Tag: podemos

  • Pandemie raakt vooral jongeren, vrouwen en mensen van kleur | Podemos verlaat regering

    Pandemie raakt vooral jongeren, vrouwen en mensen van kleur | Podemos verlaat regering

    Hoofd Podemos vertrekt uit de regering

    Na de afgelopen jaren het politieke leven in Spanje op zijn kop te hebben gezet, sloeg Pablo Iglesias maandag de regeringsdeur dichtschrijft El País. Zijn plan is om te gaan deelnemen aan de regionale verkiezingen op 4 mei in Madrid. De leider van radicaal links en vicepresident van de Spaanse regering deelde dit mee aan de socialistische premier Pedro Sánchez.

    Iglesias, oprichter en nummer één van Podemos sinds de oprichting in 2014, gaf aan dat de huidige minister van Arbeid, Yolanda Díaz, hem zou vervangen als vicepresident van de regering en als kandidaat tijdens de volgende parlementsverkiezingen, gepland voor 2023.

    Zijn besluit komt iets meer dan een jaar na de vorming van de eerste coalitieregering in het land sinds het einde van de dictatuur van Franco. ‘Deze beslissing zal ingrijpende gevolgen hebben voor de politiek van Madrid en Spanje, niet alleen voor Podemos, maar voor alle partijen’, meent La Vanguardia.

    ‘Hij speelt hoog spel: Of hij wordt president van Madrid, of hij zal de politiek moeten verlaten’

    Volgens El Periódico vormt de beslissing van Iglesias een ‘risicovolle operatie die zal bijdragen aan een verdere polarisering van de Madrileense politiek, die al was aangewakkerd door de trumpistische standpunten van Isabel Díaz Ayuso. Ayuso, leider van de rechtse Volkspartij, verzocht vorige week samen met de liberale Ciudadanos-partij om vervroegde verkiezingen. Zij toonde zich dan ook ‘verheugd dat ze nu eindelijk in de topman van Podemos een geschikte kandidaat had gevonden om tegen te strijden’, aldus het Catalaanse ochtendblad, dat ‘een giftige verkiezingscampagne’ voorspelt ‘met populistische uitbarstingen aan beide kanten’.

    Volgens dagblad ABC is dit een ‘wanhopige poging om Podemos te redden van een ondergang’, aangezien de partij in de huidige formatie weinig voor elkaar heeft gekregen. Iglesias speelt hiermee hoog spel, aldus El Periódico; ‘Of hij wordt president van Madrid, of hij zal de politiek moeten verlaten’.


    Bolsonaro vervangt opnieuw de minister van Volksgezondheid

     De Braziliaanse president kondigde maandag aan dat hij generaal Eduardo Pazuello zou vervangen, die zojuist de bestelling van 138 miljoen doses had aangekondigd om een ​​nog te traag verlopende vaccinatiecampagne te versnellen. Zonder enige medische ervaring was hij aangesteld als interim-minister bij het ministerie van Volksgezondheid na het aftreden van oncoloog Nelson Teich midden mei, die net als zijn voorganger Luiz Henrique Mandetta kritiek leverde op de door Bolsonaro voorgestelde aanpak van de pandemie.

    ‘Het feit dat iemand sterren op zijn epauletten draagt, is geen garantie voor bekwaamheid (…). Generaals verliezen oorlogen. Pazuello verloor de zijne’, schrijft een columnist in O Globo,

    Pazuello wordt vervangen door Marcelo Queiroga, voorzitter van de Braziliaanse Vereniging voor Cardiologie. De benoeming van laatstgenoemde komt terwijl de epidemie in Brazilië blijft verslechteren. Ziekenhuizen zitten bijna aan hun maximale capaciteit en de afgelopen week werden dagelijks meer dan tweeduizend sterfgevallen geregistreerd.


    Mannelijke slachtoffers van seksueel geweld krijgen in Japan geen steun

    In 2017 werd in Japan de term ‘slachtoffer van verkrachting’ verbreedt tot mannen. Asahi Shimbun publiceerde een enquête onder mannen die seksueel geweld hebben ondergaan, om te kijken of zij zich inderdaad gesteund voelden.

    Hieruit kwam naar boven dat in een samenleving waar vrouwelijke slachtoffers al worstelen om toegang te krijgen tot de nodige hulp, het geweld dat mannen ondergaan taboe is, met als gevolg dat mannelijke slachtoffer vaak in isolement leven. ‘Omdat ik een man ben, wilden mensen nooit geloven dat ik slachtoffer was. Mijn hele leven heb ik deze vernedering alleen ondergaan’, zegt bijvoorbeeld een man van in de veertig, die op zijn dertiende herhaaldelijk werd verkracht door een studievriend.

    Een dertigtal psychiaters en psychotherapeuten weigerde hem te behandelen, met het argument dat ze weinig kennis hebben van mannelijke slachtoffers. Een van hen zei letterlijk: ‘Vergeet het maar. Ik zou je hebben behandeld als je een vrouw was, maar dat ben je niet.’

    Takehito Kurono, die groepstherapie organiseert voor mannelijke slachtoffers, onderstreept dat stereotypen over mannen het mannen vaak moeilijk maken om de ondersteuning te bieden die ze nodig hebben. ‘Volgens het cliché moeten ze sterk en zelfs ongevoelig zijn.’

    Overweldigd

    Momenteel is de ondersteuning die lokale autoriteiten bieden, vaak gericht voor vrouwen, al grotendeels ontoereikend, schrijft de krant. De 48 afdelingen van het land tellen nu minimaal één opvangcentrum voor slachtoffers van seksueel geweld. Of daar mannen terecht kunnen, verschilt per instelling. De centra zouden al ‘overweldigd’ zijn door het aantal vrouwelijke slachtoffers. ‘Om voor mannen te zorgen, zou je een speciale spreekkamer en een gespecialiseerde arts nodig hebben’, zegt een medewerker van een van de centra.

    ‘Betere steun voorkomt dat slachtoffers wegzinken in eenzaamheid. We hebben een grotere mobilisatie nodig vanuit de politiek’, verklaart Nobuki Yamaguchi, een psychotherapeut gespecialiseerd in de zorg voor mannen.


    Pandemie raakt vooral jongeren, vrouwen en mensen van kleur

    De vele meldingen tijdens de pandemie van jongeren met psychische klachten leidt tot een wereldwijde crisis die onmiddellijke aandacht vereist, volgens een nonprofitorganisatie die bijna vijftigduizend mensen in acht landen ondervroeg en een uitgebreid overzicht gaf van de impact van de pandemie op de geestelijke gezondheid, schrijft The New York Times.

    Meer dan een op de vier respondenten gaf aan te kampen met of het risico te lopen op klinische aandoeningen, en dat aantal steeg tot bijna een op de twee voor de leeftijd van achttien tot vierentwintig jaar, aldus het rapport, dat werd vrijgegeven door Sapien Labs, een Amerikaanse nonprofitorganisatie die zich toelegt op begrip van de menselijke geest.

    Het rapport, gebaseerd op gegevens verzameld uit een online, anonieme enquête waarvan de bevindingen maandag werden gepubliceerd, richtte zich op Australië, Groot-Brittannië, Canada, India, Nieuw-Zeeland, Singapore, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten. Veertig procent van de respondenten in de leeftijd van achttien tot vierentwintig jaar gaf aan zich verdrietig, somber of moedeloos te voelen en last te hebben van ongewenste, vreemde en obsessieve gedachten.

    Het rapport dringt er bij regeringen op aan zich te richten op beleid voor de gehele bevolking, in plaats van de huidige individuele benadering

    ‘De pandemie heeft de trends die er al waren, verergerd’, zegt dr. Tara Thiagarajan, oprichter en hoofdwetenschapper van Sapien Labs. ‘Vooral sociaal isolement heeft een grotere impact gehad op jonge mensen, en velen van hen over de rand geduwd.’

    Andere studies hebben aangetoond dat de pandemie een onevenredig grote invloed heeft gehad op de geestelijke gezondheid van jongeren, vrouwen en mensen van kleur.

    Preventie

    Geestelijke gezondheidsdeskundigen waarschuwden al eerder voor de langetermijneffecten van de pandemie, waaronder waarschijnlijk een economische recessie en de psychologische gevolgen van langdurig sociaal isolement.

    De auteurs van het rapport, dr. Thiagarajan en Jennifer Newson, drongen er bij regeringen op aan zich te concentreren op beleid op het gebied van geestelijke gezondheid voor de gehele bevolking, in plaats van op individuele benaderingen, die nu vaak de voorkeur genieten.

    ‘Hoewel in de geestelijke gezondheidszorg de focus lag op zelfzorg via apps, therapie en andere programma’s, kunnen sociaal en economisch beleid en institutionele cultuur een grote rol spelen bij het verzachten van onze huidige geestelijke gezondheidscrisis en de preventie van toekomstige crises’, aldus het rapport.

  • Met dreadlocks in het parlement, mag dat?

    Met dreadlocks in het parlement, mag dat?

    De een in sweatshirt, een ander met een baby op de arm, een derde met dreadlocks: de afgevaardigden van het links-radicale Podemos maakten medio januari op opvallende wijze hun entree in het Spaanse parlement. Moet dit allemaal zomaar kunnen?

    JA

    De deuren van het Lagerhuis gingen open en de barbaren dromden naar binnen. Mannen zonder das, met wilde bossen haar, vrouwen zonder mantelpakje, zonder parelketting, en zelfs iemand met een baby. ‘Wat krijgen we nou?’ dachten de conservatieven van de Partido Popular, aan hun stoelen genageld, ‘een volksvertegenwoordiger met dreadlocks?’ Inderdaad, die was er. Zelfs premier Mariano Rajoy trok een zuinig gezicht. De afgevaardigden van Podemos hingen hun jassen over de rugleuning van hun stoelen, waardoor de vergaderzaal meer de sfeer van een collegezaal kreeg.

    Het is jammer dat de media deze opening van het parlementaire jaar een belediging van de goede democratische gewoonten vonden. De grote schare opiniemakers – voor informatie is in de kranten steeds minder plaats – gaf met geringschattende termen blijk van een flink superioriteitsgevoel en van angst voor de nabije toekomst. Lieve hemel, wat afschuwelijk, sommige afgevaardigden waren zelfs op de fiets naar het parlement gekomen.

    Democratische instituties zouden ons niet aan een circus moeten doen denken, maar ze moeten evenmin associaties opwekken met een begraafplaats. Welnu, ons parlement is al lang een begraafplaats geworden. Van alle voorbeelden die er te geven zijn, is er één echt frappant: in 2013 oordeelde het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat onze hypotheekwet onrechtvaardig was en huizenkopers geen bescherming bood. Het schandaligst was nog wel dat Spanje een Europese richtlijn had genegeerd die al twintig jaar eerder was aangenomen. Al die jaren hebben de elkaar opvolgende parlementen niet de tijd gehad om de Spaanse wetten aan te passen aan de richtlijn, of zo’n aanpassing van de regering te eisen. Ze hadden het te druk met respectabel zijn in hun keurige pakken.

    Democratische instituties zouden ons niet aan een circus moeten doen denken, maar ze moeten evenmin associaties opwekken met een begraafplaats

    Omdat Spanje in de fout in bleef gaan met een wetswijziging die de banken nog steeds meer bescherming bood dan de huizenkopers, riep Straatsburg de staat opnieuw tot de orde. Al die tijd hebben de afgevaardigden elke verantwoordelijkheid afgewezen. Zoals op zoveel andere terreinen is de wetgever ook hier de handige loopjongen van de uitvoerende macht geworden. Regeringen zijn nooit bang geweest voor het Lagerhuis (om nog maar te zwijgen van de Senaat), dat in Spanje even passief heeft gefunctioneerd als in talloze presidentiële regimes.

    Maar als we moeten kiezen is een circus eigenlijk toch beter dan een begraafplaats. Al die zombies, die afgevaardigden die er twintig jaar over doen om een onrechtvaardige wet te herzien – en dat dan uiteindelijk alleen nog maar doen omdat een Europese rechterlijke instantie hun dat opdraagt.

    Auteur: Iñigo Sáenz de Ugarte
    Vertaler:

    El Diario
    Spanje | eldiario.es
    Digitaal dagblad met politiek en economisch nieuws, achtergronden en opinie. Oprichter is politiek commentator Ignacio Escolar, voorheen verbonden aan de eveneens Madrileense krant Publico, die zich specifiek op jongeren richt. Onafhankelijk en progressief.

    Spaanse koning Felipe VI, links, schudt de hand van Podemos-leider Pablo Iglesias. – © AP
    Spaanse koning Felipe VI, links, schudt de hand van Podemos-leider Pablo Iglesias. – © AP

    NEE

    Het parlement is aan zijn zittingstermijn begonnen met de verkiezing van de socialist Patxi López tot voorzitter. Het is voor het eerst dat de parlementsvoorzitter niet van dezelfde politieke kleur is als de meerderheid van de volksvertegenwoordiging, een gezonde zaak die de politieke pluraliteit ten goede komt. Maar dat unicum werd overschaduwd door de bijna belachelijk te noemen vertoning van Podemos bij zijn aantreden in het parlement.

    Eerst richtte leider Pablo Iglesias zijn pijlen op ‘de drie van de bunker’ – een ongelukkig gekozen verwijzing naar het einde van de Francotijd – en daarna kwam hij op de radio met een ongekend harde aanval op Pedro Sánchez en Alberto Rivera [leiders van de socialisten resp. de eveneens nieuwe partij Ciudadanos]. Vervolgens beklaagde hij zich bitter over zijn mislukte poging om vier groepen parlementariërs te vormen om zo tegemoet te komen aan de eisen van zijn bondgenoten in Catalonië, Valencia en Galicië.

    Podemos heeft die woede als alibi gebruikt om een zorgvuldig georkestreerde show op te voeren aan de Carrera de San Jerónimo. Een aantal parlementsleden arriveerde op de fiets en er kwam een fanfare spelen. En dan hebben we het nog niet over Pablo Iglesias zelf, die wild gebarend de eed aflegde, daarmee bewijzend dat hij het parlement verwart met een televisieshow en democratische vernieuwing met een tweederangs operette. Maar het hoogtepunt van de voorstelling was wel de afgevaardigde Carolina Bescansa, die met haar baby arriveerde. Volgens Podemos staat deze nooit eerder vertoonde situatie symbool voor het gebrek aan mogelijkheden voor vrouwen om werk en gezin te combineren.

    Podemos moet de gewoonten van het parlementaire stelsel accepteren, en intussen zou de prioriteit voor alle partijen moeten liggen bij het hervormen van het parlement, uit naam van een gezonde democratie

    In feite is deze manoeuvre om de politiek tot iets alledaags te maken pure demagogie. Niet alleen omdat het parlement een kinderopvang heeft, maar vooral omdat wanneer je mannen en vrouwen in staat wilt stellen om een werkzaam leven te combineren met een gezinsleven, je dat efficiënt moet aanpakken – en niet alleen met flauwekulacties moet komen om de voorpagina van de kranten te halen.

    Podemos moet de gewoonten van het parlementaire stelsel accepteren, en intussen zou de prioriteit voor alle partijen moeten liggen bij het hervormen van het parlement, uit naam van een gezonde democratie. Zowel de rechtse als de linkse regeringen hebben de wetgevende macht omgevormd tot een simpel verlengstuk van de uitvoerende macht, waardoor het parlementaire werk volledig is uitgehold, met als dieptepunt het excessieve absolutisme van Mariano Rajoy.

    In een land waarin de mensen geen of heel weinig vertrouwen meer in de politiek hebben, is het democratisch gezien dringend noodzakelijk om de autonomie van het parlement te herstellen. Het parlement moet wetten maken en zijn plaats heroveren in het centrum van het politieke debat. Maar daar schittert het nu door afwezigheid.

    Vertaler: Tess Visser

    El Mundo
    Spanje, dagblad, oplage 266.290
    Opgericht in 1989 met de missie serieuze onderzoeks- journalistiek te bedrijven, maar slaat soms door naar de sensationele kant. Kiest geen duidelijk standpunt in het
    politieke spectrum, wat soms verrassende inzichten oplevert.

  • Deze verkiezingen zouden anders zijn

    Deze verkiezingen zouden anders zijn

    De uitslag van de Spaanse verkiezingen bevestigt de complexe situatie waarin de politiek zich bevindt. Een met alleen maar ijdele winnaars die zich een mandaat toe-eigenen, volgens schrijver Javier Marías.

    Ik schrijf dit nog geen week na de verkiezingen in Spanje van 20 december, en weet daarom niet hoe de zaken ervoor staan wanneer deze column wordt gelezen. Of er is meer duidelijkheid en de partijen zijn er min of meer uit wie er mag gaan regeren, of we kunnen over een paar maanden een oproep verwachten om opnieuw naar de stembus te gaan. Zo kort na de verkiezingen bespeur ik echter al een fenomeen waar ik niet van opkijk, maar dat ik wel zorgelijk vind: veel mensen hebben een beetje of een heleboel spijt van de stem die ze na veel wikken en wegen hebben uitgebracht. Verwacht had ik dat wel, en wel hierom: volgens de peilingen waren er vlak voor 20 december zo’n 40 procent zwevende kiezers, en velen maakten de ene week een keuze om daar de volgende week weer op terug te komen. Vreemd is het niet dat je, nadat je hebt gestemd omdat dat nu eenmaal moet op die ene dag, blijft twijfelen, van mening verandert en het betreurt dat je uiteindelijk dan toch maar het stembiljet hebt ingevuld. Ik reken mezelf tot de halve spijtoptanten, al weet ik niet op wie ik zou stemmen als ik op mijn schreden kon terugkeren. (Niet stemmen of blanco stemmen heb ik altijd de slechtst mogelijke oplossing gevonden: dan beslissen anderen voor jou.)

    Meeblazen

    Naast wat vanzelfsprekend en te verwachten was – de niet-aflatende twijfel nadat je hebt gestemd – heeft zich volgens mij een diepe teleurstelling meester gemaakt van het land. Deze verkiezingen zouden anders zijn, zo hoopte men. Voor het eerst in tientallen jaren zouden er meer dan twee partijen zijn die konden rekenen op een verkiezingszege of in elk geval op genoeg stemmen om een stevig partijtje mee te blazen bij het vormen van een regering. Er zouden ‘frisse winden waaien’, zoals nooit eerder was gebeurd. Maar alle partijen reageerden zoals we gewend zijn, maar dan nog erger, en de nieuwkomers deden daarin niet onder voor de oude garde. 
Zoals te doen gebruikelijk gaf bijna niemand toe dat hij verloren had en trok niemand dan toch op zijn minst het boetekleed aan; iedereen probeerde zo goed mogelijk voor de dag 
te komen om zonder gezichtsverlies zijn wonden te kunnen likken, hoezeer hij de waarheid daarbij ook geweld moest aandoen. Deze keer zijn 
de partijen nog een stapje verder gegaan: bijna allemaal hebben ze zich uitgeroepen tot onherroepelijke winnaar en vonden hun lijsttrekkers dat ze in de positie waren om eisen te kunnen stellen. Patent hierop heeft de antisysteempartij CUP, die zich sinds de regionale verkiezingen in Catalonië in september deze houding aanmeet (uiteraard met de kruiperige zegen van Mas, Junqueras, Romeva en Forcadell). Met maar tien zetels doen ze alsof zij de dienst uitmaken (deels omdat het eerder genoemde gezelschap hun dat mogelijk heeft gemaakt). Als je ondemocratisch bent en de boel chanteert vind je vanzelf navolging, dat heeft Podemos duidelijk laten zien. Hun ijdele leider Pablo Iglesias wist niet hoe gauw hij voorwaarden moest stellen aan de rest toen niemand hem nog had uitgenodigd om samen te gaan werken. Maar zo ook Pedro Sánchez van de PSOE en, in mindere mate, Albert Rivera van Ciudadanos en niet te vergeten Mariano Rajoy, op wie het meest is gestemd. Misschien is het die hooghartige en irreële opstelling waardoor veel kiezers spijt hebben gekregen. Is er dan niemand bij machte te beseffen wat zijn werkelijke positie is? Ligt de oorzaak wellicht in de regionale ‘volksraadpleging’ in Catalonië van nog maar 
een paar maanden geleden: als je bij 47 procent van de stemmen zonder blikken of blozen victorie kraait, waarom zou je dat dan niet doen als je 20 procent haalt? Als ze het pikken, waarom dan niet? En verbazingwekkend genoeg pikken en slikken ze hier de grootste onwaarschijnlijkheden, de flagrantste ontkenningen van wat de cijfers en de werkelijkheid laten zien.

    Wie zich op het ‘mandaat’ beroept, laat alleen maar blijken dat hij ‘sans gêne’ zal regeren

    De Catalaanse politici zijn ook de eersten geweest die een woord hebben gebruikt en misbruikt dat onze politiek niet kende, en dat een ieder die het gebruikt ontmaskert als gevaarlijk 
en autoritair. Het gaat om het woord ‘mandaat’. We hebben een duidelijk 
en democratisch mandaat gekregen, 
zo herhaalden Mas, Junqueras & co eindeloos, daarbij doelend op die 47 procent die allesbehalve evident 
en democratisch was. En zie, het 
verachtelijke woord ligt nu op ieders lippen, met name op die van Pablo Iglesias en Pedro Sánchez. En van 
wie krijgen ze dat ‘mandaat’? Van het volk natuurlijk, dat alles rechtvaardigt. Juist bij democratische verkiezingen zijn er geen homogene ‘mandaten’ – een bij uitstek dictatoriale en angstaanjagende term. Mensen stemmen meestal op het minst slechte, niet meer en niet minder. Met gematigd enthousiasme, met gespleten ziel en met pijn in het hart. Instemmend met sommige maatregelen en niet met andere, van zins om de gekozen politici goed in de gaten te houden. Het gebruik van het woord is een botte manier om jezelf de vrije hand te geven en te zeggen: wat wij willen doen, daarvoor heeft het volk ons mandaat gegeven; wij zijn slechts het instrument van een hogere wil waaraan wij gehoor moeten geven; daarom doen we waar we zin in hebben, want in feite voeren wij alleen maar de opdracht uit van de meerderheid of van onze eigen minderheid (de enige die ertoe doet), wat kan het schelen. CUP en Podemos zijn nog erger: het 
zijn massavergadertijgers die om de haverklap referenda willen houden (uiteraard met de media erbij), om dat mandaat keer op keer te bestendigen en te claimen. Je vraagt je af waarom 
ze dan eigenlijk willen regeren, want regeren heeft altijd betekend: beslissingen nemen – die soms, mocht dat nodig zijn, impopulair zijn – en er meer visie op nahouden dan de gewone burger, die je niet onophoudelijk kunt ‘raadplegen’. Laat hierover geen misverstand bestaan: wie zich op het ‘mandaat’ beroept, laat alleen maar blijken dat hij ‘sans gêne’ zal regeren, zoals oud-premier Aznar graag zei als hij ‘zonder scrupules’ bedoelde, oftewel naar eigen goeddunken en willekeur.

    Auteur: Javier Marías

    Javier Marías (Spanje, 1951) is de belangrijkste Spaanse schrijver van zijn generatie. 
Hij won ontelbare literaire prijzen en wordt alom gezien als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Literatuur.

    El País
    Spanje | oplage 397.000

    Zes maanden na de dood van Franco opgericht. Prachtige tabloidkrant met exquise journalisten en bijdragen van grote Spaanse schrijvers.