Wat schrijven internationale commentatoren en opiniemakers over het gebrek aan vooruitgang in de kabinetsformatie in Nederland? ‘Zo’n tweeënhalve maand na de Nederlandse verkiezingen zijn Wilders, en de Nederlanders met hem, weer terug bij af.’
‘Wat dacht Pieter Omtzigt toen hij zich plotseling terugtrok uit de verkennende gesprekken om een nieuwe Nederlandse regering te vormen? (…) De aanpak van Omtzigt is riskant; het zal hem niet alleen sympathie kosten bij potentiële partners, maar ook bij zijn eigen kiezers, die volgens peilingen in overgrote meerderheid voor samenwerking met Wilders zijn. Aan de andere kant blijft hij trouw aan zijn principes, wat op de lange termijn in zijn voordeel kan werken.’
‘Het beloofde nooit makkelijk te worden om een nieuwe regering te vormen in Nederland toen de verkiezingen werden gewonnen door een extreemrechtse fanatiekeling die de Koran wil verbieden, alle nieuwe asielaanvragen wil afwijzen, de EU wil verlaten en een heleboel milieuregels wil verscheuren. Het werd echter een stuk moeilijker toen een belangrijk potentieel lid zich terugtrok uit coalitiebesprekingen, wat betekent dat Geert Wilders bijna geen kans maakt om een meerderheidsregering te vormen – hoewel een minderheidskabinet tot de mogelijkheden blijft behoren.’
‘Wilders heeft Omtzigt ervan beschuldigd “de deur open te zetten” voor de groen-rode alliantie van Frans Timmermans, die tweede werd na de PVV en daarom de voor de hand liggende partij zou zijn om de besprekingen te leiden als een centrumrechtse coalitie onmogelijk blijkt. Maar Timmermans zelf heeft tegen de NOS gezegd dat er nog te veel onduidelijk is. (…) Met andere woorden: Zo’n tweeënhalve maand na de Nederlandse verkiezingen zijn Wilders, en de Nederlanders met hem, weer terug bij af.’
‘We zijn terug bij af, met drie opties: voortzetting van de driepartijengesprekken (PVV, VVD, BBB) om een minderheidscoalitie te vormen, een – hoogst onzekere – oproep aan andere partijen om deel te nemen aan de coalitie, of een terugkeer naar de stembus. De laatste optie zou weleens de voorkeur van Wilders kunnen krijgen: in de laatste peilingen krijgt zijn partij nu vijftig zetels, ruim voor alle andere partijen. Het is misschien om dit vooruitzicht te vermijden dat zijn drie huidige gesprekspartners, ondanks alles, zouden kunnen proberen de brokken te lijmen, ook al omschreef Omtzigt de mogelijkheid van zijn deelname als “zeer klein”.’
Een nexit is hoogstonwaarschijnlijk, maar alles wijst erop dat Geert Wilders het de EU niet bepaald makkelijk gaat maken. ‘Een zetel voor Wilders aan tafel bij een EU-top, naast andere extreemrechtse en nationalistische leiders die al in functie zijn, zal de dynamiek veranderen.’
Eén zin in het opruiende verhaal dat Geert Wilders de Nederlandse kiezers vertelde, zal Brussel meer dan wat dan ook de stuipen op het lijf hebben gejaagd: een referendum over het verlaten van de EU. Zeven jaar nadat de Britten voor brexit stemden, is een stemming over een zogeheten nexit een kernpunt in het programma waarmee de extreemrechtse leider Nederland uiteindelijk aan zijn zijde kreeg.
En hoewel Wilders zijn anti-islamretoriek de afgelopen weken heeft afgezwakt, zijn er geen tekenen dat hij na zijn schokkende verkiezingsoverwinning van plan is zijn Euroscepsis af te zwakken. Ook al zouden de Nederlandse kiezers zich niet laten overhalen om de Britten te volgen en de EU te verlaten – hetgeen volgens de peilingen waarschijnlijk is –, dan nog wijst alles erop dat een regering onder leiding van Wilders in Den Haag een nachtmerrie zal zijn voor Brussel.
Een zetel voor Wilders aan tafel bij een EU-top, naast andere extreemrechtse en nationalistische leiders die al in functie zijn, zal de dynamiek veranderen. Plotseling zal beleid op allerlei vlakken, van klimaatmaatregelen tot hervorming van de EU en wapens voor Oekraïne, ter discussie komen te staan en mogelijk zelfs worden teruggedraaid.
Sinds de bekendmaking van de exitpolls hebben andere centrumrechtse partijen niet uitgesloten een coalitie te vormen met Wilders, die als duidelijke winnaar uit de bus is gekomen. Dit ondanks het feit dat hij de afgelopen tien jaar door centrumpartijen buiten de deur is gehouden. Van zijn kant lijkt de zestigjarige oudgediende er alles aan gelegen om deze keer zelf aan de touwtjes te trekken.
Explicieter
Sinds Dilan Yeşilgöz – de opvolger van Mark Rutte als VVD-leider – vroeg in de campagne aangaf dat ze mogelijk coalitiebesprekingen met Wilders zou willen aangaan, heeft de extreemrechtse leider er hard aan gewerkt om redelijker over te komen. Hij zwakte een aantal van zijn meest uitgesproken standpunten af – met name over de islam, zoals een verbod op moskeeën – vanuit de argumentatie dat er grotere prioriteiten zijn om op te lossen.
Op woensdagavond, toen de resultaten binnenkwamen, was Wilders explicieter: ‘Ik begrijp heel goed dat partijen niet in een regering willen zitten met een partij die ongrondwettelijke maatregelen wil,’ zei hij. ‘Dus we gaan het niet hebben over moskeeën, korans en islamitische scholen.’
Zelfs als Wilders bereid is om zijn eis voor een EU-referendum te laten vallen in ruil voor macht, zal zijn overwinning nog een siddering door EU-instellingen teweegbrengen. En mochten centristische partijen zich verenigen om Wilders – opnieuw – buiten de deur te houden, dan zullen ze dat later wellicht moeten bekopen met boze Nederlandse kiezers. Brexitcheerleader Nigel Farage heeft in het Verenigd Koninkrijk laten zien dat je niet aan de macht hoeft te zijn om grote invloed uit te oefenen.
In de overwinningstoespraak beloofde Wilders de – zoals hij het noemt – ‘asieltsunami’ in Nederland, aan te pakken
Migratie was een dominant thema tijdens deze Nederlandse verkiezingen. Voor EU-politici blijft het een prangende kwestie. Naarmate het aantal migranten blijft stijgen, neemt ook de steun voor extreemrechtse partijen in veel Europese landen toe. In Italië verkreeg Giorgia Meloni vorig jaar de macht met haar Fratelli d’Italia. In Frankrijk blijft het Rassemblement National van Marine Le Pen een grote partij, die op de tweede plaats staat in de peilingen. In Duitsland is Alternative für Deutschland de afgelopen maanden eveneens naar de tweede plaats gestegen.
In zijn overwinningstoespraak beloofde Wilders de – zoals hij het noemt – ‘asieltsunami’ die Nederland treft, aan te pakken.
‘De belangrijkste redenen waarom kiezers bij deze verkiezingen op Wilders stemden, zijn zijn anti-immigratieagenda, gevolgd door zijn standpunten over de crisis rond de kosten van het levensonderhoud en zijn standpunt over gezondheidszorg,’ zegt Sarah de Lange, hoogleraar Politiek aan de Universiteit van Amsterdam. Mainstreampartijen ‘legitimeerden Wilders’ door immigratie tot een belangrijk onderwerp te maken, aldus De Lange. ‘Kiezers dachten misschien: Als het daarom gaat, waarom dan niet op het origineel stemmen in plaats van op een kopie?’
Voor links is het lichtpunt in Nederland de sterke opkomst van een goed georganiseerde alliantie tussen de PvdA en Groen Links. Frans Timmermans, voormalig vicevoorzitter van de Europese Commissie, kreeg veel steun. Maar zelfs met hun gezamenlijke verkiezingslijst was Wilders niet te verslaan.
Volgend jaar juni zijn er in de 27 EU-landen verkiezingen voor het Europees Parlement. Op dezelfde dag dat de Europarlementariërs worden gekozen, zijn er in België algemene verkiezingen. De extreemrechtse leider van Vlaams Belang, Tom Van Grieken, die eveneens een grote doorbraak verwacht, feliciteerde Wilders: ‘Partijen als de onze in heel Europa in opkomst,’ aldus zijn woorden.
Ook de Hongaarse premier Viktor Orbán vierde feest: ‘Er waait een wind van verandering!’
De verpletterende verkiezingswinst van Geert Wilders en de PVV zijn ook in het buitenland met enige verbazing ontvangen. Zo schrijft de BBC dat ‘de ervaren anti-islampopulist Geert Wilders’ een dramatische overwinning bij de Nederlandse parlementsverkiezingen heeft geboekt. Volgens de Britse staatsomroep zal de uitslag ‘de Nederlandse politiek op zijn grondvesten doen schudden’.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
El País schrijft dat ‘extreemrechts’ heeft gewonnen met de verkiezingszege van Geert Wilders, voor het eerst sinds 1945. De Spaanse krant benadrukt dat het vormen van een regering moeilijk kan worden voor de PVV, omdat tot op heden weinig partijen hebben aangegeven te willen regeren met de PVV.
Veel buitenlandse media noemen ook de anti-islam- en antimigratiestandpunten van Wilders. Zo schrijft Frankfürter Allgemeine Zeitung over de winst van ‘rechtse populist’ Wilders dat hij tot in het laatste debat zijn retoriek over migratie verdedigde. Le Monde wijst op de bondgenoten van Wilders in Europa, waaronder Marine le Pen in Frankrijk en Viktor Orbán in Hongarije.
Alleen Ierland en Portugal weten zich voorlopig gevrijwaard van de opmars van rechts-populisme in Europa, nu extreemrechts met Vox voor het eerst in decennia voet aan de grond in Spanje heeft gekregen.
Veertig jaar nadat in Spanje de Grondwet werd ingevoerd heeft een extreemrechtse, nationalistische, centralistische, eurosceptische en anti-immigratiepartij twaalf zetels weten te bemachtigen tijdens de regioverkiezingen in Spanjes dichtstbevolkte autonome regio Andalusië, voorheen het bastion van de socialistische arbeiderspartij PSOE. Niet eerder lukte het een extreemrechtse beweging te worden gekozen in een regionaal parlement in Spanje.
De partij volgt het spoor van andere Europese politieke bewegingen die zich kunnen vinden in de internationale alt-rightbeweging van Trump-ideoloog Steve Bannon. Daarbij horen het Rassemblement National van Marine Le Pen, de Lega Nord van Matteo Salvini en de Alternative für Deutschland. ‘Vox wordt meegesleurd in het populistisch momentum en dat levert de partij in ieder geval een hoop pure proteststemmen op. Ze hebben alleen geen bestuurservaring, zoals bijvoorbeeld de Lega in het noorden van Italië,’ zegt Jorge Palacio, als politicoloog verbonden aan de Universidad Rey Juan Carlos.
Marine Le Pen was een van de eersten die Vox feliciteerden met de overwinning van de partij in Andalusië. In een tweet noemde ze Vox een ‘jonge en dynamische beweging’. Eigenlijk is het eerste grote succes van de extreemrechtse nationalisten te danken aan de Brexit op 23 juni 2016. Even leek het erop dat Marine Le Pen en Geert Wilders in 2017 de succesvolle vaandeldragers van extreemrechts zouden worden, maar beiden bleven halverwege steken en slaagden er niet in een radicaal andere wind te laten waaien.
Taboes
Dat lukte de Oostenrijkse Vrijheidspartij FPÖ wel in 2017, toen de naar rechts opgeschoven christen-democratische Volkspartij ÖVP van Sebastian Kurz een pact sloot met Heinz-Christian Strache. In Italië werd afgelopen voorjaar een tegennatuurlijk regeringspact gesloten door de extreemrechtse Lega van Matteo Salvini en de links-populistische Vijfsterrenbeweging van Luigi di Maio. Hoewel de populisten in Italië strikt genomen met Silvio Berlusconi de macht al grepen.
Wat cultuur-maatschappelijke vraagstukken betreft (immigratie, angst voor verandering, het oproepen van een verleden waarin alles beter was) is de winst van Vox te vergelijken met wat er in andere Europese landen speelt. Toch is hun economische programma in grote lijnen traditioneel rechts. Evenals Spanje was Duitsland een van de landen waar extreemrechts geen voet aan de grond kreeg. Het verleden drukte zwaar op het land en een partij die rechtser was dan de CSU, een Beierse christen-democratische partij, gelieerd aan de CDU, was onmogelijk.
De legendarische partijleider Franz-Josef Strauss verwoordde het zo: ‘Een rechtsere partij dan de Unie kan in Duitsland niet worden getolereerd.’ Met de komst van de AfD zijn die taboes verdwenen. De eerste keer dat de partij in september 2013 aan de landelijke verkiezingen deelnam, kreeg ze iets minder dan 5 procent van de stemmen. Vier jaar later komt ze met 92 zetels (12,7 procent) in de Bondsdag. Omdat Merkels CDU, de CSU en de SPD samen een coalitie vormen, is de rechts-populistische AfD de belangrijkste oppositiepartij.
Afgelopen oktober deed AfD mee aan de verkiezingen in de twee deelstaten waar de partij nog geen zetel had: Beieren en Hesse. De CDU en de CSU verloren zo veel stemmen dat Merkel besloot zich op het partijcongres niet meer kandidaat te stellen als politiek leider van haar partij. ‘Vox en AfD gebruiken hetzelfde discours vol ogenschijnlijk coherente verhalen waarmee ze pretenderen de cultureel-maatschappelijke problemen te begrijpen.
Samen zullen extreemrechtse partijen een belangrijk deel van de agenda bepalen
Nog een overeenkomst tussen beide partijen is dat ze zich de nationale identiteit toe-eigenen en de rol van politieke vernieuwers aannemen,’ zegt Franco Delle Donne, coauteur van Faktor AfD. Wanneer extreemrechtse partijen de politieke arena betreden, staan hun tegenstanders voor een dilemma. Of ze bouwen een cordon sanitaire om zo’n partij heen omdat ze in hun ogen ondemocratisch is, bijvoorbeeld omdat ze een pro-naziverleden hebben (zoals bij de Zweedse Democraten) of ze werken samen, vaak met de bedoeling om de politieke ideeën van de partij af te zwakken of om te voorkomen dat ze zichzelf als slachtoffer presenteren.
Wat ook vaak gebeurt, is dat andere partijen, of de extreemrechtse partijen nu worden buitengesloten of niet, besmet raken door hun discours en een deel van hun agenda overnemen. Dat is een gevaarlijk spel. Wie zich op hun terrein begeeft, zal uiteindelijk hun discours meer gewicht geven.
Het succes van Vox hangt nauw samen met het verlies van de traditionele partijen. In de meeste landen in Europa hebben grote politieke partijen zoals de volkspartijen in Duitsland iets meer dan 40 procent van de stemmen, terwijl ze in de jaren negentig samen op 80 procent van de stemmen konden rekenen. In Duitsland wordt het cordon sanitaire strikt toegepast, bondskanselier Merkel wijst elk pact van de CDU, de CSU met de AfD resoluut af. De AfD zit in geen enkel deelstaatparlement. En op lokaal niveau is de partij alleen in Saksen van betekenis.
Het valt nog te bezien of Annegret Kramp-Karrenbauer, de opvolger van Merkel bij de CDU, haar lijn zal vasthouden.
‘Welkom in de echte wereld,’ zegt Jimmie Akesson, de flamboyante voorman van de Zweedse Democraten, een populistische anti-immigratie- en eurosceptische partij die in de wieg van de welvaartsstaat is opgebloeid.
Ook in Zweden heeft men een cordon sanitaire gelegd om de Zweedse Democraten, die een fikse winst wisten te boeken tijdens de laatste verkiezingen en de sleutel in handen hadden voor de terugkeer van rechts in het centrum van de macht. Maar de liberalen en de centrumpartij wilden de Zweedse Democraten zelfs niet als gedoogpartij en formeerden uiteindelijk een rood-groene regering. Ofschoon Jimmie Akesson zijn partij heeft vernieuwd, weegt voor velen in Zweden het naziverleden van de partij te zwaar.
Nadat in 2000 de Europese Unie fel ageerde tegen de regeringsdeelname van de FPÖ in Oostenrijk, regeren in Denemarken sinds 2001 diverse kabinetten met gedoogsteun van de Deense Volkspartij, wat een grote invloed heeft op de migratiepolitiek.
In Noorwegen werd er in 2013 geëxperimenteerd met regeringsdeelname van extreemrechts. De conservatieven regeerden met de Progressieve Partij en deden dat nog een keer in 2017, al dalen ze nu in de peilingen. In Finland maakte de extreemrechtse partij sinds 2015 samen met twee andere partijen deel uit van een conservatief blok.
Twee jaar later viel dat blok uiteen in twee facties. Timo Soini, voormalig leider van de Ware Finnen, bleef minister van Buitenlandse Zaken. Het is nog te vroeg om te weten of Vox evenveel succes zal hebben bij de landelijke verkiezingen, te verwachten is dat het de partij tijdens de Europese verkiezingen, net als in Andalusië, voor de wind gaat. Vox zal profiteren van het proportioneel kiesstelsel en meeliften met ervaren politiek leiders als Le Pen en Salvini. Samen zullen extreemrechtse partijen een belangrijk deel van de agenda bepalen.
Spaanse website opgericht door voormalig directeur van het conservatieve dagblad El Mundo. Liberaal, streng en onafhankelijk, zoals de naam al doet vermoeden. Journalisten bezitten 51 procent van de aandelen van de site.
Voor ons Nederlanders is de Brexit een uitgelezen kans, schrijft The Economist. Met de Britten verliezen we een machtige bondgenoot, maar we kunnen nu wel zelf het initiatief gaan pakken.
‘Alle volken rond de Noordzee zijn met elkaar verbonden,’ mijmert Hans de Boer, voorzitter van werkgeversvereniging VNO–NCW terwijl hij in Den Haag uit het raam van zijn kantoor op de twaalfde verdieping staart. Het is geen verkeerde plek voor een Nederlander om de gevolgen van de Brexit te overpeinzen. De Rotterdamse haven, de drukste van Europa, valt ternauwernood in de ochtendnevel te ontwaren. Tachtigduizend Nederlandse bedrijven doen zaken met Groot-Brittannië en elk jaar razen 162.000 vrachtwagens tussen beide landen heen en weer. De Rabobank heeft becijferd dat zelfs een zachte Brexit in 2030 tot een daling van het bbp met 3 procent zou kunnen leiden. Ierland uitgezonderd krijgt geen land het zwaarder voor de kiezen. ‘De Brexit had niet onze voorkeur,’ merkt De Boer droogjes op.
Nederlandse regeringen uit de jaren vijftig en zestig deden hun best hun Britse vrienden over te halen om tot de Europese club toe te treden. Toen de Britten er in juni 2016 voor stemden om de Europese Unie te verlaten, vroegen sommigen zich af of Nederland in hun kielzog zou volgen. De Europese trauma’s op migratie- en economisch gebied stelden het geduld van de Nederlandse kiezer al jaren op de proef en premier Mark Rutte leek niet bereid het voor Europa op te nemen. Eurosceptische sentimenten waren koren op de molen voor Geert Wilders, die aandrong op een ‘Nexit’. Ruim een jaar geleden, met verkiezingen op komst, hielden Europeanen hun hart vast.
Calvinistisch vingertje
Wat er vervolgens gebeurde was interessant. De VVD won de verkiezingen, hoewel het succes van PVV-leider Geert Wilders Rutte dwong tot een vierpartijencoalitie met een minieme meerderheid. In plaats van het Europese feestje te verstoren, mengde Rutte zich, aangespoord door zijn adviseurs, in het debat over Europa met een enthousiasme dat weinigen van hem kenden. Begin maart bracht hij een bezoek aan Berlijn om een gedetailleerde speech over de EU te houden, zijn eerste grote bemoeienis met de Unie sinds hij in 2010 premier werd. Niet lang daarna kwamen Nederland en zeven andere kleine landen uit Noord- en Oost-Europa (een hoge EU-ambtenaar sprak van de ‘slechtweercoalitie’) met een gezamenlijke visie op de EU.
Vooralsnog leidt het niet tot grote beleidswijzigingen inzake Europa. De Nederlanders willen nog steeds de risico’s en de gezamenlijke uitgaven beperken en de handel binnen de EU stimuleren. Met hun calvinistische zwaaiende vingertje dringen ze er bij andere landen op aan eerst in eigen huis orde op zaken te stellen alvorens aan te kloppen voor gezamenlijke oplossingen. Maar volgens Hans de Boer is dat om de Nederlandse kiezer gerust te stellen en niet om de EU dwars te zitten. Bovendien markeert de Berlijnse toespraak een verandering van stijl van een premier die zich lange tijd niet graag in de discussie over Europa mengde. Rutte klaagde na een Europese top meestal over gebakken lucht. Nu stort hij zich vol overgave op Europa. ‘Ik heb hem nog nooit zo pro-Europees gezien,’ zegt een collega.
Ter rechtvaardiging merkt Rutte opgewekt op dat de Brexit Nederland ertoe dwingt zijn vier eeuwen oude diplomatieke balanceeract tussen Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië te herijken. Dat betekent twee dingen. Ten eerste een onverbloemd commitment aan Europa; Nederland wil dat de EU een sterke handelsrelatie met Groot-Brittannië smeedt, maar zonder de gelederen te verbreken. Ten tweede de bereidheid om ad-hoccoalities op bepaalde onderwerpen te vormen. Rutte noemt er een paar: een met Duitsland op het gebied van migratie, handel en de euro, een met bepaalde Midden-Europese landen over de interne Europese markt en een met de Fransen als het gaat om klimaatverandering. ‘De Brexit is een wake-upcall,’ zegt Ben Knapen, voormalig staatssecretaris van Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking. Vond Nederland het vaak wel best dat Groot-Brittannië het voortouw nam, nu moet het zelf in het geweer komen.
Dat is deels een strategie om zich tegen onderonsjes van de grootmachten in te dekken. De angst dat de Frans-Duitse machine over hen heen zal walsen zit diep bij Nederlandse diplomaten. Toch zijn ze voorzichtig optimistisch dat de Duitsers hen niet zullen afvallen als het gaat om kwesties als de EU-begroting of de hervorming van de eurozone. Sterker nog, de Duitsers zijn blij dat de ‘groep van acht’ de aanval kiest, want dat maakt Duitsland tot het middelpunt van de discussie. Peter Altmaier, de Duitse minister van Economische Zaken en een vertrouweling van Angela Merkel, verleent de slechtweercoalitie stilzwijgend zijn steun.
Maar Rutte investeert ook in Emmanuel Macron. Nadat de Franse president de Nederlandse premier twee keer in Parijs had ontvangen, ging hij vorige week op bezoek in Den Haag. De onmin tussen Frankrijk en Nederland is groot, vooral als het gaat om de eurozone; Nederland wil grotere nationale buffers om crises op te vangen, terwijl Macron wars is van supranationale instituties en een forse gezamenlijke begroting. Rutte erkent de verschillen, maar doet alsof de rest van de EU vanzelf volgt als hij en Macron een deal sluiten. (Duitsland zou daar ook wel iets over te zeggen kunnen hebben.) Nederlandse diplomaten, verzot op handel, liepen de rillingen gewoonlijk over de rug bij een oproep als die van Macron tot een ‘Europa dat beschermt’. Maar nu, nerveus geworden door roofzuchtige Chinese investeringen, Russisch spierballenvertoon, terreurdreiging en de handelstarieven van Donald Trump, vragen ze zich af of hij een punt heeft.
Eurosceptisch rechts heeft bovendien een nieuwe held in de gesoigneerde, pianospelende politieke avonturier Thierry Baudet. De gevestigde orde doet hem af als een verwaande kwast in een pak, maar zijn oproep aan de Nederlanders om uit de EU te stappen vindt gehoor
Het is een uitgelezen moment voor de Nederlanders. De Brexit kost ze een bondgenoot, maar biedt ook een kans om het initiatief te nemen. De hernieuwing van de Frans-Duitse relatie levert een gevaar op, maar geeft Nederland ook een mogelijkheid om zijn zegje over Europa te doen. Van de overeenkomst van de EU met Turkije uit 2016, die een einde aan illegale immigratie moest maken en waar Nederland mede de hand in had, heeft Rutte geleerd dat Europees optreden nationale problemen kan helpen oplossen. Nederlandse politici erkennen dat ze nog aan die nieuwe wereld moeten wennen. Maar vooralsnog ontbreekt het hun in de Nederlandse diplomatie niet aan grootspraak. Ruttes nekharen gaan rechtovereind staan bij elke suggestie dat zijn land een ‘klein land’ is.
Toch moet hij oppassen dat hij in eigen land geen verzet oproept, wat hem voorzichtig zal maken met wat hij zegt. Nederlandse parlementsleden – ook die van partijen die meeregeren – en de media zijn gespitst op de geringste aanwijzing dat hun land zal worden meegesleurd in een zogeheten transferunie met wel lasten maar geen lusten. Nederlanders worden moe van Oost-Europese landen die vluchtelingen weigeren maar wel Europese subsidies opslokken. Eurosceptisch rechts heeft bovendien een nieuwe held in de gesoigneerde, pianospelende politieke avonturier Thierry Baudet. De gevestigde orde doet hem af als een verwaande kwast in een pak, maar zijn oproep aan de Nederlanders om uit de EU te stappen vindt gehoor. In de peilingen schiet zijn Forum voor Democratie Wilders voorbij.
Alleen dat dwingt Rutte er al toe om in de komende debatten over de begroting, de eurozone en de hervorming van het Europese asielbeleid een harde lijn te kiezen. Voor veel Europeanen zullen de Nederlanders de durfals onder de bangeriken blijven. Maar na zolang aan de zijlijn te hebben gestaan, doen ze nu tenminste mee.
The Economist
Verenigd Koninkrijk | weekblad | oplage 1.114.549
Sinds jaar en dag de bijbel voor iedereen die zich interesseert voor internationaal politiek en economisch nieuws. Liberaal, niet te verwarren met conservatief.
Tijdens een bijeenkomst in Koblenz op 21 januari lieten anti-Europeanen als Marine Le Pen, Geert Wilders en Frauke Petry (AfD) een gezamenlijk geluid horen.
Een dof blauw verduistert de zaal, pompeuze muziek klinkt op, uit de achtergrond kondigt een stem de binnenkomst van ‘onze vertegenwoordigers’ aan. De enscenering in de Rhein-Mosel-Halle in Koblenz doet wel een beetje amateuristisch aan, maar ze zijn op deze zaterdag toch allemaal hier, de zelfbenoemde representanten van het nieuwe Europa: Marine Le Pen van het Franse Front National (FN), de Nederlander Geert Wilders (PVV), de secretaris-generaal van de Freiheitliche Partei Österreichs (FPÖ) Harald Vilimsky, Matteo Salvini van de Italiaanse Lega Nord – en voor de eerste keer in dit gezelschap Frauke Petry van de Alternative für Deutschland (AfD). Het applaus klinkt luid, nationale vlaggen wapperen, een witte lichtbundel waart rond door de zaal.
Op het podium een eerste groepsfoto van de unie van anti-Europeanen. Het gebliksem van de flitslichten duurt lang. Tientallen journalisten uit half Europa zijn hierheen gereisd, zodat Marcus Pretzell, EU-afgevaardigde en echtgenoot van Petry, het zich kon veroorloven om voor de ingang enkele vertegenwoordigers van de media de toegang te weigeren. De bijeenkomst, georganiseerd door de EP-fractie Europa van Naties en Vrijheid (ENF), wordt door Pretzell geopend met schimpscheuten tegen de door de politie weggehouden tegendemonstranten en een verwijt aan de media, waarop het publiek al ‘Lügenpresse, lügenpresse!’ [leugenpers] scandeert.
Volk als lichaamscel
Op de dag na de inauguratie van Donald Trump blaken Europa’s rechtse populisten van zelfvertrouwen. ‘Gisteren een nieuw Amerika, vandaag Koblenz, morgen een nieuw Europa,’ roept Wilders, die spreekt van een ‘jaar van de patriotten’ en een ‘historische contrarevolutie van de volkeren’ tegen de globalisering. In 2017 staan er in Nederland, Frankrijk en Duitsland verkiezingen op het programma, en misschien ook in Italië en Oostenrijk. De tegenstanders van de EU kunnen nu op ideële steun uit het Witte Huis rekenen – en mogelijk ook op propagandistische verkiezingshulp uit het Kremlin. Toch staan ze lang niet overal op het punt de macht over te nemen. Maar na de Brexit en de verkiezing van Trump durft niemand nog een overwinning van Le Pen uit te sluiten.
Van president Trump naar president Le Pen – naar kanselier Petry? Met de woorden van Vilimsky zijn ‘onze twee powerladies’ de Duits-Franse motor in het nieuwe Europa. Maar de AfD en het FN hebben niet op elk gebied gelijksoortige opvattingen. Le Pen verdedigt het protectionisme, een economie moet ‘ademen in het ritme van het volk’, en ze hekelt het ‘grootondernemerschap’ en de ‘financiële oligarchie’. Het FN is duidelijk meer staatsgeoriënteerd dan de AfD, wat laat zien dat het nationalisme zowel op links als op rechts positie kan kiezen. Dat Petry gemene zaak maakt met Le Pen is binnen de AfD omstreden.
Le Pen heeft haar best gedaan om zich te bevrijden van de erfenis van haar vader. Toch was de Britse nationalist Nigel Farage nooit bereid tot samenwerking met de ‘rechts-extremiste’. Petry toont nu minder scrupules. Wat de rechtse redenaars in Koblenz gemeen hebben is dat zij bepalen wie tot het ware volk behoort en wie niet. Wanneer Wilders tegen de islamisering preekt en Petry tegen de ‘ongecontroleerde verandering van de bevolkingssamenstelling’, dan is hun idee van het volk niet gebaseerd op een burgerlijk constitutioneel patriottisme, maar op een Blut-und-Bodenideologie.
Uit Nederland en Frankrijk zijn er maar weinig bezoekers gekomen. De meesten van de ongeveer duizend deelnemers die in de pauzes koffie staan te drinken in de foyer of staan te roken op het dakterras, zijn Duitsers – en ze weerspiegelen het brede spectrum van AfD-leden en -sympathisanten. Wat de degelijke ambtenaar uit Zuid-Duitsland en de stoere rocker uit Düsseldorf gemeen hebben, is niet alleen hun verontwaardiging over Merkel en de vluchtelingenpolitiek, maar ook hun woede over de EU. Een Duits-Russische wiskundige zet uiteen dat iedere cel in een lichaam beschermd wordt door een membraan, waaruit hij afleidt dat elk Europees volk moet controleren wie zijn landsgrenzen overschrijdt.
In de zaal stemt Petry in met Le Pens fundamentele kritiek op de EU, maar op de handrem. Haar beschouwingen over de ‘hersenspoelingen’ waaraan de burgers door politici en technocraten worden onderworpen zijn academisch. Meer enthousiasme wekken de tirades van Le Pen. Zij karakteriseert de EU en de euro als verkrachting van de volken. Tijdens de persconferentie belooft ze dat zij, als ze de verkiezingen wint, in de onderhandelingen met Brussel de territoriale, monetaire, economische en wetgevende soevereiniteit terug zal halen naar Parijs.
Eindelijk zijn de door de EU-tirannie onderdrukte volkeren rechtstreeks met elkaar begonnen te spreken, jubelt Le Pen
Kritiek op de EU wordt door voorstanders soms al snel afgedaan als populisme. Maar de unie van anti-Europeanen heeft met de EU dan wel een gemeenschappelijk vijandbeeld, het gemeenschappelijke alternatief blijft onduidelijk. Zo hebben de in Koblenz minder prominent aanwezige ENF-fractieleden uit Oost-Europa weinig belang bij het opheffen van de EU, omdat hun kiezers profiteren van structuursubsidies en het vrije verkeer van personen beschouwen als hun burgerrecht. Toch zegt Petry dat alles goed zal komen als elk volk maar voor zichzelf beslist. Zouden er uitgerekend in dat nieuwe Europa dan geen belangenconflicten bestaan? En zou zonder gemeenschappelijke regels niet gewoon de sterkste zijn zin krijgen?
Maar zulke vragen staan niet centraal op deze antitop, waar de veiligheidsmaatregelen niet onder lijken te doen voor die bij een officiële EU-top. Anders dan in Brussel, bij de gekozen regeringsleiders, komen in Koblenz in de gedaante van populistische ‘representanten’ blijkbaar hele naties bij elkaar. Eindelijk zijn de door de EU-tirannie onderdrukte volkeren rechtstreeks met elkaar begonnen te spreken, jubelt Le Pen. In de pluralistische democratie kun je geen alleenvertegenwoordigingsrecht opeisen, en bestaat er geen exclusieve wil van het volk. In het nieuwe Europa blijkbaar wel.
De verkiezingen in Nederland trekken ongekend veel aandacht in het buitenland. 360 maakte een rondje langs de velden.
De World Socialist Web Site (WSWC), orgaan van de trotskistische Vierde Internationale, gevestigd in Oak Park, Michigan (VS), wijdde eind februari een opmerkelijk goed gedocumenteerd en zeer uitgebreid artikel aan de verkiezingen van 15 maart. Uiteraard wordt gewaarschuwd voor Wilders, ‘wiens campagne een mengsel is van sociale demagogie en vreemdelingenhaat’. Maar Wilders dankt zijn succes volgens de trotskisten ‘vooral aan het feit dat niemand zijn ultrarechtse koers heeft uitgedaagd’. ‘In de loop van de voorbije tien jaar hebben diverse coalities de weg bereid voor ultrarechts door een ongekende orgie van bezuinigingen op sociale uitgaven, waarbij vluchtelingen en migranten tot zondebok werden bestempeld.’
‘Het voorgewende economische herstel verandert niets aan de situatie van de armen en de arbeidersklasse in Nederland. Het aantal mensen dat in armoede leeft, is sinds 2008 gestegen tot 1,2 miljoen, dat wil zeggen 8 procent van de bevolking. In de grote steden ligt de werkloosheid op 13,4 tot 14,4 procent. Vooral kinderen en migranten worden door de stijgende armoede getroffen: 12 procent van álle kinderen, en 28 procent van de migrantenkinderen.’
Links in Nederland moet het bij de trotskisten vooral ontgelden. ‘Toen in 2012 de minderheidsregering van VVD en CDA ten onder ging aan nieuwe bezuinigingsmaatregelen omdat Wilders weigerde deze in het parlement te steunen, nam de PvdA dat van hem over. (…) Die partij zorgde er door zijn banden met de FNV eveneens voor dat het arbeidersprotest tegen de bezuinigingen in 2013 in toom werd gehouden.’
‘De Socialistische Partij (SP), in 1971 opgericht als een maoïstische organisatie, is niet in staat gebleken profijt te trekken uit het ineenstorten van de PvdA. Na 25 zetels in 2010 en 15 zetels in 2012 voorziet men nu dat de partij, die slechts “socialistisch” in naam is, ondanks de sociale crisis met haar strikt nationalistische programma niet meer dan 11 tot 13 zetels zal behalen.’
Leonid Beshidsky sprak voor de website van Bloomberg met de Nijmeegse politicoloog Koen Vossen, schrijver van het boek The Power of Populism, over de Amerikaanse inspiratiebronnen van Wilders. Dat waren het Amerikaanse neoconservatisme en de ‘War on Terror’ van George W. Bush. ‘Later liet Wilders het economisch neoliberalisme vallen omdat dit in Nederland niet populair was. Zijn huidige economische programma belooft verhoging van de sociale uitkeringen voor geboren Nederlanders door de uitkeringen aan migranten stop te zetten. Maar Wilders praat niet graag in detail over zijn economisch programa. ‘Dat ligt buiten zijn comfort zone,’ volgens Vossen. Als deze verkiezingen over de economie zouden gaan, zou Wilders het niet zo goed doen. Maar jammer genoeg heeft de huidige coalitie het economisch keurig gedaan, dus gaan de verkiezingen nu over de sfeer in Nederland.’
De Franse financieel-economische website La Tribune schrijft dat de grote Nederlandse multinationals als Unilever, Philips en Ahold Delhaize ‘het populisme en negativisme’ willen bestrijden dat aan de vooravond van de verkiezingen in Nederland de kop op steekt. Geciteerd wordt Jan Zijderveld, de directeur-Europa van Unilever, die heeft verklaard dat ‘het populisme een symptoom is van het gebrek aan vooruitgang’. ‘Er ontbreekt op dit moment een perspectief voor groei, en dat voedt het negativisme.’
‘Hoewel hij zich omschrijft als een buitenstaander, is hij op twee na het langst zittende lid van het Nederlandse parlement en bemoeit hij zich al met politiek sinds hij 28 was’
Alissa J. Rubin ondernam voor The New York Times de reis naar Spijkenisse, ‘een van zijn bolwerken waar de rechts-populist Geert Wilders op de markt zijn verkiezingscampagne begon’. Ze kijkt iets verder dan naar ‘de visventers met rauwe haring’. ‘De leden van zijn parlementaire fractie zijn, technisch gesproken, geen leden van zijn partij, en dat stelt Wilders in staat de volledige controle te hebben over de partij en de besluitvorming. Die eenmanspartij stelt hem ook in staat de meeste regels omtrent partijfinanciering en verantwoording daarover te omzeilen, waardoor de bronnen waaruit de partij wordt gefinancierd duister blijven, hoewel hij geld krijgt van ten minste één Amerikaanse conservatieve groep. En hoewel hij zich omschrijft als een buitenstaander, is hij op twee na het langst zittende lid van het Nederlandse parlement en bemoeit hij zich al met politiek sinds hij 28 was.’
Voor The Guardian ging Duncan Robinson te rade bij Alexander Pechtold over de invloed van Wilders. ‘Pas op wanneer extremisme “gewoon” wordt,’ zegt de leider van D66. ‘Dat is wat er gebeurt. Het is niet Wilders, niet wat hij voor elkaar krijgt. Het zijn de navolgers. Die zijn het probleem.’
‘Voor D66,’ schrijft Robinson, ‘bieden de komende verkiezingen een nieuwe kans om aan de macht te komen. D66 is als een feniks, ze zijn goed in het zich opnieuw uitvinden.’ Pechtold denkt dat de hernieuwde opkomst van zijn partij ermee te maken heeft dat identiteit, meer dan economie, de Nederlandse politiek bepaalt. ‘Als het over economie gaat, zijn wij een beetje saai. We verkeren wat dat betreft in het midden. Maar als het aankomt op onderwijs, op Europa of gezondheidszorg, zijn we zeer progressief.’
Eigenlijk dachten we dat alleen zijn oranje gezicht en gele windhooskapsel al genoeg waren om zijn presidentiële ambities in de kiem te smoren. Want, wie liket dat nou? Maar volgens het dossier in deze editie zou dit een zeldzaam arrogante aanname zijn. Typisch iets voor de elite.
Het blijft nogal onduidelijk over welke elite het gaat en of het wel zo is dat die elite pal tegenover de niet-elite, het volk, staat. Maar laten we voor de duidelijkheid aannemen dat we het over hoogopgeleiden aan de ene kant hebben en de werkende of niet-werkende klasse die complexe en moeilijk beheersbare kwesties graag teruggebracht ziet tot simpele frases aan de andere.
Bas Heijne las er Freud nog eens op na voor de serie Nieuw Licht van Ambo|Anthos. Volgens de baanbrekende denker (Freud dus, Heijne is z’n sporen aan het verdienen) komt ‘het onbehagen in de cultuur’ voort uit twee grote verlangens van de mens: de wereld weer simpel en overzichtelijk krijgen, en de burger de illusie van zelfbeschikking teruggeven. Precies de gevoelige snaar waarop de populisten, van Trump tot en met Wilders, hun fanfare baseerden.
Dat hun brutale versimpeling een illusie is die met de werkelijkheid aan de haal gaat, vormt uiteindelijk een gevaar voor alle klassen. Je kan tot op zekere hoogte misschien je eigen wereld naar de hand zetten, maar het idee dat die hand ook globale reikwijdte heeft, leidt tot overschatte begrippen als ‘mijn land‘, en ‘mijn recht’. Een bezitsvordering die direct impliceert dat het niet zomaar ook jouw land is en jouw recht. Sterker nog, wie die illusie dwarsboomt, wordt bekogeld met woede en frustratie.
Geholpen door de populistische leiders voor wie de hoeveelheid stemmen blijkbaar belangrijker is dan de kwaliteit van een homogene sa-men-leving, is een zondebok dan snel en makkelijk aan te wijzen; iedereen die het niet met je eens is, of welke nuance dan ook wil aanbrengen. De elite dus, hoeders van het ‘juiste’ en de goede smaak, die ook nog eens aanschurkt tegen immigranten. Straatdichter Laser schreef het op een steigermuur in Amsterdam: Don’t blame Trump. Blame yourself.
Elisabeth Raether van Die Zeitbeweert hetzelfde: het is – ik zeg gemakshalve maar even – onze schuld en juist niet die van het volk dat we met Trump en co opgescheept zitten. We hebben het populisme over onszelf afgeroepen. Hadden we onze arrogantie maar niet tot handelsmerk moeten maken, hadden we maar niet zo prat moeten gaan op onze superioriteit, onze intelligentie, onze humor. En hadden we maar ‘de krachtsverhoudingen tussen arbeid en kapitaal in de democratische en ontwikkelde landen niet moeten omdraaien ten gunste van het kapitaal’ (Boris Kagarlitski). Zou het? Of is het superelitair om je dat af te vragen?
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.