Tag: Tony Blair

  • Deze lessen kunnen we twintig jaar later trekken uit de Irakoorlog

    Deze lessen kunnen we twintig jaar later trekken uit de Irakoorlog

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week gaan we dieper in op de gevolgen van de invasie van Irak. In 2003 werd dictator Saddam Hoessein afgezet door een coalitie onder leiding van de VS, maar heeft dit het land ook democratie en voorspoed gebracht?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €4 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Waarom besloten de VS en hun bondgenoten Irak binnen te vallen?

    ‘Een lawine van raketten bedekte het luchtruim boven Bagdad. Om 22.16 uur op 19 maart 2003 (Amerikaanse tijd) verscheen de toenmalige Amerikaanse president George W. Bush op tv: “Amerikaanse en coalitietroepen zijn zojuist begonnen met een militaire operatie om Irak te ontwapenen, de bevolking te bevrijden en de wereld te beschermen tegen ernstig gevaar.” Operation Iraqi Freedom was begonnen’, schrijft El País.

    Op die dag, deze week twintig jaar geleden, viel de ‘Coalition of the Willing’ onder leiding van de Verenigde Staten het door Saddam Hoessein geleide land binnen. Naast de VS leverden ook het Verenigd Koninkrijk, Australië en Polen troepen. Later sloten meer landen, waaronder Nederland, zich aan bij de coalitie. Wat was de aanleiding voor deze oorlog?

    Na de aanslagen van Al-Qaida op 11 september 2001 in de VS riep George W. Bush ‘de oorlog tegen terrorisme’ uit. Volgens de Amerikaanse president bevond de ‘as van het kwaad’ zich in het Midden-Oosten. Landen als Afghanistan en Irak zouden een schuilplaats bieden aan terroristen.

    De Iraakse leider Saddam Hoessein zou massavernietigingswapens produceren en verborgen houden, beweerden Bush en zijn regering – beschuldigingen waar nooit bewijs voor gevonden is. Sommige leden van de Amerikaanse regering zeiden ook dat Hoessein banden had met Al-Qaida, een aantijging die de inlichtingendiensten later verwierpen, schrijft The New York Times

    MpqoSqsl0wfNFFPf4gEsLZjJZi5V13AiGZOQUU8Ajv DNYARNLY8t2lXP6etOBOBd5pMTjZJVtRTjRQ0vecu3 Ua2Zq DvTjJjmtQJ
    Amerikaanse soldaten rijden op de derde dag van Operation Iraqi Freedom (22 maart 2003) in konvooi door de woestijn naar het noorden van Irak. – © Eric Feferberg / AFP Photo

    Diane Abott, parlementslid voor Labour, beschrijft in een opiniestuk in The Guardian hoe het Verenigd Koninkrijk de oorlog in werd gerommeld. ‘Het was vanaf het begin duidelijk dat Tony Blair vastbesloten was de oorlog in te gaan, schouder aan schouder met George W. Bush. De relatie met de VS leek voor hem belangrijker dan de mening van zijn eigen partij, en deze leek ook belangrijker dan de vraag of de oorlog legaal was of niet’, schrijft Abott, die al sinds 1987 parlementariër is. 

    ‘Bij aanvang aan het debat ontbrak het volledig aan bewijs dat Irak massavernietigingswapens bezat. Het hoofd van de VN-wapeninspectie, Hans Blix, zei dat hij en zijn teams tot nu toe geen “smoking gun” in Irak hadden gevonden’, aldus Abott. ‘Iedereen wist dat de stemming niet echt ging over het nut van de oorlog. In plaats daarvan werd het een stemming over of je Blair persoonlijk steunde of niet. Iedereen wist dat tegen de oorlog stemmen betekende dat je carrière voorbij was.’

    Hoe heeft de invasie Irak veranderd?

    ‘Tijdens de herdenking in Irak van de door Amerika geleide invasie die dictator Saddam Hoessein twintig jaar geleden ten val bracht, waart een leger van geesten rond tussen de levenden. De doden en verminkten achtervolgen iedereen in dit land – zelfs degenen die het verleden achter zich willen laten’, schrijft Alissa J. Rubin in The New York Times. Zij verbleef twee weken in het land om met de inwoners te praten over de gevolgen van de oorlog.

    Officieel duurde de oorlog acht jaar, waarbij op het hoogtepunt, in 2007, tot 170.000 Amerikaanse soldaten in het land aanwezig waren. Hoewel het einde van Operation Iraqi Freedom formeel werd afgekondigd in 2011, gingen de gevechten daarna nog door. Vandaag de dag zijn er nog 2500 Amerikaanse soldaten in het Arabische land; het Congres geeft nog steeds toestemming voor voortzetting van de oorlog.

    De humanitaire ramp is desastreus: meer dan een half miljoen Iraakse doden – voor het overgrote deel burgers – en zeven miljoen ontheemden in Irak en Syrië, volgens het Costs of War-project van Brown University. De VS hebben bijna 4500 soldaten verloren en nog eens 30.000 raakten gewond, volgens cijfers van het Pentagon. Costs of War schat de economische kosten tot nu toe op ongeveer 1,8 biljoen dollar (1,7 biljoen euro), wat kan oplopen tot 2,9 biljoen dollar (2,71 biljoen euro) in 2050.

    Volgens El País zijn er vele fouten gemaakt na de invasie. ‘De beslissingen om het leger van Saddam Hoessein (geëxecuteerd in december 2006) te ontbinden, waarmee honderdduizenden soldaten op straat kwamen te staan, om het bestuur te zuiveren van Ba’athistische (Saddams partij) functionarissen en om een kleinere troepenmacht te sturen dan nodig was om de doelstellingen te bereiken, leidden tot een toename van geweld, corruptie, sektarisme en economische problemen.’

    Het wantrouwen jegens de soennieten, die de dictator hadden gesteund, en de bevordering van het sjiisme deden de invloed van Iran in het land toenemen. In Irak zijn momenteel verschillende sjiitische milities actief die voor een deel aangestuurd worden door Iran. 

    Ook nu nog bedreigt het sektarisme, waardoor in het land vooral sinds 2006 een bloedige burgeroorlog is uitgebroken, het politieke leven met een eeuwige impasse. Afgelopen oktober gaf het parlement groen licht voor de regering van premier Mohammed Shia al-Sudani, een jaar na de verkiezingen waarbij de sjiitische geestelijke Muqtada al-Sadr, een grote vijand van de Amerikaanse invasie, als winnaar uit de bus kwam. De verkiezingen werden uitgeschreven na de grote protesten van 2019, die grotendeels geleid werden door jongeren die zich verzetten tegen de systematische corruptie, werkloosheid en het gebrek aan kansen. 

    G1xDUiNSLXcm0aOI2VAc6SQSZaRmQi HsPtx581SzCfyYyHBNjwYcEJ88wqOLgaEPULcpnsiYoTZTKkhExRlYhuNAurIDdHddo9c6OSI45IFJ Tmy780n7DExOSSAFroZJAp742zFqJCbkk6lTo EhQ
    Aanhangers van Muqtada al-Sadr betuigen hun steun aan de sjiitische geestelijke in 2022. – © © Ahmad Al-Rubaye / AFP

    Deze sektarische verdeeldheid, die vooral opkwam na de Amerikaanse invasie, lag eerder ook aan de basis van de opkomst in Irak van extremistische groeperingen zoals Al-Qaida, aldus El País. Uiteindelijk zou dat de Islamitische Staat van Irak en de Levant (ISIS) worden, die zich vervolgens in delen van Irak en delen van Syrië vestigde. In 2014 zag president Barack Obama, drie jaar na de terugtrekking van de troepen die hij zelf in gang had gezet, zich daardoor gedwongen opnieuw Amerikaanse soldaten inzetten in het land. In 2015 gaf hij opdracht tot het inzetten van troepen in Syrië, waar nu nog zo’n negenhonderd soldaten verblijven.

    Om een beeld te schetsen van hoe het land in twintig jaar is veranderd, sprak  Alissa J. Rubin vijftig Irakezen. Uit haar bevindingen komt duidelijk naar voren dat de oorlog Irak ingrijpend heeft veranderd. ‘Het is een veel vrijere samenleving dan onder Hoessein en een van de meest democratische landen in het Midden-Oosten, met meerdere politieke partijen en een grotendeels vrije pers’, aldus Rubin

    Toch komt uit de gesprekken ook een verontrustend beeld naar boven van een olierijk land dat economische voorspoed zou moeten kennen, maar ‘waar de meeste mensen zich niet veilig voelen en hun regering niet anders zien dan als een corruptiemachine’. Volgens de Irakezen die de Rubin spreekt is de kwaliteit van basisvoorzieningen, zoals toegang tot elektriciteit, slecht en liggen de lonen te laag om rond te komen. Volgens het Iraakse ministerie van Planning leeft ongeveer een kwart van de Irakezen op of onder de armoedegrens.

    ‘We wilden altijd van Saddam af,’ zegt een van de ondervraagden tegen Rubin. ‘We weten dat Irak rijk aan grondstoffen is, en we hoopten dat het beter zou worden. Maar we hebben niet gekregen waar we op hoopten.’

    Welke gevolgen heeft de Irakoorlog gehad voor de mondiale verhoudingen?

    De geloofwaardigheid van de VS in de wereld heeft een zware klap gekregen door de oorlog in Irak. Vooral in het Midden-Oosten hebben de VS aan morele statuur en invloed ingeboet. ’De bezetting heeft de mythe van de Amerikaanse militaire macht doorgeprikt en een eind gemaakt aan de reputatie van het land als de enige supermacht na de Koude Oorlog die in staat is de wereld (…) zijn wil op te leggen’, schrijft El País.

    ‘Het vacuüm dat de VS achterlieten werd opgevuld door Islamitische Staat, wat uiteindelijk leidde tot de crisis en de burgeroorlog in Syrië. We kregen de Arabische Lente, talloze opstanden en terroristische aanslagen. Door een oorlog zonder mandaat en de daaropvolgende acties, waaronder afschuwelijke martelingen en schendingen van de mensenrechten op locaties als de Abu Ghraib-gevangenis, heeft het Westen zijn morele kracht verloren en het is er niet in geslaagd die te herstellen’, schrijft The Irish Examiner in een hoofdredactioneel commentaar. 

    Een gewonde Iraakse jongen en een soldaat nabij de stad Mosul in 2017. Omar, zoals de jongen heet, verloor zijn beide ouders tijdens gevechten om de stad tussen Islamitische Staat en het Iraakse leger. – © Ahmad Al-Rubaye / AFP

    ‘Vóór de invasie in Irak was de invloed van Rusland in het Midden-Oosten tanende, een positie die Vladimir Poetin op een gruwelijke manier heeft teruggewonnen. Dit heeft hem het vertrouwen gegeven om Oekraïne binnen te vallen en gesterkt in zijn nauwere allianties met China en Iran, gepersonifieerd door het bezoek van de Chinese president Xi Jinping aan Moskou. Het Kremlin verwijst bij kritiek op zijn eigen optreden al snel naar de Amerikaanse inval in Irak.’

    ‘De wereld is ontegenzeggelijk gevaarlijker geworden sinds de invasie van 2003’, concludeert de Ierse krant.

    Lees ook:

  • De internationale pers over de Pandora Papers: ‘Bom onder belastingparadijzen’

    De internationale pers over de Pandora Papers: ‘Bom onder belastingparadijzen’

    Vijf jaar na de publicatie van de Panama Papers blijkt uit de Pandora Papers, een nieuw onderzoek van het International Consortium of Investigative Journalists (ICIJ), dat belastingontwijking via offshoreactiviteiten niets van zijn aantrekkingskracht heeft verloren bij politici, miljardairs en andere vermogenden.

    ‘De Panama Papers on steroids’. Zo noemt ICIJ het nieuwe onderzoek, dat is gebaseerd op een datalek van meer dan 11,9 miljoen documenten, afkomstig van 14 bedrijven die zijn gespecialiseerd in het oprichten van offshorebedrijven. Ze zijn geanalyseerd door een netwerk van meer dan 600 journalisten in 117 landen.

    Courier International maakte een ronde langs de commentaren in de internationale pers.

    ‘Zojuist is er een nieuwe “doos” geopend’, schrijft de Belgische krant Le Soir, ‘en dat zou wel eens voor ophef kunnen zorgen.’ Het onderzoek is de Pandora Papers genoemd, verwijzend naar de beroemde doos van Pandora, die ondanks een verbod door Pandora werd geopend waarna rampen en onheil zich over de aarde verspreiden.

    Volgens het dagblad identificeerde het onderzoek 35 staatshoofden, waarvan er 14 nog steeds in functie zijn, en 130 miljardairs. Maar Le Soir wijst er ook op dat de meeste betrokkenen ‘volslagen onbekenden zijn’, hetgeen niet alleen de omvang van het fenomeen illustreert maar ook het gemak waarmee vermogende particulieren kennelijk toegang kunnen krijgen tot offshoreaccounts.

    Wat België betreft zijn de profielen ‘gevarieerd’ en is er ‘voor elk wat wils’, aldus het dagblad. ‘Van de gepensioneerde apotheker wiens vrouw brillen verkoopt tot de hasjhandelaar die al een goed gevuld strafblad heeft. Van een stel dat aan het hoofd staat van een aantal kapsalons aan de kust tot aan een gerechtsdeurwaarder die al eens werd veroordeeld voor fraude. En niet te vergeten een jonge miljonair die een fortuin verdiende met bitcoins. Ze lieten zich allemaal verleiden door een offshorebedrijf.’

    Pandora Papers

    Ineffectieve regulering

    Onder de kop ‘Met de Pandora Papers legt het ICIJ een nieuwe bom onder belastingparadijzen’, schrijft de Zwitserse krant Le Temps dat het nieuwe ICIJ-onderzoek laat zien ‘dat ondanks het schandaal dat is veroorzaakt door de publicatie van de Panama Papers, de regulering van het offshorebedrijfssysteem ineffectief blijft.’

    De bij het onderzoek betrokken media zullen hun onthullingen de komende dagen in golven publiceren, maar ze begonnen afgelopen zondag met politiek leiders, van wie sommigen ‘zich hebben geprofileerd met uitspraken tegen belastingontduiking’, aldus het dagblad uit Genève.

    Lees ook:

    Dat is bijvoorbeeld het geval met de Tsjechische premier Andrej Babis, die 22 miljoen dollar in lege vennootschappen stortte om een kasteel in het zuiden van Frankrijk te kunnen kopen. Of neem de Keniaanse president Uhuru Kenyatta. Die presenteerde zich regelmatig als voorvechter van transparantie en strijder tegen corruptie.

    Volgens de Pandora Papers zijn Kenyatta en zes leden van zijn familie ‘verbonden aan dertien offshorebedrijven’, waarvan er één ‘30 miljoen dollar aan financiële activa bezit’, aldus BBC. De Keniaanse president ‘had beloofd met het parlement samen te werken om een wet op te stellen die ambtenaren zou verplichten hun vermogen op te geven, maar de afgevaardigden hebben nog steeds niet over de tekst gestemd’, aldus de Britse zender.

    ‘Het handelen van de mensen die in de Pandora Papers worden genoemd is niet per se illegaal’

    De Pandora Papers beschrijven ook de forse investeringen van koning Abdullah II van Jordanië, die een netwerk van zo’n dertig offshorebedrijven heeft gecreëerd ‘om een imperium van onroerend goed met een waarde van ruim 85 miljoen euro te verwerven in Malibu, Washington en Londen’, schrijft Al-Jazeera.

    ‘De advocaten van de koning laten weten dat alle eigendommen zijn aangeschaft met zijn persoonlijke geld, en dat het standaardpraktijk is voor prominente personen om eigendommen te verwerven via offshorebedrijven, om redenen van vertrouwelijkheid, privacy en veiligheid’, aldus het nieuwsmedium uit Qatar.

    Lees ook:

    In feite ‘is het handelen van de mensen die in de Pandora Papers worden genoemd, niet per se illegaal’, zo benadrukt The Guardian. Uit het onderzoek blijkt dat de voormalige Britse premier Tony Blair en zijn vrouw Cherie eigenaar zijn geworden van een gebouw in Londen door de aandelen van een offshorebedrijf op de Britse Maagdeneilanden te kopen, waarmee het echtpaar 400.000 dollar, ruim 343.000 euro, aan onroerendgoedbelasting bespaarde.

    ‘De operatie is niet illegaal, en er is geen bewijs dat de Blairs het betalen van onroerendgoedbelasting opzettelijk probeerden te ontwijken, maar deze deal belicht een maas in de wet die rijke vastgoedeigenaren in staat stelt geen belasting te hoeven betalen die wel gebruikelijk is voor gewone Britten’, zo schrijft het Britse dagblad.

    Nieuwe belastingparadijzen

    Andere prominente personen die in de Pandora Papers worden genoemd, zijn de Chileense president Sebastián Piñera, de Ecuadoraanse president Guillermo Lasso, de Azerbeidzjaanse president Ilham Aliev, de voormalige IMF-baas Dominique Strauss-Kahn, zangeres Shakira en voetbalcoach Pep Guardiola.

    Het onderzoek onthult ook een nieuwe en verrassende landkaart met belastingparadijzen. Ook al is meer dan twee derde van de 29.000 accounts die in de Pandora Papers zijn onderzocht nog steeds op de Maagdeneilanden gevestigd, er zijn ook nieuwkomers op het podium verschenen, onthult The Washington Post.

    In de Verenigde Staten bijvoorbeeld concurreert de staat South Dakota ‘met notoir ondoorzichtige landen in Europa of in het Caribisch gebied als het op financiële geheimzinnigheid aankomt’, merkt het Amerikaanse dagblad op. ‘Tientallen miljoenen dollars uit het buitenland zijn nu gestort in lege vennootschappen in Sioux Falls. Sommige daarvan zijn gelieerd aan individuen en bedrijven die worden beschuldigd van mensenrechtenschendingen en ander wangedrag.’