Tag: Waslijnen

  • Napels hangt de was buiten – wat de burgermeester ook wil

    Napels hangt de was buiten – wat de burgermeester ook wil

    De burgemeester van Napels vloekt in de kerk met de nieuwe verordening om geen druipende was meer buiten te hangen – het visitekaartje van de Zuid-Italiaanse havenstad. En balsporten mogen ook niet meer? Wat bezielt de burgervader?

    De lucht hangt vol met onderbroeken, rode, zwarte, groene. Met witte beddenlakens, streepjesoverhemden, badhanddoeken aan wasknijpers en met een bh, lichtblauw.

    En wat ruikt het toch fris in de straatjes van Napels. ‘Dash,’ zegt Teresa Sola. Ze draait zich om naar haar dochter: ‘Maria, dat is toch Dash?’ Voor een flinke was gebruikt ze Dash. Soms ook volstaat Blu Oxygen of Soft Liquid Gel, 3 euro per fles. Sola komt overeind uit de stoel voor haar basso, zoals de gelijkvloerse woningen in de arme wijk Quartieri Spagnoli genoemd worden. Deuren en ramen altijd open naar de straat. Ze haalt de fles met het goedkope spul. ‘Dit hier,’ zegt ze met een kritische blik, ‘ja, desnoods gaat het hiermee ook.’

    Met harde knallen raast er weer een motorfiets voorbij. Sola knijpt haar ogen dicht, alsof die ook haar oren afsluiten. ‘Zijn ze niet prachtig, de Quartieri Spagnoli?’

    Wij komen niet met kwade bedoelingen. Dat zij ooit gevraagd zou worden naar haar was had ze nooit voor mogelijk gehouden. Niet op haar leeftijd, niet zelfs dat nog. Maar de was in de straatjes van Napels is nou eenmaal een politiek item. Er dreigde iets ongelooflijks te gebeuren, niets minder dan een keerpunt in de geschiedenis. De gemeente wilde de was verbieden. Dat is toch onvoorstelbaar.

    Ze konden het gewoonweg niet geloven. De was moet weg. Echt waar, geen ondergoed meer in de lucht?

    Teresa Sola is 83. Ze is opgeleid als naaister. Vroeger verkocht ze kauwgom, snoep en cola; ze had een stalletje voor de deur van haar huis op nummer 36. En pizza maakte de familie ook, toen haar moeder nog leefde. Pizza fritta, gefrituurde pizza. Opgegroeid is ze even verderop, op nummer 31. Een heel leven op 50 meter. En al die tijd hing ze haar was te drogen in de straat. De kleinere kledingstukken komen aan de lijn bij de muur aan de overkant, de rest aan de lijn onder het raam van de slaapkamer. De was hangt dan wel over de straatschildering van Diego Armando Maradona.

    Doolhof van straatjes

    ‘Met helder weer,’ vertelt Sola, ‘komt de zon rond de middag van daar aan de overkant, verdwijnt dan eventjes achter de huizen en rond half twee is ze weer terug. ’s Avonds is de was droog.’ Zo doet iedereen dat in het doolhof van straatjes in het oude centrum van Napels, ook in Forcella en in Rione Sanità.

    Al sinds de zestiende eeuw, misschien zelfs wel langer. ‘Waar moeten we de was anders laten?’ vraagt Sola. De huizen zijn te klein, één kamer, een keuken, een badruimte, daar is geen plek voor een droogrek. En wie kan zich nou een droger veroorloven, of de elektriciteit daarvoor? Boven Sola’s wasmachine in de keuken hangt een prent van de maagd Maria.

    De Napolitanen zeggen van zichzelf dat ze zo sociaal zijn omdat ze altijd alles delen, zelfs hun waslijnen

    Op de bovenverdiepingen zijn de lijnen over de straat gespannen, van het ene huis naar het andere, van balkon naar balkon, van raam naar raam. De ene keer is de linkerkant van de straat aan de beurt om te wassen en te drogen, de andere keer de rechterkant. Soms ruilen overburen van dag. Dat schept een band voor heel het leven. De Napolitanen zeggen van zichzelf dat ze zo sociaal zijn omdat ze altijd alles delen, zelfs hun waslijnen.

    Voor toeristen vormen de panni stesi, de kleren aan de waslijn, natuurlijk een leuke folklore, het fotomotief van Napels bij uitstek. In grote groepen staan ze dan beneden op de Via Toledo en fotograferen naar boven in de kleurige straatjes, waar soms minuscule slipjes en verleidelijke lingerie hangen. Maar dat is uiteraard niet waar het hier om gaat.

    Decoro

    Een paar weken terug heerste er ineens grote opwinding. ‘Ik heb het vanuit mijn raam meegemaakt,’ vertelt Sola, het nieuws kwam kort na de berichten over de oorlog. Ze kwamen erachter dat de gemeenteraad een nieuwe verordening ter vergroting van de veiligheid en de hygiëne had bedacht. Het concept werd gepubliceerd. In paragraaf 11 stond de volgende zin: ‘Het is verboden ondergoed, lakens, kleding e.d. op te hangen buiten de private ruimte, dit geldt ook voor ramen, terrassen en balkons boven de straat indien als gevolg hiervan druppels op openbaar terrein vallen.’ De gemeenteraad was dus voornemens druppelende was te beboeten omdat die kennelijk uit de toon valt en afbreuk doet aan Napels’ glorie – aan het decoro, zoals de Italianen zeggen.

    ‘Ik stond perplex,’ zegt Sola.

    Wat de burgemeester in vredesnaam bezielde? De verontwaardiging was groot, maar nog groter was het onbegrip. Hoe haalde hij het in zijn hoofd?

    Tijd om af te reizen naar San Giovanni a Teduccio, een wijk aan de oostkant van de stad. Vroeger, toen Cirio [een grote Italiaanse voedselfabrikant] hier nog dozen vulde met tomaten, werkten er tienduizenden mensen in fabrieken, een hoge schoorsteen getuigt er nog van. De rest is afgebroken. In plaats daarvan verscheen er een trotse dependance van de Federico II, een van ’s werelds oudste universiteiten: moderne gebouwen opgetrokken uit grijze steen en groenblauw glas, als coulisse van de Vesuvius en de zee. Apple opende hier een academie voor masteropleidingen, andere bedrijven volgden. Het kapitaal hier belichaamt de hoop van een zuidelijke jeugd die verder eerder arm is aan verwachtingen.

    Straks komt Gaetano Manfredi, de burgemeester. Hij is pas een half jaar in functie, hiervoor was hij lange tijd rector van de Federico II en in Rome minister van Hoger Onderwijs en Onderzoek. 

    Feest

    Manfredi was ook de man die Apple naar Napels haalde, om eindelijk een revolutie door te kunnen voeren in de onderwijsmethodieken. Er kwam natuurlijk weerstand. Maar vandaag is het feest. De vicepresident van Apple is gekomen, studenten presenteren hun apps, waaronder een voor blinden en slechtzienden.

    Manfredi zit op de eerste rij, een slanke man van 58, de handen gevouwen voor zijn mond. Als hij aan de beurt is, wordt hij geïntroduceerd met de volgende woorden: ‘Drieduizend hoogleraren moest hij ervan overtuigen dat zijn idee met Apple goed was, nu heeft hij een veel eenvoudiger job. Dames en heren, de burgemeester van Napels.’

    Maar de stad moet heel nodig innoveren, ze moet zich aanpassen aan een veranderende wereld, aan de moderne tijd

    Applaus, hier staat een ster. Napels, zegt Manfredi, is een stad met een grote geschiedenis, grote kunst, grote tradities en een groot hart. Maar de stad moet heel nodig innoveren, ze moet zich aanpassen aan een veranderende wereld, aan de moderne tijd. 

    Moet dat echt? Op elk gebied? Verliest ze dan niet haar schitterende hart? Zijn mensen als Teresa Sola dan misschien een sta-in-de-weg voor de nieuwe tijd?

    Manfredi staat nu in een zijgang, een kwartiertje heeft hij, daarna moet hij weer door. ‘Ja, dat risico bestaat,’ zegt hij. Een stad met zo veel geschiedenis is nu eenmaal geneigd te denken dat het volstaat de geschiedenis te bewaren, dat deze geschiedenis zelf al de sleutel tot de toekomst is. ‘Maar zo dreigt ze gevangene te worden van haar eigen historie en clichés.’

    Geldt dat ook voor de was in de straatjes?

    ‘Ja: pizza, mandoline en panni stesi.’ Zo kijkt de buitenstaander naar Napels. ‘Wel wat erg clichématig, wat erg simpel. En de Napolitanen spiegelen zichzelf ook aan dat beeld. Ze verlustigen zich erin.’

    Smoesjes

    Natuurlijk, vervolgt hij met een glimlach, de was hoort bij Napels, dat moet ook zo blijven. Het concept is van tafel, weggeblazen door een storm van verontwaardiging. Manfredi had kunnen zeggen: oké het was wat kort door de bocht, het spijt me. Maar dat deed hij niet, hij zocht een uitvlucht in smoesjes. Het betrof een oud concept, zei hij, in feite al achterhaald. En die hele polemiek dan? Volkomen onnodig. Zo blijft de geschiedenis juist aan hem kleven.

    De burgemeester kent Napels nu eenmaal niet zo goed, hij wandelt te weinig door de straatjes van de stad, zegt Pino De Stasio. ‘Als rector zat hij te lang achter zijn bureau.’ En: ‘Hij komt tenslotte uit Nola.’ Voor wie dat niet weet: Nola ligt in het achterland van Napels, met de auto ben je er in twintig minuten. Maar als je De Stasio zo hoort, lijkt het om een andere planeet te gaan.

    Het is even na achten in bar Settebello, in het historische centrum. Vijf marmeren tafeltjes. De 62-jarige De Stasio maakt zijn bar gereed voor de avond. Met een afstandsbediening zorgt hij voor donkerrood licht uit de lampen. Pier Paolo Pasolini kwam hier over de vloer toen hij in Napels Il Decameron draaide en sondes de buik van de stad instuurde om haar te kunnen doorgronden. ‘Pasolini vond dat Napels een dorp was, met al zijn tegenstrijdigheden, zijn diepe culturele en sociale wortels,’ vertelt De Stasio. ‘Hij hield van dit Napels dat in verzet was tegen de wereld en het kapitalisme.’ Rechts van de bar staat een piano, lounge-achtige jazzmuziek dreunt uit de luidsprekers. Hond Arielle heeft honger, ze blaft.

    Als De Stasio niet zo veel stennis over de was zou hebben geschopt, was het verhaal waarschijnlijk niet in de Milanese Corriere della Sera gekomen en had het thema niet eerst nationaal en later zelfs internationaal de aandacht getrokken. 

    samuel c 70A alC6OY8 unsplash kopie
    © Unsplash

    Karakteristiek

    De Stasio is gemeenteraadslid in een van de districten van het centrum, Municipalità II. Tot zijn portefeuille behoort het behouden van alles wat het historische centrum karakteristiek maakt. Dat staat tenslotte op de Werelderfgoedlijst van de Unesco. Politiek staat hij dicht bij Manfredi, beiden zijn links. ‘Maar dat betekent niet dat ik hem in alles zijn gang maar laat gaan,’ zegt hij glimlachend. Napels kun je niet besturen zoals Turijn, niet als een gegoede burgerman die daar ergens hoog boven alles zweeft alsof het oude hart van de stad er absoluut niet toe doet. Apple is natuurlijk superbelangrijk, zegt De Stasio. ‘Maar de stad is geen hogeschool en al evenmin laat zij zich besturen als een universiteit.’

    Klopt het dan niet dat Napels in haar eigen gemeenplaatsen gevangenzit? Maar dat is toch ook een cliché, zegt De Stasio, terwijl hij zijn leesbril in de kraag van zijn T-shirt steekt. ‘Sommigen willen deze stad van haar kleur ontdoen, globaliseren, haar wegleiden van het portret dat Pasolini van haar schilderde, ze willen haar gelijkmaken aan welke stad dan ook.’ Mogelijk gebeurt dat zelfs onbewust, zoveel wil De Stasio de cultuurbarbaren nog wel toegeven. ‘De burgemeester had slechte adviseurs om zich heen. Mensen die hem influisterden dat hij met een simpele verordening de was kon weghalen uit de steegjes.’

    We mogen niet alles opofferen voor het toerisme. Anders lijkt het hier binnenkort op Venetië.

    Het stel aan het tafeltje ernaast stapt op. Waarschijnlijk stamgasten. ‘Ciao Pino.’ Hij steekt zijn hand op. ‘Bacio [kus],’ zegt hij en praat meteen weer verder. Voor hem zou dit verbod een breuk hebben betekend, een culturele breuk die veel verder reikt dan Dash. Vroeger hingen immers niet alleen arme Napolitanen hun was buiten. Op de dag van San Gennaro, de beschermheilige van de stad, deden rijken hetzelfde, adellijke families. Alleen waren dat in hun geval lakens van wit linnen, mooie kleren en dekens van satijn. Ter ere van San Gennaro. Ook toen was de was een heilig ritueel, een mythe, diep verankerd in het volksgeloof. 

    Er moest ook een verbod komen op balspelen in de straten en op de pleinen van de stad

    In het concept van de gemeenteraad voor ordening van de openbare ruimte stond nog een monstruositeit, die tot nog toe weinig aandacht heeft getrokken. Er moest ook een verbod komen op balspelen in de straten en op de pleinen van de stad. Uitgerekend dat. Je ziet in Italië nog maar weinig kinderen op straat voetballen. Misschien komt dat door de vele playstations, maar beslist ook door de ‘agressieve toeristificering’ van de Italiaanse cultuursteden, zoals De Stasio dat noemt. Alles wordt opgeofferd aan het toerisme. Florence? Onherkenbaar. ‘Om van Venetië maar te zwijgen.’ Ook Rome wordt aan alle kanten getoeristificeerd.

    Napels is toch anders, een wereld aan oorspronkelijkheid. Ietwat lastig te hanteren, een rauwe, echte wereld, die je rechtstreeks raakt. Het is de tegenpool van de Disneyparken in deze wereld.

    ‘Maar eens kijken wat ze met het voetbalverbod gaan doen,’ zegt De Stasio. Als dat toch nog in een nieuw conceptreglement voorkomt, gaat hij opnieuw voor een hoop stennis zorgen. Napels zonder voetbal in haar straatjes? Ondenkbaar. Wat zou Maradona daar wel niet van zeggen.