Tag: waterhuishouding

  • Irak droogt uit – en dat komt niet alleen door klimaatverandering

    Irak droogt uit – en dat komt niet alleen door klimaatverandering

    Irak lijdt onder toenemende droogte. Behalve de klimaatcrisis, waardoor het water in rivieren en meren sneller verdampt, gaat de bevolking gebukt onder corruptie en regionale conflicten. Milieuactivisten in het land maken zich grote zorgen: ‘We staan op de rand van een catastrofe.’

    Soms gaat het sneller dan gedacht, en dat betekent niet altijd iets goeds. ‘Ik waarschuw al sinds 2004 voor een tekort aan water in Irak. Maar ik ging ervan uit dat het pas vanaf 2030 een probleem kon worden. Ik zat fout.’ De Iraakse milieuactivist Azzam Alwash maakt zich zorgen om zijn vaderland, dat lijdt onder langdurige droogtes en toenemende watertekorten. ‘We staan op de rand van een catastrofe,’ zegt hij aan de telefoon. Irak heeft eigenlijk altijd geprofiteerd van de vruchtbare bodem tussen de Eufraat en de Tigris. De twee rivieren zorgen voor ongeveer 98 procent van de watervoorziening. Ze voerden altijd voedingsstoffen en vochtigheid voor het land aan.

    De Tigris en de iets zuidelijker gelegen Eufraat ontspringen in Turkije, stromen door heel Irak en vloeien ten slotte ongeveer 200 kilometer voor de kust samen, in de buurt van de stad Basra. Aan het eind van de steeds uiterst droge zomers bevatten de beide rivieren het minste water. Desondanks stroomde tussen 1981 en 2010 in de laatste septemberdagen nog bijna 1000 kubieke meter water per seconde uit de monding in zee – meer dan bijvoorbeeld aan de monding van de Elbe [in de Noordzee].

    Maar sinds de millenniumwisseling drogen de voor Irak zo belangrijke levensaders op. Volgens de gegevens van de Copernicus Climate Change Services [van de EU] nemen de watervolumes duidelijk af. Dat ligt niet alleen aan de temperaturen die stijgen als gevolg van de klimaatcrisis, waardoor het water in meren en rivieren sneller verdampt. Ook de hoeveelheid neerslag is in de laatste decennia afgenomen. De droogte leidde vooral het afgelopen jaar tot verwoestende zandstormen.

    Slechts 60 procent heeft toegang tot drinkwatervoorziening

    In de rivierbeddingen, weiden, moerassen, meren en kanalen ontbreekt het aan water – met ingrijpende gevolgen, en niet alleen voor het milieu. ‘De gevolgen van de noodsituatie zouden ertoe kunnen leiden dat de regionale spanningen tussen Irak en de buurlanden verder toenemen,’ zegt Alwash. Turkije, Syrië en Iran betwisten Irak het water van de Eufraat en de Tigris. Ook die landen lijden onder de toenemende droogte; ze bouwen dammen in de bovenloop van de rivieren en leiden het water om in eigen gebied. Het Iraakse ministerie van Watervoorziening dreigde Iran in de afgelopen jaren al met een aanklacht bij het Internationaal Gerechtshof, vanwege de vermindering van de watertoevoer [via zijrivieren] uit dat land. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan maakte bij voorbaat duidelijk dat er voor hem geen verschil bestaat tussen de bescherming van het eigen water en die van het vaderland.

    In april zei de plaatsvervangende Iraakse minister van Milieu volgens berichten in de media dat de Eufraat en de Tigris op dit moment minder dan 30 procent van hun normale hoeveelheid water uit Turkije en Iran zouden ontvangen. Regeringsvertegenwoordigers uit de drie landen komen steeds weer bij elkaar om te onderhandelen over de toekomst van de watervoorziening. Onlangs heeft Turkije Irak voor een maand meer water uit de Ilisu-dam [in de Tigris] toegezegd. Maar het ontbreekt nog steeds aan oplossingen voor de lange termijn. Critici verwijten Turkije dat het zijn controle over het water tegenover Irak als drukmiddel zou gebruiken in politieke en economische kwesties.

    Beschadigd

    ‘Turkije en Iran spelen een grote rol, maar ook het slechte watermanagement is een probleem,’ zegt Mac Skelton, directeur van het Instituut voor regionale en internationale studies aan de Amerikaanse Universiteit van Irak in Suleimaniya, aan de telefoon. Meerdere oorlogen hebben de waterinfrastructuur van het land beschadigd. Het fragiele politieke systeem van het land doet de rest. Om sjiitische rebellen hun toevluchtsoord te ontnemen, legde Saddam Hoessein in het begin van de jaren negentig het vruchtbare marsland in het zuiden van het land droog. Bijna 90 procent van het oppervlak droogde uit, waardoor de bewoners hun middelen van bestaan kwijtraakten. Na de val van Saddam in 2003 staken activisten de dammen door en keerde het leven terug.

    Nu wordt het gebied door de gevolgen van de klimaatcrisis en de aanhoudende droogte opnieuw bedreigd. Volgens een bericht van de Verenigde Naties heeft slechts 60 procent van de Iraakse bevolking toegang tot een betrouwbare drinkwatervoorziening. ‘Dat is het resultaat van een sinds 2003 falende waterhuishouding, die niet in de laatste plaats wordt verergerd door de systematische corruptie in het land,’ zegt Skelton. Daar komt bij dat de Iraakse bevolking voortdurend groeit; de Eufraat en de Tigris moeten dus ook steeds meer mensen van water voorzien. Deze crisissituatie leidt regelmatig tot protesten, veel mensen in Irak zijn wanhopig.

    In het zuiden van het land dringt het zoute water uit de Perzische Golf stroomopwaarts naar het noorden, waar het rivieren en vruchtbare landbouwgebieden binnendringt. Het areaal voor het verbouwen van graan is duidelijk gekrompen, boeren verliezen hun vee en hun tarwe, en het water is vervuild. Steeds weer moeten duizenden mensen hun land verlaten en naar de grote steden verhuizen. Wie zich in het land inzet voor milieubescherming, moet vrezen voor represailles en ontvoeringen.

    Milieuactivisten

    Daar kan ook Azzam Alwash over meepraten: zijn vriend en collega Jassim al-Asadi van de ngo Nature Iraq werd in februari ontvoerd. Hij is niet de enige die sinds de massaprotesten van 2019 dit lot onderging. Doelwit van de ontvoeringen zijn vooral milieuactivisten, zoals blijkt uit een bericht van Human Rights Watch. Volgens de mensenrechtenorganisatie hangt dat samen met de algemene opstelling van de regering, die maatschappelijke organisaties in het land als een bedreiging beschouwt. Om veiligheidsredenen heeft Alwash na de ontvoering van zijn vriend dan ook besloten Irak te verlaten.

    De gevolgen van de droogte zijn even divers als catastrofaal. Alwash gaat ervan uit dat de temperaturen ook in 2023 tot boven de 50 graden zullen stijgen. Daarom hoopt hij dat de regionale machten een gezamenlijke oplossing zullen vinden. ‘Anders moeten de mensen hier binnenkort nog harder vechten om te overleven dan ze nu al doen.’

  • Noord-Californië blijft groen dankzij gezuiverd afvalwater

    Noord-Californië blijft groen dankzij gezuiverd afvalwater

    Jaarlijks wordt in het Californische Healdsburg 1,3 miljoen kubieke meter rioolwater voor hergebruik gezuiverd en vervolgens gratis verdeeld onder de gebruikers. Essentieel in een regio die kampt met droogte en watertekorten.

    Onder een schaduwrijke boom vol granaatappels wijst Brad Simmons vol trots op de boomgaard in zijn achtertuin. Het is eind 2022 in Healdsburg en deze gepensioneerde metaalbewerker, die al zevenenvijftig jaar in dit Californische plaatsje woont, heeft op het kleine lapje grond bij zijn bungalow niet alleen appel-, kersen- en perzikbomen, maar ook nog een perenboom, twee citroenbomen en een honderd jaar oude olijfboom staan. Die kleine boomgaard heeft natuurlijk veel water nodig, en dat wordt ieder jaar schaarser in deze staat, die ondanks de hevige regenval van rond de jaarwisseling nog steeds met historisch grote droogtes kampt. Toch hebben Simmons en veel van de andere twaalfduizend inwoners van dit wijnmakersstadje ten noorden van San Francisco alles er groen bij staan, terwijl het waterverbruik in de gemeente sinds 2020 gehalveerd is.

    Healdsburg beschikt namelijk over een bijzondere troef als het gaat om de bevloeiing van tuinen, bomen en wijngaarden: gratis, niet drinkbaar water afkomstig uit een speciale zuiveringsinstallatie voor de recycling van afvalwater. Volgens de gemeente recyclet die installatie elk jaar ruim een miljard liter rioolwater, iets meer dan de helft van het jaarlijkse waterverbruik. Dat gerecyclede water kan gebruikt worden voor irrigatie, in de bouw en bij andere toepassingen die geen drinkwaterkwaliteit vereisen. Dat verlicht de druk op de reservoirs en waterputten in de regio, stimuleert een grote groep gebruikers om bewuster met water om te gaan en verlaagt de hoeveelheid afvalwater die in de Russian River wordt geloosd.

    Reservoirs

    ‘Ik maak me voortdurend zorgen over watertekort,’ zegt Simmons, terwijl hij een tuinslang over het uitgedroogde gras van zijn tuin naar een enorme vierkante tank met duizend liter gerecycled water sleept. Die reservoirs ter grootte van een wasdroger zie je hier overal in de gemeente staan. ‘Dit is dus echt een uitkomst.’

    Momenteel wordt in Californië een kleine 900 miljoen kubieke meter water voor hergebruik gezuiverd, ofwel 18 procent van de totale jaarlijks hoeveelheid afvalwater. Maar de staat heeft hogere ambities voor zijn waterzekerheid: de nieuwe doelstelling is bijna een verdriedubbeling, tot 2,5 miljard kubieke meter in 2030. Dankzij initiatieven zoals het Clean Water State Revolving Fund van de Californische waterautoriteit en steun van de federale overheid, waaronder een subsidieprogramma van 750 miljoen dollar, staan er verschillende grote projecten op stapel. Zo wil Orange County de capaciteit vergroten van zijn zuiveringsinstallatie voor drinkwater, die nu al de grootste ter wereld is, om straks zo’n vijfhonderd miljoen liter rioolwater per dag te kunnen recyclen. Het Metropolitan Water District of Southern California wil voor 3,4 miljard dollar een nieuwe recycle-installatie bouwen die voor 19 miljoen gebruikers in de regio Los Angeles een duurzame bron van drinkwater moet worden.

    Alles staat er groen bij, terwijl het waterverbruik sinds 2020 gehalveerd is

    Maar voor gemeentes met minder inwoners of minder middelen kan een bescheiden aanpak net zo effectief zijn, zegt waterdeskundige Anne Thebo van het Pacific Institute in Oakland, een non-profit onderzoeksinstituut voor waterbescherming. ‘De lokale context kan gemeentes veel flexibiliteit bieden bij het opstellen van plannen voor hergebruik van water,’ meent zij. Landbouwgemeentes zijn daarbij in het voordeel, omdat water voor irrigatie vaak niet drinkbaar hoeft te zijn.

    Irrigatie

    Elke gemeente heeft keuzemogelijkheden bij de zuivering van rioolwater voor hergebruik, want ook water voor de irrigatie van bosbouw of gazons hoeft niet zo schoon te zijn als water dat gebruikt wordt voor de bevloeiing van gewassen als luzerne (alfalfa) of voedsel dat rauw gegeten wordt, zoals sla en aardbeien. Een goed plan voor hergebruik van water dat is toegesneden op de specifieke behoeften van een gemeente kan de waterportefeuille van een regio veelzijdiger maken en helpen voldoen aan de vraag. 

    Hergebruik was niet de eerste prioriteit van Healdsburg toen het in 2008 zijn waterzuiveringsinstallatie moderniseerde. De gemeente moest voldoen aan de milieuvoorschriften voor lozing in de Russian River, waaronder een strengere norm voor de aanwezigheid van voedingsstoffen en ziekteverwekkers. Voor 29,3 miljoen dollar werden membraanfilters en UV-licht voor het verwijderen van ziekteverwekkers toegevoegd aan een zuiveringsproces dat al filtratie en bacteriële zuivering omvatte. Met die extra maatregelen wordt het rioolwater nu bijna tot drinkwaterkwaliteit gezuiverd, zodat het schoon genoeg is voor lozing in het bijna vierduizend vierkante kilometer grote stroomgebied.

    Gratis maar niet drinkbaar

    Maar zelfs van zulk schoon water staan de regionale waterschappen lozing alleen toe in de periode van oktober tot half mei, als het waterpeil in de rivieren verhoogd is door de regenval en de kans op schadelijke gevolgen dus nog kleiner. In de resterende maanden van het jaar ‘moeten we zelf maar zien wat we ermee doen’, zegt Patrick Fuss, hoofd water- en afvalwaterbeheer van de gemeente. Dat werd de grote uitdaging en uiteindelijk ook de grote triomf van het waterbeleid van zijn stad: genoeg vraag creëren voor dat aanbod.

    In Californië is gebruik van gezuiverd afvalwater in de landbouw toegestaan, maar alleen met een vergunning die precies vastlegt waarvoor het wordt gebruikt, vooral om de veiligheid van het grond- en drinkwater te garanderen. De oorspronkelijke vergunning van Healdsburg bood ruimte voor zowel de irrigatie van wijngaarden als gebruik in huishoudens, tuinen en industrie. Toch was het jarenlang lastig om genoeg afnemers voor het gerecyclede water te vinden, aldus Fuss. Het is weliswaar gratis, maar niet drinkbaar en vergt daarom de aanleg van aparte leidingen, wat een kostbare grap kan zijn. Verder maakten sommigen zich nodeloos zorgen over de aantasting van hun kostbare druiven door mogelijke resten nitraat, mineralen en andere chemische stoffen. Daarom werd gerecycled water nog een tijdlang in de rivier geloosd. Tot de gemeente zich drie jaar geleden door de toenemende droogte genoopt zag de lozingsvoorschriften strikt te gaan handhaven. Met de nieuwe veelsporenaanpak wordt de hoeveelheid geloosd afvalwater verlaagd door betere waterbesparing, en wordt tegelijkertijd de vraag naar gerecycled water verhoogd.

    ‘De gebruikers zorgen wel dat wij geen loopje nemen met de voorschriften’

    Fuss heeft daarvoor mede de basis gelegd door actief bij de wijnboeren langs te gaan en deelnemers te werven voor de verlenging van de waterleiding om het hergebruikte water bij hen te krijgen. Verder heeft de gemeente de bouwsector verplicht tot het gebruik van gerecycled water, dat afgehaald kan worden bij twee vulstations. En toen vorig jaar overal in Californië het watergebruik aan banden werd gelegd, is Healdsburg juist begonnen met de levering van bijna tweeduizend liter gratis water per huishouden per jaar voor alle afnemers.

    GettyImages 1089435092

    Om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen is het volgens Fuss van cruciaal belang dat er een breed scala van gebruikers is. ‘We weten dat we bij droogte aan de regels kunnen voldoen, want de toestroom, de hoeveelheid afvalwater die we moeten zuiveren, is dan kleiner omdat mensen zuiniger met water omgaan, terwijl de vraag naar gezuiverd water juist groter is,’ zegt hij. In een jaar met veel of normale regenval is de situatie omgekeerd en zou het systeem snel overstromen als er niet voldoende tappunten waren.

    Beheer van de kwaliteit van geloosd afvalwater is een belangrijke drijfveer voor projecten voor hergebruik van water in Californië, zegt Thebo. En de gemene deler van geslaagde projecten lijkt het combineren van verschillende voordelen te zijn. ‘Dat is het hart van de samenwerking tussen gemeentes, telers, milieugroeperingen en de talrijke andere belanghebbenden. En dat is ook hoe je politici en de bewoners erbij betrekt.’

    Populair

    In Healdsburg lijkt het met die maatschappelijke betrokkenheid wel goed te zitten. Het programma van gratis aan huis bezorgd water is zelfs aan zijn eigen populariteit ten onder gegaan, doordat er op het hoogtepunt meer dan een kwart van de huishoudens gebruik van maakte. ‘Het was [financieel] onhoudbaar op de lange termijn,’ zegt gemeentelijk waterinspecteur Rob Scates, ‘maar het was goed voor de bekendheid.’ Bij de vulstations is het water nog steeds gratis verkrijgbaar en verschillende particuliere bedrijven bezorgen het voor een klein bedrag aan huis. (Simmons zegt dat hij eens in de twee weken veertig dollar betaalt voor een levering.)

    Maar de gemeente neemt geen risico. Om van afname verzekerd te blijven mag het water sinds kort ook gebruikt worden voor de irrigatie van weiden, commerciële boomgaarden en slachtvee. En er zijn plannen om, met dank aan een staatssubsidie van zeven miljoen dollar, het leidingnet (met paarse leidingen om aan te geven dat het geen drinkwater is) uit te breiden tot in de bebouwde kom, voor de bewatering van het stadsgroen. ‘Het raakt bekend dat de waterkwaliteit goed is en dat het een behoorlijk betrouwbaar systeem is,’ zegt Scates. De gebruikers ‘zijn er nu echt aan gehecht geraakt. Die zorgen wel dat wij geen loopje nemen met de voorschriften.’

    Dennis De La Montanya, eigenaar van De La Montanya Vineyards en een van de gebruikers van het eerste uur, is daar niet bang voor. Hij bevloeit de druiven waarmee hij zijn bekroonde pinot noir en chardonnay maakt al jaren met water uit de paarse leidingen. ‘Het heeft enorm bijgedragen aan de beschikbaarheid van water. En het belast het grondwater en de openbare watervoorziening niet,’ zegt hij. ‘Het is echt win-win.’ Dat tastbare resultaat demonstreert de waarde van de recycling van water, zegt Thebo: ‘Waterschaarste lijkt soms onoverkomelijke problemen op te leveren. Maar als mensen oplossingen zien waarvan ze de gevolgen in hun eigen leven ondervinden, wordt dat volgens mij een bron van collectieve trots.’

    Lees ook:

  • Onkruid bestaat niet

    Onkruid bestaat niet

    Veel stadsbewoners beschouwen de plantjes die groeien tussen tegels en muren als onkruid. Maar volgens wetenschappers draagt deze ‘voegenvegetatie’ bij aan de verbetering van de lucht en de regulering van de waterhuishouding in de bodem.

    De eerste die het bijzondere ervan inzag, was de Britse wetenschapper Richard Deakin. Toen hij in 1855 het afbrokkelende Colosseum in Rome bezocht, ging zijn aandacht uit naar wat andere onderzoekers negeerden of waar ze geërgerd aan voorbij liepen. Nauwgezet registreerde hij al het groen dat in het oude gebouw woekerde – en dat anderen als onkruid beschouwden. Hij kwam tot 420 plantensoorten die de muren hadden veroverd: grassen, varens, rozen, struiken.

    Botanicus Dietmar Brandes heeft er onlangs bij zijn zoektocht in voegen en spleten bijna vijfhonderd gevonden – alleen in Braunschweig. Dat is de helft van alle plantensoorten die in de stad voorkomen. Brandes is professor en zet aan de plaatselijke universiteit het werk van Deakin voort: hij onderzoekt welke planten zich thuisvoelen in de steden van Europa, noordelijk Afrika en westelijk Azië, en welke plekjes ze hebben gevonden. ‘Spleten in muren,’ zegt hij, ‘zijn een belangrijke levensruimte voor planten, die je niet zomaar moet aantasten.’

    Wilde bloemen langs een stoeprand. – © Getty
    Wilde bloemen langs een stoeprand. – © Getty

    Voegenvegetatie is de verzamelnaam van de plantjes die zich in die speciale levensruimte nestelen. Die niet alleen in muurspleten leven, maar ook op de bodem van de stad, onder schoenzolen, autobanden en hondenpoten, die hardnekkig door voegen van trottoirs omhoogkruipen en zelfs uit spleten in het asfalt steken. De levensruimten zijn krap bemeten en bieden bovendien maar weinig voedingsstoffen. En toch zijn die kleine ruimten geknipt voor zowel oersterke als specialistische plantjes; de laatste hadden anders waarschijnlijk geen plekje in de stad weten te vinden. De spleten bieden namelijk omstandigheden die voor sommige soorten perfect zijn. Uit onderzoek blijkt dat de flora in de meeste steden zelfs veel diverser is dan die in de regio. Hoe groter de stad, des te meer plantensoorten er groeien. Dat komt vooral door de voegenvegetatie: die benut elke kans die ze krijgt, hoe klein die ook is.

    Oude, vervallen gebouwen als het Colosseum en stadscentra als die van Braunschweig bieden heel verschillende omstandigheden voor planten. Hetzelfde geldt voor parken, industriegebieden, nieuwbouwwijken, begraafplaatsen, autowegen en rangeeremplacementen: stuk voor stuk zijn ze meer of minder rijk aan voedingsstoffen, vochtig, kwetsbaar of belopen. Elke plant kan een plekje zoeken dat zo veel mogelijk aan zijn eisen voldoet. Er zijn altijd wel hoekjes waar nauwelijks of helemaal geen licht komt en die daardoor vaak koel en vochtig zijn, of juist oppervlakken die nooit in de schaduw liggen.

    Ook de bodemgesteldheid varieert, zelfs binnen kleine afstanden: nu eens is het hard gesteente dat slechts door een dunne laag zand wordt bedekt, dan weer een gelijkmatig poreus oppervlak of zelfs een paar centimeter diepe, vruchtbare bodem. Al deze levensruimten hebben een tegenhanger in de vrije natuur. De Russische ecologe Maria Ignatieva vergelijkt bijvoorbeeld de straatstenen in de steden met rotswanden of rotsplateaus zoals ze in de natuur voorkomen. Voor al die verschillende levensruimten blijken er specialisten te zijn, die goed gedijen in de betreffende omstandigheden. Of het nu gaat om het kruipende varkensgras, dat op woeste, braakliggende terreinen te vinden is, om eetbare wilde kruiden zoals de bijvoet, die een voedingsrijke bodem prefereert, of om gewassen als klaver en vogelmuur, die in elke muurspleet uit de voeten kunnen.

    Soortenrijkdom

    Omdat het in steden door bodembedekkers als asfalt of betonplaten gemiddeld warmer is dan in de provincie, nestelen zich daar ook vaak planten die oorspronkelijk alleen in zuidelijker gelegen gebieden voorkwamen. Tot die planten, die ‘cultuurvolgers’ worden genoemd, behoren bijvoorbeeld de muizengerst of de schijnacacia, die soms in muurspleten ontspruiten. Daarnaast komen in steden steeds meer speciaal aangeplante, soms exotische tuin- en sierplanten voor.

    Ze dragen allemaal bij aan de grote soortenrijkdom in de steden, zoals bleek uit een onderzoek van Duitse ecologen in Saksen-Anhalt: in steden zijn er niet alleen meer inheemse soorten dan in de provincie, ook plantensoorten die oorspronkelijk alleen elders groeiden, komen er vaker voor. Bovendien krijgen inheemse en exotische soorten vaak gezelschap: door de beperkte levensruimte in muurspleten en op andere plaatsen in de stad komen gelijksoortige planten naast elkaar te staan en bevruchten ze elkaar – iets wat in de natuur niet zo snel zou gebeuren.

    De drievingerige steenbreek, een roodachtig kruidje met witte bloempjes, is zo’n plant die oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied stamt, maar inmiddels ook in Duitsland groeit. Voor de steenbreek zijn muurspleten de ideale levensruimte, omdat het plantje niet veel voedingsstoffen nodig heeft om te groeien. Andere planten, zoals de klaver of het herderstasje, hebben weer heel veel stikstof nodig en daarvan wordt de bodem in steden rijkelijk voorzien door bijvoorbeeld hondenpoep.

    ‘De Duitsers zetten tuinkabouters neer en trekken de hele dag onkruid’

    Brandes, de botanicus uit Braunschweig, is zeer gefascineerd door dit alles. Al dertig jaar houdt hij zich bezig met de verscheidenheid aan planten in Duitse en Europese steden en hij leert nog altijd bij. Bijvoorbeeld dat enkele soorten voegen als zaadbank gebruiken, een soort toevluchtsoord in de grond, een voorzorgsmaatregel voor het moment dat de plantjes nergens anders meer een plekje kunnen vinden.

    Hij vindt het ook belangrijk om te benadrukken dat de kleine bewoners van de stad waarin ze leven beslist nuttig zijn. Zo dragen de plantjes in de voegen bij aan de verbetering van de lucht en de regulering van de waterhuishouding in de bodem. ‘Voegen zijn belangrijk omdat neerslag zo kan wegsijpelen in de bodem,’ zegt hij. En plantjes die er groeien nemen ook water op. Hun wortels zorgen er bovendien voor dat de bodem wordt versterkt en er minder snel erosie zal optreden.

    Brandes mag nog zo enthousiast zijn, bij andere mensen is van een fascinatie voor de wildgroei maar weinig te bespeuren. Vooral Duitse hobbytuiniers beschouwen alles wat ongepland groeit eenvoudigweg als onkruid, zegt hij.

    ‘De Duitsers zetten tuinkabouters neer en trekken de hele dag onkruid,’ constateerde ook de Russische auteur Wladimir Kaminer al in zijn boek Mein Leben im Schrebergarten [Mijn leven in een volkstuin]. De voegenvegetatie die zelf een plekje in de tuin zoekt, wordt platgelopen, uitgetrokken of zelfs verbrand. ‘Sommige volkstuinverenigingen hebben een haast beangstigend idee van netheid en denken daarmee ook nog eens de biodiversiteit te bevorderen,’ zegt Dietmar Brandes. De kleine drievingerige steenbreek was in enkele regio’s van Duitsland zelfs enige tijd met uitsterven bedreigd, omdat de mensen het zo consequent verwijderden. Inmiddels heeft het plantje zich weer enigszins hersteld.

    Klaprozen bij een ruïne op het tempelcomplex in het Griekse Selinunte. – © Getty
    Klaprozen bij een ruïne op het tempelcomplex in het Griekse Selinunte. – © Getty

    Dat komt ook doordat de gemeenteraden de strijd tegen de wildgroei ondertussen op een laag pitje hebben gezet. Enkele decennia geleden zag dat er nog heel anders uit. ‘In de jaren zestig en zeventig,’ vertelt Brandes, ‘hebben de plantsoenendiensten in alle grote Duitse steden geprobeerd van al het onkruid af te komen. Het was gewoonweg onacceptabel om tussen het onnuttig geachte onkruid te leven.’

    Met breed werkzame bestrijdingsmiddelen ging men het ongewenste groen te lijf, het liefst met glyfosaathoudende chemicaliën als de veel gebruikte onkruidverdelger RoundUp. Nog altijd is dit het meest gebruikte middel in steden, zij het met steeds meer beperkingen; zo is in steden in Noordrijn-Westfalen het gebruik van glyfosaat sinds 2014 verboden. Plaatsen als Witten en Iserlohn proberen zich zelfs helemaal zonder herbiciden te redden.

    Daar wordt onkruid uitgetrokken, weggeborsteld of verbrand – of geprobeerd om met hete waterdamp rechtstreeks tot de wortels door te dringen. Helemaal geen wildgroei is een utopie, daarvan is Dietmar Brandes overtuigd. ‘Een stad zonder voegenvegetatie wordt op den duur heel kostbaar,’ zegt de botanicus. ‘Bovendien zijn de effecten ook niet van lange duur.’ Wat je ook doet, de voegenvegetatie komt steeds weer terug – op zijn laatst volgend jaar.

    Auteur: Caroline Ring
    Vertaler: Pieter Streutker

    Beeld bovenaan: Citroenmelisse (geliefd bij bijen) op een trottoir. – © Getty

    Welt am Sonntag
    Duitsland | weekblad | oplage 250.000

    Zondagseditie van het liberaal-conservatieve dagblad uit Duitsland, dat vlak na de Tweede Wereldoorlog door de Britten in Hamburg werd opgericht.