Tag: Tentoonstelling

  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Het recht op mysterie

    BEELDENDE KUNST |‘Je probeert wanhopig mijn werk te intellectualiseren,’  zegt Leonora Carrington op haar 94ste tegen haar nicht die toevallig ontdekte familielid te zijn van de beroemde kunstenares, ‘and you are waisting your time.’

    In het Deense Museum Arken is een retrospectief te zien van het letterlijk fantastische werk van de van oorsprong Britse Leonora Carrington, die op jonge leeftijd haar Anglo-Ierse milieu verruilde voor de armen van de surrealistische kunst, en die van Max Ernst. Ze woonde eerst in Parijs, maar vertrok noodgedwongen naar Madrid toen de oorlog uitbrak en Ernst werd geïnterneerd. Uiteindelijk kwam ze dankzij zakenman Renato Leduc in Mexico terecht, waar ze de rest van haar leven doorbracht. Haar vader, een textielfabrikant uit Lancashire die haar als twintiger liet opnemen in een psychiatrische inrichting, zag ze nooit meer terug. ‘Ik was veel banger voor mijn vader dan voor Hitler,’ beweerde ze. Door shocktherapie met cardiazol-injecties kreeg Leonora angstaanjagende visioenen die haar innerlijke visuele wereld mede gevormd hebben.

    De meest extravagante wezens komen voorbij in haar werk. Vaak is het onderscheid tussen mens en dier of tussen dier en machine ver te zoeken, maar haar kundige hand trekt de belangstellende moeiteloos het oneindig diepe doek in. Vrouwen – voor wie ze haar talent activistisch inzette in Mexico – moesten niet alleen hun burgerrechten claimen, maar ook hun recht op mysterie en verwantschap met de natuur.

    Leonora Carrington, Museum Arken, Denemarken, te zien tot 15/01/23

    Leonora Carrington Green Tea The Oval Lady 1942. The Museum of Modern Art New York. Gift from Drue Heinz Trust exchange 2019 © Estate of Leonora Carrington VISDA. Unknown photographer

    Verhalen vol verlangen

    STORYTELLING | Van 3 tot en met 6 november vindt het Amsterdam Storytelling Festival plaats in Podium Mozaïek. Acteurs en verhalenvertellers van over de hele wereld komen samen om hun verhalen met de wereld te delen. Het thema dit jaar is: verlangen. Met voorstellingen, talks en workshops.

    Van 3 tot 6 november in Amsterdam

    sahand raffa 600x597 1

    Verstilde tijd

    BEELDENDE KUNST | Het stilleven schijnt een ondergeschoven kind te zijn in de beeldende kunst, en het Louvre wil daar verandering in brengen. Want ‘dingen’ afbeelden gaat terug naar de prehistorie, toen hun aanwezigheid en betekenis zo serieus werd genomen dat ze vereeuwigd dienden te worden. Vaak laten stillevens de vergankelijkheid van schoonheid zien, misschien is dat wel de reden dat er weinig aandacht voor het genre is. Alles kan kapotgaan, verleppen of verdorren, dus wij ook. Die boodschap zit altijd impliciet in stillevens met bloemen of voedsel, waarvan er in de zeventiende eeuw veel gemaakt zijn. Ze zien er likkebaardend lekker uit, maar ook de tijdelijkheid van vorm en inhoud zit in de opengewrikte oesters vervat. 

    Things. A History of Still Life, Louvre, Parijs, te zien van 2/10/22 tot 23/01/23

    1 Luis Egidio Melendez Nature morte avec pasteques

    Schneemann Compleet

    PERFORMANCE | De in 2019 overleden Amerikaanse performancekunstenaar Carolee Schneemann was een pionier in de zogenaamde ‘body art’. Ze heeft nu een groot retrospectief in het Britse Barbican Centre. Terecht, want zoals wel meer vrouwelijke kunstenaars die destijds in de schaduw van hun mannelijke evenknieën bleven, verdient deze radicale feministische icoon een gelijkwaardige positie in de hall of fame.

    De tentoonstelling toont vroege schilderijen, experimentele sculpturale werken en uiteraard haar performancewerk waarin Schneemann haar eigen, meestal naakte lichaam gebruikte. In Meat Joy (1974) kronkelt zij samen met acht performers door de verf, spelend met rauwe vis, vlees en gevogelte. In Interior Scroll (1975) leest ze een tekst voor van een strook papier die ze langzaam uit haar vagina trekt. Internationale erkenning kwam pas laat, in 1996 in het New Museum of Contemporary Art in New York. In 2017 won ze op de Biënnale van Venetië een Gouden Leeuw voor haar hele oeuvre.

    Carolee Schneemann, Body Politics, Barbican Centre, Londen, te zien tot 8/01/23

    02 Meat Joy 1

    Wonderful Things

    TENTOONSTELLING | In de Kunsthal zijn 150 werken te zien van fashionfotograaf Tim Walker (1970), geïnspireerd op de collectie van het Londense Victoria and Albert Museum. Sprookjesachtige taferelen met Tilda Swinton, Grace Jones en Grayson Perry.

    Te zien tot 29/01/2023

    2. Tim Walker Radhika Nair Cahwntell Kulkarni Kiran Kandola fashion Richard Quinn Pershore Worcestershire 2018 c Tim Walker Studio HR Cropped 1

    We, Thomas Houseago

    TENTOONSTELLING | In het Finse Tampere heeft ­de Britse kunstenaar Thomas Houseago Brad Pitt en Nick Cave uitgenodigd hun werk naast dat van hem te laten zien. Het is voor het eerst dat Pitt en Cave hun sculpturen tonen, werken die zijn ontstaan ​​in dialoog met Houseago.

    Sara Hildén Art Museum, Finland, te zien tot 15/01/23

    1b5c3b12 nickcave thomashouseago bradpitt photo jussikoivunen

  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.

    Weer een nieuwe Picasso

    Volop verzameld ondanks inflatierisico 

    BEELDENDE KUNST | Hij is niet de eerste die ‘een kleine Picasso’ wordt genoemd, zoals The Times de elfjarige Andrés Valencia omschrijft. Zo ging onder andere Mikail Akar hem voor (zie 360 # 173), wiens werken al op zijn zevende voor duizenden euro’s werden verkocht. Andere voorbeelden zijn Lola June, Alexandra Nechita en Marla Olmstead (mogelijk bijgestaan door haar vader), die respectievelijk op hun tweede, twaalfde en vierde al kunst aan de man brachten. ‘Minderjarige kunstenaars zijn zeldzaam, maar ze bestaan,’ concludeert The New York Times. Valencia zit inmiddels op bedragen van vijf nullen. 

    Volgens het New Yorkse dagblad heeft Valencia zijn vroege succes vooral te danken aan de mensen om hem heen en aan de zelfgenoegzaamheid van de kunstwereld, hoewel de tienjarige zelf ook een uitstekend zakenman bleek te zijn; bij een vaste koper verhoogde hij zijn prijs in één keer van 100 tot 5000 dollar. Met succes.

    Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica

    Inmiddels wordt zijn werk volop verzameld, ook al waarschuwen galeriehouders, citeert Art Daily, dat ‘kunstenaars ontwikkelingen doormaken, en tienjarige kunstenaars al helemaal’; de waarde zou kunnen veranderen. 

    Valencia lijkt zelf goed na te denken over wat hij doet, en waarom. ‘Ik denk dat kunst is bedoeld om verhalen te vertellen,’ zei hij tegen Forbes. Zo liet hij zich onlangs inspireren tot ‘het verhaal van het Oekraïense volk en wat Rusland hen aandoet. (…) een verhaal dat niet vergeten mag worden.’ Het resultaat, The Commander, is volgens het Amerikaanse zakentijdschrift ‘een moderne Guernica’. 

    Door Laura Weeda

    Andreas Valencia ChaseContemporary

    Intieme jongensvriendschap krijgt abrupt einde

    Overrompelend debuut van jong acteertalent 

    FILM | Wie onder de indruk was van Girl, de eerste, lovend besproken speelfilm van de Waalse regisseur Lukas Dhont (31), zal op zijn minst nieuwsgierig zijn naar zijn tweede: Close. In Dhonts debuutfilm draait het om een jonge jongen die graag ballerina wil worden en met zijn mannelijkheid overhoop ligt; nu maakte hij opnieuw een coming of age-film. Ditmaal over de innige vriendschap tussen twee dertienjarige jongens die onder druk komt te staan wanneer daar op school vragen over worden gesteld. Zijn ze een stel, hebben de twee een homoseksuele relatie? 

    Peter Debruge begint zijn recensie in Variety met een vetgedrukte spoiler alert. Maar nog vóór hij iets prijsgeeft over het verloop van de film maakt hij duidelijk dat de dramatische wending wat hem betreft wel wat minder had gemogen: ‘De pure, onschuldige vriendschap tussen twee jonge mensen van dezelfde sekse is nooit eerder zo prachtig verfilmd. Maar wat daarna gebeurt komt des te ongeloofwaardiger over.’ Desondanks is Debruge ervan overtuigd dat Dhont een meesterwerk in zich heeft: ‘Hij moet zijn onvolwassenheid alleen nog overwinnen.’ 

    ‘Deze jongen heeft een presence in huis als een rechtse directe’

    Ook voor collega David Ehrlich komt het drama in Close ‘uit de lucht vallen’, schrijft hij voor IndieWire. ‘Daarmee brengt de regisseur dit portret van een vriendschap tussen twee jongens in een heteronormatieve wereld, ineens in een veel breder verband van verlies en rouw.’

    Volgens Olivier de Bruyn van Les Echos ‘bewijst Dhont opnieuw zijn talent door ‘zorgvuldig de valstrikken van psychologiseren en pathetiek te om-zeilen, economisch met dialogen om te springen en zijn strakke compositie’. Daar staat tegenover dat hij ‘soms te expliciete beelden gebruikt en het te vaak zoekt in symboliek’.  

    In Paris Match vindt Fabrice Leclerc dat de maker ondanks de ‘tedere en zinnelijke regie overmatig inzet op vioolmuziek en pathos’. Maar wat hem bovenal zal bijblijven van Close is de jonge acteur Eden Dambrine: ‘A star is born! En daar gaan we nog veel plezier aan beleven de komende jaren.’ 

    Leslie Felperin toont zich in The Hollywood Reporter al even lyrisch over Dambrine als vertolker van Leo, een van de twee hoofdrolspelers: ‘Deze jongen heeft een presence in huis als een rechtse directe. Dat bewijst natuurlijk ook hoe goed Dhont jonge acteurs kan regisseren.’ 24d37c03 58a2 4c29 a657 f2e7ed8dc15f

    Door Diederik Samwel

    Close van Lukas Dhont is vanaf 3 november te zien in de bioscoop

    Close ps 1 jpg sd low

    Inspiratie uit een Sterrenstelsel hier ver vandaan

    Een teruggreep naar futuristische klanken 

    MUZIEK | In A New Hope (1977), de eerste film in de Star Wars-saga, stopt de jonge Luke Skywalker, gespeeld door Mark Hamill, in Chalmun’s Cantina, een bar op de planeet Tatooine die dient als schuilplaats voor smokkelaars en premiejagers. De grimmige sfeer wordt er opgefleurd door de jazznoten van Modal Nodes, een formatie bestaande uit wezens met gitzwarte ogen en uitstekende schedels, die eruitzien als gigantische kreeften.

    Dat de muziek zoals bedoeld toekomstbestendig was, blijkt wel uit het feit dat deze tegenwoordig verschillende muzikanten inspireert; The Guardian noemt Coldplay en Animal Collective, en ook Björk, die zelf vaak niet alleen als geniaal maar ook als buitenaards wordt getypeerd, zou met haar net uitgebrachte album Fossora iets hebben willen maken dat even ‘jazzy en futuristisch’ was als dat van de Cantinaband, aldus musicus Atli Finnsson, die eraan meewerkte.

    Finnsson is nog geen dertig en ontdekte Modal Nodes toen hij met Lego Star Wars speelde. Het doel van Björks band, licht hij toe, is ‘om muziek te maken voor een andere plek. Ons een plek voor te stellen waar muziek als die van ons zou klinken. En daarvoor is Star Wars een goed uitgangspunt’, citeert de site MusicTech. Coldplay-zanger Chris Martin vroeg zich bij het opnieuw bekijken van de Cantinascène af ‘hoe musici in de rest van het universum zouden klinken’, schrijft het Zweedse Aftonbladet, een vraag die de basis vormde van zijn album Music of the Spheres (2021). e591367f b45a 4718 9bdf 88bf6f7aff6d 

    Door Laura Weeda

    Fossora kopie

    De tragische ondergang van moeras en veengrond

    Creatieve non-fictie als uitlaatklep voor oprechte woede 

    LITERATUUR | Pulitzerprijswinnaar Annie Proulx, 87 inmiddels, is vooral bekend van haar romans  Scheepsberichten en Brokeback Mountain. Met Fen, Bog & Swamp publiceert ze ditmaal een lang essay over het belang van veen-, zwamp- en moerasgebieden voor natuur en klimaat. NPR-redacteur Julie Depenbrock omschrijft het als ‘een liefdesbrief aan ecosystemen die in rap tempo verdwijnen: de Amerikaanse wetlands.’

    Romanschrijvers die zich verdiepen in ecologische thema’s vormen een ‘onweerstaanbaar subgenre’

    In ScienceNews stelt Anna Gibbs dat Proulx met verve de uitdaging aangaat om moerassen en veenlanden te zien als natuur om van te houden. ‘Niet langer als onaangenaam waterland waar alleen een wezen als Shrek zich thuisvoelt.’ Ook Luanne Wilkes is diep onder de indruk van Proulx’ nieuwste werk, schrijft ze op de Britse natuursite NHBS. Niet alleen omdat ze de natuur en de mensen die ervandaan komen zo fraai beschrijft, maar ook door het taalgebruik: ‘Verliezen we deze natuurlijke habitat, dan gaat een hele waslijst aan zelfstandig en bijvoeglijk naamwoorden verloren.’  

    Romanschrijvers die zich verdiepen in ecologische thema’s vormen een ‘onweerstaanbaar subgenre’, vindt Rohan Silva in The Guardian. Omdat journalisten objectief horen te blijven, zijn ze bijna nooit in staat om de échte betekenis van de ondergang van de natuur duidelijk te maken. ‘Daar zijn romanciers voor nodig, die het subjectieve in hun non-fictie laten doorsijpelen.’ Silva vindt dat Proulx er glansrijk in slaagt om de bedreiging van moeras- en zwampgebieden over te brengen: ‘In magnifiek proza maakt ze levensechte personages van een poel of een stuk veengrond. Zoals ze ook in Scheepsberichten de zee tot leven wist te wekken.’ 3bcf9755 2db1 4cb1 a1fe 665747ccb705 

    Door Diederik Samwel

    FenBogSwampAnnie Proulx
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Ken William Kentridge

    OPERA | De Royal Academy nodigt ons uit om de wereld van de multisensoriële kunstenaar William Kentridge te betreden, de ‘global creative powerhouse’ uit Zuid-Afrika. Dat doen we graag, want elke wereld die hij tot nog toe heeft gecreëerd is de moeite van het immersieve bijwonen dubbel en dwars waard. De in Johannesburg geboren kunstenaar ontwikkelde zijn vroege werk tijdens het apartheidsregime van de jaren tachtig. Zijn grootschalige producties met animaties, etsen, tekeningen, collages, films, beeldhouwkunst, theater, opera, dans en muziek reizen sindsdien de wereld rond. Nog niet eerder vertoond zijn de 4 meter brede wandtapijten, die hij speciaal voor de gelegenheid maakte. Kijk hoe typemachines in bomen veranderen, een opgejaagde neushoorn een salto maakt met een megafoon en een cafetière in de diepte van een goudmijn boort. 

    Te zien in Royal Academy of Arts, Londen, t/m 11/12

    A video still from Notes Towards a Model Opera by William Kentridge

    Abramović in Carré

    PERFORMANCEKUNST | Het Amsterdamse Carré stelt een week lang het podium beschikbaar aan de beroemde performancekunstenaar Marina Abramović en haar instituut MAI. Elke dag valt de Abramović Method live in de zaal te bekijken. No Intermission is haar nieuwste werk, zonder pauze.

    Abramović Method is te zien in het Amsterdamse Carré van 24 t/m 29 oktober.

    MA Carre

    Groots en meeslepend

    BEELDENDE KUNST | Groots en meeslepend: die twee meestal in die volgorde gebruikte woorden zijn helemaal van toepassing op het werk van de Britse kunstenaar Tacita Dean. Door verschillende media te gebruiken – fotografie en film, maar ook tekeningen – komt ze telkens uit bij een zekere vorm van schoonheid die vaak in het drama schuilt.

    Deze solotentoonstelling in Luxemburg toont nieuw en recent werk van Dean, waaronder films, tekeningen en foto’s op groot formaat. De tentoonstelling is opgebouwd rond twee recente projecten: een trilogie van werken ontworpen voor The Dante Project (2021, een ballet geïnspireerd op The Divine Comedy) en One Hundred and Fifty Years of Painting’ (2021), een op 16 mm gefilmd gesprek tussen kunstenaars Luchita Hurtado (Venezuela) en Julie Mehretu (Ethiopië). Haar benadering tot een onderwerp is vaak nostalgisch, eerder abstract dan documentair. Historische foto’s vult ze aan met eigen tekeningen en zo herschept ze fictieve verledens. Een vijfdelig fotowerk van een rotslandschap kreeg een zware wolkenlucht en mythologische namen in de kantlijn.

    Haar idee om een beeld te maken tussen negatief en positief in typeert haar manier van werken misschien nog het best. De met een analoge camera gefotografeerde jacarandabomen krijgen door het negatief om te zetten naar positief eenzelfde vreemdheid als haar 16mm-films. Alleen al omdat de paarse bloemen buitenaards groen zijn geworden. 

    Tacita Dean is te zien t/m 5/2/2023 in Mudam, Luxemburg

    Tacita Dean Film 150 Years of Painting 2021 1

    Onvoorspelbare Rosalía

    De Spaanse popster Rosalía treedt op met haar derde album Motomami. Nu geen flamemco, maar dikke reggaetonbeats en elementen uit de Japanse en Koreaanse cultuur – en die stem klinkt nog steeds als een nachtegaal.

    Rosalía is te zien op 10/12 in Afas Live, Amsterdam

    Rosalia 2

    Lukas, Leo en Remi

    Het 31-jarige Belgische talent Lukas Dhont won in Cannes de Grand Prix met Close. In zijn tweede film, na Girl, brengt hij een intieme, breekbare, (nog) niet-seksuele vriendschap tussen de twee jonge tieners Leo en Remi in beeld.

    Vanaf begin november in de Nederlandse bioscopen

    close

    Alle registers opengetrokken

    BEELDENDE KUNST | De Duitse superster-kunstenaar Anne Imhof (Giesen,1978) krijgt dit najaar de volledige vrijheid om de 1100 vierkante meter grote kelderzaal van het Stedelijk Museum in te richten. Dezelfde carte blanche gaf het Parijse Palais de Tokyo haar, waar ze de ruimtes vulde met performance, opera, film, schilderijen, tekeningen en muziek, van haarzelf en van bewonderde kunstenaars.

    Voor het Stedelijk trekt zij eveneens alle registers open. Dat, samen met een speciaal voor deze gelegenheid gemaakte soundtrack, zal vast en zeker een desoriënterende, dystopische wereld opleveren. Een donkere onderwereld zelfs, schrijft het museum. Of meer nog ‘een complex labyrint van kledinglockers die we kennen van de middelbare school, en die verwijzen naar een gevoel van angst en body dysmorphia’. In Youth stelt Imhof de emotionele dynamiek van de jeugd aan de orde, die worstelt met hebzucht en de angst om iets te missen.

    Anne Imhof wordt gezien als dé artistieke stem van een nieuwe generatie.

    Youth is te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam, t/m 29/1/2023

    01. Anne Imhof YOUTH exhibition render 2
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Eigentijdse visionair

    ARCHITECTUUR | Wie een idee wil hebben hoe Londen er in 2066 uit zal zien, wende zich voor het meest spectaculaire antwoord tot de Brits-Iraanse architect Zaha Hadid, een pionier op het gebied van de vrije vorm in computergestuurd ontwerpen. Dat deed het tijdschrift Vogue al in 1991, wat de wonderlijkste visioenen opleverde. Helaas stierf Hadid zes jaar geleden, op 65-jarige leeftijd, aan een hartaanval. 

    De toekomst zit al in haar indrukwekkende oeuvre, dat is terug te vinden van Duitsland tot Azerbeidzjan en Hongkong. Haar eerste grote opdracht was het Vitra Fire Station (1993) in het Duitse Weil am Rhein, daarna volgde het Guangzhou Opera House (2010) in de Chinese provincie Guangdong en de voetgangersbrug over de Ebro in het Spaanse Zaragoza, die uit 29.000 driehoeken bestaat. Elk jaar dook wel ergens een scheef perspectief op, een vertaling van Hadids tekeningen in verwrongen, de zwaartekracht tartende driedimensionale vormen.

    Wolkenkrabbers zijn ondergronds en worden gekoeld door watervallen, bruggen tellen veertien verdiepingen

    Dat zou zij zeker tot in lengte der dagen hebben volgehouden. In 2066 had de volgende generatie kluwen slagaders kunnen zien uitwaaieren over het centrum van Londen, die oostwaarts stromen en weer samenkomen in een crescendo van gekleurde scherven. Wolkenkrabbers zijn dan ondergronds en worden gekoeld door watervallen, bruggen tellen veertien verdiepingen en gebouwen vallen uit elkaar en steken het water over om aan de andere kant weer een geheel te vormen.

    Reimagining London is (nog even) te zien op de begane grond van Hadids voormalige studio in een victoriaans schoolgebouw in Clerkenwell. 

    Final Poster Portrait without bleed

    Clear+Vivid met Alan Alda

    PODCAST | Alan Alda’s voornaamste bezigheid is tegenwoordig podcasten. Onlangs bracht hij de 200e aflevering uit van Clear+Vivid with Alan Alda, waarin hij auteurs, kunstenaars, wetenschappers en andere grootheden interviewt, onder wie Yo-Yo Ma en Madeleine Albright.

    ab6765630000ba8a482c59278e430b0907f34e82

    Rechtlijnige snit uit een strook stof

    MODE | Het Metropolitan Museum of Art heeft ontdekt dat mode zich uitstekend leent voor tentoonstellingen, schrijft The Art Newspaper. En dat niet alleen, door ervoor te kiezen de kimono in al zijn complexiteit te laten zien, pareert het museum de al lang gehoorde kritiek dat zijn kostuumcollecties eurocentrisch zouden zijn. Deze keer dus een opmerkelijke selectie van zestig kimono’s uit de John C. Weber Collectie van Japanse kunst, die de artistieke uitwisselingen tussen de kimono en de westerse mode onderzoekt.

    Voor de heersende militaire klasse en de stedelingen waren kimono’s een manier om hun gevoel voor esthetiek te tonen

    De tentoonstelling laat de transformatie van de kimono zien vanaf de verfijnde Edo-periode (1615-1868) tot het begin van de twintigste eeuw, toen het T-vormige kledingstuk werd aangepast aan de levensstijl van de moderne Japanse vrouw. Voor zowel de heersende militaire klasse als voor de stedelingen waren kimono’s een manier om hun gevoel voor esthetiek te tonen. De relatief losse, omhullende vorm en de rechtlijnige snit uit één enkele strook stof hebben grote invloed gehad op westerse couturiers als Cristóbal Balenciaga en Alexander McQueen.

    Kimono Style is tot en met 20 februari 2023 te zien in Metropolitan Museum of Art, New York.

    f17e37afd9a0b80e5eef786325b21ca0e3cc0d31 2699x2500 Groot

    Painlevé in het water

    FILM | Zonder microscopen, micro- en macrofotografie, telelenzen, timelapse en slow motion zou het immens populaire genre van de natuurfilm weinig voorstellen. Maar omdat Jean Painlevé (1902-89) al het onzichtbare zichtbaar maakte en een van de eerste was die een milieubewustzijn aan de dag legde, is er nog altijd belangstelling voor zijn werk. Het Jeu de Paume in Parijs laat zijn werk daarom opnieuw zien. Zijn vermogen om onderzeese wezens van dichtbij te bekijken trok de aandacht van surrealisten, maar Painlevé bracht zijn tijd liever door in het onderzoekscentrum voor mariene biologie in Bretagne. Ook besteedt de tentoonstelling aandacht aan Geneviève Hamon, Painlevés partner, die vanaf 1928 ook aan al zijn films meewerkte, maar daar pas veel later erkenning voor kreeg.

    Voeten in het water is tot en met 18 september te zien in Jeu de Paume, Parijs.

    JP 1 Jdp 1

    Alledaagse voorwerpen

    TENTOONSTELLING | Het Museum of Brands onderzoekt de geschiedenis van de consumentencultuur van de victoriaanse tijd tot nu. Hoe alledaagse voorwerpen zoals huishoudelijke artikelen en speelgoed vormgeven aan en gevormd worden door mens, cultuur en maatschappij.

    Time Tunnel Museum of Brands

    Alternatieve modellen

    TENTOONSTELLING | Een kleine veertig kunstenaars buigt zich onder de titel Statecraft (and beyond) over alternatieve staatsmodellen en hedendaagse verschijnselen als massamigratie, transnationale organisatiestructuren, globalisering en toenemend nationalisme.

    Statecraft (and beyond) is tot en met 30 oktober 2022 te zien in EMST, Athene.

    Abidi inside
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Niet te dichtbij komen

    FOTOGRAFIE | Judith Joy Ross wordt regelmatig geprezen als ’s werelds grootste levende portretfotograaf. Wat Amerika betreft wellicht, want grootse en levende portretfotografen zijn allang niet meer op één hand te tellen. Dat de sensuele foto’s van Ross ontroerend en soms aangrijpend zijn, staat buiten kijf. Misschien komt dat wel zoals zij zelf tegen The Guardian zei, doordat Ross – zoals elke goeie fotograaf – ziet wat in het dagelijks leven vaak onopgemerkt blijft. Om die momenten vast te leggen, gebruikte zij ‘stiekeme technieken’. Ze deed bijvoorbeeld alsof ze haar camera aan het instellen was en maakte ondertussen de ene na de andere opname.

    Therapeutisch, noemt zij de toenadering tot vreemden die zij wil en wilde fotograferen. ‘Een marteling’ zelfs. Want hoe benader je iemand in je eigen belang? Wat ze in een handomdraai in iemand ziet, al is het maar voor even, is zo de moeite waard dat het hervinden van dat moment bijna een dwangmatig proces is. Meisjes kijken verlegen en verwachtingsvol in de lens, en roepen de ongemakkelijkheid van de adolescentie op en de lange zomers van vervlogen tijden. 

    ‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen’

    ‘Ik ben geïnteresseerd in mensen, maar wil liever niet te dichtbij komen,’ zegt Ross in een interview. Haar werk zit desondanks (of misschien juist daardoor) vol empathie en straalt een diepe verbondenheid uit met het geportretteerde, ongeacht of het bomen, kamers of mensen zijn. Wat ook meewerkt, zegt zij, is het gebruik van de plaatcamera op statief, omdat die ‘zo groot en verdomd mooi is’, en mensen direct ontwapent. Naast de tentoonstelling verscheen een retrospectief boek, Judith Joy Ross: Photographs 1978-2015.

    Judith Joy Ross – Photographs 1978-2015, Le Bal, Parijs, tot 18 september.

    02 numerique


    Macy Gray in De Roma

    MUZIEK | Een prachtige stem en een weergaloos gevoel voor ritme: Macy Gray is een van de laatst levende souldiva’s ter wereld, bekend van monsterhit I Try. Binnenkort is ze te zien in het Antwerpse theater.

    Macy Gray, De Roma, Antwerpen, 1 juni.


    Kapoor Black van Anish 

    TENTOONSTELLING | Taco Dibbits (Rijksmuseum) heeft een retrospectief samengesteld van Anish Kapoor met onder andere nooit eerder vertoonde werken die hij maakte met zijn Kapoor Black-pigment, zo donker dat deze bijna 100 procent van het zichtbare licht absorbeert. 

    Retrospectief Anish Kapoor, Venetië, tot 9 oktober.

    03 AK Venice 2021 11 copia

    Iedereen is een kunstenaar’

    TENTOONSTELLING | Pierre Bismuth gebruikt allerlei bronnen en materiaal om de uitspraak van Joseph Beuys te pareren met de vraag: als iedereen een kunstenaar is, wat is kunst dan? Hoe alledaagse handelingen betekenis krijgen en poëzie worden, laat de Franse kunstenaar zien in West.

    Pierre Bismuth, West, Den Haag, tot 10 juli.

    1 2


    Andere weergave

    BEELDENDE KUNST | De Noors-Nigeriaanse kunstenares en sociologe Frida Orupabo (1986) maakt analoge en digitale zwart-witcollages en video-installaties van beeldmateriaal dat zij online vindt. Ze kiest beelden uit het koloniale tijdperk of juist hedendaagse, uit de geneeskunde en wetenschap of uit de kunst en popcultuur, en ‘bevrijdt’ het zwarte (vrouwelijke) lichaam van de meestal eendimensionale weergave. Ze demonteert beelden van zwarte lichamen om ze vervolgens laag voor laag weer in elkaar te zetten. Afbeeldingen worden zodoende indringende verhalen die thema’s als geweld, racisme, seksualiteit en identiteit recht aan doen.

    I have seen a million pictures of my face and still I have no idea, Fotomuseum Winterthur, tot 29/5.

    150621
    Turning, 2021 © Frida Orupabo and Gallery Nordenhake

    Fysieke afwezigheid

    BEELDENDE KUNST | De Scandinaviërs Michael Elmgreen (1961) en Ingar Dragset (1969) staan sinds hun deelname aan de Biënnale in 2009 in de schijnwerpers. De tentoonstelling Useless Bodies van het kunstenaarsduo in Milaan beslaat 3000 vierkante meter in vier galeriezalen en onderzoekt de huidige toestand van het lichaam in het postindustriële tijdperk. Het duo stelt dat onze fysieke aanwezigheid bijna volledig overbodig aan het worden is in een wereld die steeds meer draait op twee-dimensionale beelden.

    Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde

    Onze lichamen, zeggen zij, genereren nauwelijks nog waarde. Men zou zelfs kunnen beweren dat ze eerder een obstakel zijn geworden; het gaat om onze gegevens die worden verzameld en doorverkocht worden. Juist de waarneming van de lijfelijk aanwezige mens is een thema in het beeldende werk van de twee, en van hun performances. Naast andere terugkerende onderwerpen als opgroeien, intimiteit en diversiteit, komt het duo steeds weer uit bij hoe we navigeren in de publieke sfeer. In Fondazione Prada zijn de zalen gevuld met werk, vermaak en ontspanning, alleen is er niemand meer te bekennen

    Useless Bodies, Fondazione Prada, Milaan, tot 22/8.

    Useless Bodies 3 959x640 1
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Aldwyths ogen

    DOCUMENTAIRE | Onterecht lang een outsider in de kunst-wereld gebleven is de Amerikaanse Mary Aldwyth Dickman. Nu is er de fascinerende documentaire Aldwyth: Fully Assembled, over de kunstenares die het gender uit haar naam haalde en verder ging als Aldwyth toen een conservator het rood in haar werk als menstruatiebloed interpreteerde. Pas na twaalf ongelukken, een scheiding en dertien ambachten stortte zij zich maniakaal op het maken van collages. Zoals het doek Casablanca (classic version) (2003-2006) – geïnspireerd door de Hollywoodklassieker uit 1942, waarin Humphrey Bogart de beroemde filmzin ‘Here’s looking at you, kid’ de wereld in slingerde – dat bestaat uit honderden verschillende ogen van grote en minder grote kunstenaars die zij door de jaren heen verzamelde. Omdat Aldwyth anticipeerde op de vraag van wie die oogballen dan wel allemaal zijn, vermeldde ze aan de zijkant van de collage zorgvuldig welke oog aan wie toebehoort. 

    Wat ze niet gekregen of gehaald had, kreeg ook een vakje

    Veel erkenning kreeg ze niet. Ook dat zette ze om in kunst: in de sculptuur We Regret to Inform You doorboorde ze alle afwijzingen met roestige spijkers. Om een South Carolina Fellowship te krijgen, stuurde ze een drie-dimensionale cv in: een in delen uitklapbaar houten koffertje met tientallen vakjes die elk stonden voor een verworvenheid in haar carrière. Wat ze niet gekregen of gehaald had, kreeg ook een vakje. 

    In haar propvolle studio staan de tijdschriften waar ze haar materiaal uit haalt in hoge stapels tegen de muur. Want alles wat ze gebruikt moet uit een origineel drukwerk afkomstig zijn. Toen een aandoening haar dat geknip niet meer toeliet, kon ze dankzij een beurs iemand inhuren om dat voor haar te doen. Waar ze dan woonde, wilde een interviewer weten, waarop Aldwyth een matras boven op een werktafel uitrolde en zei: ‘Hier.’

    aldwyth

    Jon Bernthal

    SERIE | De serie We Own This City, gebaseerd op ware gebeurtenissen uit het van Baltimore Sun-verslaggever Justin Fenton, volgt de opkomst en ondergang van de corrupte afdeling moordzaken van agent Wayne Jenkins, gespeeld door Jon Bernthal. 

    We Own This City, vanaf 25 april te zien op HBO Max.

    ebzk8252wco1 full

    Beiroet in Berlijn

    TENTOONSTELLING | In het Berlijnse Gropius Bau is een heterogene mix te zien van kunstenaars uit de gouden jaren zestig in Beiroet, van de Libanoncrisis van 1958 tot 1975. Vol drang naar vernieuwing en vasthoudende politieke overtuigingen. 

    Beirut and the Golden Sixties: A Manifesto of Fragility, tot 12 juni te zien in Gropius Bau, Berlijn.

    448954 4d9b533ff62258809a699ba3a9dbc8311600

    Adolf Mas

    FOTOGRAFIE | De Catalaanse fotograaf Adolf Mas werkte voor architecten die hem opdracht gaven hun gebouwen te fotograferen. Ondertussen legde hij met verhalende beelden de Spaanse stad uit het begin van de twintigste eeuw vast. 

    Los ojos de Barcelona, tot 18 mei te zien in Fundación Mapfre, Barcelona.

    adolf mas los ojos de barcelona

    Een jaar lang Paul Robeson

    TENTOONSTELLING | Burgerrechtenactivist, zanger en acteur Paul Robeson (1898-1976) was een charismatisch en compromisloos leider in de strijd tegen het kolonialisme en het imperialisme. Hij stond op de barricade voor de emancipatie van de zwarte bevolking. In de jaren dertig speelde Robeson de hoofdrol in Othello in Stratford, trok hij in Londen op met toekomstige leiders van Afrika zoals Kenyatta en Nkrumah, werkte hij samen met regisseur Sergei Eisenstein en plande hij een film over de Haïtiaanse revolutionair Toussaint Louverture.

    Robeson bleef een onvermoeibare voorvechter van de menselijke waardigheid en verzette zich zijn leven lang tegen het fascisme en racisme. Zijn activisme wordt wel gezien als de basis van de burgerrechtenbeweging. Ook produceerde hij nog eens 250 songs, speelde in 11 speelfilms en stond op talloze podia. Zijn indrukwekkende nalatenschap zal een jaar lang het onderwerp zijn in kunstcentrum West in Den Haag, met films, optredens, opnames, muziek, toespraken en interviews onder leiding van curator Baruch Gottlieb. 

    The Artist as Revolutionary, tot 4 maart 2023 te zien in Kunstcentrum West, Den Haag.

    show1

    Zeven jaar ongemak

    TENTOONSTELLING | In Amsterdam-Noord is een selectie te zien van internationale kunstenaars die de verschillende aspecten van het fenomeen ‘ongemak’ in hun werk onderzoeken, zowel visueel als conceptueel. In hoeverre manifesteert deze gemoedstoestand zich in de beeldende kunst? Wat veroorzaakt hinder of ongerief in het hoofd van de kunstenaar, of zit het ’m juist in de spanning van het materiaal of het object, en hoe wordt dat zichtbaar? 

    Maar net zo goed gaat het over ongemak ten opzichte van de hedendaagse politiek, met technologie of de tijd waarin we leven. De expositie Are You Comfortable? toont kunstwerken van zeven kunstenaars, onder wie Jose Dávila, Melanie Smith, William Kentridge en de Spaanse multidisciplinaire kunstenares Alicia Framis, die mode en architectuur gebruikt om maatschappelijke kwesties aan de orde te stellen.

    Are You Comfortable?, tot 31 juli te zien in Project Space on the Inside, Amsterdam.

    MIK COMMUNITAS 0274 30X20 BRAUN
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Koortsdroom in Volksbühne

    THEATER | Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot spelen Jessica – An Incarnation, een nieuwe voorstelling van Susanne Kennedy en Markus Selg, met wie het duo al eerder bewustzijnverruimend spektakel maakte over de vraag wat realiteit is en wat illusie. 

    Jessica – An Incarnation, 25 maart, Volksbühne, Berlijn.

    DSC 5993 web 1 1

    Diepzinnige Arvo Pärt

    MUZIEK | Liefhebbers van de gerenommeerde Estse componist Arvo Pärt kunnen hun hart ophalen op het Pärt Festival, een ode aan de ‘diepzinnige muziekvernieuwer’. Spiegel im Spiegel, jarenlang favoriet in de Klassieke Top 400, staat ook op het programma. 

    Arvo Pärt, 22 t/m 27 maart, Muziekgebouw, Amsterdam.

    img39740 225

    Bossanova Bebel

    MUZIEK | Wie wil niet meewiegen op het ritme en de zwoele, loom klinkende stem van bossanovazangeres Bebel Gilberto (54)? De Braziliaanse Gilberto bouwde op haar laatste album Agora verder aan de moderne variant van de bossanova. 

    Bassonova Bebel, 13 maart, Het Sieraad, Amsterdam.

    Bebel Gilberto persfoto

    For the Record

    FOTOGRAFIE | Platenhoezen zijn zo ongeveer sinds de uitvinding van het vinyl geliefde schilderdoeken voor kunstenaars en vormgevers. Iedereen heeft wel een herinnering aan een of meerdere covers. In de Londense Photographers’ Gallery zijn tweehonderd iconische hoezen tentoongesteld waarbij de bijdragen van fotografen en andere visuele kunstenaars onmiskenbaar aanwezig zijn. Uiteraard ontbreekt Andy Warhol niet met zijn bananenhoes die hij ontwierp voor The Velvet Underground & Nico.

    De lijst met artistieke grootheden is indrukwekkend; de unieke creaties van onder anderen Cindy Sherman, David Bailey, Joseph Beuys, Nan Goldin, Richard Avedon en William Eggleston werpen licht op de talloze manieren waarop dit vierkante formaat is gebruikt door artiesten. De covers komen uit de collectie van Antoine de Beaupré, eigenaar van meer dan 15.000 albums. 

    For the Record: Photography & the Art of the Album Cover, The Photographers’ Gallery, Londen 25/3 t/m 12/6

    THEROLINGSTONE alta

    Sol LeWitts Joodse erfenis

    TENTOONSTELLING | Het Joods Museum van België noemt de tentoonstelling van de Amerikaanse conceptuele kunstenaar Sol LeWitt (1928-2007) een ‘dubbele première’. Dubbel omdat werken van hem voor het eerst samen wordt getoond met de vrij onbekende Joodse erfenis van LeWitt, namelijk de ontstaansgeschiedenis van zijn ontwerp voor de in 2001 geopende synagoge Beth Shalom Rodfe Zedek in Chester, Connecticut. De muurschildering van een kleurige, zespuntige ster kan uiteenschuiven om de Thora te onthullen. 

    Solomon LeWitt, geboren in Connecticut, in een familie van Joodse immigranten uit Rusland, ontwikkelde zich tot pionier van de conceptuele en minimalistische kunst, en werd een beroemdheid met zijn Wall Drawings. Hoewel hij niet religieus was en een seculier leven leidde, onderhield LeWitt gedurende zijn hele leven een discrete maar innige band met zijn Joodse erfenis. Om een synagoge te kunnen ontwerpen werd hij uitgedaagd ‘een probleem van geometrische vormen’ op te lossen in een ruimte die moest voldoen aan rituele gebruiken. Hij baseerde de synagoge op de traditionele houten Poolse varianten met hun achtkantige koepels, die vrijwel allemaal in de Tweede Wereldoorlog door de nazi’s werden verwoest. 

    In Brussel werden de Wall Drawings op de muren van het museum aangebracht door jonge kunstenaars en kunststudenten, in samenwerking met professionele tekenaars uit de studio van LeWitt. 

    Sol LeWitt: Wall Drawings, Works on Paper, Structures (1968-2002), te zien t/m 1 mei, Joods Museum van België, Brussel.

    Drawings

    Eerbetoon aan jeugdvriend

    FILM | De Deense regisseur Jonas Poher Rasmussen kreeg zijn schoolvriend Amin aan het praten over hoe hij in de jaren tachtig was gevlucht uit Afghanistan en in Denemarken terechtkwam. In Flee laat hij zien dat Amins tocht langs corrupte Russische agenten en onmenselijke mensensmokkelaars ook in handgetekende 2D-animaties huiveringwekkend echt en spannend kan zijn. 

    Maar nog meer laat de film de onmetelijke veerkracht van een vluchteling zien die, verscheurd door de oorlog in Kaboel, nu een onbedreigd leven kan lijden als homoseksuele man, iets waarvan hij nooit had gedacht dat het mogelijk was. Dat Rasmussen ervoor koos om het schrijnende verhaal op deze meeslepende manier te verfilmen, werd door Sundance Film Festival en het IDFA gehonoreerd met lovende kritieken. 

    Het grootste gedeelte van de film is animatie, maar Rasmussen gebruikte ook montages van archiefbeelden die de politieke chaos in Afghanistan en Rusland doeltreffend weergeven. Flee is een liefdevol eerbetoon aan zijn jeugdvriend, zoals Along the Way van Mijke de Jong dat is aan de tweeling wiens vluchtverhaal zij verfilmde. 

    Flee, vanaf 3 maart in de bioscopen.

    https www.filmfestival.be volumes fiona f2a806bd 46f1 4b63 8c45 63ff7536cc75

  • Dit klooster geeft kunstenaars de ruimte om te rebelleren

    Dit klooster geeft kunstenaars de ruimte om te rebelleren

    In het betoverende zestiende-eeuwse Chiostro del Bramante in Rome werden eenentwintig internationale kunstenaars uitgenodigd om vrij van welke aardse beperking dan ook een werk te maken voor de tentoonstelling Crazy: Madness in Contemporary Art.

    Curator en kunstcriticus Danilo Eccher stelde een tentoonstelling samen geïnspireerd door en vernoemd naar een boek van een van de meest toonaangevende psychiaters in Italië, Eugenio Borgna. Crazy: Madness in Contemporary Art verkent de scheidslijn tussen verbazingwekkende creativiteit en ‘waanzin’ of gekte, zonder meteen met het afgesneden oor van Van Gogh op de proppen te komen. Als kunst bij uitstek in staat is om de menselijke conditie te verbeelden of te verwoorden, dan is het niet verwonderlijk dat kunst en gekte dicht naast elkaar liggen. In het Chiostro del Bramante, een museum in een oud klooster in Rome, kregen eenentwintig internationale kunstenaars de mogelijkheid om een installatie te ontwerpen die ‘rebelleert tegen de norm’, zich niet houdt aan gevestigde schema’s en wars is van elk rigide kader.

    Ian Davenport laat pigment de buitentrap afstromen om een andere ruimtelijke ervaring af te dwingen. Het neon van de maatschappelijke betrokken Chileense Alfredo Jaar is van buitenaf zichtbaar. Levensechte mannequins van Sun Yuang & Peng Yu poseren op manieren die wij niet van hen gewend zijn en ook de zwarte motten van de Mexicaanse kunstenaar Carlos Amorales hebben hun weg gevonden naar het betoverende renaissancegebouw dat rond 1500 door Donato Bramante werd ontworpen. Alfredo Pirri daagt de bezoeker uit zich niet te beperken tot een reflectie op het oppervlak van zijn werk, maar zich te verliezen in de duizeling ervan en fysiek een voetafdruk achter te laten op de gebroken vloer.

    Crazy: Madness in Contemporary Art is t/m 8 januari 2023 te zien in Chiostro del Bramante, Rome.

    10 Crazy Shoplifter 1
    Shoplifter / Hrafnhildur Arnadottir, Hypermania (2022). – © Hrafnhildur Arnadottir
    04 Crazy Amorales
    Black Cloud Fashion van Carlos Amorales. – © Carlos Amorales

    01 Crazy SunYuanPengYu
    Sun Yuan & Peng Yu, Teenager Teenager (2011). – © Sun Yuan & Peng Yu / Galleria Continua
  • Agenda

    Agenda

    360 selecteert een aantal toonaangevende internationale concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities.

    Kunst als gids en woordvoerder

    TENTOONSTELLING | Werk van meer dan veertig kunstenaars, die in Groot-Brittannië wonen maar van wie de wortels in het Caribisch gebied liggen, vormen de kracht van wat in de Britse pers als een ‘meeslepende show’ wordt omschreven. De expositie volgt zeventig jaar tumultueuze geschiedenis met kunst als gids en woordvoerder. Alles komt dan uiteraard voorbij: de pijn van het vertrek, de aankomst, vriendelijkheid en wreedheid, opstand, onderdrukking en onophoudelijk onrecht. 

    Een van de vroegste werken van Steve McQueen, een Londenaar die in Amsterdam woont, is een fragment van één minuut uit een super 8-film uit 1992; het toont twee oudere West-Indiase mannen die palmbomen met pot en al van het Oost-Londense Brick Lane naar de bus naar huis dragen.

    De expositie volgt zeventig jaar tumultueuze geschiedenis met kunst als gids en woordvoerder

    Maar behalve onthutsende foto’s – van bijvoorbeeld Michael X die aankomt op Paddington Station, Stokely Carmichael die het Dialectics of Liberation-congres toespreekt in het Round House in Camden in 1968 en meisjes die met een Black Panthers-schooltas op weg zijn naar school – geeft de schilderkunst een eigen, autonoom perspectief op de realiteit van de kunstenaars die heen en weer pendelen tussen de zonovergoten Caraïben en de wispelturige seizoenen aan deze kant van de wereld. Zoals de met foto’s van de Windrush-generatie behangen voorkamer op Njideka Akunyili Crosby’s schilderij Remain, Thriving uit 2018. Hun nakomelingen volgen het nieuws over het Windrush-schandaal, waarbij tientallen Britten het land uit werden gezet omdat de juiste papieren zouden ontbreken. 

    Life Between Islands: Caribbean-British Art 1950s–Now, tot 3 april 2022, Tate Britain, Londen.

    Life Between Islands Press 2021 19.JPG
    Life Between Islands, 2021

    Tegen ismen

    TENTOONSTELLING | Visueel activist Zanele Muholi strijd tegen de ismen – racisme voorop. Sinds begin 2000 documenteert zij de zwarte lhbtiq+-gemeenschappen met intieme en krachtige foto’s. Alle hedendaagse thema’s worden aan de orde gesteld. 

    Zanele Muholi, tot 13 maart 2022, Gropius Bau, Berlijn.

    gb21 zanele muholi bona 2015 02 662w

    Vrolijk en triest

    MUZIEK | J’ai parfois eu des pensées suicidaires, et j’en suis peu fier – ik heb weleens aan zelfmoord gedacht en ik ben er niet trots op, zingt de Belgische artiest Stromae op zijn nieuwe album. De jarenlange radiostilte na zijn immens populaire songs als Formidable en Alors on danse wordt met L’enfer in één klap verleden tijd met de taboedoorbrekende teksten die de lyricus, vormgever en ‘league of his own’ de wereld in slingert, waarbij in het openbaar zijn suïcidale gedachten benoemt. Gedachten die hij door erover te zingen het zwijgen heeft opgelegd.

    ‘Zo zie ik mijn muziek ook. Vrolijk en triest. Dat wisselt elkaar af’

    Dat hij als beroemdheid zijn eigen worstelingen deelt – j’suis pas tout seul à être tout seul – en het onbespreekbare bespreekbaar maakt, hoort bij hoe hij zijn muziek maakt.  ‘Zo zie ik mijn muziek ook. Vrolijk en triest. Dat wisselt elkaar af,’ zei hij tegen de Franse tv, waarna hij plotseling begon te zingen.

    Het album Multitude komt op 4 maart 2022 uit.

    L enfer Stromae © YouTube Stromae
    Still van l’enfer, Stromae © Youtube

    Outsider Gnoli

    TENTOONSTELLING | Het retrospectief van Domenico Gnoli (1933-1970) is onderdeel van een reeks tentoonstellingen gewijd aan outsiders in de kunstwereld. Gnoli werd beroemd door het heel precies en op grote schaal schilderen van dagelijkse voorwerpen: een overhemd, een bed, een schoen. 

    Domenico Gnoli, tot 27 februari, Fondazione Prada, Milaan.

    Fondazione Prada Domenico Gnoli 17

    Roepende geesten

    TENTOONSTELLING | In Ghost Calls van gelauwerd kunstenares Emma Talbot verschijnen figuren uit de Keltische geschiedenis die, in sculpturen en in schilderijen over meerdere meters zijden doek, meerouwen om samen de impact van de dood te verzachten. 

    Ghost Calls, van 18 februari tot 19 maart 2022, Galerie Onrust, Amsterdam.


    Chromophilia, de liefde voor kleur

    TENTOONSTELLING | In het kleurrijke Chromophilia laten een aantal kunstenaars de complexiteit en de mogelijkheden van kleur binnen hun eigen medium zien. Dat varieert van werken met verf tot textiel, met gekleurd glas of bestaande uit verschillende lichtbronnen. Galerie Hauser & Wirth schrijft over de tentoonstelling dat kleur net als muziek onze geest kan verheffen of het geheugen kan stimuleren.

    Kleur kan heel symbolisch zijn, maar het heeft ook het vermogen om reacties uit te lokken

    Bovendien kan kleur heel symbolisch zijn, vaak is kleur gepolitiseerd en staat ze voor ideologieën, of speelt ze een rol in activisme of duidt ze ras en sekse aan. Maar dat kleur het vermogen heeft om reacties uit te lokken, ‘van uitbundige vreugde tot verpletterende wanhoop’, laten de makers in Zürich zien. Frank Bowling houdt zich al jaren bezig met de complexiteit van kleur in de schilderkunst. Zijn werk Swimmers (2020) is samengesteld uit acrylverf en gels, gecollageerd canvas en gevonden materialen of objecten. David Batchelors Chromodisc (2019) is een klok die met licht de loop van een uur aangeeft.

    Chromophilia, tot 12 maart, Hauser & Wirth, Zürich.

    lowres jpg 72dpi 516224

  • ‘Photograffeur’ JR vestigt met zijn reusachtige foto’s de aandacht op anonieme levens

    ‘Photograffeur’ JR vestigt met zijn reusachtige foto’s de aandacht op anonieme levens

    Onder de titel JR: Chronicles stelde het Brooklyn Museum uit New York een solotentoonstelling samen van de Franse kunstenaar JR, met een aantal van zijn meest iconische projecten. De ‘photograffeur’ beschikt over de grootste kunstgalerie ter wereld: de wereld zelf.

    Je zou hem de Franse Banksy kunnen noemen, want ook al is hij net iets minder anoniem, zijn projecten zijn minstens zo spraakmakend als die van zijn evenknie uit Bristol: de Franse kunstenaar JR (Frankrijk, 1983), van wie de verdere identiteit niet precies bekend is.

    Geëngageerd en gedreven, inventief, verrassend en emotionerend: JR is een alleskunner die ooit begon als graffitikunstenaar in Parijs en die zichzelf nu ‘photograffeur’ noemt. Hij zegt te beschikken over ‘de grootste kunstgalerie ter wereld’, namelijk de wereld zelf.

    De foto’s voor zijn eerste projecten, zoals Portret van een generatie (2004-2006), waarvoor hij jongeren uit de getroebleerde banlieues van Parijs dreigende houdingen liet aannemen en angstaanjagende gezichten liet trekken om het clichébeeld dat in de media van hen bestond te ridiculiseren, maakte hij met een gevonden camera waarop een 28 millimeter groothoeklens zat. Ook Vrouwen zijn helden uit 2008 fotografeerde hij daarmee. Die korte lens vereiste dat hij zeer dicht bij zijn onderwerpen moest gaan staan om hen te kunnen portretteren en daardoor werd hij gedwongen een vertrouwensband op te bouwen met de mensen die hij wilde vastleggen. Die kwaliteit is hem in latere werken altijd van pas gekomen. Als ode aan die groothoeklens hebben zijn eerste projecten allemaal ‘28 Millimeters’ in hun titel of omschrijving.

    Hun levens voltrekken zich misschien in anonimiteit, maar dat betekent niet dat ze niet bestaan

    Inmiddels werkt JR grootschaliger en is de wereld zijn werkterrein geworden. Met veelal grote teams van enthousiaste vrijwilligers brengt hij zijn fotocollages aan op openbare plekken in de hele wereld, van Australië tot Venetië en van São Paulo tot Californië. Met zijn projecten slaat hij op fraaie wijze een dubbelslag. De enorme uitvergrotingen in de openbare ruimte vestigen de aandacht op mensen die hun vaak beklagenswaardige levens in anonimiteit moeten leiden. Tegelijkertijd zorgen ze ervoor dat mensen die normaal gesproken niet naar musea gaan, in aanraking komen met de kracht van kunst en creativiteit en mogelijk iets van zichzelf herkennen: hun levens voltrekken zich misschien in anonimiteit, maar dat betekent niet dat ze niet bestaan.

    JR IN HET LOUVRE & HET GEHEIM VAN DE GROTE PIRAMIDE, 1 APRIL 2019

    Ter gelegenheid van de dertigste verjaardag van de piramide van het Louvre, creëerde JR een kunstwerk dat ongeveer dezelfde afmetingen heeft als de Cour Napoléon, de binnenplaats van het museum. Een gigantische collage, die werd aangebracht met behulp van vierhonderd vrijwilligers, vestigde de aandacht op de beroemde glazen entree van I.M. Pei. Dagelijks kwamen honderden vrijwilligers helpen om tweeduizend stroken papier waarop een rotsachtig landschap was geprint, elk van 10 meter lang, te knippen en op de vloer rondom de piramide te plakken.

    Het is de grootste collage die de kunstenaar ooit heeft gemaakt

    Het uiteindelijke beeld dat zo ontstond, is een soort van trompe-l’oeil, een werk dat het oog en de geest bedriegt en dat de indruk wekt dat de piramide oprijst uit een enorme steengroeve. Het is de grootste collage die de kunstenaar ooit heeft gemaakt.

    Belangrijk aspect van het project was voor JR de participatie van vrijwilligers, bezoekers én van souvenirjagers die, naarmate de bedrukte papierstroken beschadigden en loslieten, stukken van het kunstwerk mee naar huis namen.

    PORTRET VAN EEN GENERATIE – AFBRAAK, 2013

    In 2013 hoorde JR dat een aantal gebouwen in de voorstad Les Bosquets bij Parijs, waarop hij tussen 2004 en 2006 enorme portretfoto’s van bewoners had aangebracht, weldra zouden worden gesloopt. Dat was een reden om het project Portret van een generatie nog eens onder handen te nemen. Gebruikmakend van de foto’s uit de oorspronkelijke serie plakten hij en zijn team in het geheim portretten van twee verdiepingen hoog aan de binnenkant van de gebouwen voordat ze werden gesloopt. Tijdens de sloop kwamen die portretten bloot te liggen, en daarmee de relatie tussen de bewoners en hun stedelijke omgeving.

    TEHACHAPI, DE BINNENPLAATS, CALIFORNIË, VS, 2019

    In oktober 2019 kreeg JR toestemming om een project te doen in een zwaar beveiligde gevangenis in Tehachapi, Californië. Het merendeel van de gevangenen in Tehachapi heeft al zo’n tien jaar of meer van hun straf uitgezeten en velen zijn tot levenslang veroordeeld zonder kans op vervroegde vrijlating.

    In eerste instantie ging hij erheen om de 28 gevangenen te ontmoeten en een idee te presenteren voor een gezamenlijk artistiek project op de centrale binnenplaats. ‘Ik was er niet om te oordelen of te veroordelen, maar puur om een gezamenlijk project te doen,’ aldus JR die onder de indruk was van het gegeven dat de meeste mannen wisten dat ze nooit meer uit Tehachapi weg zouden komen.

    JR en zijn team fotografeerden de mannen één voor één, van bovenaf, en bood ze de mogelijkheid om hun verhaal te vertellen. Er werden geen specifieke vragen gesteld; zij kregen de mogelijkheid om vrijuit te spreken. Hun verhalen zijn te beluisteren op de app JR:murals.

    Van bovenaf werd duidelijk dat gedetineerden, ex-gedetineerden en het gevangenispersoneel schouder aan schouder staan

    Ook voormalige gevangenen en gevangenispersoneel werden gefotografeerd en zo ontstonden 48 portretten en verhalen over het gevangenissysteem.

    Twee weken later keerde hij met zijn team terug om 338 bedrukte stroken papier op de grond te plakken. Uitgerust met bezems en behanglijm werkten de gedetineerden samen met bewakers, voormalige gedetineerden en leden van JR’s studio, om het terrein te beplakken.

    Vanaf de grond op de binnenplaats was het uiteindelijke beeld niet te zien. Maar van bovenaf werd duidelijk dat gedetineerden, ex-gedetineerden en het gevangenispersoneel schouder aan schouder staan. Geheel volgens plan verdween het beeld in drie dagen tijd doordat de gevangenen er overheen liepen.

    VROUWEN ZIJN HELDEN

    Voor Vrouwen zijn helden reisde JR naar Sierra Leone, Liberia, Soedan, Kenia, Brazilië, India en Cambodja om vrouwen te ontmoeten die te midden van conflicten worstelen met hun dagelijkse levens om vervolgens, in zijn woorden, ‘hun verhalen met de wereld te delen’. Portretten van de vrouwen met de afmetingen van muurschilderingen plakte hij op de zijkant van gebouwen, op treinen en op bruggen om zo een menselijk gezicht te bieden in de snoeiharde omgeving van sociale conflicten.

    VROUWEN ZIJN HELDEN, NEW DEHLI-JAIPUR, INDIA, 2009

    In maart 2009 bracht Vrouwen zijn helden naar India. Tijdens het hindoeïstische Holifeest, waarbij zakjes met kleurpoeder worden rondgestrooid, bracht hij op de muren in Jaipur enorme witte, plakkerige stencils aan die de kleurstoffen opvingen. Gaandeweg werden zo ogen en gezichten zichtbaar.

    VROUWEN ZIJN HELDEN, Bo City, Sierra Leone, 2008

    In 2008 reisde JR naar de steden Freetown en Bo City in Sierra Leone, die het toneel waren geweest van een gruwelijke burgeroorlog in de jaren negentig. Hij ging er niet heen om te proberen de achtergronden van het conflict te begrijpen of erover te oordelen, maar om de stille slachtoffers te zien en te ontmoeten. Hij fotografeerde de vrouwen die hij ontmoette met de gedachte dat het delen van hun pijn mogelijk behulpzaam kon zijn om hun wonden te helen. De foto’s installeerde hij op plekken met maximale zichtbaarheid.

    VROUWEN ZIJN HELDEN, Parijs, Frankrijk, 2009

    Een jaar na de presentatie in Sierra Leone toonde JR de beelden van zeventig vrouwen uit oorlogsgebieden in het hart van Parijs, op bruggen over de Seine en op de kademuren.

    VROUWEN ZIJN HELDEN, RIO DE JANEIRO, BRAZILIË, 2008-2009

    De wijk Morro da Providencia staat symbool voor het geweld in Rio de Janeiro. De regelmatige botsingen tussen drugsdealers en de politie waren echter niet de reden waarom deze favela in het centrum van Rio in augustus 2008 op de televisie te zien was. Dit keer was er een positieve aanleiding, namelijk de presentatie van het project Vrouwen zijn helden.

    Als eerbetoon aan diegenen die een essentiële rol spelen in de samenleving maar die tegelijk ook de voornaamste slachtoffers zijn van oorlog, misdaad, verkrachting en politiek of religieus fanatisme, plakte JR enorme foto’s van gezichten en ogen van lokale vrouwen tegen de buitenkant van de favela, waardoor op zowel de heuvel als de favela plots vrouwengezichten te zien waren.

    ‘Het speet zelfs de grote stoere jongens uit de favela, met geweren en kogelvrije vesten, om ons te zien vertrekken’

    ‘De bewoners kregen echt een impuls door het project. Op onze laatste dag gaven ze een klein feestje voordat we vertrokken. Het speet zelfs de grote stoere jongens uit de favela, met geweren en kogelvrije vesten, om ons te zien vertrekken.’

    Het moment waarop JR in de favela arriveerde was beladen: enkele weken eerder hadden soldaten drie jongeren uit Providencia gevangengenomen en overgedragen aan drugsdealers uit een andere favela, die hen executeerden en in stukken hakten.

    Openingsbeeld: Picknick at the Border, Tecate, Mexico-VS, 2017. Installatiebeeld. Op tafel geplakte poster. – © JR-ART.NET

    De expositie JR: Chronicles is georganiseerd en samengesteld door het Brooklyn Museum in New York en opent op 4 juni 2021 in de Saatchi Gallery, Londen. Kaarten zijn nu te koop via www.saatchigallery.com/jrtickets.
    Tot stand gekomen met hulp van Art Explora.

  • Frans Hals Museum kiest voor de confrontatie

    Frans Hals Museum kiest voor de confrontatie

    In de tentoonstelling Rendez-vous met Frans Hals wordt werk van de oude meester getoond naast dat van nog levende kunstenaars als fotografe Nina Katchadourian, multimediakunstenaar Shezad Dawood en schilder en beeldhouwer Anton Henning.

    Frans Hals, die in de Gouden Eeuw rijke kooplieden en guitige boeven portretteerde, was tijdens zijn leven populair en succesvol, maar raakte al voor zijn dood uit de mode. Zijn losse, 
vrijmoedige penseelvoering was te weinig fijnzinnig naar de smaak van de achttiende eeuw. Maar in de negentiende eeuw werd hij herontdekt door de impressionisten, die hem weer op het schild hesen als een moderne meester.

    Nu evenaart Hals in het pantheon van de kunstgeschiedenis zijn landgenoten Rembrandt en Vermeer, maar Ann Demeester, directeur van het Frans Hals Museum in Haarlem, ziet hem liever als een ‘transhistorische’ figuur, wiens invloed een tijdsprong maakt naar de hedendaagse kunst. Daarom heeft ze de ongebruikelijke stap genomen om hoogtepunten uit de Hals-collectie van het museum en andere 
werken uit de Gouden Eeuw naast het werk te hangen van nog levende kunstenaars, zoals fotografe 
Nina Katchadourian, multimediakunstenaar Shezad Dawood en schilder en beeldhouwer Anton Henning, voor een tentoonstelling getiteld Rendez-vous met 
Frans Hals. Ze hoopt daarmee aan te tonen dat huidige 
kunstenaars zich nog altijd laten inspireren door de 350 jaar oude nalatenschap van Hals.

    ‘Geschiedenis leeft’

    ‘Transhistorisch’ is tegenwoordig een soort modewoord in kringen van curatoren, nu musea naar nieuwe manieren zoeken om publieke belangstelling voor oudere kunst te wekken. Het vermengen van oud en nieuw heeft ook belangstelling gewekt bij verzamelaars op kunstbeurzen als Frieze New York, en ook veilinghuizen doen volop mee: vorig jaar 
verkocht Christie’s tijdens een veiling van moderne kunst Leonardo da Vinci’s Salvator Mundi voor 450 miljoen dollar.

    Het Frans Hals Museum heeft transhistorische 
ideeën onderdeel van zijn beleid gemaakt. De huidige tentoonstelling duurt tot en met september, waarna het museum andere stukken uit de collectie kriskras door elkaar zal hangen, zoals bij de voor februari 2019 geplande tentoonstelling Frans Hals en de Modernen, 
die werken van Hals naast impressionistische en postimpressionistische schilderijen zal tonen.

    ‘De transhistorische trend probeert duidelijk te maken dat geschiedenis leeft,’ zegt Sheena Wagstaff, voorzitter van de afdeling moderne en hedendaagse kunst van het Metropolitan Museum of Art in New York. In een telefonisch interview beschrijft 
Wagstaff haar programmering in het Met Breuer, het filiaal van het museum op Madison Avenue, als ‘bewust transhistorisch’, een term die ze volgens eigen zeggen zo’n zes jaar geleden is gaan gebruiken. ‘Met een mengeling van geschiedenis en hedendaagse kunst kunnen we enkele raadsels oplossen die de kern vormen van grote kunst,’ zegt ze.

    De in 2016 in Breuer gehouden tentoonstelling Unfinished: Thoughts Left Visible toonde onvoltooide schilderijen door de eeuwen heen, van Titiaan tot Lucian Freud, Gerhard Richter en Bruce Nauman. Daarna volgde Like Life: Sculpture, Color and the Body (1300-Now), die nog tot 22 juli te zien is en een 
niet-chronologische kijk geeft op zevenhonderd jaar sculpturen van het menselijk lichaam.

    De tentoonstelling Rendez-vous met Frans Hals, met werk van de oude meester naast dat van hedendaagse kunstenaars. – © Gert Jan van Rooij
    De tentoonstelling Rendez-vous met Frans Hals, met werk van de oude meester naast dat van hedendaagse kunstenaars. – © Gert Jan van Rooij

    Deze tentoonstelling, die niet alleen de schone kunsten omvat maar ook wassen beelden en anatomische modellen, begint met een hyperrealistisch beeldhouwwerk van Duane Hanson uit 1984, springt van een vijftiende-eeuws beeldhouwwerk van Donatello naar een werk van El Greco uit de Spaanse renaissance en plaatst een moderne androïde naast een negentiende-eeuwse beeltenis van Jeremy Bentham, gemaakt met de beenderen van de Britse filosoof zelf. ‘De bedoeling van deze tentoonstelling was om de canon open te stellen en uit te breiden met werk dat 
in een populistischer licht kan worden bezien,’ zegt Wagstaff.

    Suzanne Sanders, de Amsterdamse kunsthistorica die in 2015 en 2016 congressen organiseerde over ‘Het transhistorisch museum’, noemt transhistorische tentoonstellingen ‘de belangrijkste stap van de makers om het museum opnieuw uit te vinden en een nieuw paradigma te creëren. Het kan “trans” 
zijn in alle betekenissen van het woord,’ legt ze uit, ‘van door de geschiedenis heen tot transdisciplinair of excentriek, of door alleen maar dingen te exposeren op een inclusieve manier en zo een evenwicht 
te vinden tussen het erkennen en aanspreken van verschillende standpunten.’

    Maar volgens James Bradburne, directeur van de Pinacoteca di Brera in Milaan, is de trend slechts een nieuwe term voor wat curatoren altijd al hebben gedaan: ‘Mensen proberen terug te brengen naar de tijd dat de kunst hedendaags was. We zijn altijd verplicht om de kunst die we in onze collectie hebben op een hedendaagse manier te presenteren,’ zegt hij, ‘zoals een acteur die een stuk van Shakespeare speelt het aan een hedendaags publiek presenteert, of dat nu in maffiakostuum is 
of in travestie.’

    Een jaar geleden richtte het M-Museum Leuven zijn collectie opnieuw in onder de titel M-collectie: De kracht van beelden, waarbij nieuwe vergelijkingen worden getrokken, zoals tussen een veertiende-eeuwse piëta, een zestiende-eeuws barokschilderij en een conceptuele kunstinstallatie uit 2009. ‘We wilden van die tijdmatige benadering af,’ zegt directeur Eva Wittocx telefonisch. ‘Zelfs mensen die deze werken al heel lang kennen, 
kunnen er nieuwe betekenissen in vinden of er op een andere manier naar leren kijken.’

    Tal van kunstliefhebbers hebben op Instagram gereageerd op het feit dat het museum een zelfportret van Rembrandt naast een color field painting van Mark Rothko heeft gehangen

    Het Kunsthistorisches Museum in Wenen, waarvan de permanente collectie varieert van Oud-Egyptische tot achttiende-eeuwse kunst, leende 22 hedendaagse kunstwerken voor de tentoonstelling The Shape of Time, die tot 8 juli duurt. Een van 1636-1638 daterend naakt dat zichzelf ten dele met een bontjas bedekt, van de Vlaamse meester Peter Paul Rubens, wordt gepresenteerd naast een volledig frontaal naakt van rond 1970 van de Oostenrijkse kunstenares Maria Lassnig.

    ‘Ik beeld me graag in dat we alle ideeën, zorgen, dromen en nachtmerries in alle historische werken die we bezitten wel zo’n beetje hebben achterhaald,’ zegt Jasper Sharp, verantwoordelijk voor het programma voor moderne en hedendaagse kunst van het museum. Maar hij voegt eraan toe dat de curatoren er een paar jaar over hebben gedaan om te bepalen ‘wat voor soorten confrontaties interessant en respectvol zouden zijn’. Édouard Manet koppelen aan Diego Velázquez of een Titiaan in gesprek brengen met 
een J.M.W. Turner leek te werken, zegt hij, omdat 
‘dit zeer goed gedocumenteerde voorbeelden zijn van jongere kunstenaars die bewonderend naar oudere kunstenaars kijken’.

    Maar andere keuzes bleken riskanter. Tal van kunstliefhebbers hebben op Instagram gereageerd op het feit dat het museum een zelfportret van Rembrandt naast een color field painting van Mark Rothko heeft gehangen. ‘De helft vond dit volstrekt niet kunnen, of zei dat Rembrandt zich zou omdraaien in zijn graf,’ aldus Sharp. ‘Sommige verbanden kloppen meteen; andere vergen langduriger kijken.’

    Ann Demeester van het Frans Hals Museum wijst erop dat de kunstgeschiedenis een kakofonie is wat verbanden en invloeden betreft, ‘door mensen die elkaar spreken in salons en cafés, en dingen door elkaar halen.’ ‘Bij het creëren van meer betekenis en nieuwe verhalen voor een publiek,’ voegt ze eraan toe, ‘is het belangrijk dat een museum meer als 
een kunstenaar denkt. Een kunstenaar is vrijer of minder geremd dan een kunsthistoricus om verbanden te leggen die tijden, culturen of geografieën overschrijden. Om te verbinden.’

    Auteur: Nina Siegal

    Openingsbeeld: © Gert Jan van Rooij

    The New York Times
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 540.000

    De krant der kranten, met als motto ‘All the news that’s fit to print’. Won meer journalistieke prijzen dan enig ander medium.

  • Wild, direct, 
energiek en rusteloos

    Wild, direct, 
energiek en rusteloos

    De Amerikaanse kunstenaar Jean-Michel Basquiat liep vooruit op de digitale cultuur; zijn kunst past bij het levensgevoel van de Instagramgeneratie. Een tentoonstelling in Frankfurt documenteert zijn bliksemcarrière.

    Het korte leven van Jean-Michel Basquiat 
laat zich lezen als een actiestrip: uit een teenager met een spuitbus groeide een superster van de kunstwereld, die op 27-jarige 
leeftijd stierf aan een overdosis heroïne. Hij schiep 
in nog geen tien jaar ongeveer duizend werken – waarvan er maar weinig in openbare musea te zien zijn, want al tijdens zijn leven verkocht Basquiat heel goed. Op zijn eenentwintigste was hij de jongste deelnemende kunstenaar tot dan toe van documenta 7 in Kassel en tegenwoordig geldt hij als een van de belangrijkste kunstenaars van onze tijd. In het 
afgelopen jaar bracht zijn schilderij Untitled (1982) op een veiling 110,5 miljoen dollar op. Waanzinnig.

    Toen Jean-Michel Basquiat de eerste golf van roem achter de rug had, was hij nog maar net twintig jaar. Als graffitiartiest had hij onder het pseudoniem SAMO (same old shit) in Manhattan naam gemaakt 
met cryptisch-poëtische schrifttekens. Vanaf die tijd werd hij steeds opnieuw gefotografeerd, gefilmd, in kranten beschreven – hij was eerzuchtig en werkte onafgebroken, maar behield tegelijkertijd ook zijn jeugdige charme en coolness, waardoor alles zo 
moeiteloos leek.

    De tentoonstelling Boom for Real in de Schirn Kunsthalle Frankfurt toont nu een groot retrospectief 
dat eerder in Londen te zien was. Het probeert te 
verklaren waarom de hyperactieve zwarte jongen uit de Brooklynse middenklasse een kunstenaar werd die uitzonderlijk was in zijn tijd.


    Want waarom dat zo was, is niet meteen duidelijk. De kunstkritiek heeft zo nu en dan van alles op Basquiat aan te merken: is zo’n komeetachtige carrière als van een popster wel gerechtvaardigd zonder enige formele opleiding? Zijn zijn portretten eigenlijk niet alleen maar neergekwakte pictogrammen? Is die 110 miljoen dollar niet een groteske overwaardering door de kunstmarkt? Is hij misschien alleen maar door zijn vroegtijdige drugsdood een mythe geworden?

    Aan de drugs die zijn ondergang betekenden, maakt Boom for Real, ondanks een duidelijk biografisch accent, geen woord vuil. In plaats daarvan komen we veel te weten over de New Yorkse scene rond 1980. In het trappenhuis ontvangt Basquiat de bezoeker op een videowand, trippelend op de muziek van Duke Ellington; in de volgende ruimtes zijn krantenartikelen uit eind jaren zeventig te zien, polaroids met Grace Jones, Madonna, Fab 5 Freddy en andere creatievelingen uit de postpunkunderground. Dan komen de portretten van en met zijn vriend Andy Warhol. De bezoeker wordt geïnformeerd over waar Basquiat ging dansen, wanneer hij Warhol leerde kennen, hoe de uitnodiging voor zijn verjaardagsfeestje eruitzag, hij kan 
Basquiats brieven, ansichtkaarten, cheques en huurcontracten bekijken. Een hele zaal toont uitsluitend bladzijden uit zijn notitieboekjes.

    Brok energie

    Hoort een zo gedetailleerde biografische documentatie thuis in een kunsttentoonstelling? Zou de kunst niet voor zichzelf moeten spreken? Misschien niet in het geval van Basquiat, want zijn kunst is een mix van zijn leven, politiek-maatschappelijke invloeden en de samplemethode van de hiphopcultuur die toen ontstond. ‘Hij verslond ieder beeld, ieder woord, ieder snippertje informatie dat op zijn pad kwam’, schreef de auteur Glenn O’Brien na Basquiats dood in 1988. ‘De stortvloed aan informatie waarmee wij leefden veranderde zo in iets dat een verbluffende nieuwe betekenis opleverde.’

    Deze hoogbegaafde brok energie zoog alles op, 
reageerde op elke impuls in zijn omgeving, schijnbaar ongefilterd. Het zelfportret Dos cabezas (1982) met Andy Warhol schilderde hij in twee uur en hij schonk het aan zijn idool terwijl de verf nog nat was. Zelfs de teksten op zijn cornflakesdoos zou hij af en toe verwerkt hebben, steeds omringd door bergen boeken, alsook een tv en een platenspeler die tegelijk aan staan. Zo schilderde hij zich als eerste zwarte 
de elitaire witte kunstwereld in.

    Basquiats schilderijen spiegelen deze permanente toestand van overprikkeling. Ze zijn wild, geïmproviseerd, direct, vol energie en rusteloosheid, elk schilderij als een fragment uit zijn tijdlijn. Hij 
vermengt citaten met anatomische tekeningen, krantenknipsels met grove verfstreken, hij 
vervreemdde elementen van Picasso en Leonardo 
da Vinci, kopieerde en voegde in: een copy-pastekunstenaar. En hij hield van selfies, steeds weer schilderde hij zelfportretten. Je zou kunnen zeggen: hij liep vooruit op de huidige digitale cultuur, waarin veel mensen voortdurend druk zijn met het verwerken van de input die op ze af komt.

    Untitled (1982).
    Untitled (1982).

    Misschien is dat wel de reden waarom Basquiat zo veel mensen bevalt – omdat bij hem uit de synthese van onsamenhangende futiliteiten een nieuwe 
betekenis lijkt te ontstaan. Het zijn snelle, spontane werken die de thema’s van zijn tijd symbolisch samenvoegen; Basquiat is bovendien de zwarte held tegen een witte achtergrond. Steeds opnieuw toont hij zich in zelfportretten als donkere schedel, 
omgeven door politiek aandoende slogans, zoals in Famous (1982) of Glenn (1984).

    Racisme, politiegeweld, kritiek op het kapitalisme – Basquiats thema’s zijn ook nu nog actueel. Hij 
verplaatst ze, doordat hij het private en het openbare in elkaar laat overgaan – ook daarin lijkt zijn werk 
op de huidige digitale cultuur. In Boom for Real is er daarom geen sprake van smetvrees of academische drempels, want het levensgevoel van de Facebook- 
en Instagramgeneratie lijkt sterk op de directheid waarmee Basquiat werkte.

    Zijn grote formaten, zoals Ishtar (1983), bevatten zo veel dat je er moeilijk niet van kunt houden. Basquiat raakt aan alles tegelijk: muziek, wetenschap, 
politiek, economie, tv. Het zijn schilderijen als 
overvloedige buffetten, waarin iedereen iets voor zichzelf kan vinden.

    Auteur: Carola Padtberg
    Vertaler: Piet Meeuse

    Tentoonstelling Basquiat. Boom for Real. Schirn 
Kunsthalle Frankfurt, Frankfurt am Main. Tot 17 mei 2018

    Openingsbeeld: Jean-Michel Basquiat met American Football-helm in 1981.

    Der Spiegel
    Duitsland | weekblad | oplage 758.900

    Belangrijk en uiterst onafhankelijk 
onderzoekstijdschrift, opgericht in 1947, dat verscheidene politieke schandalen 
aan het licht heeft gebracht.

  • 3. Bremens blinde vlek

    3. Bremens blinde vlek

    Tot 19 november is in de Kunsthalle van Bremen een tentoonstelling te zien rond het koloniale verleden van de stad. Een dappere expo waar veel andere instellingen wat van kunnen leren, vindt Die Welt.

    De naam klinkt provinciaals, maar de tentoonstelling in de Kunsthalle van Bremen opent een wijde horizon. Aan de titel ‘Bremen en de kunst van de koloniale tijd’ gaan immers drie woorden vooraf: ‘De blinde vlek’. Die woorden geven aan waar het hier om gaat: de sporen van de grote jaren van die stad, van handel en verovering, liggen nog altijd tussen de museumcollecties verborgen. Hoewel overal in Duitsland etnologen min of meer buiten het zicht van het publiek om onderzoek doen en er al tientallen jaren lang contacten bestaan met de gemeenschappen in de landen van herkomst, kreeg de museumbezoeker nooit eerder een inkijkje in hoe het er in die tijd aan toe ging: wie geïnteresseerd waren in het halen van objecten naar Duitsland en hoe zeer de mentaliteit verweven was met het leven van alledag. Niet eerder werd de koloniale geschiedenis door een Duits kunstmuseum van zo veel kanten belicht.

    Grenzeloos en interdisciplinair

    Een korte uitleg over de ontstaansgeschiedenis van de tentoonstelling is hier op zijn plaats. Curator Julia Binter werkte, dankzij een beurs van de Federale Cultuurstichting, vanaf het voorjaar van 2016 met de plaatselijke universiteit en het Afrika-netwerk in Bremen aan manieren om die tijd over het voetlicht te brengen, te leren begrijpen en te bediscussiëren. Met deze expositie reageert de etnoloog, die eigenlijk in Oxford promoveert, op de crisis in haar vak dat zich al jarenlang veel moeite getroost om de Europese en de buiten-Europese geschiedenis in onderling verband te benaderen.

    Wat is hier nieuw? Haar tentoonstelling is grenzeloos en interdisciplinair, ook al omdat ze gehouden wordt in een kunstmuseum – ze behandelt de geschiedenis vanuit allerlei perspectieven: stadsgeschiedenis, etnologie, kunstgeschiedenis, en tezamen met hedendaagse kunstenaars en burgers stelt ze kritische vragen aan onze eigen tijd.

    Bremen is daarvoor de perfecte plek: de kooplieden, vaak ook vooraanstaande mecenassen in het culturele leven, waren sterk betrokken bij de kolonisatie van West- en Zuidwest-Afrika. Nog na de Eerste Wereldoorlog eiste de Bremer Ausschuss des Reichsverbands der Kolonialdeutschen de overzeese Duitse gebieden terug en onder het nationaalsocialisme werd Bremen aangeduid als de ‘Stadt der Kolonien’. De Kunsthalle zelf is het product van de door het kolonialisme nieuw verworven rijkdom. Kooplieden stonden in 1823 aan haar wieg. Inmiddels huisvest ze een voortreffelijke collectie, vanaf de veertiende eeuw tot heden.

    Affiche uit 1935: ‘Bremen, de sleutel tot de oceanen’. – © Deutsches Schiffahrtmuseum Bremerhaven
    Affiche uit 1935: ‘Bremen, de sleutel tot de oceanen’. – © Deutsches Schiffahrtmuseum Bremerhaven

    De tentoonstelling is ingericht als een langzaam aanzwellende golf. Ze begint met de in de vroege twintigste eeuw groeiende belangstelling bij kunstenaars voor het primitivisme. Emil Nolde gaat rond 1910 de oervolken in de musea van Berlijn bestuderen en reist in 1913-1914 zelf naar de Stille Zuidzee. ‘Rechts van mij lag de gespannen revolver en achter mij stond, mij in de rug dekkend, mijn vrouw met die van haar, eveneens ontzekerd. Misschien werkte nooit eerder een schilder onder zulk een spanning,’ schreef hij in zijn dagboek.

    Op artistiek hooggekwalificeerde vellen papier ontstaan portretten van mensen die niet uit vrije wil model zitten, wier blikken verraden hoe bruut deze toe-eigening in zijn werk ging, hoe zeer het vreemdsoortige hier geconstrueerd werd. Tientallen jaren wilde niemand in Europa die details zien.

    Het spel herhaalt zich bij Georg Kolbe en Fritz Behn, ze persen vreemdsoortigheid in sjablonen. De ‘hurkende negerin’ van Herbert Kubica werd nog in 1948 met financiële steun van de Hanzestad door het museum aangekocht. Bremen profiteert van de uitbuiting. Schilderijen tonen mondaine gezelschappen aan de thee. Een stilleven van Paula Modersohn-Becker uit 1905 is in onze ogen simpel, zo niet saai: een schaal met fruit. Maar de bananen op het schilderij verhalen van een veranderend consumptiepatroon – aan het begin van de twintigste eeuw werden ze voor het eerst massaal op de Europese markt gebracht.

    ‘Wij eisen koloniën, omdat elk volk het recht en de plicht heeft mee te werken aan het verspreiden van beschaving en cultuur, waarheid en recht en aan het exploiteren van de goederen der aarde’

    Tussen dit door de kunst gegeven beeld weeft de tentoonstelling historische documenten, relicten. Een oude schoolkaart maakt reclame voor de Duitse koloniën uit die tijd. Een aanplakbiljet van het Bremer Reichsverband der Kolonialdeutschen vraagt om handtekeningen. Het toont een zwarte jongen met een palmenwaaier en daaronder de oproep: ‘Wij eisen koloniën, omdat elk volk het recht en de plicht heeft mee te werken aan het verspreiden van beschaving en cultuur, waarheid en recht en aan het exploiteren van de goederen der aarde.’

    Het kolonialisme aan de schandpaal, maar de tentoonstelling gaat dieper. Tot nu toe werd de koloniale geschiedenis altijd op één manier verteld: de actieve veroveraar uit Europa en het slachtoffer in de veroverde gebieden. In een van de meest overtuigende ruimtes wordt ook hier het perspectief omgedraaid – met Afrikaanse voorstellingen van Europeanen. Hun parodieën getuigen van een behoorlijk intelligentieniveau bij deze zogeheten primitieve volken. Figuurtjes uit Togo tillen draagstoelen waarop dikke veroveraars zich met een pijp uitstrekken. De slaven zongen onder hun last hun liederen, waarin de blanke reiziger het woeste gezang van een oervolk meende te ontwaren. Maar in werkelijkheid dreven hun woorden de spot met de luie blanke man.

    1. Nolde: Hoofd van een inlander van voren, 1913-14. – © Nolde Stiftung Seebüll; 2. Kamerun. – © Übersee-Museum Bremen; 3. Modersohn-Becker: Stillevens met appels en bananen, 1905; 4. © Ngozi Schommers, 2017.
    1. Nolde: Hoofd van een inlander van voren, 1913-14. – © Nolde Stiftung Seebüll; 2. Kamerun. – © Übersee-Museum Bremen; 3. Modersohn-Becker: Stillevens met appels en bananen, 1905; 4. © Ngozi Schommers, 2017.

    Ook de Europese kunst was niet helemaal verblind: de Indisch-Hongaarse kunstenares Amrita Sher-Gil, dochter van een wereldomspannend leven, een Indische aristocraat en een Hongaarse operazangeres, schilderde in 1934 een ‘zelfportret als Tahitische vrouw’. We zien haar en profil. Naakt. Ze houdt haar armen voor haar borst, haar blik is – anders dan bij de vrouwen van Gauguin – wellustig op de toeschouwer gericht, haar haren vallen niet op haar schouders, maar zijn samengebonden in een knot. Op de achtergrond is de donkere schaduw van een man zichtbaar, een referentie aan de Zuidzee-schilder Paul Gauguin, die zich op deze wijze in zijn Tahiti-schilderijen vereeuwigde.

    Maar in Bremen mag deze schaduw niet ver meer reiken. Als de tentoonstelling bij onze eigen tijd komt, verbleekt hij – definitief. In plaats daarvan kijken we naar een wand met portretten van de Nigeriaanse kunstenares Ngozi Schommers. Ze toont zwarte vrouwen die het lot in eigen hand nemen. Sommigen ontmoette ze op reizen naar Nigeria en Ghana, op de luchthaven of onderweg op busstations tussen Accra en Takoradi, anderen in Europa, tussen Bremen, Hamburg en Zürich. We lezen op hun gezichten de kernboodschap van deze tentoonstelling: vreemdsoortigheid wordt geconstrueerd.

    Auteur: Swantje Karich
    Vertaler: Marten de Vries

    Openingsbeeld: Affiche van de Noord-Duitse Lloyd, ca. 1927. – © Deutsches Schiffahrtmuseum Bremerhaven

    Die Welt
    Duitsland | dagblad | oplage 202.000

    Profileert zich als conservatief. Op economisch gebied zeer uitgebreid, tevens aandacht voor toerisme en de huizenmarkt. In 1946 door de Britten in Hamburg opgericht.

  • Had Ensor wel een geheim?

    Had Ensor wel een geheim?

    Dankzij de Belgische schilder Luc Tuymans kan nu ook Londen kennismaken met James Ensor. De bekende Britse kunstcriticus Martin Gayford ging kijken in de Royal Academy.

    Op 2 augustus 1933 vond een van de merkwaardigste ontmoetingen van de twintigste eeuw plaats: Albert Einstein lunchte met James Ensor. Het schijnt dat Einstein heeft geprobeerd Ensor zijn relativiteitstheorie uit te leggen, maar dat die hem niet begreep. Die avond hield de schilder een toespraak met de titel ‘Ensor aan Einstein’, die eindigde met een soort verontschuldiging. ‘Ach en wee!’ riep hij uit, schilders waren slaven van het zien en verzetten zich ‘tegen positieve rede, tegen berekeningen, tegen waarschijnlijkheden.’

    Toch speelt het relativiteitsbeginsel een grote rol in Intrigue: James Ensor by Luc Tuymans in de Londense Royal Academy. Dit is niet zomaar een tentoonstelling met werken van Ensor, het is Ensor gezien vanuit het perspectief van Tuymans, de meest gevierde levende Belgische schilder. Het resultaat is eigenaardig, niet altijd makkelijk te volgen, maar bepaald, ja, intrigerend.

    Veel van Ensors werk gaat over bedrieglijkheid en verborgen zaken

    Ensor (1860-1949) was een vreemd, raadselachtig figuur, als schilder en als man. Zijn vader was een uitgeweken Engelse alcoholist en zijn moeder kwam uit de Vlaamse badplaats Oostende, waar het gezin een souvenir- en curiosawinkel dreef. Volgens Tuymans voelde Ensor zich diep gekwetst toen collega-kunstenaar Léon Spilliaert een keer tegen hem zei dat Oostende niet de hele wereld was.

    Voor Ensor was de badplaats wel zijn hele wereld. Hij bleef er in ieder geval zijn leven lang wonen en werken en zijn schilderijen zijn doordrongen van de frivole sfeer daar. Hij begon zijn schildersloopbaan als getalenteerd vertegenwoordiger van het sombere Noord-Europese realisme uit de tijd. Op vroege schilderijen, zoals Het burgersalon (1880) en Namiddag te Oostende (1881) zijn donkere interieurs te zien met zwaar opgezette verf en een verstikkende, ingetogen sfeer. Daarna, toen hij halverwege de twintig was, begon hij bijna per ongeluk bizarre dingen toe te voegen aan zijn middenklassenaturalisme. Vanaf een zelfportret uit 1883 kijkt zijn ernstige, knappe gezicht met keurig Van Dyck-baardje je aan, maar alle aandacht gaat naar een frivole hoed met kunstbloemen en een lange afhangende veer.

    Is dit een grapje, een handig stukje reclame voor hemzelf – dat toch de aandacht vasthoudt – of bekent de schilder hier misschien dat hij zich graag uitdoste in vrouwenkleding? Een essay in de catalogus speelt met de mogelijkheid dat op het vreemde en schitterende schilderij De verbazing van het masker Wouse (1889) onder de oudevrouwenkleren en het carnavalskostuum van de hoofdfiguur de negenentwintigjarige Ensor zelf schuilgaat.

    Dit is niet de enige keer dat er Ensor iets heeft van een Belgische Grayson Perry uit het fin de siècle. Soms duikt hij onder in een idioom dat in de buurt komt van de ongeschoolde amateurkunst, strips of, in het geval van De baden van Oostende (1890) een ouderwetse pikante ansichtkaart. Hierop is een vol strand te zien met allerlei stripachtige figuren in gestreept badkostuum en een overvloed aan blote billen die boven de golven uit komen.

    James Ensor, Het schilderend geraamte, 1896.
    James Ensor, Het schilderend geraamte, 1896.

    Tuymans doet geen poging om Ensors kunst te verklaren, maar voegt er een extra complicerende laag aan toe. Zijn tentoonstelling begint met wat authentiek filmmateriaal uit de jaren twintig van Ensor in Oostende lijkt, maar een nepfilm uit 2002 is. Tuymans zegt dat hij een element van ‘onechtheid’ wilde toevoegen – en dat is inderdaad een passende benadering. Veel van Ensors werk gaat over bedrieglijkheid en verborgen zaken.

    Het hart van de tentoonstelling is De Intrige. Op dit schilderij is een groep figuren te zien, misschien carnavalsvierders, met starende ogen en grijnzende maskers. Het effect is tegelijkertijd vrolijk, sinister en verontrustend, omdat je niet precies weet hoe je het schilderij moet opvatten. Is het een satire op de hypocrisie van de middenklasse, een grap, een droom? Ensor legt het niet uit, en dat is deels de kracht van het beeld.

    schermafbeelding 2016 11 30 om 12 29 06

    In de catalogus laat Tuymans een radicale gedachte doorschemeren. Hij zegt dat, nadat Einstein – tevergeefs – had geprobeerd de relativiteitstheorie voor Ensor uit de doeken te doen, hij hem vroeg wat Ensor had geschilderd. ‘Niets,’ antwoordde Ensor, en dat, zegt Tuymans, is iets om in gedachten te houden.

    Misschien was Ensors geheim wel dat hij helemaal geen geheim had. Hij zette het ene beeld naast het andere – als een soort collage – tot ze samen een mooi geheel vormden, juist door hun tegenstellingen. Veel hedendaagse kunstenaars werken zo (Gilbert & George bijvoorbeeld), door lagen beelden bij elkaar te brengen die niet logisch bij elkaar lijken te passen.

    Op Het Schilderend Geraamte (1896) is heel precies een foto nageschilderd van de kunstenaar in zijn atelier, alleen heeft hij zichzelf getransformeerd tot een bedachtzaam kijkend doodshoofd. Hij staat aan zijn ezel, keurig gekleed in een blauw pak, en zijn gezicht is een benige schedel met grote, schitterende ogen.

    Hier doet Ensor denken aan G&G. Dat komt niet alleen door het pak dat hij draagt, het komt ook doordat je niet weet of hij je voor de gek houdt of niet. Maar dat is vaak zo in de kunst – zoals Ensor bij die lunch misschien wel aan Einstein probeerde uit te leggen (tenzij Tuymans dat antwoord verzonnen heeft, natuurlijk).

    Auteur: Martin Gayford
    Vertaler: Annemie de Vries

    Martin Gayford schrijft vooral over kunst en jazz. Hij is op dit moment de kunstcriticus voor The Spectator, en schreef onlangs samen met David Hockney het boek A History of Pictures: from Cave to the Computer Screen. Eerder publiceerde hij boeken over (het werkproces van) Vincent van Gogh, John Constable, Lucian Freud en Michelangelo.

    Intrigue: James Ensor by Luc Tuymans
    Royal Academy, Londen, nog tot 29 januari 2017

    The Spectator
    Verenigd Koninkrijk | weekblad | oplage 76.950

    Springplank voor aspirant-parlementariërs. Opgericht in 1828 en nog altijd het kompas voor intellectuelen en conservatieve leiders. Sterke analyses, scherp van toon.

  • De comeback van Maurizio Cattelan

    De comeback van Maurizio Cattelan

    Na enkele jaren van afwezigheid is Maurizio Cattelan, het Italiaanse enfant terrible van de kunstwereld, terug met een tentoonstelling in Parijs. Gaat dat zien.

    Hij is over de hele wereld bekend en zijn reputatie van provocerend kunstenaar vol zwarte humor is al ruimschoots gevestigd, maar toch heeft de Italiaanse kunstenaar Maurizio Cattelan nooit eerder een eigen expositie in Frankrijk gehad. Zijn werk is wel te zien geweest bij de galeriehouder die hem vertegenwoordigt, Emmanuel Perotin, en een paar keer in een tentoonstelling van de collectie-François Pinault. Maar dit is voor het eerst dat er in een Frans museum een speciaal aan hem gewijde tentoonstelling plaatsvindt.

    Waarom dat zo is, is niet duidelijk, als er al een reden voor bestaat. Wel duidelijk is dat het museum Monnaie de Paris op weg is een van de interessantste plekken van de stad te worden. Na het duo Raymond Hains-Bertrand Lavier, maakt nu Cattelan zich meester van dit in 1775 gebouwde herenhuis, van de voorgevel, de grote trap en de salons met hun houtsnijwerk en spiegels. Hij maakt op een mooie en tegelijk brutale manier gebruik van de architectuur van het gebouw, zowel buiten als binnen.

    Cattelan heeft vaker figuren van jonge mensen in een stad opgehangen

    Eigenlijk zou er geen sprake zijn geweest van deze Parijse expositie, als Cattelan zich had gehouden aan het plan dat hij in 2011 aankondigde bij zijn expositie in het New Yorkse Guggenheim Museum. Dat retrospectief, onder de titel All, zou zijn laatste tentoonstelling worden; hierna zou de kunstenaar zich uit de kunstwereld terugtrekken. Dat besluit – als het al serieus gemeend was – heeft niet lang standgehouden. In 2013 was hij al even te zien bij de Zwitserse Fondation Beyeler, en nu heeft Cattelan zich laten verleiden om naar het eerbiedwaardige paleis van de Monnaie te komen.

    Het eerste wat je ervan ziet zijn de banieren waarmee hij de hele gevel langs de kade heeft behangen. Het zijn bijzondere banieren, rechthoeken van zwart doek, die aan de balkonnetjes zijn bevestigd. Op elk doek staat in grote gouden letters een bijvoeglijk naamwoord: ‘gehaat’, ‘onhandelbaar’, ‘teder’, ‘wreed’, ‘diepgravend’, ‘intens’.

    Elk woord zou iets moeten zeggen over Cattelan zelf, al is dat bij het ene woord duidelijker dan bij het andere. Sommige woorden spreken elkaar tegen en laten zo zien dat de mens ondefinieerbaar en ongrijpbaar is. Gehaat klinkt wel erg heftig. Teder, dat weten we niet. Maar een van de woorden klopt in elk geval wel, zeker nu de zwarte banieren de associatie met rouw oproepen: ‘melancholiek’.

    Cattelan gebruikt het symbool van Saturnus, een verontrustende god. Een dodelijke god zelfs: waarom bungelt er anders een pop van een jongeman aan het dak?

    Cattelan heeft vaker figuren van jonge mensen in een stad opgehangen en in 2004 veroorzaakte dat in Milaan zo’n schok dat een man gewond raakte bij een poging om zo’n ‘gehangene’ los te maken. Bij de Monnaie zou je daarvoor wel een erg hoge ladder nodig hebben, maar ook hier zullen voorbijgangers ongetwijfeld een schok krijgen als ze omhoogkijken.

    La Nona Ora (1999), een van de bekendste werken van Maurizio Cattelan.
    La Nona Ora (1999), een van de bekendste werken van Maurizio Cattelan.

    Zo ben je al gewaarschuwd voor je het museum binnengaat. Bij het beklimmen van de grote trap wacht je meteen een volgende verrassing. Ik zal niet verklappen wat die inhoudt, want dat zou het effect bederven. Dus zeg ik alleen dat de twee werken die Cattelan hier laat zien, het één hangend, het andere in een nis in de muur, duidelijk een religieuze connotatie hebben.

    Cattelan komt uit het Italiaanse Padua, hij is dus vertrouwd met de iconografie van heiligen en martelaren, en wekt die ruw tot leven. Het is dan ook logisch dat het volgende werk La Nona Ora is – het negende uur, oftewel het uur waarin de gekruisigde Christus stierf. Het is een sculptuur van paus Johannes Paulus de Tweede die wordt verpletterd door een meteoriet.

    Dit werk is al sinds 1999 bij verschillende gelegenheden te zien geweest, maar het blijft zonder moeite actueel en behoudt zijn ontregelende kracht.

    Hierna volgt een serie werken die nu eens verontrustend of onaangenaam zijn, en dan weer mooi of grappig om te zien. Cattelan kent de klassieke wetten van het theater en weet hoe belangrijk het is om plotselinge wendingen aan te brengen. Tot de tweede, aangename categorie behoren een paar van zijn bekendste sculpturen.

    Bijvoorbeeld dat waarbij zijn eigen hoofd en schouders door een gat in de vloer tevoorschijn komen: het beeld staat een etage lager op een krukje. Of het knusse gezinnetje, bestaande uit een reu, een teefje en hun jong. Of de vele duiven die hoog op een wit randje zitten, alsof iemand het raam open heeft laten staan.

    Maurizio Cattelan poseert bij zijn kunstwerk Is There Life Before Death bij de opening van zijn tentoonstelling in Parijs. © Chesnot / Getty
    Maurizio Cattelan poseert bij zijn kunstwerk Is There Life Before Death bij de opening van zijn tentoonstelling in Parijs. © Chesnot / Getty

    Het lachen vergaat je wel bij het zien van All, in een aparte zaal: naast elkaar op de vloer liggen twee wit marmeren sculpturen; het zijn eigenlijk alleen maar witte doeken, maar zo geplooid dat de onzichtbare vormen eronder niets anders kunnen zijn dan dode lichamen. Zijn het slachtoffers van een ramp, van een executiepeloton of een epidemie? Een vraag die niet beantwoord wordt.

    Vlak daarbij heeft een groot bruin paard zich zo krachtig tegen een muur gestort dat zijn hoofd erin is verdwenen. Nog een paar stappen verder vind je We: twee versies van de kunstenaar zelf, niet meer dan een meter lang, die naast een kinderbedje liggen. De ogen van deze tweeling zijn open, maar zo uitdrukkingloos dat je wel moet aannemen dat ze dood zijn.

    Dit werk toonde de kunstenaar voor het eerst bij een expositie in een voormalig slachthuis op het Griekse eiland Hydra, waar nog de lucht van bloed hing. In deze achttiende-eeuwse kamer is het niet minder verontrustend. Ook hier duiken verwijzingen op naar het verleden, grafportretten, kasten met relikwieën uit kerken. Weinig hedendaagse kunstenaars laten zo overtuigend zien dat het mogelijk is om eeuwenoude motieven met behulp van hedendaagse methoden hun symbolische en psychologische lading terug te geven.

    Die lading is wel heel sterk aanwezig in Him: Hitler op zijn knieën, in gebed, met een grijs pak, zwarte stropdas en zwarte schoenen – bijna ondraaglijk pijnlijk. Het beeld is afgelopen mei in New York voor bijna 15 miljoen euro verkocht. Maar het is duidelijk dat Cattelan met dit bleke hoofd, deze verdorven grimas een van de indringendste – en een van de simpelste – symbolen van de twintigste eeuw heeft gecreëerd.

    Auteur: Philippe Dagen
    Vertaler: Annemie de Vries

    Not Afraid of Love. Monnaie de Paris, quai de Conti 11, 6e arr. Parijs. Elke dag geopend van 11.00-19.00 uur, donderdag tot 22.00 uur. Entree: € 12. Tot 8 januari. Monnaiedeparis.fr.

    De twaalf geboden van Maurizio Cattelan

    Maurizio Cattelan leek de kunst vaarwel te hebben gezegd. In deze ‘Twaalf geboden’ legt hij uit hoe hij zich bedacht.

    1 Een retrospectief is altijd net zoiets officieels geweest als een huwelijk: een fatsoenlijk instituut, dat je moet mijden als de pest.
    2 Je moet nooit achterom kijken, tenzij dat is waar je heen wilt.
    3 Bij het inrichten van de tentoonstelling moet je een heel akelige waarheid onder ogen zien: sommige van je werken zijn minder goed dan andere.
    4 Je kunt niets nieuws leren van wat je al hebt gedaan.
    5 Een retrospectief is als een mondelinge overhoring: hij komt altijd op het moment dat je er het minst op voorbereid bent; je kunt maar beter met je mond vol tanden blijven staan, als dat kan.
    6 Gouden regel: ga nooit twee keer naar hetzelfde meisje/kunstwerk, de tweede keer is altijd slechter dan de eerste.
    7 Nostalgie naar het verleden is als een stroop waarin je kunt stikken.
    8 Werken van vroeger zijn als mensen van wie ik heb gehouden; ik hou nog steeds van ze, ook al steek ik de straat over om ze te ontlopen.
    9 Waarom zou je tijd verspillen met terugdenken aan dezelfde dingen, in plaats van op zoek te gaan naar het moment waarop de grote ideeën opspringen, als kikkers in een vijver, onverwacht, ontelbaar, niet altijd mooi om te zien?
    10 Hoe vager en tweeslachtiger een symbool is, hoe meer betekenis en kracht het krijgt. Maar als je dan meer dan één bij elkaar in een ruimte zet, kan dat alleen maar een onbeschrijflijke chaos opleveren.
    11 Kunstwerken zijn als rouw: je hoeft ze echt niet vaker dan één keer te beleven.
    12 Ik ben nog niet dood.

    De kunstenaar over zijn geboden:

    Dat waren mijn twaalf geboden, mijn twaalf goede redenen om geen expositie te houden. Kunstwerken scheppen is een beetje als kinderen maken en ze dan bij het vuilnis zetten. Je voelt je schuldig en je ziet ze liever niet in de buurt staan. Zo is het voor mij altijd geweest, ook toen Chiara Parisi me uitnodigde om te exposeren in de Monnaie. Ik stelde als enige voorwaarde dat ik een idee zou krijgen en dan een nieuw werk zou scheppen. Maar de maanden gingen voorbij, de tentoonstelling werd aangekondigd, en er kwam geen idee. De expositie moest dus gemaakt worden zonder mij, een Cattelan zonder Cattelan. Op dat moment, bevrijd van al mijn verantwoordelijkheden, voelde ik me vrij om mijn kijk te geven op een tentoonstelling die ik anders nooit geaccepteerd zou hebben. Een man die weet dat hij ter dood veroordeeld is, kan zich ineens ongelooflijk goed concentreren, en roept ‘Eureka!’

    Kunstwerken scheppen is een beetje als kinderen maken en ze dan bij het vuilnis zetten. Je voelt je schuldig en je ziet ze liever niet in de buurt staan

    Dat overkwam mij bij de installatie van de werken in de Monnaie. Daar ontdekte ik voor het eerst dat mijn twaalf geboden niet absoluut zijn. De zoons die ik had verstoten waren opgegroeid, het waren volwassenen geworden, die graag met mij in discussie wilden, zonder opdringerig te zijn. Het is misschien een dysfunctioneel gezin, maar als je het lijk in de kast niet kunt kwijtraken, laat het dan dansen. Het is deze dans die te zien zal zijn in Not Afraid of Love, hij lijkt misschien macaber, maar hij is even doordacht als een toespraak, en even serieus als de werkelijkheid.’

    Le Monde
    Frankrijk | dagblad | oplage 345.000

    In 1944 opgericht op initiatief van De Gaulle. Iconische krant, gehecht aan zijn onafhankelijkheid (maar sinds 2010 wel eigendom van drie private investeerders). Om recht te doen aan de titel ‘De wereld’ houdt Le Monde een groot netwerk van correspondenten in stand.