Rusland heeft tot nu toe alleen excuses aangeboden
De Azerbeidzjaanse president Ilham Aliyev eist dat Poetin de Russische verantwoordelijkheid voor de crash van het Azerbeidzjaanse passagiersvliegtuig expliciet erkent, zo meldt Der Spiegel. Het vliegtuig vanAzerbaijan Airlines, met 67 passagiers aan boord, vloog woensdag van de Azerbeidzjaanse hoofdstad Bakoe naar Grozny in Rusland. ‘Het vliegtuig veranderde echter van koers in de richting van Aktau in Kazachstan, waar het neerstortte en in vlammen opging,’ meldt de Duitse krant. Daarbij kwamen 38 mensen om het leven.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
‘Aliyev heeft Rusland ervan beschuldigd de oorzaak van de crash van het passagiersvliegtuig te verhullen. Moskou verzint volgens hem theorieën die aantonen dat Rusland de zaak wil verdoezelen,’ aldus het Duitse dagblad. Volgens de Azerbeidzjaanse president is er van een terroristische aanslag geen sprake, maar wel verklaarde hij dat het vliegtuig ‘ernstig beschadigd werd door beschietingen vanaf de grond’.
Poetin bood zaterdag aan Aliyev zijn excuses aan. ‘Maar Poetin wilde niet publiekelijk erkennen dat het vliegtuig door Rusland is geraakt,’ schrijft Der Spiegel. Op de staatszender Azertac zei Aliyev dat Poetin zijn schuld had moeten erkennen tegenover Azerbeidzjan, dat als een bevriend land wordt beschouwd, en het land publiek had moeten informeren. Euronews merkt op dat de piloot van het vliegtuig een noodlanding wilde maken, maar dat dit werd afgewezen door het luchtvaartbestuur van Rusland.
Tegen de achtergrond van een geopolitiek landschap dat steeds complexer wordt, met de dreiging van een nieuwe koude oorlog en de opkomst van autoritaire leiders, lijkt de wereldwijde samenwerking op klimaatgebied verder weg dan ooit.
Afgelopen 12 en 13 november vond in het kader van de Klimaatconferentie (COP29) in Bakoe, Azerbeidzjan, de klimaattop van wereldleiders plaats. Maar deze bijeenkomst ging met veel minder fanfare gepaard dan in het verleden, wat weinig goeds belooft voor onze gemeenschappelijke toekomst.
Eén reden voor de verminderde aandacht voor COP29 is de uitgedunde presentielijst: de leiders van de dertien landen met de grootste uitstoot ter wereld hebben besloten het evenement helemaal te laten schieten, deels omdat er tegelijkertijd een G20-top gepland stond. De hoofden van grote financiële instellingen, waaronder Bank of America en BlackRock, ontbreken dit jaar ook op de conferentie, ondanks de focus op de financiële kant van het klimaatprobleem. En het besluit om het evenement te houden in Azerbeidzjan, een land dat sterk afhankelijk is van aardgas, is door milieuactivisten als een vorm van ‘greenwashing’ afgedaan. Net als vorig jaar, toen de Klimaatconferentie in Dubai werd gehouden, benadrukt de keuze van het gastland hoe broodnodig het is om overeenstemming te bereiken over aardgas als energiebron voor de lange termijn.
Ook in bredere zin heeft de wereld het een en ander aan haar hoofd. Nu de oorlog in Oekraïne bijna zijn vierde jaar ingaat, lijkt er een Russisch tegenoffensief ophanden in de regio Koersk waaraan meer dan tienduizend Noord-Koreaanse soldaten deelnemen. Ondertussen vecht Israël op twee fronten, in Gaza en Libanon, en lijkt escalatie naar een bredere oorlog waarschijnlijker dan de-escalatie. En hoewel onmogelijk precies valt te voorspellen wat de grillige Donald Trump zal doen als hij weer in het Witte Huis zit, doemen de risico’s van geopolitieke instabiliteit, democratische erosie en een scherpe ommekeer in het klimaatbeleid levensgroot op.
Drill baby drill
Trump, sinds jaar en dag ontkenner van klimaatverandering en verkondiger van het mantra ‘drill, baby, drill’, heeft beloofd de Verenigde Staten te zullen terugtrekken uit het ‘gruwelijk oneerlijke’ klimaatakkoord van Parijs, zoals hij ook deed tijdens zijn eerste ambtstermijn. Er gaan geruchten dat daarvoor al een presidentieel besluit in de maak is.
Ook is Trump van plan om de productie en export van Amerikaans gas op te voeren en een eind te maken aan Joe Bidens Green New Deal, door hem de ‘Green New Scam’ oftewel de ‘Groene Nieuwe Zwendel’ gedoopt, door alle niet bestede gelden terug te trekken uit de Inflation Reduction Act, ook al zo’n onterechte benaming volgens Trump. Recente opmerkingen van Myron Ebell, hoofd van een transitieteam tijdens de vorige regering-Trump, doen het ergste vrezen: ‘We gaan ons niet meer druk maken over uitstoot,’ verklaarde deze botweg. ‘Hoe eerder je al dat gezeur over uitstootvermindering vergeet, hoe beter.’
Hoewel we de dreiging die Trump voor het klimaat vormt niet mogen onderschatten, is er reden om te hopen dat worstcasescenario’s niet zullen worden bewaarheid. Tijdens zijn eerste termijn werd Trumps bombastische retoriek lang niet altijd in de beloofde daden omgezet. Bovendien wierpen staten, steden, organisaties en individuen zich op om het klimaat te beschermen, waardoor het wanbeleid van de federale regering deels werd gecompenseerd.
Hoe het ook zij, pas als hij in januari is aangetreden zal duidelijk worden in welke mate Trump het milieu zal schaden. COP29 vindt op dit moment plaats en de doelstellingen ervan dulden geen uitstel.
Hoe groot het afgesproken bedrag ook is, het zal vrijwel zeker niet voldoende zijn voor de behoeften van ontwikkelingslanden
De bijeenkomst in Bakoe, nu al de ‘financiële COP’ genoemd, wordt geacht de enorme klimaatfinancieringskloof aan te pakken waarmee ontwikkelingslanden worden geconfronteerd. De veelgeroemde doelstelling van 100 miljard dollar per jaar, die ontwikkelde economieën volgens een akkoord uit 2009 in 2020 zouden halen, is pas twee jaar geleden voor het eerst bereikt. Afgezien van de vertraging is het lang niet genoeg: de jaarlijkse financieringsbehoefte van opkomende en zich ontwikkelende economieën (exclusief China) zal in 2030 naar verwachting zo’n 2,4 biljoen dollar bedragen.
Tegen deze achtergrond proberen deelnemers aan COP29 tot een nieuw collectief gekwantificeerd doel voor klimaatfinanciering te komen. De hoop is dat er uiteindelijk een ambitieus bedrag zal worden afgesproken. Maar hoe groot dat bedrag ook is, het zal vrijwel zeker niet voldoende zijn voor de behoeften van ontwikkelingslanden. Bovendien zal het een grote uitdaging zijn om het bedrag te besteden, omdat dit grotendeels door de particuliere sector moet worden gedaan, vooral door particuliere financiële instellingen.
In veel landen, met name in Afrika, wordt de transitie naar schone energie bemoeilijkt door een gebrek aan elektriciteit. Uit de sterke correlatie tussen consistente basislaststroom en economische welvaart valt een duidelijke conclusie te trekken: betaalbare energie is essentieel voor ontwikkeling. Desondanks hebben 570 miljoen mensen in Sub-Saharaans Afrika – tachtig procent van het wereldwijde totaal – nog steeds geen toegang tot energie, en hun aantal is sinds 2021 toegenomen.
Verergeren
Door de snelle bevolkingsgroei in het Mondiale Zuiden is het probleem gedoemd te verergeren. Naar verwachting zullen in 2050 alleen al in Afrika 2,5 miljard mensen wonen, tegen 1,5 miljard op dit moment. Duurzame energiebronnen zijn simpelweg niet betrouwbaar genoeg om aan de explosieve vraag te voldoen die daarmee gepaard zal gaan. Waterstof en kernenergie kunnen helpen de gaten te dichten, maar voor beide zijn enorme infrastructurele investeringen vereist, die niet uit publieke middelen kunnen worden gedekt.
De inzet van particulier kapitaal is daarom cruciaal. Regeringen zullen effectieve strategieën moeten ontwikkelen om risico’s te beperken en een attractief investeringsklimaat te bevorderen. Strategische partnerschappen tussen overheden, internationale financiële instellingen (IFI’s) en de particuliere sector zullen doorslaggevend zijn.
Hoewel veel IFI’s nog maar nauwelijks begonnen zijn met het ontwikkelen van groene industriële strategieën, zullen ze een centrale rol moeten spelen bij het katalyseren van investeringen door de particuliere sector en het versoepelen van de transitie naar schone energie in opkomende en zich ontwikkelende economieën. Hiertoe zal het voor de voorhoede minder riskant moeten worden gemaakt om investeringen te doen en moeten overheden worden ondersteund bij het stellen van ambitieuze doelen, het definiëren van manieren om die te bereiken en het vaststellen van beleidskaders en -normen.
Het in Bakoe genomen Initiatief voor Klimaatfinanciering, Investering en Handel is een stap in de goede richting, omdat het voor de maximalisering van deze drie doelstellingen de oprichting van nationale, regionale en subregionale platforms wil bevorderen. Maar zonder wereldwijde deelname zal de impact van zulke initiatieven beperkt zijn.
Zelfs in een tijd van toenemende geopolitieke ontwrichting mogen we ons niet laten afleiden van de dringende noodzaak om klimaatverandering aan te pakken. Er is geen excuus om COP29 te laten eindigen zonder ambitieuze, geloofwaardige financiële toezeggingen.
Ana Palacio is voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Spanje en voormalig senior vicepresident en algemeen adviseur van de Wereldbank. Momenteel is ze gasthoogleraar aan Georgetown University in Washington D.C.
Frankrijk steunt Armenië, een grote rivaal van Azerbeidzjan
De Franse minister van Landbouw en Voedselbeleid Agnès Pannier-Runacher heeft woensdag bekendgemaakt dat ze niet naar de grote klimaatconferentie in Azerbeidzjan zal gaan als reactie op de ’onacceptabele‘ aanvallen van de Azerbeidzjaanse president Ilham Aliev ’tegen Frankrijk en Europa’. Geen enkel lid van de Franse regering zal dit jaar de top bijwonen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
In een toespraak tot vertegenwoordigers van eilandstaten tijdens COP29 op woensdag, hekelde Aliev de koloniale geschiedenis van Frankrijk, in het bijzonder de kernproeven in het verleden, en wat hij omschreef als de misdaden ’van het regime van president Macron’ in overzeese gebieden, met name Nieuw-Caledonië.
’De betrekkingen tussen Parijs en Bakoe zijn bekoeld vanwege de langdurige steun van Frankrijk aan zijn rivaal Armenië, dat vorig jaar door Azerbeidzjan werd verslagen in een bliksemsnel militair offensief waarbij de afgescheiden regio Nagorno-Karabach werd heroverd’, aldusAl-Jazeera.
Het is de eerste keer sinds de Taliban er aan de macht zijn
Een delegatie van de Afghaanse regering zal in Bakoe zijn voor de klimaattop, die van 11 tot 22 november wordt gehouden, meldt The Times of India. De status van de Afghaanse delegatie bij de COP29 was niet meteen duidelijk, maar bronnen vertelden AFP zaterdag dat de Afghaanse delegatie de status van waarnemer zou kunnen krijgen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Zo‘n uitnodiging heeft het land niet meer gehad sinds de terugkeer van de Taliban-regering in 2021, die door geen enkele staat ter wereld wordt erkend, maar die ervoor pleit om betrokken te worden bij internationale klimaatbesprekingen.
Afghanistan, het zesde meest kwetsbare land voor klimaatverandering, worstelt met plotselinge overstromingen, droogte en andere natuurrampen die wetenschappers in verband brengen met klimaatverandering. Alleen al in mei kwamen meer dan 350 Afghanen om bij overstromingen.
Verkiezingen niet ‘geloofwaardig’ volgens waarnemers
Volgens de officiële resultaten van bijna alle stembureaus won de autoritaire president van Azerbeidzjan, Ilham Aliyev, woensdag de presidentsverkiezingen met meer dan 90 procent van de stemmen, zodat hij kan beginnen aan een vijfde termijn. Het waren presidentsverkiezingen die ‘gekenmerkt werden door ernstige onderdrukking van de oppositie en journalisten’ en een pure ‘formaliteit’ voor de president, aldus Politico.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Tijdens de campagne pochte Aliyev dat hij Azerbeidzjan had ‘herenigd’ na zijn militaire overwinning op de Armeense separatisten van Nagorno-Karabach afgelopen september. Het was in Chankendi (Stepanakert in het Armeens), de belangrijkste stad in de voormalige afgescheiden regio, dat Aliyev en zijn familie ervoor kozen om woensdag te gaan stemmen.
Volgens de ngo Freedom House behoort de natie in de zuidelijke Kaukasus tot de minst vrije landen ter wereld en ‘worden verkiezingen sinds het begin van de jaren negentig door internationale waarnemers niet als geloofwaardig beschouwd’. Minstens dertien onafhankelijke journalisten zijn in aanloop naar de verkiezingen gearresteerd en ook oppositiefiguren en kritische academici zijn gevangengenomen. Eerder deze week waarschuwde Amnesty International voor ‘een wijdverspreide, gecoördineerde aanval op de burgermaatschappij en de rechtsstaat’ in Azerbeidzjan.
Door internationale onverschilligheid eindigde het conflict in Nagorno-Karabach niet met onderhandelingen, maar met een gewelddadig slotoffensief van Azerbeidzjan. Duizenden Armeniërs zijn de regio ontvlucht, maar het ziet er niet naar uit dat Azerbeidzjan ze ooit nog terug wil hebben.
Het waren amper tieners, maar ze hoestten als echte volwassenen. In het pension – met te veel bedden in een te kleine ruimte – stonden ze als eersten op. Nog voor hun trainer. Dan staken ze het fornuis aan met lucifers uit een doosje met het opschrift ‘Trojka’. Op het ene vuur kookten ze water voor thee, boven het andere hielden ze met een vork hun sokken, die vochtig waren geworden tijdens de nacht in Stepanakert. Met het resterende vlammetje van de lucifer staken ze hun eerste sigaret van de ochtend aan en begonnen meteen te hoesten.
Hun voetbalteam, afkomstig uit een vallei waar de helft van de huizen door oorlog was verwoest, deed mee aan een toernooi in de hoofdstad van een land dat niet op landkaarten voorkomt. Ze streden om een trofee die niets voorstelt in de wereld en waar niemand van wakker ligt. Maar die ondanks alles de moeite waard was om voor te strijden. Ze verdroegen de koude ochtenden in dit gammele pension, de springveren van de bedden die in hun ruggen prikten, de toiletten die altijd naar stront roken, de stroomstoringen… Ze regelden alles zonder op instructies van de trainer te wachten. Ze verdeelden de kleding en maakten die zo goed mogelijk droog. Daarna zorgden ze voor het ontbijt: volkoren macaroni, gekookte aardappelen en brood dat ze in een pittige saus doopten. Als kleine volwassenen.
Maar als ze spraken, klonken ze als de kinderen die ze nog steeds waren. En ze droomden ervan te worden als hun idolen van Real Madrid: Cristiano Ronaldo, Kaká, Casillas.
Stille belegering
Dat was in 2010. Een deel van hen leeft waarschijnlijk niet meer. Want toen zij dienstplichtig werden, is hun land Nagorno-Karabach, dat in feite een enclave op Azerbeidzjaans grondgebied is maar onder Armeens gezag valt, verwikkeld geraakt in schermutselingen en oorlogen. In april 2016 vochten het Azerbeidzjaanse leger en Armeense strijdkrachten uit Karabach vier dagen lang om de controle over een aantal hooggelegen gebieden. Daarbij vielen aan beide kanten meer dan tweehonderd doden, waaronder veel jonge dienstplichtigen.
In september 2020 begon Azerbeidzjan, goed bewapend door zijn bondgenoten Turkije en Israël en geholpen door Syrische huurlingen, een grootschalig offensief. Daarbij heroverde het een groot deel van de gebieden die sinds de jaren negentig door Armeniërs werden gecontroleerd. Het grondgebied van de zelfverklaarde Republiek van Artsach (zo noemen de Armeniërs de enclave) werd tot een minimum gereduceerd. De strijdkrachten van de naburige Republiek Armenië – tot dan toe de belangrijkste steun voor de Karabachis – werden gedwongen zich terug te trekken naar hun land. Ongeveer zevenduizend mensen werden gedood en meer dan twintigduizend raakten gewond.
Vorige week lanceerde Azerbeidzjan zijn slotoffensief: na een etmaal bombarderen besloten Armeense troepen zich over te geven, zich bewust van hun militaire inferioriteit en het gebrek aan internationale steun. Het Russische leger, dat na de oorlog van 2020 als vredesmacht in Nagorno-Karabach was gestationeerd, stak geen vinger uit om het conflict te voorkomen en de VS en de EU deden niet veel meer dan hun bezorgdheid uitspreken en oproepen tot het staken van de vijandelijkheden.
Deze laatste aanval kwam na negen maanden van stille belegering. In december blokkeerden vermeende Azerbeidzjaanse milieuactivisten – in werkelijkheid mensen die banden hebben met de regering in Bakoe, waaronder zelfs enkele leden van de veiligheidsdiensten – de Lachin-corridor. Na de oorlog van drie jaar geleden was deze kronkelige weg de enige verbinding van Nagorno-Karabach met de buitenwereld: 90 procent van het voedsel voor de Armeense enclave kwam via deze weg, en zieke mensen die niet in de ziekenhuizen van de enclave konden worden behandeld, gebruikten hem om naar Armenië te gaan.
‘Genocide kan ook gepleegd worden door omstandigheden te creëren die tot fysieke vernietiging van een groep leiden’
Later, in april, toonde de Azerbeidzjaanse regering haar ware gezicht door een controlepost op te zetten in Lachin. Dat deed ze ondanks het feit dat de corridor volgens de wapenstilstandsovereenkomst van 2020 onder toezicht van het Russische contingent moest blijven. Zelfs de doorgang van humanitaire konvooien – van Rusland en het Rode Kruis – werd belemmerd. Zonder materialen, reserveonderdelen of voorraden kwam de economie in de enclave tot stilstand. Zonder brandstof vielen transporten stil. Scholen zaten zonder verwarming. Ook de elektriciteit viel uit, doordat de kabels naar Armenië werden gesaboteerd. Medicijnen werden schaars. Voedselvoorraden raakten op. In augustus werd de eerste hongerdode geregistreerd.
Sinds december onderhoud ik contact met verschillende mensen in Stepanakert, de hoofdstad van Karabach. Nona Poghosián is een Karabachse lerares met twee kinderen. Eind vorig jaar wilde ze zich voorbereiden op de Armeense kerstviering die op 6 januari valt, maar dat bleek onmogelijk. Na een blokkade van bijna drie weken werden veel producten schaars. ‘Vandaag zijn we twee uur lang van winkel naar winkel gegaan. Er was alleen mayonaise en chocolade. Geen olie, geen suiker, geen groenten… zelfs geen aardappelen’, schreef ze in een bericht aan mij. Macaroni werd het belangrijkste voedsel. ‘Als mijn kinderen hun moeder een appel zien schillen alsof het de laatste is die ze ooit zullen eten, dan beseffen ze dat er iets mis is.’
In februari werd het nog erger. De lokale overheid greep in om voedsel te rantsoeneren. ‘We hebben vouchers gekregen voor basisproducten, waaronder groenten en fruit. Maar het zijn waardeloze stukjes papier, je kunt er niets mee kopen’, schreef Poghosián. Als er met een humanitair konvooi een zending wortelen arriveerde, dan was die al binnen een paar minuten verdwenen. De prijs van de eerste aardappelen van het seizoen verdrievoudigde. Russische vredeshandhavers werden ervan beschuldigd een deel van de uit Armenië meegebrachte producten te verkopen op de zwarte markt.
Toen de lente kwam en alles weer ging groeien, verbeterde de situatie enigszins. ‘We kunnen tenminste wilde kruiden verzamelen en die eten met eieren,’ aldus Poghosián. Maar in de zomer, toen Azerbeidzjan Russische konvooien en konvooien van het Rode Kruis tegenhield, werd de situatie nijpend. Bij het krieken van de dag stonden de inwoners van Stepanakert uren in de rij voor een brood, niet wetend of ze die dag aan de beurt zouden komen. ‘Genocide kan ook gepleegd worden door omstandigheden te creëren die tot fysieke vernietiging van een groep leiden. Daar hoeven geen crematoria voor gebouwd te worden, of aanvallen met machetes voor te worden uitgevoerd; honger is een onzichtbaar genocidaal wapen. Zonder substantiële verandering zal deze groep Armeniërs binnen enkele weken zijn vernietigd’, schreef Luis Moreno Ocampo, Argentijns jurist en voormalig aanklager bij het Internationaal Strafhof in een rapport van 7 augustus.
Zes weken later begon Azerbeidzjan zijn laatste offensief tegen de uitgehongerde en uitgeputte enclave.
De sirenes in Stepanakert begonnen te loeien op dinsdag 19 september om één uur ’s middags. In de hoofdstad waren schoten en artillerievuur uit de nabijgelegen valleien te horen. Tegen de tijd dat de kinderen van Nona Poghosián terugkwamen van school, bereikten de gevechten Stepanakert. Haar man was niet thuis. Een paar uur lang waren ze allemaal van elkaar gescheiden, opgesloten in verschillende kelders en schuilkelders, niet wetend hoe het de anderen verging.
‘Hoe we ons voelen? We zijn omsingeld, en we zijn heel erg bang.’
De clichévragen van journalisten klinken dan heel dom. Hoe voelt een moeder zich, gescheiden van haar kinderen terwijl er bommen vallen?
Amnestie
Precies vierentwintig uur nadat de Azerbeidzjaanse aanval begon, capituleerden de Armeense troepen. De volgende dag kwamen afgezanten van beide partijen bijeen. De eerste eis van de Azerbeidzjaanse autoriteiten na het staakt-het-vuren was ontwapening van de Karabachse milities; de eerste eis van de Karabachse autoriteiten was levering van brandstof en brood.
Beide partijen hebben hieraan voldaan. De Armeniërs in Nagorno-Karabach droegen hun arsenaal in het weekend van 23 september over aan de Azerbeidzjaanse strijdkrachten: tanks, granaatwerpers, raketten. Toen konden humanitaire konvooien met tonnen voedsel Stepanakert weer binnenrijden.
De Azerbeidzjaanse regering heeft amnestie beloofd voor alle Armeense strijders die de wapens neerleggen (behalve voor degenen die oorlogsmisdaden hebben begaan tijdens het conflict in 1990). Zij verzekert dat de ‘culturele, religieuze en democratische’ rechten van de Armeense bevolking van Karabach zullen worden gerespecteerd tijdens het proces van ‘re-integratie’ van de enclave in de bestuurlijke structuur van Azerbeidzjan.
Maar de meesten zijn op hun hoede.
In de straten van Stepanakert lopen honderden bange mensen die niet weten wat ze moeten doen – ze hebben al hun bezittingen in een tas gepropt. Velen koken op straat en schuilen waar ze maar kunnen. Zo’n tienduizend mensen zijn geëvacueerd uit de dorpen die het dichtst bij de frontlinie liggen. Sommigen hebben het contact met hun familie verloren. Internet is beperkt en het is niet bekend wat er is gebeurd in sommige van de dorpen die zijn omsingeld door Azerbeidzjaanse troepen.
Bulldozers graven in de verse aarde om plaats te maken voor de doden. Het meest recente officiële dodenaantal van de gevechten van 19 september – tweehonderd – is al dagen niet meer bijgewerkt door de autoriteiten van de enclave. Aangenomen wordt dat het inmiddels veel hoger ligt. Elke dag zijn er nieuwe begrafenissen, groepsgewijs. Sommigen vragen zich af wat ze moeten doen: de doden begraven of hun lichamen meenemen? Want het enige waar ze aan kunnen denken is vluchten naar Armenië.
Anderen verwijderen openbare foto’s en posters met de namen van ‘martelaren’ – zij die sneuvelden bij de verdediging van Nagorno-Karabach tijdens eerdere oorlogen. Het is onduidelijk wat er zal gebeuren als Azerbeidzjaanse troepen Stepanakert binnenvallen.
Het enige vliegveld in Nagorno-Karabach ligt naast Khoyali, een dorp met een bloederige geschiedenis. De grootste slachting van de Eerste Karabachoorlog (1991-1993) vond er plaats, toen Armeense troepen een genocide aanrichtten onder Azeri’s die het belegerde dorp probeerden te ontvluchten: 613 burgers werden gedood, waaronder 106 vrouwen en 63 kinderen.
Het vliegveld is klaar: er is een nieuwe terminal gebouwd en in 2009 is er personeel aangenomen. Maar het is nooit in gebruik genomen, aangezien Azerbeidzjan dreigde elk vliegtuig neer te schieten dat er zou landen of opstijgen. Wel is het de belangrijkste basis voor Russische vredeshandhavers. Nu hebben duizenden mensen er hun toevlucht gezocht, op zoek naar bescherming.
99,9 procent van de 120.000 Armeniërs die nog in de enclave wonen, wil vertrekken
Op zondag 24 september, na opnieuw een ontmoeting tussen vertegenwoordigers van Karabach en Azerbeidzjan, ging Samvel Shahramanian, president van de zelfverklaarde Republiek Artsach, naar het vliegveld en verzekerde zijn medeburgers ervan dat de evacuaties zouden beginnen: eerst van degenen die door de gevechten ontheemd waren geraakt, daarna van alle anderen die wilden vertrekken. Diezelfde dag staken duizend mensen de grens over naar Armenië. Vroeg in de ochtend die maandag waren het er al drieduizend. Woensdagnacht naderde het aantal de vijftigduizend.
‘Natuurlijk wil ik weg. Er zijn duizenden mensen in mijn omgeving die wachten op de opening van een corridor naar Armenië,’ zegt Poghosián. ‘Hoe zouden we moeten leven met de Azeri’s? Mensen vertrouwen Azerbeidzjan niet, want het zou niet de eerste keer zijn dat het ons afsluit, uithongert en bombardeert.’
In de tuin bij de familie Poghosián staat een moerbeiboom. Een grote, wijdvertakte boom die zo hoog reikt dat hij het licht wegneemt. De man van Nona wilde hem begin maart snoeien. ‘Zondag begin ik eraan,’ zei hij nog. Maar op vrijdag kregen ze een telefoontje: de auto waarin haar zwager David, een agent van de douane, naar zijn werk reed, was beschoten door Azerbeidzjaanse troepen. Hij en twee andere agenten werden gedood. Volgens de Azerbeidzjaanse pers waren het ‘saboteurs’.
‘Ik weet niet hoe ik zijn drie kinderen in de ogen moet kijken’, schreef Poghosián op haar Facebook-account. ‘Ik weet niet hoe ik zijn dappere twaalfjarige zoon moet kalmeren, die huilt onder de dekens om zijn zussen niet ongerust te maken. Ik weet niet wat ik moet zeggen tegen zijn achtjarige dochter die vraagt hoe lang haar vader nog wegblijft. Hoe moet Eteri haar drie kinderen opvoeden zonder David?’
De moerbeiboom blijft zoals hij was: met ongesnoeide takken. Hoewel de internationale gemeenschap en het buurland Armenië erop hebben aangedrongen dat Azerbeidzjan voorwaarden schept voor Armeniërs om in Karabach te kunnen blijven, hebben die na een eeuwenlang verblijf de moed opgegeven. Een van de adviseurs van Shahramanián vertelde aan Reuters dat 99,9 procent van de 120.000 Armeniërs die nog in de enclave wonen, wil vertrekken.
‘Geen wonder dat de haat na twee oorlogen en dertig jaar conflict wortel heeft geschoten,’ zegt Zaur Shiriyev, analist bij de International Crisis Group in Bakoe. ‘Armeense en Azerbeidzjaanse ontheemden die terugkeren naar het gebied zijn getraumatiseerd. Sinds 2020 is er geen echte poging meer gedaan om beide partijen te verzoenen. Eerst en vooral moet het gebied gestabiliseerd worden en de meest acute humanitaire problemen worden opgelost. Daarna moet het vooral gaan om coëxistentie. Dat is een lang proces dat een sterke politieke wil vereist, vooral van de kant van Azerbeidzjan.’
Verlangen naar wraak
De eerste jaren van het conflict en de oorlog in de jaren negentig hebben zo’n dertigduizend mensen het leven gekost. Het conflict leidde daarnaast tot etnische zuiveringen op grote schaal, zeker als je bedenkt dat Azerbeidzjan en Armenië samen nauwelijks tien miljoen inwoners telden: 350.000 Armeniërs werden verdreven uit Azerbeidzjan en nog eens 150.000 Azeri’s uit Armenië. En een half miljoen Azeri’s moesten Karabach en de omliggende door Armeniërs bezette provincies ontvluchten.
‘Mijn vroegste herinneringen hebben met oorlog en verwoesting te maken’, schreef advocaat Rauf Azimov op X, het vroegere Twitter. Hij werd geboren in een gebied in de buurt van Karabach. Zijn familie – half Azeri, half Koerdisch – werd verdreven uit door Armenië veroverde gebieden, met als gevolg dat ze jarenlang in tenten en pakhuizen leefden. ‘Mijn oom stierf tijdens de oorlog toen hij op een mijn stapte. Ik viel altijd in slaap met geweerschoten. Ik stikte ooit bijna in mijn eten toen er vlakbij een bom ontplofte. Tijdens mijn jeugd keek ik verlangend naar het spectaculaire Murovgebergte, en ik vroeg me af waarom mijn vader er wel heen kon en ik niet. Ik wenste dat ik op bezoek kon in het land van mijn voorouders in Lachin. En dat de huizen van mijn grootouders niet vol zaten met kogelgaten en granaten. Ik wenste dat het dorp van mijn vader geen kunstmatige heuvel langs de weg moest opwerpen om te voorkomen dat sluipschutters op burgers zouden schieten. Maar bovenal wenste ik dat iemand onze pijn zou erkennen. In plaats daarvan ontmoette ik meestal mensen die lachten om onze tragedie, die deze rechtvaardigden of negeerden.’
‘Ik kijk nu met afschuw naar wat er gebeurt met de Armeniërs van Nagorno-Karabach,’ zegt Azimov. ‘Elke Azeri die getuige is geweest van oorlog, of die heeft geleden onder etnische zuiveringen moet hiertegen in opstand komen, ook al vertellen onze meest elementaire instincten ons iets anders. Zo niet, dan zal de geschiedenis ons niet vergeven.’ Hij kan dit eervolle standpunt uitdragen omdat hij in Canada woont. De weinige activisten in Azerbeidzjan die zich tegen de oorlog hebben uitgesproken, zijn gearresteerd.
Veel Azerbeidzjaanse vluchtelingen daarentegen koesteren een verlangen naar wraak. ‘Ik wil dat ze evenveel lijden als wij,’ zei een Azeri vluchteling tegen mij in 2020, toen veel Armeniërs de door Azerbeidzjan heroverde gebieden ontvluchtten, terwijl zij ervan droomde om na dertig jaar ontheemding terug te kunnen keren naar haar geboortestad.
‘Coëxistentie tussen de twee gemeenschappen in de nabije toekomst is ingewikkeld. Er moeten speciale maatregelen komen voor verzoening en voor interetnische communicatie,’ stelt de Azeri mensenrechtenactivist Anar Mammadli. Analist Shiriyev is optimistischer en verwacht dat de vlucht van de Armeniërs een ‘tijdelijke’ oplossing is en dat ze, als Bakoe de juiste maatregelen neemt, geleidelijk terug kunnen keren naar Karabach.
‘Maar is er iemand die serieus denkt dat Armeniërs kunnen integreren in Azerbeidzjan?’ vraagt Azimov zich af. ‘Decennialang werden ze afgeschilderd als de vijand, de schurk die verantwoordelijk is voor al onze ellende. Hun geschiedenis is uitgewist en hun tragedies werden ontkend, inclusief onze verantwoordelijkheid ervoor.’ Hoe kan Azerbeidzjan de mensenrechten van Armeniërs garanderen, vragen velen zich af, als het niet eens de rechten van zijn eigen bevolking respecteert?
‘Van zowel de oorlog van 2020 als van de recente aanvallen is de les hetzelfde: de verleiding om geweld te gebruiken in plaats van diplomatie is groot. Dat komt door de afwezigheid van mechanismen ter afschrikking. En dat schept een gevaarlijk precedent,’ stelt Richard Giragosian van het Centrum voor Regionale Studies in Jerevan, de hoofdstad van Armenië.
Het risico van bevroren conflicten is dat ze er ogenschijnlijk niet meer zijn. Al die jaren van winterslaap zijn er niet genoeg doden gevallen om de voorpagina’s te halen. Het gevolg is dat onderhandelingen over een oplossing worden uitgesteld, totdat een van de partijen sterk genoeg is om haar eigen voorwaarden op te leggen.
De Armenen hebben donderdag een decreet ondertekend
Het etnisch Armeense bestuur in Nagorno-Karabach heeft donderdag aangekondigd dat het zichzelf zal opheffen en dat de niet-erkende republiek tegen het einde van het jaar zal ophouden te bestaan. Dat meldt The Guardian. Inmiddels is al een helft van de etnische Armenen in de enclave gevlucht.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Het decreet werd ondertekend door de separatistische president van de regio, Samvel Shakhramanyan. Volgens de voorwaarden in het decreet wordt het etnische Armeniërs uit de bergachtige regio toegestaan om naar Armenië te vertrekken. Op donderdagavond hadden meer dan 78.300 mensen – meer dan 65 procent van de 120.000 inwoners van Nagorno-Karabach – dat gedaan.
Zij laten huizen, familiegraven en andere bezittingen achter in een gebied dat dertig jaar als onafhankelijk werd gezien, ondanks dat de internationale gemeenschap het erkende als Azerbeidzjaans grondgebied. Azerbeidzjan had na hun bliksemoffensief vorige week geëist dat separatistische troepen zouden vertrekken, maar zei dat etnische Armenen wel konden blijven.
Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Nagorno-Karabach, waar duizenden etnische Armeniërs op de vlucht zijn geslagen uit angst voor een etnische zuivering door Azerbeidzjan. Hoe is dit conflict ontstaan?
Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.
Wat is er aan de hand in Nagorno-Karabach?
‘We wachten niet alleen op onze families; we wachten op heel Nagorno-Karabach,’ zei een Armeniër tegen persbureau AFP.Hij stond bij een controlepost vlak bij de enclave Nagorno-Karabach, waar 120.000 etnische Armeniërs wonen, onder andere enkele familieleden van hem. Inmiddels hebben ruim 14.000 van deze Armeniërs het gebied verlaten, uit angst voor een etnische zuivering door Azerbeidzjan.
Dit is het laatste hoofdstuk in een voortslepend en sluimerend conflict dat vorige week tot uitbarsting kwam, toen Azerbeidzjaanse troepen een offensief lanceerden op de enclave. Internationaal wordt het gebied erkend als Azerbeidzjaans grondgebied, historisch en cultureel gezien zijn er veel banden met Armenië vanwege de aanwezigheid van deze Karabach-Armenen.
Het offensief, door Azerbeidzjan een ‘militaire operatie’ genoemd, was gericht op separatistische leiders in het gebied, die streden voor de onafhankelijkheid van Nagorno-Karabach. Binnen 24 uur vielen er zeker tweehonderd doden, met name Armeense militairen. Een wapenstilstand volgde, en Azerbeidzjan eiste dat Armeense strijders in het gebied hun wapens inleverden. Intussen kwam er een vluchtelingenstroom op gang, ondanks Azerbeidzjaanse beloften om de rechten van Armeense burgers in het gebied te respecteren.
Financial Timessprak met enkele vluchtelingen, die zeiden ‘dat ze de voorkeur gaven aan ballingschap boven een leven onder de heerschappij van hun historische vijand’. Anderen zeiden dat ze niet zouden terugkeren uit angst voor hun leven. Nikol Pashinyan, de premier van Armenië, zei eerder dat de Armeniërs Nagorno-Karabach ontvluchtten om ‘hun leven en identiteit te redden’.
Pashinyan gaf volgens Politicoaan dat de Armeniërs in de enclave garanties voor hun veiligheid nodig hadden, nadat hij eerder deze week had opgeroepen tot een VN-veiligheidsmissie.
Luis Moreno Ocampo, de eerste hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof, verklaart in een opiniestuk in The Washington Postdat hij de angst van de Karabach-Armenen begrijpt. Moreno wijst erop dat Azerbeidzjan al sinds december 2022 de Laçin-corridor blokkeert, wat de enige verbinding is tussen Armenië en Nagorno-Karabach. Het Internationaal Gerechtshof kwam eerder dit jaar tot de uitspraak dat de blokkade de volksgezondheid van Armenen in gevaar bracht, en eiste dat deze werd opgeheven.
‘In plaats van te voldoen aan het bindende bevel van de rechtbank om de blokkade te beëindigen, gingen de veiligheidstroepen van Azerbeidzjan in juni nog verder en sloten de enclave volledig af, waardoor zelfs het vervoer van voedsel, medische voorraden en andere essentiële zaken onmogelijk werd’, schrijft Ocampo. ‘Sindsdien heeft Aliyev [de president van Azerbeidzjan] herhaaldelijke oproepen van de secretaris-generaal van de VN en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken genegeerd om te voldoen aan de uitspraak van de rechtbank.’ Volgens Ocampo komen de acties van Azerbeidzjan neer op genocide.
Waar komen de spanningen in Nagorno-Karabach vandaan?
Hoewel de oorlogen tussen Armenië en Azerbeidzjan om Nagorno-Karabach teruggaan naar het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, kent het daadwerkelijke conflict een veel langer verleden. Tegen het einde van de negentiende eeuw stortten de machtige Russische, Ottomaanse en Perzische rijk achter elkaar in, waardoor Armenië, gesteund door Rusland, en Azerbeidzjan, gesteund door Ottomaans Turkije, lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan in hun drang naar onafhankelijkheid.
Nagorno-Karabach was vanaf het begin een centrum van spanning, omdat het bergachtige gebied een gemengde gemeenschap van Armeniërs en Azeri’s herbergde en door beide naties werd gezien als een centraal onderdeel van hun nationale geschiedenis en identiteit. In de beginjaren van de Sovjet-Unie, onder leiding van Josef Stalin, werd Nagorno-Karabach een autonome regio met een meerderheid van etnische Armeniërs.
In de nadagen van de Sovjet-Unie verlangden de twee Sovjetrepublieken wederom onafhankelijkheid en werd Nagorno-Karabach, dat aansluiting zocht bij Armenië, opnieuw het epicentrum van het geweld. Tijdens een oorlog begin jaren negentig wist Armenië de controle over het gebied te veroveren. Niet alleen binnen de enclave werd gevochten: in Armenië werden Azeri’s het doelwit, en andersom werden Armenen vervolgd in Azerbeidzjan.
De BBCciteert redacteur Konul Khalilova, die zich nog goed herinnert hoe honderdduizenden etnische Azeri’s uit Armenië werden verdreven en vluchtten naar Azerbeidzjan. In 2020 kwam het opnieuw tot een treffen, en ditmaal veroverde Azerbeidzjan een groot deel van de enclave tijdens een 44 dagen durende oorlog. Nagorno-Karabach bleef echter onafhankelijk, mede door een vredesakkoord dat met de hulp van Rusland tot stand kwam.
De grote vraag is of het nu ook tot een directe oorlog tussen de twee landen kan komen. Volgens Benyamin Poghosyan, senior fellow voor buitenlands beleid aan het Applied Policy Research Institute of Armenia, is daar geen sprake van. Wel kan het conflict de regio verder destabiliseren, zegt hij tegenVox. Hij waarschuwt voor sluimerend nationalisme in Armenië, dat de komende jaren aan een sterker leger zal werken om mogelijk een nieuwe oorlog te beginnen om Nagorno-Karabach te veroveren.
Wat is de rol van de internationale gemeenschap?
Velen kijken naar Rusland, dat verschillende onderhandelingen tussen de twee landen leidde en vredessoldaten in Nagorno-Karabach had op het moment dat Azerbeidzjan zijn offensief lanceerde. De uitkomst is volgens internationale media symbolisch voor de rol die het land tegenwoordig speelt in wat de Russen cultureel en historisch gezien als hun invloedssfeer beschouwen.
‘Hoewel de enclave in theorie onder bescherming stond van Russische vredeshandhavers, bleken de garanties van Moskou uiteindelijk waardeloos’, schrijft Thomas de Waal, senior fellow bij Carnegie in Foreign Affairs.De banden tussen Rusland en Azerbeidzjan zijn daarmee hechter geworden, zegt de Waal.
Aliyev, de autocratische president van Azerbeidzjan, is ‘duidelijk van mening dat Turkije en Rusland, en niet de westerse landen, de enige machten zijn die hij serieus moet nemen’. The Guardianschrijft dat de historische alliantie tussen Turkije en Azerbeidzjan in 2020 nog een impuls kreeg, toen Turkije de Bayraktar TB2-drones leverde waarmee de oorlog werd gewonnen.
Maar volgens The New York Timesheeft Rusland met zijn rol tijdens het conflict één ding aangetoond: ‘Moskou, overbelast in Oekraïne, heeft niet langer de militaire of diplomatieke kracht’ om een doorslaggevende rol te spelen in de regio. Armenië, historisch gezien juist bondgenoot van Rusland, is onder premier Nikol Pashinyan meer naar het Westen gaan kijken.
‘Er is een geopolitieke verschuiving gaande in de zuidelijke Kaukasus’, schrijft Foreign Policy.‘Armenië twijfelt aan zijn langdurige partnerschap met Rusland en begint op niet zo subtiele manieren op te schuiven in de richting van het Westen, wat een pijnlijke tegenslag betekent voor het Kremlin in de strategische regio.’
Het land stuurde voor het eerst humanitaire hulp naar Oekraïne, die persoonlijk werd afgeleverd door de vrouw van Pashinyan, tijdens een bezoek aan Kyiv. ‘Vervolgens, om nog wat zout in de wonden van het Kremlin te strooien, kondigde Armenië een nieuwe gezamenlijke militaire oefening met de Verenigde Staten aan.’
Europa en de VS blijven de nadruk leggen op een diplomatieke oplossing. Azerbeidzjan is verworden tot een belangrijke strategische partner van de EU, vanwege de vele energiebronnen die het land heeft en door het wegvallen van Rusland als partner op gas- en oliegebied. Met name Frankrijk steunt Armenië, door de grote Armeense gemeenschap in het land.De grote vraag blijft: hoe nu verder met Nagorno-Karabach? Zaur Shiriyev, een analist van de International Crisis Group voor de zuidelijke Kaukasus, zegt tegen Al Jazeeradat lokale vertegenwoordigers van Armenië en Azerbeidzjan een dialoog moeten aangaan om de rol van de Azerbeidzjaanse autoriteiten in de regio te bespreken. ‘Discussies en afspraken over hoe de rechten van de lokale bevolking te behouden zijn cruciaal. Anders is een gedwongen integratie bij voorbaat gedoemd te mislukken.’
Er is angst voor een etnische zuivering in de enclave
Duizenden etnische Armeniërs in Nagorno-Karabach zijn maandag richting Armenië gevlucht, meldt de BBC, uit angst voor een etnische zuivering door Azerbeidzjan. Dat land lanceerde vorige week een aanval op de enclave om naar eigen zeggen separistische strijders in het gebied te verjagen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Journalisten maken melding van honderden auto’s die vanuit de hoofdstad Stepanakert richting Armenië rijden. Azerbeidzjan zegt te rechten van de Armeniërs te respecteren, maar volgens de Armeense regering zijn die beloften weinig waard. Het land heeft de Verenigde Naties gevraagd om toezicht te komen houden op de mensenrechtensituatie in het gebied.
In de afgelopen dertig jaar vochten Azerbeidzjan en Armenië meerdere oorlogen uit om Nagorno-Karabach. Tienduizenden mensen kwamen om het leven bij het oorlogsgeweld. Na de aanval van Azerbeidzjan vorige week werd een wapenstilstand afgesproken, en moesten Armeense troepen in het gebied hun wapens inleveren.
President Aliyev noemde het een ‘succesvolle antiterreuroperatie’
De president van Azerbeidzjan heeft de overwinning uitgeroepen na de aanval op enclave Nagorno-Karabach, die dinsdag begon. Dat meldt Politico. Ilham Aliyev zei in een toespraak op televisie dat de soevereiniteit van Azerbeidzjan is hersteld en dat er een ‘succesvolle antiterreuroperatie’ in de regio is gevoerd. Bij de operatie zouden zeker tweehonderd doden zijn gevallen.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
Volgens Aliyev hebben ‘separatistische troepen’ in Nagorno-Karabach zich ontwapend en het gebied verlaten. De president beloofde dat de regio een ‘paradijs’ zou worden. De etnisch-Armeense meerderheid, die overwegend christelijk is, mag hun eigen religie blijven uitoefenen en krijgt stemrecht in Azerbeidzjan, zo zei Aliyev.
Woensdag waren Armenië en Azerbeidzjan het na bemiddeling door Rusland al eens geworden over een wapenstilstand. Burgers in Armenië zijn woedend over de aanval en hebben dinsdag en woensdag gedemonstreerd bij de Armeense regering, die ze passiviteit in het conflict verwijten.
Inmiddels zijn er ruim 25 doden gevallen bij het conflict
Azerbeidzjaanse strijdkrachten hebben dinsdag de aanval ingezet op Nagorno-Karabach, waar de meerderheid etnisch-Armeens is. Dat meldt Al Jazeera. Het gebied wordt officieel erkend als onderdeel van Azerbeidzjan, maar er wonen veel Armeniërs die zich willen afscheiden.
360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.
De regering van Azerbeidzjan wil dat alle Armeense militairen het gebied verlaten. Ook het pro-Armeense regime, dat wil dat het gebied zich afscheidt van Azerbeidzjan, moet vertrekken. De aanvallende troepen zeggen steun te hebben van Rusland, dat met een vredesmacht aanwezig is in de regio. Onder meer de VS en de EU hebben opgeroepen tot een staakt-het-vuren.
Er zouden twee burgerdoden zijn gevallen bij het geweld. Langs de hele frontlinie zouden gevechten plaatsvinden. Armeniërs zouden een wapenstilstand hebben voorgesteld, maar dat zou zijn geweigerd door Azerbeidzjan. Gevreesd wordt voor een nieuwe oorlog in het gebied.
Volgens de Armeense Veiligheidsraad zijn in het conflict met Azerbeidzjan 207 Armenen omgekomen, waaronder 3 burgers, en zijn er bijna 300 gewonden gevallen. Aan Azerbeidzjaanse zijde is het dodental volgens Bakoe sinds het begin van de grensschermutselingen, die afgelopen dinsdag uitbraken, opgelopen tot 79 doden.
Dit is een ongekende escalatie sinds 2020, die een fragiel vredesproces tussen Armenië en Azerbeidzjan dreigt te torpederen. Fotografe Karen Minasian, die de afgelopen dagen getuige was van de botsingen, vertelde aan Radio Free Europe dat ‘veel Armeniërs voorspellen dat de vijandelijkheden waarschijnlijk zullen doorgaan’. ’Nu zoekt men elke hulp van buitenaf, inclusief wapens’, voegt Radio Free Europe daaraan toe.
Nancy Pelosi, de voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, heeft zondag tijdens een bezoek aan Jerevan de ‘illegale’ aanvallen van Azerbeidzjan veroordeeld. Haar bezoek aan de Armeense hoofdstad betekende een nieuw teken van toenadering tussen Washington en Jerevan, terwijl Moskou, de traditionele bemiddelaar in de regio, zijn handen ondertussen vol heeft aan Oekraïne.
Tijdens besprekingen met Turkije weigerde Armenië onlangs in te gaan op een Turks voorstel voor een landcorridor naar Azerbeidzjan via Armeens grondgebied, aldus Armen Grigoryan, secretaris van de Armeense Veiligheidsraad. ‘We hebben al vaker gezegd dat Armenië niet heeft gesproken en niet zal spreken over alles wat te maken heeft met een corridor’, aldus Grigoryan in een interview met Ahfval News.
Turkse en Armeense gezanten hielden in de Russische hoofdstad Moskou een eerste ronde van verkennende gesprekken. Dit was gericht op het normaliseren van diplomatieke betrekkingen die al bijna drie decennia bevroren zijn, onder meer vanwege de militaire impasse met Azerbeidzjan over de regio Nagorno-Karabach.
De familie van de Azerbeidzjaanse president Ilham Aliyev verrijkte zichzelf in het geheim door middel van een uitgebreid netwerk van offshorebedrijven, die in handen waren van een klein groepje vertrouwelingen, zo blijkt uit de Pandora Papers.
Onderzoeksplatform OCCRPdook in de Pandora Papers, die begin oktober van dit jaar werden geopenbaard, en ontdekte dat drie kinderen en twee naaste medewerkers van Ilham Aliyev, president van Azerbeidzjan, geheime offshorebedrijven gebruikten om luxueuze penthouses, commerciële kantoorruimte en zelfs een oude taverne in het hart van Londen te verwerven. De eigendommen werden beheerd door een onderling verbonden netwerk van vierentachtig offshorebedrijven.
‘Al eeuwenlang is Londen een van ’s werelds topbestemmingen om te winkelen, te dineren en te genieten van het goede leven. En de onroerendgoedhausse van de afgelopen decennia heeft het aanbod aan aantrekkelijke mogelijkheden alleen maar uitgebreid.
Woningbouwprojecten met namen als The Knightsbridge en Thornwood Gardens verrezen op een steenworp afstand van warenhuis Harrods en het wereldberoemde Hyde Park. Soms, als dergelijke projecten van eigenaar wisselden, haalden de tientallen miljoenen ponden die ermee gemoeid waren het nieuws.
Maar deze indrukwekkende gebouwen in de Britse hoofdstad hebben één ding gemeen, iets wat zelfs goed ingevoerde lokale vastgoedjournalisten niet weten: ze zijn of waren eigendom van mensen die uiterst dicht bij de dictatoriale president Ilham Aliyev van Azerbeidzjan stonden.’
Dat schrijven OCCRP-journalisten Miranda Patrucic, Ilya Lozovsky, Kelly Bloss, and Tom Stocks in een artikel waarin ze de geheime Britse vastgoedbelangen van de familie Aliyev ter waarde van miljoenen euro’s ontrafelen.
Verborgen vastgoed
De twee dochters van Aliyev, zijn zoon, zijn schoonvader en twee naaste zakenpartners van de familie bezaten op het hoogtepunt onroerend goed in Londen met een waarde van maar liefst 429 miljoen Britse pond, ruim een half miljard euro. Daaronder bevonden zich prominente historische gebouwen, commercieel vastgoed en luxeappartementen in prestigieuze buurten. Het eigendom van dit vastgoedimperium bleef jarenlang systematisch verborgen achter offshorebedrijven met generieke namen als Sheldrake Six en Fliptag Investments.
Maar dankzij de Pandora Papers, het lek van offshoredocumenten die in handen kwamen van het International Consortium of Investigative Journalists (ICIJ) en dat werd gedeeld met OCCRP en andere media, hebben verslaggevers de sluier van geheimhouding die deze bedrijven omringt, kunnen doorbreken.
In totaal ontdekte OCCRP op de Britse Maagdeneilanden vierentachtig geregistreerde, voorheen onbekende offshorebedrijven die sinds 2006 eigendom zijn van de familie Aliyev en hun medewerkers.
De bedrijven lijken te werken als een hecht systeem: keer op keer blijkt uit de gelekte gegevens dat ze op dezelfde dag documenten indienen of van directeur veranderen. Binnen dezelfde kleine groep mensen wisselden eigenaars en bestuurders regelmatig van functie.
Zijn zoon Heydar nam zijn eerste offshorebedrijf over toen hij nog op de lagere school zat
Een aantal van de bedrijven werd opgericht tijdens de eerste termijn van Ilham Aliyevs presidentschap, dat in 2003 begon. Hij is nu ver in zijn vierde termijn, als hoofd van een steeds autocratischer regime dat leunt op het gevangenzetten van journalisten, advocaten en activisten, frauduleuze verkiezingen en massale corruptie.
Zijn zoon Heydar nam zijn eerste offshorebedrijf over toen hij nog op de lagere school zat. Zijn dochter Arzu, die psychologie studeerde in Londen, was net negentien geworden toen ze er zelf een kocht.
Behalve wat vage omschrijvingen als ‘een rekening openen’ of ‘handel drijven in Azerbeidzjan en Europa’, is het onduidelijk wat deze bedrijven doen, maar één ding is wel duidelijk: ze bezitten enorme hoeveelheden eigendom in de Britse hoofdstad en daarbuiten.
Verslaggevers ontdekten dat ten minste acht van die bedrijven miljoenen dollars in contanten ontvingen van enorme witwas- en overdrachtssystemen die al eerder door OCCRP waren ontdekt, waaronder de Azerbeidzjaanse, Russische en Trojka-witwaspraktijken. De oorsprong van het ontvangen geld is onbekend; van deze systemen is bekend dat ze zowel legitieme als onwettige fondsen hebben verwerkt.
Terwijl sommige van deze offshorebedrijven de afgelopen jaren zijn gesloten en sommige van hun eigendommen zijn verkocht, droegen de Aliyevs in 2017 bijna 150 miljoen euro aan onroerend goed over aan een geheime trust die werd opgezet en gecontroleerd door de schoonvader van de president.
Schaamteloos
De heerschappij van de familie Aliyev over Azerbeidzjan begon met Ilhams vader Heydar Aliyev, een doorgewinterde Sovjetfunctionaris die de controle over het land overnam twee jaar nadat het in 1991 onafhankelijk werd.
De oudere Aliyev was een autoritaire leider en onder zijn toezicht begon Azerbeidzjan zich te ontwikkelen tot een corrupte oliestaat. Maar zijn regime was anders dan dat van zijn zoon.
‘Heydar Aliyev handhaafde een zeer strikte controle op corruptie’, aldus Richard Kauzlarich, de Amerikaanse ambassadeur in Azerbeidzjan tussen 1994 en 1997. ‘Hij was zeker niet zo schaamteloos als Ilham, zijn vrouw Mehriban en hun families tegenwoordig zijn. Ik bedoel, die doen het eigenlijk allemaal voor zichzelf.’
De verandering begon nadat Ilham in 2003 het presidentschap bekleedde. Binnen een paar jaar was zijn jongste dochter Arzu, slechts negentien jaar oud, al aandeelhouder van Strahan Holding and Finance, een offshorebedrijf met een Zwitserse bankrekening dat drie appartementen verwierf ter waarde van 6 miljoen euro in de Londense wijk Knightsbridge.
De dochter van een president had onmiddellijk extra waakzaamheid en aandacht moeten wekken bij Trident Trust, de offshore dienstverlener die het bedrijf voor haar opzette. Maar het was pas drie jaar later, in 2009, dat Trident Trust een in Londen gevestigd due diligence-bureau de opdracht lijkt te hebben gegeven om haar antecedenten te onderzoeken. Een rapport van het bedrijf dat in de gelekte gegevens opduikt, verklaart waarom geld dat met de jonge vrouw is verbonden, als potentieel verdacht moet worden beschouwd.
Trident Trust had al minstens zestien offshorefirma’s voor Arzu Aliyeva opgericht
In het rapport staat verder dat ‘als een klant een relatie met Arzu Aliyeva wil aangaan, elke transactie waarbij zij betrokken is, moet worden onderworpen aan uitgebreid en grondig onderzoek en verificatie’.
Maar op dat moment was zo’n relatie al lang gevestigd: Trident Trust had al minstens zestien offshorefirma’s voor Arzu Aliyeva opgericht. Naast de drie appartementen in het Londense Knightsbridge hadden deze firma’s een penthouse in hetzelfde gebouw en groot commercieel vastgoed in Roemenië verworven.
In hetzelfde jaar nam Trident Trust ook Arzu’s oudere zus Leyla en haar elfjarige broer Heydar aan als klant: Leyla werd eigenaar van een door Trident bestuurd bedrijf met een groot kantoorgebouw in de buurt van het wereldberoemde Regent Street in Londen, terwijl de jonge Heydar de ‘verhuurder’ werd van een restaurant met een Michelinster, een kunstgalerie en het hoofdkantoor van Condé Nast.
In een reactie op vragen van verslaggevers schreef een vertegenwoordiger van Trident Trust dat ‘alle trust- en zakelijke dienstverleningsbedrijven van Trident opgezet zijn volgens de regels die gelden in het rechtsgebied waar ze actief zijn en zich volledig committeren aan naleving van alle geldende regels. Trident werkt samen met elke bevoegde autoriteit die om informatie vraagt.’ Maar, voegde de dienstverlener eraan toe, ‘Trident bespreekt zijn klanten niet met de media’.
Carrières in de kunst en de media
In 2010 onthulden OCCRP en andere media al de rijkdom van de kinderen van Aliyev. Deze verhalen over offshore-imperiums, mijn- en telecommunicatiebedrijven stonden in schril contrast met hun ogenschijnlijke carrières in de kunst en de media.
Arzu studeerde psychologie in Londen en maakte verschillende documentaires. Ze is nu voorzitter van een mediaproductiebedrijf in Bakoe, verder is er weinig bekend is over haar leven.
Haar oudere zus Leyla trouwde met een Russische popzanger en woonde enkele jaren in Moskou, waar ze een glossy cultuurtijdschrift oprichtte. Ze was ook nog filmproducent, werkzaam in de kunstwereld, diende als vicepresident van een liefdadigheidsinstelling en schreef zelfs een ode aan haar overleden grootvader die terechtkwam in een leerboek voor basisschoolkinderen.
Het minst is bekend over Heydar, de waarschijnlijke opvolger van zijn vader. Hij studeerde in 2018 af aan de Azerbeidzjaanse Diplomatieke Academie, die wordt geleid door de oom van zijn moeder.
Sleutelfiguren
Gezien de jonge leeftijd van de kinderen van Aliyev en hun gebrek aan aantoonbare zakelijke ervaring, en gezien het officiële inkomen van hun vader, rijst natuurlijk de vraag waar hun enorme sommen geld vandaan komen. Voordat Ilham Aliyev president werd, was hij vicepresident van SOCAR, de staatsoliemaatschappij van Azerbeidzjan. Zijn huidige verdiensten als president zijn niet bekend, maar zijn laatst gepubliceerde officiële salaris, in 2015, was ongeveer 200.000 euro per jaar.
Noch Aliyev, noch zijn vrouw, Mehriban, hebben ooit inzage in hun vermogen gegeven en de Azerbeidzjaanse wet vereist niet dat ze dit doen, ook al verstrekten enkele andere presidentskandidaten dergelijke informatie wel vrijwillig.
Op zoek naar verklaringen voor hun rijkdom hebben journalisten jarenlang onderzoek gedaan naar de connecties tussen de familie Aliyev en de oligarchen die rijk zijn geworden in Azerbeidzjan onder het bewind van Ilham.
Twee sleutelfiguren, beide voormalig functionarissen van het ministerie van Belastingen, kwamen daarin naar voren: Fazil Mammadov en Ashraf Kamilov. Zij zijn verbonden met de presidentiële familie van Azerbeidzjan via een zakenconglomeraat genaamd AtaHolding, dat een waarde heeft van honderden miljoenen dollars en dat onder meer belangen in bank-, bouw- en verzekeringswezen heeft.
Mammadov nodigde de familie Aliyev uit om deel te nemen in het bedrijf, waardoor de basis werd gelegd voor een innig zakelijk en politiek partnerschap
Als onderdeel van onderzoek van de Panama Papers liet OCCRP zien dat het bedrijf, dat Mammadov startte en dat Kamilov zou gaan leiden, werd opgericht maanden vóór de verkiezingen die de heerschappij van Aliyev zouden bestendigen. Ook werd aangetoond hoe Mammadov de familie Aliyev uitnodigde om deel te nemen in het bedrijf, waardoor de basis werd gelegd voor een innig zakelijk en politiek partnerschap.
Dus hoewel de exacte bronnen van het fortuin van de familie Aliyev onbekend zijn, is het duidelijk dat hun financiële succes verweven is met dat van AtaHolding en zijn scheppers. De Pandora Papers laten zien dat Kamilov nauwer verweven is met het offshore-imperium van de familie Aliyev dan iemand ooit heeft beseft.
Hij komt voor in vijfendertig van de vierentachtig offshorebedrijven die worden onderzocht, waaronder tien waarin hij en leden van de familie beide als aandeelhouders opduiken. In drie gevallen was het Kamilov die een bedrijf op de Britse Maagdeneilanden verwierf, waardevol onroerend goed vergaarde en dat vervolgens overdroeg aan de familie Aliyev.
Een andere belangrijke figuur in deze structuren is Gafar Gurbanov, een voormalig ambtenaar van het ministerie van belastingen die ook als voorzitter van AtaHolding heeft gediend. Hij was directeur van de meeste van de vierentachtig met elkaar verweven offshorebedrijven.
Veel van de activiteiten van de bedrijven zijn onbekend, maar uit documenten van hun beheerder, Trident Trust, blijkt dat sommigen zijn opgericht voor het bezit van bankrekeningen in Zwitserland en Tsjechië. Anderen worden aangemerkt als investeringsvehikels of handelsondernemingen. Enkele bezaten werkende bedrijven in Azerbeidzjan.
Bekend is is dat sommigen van hen waardevolle activa bezaten: in totaal tientallen vastgoedprojecten, bijna uitsluitend in Londen, met op hun hoogtepunt een waarde van 510 miljoen euro. De meeste ervan werden contant betaald.
Een van de meest opmerkelijke gevallen betreft zoon Heydar, die vier gebouwen in Maddox Street in Mayfair bezat toen hij nog maar elf jaar oud was.
Het duurste vastgoed van een lid van de familie Aliyev was een commercieel vastgoedproject aan Conduit Street, dat door Kamilov werd verworven voor 42,2 miljoen euro en dat enkele weken later werd overgedragen aan Arzu Aliyeva, die toen tweeëntwintig jaar oud was.
Een kwart miljard euro
En dan is er natuurlijk nog het vastgoedproject Holborn Links, met een waarde van bijna een kwart miljard euro, dat zich over verschillende blokken in het hart van Londen uitstrekt. Het omvat een historische pub genaamd Bloomsbury Tavern op een steenworp afstand van het British Museum. Voordat het in 2016 werd verkocht, was de ontwikkeling in handen van een bedrijf dat eigendom was van Kamilov.
In de meeste gevallen bevatten de uitgelekte documenten van Pandora Papers geen informatie over hoe geld het offshore-imperium van de Aliyevs en hun medewerkers binnenkwam.
Maar in 2013 ontving het bedrijf dat later Holborn Links kocht, Perez International, meer dan 1,2 miljoen dollar van Westburn Enterprises, een van de drie belangrijkste lege vennootschappen in het hart van het Russische witwas- en transfersysteem van 20 miljard dollar. Drie andere Kamilov-bedrijven ontvingen ook geld van Westburn, zo’n 16,6 miljoen dollar aan Russische witwasoperaties. En zo zijn er nog een aantal witwasoperaties die in de miljoenen lopen.
2015 markeert het begin van een financiële crisis voor Azerbeidzjan, met dalende olieprijzen en massale devaluatie van de munt
Na jaren van gestage vermogensopbouw lijkt het erop dat de zaken rond 2015 een hoogtepunt hebben bereikt. Dat jaar markeert het begin van een financiële crisis voor Azerbeidzjan, met dalende olieprijzen en massale devaluatie van de munt. Gewone Azeri’s leden er het meest onder, maar zelfs de elite van het land begon te vechten om een steeds kleiner wordende taart. AtaBank, een belangrijk onderdeel van AtaHolding, ging enkele jaren later failliet.
Het offshore-imperium van de Aliyevs en hun medewerkers lijkt ook getroffen te zijn. Veel van hun bedrijven raken in onbruik want ze zijn blijkbaar niet meer nodig. Drie van hun commerciële investeringen, waaronder het enorme vastgoedproject Holborn Links, worden verkocht.
Maar ze verkochten niet alles, verre van dat. Kamilov en Gurbanov behielden een aanzienlijk deel van hun bezit. En de Aliyevs droegen 191 miljoen dollar aan eigendommen over, waaronder het luxeappartement in Knightsbridge waar de Aliyevs dochters lijken te wonen, naar een geheime familietrust die werd beheerd vanuit het eiland Man.
Blijkbaar om het spoor te verhullen, werden de bedrijven die deze eigendommen bezaten eerst overgenomen door de bejaarde schoonvader van Ilham Aliyev, Arif Pashayev, nu zevenentachtig. Hij bracht ze vervolgens over naar een ander bedrijf, dat als enige doel had ze te verwerven en ze vervolgens onder te brengen in de trust.
Door deze manoeuvres leek het alsof de eigendommen waren overgedragen. Als niet dat ene document door journalisten was aangetroffen in de Pandora Papers, waren de eigendommen uit het zicht van het publiek verdwenen in de trust, die wordt beschermd door de strikte wetten rond bedrijfsgeheim van het eiland Man. Maar Pashayev diende een aangifteformulier in bij Trident Trust toen hij de eigendommen verplaatste, waarbij hij de waarde van de activa van de trust schatte op een slordige 120 miljoen euro en aangaf dat hij de bron van het geld was. Dat is waar het spoor van de eigendommen doodloopt.
In een van de laatste documenten in de Pandora Papers waarvan bekend is dat ze betrekking hebben op de familie Aliyev en hun medewerkers, vraagt Trident Trust om meer informatie over Arzu Aliyeva van haar zaakvoerders:
‘Tijdens onze gebruikelijke, doorlopende screening, werd de uiteindelijk gerechtigde van bovengenoemde bedrijven aangegeven als Politiek Prominent Persoon’, aldus een e-mail van november 2018. ‘Het betreft de dochter van de president van de nationale regering van Azerbeidzjan. We hebben de volgende documenten nodig om te voldoen aan onze vereiste voor verscherpte due diligence: bankreferentie, professionele referentie, cv.’
De zaakvoerders van Aliyeva antwoordden dezelfde dag en voegen een oude referentie van Aliyeva’s bank in Azerbeidzjan bij. ‘Mevrouw Arzu Aliyeva staat al meer dan tien jaar goed bekend bij ons’, staat in het antwoord. ‘We beschouwen bovengenoemd persoon als betrouwbaar en zijn ervan overtuigd dat ze geen enkele verplichting zal aangaan die ze niet zal kunnen nakomen.’
Halverwege juni stonden zo’n vijftig vrouwen aan de start voor de Ronde van Bamiyan, ondanks dat er een zwaar taboe rust op het vrouwenfietsen in Afghanistan, schrijft Al Araby. Officieel werd in 1986 een Afghaans wielerteam voor vrouwen opgericht, maar het werd eigenlijk pas een sport in het post-talibantijdperk. De Amerikaanse Shannon Gilpin speelde daarbij een belangrijke rol.
In 2009 was ze de eerste vrouw die mountainbikend door Afghanistan trok. Ze ontdekte dat een kleine groep vrouwen een eigen nationale wielerploeg had gevormd, met een slechte uitrusting maar met groot enthousiasme. Veel van die vrouwen hadden als vluchteling leren fietsen in Iran en Pakistan. Gilpins liefdadigheidsinstelling Mountain2Mountain zorgde voor beter materieel en betaalde het team om deel te kunnen nemen aan internationale toernooien.
Door de opkomst van de taliban is het de vraag of het Afghaanse vrouwenfietsen nog toekomst heeft
Nu de taliban sinds het vertrek van de Amerikanen claimen dat ze 85 procent van het land in handen hebben en berichten over strenge beperkingen voor vrouwen weer aanzwellen, is het de vraag of het Afghaanse vrouwenfietsen nog toekomst heeft.
Vaccinatieplicht in Azerbeidzjan
Inwoners van Azerbeidzjan zullen binnenkort een vaccinatiebewijs moeten kunnen overleggen om de meeste openbare gebouwen te mogen betreden, bericht Eurasianet. Deze maatregel werd eind juli aangekondigd en komt feitelijk neer op een nationale vaccinatieplicht. Vanaf 1 september moeten mensen vanaf achttien jaar een vaccinatiebewijs in een ‘covidpaspoort’ kunnen tonen om onder meer restaurants, cafés, winkelcentra en hotels te mogen betreden. In onderwijsinstellingen moeten leerlingen en studenten vanaf achttien kunnen bewijzen dat ze zijn ingeënt.
Tot nu toe is 26 procent van de Azerbeidzjanen minstens één keer gevaccineerd. 80 procent van de werknemers van overheidsinstanties, medische en farmaceutische bedrijven en wetenschappelijke en onderwijs-instellingen zal vanaf 1 september een eerste inenting moeten hebben en een tweede in oktober. De vaccinatieplicht leidt nu al tot een zwarte markt in valse covidpaspoorten.
Edelstenen, hoe groter hoe beter
Een troon van amethist met een gewicht van één ton à 45.000 dollar: Crystalarium, een edelstenenwinkel in West-Hollywood, verkocht er recentelijk vier stuks van. Kristallen en mineralen zijn enorm populair geworden bij de meer vermogenden der aarde en het motto is: hoe groter hoe beter, zo signaleert The Los Angeles Times.
De wereldwijde markt van (half)edelstenen wordt nu geschat op ruim 1 miljard dollar. Zangeres Adele houdt ze vast tijdens optredens om plankenkoorts te overwinnen en model Naomi Campbell reist er mee. Er is zelfs een Kim Kardashian-lijn van parfums met kristalthema in kristalvormige flessen. Het fenomeen werd verder aangejaagd door de pandemie: veel rijken zagen minder mogelijkheden voor opzichtige uitgaven en kozen ervoor om hun huizen te bezielen met de ‘genezende’ energie van stenen.
Groenland legt olie-exploratie aan banden
Naalakkersuisut, zoals de regering van Groenland wordt genoemd, stopt met nieuwe olie- en gasexploraties. In een verklaring die half juli werd uitgegeven, noemt de regering de ‘prijs voor oliewinning te hoog’, verwijzend naar zowel economische overwegingen als de strijd tegen klimaatverandering, schrijft CBS News. Het besluit is genomen ‘in het belang van onze natuur, van onze visserij, van onze toeristenindustrie en om de aandacht te richten op duurzamere mogelijkheden’. Aangenomen wordt dat Groenland over enorme hoeveelheden onontgonnen olievoorraden beschikt. Volgens onderzoek is het equivalent van miljarden vaten olie te vinden langs de westkust. Ook wordt gesproken van grote afzettingen onder de zeebodem aan de oostkust, aldus CBS.
‘We willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’
Met het huidige besluit is exploratie overigens nog niet volledig van de baan, want twee kleine bedrijven beschikken nog over vier eerder gegunde exploratievergunningen, die Groenland zal moeten respecteren. Maar volgens Kalistat Lund, de Groenlandse minister van Landbouw, Zelfvoorziening, Energie en Milieu, neemt de regering klimaatverandering serieus. ‘In ons land zien we elke dag de gevolgen ervan en we willen bijdragen aan wereldwijde oplossingen om klimaatverandering tegen te gaan’, zei Lund. ‘Naalakkersuisut werkt aan het aantrekken van nieuwe investeringen voor het grote potentieel aan waterkracht dat we niet zelf kunnen exploiteren. Het besluit om te stoppen met nieuwe exploraties naar olie draagt ertoe bij dat Groenland wordt gezien als een land waar duurzame investeringen serieus worden genomen.’
Het kabinet werkt ook aan een conceptwetsvoorstel dat vooronderzoek, opsporing en winning van uranium verbiedt, schrijft CBS. De winning van uranium, dat voornamelijk wordt gebruikt voor de opwekking van kernenergie, gaat gepaard met de productie van radioactief afval. ‘Groenland leeft al eeuwenlang van aanwezige natuurlijke hulpbronnen en het verbod op uraniumwinning rust op de diepe overtuiging dat de economie rekening moet houden met de natuur en het milieu’, aldus Naalakkersuisut.
Migranten brengen het Spaanse platteland tot leven
Dankzij een programma dat ontvolkte plattelandsgebieden in Spanje probeert nieuw leven in te blazen, leidt een gevlucht Colombiaans gezin met twee kinderen nu een rustig leven in een dorpje in de Noord-Spaanse provincie León. Het gezin verruilde de Colombiaanse stad Cali, met een bevolking van drie miljoen, voor het dorp Brañuelas, dat tweehonderd inwoners telt.
Het project Nuevo Comienzo beoogt migranten naar leeglopende gebieden te trekken
Ze arriveerden in december 2019 in Spanje en vroegen asiel aan om te voorkomen dat ze terug moesten naar Colombia, waar de FARC hun land opeiste. Aanvankelijk liepen ze tegen een bureaucratische muur op, schrijft El País. Totdat ze hoorden van Nuevo Comienzo (‘Nieuw Begin’), een project van de provinciale overheid en verschillende instanties, dat beoogt migranten naar leeglopende gebieden te trekken. Als de Colombianen naar het afgelegen dorp verhuisden, zouden ze werk krijgen, hulp bij huisvesting en zouden hun kinderen worden toegelaten tot het Spaanse schoolsysteem. In ruil daarvoor zou Brañuelas nieuwe inwoners krijgen en genoeg leerlingen om een nieuwe schoolklas te kunnen samenstellen.
Burgemeester Carolina López van de sociaal-democratische PSOE hoopt dat de aanwas leidt tot beter vervoer en betere telefoon- en internetverbindingen. Astorga, de dichtstbijzijnde grote gemeente waar wordt gevaccineerd en waar medische zorg is, is slecht bereikbaar vanuit Brañuelas. Met de auto is het veertig minuten rijden, maar met het openbaar vervoer duurt het vanwege belabberde busverbindingen een hele dag.
Andere leeglopende regio’s in Spanje beginnen nu ook met soortgelijke programma’s.
Marble Arch Mound
Het is het zoveelste project van Nederlandse makelij dat niet geapprecieerd wordt in het buitenland. Parijs haalde de Domestikator van Joep van Lieshout weg en nu is er van alles aan te merken op de installatie van Het Rotterdamse architectenbureau MVRDV in het Londense Hyde Park. Zo veel dat de ‘heuvel’ Marble Arch Hill, ontworpen in opdracht van de Londense deelgemeente Westminster om het winkelend publiek weer terug Oxford Street in te krijgen, tijdelijk gesloten werd om kinderziekten te genezen.
Volgens MVRDV past de kunstmatige heuvel, door de vileine Britse pers nu al met een drol vergeleken, in de Engelse traditie van de folly, de aristocratische gewoonte om even malle als nutteloze bouwwerken neer te zetten.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.