Europa’s meest veelbelovende start-ups trekken steeds vaker naar de Verenigde Staten. Om innovatief te blijven moet de EU haar inspanningen op dit gebied opvoeren.
Innovatieve, snelgroeiende ondernemingen trekken vanwege onze gefragmenteerde financiële en kapitaalmarkten steeds meer naar de Verenigde Staten. Europa dreigt zelfs door buitenlandse financiering een deel van zijn innovatieve potentieel te verliezen nog voordat dit tot wasdom komt. Per slot van rekening krijgt meer dan een kwart van de Europese ondernemingen die met durfkapitaal worden gefinancierd geld uit de Verenigde Staten. Voor kapitaalinjecties van meer dan 100 miljoen dollar geldt dat zelfs voor meer dan de helft.
Starters blijken vooral te verhuizen als ze buitenlandse investeerders hebben
We hebben de geschiedenis van 11.000 Europese start-ups in zeventien landen onderzocht. Zes procent van de bedrijven die tussen 2000 en 2014 hun eerste financiering ontvingen, heeft het hoofdkantoor naar het buitenland verplaatst, meestal naar de Verenigde Staten. Op zich is dat geen bijzonder groot getal. Maar juist deze zes procent bleek zeer succesvol en was goed voor zeventien procent van de door start-ups in Europa gecreëerde bedrijfswaarde in termen van waarde bij beursgang of verkoop.
Starters blijken vooral te verhuizen als ze buitenlandse investeerders hebben, en in de regel naar de stad waar hun investeerders gevestigd zijn. De meeste arbeidsplaatsen verhuizen mee. Vestiging in de nabijheid van durfkapitalisten heeft het voordeel dat die de ondernemingen in hun portfolio optimaal kunnen ondersteunen. Meestal verplaatsen starters hun hoofdkantoor niet per se naar juridisch of fiscaal voordelige locaties als de staat Delaware in de Verenigde Staten, zelfs niet als de product- of arbeidsmarkt daartoe aanleiding geeft. Een andere, zij het minder gebruikelijke reden voor verhuizing naar het buitenland is de keuze voor een bepaald geografisch gebied. Een goed voorbeeld daarvan is de Amerikaanse incubator Y Combinator.
Te klein
Verrassend is het moment in hun ontwikkeling waarop start-ups naar het buitenland verhuizen. Uit de discussies over onvoldoende Europees kapitaal in de groeifase en een paar bekende individuele gevallen komt naar voren dat ze emigreren wanneer ze aanzienlijke bedragen nodig hebben en de binnenlandse durfkapitaalmarkt daarvoor te klein is. Uit ons onderzoek blijkt dat die verhuizing meestal zeer vroeg plaatsvindt, gemiddeld al drie jaar na de oprichting. Dat is een jaar na de eerste financiering, die meestal in het tweede jaar plaatsvindt. En dat is lang voor een beursgang of verkoop, die in deze groep na acht tot twaalf jaar te verwachten valt. In de regel verhuizen start-ups dus niet op het moment dat ze een grote kapitaalbehoefte hebben, maar willen ze op die situatie vooruitlopen, waarbij ze ervan uitgaan dat financiering van buiten Europa moet komen.
Deze resultaten laten niet alleen zien hoe belangrijk het bestaan van durfkapitaal op zich is. Ze tonen ook aan hoe belangrijk het is dat voor iedere groeifase afzonderlijk voldoende durfkapitaal beschikbaar is. Momenteel belemmert het ontoereikende aanbod van grote kapitaalvolumes in Europa start-ups in alle fasen van hun ontwikkeling. Als gevolg daarvan richten mensen die een onderneming willen beginnen zich soms meteen al op het buitenland. En zo wordt de kans steeds kleiner dat succesvolle ondernemers later als business angels en durfkapitaalverstrekkers de ontwikkeling in Europa helpen stimuleren.
Dit geldt in het bijzonder voor innovatieve, complexe techbedrijven. In Duitsland bestaat nu eindelijk een veelbelovende, brede generatie aan nieuwe ondernemingen, bijvoorbeeld Isar Aerospace (commerciële verkenning van de ruimte), Planqc (kwantumcomputers) en Proxima (kernfusie). Deze staan allemaal voor de uitdaging zich op te schalen. Vanwege de kostbare hardware hebben ze vaak behoefte aan grotere, gedifferentieerde financiering en een intelligente begeleiding, bestaande uit technologisch experts en een netwerk van financiers, adviseurs en klanten in de desbetreffende sector. Goede fondsen hebben die dus nodig om start-ups goed te kunnen begeleiden.
De overheid is nodig als financier, als klant en als regelgever
In Duitsland is een verbreding van het financieringsaanbod noodzakelijk, inclusief zulke gespecialiseerde fondsen – of het nu gaat om innovatieve, complexe technologie of de defensiesector. Alleen op die manier kan de ontwikkeling van nieuwe ondernemingen effectief en op niveau worden ondersteund. En dat zal zijn weerslag vinden in de levensvatbaarheid, de waardering en de economische bijdrage van deze ondernemingen, zelfs als ze uiteindelijk in Amerika naar de beurs gaan.
Om Europa’s innovatievermogen veilig te stellen, zullen financiers, de industrie en de overheid nu in actie moeten komen. De overheid is nodig als financier, als klant en als regelgever. Als we deze gezamenlijke inspanning niet realiseren, zullen we straks technologiebedrijven verliezen die we ook in Europa kunnen houden en hier verder kunnen ontwikkelen.
Ann-Kristin Achleitner is hoogleraar economie aan de TU München en durfkapitalist. Reiner Braun is hoogleraar ondernemingsfinanciering en Stefan Weik postdoc onderzoeker aan dezelfde universiteit.
Veel technologie die we dagelijks gebruiken werd gemaakt of ontworpen door ingenieurs en softwareontwikkelaars uit Oekraïne. Apps als WhatsApp, Grammarly, Gitlab en Solana zijn opgericht of mede opgericht door Oekraïners; Google en Samsung hebben onderzoeks- en ontwikkelingscentra in het land. Oekraïne heeft in de techwereld een reputatie vanwege de hooggekwalificeerde techies en daarom staan westerse bedrijven momenteel in de rij om talenten op te vangen die door de Russische invasie het land moeten ontvluchten, aldus CNBC.
Tientallen bedrijven hebben meer dan vijfhonderd vacatures voor technische functies geplaatst op een website genaamd Remote Ukraine, die is opgezet om bedrijven in de hele wereld te helpen Oekraïners in dienst te nemen. Veel van die bedrijven komen uit Europa, enkele zijn Amerikaans of Canadees. Technologiebedrijven zoals Modular Automation en WarDucks in Ierland, Sportradar in Zwitserland en Drive System Design in Engeland, hebben op Remote Ukraine vacatures met functies variërend van een web3-ontwikkelaar tot een senior 3D-ontwerper.
De noordwestelijke regio van de Amerikaanse staat Arkansas (NWA) biedt nieuwkomers 10.000 dollar in bitcoin en een fiets of een abonnement op een culturele instelling als ze naar NWA willen verhuizen en er een baan in de technologiesector accepteren, bericht Axios. Het aanbod is vooral bedoeld voor mensen met kennis van blockchain-gerelateerde technologieën. NWA heeft daartoe een partnerschap gesloten met het Blockchain Centre of Excellence van de University of Arkansas dat technische expertise gaat bieden.
Inmiddels zijn er al ruim 32.000 aanmeldingen binnengekomen
NWA verwacht de komende tien jaar naar schatting 7500 banen in de technologiesector te moeten invullen. Bedrijven moeten nu al mensen van buiten de regio inhuren om aan de vraag te kunnen voldoen. Met het aanbod hoopt NWA in te kunnen spelen op het gegeven dat meer mensen door de pandemie bereid zijn thuis te werken of van baan te veranderen en dat steeds meer bedrijven werken op afstand accepteren. Inmiddels zijn er al ruim 32.000 aanmeldingen binnengekomen.
De Nigeriaanse start-upsector is de veelbelovendste in heel Afrika, maar door de impasse tussen de overheid en een van ’s werelds grootste sociale netwerken zijn ondernemers bang dat investeerders afhaken.
Het grootste evenement in de Afrikaanse start-upwereld in 2020 was de overname van Paystack, een elektronisch betalingssysteem dat in 2015 in Lagos werd gelanceerd door het Amerikaanse bedrijf Stripe. De transactie werd geschat op 200 miljoen dollar en was een mijlpaal voor de groeiende digitale gemeenschap van Nigeria.
Lokale en buitenlandse investeerders jagen sindsdien op andere Paystacks. Ze zijn bang om de boot te missen. De breedbandpenetratie is gegroeid van minder dan 20 procent vijf jaar geleden tot meer dan 40 procent sinds mei 2020, en de sector informatie- en communicatietechnologie (ICT) is de snelst groeiende van het land: 6,31 procent in het eerste kwartaal van 2021. Dit alles, plus het feit dat 81 procent van de volwassen Nigerianen een mobiele telefoon bezit, zet investeerders aan tot het uitschrijven van cheques van miljoenen dollars. Digitale bedrijven hebben nog nooit zoveel aantrekkingskracht gehad en nog nooit zoveel tolerantie genoten in het dichtstbevolkte land van Afrika.
Regelgevingsrisico’s
Maar deze explosie van energie en innovatie stuit op een bekende vijand: de overheid. [Op 4 juni] blokkeerden de federale autoriteiten Twitter – een van ’s werelds grootste sociale netwerken – omdat het bedrijf een tweet verwijderde van het account van president Muhammadu Buhari, in de veronderstelling dat deze een dreiging met geweld inhield. [De Nigeriaanse president, die als soldaat vocht in Biafra tijdens de oorlog eind jaren zestig, richtte zich tot de Biafra-separatisten: ‘Veel van degenen die zich tegenwoordig slecht gedragen, zijn te jong om zich bewust te zijn van de vernietiging en het verlies van mensenlevens die plaatsvonden tijdens de burgeroorlog in Nigeria. Degenen onder ons die (…) de oorlog hebben meegemaakt, zullen hen behandelen in een taal die wij begrijpen’, twitterde hij.] Het gevolg van de blokkade is dat de media hun accounts moeten verwijderen en gewone burgers het netwerk niet langer mogen gebruiken op straffe van arrestatie.
De blokkade van Twitter is de zoveelste grote schok voor de digitale sector: slechts zes maanden geleden beval de centrale bank van Nigeria banken om cryptocurrencytransacties niet langer toe te staan. Plotseling verloor Nigeria daarmee de belangstelling van digitale investeerders. ‘Het punt is dat regelgevingsrisico’s al een tijdje onze grootste zorg zijn’, zegt Tokunboh Ishmael, voormalig voorzitter van de raad van bestuur van de Africa Venture Capital Association. Alitheia Capital, de investeringsmaatschappij waarvan ze medeoprichter is, heeft Nigeriaanse start-ups helpen financieren. En het ‘reguleringsrisico speelde een grote rol in onze risicoberekening’, aldus Ishmaek. Start-ups zullen investeerders daarom een hoger investeringsrendement moeten bieden dan in meer stabiele markten, stelt ze.
Nu Twitter is geblokkeerd, zullen digitale bedrijven niet alleen moeite hebben om fondsen te werven, sommigen zullen moeite hebben om überhaupt te blijven bestaan. Met zijn 2 miljoen gebruikers is Twitter een belangrijk platform voor bedrijven in Nigeria. Eloho Omame is de oprichter en CEO van Endeavour Nigeria [een bedrijf dat start-ups helpt groeien] en was onlangs een van de medeoprichters van FirstCheck Africa, een durfkapitaalinvesteerder die een beginkapitaal van 25.000 dollar [21.000 euro] biedt aan ‘vrouwelijke start-ups’. Twitter ‘was een essentieel contactpunt’ met de dertien start-ups die het bedrijf financiert, geeft ze aan.
Een regering die vijandig staat tegenover nieuwe technologieën, maakt een land geen erg geloofwaardige bestemming voor toekomstgerichte investeringen
FirstCheck Africa heeft een platform nodig om zichzelf op de markt te brengen en vrouwen aan te trekken die de toekomstige grote Afrikaanse succesverhalen kunnen zijn. ‘Een verre van onbeduidend deel van onze investeringskanalen is afhankelijk van bereikbaarheid op Twitter en een groot deel van onze werving gebeurt via Twitter. De blokkade maakte daar een einde aan. Een even effectief alternatief is er niet,’ aldus Omame.
Twitter was een klantenservice geworden voor nieuwe start-ups die licht en flexibel wilden zijn. Het succes van Piggyvest, een spaar-app die in een jaar tijd groeide van 0 naar 450 gebruikers, is deels te verklaren door het feit dat het vrijwel niets aan marketing uitgaf, maar op Twitter vertrouwde om clientèle te vinden. De digitale bank Fairmoney heeft via e-mail een telefoonnummer, e-mailadres en Facebook-pagina verspreid voor de toekomstige klantenservice. Het online wisselkantoor Rise Vest stelde voor om het contact via Instagram voort te zetten. Henry Mascot, de oprichter van Curacel, een bedrijf dat fraudedetectieoplossingen verkoopt aan verzekeringsmaatschappijen, zegt dat hij een team buiten Nigeria moest werven om hun Twitter-feed te beheren. En dat brengt kosten met zich mee.
Impact
Volgens Mascot is het te vroeg om de impact van de Twitter-blokkade te kunnen bepalen. De investeerders die Curacel hielpen om in maart 450.000 dollar [380.000 euro] op te halen, zijn voor de lange termijn aan de start-up verbonden, maar Mascot maakt zich zorgen over de boodschap die het besluit van de autoriteiten naar investeerders als geheel stuurt.
Tayo Oviosu is van zijn kant optimistisch. Volgens hem zullen investeerders de opschorting van Twitter als een op zichzelf staand geval zien en niet weerhouden om de Nigeriaanse markt te betreden. Victor Basta van Magister Advisor, die miljoenencontracten in Afrika begeleidde, vindt de schorsing een negatieve ontwikkeling, maar verwacht niet dat deze gevolgen zal hebben voor de fondsenwerving. ‘We hebben verschillende contracten lopen met Nigeriaanse bedrijven, en we zien geen enkele terugslag’, zei hij.
Zowel ondernemers als investeerders erkennen echter dat deze herhaalde willekeurige beslissingen een verkeerd signaal afgeven aan mensen die overwegen hun kapitaal te investeren in Nigeriaanse start-ups. ‘Een regering die voortdurend vijandig staat tegenover nieuwe technologieën, zendt de boodschap uit dat haar economie geen erg geloofwaardige bestemming is voor toekomstgerichte investeringen van tijd en geld’, zegt Eloho Omame. ‘We moeten met de rest van de wereld strijden om talent en kapitaal, en hierdoor staan we nog zwakker.’
Op social media heeft hij meer volgers dan Madonna en Oprah Winfrey, maar u hebt waarschijnlijk nog nooit van hem gehoord. Opiniemaker Kai-Fu Lee, ex-chef van Google in China, is hét gezicht van de Chinese techsector. Zijn naam is synoniem met een opkomende economie die staat te popelen om de rest van de wereld te veroveren.
In zijn beginjaren hielp Kai-Fu Lee bedrijven als Microsoft en Apple hun innovatiestrategie uit te stippelen. Maar pas toen onder zijn aanvoering een poging om Google naar de Chinese markt te brengen mislukte, veranderde alles. Hij verliet Google in 2009 om ter bevordering van de Chinese techsector zijn eigen durfkapitaalfonds Sinnovation op te zetten. Lee, in eigen land machtig en invloedrijk, heeft zo’n 50 miljoen volgers die op de microblogsite Weibo aan zijn lippen hangen. Het China dat hij promoot bruist van innovatie. Maar het Westen staat nog weifelend tegenover dit mysterieuze, economisch reusachtige land, dat druk doende is zijn rol in de wereld te bepalen.
Volgens Lee hoeven we ons over China echter geen zorgen te maken. Hij wil zijn invloed juist aanwenden om te waarschuwen voor een naderende ‘AI-ramp’. Hij schat dat kunstmatige intelligentie wereldwijd zo’n 40 tot 50 procent van de banen overbodig zal maken, maar dat we dat gedeeltelijk kunnen afwenden als we genoeg creativiteit en compassie inzetten. Volgens Lee is het menens. Regeringen wereldwijd zijn gewaarschuwd, maar zouden met goed beleid maatschappelijke onrust kunnen voorkomen.
We spraken met Kai-Fu Lee over het raadselachtige China, over waarom Google het moeilijk zal krijgen in dit grootste techland ter wereld en over waarom overheden AI serieus moeten nemen.
52 Insights: Om er maar geen doekjes omheen te winden: komt het betoog in uw boek AI Superpowers er niet op neer dat de Chinese techsector Silicon Valley voorbij zal streven omdat de Chinezen beter zijn in kopiëren en stelen?
Kai-Fu Lee: Nee, helemaal niet, ik denk dat u dat verkeerd hebt begrepen. Daar klopt niets van.
Kunt u me dan uitleggen waar uw betoog wél op neerkomt?
‘Volgens mij is wat China doet wel degelijk te danken aan kopiëren, maar geëvolueerd tot iets wat net zo goed is als Silicon Valley. Het zijn twee systemen die zich totaal anders hebben ontwikkeld. Het is alsof je aan iemand vraagt wat belangrijker voor hem is, lucht of water, of wat het meeste waard is, diamant of goud. Zowel Silicon Valley als het Chinese systeem heeft intrinsieke waarde, want beide zorgen voor enorme welvaart en beide zullen over een eeuw nog van groot belang zijn. Maar ik ga geen voorspellingen doen welke van de twee de ander gaat overschaduwen.
Het is geen wapenwedloop, ze functioneren in parallelle universums. Het Chinese model draait om het opwerpen van een hoge drempel om kopieergedrag en een prijzenoorlog te voorkomen. Het gaat om aandacht voor detail, operational excellence, werken voor een gigantische markt, directe feedback uit de markt en net zo vaak herhalen tot het innovatief wordt. Zo doe je dat. Ik denk wel dat het met kopiëren is begonnen.’
Ik wil de manier van denken van Chinese ondernemers proberen te doorgronden. U zegt dat die draait om herhalen en details. In het Westen hebben we meer waardering voor ideeën en het belang van innovatie. Is er een groot verschil?
‘Ik denk dat waarde in China het einddoel is. Hoe je daar komt, doet er minder toe. Of jij het idee bedacht hebt, is onbelangrijk. Dus je neemt een eigen idee, of dat van iemand anders, of van wie ook. Vaak hééft een beginnend bedrijf niet eens een idee; zodra je van start gaat en feedback krijgt van je gebruikers, verwerf je inzicht en krijg je uiteindelijk een wereldschokkend product.
‘De vijf beste Chinese apps zijn niet ontstaan doordat er bij iemand een lichtje opging: “Laat ik er daar eens een van gaan bouwen.” Na een jaar of vijf zes aanpassen zijn ze ongelooflijk krachtig en doen ze niet onder voor Amerikaanse apps. Het is lastig ze te beschrijven zonder ze te laten zien, maar ik heb een top drie in gedachten die u versteld zou doen staan, zoals toen u YouTube, Google Maps of Snapchat voor het eerst zag.’
Stelt het succes tegen elke prijs en het veel hogere arbeidsethos waarover u schrijft, Chinese techbedrijven in staat een hoge vlucht te nemen en het andere sectoren, zoals Silicon Valley, moeilijk te maken?
‘Omdat ze niet voor dezelfde markt werken, beconcurreren ze elkaar niet. Maar ik heb onlangs nog gezegd dat wanneer er internetgebruikers op Mars zouden zijn en Chinese én Amerikaanse bedrijven daar voet aan de grond zouden zetten, ik mijn geld op de Chinezen zou inzetten. In de echte wereld behoren Europa en de VS volledig tot het Amerikaanse “ecosysteem”. Hun mobieltjes zitten vol Amerikaanse apps, daar kun je niet zomaar een Chinese tussen zetten. Dat is niet alleen een kwestie van taal, maar ook van researchpatronen en betaalmethoden. Het heeft te maken met liefde voor een merk, geloof in je bedrijf, dat soort dingen.’
Sommige mensen denken daar heel anders over. Ze denken dat er een wapenwedloop gaande is, dat je alleen maar hoeft te kijken naar de grotere defensie-uitgaven van Amerikanen en naar China, dat zich op de borst slaat en beweert dat het in 2030 leider wil zijn op het gebied van AI. Er heerst ook iets van scepsis en ongerustheid als het gaat om China. Dat komt misschien doordat we niet zo veel van dat land weten, omdat het nog altijd achter zo’n zwaar gordijn schuilgaat.
‘Elk land heeft zijn ambities. Donald Trump werd tot president gekozen met zijn slogan “Make America great again”, Obama zei “Yes we can” en China zegt dat het tot de beste op AI-gebied wil behoren. Hopelijk wil de Chinese overheid dat het Chinese volk beter wordt van de vooruitgang op dat gebied. En Amerika zou van hetzelfde moeten dromen voor zijn burgers. Het gaat hier niet om een strijd om grondstoffen, olie of land. Elk land ontwikkelt zijn talenten. Verder is het ook niet alsof ze allebei hun waar aan Zuid-Amerika proberen te slijten en erover bakkeleien welk product Brazilië bijvoorbeeld zal kiezen. Het zijn echt twee naast elkaar bestaande ruimten, twee landen die het uitstekend doen op basis van verschillende methodologieën.’
Maar sommige mensen associëren China met een autoritaire overheid, met schendingen van mensenrechten. Staat dat volgens u ware innovatie en originaliteit niet in de weg?
‘Ik ben geen expert op het gebied van overheidsbeleid en mensen hebben uiteraard recht op hun mening. Het belangrijkste is volgens mij dat er innovatieve producten uit China komen. Dat is een realiteit die niet valt te ontkennen. Als ik u WeChat zou laten zien, zou u zeggen: “Wauw, dat is nog eens inno-vatief!” Heiligt het doel niet de middelen? Er is geen idee gestolen, alles is in China ontwikkeld. Daar was veel geld en ondernemingszin voor nodig. Het is gewoon een andere manier om een resultaat te bereiken.’
‘AI zal wereldwijd zo’n 40 tot 50 procent van de banen overbodig maken’
*U schrijft dat de Chinese overheid via een durfinvesteringsconstructie steeds meer geld in de techsector pompt; in acht jaar is dit bedrag gestegen van 7 miljard tot 27 miljard dollar. Wat verwacht de Chinese overheid van de techsector, aangezien ze er zo veel geld in investeert? *
‘Het Chinese durfkapitaalsysteem heeft zich min of meer op eigen kracht ontwikkeld, bijna zonder overheidssteun, dankzij kapitaal uit Amerika en Europa, die beseften dat China in de lift zat. Over het geheel genomen is 27 miljard dollar over vijftien jaar ook niet zo veel. Het helpt, je stookt het vuurtje ermee op, maar het is niet de ware katalysator. En het geld kwam laat; tegen de tijd dat de overheid ging meedoen, wás er al durfkapitaal. Maar ik geef toe dat de overheid bijdraagt aan het Chinese ondernemers-klimaat. Nieuwe technologieën worden niet met wetten aan banden gelegd, waardoor ze tot bloei kunnen komen. Betalen met je mobieltje is een goed voorbeeld.’
‘Nieuwe technologieën worden niet met wetten aan banden gelegd, waardoor ze tot bloei kunnen komen’
*Denkt u dat Chinese bedrijven tot de Amerikaanse en Europese markt willen doordringen? *
‘Amazon, Google en Facebook hebben zo’n sterke marktpositie dat het voor Chinese bedrijven heel moeilijk zal zijn om te concurreren. Maar China zou in opkomende economieën mogelijk in het voordeel kunnen zijn. Chinese bedrijven dringen tot Zuidoost-Azië, Afrika en het Midden-Oosten door via samenwerkingen en investeringen.’
Zou u iets zou willen zeggen over de terugkeer van Google op de Chinese markt na zo’n lange afwezigheid? Onlangs haalde hun zoekmachine Dragonfly alle kranten omdat de technologie het mogelijk maakt zoekopdrachten van gebruikers te koppelen aan hun telefoonnummer, waardoor ze op de radar van de overheid blijven. Wat vindt u daarvan?
‘Ik ben negen jaar geleden bij Google weggegaan. Het is voor Google heel moeilijk om naar China te komen. Om dezelfde redenen kunt u zich voorstellen dat Chinese bedrijven weinig succes zullen hebben in het Verenigd Koninkrijk. Het wordt een harde strijd voor Google. Ik stond dertien jaar geleden aan het hoofd van dat bedrijf en toen waren de parallelle universums lang niet wat ze nu zijn. Wat toen nog kon, is tegenwoordig heel moeilijk.’
In een opinieartikel in The New York Times schrijft u dat AI allerlei banen overbodig zal maken: bankemployees, medewerkers van klantenservices, telemarketeers. Hoe serieus moeten overheden die dreiging nemen?
‘Het begint waarschijnlijk pas echt over een paar jaar, omdat de technologie dan verder is. We horen bijvoorbeeld van bedrijven dat ze erover denken de operationele staf de komende drie jaar te halveren. Dat zijn voortekenen. Maar veel bedrijven moeten eerst nog aanpassings- en technische problemen oplossen. Ik denk dat het een jaar of vijftien duurt voordat grote aantallen banen overbodig zullen worden. Overheden moeten gaan beseffen wat er aan de hand is. Als ook maar 1 procent van de bevolking het slachtoffer wordt, is het te laat om over de kwestie na te gaan denken. Dat moeten we voor zijn.’
U schrijft: ‘Ik vrees dat er voor werknemers steeds minder vaste voet onder de grond overblijft, als dieren die zich moeten terugtrekken voor een overstroming, springend van de ene rots naar de andere.’ Dat is een beangstigend beeld.
‘Ja, op basis van onderzoek voorspel ik dat dat zal gebeuren.’
U zegt dat China zich niet druk maakt over die kwestie.
‘Amerikanen en Europeanen denken het meest over deze kwestie na. Dat doen maar heel weinig Chinezen. Ze vertrouwen op de Chinese overheid, die zich meestal met dit soort zaken bezighoudt. De belangrijkste reden waarom Chinezen zich niet druk maken, is omdat de Chinese overheid de transitie van landbouw naar maakindustrie effectief heeft aangepakt door die van bovenaf op te leggen. Dat is een verschil met de westerse aanpak. Ik zeg niet of dat goed of slecht is. Maar omdat de overheid het eerder goed heeft gedaan, geloven mensen dat ze zich ook wel weer over een volgende grote verandering zal ontfermen.
‘Chinezen zijn veel meer gericht op geld verdienen. De “goudkoorts” is begonnen toen Deng Xiaoping een aantal jaren geleden zei: “Laat sommige mensen eerst maar eens rijk worden.” We bevinden ons nu in het vierde decennium van die zucht naar rijkdom. Er zijn nog steeds veel mensen uit families die al tien of twintig generaties lang rijk of arm zijn, en de verwachting is nog altijd groot dat het volgende kind de familie zal opstoten naar de middenklasse of naar een zeker welvaartspeil. Die verwachting zet het Chinese volk aan tot hard werken en tot die genoemde manier van ondernemen. Het zorgt er ook voor dat mensen materiële welvaart hoger aanslaan. Die cultuur verdwijnt over een jaar of vijftig vanzelf, wanneer de middenklasse zal zijn gegroeid.’
Zonder twijfel is China voor het Westen een interessant land. Wij kijken ernaar met een mengeling van nieuwsgierigheid, angst en fascinatie. Wat zijn de grote uitdagingen voor China? Het land telt bijna 1,4 miljard inwoners, de middenklasse rijst de pan uit en wordt steeds veeleisender, terwijl sommigen waarschuwen voor een uiteindelijke economische terugval.
‘Het onderwijs is verbeterd, maar er bestaat nog steeds een grote kloof tussen onze universiteiten en de beste in de VS en het Verenigd Koninkrijk. Vooral de VS weet fantastische jonge mensen aan zich te binden die er willen studeren, er geweldig onderzoek doen en er vervolgens blijven hangen. China heeft dat voordeel niet. De VS trekt mensen van heinde en verre, China heeft bijna alleen Chinezen. En hoe groot het land ook is, het is maar een fractie van de wereld. Dus om een wereldspeler te zijn en ervoor te zorgen dat Chinezen willen blijven, moet China mensen uit andere landen trekken.’
Wat zal er gebeuren wanneer technologie zo diep in onze samenleving doordringt dat alle fabrieksbanen sneuvelen?
‘Als we daarop willen anticiperen, komt het aan op twee dingen: creativiteit en compassie. Bij crea- tiviteit draait het om onderwijsbeleid voor slimme, talentvolle mensen: die moet je al vroeg laten specialiseren en hun passie laten volgen, zodat ze optimaal presteren in hun creatieve domein. Maar dat is maar voor een klein percentage weggelegd, waardoor het banenprobleem niet wordt opgelost. Dan blijft compassie als enige oplossing over. Daarmee bedoel ik compassie in brede zin: in staat zijn een band met iemand aan te gaan. Daarbij denk ik aan banen als au pair, leraar, verpleegkundige, sociaal werker en psychiater, waarbij veel menselijke interactie komt kijken.
‘Overheden moeten er alles aan doen om het aantal banen in die sector te vergroten. Zelfs al kunnen machines ze nabootsen – denk aan een robot- verpleegkundige – dan willen mensen ze niet echt. Ik denk dat AI aan dat soort banen kan bijdragen als analytische machine die mensen in staat stelt te doen waar ze het beste in zijn: andere mensen aandacht geven. Daarom is die sector waarschijnlijk de enige die groot genoeg is om de verschuiving op de arbeidsmarkt op te vangen. In de komende 15 tot 25 jaar zijn sociaal ondernemerschap, maatschappelijk verantwoord investeren en vrijwilligerswerk noodzakelijk.
‘Als we over tachtig jaar terugkijken, als routine-matige banen zijn overgenomen door machines, kunnen we doen waar we goed in zijn, waar we van houden, dan kunnen we bijvoorbeeld nadenken over de zin van het leven. Maar eerst moeten we door de komende 25 jaar heen, waarin ons een uitdagende transitie staat te wachten.’
Opgericht in 2015 vanuit de behoefte om mensen te informeren over fundamentele veranderingen in de wereld door middel van diepgaande discussies. Het format bestaat uit een interview per week met een schrijver, designer, onderzoeker, leider of anderszins innoverende persoon die onze visie op de wereld kan veranderen.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.