand gekomen. De economische bijlage van O País noemt als voorbeeld van de schade de 6500 banen die voor het Total-project zijn gecreëerd. De Franse reus was niet de enige in de race om de exploitatie van de gigantische gasreserves op zee, die tien jaar geleden werden ontdekt en naar schatting 5000 miljard kubieke meter bevatten (het aardgasveld van Slochteren in Groningen bevatte oorspronkelijk zo’n 2700 miljard kubieke meter gas). Het Amerikaanse ExxonMobil, het Italiaanse ENI en het Chinese CNPC zijn ook in de running. Het is de vraag of deze bedrijven nog wel trek hebben om te investeren in de instabiele regio.
Dankzij deze verschillende projecten hoopte de Mozambikaanse staat over een periode van twintig jaar zo’n 70.000 banen te creëren en 82 miljard euro aan inkomsten te vergaren, aldus O País. Maar door de opmars van het jihadistische geweld en de vertraging bij het opstarten van de gasproductie, heeft het Internationaal Monetair Fonds zijn groeiprognoses voor het land naar beneden bijgesteld.
Ontmoet Jevgeni Prigozjin, ‘de kok van Poetin’ en de man achter de schimmige Wagner-groep, het uitzendbureau voor huurlingen dat actief is over de hele wereld – van Oekraïne tot Syrië tot Mozambique. Wagner haalt de kastanjes uit het vuur voor Poetin in situaties waaraan het Kremlin zich de vingers niet wil branden.
Keuze uit het archief
Woensdag is Jevgeni Prigozjin omgekomen bij een vliegtuigongeluk tussen Moskou en Sint-Petersburg. De leider van Wagner was sinds zijn muiterij tegen de Russische legerleiding in juni zijn leven niet zeker. Veel experts denken dan ook dat Poetin en de Russische geheime dienst achter zijn dood zitten. In dit portret van de Wagner-groep uit 2021 lees je waar Wagner haar beruchte reputatie aan te danken heeft en hoe Prigozjin van cateraar tot legercommandant is opgeklommen.
Ze trainen, vechten en sterven in het diepste geheim. Sinds 2012 duiken Russische huurlingen van de Wagner-groep, van Oekraïne tot de Centraal-Afrikaanse Republiek (CAR), via Syrië, Libië en Mozambique, op in gebieden waar Rusland officieel geen soldaten naartoe heeft gestuurd om te vechten. Dat blijkt uit een onderzoek van de Franse krant Le Monde aan de hand van online gevonden materiaal.
Op een van de beelden zien we ze staan: tussen de menigte tijdens een campagnebijeenkomst in de Centraal-Afrikaanse Republiek van president Faustin-Archange Touadéra, december vorig jaar. Bleke blonde mannen met zonnebrillen en mondkapjes én in legertenue met grote automatische geweren. Ze beschermen de president, die campagne voert voor een tweede termijn, en houden de menigte strak in de gaten.
Enkele weken later wordt ook CAR-premier Firmin Ngrébada op film vastgelegd geflankeerd door een groep witte mannen in gevechtsoutfit, wederom zwaarbewapend. Op de opnames gepubliceerd door Le Monde is te zien dat twee soldaten onderling Russisch met elkaar praten. Dat is vreemd: officieel heeft Rusland geen enkele soldaat uitgezonden naar de CAR. Wél enkele gespierde militaire trainers die het Centraal-Afrikaanse leger moeten opleiden.
‘Waarom zijn er Russen, gekleed in gevechtstenue en zwaarbewapend, aanwezig in de Centraal-Afrikaanse Republiek om de machthebbers te beschermen?’ vraagt Le Monde zich af.
Door de beelden te vergelijken met andere opnames van Russische huurlingen, stelt de krant vast dat het werknemers van de Wagner-groep zijn, een Russisch privéagentschap voor militaire contacten (PMC) met banden tot in het hart van het Kremlin. Van de organisatie is geen officieel spoor te vinden, maar sinds 2012 is ze in verschillende conflictgebieden actief.
Codenaam ‘Wagner’
Wagner is opgericht door Dmitri Oetkin, een voormalig officier bij de Russische militaire inlichtingendienst GROe – codenaam ‘Wagner’ –, die in 2013 samen met andere Russische ex-militairen onder de naam Slavonic Corps Limited aan de zijde van het leger van Bashar al-Assad vocht, in Syrië. Le Monde vond ook beelden van deze missie, die werden rondgestuurd binnen een openbare groep van instantmessagedienst Telegram. Uit onderzoek van Bellingcat blijkt eveneens dat de groep destijds actief was in Syrië.
De huurlingen van Slavonic Corps Limited vertrekken eind 2013 weer uit Syrië wegens gebrek aan materieel en manschappen. Het bedrijf wordt opgedoekt, en in plaats daarvan duikt een nieuwe entiteit op die officieel niet op papier bestaat: de Wagner-groep.
In 2014 verschijnen ze opnieuw, nu in de het oosten van de Donbassregio in Oekraïne, aldus Foreign Policy. Op beelden die Le Monde vond van begin 2015 is te zien dat de groep actief is op vijfentwintig kilometer van de Russische grens. In dit gebied voeren op dat moment – en nog steeds – pro-Russische separisten een strijd met het Oekraïense leger. Ze zijn weer uitgerust in gevechtstenue – de winterversie – zonder naamtags of insignes. En ze gebruiken militaire voertuigen die ook door het Russische leger worden gebruikt, zoals Le Monde aantoont.
Tussen 2015 en 2016 verandert Wagner-groep van leider en omvang. De organisatie wordt overgenomen door een Russische oligarch en voormalig gangster die negen jaar in de gevangenis heeft gezeten: Jevgeni Prigozjin – die nauwe contacten heeft met Poetin.
De kok van Poetin
Met zijn cateringbedrijf Concord Catering verzorgt Prigozjin onder andere maaltijden voor het Russische leger, wat hem de bijnaam ‘de kok van Poetin’ heeft opgeleverd. Ook wordt hij er door de VS van beschuldigd achter het bedrijf Internet Research Agency (IRA) te zitten, dat met een trollenleger de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 zou hebben geprobeerd te beïnvloeden.
In 2016 duiken huurlingen van Wagner weer op in Syrië, ditmaal in de buurt van Palmyra, zoals de ruïnes op de achtergrond van de foto’s in het bezit van Le Monde duidelijk maken. Maar de stad wordt ingenomen door IS en Wagner trekt zich, zij aan zij met het Russische leger, terug. ‘Waarom deze mengvorm van anonieme huurlingen en officiële Russische soldaten?’ aldus Le Monde. Het antwoord is simpel: door het inzetten van anonieme huurlingen, kan Moskou desgewenst alle verantwoordelijkheid ontkennen.
In 2017 duikt er een gruwelijke video op die is opgenomen in de buurt van de al-Shaer-gasfabriek nabij Palmyra. De video toont hoe een Syrische man, die onder vrienden en familie bekend stond als Hamdi Bouta, op de grond ligt, omringd door Russisch sprekende mannen in militaire uniformen, aldus Foreign Policy. Ze slaan met een voorhamer op zijn ledematen alvorens hem te onthoofden, zijn lichaam in brand te steken en met zijn stoffelijk overschot te poseren. De daders zijn door het Russische onafhankelijke persagentschap Novaya Gazeta geïdentificeerd als huurlingen van Wagner.
‘De moord op Bouta is symptomatisch voor het vacuüm waarin de Wagner-groep opereert. Hoewel huurlingengroepen in Rusland verboden zijn, dienden ze als het speerpunt van de proxy-oorlogen van het Kremlin in het buitenland’, aldus Foreign Policy.
Deze strategie komt nog duidelijker naar voren in Libië, waar sinds 2014 een burgeroorlog woedt. Rusland heeft de kant gekozen van Khalifa Haftar, oud-generaal van Qadhaf, die een schaduwregering aanvoert vanuit de noordoostelijke stad Benghazi. Officieel heeft het Kremlin geen enkele soldaat naar het Noord-Afrikaanse land gestuurd. Maar uit een rapport van de Verenigde Naties blijkt dat in de praktijk tussen de achthonderd en twaalfhonderd Russische huurlingen aan de zijde van Haftar strijden.
Als Haftar in november 2018 op bezoek komt bij het Russische ministerie van Defensie is naast minister Sjojgoe ook Prigozjin aanwezig. Volgens een militair-diplomatieke bron verzorgde Prigozjin daar de lunch en nam hij deel aan een discussie over het culturele programma van de Libische delegatie, aldus The Bell.
Tijdens een persconferentie begin 2020 ontkent Poetin dat de Russische huurlingen in Libië gestuurd zijn of betaald worden door het Kremlin. ‘Er zijn altijd veel huurlingen in conflictzones (…), erg verontrustend,’ voegt hij eraan toe. Toch vechten Russische huurlingen toevallig in verschillende conflicten in Afrika en het Midden-Oosten altijd aan de kant van de door Rusland gesteunde partij, merkt Le Monde op.
Rusland wil zijn invloed in Afrika versterken door betrekkingen aan te knopen met bestaande heersers, militaire deals te sluiten en een nieuwe generatie van ‘leiders’ en ‘undercoveragenten’ op te leiden, zo blijkt uit uitgelekte documenten, schrijft The Guardian in 2019. Spil in het web van de Russische plannen: Jevgeni Prigozjin. Naast de inzet van huurlegers, is hij ook verantwoordelijk voor het opzetten van pro-Russische mediabedrijven.
Een van de doelstellingen is om de VS en de voormalige koloniale mogendheden het VK en Frankrijk de regio uit te krijgen. Een ander doel is om ‘prowesterse’ opstanden af te wenden, aldus de documenten.
In Soedan werden Wagner-huurlingen in 2017 voor het eerst gefilmd toen zij militairen trainden om gebouwen te bestormen, aldus The Guardian in een ander artikel. Huurlingen werden ook gesignaleerd in de buurt van de antiregeringsprotesten in 2019, die uiteindelijk leidden tot het afzetten van president Bashir, waarna Wagner weer vertrok uit het land.
Sinds 2019 is Wagner ook actief in Mozambikaanse regio Cabo Delgado, bericht The Moscow Times. In die olie- en gasrijke regie strijdt de regering tegen islamistische rebellen die onlangs de stad Palma innamen.
En sinds 2018 ontvangt de Centraal-Afrikaanse Republiek, dat ontwricht wordt door een intern conflict, militair materieel van Rusland en een honderdtal militaire opleiders. Officieel ondersteunt Rusland het Afrikaanse land zonder zelf mee te vechten. Tegelijkertijd huurt de Centraal-Afrikaanse regering het Russische privéagentschap Sewa Security Services in, dat ook in handen blijkt te zijn van Prigozjin, volgens onderzoek van Le Monde.
De Centraal-Afrikaanse Republiek wordt in de uitgelekte documenten in handen van The Guardian beschreven als ‘strategisch belangrijk’ voor Rusland en een ‘bufferzone tussen het islamitische noorden en het christelijke zuiden’. Van daaruit zou Moskou zijn aanwezigheid ‘over het hele continent’ kunnen uitbreiden, en Russische bedrijven kunnen er lucratieve delfstoffendeals sluiten.
In de CAR verschijnt nog een opmerkelijk figuur ten tonele: Dimitri Sytyi, een jonge polyglot die aan een Franse hogeschool heeft gestudeerd, en optreedt als vertaler. Zijn voormalige werkervaring? Clandestiene politieke manipulatiecampagnes voor IRA, het trollenleger van Prigozjin.
Sytyi is ongetwijfeld niet alleen vertaler, aldus Le Monde. Hij wordt er door het Amerikaanse ministerie van Financiën van verdacht aan het hoofd te staan van mijnbouwbedrijf Lobaye Invest. Het bedrijf wordt vermoedelijk gebruikt om de huurlingen te financieren. Maar drie Russische journalisten die gezamenlijk onderzoek deden naar de geldstromen van het bedrijf, zijn in 2018 door anonieme schutters vermoord, vertelt Le Monde.
Mensenrechten
Uit een recent rapport van onafhankelijke experts van de Verenigde Naties blijkt dat Russische huurlingen van de Wagner-groep mensenrechtenschendingen hebben begaan in de Centraal-Afrikaanse Republiek, bericht The Guardian.
Volgens de VN-werkgroep werken de Russische huurlingen nauw samen met de vijftienduizend man sterke VN-vredesmissie (MINUSCA), die sinds 2014 in de CAR is gestationeerd. Er vonden regelmatig ontmoetingen plaats tussen VN-personeel en ‘Russische adviseurs’, evenals bezoeken van de Russen aan MINUSCA-bases en medische evacuaties van gewonde ‘Russische trainers’ naar bases van MINUSCA.
Volgens de VN-deskundigen ontvingen ze meldingen van ‘ernstige schendingen van de mensenrechten en van het internationaal humanitair recht’ door Russische particuliere militairen die samen met het Centraal-Afrikaanse leger opereerden. In sommige gevallen waren VN-vredeshandhavers getuigen, voegen zij eraan toe.
De vermeende schendingen omvatten massale standrechtelijke executies, willekeurige detentie, marteling tijdens verhoren en gedwongen verplaatsing van de bevolking. Ongeveer 240.000 burgers zijn hun huizen ontvlucht vanwege de gevechten de afgelopen weken, aldus The Guardian.
Al meer dan een week lang vindt er een gewelddadige strijd plaats in het noorden van Mozambique, waar de islamistische terreurbeweging Al-Shabab (gelinkt aan IS) de havenstad Palma belegert. Het vermoedelijke doel is een grootschalig gasproject van westerse bedrijven. Maar in de chaos begrijpt niemand echt wat er speelt.
‘Terroristen zaaien opnieuw paniek en wanhoop in Palma’, kopte het Mozambikaanse dagblad O País op vrijdag 26 maart op de voorpagina. Palma, gelegen in het uiterste noorden van het land (aan de grens met Tanzania) en de omliggende provincie Cabo Delgado worden sinds 2017 geteisterd door jihadistische aanvallen die het Mozambikaanse leger met moeite weet in te dammen.
Het conflict, dat zich steeds verder verscherpt, heeft in drie jaar ten minste 2600 mensen het leven gekost – volgens de ngo Acled was meer dan de helft daarvan burger. 670.000 anderen zagen zich gedwongen te vluchten. Deze humanitaire ramp is afgelopen week nog erger geworden: zo’n tweehonderd mensen zaten door een nieuwe jihadistische aanval zo’n drie dagen vast in een hotel in Palma.
‘Het beeld van wat er precies gebeurde tussen woensdag en zondag, toen een vloot boten honderden mensen, waaronder veel buitenlandse werknemers, van de stranden van Palma redde, blijft onduidelijk. Maar nieuwe getuigenissen schetsen een beeld van een wrede, dagenlange belegering met fatale hinderlagen op vluchtende mensen. Overlevenden hebben beschreven dat zij zich moesten verbergen terwijl zij wachtten op redding per boot uit een stad waar onthoofde lichamen op de weg lagen’, schrijft Peter Beaumont in The Guardian.
De aanval is opgeëist door IS, meldt The New York Times, maar weinig analisten geloven dat Islamitische Staat nauwe banden onderhoudt met de opstand, die is ontstaan uit frustratie over lokale problemen en weinig van de ideologische doelstellingen van Islamitische Staat deelt.
‘Toch onderstreept het opeisen van de verantwoordelijkheid voor de dodelijke aanslag het vermogen van de organisatie om gebruik te maken van losse banden met militante groeperingen over de hele wereld, om zo de indruk te wekken van een werkelijk wereldwijde strijd’, aldus de NYT.
De aanslag vond plaats op de dag van de aankondiging van de hervatting van de bouwwerkzaamheden op het terrein van een megagasproject waarvan de Franse groep Total de voornaamste investeerder is en dat in 2024 operationeel zou moeten zijn, zo meldt het Mozambikaanse nieuwsplatform Pinnacle News.
Volgens bronnen van The Guardian waren de opstandelingen vóór de aanval in het gebied rond de stad geïnfiltreerd en hadden zij wapens in opslagplaatsen verstopt. Velen waren vermomd als gewone burgers en sommigen droegen leger- of politie-uniformen.
De overheidsinfrastructuur in de stad was een systematisch doelwit: het plaatselijke politiebureau en de militaire basis werden bestormd en vernield, terwijl ten minste twee banken werden overvallen, aldus The Guardian.
Total verklaarde zaterdag tegenover de Britse krant dat het de geplande hervatting van de bouw van een project van 20 miljard dollar [17 miljard euro] afzegde na de aanval en dat het zijn personeelsbestand zou terugbrengen tot een ‘strikt minimum’.
Een groep van ten minste honderdtwintig opstandelingen was afkomstig uit de noordelijke regio’s van Cabo Delgado, terwijl een groep van vergelijkbare grootte vanuit Tanzania zou zijn overgestoken om de geweldplegers op de tweede dag van de aanval te versterken, schrijft de Britse krant.
Toen de aanval vorige week begon, zochten honderden werknemers uit Zuid-Afrika, Groot-Brittannië en Frankrijk hun toevlucht tot hotels in de stad, die vervolgens werden belegerd. Na een mislukte poging om over zee te ontsnappen, probeerde een konvooi voertuigen de belegerde hotels te ontvluchten en de kust te bereiken, waarbij zij tweemaal in een hinderlaag liepen. Het resultaat: een dozijn doden, waaronder zeven buitenlanders, volgens de Mozambikaanse autoriteiten.
‘Het Amarula Hotel was volledig omsingeld en werd aangevallen met mortier- en machinegeweervuur’
Registraties van veiligheidsoproepen die door The Guardian werden ingezien, tonen chaotische scènes van helikopters en boten van verschillende veiligheidsbedrijven die de opgesloten mensen proberen te evacueren.
Een buitenlander beschreef hoe de stad werd bestormd voordat hij werd gered door veiligheidsagenten van Dyck Advisory Group (DAG), een particulier beveiligingsbedrijf.
‘Het Amarula Hotel was volledig omsingeld en werd aangevallen met mortier- en machinegeweervuur’, verklaarde een Zuid-Afrikaanse getuige aan The Guardian. ‘Deze jongens [van DAG] kwamen binnen met hun helikopters en maakten de omgeving vrij om ten minste vier helikopterladingen met mensen naar buiten te krijgen. Drieëntwintig van ons. Ik zat gelukkig in de laatste helikopter, want daarna stopten ze door gebrek aan brandstof en daglicht.’
Terwijl de veiligheidstroepen een offensief hebben gelanceerd om de rebellen te verdrijven, ‘vragen nog zeshonderd overheidsambtenaren om gered te worden’, meldde O País op vrijdag.
Islamitische Staat beweerde maandag dat meer dan vijfenvijftig mensen – onder wie Mozambikaanse soldaten, christenen en buitenlanders – gedood werden bij de hinderlaag in Palma. Meerdere getuigen hebben melding gemaakt van wegen en stranden bezaaid met lijken, aldus The Guardian.
Nachtmerrie zonder einde
Pinnacle News beschikt over fotomateriaal van een ander konvooi dat Palma probeerde te ontvluchten en in een hinderlaag van de rebellen is gelopen. ‘Palma, een nachtmerrie zonder einde’, kopt de nieuwssite.
Een luchtfoto, genomen door een van de helikopters die de regeringstroepen op de grond in Palma dekking verschaffen, toont enkele stilstaande voertuigen langs de weg van Palma naar Quionga, waar ze vermoedelijk per boot geëvacueerd hoopten te worden naar de zuidelijke stad Pemba. Op de foto zijn de levenloze lichamen te zien van chauffeurs. Over de identiteit van de slachtoffers is nog niets bekend.
Op zondag begonnen boten in Pemba te arriveren, een haven 300 kilometer ten zuiden van Palma, met lokale bevolking en buitenlanders aan boord. Een van de boten vervoerde ongeveer dertienhonderd mensen, zei een diplomaat tegen The Guardian.
Sinds de militanten de stad zaterdag hebben ingenomen, proberen het leger van Mozambique en huurlingen van DAG, die door de regering werden ingeschakeld, de opstandelingen uit de stad te verdrijven. Maar volgens diplomaten en andere waarnemers hebben de rebellen nog steeds de controle over een groot deel van het achterland van Palma.
Strategisch belang
Palma is een belangrijk logistiek knooppunt is voor overzeese bedrijven die de enorme aardgasreserves ter waarde van 60 miljard dollar [51 miljard euro] in de provincie Cabo Delgado willen exploiteren, bericht The Guardian. De regio is dankzij haar immense rijkdom aan aardgas van groot strategisch belang in deze arme regio, schrijft het Franse weekblad Le Point. Naast Total investeren ook het Italiaanse bedrijf ENI en het Amerikaanse Exxon Mobil mee in dit gaswinningsproject, dat de Mozambikaanse economie een impuls moet geven en het land tot een wereldmacht op gasgebied moet maken, na Qatar, Rusland en Iran.
Maar volgens Michel Cahen, Portugeestalig Afrika-expert, hebben de rebellen het niet specifiek op de gasbedrijven gemunt: ‘Deze nieuwe burgeroorlog is niet rechtstreeks uitgelokt door de ontdekking van deze gasvoorraden’, zegt hij tegen Le Point. ‘Als Total wordt aangevallen, is dat als bondgenoot van de Mozambikaanse regering.’
Toch stelt een artikel in Ouest-France dat er wel degelijk een verband is tussen de gasvelden die in 2010 en 2013 zijn ontdekt en het oplaaiende geweld. Terreurgroepen zouden profiteren van de ellende en woede van de inwoners van de regio na de komst van de grote energiebedrijven.
In een rapport van juni 2020 had de internationale organisatie Friends of the Earth melding gemaakt van de verdrijving van 556 vissersgezinnen naar het binnenland, bericht Ouest-France. ‘Families hebben onbereikbare landbouwgronden gekregen. Ze waren soms gedwongen zich te vestigen in christelijke dorpen, hoewel ze moslim zijn. Zij zijn de eerste slachtoffers van de militarisering van het gebied, ten voordele van de gasindustrie’, zegt Ilham Rawoot, van de plaatselijke organisatie Justica Ambiental tegen het Franse dagblad.
Antiterreurstrategie
Deze nieuwe geweldsgolf heropent het debat over de antiterreurstrategie van Mozambique, dat andere landen die bereid zijn te interveniëren, waaronder EU-lidstaten (Portugal en Frankrijk op kop), in verwarring brengt. Na maanden van afhouden heeft de regering eindelijk hulp van de Verenigde Staten aanvaard, meldt persbureau Agence Ecofin. Sinds 15 maart bereiden vijftien Amerikaanse commando’s Mozambikaanse mariniers voor op de strijd met de Mozambikaanse terreurgroep Al-Shabab (die banden hebben met IS).
Maar verder reikt de Amerikaanse hulp niet. Mozambique, dat gekant is tegen elke vorm van internationale interventie, geeft nog steeds de voorkeur aan de inschakeling van particuliere defensiebedrijven, met name uit Rusland. In september 2020 huurde de regering meer dan tweehonderd militaire ‘adviseurs’ in van de beruchte Russische Wagner Group, bericht de BBC. Deze veelal voormalig commando’s hebben met instemming van het Kremlin geopereerd in Syrië, Libië en elders.
Een andere hofleverancier van huurlingen is Zuid-Afrika. Zo schrijft het Zuid-Afrikaanse weekblad The Sunday Times dat ‘Zuid-Afrikaanse paramilitaire bedrijven profiteren van de opstand in Mozambique door het regeringsleger te voorzien van pantservoertuigen, helikopters, wapens, munitie, opleiding en particuliere veiligheidsagenten’.
‘Oorlogsmisdaden’
Het inschakelen van huursoldaten leidt tot ‘oorlogsmisdaden’, aldus Amnesty International geciteerd in de Franse kant Le Figaro. Ook Zuid-Afrika, de grootste militaire en economische macht in de regio, die zelfs herhaaldelijk hulp heeft aangeboden aan buurland Mozambique, keurt deze praktijk af en spreekt haar ‘verbazing’ uit over de ‘gesloten’ houding van de regering in Maputo, aldus de Mozambikaanse krant MediaFaxin februari.
De Mozambikaanse academicus Calton Cadeado licht deze houding toe in de krant Carta de Moçambique. De conflict- en veiligheidsexpert benadrukt dat de hulp van een vreemde mogendheid ter plaatse ‘veel problemen’ zou kunnen veroorzaken:
‘De regering weet dat de militaire aanwezigheid van een buitenlandse staat ter plaatse veel moeilijker te controleren is dan die van particuliere beveiligingsbedrijven, en verkiest dus die laatste optie boven het zenden van buitenlandse strijdkrachten, vooral wanneer het om grote mogendheden gaat. We hebben voorbeelden van wat er gebeurde in Irak, Afghanistan, enzovoort.’
Toch heeft de regering er dinsdag mee ingestemd de komende weken een team van zestig Portugese soldaten te ontvangen, bericht France 24. Premier Antonio Costa verklaarde dat hij de situatie in Mozambique, een voormalige kolonie van Portugal ‘vanaf het begin met grote bezorgdheid’ had gevolgd.
‘De echte vraag is nu hoe dit in godsnaam heeft kunnen gebeuren?’
In een recente reportage van de BBC – waarin de eerste buitenlandse journalisten de belegerde stad Palma betraden (hoewel het gebied sinds vorig jaar verboden terrein is voor de pers) – wordt verslag uitgebracht over de woede en wanhoop van de vluchtende en verhongerde inwoners. Alleen de katholieke kerk en ngo’s zijn nog actief in het gebied, waar volgens een van hen, Save the Children, kinderen onder de elf jaar zijn onthoofd door de jihadisten, schrijft de Portugese krant Diário de Noticias.
Disturbing reports of targeted attacks against civilians have emerged from northern Mozambique, marking a serious escalation of violence and volatility in the Cabo Delgado region.https://t.co/LkM9toYDM5
‘De echte vraag is nu hoe dit in godsnaam heeft kunnen gebeuren? Hoe was dit zelfs maar mogelijk? Het is duidelijk dat de opstandelingen over betere inlichtingen beschikken dan de regering,’ aldus de eigenaar van een in Spanje gevestigd particulier beveiligingsbedrijf dat nu in Palma en omgeving opereert, tegenover The Guardian.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.