Tag: nb202540

  • Het pro-Russische Transnistrië is nerveus. ‘We willen niet bij het conflict betrokken raken’

    Het pro-Russische Transnistrië is nerveus. ‘We willen niet bij het conflict betrokken raken’

    Het lijkt erop dat de zelfverklaarde republiek Transnistrië, in Moldavië, een strategie is overeengekomen met Rusland om ‘paniek te zaaien’ onder de bevolking, de regio te destabiliseren en aan te dringen op erkenning van de onafhankelijkheid van de enclave.

    Keuze uit het archief

    Afgelopen week won de pro-Europese Partij voor Actie en Solidariteit (PAS) van zittend premier Maia Sandu met een absolute meerderheid de Moldavische parlementsverkiezingen. Daarmee heeft Moldavië duidelijk aangegeven dat het liever met de Europese Unie in zee gaat dan met Rusland, dat een grote desinformatiecampagne had opgezet om de uitslag van de verkiezingen in zijn eigen voordeel te beslechten.
    Deze reportage van El Diario van drie jaar geleden legt uit waarom Rusland belang heeft bij de verkiezingsuitslagen in Moldavië: het wil via de grensregio Transnistrië voet aan de grond krijgen in het Europese binnenland.

    Bij een controlepost tussen Moldavië en de afgescheiden regio Transnistrië controleren grensbeambten buitenlandse paspoorten en visa. Een stel Russische soldaten houdt elk voertuig scherp in de gaten. Op de oostelijke oever van de Dnjestr wappert de tweekleurige vlag met hamer en sikkel naast de driekleur van Rusland. In de hoofdstad waakt een enorm standbeeld van Lenin over de ‘Opperste Sovjet’, het regerings- en parlementsgebouw van de zelfverklaarde republiek die op een strook land tussen Moldavië en Oekraïne ligt, en die internationaal nauwelijks wordt erkend.

    We lijken ons in een communistisch gebied te bevinden dat in het Sovjetverleden is blijven steken. Maar in Transnistrië is niet alles wat het lijkt. 

    Inwoners vrezen dat het gebied weleens bij het conflict in buurland Oekraïne betrokken zou kunnen raken

    In de 25 Oktoberstraat rijden dure auto’s langs het imposante Lenin-beeld en op elke straathoek bevinden zich winkels van het Sheriff-conglomeraat, dat eigendom is van oligarch en voormalig KGB-agent Viktor Goesjan, tevens eigenaar van voetbalclub FC Sheriff. Verder barst het van de hipstercafés in Tiraspol, de hoofdstad van het onafhankelijke gebied, dat sinds het begin van de jaren negentig een eigen regering, parlement, politie, leger en munteenheid heeft. Na de oorlog tussen Moldavië en Transnistrië heeft het Kremlin er ongeveer vijftienhonderd ‘vredeshandhavers’ gestationeerd.

    Toen El Diario het gebied begin april bezocht, contrasteerde de kalmte in het schone en ongerepte centrum nog scherp met berichten in internationale kranten over de angst die de bevolking van de pro-Russische enclave heimelijk zou hebben geuit sinds het begin van de oorlog in Oekraïne. Maar onlangs hebben explosies in de regio de vrees bij inwoners doen toenemen dat het separatistische gebied weleens bij het conflict in het buurland betrokken zou kunnen raken. 

    Verschillende explosies

    Maandag 25 april klonken verschillende explosies bij het hoofdkwartier van het Transnistrische staatsministerie van Veiligheid, dat leeg was wegens de viering van orthodox Pasen. Dinsdag deden andere ontploffingen twee zendmasten in de regio schudden. De aanvallen, die door geen enkele groep of staat zijn opgeëist, hebben geleid tot beschuldigingen over en weer tussen Rusland, Oekraïne, Transnistrië en Moldavië.

    De regering van Transnistrië houdt de Oekraïense autoriteiten verantwoordelijk voor een schietpartij in de buurt van de stad Kobasna, waar zich een belangrijk wapendepot uit het Sovjettijdperk bevindt. De Oekraïense inlichtingendienst beweert dat de explosies in Transnistrië ‘een geplande provocatie door Russische speciale eenheden’ zijn om ‘paniek te zaaien en anti-Oekraïense sentimenten te creëren’.

    Sinds begin april beschuldigt de Oekraïense generale staf Rusland van een ‘herschikking’ van de Russische troepen, die sinds het staakt-het-vuren van 1992 in Transnistrië zijn gelegerd. De Transnistrische en de Moldavische regering ontkennen dit en zeggen dat ze de rust in het gebied handhaven.

    ‘We overwegen nu om weer te vertrekken, maar we weten niet waarheen’

    Maar na verklaringen van een hoge Russische commandant, vorige week, gingen overal de alarmbellen af. Voor het eerst bevestigde Rusland dat het huidige Russische offensief is bedoeld om controle over het zuiden van Oekraïne te krijgen en zo de toegang tot Transnistrië te vergemakkelijken, waar, zo beweerde de commandant, ‘sprake is van onderdrukking van de Russischtalige bevolking’. Amper vier dagen later klonken de eerste explosies, die door niemand werden opgeëist. 

    ‘Ik was in het centrum van Tiraspol, hoorde een explosie en rende naar huis,’ vertelt Yoan (niet zijn echte naam) in een bericht. Hij is een Oekraïner die na het uitbreken van de oorlog in zijn land van Odessa naar de pro-Russische separatistische regio vluchtte. De jongeman heeft familie in Transnistrië en was ervan overtuigd dat het er veilig was. Tot maandag kon hij niet geloven dat het conflict Moldavië zou bereiken. ‘We overwegen nu om weer te vertrekken. Maar we weten niet waarheen. We denken dat het gevaarlijk is om in Transnistrië te blijven.’

    Bij toegangswegen tot de steden in de regio hebben de Transnistrische autoriteiten nu militaire controleposten neergezet. Vanuit zijn huis in Tiraspol reageert de Moldavische zakenman Marc (niet zijn echte naam) die in de enclave woont, kalm maar bezorgd: ‘We zijn op onze hoede. Op veel plaatsen worden auto’s doorzocht door gewapende politie. Mensen zijn nerveus.’

    Nieuwe soldaten

    Op 10 april lieten Britse inlichtingendiensten weten dat de Russische strijdkrachten waren begonnen met het werven van nieuwe soldaten in Transnistrië. Al eerder, in maart, waarschuwde Alex Gutsaga, een reisleider en activist die in de pro-Russische enclave is geboren maar in Moldavië woont, voor ‘activiteiten’ in de regio door Transnistrische autoriteiten en Russische troepen.

    In een video die hij op Facebook zette en die bijna zevenhonderdduizend keer werd bekeken, somt hij een reeks feiten op die volgens hem aantonen dat de regering van Transnistrië bezig is met voorbereidingen om de regio bij het conflict te betrekken. Zijn broer kreeg een oproep om bij het leger te gaan, vertelt hij aan El Diario. ‘Maar hij besloot Transnistrië te verlaten. Hij is met zijn hele gezin vertrokken, want hij wilde het risico niet lopen.’

    ‘Transnistrië is een vreedzame plek. De mensen proberen neutraal te zijn en zich verre te houden van politiek’

    Na de explosies van maandag is Gutsaga ervan overtuigd dat Transnistrië en Rusland een strategie zijn overeengekomen om ‘paniek te zaaien’ onder de bevolking, de regio te destabiliseren en aan te dringen op erkenning van de onafhankelijkheid van de enclave.

    Toen alles nog rustig leek in Pridnestrovische Moldavische Republiek, de officiële naam van Transnistrië, uitte Marc al zijn vrees vanwege de nabijheid van het conflict in Oekraïne. ‘Transnistrië is een vreedzame plek. De mensen proberen neutraal te zijn en zich verre te houden van politiek. Ik probeer er geen deel van uit te maken.’ Marc is in Moldavië geboren en zijn moedertaal is Moldavisch, maar hij groeide op in Tiraspol. ‘Transnistrië ligt tussen verschillende beschavingen met tegengestelde belangen in: Rusland, Oekraïne en Moldavië. De meningen van de Transnistriërs doen er niet toe.’

    Gespannen situatie

    ‘Eerlijk gezegd ben ik bang,’ vervolgt hij. ‘En toen ik op 24 februari wakker werd, was ik écht bang. Ik heb in het Transnistrische leger gediend, ik weet wat wapens zijn en wat de gevolgen ervan kunnen zijn.’ Zijn leven gaat verder, maar hij noemt de situatie ‘gespannen’. 

    Na deze uitspraak werpen enkele oudere mannen hem verontruste blikken toe. ‘Ja, het is gespannen… De huidige situatie in Oekraïne is een oorlog; we moeten de dingen bij de naam noemen. Mensen in Transnistrië, vooral jongeren, moeten dat begrijpen. Niet iedereen denkt er hetzelfde over, maar gelukkig begrijpen veel jongeren dat deze oorlog ook over ons gaat, omdat wij elk moment bij dit conflict betrokken kunnen raken.’

    ‘Terwijl ik dit allemaal zeg, ben ik me ervan bewust dat die oudere meneer daar me vreemd aankijkt’

    Voelt hij zich vrij? Marc lacht. ‘Nee. Nee, ik kan niet vrijuit spreken. Terwijl ik dit allemaal zeg, ben ik me ervan bewust dat die oudere meneer daar me vreemd aankijkt. Er is sprake van een zwijgende meerderheid van mensen die weet wat er aan de hand is, maar er niet in het openbaar over durft te praten.’

    Het is niet gemakkelijk om vrijuit over politiek te spreken in Transnistrië, zeker als het om ideeën gaat die afwijken van een pro-Russisch standpunt of die niet vallen onder het vaandel van neutraliteit.

    Op een mooie stenen promenade die langs de Dnjestr en een grote tuin voert, lopen twee dames van in de zeventig arm in arm. Ze dragen elegante jassen en wollen hoeden. Zij zijn niet bang om zich uit te spreken. Ze verdedigen het Russische standpunt en herhalen de argumenten van het Kremlin. Ze zeggen op televisie te hebben gezien dat de Oekraïense regering Russischtaligen sinds het begin van de oorlog in de Donbas in 2014 ‘discrimineert’, wat in hun ogen de huidige gevechten in het land rechtvaardigt. Ze geven ook toe bang te zijn. Een van de vrouwen barst in tranen uit als ze aan de oorlog van 1992 terugdenkt en zegt dat ze dat niet nog eens wil meemaken.

    Jonge inwoners

    De Russische staatsmedia hebben een sterke invloed op Transnistrië. Sinds het land zich onafhankelijk verklaarde, gaven zij jarenlang de aanzet tot een wijdverbreide pro-Russische houding in de regio. Maar veel jonge inwoners van de enclave, vooral in de hoofdstad, hebben meningen die niet pro-Russisch zijn. Als ze die verkondigen, gaan ze meestal wat zachter praten.

    Drie weken geleden zaten twee negentienjarige geneeskundestudenten op een bankje aan de rivier. ‘Rusland is schuldig aan de oorlog in Oekraïne, maar ik kan mijn mening alleen verkondigen in vertrouwde kring, want die levert nogal wat discussie op. Het is gevaarlijk om dit in het openbaar te zeggen, want het zou consequenties kunnen hebben,’ zei Elena (niet haar echte naam), doelend op de maatschappelijke gevolgen. Haar vriend is minder uitgesproken: ‘Ik weet niet wat ik moet geloven over de oorlog. Er is zo veel informatie dat het me niet lukt mijn eigen mening te vormen.’

    ‘Er is zo veel informatie dat het me niet lukt mijn eigen mening te vormen’

    In de Transnistrische stad Pervomaisk, op de grens met Oekraïne, was de oorlog al op 6 maart van zeer dichtbij hoorbaar. Uit angst voor een mogelijke invasie van Russische troepen via Transnistrië blies het Oekraïense leger de spoorlijn op die Oekraïne met de pro-Russische enclave verbindt. Het huis van Nadejda schudde en haar ramen vlogen open. Haar eigen ruiten bleven heel, maar die van verschillende buren werden door de impact van de drukgolf verbrijzeld. 

    ‘Het was schrikken,’ zegt de vrouw, een kunstenares die in een cultureel centrum werkt. ‘Ik was eerst bang, totdat duidelijk werd dat het niet op ons grondgebied was en dat Oekraïne het had gedaan uit veiligheidsoverwegingen. Daardoor kalmeerde ik.’

    Haar kleine groene huis, het eerste van een rijtje huizen dat het dichtst bij de Oekraïense grens ligt, biedt vanaf de binnenplaats zicht op een vernielde spoorweg; over dat spoor vluchtte Nadejda in 1992 zelf naar het buurland, tijdens de burgeroorlog tussen Moldavië en de separatistische enclave Transnistrië. ‘En nu komen ze hierheen,’ zegt ze, verwijzend naar de Oekraïense vluchtelingen.

    De oorsprong van de onafhankelijkheidsverklaring van Transnistrië gaat terug tot 1989, toen Moldavië het Moldavisch-Roemeens uitriep tot officiële taal van het land. Het land maakte in die tijd weliswaar nog deel uit van de Sovjet-Unie, maar de toenadering tot Roemenië verontrustte een deel van de Slavische bevolking in de regio. Ze waren bang het Russisch als officiële taal te verliezen en vreesden voor marginalisering van Russischtaligen.

    Sindsdien is het conflict bevroren, met een de facto onafhankelijk gebied dat niet internationaal wordt erkend

    Na de onafhankelijkheidsverklaring van Transnistrië in 1990 begonnen er gevechten in de regio. De oorlog brak uit op 2 maart 1992, op dezelfde dag dat Moldavië werd toegelaten als lid van de Verenigde Naties. Een staakt-het-vuren in juli van dat jaar leidde niet tot een oplossing; sindsdien is het conflict bevroren, met een de facto onafhankelijk gebied dat niet internationaal wordt erkend. 

    Russische steun

    De enclave van 470.000 inwoners met een Russischtalige meerderheid krijgt Russische steun op verschillende niveaus, ook al erkent Rusland de republiek zelf niet. Behalve de vijftienhonderd soldaten in de regio, die de status quo handhaven en Moldavië neutraal houden in de voortdurende angst voor een conflict, financiert het Kremlin pensioenen, verstrekt het gemakkelijk paspoorten en betaalt het voor de universitaire opleiding van duizenden Transnistriërs. Maar als zij in Transnistrië studeren, wordt hun diploma niet internationaal erkend.

    Op het grondgebied van Transnistrië staat ook een Russische elektriciteitscentrale die tegen lage kosten de pro-Russische enclave en Moldavië bevoorraadt. De regering heeft al gewaarschuwd dat het land niet zonder Russisch gas kan.

    In Tiraspol, op twintig minuten lopen van het enorme Lenin-beeld voor het regeringsgebouw, toont een klein krakkemikkig gebouwtje hoe weinig er nog over is van het echte communisme in de Pridnestrovische Moldavische Republiek. In dit hoofdkwartier van de Transnistrische Communistische Partij, volgestouwd met foto’s en standbeelden van communistische leiders en andere Sovjetmemorabilia, werken slechts twee mensen. Een van hen is Nadezjda Bondarenko, de huidige waarnemend voorzitter en redacteur van de communistische krant PCPDe vrouw kende de partijleider goed, en slaat haar armen strak over elkaar heen terwijl ze benadrukt dat hij al sinds 2018 in de gevangenis zit.