Tag: Parimaribo

  • Overvolle scholen en hoge babysterfte: kinderen in Suriname hebben het moeilijk

    Overvolle scholen en hoge babysterfte: kinderen in Suriname hebben het moeilijk

    In Suriname ontbreekt het op scholen aan goede boeken en zelfs stoelen. Ook zijn er zulke tekorten in de zorg dat baby’s sterven omdat in ziekenhuizen geen plaats voor ze is. De overheid kijkt lijdzaam toe. ‘Kinderen leveren geen geld of stemmen op.’

    Op de eerste schooldag leidt de schelle schoolbel leerlingen in keurige uniformen naar de klaslokalen. In verschillende scholen blijken die leeg te zijn, afgezien van de verbaasde kindergezichten en zuchtende leerkracht aan het bord. Dan maar op de grond zitten om zich over hun boeken te kunnen buigen. Andere kinderen volgen om de dag les tot er voldoende stoelen en banken voor iedereen zijn. Sommigen missen zo wekenlang de helft van de lessen. Deze situatie doet zich niet alleen in het binnenland voor, waar een nijpend tekort aan middelen voor scholen meer regel dan uitzondering is. Het probleem is voelbaar geworden in de kustvlakte, zo ook in Paramaribo waar ouders verwachten dat hun kinderen meer kansen krijgen.

    ‘Konden er in de vakantie geen stoelen of banken geregeld worden?’ klagen bezorgde ouders en verzorgers die zelf naar oplossingen zoeken. Scholen wijzen naar het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, dat pas bij het begin van het schooljaar naar de aanvragen voor meubilair zou kijken. In een persbericht op 8 oktober liet het ministerie weten ‘al begonnen’ te zijn met de distributie, voor het schooljaar dat op 3 oktober was begonnen. Niemand lijkt te begrijpen waarom dat niet eerder kon, maar luid klagen over de gemiste schooldagen van de kinderen doen weinigen.

    Volgens onderwijsminister Marie Levens is het grotere gebrek aan meubilair dit schooljaar deels te wijten aan een toegenomen aantal leerlingen. Dat zou onder meer het gevolg zijn van de doorstroomregeling die tijdens de coronapandemie werd ingevoerd: iedereen is automatisch overgegaan naar het volgende jaar, waardoor minder kinderen uit het schoolsysteem zijn gevallen. Ook leerlingen die tijdens de pandemie maandenlang geen les kregen of konden volgen, omdat ze geen toegang hadden tot distant learning, kregen een overgangsrapport. De bewindsvrouw stelt tevens dat er steeds meer kinderen uit het binnenland naar de stad komen. Daarnaast zou veel aandacht eerst naar scholen in het binnenland zijn gegaan, die door de maandenlange wateroverlast gerenoveerd moesten worden.

    Over die doorstroomregeling zijn de meningen verdeeld, blijkt uit gesprekken met leerkrachten en ouders aan de schoolpoorten. Velen vinden het een goede zaak dat geen enkel kind wordt achtergehouden omdat het thuis geen internet of laptop heeft om online les te volgen; anderen zien vooral hoe moeilijk leerlingen het in het nieuwe jaar hebben door hun achterstand in de leerstof van het vorige jaar.

    Overigens doneerde de Chinese telecomgigant Huawei in mei 2020 duizend tablets aan Suriname, bestemd voor leerlingen om tijdens de pandemie toch onderwijs te kunnen genieten. First lady Mellisa Santokhi nam die tablets in ontvangst, en overhandigde daarvan tweehonderd aan het ministerie van Onderwijs. De resterende tablets hebben ‘volgens haar eigen inzichten’ een bestemming gekregen.

    Achterstand

    ‘Omdat ze mochten overgaan, kozen veel leerlingen voor school boven rondzwerven op straat. Maar als ze hun achterstand niet kunnen inhalen, zullen ze hun motivatie om les te volgen alsnog verliezen,’ vreest Kenneth, een leerkracht in het voortgezet onderwijs. Zijn werkdruk is toegenomen: hij heeft meer leerlingen in zijn klassen, waarvan velen extra aandacht nodig hebben.

    ‘Eerlijk, ik denk dat mijn zoon en dochter beter het jaar hadden kunnen overdoen om de leerstof onder de knie te krijgen,’ laat Shirley, een jonge moeder van drie, zich bezorgd uit. ‘Mijn kinderen voelen zich nu niet goed in de klas en willen niet meer gaan.’

    Als kinderen kansen ontzegd worden, is het moeilijk om als land te groeien. Maar waar sta je als land wanneer kwetsbare pasgeborenen niet de kans krijgen om te leven? ‘Veel zieke baby’s en te vroeg geborenen die met intensieve zorg zouden kunnen overleven, sterven omdat er geen plaats voor hen is,’ zegt een kinderarts zakelijk boven een kop koffie.

    In de ziekenhuizen kunnen steeds minder zieke baby’s en kinderen worden verzorgd, doordat veel gespecialiseerde verpleegkundigen naar het buitenland vertrekken. In het grootste ziekenhuis van het land, het Academisch Ziekenhuis van Paramaribo, worden nog maar vijf van de tien bedden van de Neonatale Intensive Care Unit (NICU) ingezet, en elf van de 27 bedden op de kinderafdeling. Als een kind niet op hun afdeling terechtkan, bellen de kinderartsen van de zes ziekenhuizen elkaar op, in de hoop een ander bed te vinden. Onderling patiënten ruilen maakt deel uit van de job.

    ‘Kinderen leveren geen geld of stemmen op’

    ‘In 2020 hebben de kinderartsen in Suriname zich verenigd om een noodkreet uit te slaan, die internationale weerklank vond. De overheid heeft ons toen geld voor materiaal en ondersteuning van het zorgende personeel gegeven. Er kwam een tweede actie, waarmee we verpleegkundigen die moeilijk rondkomen benzine en supermarktbonnen konden geven.’

    De arts inhaleert de dampen van de gebrande koffiebonen. ‘Het is belangrijk dat verpleegkundigen blijvend waardering krijgen. En dat ze zich kunnen specialiseren. Velen doen het niet omdat ze daarvoor een dure lening moeten afsluiten. Maar als we uit deze noodsituatie willen komen, moeten we verpleegkundigen opleiden, met een certificaat belonen, en hen motiveren om hun vakkennis aan collega’s over te dragen. Nu worden verpleegkundigen zonder officiële opleiding in het diepe gegooid, omdat het gespecialiseerde personeel van de afdelingen vertrokken is.’

    ‘Ook door een tekort aan apparatuur en materiaal sterven veel kinderen op de afdeling onnodig,’ vertelt de kinderarts, die onlangs voor een harde keuze werd gesteld. ‘Een vrouw is bij ons na 28 weken zwangerschap van een tweeling bevallen. Beide baby’s hadden beademing nodig, maar er was toen maar één beademingsapparaat vrij. Het was aan mij om uit te maken welk van beide kinderen het sterkst was.’

    De arts staart in het lege kopje. ‘Kinderzorg staat helaas niet hoog op de politieke agenda. Kinderen leveren geen geld of stemmen op. De regering investeert liever in nieuwe oogcentra, programma’s voor niertransplantaties of andere zorg voor volwassenen die meteen weer aan het werk kunnen.’

    ‘Kinderzorg is ook nog eens duur, want er zijn veel middelen nodig. Per leeftijdsklasse zijn er andere verbruiksartikelen nodig: een baby kun je niet dezelfde maagsonde geven als een kind. Dat maakt onze afdelingen ook weinig populair bij ziekenhuisdirecties. Maar wat we met z’n allen moeten begrijpen is: zorg voor kinderen en volwassenen die in hun eerste levensfasen intensieve zorg hebben ontbeerd en daardoor hulpbehoevend zijn, is nog duurder. Door nu te investeren in zieke baby’s en kinderen, bespaar je duurdere behandelingen later. Hetzelfde geldt voor het onderwijs en andere sectoren die met kinderen werken: door nu in hen te investeren, zorg je voor een sterke volwassen populatie later.’ Journalisten drinken beroepsmatig veel kopjes koffie om wantrouwige blikken warm te maken voor hun priemende vragen. Ook aan de schoolpoort maakt een kopje troost de lippen los.

    Schoolboeken

    ‘Onze schoolboeken zijn al jarenlang een probleem. Suriname wil een eigen curriculum, en afstappen van het Nederlandse lesmateriaal en schoolsysteem,’ vertelt Lilian, leerkracht op een lagere school. ‘Maar nu voelt het alsof we in spreidstand staan, met een been in elk halfslachtig systeem. Communicatie vanuit de overheid over het nieuwe Surinaamse onderwijssysteem ontbreekt. Schooldirecties en leerkrachten weten zelf amper hoe het zit, waardoor het moeilijk is om met ouders te praten. Zij verwachten betrokken te worden bij het onderwijs van hun kind.’

    In Lilians klas worden verouderde Surinaamse schoolboeken gebruikt. Die werden in 1986 uitgegeven door het toenmalige ministerie van Onderwijs. In 2012 wilde de regering de schoolboeken vernieuwen. ‘Maar dat is toen niet gebeurd, niemand weet waarom.’ Er werden dat jaar Nederlandse boeken geïmporteerd voor de eerste vijf leerjaren van het lager onderwijs. ‘Maar in het zesde jaar krijgen leerlingen nog leerstof die verouderd is, of die de negenjarigen al in de Nederlandse boeken in de jaren daarvoor hebben gezien. Ik probeer daaromheen te werken.’

    Grietjebie

    Met een leeg bekertje in de hand loopt Lilian terug naar de klaslokalen. ‘In de Nederlandse boeken staan afbeeldingen en woorden waar Surinaamse kinderen geen voeling mee hebben.’ Wie bladert door de schoolboeken ziet sneeuw, hogesnelheidstreinen en veel witte kinderen. Een collega van het vierde jaar is tevreden met de nieuwe Nederlandse boeken die ze heeft gekregen. ‘Mijn leerlingen zijn ook enthousiast over de vormgeving.’

    Het liefst zouden beide leerkrachten moderne schoolboeken krijgen waarin kinderen de Surinaamse grietjebie moeten benoemen en niet de Nederlandse huismus. ‘Het is belangrijk dat onze jeugd over haar eigen land leert. Dat zeggen we niet uit een anti-Nederlands sentiment. Integendeel, verschillende collega’s motiveren leerlingen om hard te werken, zodat ze een toekomst in Nederland kunnen hebben.’ Volgens de leerkrachten draagt het onderwijs op die manier bij aan de braindrain, een van de grootste problemen van Suriname. ‘In hun vormende jaren laten we kinderen van Nederland dromen, terwijl we hun in de eerste plaats liefde voor hun eigen land zouden moeten meegeven.’

    Het allerliefst zagen de bevriende leerkrachten een curriculum dat niet zomaar Surinaams is, maar inspeelt op de verschillende culturen waaraan ons land rijk is. ‘We leren kinderen wel over de feestdagen van de verschillende bevolkingsgroepen, maar niet veel meer. Kinderen zouden zich beter voelen op school als er meer herkenbare elementen uit hun eigen leefwereld aan bod kwamen in de les. De verschillende talen die ze thuis spreken kunnen ook een uitdaging zijn.’

    Er is meer koffie nodig om het gesprek over discriminatie of racisme op school te laten gaan. De vrouwen ontkennen niet dat kinderen uit bepaalde bevolkingsgroepen in sommige klassen tegen vooroordelen moeten opboksen, en soms anders worden behandeld. ‘Er zijn helaas leerkrachten en ouders die zelf nog veel bij te leren hebben.’ De leerkrachten stellen dat het niet altijd eenvoudig is om geduldig voor de klas te staan. Veel leerkrachten hebben, net zoals verpleegkundigen en andere professionals, nog een tweede en soms derde job om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. Door de verhoogde werkdruk, door de grotere klassen en het gat in de leerstof van sommige kinderen, slaat de vermoeidheid sneller toe. ‘Een hoger loon voor leerkrachten zou een goede stap zijn om het onderwijsniveau in Suriname op te krikken.’

    Suriname wil een eigen curriculum, en afstappen van het Nederlandse lesmateriaal en schoolsysteem

    Hoofdverloskundige Griselda van der Leeuw ziet nog meer gaten in het Surinaamse zorg- en onderwijssysteem. We treffen haar in het Diakonessenhuis [een ziekenhuis in Paramaribo] tussen drie afspraken door. ‘In Suriname komen tienerzwangerschappen veel voor, vooral in het binnenland, waar kinderen als rijkdom worden beschouwd,’ zo steekt ze van wal. ‘Hier bevallen meisjes van dertien, soms nog jonger. Vaak nemen de ouders van de tiener de zorg voor de baby over, maar toch vinden weinig jonge moeders de weg naar school terug. Zij moeten begeleiding krijgen om hun opleiding af te maken en meer kansen in het leven te krijgen.’

    Volgens Van der Leeuw kan het ministerie van Volksgezondheid meer doen voor moeder-kindzorg in Suriname. ‘Ook voor kinderen met een verstandelijke beperking of een leerstoornis is de begeleiding niet optimaal.’ Haar collega achter de computer knikt instemmend. ‘Bepaalde scholen zullen een kind dat bijvoorbeeld mogelijk kampt met dyslexie niet snel laten onderzoeken. Ouders kunnen op eigen initiatief bij het Medisch Opvoedkundig Bureau aankloppen, maar een onderzoek kost 2000 Surinaamse dollar [ca. 53 euro]. Dat kunnen niet alle ouders betalen, en de verzekering dekt dit niet. Veel kinderen met leerstoornissen krijgen zo geen diagnose en geen begeleiding. Het gevaar bestaat dat leerkrachten de intelligentie van kinderen met een leerstoornis onderschatten, wat schadelijk is voor de ontwikkeling en het zelfvertrouwen van deze kinderen. Kinderen die wél een diagnose krijgen en naar een speciale school zouden moeten gaan, komen daar vaak op een lange wachtlijst terecht, met het gevaar dat ze op de normale basisschool tijdens die wachttijd als storend worden ervaren.’

    Van der Leeuw zet zich in voor groepszwangerschapszorg die geboden wordt in het Diakonessenhuis in samenwerking met Stichting Perisur. Tijdens de sessies van de groep komen zwangere vrouwen bijeen om te spreken over de zwangerschap en het ouderschap. De verwachtende ouders wisselen hun ervaringen uit en leren van elkaar. Het doel van de groepszorg is het terugdringen van het aantal perinatale sterften (kort voor, tijdens of na de geboorte) in Suriname. ‘Wij hopen dat de nieuwe vorm van zorg vergoed zal worden door de zorgverzekeraars, want het kan in het ziekenhuis niet meer kosteloos georganiseerd worden. Perinatale zorg is erg belangrijk: de perinatale sterfte in Suriname is bijzonder hoog.’

    Aandacht voor moeder-kindzorg mag er al vóór de conceptie zijn, stelt de verloskundige. ‘De promotie van een gezonde leefstijl moet plaatsvinden zodat vrouwen op een gezonde en verantwoorde wijze zwanger worden. Hierdoor kun je stoornissen die kunnen optreden in de zwangerschap en van invloed kunnen zijn op de gezondheid van de baby tijdig herkennen en eventueel behandelen.’

    Gezondheid

    De kinderarts deelt haar mening dat de overlevingskans van een kind begint bij de gezondheid van de ouders. Beiden zijn van mening dat er behoefte is aan voorlichtingscampagnes rond gezondheid onder de Surinaamse bevolking: ‘Die zouden mensen kunnen vertellen hoe belangrijk het is om twee keer per dag je tanden te poetsen, dat te veel suiker niet goed voor je is, dat groenten en fruit eten cruciaal is, dat je liever bruine rijst dan witte rijst kunt eten. Het zou basiskennis moeten zijn, maar dat is lang niet bij iedereen het geval.’

    De arts wijst ten slotte nog naar de zorgverzekering. ‘In de klapper, het overzicht van de geneesmiddelen die door de zorgverzekering worden vergoed, wordt weinig rekening gehouden met kinderen. Er is bijvoorbeeld een medicijn dat in tabletvorm aan volwassenen wordt gegeven, en als drankje met een lichtere dosering aan kinderen. De tabletten worden vergoed, voor de drankjes moeten ouders zelf betalen.’

    De levenskans van kinderen begint bij de gezondheid van hun ouders. Als ons land uit de crisis wil komen en verder wil groeien, moeten we niet alleen meer aandacht hebben voor onze jeugd, maar ook beter zorgen voor onszelf en kinderen het goede voorbeeld geven. ‘Laten we elkaar het leven wat makkelijker maken,’ sluit Lilian af. ‘Had jij nog koffie?’

    Lees ook: