Twee eerdere legaliseringspogingen werden verworpen
Na een emotioneel debat van vijf uur stemden 70 parlementsleden voor het wetsvoorstel, terwijl 56 parlementsleden ertegen stemden. Slechts één parlementslid onthield zich van stemming. Het wetsvoorstel geeft mensen de mogelijkheid om medische hulp aan te vragen om hun leven te beëindigen als zij aan een terminale ziekte lijden en twee artsen hebben vastgesteld dat zij geestelijk bekwaam zijn om die beslissing te nemen. Het Schotse parlement heeft in 2010 en 2015 bij de eerste stemming twee pogingen om euthanasie te legaliseren verworpen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Holyrood [het gebied in de Schotse hoofdstad Edinburgh waar het parlementsgebouw staat] heeft geschiedenis geschreven door verder te gaan met het plan om euthanasie te legaliseren, maar deze controversiële kwestie is nog lang niet opgelost’, merkt The Scotsman op. ‘Nu begint het moeilijkste gedeelte.’ De wettekst kan zijn parlementaire reis voortzetten. De wet wordt van kracht als het parlement er in een definitieve stemming mee instemt. Naar verwachting zal dat later dit jaar gebeuren.
Bewoners van koude gebieden houden er verschillende gewoontes op na om het gebrek aan licht te verzachten en de terugkeer van de zon te vieren. In een tijd van het jaar waarin de dagen nauwelijks te onderscheiden zijn van de nachten, brengen deze tradities verwondering en troost.
Keuze uit het archief
De decembermaand is aangebroken. Dat betekent koude dagen, lange nachten en de komst van de winter. Toch hebben Nederlanders niets te klagen als je kijkt naar andere plaatsen op de wereld, waar mensen soms maandenlang de zon niet zien. Deze reportage van The Guardian noemt een aantal van deze plaatsen en legt uit hoe de lokale bewoners daar met de duisternis omgaan.
Deze lange avonden rond de jaarwisseling, wanneer de schemering al vlak na de lunch lijkt in te vallen, doen me denken aan de extreme poolnacht die ik een paar winters geleden doorbracht op een klein, rotsachtig eiland voor de westkust van Groenland. De bewoners van de Upernavik-archipel zien van eind november tot januari geen zon. In de e-mail die ik ontving als uitnodiging om te komen werken in het kunstenaarsatelier van het museum op het eiland – het meest noordelijke museum ter wereld – stond dat ik kon kiezen tussen zomer of winter. ‘Veel zuiderlingen denken dat de duisternis van de winter een vreselijk zware tijd betekent’, schreef de museumdirecteur. ‘Maar als je er eenmaal aan gewend bent geraakt, is deze heel goed geschikt om na te denken – iets wat mensen gewoonlijk veel te weinig doen.’
Dat bleek te kloppen. Toen ik eenmaal enigszins gewend was aan de voortdurende duisternis, leerde ik de nuances van het licht te waarderen: de heldere sterrenbeelden, de veranderende maan of het licht dat uit de ramen van mijn buren kwam. Andere zintuigen drongen zich op de voorgrond. Ik hoorde het gehuil van sledehonden al in de verte, het gekraak van kindervoetjes in kleine sneeuwlaarsjes. Terwijl de grote ijsbergen aan de horizon zwak glinsterden in het maanlicht op hun doortocht naar het zuiden, beleefde ik intiemere reizen in de beschutting van mijn hut en legde ik een aantal oude spoken te ruste.
Het was een les in soberheid, maar ik was niet geïsoleerd. Er waren veel festiviteiten om de boel op te vrolijken – een feest is eindeloos als de dageraad nooit aanbreekt. De manier van leven van de eilandbewoners wees me op het belang van gezelschap en de eenvoudige aandacht voor rituelen. Die rituelen lopen uiteen van de dagelijkse zorg voor jezelf, zoals het bereiden van een bewerkelijke pap als ontbijt, tot het meer sociale, dagelijkse rondje kaffemik (koffiedrinken in het ene huis na het andere, vaak vergezeld van snoep en koekjes). Kerstmis, Nieuwjaar en Valentijnsdag kwamen en gingen, maar de gebeurtenis waarnaar het meest werd uitgezien, was de terugkeer van de zon. De datum waarop een eerste zwakke gloed aan de horizon is te zien varieert langs deze kust – meestal begint die rond 13 januari in Aasiat, richting het zuiden.
Overvloed aan boeken
Waar ik was, in het noorden, keken we naar televisiereportages van wat er op de lagere breedten gebeurde. De dagen verstreken en het licht kwam steeds dichterbij. En toen kwam de dag waarop onze gemeenschap naar het hoogste punt van het eiland trok om de gouden bol boven het zee-ijs te zien uitstijgen. Schoolkinderen gingen ons voor. Ze droegen uit geel papier geknipte zonnetjes op hun sneeuwpakken en zongen een welkomstlied. De terugkeer van de zon is een moment van hoop.
In IJsland zijn de nachten en dagen duidelijker van elkaar te onderscheiden, maar ook hier bieden atmosferische verschijnselen verwondering en troost. Ik woonde in een golfplaten hut in Siglufjörður op het schiereiland Trollskagi, waar ik schreef aan mijn boekThe Library of Ice. Lezen en schrijven is een normaal binnenshuis tijdverdrijf voor IJslanders in de winter – jólabókaflóðið, ofwel ‘een overvloed aan boeken rond kerst’, is een welbekende traditie. Buitenshuis liggen meer ontastbare, elementaire vormen van vermaak op de loer. Het noorderlicht – het resultaat van geladen deeltjes die in botsing komen met de atmosfeer van de aarde – verschijnt het vaakst tussen september en april en dan vooral rond de nachtevening [het moment waarop de zon loodrecht boven de horizon staat]. Maar er is geen garantie op het fenomeen, en dat maakt het nog intrigerender.
Terwijl noorderlichtjagers in alle ernst de voorspellingen en weerberichten in de gaten hielden en in hun SUV’s dapper naar verre fjorden reden, genoot ik ervan te wachten tot de groene vuren zich veel dichterbij manifesteerden, ingekaderd door mijn raam boven een vertrouwd stuk berg. Volgens de folklore is het noorderlicht het spoor dat wordt achtergelaten door elfen, of zijn het ‘verborgen mensen’ (huldufólk) die in de donkere hemel dansen. Er zijn in Scandinavië veel mythische verklaringen voor het noorderlicht te vinden, maar misschien is het juist de ondoorgrondelijkheid die zo intrigeert, vanwege het mysterie en de onvoorspelbaarheid.
Schaduwen, waarzeggerij en het zesde zintuig zijn trouwens onlosmakelijk verbonden met winter. Deze donkere periode is ook een tijd van voorspellingen. Een nieuw jaar wordt vaak ingeluid met goede voornemens en voorspellingen. Toen ik tijdens oud en nieuw met een groep Duitse kunstenaars in Villa Concordia in Bamberg in Beieren verbleef, nam ik deel aan het zogenoemde loodgieten (Bleigießen), een gebruik waarbij gesmolten lood (tegenwoordig meestal tin of was) wordt gebruikt om de toekomst te voorspellen, zoals ook met theeblaadjes wordt gedaan.
Zodra er ijs ligt is rollen in verse sneeuw een meer dan bevredigend alternatief
Hierbij wordt een kleine hoeveelheid metaal in een pollepel boven een vlam gesmolten en dan in een kom met koud water gegoten. De organische, verwrongen vormen die het staafje lood aanneemt als het afkoelt, worden geïnterpreteerd om het komende jaar te voorspellen. Als het lood bijvoorbeeld een bal vormt, zegt men dat het geluk jouw kant op zal rollen. De vorm van een anker belooft hulp. De voorspelling is in een oogwenk gedaan, maar discussies over deze vormverandering van het element kunnen de hele nacht duren, vooral na een bocksbeutel [traditionele wijnfles] met bubbels.
Het loodgieten komt ook voor in Finland, waar het bekendstaat als tinanvalanta. Maar een nog intensere ervaring is om je bij koud weer terug te trekken in een zomerhuisje met sauna in het merengebied, om daar het oude jaar weg te stomen. In de zomer renden we vanuit de houten hut van mijn vriend naar het meer voor een verfrissende duik, maar zodra er ijs ligt is rollen in verse sneeuw een meer dan bevredigend alternatief.
Sommige internationale commerciële kuuroorden bieden zelfs kunstmatige ‘sneeuwkamers’ bij hun saunabehandelingen – een dappere poging om het rollen in pas gevallen sneeuw onder dennentakken die doorbuigen onder het gewicht van waterkristallen na te bootsen. Het oude jaar zou uitgewist kunnen worden met een paar koele slokken wodka met bosbessen, maar water is geschikter voor degenen die januari graag gezond aanvangen en willen profiteren van de heilzame effecten van de plotselinge overgang van warmte naar kou.
Vuurzee
Even opwindend is een duik in het koude water van de Firth of Forth, een oude traditie op nieuwjaarsdag voor de inwoners van Edinburgh. Voor de viering van Hogmanay [Schots voor oudejaarsavond en de bijbehorende festiviteiten], is in Portobello Park is een nieuw initiatief ontstaan. Om het einde van de feestelijkheden in te luiden worden afgedankte kerstbomen op het zandstrand ‘geplant’ en vervolgens in brand gestoken. Portobello is het enige openbare park in Schotland waar je een vuurtje mag stoken en kleine vreugdevuren zijn hier het hele jaar door te vinden, maar de brandstapel voor het nieuwe jaar moet soms door de autoriteiten worden getemperd. Het is misschien niet de meest duurzame manier om je te ontdoen van hout, maar indrukwekkend is de vuurzee aan de Firth of Forth well deze doet denken aan meer gevestigde Schotse midwintervieringen met vuur, uiteenlopend van Burning the Clavie in Burghead tot de Comrie Flambeaux en van de Fireballs in Stonehaven tot Helly Aa op de Shetland-eilanden. Het meest spectaculair is de dramatische verbranding van een model van een Vikingschip in het dorpje Lerwick.
Maar de vernietigende kracht van de elementen is uiteindelijk nergens duidelijker zichtbaar dan op de ijskap van Antarctica in de winter. Op het zuidelijk halfrond valt midwinter in juni. Dan wordt op onderzoeksstations het onderzoek naar ijskernen, gletsjers en de gewoonten van pinguïns stilgelegd en bereiden wetenschappers zich voor op de lange reis naar huis. Op de meest zuidelijke Britse basis, Halley VI, heersen temperaturen van min 30 graden Celsius, gepaard met snijdende wind. De zon komt wekenlang niet op boven de futuristische rode en blauwe cabines.
Een ervaren overwinteraar vertelde me dat de oudste persoon op de basis de vlag aan het einde van het seizoen laat zakken en dat de jongste hem zal hijsen als het onderzoeksprogramma in de lente weer begint. Het is inmiddels een traditie met nieuwjaar geworden, geliefd bij de weinige overwinterende wetenschappers en het ondersteunende personeel op Halley VI: voor de zonnewende op 21 juni zendt BBC World Service zijn misschien wel meest ongebruikelijke programma uit voor het kleinst beoogde publiek. Overal ter wereld kan men afstemmen op deze hartverwarmende mix van berichten aan familie en vrienden, muziekverzoeken en boodschappen van de British Antarctic Survey. Luisteraars kunnen in hun verbeelding meereizen met degenen die onderzoek doen naar de atmosfeer en het klimaat in het verleden om meer te weten te komen over de toekomst van de planeet – ook een vorm van voorspellen en goede voornemens, uiteindelijk zelfs de belangrijkste van allemaal.
Een gefortuneerde zakenman die het kasteel in Kinloch wilde kopen, moest de aftocht blazen omdat hij niet wilde garanderen tot elke prijs het erfgoed te zullen beschermen.
Het kasteel van Kinloch, rond het begin van de twintigste eeuw opgetrokken voor rekening van George Bullough, een rijke industrieel uit Manchester, is een merkwaardig bouwwerk van rode baksteen met gekanteelde torentjes. De fabrikant van katoenspinmachines kwam naar het Schotse eiland om te jagen, aldus het weekblad Scotland on Sunday uit Edinburgh.
Het kasteel werd in 1957 aan een Schotse organisatie voor erfgoedbehoud verkocht, tot monument verklaard en omgebouwd tot herberg.
Na sluiting van de herberg in 2013 stond het kasteel te verkommeren: de ramen klapperden, de vloerbedekking vergeelde. De overheid, die de afgelopen vijf jaar driehonderdduizend pond had uitgegeven aan diverse reparaties, ging wanhopig op zoek naar een koper voor dit schip van bijleg.
Brexiteer
Op de symbolische vraagprijs van twee pond sterling kwam lange tijd nauwelijks iemand af. Tot aan de zomer van 2022. Jeremy Hosking, een rijke Engelsman, bood aan tien miljoen pond (11,7 miljoen euro) te investeren in de volledige renovatie van het gebouw. ‘Hij tekende een contract met de Schotse regering, had een ontmoeting met omwonenden, tegenover wie hij zich bij voorbaat excuseerde voor de overlast van de bouwwerkzaamheden, en dacht dat de zaak beklonken was’, aldus de zondagseditie van The Scotsman. In de lente van 2023 kwam er een onverwachte wending: Hosking trok zich terug. ‘Ik had niet verwacht dat de plaatselijke bevolking alles zou torpederen,’ zegt hij verontwaardigd tegen het dagblad.
Orkneyeilanden
Het Vikingbloed kruipt waar het niet gaan kan
‘Toen ik zag dat de Orkneyeilanden weer Noors wilden worden, dacht ik dat het een grap was,’ bekent David Leask, journalist van dagblad The Herald. Maar het is waar. De plaatselijke afgevaardigden van de Schotse archipel, die geografisch dichter bij Oslo ligt dan bij Londen, hebben afgelopen 4 juli met vijftien stemmen tegen zes vóór ‘onderzoek naar nieuwe bestuursvormen’ gestemd, waaronder terugkeer in de Scandinavische moederschoot, 550 jaar nadat die was verlaten.
‘Het initiatief is een uiting van toenemende frustratie’, analyseert dagblad The Scotsman, ‘omdat de Orkneyeilanden met 22.500 zielen minder subsidie per inwoner krijgen dan andere vergelijkbare Schotse eilanden.’ Downing Street heeft ‘iedere versoepeling van de banden’ tussen de archipel en het Verenigd Koninkrijk onmiddellijk afgewezen.
Het kasteel staat namelijk op het eiland Rum voor de kust van Schotland, dat onder particulier beheer valt: de meeste grond rond het grootste dorp Kinloch is gemeenschappelijk bezit van een veertigtal inwoners. ‘Een deel van deze inwoners vindt dat er voor het gebouw en waar het voor staat geen plaats meer is op het eiland Rum’, aldus Scotland on Sunday.
‘Het waren sombere tijden’, beaamt Fliss Fraser, inwoonster van Kinloch, in een artikel in het dagblad The National uit Glasgow. ‘De bevolking stond ten dienste van het huis, in plaats van andersom.’ De komst van een rijke zakenman, die ervan wordt verdacht van het victoriaanse gebouw een luxehotel te willen maken, roept bij sommigen geesten uit het verleden op. Volgens het bestuur van de vereniging van grondeigenaren zijn de miljoenen die aan Kinloch worden beloofd onverenigbaar met de plannen voor de bouw van een alternatief bouwwerk. ‘Het kasteel ligt precies midden in het dorp en deelt de gemeenschap in tweeën,’ licht Fliss Fraser toe. ‘Wanneer een gefortuneerde eigenaar er zijn intrek neemt wordt de inspraak van de plaatselijke bevolking geweld aangedaan.’
Jeremy Hosking verzekert dat hij op de steun van twaalf van de tweeëntwintig volwassenen op het eiland kon rekenen; zij zouden openstaan voor nieuwe economische perspectieven. ‘Rum heeft het aantal toeristen met vijftig procent zien afnemen sinds de sluiting van de herberg,’ aldus de Scotland on Sunday. ‘In het wilde weg praten met een paar mensen kun je geen referendum noemen,’ werpt Steve Robertson tegen, die binnen de vereniging van grondeigenaren is belast met de ontwikkeling van het eiland. ‘Wij zijn er niet tegen dat het gebouw in handen komt van een privépersoon, maar ons ontwikkelingsmodel impliceert dat er door middel van collectieve beslissingen nauwlettend rekening wordt gehouden met het algehele evenwicht en de belangen van alle ingezetenen.’
Vetorecht
Het verzet van deze ‘invloedrijke bewoners’, zoals Scotland on Sunday hen bestempelt, heeft Jeremy Hosking uiteindelijk de aftocht doen blazen. ‘Ze zijn zich gaan beklagen bij de Schotse regering, die hun een vetorecht heeft gegeven,’ tiert de durfinvesteerder, die overigens donateur is van de door euroscepticus Nigel Farage opgerichte partij Reform UK. ‘Eerst dacht ik dat het probleem zou zijn dat ik Engelsman ben en voorstander van Brexit, maar nee.’
De plannen van Jeremy Hosking stuitten op maar één obstakel: de onwil om tot elke prijs erfgoed te beschermen, hoeveel dat ook zou kosten. En de wens om een historisch gebouw ten dienste van de gemeenschap te stellen, hoelang het ook zou duren om een alternatief plan te realiseren. ‘Ondertussen,’ waarschuwt Scotland on Sunday, ‘blijft het aan weer en wind blootgestelde kasteel stilletjes aftakelen.’ Bij gebrek aan een renovatieplan, bevestigt het dagblad The Press and Journal uit Aberdeen, ‘zal het definitief tot een ruïne vervallen’.
Voormalig Schotse premier Nicola Sturgeon werd zondagochtend door de politie gearresteerd in verband met een onderzoek naar fraude met partijgelden. Later die dag werd ze, in afwachting van verder onderzoek, zonder aanklacht vrijgelaten, bericht The Guardian.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens de Britse krant werd Sturgeon ‘als verdachte’ ondervraagd door rechercheurs die beschuldigingen van financieel wangedrag door de Scottish National Party onderzoeken, waarover ze voor haar aftreden in februari de leiding had. Haar echtgenoot, Peter Murrell, werd begin april gearresteerd en ondervraagd in verband met hetzelfde politieonderzoek. Ook hij werd kort na zijn arrestatie weer zonder aanklacht vrijgelaten.
De politie had een onderzoek ingesteld, die bekend staat als Operation Branchform, na klachten over de manier waarop de SNP omging met meer dan 600.000 pond aan donaties die de partij had opgehaald om campagne te voeren voor een tweede onafhankelijkheidsreferendum. Er wordt beweerd dat het geld in plaats daarvan werd gebruikt om de lopende kosten van de partij te dekken.
In een verklaring op zondagavond zei Sturgeon dat haar arrestatie ‘zowel een schok als zeer verontrustend’ was, schrijft The Guardian. ’Ik weet zonder twijfel dat ik in feite onschuldig ben aan enig vergrijp, voegde ze eraan toe.
Politie onderzoekt woning van Murrell en oud-premier Sturgeon
Peter Murrell, voormalig voorzitter van de Scottish National Party (SNP), werd woensdagochtend gearresteerd in het kader van een onderzoek naar de financiering van de partij, ‘en ’s avonds zonder aanklacht vrijgelaten’, meldt The Scotsman. De echtgenoot van voormalig premier Nicola Sturgeon nam in maart ontslag, verstrikt in een controverse over de ledenaantallen van de SNP.
Volgens de politie was Murrell ‘gearresteerd als verdachte’ en is hij vrijgelaten ‘in afwachting van lopend onderzoek’, bericht The Guardian. Rechercheurs doorzochten woensdag het huis in Glasgow van Murrell en Sturgeon en het hoofdkwartier van de partij in Edinburgh.
De politie doet onderzoek naar 600.000 pond aan donaties voor een onafhankelijkheidsreferendum
De politie had een onderzoek ingesteld na klachten over de manier waarop de SNP omging met meer dan 600.000 pond aan donaties die de partij had opgehaald om campagne te voeren voor een tweede onafhankelijkheidsreferendum. Er wordt beweerd dat het geld in plaats daarvan werd gebruikt om de lopende kosten van de partij te dekken. De partij verklaarde dat alle donaties ’geoormerkt’ waren voor onafhankelijkheidsgerelateerde campagnes.
Bedrijven bemoeien zich met uiterlijk Schotse binnensteden
Meer dan drie van de vier grootste winkelcentra in Schotland zijn geregistreerd in belastingparadijzen, zo blijkt uit onderzoek door de Schotse onderzoeksjournalistieke site The Ferret. Het onderzoek maakt deel uit van de serie ‘Who Owns Urban Scotland?’, waarin de site oproept tot meer transparantie over de belangen van eigenaren en hun betrokkenheid bij Schotse steden. Gekeken werd naar 23 grote winkelcentra in Glasgow, Edinburgh, Dundee, Aberdeen, Inverness, Perth, Stirling en Dunfermline. Daarvan hebben achttien winkelcentra eigendomsstructuren die gebruikmaken van in belastingparadijzen geregistreerde bedrijven.
Veel winkelcentra worstelen met de klappen die de retailmarkt vooral sinds de pandemie kreeg te verwerken
Veel winkelcentra worstelen met de klappen die de retailmarkt vooral sinds de pandemie kreeg te verwerken. Tussen 2016 en 2021 ging 83 procent van de winkels failliet, waaronder grote warenhuizen als BHS en Debenhams – ‘ankerpunten’ waar winkelcentra traditioneel van afhankelijk waren. Hun verdwijnen bemoeilijkt het bestrijden van de huidige leegstand. Sommige buurten zullen worden omgevormd tot ‘stadswijken’ met nieuwe straten, kantoren, woningen en openbare ruimte. Critici betogen dat de ‘onzichtbare’ eigenaren van dergelijke winkelcentra een ‘onhoudbare invloed’ hebben op de ontwikkeling van Schotse stedelijke centra en pleiten voor wetgeving die een einde maakt aan het gebruik van belastingparadijzen. Registratie in een belastingparadijs is niet illegaal, maar organisaties als het Tax Justice Network menen dat overheden hierdoor inkomsten mislopen en dat het kleinere, binnenlandse bedrijven ondermijnt.
Eerder deze maand nam het parlement van Indonesië een wet aan die veel kritiek oogst omdat daarmee onder meer seks voor het huwelijk en samenwonen buiten het huwelijk strafbaar worden. Minder aandacht kreeg het feit dat diezelfde wet, die bekendstaat als KUHP, ook de greep van de regering op online-uitingen sterk vergroot, schrijft Rest of World. Dat betreft berichtgeving door traditionele media, maar ook uitingen van particulieren op sociale media. De wet beperkt een breed scala aan uitingen, uiteenlopend van het verspreiden van nepnieuws en marxistisch-leninistische ideologieën tot het beledigen van de president. Techbedrijven kunnen worden gedwongen om inhoud te verwijderen die de Indonesische regering onwelgevallig is.
AMSI, de Indonesische vereniging voor onlinemedia, deelt zijn bezorgdheid, evenals online-uitgevers, gebruikers van sociale media en activisten
Hoofdstuk 241 van de KUHP is bijvoorbeeld gericht tegen critici van de regering en betreft ‘verspreiding van vernederingen van de regering of staatsinstellingen’. Hoofdstuk 218 richt zich op degenen die ‘de eer en waardigheid’ van de president of vicepresident aantasten, behalve als dat gebeurt in ‘het algemeen belang of uit zelfverdediging’. Gebruikte termen als ‘vernedering’, ‘kritiek’ en ‘nepnieuws’ zijn uiterst vaag en rekbaar, is de klacht van onder meer Damar Juniarto, van het Southeast Asia Freedom of Expression Network (SAFEnet). Dat stelt de regering in staat dergelijke termen naar believen te interpreteren. De zinsnede ‘elke vorm van informatietechnologie’ betekent dat de wet kan worden toegepast op alle vormen van kritiek op sociale media. ‘Iedereen kan gecriminaliseerd worden,’ aldus Juniarto. AMSI, de Indonesische vereniging voor onlinemedia, deelt zijn bezorgdheid, evenals online-uitgevers, gebruikers van sociale media en activisten.
De nieuwe wet volgt op de eerdere zogenoemde PSE-verordening die digitale platforms verplicht zich in Indonesië te registreren, waarna de platforms zijn gehouden om alle inhoud te verwijderen die de regering ‘onwettig’ acht – een brede term die van toepassing kan zijn op van alles, variërend van pornografie tot grappen over de president.
De UGTT, de machtigste vakbond van Tunesië, heeft de Tunesische president Kais Saied gewaarschuwd dat een tweede ronde van de omstreden parlementsverkiezingen moet worden uitgesteld om chaos te voorkomen, aldus Al Jazeera. Volgens de UGTT zal het nieuwe parlement geen legitimiteit hebben, gezien de absurd lage opkomst bij de eerste verkiezingsronde eerder deze maand, toen uit protest slechts 11,2 procent van de kiesgerechtigden stemde. ‘Ik verwachtte dat de president de boodschap van die lage opkomst zou hebben begrepen… maar hij gaat door met zijn plannen,’ aldus UGTT-voorman Noureddine Taboubi. Zijn vakbond met meer dan een miljoen leden wist eerder door stakingen de economie stil te leggen en speelde een belangrijke rol in de revolutie van 2011.
In Tunesië is het onrustig sinds Saied vorig jaar het door de oppositie gedomineerde parlement ontbond en de grondwet zodanig wijzigde dat die ondergeschikt werd aan het presidentschap. De oppositie beschuldigt hem ervan een ‘staatsgreep’ te hebben gepleegd.
De Transportation Security Administration (TSA), die zorg draagt voor de binnenlandse veiligheid in het luchtverkeer in de Verenigde Staten, liet deze maand weten dat de maximumstraf voor overtredingen met vuurwapens zal worden verhoogd, nadat medewerkers in 2022 een recordaantal vuurwapens onderschepten bij veiligheidscontroles op luchthavens. TSA-agenten namen meer dan 6301 vuurwapens in beslag, en daarvan was meer dan 88 procent geladen, schrijft BuzzFeed News. Dat aantal overtreft het vorige record van 5072 uit 2021, en volgens TSA zullen er in de laatste weken van dit jaar nog eens zo’n 300 wapens in handbagage worden gevonden. Dat betekent dat TSA dit jaar dagelijks bijna 16 geladen vuurwapens aantrof. Als reactie daarop zal de TSA de maximumboete voor overtredingen met vuurwapens verhogen tot 14.950 dollar, ruim 14.000 euro.
Jaarkalenders hebben vaak een thema. Dat zette Playbabe-oprichters Aurélia Majean en Lucy Owen Jones aan het denken: waarom niet de 2023-editie opdragen aan sekswerkers? Playbabe is een non-profitproject dat verschillende feministische verenigingen steunt en kalenders gebruikt om geld in te zamelen.
Vorig jaar zamelden zij geld in voor En Avant Toutes, dat zich inzet voor gendergelijkheid en het einde van geweld tegen vrouwen en mensen uit de lgbtqia+-gemeenschap. De Playbabe-kalender van 2023 doneert 100 procent van de verkoopwinst aan Hydra Berlin, dat opkomt voor de rechten van sekswerkers. Tot nu toe is er 1200 euro ingezameld, aldus Itsnicethat.
Griekenland presteerde het best in 2022
The Economist stelde een lijst samen van landen die het best en landen die het slechtst presteerden in 2022, dat als een slecht jaar de boeken in gaat. Door sterke inflatie gingen de meeste inkomens in rijke landen erop achteruit en aandelenmarkten kelderden wereldwijd met 20 procent. Verrassend genoeg heeft vooral het Middellandse Zeegebied reden voor een economisch feestje. Bovenaan de lijst staat Griekenland, en ook Portugal en Spanje scoren hoog. Ondanks de politieke chaos deed Israël het goed.
In Zwitserland bleef de inflatie laag en stegen de consumentenprijzen met slechts 3 procent. Landen met niet-Russische energiebronnen, zoals Spanje, dat een groot deel van zijn gas uit Algerije betrekt, scoorden bovengemiddeld. Duitsland had een slecht jaar ondanks de politieke stabiliteit, en Estland en Letland – die werden geprezen om hun hervormingen – staan nu onderaan. Nederland eindigt op de 19e plek van de 34 geanalyseerde landen.
Bedrijven bemoeien zich met uiterlijk Schotse binnensteden
Meer dan drie van de vier grootste winkelcentra in Schotland zijn geregistreerd in belastingparadijzen, zo blijkt uit onderzoek door de Schotse onderzoeksjournalistieke site The Ferret. Het onderzoek maakt deel uit van de serie Who Owns Urban Scotland?, waarin de site oproept tot meer transparantie over de belangen van eigenaren en hun betrokkenheid bij Schotse steden. Gekeken werd naar 23 grote winkelcentra in Glasgow, Edinburgh, Dundee, Aberdeen, Inverness, Perth, Stirling en Dunfermline. Daarvan hebben 18 winkelcentra eigendomsstructuren die gebruik maken van in belasting-paradijzen geregistreerde bedrijven.
Veel winkelcentra worstelen met de klappen die de retailmarkt vooral sinds de pandemie kreeg te verwerken
Veel winkelcentra worstelen met de klappen die de retailmarkt vooral sinds de pandemie kreeg te verwerken. Tussen 2016 en 2021 ging 83 procent van de winkels failliet, waaronder grote warenhuizen als BHS en Debenhams – ‘ankerpunten’ waar winkelcentra traditioneel van afhankelijk waren. Hun verdwijnen bemoeilijkt het bestrijden van de huidige leegstand. Sommige buurten zullen worden omgevormd tot ‘stadswijken’ met nieuwe straten, kantoren, woningen en openbare ruimte. Critici betogen dat de ‘onzichtbare’ eigenaren van dergelijke winkelcentra een ‘onhoudbare invloed’ hebben op de ontwikkeling van Schotse stedelijke centra en pleiten voor wetgeving die een einde maakt aan het gebruik van belastingparadijzen. Registratie in een belastingparadijs is niet illegaal, maar organisaties als het Tax Justice Network, menen dat overheden hierdoor inkomsten mislopen en dat het kleinere, binnenlandse bedrijven ondermijnt.
Billy Wilson Jenners Department Store Edinburgh Scotland
Het Britse Hooggerechtshof zegt dat Britse toestemming nodig is
Schotland mag geen referendum over onafhankelijk organiseren zonder uitdrukkelijke toestemming van de Britse regering. Dat heeft het Britse Hooggerechtshof unaniem bepaald, meldt BBC. De uitspraak betekent een fikse streep door de rekening van de Schotse premier Nicola Sturgeon, die volgend jaar zo’n referendum wilde houden.
Volgens het hof heeft het Schotse parlement, waar Sturgeon voorzitter van is, geen zeggenschap over de grondwet van het Verenigd Koninkrijk, waar Schotland onder valt. De grondwet valt onder verantwoordelijkheid van het Britse parlement en alleen de Britse regering mag toestemming voor een referendum geven, zelfs als het om een adviserend en niet om een bindend referendum gaat.
De Schotse regering, dat er een moeizame relatie met de Britten op nahoudt, ontving de uitspraak met teleurstelling. ‘Dit is een bittere pil voor elke voorstander van onafhankelijkheid, en zeker voor elke voorstander van democratie,’ zei Sturgeon. ‘We moeten en zullen een andere democratische, wettige manier vinden waarop het Schotse volk zijn wil kenbaar kan maken.’
De overlijdensakte van Elizabeth II werd donderdag gepubliceerd. Daarop staat vermeld dat Elizabeth Alexandra Mary Windsor op 8 september om 15.10 uur op Balmoral Castle in Schotland is overleden aan ‘ouderdom’, iets meer dan drie uur voor de officiële aankondiging door Buckingham Palace, meldt The Guardian. In het vak ‘beroep’ schreef de griffier gewoon ‘Hare Majesteit de Koningin’.
De Britse krant stelt dat ‘ouderdom’ een wettelijk aanvaardbare doodsoorzaak is ’indien de arts die het overlijden vaststelt de patiënt reeds lange tijd volgt, niet op de hoogte was van enige ziekte of verwonding die aan het overlijden zou kunnen hebben bijgedragen en een geleidelijke achteruitgang in de gezondheid van de overledene heeft vastgesteld’. Haar behandelend arts, Douglas James Allan Glass, was vierendertig jaar lang de lijfarts van de koningin in Schotland.
In een besluit dat door The New York Times als ‘buitengewoon’ wordt omschreven, kondigden de Verenigde Staten woensdag aan dat zij de tijdelijke opschorting van patenten op coronavaccins steunden, een maatregel die erop gericht is arme landen te helpen die wanhopig gebrek hebben aan kostbare doses.
Een standpunt dat klinkt als een ‘oorlogsverklaring aan Big Pharma’, vat The Daily Beast samen.
‘Dit is een wereldwijde gezondheidscrisis en de buitengewone omstandigheden van de covid-19-pandemie vragen om buitengewone maatregelen’, aldus Katherine Tai, de Amerikaanse gezant voor de Wereldhandelsorganisatie (WTO), die eraan toevoegde dat Washington al ‘actief’ deelneemt aan onderhandelingen in de WTO om de patenten te kunnen opheffen, bericht NYT. Dit zal echter tijd kunnen kosten, aangezien veel landen, waaronder Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en ook Nederland, zich hiertegen verzetten.
‘Joe Biden koos voor medemenselijkheid’, kopt CNN. ‘Gezegd moet worden dat hij zich in een bijzonder lastig parket bevond omdat hij tijdens de presidentscampagne had beloofd vaccinatietechnologie met andere landen te delen. Hij werd er ook van beschuldigd niet genoeg te doen om arme landen te helpen snel vaccins te verkrijgen’, aldus de nieuwszender. ‘Uiteindelijk zullen de Amerikanen baat hebben bij een grotere beschikbaarheid van vaccins, want niemand is veilig voor corona zolang niet iedereen is gevaccineerd.’
Monumentaal besluit
Op Twitter noemde Tedros Adhanom Ghebreyesus, baas van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), het besluit van Joe Biden ‘monumentaal’.
This is a monumental moment in the fight against #COVID19. The commitment by @POTUS Joe Biden & @USTradeRep@AmbassadorTai to support the waiver of IP protections on vaccines is a powerful example of 🇺🇸 leadership to address global health challenges. pic.twitter.com/3iBt3jfdEr
— Tedros Adhanom Ghebreyesus (@DrTedros) May 5, 2021
De aankondiging van de Democratische regering heeft daarentegen de woede van de farmaceutische industrie gewekt. Stephen Ubl, de voorzitter van de Amerikaanse Pharmaceutical Manufacturers Association (PhRMA), zei dat het besluit ‘de reeds overbelaste toeleveringsketens verder zou kunnen verzwakken en de verspreiding van namaakvaccins zou kunnen aanmoedigen’.
‘Deze patentroof zal slecht aflopen voor de Verenigde Staten en voor de wereld’
‘Het produceren van coronavaccins is een ingewikkeld wetenschappelijk proces waar moeilijk te verkrijgen grondstoffen aan te pas komen, beweren deskundigen uit de industrie’, schrijft The Wall Street Journal. ‘Fabrieken moeten worden gebouwd of aangepast met speciale, dure apparatuur, en werknemers moeten over enige productiekennis beschikken.’
In een redactioneel commentaar meent het conservatieve dagblad dat Joe Biden een ‘diefstal’ heeft gepleegd die op lange termijn medische gevolgen zal hebben. ‘Deze patentroof zal slecht aflopen voor de Verenigde Staten en voor de wereld’, schrijft WSJ. ‘Investeerders zullen veel minder geneigd zijn te investeren in nieuw geneesmiddelenonderzoek als hun eigen regering in staat blijkt hen onder politieke druk te verraden.’
Waarom Schotland warmloopt voor Nicola Sturgeon
Het is moeilijk om Nicola Sturgeon te bereiken tijdens haar campagne in aanloop van de Schotse parlementsverkiezingen die vandaag (6 mei) plaatsvinden. ‘Eerst moet je je door straten vol bewonderaars en selfiejagers heen worstelen’, schrijft The Observer. ‘Sommigen barsten zelfs in tranen uit in haar aanwezigheid.’ Na zeven jaar als premier te hebben gediend en veertien als partijleider, blijft Sturgeon ongelooflijk populair bij de kiezers. Niets schijnt haar imago te kunnen schaden.
‘Meelevend maar berekenend, grootmoedig maar bereid om een rake klap uit te delen, Nicola Sturgeon is altijd een complexe politieke figuur geweest’, aldus Financial Times. Ze groeide op in een Schots arbeidersmilieu in Irvine, een havenstad ten zuidwesten van Glasgow. In 1987, ‘toen ze nog een verlegen zestienjarig schoolmeisje was’, werd ze lid van de Schotse Nationale Partij (SNP). Ze zag onafhankelijkheid al snel als het enige antwoord op ‘het rechtse beleid van Margaret Thatcher, terwijl het Schotse electoraat eerder links was georiënteerd’, aldus het financiële dagblad. ‘Die overtuiging heeft haar nooit verlaten.’
Haar wens om een einde te maken aan de meer dan driehonderd jaar durende unie met Engeland lijkt bovendien binnen handbereik. Eind 2020 was in meer dan twintig opeenvolgende opiniepeilingen de uitkomt van referenda voor onafhankelijkheid ‘ja’. Sturgeon rekent er dan ook op dat ze na 6 mei opnieuw een regering kan gaan vormen.
‘Ze hebben vooral geprobeerd de beter bedeelde Schotten trouw te laten blijven aan de SNP’
Er is echter ook veel kritiek op de staat van dienst van de voormalig advocaat. ‘Sinds ze in 2007 de partij is gaan leiden, hebben de nationalisten gesproken over het creëren van een eerlijker, progressiever Schotland, maar in werkelijkheid hebben ze vooral geprobeerd om de beter bedeelde Schotten – degenen die het meest waarschijnlijk zullen stemmen bij verkiezingen – ervan te overtuigen trouw te blijven aan de SNP’, schrijft het dagblad The Scotsman.
De pro-onafhankelijkheidspartij heeft universiteiten gratis gemaakt en zich ingezet voor de rechten van vrouwen, somt The Spectator op. Maar tegelijkertijd ‘heeft de regering-Sturgeon tussen 2015 en 2019 47 miljoen pond [ongeveer 54 miljoen euro] bezuinigd op verslavingszorg’, terwijl het land een ernstige drugscrisis doormaakt. En de ongelijkheid tussen rijk en arm op scholen blijft ‘beschamend’. ‘Waarom houden de Schotten dan nog steeds zo veel van hun premier?’ vraagt het conservatieve weekblad zich af.
De kunst van het inleven
De premier, die lange tijd als ‘kil’ werd beschouwd, heeft zich in de loop der tijd ‘de kunst van het communiceren met en inleven in de bevolking eigen gemaakt’. Bijvoorbeeld tijdens de pandemie: ‘Met Sturgeons kalme en weloverwogen aanpak van de coronacrisis, in tegenstelling tot Boris Johnsons warrige arrogantie, heeft ze velen voor zich ingenomen’, analyseert The Spectator. ‘Ze straalt vertrouwen uit en de kiezers hebben ook vertrouwen in haar.’
Het maakt daarbij niet uit dat het Schotse sterftecijfer hoger is dan in Noord-Ierland, of dat het huidige succes van de vaccinatiecampagne het werk is van de centrale regering in Londen, schrijft The Economist. De Schotten die door het Londense weekblad werden geïnterviewd, zijn onvermurwbaar. ‘Zelfs de man die boos is dat zijn pub nog steeds is gesloten wegens de coronamaatregelen’ vindt dat de regeringsleider goed werk heeft verricht en een herbenoeming verdient. ‘Wanneer verkiezingen in referenda veranderen over de toekomst van een land’, schrijft The Economist, ‘vergeten de kiezers voor het gemak even de rest.’
Israëlische oppositieleider mag regering gaan vormen
Nadat Benjamin Netanyahu, leider van de grootste partij, er niet in geslaagd is een meerderheid in de Knesset rond zich te verzamelen, wendde president Reuven Rivlin zich woensdag als verwacht tot Yair Lapid, de leider van de middenpartij Yesh Atid. De partij werd tweede bij de parlementsverkiezingen in maart en wil een ‘regering van nationale eenheid’ vormen – waarin rechts, midden en links samenkomen – om Netanyahu uit de macht te zetten, bericht The Times of Israel.
Yair Lapid heeft waarschijnlijk de steun nodig van Naftali Bennett, leider van de radicaal-rechtse partij Yamina. Deze voormalige minister van Netanyahu, die liever had deelgenomen aan een ‘rechtse regering’, zei woensdagavond dat hij ‘geen moeite zou sparen’ om tot een coalitieregering te komen en nieuwe verkiezingen te voorkomen.
Volgens The Jerusalem Post denken Lapid en Bennett dat ze ‘binnen een week’ een regering kunnen vormen, maar ‘vrezen ze dat als ze geen haast maken, hun inspanningen kunnen worden ondermijnd door Netanyahu (…) die momenteel probeert de vorming van een nieuwe regering te saboteren’, aldus het Israëlische dagblad.
Tweeduizend vluchtelingen overleden door illegale pushbacks
EU-landen hebben illegale operaties gebruikt om tijdens de pandemie minstens veertigduizend asielzoekers over de grenzen van Europa terug te dringen, zogenoemde pushbacks. Deze methodes kunnen in verband worden gebracht met de dood van meer dan tweeduizend mensen, blijkt uit onderzoek van The Guardian.
De illegale praktijken die gepaard gaan met de pushbacks variëren van mishandeling tot onmenselijke behandeling tijdens detentie of transport.
Het onderzoek van The Guardian is gebaseerd op verslagen van VN-agentschappen, gecombineerd met een database van incidenten die door ngo’s zijn verzameld. Volgens de hulporganisaties is sinds het begin van de coronapandemie de regelmaat en wreedheid van de pushbacks toegenomen.
Lees ook de volgende artikelen over het Europese vluchtelingenbeleid:
Vroeger hadden de Ieren een harde grens met Engeland toegejuicht. Maar nu de Brexit nadert vinden ze het jammer, schrijft de Ierse columnist Fintan O’Toole. ‘De tijd dat Iers-zijn het tegenovergestelde was van Engels-zijn is voorbij.’
Die zomer hing in Londen een soort hitte die ik in Ierland nog nooit had gevoeld, zo drukkend en benauwd als je alleen in heel grote steden meemaakt. Het was 1969, ik was elf en dit was mijn eerste dag in Engeland. Samen met mijn vader en mijn broer was ik met de boot van Dublin naar Liverpool gekomen. Met de bus waren we door de Midlands gereden, een intens onbekend landschap van autowegen, benzinestations en reusachtige energiecentrales. Mijn vaders neef Vincent had ons opgewacht bij het busstation en een volgende bus bracht ons naar East End, waar we logeerden bij mijn moeders zus Brigid. Brigid was een non, dus eigenlijk logeerden we in een katholiek klooster.
Vanwege de hitte en het vooruitzicht van drie dagen achter de kloostermuren besloot mijn vader dat hij wel een biertje kon gebruiken. Dus mijn vader en Vincent lieten mijn broer en mij met een flesje Fanta achter op een laag muurtje en verdwenen zelf de kroeg in. Ik weet nog dat ik op dat muurtje hard op mijn rietje zat te zuigen om de paniek te onderdrukken. We waren alleen in Engeland, van iedereen verlaten, op een wezensvreemde plek. ‘Engeland’ was een angstaanjagend begrip voor me.
Uit de geschiedenislessen op school wist ik dat de Engelsen alleen maar slechte dingen tegen de Ieren hadden gedaan. En ik wist dat de kern van al die slechtigheid het protestantisme was. Er was maar één waar geloof en dat dat was natuurlijk het katholicisme, dus Engeland was in principe al abnormaal. Je wist nooit wat je van zulke mensen kon verwachten – alleen dat ze niet aardig waren.
De officiële Ierse cultuur van mijn jeugd definieerde Ierland als alles wat Engeland niet was. Engeland was protestants, dus het katholicisme moest het hart van de Ierse identiteit vormen
Toen kwam er over de weg een enorm grote man aan in een wapperend wit gewaad, en zijn lengte werd nog geaccentueerd door een hoge muts van luipaardbont. Hij had een gevolg van vijf of zes mannen, ook in het wit, zij het minder flamboyant. Hij was kennelijk een soort hoogwaardigheidsbekleder, een koning of een stamhoofd. Ik kon mijn ogen niet van hem afhouden. Hij zag me kijken en op zijn gezicht verscheen een grote glimlach. Hij gaf me een klopje op mijn hoofd en zei in een voor mij onbekende taal iets tegen zijn kompanen. Hij vroeg: ‘Geniet je van je fles prik?’ ‘Prik’ was een woord dat we in Ierland niet gebruikten voor frisdrank, maar ik wist wat het betekende. Ik kende het woord uit de Britse stripverhalen die we verslonden. Het verbaasde me dat hij mijn broer en mij voor Engelsen hield. Ik wilde hem uitleggen dat hij zich vergiste, dat wij net als hij buitenlanders waren. Maar ik was te perplex om iets te kunnen zeggen en hij vervolgde majestueus zijn weg.
Soms vraag ik me af wat ik als elfjarige tegen dat koninklijke personage zou hebben gezegd als ik in staat was geweest om mijn gevoelens uit te spreken. Stel dat hij mijn protest had weggewuifd: ‘Ik vind jou er Engels uitzien, dus wat is het probleem?’ Stel dat hij had gevraagd wat we daar überhaupt deden. Dan had ik moeten uitleggen dat mijn oom Vincent die in het café achter ons zat, uit het arbeidersmilieu in Dublin was weggegaan en erin geslaagd was om af te studeren op de universiteit van Oxford. En dat we logeerden bij mijn tante, de non, die als verpleegster in East End werkte. En dat we daarna in Maidstone zouden logeren bij mijn vaders broer Kevin die foerier was in het Britse leger en op de Tories stemde. En dat we daarna zouden logeren bij mijn moeders broer Pete en zijn vrouw in Manchester; hij was buschauffeur en zij stemden Labour.
En dat al hun kinderen – de neven en nichten die Engels met het plaatselijke accent spraken – net zo waren als ik: we speelden dezelfde spelletjes, keken naar dezelfde tv-programma’s, luisterden naar dezelfde popmuziek en we konden meteen goed met elkaar opschieten omdat we familie waren.
Ik weet niet of hij ervan overtuigd zou zijn dat mijn Iers-zijn iets meer was dan een kleine lokale variatie op het Engels-zijn. Het was natuurlijk veel meer – en dat is het nog steeds. Het Iers-zijn is niet iets wat je hoeft te bewijzen. Maar het ligt ook weer niet zo simpel en het is zeker niet wat ik als jongetje dacht dat het was: het tegenovergestelde van Engels-zijn.
Meerduidig en complex
Relaties binnen wat we nu ‘de eilanden’ noemen zijn meerduidig en complex. Engeland, Schotland, Wales, Noord-Ierland en de Ierse Republiek vormen een soort matrix, maar die verschuift voortdurend en is nooit stabiel. De officiële Ierse cultuur van mijn jeugd definieerde Ierland als alles wat Engeland niet was. Engeland was protestants, dus het katholicisme moest het hart van de Ierse identiteit vormen. Engeland was industrieel, dus Ierland moest zijn onderontwikkelde en gedeïndustrialiseerde economie tot deugd verheffen. Engeland was urbaan, dus Ierland moest een exclusief rustiek imago van zichzelf creëren. De Engelsen waren wetenschappelijke rationalisten, dus wij moesten als Ieren de mystieke dromers van dromen zijn. Zij waren Angelsaksen, dus wij waren Keltisch. Zij hadden een monarchie, dus wij een republiek. Zij ontwikkelden een welvaartstaat, dus wij vertrouwden op de genade van de liefdadigheid.
Maar zo simpel was het leven niet. Mijn tantes en ooms waren dolblij met hun werk in de fabriek en de dienstverlening in Engelse steden. Ze emigreerden niet zozeer naar Engeland als wel naar de welvaartsstaat. De Ieren hielpen de National Health Service opbouwen en genoten van de voordelen ervan. Ze maakten gebruik van de onderwijsmogelijkheden die de Britse sociale democratie hun bood. En hoewel ze zeker wel racistische trekjes hadden, genoten ze van het leven in een multi-etnische samenleving.
Hoewel het katholicisme een belangrijk punt van onderscheid was, gaven veel Ieren er de voorkeur aan om in Engeland te wonen omdat ze dan verlost waren van seksuele vooroordelen. Zes jaar na mijn eerste bezoek werkte ik als zeventienjarige in de zomervakantie in een bioscoop in Piccadilly Circus. Daar werd me voor het eerst gevraagd: ‘Ben je homo of hetero?’ Me bijna verontschuldigend mompelde ik dat ik hetero was – verontschuldigend omdat ik me meteen realiseerde dat bijna iedereen die daar werkte homo was. De manager was homo en hij nam homo’s in dienst om van het bedrijf een soort veilige haven te maken. Ik had de baan gekregen op basis van een verkeerde inschatting, maar ik werd getolereerd. Het was voor mij een belangrijke, zij het wat vreemde ervaring: ik kon even meemaken hoe het was om tot een seksuele minderheid te behoren.
Op verschillende manieren betekende Engeland dat voor veel Ieren: het land leerde ons dat ‘meerderheid’ en ‘minderheid’ willekeurige typeringen waren. In Ierland maakten de meesten van ons deel uit van een meerderheidscultuur; in Engeland moesten we leren wat het was om tot de weinigen te behoren in plaats van tot de velen. Dus we hadden twee verschillende ideeën over Engeland: als het tegenovergestelde van Ons en als een plek waar Wij iets veel ruimers betekende.
Maar de opvatting dat Ierland en Engeland elkaars tegenovergestelde zijn is allang achterhaald. Ierland is veel minder katholiek en Engeland veel minder protestants; in elk geval speelt religie een veel minder belangrijke rol in de identiteit van beide landen dan vroeger. De historische vijandigheid heeft plaatsgemaakt voor intense samenwerking en een gedeeld belang in vrede. En wellicht het belangrijkste: Engeland en Ierland zijn niet langer de tegenovergestelde nationaliteitspolen op de ‘eilanden’ – Wales en in het bijzonder het zelfstandigere Schotland zijn veel assertievere delen van de matrix.
Het wegvallen van deze simplistische tegenstelling is alleen maar goed. Maar de andere, positievere, kant van de oude tegenstelling is ook aan het verdwijnen, deels omdat Ierland is veranderd. De tijd is allang voorbij, bijvoorbeeld, dat Ieren de zee moesten oversteken om het leven in een multi-etnische samenleving te ervaren – de sinds de jaren negentig snel toenemende immigratie heeft ertoe geleid dat ze dat ook in hun eigen land kunnen ervaren. De strijd is ook voorbij dat LHBT-ers het gevoel hadden dat ze naar Engeland moesten om een tolerantere cultuur te vinden. Ierse vrouwen gaan nog steeds wel naar Engeland voor een abortus die ze in hun eigen land niet kunnen krijgen, maar die tijd zal ook langzaam voorbijgaan nu Ierland op het punt staat de strenge abortuswet te veranderen. Als Engeland in mindere mate een toevluchtsoord is voor Ieren, komt dat deels doordat er minder is om voor te vluchten.
Paradox
Als de tegenstellingen waar we aan gewend waren verdwenen zijn, blijft voor ons de paradox over: de Ierse Zee heeft nog nooit zo smal geleken en de twee kanten zijn nog nooit zo gelijk geweest. Toch zullen Ierland en Engeland binnenkort wellicht meer gescheiden zijn dan voorheen, omdat er dan een EU-grens tussen ligt. Er was natuurlijk een tijd dat veel Ieren van zo’n situatie zouden hebben gedroomd, dat nationalisten niets liever wilden dan dat de hoogst mogelijke barrières tussen Ierland en Engeland werden opgeworpen.
Maar nu kom je bijna geen Ier meer tegen die het niet diep betreurt. Dat zegt op zichzelf al veel. Onder al dat politieke gedoe heeft alles zich heel fatsoenlijk geschikt, in een over het algemeen tevreden nabuurschap. Na zo veel eeuwen van verbittering is dat geen sinecure. De Engelsen en de Ieren hebben onderling geen problemen meer. En juist het feit dat er geen problemen meer zijn is nu een big deal.
In 1859 opgericht door protestanten. Tegenwoordig staat de krant onder controle van een groep ‘trustees’, die de politieke en religieuze onafhankelijkheid bewaakt. The Irish Times heeft nog altijd een groot correspondentennetwerk en vele prominente ‘pennen’.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.