Tag: Qatargate

  • Qatargate ontrafeld: de grootste corruptiezaak ooit in het Europees Parlement

    Qatargate ontrafeld: de grootste corruptiezaak ooit in het Europees Parlement

    Het bewijsmateriaal uit het onderzoek naar fraude binnen het Europees Parlement suggereert dat er meer dan driehonderd pogingen zijn gedaan om de Europese democratie te manipuleren. ‘Dit speelde zich jarenlang af en het werd niet ontdekt. Wat speelt er nog meer allemaal?’

    Politico heeft een grote hoeveelheid uitgelekte documenten ingezien van het politieonderzoek naar de grootste corruptiezaak die de EU in decennia heeft getroffen. Deze documenten onthullen de volledige omvang van het omkoopschandaal waar het Europees Parlement in verwikkeld is geraakt. Je zou ze de Qatargate-jaarverslagen kunnen noemen.

    De dossiers beweren dat de hoofdverdachten, onder wie voormalig lid van het Europees Parlement Pier Antonio Panzeri en zijn assistent Francesco Giorgi, vier jaar lang pogingen hebben gedaan om het Parlement, het belangrijkste democratische orgaan van de EU, en beleidsdebatten te manipuleren. Deze pogingen zijn in de documenten nauwkeurig vastgelegd. Volgens de dossiers ontvingen zij hiervoor ongeveer 4 miljoen euro van hun vermoedelijke opdrachtgevers in Qatar, Marokko en Mauritanië.

    Deze week is het precies een jaar geleden dat Panzeri, Giorgi en andere sleutelfiguren werden gearresteerd en het schandaal aan het licht kwam.. Het leidde tot een reeks schokkende invallen waarbij zakken met geld opdoken, evenals duistere verhalen over buitenlandse inmenging in het hart van de EU-democratie. 

    In de dossiers wordt een aantal activiteiten beschreven die grote invloed hebben op het functioneren van de Europese Unie. Zo staan er plannen in om zes parlementaire resoluties te torpederen waarin de mensenrechtensituatie in Qatar wordt veroordeeld. Een ander voorbeeld is de poging om visumvrij reizen tussen Doha en de EU mogelijk te maken. 

    Soldaten

    Er worden ook minder belangrijke zaken genoemd. Giorgi schreef in een van de documenten dat elk exemplaar dat in het Parlement was te vinden van een boek waarin kritiek op Qatar werd geleverd, zorgvuldig was ‘vernietigd’.

    Een van de documenten is een spreadsheet met acht tabbladen dat op Giorgi’s laptop werd gevonden na de inval in zijn flat in Brussel. Het is een lijst met ruim driehonderd opdrachten die de groep tussen 2018 en 2022 tegen flinke vergoedingen zou hebben uitgevoerd, met als doel om betrokkenen te beïnvloeden. Ze zouden hierbij hulp hebben gehad van een netwerk van medewerkers binnen het Parlement, die ze volgens de documenten hun ‘soldaten’ noemden.

    Tot nu toe zijn in het kader van het onderzoek vier huidige en voormalige leden van het Europees Parlement gearresteerd op verdenking van corruptie, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. De verdachten zijn Panzeri, Giorgi en Eva Kaili, Giorgi’s partner, evenals een Brusselse topfunctionaris die van haar rol als vicevoorzitter van het Parlement werd ontheven toen het schandaal aan het licht kwam.

    Het onderzoeksteam vermoedt dat Panzeri en zijn netwerk het Parlement hebben gemanipuleerd namens Qatar en andere landen. Uit de documenten blijkt dat ze waarschijnlijk misbruik hebben gemaakt van de onwetendheid van veel buitenlandse ambtenaren op het gebied van EU-democratie.

    Giorgi vertelde aan de politie dat hij en zijn baas hun opdrachtgevers soms vertelden over kwesties waar ze eigenlijk in de praktijk geen invloed op hadden; volgens de documenten overdreef Panzeri de mate waarin hij het Parlement naar zijn hand kon zetten.

    Iemand anders, die anoniem wenst te blijven en inzage heeft in Giorgi’s juridische verdediging, zegt dat de spreadsheet niet kan worden gezien als bewijs van beïnvloeding. Volgens deze persoon was de lijst vooral bedoeld om Panzeri’s imago ten overstaan van zijn opdrachtgevers een ‘boost’ te geven.

    De documenten roepen ook vragen op over hoe dergelijke zaken zo lang onopgemerkt konden blijven

    Of ze nu het bewijs zijn van daadwerkelijke manipulatie of slechts een uit de hand gelopen pr-strategie, de ingevoerde spreadsheets bieden een unieke blik in de werking van het netwerk dat Panzeri, Giorgi en hun vermeende handlangers hebben opgezet en dat ze bestierden tot aan het politieonderzoek in 2022. De documenten roepen ook vragen op over hoe dergelijke zaken zo lang onopgemerkt konden blijven.

    Het schandaal kwam vorig jaar op 9 december aan het licht en is nu dus één jaar oud. Nu de documenten rondom Qatargate gepubliceerd zijn, zullen de ethische normen van de EU door alle nieuwe onthullingen opnieuw aan de kaak gesteld worden.

    De vermeende operaties omvatten: 

    De grote deal

    – Giorgi en Panzeri hadden met hun werk voor Qatar een duidelijk hoofddoel: ervoor zorgen dat Doha een overeenkomst met de EU zou kunnen sluiten voor visumvrij reizen. De deal kreeg in december 2022, enkele dagen voordat Giorgi en Panzeri werden gearresteerd, groen licht van de Commissie Burgerlijke Vrijheden van het Parlement. Sinds het schandaal aan het licht is gekomen, is een eindstemming over de deal uitgesteld.

    Het resultaat haalde de spreadsheet. Andere documenten op Giorgi’s laptop onthullen dat hij van plan was om de Qatari’s twee ‘actieplannen’ voor te leggen. Hij zou ze gedetailleerde instructies geven om de visumovereenkomst veilig te stellen, zoals met welke personen contact op te nemen en op welke plekken druk uit te oefenen.

    – Volgens Giorgi en Panzeri kon de visumovereenkomst alleen slagen als ze voor elkaar konden krijgen dat Europarlementariërs de Qatari’s niet langer zouden veroordelen voor de manier waarop ze arbeidsmigranten en journalisten behandelen. In zijn spreadsheet verklaart Giorgi dat hij zes parlementaire resoluties waarin Qatar veroordeeld werd, tussen juni 2021 en november 2022, heeft weten te ‘neutraliseren’. Uiteindelijk nam het Parlement op 24 november 2022 wel een resolutie aan waarin de mensenrechtensituatie in Qatar werd bekritiseerd.

    De manipulatie van parlementaire hoorzittingen

    – Terwijl Qatar zich voorbereidde op het WK voetbal, kwam er hevige kritiek op de uitbuiting van arbeidsmigranten. Giorgi schept in de spreadsheet op dat ze er tijdens een hoorzitting in april 2021, waarin een Qatarese ambtenaar werd ondervraagd, voor gezorgd hebben dat ‘de beeldvorming over de kwestie in het Parlement is veranderd’.

    – In februari 2020 maakten de verdachten gedetailleerde aantekeningen voor een aanstaand optreden van de Qatarese minister van Buitenlandse Zaken in de Commissie Buitenlandse Zaken van het Parlement. Ze zorgden er ook voor dat bepaalde leden van het Europees Parlement aanwezig zouden zijn voor ‘doelgerichte vragen’.

    Politieke aanvallen op rivalen van Qatar

    – Een operatie uit 2021 draaide bijvoorbeeld om Naser Al-Raisi, een hoge politiefunctionaris uit de Verenigde Arabische Emiraten, die op het punt stond de nieuwe voorzitter van Interpol te worden. De betrekkingen tussen Qatar en buurland VAE waren destijds gespannen en tussen 2017 en 2021 hadden de landen überhaupt geen diplomatieke banden. Net als veel politici en ngo’s in die tijd drong Panzeri’s vriendin, Europarlementariër Maria Arena, er bij EU-landen op aan om zich te verzetten tegen de benoeming van Al-Raisi. Panzeri en Giorgi claimden de eer voor Arena’s brief, maar het is onduidelijk of zij hier zelf weet van had. Arena’s advocaat vertelde aan Politico dat ze niet is aangeklaagd in het politieonderzoek en weigerde verder commentaar te geven.

    – Een andere operatie was gericht tegen Saoedi-Arabië, dat de diplomatieke en economische betrekkingen met Qatar had verbroken. Qatar betaalde Panzeri en Giorgi om een aantal acties uit te voeren. Zo verstuurden ze een reeks tweets en vertoonden ze films in verband met de moord op de Saoedische columnist Jamal Khashoggi, terwijl ze de Saoedische regering sterk veroordeelden voor de moord.

    Marokko en Mauritanië

    – Wat betreft het verdedigen van de Marokkaanse belangen waren Panzeri en Giorgi bijzonder trots op het feit dat ze een parlementaire resolutie tegen Algerije erdoor hadden gekregen, die Marokko volgens hen ten goede zou komen. 

    – Het team zegt ook geregeld te hebben dat een resolutie waarin Marokko wordt bekritiseerd voor zijn aanpak van een migratiecrisis in 2021 een ‘meer gematigde toon’ kreeg. De resolutie veroordeelde het feit dat Marokko de grenscontroles had versoepeld en tijdens een conflict met de Spaanse regering had toegestaan dat achtduizend migranten, onder wie niet-begeleide kinderen, overstaken naar Spaans grondgebied.

    – Volgens de documenten was het belangrijkste doel van Mauritanië om zijn publieke imago te verbeteren. In Giorgi’s spreadsheet staat dat de groep heeft geprobeerd te voorkomen dat een antislavernij-activist, die vijanden had gemaakt in de Mauritaanse regering, de prestigieuze Sacharovprijs voor mensenrechten van de EU zou winnen. 

    Nu de onthullende Qatargate-documenten gepubliceerd zijn, zal er in het Parlement waarschijnlijk weer fel gedebatteerd worden over de vraag of de wetgevende macht zelf wel genoeg heeft gedaan om soortgelijke misstanden in de toekomst te voorkomen. Het Parlement heeft als  reactie op het schandaal strengere procedures ingevoerd, maar veel ambtenaren in Brussel noemen de hervormingen op hun best halfslachtig.

    ‘Deze documenten laten zien dat dit een aanhoudende, meerjarige operatie is geweest om parlementaire procedures op slinkse wijze te beïnvloeden,’ zegt Nick Aiossa, waarnemend directeur van Transparency International EU. ‘Dit speelde zich jarenlang af, er waren veel mensen bij betrokken en het werd niet ontdekt. Wat speelt er nog meer allemaal?’

    ‘De reactie van het Parlement was zwak, karig en doet absoluut geen recht aan de ernst van het schandaal van afgelopen december,’ voegt Aiossa eraan toe.

    Fatsoenlijk proces

    Daniel Freund, een Europarlementariër namens de Duitse Groene Partij, verklaart in reactie op het onderzoek van Politico: ‘Het lijkt erop dat het schandaal nog veel groter is dan we tot nu toe wisten.’ Hij zegt dat het grootste probleem is dat het Parlement zelf geen intern onderzoek heeft gedaan naar de impact en de gevolgen van de vermeende beïnvloeding op de democratische activiteiten en beslissingen. 

    Freund: ‘Het lijkt erop dat je bepaalde beslissingen in het Parlement kunt kopen of op zijn minst beïnvloeden. In elk geval zijn er een paar voormalige leden van het Europees Parlement die iedereen ervan proberen te overtuigen dat dat bij hen mogelijk is.’

    ‘Het wordt steeds duidelijker dat ten minste een aantal procedures [in het Parlement] in het geding is,’ zegt Freund. ‘Nu moet er een fatsoenlijk proces komen binnen het Parlement, we moeten onderzoeken of dit gewoon opgeblazen onzin is van die twee… of dat het echt is. Hebben ze invloed gehad op een van deze procedures? Moeten we bepaalde beslissingen heroverwegen?’

    Volgens een woordvoerder van het Parlement kan de instelling geen intern onderzoek doen naar mogelijke criminele activiteiten. ‘Maar het Parlement kan wel onmiddellijk en volledig samenwerken met de bevoegde autoriteiten, en dat is wat we hebben gedaan.’ De woordvoerder voegt eraan toe dat Parlementsvoorzitter Roberta Metsola ‘het onderzoek persoonlijk heeft gefaciliteerd’ door ‘aanwezig te zijn bij de huiszoekingen van twee Belgische EP-leden (in december 2022 en in juli 2023), conform de Belgische grondwet. Dat is ongekend in de geschiedenis van het EP.’

    Na de eerste beschuldigingen van corruptie presenteerde Metsola veertien maatregelen om de firewalls van het Parlement te versterken en de transparantie te verbeteren. De wetgevende macht heeft bovendien in de Belgische rechtszaak een civiele aanklacht ingediend om ‘te ontdekken of er schade aan de EP-begroting is toegebracht door de activiteiten en om eventueel geld terug te vorderen’, zegt de woordvoerder.

    Volgens de documenten heeft Giorgi toegegeven dat hij bij de zwendel betrokken is geweest

    De Marokkaanse minister van Buitenlandse Zaken, die eerder ontkende dat het land betrokken is bij het schandaal, heeft niet gereageerd op meerdere verzoeken om commentaar van Politico. Ook Qatar ontkent zich te hebben gemengd in de democratie van de EU. Mauritanië heeft niet gereageerd op verschillende vragen per e-mail over vermeende betrokkenheid bij het schandaal. 

    Kaili zegt niets verkeerd te hebben gedaan. ‘Uit het onderzoek blijkt dat mevrouw Kaili nooit ten gunste van Marokko of Mauritanië heeft gesproken’, schrijft Kaili’s advocaat Michalis Dimitrakopoulos in een e-mail aan Politico. ‘Belgische geheime diensten benadrukken in onderzoeksdocumenten dat er geen bewijs is dat mevrouw Kaili betrokken was bij het netwerk, of dat ze geld heeft ontvangen.’

    Panzeri heeft schuld bekend in een schikking die hij in januari met de autoriteiten heeft getroffen. Volgens de documenten die Politico heeft ingezien, heeft Giorgi toegegeven dat hij bij de zwendel betrokken is geweest. De advocaten van de twee mannen weigerden commentaar te geven voor dit artikel.

  • ‘In een gezonde democratie moeten ook ngo’s verantwoording afleggen’

    ‘In een gezonde democratie moeten ook ngo’s verantwoording afleggen’

    Sinds het Europese corruptieschandaal van vorig jaar wil de Europese Commissie de richtlijnen voor parlementariërs én ngo’s aanscherpen. Niet alle ngo’s zijn blij met verscherpt toezicht, maar de enorme Brusselse ngo-sector moet transparantie zien als een kans om het vertrouwen van de burger te herstellen, schrijft journalist William Nattrass.

    Na het Europese corruptieschandaal rond Qatar dat eind vorig jaar losbrak, gaat de discussie nu steeds meer over de mate waarin dit te wijten is aan de enorme Brusselse ngo-sector. Er gaan conservatieve stemmen op dat het nu hoog tijd is om strengere eisen aan ngo’s te stellen op het gebied van transparantie. Wie toch al sceptisch is over de bedoelingen van zulke organisaties, kan zich immers geen beter voorbeeld van hypocrisie wensen dan dat een organisatie met de naam Fight Impunity (‘Bestrijd straffeloosheid’) het middelpunt blijkt te zijn van een internationaal omkopingsnetwerk. Vanuit links wordt tegengeworpen dat een of twee rotte appels nu als excuus worden gebruikt om de hele mand verdacht te maken. Maar dat is niet alleen een zwak argument, het gaat ook voorbij aan de kansen die strengere voorschriften bieden.

    In het licht van Qatargate probeert de Europese Commissie de eisen op het gebied van transparantie en verantwoording in deze sector nu te vergroten met nieuwe regelgeving over de inzage die ngo’s moeten geven in financiering afkomstig van buiten de EU. Maar de ngo’s komen meteen in het geweer tegen iedere poging nieuwe rapportageverplichtingen op te leggen. Daarbij wijzen ze erop dat de EU met twee maten meet. Nog maar enkele weken geleden spraken EU-politici immers hun zorgen uit over het Georgische wetsvoorstel dat organisaties en burgers die meer dan twintig procent van hun financiering uit het buitenland krijgen, zou verplichten om zich als ‘buitenlandse agent’ te laten registeren. En volgens verschillende organisaties zouden de plannen van de Commissie ook ngo’s in de EU kwetsbaar maken voor onderdrukking. Nick Aiossa, hoofd beleid en belangenbehartiging van Transparency International, zegt zich zorgen te maken dat strengere rapportage-eisen voor ngo’s ‘misbruikt zullen worden door extreemrechtse partijen, waarvan er al een paar aan de macht zijn. Orbán in Hongarije, Meloni in Italië, ik bedoel: dat zijn geen fans van ngo’s.’

    Problematisch

    Maar als argument tegen het EU-plan is dit problematisch. De bewering dat rechtse krachten misbruik zullen maken van deze nieuwe regelgeving, past in een verhaal waarin rechts wordt afgeschilderd als vijand van het maatschappelijk middenveld. En dat komt gevaarlijk dicht bij een partijpolitieke stellingname – iets waar elke niet-politieke organisatie die recht wil hebben op beïnvloeding van de beleidsvorming zich beter verre van kan houden. Daarbij is het nogal solipsistisch om te beweren dat strengere regelgeving voor ngo’s ondemocratisch is. De ngo’s maken een gevaarlijke denkfout als ze menen dat hun eigen vrijheid om zich aan toezicht te onttrekken de grondslag van democratie is. In een democratische samenleving zou het juist vanzelfsprekend moeten zijn dat er strenge transparantie-eisen gelden voor organisaties die invloed uitoefenen op het beleid.

    Wel is het zo dat nieuwe regels niet zo’n grote druk op de organisaties mogen leggen dat het ngo’s met weinig financiering in hun functioneren belemmert. Uitgangspunt van strengere regelgeving zou het inzicht moeten zijn dat er een grote verscheidenheid aan ngo’s bestaat, en de erkenning dat die niet allemaal op dezelfde manier kunnen worden behandeld. De EU zou haar nieuwe transparantie-eisen dus moeten beperken tot dat kleine deel van de ngo’s dat over een mate van organisatorische steun beschikt die als politiek significant kan worden gezien. Het kan niet al te moeilijk zijn om de criteria daarvoor vast te stellen, aangezien de EU regelmatig ngo’s raadpleegt over beleidsvragen, rapportages over de stand van de rechtsstaat in de lidstaten en andere kwesties waarbij kritisch gekeken moet worden naar potentiële politieke voorkeuren of verborgen belangen van de adviseurs, of die nu afkomstig zijn van bronnen binnen of buiten de EU.

    Bij organisaties die een actieve inbreng willen hebben in het beleid, doet het ertoe wat hun motieven zijn

    De linkse fracties in de EU wijzen er graag op dat er in Brussel meer gelobbyd wordt door het bedrijfsleven dan door ngo’s – al hebben de ngo’s over het algemeen meer succes in het bereiken van hun beleidsdoelen. En ze verwijten de conservatieven dat zij ngo’s nu onevenredig zwaar onder vuur nemen om de aandacht af te leiden van de mate waarin het bedrijfsleven zijn stempel op het EU-beleid drukt. Maar als het om bescherming van de democratie gaat, slaat deze kritiek de plank mis. De doelstellingen van lobbyisten uit het bedrijfsleven zijn over het algemeen scherper omlijnd dan die van ngo’s, en het zijn geen doelen zoals de handhaving van democratische beginselen of bescherming van de mensenrechten, die vaak sterk gepolitiseerd raken. In sommige opzichten zijn commerciële belangen intrinsiek transparanter dan niet-commerciële. Niemand zal bijvoorbeeld denken dat lobbyisten van Meta of Google principieel belangeloos zijn in hun gesprekken met de EU – en dat wordt meegenomen in de beoordeling van hun beleidsadviezen.

    Anderzijds is de gedachte dat het ontbreken van winstoogmerk een organisatie minder partijdig maakt juist een grondslag voor de invloed van de ngo-sector. Die gedachte gaat alleen voorbij aan de mogelijkheid dat bij gebrek aan commerciële belangen andere, minder doorzichtige motieven een rol kunnen gaan spelen – of het nu gaat om de ideologische prioriteiten van een rijke geldschieter, de gezamenlijke politieke opvattingen van de leden van een ngo, of simpelweg de verwerving en het behoud van politieke relevantie. Bij organisaties die een actieve inbreng willen hebben in het beleid, doet het ertoe wat hun motieven zijn. En al is het niet in het algemeen belang om hun rol aan banden te leggen, zeker na Qatargate moeten we er wel gerust op kunnen zijn dat die organisaties net zo open en transparant zijn in hun verantwoording als ze van de rest van de samenleving eisen.

    Politiek getouwtrek

    Dat is met name van cruciaal belang omdat ngo’s, of ze dat nu leuk vinden of niet, nu al onderwerp zijn geworden van politiek getouwtrek– zoals het verhitte debat tussen links en rechts over de consequenties van Qatargate wel laat zien. Populistische bewegingen schilderen ngo’s af als instrumenten van internationale partijen die nationale belangen dwarsbomen. Zij moedigen kiezers aan om ze te zien als partijdige actoren met een agenda die tegen de wensen van democratisch gekozen vertegenwoordigers indruist. Verzet tegen nieuwe transparantie-eisen zal sommigen alleen maar bevestigen in hun verdenking dat ngo’s vrij boven de Europese democratische instellingen willen zweven zonder verantwoording te hoeven afleggen.

    Zo bezien biedt dit debat een kans: door strengere transparantieregels te omarmen kunnen ngo’s sceptische burgers misschien geruststellen, vooral in landen waar de argwaan groot is, zoals Hongarije en Italië. De ngo’s zouden de huidige voorstellen dus moeten zien als een gelegenheid om de kritiek van hun tegenstanders te ontkrachten. Maximale openheid, transparantie en verantwoording bieden ngo’s de kans om het vertrouwen onder burgers te herstellen, wat van vitaal belang is voor hun functioneren, en daarmee het functioneren van een gezonde democratische samenleving. Die kans moeten ze grijpen.

    Lees ook:

  • Qatargate: Europees Parlement herziet lobbyregels voor ex-leden

    Qatargate: Europees Parlement herziet lobbyregels voor ex-leden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Tunesië: oppositieleider Rached Ghannouchi gearresteerd

    » Amerikaanse justitie treedt op tegen Chinese inmenging

    EP voert afkoelperiode van zes maanden in

    Het Europees Parlement heeft maandag besloten voormalige EP-leden te verbieden om bij het parlement te lobbyen voor een periode van zes maanden vanaf het einde van hun mandaat. Deze afkoelperiode is de ‘eerste maatregel in reactie op Qatargate’, schrijft Le Soir.

    Na Qatargate, het corruptieschandaal dat in december aan het licht kwam, ontstond de noodzaak voor het aanscherpen van de lobbyregels. Verschillende EP-leden zijn in deze zaak aangeklaagd, evenals voormalig Italiaans EP-lid Antonio Panzeri, nu hoofd van een ngo, die toegaf ‘een van de leiders van een criminele organisatie te zijn (…), die banden heeft met Qatar en Marokko’, aldus de Belgische krant.

    Lees ook: