Tag: verzamelen

  • Van rariteitenkabinetten tot labubu’s: vanwaar die menselijke verzameldrang?

    Van rariteitenkabinetten tot labubu’s: vanwaar die menselijke verzameldrang?

    Verzamelen, wie doet het niet, is een ‘diep betekenisgevende activiteit: het weeft herinneringen en verlangen in de alledaagse ruimtes die we bewonen’. Sommige collecties zijn zeldzaam en waardevol, de meeste vooral persoonlijk.

    Een van mijn vroegste herinneringen is dat ik uit school naar huis liep – ik moet in groep 5 of 6 hebben gezeten – en een enorme vuilniszak met mijn speelgoed, prullaria, mijn spullen op de stoep voor ons rijtjeshuis zag staan.

    Toen ik mijn moeder daar binnen mee confronteerde, legde ze uit dat ze het huis had opgeruimd, inclusief mijn kamer. ‘Maar het zijn míjn spullen,’ zei ik. ‘Piojito, je hecht je te veel, het zijn maar spullen, je gebruikt ze niet eens.’

    ‘Piojito’ betekent ‘klein luisje’ in het Spaans. Het was (en is) haar bijnaam voor mij, en ja, dat heeft deels te maken met het feit dat ik me ‘te veel hecht’ aan dingen.

    Door de jaren heen verzameld:

    (1) Met de hand geschreven briefjes en kaarten; (2) cadeaus van geliefden (met als favoriet subgenre handgemaakte beursjes, poppen, waaiers, rozenkransen en andere souvenirs van de reizen van mijn grootouders); (3) linten, touw en inpakpapier en strikken; (4) bloemen, die werden geperst of gedroogd; (5) stenen, nadat mijn allereerste beste vriend mij zijn chique steenverzameling liet zien; (6) schelpen, altijd maar weer; (7) willekeurige kleine beestjes (kikkervisjes, hagedisjes, visjes) en nog niet uitgekomen eieren die ik in de buurt vond – waar mijn moeder snel een einde aan maakte. Waarom bewaarde ik dit allemaal? Wat zit er achter onze neiging om bepaalde objecten te koesteren?

    Zo oud als de mens

    ‘Noach was de eerste verzamelaar’, schrijven John Elsner en Roger Cardinal in The Cultures of Collecting. Adam gaf de dieren namen, maar Noach moest ze bijeenbrengen: wat hij miste, ging voorgoed verloren. Zo werd de ark de eerste poging om de tijd en de vloedgolf van vergetelheid tegen te houden.

    Los van dit Bijbelse verhaal weten we dat verzamelen minstens 105.000 jaar oud is: in de Kalahari-regio koesterden mensen al kristallen, waarschijnlijk om spirituele redenen. Later werden in beschavingen in Egypte, Babylonië, China en India objecten verzameld als tekenen van rijkdom en status, bestemd voor tempels, graven en heiligdommen.

    Wunderkammer

    Dan, in het midden van de zestiende eeuw in Europa, komt de ‘rariteitenkabinet’-cultuur op; de voorloper van de moderne musea.

    Deze kabinetten, ook bekend als wunderkammer of ‘wonderkamers’, markeerden het begin van verzamelen als hobby. Ze bevatten vaak een mix van naturalia (producten van de natuur, zoals schelpen), artificialia (producten van de mens, zoals ingewikkelde sieraden, snijwerk en oude wapens) en scientifica (wetenschappelijke instrumenten zoals zonnewijzers en globes) en waren gebruikelijk onder geleerden en vorsten. Deze collecties waren vroege experimenten in hoe je je identiteit via spullen kunt tonen.

    Persoonlijk

    Verzamelen als hobby kwam pas echt op in de negentiende eeuw, parallel aan de explosie van industriële goederen. Plotseling waren er veel meer spullen, en het werd een stuk makkelijker voor gewone mensen om er de hand op te leggen. In die tijd werd postzegels verzamelen populair, al snel gevolgd door munten, schelpen en boeken. In het begin van de twintigste eeuw nam de gewoonte verder toe, toen de werktijden korter werden en meer mensen vrije tijd hadden om aan hun fascinaties te besteden.

    Vandaag de dag verzamelt iedereen. Sommige collecties zijn zeldzaam en waardevol, de meeste vooral persoonlijk.

    Markers van de menselijke geschiedenis

    De ontwikkeling van samenlevingen is altijd gedefinieerd geweest door de objecten die ze voortbrengen. De dingen die we bewaren en rangschikken worden onderdeel van onze omgeving, onze identiteit en de manier waarop we met de wereld communiceren – als individu en als samenleving. Verzamelen is in die zin een diep betekenisgevende activiteit: het weeft herinneringen en verlangen in de alledaagse ruimtes die we bewonen.

    Objecten verbinden ons met het verleden. Zelfs het meest alledaagse object doet ertoe als het een verhaal vertelt of een herinnering oproept.

    Spiegel van identiteit

    Een van mijn hardnekkige obsessies is om kunstenaars te leren kennen via de objecten die ze verzamelen. Tijdens mijn onderzoek ontdekte ik dat ik daarin niet alleen ben.

    In Lit Hub schrijft Mary Kate Frank over de aantrekkingskracht van Joan Didions spullen, via haar ervaring om naar Hudson, New York, te reizen voor de veiling van de persoonlijke bezittingen van de overleden schrijver. In een artikel in Harper’s Bazaar met de titel ‘I Love Joan Didion’s Stuff ’ gaat Rachel Tashjian nog een stap verder en dicht ze betekenis toe aan Didions spullen: ‘Spullen zijn schatten. [Didions] schelpencollectie is haast smartelijk; je kunt je voorstellen hoe ze over een bijna leeg strand liep, ze in de loop der jaren verzamelde. Elke schelp als herinnering aan een wandeling met een vriend van lang geleden, aan ideeën die voor het eerst zijn bedacht en pijnen die zijn gedeeld.’

    Joseph Cornell

    Voordat Joseph Cornell kunstenaar werd, was hij verzamelaar. Hij bracht een groot deel van zijn tijd door in winkels in New York op zoek naar dingen waarmee hij een emotionele band voelde. Als pionier van de assemblagekunst bouwde Cornell wonderlijke werelden in zijn beroemde dozen vol gerangschikte objets trouvés – knikkers, glas, stukjes drukwerk, enzovoort –, maar verzamelen was in de eerste plaats een persoonlijke drang en pas in de tweede plaats een artistieke hulpbron.

    Hij was een nauwgezette catalogiseerder: hij bergde zijn vondsten op in schoenendozen en mappen, en beschreef zijn opslag als een ‘laboratorium’ voor voortdurende verkenning en inspiratie. Hoewel veel verzamelde objecten uiteindelijk in zijn collages en kijkdozen terechtkwamen, begon zijn proces met verzamelen om het verzamelen zelf.

    Hoewel hij geen formele kunstopleiding had, liet Cornell zich in zijn werk inspireren door de surrealistische vrienden en tijdgenoten om hem heen, zoals Max Ernst en Marcel Duchamp. Hij vermengde het avant-garde met een persoonlijke nostalgie die doet denken aan victoriaanse knutseltra- dities. Zijn dozen zijn een ode aan zijn passie voor verzamelen.

    Peter Blake

    In een interview uit 2022 vertelde kunstenaar Peter Blake over het trauma van zijn jeugd: ‘Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, was ik zeven en werd ik geëvacueerd, eerst naar Essex en daarna naar mijn grootmoeder in Worcester. (…) Het was blanco tijd.’ Die leegte, dat gevoel van verloren tijd en gedwongen scheiding, werd de drijvende kracht achter zijn verzamelwoede. Sinds zijn tienerjaren verzamelt hij van alles, van olifantenspeelgoed en Disney-memorabilia tot puzzelstukjes en sieraden.
    De invloed van deze collecties is overal in Blakes oeuvre terug te zien. Veel van zijn gevonden objecten werden uiteindelijk het materiaal voor zijn iconische collages. (Hij is het meest bekend als ontwerper van de hoes van het Beatles-album Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band, samen met zijn vrouw, kunstenaar Jann Haworth.)

    Vladimir Nabokov

    Nabokov begon vlinders te verzamelen als kind in Rusland, een passie die werd aangemoedigd door zijn moeder en die hem zou blijven vergezellen door ballingschap, oorlog en roem heen. Hij schreef eens: ‘Ik ontdekte in de natuur de niet-utilitaire geneugten waar ik ook in de kunst naar zocht. Beide waren een vorm van magie, beide waren een spel van ingewikkelde betovering en misleiding.’

    Nabokovs vlindercollectie telde meer dan vierduizend specimen, die ruim 80 procent van alle West-Europese soorten vertegenwoordigden, plus talloze Noord-Amerikaanse soorten die hij verzamelde tijdens zijn jaren in de Verenigde Staten. Hij schonk honderden vlinders aan Cornell University, en andere belangrijke delen van zijn collectie bevinden zich in het Museum of Comparative Zoology van Harvard en het Nabokov Museum in Sint-Petersburg. Deze zorgvuldig verzamelde exemplaren, die soms met Nabokov meereisden over continenten tijdens oorlog en ballingschap, vormen een getuigenis van zijn levenslange toewijding aan de lepidopterologie.

    Leuk weetje: in zijn literaire werk zijn minstens 570 vermeldingen van vlinders geteld, en meer dan 20 vlindersoorten zijn vernoemd naar zijn fictieve personages.

  • Gamegekte

    Gamegekte

    Videogames die in de jaren negentig werden uitgebracht voor de Japanse spelcomputer Neo Geo, brengen tegenwoordig tienduizenden euro’s op. Wereldwijd zijn er maar vijf verzamelaars die hun collectie compleet hebben.

    Zeven jaar geleden sloot Shawn McCleskey uit Memphis een van de grootste deals in zijn carrière. McCleskey is een handelaar in 
zeldzame videogames, verzamelkaarten en antieke machinegeweren, en de manier waarop deze 
transactie plaatsvond zou regelrecht uit een roman van Ludlum kunnen komen. Een man met de schuilnaam Wolf maakte 55.000 dollar naar McCleskey over en verscheen enkele dagen later op Memphis International Airport met een metalen koffertje. 
De mannen troffen elkaar in de drukke aankomsthal en begaven zich, na een korte stop in een Chinees restaurant, naar het huis van McCleskey. Daar inspecteerde Wolf zijn aankoop: twee videogames 
die in 1996 waren uitgebracht voor de Neo Geo, 
een Japanse spelcomputer. Toen hij zich van de authenticiteit en de goede staat van de games had vergewist, opende Wolf zijn koffertje, speciaal 
ontworpen voor het vervoer van de 30 centimeter lange cassettes, en borg ze daarin op. ‘Alsof het om een zakje diamanten ging,’ vertelde McCleskey me onlangs. Een van de voorwaarden voor de verkoop was dat Wolfs identiteit geheim zou blijven.

    Net als de meeste dingen in de wereld worden videogames minder waard naarmate ze langer bestaan. De Neo Geo is een uitzondering op die regel, waarschijnlijk omdat de bijbehorende games voor verzamelaars de heilige drievuldigheid belichamen: kwaliteit, 
zeldzaamheid en een hoge prijs. Deze oude spelcomputer werd in 1991 door gamefabrikant SNK uit Osaka – die zijn geld vooral verdiende met machines voor arcadehallen – uitgebracht voor een verkoopprijs 
van 650 dollar (wat nu meer dan 1100 dollar zou zijn), als een soort gulle geste aan de fans. Waar andere spelcomputers van die tijd vereenvoudigde versies van de populairste arcadespellen boden, bleef de Neo Geo trouw aan zijn oorsprong, ook wat de hardware betreft. De forse gamecartridges zaten in grote plastic cassettes en kostten gemiddeld 250 dollar. Daardoor bleef de vraag beperkt en verschenen de games in kleine oplages, van soms niet meer dan een paar 
honderd stuks. (In 2003 verscheen de laatste officiële titel, Samurai Spirits Zero, al worden er door derden nog steeds nieuwe games voor het systeem geproduceerd.)

    McCleskey erfde op zijn negentiende een paar ton van zijn vader. De helft daarvan belegde hij in aandelen, de rest ging op aan cartridges voor zijn Neo Geo en kaarten voor het spel Magic: The Gathering. ‘Ik woonde toen nog bij mijn moeder in het souterrain,’ zegt hij. ‘Mijn familie en vrienden zagen me heel mijn erfenis verkwisten aan videogames. Ze vonden het weggegooid geld.’ Maar de laatste jaren is zijn aandelenportefeuille enorm in waarde gedaald en 
is Neo-Geo.com, de website met webwinkel die 
hij beheert, juist steeds meer gaan opbrengen. Afgelopen voorjaar verkocht McCleskey drie cartridges voor 45.000 dollar aan iemand in Zuid-Korea. ‘De 
Neo Geo trekt verzamelaars aan omdat je, veel meer dan met munten, postzegels en strips, soms jarenlang kunt zoeken zonder iets te vinden,’ zegt hij.

    Drie waardevolle Neo Geo-games: v.l.n.r. Last Blade 2, Engels ($ 5250); Metal Slug X, Engels ($ 5950); Art of  ghting 3, Japans ($ 725). – © neo-geo.com
    Drie waardevolle Neo Geo-games: v.l.n.r. Last Blade 2, Engels ($ 5250); Metal Slug X, Engels ($ 5950); Art of ghting 3, Japans ($ 725). – © neo-geo.com

    Het merendeel van de Neo Geo-games kan – niet officieel maar wel gratis – online worden gespeeld (op www.neogeofun.com), en veel van de bekendste en duurste titels zijn door SNK inmiddels ook voor andere spelsystemen uitgebracht, tegen een fractie van de oorspronkelijke prijs. Maar die beschikbaarheid lijkt geen effect te hebben op de verzamelaarsmarkt. Net als muziek, films en boeken zijn 
videogames door digitale distributie bevrijd van hun fysieke dragers – maar het verlangen naar iets tastbaars blijft bestaan. ‘Het is natuurlijk toch 
speciaal om die games op het oorspronkelijke systeem te spelen,’ zegt Yasuyuki Oda, een ervaren gamedesigner van SNK. ‘En zo’n rijtje games staat ook prachtig in je kast.’

    Maar ondanks die bloeiende verzamelaarsmarkt zijn er in de hele wereld maar vijf mensen die hun verzameling Neo Geo-games compleet hebben. Een van hen, Mahesak Puttirungsriwong, een 41-jarige wiskundeleraar uit Thailand, schat dat hij er de afgelopen 26 jaar zo’n 200.000 dollar aan heeft 
uitgegeven. ‘Het exacte bedrag weet ik niet,’ 
vertelde hij me. ‘Dat kan ik tegenover mijn vrouw ook maar beter zo houden.’ Puttirungsriwong completeerde zijn verzameling afgelopen april met een Europees exemplaar van Kizuna Encounter, een vechtgame die hij voor 30.000 euro kon overnemen van een vriend in Italië. (Er zijn nog geen tien exemplaren van deze cartridges in omloop.) 
‘Mensen die in hun jeugd over de Neo Geo hoorden vertellen, zijn nu volwassen en verdienen genoeg om hun droom van toen na te jagen,’ zei Puttirungsriwong. ‘En ze hebben het ervoor over. De vraag stijgt, en de prijzen stijgen mee.’

    Namaak

    De grote kloof tussen vraag en aanbod leidt natuurlijk ook tot namaak. De eerste grote golf 
van namaakgames voor de Neo Geo kwam een dikke tien jaar geleden. De bootleggers kochten de goedkope arcadeversie van zo’n game, haalden de chips van het moederbord en stopten die in een lege Neo Geo-cartridge. Met goede reproducties van het artwork en de handleidingen werden nietsvermoedende kopers om de tuin geleid. De laatste jaren heeft de productie van valse Neo Geo-games zo’n hoge vlucht genomen, dat er al iemand is die andere verzamelaars aanbiedt de echtheid van hun aankoop te controleren. Het is een grafisch ontwerper uit Palm Beach County in Florida met de schuilnaam ‘8man’: zijn identiteit geeft hij liever niet prijs, omdat hij ‘geen behoefte heeft aan een bezoekje van bepaalde figuren, als je begrijpt wat ik bedoel’. Hij heeft meer dan vijftig cartridges onderzocht en al flink wat volledige of gedeeltelijke namaak gevonden. ‘De bootleggers verpesten de hele markt,’ zegt hij. ‘Dat krijg je natuurlijk als een miljoen volgers van een YouTube-kanaal over retrogames massaal naar eBay rennen om die ene parel te bemachtigen waarover ze net een filmpje hebben gezien.’

    Naarmate verzamelaars beter doorkrijgen wat namaak is, worden de bootleggers, voornamelijk afkomstig uit Frankrijk en Duitsland, ook steeds opener over wat ze aanbieden. De vraag naar zeldzame titels is zo groot dat veel spelers welbewust honderden dollars betalen voor hun namaakschat, als ze daarmee hun verzameling compleet kunnen krijgen. De meeste bootleggers maken niet eens meer gebruik van de oorspronkelijke chips. Ze gebruiken moderne generieke onderdelen en 
zetten de bestanden van de games daarop. ‘De spelervaring is identiek,’ wist een Franse bootlegger me te melden. Toen ik het daar met Puttirungsriwong over had, toonde hij begrip voor die 
compleetheidsdrang van verzamelaars. Maar 
Oda reageerde vol afgrijzen. ‘Ik heb echt de pest aan die lui die bootlegs maken,’ zei hij.

    Als er weer eens een zeldzame game te koop is, verschijnen er honderden berichten op McCleskeys forum. ‘Ik heb relatief nieuwe verzamelaars op de markt zien verschijnen, die meerdere 
exemplaren van de zeldzaamste spellen opkopen,’ zegt hij. ‘Klassiek speculatief gedrag van mensen die het als belegging zien, en dat draagt bij aan 
de immer stijgende prijzen.’ Maar sommigen bekijken het hele gebeuren met de sceptische blik van de lichtelijk gegeneerde verzamelaar. ‘Dit zijn geen aandelen’, schreef iemand onlangs op het forum van Neo-Geo.com. ‘Uiteindelijk is het gewoon een hoop plastic en zijn wij allemaal het slachtoffer van onze nostalgie.’

    Auteur: Simon Parkin
    Vertaler: Frank Lekens

    The New Yorker
    Verenigde Staten | weekblad | oplage 1.043.000

    Gericht op New York zelf, maar ook daarbuiten gretig gelezen. Bekend om zijn karikaturen, commentaar op de popcultuur en vele korte verhalen.