Tag: sterke mannen

  • De sterkemannenclub

    De sterkemannenclub

    Komt het doordat de VS zich steeds minder bemoeien met de binnenlandse politiek van andere landen dat er een nieuw soort leider opstaat? Of is het de ontevredenheid met de democratie waardoor de club van ‘sterke mannen’ er steeds meer leden bij krijgt?

    Keuze uit het archief

    Woensdag vond in de Chinese hoofdstad Beijing een grote militaire parade plaats onder toeziend oog van president Xi Jinping, die vergezeld werd door zesentwintig andere leiders, onder wie de dictators Vladimir Poetin en Kim Jong-un. Daarmee had de parade iets weg van een bijeenkomst van de ‘sterkemannenclub’, het wereldwijde netwerk van autocraten en dictators.
    Dit artikel van The Times uit 2018 legt uit wat deze sterke mannen gemeen hebben, bij welke omstandigheden ze gedijen en wat hun beproefde methode is om aan de macht te komen en te blijven. Het legt bloot hoe fragiel de democratie is en hoe makkelijk ze verwordt tot een politiek instrument.

    Het Saoedische arrestatieteam dat naar Istanboel kwam vliegen om een criticus van het regime de mond te snoeren, handelde op bevel van hogerhand. Of ze een directe order opvolgden van kroonprins Mohammed bin Salman, of van iemand aan het hof die bij hem in een goed blaadje wilde komen, weten we nog steeds niet.

    Onduidelijk is ook of het de bedoeling was om Jamal Khashoggi te vermoorden, bang te maken of mee naar huis te nemen. Wel zonneklaar is dit: algemeen geldende internationale normen worden overschreden, op een manier die we niet meer hebben gezien sinds de jaren dertig van de vorige eeuw, de tijd van de grote, kleine en krankjorume dictators.

    Tegenwoordig kun je zomaar een ander land binnengaan, daar geweld gebruiken uit wraak op kritiek op je persoon, er ongestraft mee wegkomen en toch
respect eisen. De presidenten Xi, Poetin en Erdogan bepalen hun eigen regels en de rest van de wereld kan wat hen betreft doodvallen. Een stuk of tien andere autoritaire leiders kijkt vol bewondering naar de manier waarop zij tegen het Westen opstaan. Voor hen heeft dat onverholen gebruik van macht iets fascinerends,
in een tijd dat de Verenigde Staten en hun bondgenoten daar juist voor terugschrikken.

    Ongecontroleerde macht

    Mohammed bin Salman, ook wel MbS genoemd, is toegetreden tot de club van sterke mannen toen hij niet langer de schijn van prinselijke consensus ophield en openlijk verklaarde dat hij van plan was de hervormingen in Saoedi-Arabië meer vaart te geven. Zijn uitgangspunt was rationeel: het koninkrijk moest gemoderniseerd worden, een duidelijke nationale identiteit ontwikkelen die over meer gaat dan alleen olie, en zich opwerpen als de belangrijkste speler in de regio. Daarvoor, zo concludeerde hij, was het krachtige eenmansleiderschap nodig van een 33-jarige die deze transitie kon aansturen.

    Het resultaat: MbS vergaarde in rap tempo steeds meer ongecontroleerde macht, twijfel werd verboden. Maar wat gebeurt er wanneer persoonlijkheid en beleid samensmelten tot één? Wanneer elke roep om verandering die niet het persoonlijke stempel van de kroonprins draagt, wordt gezien als een subversieve daad? Wanneer critici beschouwd worden als verraders? Veronderstelde tegenstanders ‘verdwijnen’, na een klop op de deur van de Gestapo of Stalins NKVD, of na schaamteloze ontvoeringen in de Zuid-Amerikaanse dictaturen uit het tijdperk van Pinochet.

     © Getty Images, Hollandse Hoogte
    © Getty Images, Hollandse Hoogte

    Wanneer Bolsonaro’s beoogde vicepresident, een voormalige generaal, zegt dat het leger misschien nodig is om een eind aan de corruptie te maken, is het gemakkelijk te zien waar het naartoe kan gaan in Brazilië: naar het soort bestuur dat de leider van de Filipijnen, Rodrigo Duterte, de vergelijking met het Dirty Harry-personage van Clint Eastwood heeft opgeleverd. Duterte heeft zich duidelijk laten inspireren door de films over boze einzelgängers en losgeslagen politiemensen die in de jaren zeventig populair waren.

    Zij vormden het antwoord van Hollywood op de onrust van de jaren zestig en de frustratie bij die leden van de zwijgende meerderheid in Amerika en daarbuiten voor wie het een troost was om te zien hoe Charles Bronson de slappe bureaucraten opzijschoof en de orde op straat herstelde. Duterte laat zijn burgerwachten drugsdealers doodschieten en koketteert welbewust met zijn eigen betrokkenheid bij 
buitengerechtelijke moordpartijen.

    Dit zijn politici die voor sterke man spelen, die zich erop beroemen dat ze het volk beschermen tegen onrecht. Ze rekenen deels op de loyaliteit van de veiligheidsdiensten, maar ook op een veranderende bevolkingssamenstelling: steeds meer jonge kiezers die bereid zijn om simpele oplossingen voor zichtbare problemen uit te proberen.

    Zoals Harvard-professor Yascha Mounk, die veel heeft gepubliceerd over de liberale democratie, zegt: jonge mensen hebben geen directe ervaring met de nadelen van alternatieven voor democratie. ‘Ze kijken naar de werkelijkheid van nu en zien daarin dingen waarover ze terecht kwaad zijn, zoals de stagnatie van de welvaart. En dus zeggen ze: “Waarom zouden we niet iets nieuws proberen? Hoe slecht kan het worden?”’

    Dit zijn politici die voor sterke man spelen, die zich erop beroemen dat ze het volk beschermen

    Wanneer onwetende kiezers iemand aan de macht brengen die zich presenteert als sterke man, brengt dat het risico met zich mee dat die leider een manier vindt om de politiek te radicaliseren en zo langer aan de macht te blijven. Zulke leiders worden heel creatief in het ontdekken van nieuwe vijanden en weten hun eigen rol als beschermer van het volk steeds onmisbaarder te laten lijken. In 1972, minder dan 
een jaar voor de tweede ambtstermijn van president
Ferdinand Marcos zou aflopen, werd Manila opgeschrikt door raadselachtige bomaanslagen.

    De Filipijnse president legde de schuld bij communistische terroristen en kondigde de staat van beleg af. Op televisie zei hij tegen zijn burgers dat ‘een democratische regeringsvorm geen hulpeloze regeringsvorm is’. De grondwet, zei hij in een cynisch staaltje van verhullend taalgebruik, gaf hem het recht om haar met alle mogelijke middelen te beschermen. Vervolgens schortte hij die grondwet op en bleef veertien jaar lang aan de macht.

    Dit was niet zomaar een machiavellistisch trucje; het is al onderdeel van het vaste sterkemannenrepertoire sinds de tijd van Hitler, die de brand in de Rijksdag aangreep om zijn tanden te ontbloten en snel een nazidictatuur te vestigen. Sterke mannen zijn choreografen van dreiging, die nieuwe gevaren voor het voetlicht halen wanneer ze het publiek zien indutten.

    Volgens een boek van Alexander Litvinenko en Yuri Felshtinsky, Blowing Up Russia, werden er dodelijke bomaanslagen gepleegd in een Russisch flatgebouw, die vervolgens werden toegeschreven aan Tsjetsjenen, om zo Vladimir Poetin aan de macht te helpen als de roerganger van een tweede Tsjetsjeense oorlog. In 2006, vier jaar na de verschijning van het boek, werd Litvinenko door Russische geheim agenten vergiftigd met polonium.

    Antwoord op angst

    Sterke mannen verschijnen niet zomaar uit het niets. Ze presenteren zichzelf eerder als het antwoord, hoe onvolmaakt ook, op drie existentiële vragen: bij wie zijn onze diepste angsten veilig? Wie herstelt ons nationale vertrouwen in onzekere tijden? Wie maakt het voor ons mogelijk om ons niet langer zorgen te maken over de toekomst? Dit zijn emotionele behoeften die vaak worden geboren uit een vertraagde reactie op een trauma.

    In het geval van Poetin was het de Russische nationale tragedie die voortkwam uit de ineenstorting van de Sovjet-Unie, het gevoel dat het land werd uitgeleverd aan buitenlanders en criminelen, dat de Russen hun land werd afgenomen en dat jonge mensen gecorrumpeerd werden door het Westen.

    Wat hij hun biedt is een eigenaardig mengsel van contra-Verlichting, Russische orthodoxie en selectieve modernisering, bijeengehouden door een zichzelf verrijkende kliek ‘securocraten’ en grotendeels gezagsgetrouwe media. Is dat het regime van de sterke man, of is het gewoon een soort verlate therapie ter verwerking van de rouw om het verlies van de grootmachtstatus?

    Ze delen Orbáns minachting voor een ‘open samenleving’ waarin het nationale belang ondergesneeuwd raakt

    In China kwam Xi Jinping aan de macht omdat hij de angst verwoordde die het regime al sinds de Oost-Europese revoluties van 1989 en het bloedbad op het Tiananmenplein achtervolgde, namelijk dat het met het land dezelfde kant op kon gaan als met de Sovjet-Unie: een verkruimelende communistische partij, een versplinterd centraal gezag.

    ‘Ik weet niet waarom ze zo bang zijn voor een uiteenval à la de Sovjet-Unie’, zegt Chinakenner David Shambaugh, en hij wijst op de duidelijke verschillen tussen de kwakkelende Sovjeteconomie van de jaren tachtig en de dynamiek van het huidige China. Maar, benadrukt hij, Xi leidt nog steeds een Leninistische partij. ‘Zulke partijen bereiken allemaal het punt waarop de burgers grotere vrijheden en een betere kwaliteit van leven gaan eisen van een toenemend rigide en verkalkte
Leninistische bureaucratie die maar één ding kent: controle.’

    Xi de Poeh

    Xi voldoet aan twee criteria voor de sterke man. Ten eerste kan er niet openlijk aan zijn gezag getornd worden. Censoren verwijderen verwijzingen naar en delen uit boeken en films over Winnie de Poeh, om 
te voorkomen dat Xi’s waggelende, mollige verschijning vergeleken kan worden met die van het honing snoepende beertje. Zoals het er nu voor staat kan Xi wel tien jaar lang aan de macht blijven, misschien wel levenslang. Dat decennium is ook het tijdbestek voor de ‘één gordel, één weg’-initiatieven, voor de historische transformatie van China, voor het voorbijstreven van de Verenigde Staten.

    De oppositie moest dus gesmoord worden, onwelgevallige Nobelprijswinnaars moeten opgesloten en alles waarin klachten vanuit de middenklasse samenkomen met onrust rond fabrieken, zoals protestbewegingen tegen vervuiling, moet verpletterd worden. Wie bij Xi in ongenade valt, wordt uit zijn functie gezet – zoals het Chinese hoofd van Interpol, die onlangs ‘verdween’ – en vernederd.

    Maar Xi’s positie van sterke man zal alleen worden bevestigd als hij een stelsel van alternatieve normen en waarden kan ontwikkelen die samen het handvest van de onliberale democratie vormen. Beijing kijkt heel goed naar Viktor Orbán, de Hongaarse premier, die de wereldwijde consensus uitdaagde door die te bestempelen tot ‘het supranationale fetisjisme van Davos, de soevereiniteitscampagne van Brussel’. Xi, Poetin en Erdogan delen Orbáns minachting voor een ‘open samenleving’ waarin het nationale belang uiteindelijk ondergesneeuwd raakt.

    Buitengewone kans

    De morele ruimte die is ontstaan door de terugtrekking van de VS in de jaren van Obama en aan het begin van het presidentschap van Donald Trump, biedt hun een buitengewone kans. Rusland en Turkije, allebei gemarginaliseerd door de geschiedenis, zouden op een bepaald moment een politieke of defensieve as kunnen vormen, die is gegrondvest op het verwerpen van Europese waarden en het omarmen van Eurazië.

    Erdogan heeft nu al genoeg zelfvertrouwen om zijn NAVO-lidmaatschap opzij te schuiven en met Rusland en Iran te onderhandelen over de toekomst van Syrië. China, de opkomende supermacht, gaat de wereld rond om landen tot een keuze te dwingen: China of Amerika. De schepen van Duterte gaan nu op gezamenlijke oefening met China; Bolsonaro zal, net als veel andere landen in Latijns-Amerika, eerder naar Xi neigen dan naar Trump.

    De sterkemannenclub aarzelde om Trump uit te nodigen als erelid; met zijn onvoorspelbaarheid leek hij een factor te worden om rekening mee te houden. De harde macht van Amerika is enorm, de Amerikaanse hightechvoorsprong is nog steeds aanzienlijk, de intelligentie van de totale Amerikaanse zakenwereld is iets groter dan die van het Amerikaanse staatshoofd. Na twintig maanden van gepoch, van onderhandeling met ‘maximale druk’, zoals Trump bij Iran deed, gaat er van hem geen geloofwaardige dreiging meer uit.

    Zijn onvoorspelbaarheid is voorspelbaar geworden en ingecalculeerd. Hij heeft militaire macht ingezet – tegen een Syrische luchtmachtbasis, om Amerika’s afkeer van het gebruik van chemische wapens kracht bij te zetten – maar heeft eigenlijk liever militaire parades. Hij dreigt met een handelsoorlog, maar alleen als onderhandelingsinstrument. En, zoals de Congresverkiezingen lieten zien, zijn beleid wordt nog steeds ter beoordeling voorgelegd aan kiezers.

    Xi, Poetin en Erdogan mogen elkaar dan niet vertrouwen – zo gaat dat bij sterke mannen – maar in het tumultueuze eerste stadium van Trumps presidentschap hebben ze geleerd dat ze, als ze samenwerken, hun invloedsfeer kunnen uitbreiden ten koste van Amerika. Dat is hun geheime pact. De jaren dertig van de vorige eeuw eindigden deels zo verschrikkelijk omdat twee sterke mannen, Hitler en Stalin, overeenkwamen Europa op te delen, maar
ook omdat Amerika zijn belangstelling verloor voor wat zich aan de andere kant van de Atlantische Oceaan afspeelde. Laten we hopen dat iedereen wat verstandiger is geworden.

  • Sterkemannenclub?

    Sterkemannenclub?

    Kroonprins Mohammed bin Salman, ook wel MBS genoemd, trad toe tot de club van sterke mannen toen hij niet langer 
de schijn van prinselijke consensus ophield en openlijk 
verklaarde van plan te zijn de hervormingen in Saoedi-Arabië meer vaart te geven.

    Een wassen neus, blijkt nu, zoals zoveel van wat de pr-machine rond Bin Salman uitkraamt. Hij zou corruptie en zelfverrijking willen aanpakken, maar koopt 
een jacht, een chateau in Frankrijk waarvan de muren met bladgoud zijn behangen, en o ja, ook nog het duurste doek van Leonardo da Vinci, Salvator Mundi, voor een slordige 450 miljoen dollar.

    Wat is het toch met die sterke mannen die in wezen helemaal geen sterke mannen zijn, maar machtswellustelingen die 
niet geloven in de moeizaam verworven burgerlijke vrijheden van de liberale democratie?

    De club heeft er trouwens net weer een erelid bij, de voormalige legerkapitein Jair Messias (sic) Bolsonaro, die zich presenteert als de sterke man waar Brazilië op zat te wachten. Hij kwam moeiteloos door de ballotage en doet zich net als zijn ambtgenoten Trump, Poetin, Duterte, Erdogan, Salvini en Orbán voor als doodgewone jongen die met lekker veel geweld een einde zal maken aan al die linkse elitaire retoriek. Omdat zij namelijk dicht bij de kiezer staan, omdat ze de etiquette van de politiek aan hun laars
    lappen, grove taal durven uitslaan en zich daarvoor voortdurend op de 
eigen schouder slaan. Omdat ze maatregelen durven nemen die hun positie boven op de apenrots in stand houdt.

    Zien kiezers dan niet wat er gebeurt wanneer persoonlijkheid en beleid samensmelten tot één?

    Wie weet rekent Bolsonaro op het kortetermijngeheugen van de Braziliaan of op een gebrek aan historisch besef van kiezers, wanneer hij openlijk zijn bewondering toont voor Carlos Brilhante Ustra, een kolonel die in de jaren zeventig aan het hoofd van een militair marteleskader stond.

    Is dat sterk?

    Zien kiezers dan niet wat er gebeurt wanneer persoonlijkheid en beleid samensmelten tot één? Of wanneer, zoals in het geval van MBS, elke roep om verandering die niet het persoonlijke stempel van de kroonprins draagt, wordt gezien als een subversieve daad? Wanneer critici beschouwd worden als verraders? Zoals de ongelukkige Jamal Khashoggi moest ontdekken, is er in het vocabulaire van de ‘sterke man’ geen ruimte voor nuance, voor twijfel. En daarom is hij niet sterk maar zwak. Het zou pas van overwicht getuigen als al die zogenaamde sterke mannen hun sterke handen ineensloegen en niet alleen bezig blijven hun eigen invloedssfeer uit te breiden, maar werkelijk investeren in een betere wereld voor iedereen.

    Auteur: Katrien Gottlieb
    gottlieb@360international.nl