Tag: Teheran

  • Waarom kozen de VS en Israël juist nu voor oorlog met Iran?

    Waarom kozen de VS en Israël juist nu voor oorlog met Iran?

    Om de week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar de snel escalerende oorlog tussen de Verenigde Staten, Israël en Iran. Wat schrijven buitenlandse media over de achtergrond van het conflict – en over de mogelijke gevolgen voor de regio en de wereldeconomie?

    Proberen de Verenigde Staten en Israël het Midden-Oosten opnieuw vorm te geven?

    Volgens verschillende internationale analyses is de aanval op Iran meer dan een militaire operatie. Het Israëlische platform Ynet beschrijft de campagne van de Verenigde Staten en Israël bijvoorbeeld als een poging om de geopolitieke orde in het Midden-Oosten ingrijpend te veranderen.

    Iran speelt al jaren een centrale rol in een regionaal netwerk van bondgenoten en milities, waaronder Hezbollah in Libanon, sjiitische milities in Irak en de Houthi’s in Jemen. Door Iran zelf aan te vallen, proberen Washington en Tel Aviv niet alleen het nucleaire programma van het land te verzwakken, maar ook deze bredere machtsstructuur te ondermijnen, schrijft Ynet.

    Toch gaat het volgens analisten om een strategische gok. Als Iran besluit het conflict uit te breiden via zijn bondgenoten, kan de oorlog snel regionaliseren. Bovendien kan een aanval op het regime in Teheran politieke chaos veroorzaken – een scenario dat in landen als Irak en Libië eerder tot langdurige instabiliteit leidde.

    De VS en Israël proberen het Iraanse regime militair zo zwaar te verzwakken dat het zijn regionale invloed verliest

    In het Libanese dagblad L’Orient-Le Jour wordt de oorlog tussen de Verenigde Staten, Israël en Iran gezien als onderdeel van een bredere hertekening van de machtsverhoudingen in het Midden-Oosten. De krant schrijft dat Washington en Tel Aviv het Iraanse regime militair zo zwaar proberen te verzwakken dat het zijn regionale invloed verliest – of uiteindelijk instort.

    Toch blijft het onzeker of deze strategie zal slagen. Volgens L’Orient-Le Jour hangen de ontwikkelingen van het conflict vooral af van twee cruciale vragen: hebben de Verenigde Staten en Israël een duidelijke exit-strategie, en hoe ver zal Iran gaan in zijn tegenaanval?

    Teheran beschikt over verschillende mogelijkheden om de kosten van de oorlog te verhogen. Zo kan het land Amerikaanse bases in de Golfregio aanvallen, regionale milities activeren of proberen de Straat van Hormuz te verstoren.

    Ook Hezbollah speelt hierin een belangrijke rol. De Libanese militie heeft gedreigd Iran te steunen als het regime ernstig wordt bedreigd. Tegelijk zou een directe deelname aan de oorlog voor Hezbollah – en voor Libanon – waarschijnlijk verwoestende gevolgen hebben.

    ‘Zelfs binnen de logica van Hezbollah lijkt het opofferen van Libanon om Iran te redden moeilijk te rechtvaardigen’

    Dat plaatst de organisatie voor een strategisch dilemma: loyaal blijven aan Iran, of voorkomen dat Libanon opnieuw het toneel wordt van een grote oorlog met Israël. ‘Zelfs binnen de logica van Hezbollah lijkt het opofferen van Libanon om Iran te redden moeilijk te rechtvaardigen’, schrijft L’Orient-Le Jour

    De geopolitieke betekenis van het conflict wordt overigens nog groter door de dood van de Iraanse leider Ali Khamenei. In The Atlantic beschrijft Iran-expert Karim Sadjadpour hem als ‘de woordvoerder van een geest’, een leider die probeerde een revolutionair systeem in stand te houden dat steeds minder aansluiting vond bij de Iraanse samenleving.

    Khamenei stond sinds 1989 aan het hoofd van de Islamitische Republiek en zag het als zijn historische taak om de revolutie van 1979 te beschermen. Volgens Sadjadpour hield het regime zich vooral staande dankzij de veiligheidsdiensten en de Revolutionaire Garde, terwijl de ideologische legitimiteit bij een groot deel van de bevolking geleidelijk afbrokkelde.

    The Atlantic wijst bovendien op iets ironisch: Khamenei stond bekend om slogans als ‘Death to America’ en ‘Death to Israel’, maar stierf uiteindelijk door een aanval van precies die landen. Daarmee symboliseert zijn dood ook de confrontatie die hij zelf jarenlang heeft aangewakkerd, aldus het Amerikaanse opinieblad.

    Waarom breekt deze oorlog juist nu uit?

    Niet alle analyses richten zich uitsluitend op de geopolitieke logica van het conflict. In het essay Why Attack Iran? op zijn Substack stelt historicus Timothy Snyder een andere vraag: waarom vindt deze oorlog juist op dit moment plaats?

    Volgens hem verklaren officiële argumenten – zoals nucleaire dreiging of regionale veiligheid – de timing van de aanval niet volledig. In plaats daarvan suggereert Snyder dat het conflict mogelijk moet worden begrepen vanuit de binnenlandse politiek van de Verenigde Staten.

    In de geschiedenis zijn buitenlandse oorlogen vaker gebruikt om politieke steun te mobiliseren of leiders intern te versterken. Nationale crises kunnen de oppositie verzwakken, kritiek als onpatriottisch framen en de aandacht van binnenlandse problemen afleiden.

    Daarom pleit Snyder ervoor om niet alleen naar geopolitieke motieven te kijken: ‘Wanneer een oorlog geen duidelijke verklaring heeft, moeten we vragen wie er politiek voordeel bij heeft.’

    Ook binnen de Verenigde Staten klinkt kritiek op de manier waarop de oorlog is begonnen. In The New York Times bekritiseert columnist David French het feit dat president Donald Trump de aanval op Iran aankondigde via een korte video op sociale media, zonder vooraf toestemming te vragen aan het Amerikaanse Congres.

    De Amerikaanse grondwet moest voorkomen dat één leider het land in een conflict kan storten

    Volgens French ondermijnt dat een fundamenteel principe van de Amerikaanse grondwet. De grondleggers van de Verenigde Staten wilden juist voorkomen dat één leider het land eigenhandig in een oorlog kon storten. Daarom verdeelt de grondwet de militaire macht bewust tussen twee instellingen: het Congres, dat het aangaan van een oorlog moet goedkeuren, en de president, die als opperbevelhebber de strijdkrachten aanvoert.

    Volgens French dwingt deze verdeling een regering ook om haar plannen publiekelijk te verantwoorden: waarom een oorlog nodig is, wat de doelen zijn en welke risico’s eraan verbonden zijn.

    Hij verwijst naar een waarschuwing van Abraham Lincoln uit 1848, die destijds schreef dat koningen hun volk vaak in oorlog meeslepen die hun veel leed aandoen terwijl ze beweren dat deze in hun belang is. De Amerikaanse grondwet moest voorkomen dat één leider het land in een conflict kan storten.

    Wat betekent de oorlog voor de wereldeconomie – en voor Iran zelf?

    De gevolgen van een oorlog met Iran reiken bovendien ver voorbij het Midden-Oosten. In een analyse waarschuwt The Economist dat het conflict kan uitmonden in de grootste schok op de oliemarkt in jaren.

    Het grootste risico ligt bij de Straat van Hormuz, de smalle zeestraat tussen Iran en Oman waar dagelijks ongeveer vijftien miljoen vaten olie passeren – bijna een derde van alle olie die wereldwijd over zee wordt vervoerd. Als die route wordt verstoord, kunnen energieprijzen wereldwijd sterk stijgen.

    Volgens het tijdschrift hangen de olieprijzen af van drie factoren: welke doelen Iran kiest voor zijn tegenaanvallen, of olie de wereldmarkt nog kan bereiken en wat er politiek met Iran gaat gebeuren. ‘De onzekerheid die de oorlog ontketent kan nog lang blijven hangen,’ aldus The Economist.

    Veel van deze dissidenten waarschuwen dat een buitenlandse oorlog Iran niet zal bevrijden

    Te midden van alle geopolitieke analyses wijst tijdschrift The Nation op een perspectief dat in het internationale debat vaak onderbelicht blijft: dat van Iraanse dissidenten zelf.

    Na de recente protesten veroordeelden activisten, schrijvers, vakbonden en studenten de massale repressie door het regime. Zij spreken van ernstige mensenrechtenschendingen en eisen politieke hervormingen, de vrijlating van politiek gevangenen en een democratische transitie.

    Tegelijk waarschuwen veel van deze dissidenten dat een buitenlandse oorlog Iran niet zal bevrijden, maar juist verder kan destabiliseren. Volgens hen zou militaire escalatie de hardliners binnen het regime versterken en vooral de Iraanse bevolking treffen.

    Volgens deze groep Iraniërs – die zowel het autoritaire regime als buitenlandse interventie afwijzen – kan echte verandering alleen van binnenuit komen. ‘Buitenlandse militaire interventie zal ons niet bevrijden, maar begraven,’ aldus de activisten geciteerd door The Nation.

  • Iran: president Pezeshkian stelt voor de hoofdstad naar het zuiden te verplaatsen

    Iran: president Pezeshkian stelt voor de hoofdstad naar het zuiden te verplaatsen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Aanslag op synagoge in Manchester: twee doden en drie gewonden

    » Poetin belooft een reactie op de ‘militarisering’ van Europa

    Teheran kampt met waterschaarste

    De Iraanse president Masoud Pezeshkian verklaarde donderdag dat Iran ‘geen andere keuze had’ dan de hoofdstad naar het zuiden van het land te verplaatsen, aangezien Teheran momenteel zucht onder zijn ‘exponentiële groei’ en het ‘tekort aan water’, schrijft The Guardian.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Pezeshkian stelt voor om de nieuwe hoofdstad ‘aan de oevers van de Perzische Golf’ te vestigen, om te profiteren van ‘directe toegang tot water’ en ‘de ontwikkeling van commerciële en economische betrekkingen’ met de Golfstaten mogelijk te maken.

    De president beweerde dat hij ‘dit voorstel vorig jaar met de hoogste leider, ayatollah Ali Khamenei, heeft besproken’, aldus de Britse krant. Teheran telt vandaag de dag meer dan tien miljoen inwoners en verbruikt bijna een kwart van de waterreserves van Iran.

  • Wereldbeeld: In Teheran

    Wereldbeeld: In Teheran

    Angst en woede nemen toe in Iran na de bombardementen van de VS en Israël. Het lijkt erop dat de aanvallen niet alleen maar gericht waren op de uitschakeling van het nucleaire programma.

    Een anti-Israël-poster op het Enghelab-plein in Teheran. Sinds de aanval van Israël met aanvankelijk als doel het Iraanse atoomprogramma en de militaire infrastructuur te saboteren, lijken de VS en de Israëlische premier Netanyahu uit op de val van het regime. Tegenstanders hopen al jaren op het vertrek van de ayatollahs, maar de stemming sloeg snel om in angst toen duidelijk werd dat iedereen door de bombardementen kan worden geraakt.

    ANP 529877633
    © ANP

  • Iran schort zijn samenwerking met het IAEA officieel op

    Iran schort zijn samenwerking met het IAEA officieel op

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Vietnam sluit handelsakkoord met Verenigde Staten over douanerechten

    » Gaza: hulporganisatie GHF beschuldigd van het mengen van drugs in hulppakketten

    De VN noemen het besluit van Teheran ‘verontrustend’

    De Iraanse president Massoud Pezeshkian heeft woensdag een wet afgekondigd die op 25 juni door het parlement was aangenomen en die de samenwerking van zijn land met het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA), de nucleaire toezichthouder van de VN, opschort. Dit besluit volgt op de ‘twaalfdaagse oorlog’, zoals Donald Trump het noemde, tussen Israël en Iran, waar de Verenigde Staten zich korte tijd bij aansloten voordat ze een staakt-het-vuren afdwongen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Iran zou de opschorting van de samenwerking met de IAEA kunnen gebruiken als pressiemiddel in toekomstige onderhandelingen over zijn nucleaire programma, hoewel er momenteel geen besprekingen gepland zijn, aangezien Teheran het aanbod van president Donald Trump om de dialoog over deze kwestie onmiddellijk te hervatten, heeft afgewezen’, analyseert Newsweek. De VN noemden het besluit van Teheran ‘verontrustend’. Het Pentagon schatte woensdag dat de Amerikaanse en Israëlische bombardementen op Iraanse installaties het nucleaire programma van het land met ongeveer twee jaar hebben vertraagd.

  • ‘De aanvallen op Iran zullen de regio en de rest van de wereld nog jaren achtervolgen’

    ‘De aanvallen op Iran zullen de regio en de rest van de wereld nog jaren achtervolgen’

    Afgelopen zondag voerde de Amerikaanse president Donald Trump ‘massale precisieaanvallen’ uit op Iraanse nucleaire complexen. Dat is geen verrassing; al dertig jaar probeert Israël de VS mee te slepen in een conflict met Iran. Deze keer lijkt het gelukt.

    De Amerikaanse president Donald Trump kwam afgelopen zondag met deze mededeling: ‘De Amerikaanse strijdkrachten hebben massale precisieaanvallen uitgevoerd op drie cruciale atoomcomplexen van het Iraanse regime: Fordow, Natanz en Isfahan. Ik kan de wereld melden dat deze aanvallen een doorslaand militair succes waren. De belangrijkste uraniumverrijkingsinstallaties van Iran zijn volledig verwoest.’

    Secretaris-generaal Antonio Guterres van de VN waarschuwde na de aanval dat het Amerikaanse geweld een gevaarlijke escalatie is in een toch al zo gespannen regio, die de internationale vrede en veiligheid in gevaar brengt. Op 13 juni was Israël begonnen met een reeks gecoördineerde lucht- en cyberaanvallen op de militaire en nucleaire infrastructuur in Iran, waarbij meerdere kerngeleerden en hoge militaire commandanten werden omgebracht. Iran sloeg terug met honderden raket- en droneaanvallen op militaire installaties en gebouwen van inlichtingendiensten in Israël.

    Al dertig jaar lang wordt deze leugen steeds weer herhaald

    Beëindiging van het Iraanse kernwapenprogramma was niet het hoofddoel van Israël. Al sinds begin jaren negentig zegt de huidige premier Benjamin Netanyahu elk jaar weer dat Iran binnen een jaar of twee in staat zal zijn een kernbom te bouwen. Al dertig jaar lang wordt deze leugen steeds weer herhaald. De waarheid is dat Netanyahu vooral aanvalt om de regering omver te werpen, de stabiliteit zodanig te ondermijnen dat het net zo’n failed state wordt als Syrië, Libanon en Libië, en dan te zorgen dat het land uiteenvalt. De consequenties van deze Amerikaanse en Israëlische aanvallen zullen de regio en de rest van de wereld nog jaren achtervolgen. Ik stip hier de belangrijkste gevolgen aan.

    Het staat buiten kijf dat Israël de aanval op Iran heeft afgestemd met de VS, Europa en de NAVO, en de strijd voortzet met hun directe en indirecte steun. Al sinds de jaren negentig tracht Netanyahu de VS mee te slepen in een oorlog tegen Iran, maar tot nu toe was geen enkele Amerikaanse president erin getrapt. Onder druk van Netanyahu maakte Trump in zijn eerste termijn al een eind aan het nucleaire akkoord met Iran, door de VN vastgelegd in resolutie 2231 van de Veiligheidsraad, en nu heeft hij in zijn tweede termijn binnen enkele maanden een aanval uitgevoerd op Iraanse atoomcomplexen.

    Netanyahu complimenteerde hem met zijn besluit om Iran aan te vallen. ‘Gefeliciteerd, president Trump. Uw dappere besluit om de geduchte en rechtvaardige macht van de Verenigde Staten in te zetten tegen de nucleaire installaties van Iran zal de loop van de geschiedenis veranderen,’ zei hij. Wrang genoeg kwam de aanval nadat Trumps speciale gezant Steve Witkoff eerder met de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi overeengekomen was dat de eerste drie rondes van de nucleaire besprekingen in Oman en Italië een goede basis hadden gelegd voor een akkoord. Zoals een goed ingelichte Iraanse bron me vertelde: ‘Over de hoofdonderdelen van het akkoord tussen Witkoff en Araghchi werd overeenstemming bereikt gedurende drie onderhandelingsrondes in Muscat en Rome.

    Het akkoord

    Het akkoord zou er zo uitzien: Iran zou akkoord gaan met maximale inspecties van en transparantie over zijn atoominstallaties, en met implementatie van de zogenaamde gewijzigde Code 3.1, de strengste internationale inspectieprotocollen voor nucleaire programma’s.’ En daarbij zei mijn informant:
    ‘Ten tweede zou Irans voorraad van tot 60 procent verrijkt uranium, genoeg voor tien kernbommen, worden omgezet of geëxporteerd. Ten derde zou Iran zijn huidige procedés voor verrijking tot 60 en 20 procent afschalen naar verrijking voor burgerdoelen, namelijk 3,67 procent. En ten slotte zegde Iran toe volledig met de IAEA te zullen samenwerken om alle technische onduidelijkheden op te lossen.

    In ruil daarvoor zouden de Verenigde Staten een eind maken aan de sancties die vanwege het nucleaire programma waren opgelegd. Er was afgesproken dat de technische teams van beide partijen op basis van deze vier punten een concept-akkoord zouden opstellen. Maar na een telefoongesprek tussen Netanyahu en Trump wilden de Amerikanen hun technische team ineens niet meer naar Muscat sturen en maakten ze een draai van honderdtachtig graden: ze eisten nu dat het vreedzame verrijkingsprogramma van Iran volledig werd stilgelegd.

    Dat vertraagde het sluiten van een akkoord tot na de door Trump gestelde deadline van twee maanden. En de zesde onderhandelingsronde stond gepland voor dag 63, maar op dag 61 lanceerde Israël zijn aanval op Iran. Dat was de valstrik van Israël, bedoeld om Amerika en Trump mee te slepen in een oorlog met Iran.’

    De buitenlandministers van Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland en de hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van de EU, Kaja Kallas, hebben vrijdag gesprekken gevoerd met Araghchi en afgesproken om binnen een week opnieuw bijeen te komen. Deze ministers werden aangespoord om met de Iraanse minister te overleggen doordat Trump op 19 juni een termijn van twee weken had gegeven voor het zoeken naar diplomatieke oplossingen. ‘Vorige week voerden we onderhandelingen met de VS en werden die getorpedeerd door Israël. Deze week waren we in overleg met de grote Europese landen en besloot de VS dat te torpederen. Welke conclusie zou u daaruit trekken?’ schreef Araghchi aan Groot-Brittannië en de hoge vertegenwoordiger van de EU.

    Een halve waarheid

    Het Amerikaanse besluit om Iran aan te vallen toont aan dat de tiendaagse Israëlische militaire operatie tegen Teheran niet alleen is mislukt, maar dat Israël op het randje van een nederlaag stond. Waarom zou de VS tussenbeide komen als Israël niet in gevaar was? Het is het enige land in het Midden-Oosten dat daadwerkelijk over kernwapens beschikt (volgens sommige schattingen over wel vierhonderd kernkoppen), dus als bestrijder van nucleaire proliferatie is het weinig geloofwaardig. Bovendien bevestigen alle rapporten van het IAEA en Amerikaanse inlichtingendiensten van de afgelopen twintig jaar dat er geen bewijs is dat Iran een kernwapen probeert te maken. ‘We hebben, als u het mij vraagt, op dit moment geen tastbaar bewijs dat er een programma of een plan bestaat om een kernwapen te fabriceren,’ zegt het hoofd van het atoomagentschap.

    Het punt is vooral dat er geen sprake was van een ernstige directe dreiging. De bewering dat Iran over genoeg verrijkt uranium beschikt om in twee weken tien kernbommen te kunnen maken, is een halve waarheid. De andere helft is dat als Iran al zou besluiten zo’n bom te maken, het nog een of twee jaar nodig heeft om systemen te bouwen waarmee zo’n bom kan worden ingezet, zoals kernkoppen. ‘Tot de Israëlische aanval was er geen sprake van dat Iran dicht bij het maken een kernwapen was,’ aldus de American Arms Control Association.

    Dit is de eerste keer dat twee kernmogendheden een militaire aanval hebben uitgevoerd op een land zonder kernwapens. Dat toont aan dat het Non-proliferatieverdrag met name door Israël en de VS alleen maar als politiek drukmiddel is gebruikt. ‘Israël is niet aangevallen door Iran, het is deze oorlog zelf begonnen. De Verenigde Staten zijn niet aangevallen door Iran, ze zijn op dit punt zelf de confrontatie aangegaan,’ zegt Trita Parsi, vicevoorzitter van het Quincy Institute.

    ‘Benjamin Netanyahu heeft deze oorlog uitgelokt om zijn eigen politieke hachje te redden’

    De aanval van de VS druist duidelijk in tegen het VN-handvest. ‘Met zijn aanval op vreedzame nucleaire installaties in Iran maakt de VS, permanent lid van de Veiligheidsraad, zich schuldig aan een ernstige schending van het VN-Handvest, het internationaal recht en het Non-proliferatieverdrag,’ aldus de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken.

    Trumps nationale veiligheidsteam heeft de consequenties van een Amerikaanse aanval op Iran niet goed doordacht, of het wist Trump zo’n actie simpelweg niet uit het hoofd te praten. Hoe dan ook is deze aanval een veeg teken van de grote invloed die Netanyahu op het Witte Huis heeft. ‘Benjamin Netanyahu heeft deze oorlog uitgelokt om zijn eigen politieke hachje te redden, en Donald Trump geeft hem de militaire kracht van Amerika in handen om de oorlog voort te zetten. Amerika is geen loopjongen van andere landen, en onze strijdkrachten zijn geen wisselgeld in onderhandelingen,’ zei congreslid Bonnie Watson Coleman. In Iraanse ogen betekenen deze aanvallen door twee kernmachten dat het Non-proliferatieverdrag niet alleen waardeloos, maar ook schadelijk is. Landen als Noord- Korea, India, Pakistan en Israël, die zich er nooit bij aansloten en gewoon kernwapens hebben ontwikkeld, zijn verschoond gebleven van aanvallen door kernmogendheden. Het zou dus niet meer dan logisch zijn dat Iran zich nu gaat bezinnen op zijn nucleaire strategie, en ook op zijn aansluiting bij het Non- proliferatieverdrag.

    Iran heeft onherstelbare schade opgelopen, maar de negatieve gevolgen van deze aanval beperken zich niet tot Iran. Ook de Verenigde Staten en de vrede en veiligheid in de regio zullen eronder te lijden krijgen. Het is goed mogelijk dat deze oorlog geen duidelijke winnaar of verliezer zal kennen. Wel zitten Iran, Israël en de VS nu met het vooruitzicht van wederzijdse vernietiging, destabilisering van de regio en een langdurig nationaal trauma. In dat scenario zullen alle partijen op den duur veel meer verliezen dan ze er ooit bij kunnen winnen. De internationale gemeenschap moet daadkrachtig optreden om de situatie te de-escaleren. Gebeurt dat niet, dan dreigt een catastrofaal conflict te ontstaan in het Midden-Oosten, en misschien ook daarbuiten.

  • VN-rapport: Iran gebruikt technologie om vrouwen zonder hoofddoek op te sporen

    VN-rapport: Iran gebruikt technologie om vrouwen zonder hoofddoek op te sporen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Israël verbreekt wapenstilstand met dodelijke luchtaanval op Gaza

    » Conflict in de DRC: M23 trekt zich terug uit vredesbesprekingen

    De Iraanse politie zet drones in om vrouwen te monitoren

    Een uitgebreid technologisch netwerk in Iran rapporteert vrouwen die geen hoofddoek dragen, meldt een VN-rapport. ‘Twee jaar na de protesten van 2022 worden vrouwen en meisjes in Iran nog steeds geconfronteerd met systematische discriminatie (…), vooral met de verplichting tot het dragen van een hijab.‘ Sinds april 2024 heeft Iran een nieuw plan doorgevoerd, het Noor Plan, bedoeld om de verplichte kledingwetten te handhaven. Inmiddels zijn er al 618 vrouwen gearresteerd onder de wet.

    Het VN-rapport laat zien hoe Iraanse autoriteiten technologie gebruiken om vrouwen zonder hijab op te sporen. Bij de Amirkabir universiteit in Teheran zijn camera’s met gezichtsherkenning geplaatst om vrouwen zonder hoofddoek te rapporteren. De Iraanse politie maakt ook gebruik van ‘dronetoezicht vanuit de lucht’, meldt het rapport. Het team van onderzoekers vermoedt dat bewakingscamera’s op de grote wegen van Iran ook actief zoeken naar vrouwen zonder hoofddoek, aldus The Independent.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De Iraanse politie heeft zelfs een nieuwe app ontwikkelt met de naam ‘Nazer’. De app stelt burgers in staat om een vrouw die geen hoofddoek draagt te rapporteren. Gebruikers van de app kunnen bijvoorbeeld ‘de locatie, datum, tijd en de nummerplaat van een voertuig’ toevoegen. ‘Dan wordt er per direct een sms gestuurd naar de eigenaar van het voertuig dat hen waarschuwt dat ze de wet van de verplichte hijab hebben overtreden en dat hun voertuig in beslag zal worden genomen als ze de waarschuwing negeren,’ aldus het VN-rapport.

    In 2022 waren er grote protesten in Iran naar aanleiding van de dood van Mahsa Amini, een vrouw die werd gearresteerd en mishandeld door de zedenpolitie. Dit rapport van de VN stelt de Islamitische Republiek verantwoordelijk voor haar dood en beklaagt de onderdrukking van vrouwenrechten in Iran.

  • Duitsland sluit Iraanse consulaten na executie van Iraans-Duitse dissident

    Duitsland sluit Iraanse consulaten na executie van Iraans-Duitse dissident

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zeven doden in Israël door raketaanvallen van Hezbollah

    » EU: uitstoot van broeikasgassen in 2023 met 8,3 procent gedaald

    Duitsland houdt ’diplomatieke kanalen‘ met Iran in stand

    Op donderdag kondigde de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Annalena Baerbock de sluiting aan van de Iraanse consulaten in Frankfurt am Main, München en Hamburg. Aanleiding hiervoor was de dood op maandag van de dissident Jamshid Sharmahd, die door Teheran ter dood was veroordeeld. Dit besluit van de minister heeft gevolgen voor 32 consulaire medewerkers.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Duitsland zal echter zijn ambassade in Teheran en zijn ’diplomatieke kanalen‘ met Iran in stand houden, in het bijzonder om ’andere Duitsers‘ te verdedigen die onterecht worden vastgehouden door het ’regime‘, zei de minister. Dit besluit zal ’Iraniërs beroven van consulaire diensten en faciliteiten‘, klaagt Teheran.

    De aangenomen sancties ’zijn weloverwogen en een breuk in de betrekkingen is koste wat het kost vermeden. Maar Berlijn voert ook geen intensieve diplomatieke onderhandelingen‘, merkt Der Spiegel op. En het was deze ’middenweg‘-strategie die ’leidde tot de dood van de Duitse burger Sharmahd‘, aldus het tijdschrift.

  • Iran executeert Iraans-Duitse dissident Jamshid Sharmahd

    Iran executeert Iraans-Duitse dissident Jamshid Sharmahd

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Pentagon: Noord-Korea heeft 10.000 soldaten naar Rusland gestuurd

    » De egel is nu ’bijna met uitsterven bedreigd‘

    Hij zou betrokken zijn geweest bij een aanslag op een moskee

    De 69-jarige dissident, die maandag werd geëxecuteerd, werd vorig jaar door een rechtbank in Teheran ter dood veroordeeld voor zijn vermeende betrokkenheid bij een aanslag op een moskee in Shiraz waarbij veertien mensen omkwamen in april 2008. Zijn familie wijst deze beschuldigingen resoluut van de hand. Zij beweren dat Sharmahd in augustus 2020 door de Iraanse autoriteiten werd gearresteerd toen hij door de Verenigde Arabische Emiraten reisde.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Op maandag veroordeelde de Duitse minister van Buitenlandse Zaken, Annalena Baerbock, het ’onmenselijke regime‘ van Teheran na de executie van de Duitse dissident. ’Iran toont zijn hardheid in tijden van zwakte‘, aldus Der Spiegel, dat beargumenteert dat ’het regime probeert zijn tegenstanders af te schrikken‘.

    ’Na de moord op talloze militaire leiders van Hamas en Hezbollah is de veiligheidsarchitectuur van Iran duidelijk verzwakt. Dit is precies de reden waarom het regime vandaag niet zwak wil lijken‘, merkt het Duitse weekblad op. ’Iedereen die hoopt op een verandering van regime op dit moment (…) vergist zich‘, luidt de conclusie van Der Spiegel.

  • Iran gaat Hamas niet redden. ‘Teheran wil een totale oorlog vermijden’

    Iran gaat Hamas niet redden. ‘Teheran wil een totale oorlog vermijden’

    Regionale milities zoals Hamas hebben Teheran voor een dilemma gesteld: is het nog wel mogelijk om aan de zijlijn te blijven staan, zodat de oorlog tussen Israël en Gaza niet uitmondt in een regionaal conflict?

    Enkele weken nadat Israël Gaza was binnengevallen als reactie op de dodelijke aanval van Hamas op 7 oktober, riep ayatollah Ali Khamenei, de Iraanse opperste leider, op tot een bijeenkomst van militieleiders van een alliantie die Teheran de ‘as van verzet’ noemt. De aanval, die Khamenei publiekelijk had geprezen als een ‘epische overwinning’, markeerde een hoogtepunt in vier decennia aan Iraanse inspanningen om een netwerk van niet-gouvernementele militante groepen te trainen en te bewapenen, om zo zijn vijanden af te schrikken en zijn invloed in het Midden-Oosten uit te breiden. 

    Maar achter gesloten deuren vertelde de Iraanse leider aan vooraanstaande Hamas-vertegenwoordigers, alsook aan Libanese, Iraakse, Jemenitische en andere Palestijnse militieleiders, dat Teheran niet van plan was om zich rechtstreeks in het conflict te mengen en de oorlog uit te breiden, aldus twee hooggeplaatste functionarissen van Hamas en twee van Hezbollah. Aanvullende gevechten, zo vertelde hij de afgevaardigden, zouden de wereld kunnen afleiden van de verwoestende invallen van Israël in Gaza. Met andere woorden: Hamas stond er alleen voor. 

    De as staat voor een beslissend moment. Nu Irans bondgenoten nog meer brand stichten in de regio – van aanvallen op schepen in de Rode Zee tot de droneaanval waarbij drie Amerikaanse soldaten omkwamen in Jordanië – brengen ze hun weldoener dichter bij de rand van een direct conflict met Washington dat het al zo lang probeert te vermijden. 

    De militaire en financiële macht van Iran vormt de ruggengraat van de alliantie, waar Teheran evenwel geen volledig commando en controle over uitvoert. Niet elk lid hangt de sjiitische ideologie van Iran aan en de verschillende groepen hebben binnenlandse agenda’s die soms in strijd zijn met die van Teheran. Sommige opereren in geografisch geïsoleerde gebieden, waardoor het voor Iran lastig is om wapens, adviseurs en training te leveren. Dat geldt ook voor Hamas, een soennitische beweging, of voor de Houthi’s in Jemen, die met hun aanvallen op schepen de wereldwijde handelsstromen hebben verstoord en tegenaanvallen van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hebben uitgelokt. 

    Kracht van de as

    Amerikaanse functionarissen gaven een door Iran gesteunde groep de schuld van de droneaanval en het Witte Huis zei te geloven dat de daders werden gesteund door Kataib Hezbollah, een Iraanse militie in Irak met troepen in Syrië. Iran wees alle mogelijke betrokkenheid van de hand. 

    Voor Teheran ligt de kracht van de as in het feit dat elk lid operationele en territoriale autonomie geniet, wat een plausibele ontkenning mogelijk maakt. Iran kan zich distantiëren van de milities, ook al dienen die de strategische belangen van Iran door de macht van de VS en Israël in de regio tegen te gaan. 

    Deze aanpak heeft Teheran in staat gesteld vergeldingsacties van Israël en de VS te voorkomen die het geestelijke bewind zouden kunnen destabiliseren, aldus Norman Roule, een voormalig Midden-Oostenexpert van de CIA. Iraanse agressie, zei hij, ‘omvat nu steevast acties die kunnen worden toegeschreven aan Teheran, maar die Iran voldoende kan ontkennen’. 

    Teheran is voor groot dilemma gesteld

    Dat model wordt als nooit tevoren op de proef gesteld door de aanslag van 7 oktober. Door Israël de grootste klap aller tijden uit te delen – met meer dan 1200 slachtoffers, veelal burgers – is er een reusachtige Israëlische militaire campagne op gang gebracht die is gericht op het uitroeien van Hamas. Israël heeft grote delen van de Gazastrook verwoest en heeft het gemunt op Hamas-leiders, wat het duidelijk liet zien bij de luchtaanval in Beiroet in januari; daarbij kwam Saleh al-Arouri om het leven, de politieke adjunct van de groep, die enkele weken daarvoor had deelgenomen aan de ontmoeting met Khamenei in Teheran.

    Dat heeft Teheran voor een groot dilemma gesteld: zijn Palestijnse bondgenoot verdedigen, met het risico op een regionale oorlog waarin het zou kunnen worden meegesleept, of aan de kant blijven staan en toezien hoe een cruciale partner in de alliantie wordt gedecimeerd? 

    De aanval van 7 oktober was in het belang van Teheran, omdat een diplomatieke toenadering tussen Israël en Saoedi-Arabië – een andere regionale rivaal – hierdoor werd onderbroken en Iran de kans kreeg zich op te werpen als voorvechter van de Palestijnse zaak. De leiding van Iran probeerde vergelding door Israël of de VS te voorkomen door snel elke betrokkenheid bij de planning of uitvoering van de aanval te ontkennen. Functionarissen van Hamas en Hezbollah gaven tegenstrijdige verklaringen over de mogelijke voorkennis van Iran. The Wall Street Journal meldde dat sommigen van hen zeiden dat Iraanse veiligheidsfunctionarissen groen licht hadden gegeven voor de aanval, terwijl anderen dat verhaal in twijfel trokken. 

    De aanval had niet kunnen plaatsvinden zonder jarenlange Iraanse steun aan Hamas in de vorm van wapens, geld en training

    Hoe dan ook, de aanval had niet kunnen plaatsvinden zonder jarenlange Iraanse steun aan Hamas in de vorm van wapens, geld en training, aldus Afshon Ostovar, universitair docent aan de Naval Postgraduate School in Monterey (Californië), die gespecialiseerd is in de militaire ondernemingen van Iran in het Midden-Oosten. ‘Of ze nu in de pas lopen met deze of gene actie is minder belangrijk dan hoe ze collectief bewegen in de loop van de tijd,’ stelt Ostovar. ‘Iran gaf hun de wapens om de oorlog naar Israël te brengen op een manier waarop Iran dat zelf niet kon.’ 

    De as van verzet is ontstaan uit de zoektocht van Iran om na de Islamitische Revolutie van 1979 zijn militaire en ideologische invloed in het Midden-Oosten uit te breiden. Het door Iran opgebouwde netwerk van extremistische militante groeperingen heeft door de jaren heen gebruikgemaakt van zwakke staten en instabiliteit om militaire en vaak ook politieke macht te verwerven. De alliantie, van Irak, Syrië en Jemen tot Libanon en de Palestijnse gebieden, gaf Iran relatieve bewegingsvrijheid van Teheran tot aan de Middellandse en de Rode Zee. 

    Vergelding VS

    Als reactie op de drone-aanval van een door Iran gesteunde militie op 28 januari in Jordanië, waarbij drie Amerikaanse militairen omkwamen, hebben de VS op 2 februari bombardementen uitgevoerd in Irak en Syrië. Daarbij zijn meer dan 85 doelen geraakt op 7 locaties die werden gebruikt door Iraanse troepen en door Iran gesteunde milities.

    Het zou gaan om commando- en controleoperaties, inlichtingencentra, wapenfaciliteiten en bunkers die worden gebruikt door de Iraanse Revolutionaire Garde en aanverwante milities. Er zijn naast militairen en strijders ook burgers omgekomen.

    Na de aanval van 28 januari zijn er geen Amerikaanse militairen meer omgekomen bij het conflict in het Midden-Oosten.

    In 1982 begon de Quds-brigade, een tak van de Iraanse Revolutionaire Garde, tijdens de chaos van de Libanese burgeroorlog betrekkingen aan te knopen met jonge Libanese militanten, die werden getraind en bewapend om Israëlische soldaten lastig te vallen en guerrillaoorlogen te voeren. De militie die daaruit ontstond, Hezbollah, werd de machtigste bondgenoot van Iran; ze trainde Palestijnse groepen, waaronder Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad, terwijl Iran financiële hulp en wapens naar hen doorsluisde. 

    Qassem Soleimani, een charismatische Iraanse commandant, nam eind jaren negentig de Quds-brigade over. Hij sluisde geld, wapens en militaire adviseurs door naar een reeks sjiitische milities in Irak, nadat de VS dat land in 2003 waren binnengevallen. De milities doodden volgens het Amerikaanse ministerie van Justitie meer dan zeshonderd Amerikaanse soldaten. Soleimani werd in de hele regio bekend als het brein achter de Iraanse schaduwoorlogen. 

    Eigen agenda

    Irans bondgenoten waren weliswaar afhankelijk van Teheran, maar hadden allemaal hun eigen agenda, die de as van Soleimani soms uit zijn voegen deed barsten. Jemenitische Houthi-rebellen namen de hoofdstad Sana’a in, tegen Iraans advies. De Iraakse militieleider Qais al-Khazali sloeg Iraanse bevelen om de Amerikaanse troepen niet aan te vallen in de wind met de woorden ‘de Amerikanen bezetten ons land, niet dat van jullie’. Toen Hezbollah een van de grootste politieke partijen van Libanon werd, werd het gedwongen de eisen van de Libanese kiezers in evenwicht te brengen met de plannen van Soleimani voor de milities in het buitenland. 

    Tijdens de burgeroorlog in Syrië zette Soleimani Hezbollah in, samen met milities van Irakezen, Afghanen en anderen, om een opstand tegen president Bashar al-Assad te helpen verslaan. Dat bracht Soleimani’s strijdkrachten in conflict met Hamas, dat de voornamelijk soennitische opstanden van de Arabische Lente steunde. Hamas trainde Syrische rebellen in guerrilla-oorlogstactieken en veel van haar leden verdwenen in de gevangenissen van Assad. 

    Onder Qaani begon Iran steeds meer het idee te promoten van een verenigd front met zijn militiebondgenoten

    Nadat Yahya Sinwar, een hooggeplaatste Hamas-functionaris, in 2017 het roer had overgenomen in Gaza, na te zijn vrijgelaten uit de Israëlische gevangenis tijdens een gevangenenruil in 2011, werden de verschillen gladgestreken. Begin 2020 werd Soleimani gedood bij een Amerikaanse droneaanval in de buurt van de internationale luchthaven van Bagdad. De VS en Israël hoopten dat de dood van Soleimani, die een bijna mythische status had verworven onder zijn volgelingen, de regionale macht van de Quds-brigade zou inperken. Dat gebeurde niet. Soleimani’s opvolger en jarenlange plaatsvervanger Esmail Qaani was minder bekend bij het publiek, maar hij nam al snel de rol over. ‘De Quds-brigade is een onderneming, en hij is de CEO. Uiteindelijk is hij degene die hun salarissen betaalt,’ zegt Afshon Ostovar.

    ANP 481356327
    Palestijnse vlaggen naast logo’s van Hamas en Hezbollah op het ‘Palestinaplein’ in Teheran. – © ANP

    Onder Qaani begon Iran steeds meer het idee te promoten van een verenigd front met zijn militiebondgenoten. Ook de Palestijnse groepen kwamen intern meer op één lijn te staan. Onder leiding van Hamas begonnen zo’n twaalf Palestijnse groeperingen oorlogsoefeningen te houden, die gepubliceerd werden op een kanaal op de berichtenapp Telegram. De Israëlische inlichtingendienst merkte de oefeningen op, maar nam ze niet serieus, zeggen huidige en voormalige Israëlische veiligheidsfunctionarissen. 

    In mei 2021 bestormden Israëlische politietroepen het terrein van de Al-Aqsamoskee in Jeruzalem, waarbij ze traangas en stungranaten afvuurden na confrontaties met Palestijnen die protesteerden tegen de uitzetting van bewoners in het oostelijke deel van de stad. De brand bij de moskee, die voor zowel sjiitische als soennitische moslims een centrale plaats inneemt, leidde tot een brede regionale veroordeling van Israël. 

    Eind 2021 ontmoetten Hamas-functionarissen Hezbollah-leider Nasrallah en zijn plaatsvervanger Naim Qassem in Beiroet om te bespreken hoe ze wraak zouden kunnen nemen op Israël, zeggen de twee functionarissen van Hamas en de twee van Hezbollah. Iraanse veiligheidsfunctionarissen namen volgens hen niet deel aan de bijeenkomst. 

    Diplomatieke herschikking

    In de zomer van 2022 kwamen functionarissen van Hamas, de Quds-brigade en Hezbollah regelmatig bijeen om scenario’s op te stellen voor een aanval op Israël, onder meer vanuit Gaza, Zuid-Libanon en Syrië. Dat laatste scenario werd al snel uitgesloten, volgens de twee Hamas- en twee Hezbollah-functionarissen. Een vierde optie omvatte volgens hen een gelijktijdige infiltratie vanuit Zuid-Libanon, Gaza en de Westelijke Jordaanoever. Volgens een andere hoge Hamas-functionaris werden er algemene plannen voor een actie tegen Israël besproken, maar er werd geen tijdschema afgesproken voor een aanval. 

    Hezbollah was een centrale rol gaan spelen in de coördinatie van de activiteiten binnen de alliantie, vooral sinds de moord op Soleimani. Het hielp de Iraanse Revolutionaire Garde bij het trainen van milities om Islamitische Staat te bestrijden in Irak en Syrië, waar militaire bases doorgaans op de ene verdieping Iraniërs huisvesten en op de andere Hezbollah-strijders, aldus een veiligheidsinsider van Hezbollah. Het stelde Palestijnse militanten ook in staat om Israël te beschieten vanaf door Hezbollah gecontroleerd grondgebied in het zuiden van Libanon. 

    Toch bleef Israël ervan overtuigd dat de echte dreiging aan zijn noordgrens lag

    Iran maakte zich afgelopen jaar steeds meer zorgen over een bredere diplomatieke herschikking in het Midden-Oosten, nadat Israël in 2020 al een belangrijke overeenkomst had ondertekend met de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein, bekend als de Abraham-akkoorden, om de diplomatieke betrekkingen te normaliseren. De overeenkomst was bedoeld om de regionale machtsdynamiek te herstellen en Teheran buitenspel te zetten. Er werd nu gewerkt aan een nog grotere overeenkomst tussen Israël en Saoedi-Arabië, in wat het meest gedenkwaardige vredesakkoord voor het Midden-Oosten in jaren zou worden. 

    Tegen september begonnen de Israëlische inlichtingendiensten een toename in vijandigheid te bespeuren van Palestijnse militanten, waaronder Hamas, dat een video plaatste met een oefening voor een commando-operatie met onder meer een amfibische aanval met duikers. Het bouwde zelfs een replica van een Israëlische kibboets en bestormde die tijdens trainingen in het volle zicht van Israëlische veiligheidstroepen – een scenario dat griezelig veel leek op wat er op 7 oktober zou gebeuren. Toch bleef Israël ervan overtuigd dat de echte dreiging aan zijn noordgrens lag. In een toespraak op 3 oktober waarschuwde Khamenei, de opperste leider van Iran, Arabische regeringen die proberen de banden met Israël aan te halen dat ze verkeerd bezig waren. Op een islamitische eenheidsconferentie in Teheran zei hij dat ‘verzetskrachten uit de hele regio’ Israël zouden uitroeien: ‘Hun wacht een nederlaag.’ 

    In de vroege ochtend van 7 oktober regende er in een tijdsbestek van ongeveer twintig minuten een spervuur van ruim drieduizend raketten over Israël. Bijna drieduizend Palestijnse militanten, overwegend leden van Hamas, doorbraken vanuit Gaza op pick-uptrucks, motoren en in paragliders de grens. Zwaar bewapend en in zwarte uniformen drongen ze kibboetsen in het zuiden van Israël binnen en schoten ongewapende burgers neer, terwijl ze de gruweldaden vastlegden met bodycams. Ze staken Israëlische militaire voertuigen in brand en hielden auto’s aan op snelwegen, waarna ze de inzittenden executeerden. Op een muziekfestival in de buurt van Re’em richtten militanten een bloedbad aan en doodden minstens 360 bezoekers. Toen ze vertrokken, namen de leden van Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad meer dan tweehonderd gijzelaars mee naar Gaza. Het was de ernstigste schending van de Israëlische grenzen sinds de Jom Kippoeroorlog van 1973. 

    De omvang en de schaal van de aanval riepen bij regeringen over de hele wereld de vraag op hoe Hamas erin was geslaagd om door de verdediging van een van de machtigste legers van het Midden-Oosten te breken, hoewel het al bijna twee decennia zucht onder een strenge blokkade. 

    Buitengewone actie

    ‘Iedereen was zich bewust van de noodzaak een buitengewone actie uit te voeren,’ zei Husam Badran, een hooggeplaatst lid van de politieke vleugel van Hamas in Doha, in een interview. Maar ‘de details van de militaire operatie werden overgelaten aan de Qassam Brigades’, zei hij, verwijzend naar de militaire vleugel. 

    Sommige partijen in de alliantie hebben er belang bij om de oorlog uit te breiden door Iran erbij te betrekken, terwijl anderen, waaronder Iran zelf, verdere escalatie willen voorkomen. Door de gefragmenteerde aard van het contact tussen de leden van de alliantie hebben zelfs hoge functionarissen niet altijd een volledig beeld van de gebeurtenissen. 

    Hoewel Iran de aanval van 7 oktober aanvankelijk begroette als een enorme overwinning voor zijn as van verzet, distantieerden de leiders van het land zich al snel van elke suggestie dat ze erbij betrokken zouden zijn. Ook andere bondgenoten ontkenden voorkennis te hebben gehad. Hezbollah-chef Nasrallah was woedend over het nieuws van de aanslag, aldus een westerse functionaris die contact heeft met hooggeplaatste Hezbollah-figuren. Na bijna een maand te hebben gezwegen hield Nasrallah een toespraak waarin hij benadrukte dat Hezbollah niet had meegedaan. Hij zei dat de tijd nog niet rijp was voor een totale oorlog van Hezbollah tegen Israël, maar waarschuwde dat dat wel zou kunnen veranderen. 

    Ze raakten bevolkte gebieden, waarmee ze Israël dwongen om steden te evacueren en tienduizenden mensen uit het grensgebied ontheemd raakten

    Commandant Qaani van de Quds-brigade pendelde tussen Iran, Syrië en Libanon om te voorkomen dat de acties van Iraanse bondgenoten uit de hand zouden lopen, vertellen een westerse veiligheidsfunctionaris, een hoge Libanese functionaris en de adviseur van de Revolutionaire Garde. Vanuit Libanon beschoten Palestijnse groepen en Hezbollah het noorden van Israël met raketten en handvuurwapens. Ze raakten bevolkte gebieden, waarmee ze Israël dwongen om steden te evacueren en tienduizenden mensen uit het grensgebied ontheemd raakten. 

    In een zeldzame actie tegen Israël vuurden de Houthi’s in Jemen raketten af op de Zuid-Israëlische stad Eilat en vielen ze aan Israël gelinkte schepen aan in de Rode Zee. In de afgelopen weken hebben de Houthi’s nieuwe aanvallen uitgevoerd op commerciële schepen rond Jemen. De VS en het Verenigd Koninkrijk hebben gereageerd met luchtaanvallen op Houthi-bases in Jemen. De regering-Biden zei dat ze de Houthi’s opnieuw zou aanmerken als een terroristische organisatie, na jarenlange afwezigheid op de terreurlijst. 

    Deze acties over en weer hebben wereldwijd markten door elkaar geschud en internationale scheepvaartroutes overhoop gehaald, en hebben de regering-Biden betrokken bij een breder conflict dat de spanningen in de regio dreigt te vergroten. Toch zijn de schermutselingen niet uitgelopen op een directe confrontatie tussen Iran en de VS en is een grote regionale oorlog op het nippertje voorkomen. 

    Laag pitje

    Analisten zeggen dat de aanval van Hamas inging tegen de manier waarop Iran al vier decennia lang het conflict met zijn vijanden op een laag pitje houdt, om een vergelding te voorkomen die de Islamitische Republiek ten val zou kunnen brengen. ‘Iran heeft zo lang overleefd, in tegenstelling tot Saddam Hoessein en andere autoritaire regimes, omdat het land het machtsevenwicht in de regio begrijpt,’ aldus Hage Ali van denktank Carnegie in Beiroet. Hij noemde de strategie van Iran er een van ‘langdurige uitputting’. 

    Toen de politiek leider van Hamas, Ismail Haniyeh, en zijn plaatsvervanger Saleh al-Arouri in november naar Teheran reisden voor een ontmoeting met Khamenei, werd hun verteld dat Iran Hamas steunde, maar geen rol speelde in de verrassingsaanval van de militanten op Israël, zo meldden Iraanse staatsmedia. Haniyeh en Arouri verlieten de ontmoeting teleurgesteld, maar gaven Iran een lijst met wapens, waaronder antitankraketten en draagbare luchtdoelraketten, die ze nodig zouden kunnen hebben als de oorlog langer dan zes maanden zou duren, aldus Hamas-functionarissen. 

    Kort na dit bezoek vond volgens hoge Hamas- en Hezbollah-functionarissen een grotere bijeenkomst van Iraanse bondgenoten plaats in Teheran. Onder de aanwezigen bevonden zich Haniyeh en Arouri, evenals Quds-brigadecommandant Qaani, de hooggeplaatste Hezbollah-functionaris Hashem Safi al-Din, Houthi-ambassadeur in Teheran Ibrahim al-Dulaimi en de leider van de Palestijnse Islamitische Jihad, Ziyad al-Nakhalah. Tijdens de vergadering deelde Khamenei de groep mee dat hij zich bewust was van de groeiende ontevredenheid over de toespraak waarin Nasrallah had gezegd dat de tijd niet rijp was voor een breder conflict, aldus de functionarissen van Hamas en Hezbollah. Volgens hen verdedigde Khamenei de strategie om een totale oorlog te vermijden door te zeggen dat hij de aandacht niet wilde afleiden van de Palestijnse strijd, die volgens hem in het voordeel van Hamas zou zijn, ondanks de aanhoudende verliezen in Gaza.

    Iran had zijn as van verzet opgebouwd om zijn eigen voortbestaan te garanderen, niet dat van Hamas. Hoewel de Palestijnse groep een belangrijke bondgenoot is, zou Iran de vernietiging van zijn sterkste partner, Hezbollah, niet riskeren om Hamas te redden, stelt Emile Hokayem, een expert op het gebied van veiligheid en non-gouvernementele actoren in het Midden-Oosten bij het International Institute for Strategic Studies. ‘Ze gaan Hezbollah niet inzetten in een oorlog die de Iraniërs niet als existentieel zien,’ luidde zijn commentaar. 

    Dov Lieber, Max Colchester, Adam Chamseddine en Fatima Abdul Karim hebben bijgedragen aan dit artikel. 

  • Iran, niet Trump, hielp de nucleaire deal om zeep

    Iran, niet Trump, hielp de nucleaire deal om zeep

    Door te volharden in haar antiwesterse beleid liet de Islamitische Republiek de Amerikaanse president weinig keus, betoogt het conservatieve Britse dagblad The Daily Telegraph.

    Keuze uit het archief

    Een week geleden pleegde Israël een aanval op meerdere nucleaire faciliteiten in Iran en ontketende zo een nieuw conflict in het Midden-Oosten. Volgens Israël was Iran nu heel dicht bij de productie van een atoombom, wat een grote bedreiging zou zijn voor Israël en het hele Midden-Oosten. De geplande onderhandelingen over een nucleaire deal tussen de VS en Iran werden geannuleerd.
    Volgens dit artikel van The Daily Telegraph uit 2018 getuigt het van naïviteit om te denken dat Iran met onderhandelingen op andere gedachten kan worden gebracht. Het Iran van de ayatollahs heeft duidelijk genoeg laten zien waar het op uit is: islamitische heerschappij over het Midden-Oosten. Dat probeert het land te bereiken door militaire milities te steunen die het op Israël hebben gemunt.

    Ongetwijfeld de meest veelzeggende opmerking tijdens de crisis over de Iraanse nucleaire ambities kwam van de president van dat land, Hassan Rouhani. Hij beweerde dat Teheran constructieve betrekkingen wenste met de rest van de wereld. Was het maar waar.

    Toen de voormalige president van de VS, Barack Obama, drie jaar geleden zoveel persoonlijk politiek kapitaal investeerde in een nucleair akkoord, werd verondersteld dat Iran met de ondertekening hiervan inderdaad 
constructieve relaties voor ogen had.

    In plaats van te volharden in het agressieve, antiwesterse beleid dat het handelsmerk van de Islamitische Republiek is geweest sinds de revolutie van 1979, kon Teheran dankzij deze deal van koers veranderen, en zich positiever opstellen tegenover de buitenwereld. Obama geloofde daar beslist in, wat misschien verklaart waarom hij 
de Iraniërs zo’n mooie overeenkomst gunde, een die tientallen jaren van bedrog over de Iraanse nucleaire activiteiten wat al te gemakkelijk toedekte.

    Hij geloofde de Iraanse onderhandelaars onder leiding van minister van Buitenlandse Zaken Javad Zarif op hun woord toen die stelden dat het akkoord de basis kon leggen voor een nauwere betrokkenheid tussen beide landen, waardoor er een einde zou kunnen komen aan meer dan dertig jaar wederzijds vijandschap.

    Alleen al het idee van een Iraanse behoefte aan constructieve dialoog doet inmiddels lachwekkend aan

    Het tegendeel is gebeurd. De Iraniërs intensiveerden hun vijandschap jegens het Westen en zijn bondgenoten, en wel in zo hevige mate dat het idee alleen al van een Iraanse behoefte aan constructieve dialoog inmiddels lachwekkend aandoet.

    Als Rouhani werkelijk belang had gesteld in betere relaties, zou hij nooit hebben ingestemd met de vijandige bejegening door Iraanse oorlogsschepen van de 5de Vloot van de VS terwijl deze bezig was met normale patrouilletaken in de Golf. Hij zou zijn gestopt met het steunen van de Houthi-rebellen in Jemen, die medeschuldig zijn aan een humanitaire ramp omdat zij een democratisch gekozen regering omver wilden werpen.

    Bovendien zou Rouhani paal en perk hebben gesteld aan de massale wapenopbouw van de Revolutionaire Garde van Iran in Syrië en Libanon, waardoor er nu tienduizenden raketten staan die alle grote steden van Israël kunnen treffen.

    Iraans protest tegen de Amerikaanse ambassade in Jeruzalem.  – © Getty
    Iraans protest tegen de Amerikaanse ambassade in Jeruzalem. – © Getty

    Dit zijn geen acties van een land dat constructieve relaties met de buitenwereld beoogt. Ze tonen juist ondubbelzinnig aan dat Iran nog altijd een agressieve politiek nastreeft, een politiek die dienstig blijft aan het fundamentele streven van de ayatollahs om de onverzoenlijke beginselen van de Iraanse revolutie in de hele islamitische wereld te verspreiden.

    Het is deze agressieve houding van de Iraanse heersende elite die heeft geleid tot de recente diplomatieke confrontatie tussen Washington en Teheran, precies zoals Trump in zijn toespraak uiteenzette.

    Hoe kunnen Washington en de andere ondertekenaars van het Joint Comprehensive Plan of Action – zoals de overeenkomst officieel heet – enig vertrouwen hebben in de Iraniërs wanneer hun optreden doordesemd is van kwade bedoelingen? Een confrontatie tussen Washington en Iran zat er hoe dan ook aan te komen, of Trump de nucleaire overeenkomst nu wel of niet intact had gelaten.

    Met name de militaire opbouw van Iran in het zuiden van Libanon en Syrië heeft Teheran op ramkoers gebracht met Israël.

    Oorlogswolken

    Inlichtingenexperts schatten de kans op een rechtstreekse militaire confrontatie tussen de Joodse staat en de ayatollahs, deze zomer, op fiftyfifty.

    Naar verluidt wilde Obama vooral over het Iraanse nucleaire programma onderhandelen om de kans op oorlog tussen Iran en Israël te verkleinen. En toch tekenen de oorlogswolken zich drie jaar later onheilspellender af dan ooit: Israël maakt zich klaar om zijn grenzen te verdedigen, louter vanwege de provocerende acties die Iran heeft ondernomen sinds het nucleaire akkoord is gesloten.

    Gezien de hechte band tussen Trump en de Israëlische premier Netanyahu weet Israël zich bovendien verzekerd van de steun van Washington als het verwikkeld raakt in een directe militaire confrontatie met Iran. Ik betwijfel of Obama met dit scenario rekening had gehouden, maar zijn regering ontbeerde dan ook ieder inzicht in de hardnekkigheid van Teherans streven om zijn invloed tot ver voorbij de Iraanse landsgrenzen uit te breiden.

    De wens van Iran om een machtsbasis te vestigen in delen van de Arabische wereld werd onlangs weerspiegeld in de forse verkiezingswinst van Hezbollah, de door Iran gesteunde militie in 
Libanon. Teheran hoopte hetzelfde te bewerkstelligen in de Iraakse stembusstrijd, eerder deze maand. Het steunde Hadi al-Amiri, de sjiitische militieleider die jaren in ballingschap in Iran leefde. Het pakte anders uit: het blok van de geestelijke Moqtada al-Sadr, die zich verzet tegen zowel Amerikaanse als Iraanse inmenging, won de verkiezingen. Iran heeft voorafgaand aan de Iraakse verkiezingen echter publiekelijk laten weten in geen geval te zullen toestaan dat de alliantie van Al-Sadr gaat regeren.

    De bewering van Rouhani dat Iran een constructievere relatie met de buitenwereld wil, kan als hol worden afgedaan. Te oordelen naar het recente gedrag van Teheran in het Midden-Oosten is regionale overheersing de werkelijke intentie van de ayatollahs. Als dat echt zo is, dan heeft het geen enkele zin om hen met wat voor overeenkomst dan ook ter wille te zijn, of die nu over nucleaire zaken gaat of over iets anders.

  • Oplossing conflict Jemen nog ver weg

    Oplossing conflict Jemen nog ver weg

    Eind januari veroverden rebellen van de Zuidelijke Overgangsraad de havenstad Aden op het 
regeringsleger. Reden voor de Amerikaanse site 
The Hill om de belangrijkste spelers en oorzaken 
van het conflict nog eens op een rij te zetten.

    Als Washington Jemen ter 
sprake brengt gaat het meestal over toenemende hongersnood, die ten minste voor een deel is te wijten aan onnauwkeurige Saoedische bombardementen op pro-Iraanse Houthi’s. Het werkelijke, verborgen verhaal betreft de beschamende 
Saoedische militaire incompetentie en het reële gevaar dat het conflict zich uitbreidt, met Iran als lachende derde.

    Sinds de oorlog in maart 2015 begon, heeft de door Saoedi-Arabië en de
 Verenigde Arabische Emiraten (VAE) geleide alliantie geprobeerd de internationaal erkende regering van 
president Abd-Rabbu Mansour Hadi, die in ballingschap in Riyad leeft, weer in het zadel te helpen. Geholpen door Colombiaanse huurlingen veroverden VAE-troepen in snel tempo de zuidelijke havenstad Aden. De Houthi’s wisten echter de controle over de hoofdstad Sanaa te behouden. Ze deden dat samen met troepen die loyaal waren aan ex-president Ali Abdullah Saleh. De Houthi’s komen uit de streek rond de noordelijke stad Sanaa. Het gebied dat ze nu beheersen beslaat weliswaar slechts 20 procent van Jemens oppervlak, maar 80 procent van de 28 miljoen inwoners woont er.

    Langs de noordgrens van Jemen wisten de Saoedische strijdkrachten alleen een stukje nabij de Rode Zee te veroveren. De militaire realiteit is in feite omgekeerd: de Houthi’s beheersen een kilometersdiepe strook Saoedisch land, ten oosten van de stad Jizan en verder oostwaarts in de richting van Najran. Het gaat om zo’n 150 vierkante kilometer, mogelijk meer. Of het land daadwerkelijk ‘bezet’ kan worden genoemd is niet helemaal duidelijk: af en toe weet het Saoedische leger erin door te dringen, maar in ieder geval gebruiken de Houthi’s het gebied als basis voor aanvallen op Saoedische militaire 
posities en grenssteden.

    Een man loopt langs een door Saoedische bommen verwoeste gevangenis in de stad Sanaa, in december 2017. © Hollandse Hoogte
    Een man loopt langs een door Saoedische bommen verwoeste gevangenis in de stad Sanaa, in december 2017. © Hollandse Hoogte

    De wijze waarop diplomaten lucht geven aan hun mening over de prestaties van het Saoedische leger zijn, tja, niet erg diplomatiek. Adjectieven als ‘slecht’, ‘afschuwelijk’ en ‘ontstellend’ zijn niet van de lucht en hebben zowel betrekking op het leger in het algemeen als op de speciale strijdkrachten en de luchtmacht. Ergerniswekkend, zo beoordelen de westerse bondgenoten van Saoedi-Arabië, de Verenigde Staten inbegrepen, de situatie op het slagveld, en ze willen de patstelling doorbreken.

    Een gelegenheid daartoe scheen zich in december voor te doen, toen de 
alliantie van Houthi’s en Saleh uit elkaar viel en Saleh een paar dagen later werd gedood in een hinderlaag. 
Er waren echter ook allerlei andere verwikkelingen. Saoedi-Arabië en de VAE lijken anders te denken over het nut om president Hadi te blijven 
steunen. Onlangs vormden Zuid-
Jemenitische activisten in Aden een ‘Zuidelijke Overgangsraad’, die zwoer de regering-Hadi omver te werpen. 
Het initiatief genoot op zijn minst de impliciete steun van de VAE, maar een Saoedische functionaris noemde het meteen ‘onaanvaardbaar’.

    De rol van Iran is onopvallend maar significant. In Teheran lijkt er iemand aan de knoppen te zitten die de spanning weet op te voeren zonder een directe Saoedisch-Iraanse confrontatie uit te lokken. Er zijn raketten ingezet tegen Amerikaanse marineschepen 
in de strategische waterweg Bab al Mandab, die de Indische Oceaan met de Rode Zee verbindt; een Saoedisch fregat werd zwaar beschadigd door een dronespeedboot. Beide acties zijn aan Iran toe te schrijven.

    Het werkelijke verhaal betreft de beschamende Saoedische militaire incompetentie

    In november kwam een Jemenitische raket, waarvan het bereik door Iraanse ingenieurs was vergroot, neer bij het belangrijkste vliegveld van Riyad, op ruim 800 km van Houthi-grondgebied; de maand daarop werd een andere raket afgevuurd op een koninklijk paleis in de Saoedische hoofdstad. Eveneens in december zouden de Houthi’s naar eigen zeggen een 
raket hebben afgeschoten op een kerncentrale in aanbouw nabij Abu Dhabi, de hoofdstad van de VAE. VAE-functionarissen lachten dit bericht weg. 
Westerse collega’s namen het daarentegen wél serieus en zeiden dat de Houthi’s aardig op weg waren een reële bedreiging te vormen voor de VAE.

    Een ogenschijnlijk zijdelingse, maar in werkelijkheid centrale speler is Oman, dat zowel aan Saoedi-Arabië en de VAE als aan Jemen grenst. Het is aannemelijk dat dit land als doorvoerroute dient voor Iraanse militaire technologie, bestemd voor Houthi-troepen. Het is tevens zeer wel mogelijk dat de zieke sultan Qaboes van Oman dit opzettelijk toelaat. De 77-jarige vorst stoort zich naar verluidt aan wat hij beschouwt als een dwaze interventie van Saoedi-Arabië en de Emiraten in Jemen. Riyad en Abu Dhabi zien op hun beurt de hulp die de sultan in de jaren zeventig van Perzische troepen kreeg om rebellen te verslaan, als een precedent van Teherans onwelkome bemoeienissen op het Arabische schiereiland.

    De aan kanker lijdende sultan Qaboes, die volgens ten minste één inlichtingendienst 2019 niet zal halen, is waarschijnlijk ook ontstemd over de recente aflevering van Saoedische militaire voertuigen in de Jemenitische haven van Nishtun. Dit zou een opmaat kunnen vormen tot uitvoering van het al lang sluimerende Saoedische voornemen een corridor te creëren tussen Jemen en Oman, om zo directe toegang te verkrijgen tot de Indische Oceaan. 
In het verleden zorgde Oman voor informele diplomatieke contacten tussen de Houthi’s en Riyad, een functie die zou moeten worden gereactiveerd.

    Vermoorde onschuld

    Ondertussen blijft Iran de vermoorde onschuld spelen. In de Financial Times van 22 januari pleitte de Iraanse 
minister van Buitenlandse Zaken Mohammad Javad Zarif ervoor een forum op te zetten voor regionale 
dialoog in de Perzische Golf. ‘Onze 
uitnodiging tot dialoog bestaat al jaren en blijft openstaan. We kijken uit naar de dag dat onze buren deze aanvaarden en hun bondgenoten – in Europa en elders in het westen – hen daarin 
aanmoedigen.’

    Vrijwel zeker onbedoeld zullen deze woorden Washington in staat stellen Riyad over te halen te luisteren naar Amerikaans advies over Jemen.

    Auteur: Simon Henderson
    Vertaler: Carl Stellweg

    The Hill
    VS | oplage 24.000

    Krant over (overwegend 
binnenlandse) politiek, beleid en economie, 
uitgegeven door Capitol Hill.

  • 1. Wie wil er oorlog en waarom?

    1. Wie wil er oorlog en waarom?

    De hoofdrolspelers.

    Er doen steeds meer geruchten de ronde over een ophanden zijnde oorlog tussen de coalitie onder leiding van Iran en een onwaarschijnlijk Israëlisch-Saoedisch bondgenootschap, maar een scenario daarvoor is moeilijk voorstelbaar. Hoewel de twee graag met hun tegenstander zouden willen afrekenen, heeft geen van beide er voorlopig belang bij een militaire confrontatie aan te gaan. Een rondgang langs de partijen die graag een goede oorlog zouden willen… maar dan wel bij volmacht.

    IRAN

    Sinds zes jaar investeert de Iraanse Revolutionaire Garde (IRG) in Teheran zwaar in Syrië om het regime van Assad te steunen. Deze steun kent diverse vormen: het sturen van ‘militaire adviseurs’ van de Sepah-e Qods, een speciale afdeling van de IRG, het inzetten van enkele duizenden (Libanese) Hezbollahstrijders, het aanvliegen van nieuwe wapens naar de luchthaven van Damascus, het werven door sjiitische milities van duizenden burgers (voornamelijk Afghaanse vluchtelingen) en het verstrekken van kredieten ter hoogte van 1 miljard dollar om de solvabiliteit van de clan van Assad te garanderen. Toch is dat alles onvoldoende gebleken voor een definitieve overwinning van het Syrische regime, dat daardoor slechts in het zadel werd gehouden totdat in september 2015 de Russen tussenbeide kwamen. Nu het voortbestaan van Assad verzekerd is, heeft Iran van de situatie gebruikgemaakt door zeer belangrijke strategische mijnconcessies in Syrië te bedingen en het recht om er een luchtmachtbasis en een militaire haven in de Middellandse Zee te bouwen.

    ISRAËL

    Bedient zich afwisselend van diplomatieke druk en militaire dreigementen om Teheran ervan te weerhouden een permanent bastion in Syrië te vestigen. Dit Israëlische beleid lijkt in te spelen op een interne strijd binnen het Iraanse regime, waar sommige facties van mening zijn dat de miljardeninvesteringen in de Syrische infrastructuur een beletsel zijn voor het economisch herstel van Iran zelf. Voorlopig heeft Teheran er geen enkel belang bij om in Syrië of Libanon een oorlog te ontketenen tussen zijn plaatselijke bondgenoten en Israël. Iran zou de confrontatie met Israël liever op een ‘gemakkelijker’ terrein willen aangaan: de zuidgrens tussen Israël en de Gazastrook. Een delegatie van Hamas (dat nog steeds Gaza bestuurt) was onlangs op bezoek in Teheran, en een tweede bezoek is binnenkort voorzien.

    De relatie tussen Hamas en Iran is bekoeld aan het begin van de Syrische oorlog, toen Iran het Syrische regime hielp honderdduizenden soennieten 
af te slachten, onder wie de Moslimbroeders, die bondgenoten waren van Hamas. Op het hoogtepunt van de 
burgeroorlog had Iran zijn steun aan de tegenstander van Hamas, de Palestijnse Islamitische Jihad (PIJ), zelfs opgevoerd. Maar nadien is de relatie verbeterd en zou Iran het oogluikend toelaten als Hamas en de PIJ hun krachten zouden bundelen om incidenten aan de Israëlische grens uit te lokken en de Israëlische aandacht af te leiden van het Syrische strijdtoneel.

    DE GAZASTROOK

    Ondanks de Iraanse bemoeienis kent de Gazastrook zijn eigen problemen, en hoewel Hamas dolblij is dat zijn relatie met Teheran is hersteld, liggen zijn belangen momenteel in Caïro, waar afgelopen oktober een verzoeningsakkoord is getekend met Al-Fatah en de Palestijnse Autoriteit. Egypte wil dat Hamas de orde in Gaza bewaart en dat de strook geen logistieke vrijplaats wordt voor IS-strijders in de Sinaï. Als er al twijfel bestond, met name in Israël, over de vraag of de onderlinge Palestijnse verzoening het zoveelste fiasco zou zijn, dan is die definitief weggenomen toen Israël op 30 oktober een tunnel van de PIJ verwoestte waarbij veertien PIJ– en Hamasstrijders omkwamen. In andere tijden zou zo’n operatie onmiddellijk tot Palestijnse represailles hebben geleid, maar die zijn ditmaal uitgebleven. Sterker nog, Hamas heeft de PIJ gedwongen de officieuze wapenstilstand te respecteren die in de zomer van 2014 met Israël overeen was gekomen.

    HAMAS

    De islamitische verzetsbeweging Hamas die al sinds juni 2007 aan de macht is in Gaza, heeft zich zeker niet bekeerd tot het zionisme. Maar de permanente blokkade door Israël van de Gazastrook en de verslechterde economische situatie hebben de nieuwe ‘premier’ van Hamas, Yahya Sinwar, tot de pijnlijke conclusie gebracht dat er zo snel mogelijk een akkoord moet worden gesloten met buurland Egypte en de Palestijnse Autoriteit. Zo niet, dan zal de situatie in de Gazastrook volledig uit de hand lopen. Sinwar is een politieke havik die lange jaren in Israëlische gevangenissen heeft doorgebracht, maar hij is ook afkomstig uit Gaza en kent de politieke spelletjes maar al te goed. En de Hamasdelegatie die naar Teheran is gestuurd legt in Gaza geen enkel gewicht in de schaal.

    EGYPTE

    Het is nog niet zo lang geleden dat Egypte als de meest vastberaden Arabische partner werd beschouwd in de regionale coalitie die tegen Iran in het leven was geroepen. Maar door zijn zwakke politieke en economische positie heeft het land zich gedwongen gezien pas op de plaats te maken en zich te concentreren op het elimineren van IS in de Sinaï, waar enkele honderden jihadisten dagelijks een veel zwaarder bewapende Egyptische strijdmacht uitdagen. Paradoxaal genoeg is Egypte waarschijnlijk het land dat het meest te vrezen heeft van de eliminering van de bastions van Islamitische Staat in Irak en Syrië. De ontsnapte IS-strijders zijn bezig zich in het naburige Libië te vestigen en de terroristische beweging is er waarschijnlijk op uit haar bastions in de Sinaï te versterken. Daarom heeft Egypte afstand gedaan van zijn historische missie als leider van het soennitisch-Arabische front en de fakkel overgedragen aan Saoedi-Arabië.

    SAOEDI-ARABIË

    De gebeurtenissen van de afgelopen tijd in Riyad hebben zelfs de best geïnformeerde waarnemers verrast: grootscheepse arrestatie van hooggeplaatste Saoediërs, met inbegrip van prinsen, op verdenking van corruptie; de benoeming op sleutelposities van vertrouwelingen van prins Mohamad bin Salman, alias MBS; een raadselachtig helikopterongeluk waarbij een prins om het leven kwam; het onder druk zetten van vrienden van de Saoediërs, zoals de Libanese premier Saad Hariri (die in Riyad onmiddellijk zijn aftreden bekendmaakte) en Mahmoud Abbas, de president van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) et cetera. Deskundigen kunnen alleen maar gissen naar de werkelijke motieven van MBS, die vermoedelijk ambitieuzer zijn dan de wens om zijn greep op het Saoedische koninkrijk te consolideren.

    Een van de theorieën over het aftreden van Hariri is dat hij bevel zou hebben gekregen naar Riyad te vluchten, zodat hij niet betrokken zou raken bij een ophanden zijnde, door Saoedi-Arabië gesteunde operatie van Israël tegen Libanon, oftewel een Israëlische aanval op Hezbollah. Het feit dat Hezbollah van een poging tot moord op Hariri is beschuldigd versterkt deze theorie alleen maar. De Saoediërs zouden ongetwijfeld dolblij zijn om hun Iraanse vijanden afgestraft te zien, en vanuit dat oogpunt zou Hezbollah een uitgelezen doel zijn. Maar het geval wil dat Riyad niet zelf een oorlog tegen Teheran kan beginnen. Tweeënhalf jaar geleden zijn de Saoediërs verwikkeld geraakt in een oorlog tegen de door Iran gesteunde Houthi’s in Jemen. Dat werd zo’n fiasco dat de laatsten er begin november in zijn geslaagd een raket af te vuren op de internationale luchthaven van Riyad. Het is dus moeilijk voorstelbaar dat de Saoediërs zich aan een offensief in het Golfgebied wagen tegen een veel sterker en krijgsvaardiger Iran. Vooral op het moment dat MBS zijn handen vol heeft aan binnenlandse politieke uitdagingen.

    HEZBOLLAH

    Na zes jaar strijd in Syrië onder de vlag van Iran kan Hezbollah zich beroepen op indrukwekkende overwinningen en een ruime mate van militaire ervaring, dankzij een geavanceerd wapenarsenaal en het bevel over indrukwekkende paramilitaire Syrische brigades. Maar de organisatie heeft minstens achthonderd manschappen in de strijd verloren terwijl enkele duizenden zwaargewond zijn geraakt, oftewel een kwart van haar troepen aan het begin van de oorlog in Syrië. Zeker, er zijn duizenden nieuwe rekruten getraind en naar het Syrische front gestuurd, maar dat is op weerstand gestuit binnen de sjiitische gemeenschap in Libanon, waar velen van mening zijn dat Hezbollah zijn rol van ‘Libanese verzetsbeweging’ te lang heeft verwaarloosd en van Libanon een gijzelaar van Iran heeft gemaakt.

    Militair gezien is Hezbollah niet meer in staat een oorlog tegen Israël te beginnen. De organisatie levert nog altijd strijd op diverse Syrische fronten en zou haar brigades weer op sterkte moeten brengen alvorens zich aan een nieuwe oorlog te wagen. Er zijn inmiddels achttien maanden verstreken sinds de moord op haar militaire bevelhebber Mustafa Badr al-Din, een aanslag waarvoor de opdracht zou zijn gegeven door Hassan Nasrallah, de 
feitelijke leider van Hezbollah, op aandringen van Iran. Badr al-Din is nog steeds niet vervangen. Bovendien heeft Nasrallah het aanzien verspeeld dat hij in de Arabische wereld genoot sinds de tweede Libanese oorlog in 2006, waarin Israël en Hezbollah tegenover elkaar stonden. Momenteel wordt hij niet langer gezien als de moedige speerpunt van het anti-Israëlische verzet, maar als moordenaar van Syrische verzetsstrijders tegen het regime van Assad. Nasrallah zou in de verleiding kunnen komen een nieuwe oorlog tegen Israël te beginnen in de hoop zijn imago op te poetsen, maar hij lijkt te beseffen dat zijn manschappen daar niet klaar voor zijn en dat vooral de vernietigende Israëlische represailles tegen de burgerinfrastructuur van Libanon een averechts effect zouden kunnen hebben. Nasrallah zou in dat geval door de Libanezen verantwoordelijk worden gehouden voor hun nieuwe leed. Maar als Hezbollah zich in zo’n kwetsbare positie bevindt, zou Israël dan niet in de verleiding kunnen komen daarvan te profiteren?

    ISRAËL

    Eén ding is vrijwel zeker. Zelfs als Hariri en de Saoediërs denken dat een Israëlische aanval op Libanon ophanden is, zou die niet voor begin december kunnen plaatsvinden. Israël is momenteel het toneel van de meest ambitieuze internationale militaire manoeuvres uit zijn geschiedenis, waaraan de luchtmachten van zeven andere landen deelnemen. Dit militair-diplomatieke machtsvertoon is al meer dan een jaar geleden gepland en de Israëlische luchtmacht heeft voorlopig geen tijd om zich met iets anders bezig te houden. Israël kan dus op zijn vroegst eind november een oorlog ontketenen, en dan alleen als de spanningen op zijn andere fronten zijn afgenomen.

    Voorlopig moet Israël er tot elke prijs voor zorgen dat de rust rond de Gazastrook bewaard blijft. Zijn nieuwe ondergrondse afweersysteem tegen aanslagen vanuit de tunnels van Hamas en de PIJ is nog in ontwikkeling en zal pas eind 2018 operationeel zijn. Bovendien wil Israël de diplomatieke inspanningen van Egypte om de Gazastrook te pacificeren niet in de wielen rijden. Op de Israëlisch-Libanese grens, daarentegen, is de zaak-Hezbollah veel complexer. Zeker, Israël valt regelmatig doelen op Syrisch grondgebied aan, meestal op Hezbollahkonvooien die geavanceerde wapens naar Libanon willen brengen. Syrië heeft herhaaldelijk geprobeerd terug te slaan door weinig effectieve raketten op de Israëlische vliegtuigen af te vuren, maar noch het regime van Assad noch Hezbollah is uit op een escalatie. In militaire kringen in Israël gaan stemmen op voor een grote preventieve operatie op Libanees grondgebied ter voorkoming van raketaanvallen door Hezbollah, maar deze stemmen zijn voorlopig nog in de minderheid.

    Ondanks zijn anti-Iraanse retoriek hoedt Benjamin Netanyahu zich ervoor de vijandelijkheden uit te breiden tot de belangrijkste handlanger van Iran, Hezbollah, en geeft hij de voorkeur aan precisieaanslagen. De lessen van de oorlog van 2006, die enkele weken duurde, liggen nog vers in het geheugen bij de militair verantwoordelijken in Israël, en de echte Netanyahu is in de grond van de zaak minder oorlogszuchtig dan hij voorgeeft te zijn. Hij is nooit voorstander geweest van grootscheepse militaire operaties 
die de mobilisatie van het hele leger vereisen, met het risico dat de waakzaamheid op andere fronten verslapt. Natuurlijk zou Netanyahu meer dan opgetogen zijn als iemand anders Iran blindelings te lijf zou gaan (de Amerikanen, om maar eens iemand te noemen). Maar hoewel de regering-Trump geen gelegenheid voorbij laat gaan om haar anti-Iraanse retoriek te ventileren, lijkt Washington niet te watertanden bij het idee van een oorlog die van retoriek in praktijk zou kunnen omslaan.

    Op 6 november verklaarde John Kerry, de voormalige minister van Buitenlandse Zaken van Barack Obama, bij het Royal Institute of International Affairs in Londen dat de Israëlische, Saoedische en Egyptische leiders Obama allemaal hadden gesmeekt Iran te bombarderen. Zijn conclusie was dat geen van deze leiders zich daar rechtstreeks aan durfde te wagen. Dat is een mooie samenvatting van de situatie.

    Auteur: Anshel Pfeffer
    Vertaler: Peter Bergsma

    Beeld: © Getty

    Haaretz
    Israël | dagblad | oplage 80.000

    Haaretz (Het Land, aanvankelijk Hadashot Haaretz, Nieuws uit Het Land) werd opgericht in Jeruzalem 
in 1918, nog voor het einde van de Eerste Wereldoorlog en vlak na de Balfour-verklaring van 1917, die het ontstaan van de staat Israël (in 1948) een forse stap dichterbij bracht. De krant verhuisde in 1923 naar Tel Aviv.

    Aanvankelijk werd de krant gesubsidieerd door het Britse militaire bestuur in Palestina, maar in 1919 werd hij overgenomen door een groep linkse zionisten. In 1935 werd Haaretz gekocht door de uit Berlijn afkomstige uitgever Salman Schocken. Diens zoon Gershom was hoofdredacteur tussen 1939 en 1990, zijn kleinzoon Amos is de huidige uitgever. Haaretz heeft qua oplage een bereik van slechts 4 procent van het Israëlische publiek, maar zijn invloed op de politiek en de Israëlische intelligentsia is aanzienlijk. De krant verschijnt in zowel een Hebreeuwse als een Engelstalige editie.