Tag: oliesancties

  • Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Hoewel de EU nieuwe sancties heeft ingesteld tegen de handel in Russische fossiele brandstoffen, blijven Europese tankers olie uit Rusland verschepen – en dus de Russische schatkist vullen. Het land verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan olie, kolen en gas.

    Ondanks een EU-embargo exporteren Europese schepen nog steeds miljoenen tonnen fossiele brandstoffen vanuit Rusland. Zo financieren ze een aanzienlijk deel van de oorlog die Vladimir Poetin in Oekraïne begon. De sancties gelden sinds begin december en zijn bedoeld om Rusland minder te laten verdienen aan de oliehandel met Europa. Ook moeten ze Europese rederijen ontmoedigen om Russische olie naar andere landen te vervoeren.

    Uit nieuw onderzoek van Investigate Europe en Reporters United, in samenwerking met Der Tagesspiegel, blijkt dat het embargo grotendeels zonder effect blijft. Rusland blijft profiteren van de export van fossiele brandstoffen – en Europese bedrijven helpen daarbij. Dit blijkt uit scheepsgegevens die het team van journalisten vijf maanden lang heeft verzameld.

    Uit het onderzoek blijkt dat het gesanctioneerde Russische staatsbedrijf Sovcomflot nog altijd handelspartner van Europa is

    Nadat de sancties begin december werden ingevoerd, hebben Europese vrachtschepen en tankers met een capaciteit van bijna 16 miljoen ton draagvermogen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. De schepen vervoerden ongeveer 40 procent van de fossiele brandstoffen die sindsdien de Russische havens zijn uitgevaren.

    Van alle Europese scheepvaartsmaatschappijen doen Griekse rederijen de meeste zaken met Rusland. Maar ook schepen uit Italië, Noorwegen en Duitsland blijven vanuit Russische havens exporteren. Uit het onderzoek blijkt dat ook het Russische staatsbedrijf Sovcomflot, dat door de EU is gesanctioneerd, nog altijd handelspartner van Europa is.

    Oorlogskas

    Vorig jaar hebben de EU-lidstaten de handel in fossiele brandstoffen vanuit Rusland grotendeels aan banden gelegd. Sinds augustus geldt er een verbod op het vervoer van Russische kolen naar Europa, en sinds begin december mogen bedrijven ook geen Russische ruwe olie meer naar de EU verschepen. Naar andere landen mogen Europese rederijen en handelaren alleen ruwe olie uit Rusland vervoeren als deze landen niet meer betalen dan een maximumprijs, die vooraf door de EU-staten is vastgesteld.

    Ondanks deze embargo’s blijven veel Europese bedrijven goed verdienen aan de handel met Rusland. Of de rederijen en handelaren daarbij gemaakte afspraken overtreden, kan niet worden aangetoond aan de hand van openbare gegevens. Duidelijk is in ieder geval dat ze met hun handel de Russische oorlogskas spekken.

    Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten

    Voor het onderzoek analyseerden Investigate Europe en Reporters United de databanken van het Centre for Research on Energy and Clean Air (CREA) en Equasis, leverancier van scheepvaartgegevens.

    Volgens de onderzochte data verlieten tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 in totaal 689 schepen beladen met olie, kolen of gas de Russische havens. Hiervan kwamen 250 schepen uit Europa. De meeste waren gedekt door Europese verzekeraars.

    In de eerste maand na de invoering van de nieuwe sancties hebben binnen de EU vooral Griekse rederijen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. Hun schepen legden in totaal 161 keer aan in Russische havens, met een capaciteit van 12 miljoen ton. Ook Duitse rederijen bleven handel drijven met Rusland: er zijn meer dan twintig gevallen bekend van tankers, met een totale capaciteit van bijna 1 miljoen ton, die vanuit Russische havens fossiele brandstoffen vervoerden.

    De hoeveelheid Russische brandstof die door EU-lidstaten wordt verscheept, is nauwelijks afgenomen

    Onderstaande tabel toont de totale hoeveelheid gas, olie en steenkool die volgens de onderzoeksgegevens tussen 24 februari en eind december vorig jaar vanuit Russische havens naar andere landen is verscheept. De zendingen zijn geordend naar het land waar de betreffende rederij is geregistreerd.
    1. Griekenland                                               135,8 miljoen ton
    2. China                                                          53,8
    3. Verenigde Arabische Emiraten                 35,5
    4. Rusland                                                      18,9
    5. Singapore                                                  17,4
    6. Turkije                                                       17,4
    7. Duitsland                                                   14,2
    8. Japan                                                          12,5
    9. Groot-Brittannië                                        11,3
    10. Monaco                                                     9,9

    Voor zover bekend hebben de Duitse rederijen met hun leveringen niet het embargo geschonden. Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten – en de EU zou de handel in bepaalde olieproducten pas begin februari verbieden.

    Onderstaande gegevens hebben betrekking op de export vanuit Russische havens. Het kan daarbij gaan om olie, gas en steenkool, maar ook afgeleide of verwerkte producten. De onderzochte periode loopt vanaf het begin van het embargo (5 december) tot en met 5 januari.

    De in Bremen gevestigde rederij German Tanker Shipping is verantwoordelijk voor vijftien van de twintig transporten. Tegenover Investigate Europe verklaarde een woordvoerder van het bedrijf dat de rederij ‘alle geldende sancties’ naleeft.

    Maar Svitlana Romanko, directeur van de Oekraïense hulporganisatie Razom We Stand, maakt zich zorgen. ‘Ik ben geschokt dat Europese scheepvaartmaatschappijen Russische olie en gas blijven exporteren,’ zegt ze. ‘Ik eis dat de EU-functionarissen die hiervoor verantwoordelijk zijn onmiddellijk uitzoeken of sancties niet zijn nageleefd en of bedrijven hier illegaal hebben samengewerkt met de Russische staat.’

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties

    Volgens de data-analyse van Investigate Europe en Reporters United hebben schepen met een totale capaciteit van acht miljoen ton tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 olie, kolen en gas vanuit Russische havens naar Europa geëxporteerd. Sinds begin december vorig jaar geldt een EU-embargo op de invoer van Russische ruwe olie. Maar de analyse wijst uit dat ook na het begin van de sancties in ten minste dertig gevallen ruwe olie vanuit Rusland naar Europa is verscheept. In achttien van die gevallen gebeurde dat met Europese schepen.

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties: schepen mogen nog steeds ruwe olie vanuit Russische havens exporteren als die olie oorspronkelijk uit een ander land komt.

    Export via andere landen

    Vanuit Kazachstan worden grote hoeveelheden ruwe olie verscheept naar de Russische havens in Novorossiysk en Oest-Loega. Drieëntwintig van de dertig ladingen ruwe olie die vorige maand de EU bereikten, zijn afkomstig uit Kazachstan. De scheepsterminal in Novorossiysk is onderdeel van het Caspian Pipeline Consortium (CPC), dat via pijpleidingen olie vanuit het westen van Kazachstan naar de haven aan de Zwarte Zee vervoert. De Russische staat heeft 24 procent van dat consortium in handen.

    Naar verluidt blijft de Russische regering naar manieren zoeken om ondanks de sancties toch fossiele brandstoffen naar de EU te kunnen exporteren. De Russische rederij Sovcomflot zou al begonnen zijn een deel van haar vloot over te dragen aan een onderneming die geregistreerd is in de Verenigde Arabische Emiraten. De EU heeft Sovcomflot gesanctioneerd, maar de rederij kan dankzij deze truc handel blijven drijven.

    Vooraanstaande managers van Sovcomflot staan in openbare registers vermeld als bestuurders van de onderneming Sun Ship Management. Die onderneming heeft de afgelopen maand al 39 transporten uitgevoerd, met een capaciteit van 3,2 miljoen ton. Zeven van die verschepingen hadden een haven in de EU als bestemming.

    Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export

    Ondanks de EU-sancties blijft Rusland dus enorme hoeveelheden fossiele brandstoffen exporteren. De totale exportcapaciteit is vorig jaar nauwelijks afgenomen, maar tankers uit Russische havens gaan de laatste tijd vaker naar China, India en Turkije in plaats van naar Europa. Waar hun ladingen uiteindelijk terechtkomen, is moeilijk te traceren.

    De EU heeft naast het exportverbod ook een prijsplafond ingevoerd. In januari publiceerde het Centre for Research on Energy and Clean Air een onderzoek waaruit blijkt dat de wereldmarktprijzen van olie en gas weer aanzienlijk zijn gedaald als gevolg van die maatregel. Maar Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export.

    Het probleem is volgens deskundigen dat China, India en Turkije, de nieuwe handelspartners van Rusland, zich niet aan dat prijsplafond houden. Bovendien ligt het plafond van 56 euro hoger dan de gemiddelde prijs van Russische ruwe olie. De Oekraïense president Volodymyr Zelensky noemt de regeling dan ook ‘zwak’. Samen met Polen en de Baltische staten heeft hij voor een aanzienlijk lager plafond gepleit.

  • Hoe Orbáns Hongarije van twee walletjes eet

    Hoe Orbáns Hongarije van twee walletjes eet

    Hoewel Hongarije meerdere EU-sancties tegen Rusland heeft gesteund, verzet Orbán zich tegen nieuwe maatregelen om bij het Kremlin in de gunst te blijven. Russisch gas wordt er niet goedkoper door, maar de regering-Orbán lijkt wel op een andere manier te profiteren.

    ‘Ik heb nog nooit aan zo’n lange tafel gezeten,’ grapte Viktor Orbán na zijn ontmoeting met Vladimir Poetin op 1 februari 2022. De Hongaarse premier was in Moskou, naar eigen zeggen op een ‘vredesmissie’ om de spanningen tussen ‘het Westen en het Oosten’ te verminderen. (Op dat moment waren meer dan honderdduizend Russische troepen gestationeerd aan de grens met Oekraïne.) Orbán pleitte voor een dialoog en stelde het ‘Hongaarse model’ voor als een uitweg. ‘We zijn lid van de NAVO en de Europese Unie. Toch kunnen we uitstekende betrekkingen met Rusland onderhouden. Dat is mogelijk. Wat hebben we daarvoor nodig? Wederzijds respect,’ zo stelde hij.

    Nog geen maand later, op 24 februari, staken Russische troepen de grens met Oekraïne over. De omvang van de aanval verraste de Hongaarse regering. ‘Zelfs in de vierentwintig uur voorafgaand aan de invasie van Oekraïne waren de Hongaarse inlichtingendiensten ervan overtuigd dat een grootschalige invasie ondenkbaar was,’ vertelt Szabolcs Panyi, onderzoeksjournalist bij Direkt36. ‘Ze waren er zeker van dat Rusland de Oekraïense hoofdstad niet zou aanvallen.’

    Terwijl Russische soldaten raketten afvuurden op Kyiv en andere Oekraïense steden, verklaarde Orbán in een video dat hij de invasie veroordeelde. Hongarije zou aan Oekraïne alleen humanitaire hulp bieden – en geen militaire steun. ‘We moeten alles aanpassen,’ zei Orbán twee dagen later tegen verslaggevers, terwijl hij op bezoek was bij een grenspost waar Oekraïense vluchtelingen aankwamen. Hij vertelde dat er al EU-sancties tegen Rusland in de maak waren, die ook door Hongarije gesteund zouden worden. ‘We gaan niets verhinderen,’ verzekerde de premier. ‘Dit is niet het moment om het beter te weten, maar om eensgezind te zijn – het is oorlog.’

    Volgens Panyi geloofden velen dat Orbán door de grootschalige invasie eindelijk gedwongen zou worden zijn controversiële pro-Kremlinbeleid op te geven en Oekraïne van Hongaarse steun te voorzien. Maar met de parlementsverkiezingen in het verschiet kozen Orbán en zijn rechtse Fidesz-partij voor een andere aanpak.

    ‘Luister, Viktor, weet je wel wat er nu allemaal in Marioepol gebeurt?’

    Ze beloofden humanitaire hulp maar weigerden toe te laten dat wapens vanuit Hongaars grondgebied naar Oekraïne werden vervoerd. Die maatregel moest ‘de veiligheid van Hongarije en de Hongaarse gemeenschap in Transkarpatië’ (een regio in het westen van Oekraïne) garanderen. Orbán sloot vervolgens sancties tegen Russische olie en gas uit, met als argument dat de Hongaarse economie ‘simpelweg niet kan functioneren’ zonder. Hij zorgde ervoor dat Fidesz gepresenteerd werd als de ‘partij van de vrede’. ‘De regering is erin geslaagd de toon van het debat te bepalen. Ze heeft de oppositiepartijen in feite gedwongen ermee in te stemmen, door te zeggen dat zij Hongarije zouden meetrekken in de oorlog als ze aan de macht zouden komen,’ aldus Zsuzsanna Vegh, gastonderzoeker bij het German Marshall Fund van de Verenigde Staten en docent en onderzoeker aan de Europese Universiteit Viadrina.

    Vanzelfsprekend wordt dit dubbelzinnige buitenlandse beleid niet goed ontvangen in Kyiv. Eind maart drong de Oekraïense president Volodymyr Zelensky er bij de Europese Raad op aan dat Hongarije een kant zou kiezen. ‘Je moet zelf beslissen bij wie je hoort. Jullie zijn een soevereine staat,’ zei hij. ‘Luister, Viktor, weet je wel wat er nu allemaal in Marioepol gebeurt?’

    Fidesz sleepte op 3 april 54 procent van de stemmen binnen, waardoor Orbán voor een vierde keer tot premier werd verkozen en zich verzekerd wist van een tweederdemeerderheid in het parlement. In zijn overwinningstoespraak noemde Orbán onder andere de Oekraïense president en ‘Brusselse bureaucraten’ zijn tegenstanders.

    ‘Business as usual’

    Na de verkiezingen gingen Orbán en zijn regering zich nog harder verzetten tegen sancties op Russische energie. De betrekkingen met het Kremlin werden steeds beter. ‘De regering-Orbán deed er alles aan om grote veranderingen in de relatie met Rusland te voorkomen,’ aldus Vegh. ‘De regering bleef de prioriteit geven aan economische verhoudingen en energierelaties en probeerde los daarvan ook zaken te doen zoals voorheen.’

    Dat hield in dat Hongarije een vrijstelling moest zien te verkrijgen van het EU-embargo op Russische olie. Onderdeel daarvan was een overeenkomst met Gazprom om de levering van Russisch gas op te voeren. Bovendien ging de regering door met de bouw van Paks II, een door Rusland gefinancierde kerncentrale. (De Internationale Investeringsbank van Rusland, waarmee andere EU-landen na de invasie van februari niet meer samenwerken, blijft ook vanuit Boedapest opereren.)

    Hongarije is voor 65 procent van zijn olie en 85 procent van zijn gas en nucleaire brandstof afhankelijk van Rusland. Opeenvolgende regeringen hebben weinig moeite gedaan om daarin verandering te brengen. Op de vraag hoe de energierelatie tussen Rusland en Hongarije de afgelopen elf maanden is veranderd, antwoordt energieanalist Nicholas Birman-Trickett dat die ‘relatief hetzelfde is gebleven’. Hongarije blijft vasthouden aan Russische energie-import, onder andere vanwege infrastructurele beperkingen. ‘En natuurlijk zet Orbán zijn relatie met het Kremlin graag in om concessies van de EU te eisen,’ aldus Birman-Trickett.

    ‘Orbán is altijd vrij transparant geweest over [het feit dat] zijn voorwaardelijke steun voor de sancties [tegen Rusland] afhankelijk was van de vraag of de Europese Unie ook iets voor hem zou doen,’ zegt politiek analist András Tóth-Czifra. Volgens Direkt36 hoopten Orbán en zijn regering bijvoorbeeld aanvankelijk dat de Europese Commissie miljarden euro’s aan coronaherstelfondsen (die wegens corruptie werden achtergehouden) zou vrijgeven als ‘beloning’ voor het steunen van de sancties.

    ‘De Hongaarse regering heeft zichzelf in hoge mate padafhankelijk gemaakt’

    Toen dat niet gebeurde, begon de Hongaarse regering haar EU-vetorecht in te zetten. Dat was een probleem, aangezien belangrijke zaken in de EU unaniem moeten worden goedgekeurd. De situatie kwam afgelopen november op scherp te staan, toen Hongarije dreigde om een financieel steunpakket van achttien miljard euro voor Oekraïne te blokkeren. De patstelling werd opgeheven met een compromis: de EU verminderde de financiering.

    ‘Uiteindelijk is het positief geweest dat de Hongaarse regering het gemeenschappelijke Europese [steun]pakket niet gevetood heeft. In december waren er echter al aanwijzingen dat de zesentwintig resterende EU-lidstaten mogelijk een andere weg inslaan wanneer Hongarije dwarsligt,’ aldus Vegh. ‘Ik denk dus dat Hongarije dit niet nog een keer voor elkaar krijgt.’

    Dat betekent echter niet dat Hongarije het niet zal proberen. Vorige week nog zei Orbán dat Hongarije zijn veto zou uitspreken over eventuele sancties tegen de Russische nucleaire sector. Dergelijke sancties noemde hij ‘volstrekt uit den boze’. Ook in Hongarije zelf slaat de antisanctieretoriek van het Fidesz-regime aan. Dat blijkt uit de aanloop naar een recente ‘nationale consultatie’ over de EU-sancties tegen Rusland. Uit de resultaten bleek dat 97 procent van de respondenten tegenstander was van sancties tegen Russische olie en gas. Critici benadrukken hierbij dat de respons laag was (17 procent van de kiesgerechtigden). Bovendien vinden ze dat de vragen misleidend waren: zo werd er gesproken van ‘Brusselse sancties’, maar er werd niet bij vermeld dat alle EU-lidstaten, waaronder Hongarije, elk sanctiepakket tot nu toe hebben goedgekeurd.

    Over de kosten en baten van een nauwe band met Rusland zegt Vegh dat er wat buitenlands beleid betreft ‘vooral sprake is van kosten’. De betrekkingen met Oekraïne hebben een historisch dieptepunt bereikt en Hongarije is verder verwijderd geraakt van zijn westerse bondgenoten. Toch lijkt het onwaarschijnlijk dat Hongarije zijn beleid binnenkort zal wijzigen. ‘De Hongaarse regering heeft zichzelf in hoge mate padafhankelijk gemaakt,’ legt ze uit. ‘Het is niet onmogelijk, maar het zou ontzettend moeilijk voor Orbán zijn om nu nog terug te krabbelen.’

    Angst en gunsten

    Toen hij in februari 2022 met Orbán aan de lange tafel zat, beweerde Poetin dat Hongarije, dankzij het meest recente langetermijncontract met Gazprom, ‘Russisch gas koopt tegen een prijs die vijf keer zo laag is als de Europese marktprijs’. Tijdens de daaropvolgende persconferentie verklaarde Orbán dat het Russische gas de reden was dat Hongarije jarenlang de tarieven voor nutsvoorzieningen kon bevriezen. ‘Als we Russisch gas hebben, kunnen we de Hongaarse huishoudens goedkoop bevoorraden (…). Zonder Russisch gas kunnen we dat niet,’ aldus de premier.

    Het prijsplafond is een van de ‘belangrijkste en meest symbolische beleidsmaatregelen’ van de regering-Orbán in de afgelopen tien jaar, aldus Tóth-Czifra. Dat plafond werd voor het eerst ingevoerd vóór de verkiezingen van 2014 en was tevens een belangrijk speerpunt in de herverkiezingscampagne van Orbán in 2022. Maar het verhaal over ‘goedkoop Russisch gas’ werd al snel ontkracht. Kort na de verkiezingen meldden de Hongaarse media (op basis van gegevens over de buitenlandse handel) dat de prijsformule van het ‘goedkope’ gas gekoppeld bleek te zijn aan de marktprijzen van de voorgaande maanden. In juli kondigde de Hongaarse regering een ‘energienoodtoestand’ af. Bovendien was er sprake van een flinke koerswijziging: er werden plannen aangekondigd om de prijsplafonds voor huishoudelijk gas- en elektriciteitsverbruik boven het nationale gemiddelde af te schaffen.

    De economische situatie van Hongarije liep najaar 2022 uit de hand. In november waren de voedselprijzen op jaarbasis met 49 procent gestegen en tegen het einde van het jaar bedroeg de inflatie 25 procent. Volgens Tóth-Czifra was dit ook grotendeels te wijten aan het feit dat het regeringsbeleid een averechts effect had.

    In december zag de regering van Orbán zich genoodzaakt om het prijsplafond voor brandstoffen op te heffen vanwege tekorten in het hele land. Ondertussen leidde een poging om de prijzen van basisvoedingsmiddelen aan banden te leggen ertoe dat handelaren vlak voor de feestdagen hun producten gingen rantsoeneren. ‘Eind vorig jaar, toen de gasprijzen in Europa al daalden, betaalde Hongarije aanzienlijk meer voor Russisch gas dan consumenten elders in Europa,’ aldus Tóth-Czifra.

    ‘Dat de Hongaarse regering deze gunsten aan Rusland wil verlenen, toont aan dat ze enigszins wanhopig is’

    György Matolcsy, gouverneur van de Hongaarse centrale bank, heeft alarm geslagen over het economische beleid van de regering. Hij noemt de prijsplafonds een ‘gebrekkige crisisstrategie’ en een aanjager van de inflatie. Maar in plaats van het roer om te gooien, kiezen Orbán en zijn regering ervoor naar anderen te wijzen – de EU-sancties tegen Rusland, welteverstaan. Onlangs benadrukte Péter Szijjártó, de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken, in een interview dat de sancties hebben gefaald en dat ze meer schade hebben toegebracht aan de Europese economieën dan aan Rusland.

    ‘De Hongaarse regering is in feite gewoon bang dat de Russen de gastoevoer zullen stopzetten,’ zegt Panyi. Dat maakt hij onder andere op uit de ‘gunsten’ die Hongarije verleent om in de gratie van het Kremlin te blijven. Als voorbeeld draagt hij aan dat Hongarije door te lobbyen voor elkaar heeft gekregen dat Kirill, de patriarch van de Russisch-orthodoxe kerk, vrijgesteld wordt van sancties. Onlangs vertelden diplomatieke bronnen aan RFE/RL dat Hongarije bij de EU een verzoek heeft ingediend om negen mensen (te weten oligarchen en hun familieleden) van de sanctielijst tegen Rusland te verwijderen. ‘Dat de Hongaarse regering deze gunsten aan Rusland wil verlenen, toont wat mij betreft aan dat ze enigszins wanhopig is,’ aldus Panyi.

    Het Hongaarse regime zal hier toch op de een of andere manier van profiteren. ‘Waar het hier echt om gaat, is dat er bij alle soorten zakendeals [met Rusland] beschuldigingen van corruptie zijn geweest – of het nu ging om olie of gas, nucleaire deals of zelfs de aankoop van metrostellen in Boedapest,’ aldus Panyi. Hij verwijst hiermee naar zijn eerdere rapportages. ‘Er loopt een duidelijk geldspoor vanuit de Russische staatskas naar de broekzakken van mensen in de inner circle van premier Orbán.’

    Lees ook:

  • Polen krijgt geen aardolie meer van Rusland

    Polen krijgt geen aardolie meer van Rusland

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » De VS en Canada verbieden ambtenaren om TikTok te gebruiken

    » Afrika getroffen door ‘beangstigende’ cholera-epidemie

    Geen olie meer voor Polen via Droezjba-pijpleiding

    Het Poolse olieconcern Orlen krijgt geen aardolie meer uit Rusland, zo bracht het bedrijf zaterdag naar buiten. De leveringen via de Droezjba-pijpleiding aan Polen zijn door Rusland stopgezet. Tegelijkertijd, zo benadrukte Orlen, is het bedrijf helemaal voorbereid op een dergelijke situatie en kunnen leveringen aan zijn raffinaderijen volledig over zee plaatsvinden, schrijft Onet Wiadomosci.

    Het stopzetten van de olietoevoer via de pijpleiding zal geen gevolgen hebben voor de levering van de bedrijfsproducten aan Poolse klanten, waaronder benzine en diesel, aldus Orlen. De Russische aardolieleveringen dekten sinds begin februari 2023, toen het contract met het bedrijf Rosneft verlopen was, nog maar zo’n 10 procent van de vraag van Orlen naar deze grondstof. Het betrof uitsluitend de toevoer via pijpleidingen, waarvoor geen internationale sancties werden opgelegd.

    Een belangrijke handelspartner van het Poolse bedrijf is Saudi Aramco, de staatsoliemaatschappij van Saudi-Arabië

    Het Poolse olieconcern benadrukte dat het sinds het begin van de oorlog in Oekraïne de overzeese invoer van aardolie en kant-en-klare brandstoffen uit Rusland had stopgezet, lang voordat de EU-embargo’s op dergelijke leveringen werden ingesteld. Orlen moet het nu vooral hebben van import uit gebieden als de Noordzee, West-Afrika, de Middellandse Zee en de Perzische en Mexicaanse Golf. Een belangrijke handelspartner van het Poolse bedrijf is Saudi Aramco, de staatsoliemaatschappij van Saudi-Arabië, waarmee het in 2022 een overeenkomst is aangegaan inzake de levering van aardolie.

    Het Poolse bedrijf heeft nog een contract voor de levering van aardolie met het Russische bedrijf Tatneft dat geldig is tot eind 2024. Maar nu Rusland de kraan van de Droezjba-pijpleiding heeft dichtgedraaid, ontvangt het geen olie meer. Orlen verklaarde al eerder dat het de invoer zal stopzetten indien de EU passende sancties oplegt. Het bedrijf wilde het contract niet ontbinden, omdat dat het risico met zich meebrengt dat het een schadevergoeding moet betalen.

    Lees ook:

  • Venezuela: VS versoepelt oliesancties in ruil voor dialoog met oppositie

    Venezuela: VS versoepelt oliesancties in ruil voor dialoog met oppositie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Biden spreekt zich uit tegen het ‘gif’ van witte suprematie na terreuraanslag

    » Britse regering dreigt Noord-Ierlandprotocol te veranderen

    Voorzichtige versoepeling van sancties tegen Maduro

    De regering-Biden heeft besloten een gebaar te maken en versoepelt enkele sancties tegen Venezuela om zo te proberen de dialoog tussen het regime van Nicolás Maduro en de oppositie aan te moedigen, zei een hoge Amerikaanse ambtenaar dinsdag, aldus El País. Het besluit lijkt zijn vruchten te hebben afgeworpen: kort na de aankondiging kwamen de socialistische regering en de oppositie bijeen om de besprekingen te hervatten. De onderhandelingen, die vorig jaar in Mexico waren begonnen, werden in oktober onderbroken.

    Na de Russische inval in Oekraïne zijn de regeringen van de VS en Venezuela nader tot elkaar gekomen

    De veranderingen zijn niet materieel ingrijpend, maar geven wel degelijk een signaal af. Bovendien zei een hoge regeringsambtenaar dat bijkomende stappen kunnen worden ondernomen indien de dialoog gunstig verloopt, en de versoepelingen teruggedraaid kunnen worden wanneer dit niet het geval is. Met haar nieuwe besluit zal de regering de Amerikaanse oliemaatschappij Chevron toestaan te onderhandelen over een vergunning met de staatsoliemaatschappij PDVSA. Chevron mag nog steeds niet boren op Venezolaans grondgebied of olie uit het land exporteren.

    Na de Russische inval in Oekraïne zijn de regeringen van de VS en Venezuela nader tot elkaar gekomen. Venezolaanse olie wordt vanwege de sancties tegen Rusland van grotere strategische waarde.

    Lees ook: