Tag: wreedheid

  • Héctor Abad over het bombardement op Kramatorsk: ‘Waarom al die wreedheid?’

    Héctor Abad over het bombardement op Kramatorsk: ‘Waarom al die wreedheid?’

    De Colombiaanse schrijver Héctor Abad Faciolince zag hoe zijn Oekraïense collega Victoria Amelina omkwam bij een Russisch bombardement op een restaurant in Kramatorsk. Aangezien zij deze gruweldaad niet meer kan documenteren, doet hij het voor haar.

    Een paar dagen geleden had ik nog geen idee wat voor een raket de Iskander was. Ik weet eigenlijk niets van wapens, ik was dienstweigeraar en heb mijn hele leven geen kogel afgevuurd. Je kunt zeggen dat ik het toppunt van een pacifist ben: een lafaard. Maar omdat het een Russische Iskander was die voor mijn ogen de schrijfster Victoria Amelina doodde, voelde ik me verplicht uit te zoeken wat voor wapen dat precies is. Dit Russische speeltje kost om te beginnen drie miljoen dollar, weegt vier en een halve ton, heeft een bereik van vijfhonderd kilometer, vliegt sneller dan het geluid (meer dan twee kilometer per seconde) en is zo nauwkeurig dat het zijn doelwit met een marge van niet meer dan vijf meter treft. En ja, het was dit uiterst nauwkeurige wapen dat op zo’n tien meter van ons ontplofte.

    Waarom die excessieve wreedheid, die precisie, die enorme hoeveelheid geld om een simpel restaurant aan te vallen? De Russische inlichtingendiensten (zie hun desinformatiecampagnes, de leugens die ze verspreiden) verklaarden in eerste instantie dat zij het niet waren geweest, maar het Oekraïense leger. Vervolgens zeiden ze dat het restaurant Pizza Ria per abuis was aangevallen. En daarna beweerden ze dat het een legitiem doelwit was omdat op de eerste verdieping ‘tijdelijk een commandopost was ingericht voor de 56ste Brigade van de Oekraïense Mobiele Infanterie’.

    Elke buitenlandcorrespondent die in Kramatorsk is geweest heeft daar gegeten

    Vaststaat dat het restaurant geen eerste verdieping had en dat er geen enkele brigade in was gehuisvest. Elke buitenlandcorrespondent die in Kramatorsk is geweest heeft daar gegeten en weet dat het etablissement allesbehalve een militaire post is – of liever gezegd was. Zeker, er komen soldaten, als ze op verlof zijn, om er samen met hun familieleden te eten.

    Maar het was vooral een ontmoetingsplek voor de inwoners van Kramatorsk, een stad die aan het begin van de Russische inval nog 200.000 inwoners telde en nu nog maar 80.000. Dus waarom en met welk doel zo veel geld en zo veel precisie besteden aan een burgerdoel? Victoria had ons bij een andere gelegenheid het antwoord al gegeven: als straf voor een bevolking die niet Russisch wil zijn en die de Russen ook niet met open armen heeft ontvangen.

    Boekenbeurs

    Wat deden wij daar in Kramatorsk, op 40 kilometer van het front en in dat restaurant? Om dat te vertellen moet ik terug naar het begin en de lezer nog twee alinea’s van zijn tijd beroven. Eigenlijk waren Sergio Jaramillo (hoge commissaris voor de vrede en voor­malig viceminister van Defensie in Colombia) en ik naar Kyiv gekomen voor de Boekenbeurs, die er werd gehouden – ik om een roman te signeren die onlangs in Oekraïne is gepubliceerd en Sergio in het kader van de campagne ¡Aguanta Ucrania! (Hou vol Oekraïne!).

    Omdat ik al vanaf het begin deelneem aan die campagne en mijn Latijns-Amerikaanse collega’s heb aangespoord zich bij het initiatief aan te sluiten, was ik ook aanwezig op de presentatie van deze beweging, die werd bijgewoond door de Oekraïense juriste en vredesactiviste Oleksandra Matviichuk, winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede, de filosoof Volodymyr Yermolenko, voorzitter van de PEN in Oekraïne, de Colombiaanse journalist Catalina Gómez, gespreksleider van het panel, en de ongelukkige Victoria Amelina. Ik zat naast haar.

    Op de presentatie werd ook een video vertoond die afgesloten werd met het volkslied van Oekraïne, gespeeld door Paquito D’Rivera op zijn klarinet. Het talrijke publiek was na die laatste scène tot tranen toe geroerd. Dat was op zaterdag. Het plan was om op maandag naar Polen terug te keren, maar Sergio en Catalina vonden dat we onze campagne nog beter over het voetlicht moesten brengen en dat we bovendien de terreur en de misdaden van de Russen in de strijd zelf moesten documenteren. Bangbroek die ik ben verzon ik allerlei smoezen om niet te gaan, maar mijn bezwaren werden door mijn vrienden compleet weggewuifd. Tijdens een diner met Victoria op zondag raakte ze zo opgetogen over onze Zuid-Amerikaanse solidariteit dat ze aanbood persoonlijk met ons mee te gaan naar Donetsk. Dat zou dan haar laatste excursie zijn voordat ze naar Frankrijk vertrok om een jaar lang, met een beurs die ze van de Franse overheid had gekregen, aan de voltooiing van haar boek over de Russische oorlogsmisdaden te werken. De volgende dag, maandag, kwamen we (ik met tegenzin en Victoria met heel veel zin) vroeg uit de veren om in negen uur de 550 kilometer van Kyiv naar Kramatorsk per auto af te leggen.

    De aanwezigheid van Amelina was cruciaal voor onze kennis van de wreedheid en de verschrikking die het Russische leger, zowel in de eerste weken van de invasie als in het jaar daarna, aan de dag heeft gelegd. Ze nam ons mee naar het huis waarin de Russen de dichter Wolodymyr Wakulenko hadden gemarteld en doodgeschoten, om hem vervolgens, zoals het lot was van zo veel Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog, in een massagraf te dumpen. Ik heb een obsessie met de Holocaust, dus stond ik erop dat we in een buitenwijk van Charkiv stopten bij een monument voor de vijftienduizend Joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord en in massagraven geworpen. In zijn ‘speciale militaire operatie’ om Oekraïne te ‘denazificeren’, vernietigde Poetin, de meest op Hitler lijkende president die we na 1945 gekend hebben, de menora die de plaats herdenkt waar de nazi’s hun misdaad pleegden.

    Er is één oorlogsmisdaad die ze niet meer kan documenten: de moord op haarzelf

    We spraken met militairen van het Oekraïense leger, soldaten zowel als officieren. Ze hebben niets weg van nazi’s, kan ik u verzekeren. Als ze al een tekortkoming hebben, dan is het wel dat hun leger nog steeds te ‘sovjet’ is, dat wil zeggen paranoïde (wat te begrijpen is in een oorlog), te log en inefficiënt (wat een grote handicap is in een oorlog). We leerden een heel aardige soldaat kennen, een vriend van Amelina met een engelachtige glimlach, die ons uitlegde dat hij weliswaar zijn hele leven overtuigd pacifist was geweest, maar dat hij er ook vast van overtuigd was dat Poetin en zijn trawanten maar één taal spreken en verstaan: die van bruut geweld. Dialoog en diplomatie hebben niets uitgehaald. Of we willen of niet, het enige wat er nu nog opzit is het kwaad met wapengeweld te lijf te gaan.

    Het afgelopen jaar heeft Victoria de fictie vaarwel gezegd en zich toegelegd op het opsporen en gedetailleerd documenteren van alle oorlogsmisdaden die door de agressor zijn gepleegd. Er is één oorlogsmisdaad die ze niet meer kan documenteren: de moord op haarzelf. Ik heb me voorgenomen de komende maanden over die afgrijselijke misdaad te schrijven, heel minutieus en gedetailleerd, tegen alle propaganda en leugens van de Russen in. Ik ben dat verschuldigd aan het recht in abstracte zin en aan het recht in praktische zin, dat ooit zal vonnissen over deze gruwelijke misdaad, gepleegd tegen een geweldige, uiterst dappere collega van mij, een schrijfster van dezelfde leeftijd als mijn dochter, die op haar beurt een zoontje van tien verweesd achterlaat. Aan haar kind ben ik dit op z’n minst verplicht, zodat hij over nog eens tien jaar precies zal weten hoe ze zijn dappere, briljante en lieftallige moeder hebben vermoord.

    Voor nu wil ik alleen nog het laatste ogenblik beschrijven dat Victoria Amelina bij kennis was. Ik zat tegenover haar op het terras van het restaurant. Omdat er een alcoholverbod gold, had ik mijn glas gevuld met ijs en iets wat leek op appelsap. Victoria keek naar mijn glas. ‘Dat lijkt wel whisky,’ zei ze glimlachend. En dat was het moment waarop de hel, in de vorm van de Iskander, neerdaalde. Nu heeft Victoria een toevluchtsoord gevonden in de hemel. Maar niet de hemel in de zin van het christelijk of islamitisch geloof. Nee, het is de immateriële, mentale, o zo menselijke hemel die we ‘herinnering’ of ‘nagedachtenis’ noemen.  

    Lees ook: