Tag: ouderschap

  • Zijn jongere vaders betere vaders?

    Zijn jongere vaders betere vaders?

    Duitse mannen worden steeds later vader. In 2022 waren ze gemiddeld 34,7 jaar oud toen hun kinderen werden geboren. In veel andere landen is er een gelijke trend te zien. Is dat een ongunstige ontwikkeling? Twee redacteuren van Süddeutsche Zeitung gaan met elkaar in debat.

    JA: ‘De fysieke conditie van jonge vaders is een groot voordeel’ 

    Onredelijk, onvolwassen, onbekwaam: wie jong en mogelijk ongepland kinderen krijgt, wordt vaak onterecht belasterd. Op de vraag of oudere mannen betere vaders zijn dan jongere mannen, is geen algemeen antwoord te geven. Maar er zijn goede argumenten om op jonge leeftijd kinderen te krijgen – vanuit medisch, psychologisch, professioneel en misschien zelfs filosofisch oogpunt.

    Vanuit medisch oogpunt is halverwege de twintig voor mannen de beste leeftijd om zich voort te planten. Uit een onderzoek blijkt dat de leeftijd van vaders een vergelijkbaar effect kan hebben op het kind als de leeftijd van moeders. Zo neemt de hoeveelheid en kwaliteit van het sperma af naarmate de man ouder wordt, waardoor het risico op een miskraam en ziekten zoals autisme, leukemie en hartaandoeningen toeneemt. Als alles goed gaat en de baby gezond ter wereld komt, speelt de fysieke conditie van de vader ook een rol. 

    Vroeg gaan werken ondanks slaapgebrek is als vijfentwintigjarige misschien gemakkelijker dan als je begin vijftig bent. Ja, een baan en een baby vormen een dubbele belasting, maar fysieke kwalen en kinderen zijn ook een dubbele belasting. Skiën en voetballen met de kinderen? Geweldig op je dertigste, maar met artrose in de knie of een hernia wordt dat een stuk lastiger.

    Het leven met kleine kinderen vereist niet alleen een vast inkomen, maar ook fantasie en gevoel voor humor

    Een van de redenen waarom de gemiddelde leeftijd van ouders stijgt, heeft te maken met de angst voor geldgebrek. Wie tijdens zijn studie voor het eerst vader wordt en nog geen vaste baan heeft en geen goede woning of auto, krijgt vaak de vraag: gaat dat wel? Het antwoord: dat gaat. Niet alles hoeft van tevoren gepland te zijn, van de kinderkamer in op elkaar afgestemde pasteltinten tot het organogram voor het gelijkmatig verdelen van de flesvoeding. In het alledaagse leven van jonge ouders valt sowieso weinig te plannen. Als het gezin wordt gesteund door vrienden en familie, is leeftijd niet echt een probleem.

    ‘Hij is zelf nog een kind,’ zeggen critici graag over jonge vaders. En dan? Misschien ben je begin twintig gewoon nog geen burgermannetje. Gelukkig maar! Want het leven met kleine kinderen vereist niet alleen een vast inkomen, maar ook fantasie en gevoel voor humor. En wat ziet er kinderachtiger uit dan een man van midden zestig die rondloopt met een baseballpet en een hip shirt om maar een jeugdige uitstraling te hebben?

    In tegenstelling tot hun leeftijdsgenoten kunnen jonge ouders zich niet uitleven en onbeperkt dingen uitproberen. Terwijl vrienden feesten en reizen plannen, moeten zij geld verdienen en voor hun kinderen zorgen. Maar twintig jaar later is de situatie omgekeerd: terwijl latere ouders om hun vijftigste met pubers te maken hebben, hebben jonge ouders dan inmiddels hun vrijheid terug – en wel in de bloei van hun leven.    

    Het belangrijkste argument ten gunste van vroeg ouderschap: overlappende levensfasen. Als je vroeg kinderen krijgt en dan nog lang gezond en hopelijk ook nog redelijk aanspreekbaar blijft, bijvoorbeeld tot halverwege de tachtig, kun je als alles goed gaat zestig jaar samenleven als gezin. Als je kinderen ziet als het belangrijkste en mooiste wat er is, dan wil je dat natuurlijk liever dan slechts tien of twintig jaar met ze zijn. In die zin is vader worden op jonge leeftijd zowel zinvol als belonend.

    Titus Arnu, geboren in 1966 in Laufenburg in Zwitserland, schrijft bij Süddeutsche Zeitung voornamelijk voor de rubrieken maatschappij, stijl en panorama. Hij werkte eerder voor het tijdschrift SZ Wissen en schreef voor SZ-Magazin, Spiegel, Geo, Natur en Mare. Hij studeerde aan de Duitse School voor Journalistiek en studeerde literatuurwetenschap en journalistiek in München.


    NEE: ‘Latere vaders hebben minder last van stress van werk’

    Je kunt de openingsvraag heel snel beantwoorden, namelijk: nee, waarom zou dat beter zijn? Of iemand een ‘goede’ vader is of niet, is geen kwestie van leeftijd. Is een vader van halverwege de twintig die met zijn kind zou kunnen voetballen, maar daar helaas geen tijd voor heeft omdat hij gestrest op zijn werk zit, een betere vader dan een vader van midden vijftig die weliswaar niet meer de snelste is, maar wel voor het avondeten thuis? 

    In 2008 schreef de Zwitserse journalist Philipp Dreyer, die zelf pas op bijna vijftigjarige leeftijd vader werd, een boek over ‘late vaders’. In een voorwoord beschreef de beroemde Zwitserse kinderarts Remo Largo, die in 2020 overleed, een belangrijk verschil tussen vroege en late vaders. In dit geval betekent een late vader iemand die na zijn vijftigste voor het eerst vader wordt. Zo iemand heeft het grootste deel van zijn professionele leven al achter de rug. Hij heeft zijn professionele doelen bereikt of hij heeft er vrede mee dat hij ze niet meer zal bereiken. ‘Nu hij de stress van zijn carrière achter zich heeft gelaten, is hij duidelijk opener van geest en ryolar. De vaders laten het kind dicht bij hen komen. Ze hebben behoefte aan sensuele ervaringen,’ schrijft Largo.

    ‘Sinds ik kinderen heb, heb ik geen zin meer in een carrière’

    Alle vaders die in het boek aan het woord komen, hebben ondanks hun verschillen één ding gemeen: hun eigen instelling is volledig veranderd als gevolg van het krijgen van een kind. Dingen die voorheen belangrijk waren voor hun zelfbeeld, zijn op de achtergrond geraakt. ‘Sinds ik kinderen heb, heb ik geen zin meer in een carrière,’ zegt een van hen bijvoorbeeld. Zou iemand van dertig dat ook zeggen?

    Kinderen brengen niet alleen veel geluk, maar vragen ook om veel opofferingen. De eerste jaren met een klein kind zijn uitputtend – ieder die iets anders beweert, houdt zichzelf voor de gek. Later, tijdens de schooljaren, zijn er weer andere dingen voor ouders om zich zorgen over te maken. Een puberende tiener is een puberende tiener, hoe oud de vader ook is. En de wanhoop vanwege de onwil om naar school te gaan, die vaak op deze leeftijd ontstaat, kan voor een vader van midden veertig, die zelf nog veel stress heeft op zijn werk, groter zijn dan voor een vader van zestig jaar of ouder die meer kalmte en relativeringsvermogen heeft.

    Als je op jonge leeftijd vader wordt, kun je accepteren dat je offers maakt, in de wetenschap dat je de achterstand later weer in kan halen. Maar een oudere vader die in zijn jongere, kinderloze jaren volop heeft geleefd zonder zulke offers te maken, zal daar ook geen problemen mee hebben omdat hij simpelweg niets in te halen heeft.

    Je moet klaar zijn voor een leven met kinderen, hoe oud je ook bent. Het is geen taak om af te vinken, zoals je op je werk doet. Ouder zijn betekent je kind helpen zijn talenten en persoonlijkheid te ontwikkelen. Het een stabiel gevoel van eigenwaarde en een moraal meegeven. Interesse tonen voor zijn vreugde en ontberingen. Antwoorden geven op vragen. Samen kleine en grote conflicten oplossen. Er zijn wanneer je nodig bent en tegelijkertijd steeds meer loslaten zodat het kind zijn eigen ervaringen kan opdoen. Vertrouwen geven en vertrouwen hebben. Dat is veel en het is niet altijd gemakkelijk. Onvermijdelijk zul je ook fouten maken. Sommigen meer, anderen minder. Een goede vader zijn en blijven: dat kan op elke leeftijd. Net zoals je op elke leeftijd kunt falen.

    Na gewerkt te hebben voor de Donaukurier, Stern, Frankfurter Rundschau en Die Woche, trad Peter Fahrenholz in december 2000 in dienst bij Süddeutsche Zeitung als politiek verslaggever. Van 2006 tot 2007 was hij plaatsvervangend hoofd van de afdeling binnenlandse politiek. Van 2015 tot 2020 hoofd van de afdeling Reizen, mobiliteit, speciale onderwerpen en van 2021 tot 2022 hoofdredacteur van de afdeling politiek.

  • Hoe Europese landen het geboortecijfer proberen op te krikken

    Hoe Europese landen het geboortecijfer proberen op te krikken

    Bijna overal in Europa proberen regeringen de geboortecijfers op te krikken. In het ene land gaat dit met meer succes gepaard dan in het andere. Eén ding staat in ieder geval als een paal boven water: geld alleen helpt niet.

    Het plan van minister Lisa Paus [de Duitse minister van Gezin, Senioren, Vrouwen en Jongeren] om de ouderschapsuitkering af te schaffen voor stellen met hogere inkomens is onderwerp van verhitte debatten. Ook de toekomst van de gescheiden belastingaanslag voor echtgenoten is binnen de Duitse coalitie een twistpunt. Maar is gezinsbeleid alleen in Duitsland controversieel? Hoe is de situatie in andere Europese landen? Hoe ontwikkelen de cijfers zich daar en welke tegemoetkomingen krijgen ouders en kinderen?

    Polen

    Spanje en Italië kijken misschien jaloers naar het geboortecijfer van Polen, maar vergeleken met zijn EU-buren komt Polen achteraan met 1,33 kind per gezin (in 2021). Zelfs het Familie 500+-programma heeft daar geen verandering in kunnen brengen. Sinds de partij PiS in 2016 aan de macht is, ontvangt elk gezin 500 złoty per kind per maand, ongeacht het inkomen, tot de achttiende verjaardag van het kind. Omgerekend is dat ongeveer 112 euro.

    De PiS-regering verwaarloost de gezondheidszorg, schaft seksuele voorlichting op scholen af, beperkt de toegang tot voorbehoedsmiddelen en staat abortussen alleen toe na verkrachting, incest of als het leven van de moeder gevaar loopt. Toch is het 500+-programma als belangrijke sociale beleidsmaatregel onomstreden. In de verkiezingscampagne overboden de PiS en zijn grootste tegenstander, de PO van Donald Tusk, elkaar met beloftes. De PiS heeft vanaf 2024 een kinderbijslag van 800 złoty beloofd. Hoe dat gefinancierd moet worden is onduidelijk.

    Dat het geboortecijfer nog steeds niet stijgt, komt volgens activisten voor vrouwenrechten mede door het verbod op abortus. Jonge vrouwen zijn bang om zwanger te worden. Er sterven regelmatig zwangere vrouwen in Poolse ziekenhuizen. In alle gevallen stierf de foetus in de baarmoeder. Als er niet snel wordt ingegrepen, leidt dat tot een fatale sepsis [een heftige reactie op een bacterie]. 

    Door een gebrek aan kinderopvangplaatsen is het vooral voor vrouwen ook moeilijk om weer aan het werk te gaan. Pas na de derde verjaardag van het kind is er recht op gratis kinderopvang. Het maakt de wetgever niet uit of de vader of de moeder ouderschapsverlof opneemt; degene die voor het kind zorgt, krijgt kinderopvangtoeslag. Om het geboortecijfer te verhogen, dragen verschillende steden bij aan de kosten van in-vitrofertilisatie (ivf). Onder de PO-regering gold dat voor het hele land, maar de PiS heeft deze maatregel stopgezet.

    Oostenrijk

    Wat betreft sociale uitkeringen voor ouders is Oostenrijk vrij royaal in vergelijking met de rest van Europa. Er is een inkomensafhankelijke ouderschapsuitkering van 80 procent van het inkomen, tot een maximum van 2100 euro per maand – als alternatief zijn er verschillende soorten forfaitaire regelingen, bijvoorbeeld voor mensen die voor de geboorte geen betaald werk hadden. Er is een gezinstijdbonus en een leeftijdsgebonden kinderbijslag. De regeringspartij ÖVP heeft zich onlangs zelfs uitgesproken voor uitbreiding van de kinderopvang vanwege het enorme tekort aan geschoolde arbeidskrachten en het hoge percentage deeltijdwerkers onder vrouwen.

    Op papier ziet het er allemaal goed uit, maar in de praktijk ontbreekt het belangrijkste: keuzevrijheid. Het blijft bij mooie woorden, en vooral in deelstaten waar de FPÖ in de regering zit, wordt symboolpolitiek bedreven. In Salzburg hebben de rechtspopulisten een ‘kuddepremie’ in het regeerakkoord laten opnemen, en ook in Neder-Oostenrijk wil de FPÖ ‘staatskinderbijslag’ voor ouders die hun kinderen thuis opvangen. De ‘kuddepremie’ bestaat in Opper-Oostenrijk al jaren. Tegelijkertijd bestaat er in alle conservatief geregeerde deelstaten een enorm tekort aan plekken op kinderdagverblijven. Gedurende bijna twee maanden per jaar, veel langer dan welke vakantie ook, is meer dan een tiende van de kinderdagverblijven gesloten. Salzburg heeft voor slechts 24 procent van de kinderen onder de drie jaar plek bij de kinderopvang.

    Ondertussen daalt het geboortecijfer (in 2021 was het 1,48). Het antwoord van de FPÖ, met ongeveer 30 procent de sterkste partij in de peilingen: ‘Oostenrijk is geen immigratieland. Daarom voeren we een geboortegericht gezinsbeleid.’ Dat gaat de partij doen door ‘prioriteit te geven aan het huwelijk tussen man en vrouw als een bijzondere vorm van bescherming van het welzijn van het kind’. ‘De opvang van kinderen binnen de zekerheid van het gezin heeft bij ons de voorkeur boven vervangende maatregelen van de overheid.’

    Groot-Brittannië

    De Britten worden van oudsher voornamelijk geregeerd door conservatieve Tories en die hebben als uitgangspunt dat de staat zo min mogelijk moet ingrijpen, lees: regelen of helpen. Voor ouders is er daarom weinig financiële steun. Wat er wel is, voor wie, wanneer en hoeveel, is bovendien behoorlijk ingewikkeld.

    De situatie van de moeder is altijd doorslaggevend (ongeacht of ze een natuurlijke moeder of een adoptiemoeder is). Als de moeder vóór de zwangerschap in vaste dienst was en in ieder geval het minimumloon verdiende, hebben de ouders recht op maximaal 39 weken door de staat betaald ouderschapsverlof, waarbij het aan de ouders is hoe ze deze 39 weken onderling verdelen. De eerste zes weken wordt 90 procent van het salaris van de moeder uitbetaald, zonder bovengrens. Deze periode van zes weken kan ook beginnen tijdens de zwangerschap, bijvoorbeeld als de moeder niet kan werken. Voor de resterende 33 weken is er slechts een maximum van ongeveer 172 pond (200 euro) per week. Als de moeder vóór de zwangerschap geen vast dienstverband had, kan de vader maximaal twee weken betaald ouderschapsverlof aanvragen, maar ook hij ontvangt dan slechts 172 pond per week. Als het huishouden als geheel weinig verdient, zijn er nog andere sociale uitkeringen mogelijk, zoals huursubsidie of een bijdrage in de kosten voor kinderopvang.

    De combinatie van relatief weinig financiële tegemoetkoming van de staat en de algemeen stijgende kosten van levensonderhoud heeft vanzelfsprekend gevolgen voor de manier waarop Britse gezinnen leven en werken. Het Office for National Statistics merkt op dat het sinds 2020 ‘gebruikelijk is dat beide ouders voltijds werken’, in tegenstelling tot vroeger, toen in het typische Britse gezin een tweede werkende ouder hoogstens een deeltijdbaan had. Gezinsbeleid is een terugkerend thema in het Verenigd Koninkrijk – maar geen centraal thema, althans niet voor de huidige Tory-regering. Premier Rishi Sunak heeft vijf doelen gesteld voor de verkiezingen van volgend jaar, en die gaan over vluchtelingen en de slechte economische situatie. Gezinnen komen er niet in voor.

    Spanje

    Rechtse partijen in Spanje willen meer prioriteit voor de verhoging van het relatief lage geboortecijfer (1,19 in 2021). Het gezinsbeleid van de linkse regering van premier Pedro Sánchez was daarentegen vooral gericht op het bevorderen van gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Tweeënhalf jaar geleden veranderde de regering de regels voor ouderschapsverlof en ouderschapsuitkering. Sindsdien hebben vaders in Spanje recht op dezelfde hoeveelheid ouderschapsverlof als moeders, namelijk zestien weken. En dat niet alleen: de eerste zes weken ouderschapsverlof direct na de geboorte zijn verplicht voor vaders. Daarna is het aan hen of ze het verdere ouderschapsverlof in één keer opnemen of in losse weken tot de eerste verjaardag van het kind. 

    Tijdens de ambtstermijn van Sánchez werd het ouderschapsverlof voor vaders steeds een beetje verlengd: van vier weken in 2018 naar acht, toen twaalf en uiteindelijk zestien weken. Vaders kunnen hun weken niet overdragen aan moeders. Hiermee voorkomt de Spaanse regering wat in Duitsland nog steeds gebruikelijk is: dat moeders aanzienlijk meer ouderschapsverlof opnemen dan vaders.

    Toen de laatste stap van dit beleid werd doorgevoerd, noemden veel feministen dat historisch. Werkgevers weten nu dat iedereen, man of vrouw, na de geboorte van een kind een tijdje thuis zal blijven. Er is echter ook kritiek: velen vinden de zestien weken ouderschapsverlof per partner te kort. Vooral omdat openbare kinderdagverblijven niet voor alle kinderen plek hebben. Als er dan evenmin genoeg geld is voor een oppas, zijn het uiteindelijk meestal de vrouwen die thuisblijven.

    Tijdens de bij elkaar opgeteld acht maanden ouderschapsverlof krijgen vaders en moeders in Spanje volledige looncompensatie. In Spanje bestaat in het algemeen echter geen kinderbijslag, die is er alleen voor kinderen met een handicap. Alleenstaande ouders of ouders met drie of meer kinderen ontvangen een eenmalige uitkering van 1000 euro na de geboorte.

    Italië

    Terwijl extreemrechts in Spanje er nog van droomt om de macht te grijpen, is dat in Italië al gelukt. Het is duidelijk dat het dramatisch lage geboortecijfer (1,25 in 2021) deze regering zorgen baart. Het aantal pasgeborenen daalde in 2022 voor het eerst onder de drempel van vierhonderdduizend. De bevolking van Italië daalt al jaren gestaag – tot 58,85 miljoen mensen bij de laatste telling – en zou kunnen krimpen naar 37 miljoen in 2060. De partij Fratelli d’Italia van premier Giorgia Meloni liet weten dat er geen ‘etnische vervanging’ zal plaatsvinden, dus geen ‘bevolkingsuitruil’ van Italianen tegen immigranten. Dit fascistische taalgebruik leidde tot een storm van verontwaardiging bij gematigde partijen.

    Tot nu toe heeft Meloni echter nog geen strategie om de bevolkingsafname tegen te gaan en daarmee de economie te voorzien van meer werknemers en het sociale stelsel van meer belastingbetalers. De nadruk op conservatieve gezinswaarden is duidelijk niet genoeg om het tij te keren. Er wordt gesproken over meer kinderopvang en hiervoor is zelfs 4,6 miljard euro beschikbaar, voornamelijk uit EU-fondsen. Maar de staat slaagt er niet in om landelijk meer kinderdagverblijven te bouwen. Zelfs een belastingvrije toelage van 950 euro per kind en de aanzienlijk verhoogde kinderbijslag onder de vorige regering van Mario Draghi blijken niet bevorderend te werken. 

    Al met al bevindt Italië zich wat betreft financiële steun voor kinderen in het laagste derde deel van de groep geïndustrialiseerde landen van de OESO. Er is geen sprake van gelijke voorwaarden voor vaders en moeders: moeders kunnen vijf maanden ouderschapsverlof nemen tegen 80 procent van hun salaris, vaders slechts tien dagen, tegen 100 procent van hun salaris.

    Frankrijk

    Frankrijk wordt in Duitsland vaak genoemd als rolmodel, en als je een van de belangrijkste doelen van gezinsbeleid – een groot aantal kinderen – als maatstaf neemt, is dat ook wel terecht. In Frankrijk worden aanzienlijk meer kinderen geboren, het land loopt al lang voorop in de EU en de staat werkt hier dan ook al sinds de Tweede Wereldoorlog aan. Hoewel het geboortecijfer de laatste tijd is gedaald, ligt het met ongeveer 1,8 kinderen nog steeds ver boven het Duitse cijfer, dat rond de 1,5 schommelt. Vrouwen blijven niet alleen minder vaak kinderloos, ze hebben ook vaker grote gezinnen met drie of meer kinderen.

    Daar zijn verschillende redenen voor. In 2020 bleek uit een vergelijkende studie van het Europees Centrum voor Economisch Onderzoek dat financiële factoren vooropstaan. Dankzij betere kinderopvang is het al tientallen jaren gemakkelijker om gezin en werk te combineren. Veel Franse vrouwen beginnen snel na de bevalling weer te werken. Tussen twee bevallingen verlaten ze de arbeidsmarkt meestal niet. De kleintjes worden ondergebracht bij een kinderoppas of in een kinderdagverblijf, waar echter een tekort aan plaatsen is. 

    Op driejarige leeftijd gaan ze naar de école maternelle, de kleuterschool. Ook in Frankrijk neemt het aantal kinderen af naarmate de ouders beter opgeleid zijn, maar lang niet zo veel als in Duitsland. Meer vrouwen werken fulltime. Dit alles bevordert de gelijkheid, maar vrouwen dragen nog steeds veruit de grootste lasten en ervaren dan ook veel stress.

    De sociale uitkeringen voor gezinnen liggen ver boven het EU-gemiddelde. Naast een geboortepremie is er kinderbijslag vanaf het tweede kind en een extra vaste uitkering voor drie of meer kinderen. Moeders hebben recht op minstens zestien weken betaald zwangerschapsverlof, dat vanaf het derde kind wordt verlengd. Ze kunnen tot drie jaar ouderschapsverlof aanvragen bij hun werkgever, maar krijgen ondertussen relatief weinig steun. Belastingtechnisch profiteren Franse stellen van een splitsingssysteem voor gezinnen dat in feite nauwelijks verschilt van het Duitse systeem; in plaats van kindertoeslagen zijn er echter extra splitsingsfactoren voor kinderen. De toeslag voor het derde kind is twee keer zo hoog als voor het tweede.

    Lees ook:

  • Singles hebben geen haast, ouders wel

    Singles hebben geen haast, ouders wel

    Voor Chinese jongeren 
ligt de gemiddelde trouw‑
leeftijd tegenwoordig op 24 jaar. Daarom besluit de 23-jarige arbeiderszoon Zheping Huang zijn 
geluk te beproeven op 
een huwelijksmarkt.

    Shanghais zevende jaarlijkse ‘Liefdes- en huwelijksexpo’ werd dit jaar gehouden in het Aima Palace, in de noordoostelijke voorstad Baoshan – in het district waar ik woon. Het paleis en het omliggende park zijn ontworpen voor trouwceremonies in westerse stijl, maar op 31 oktober kwamen er meer dan vierduizend vrijgezel‑
len bijeen, op zoek naar hun wederhelft.

    Als 23-jarig enig kind uit een arbeidersgezin in Shanghai ben ik niet naarstig op zoek naar een vriendin. Maar tegenwoordig is het in China de norm om 
op jonge leeftijd te trouwen. Dat vinden mijn ouders ook. Sinds ik een baan heb, stellen ze zo nu en dan de indirecte vraag: ‘Heb je al een doel?’ Met ‘doel’ bedoelen ze vriendin – eentje met wie ik een stabiele en serieuze relatie heb en die ik mee naar huis kan nemen om Chinees Nieuwjaar te vieren.

    Mijn moeder heeft me niet gedwongen naar die huwelijksmarkt te gaan. Wel bracht ze tijdens elk telefoongesprek het onderwerp ter sprake: ‘Je kunt toch gewoon even gaan kijken?’ zei ze steeds. Dus daar stond ik dan, netjes gekleed, te kijken naar een groot mededelingen‑
bord, waarop ik mijn foto tussen 
honderden andere zag hangen, met daaronder de tekst:
    Naam: Huang
    Opleiding: Masterdiploma
    Geboortedatum: maart 1992
    Jaarsalaris: …

    Zoeken naar de ware op de ‘First Shanghai Marriage en Love Expo’ in Shanghai, die bezocht werd door 11,000 single mannen en vrouwen en 4,000 ouders. – © Getty Images
    Zoeken naar de ware op de ‘First Shanghai Marriage en Love Expo’ in Shanghai, die bezocht werd door 11,000 single mannen en vrouwen en 4,000 ouders. – © Getty Images

    Toen ik me online inschreef, had ik mijn jaarinkomen ingevuld – dat was een verplichte vraag, net als de vragen over je lengte, gewicht, sterrenbeeld 
en of je een eigen huis hebt of een auto. Maar ik had niet verwacht dat ze van iedere deelnemer een poster zouden ophangen waarop zijn of haar salaris voor iedere voorbijganger zichtbaar zou zijn.

    Volgens mijn eigen telling hingen er ongeveer tweeduizend mannen en tweeduizend vrouwen op die muur, maar op de bijeenkomst waren er meer vrouwen dan mannen. Terwijl ik die posters aan het lezen was, zag ik daar een meisje staan. Ze leek me tussen 
de twintig en dertig jaar, had lang, mooi geverfd bruin haar, en droeg een spijkerhemd en een zwarte legging, een beetje de Koreaanse stijl. We keken elkaar aan. Ze stapte op me af.

    ‘Hé, in welk jaar ben jij geboren?’ 
vroeg ze me in een Shanghais dialect. De manier waarop ze ‘hé’ zei, was niet erg beleefd. Voordat ze vervolgens meteen weer doorliep, zei ze: ‘Ik ben bijna een cyclus ouder dan jij.’ Een ‘cyclus’ betekent de cyclus van twaalf jaar van de Chinese dierenriem. Ze vond mij te jong voor een date, dus wilde ze geen seconde langer tijd aan mij verspillen.

    Ik wilde liever zelf een vriendin zoeken

    Hoe langer ik op de expo was, des te meer het me opviel dat iedereen (behalve ik dan misschien) zo efficiënt, gefocust en doelgericht bezig was, of het nu de mannen, de vrouwen, hun ouders of de huwelijksmakelaars van de veertig deelnemende bureaus waren. Terwijl ik door het paleis liep, vroegen verscheidene moeders mijn geboortejaar, maar zodra ik 1992 zei, liepen ze allemaal meteen weer door. Huwelijksmakelaars trokken me hun standje in om me in te schrijven als cliënt, en telkens als ik mijn persoonlijke informatie opschreef, waren ze onder de indruk – in elk geval deden 
ze alsof – van mijn lengte, mijn hukou (woonvergunning) voor Shanghai, 
mijn mastersopleiding en mijn jonge leeftijd. Maar ze waren allemaal teleurgesteld als ik op de vraag over het hebben van een eigen huis antwoordde dat mijn familie bij mijn trouwen een appartement voor mij zou kopen. Maar als troost zeiden ze dat ik nog erg jong was, dus dat het eigenlijk geen probleem was dat ik nog geen eigen huis had.

    132674241

    Eén huwelijksmakelaar bezwoer me dat ze me nooit kosten zou berekenen, zelfs al vond ik via haar bureau een date. Volgens haar varieerde het tarief voor een vrouw van een paar honderd tot enkele duizenden yuan, en het bureau hield vrouwen niet langer dan een half jaar in de portefeuille. Maar als man was ik een ‘kostbaar goed’, zei ze. Ze vertelde dat het cliëntenbestand van haar bureau een ongelijke man-vrouwverhouding kende: één man op de vier vrouwen.

    Dat lijkt misschien vreemd. Ten slotte is de verwachting dat er in China in 2020 24 miljoen meer mannen dan vrouwen zijn in de leeftijd tussen 20 
en 45 jaar. Een hoogleraar Economie heeft onlangs voorgesteld om toe te staan dat een vrouw met meer dan 
één man mag trouwen om die ongelijkheid enigszins weg te nemen. 
Maar in de grootste steden van China, en vooral onder de universitair geschoolde jongeren, lijkt eerder het omgekeerde het geval – daar is er een enorm overschot aan jonge vrouwen die willen trouwen.
    Volgens mij komt dat doordat de meeste Chinezen een huwelijk willen dat gelijkwaardig is in termen van bezit, opleiding en culturele achtergrond. Dat geldt met name voor Shanghai, dat, ondanks het feit dat het een zeer internationale stad is, de naam heeft weinig gastvrij te zijn voor ‘vreemdelingen’ uit andere delen van China.

    Het verlangen naar een gelijkwaardig huwelijk betekent dat er in de steden voor jonge vrouwen maar een beperkt reservoir aan geschikte mannen is, omdat vrouwen vaker hoger opgeleid zijn, een goede baan hebben en hun eigen smaak en hobby’s hebben. Tegelijkertijd staan vrouwen door de norm om jong te trouwen en door het sociale stigma dat aan ongetrouwde vrouwen van boven de rijpe leeftijd van 27 kleeft, onder grote druk om te trouwen en dit soort huwelijksmarkten te bezoeken.

    Een recent landelijk onderzoek laat zien dat 26 jaar de gemiddelde trouwleeftijd is in China. Meer dan 90 procent van de vrouwen in China is voor haar dertigste getrouwd. Voor de generatie van na 1990 (mijn generatie) ligt de gemiddelde leeftijd nog lager: 24 jaar.

    Rode tafels

    Het was niet zo dat ik niet wilde praten met de meisjes op de expo. Maar het was ongemakkelijk tussen al die mensen, met
ook nog eens de huwelijksmakelaars die zich met je gesprek bemoeiden omdat ze het liefst hadden dat de communicatie via hen verliep, of de ouders van het meisje die me waarschijnlijk wilde vragen waarom ik geen eigen huis had. Dus schreef ik me in voor iets wat ‘Vind de ware aan de rode tafels’ heette. Het was speciaal bedacht voor de Aziaat die te verlegen is om een gesprek aan te knopen met de andere sekse. In principe was het gewoon een soort lopende band. Vijf mannen en vijf vrouwen zaten om een tafel waarop een rood kleedje lag, en ze hadden zes minuten de tijd om met elkaar te praten. Dan verhuisden de vijf mannen met de klok mee naar de volgende tafel. Bij elkaar waren er tien tafels, dus iedere sessie duurde een uur. Dat was de officiële manier om een leuk, diepgaand, persoonlijk gesprek te voeren met iemand die je aardig leek.

    Toen honderd deelnemers, onder wie ik, waren gaan zitten, wees de gespreks
leider bij iedere tafel één persoon aan die zichzelf moest voorstellen. Eén meisje zei dat ze haar salaris niet in het openbaar wilde prijsgeven. ‘Niet zo terughoudend,’ zei de gespreksleider. ‘Anders vind je nooit iemand.’

    De gespreksleider herinnerde de mannen eraan dat hij twee dingen wilde horen: eigen huis en salaris. Een man van in de dertig, die werkte op het hoofdkantoor van de Bank van China, zei met valse bescheidenheid: ‘Ik verdien niet zo veel, iets tussen de 300.000 en 400.000 yuan [43.000-57.000 euro] per jaar.’

    In het uur dat erop volgde had ik een gesprek met een paar meisjes van ongeveer mijn leeftijd. Sommige gesprekken liepen wel aardig, andere heel stroef.


    Vier misses

    #1 Miss Xu, 1993, uit Yancheng, 
provincie Jiangsu

    Na langer dan een minuut ongemakkelijke stilte zat Xu nog steeds naar een brochure op tafel te staren, en ze leek niet van zins om met mij of die man naast haar te gaan praten. ‘Waarom ben je hierheen gekomen?’ vroeg ik om het ijs te breken. Toen vertelde ze dat ze moest van haar moeder en tante, die met haar meegekomen waren. Ik zei dat ik min of meer in dezelfde situatie zat. We spraken wat over waar we 
vandaan kwamen, de universiteit, en ons beroep (ik ben dat van haar alweer vergeten). Daarna was ik door mijn gespreksstof heen. Ze bleef geïnteresseerder in de brochure dan in mij. We werden vrienden van elkaar op WeChat. Ongeveer een uur na de sessie zag ik haar daar iets op posten: ‘Het was zo stom.’

    #2 Miss Xu, 1990, uit Shanghai

    Xu werkte bij de metro in Shanghai. Ze hield van films, winkelen en badminton. Haar werk bestond uit het opladen van vervoerskaarten van forenzen die hun kaart wilde opwaarderen, en ze had de supervisie over ‘dorpelingen’ die de metrostellen inspecteerden en repareerden. ‘Dorpelingen’ was een neerbuigend woord dat ze gebruikte voor mensen van buiten de stad die in Shanghai kwamen werken. Ze zei dat ze alleen wilde daten met iemand uit Shanghai. Ze sprak ook alleen maar in het Shanghaise dialect, ook al gaf ik antwoord in het Mandarijn, omdat ik dat passender vond voor een bijeenkomst met mensen uit het hele land. Een man uit het noorden van China wilde ook met ons praten, maar begreep ons niet. ‘Tjemig,’ zei hij, 
‘jullie komen allemaal uit Shanghai.’

    #3 Miss Fang, 1992, uit Shanghai

    Fang was net afgestudeerd en werkte nu als lerares biologie aan een vooraanstaande middelbare school in Shanghai. Eigenlijk had ze helemaal niet naar de expo willen komen, maar haar moeder had erop aangedrongen. Ik vertelde dat ik op de middelbare school biologie altijd heel leuk had gevonden en begon over een bepaald vraagstuk waarbij de genen van de ouders werden gegeven en je de kans moest berekenen dat hun kind dubbele oogleden zou krijgen. Dat vond ze 
interessant. Een verveelde oudere vrouw aan onze tafel, die kennelijk 
niemand van haar leeftijd had om mee te praten, zei dat we wel een stelletje leken.

    #4 Miss Ik-heb-niet-eens-haar-naam-gevraagd, 1990, uit Shanghai

    De reden dat ik niet eens haar naam vroeg – en zij ook niet de mijne – was dat ze alleen geïnteresseerd was in mannen die ‘minstens vier jaar ouder waren dan zij’. Ik vroeg haar waarom. Ze zei dat ze in recente relaties had ervaren dat mannen van mijn leeftijd te onvolwassen waren en te veel met zichzelf bezig.

    Gekscherend zei ze 
dat ik mijn geluk maar eens moest beproeven op een universiteitscampus.

    Na een uitputtend uur van rondetafelgesprekken verliet ik de bijeenkomst. Ik zocht nog even naar de biologielerares, maar ik kon haar niet vinden. Ik vond het wel welletjes allemaal. Maar één iemand stond me op te wachten, mevrouw Chen, de moeder van een 22-jarige dochter. Ze was al eerder op me afgestapt toen ik ergens een hapje stond te eten waar een 
wedstrijd liefdesliedjes zingen werd gehouden. Er was maar één man het podium op geklommen en hij zong verschrikkelijk vals. Niemand luisterde. In dat gesprek was ik al veel te weten gekomen over de dochter van mevrouw Chen. Ze was 22 jaar, afgestudeerd in computerkunde en werkte nu voor een jong bedrijf dat een Japanse game voor de smartphone ontwikkelde. Ze was heel gehoorzaam, zei mevrouw Chen, en was niet iemand voor losse contacten, zoals veel andere meisjes. De moeder liet me ook een selfie van haar dochter zien – die waarschijnlijk heel erg 
verfraaid was door Meitu Xiuxiu, een populaire fotoshop-app.

    Settelen

    Ik begrijp de wens van mijn ouders 
wel dat ik me moet gaan settelen. 
Zij trouwden toen ze dertig waren, 
en twee jaar later werd ik al geboren. Sommige vrienden van hen hebben 
al kleinkinderen. Ze gaan bijna met pensioen en stellen zich voor dat ze dan een appartement voor me kopen 
in Shanghai, dichtbij komen wonen 
en mijn toekomstige vrouw en mij 
helpen met het schoonmaken van 
het huis, iedere dag voor ons koken 
en helpen bij de opvoeding van ons kind (of misschien twee kinderen). 
Het gaat ze niet om een stamhouder, ze willen alleen graag dat drie 
generaties bij elkaar wonen, een genoegen dat al zoveel vijftigers in Chinese steden smaken.

    Maar toen ik thuiskwam vertelde ik mijn ouders niet over de dochter van mevrouw Chen. Ik zei alleen maar dat ik geen interessante meisjes had ontmoet. Ik wilde liever zelf een vriendin zoeken en zelf haar aantrekkelijke 
kanten ontdekken bij etentjes, in het café of bij vrienden, en niet gekoppeld worden bij een bijeenkomst waar wederzijdse ouders hun goedkeuring geven aan onze relatie op basis van op onze opleiding, hukou, huis en salaris. Als ik op eigen kracht niemand kan vinden, zal ik over enkele jaren misschien wel weer naar zo’n huwelijksmarkt gaan – als ik 26 ben of zo.

    Mevrouw Chen zei dat ze had rondgekeken maar geen mannen had gezien die haar geschikt leken voor haar dochter. Ze wilde graag meer van mij weten

    Mevrouw Chen zei dat ze had rondgekeken maar geen mannen had gezien die haar geschikt leken voor haar dochter. Ze wilde graag meer van mij weten. Maar eerst wilde ze nog een paar dingen controleren. Vond ik het bezwaarlijk dat haar dochter was afgestudeerd aan een hogeschool en niet aan een universiteit? Ik zei nee. Vonden mijn ouders of ik het bezwaarlijk dat haar dochter niet uit Shanghai kwam, maar uit Wuhan in Midden-China? Ik zei nee. Ten slotte vroeg ze hoe vaak ik terug zou komen naar Shanghai en waar ik in de toekomst zou gaan wonen. 
Ik zei dat ik dat niet wist. Dat hing af van mijn partner en mij.

    Ze leek tevreden. We wisselden telefoonnummers uit. Ik stelde voor om vrienden te worden met haar dochter op WeChat, maar ze wilde haar liever eerst zelf nog even spreken. En ik moest eerst ook maar met mijn ouders spreken, om er zeker van te zijn dat haar dochter en haar familie hun goedkeuring konden wegdragen. Ik vroeg mevrouw Chen waarom haar dochter niet zelf was gekomen. Ze zei dat haar dochter te verlegen was voor dit soort gelegenheden. ‘Kinderen hebben geen haast, maar hun ouders wel,’ zei ze.

    Auteur: Zheping Huang
    Vertaler: Paul Bruijn

    Foto boven: Wachten om naar binnen te gaan bij de ‘Ten Thousand People Matchmaking Fair’ in Shanghai. – © Getty Images

    Quartz
    VS | qz.com

    In 2012 opgericht door onlinefanaten die met dit nieuwsportal willen inspelen op de nieuwe wereld na de financiële crisis.