Het verhaal gaat dat Rusland steeds vaker Oekraïense kinderen inschakelt bij terroristische aanslagen. Volgens de Oekraïense veiligheidsdienst zouden er alleen al sinds begin 2025 zeven gevallen zijn ontdekt van kinderen die werden gerekruteerd om terroristische aanslagen uit te voeren. Dat schrijft de Poolse krant Gazeta Wyborcza.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Zo zijn er de afgelopen weken twee kinderen gedood in de regio’s Ivano-Frankivsk en Charkiv. Ze moesten een flat huren waar ze twee zogenaamde geïmproviseerde explosieven in elkaar moesten zetten en verstoppen in thermosflessen. De Russische troepen, die hen met GPS hadden gevolgd, lieten de lading die ze bij zich hadden exploderen.
Rusland zet de kinderen naar verluidt in om ongewenste getuigen weg te werken en om het beloofde geld niet te hoeven betalen. Volgens onderzoekers worden kinderen met name geronseld via het sociale netwerk Telegram, waar ze worden gelokt met hoge salarissen en vaak in het Oekraïens worden benaderd om hun vertrouwen te winnen.
Sajid Mir staat op FBI-lijst van meest gezochte terroristen
Pakistan heeft het vermoedelijke brein achter de terroristische aanslagen van 2008 in de Indiase stad Mumbai gearresteerd. De man, Sajid Mir, staat op de FBI-lijst van meest gezochte terroristen. Hij wordt al meer dan tien jaar gezocht door zowel de Verenigde Staten als India.
’Pakistan dacht jarenlang dat hij onvindbaar of zelfs dood was’
Hammad Azhar, een voormalig minister in de Pakistaanse regering en een Pakistaanse ambtenaar hebben onafhankelijk van elkaar aan Nikkei Asian Review zijn arrestatie bevestigd. Volgens de ambtenaar is de man, van wie Pakistan ‘jarenlang dacht dat hij onvindbaar of zelfs dood was’, nu eindelijk opgepakt. Ook een FBI-medewerker, die anoniem wenst te blijven, heeft de krant gezegd dat Mir ‘in leven is, in hechtenis zit en veroordeeld is’ in Pakistan.
Sajid Mir heeft banden met de Pakistaanse terroristische organisatie Lashkar-e-Taiba, die hoogstwaarschijnlijk achter de aanslagen van november 2008 zat. Een groep van tien gewapende mannen voerde toen aanvallen uit op meerdere doelen, waaronder het Taj Mahal Hotel in Mumbai. Ongeveer honderdzeventig mensen werden gedood, voornamelijk Indiërs, naast zes Amerikanen en toeristen uit andere landen.
De Koerden moeten de gevangen IS-strijders met een Duits paspoort, dringend kwijt. Duitsland wil ze niet hebben.
Ze hebben mogelijkerwijs oorlogsmisdaden begaan, Yezidi-vrouwen verkracht en burgers gemarteld en vermoord. Ze vormen een bedreiging, een veiligheidsrisico, ze zijn geradicaliseerd en door naar Duitsland terug te keren zullen ze dat radicalisme niet automatisch kwijt zijn. Moeten we hen echt terughalen?
Jazeker: als er voldoende verdenking tegen hen bestaat, kunnen de ex-IS-strijders onmiddellijk in voorarrest worden gezet. Als er voldoende bewijs is, kan het openbaar ministerie hen aanklagen. Na een langdurig proces zal de strafrechter de verdachten uiteindelijk wegens lidmaatschap van een terroristische organisatie (omdat er verder geen bewijs is) tot drie jaar gevangenisstraf veroordelen. Die ze al in voorarrest hebben uitgezeten. Moet dat zo? Kan het niet anders? Is dat de prijs van de rechtsstaat?
Daar is een pragmatisch argument voor: Duitsland verwacht dat andere landen hun onderdanen ook terugnemen als die worden teruggestuurd omdat ze in Duitsland een gevaar voor de veiligheid zijn. Dus kan Duitsland moeilijk weigeren Duitse terroristen uit Syrië terug te nemen. Mits het Duitsers zijn. De eis om deze mensen hun Duitse nationaliteit te ontnemen, is dan ook snel uitgesproken. Maar dat kan niet, omdat de grondwet strikt voorschrijft: ‘Het Duitse staatsburgerschap mag iemand niet ontnomen worden.’ De nazi’s hadden zich schandelijk misdragen door mensen de Duitse nationaliteit af te nemen, en de opstellers van de grondwet wilden elk oneigenlijk gebruik van het afnemen van het staatsburgerschap dan ook absoluut voorkomen. Maar de grondwet maakt onderscheid tussen het afnemen van het staatsburgerschap, wat absoluut verboden is, en het onder voorwaarden toegestane verlies van het staatsburgerschap.
Afnemen is absoluut ontoelaatbaar als betrokkene redelijkerwijs zelf geen invloed heeft op het verlies van het staatsburgerschap. De voorwaarden waaronder het verlies van het staatsburgerschap toelaatbaar is, zijn geformuleerd in de wet op het staatsburgerschap. Zo verliest een Duitser het Duitse staatsburgerschap als hij zonder toestemming van de Duitse staat in vreemde krijgsdienst treedt. De reden: hier gaat het, zo zien juristen dat, om het zich eenduidig en vrijwillig afkeren van Duitsland.
Hebben deze strijders door bij IS te gaan het Duitse staatsburgerschap verloren, conform deze wet? Alleen wanneer je de ‘Islamitische Staat’ niet als een terreurgroep maar als een buitenlandse staat beschouwt. En in de tweede plaats als de IS-terrorist staatsburger van die staat is.
IS heeft in elk geval als staat opgetreden en de IS-strijders zijn tot deze staat toegetreden. Daardoor is in elk geval naar de geest en naar het doel voldaan aan de voorschriften voor het verlies van het Duitse staatsburgerschap. Door als huurling in vreemde krijgsdienst te treden, is het Duitse staatsburgerschap dus verloren gegaan.
Als reactie op de aanslagen van 13 november presenteerde de Franse regering een omstreden grondwetswijziging, met daarin het plan om terroristen de Franse nationaliteit te ontnemen. Minister van Justitie Christiane Taubira trad uit protest af. Al zag iedereen haar vertrek al maanden aankomen.
‘Een kruiwagen vol kikkers die alle kanten op springen.’ Met deze beeldspraak beschreef de rechtse krant Le Figaro de reacties van links op het aftreden van minister Christiane Taubira.
Met haar vertrek, dat voor flamboyant moest doorgaan maar al maandenlang werd verwacht, sloeg de voorvechtster van het homohuwelijk, die ondanks haar matige beleidsresultaten een links icoon was geworden, een deur achter zich dicht die al flinke tijd stond te klapperen.
‘Soms is je verzetten synoniem met vertrekken,’ verklaarde de voormalig minister op de gloedvolle toon die haar eigen is. Wat aan premier Valls onmiddellijk de reactie ontlokte dat ‘je verzetten tegenwoordig niet meer betekent dat je iets van de daken schreeuwt, maar dat je het hoofd biedt aan de realiteit van het land’.
De minister lag al meer dan een jaar overhoop met de regering
Toch kon je het vertrek van Christiane Taubira al maanden zien aankomen. De Franse pers zinspeelde er al sinds de herfst op. Waarnemers hadden zelfs verklaard dat de regering-Hollande de eerste van de Vijfde Republiek was met zo veel oppositie binnen haar eigen gelederen.
‘Een minister moet zijn mond houden of aftreden’: deze aan de voormalige socialistische minister Jean-Pierre Chevènement toegeschreven woorden zijn nooit het adagium van Christiane Taubira geweest. Maar na de liberale wending van het economische beleid van Hollande kon haar vertrek niet uitblijven.
Emoties
De minister lag al meer dan een jaar overhoop met de regering van Manuel Valls en had alle denkbare vernederingen ondergaan. De strafrechtshervorming en de antiterreurwet waren zonder haar steun tot stand gekomen.
In feite was de Franse grondwetswetswijziging die het mogelijk maakt terroristen met een dubbele nationaliteit hun Franse staatsburgerschap te ontnemen voor Christiane Taubira het ideale excuus om een uiterst symbolische kwestie uit de weg te gaan. Hoe valt dan te verklaren dat zo’n langverwachte beslissing zo veel emoties heeft opgeroepen bij links?
De enige behendigheid waarvan François Hollande de afgelopen drie jaar heeft blijk gegeven, bestond uit de combinatie van steeds meer liberale economische hervormingen met een aantal symbolische overwinningen om de linkervleugel van zijn partij koest te houden, zoals het mogelijk maken van het homohuwelijk.
Als specialist van de ‘synthese’ hoopte Hollande op die manier Taubira nog een tijdje binnenboord te kunnen houden. In elk geval tot de volgende kabinetswijziging. Dan zouden de gevolgen minder desastreus zijn geweest.
‘Hollande wilde haar behouden, Valls moest de grondwetswijziging erdoor loodsen zodat er een echte kabinetswijziging kon worden doorgevoerd als de storm was gaan liggen,’ aldus een vertrouweling van François Hollande in het dagblad Le Parisien. ‘Haar vertrek maakt het vervolg bijzonder gecompliceerd.’
Impopulariteitsrecords
François Hollande heeft altijd gedacht dat Christiane Taubira, ook al gooide ze haar kont tegen de krib, nuttiger voor hem was binnen de regering dan daarbuiten. In de eerste plaats om zijn handen vrij te kunnen houden zodat hij bij de volgende kabinetswijziging eventueel op zoek kon gaan naar nieuwe linkse ministers. In de tweede plaats omdat het binnenboord houden van Taubira de beste manier was om te voorkomen dat ze zich eventueel kandidaat zou stellen voor het presidentschap. Dat Lionel Jospin van Jean-Marie Le Pen verloor in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen van 2002 is een vernederende ervaring die de president altijd is blijven achtervolgen. Deze nederlaag werd vooral in de hand gewerkt door de kandidatuur van Christiane Taubira, die 2,3 procent van de stemmen binnenhaalde.
François Hollande, die de impopulariteitsrecords blijft breken, zal de eerste ronde nooit overleven als hij ter linkerzijde zo’n kandidaat tegenover zich vindt. De Franse pers vergelijkt Taubira met een ‘granaat waar de pin uit is gehaald’.
Niemand in Parijs gelooft Taubira wanneer ze verklaart: ‘Ik ga terug naar Guyana om mijn boeken te kunnen lezen onder een koepel van licht.’ Daarvoor lijkt haar vertrek te minutieus voorbereid. De voormalige minister heeft voor de komende weken diverse openbare optredens op het programma staan.
Op vrijdag 28 januari hield ze al een eerste toespraak voor de rechtenfaculteit van de Universiteit van New York. Haar uitgever Bayard kondigt aan dat ze op 9 maart aanstaande een boek zal publiceren, nauwelijks zes weken na haar aftreden. Voor een petitie die aandringt op haar presidentskandidatuur zijn al twintigduizend handtekeningen verzameld, ook al heeft de ex-minister verklaard dat ze ‘absoluut niet’ beschikbaar is.
Sinds het vertrek van Taubira gonst het bij uiterst links van de geruchten. Door haar vertrek wordt opnieuw gespeculeerd over een linksere kandidaat voor de eerste ronde dan François Hollande. Bekend is dat dit idee wordt geopperd door persoonlijkheden als de linkse econoom Thomas Piketty en de voormalige groene Europarlementariër Daniel Cohn-Bendit. Afgaande op de jongste regionale en departementale verkiezingen heeft uiterst links nog nooit zo weinig kiezers gehad. Vandaar dat premier Manuel Valls alleen maar zijn schouders ophaalt en zijn blik op het midden gevestigd houdt.
Auteur: Christian Rioux
Le Devoir Canada, dagblad, oplage 26.000
Henri Bourassa publiceerde in 1910 het eerste nummer van Le Devoir met de belofte een opiniërende krant met ideeën te maken en het nationalisme een nieuwe impuls te geven. Tegenwoordig heeft het onafhankelijke dagblad een solide, soevereine reputatie.
Ze behoren tot de meest gezochte terroristenleiders van dit moment: Iyad Ag Ghali, leider van de Malinese islamitische groepering Ansar Dine, en Mokhtar Belmokhtar (rechterpagina), chef van de terreurgroep Al-Mourabitoun.
Beroemde stemmen in Mali suggereren dat de regering de hand reikt naar Iyad Ag Ghali, aan wiens eigen hand Malinees bloed kleeft. Onderhandelen? Waarom niet? Iyad verschilt tenslotte weinig van de leden van de Nationale Beweging voor de Bevrijding van Azawad (MNLA) die strijdt voor een onafhankelijke Toeareg- staat, ook al heeft het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken al in 2013 een prijs op zijn hoofd gezet. Net als zijn vader is Iyad gehecht aan Mali.
In een vorig leven was de chef van Ansar Dine nog niet de strenge baardman die nu het liefst wil vergeten dat hij ooit een bon vivant was, en in de jaren negentig zelfs journalist bij het weekblad Amawal. Maar het idee om te onderhandelen met een bondgenoot van Al-Qaida in de Islamitische Maghreb (AQIM) kan problematisch lijken vanwege zijn nieuwe ideologische oriëntatie.
In een vorig leven was Iyad een levensgenieter die alcohol dronk
Toch gaat Iyad, die in 1958 is geboren in Boghassa in de noordelijke regio Kidal, door voor een nationalist, ondanks zijn veelbewogen levensloop voordat hij jihadist werd. ‘In 2012 heeft hij zich verzet tegen de tweedeling van Mali’, aldus een journalist uit Timboektoe. Zijn vader, Ghaly Ag Babakar, kwam om tijdens de opstand van de Toeareg die duurde van 1962 tot 1964 en werd er door andere rebellen van beschuldigd dat hij collaboreerde met de Malinese staat. Iyad bracht zijn kinderjaren door in Abeïbara en ging naar school in Tin-Essako. Hij verliet Mali in 1973 en vestigde zich in 1975 in Libië, waar hij lid werd van het Islamitische Legioen van Moammar Gaddafi.
Begin jaren tachtig leek Iyad geen Malinese plannen te hebben, want hij week uit naar Libanon, waar hij tegen de Libanese falangisten en het Israëlische leger streed aan de zijde van de PLO. Hij viel vooral op tijdens de slag om Beiroet in 1982 en werd op 30 augustus samen met de andere PLO-strijders en Yasser Arafat uit de stad geëvacueerd.
In 2013 kwamen de Tsjadiërs die jacht maakten op terroristen in het Adrar des Ifoghas-gebergte in het noorden van Mali Iyad niet voor de eerste keer tegen. Tijdens het conflict tussen Tsjaad en Libië in 1983 had de rekruut van Gaddafi al voet op Tsjadische grond gezet voordat hij in 1984 terugging naar Libië.
Het was in die tijd dat de problemen in Mali weer begonnen. Van 1985 tot 1990 werkte Iyad, gesteund door de Libische regering, mee aan de voorbereidingen voor een nieuwe opstand van de Toeareg in Mali, onder leiding van generaal Moussa Traoré. In 1988 vormde hij de Volksbeweging voor de Bevrijding van Azawad (MPLA). In de nacht van 28 op 29 juni 1990 overvielen Iyad Ag Ghali en zijn mannen het politiebureau in de stad Ménaka. Onder de agenten vielen diverse doden, de overvallers vertrokken met een groot aantal wapens. De Toeareg-opstand van 1990 tot 1996 was een feit. Enige tijd later begonnen de onderhandelingen met de Malinese regering en op 6 januari 1991 tekenden Iyad Ag Ghali en zijn mannen het Tamanrasset Akkoord.
De MPLA veranderde zijn naam in Volksbeweging van Azawad (MPA). Vervolgens stapten vele rebellen uit de MPA, omdat ze vonden dat die te veel werd gedomineerd door de Ifoghas-stam. Om dezelfde reden stichtten de Chamanamas het Volksfront voor de Bevrijding van Azawad (FPLA), dat werd geleid door Rhissa Ag Sidi Mohamed en Zeidan Ag Sidalamine.
De Imghad-stam stichtte op zijn beurt het Revolutionaire Bevrijdingsleger van Azawad (ARLA), dat werd geleid door Abderamane Ghala. Maar het vredesproces kreeg zijn beloop en op 11 april tekenden vier rebellengroepen, waaronder MPA, het Verdrag van Nationale Verzoening met de staat Mali, waar een jaar eerder nog een militaire coup had plaatsgevonden.
Radicalisering
Belangrijk was dat Iyad Ag Ghali aan het hoofd van de MPA bleef staan, de meest gematigde maar ook invloedrijkste rebellengroep, en de vrede met de staat Mali respecteerde. Maar toen er in 1993 een conflict uitbrak tussen de Ifoghas van MPA en de Imghads van ARLA, ontvoerden de laatsten zelfs Intalla Ag Attaher, de amenokal (koning) van de Ifoghas. Dus de ontvoering van leden van rivaliserende groepen in het noorden van Mali is niet alleen een recent verschijnsel. Bij wijze van represaille verjaagden Iyad Ag Ghali en zijn mannen ARLA uit de regio Kidal.
Sommige Iyad-kenners herinneren zich hem als een levensgenieter, die zelfs weleens alcohol dronk. Maar vanaf 1996 begon hij moskeeën te bezoeken. In datzelfde jaar scheidde hij van zijn eerste vrouw en hertrouwde met Anna Walet Bicha, die door sommigen als een vroegere rebellenstrijdster wordt omschreven. Bicha was gescheiden van El Hadj Ag Gamou, de voormalige rebellenleider die later generaal van het Malinese leger werd en een gezworen vijand was van Iyad. Vanuit Kidal, waar hij zich vestigde, bleef Iyad Pakistaanse predikers van de extreme islamitische beweging Jamaat Al-Tabligh bezoeken. In 1998 werd hij lid van Dawa, een islamitische sekte, en tussen 1998 en 2000 onderhield hij ook banden met moskeeën in Bamako. Daarna radicaliseerde hij tot eind 2011 steeds verder, wat de Malinese journalist Chahana Takiou ertoe bracht te schrijven: ‘Iyad is gek geworden.’ Met die woorden sprak de journalist zijn verbazing uit over het verzoek van de nieuwbakken jihadist om de sharia in Kidal toe te passen.
Auteur: Soumaila T. Diarra
Vertaler: Peter Bergsma
Le Républicain Mali | dagblad | oplage 20.000
Toen het regime van Moussa Traoré in 1991 ten val kwam, verscheen de verbannen Tiébilé Dramé weer ten tonele. Hij stond aan de basis van dit onafhankelijke dagblad.h3.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.