Tag: Zara

  • Voor het razend populaire fastfashionmerk Shein speelt duurzaamheid geen rol

    Voor het razend populaire fastfashionmerk Shein speelt duurzaamheid geen rol

    Shein is de rijzende ster van de modebranche. Het Chinese concern verdient miljarden met de onlineverkoop van supersnel gemaakte goedkope kleding. Dat deze ultrafastfashion ook ultraslecht is voor de planeet, lijkt de jonge klanten niet te kunnen schelen.

    Links de originele jurk van Zara, rechts de kloon van Shein. Op het eerste gezicht lijken de jurken als twee druppels water op elkaar: in een dessin van groen-blauwe en beige kleuren, een beetje zoals oma’s gordijnen. Links een lange split, boven een korte rolkraag. Allemaal heel erg hetzelfde, op de geur na: de ene ruikt zoals nieuwe kleding nu eenmaal ruikt, een beetje naar de doos waarin ze werd bezorgd. De andere stinkt. Naar plastic.

    De eerste jurk is van Zara, een van de grootste fastfashionfabrikanten ter wereld. De tweede is van Shein, een Chinees concern en pionier van wat ‘ultrafastfashion’ heet, of ook wel realtimemode. Het is de verabsolutering van wat Zara en H&M ooit groot maakte: sneller, goedkoper en innovatiever zijn. Shein doet dat nog consequenter, en nietsontziender.

    Het kopiëren hoort bij het concept, maar wordt tegelijk brutaal ontkend. De kopie van een handtas van ontwerper Marc Jacobs wordt door Shein op de website omschreven als een ‘unieke tas’. Het concern kopieert niet alleen de grote bedrijven uit de branche, het verkoopt ook kopieën van een vintage slip-over die iemand op een tweedehandsplatform aanbood, of het shirt van een kleine countryband uit South Carolina. Van een Amerikaanse ontwerpster die veel van haar kledingstukken met de hand haakt, zou Shein meer dan veertig ontwerpen hebben nagemaakt.

    Het concern is ongelofelijk succesvol met dit concept. Gemiddeld verdubbelt Shein elk jaar zijn verkoopcijfers. Waar H&M en Zara tijdens de coronapandemie soms klanten verloren, maten marktonderzoekers in de VS bij Shein in meerdere maanden ruim 200 procent groei op jaarbasis van ‘unique shoppers’ per maand. Binnen twee jaar kon de onderneming de gemiddelde omzet van haar klanten in de VS bijna verdubbelen tot 89 dollar per maand.

    Op de lijst van waardevolste start-ups wereldwijd staat Shein op de derde plaats, direct na SpaceX, het ruimtevaartbedrijf van Elon Musk

    Daarmee is de Chinezen iets ‘echt groots’ gelukt, zegt Michael Maloof, analist bij marktonderzoeker Earnest. ‘Zoiets heb ik nooit eerder gezien.’

    In het afgelopen jaar alleen al zou Shein wereldwijd 16 miljard dollar hebben omgezet. Dat is evenveel als een kwart van de totale modemarkt in Duitsland. De onderneming zelf publiceert geen cijfers. Investeerders waarderen het bedrijf intussen op 100 miljard dollar, meer dan H&M en Inditex, het moederconcern van Zara, samen. Op de lijst van waardevolste start-ups wereldwijd staat het op de derde plaats, direct na SpaceX, het ruimtevaartbedrijf van Elon Musk. 

    Dit succesverhaal past eigenlijk niet goed in deze tijd. De mode-industrie probeert overal van het imago van milieuvervuiler af te komen, spreekt voortdurend over betere arbeidsvoorwaarden en duurzame consumptie. Is Shein uiteindelijk het eerlijkere antwoord op wat werkelijk belangrijk is voor de klanten? Hoofdzaak: dat het goedkoop is – en na ons de zondvloed? 

    Kledingstukken als data

    Misschien moeten we Shein niet zien als een verdere ontwikkeling van het fastfashionidee, maar als het eerste modeconcern dat helemaal niet meer geïnteresseerd is in mode. In wezen is het een technologiebedrijf waarvoor kledingstukken alleen nog data zijn. Het groeipotentieel zit niet meer in de verbetering van de kwaliteit, maar in de precisie van de aanbevelingsalgoritmen. Jongeren moeten niet meer alleen kopen, maar zo lang mogelijk op de app blijven hangen en lid van een community worden.

    Misschien is dat ook de reden waarom Shein in nog geen twintig jaar zo succesvol kon worden, en vrijwel niemand van boven de dertig het in de gaten had.

    De ontstaansgeschiedenis van Shein is, zoals alles bij deze firma, vaag. Het bedrijf werd opgericht in 2008 of 2012 – al naargelang welke bron je gebruikt – in de Oost-Chinese stad Nanjing. Toen heette de site nog ‘Sheinside’ en werd er bruidsmode verkocht. Ook over oprichter Xu Yangtian, die zich Chris noemt, is weinig bekend.

    Video’s met de hashtag #Shein werden op TikTok meer dan 32 miljard keer bekeken

    Chinese kranten schrijven dat Xu afkomstig is uit de kustprovincie Shandong, daar studeerde in Qingdao en ervaringen opdeed in het optimaliseren van zoekmachines. Andere media menen te weten dat hij in de VS is geboren en afgestudeerd is aan de Washington-universiteit. Hij noch zijn onderneming geeft ooit interviews.

    Naar het schijnt zei Xu in 2020 tegen een Chinese krant: ‘Wat u ook schrijft, als het niet waar is zal ik u zeker aanklagen.’

    In 2014 verhuisde zijn firma naar Guangzou. Een jaar later schrapte de oprichter de laatste vier letters van de firmanaam. Sheinside werd Shein, de business werd uitgebreid naar kleding voor mannen, vrouwen en kinderen, geoptimaliseerd voor zoekmachines en ultragoedkoop. Shein heeft nooit de Chinese markt bediend; de doelgroep was jongeren in het buitenland die weinig geld willen uitgeven aan mode. Misschien was de druk van de concurrentie in het thuisland te groot.

    Influencers

    Addison Rae, een Amerikaanse TikTok-ster van het eerste uur, maakt reclame voor het goedkope merk, evenals de Duitse youtuber Bianca Classen, alias Bibi van BibisBeautyPalace. Minstens zo belangrijk als de megasterren – en hun prijs meer waard – zijn de kleine sterretjes, de MeSound-micro-influencers met minder dan honderdduizend volgers, die in ruil voor polyester bikini’s of kunstleren handtassen voor hun huiskamerspiegel dansen in de outfit van de dag. Content waaraan je nauwelijks kunt zien dat het om reclame gaat, ware het niet dat in de profielbeschrijving een code staat waarmee de volgers een korting van 15 procent krijgen en de influencer een bescheiden provisie.

    Die strategie heeft Shein op TikTok gemaakt tot het meest genoemde merk van het jaar 2020. Video’s met de hashtag #Shein werden op het platform meer dan 32 miljard keer bekeken. 25 miljoen gebruikers hebben een abonnement op het Engelstalige Instagramkanaal.

    ‘Iemand draagt een bepaald jurkje en plotseling wil iedereen zoiets,’ zegt de Amerikaanse blogger Alexandra Hildreth (24). Zij noemt de voordelige handel die uit een enkele foto of video ontstaat en zich over het hele platform verspreidt ‘microtrends’. Maar even snel als die trends ontstaan, kan de hype ook weer voorbij zijn. ‘Je krijgt gauw het gevoel dat je er te laat bij bent,’ zegt ze. ‘En dan stort je je op de volgende trend.’

    Jaarlijks brengt Shein 1,3 miljoen nieuwe producten op de markt.

    Het lukt Shein beter dan de gevestigde merken om deze trends op te sporen en daar een miljardenbusiness van te maken. Navenant hoog is de output van nieuwe kledingstukken die de onderneming produceert: in de laatste week van juni verschenen er elke dag meer dan duizend nieuwe kledingstukken in de webwinkel. Jaarlijks brengt Shein 1,3 miljoen nieuwe producten op de markt. Bij fastfashionconcurrent Zara zijn dat er 35.000, bij H&M 25.000.

    Verzoeken om interviews worden door Shein afgewezen.

    In een bijdrage aan het techblog Techonomy verduidelijkt hoofd marketing Molly Miao de bedrijfsfilosofie van Shein. ‘In een ideale wereld zouden modebedrijven een oneindig aantal stijlen moeten aanbieden,’ schrijft ze, waaruit klanten volgens hun individuele voorkeuren kunnen kiezen. Elk kledingstuk zou dan slechts ‘een enkele keer’ worden gemaakt. 

    Arbeiders gezocht

    Hoe Shein dit ideaal benadert, is te zien in Guangzhou. In de Zuid-Chinese provinciehoofdstad hangen overal rode reclameborden waarop staat: ‘Arbeiders gezocht voor een internationaal modemerk.’ In verwaarloosde industriegebouwen, in magazijnen van supermarkten of gewoon in de wirwar van nauwe straatjes worden topjes van 4 euro en plastic handtasjes genaaid.

    Bij de bazen van de naaiateliers op achterplaatsjes is Shein gewild als opdrachtgever: het concern garandeert het opkopen van de hele productie en betaling binnen twee weken. In deze bedrijfstak worden rekeningen doorgaans vaak pas na drie maanden betaald, en soms helemaal niet. 

    Gaat een tanktop viraal, dan wordt dat topje de volgende dag in het naaiatelier om de hoek genaaid

    Nieuwe voorraad bestelt Shein in heel kleine hoeveelheden, de ene keer honderd, de andere keer slechts vijftig stuks. Als de kledingstukken in de opslag van de webwinkel zijn aangekomen, analyseert de software van het bedrijf in realtime wat op de website en de app gezocht en gekocht wordt. Gaat een tanktop viraal, dan wordt dat topje de volgende dag in het naaiatelier om de hoek genaaid.

    Blijkt het een winkeldochter te zijn, dan heeft Shein in het ideale geval slechts een paar kledingstukken te veel besteld. Een minimaal risico bij maximale flexibiliteit. Door de directe verbinding tussen de naaiateliers en Sheins software verloopt het hele proces duizelingwekkend snel: binnen drie tot vijf dagen zou een ontworpen – of gekopieerd – kledingstuk verkocht kunnen worden.

    Voor Chinese ondernemingen is het normaal om zo datagedreven te werken, zegt de Chinees-Amerikaanse techanalist Rui Ma. De clientèle is ‘extreem divers’, de verschillen tussen stad en platteland, tussen rijk en arm, zijn enorm. ‘Shein doet niet alsof het weet wat een klant wil,’ zegt Ma. ‘Ze experimenteren gewoon met kleine aantallen, en analyseren dan heel precies de data van de verkoop.’

    Volgende Amazon

    De onderneming beperkt zich allang niet meer tot kleding, maar maakt ook meubels, cosmetica, spullen voor huisdieren et cetera. Veel waarnemers vinden de vergelijking met andere modebedrijven daarom niet meer opgaan. Shein, zegt de Duitse handelsexpert Gerrit Heinemann, is eerder op weg om ‘de volgende Alibaba of Amazon’ te worden.

    In elk geval de geldschieters lijken dit in te zien. In de laatste financieringsronde haalde Shein 1 miljard dollar op van investeerders. Onder hen waren grote namen als de investeerder van risicokapitaal Sequoia Capital, die ooit techreuzen als Apple, Google en Airbnb groot maakte. Ook Tiger Global, een van de meest ambitieuze geldschieters van de laatste jaren, investeerde miljoenen.

    Precieze cijfers zijn er nauwelijks. Zelfs David Hachfeld, die zich maandenlang met Shein heeft beziggehouden, moet het met schattingen doen. Hij werkt voor de Zwitserse ngo Public Eye, die wereldwijd schendingen van mensenrechten onderzoekt. Shein, zegt Hachfeld, is een ‘zwart gat’.

    Shein kreeg onlangs een duurzaamheidsscore van 0, op een schaal van 150 punten

    Hachfeld vindt dat het businessmodel een stap terug is. Als je kleding, meestal van polyester, in kleine ladingen door contractarbeiders in Chinese achterkamertjesbedrijven laat maken, ze per stuk in plastic zakken laat verpakken en per luchtvracht naar Europa en de VS laat vliegen, ‘dan kan dat nooit een duurzaam bedrijfsmodel zijn. Zo word je snel groot, dat is duidelijk. Maar de mensen en het milieu betalen daarvoor de prijs.’ 

    Blijkbaar heeft men bij Shein ingezien dat hier een zwakke plek zit. Tussen de glanzende kortingscodes en aflopende countdowns voor speciale aanbiedingen bevindt zich ook het label ‘Shein Cares’. ‘Wij proberen het goede te doen’, heet het daar. ‘Door duurzame methoden en materialen te gebruiken dragen we ons steentje bij om de planeet er zo goed mogelijk te laten uitzien.’ 

    Eind april begon Shein zelfs een ‘duurzame’ lijn, ‘Evolushein’, met producten die ten minste voor een deel uit gerecycled polyester bestaan. Op aanvraag van Der Spiegel somt de onderneming meerdere duurzaamheidsinitiatieven op waaraan Shein deelneemt.

    In een merkenrapport van de ngo Remake, die zich bezighoudt met mensenrechtenschendingen in de mode-industrie, kreeg Shein onlangs een duurzaamheidsscore van 0, op een schaal van 150 punten. Zara kreeg, bijvoorbeeld voor zijn ondersteuning van vakbonden, tenminste nog 24 punten, en de H&M-groep 39 punten. De uitspraken van Shein zouden ‘extreem misleidend’ zijn en in veel gevallen simpelweg onbewezen, aldus het rapport van Remake.

    Leven van een naaister

    De naaisters in Guangzhou weten meestal niet eens voor wie ze zo hard zwoegen. Een of ander buitenlands merk, zegt een vrouw uit Hubei. Sinds twee jaar naait ze tegen stukloon, zeven dagen in de week, vaak tot diep in de nacht, in het schemerige licht van de neonbuizen. Haar naaimachine staat op de eerste verdieping van een industrieel complex. Bij de ingang liggen Shein-zakken opgestapeld, je hoort het monotone ratelen van de machines. Af en toe krijst de parkiet die de chef in een vogelkooi heeft opgesloten. Als in een mijn.

    De werkdag van de naaister begint om 8.00 uur, om 11.30 uur houden zij en haar collega’s middagpauze. Vanaf 13.30 uur beginnen ze weer. Avondeten om 17.30 uur. Om 19.00 uur volgt dan de late shift tot 23.30 uur. Alleen op zondagen maken ze geen overuren. Twee dagen in de maand heeft ze vrij. Een arbeidscontract, vertelt de vrouw, heeft ze niet. Soms krijgt ze 5000, soms 6000 yuan per maand, omgerekend ongeveer 800 euro. Als de stroom uitvalt, zoals afgelopen herfst, staan de machines stil en verdient niemand iets.

    Wat vindt ze daarvan? ‘Het is prima. Ik ben blij dat ik dit kan doen,’ zegt ze. ‘Wat kan ik anders doen?’

    Arbeiders die in touw zijn voor Shein werken vaak meer dan 70 uur per week, en dat blijkbaar meestal zonder arbeidscontract. Dat laten interviews zien die Public Eye in zes fabrieken in Guangzhou heeft afgenomen. Eigenlijk zijn dat duidelijke overtredingen van de arbeidswetten van de Volksrepubliek, die de gemiddelde werktijd per week beperken tot 40 uur. Per maand zijn 36 overuren toegestaan, en elke medewerker moet een arbeidscontract krijgen. Schendingen van het arbeidsrecht komen evenwel in de hele branche voor, zowel bij leveranciers van Shein als bij veel andere bedrijven in Zuid-China die voor grote merken produceren.

    Shein deelt schriftelijk mee dat de toeleveringsbedrijven regelmatig worden gecontroleerd door onafhankelijke instanties. ‘Als er overtredingen worden geconstateerd, nemen wij verdere maatregelen, die zelfs tot opzegging kunnen leiden.’ Hoe vaak er gecontroleerd wordt en welke overtredingen tot op heden zijn ontdekt, daarover zwijgt de keten. 

    Regelgeving

    In Duitsland toont men zich vastbesloten om Shein daarmee niet te laten wegkomen. Ondernemingen zouden de verantwoordelijkheid niet langer op derden moeten kunnen afschuiven, ‘niet op hun toeleveranciers, noch op externe certificeerders,’ zegt Anosha Wahidi van het ministerie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. De nieuwe wet op productieketens, die in 2023 van kracht wordt, zou juist daarop gericht zijn en ‘dwingt ondernemingen tot een verandering van perspectief’. Ook de geplande Europese regulering zou een ‘sterk instrument’ zijn.

    In de praktijk wordt Shein door deze nieuwe regels nauwelijks geraakt, omdat het in Duitsland geen hoofdkantoor heeft. Een EU-wet wordt op z’n vroegst in 2024 van kracht. Op dit moment wordt nog gesproken over de details.

    De ‘New York Fashion Act’ laat zich zelfs lezen als een ‘Shein-wet’

    De VS en Groot-Brittannië denken al na over aanscherpingen van de wet. Vooral de praktijk van Shein om invoerrechten te ontwijken door grote bestellingen te verdelen in kleine pakketjes die per luchtvracht worden verstuurd, stuit in de VS op weerstand. De ‘New York Fashion Act’ laat zich zelfs lezen als een ‘Shein-wet’: de staat en de stad New York willen ondernemingen die hun plicht tot transparantie niet nakomen uitsluiten van de markt. Alle firma’s met een jaaromzet van meer dan 100 miljoen dollar moeten daaronder vallen. Alleen dat, zo is de overtuiging van experts in politiek Berlijn, zal voor Shein ‘duidelijk problemen opleveren’.

    En het jatten van ontwerpen? Op een vraag van Der Spiegel deelt Shein mee dat alle leveranciers moeten garanderen dat hun producten geen inbreuk zijn op geestelijk eigendomsrecht. Men zou verder investeren in reviewprocedures. Tot dusver, zo lijkt het, is het aan de merken zelf om daarop te letten.

    Ralph Lauren diende een klacht in, net als het bedrijf achter Dr. Martens. Voor minder bekende ontwerpers blijft vaak alleen de optie over om de publiciteit op te zoeken. Misschien reageert Shein alleen na een shitstorm.

    Voor de directe concurrenten, aldus handelsexpert Heinemann, blijft alleen ‘de vlucht naar voren’ over. ‘H&M en Zara moeten zorgen dat zij de jonge doelgroep duidelijk kunnen maken waarom hun producten meer kosten.’

    Mindere kwaliteit

    Dat zou eigenlijk niet moeilijk moeten zijn. Een onderzoek dat een team van de Hogeschool Niederrhein uitvoerde voor Der Spiegel laat duidelijke verschillen zien tussen de Shein-kopieën en hun fastfashionvoorbeelden. Vijf kledingstukken werden uitvoerig geanalyseerd.

    Een groene schoudertas ruikt sterk naar kunststof, uit een gebloemd bovenstukje met hartvormige uitsparing stijgt de geur op van een tankstation. Dat zou kunnen komen, zegt Maike Rabe, die het Onderzoeksinstituut voor textiel en bekleding van de hogeschool leidt, doordat de producten geen tijd hebben gekregen om te luchten. 

    De kledingstukken van Shein zijn allemaal van polyester. De ‘goedkoopste stof die je in de textielindustrie kunt gebruiken,’ zegt Rabe, ‘uitsluitend op basis van aardolie’. Bij de producten van de concurrentie worden ook textielmengsels gebruikt, bijvoorbeeld van viscose.

    Bij het uitvoerige onderzoek komen nog meer verschillen aan het licht. Bij de producten van Shein zijn de naden slordiger en zijn ritssluitingen niet in stof vastgezet. In plaats van de pasvorm met relatief kostbare snij- en naaitechnieken te fixeren, worden bij sommige kledingstukken van Shein simpelweg stukken elastiek gebruikt.

    ‘De kledingstukken zijn van het niveau van carnavalskleren’

    Ook de dessins, op het eerste oog identiek, verschillen bij nader inzien. Soms ziet de bedrukte stof er ‘verpixeld’ uit, soms zijn de kleurovergangen ‘minder vloeiend’. Alsof iemand de Zara-kleding heeft gefotografeerd en het dessin op basis daarvan heeft laten nadrukken. ‘Brutale kopieën,’ noemt Rabe de producten. ‘De kledingstukken zijn van het niveau van carnavalskleren,’ luidt haar vernietigende oordeel.

    Dat lijkt de klanten nog niet bijzonder te storen. Op een binnenplaats in Covent Garden, het winkel- en uitgaansgebied in Londen, heeft Shein een pop-upstore ingericht voor het weekend. De rij reikt tot aan de hoek van de straat. Bijna een uur hebben de wachtenden nodig om de ingang te bereiken. Zulke events zijn zeldzaam.

    De ruimte is nauwelijks groter dan een woonkamer. Een dj draait platen. Tweehonderd, misschien tweehonderdvijftig mensen verdringen zich rond de kledingrekken. Enkelen laten zich door een tekenaar schetsen in hun lievelingsoutfit. Anderen poseren in het nieuwe bovenstukje voor de camera’s, ‘voor TikTok’.

    Spotgoedkoop

    Het label is vooral vanwege de prijzen populair onder tieners: een croptop kost als speciale aanbieding nu 2 euro, sneakers 15 euro. Zelfs winterjassen heb je hier voor 23 euro. En vaak krijg je er nog korting op.

    De Amerikaanse Mafalda Fonseca (30) is een van de talrijke Instagrammers die reclame maken voor Shein. Zij post spiegelselfies uit haar slaapkamer, soms met een grote pluchen teddybeer. Natuurlijk weet ze ‘dat Shein niet het meest ethische bedrijf is’, zegt ze. ‘Die willen alleen maar geld verdienen, daar ben ik niet naïef in.’ Maar ze kan daar eindelijk kleding vinden ‘die me past en die ik me kan veroorloven’. Ze draagt meestal kledingmaat 2XL. Extra grote maten zijn volgens haar ‘saai of duur, of allebei’. Bij Shein zou dat anders zijn.

    Ook het milieu-argument weegt soms bij de jonge doelgroep niet zwaar meer. ‘Jarenlang verspreidden de merken de boodschap: koop duurzamer, dan kun je de wereld redden,’ zegt Madeleine Alizadeh, de 33-jarige Duitstalige influencer die bekend is als @Dariadaria. Jarenlang regende het negatieve commentaren als je nieuwe kleding aanschafte of met het vliegtuig op vakantie ging. Nu is ze ervan overtuigd dat individuele consumptie ‘niets verandert aan het feit dat er in de mode-industrie zo veel misgaat’. In plaats van de consumenten moeten volgens haar de bedrijven ter verantwoording worden geroepen. Hier moet de politiek ingrijpen. 

    Lees ook:

  • Leiding modegigant Inditex wordt doorgegeven van vader op dochter

    Leiding modegigant Inditex wordt doorgegeven van vader op dochter

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Asbest zorgt voor onrust op de Australische woningmarkt

    » Republikeins Congreslid wordt CEO van Trump Media

    Nieuwe leiding bij Inditex

    Inditex, het Spaanse modeconcern met een marktwaarde van 87 miljard euro, heeft ingrijpende veranderingen in het leiderschapsteam aangekondigd. Vanaf 1 april wordt Marta Ortega, dochter van Inditex-oprichter Amancio Ortega, de nieuwe voorzitter van het bedrijf, dat eigenaar is van modemerken als Zara, Massimo Dutti en Bershka, meldt El País.

    De zevenendertigjarige neemt het stokje over van Pablo Isla, die de functie ruim tien jaar bekleedde en onder wiens leiding Inditex een van de toonaangevende modebedrijven ter wereld is geworden. Isla zag ook toe op de digitale transformatie, die het bedrijf hielp de modegigant overeind te houden tijdens de pandemie.

    Lees ook:

  • De reis van een Zara-jas

    De reis van een Zara-jas

    Het Spaanse modemerk Zara werkt sneller dan welke concurrent ook. Tussen het ontwerp van een jas in Spanje en het moment dat deze in de winkel hangt in New York, liggen slechts 25 dagen. The Wall Street Journal volgde dit proces.

    Op een ochtend wordt bij de Zara-flagshipstore in New York een zwarte wikkeljas met een hoge kraag en een metalen ring als sluiting aan een kledingrek gehangen. ‘Klanten vroegen dit seizoen naar metalen details,’ vertelt de manager, terwijl hij de ring omhooghoudt. Dat soort informatie, voegt hij eraan toe, kan het begin zijn van een heel nieuwe stijl, die dan binnen een paar weken in zijn winkel hangt.

    Bij deze jas heeft dat vijfentwintig dagen geduurd.

    The Wall Street Journal volgde de reis die de jas maakte van het ontwerpatelier in Spanje naar het kledingrek in Manhattan, en biedt zo een kijkje in het ‘fastmode’-model waarmee Zara’s moederbedrijf, Inditex SA, qua omzet de grootste moderetailer ter wereld is geworden.

    Modewensen

    Die reis begint op het Spaanse hoofdkwartier van het bedrijf in de kleine industriestad Arteixo. Een ontwerper en een patroontekenaar maken daar in vijf dagen tijd een prototype voor de wijde winterjas, op basis van gesprekken met Zara-winkelmanagers, die de modewensen van hun klanten doorgeven. Een tweede patroontekenaar, snijders en naaisters maken in dertien dagen tijd achtduizend van deze jassen. In de zes dagen daarna worden de jassen gestreken, gelabeld, geëtiketteerd, op kwaliteit gecontroleerd, per vrachtwagen naar het logistieke centrum van Zara in Zaragoza vervoerd en vandaar naar het vliegveld van Barcelona. De volgende dag rijdt de jas in een vrachtwagen van John F. Kennedy Airport naar de winkel aan Fifth Avenue, om daar voor 189 dollar in de verkoop te gaan.

    De rest van de bedrijfstak doet al een tijdlang zijn best om te analyseren hoe Inditex zo snel kan inspelen op de smaak van de klant. Enkele Amerikaanse concurrenten hebben inmiddels een paar van de oplossingen overgenomen waarmee Inditex is gegroeid naar meer dan 7000 winkels in 92 landen en in 2015 een winst van 33,1 miljard dollar behaalde, twee keer zo veel als in 2008.

    Een Zara-filiaal in New York.
    Een Zara-filiaal in New York.

    Een van de factoren die het productieproces bij Inditex zo kort maken, is dat het bedrijf 60 procent van zijn kleding in Spanje en de omringende landen fabriceert. Inmiddels hebben retailers als J.C. Penney Co ook fabrikanten dichter bij huis, in Midden-Amerika, gezocht en leunen ze minder op Azië als producent. Dankzij die omschakeling, in combinatie met enige stroomlijning van ontwerpproces en logistiek, is de aflevertijd van sommige merkartikelen van J.C. Penney van bijna tien maanden verkort tot een maand of acht, volgens het bedrijf zelf. De vroegere koploper van de bedrijfstak, Gap Inc., die qua omzet al tien jaar op hetzelfde niveau blijft steken, brengt een deel van de fabricage over van Azië naar het Caribisch gebied. Gap is ook bezig de ontwerptijd van sommige kledingstukken te verkorten, zodat nieuwe ontwerpen soms al binnen vierentwintig uur goedgekeurd worden.

    Een woordvoerder van J.C. Penney zegt dat het bedrijf geen commentaar geeft op andere modeketens. Gap weigerde iets over Inditex te zeggen.

    Maar volgens deskundigen is het voor concurrenten van de Spaanse modegigant lastig om het Inditex-model over te nemen, als ze niet grondig de bezem halen door hun gehele proces van ontwerpen, fabriceren en distribueren. Die concurrenten kunnen hun productie ook wel dichter bij huis halen, maar hun organisatie is er gewoonweg niet op ingericht om snel te reageren op nieuwe trends, volgens Liz Dunn, oprichter van Talmage Advisors, een adviesbureau voor de retailsector.

    ‘Eenvoudig gezegd is het succes van Inditex te danken aan hun korte levertijd: het vermogen om de klanten ontwerpen aan te bieden die andere winkels nog niet hebben,’ zegt Anne Critchlow, analist bij de bank Société Générale. Volgens haar kan het bedrijf hierdoor ook hogere prijzen vragen dan de concurrentie. ‘Je moet Zara niet zien als een merk, maar als een heel snelle kameleon die zich onmiddellijk aanpast aan modetrends.’

    Om de koopsters een gevoel van exclusiviteit te geven zullen er volgens Inditex nooit meer dan 25.000 van deze jassen worden gemaakt

    Elk creatief besluit over de wikkeljas – en over alle andere Zara-kleding – wordt snel genomen tijdens informele besprekingen op het Inditex-hoofdkwartier, een open werkvloer die iets groter is dan een voetbalveld. Daar zitten ontwerpers en commerciële medewerkers naast elkaar, en zij onderhouden continu telefonisch en elektronisch contact met winkelmanagers van Zara-shops over de hele wereld. Winkelmanagers, die vaak worden ingevlogen om hun visie te geven, hebben een prototype van de jas bekeken en met hun commentaar een bijdrage geleverd aan het ontwerp. Daar is geen officiële vergadering aan te pas gekomen.

    Dankzij dat snelle ontwerpproces en de fabricage dichtbij, kan Inditex nu in twee weken tijd een nieuw kledingstuk in de winkels hebben. Ter vergelijking: bij het Zweedse Hennes & Mauritz wordt 80 procent van de kleding een aantal maanden van tevoren besteld, volgens de Société Générale. H&M weigerde commentaar.

    Volgens Inditex garandeert het gecentraliseerde distributiesysteem van het bedrijf dat elk geproduceerde kledingstuk daadwerkelijk terechtkomt bij de winkel die het heeft besteld. Andere retailers sturen hun producten vaak in grote hoeveelheiden naar pakhuizen en van daaruit worden ze dan over de winkels gedistribueerd. Daardoor is er een grotere kans dat artikelen ergens onverkocht blijven liggen, volgens retailanalisten. Inditex maakt alleen voor de onlineverkoop gebruik van pakhuizen.

    ‘Vanaf het begin is het er bij ons om gegaan eerst te willen weten wat de klanten willen en dan een geïntegreerd fabricageproces en logistiek systeem te hebben om ze dat snel te kunnen leveren,’ zei bestuursvoorzitter en CEO van Inditex Pablo Isla in een interview.

    Volgens analisten zal het Inditex-model onder druk komen te staan wanneer het bedrijf zich verder over de wereld uitbreidt, met name als het zich op de groeiende Chinese retailmarkt begeeft. ‘Je zult niet altijd zo dicht bij je bevoorradingsbronnen kunnen zitten,’ aldus Dun. Maar volgens Isla zal Inditex blijven zoeken naar manieren om nog efficiënter te worden en nooit afstappen van het gecentraliseerde voorraadsysteem.

    De wikkeljas is een van de meer dan vijftig exemplaren die afgelopen najaar in kleine hoeveelheden naar de winkel aan Fifth Avenue zijn gestuurd. Ze gaan snel over de toonbank, vertelt de winkelmanager. Zijn ze op, dan bestelt hij bij het hoofdkwartier nieuwe. Om de koopsters een gevoel van exclusiviteit te geven zullen er volgens Inditex nooit meer dan 25.000 van deze jassen worden gemaakt, ook niet als ze uitverkocht zijn. Trouwens, de winkels hebben ook weer plek nodig voor de nieuwe artikelen die het hele jaar door twee keer per week uit Spanje aankomen.

    Bij de winkel aan Fifth Avenue wijst de manager op het nieuwste van het nieuwste: een rood met zwart geruite flanellen blouse met ‘pussy bowl’, oftewel grote strik bij de hals. ‘Klanten zeiden dat ze de rockerlook wilden, met een vrouwelijke touch.’

    Auteur: Patricia Kowsman
    Vertaler: Annemie de Vries

    Openingsbeeld: De wikkeljas klaar voor vertrek in het distributiecentrum in het Spaanse Arteixo. – © Jose Colon

    The Wall Street Journal
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 2.000.000

    Eigendom van Dow Jones & Company. Lezerspubliek bestaat voor 60 procent uit topmanagement, met een gemiddeld inkomen van 191.000 dollar en een leeftijd van 55 jaar.