Tag: Thelma

  • Gerecenseerd

    Gerecenseerd

    360 kiest een aantal door de buitenlandse pers beschreven concerten, voorstellingen, boeken, films en exposities die naar Nederland of België komen.


    FILM – Noorse Carrie kan zonder varkensbloed

    Romantische coming-of-agehorrorthriller

    Is de eerste keer dat je verliefd wordt voor iedereen al intens en overweldigend, bij Thelma, protagonist van de gelijknamige Noorse Oscarkandidaat, gaat het moment gepaard met een epileptische aanval en een zwerm vogels 
die zich om beurten tegen het raam storten van de bibliotheek waar ze Anja, object van haar verliefdheid, voor het eerst ziet. Haast nog verontrustender is dat ze geen epilepsie lijkt te hebben, terwijl de aanvallen blijven komen.

    Thelma blijkt over telekinetische, bovennatuurlijke krachten te beschikken, die, schrijft The Verge, zoals vaker in films symbool staan voor ‘de horror van de adolescentie’, die gekenmerkt wordt door ‘vreemde ontdekkingen (…) en de realisatie dat wie we in onze kindertijd zijn misschien niet is wie we altijd zijn’.

    Bij de jonge Thelma – gespeeld door Eili Harboe, door de kranten unaniem geprezen voor haar rol – is die kindertijd nog zeer aanwezig, omdat haar streng gelovige ouders haar niet loslaten als ze in Oslo gaat studeren – en verontrustende beelden in de film bovendien traumatische gebeurtenissen in haar jeugd suggereren. Haar ouders volgen haar online, bellen haar ’s nachts. Haar eerste biertje biecht ze aan haar afkeurende vader op.

    Deze mix van het kleine, persoonlijke drama 
en duistere, universele krachten maakt dat recensenten hun hoofd breken over het genre van deze vierde film van Joachim Trier (een ver familielid van Lars von Trier), wiens filmcarrière begon toen hij zijn eigen skatevideo’s ging produceren. ‘Telekinetisch drama is eng, sexy en cool’, kopt* The Guardian.* Vulture heeft het over ‘Bergmans remake van Carrie’. The New York Times verwoordt de verwarring misschien nog het mooist: ‘een coming-of-ageverhaal in de traditie van de Europese artfilm, die stevig flirt met het horrorgenre maar tegelijkertijd een 
liefdesverhaal is, een psychologische thriller, een bevrijdingsverhaal en een whodunit (en waarom). Bovenal speelt de film met female gothic, die zenuwslopende verhalen (…) waarin vrouwen tegelijkertijd slachtoffer en aanstichter zijn.’ Aftenposten looft de stoutmoedigheid waarmee Trier openlijk flirt met een genre dat zo weinig erkenning geniet (horror dus).

    Maar anders dan bij Brian De Palma’s Carrie (1976), waarvan het DNA onmiskenbaar tot deze film is doorgedrongen, blijft de horror in Thelma op de achtergrond. Zoals The Telegraph het verwoordt: er is geen emmer vol varkensbloed voor nodig om in de sfeer te komen. Voor Slant Magazine zit de kracht van de film in het complexe, realistische karakter van de hoofdpersoon en vlakken de horrorelementen de tweede helft af tot een gesloten cirkel van actie en experiment die ‘mijlenver afstaat van het adembenemende, ontroerende begin vol mysterie en belofte’.

    Thelma gaat begin december in première, en is vanwege de stroboscopische effecten niet geschikt voor mensen met epilepsie.

    schermafbeelding 2017 12 01 om 9 33 26 am

    TENTOONSTELLING – Yoga in het museum

    Inkt als middel om de ziel te reinigen

    Gao Xingjian (Ganzhou, 1940) is vooral bekend als auteur (onder meer van Berg van de ziel, 1990). Hij schreef op zijn tiende zijn eerste roman, waarna hij een prestigieuze kunstopleiding volgde om later 
in Beijing Frans te gaan studeren en vertaler te worden. Tijdens de Culturele Revolutie, waarin hij net als alle andere kunstenaars in China werd gedwongen zijn werk te verbranden, vertrok Xingjian naar Frankrijk, waar hij later het staatsburgerschap verkreeg. Hoewel hij in 2000 als eerste Chinese schrijver de Nobelprijs voor de Literatuur won, kent vrijwel niemand in zijn geboorteland zijn naam.

    Maar Xingjian heeft ook wereldwijd (Hongkong, Parijs, New York) geëxposeerd met zijn schilderijen, overwegend verstilde sneeuwlandschappen in de inkt-op-rijstpapiertechniek, waar The New York Times hem een meester in noemt. De afgebeelde silhouetten lijken zich meestal bij de kijker vandaan te bewegen en kunnen volgens Artsy evengoed ‘personen zijn als 
spirituele verlangens’. Volgens Artnet zijn het de ‘schaduwen van zijn diepste zelf’, die Xingjian naar eigen zeggen alleen in inkt kan weergeven. Hij ziet zijn werk niet als een vorm van zelfexpressie, maar van zelfpurificatie, schrijft The New York Times, en zijn ervaringen in China sterkten hem 
nog eens in de overtuiging dat je als kunstenaar geen enkele concessie mag doen. Aan L’Express beschrijft de kunstenaar het schilderen als ‘een vlucht, de weigering deel te nemen aan de drukte van het dagelijks leven en de menselijke interactie’, iets wat hem alleen lukt in een haast meditatieve toestand die hij bereikt door onder meer naar Bach en Philip Glass te luisteren.

    Speciaal voor de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België maakte Xingjian zes monumentale werken die eraan bij moeten dragen dat het museum wordt herontdekt als een ‘ruimte van reflectie en beschouwing’. Om dit nog eens te bevorderen worden in de Bernheimzaal, waar de werken tot eind december te zien zijn, op maandagavond yogalessen georganiseerd.


    LITERATUUR – Alice Munro 
beschrijft wat 
Hollywood weglaat

    Een nieuwe verhalenbundel van de ‘meester van het genre’

    Alice Munro (1931) verzon haar eerste verhaal nadat iemand haar De kleine zeemeermin had voorgelezen. Ze vond het ondraaglijk dat deze zeemeermin, die om met haar prins te kunnen trouwen helse pijnen had geleden, uiteindelijk niet kreeg wat ze verlangde en bedacht een versie met een gelukkig einde. Ook al bestond het verhaal alleen voor haarzelf, vanaf dat moment 
had ze er vrede mee.

    Die magie bleven verhalen altijd voor haar houden. Ze bedacht ze tijdens de lange wandeling naar school – vaak met zichzelf als heldin. Later liet ze zich inspireren door het kleine plaatsje in Huron County, in de Canadese provincie Ontario, waar ze opgroeide en later naar terugkeerde. In een interview met het Nobelcomité (naar aanleiding van de Nobelprijs voor de Literatuur die ze in 2013 won) noemt Munro zichzelf een schrijvende huisvrouw (die daarnaast samen met haar eerste man een boekwinkel opende). Haar korte verhalen waren aanvankelijk een oefening voor de roman die moest komen, totdat, zo vertelt ze The New Yorker, ze zich erbij neerlegde dat dat niet ging gebeuren. Aan de Canadese Globe and Mail onthult ze dat het schrijven van 
verhalen haar enige talent is: ‘Ik ben niet echt een intellectueel, ik was een prima huisvrouw, maar niet geweldig.’ Ter compensatie schreef ze zo veel mogelijk verhalen.

    ‘Ik vind het fijn als ze niet alleen een handtekening vragen, maar ook uitleggen waarom’

    Deze bescheidenheid kenmerkt de auteur, die volgens The New York Times de architectuur van het korte verhaal veranderde door haar onverwachte sprongen in de tijd, die door Salman Rushdie in een felicitatietweet ‘meester van het genre’ werd genoemd, aan wier werk Jonathan Franzen in The New York Review of Books de liefde verklaarde, die vanwege haar beschrijvingen van het plattelandsleven al werd vergeleken met William Faulkner en Flannery O’Connor en vanwege haar compositie met Anton Tsjechov, bij wie de nadruk evenmin op de grote gebeurtenissen ligt. Want hoewel Munro’s verhalen bijna altijd een doorbreking van het alledaagse bevatten – een auto-ongeluk, de ontdekking van een lijk – is ze vooral geïnteresseerd in de nasleep en de aanleiding van deze voorvallen, in ‘het geploeter tussen de actiemomenten dat Hollywood er zomaar uit zou kunnen knippen’, zoals Jenny Shank het in Dalas Review mooi verwoordt naar aanleiding van Family Furniture, dat deze week als Familiestukken bij De Geus verschijnt. Munro verdiept zich vooral in de psyches van haar personages, die ze zo levensecht neerzet dat het volgens Shank is ‘alsof ze naast je in de supermarkt staan’.

    Een fragment uit het interview met het Nobelcomité (zie boven) laat zien hoe dit ook in het echte leven voor haar opgaat. Als ze wordt benaderd door een fan die haar geëmotioneerd uitlegt wat het voor haar betekent om Munro in levenden lijve te ontmoeten, is de dan 81-jarige auteur op haar beurt ontroerd. ‘Ik vind het fijn als ze dat doen,’ zegt ze. ‘Als ze niet alleen een handtekening vragen, maar ook uitleggen waarom.’

    Voor Familiestukken maakten Marja Pruis en dochter Greta Le Blansch een selectie uit de verzamelde verhalen in Family Furniture (1995-2014). Ze werden vertaald door Kathleen Rutten en Pleuke Boyce.

    Auteur: Laura Weeda