Tag: Boeren

  • Kunstmatige intelligentie moet boeren redden van ‘superonkruid’

    Kunstmatige intelligentie moet boeren redden van ‘superonkruid’

    Boeren kunnen geen chemicaliën meer vinden om resistente onkruiden te bestrijden die hun gewassen bedreigen. Met innovatieve technologie moeten sneller nieuwe opties worden gevonden.

    Boeren verliezen terrein in hun decennialange strijd tegen ongewenste wilde planten die resistent zijn geworden tegen veel chemische sproeimiddelen. Volgens de grootste producenten van deze middelen ter wereld, waaronder Bayer, Corteva, BASF en Syngenta, is het dringend tijd om nieuwe chemicaliën te ontwikkelen die de opmars van onkruid en andere plagen, zoals schimmels en insecten, kunnen stuiten.

    Sommige onkruidsoorten zijn inmiddels resistent tegen een vijftal verschillende chemicaliën, zegt Bob Reuter, hoofd onderzoek en ontwikkeling bij de landbouwpoot van Bayer. Boeren combineren allerlei middelen om de krachtigste bestrijdingsformule te vinden en pesticideproducenten willen meer vaart zetten achter de ontwikkeling van nieuwe onkruidverdelgers, waarmee jaren gemoeid kunnen zijn. ‘We beginnen een beetje wanhopig te worden,’ zegt Reiter. ‘We beseffen dat onze mogelijkheden zo langzamerhand uitgeput raken.’

    Volgens Bayer en concurrenten als Corteva en Syngenta kunnen nieuwe AI-systemen helpen om nieuwe chemicaliën versneld op de markt te brengen, wat tot dusver een langdurig, gecompliceerd en kostbaar proces is. Ze richten zich niet alleen op de ontwikkeling van nieuwe herbiciden, maar ook van nieuwe fungiciden en insecticiden. Syngenta schat dat AI de gemiddelde periode tussen ontdekking en commercialisering van een verdelgingsmiddel met een derde zal bekorten – van vijftien jaar tot tien jaar – en dat het aantal laboratorium- en veldtesten waarschijnlijk met dertig procent zal verminderen.

    Hoe het werkt

    Bayer gebruikt een AI-systeem, intern ‘CropKey’ gedoopt, dat sneller dan mensen databestanden kan doorzoeken op een chemisch molecuul dat in staat is de proteïnestructuur van een onkruid af te breken. Door CropKey geselecteerde moleculen kunnen bij veldtests voor beter resultaten zorgen dan moleculen die bij conventioneel onderzoek boven komen drijven, zegt Reiter. Het zet het bedrijf op voorsprong – zoals kaarten tellen tijdens een spelletje blackjack – en is vergelijkbaar met de manier waarop farmaceutische bedrijven AI inzetten om sneller moleculen te vinden die een bepaalde ziekte attaqueren.

    Volgens de bedrijfstak is een bijkomend voordeel van met AI geselecteerde moleculen dat ze gedurende het selectieproces op toxiciteit voor mensen kunnen worden gescreend – van doorslaggevend belang voor pesticiden die op gewassen voor menselijke consumptie worden gespoten – evenals op milieuveiligheid en kosten.

    Het systeem heeft Bayer geholpen om een nieuwe onkruidverdelger te ontwikkelen, Icafolin genaamd, die in 2028 in Brazilië zal worden gelanceerd. Het zal het eerste nieuwe herbicide zijn in meer dan dertig jaar, aldus het bedrijf. Ook doet het bedrijf inmiddels drie keer zoveel onderzoek naar nieuwe manieren om onkruid te verdelgen dan tien jaar geleden.

    ‘Het is niet te geloven hoe snel het onkruid zich aanpast,’

    Monsanto, dat inmiddels eigendom is van Bayer, heeft in de jaren negentig van de vorige eeuw een revolutie in de onkruidverdelging ontketend met de verkoop van genetisch gemodificeerde sojaboonzaden die bestand waren tegen glyfosaat, een herbicide dat onkruid doodt door de interne proteïneproductie ervan te stoppen. Het gebruik van glyfosaatsprays, zoals Roundup van Monsanto, steeg tot ongekende hoogte.

    Maar toen ontwikkelden zich superonkruidsoorten waartegen glyfosaat minder effectief was zodat boeren hun toevlucht moesten nemen tot andere herbiciden, of tot planten die bestand waren tegen meerdere soorten chemicaliën. Daarbij komt dat Bayer miljarden dollars aan schadevergoedingen heeft moeten betalen omdat Roundup kanker zou veroorzaken, iets wat het bedrijf ten stelligste ontkent.

    Sean Elliot, de zesde generatie uit een familie van mais- en sojabonenboeren in Iriquois County, Illinois, ontdekte aan het begin van deze eeuw voor het eerst invasieve waterhennepplanten op zijn land. Die kon Roundup van Monsanto destijds nog moeiteloos de baas. Maar twee decennia later is glyfosaat niet langer tegen het onkruid opgewassen en vreest Elliott dat waterhennep ook resistent begint te raken tegen een ander chemisch middel dat hij gebruikt, 2,4-D. Hij combineert 2,4-D nu met een derde chemisch middel, glufosinaat, om de waterhennep in bedwang te houden. Dat zal over een paar jaar misschien niet meer genoeg zijn.

    ‘Het is niet te geloven hoe snel het onkruid zich aanpast,’ zegt Elliott. ‘Het is zo invasief dat als we niets nieuws bedenken om het binnen de perken te houden, we het risico lopen op grote oogstverliezen.’

    Verergeren

    De ontwikkeling van nieuwe pesticiden kan ingewikkelder zijn dan die van nieuwe geneesmiddelen, zegt Bill Anderson, bestuursvoorzitter van de Duitse farmacie- en pesticidegigant Bayer. Bedrijven richten zich voornamelijk op het verbeteren van de belangrijkste chemicaliën die al op de markt zijn en het is tientallen jaren geleden dat er voor het laatst een nieuw herbicide is geïntroduceerd. ‘Je moet in staat zijn om een bepaalde plantensoort te doden zonder dat dat ten koste gaat van andere plantensoorten, en ook van vissen, insecten en vogels,’ zegt Anderson. ‘De kans dat je dat lukt zonder hulp van computers is uiterst gering.’

    Jay Feldman, directeur van Beyond Pesticides, een in Washington D.C. gevestigde non-profitorganisatie die pleit voor vermindering van het gebruik van landbouwchemicaliën, waarschuwt dat het sproeien van nieuwe chemicaliën op onkruid dat snel resistent raakt tegen tal van herbiciden de situatie alleen maar verergert en leidt tot het ontstaan van nog krachtigere superonkruidsoorten. Door de huidige aanpak van de landbouwbedrijven verliezen oudere herbiciden hun effectiviteit tenzij ze worden gecombineerd met nieuwe chemicaliën, zegt hij, zodat boeren uitsluitend aangewezen zijn op de nieuwe zaden en chemische producten die een bedrijf aanbiedt. ‘Daarmee is er een pesticidetredmollen ontstaan,’ zegt Feldman.

    Nog maar vijf jaar geleden kon een bedrijf een jaar doen over het screenen van honderdduizenden chemische verbindingen. Potentiële verbindingen werden door middel van arbeidsintensieve processen getest in laboratoria en kassen om te zien wat hun interactie was met andere planten, dieren, mensen en het milieu, en of ze effectief waren tegen de beoogde plaag, zegt Shaun Selness, hoofd van de afdeling nieuwe landbouwtechnologieën van Bayer. ‘Je kon een jaar of drie bezig zijn met veldstudies om een middel op te schalen, en uiteindelijk tot de conclusie te komen dat het toch niet werkte,’ zegt Selness. ‘Dat gebeurde heel regelmatig.’

    ‘Het is een must’

    Het analyseren en screenen van chemische moleculen met behulp van AI kan het proces helpen bekorten tot zo’n twee à drie maanden en eerder in het ontwikkelingsproces toxiciteitsproblemen voorspellen, zegt hij.

    Syngenta, de grootste pesticideproducent in de VS, zegt voor een zelfde benadering te kiezen bij de ontwikkeling van nieuwe herbiciden en insecticiden en bij al zijn onderzoeksprojecten AI-modellen te gebruiken om nieuwe actieve ingrediënten te vinden.

    De technologie helpt het bedrijf niet alleen om de milieueffecten van nieuw producten beter te evalueren, maar ook om te zien of ze goedkoper kunnen worden geproduceerd, zegt Camilla Corsi, hoofd van de afdeling gewasbeschermingsonderzoek van Syngenta. ‘Het helpt ons om alle uitdagingen onder de loep te nemen waarmee onze bedrijfstak bij chemische innovatie wordt geconfronteerd.’ 

    Sean Elliott, de boer uit Illinois, zal iedere nieuwe technologie die hem de komende jaren kan helpen zijn oogst te redden met open armen ontvangen. ‘Het is een must,’ zegt hij.

  • Gewelddadige boerenprotesten in het centrum van Brussel

    Gewelddadige boerenprotesten in het centrum van Brussel

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Directeur FSB wijst naar VS, VK en Oekraïne als verantwoordelijken aanslag

    » Oppositie Venezuela kan gewenste kandidaat niet inschrijven voor verkiezingen

    Landbouwministers van de EU kwamen dinsdag bijeen in Brussel

    Boerenprotesten in Brussel zijn dinsdag uit de hand gelopen. Dat schrijft Politico. De protesten werden gehouden omdat de EU-ministers van Landbouw een beladen top hielden over het landbouwbeleid van de EU. Honderden tractoren sloten straten in de buurt van het hoofdkantoor van de EU af om te protesteren tegen wat zij zien als buitensporige bureaucratie en oneerlijke handel.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De boeren gooiden bieten, sproeiden mest naar de politie en staken hooi in brand, onder meer uit protest tegen Europese milieumaatregelen en goedkope import uit Oekraïne. Eén persoon werd gearresteerd voor het gooien van molotovcocktails naar veiligheidspersoneel. Twee politieagenten raakten gewond en moesten naar het ziekenhuis worden gebracht.

    De politie vuurde traangas af om zo’n 250 tractoren op afstand te houden. ‘Het geweld, de brandstichting en de vernielingen tijdens de protesten zijn onaanvaardbaar’, zei minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden, die erop aandrong dat de schuldigen vervolgd zouden worden.

    De boeren hebben al concessies gekregen van de EU en nationale overheden, maar een belangrijk plan om de natuur in het 27-landenblok beter te beschermen werd maandag voor onbepaalde tijd uitgesteld, mogelijk als reactie op de boerenprotesten.

  • Ook in Spanje boerenprotesten: tractors rijden door Madrid

    Ook in Spanje boerenprotesten: tractors rijden door Madrid

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » ‘Zeker zestig doden bij Oekraïense luchtaanval op Russische troepen’

    » Onderzoek naar dood Chileense dichter Pablo Neruda heropend

    Volgens de boeren is er te weinig steun van de regering

    Honderden tractoren hebben woensdag het verkeer in Madrid geblokkeerd, tijdens een protest van talloze boeren die zeggen dat er te weinig steun is van de regering. Dat schrijft El País. Net als boeren de afgelopen tijd in Polen, Griekenland en Tsjechië riepen de Spaanse boeren op tot minder bureaucratie rond het landbouwbeleid van de Europese Unie en tot een versoepeling van de milieuregels.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Toen de tractoren eenmaal arriveerden in het centrum van Madrid, ontstonden er rellen met de politie. Ook werden journalisten lastiggevallen. Vakbondsleden en demonstranten in gele hesjes sloten zich later aan en het protest groeide uit tot een anti-regeringsprotest.

    Boeren in Spanje kampen al langere tijd met problemen vanwege de aanhoudende droogte in het land. Volgens de boeren in het land zorgen de regels vanuit Europa voor meer obstakels en oneerlijke concurrentie.

  • ‘Boeren moeten minder produceren voor een betere boterham’

    ‘Boeren moeten minder produceren voor een betere boterham’

    Boeren in heel Europa protesteren massaal omdat hun verdienmodel onder druk staat. De Franse landbouweconoom Guilhem Roux heeft daar een oplossing voor: de landbouwsector moet niet streven naar maximale productie, maar naar maximale winst.

    Boeren verzetten enorm veel werk, zonder dat ze hun uren tellen. Het voedsel dat ze produceren is van wezenlijk belang voor de samenleving, en toch verdienen ze maar weinig. Hoe is dat mogelijk?

    Boeren worden door niemand uitgebuit. Ze zijn vrije ondernemers, die op individuele basis werken, of in een klein familiebedrijf. Ze leven van de winst van hun onderneming. Hoe valt dan uit te leggen dat deze actieve ondernemers, die vaak innovatief te werk gaan en produceren om aan een reële vraag te voldoen, er desondanks niet in slagen om van hun werk te leven?

    Naast regelmatig genoemde oorzaken als prijsvorming en het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de Europese Unie, is er ook een factor die minder vaak genoemd wordt. Boeren opereren in een omgeving die van hen eist dat ze steeds meer produceren. Maar als ondernemer hoeven ze daar niet altijd blij mee te zijn. Vanuit economisch oogpunt gezien moet een producent niet naar maximale productie streven, maar naar maximale winst. En dat is zeker niet hetzelfde.

    De boer is slechts een schakel in een economische keten, met upstreampartijen die hem dingen verkopen om te kunnen produceren (gebouwen, machines, meststoffen, fytosanitaire producten) en downstreampartijen die zijn producten kopen om ze te verwerken en op de markt te brengen (coöperaties, levensmiddelenindustrie, supermarkten). En deze sporen hem allemaal aan om meer te produceren, aangezien ze er allemaal belang bij hebben dat hij meer produceert.

    ‘Marginale’ economen

    Omdat de boer, om meer te produceren, upstream moet investeren in grotere gebouwen, grotere machines, productievere rassen en zaaigoed, meer meststoffen moet gebruiken, meer veevoer moet kopen, profiteren degenen die deze goederen leveren navenant. Bovendien moet hij deze investeringen financieren door middel van leningen, en dus de bank betalen; hij moet deze investeringen verzekeren, en dus de verzekeringsmaatschappij betalen.

    Downstream beschikken de bedrijven die de landbouwgrondstoffen afnemen, verwerken en distribueren over grote nationale en internationale markten waar ze hun producten kwijt kunnen: hoe meer de boeren produceren, hoe goedkoper de grondstoffen worden, hoe meer ze kunnen verkopen en hoe groter hun winst wordt. Iedereen lijkt er dus baat bij te hebben dat de boer meer produceert.

    Iedereen? Strikt economisch gesproken is het niet altijd in het belang van de producent zelf om meer te produceren. De reden is simpel: als een bepaalde grens is gepasseerd, stijgen de kosten die met een productieverhoging gepaard gaan uit boven de winst die van deze groei mag worden verwacht. Dat is de klassieke redenering van de zogeheten ‘marginale’ economen: om te weten of hij er belang bij heeft om zijn productie te verhogen, vergelijkt de ondernemer de toename van zijn kosten met de extra inkomsten die hij eraan hoopt over te houden. En er komt een moment waarop de producent geen belang meer heeft bij de groei.

    De boeren die momenteel het beste af lijken te zijn, zijn degenen die er niet langer naar streven om almaar groter te worden

    Als reactie op de woede van de boeren gaan er stemmen op om alle groeibeperkingen dan maar op te heffen: onbeperkte toegang tot water, tot diesel; ongelimiteerd gebruik van pesticiden; geen groeibeperking meer voor veestapels, stallen et cetera. Maar de productietoename zal het inkomensprobleem van boeren alleen maar verergeren, omdat die in de eerste plaats ten goede zal komen aan de industrieën die op de landbouw aangewezen zijn.

    De boeren die momenteel het beste af lijken te zijn, zijn degenen die er niet langer naar streven om almaar groter te worden en begrijpen dat niet omzet het belangrijkste is voor een ondernemer, maar winst. Zij hebben ervoor gekozen hun kosten aanzienlijk te verlagen door minder te produceren; ze hebben geïnvesteerd in de transformatie en commercialisering van hun productie, zodat die rendabeler wordt. Op die manier hebben ze weer invloed op hun winstmarge en kunnen ze hun kosten in de hand houden.

    En dat is het economische model dat momenteel zou moeten worden gepropageerd om boeren meer inkomsten te bezorgen. Op micro-economisch niveau moet de voorkeur worden gegeven aan landbouwbedrijven van bescheiden omvang, die zorgen dat ze steeds minder afhankelijk worden van grondstoffen als water, diesel, meststoffen, stikstofhoudende voedingsmiddelen, en fytosanitaire producten (die allemaal steeds schaarser een dus steeds duurder zullen worden), die hun productiekosten verlagen en die om hun winstmarge te verbeteren investeren in transformatie en commercialisering door middel van directe verkoop. Op macro-economisch niveau moet de toename van zulke bedrijven worden gestimuleerd om de nationale productie op peil te houden.

    Guilhem Roux is een gepromoveerd econoom die zich in 2018 als boer heeft gevestigd in het Franse departement Lozère, waar hij schapen houdt en boerderijvakanties aanbiedt.

  • Landbouwbeleid wordt hét thema bij komende Europese verkiezingen

    Landbouwbeleid wordt hét thema bij komende Europese verkiezingen

    Bij de komende Europese verkiezingen zal het landbouwbeleid een cruciale rol spelen. Boeren vinden dat ze veel moeten inleveren omwille van het klimaat, en dat terwijl Europa wereldwijd vooroploopt in de groene transitie.

    Op een bord bevestigd op een van de tractoren die de Brandenburger Tor in Berlijn belegeren, staat: ‘Geen boerderijen, geen voedsel, geen toekomst’. Dat is de reactie van de boeren op het beleid dat  Europa volgens hen moet veranderen in een uitgestrekte agrarische woestijn, overwoekerd met wild gras en woeste bossen. En dat allemaal om het dictaat uit te voeren van de ‘Farm to Fork’-strategie, die de kern vormt van de Green Deal voor Europa. Maar volgens de demonstranten is er zonder landbouw geen voedsel en zonder voedsel geen toekomst.

    De laatste golf van boerenprotesten begon in Saksen, trok door Berlijn en over de Champs-Élysées, zwol vervolgens aan in Nederland en bereikte zijn hoogtepunt bij het Berlaymontgebouw, het Brusselse hoofdkwartier van de Europese Commissie met Ursula von der Leyen als voorzitter.

    De eurocraten mogen dan het verhaal ophangen dat de protesten in Duitsland, Frankrijk en Nederland worden veroorzaakt door ‘lokale’ factoren, de leider van de Duitse boeren, Joachim Rukwied, denkt daar heel anders over: ‘We willen dat Olaf Scholz ons de belastingsteun voor diesel [voor landbouwvoertuigen] teruggeeft en de voertuigbelasting op tractors afschaft. Maar we willen ook dat Europa terugkomt op de Farm to Fork-strategie en stopt met het straffen van de boeren.’

    Verkiezingen

    In juni kiezen de Europese burgers de leden van het Europees Parlement. Bij die verkiezingen zal de landbouw een belangrijke rol spelen: de machtsverdeling op het oude continent zou weleens op zijn kop kunnen worden gezet door kiezers op het platteland. Dit is al gebeurd in Nederland, en het gaat ook gebeuren in Duitsland, waar de CDU altijd de partij van het platteland is geweest, maar waar in het hele oosten – het epicentrum van deze protestbeweging – Alternative für Deutschland in de peilingen ver voorligt op alle andere partijen.

    De machtsverdeling op het oude continent zou weleens op zijn kop kunnen worden gezet door kiezers op het platteland

    De kwestie van de boeren zal ook in Frankrijk een belangrijk thema zijn. Daar moet de regering beloften doen om te voorkomen dat de boeren massaal overlopen naar Marine Le Pen. 

    De Franse boeren laten flink van zich horen. Ze hebben dan ook aardig wat redenen gevonden om Europa te haten: het keurslijf dat het hun oplegt, de traagheid van de GLB-subsidies [Gemeenschappelijk landbouwbeleid], de invoer van producten van buiten Europa die zwaar drukken op de prijzen en de gunsten die de Europese Commissie volgens hen verleent aan supermarkten en multinationals.

    Opkomst van rechts

    In vrijwel heel Europa is er op het platteland sprake van een hang naar rechts en wordt er geprotesteerd. Zoals in Hongarije, waar Viktor Orbán inspeelt op het ongenoegen van graanboeren die de import uit Oekraïne willen blokkeren, net als in Slowakije en Polen. Maar het verzet leeft ook sterk in België, waar de beweging die openlijk het Europese veeteeltbeleid aanvecht al sinds maart haar stem laat horen. Hetzelfde geldt voor Nederland, waar op last van de voormalige regering-Rutte en in overleg met Brussel 30 miljoen runderen, varkens en kippen moeten worden afgemaakt en 11 200 boerenbedrijven moeten sluiten.

    Volgens een nieuwe peiling van Europe Elects zal deze tractorrevolutie zwaar wegen bij de stembusgang: de groene partijen zouden nog slechts 49 zetels in het Europees Parlement overhouden, tegenover 74 op dit moment. Maar de grootste klap zullen ze ongetwijfeld in Duitsland, in hun eigen bastion, moeten incasseren: de Duitse Groenen zullen waarschijnlijk dalen van 24 procent naar 13 procent van de stemmen. Zoals Melanie Vogel, de covoorzitter van de Europese Groene Partij, onlangs zei op het partijcongres in Wenen: ‘Het grootste politieke risico voor de Groenen is de opkomst van rechtse coalities in de regering van de lidstaten.’ 

    Misschien komt dat doordat het groene dogma een beetje te ver lijkt te zijn doorgeschoten. Dat is ook de mening van een groene hardliner die nu probeert zijn zetel te redden: Cem Özdemir, de Duitse minister van Landbouw. Hij was de eerste die het zei: je kunt geen 300 hectare bewerken met elektrische tractoren, dus je kunt niet zonder diesel. En: we kunnen geen Europa willen dat importeert in plaats van produceert. Maar zijn belangrijkste strijd is ongetwijfeld die voor de jaarlijkse rotatie van graangewassen.

    Volgens GLMC-norm 7 (Goede landbouw- en milieuconditie) mag, om de biodiversiteit te bevorderen, eenzelfde gewas – zoals tarwe – niet meer dan twee jaar achter elkaar op één deel van de landbouwgrond worden verbouwd. Kort gezegd betekent dit dat Duitsland zal moeten stoppen met het verbouwen van miljoenen hectaren tarwe per jaar, net als Frankrijk, de grootste producent van zachte tarwe in de Europese Unie, en Italië, de grootste producent van harde tarwe in Europa. Als gevolg hiervan zullen we onze import moeten verdubbelen uit landen die zich niet aan dezelfde regels houden als wij.

    Volgens GLMC-norm 7 mag eenzelfde gewas niet meer dan twee jaar achtereen op één deel van de landbouwgrond worden verbouwd

    Bij deze verplichting om met de gewassen te variëren komt nog de Farm to Fork-strategie, die voorschrijft om 10 procent van de landbouwgrond niet langer te gebruiken voor akkerbouw, een kwart van de grond te gebruiken voor biologische landbouw, het gebruik van pesticiden te halveren en het gebruik van kunstmest tegen 2030 met 20 procent te hebben verminderd en tegen 2050 geheel te hebben afgeschaft. Allemaal doelstellingen die de Europese landbouw ernstig in gevaar dreigen te brengen.

    De weg die Europa inslaat is dus bijzonder riskant, en dat wordt ook bevestigd door een dossier van Divulga. Dit grote Europese landbouwonderzoekscentrum heeft de schattingen van drie vooraanstaande onderzoeksinstituten gebundeld – het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek van de Europese Unie, de Wageningen Universiteit in Nederland en het Amerikaanse ministerie van Landbouw – die de impact van de Farm to Fork-strategie op de landbouwproductie van Europa hebben bestudeerd. Volgens het onderzoek stevent Europa af op een daling van de graanproductie met 10 à 20 procent, een stijging van de import van citrusvruchten met 93 procent en een stijging van de maïsimport van ruim 209 procent. De prijzen zullen volgens het onderzoek ook enorm omhooggaan: het voorziet een stijging van 24 procent voor rundvlees, 43 procent voor varkensvlees en 42 procent voor olie en wijn. En als klap op de vuurpijl: een exportdaling van 30 procentpunt.

    Nog geen 1 procent

    Vanaf een tractor gezien gaat het de verkeerde kant op met Europa. En dat alles in naam van het veronderstelde terugdringen van de broeikasgassen. Maar het is een feit dat de uitstoot van de Europese landbouw slechts 10,4 procent bedraagt van de totale uitstoot van Europa, dat op zijn beurt verantwoordelijk is voor ongeveer 9 procent van de totale uitstoot van de planeet. Willen we de Europese landbouw dan lamleggen om op te treden tegen nog geen 1 procent van de wereldwijde uitstoot?

    Felice Adinolfi, professor aan de Universiteit van Bologna en directeur van Divulga, is pessimistisch: ‘Europa dreigt er alleen voor te staan in de wedloop om een groene transitie in de landbouw.’ En de cijfers geven hem gelijk. Brazilië is onze grootste leverancier van agrovoedingsmiddelen (ter waarde van 9 miljard euro in één jaar), gevolgd door de Verenigde Staten (6 miljard euro) en China (2,6 miljard euro). Deze drie landen zijn samen goed voor 27 procent van de wereldwijde landbouwemissies, die van 1990 tot 2019 met 15 procent zijn gestegen. Europa is de enige die zijn uitstoot heeft verminderd, met 18,5 procent.

    ‘Europa dreigt er alleen voor te staan in de wedloop om een groene transitie in de landbouw’

    Adinolfi en zijn collega’s luiden daarom de noodklok: ‘De verzamelde gegevens vertellen ons dat het verbouwen van een hectare soja of het produceren van een kilo vlees in Europa vandaag de dag veel duurzamer is dan waar ook ter wereld. Daarom zijn wederzijdse milieu- en sociale verplichtingen essentieel als het Europese initiatief om de klimaatcrisis te bestrijden zijn vruchten wil afwerpen, en geen boemerangeffect wil hebben.’ Maar de negatieve gevolgen zijn er, en die zijn al duidelijk zichtbaar.

  • EU-leiders beloven meer concessies om boze boeren te sussen

    EU-leiders beloven meer concessies om boze boeren te sussen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » EU stemt in met pakket van 50 miljard euro voor Oekraïne nu Orbán zwicht voor druk

    » VS: Frans reclamebureau moet 350 miljoen dollar betalen voor rol in opioïdencrisis

    Boeren protesteerden rondom EU-top

    ’EU-leiders beloven de last van de milieuregels te verlichten in een poging de protesten van de boeren, die donderdag tijdens een top in Brussel standbeelden vernielden en brand stichtten, de kop in te drukken’, schrijft Financial Times. De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, zei dat ‘deze maand verdere aanpassingen zullen worden voorgesteld om de bureaucratie voor boeren te verminderen en de recente golf van klimaatwetgeving te heroverwegen’, voegt het zakenblad eraan toe. De landbouwministers van de EU is gevraagd om tijdens een vergadering op 26 februari met een plan te komen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Na de vele demonstraties die de afgelopen weken door boeren in heel Europa zijn georganiseerd, blokkeerden tractoren de belangrijkste verkeersaders en pleinen in Brussel, op minder dan een kilometer van de plaats waar Europese leiders bijeen waren. De ME moest eraan te pas komen om te voorkomen dat de betogers het gebouw van de top bereikten.

    In België hebben boeren ook de haven van Zeebrugge geblokkeerd en een aantal magazijnen van supermarkten geblokkeerd. ‘We willen een eerlijke prijs voor onze producten’, zei Pol Latinis, een Belgische melkveehouder tegen Financial Times.

  • Franse boeren verhevigen hun protesten in afwachting van nieuwe maatregelen

    Franse boeren verhevigen hun protesten in afwachting van nieuwe maatregelen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Financiële criminaliteit richtte in 2023 voor 3,5 biljoen dollar aan schade aan

    » Alabama voert eerste Amerikaanse executie met stikstof uit

    Boeren hebben moeite om het hoofd boven water te houden

    De boerenprotesten in Frankrijk nemen toe in intensiteit in afwachting van de maatregelen die premier Gabriel Attal vanmiddag zal aankondigen, meldt Le Monde. Afgelopen week zijn er tal van protestacties en wegblokkades geweest. De voorzitter van de FDSE, een boerenvakbond, waarschuwt dat boeren ‘tot veel erger in staat zouden zijn’ als de aankondigingen van de regering niet aan hun verwachtingen voldoen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Vandaag staan verschillende protestacties gepland. Vanaf twee uur ’s middags zullen de snelwegen van Île-de-France geblokkeerd worden. Op dat moment presenteert premier Attal de plannen in Haute-Garonne.

    De reeks protesten begon op 18 januari in de Franse regio Occitanië. Sindsdien heeft de beweging zich over heel het land verspreid. De boeren zijn boos omdat ze moeite hebben om het hoofd boven water te houden door de hoge vaste lasten die ze maar beperkt kunnen doorberekenen. Ook zeggen ze last te hebben van de Europese klimaatwetgeving en regelgeving waar ze aan moeten voldoen.

  • Boerenprotesten in Duitsland: waarom zijn er tractorblokkades over de grens?

    Boerenprotesten in Duitsland: waarom zijn er tractorblokkades over de grens?

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar naar Duitsland, waar boeren een week van protest hebben aangekondigd. Net als eerder in Nederland worden wegen geblokkeerd door grote tractoren. Wat is de aanleiding voor dit protest?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Hoe zien de boerenprotesten in Duitsland eruit?

    De boerenprotesten begonnen op maandag, in verschillende deelstaten. Volgens Handelsblatt leiden de protesten tot verkeershinder in het hele land. ‘In verschillende deelstaten, waaronder Mecklenburg-Vorpommern, Noordrijn-Westfalen, Rijnland-Palts en Brandenburg, blokkeerden boeren de opritten van snelwegen met hun tractoren. In Nedersaksen parkeerden boeren de voertuigen tijdelijk zelfs op snelwegen’, schrijft de krant.

    Steden als Brandenburg an der Havel en Cottbus in Brandenburg waren helemaal niet meer bereikbaar, zeker niet toen ook vrachtwagenchauffeurs zich bij de protesten aansloten. Op moment van schrijven is de onrust verre van afgenomen, meldt NDR. ‘Boeren blokkeren vandaag opnieuw wegen in het noorden. Er zijn al veel acties geweest in Nedersaksen en Mecklenburg-Voor-Pommeren. In Sleeswijk-Holstein vinden de blokkades vooral plaats in Lübeck en Flensburg.’ Ook worden er havens geblokkeerd, aldus de nieuwssite.

    Door de protesten, waarbij landbouwvoertuigen worden ingezet om infrastructuur lam te leggen, ‘moeten automobilisten, scholieren en busreizigers tot begin volgende week rekening houden met files op belangrijke wegen en snelwegen’, schrijft ADAC. Ziekenhuizen gaan na of niet-urgente operaties uitgesteld kunnen worden, en er wordt gekeken of scholen mogelijk de deuren moeten dichthouden.

    ANP 488160838 1
    De protesten zijn landelijk en eind deze week wordt de grootste demonstratie in het centrum van Berlijn verwacht. – © EHLL

    En de problemen zijn nog niet voorbij, meldt n-tv. ‘De boerenvereniging heeft aangekondigd dat de protesten de hele week, op verschillende locaties zullen voortduren. Ze zouden een aanzienlijke impact kunnen hebben op het verkeer in Duitsland, vooral in de tweede helft van de week, omdat de machinistenvakbond GDL vanaf woensdag een staking heeft aangekondigd in het cao-onderhandelingsgeschil met Deutsche Bahn.’ Hierdoor zal ook het treinverkeer platliggen.

    Eind deze week vindt in Berlijn het slot van de disruptieve protestweek plaats, met een demonstratie waar zo’n tienduizend deelnemers verwacht worden, velen van hen met tractoren en vrachtwagens. Volgens Joachiem Rukwied, woordvoerder van de boerenorganisaties, in gesprek met ZDF, wordt na die demonstratie bepaald of men doorgaat met protesteren dan wel het via de politieke dialoog zal proberen. Volgens Rukwied staat momenteel 70 procent van de Duitsers achter de boeren en is het nu aan de federale regering om te laten zien dat zij de zorgen van de Duitse boeren serieus nemen.

    Waarom protesteren de boeren in Duitsland?

    ‘Het doel van de protestacties is duidelijk: men wil duidelijk maken wat er nodig is voor een concurrerende landbouw om lokaal voedsel voor de bevolking te kunnen blijven produceren’, schrijft Die Zeit. ‘De woede van de boeren werd aangewakkerd door de geplande bezuinigingen op de subsidies voor de industrie in de nasleep van de begrotingscrisis.’

    De federale regering wilde de btw-vrijstelling voor landbouwvoertuigen schrappen, evenals het belastingvoordeel dat boeren hebben op diesel. Boeren vrezen dat hierdoor hun prijzen moeten stijgen en dat ze daardoor niet tegen de concurrentie van buitenlandse boeren op kunnen. Hoewel de plannen inmiddels zijn afgezwakt door de regering, bijvoorbeeld door de subsidies gefaseerd af te schalen, zijn de boeren niet tevreden. Wat speelt er nog meer?

    ‘Het is genoeg! We eisen de volledige terugdraaiing van deze belastingverhogingen, zonder enige mitsen en maren. Ik verwacht dat tienduizenden tractoren naar onze bijeenkomsten in heel Duitsland zullen komen’, zei de eerdergenoemde Joachiem Rukwied volgens Tageschau, in de dagen voor de protesten. ‘In Duitsland wordt het landbouwbeleid gemaakt vanuit een stedelijke bubbel en keert het zich tegen boerenfamilies en plattelandsgebieden.’

    ANP 488155137
    Een tractor met een protestbord tijdens een demonstratie in München op maandag. – © EPA

    Het is een klassieke tegenstelling, wij tegen zij, de stad tegen het platteland, traditie tegen progressie. Tevens een tegenstelling waar extreemrechts in Duitsland flink van profiteert, zo schrijft Die Welt. Met name de AfD-partij probeert het vuurtje tegen de regering flink op te stoken, en vooraanstaande politici doen uitgelaten mee aan de boerenprotesten. De Duitse regering waarschuwde al dat deze antiregeringssentimenten het draagvlak van de boerenprotesten zouden kunnen aantasten onder de burgerbevolking.

    Volgens de Berliner Morgenpost speelt er meer. ‘Het is niets nieuws dat boeren en politici het niet altijd eens zijn. Er zijn in het verleden al protesten geweest tegen het aanscherpen van de regels voor het gebruik van pesticiden. Of toen er werd gesproken over een kunstmestverbod voor landbouwstroken in de buurt van water. Het feit dat belangrijke belastingvoordelen voor boeren nu zouden worden afgeschaft, was waarschijnlijk de druppel. De huidige protesten kunnen dan ook worden geïnterpreteerd als een mix van financiële zorgen, frustratie en het gevoel oneerlijk behandeld te worden door politici.’

    Daarnaast spelen ook de concurrentie op de Europese markt en de timing en snelheid van de nieuwe maatregelen een rol, schrijft Deutschland Funk. Theresa Schmidt, medevoorzitter van de Vereniging van Duitse Plattelandsjongeren, riep de regering bijvoorbeeld op om de landbouw meer tijd te geven om de subsidies en belastingen in de landbouw op elkaar af te stemmen. Ook zou er gekeken moeten worden naar hoe de maatregelen verschillende typen landbouwbedrijven raken, en is een algemeen pakket maatregelen te ondoordacht.

    Hoe slecht (of goed) gaat het eigenlijk met de boeren in Duitsland? 

    ‘Het sprookje van de arme boeren’, zo typeert Die Welt de huidige problemen. Volgens de krant verdient het merendeel van de agrariërs in Duitsland een uitstekend inkomen en wordt er daarnaast nog voor tienduizenden euro’s uitgedeeld aan subsidie van de deelstaten, van de federale regering en vanuit Brussel.

    WDR schrijft dat de economische situatie er in de Duitse landbouwsector de afgelopen jaren zelfs op vooruit is gegaan. ‘Gemiddeld zouden fulltimeboeren een winst van 115.400 euro hebben gemaakt. Een “all-time high”, ongeveer 45 procent meer dan vorig jaar’.

    Daarnaast wijst de website de publieke omroep erop dat de landbouw ‘een van de economische sectoren is die de meeste subsidies ontvangt. Volgens het ministerie van Landbouw ontvingen Duitse boeren en visserijbedrijven in 2022 alleen al 7 miljard euro uit EU-fondsen. Met 315.000 ontvangers komt dit neer op gemiddeld ruim 22.000 euro aan subsidies uit Brussel’ per boer.

    ANP 488158473
    Boeren protesteren in het centrum van Dresden. De stad was enige tijd niet bereikbaar door de blokkades. – © dpa

    Volgens Stern geven de berekeningen over inkomens van landbouwbedrijven een vertekend beeld en gaat het zelfs om nog hogere bedragen. ‘Er wordt hier alleen rekening gehouden met inkomsten uit landbouwactiviteiten. Steeds meer bedrijven genereren nu echter extra inkomsten door vakantieappartementen te verhuren, door energie op te wekken met zonnepannelen, door biogas te produceren of met andere zaken.’

    Desondanks neemt het aantal agrarische bedrijven in Duitsland voortdurend af, zo schrijft BR24. ‘Tussen 2010 en 2020 daalde het aantal met 36.100 naar 262.800 bedrijven. Dit komt overeen met een jaarlijks dalingspercentage van 1,1 procent (2020 tot 2010). Dat klinkt niet al te dramatisch, maar in de voorgaande decennia zijn veel bedrijven gestopt, waardoor er al relatief weinig bedrijven over zijn’.

    De nieuwssite interviewt landbouwonderzoeker Martin Spreidler. Volgens Spreidler gaan de enorme protesten in Duitsland momenteel niet zozeer om de bezuinigingen en afschaling van mogelijke subsidies, maar waren die plannen slechts de druppel. ‘Alle frustraties van boeren komen momenteel naar boven. Het gaat niet alleen om geld, maar ook om sociale erkenning, om steeds strengere milieuregels en toenemende eisen aan de landbouw, bijvoorbeeld op het gebied van dierenwelzijn – terwijl tegelijkertijd de kosten stijgen. Voor velen is de limiet bereikt.’

  • In Zimbabwe verruilen jonge hoogopgeleiden het kantoor voor de boerderij

    In Zimbabwe verruilen jonge hoogopgeleiden het kantoor voor de boerderij

    Een nieuwe generatie goed opgeleide jongeren in Zimbabwe ziet in goed beheerde landbouwprojecten een lucratief bestaan. Bovendien is het ‘werk waar je snel van gaat houden’.

    Toen de negentwintigjarige Tavuya Manungo terugkeerde naar zijn geboorteplaats in Shamva, in Noordoost-Zimbabwe, had hij een masterdiploma in financiën en investeringen op zak, maar hij was niet van zins het bedrijfsleven in te gaan. Hij had zijn twee jaar jongere broer Mako bij zich, die bedrijfskunde had gestudeerd. Ze wilden gaan boeren en stonden te popelen om aan de slag te gaan. Inmiddels runnen ze samen een boerderij, die Tavuya ‘onze levensader’ noemt, met 1200 hectare grond in een gebied dat bekendstaat om zijn nikkelmijnen alsook om de allereerste mijnstaking van Afrika (in 1927).

    ‘Goed beheerde landbouwprojecten, of ze nu klein of groot zijn, zijn lucratiever dan de meeste beschikbare banen. Bovendien is het werk waar je snel van gaat houden,’ zegt Mako. ‘Het geeft veel voldoening.’ De broers behoren tot een nieuwe generatie goed opgeleide jongeren, van wie velen afgestudeerd zijn in bedrijfskunde, rechten, financiën of technologie, die hun nette pak verruilen voor een overall.

    Op Masimbiland Farm, vernoemd naar een nabijgelegen berg, verbouwen de broers 15 hectare sinaasappels, 90 hectare maïs en 3,5 hectare chilipepers. Ze hebben meer dan dertigduizend legkippen en een kwekerij waar ze mango- en citrusplanten telen; vorig jaar produceerden ze daar een miljoen zaailingen. Tavuya is verantwoordelijk voor de administratie en de financiën, Mako doet de bedrijfsvoering.

    De broers huren dagelijks ruim veertig fruitplukkers in, onder wie ook vrouwen

    In 2015 wonnen de twee broers de nationale Youngest Brahman Breeders-award voor hun Brahman-runderen. Ondertussen hebben ze tweehonderd koeien van dit topvleesras. De broers huren dagelijks ruim veertig fruitplukkers in, onder wie ook vrouwen; alleenstaande moeders uit omliggende dorpen krijgen voorrang. ‘Zonder de mensen op het veld zijn we niets,’ zegt Mako. ‘Zij maken het allemaal mogelijk.’

    Accountant

    Een andere jonge Zimbabwaan die zijn kantoor voor het land heeft ingeruild, is de zeventwintigjarige Hilary Chikambi. Hij zegde zijn baan als accountant op. ‘Voor mij was het een gok, want ik heb vrijwel geen ervaring met boeren,’ vertelt hij. ‘Ik heb als kind gezien hoe mijn ouders kippen hielden, en zo heb ik een vriend weten te overtuigen om samen met mij te investeren in dit project. Ik ben blij dat kippen fokken in Zimbabwe in de lift zit, want je hoeft relatief weinig te investeren, terwijl de winstmarges groot zijn en je snel resultaat boekt.’

    Toen hij net was begonnen werd zijn kippenschuur door zware regenval verwoest, waarbij vrijwel al zijn pluimvee omkwam. Vervolgens viel de koeling uit, waardoor hij het vlees moest weggeven voordat het zou bederven. Nu, vier jaar en vele lessen later, verkoopt Chikambi’s bedrijf bijna tweeduizend kippen per maand aan supermarkten, restaurants en privépersonen.

    Beginnersfouten

    Nadat hij opnieuw kippen had verloren, deze keer door gebrekkige ziektebestrijding en door wat hij ‘beginnersfouten’ noemt, investeerde hij in de opleiding van zijn personeel. Om de kosten van kippenvoer te drukken wil hij in de toekomst zelf mais gaan verbouwen.

    ‘Jongeren moeten weten dat je met boeren een goede boterham kunt verdienen,’ zegt Chikambi. ‘En zeg nou zelf, er is geen beroep op aarde waarin de hand van God zo zichtbaar is. Je plant in goed vertrouwen iets in de grond, werkt hard, en voor je het weet groeit er iets dat je kunt oogsten.’

    In 2021 behaalde Zimbabwe volgens de statistieken van het Amerikaanse ministerie van Landbouw de op twee na grootste maisoogst ooit. En hoewel de productie van het grotendeels van regen afhankelijke gewas in 2022 lager uitviel, is de diversiteit aan landbouwgewassen in Zimbabwe gegroeid.

    Het land exporteerde in 2022 voor het eerst industriële hennep naar Zwitserland en is nu, in het kielzog van de tabaksindustrie, bezig een serieuze cannabisindustrie op te bouwen. Zimbabwe blijft de op vier na grootste tabaksproducent ter wereld en exporteert ook katoen, macadamianoten, citrusvruchten, suiker, peulvruchten en snijbloemen.

    Lees ook:

  • Der Spiegel over de BBB: ‘Opstand van normale mensen tegen politici’

    Der Spiegel over de BBB: ‘Opstand van normale mensen tegen politici’

    Der Spiegel ging langs bij Caroline van der Plas in Den Haag. Volgens het Duitse weekblad is de overwinning van de BBB bij de Provinciale Statenverkiezingen een herhaling van wat Frankrijk beleefde met de gele hesjes. ‘De regering jaagt met klimaatmaatregelen de middenklasse tegen zich in het harnas.’

    Van Deventer, dat vlak naast een deel van Nederland ligt dat ‘de Achterhoek’ heet, is het maar anderhalf uur met de trein naar de torenflats van Den Haag, waar ministers en parlementariërs werken. Maar voor Caroline van der Plas ligt tussen haar stad Deventer en Den Haag een hele wereld. ‘Intussen word ik hier door iedereen serieus genomen,’ zegt de vijfenvijftigjarige terwijl ze langs de vergaderruimtes van het parlement loopt. De vrouwen en mannen die haar in de gangen groeten, dragen pakken of mantelpakjes. Van der Plas draagt sneakers en een gebreid vest dat zo groot en pluizig is dat je het ook als plaid zou kunnen gebruiken.

    Toen Van der Plas in 2021 als enige afgevaardigde van haar partij in het parlement werd gekozen, was ze een kleine sensatie omdat ze met een tractor naar Den Haag kwam. Twee jaar later is ze uitgegroeid tot een grote sensatie. Haar partij, de BoerBurgerBeweging, ofwel BBB, haalde op 15 maart bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten bijna 20 procent van de stemmen. Het is een succes dat door de Nederlandse media een ‘monsterzege’ genoemd wordt.

    Nieuwigheid

    Bekijkt men de zege van Van der Plas eenvoudig als een verkiezingsuitslag, dan gaat het eigenlijk om een puur Nederlandse nieuwigheid. De provinciale parlementen waarin de BBB nu haar opwachting maakt, beslissen weliswaar over de zetelverdeling in de Eerste Kamer van het Nederlands parlement (die te vergelijken is met de Duitse Bundesrat), maar het is niet alsof de Nederlanders een nieuwe premier gekozen zouden hebben.

    Alleen is de symbolische betekenis van deze verkiezingen duidelijk groter. Al maanden voert de regering een spectaculair dispuut met de Nederlandse boeren. Om de stikstofemissies tot 2030 te halveren heeft de regering van Mark Rutte besloten dat het aantal melkkoeien en mestvarkens drastisch verminderd moet worden. Dat zou voor een derde van de veeboeren het einde kunnen betekenen. Voor veel boeren klonk dat als een rechtstreekse aanval. Met hun tractoren blokkeerden ze in de afgelopen maanden steeds weer snelwegen en andere wegen, en trokken woedend op naar Den Haag.

    Begint hier de opstand van de plattelandsbevolking tegen de groene plannen van de progressieve bewoners van de grote steden?

    Het was een protest met een radicale inslag, dat wereldwijd bejubeld werd door rechtse populisten. Donald Trump bijvoorbeeld noemde de boeren ‘strijders tegen de klimaatdictatuur’. Marine Le Pen verzekerde hun van haar steun. En nu helpen de kiezers een van de prominentste woordvoerders van deze boeren aan de overwinning. Begint hier de opstand van de plattelandsbevolking tegen de groene plannen van de progressieve bewoners van de grote steden?

    Caroline van der Plas rolt geërgerd met haar ogen wanneer men haar op één lijn wil stellen met de internationale populisten van rechts. ‘Ik ontken de klimaatverandering niet, de boeren zijn toch de eersten die gemerkt hebben dat de grond steeds droger wordt,’ zegt ze. Maar ze zegt ook: ‘Veel mensen vragen zich af of het werkelijk wat uitmaakt als iedereen elektrisch rijdt. Voor velen is het belangrijkste probleem dat ze niet meer weten hoe ze hun rekeningen moeten betalen.’

    Klimaatpolitiek

    In Nederland herhaalt zich nu grotendeels wat Frankrijk al beleefde met de gele hesjes: de regering probeert duidelijke maatregelen te nemen tegen de klimaatverandering en jaagt daarmee de middenklasse tegen zich in het harnas. In Frankrijk was het een belasting op brandstof, in Nederland is het de strijd tegen de hoge stikstofuitstoot. In beide gevallen maakte de regering de indruk dat ze de sociale gevolgen van haar klimaatpolitiek niet had voorzien.

    Van der Plas zelf beschrijft haar partij zo: ‘Wij zetten ons in voor degenen die over het hoofd worden gezien omdat ze niet in de grote steden wonen.’ Het etiket ‘boerenpartij’ wijst ze af; zelf is ze journalist, geen boerin. Met de boeren kwam ze in contact omdat ze over hen schreef, onder andere voor het vakblad Pigbusiness.

    Het duidelijkste doel van Van der Plas en haar BBB is vermoedelijk om opnieuw te onderhandelen over de stikstofbeperkingen. Verder wil ze zich niet laten vastleggen op grote politieke lijnen. Ze is voorstander van een restrictievere immigratiepolitiek. Toch heeft ze in het parlement tegen een voorstel van rechts gestemd, dat helemaal geen vluchtelingen meer wil opnemen. Ze benadrukt steeds weer dat ze ‘voor de zwakken’ wil opkomen. Maar ze vindt ook dat de staat zich terughoudender moet opstellen. De BBB heeft ook degenen aangetrokken die tegen de coronamaatregelen waren.

    Nederland heeft een efficiëntiemaatschappij gecreëerd waarin de verbinding tussen staat en burger verloren is gegaan

    Van der Plas treedt aan zonder duidelijk partijprogramma, maar met haar persoonlijkheid. Zelf vat ze haar positie samen met ‘gezond verstand’, wat een beetje klinkt alsof iedereen die het niet met haar eens is, niet goed bij zijn hoofd is. Bij dat ‘gezond verstand’ hoort voor haar ook het niet te pikken dat je ‘sinds een paar jaar alles wordt voorgeschreven’. Voortdurend wordt je verteld welke grappen je nog mag maken of hoe je moet eten. ‘Voor veel mensen verandert de maatschappij te snel,’ zegt Van der Plas. Ze belooft haar kiezers niet dat ze de tijd kan stoppen, ‘maar ik luister echt naar ze’.

    De historicus René Cuperus publiceerde ruim een jaar geleden een studie die precies de kiezers beschrijft die haar BBB nu gemobiliseerd heeft. Die studie heet ‘De atlas van afgehaakt Nederland’. Cuperus zit in café De posthoorn, een paar stappen verwijderd van het regeringscentrum, waar politici elkaar graag treffen om te praten. Dit is precies de wereld die de BBB-kiezers als empathieloos en arrogant beschouwen. Met streng neoliberalisme heeft Nederland volgens hem een ‘efficiëntiemaatschappij’ gecreëerd waarin de verbinding tussen de staat en zijn burgers verloren is gegaan. ‘Er werd sterk bezuinigd op de sociale voorzieningen en de publieke infrastructuur werd afgeslankt en gecentraliseerd; dat merken vooral de mensen op het platteland aan alles,’ zegt Cuperus. En die mensen gaat het er vooral om ‘de controle terug te pakken’.

    Stoom afblazen

    Het succes van de BBB heeft volgens Cuperus zo’n groot gewicht dat het zelfs de regering ten val zou kunnen brengen. Het zijn verkiezingen geweest waarin de mensen stoom hebben afgeblazen, ze richtten zich tegen premier Mark Rutte en zijn kabinet. Tegelijkertijd ziet hij de BBB ook als een kans om de polarisering in het land tegen te gaan: ‘De BBB is een anti-establishmentpartij die verantwoordelijkheid wil nemen.’ Anders dan de rechtse populisten rond Geert Wilders en Thierry Baudet, die tot dusver de proteststemmen opvingen, heeft de BBB een constructieve pretentie. ‘En nu maar hopen dat de BBB niet wordt overgenomen door het rechtse populisme of door de agrarische lobby,’ aldus Cuperus.

    In de strijd om de stikstofreductie ziet hij ook een generatieconflict: ‘De progressieve, groene millennials in de steden interesseren zich niet voor de landbouw. De oudere mensen op het platteland zijn daarentegen bang dat ze hun paradijs zullen verliezen.’

    Een van deze paradijzen is het dorp Bathmen, ten oosten van Deventer, de stad waar Caroline van der Plas vandaan komt. Het cultureel centrum tegenover de dorpsschool biedt een cursus pilates aan, op het plein voor de bibliotheek staan een kaas- en een vishandelaar, in de hondensalon ‘Monique’ wordt juist een poedel geschoren. In deze idylle heeft Geertjan Kloosterboer zijn boerderij met 130 melkkoeien. Zijn vader was hier al boer en zijn grootvader ook. Van der Plas en Kloosterboer kennen elkaar al jaren. Samen hebben ze een vereniging opgericht met een website waar stedelingen zich kunnen aanmelden voor een bezoek bij boeren.

    Kloosterboers dieren leiden een rimpelloos bestaan in een grote stal, tussen machines die voor hen werken. Een motor aan de stalwand laat twee blauwe borstels ronddraaien, waar de koeien zich een beetje door kunnen laten krabben. Op de stalvloer schuift een schoonmaakrobot de koeienvlaaien opzij. Wanneer een koe druk voelt in de uier, gaat ze naar de melkrobot, die de spenen aansluit en begint te zuigen. In de wei komen de dieren niet, maar Kloosterboer heeft waterbedden gekocht waarop de dieren liggen als ze herkauwen.

    Exporteur

    Terwijl Kloosterboer alles met trots demonstreert, blijft steeds één vraag meespelen: waarom moeten wij boeren ons leven opgeven, terwijl alle anderen doorgaan als altijd? We zijn gewend geraakt aan te grote auto’s, we gooien te veel eten weg. Ik wil dat veranderen,’ zegt Kloosterboer.

    Intussen is de landbouw in Nederland niet zomaar een businessmodel zoals er zoveel zijn, maar een belangrijke bedrijfstak. Het land is na de VS de grootste exporteur van agrarische producten. Op minimaal oppervlak wordt maximaal geproduceerd – dat is een van de redenen waarom de stikstofemissies zoveel hoger zijn dan het Europees gemiddelde. ‘We hebben meer tijd nodig. Als ze het onmogelijke verlangen, dan weigeren mensen mee te werken.’

    ‘De kloof die de Nederlanders van elkaar scheidt,’ zegt Van der Plas, ‘is niet die tussen stad en platteland, maar die tussen normale mensen en politici.’ Daar rekent ze zichzelf nu ook toe.

    Lees ook:

  • Overal in Europa komen boeren in verweer tegen de groene agenda van de EU

    Overal in Europa komen boeren in verweer tegen de groene agenda van de EU

    Brussel heeft een groenere landbouwsector nodig om de klimaatdoelstellingen te halen. Maar Europese boeren vinden dat er te veel van hen wordt gevraagd. ‘Tegenwoordig geeft iedereen het vee de schuld van methaanproductie en vervuiling, maar ik zie dat anders.’

    De schuren en melkstallen van de boerderij van Takis Kazanas (66) vallen in het niet bij de majestueuze bergen die over de Thessalische vlakte uitsteken. Op deze groene vlakte in Noord-Griekenland wordt al duizenden jaren vee gehouden, maar nu praten instanties in Brussel over regels die ertoe zullen leiden dat boerderijen als die van Kazanas als industriële installaties worden beschouwd, vergelijkbaar met staalfabrieken of chemische industrie.

    Als die verandering van kracht wordt, zal de boerderij waar hij 300 runderen en 230 hectare land beheert met zijn vier zonen, wettelijk verplicht worden de uitstoot van broeikasgassen en het niveau van verontreiniging te verlagen. Met ambitieuze klimaatdoelstellingen voor 2030 dwingt Brussel de landbouw eindelijk om groener te worden. Kazanas vangt al biogas op uit koeienmest en in plaats van chemische mest rijdt hij zelfgemaakte mest over het land uit. ‘Dat is wat de EU wil en dat is wat ik doe,’ zegt Kazanas, die in 1986 begon met dertig runderen. ‘Tegenwoordig geeft iedereen het vee de schuld van methaanproductie en vervuiling, maar ik zie dat anders.’

    Hij is een van de vele boeren die moe worden van wat zij zien als milieuvoorschriften die worden opgelegd door een bureaucratie op 2500 kilometer afstand. De omvang van de transformatie die de Europese Commissie vraagt met haar Boer tot Bord-strategie – halvering van de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in 2030, vermindering van het gebruik van meststoffen, verdubbeling van de biologische productie en herbebossing van sommige landbouwgronden – zou ook in minder moeilijke tijden opmerkelijk zijn.

    Moeilijk te reguleren

    De strategie komt op het moment dat de oorlog in Oekraïne de wereldvoedselmarkt overhoop heeft gehaald en boeren geconfronteerd worden met verlaging van subsidies die worden gegeven in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), een programma van 55 miljard euro per jaar, dat al sinds 1962 voor voedselzekerheid in Europa zorgt.

    Volgens de EU is er dringend behoefte aan milieuhervormingen in de landbouwsector. Een hoge EU-functionaris die zich bezighoudt met klimaatbeleid noemt het ‘ons probleemkind’. De sector is verantwoordelijk voor 11 procent van de totale uitstoot van broeikasgassen in de EU – een percentage dat bijna even hoog is als twintig jaar geleden.

    Stikstofoxiden in meststoffen, dierlijke urine en uitwerpselen vormen een belangrijk deel van het probleem; zware stikstofconcentraties zorgen ervoor dat invasieve planten andere soorten verdringen, wat leidt tot verlies van biodiversiteit. Maar de sector is zeer moeilijk te reguleren; de 9,1 miljoen landbouwbedrijven in de EU variëren in type en omvang, uiteenlopend van industriële bedrijven met duizenden ‘grootvee-eenheden’ – de rekeneenheid waarmee de hoeveelheid dieren in de landbouw wordt aangeduid – tot kleine boeren met een enkele wijnstok en een paar geiten. De marges zijn doorgaans zeer klein. Er zijn biologische producenten die overleven met lokale handel, maar ook varkenshouders die te maken hebben met hevige internationale concurrentie, waardoor zelfs een kleine stijging van de voederprijs de jaarwinst al teniet kan doen.

    De landbouwgrond van de EU is nu een nieuw strijdtoneel voor groene ambities geworden

    Het keerpunt voor veel landbouwers kwam na de inval van Rusland in Oekraïne, net toen de Europese Commissie de doelstellingen van de ‘Boer tot Bord’-strategie bekendmaakte. Volgens een hoge ambtenaar van de Commissie ‘veranderde het debat bijna van de ene dag op de andere’. De landbouwgrond van de EU is nu een nieuw strijdtoneel voor groene ambities geworden. Nerveuze regeringen schroeven de voorstellen van de Commissie terug onder druk van een georganiseerde, goed gefinancierde landbouwlobby die nauwe banden onderhoudt met politici.

    Zo heeft de Nederlandse regering onlangs een programma opgeschort om boerderijen te sluiten – en daardoor de uitstoot van stikstofoxide te verminderen –, nadat de ontluikende BoerBurgerBeweging (BBB) in maart de provinciale verkiezingen won, profiterend van een golf van woede tegen de plannen.

    Recentelijk hebben de regeringen van Polen en Hongarije de invoer van graan, zuivelproducten, vlees, fruit en groenten uit Oekraïne tijdelijk stopgezet omdat boeren klaagden dat de goedkope invoer van Oekraïens voedsel de prijzen drukt.

    Het groeiende verzet is een belangrijke uitdaging voor de doelstelling van de EU om de emissies tegen 2030 met 55 procent te verminderen ten opzichte van 1990, overeenkomstig internationale verplichtingen. Als Brussel er niet in slaagt de boeren mee te krijgen, kan dat een bedreiging zijn voor de belofte om tegen 2050 een nettonuluitstoot te bereiken.

    De voorstellen van de EU zijn niet passend tijdens een ‘oorlogseconomie’ waarin boeren vrij moeten kunnen produceren, zegt Christiane Lambert, medevoorzitter van de machtige EU-landbouwvakbond Copa-Cogeca. ‘Mensen die beslissingen nemen over de landbouw weten er niets van.’

    Volgens het Franse Instituut voor Gezondheid zijn boeren drie keer vaker geneigd om zelfmoord te plegen dan andere professionals

    Voor veel boeren gaat het verzet tegen de komende veranderingen over overleven. Tom Vandenkendelaere, Belgisch lid van het Europees Parlement, zegt dat de druk op de boeren ondraaglijk wordt. ‘Het gaat om het aantal beleidsmaatregelen dat hen tegelijkertijd treft. We moeten het rustiger aan doen.’ Hij zegt dat boeren die gewoon hun werk doen, zich belasterd voelen door activisten die hen ervan beschuldigen de planeet te schaden en die klimaatverandering wijten aan het eten van vlees. ‘Ze hebben het gevoel dat hun manier van leven onder vuur ligt.’

    Boeren op een Kruispunt, een onafhankelijke nonprofitorganisatie die geestelijke gezondheidszorg biedt aan boeren in Vlaanderen, zag dat 44 procent meer mensen zich aanmelden in 2022 dan in 2021. Volgens het Franse Instituut voor Gezondheid zijn boeren drie keer vaker geneigd om zelfmoord te plegen dan andere professionals. En Caroline van der Plas, leider van de BBB, zei deze maand in het Nederlandse parlement: ‘Mensen die zorgen voor ons dagelijks voedsel worden weggezet als dierenmishandelaars, gifmengers, bodemvernietigers en milieuvervuilers.’

    Maar EU-beleidsmakers stellen dat de maatregelen op lange termijn juist in het belang van de boeren zijn. De stijging van de gasprijzen heeft de kosten van meststoffen en chemicaliën opgedreven. Decennia aan intensieve landbouw hebben voedingsstoffen in de bodem uitgeput, zodat meer moet worden gebruikt om dezelfde productie te bereiken. ‘Het idee “óf meer natuur, óf meer voedsel” is een mythe,’ zegt een EU-functionaris. ‘De belangrijkste fundamentele bedreigingen voor de voedselzekerheid zijn klimaatverandering en verlies van biodiversiteit.’

    Virginijus Sinkevičius, de EU-commissaris voor milieu en visserij, is het daarmee eens. ‘Wat voor mij heel belangrijk is, is dat mensen begrijpen dat de milieuvoorstellen nooit gericht zijn tegen de landbouwbedrijven. Ze zijn er juist voor de bedrijven, want zonder natuur is landbouw niet mogelijk.’ En, voegt hij eraan toe, ‘ze vormen weliswaar een aanzienlijke verandering voor onze landbouwers, maar het is onvermijdelijk dat ze een deel van de oplossing zijn. Allicht gebeurt dat niet van de ene op de andere dag.’ Een sector die nu al het gevoel heeft met de rug tegen de muur te staan, zal inderdaad waarschijnlijk niet makkelijk toegeven.

    Klem tussen milieueisen en lage prijzen

    Het aantal landbouwbedrijven in de EU is sinds 2005 met meer dan een derde gekrompen. Terwijl het gemiddelde landbouwbedrijf groter is geworden, is het agrarisch inkomen constant laag gebleven, schommelend rond de 20.000 euro per persoon.

    Bram van Hecke, die werkt op het melkveebedrijf van zijn familie in de buurt van het Belgische Oostende, zegt dat hij, zijn vader en zijn broers het gevoel hebben klem te zitten tussen de milieueisen van politici en de eisen van supermarkten die niet méér willen betalen. ‘Als je naar een bank gaat en zegt te willen investeren maar dat je inkomsten zullen halveren, geven ze je geen lening,’ zegt hij. ‘Meer produceren is haalbaar, terwijl extreem milieubewust zijn je bedrijf kan schaden.’

    Van Hecke, die tevens hoofd is van de Groene Kring, een Vlaamse groep van jonge landbouwers, zegt dat een EU-richtlijn om de stikstofvervuiling aan te pakken zijn bedrijf jaarlijks 10.000 tot 15.000 euro kost. Deze maatregel verplicht landbouwers om met GPS de verspreiding van stalmest te registreren en schrijft voor dat ze niet binnen 5 meter van water mogen boeren. ‘De gemiddelde grondprijs in Vlaanderen is 63.000 euro per hectare en we verliezen ongeveer 4 hectare door deze nitraatrichtlijn. Reken maar uit. De regering kondigt aan onze kosten te zullen verhogen, maar heeft geen plannen om ons inkomen te helpen verhogen.’

    ‘In sommige regio’s, zoals Nederland en Vlaanderen, is de ecologische voetafdruk van de landbouw te groot’

    Op macroniveau klopt dat. Volgens agronomen worden delen van Europa te intensief bebouwd. In 2021 exporteerde de EU voor 197 miljard euro aan landbouwproducten naar landen als China en importeerde zij voor 150 miljard euro: een overschot van 47 miljard euro.

    Krijn Poppe, een Nederlandse landbouweconoom, is voorstander van herbezinning. ‘Export mag niet ten koste gaan van klimaat en natuur,’ zegt hij. ‘In sommige regio’s, zoals Nederland en Vlaanderen, is de ecologische voetafdruk van de landbouw te groot.’ Burgers in deze ‘stadstaten’, zoals hij ze noemt, hebben ook behoefte aan recreatiegebieden, natuurgebieden, schoon water, woningen en vervoer. Het antwoord, zegt Poppe, is terugkeer naar de tijd waarin consumenten hogere prijzen betaalden voor minder intensief geproduceerd voedsel. ‘In de jaren tachtig consumeerden Nederlanders minder eiwitten; 40 procent van het voedsel was dierlijk en 60 procent plantaardig. Nu eten we meer en is de verhouding eiwitten-plantaardig omgedraaid naar 60-40.’

    Volgens Poppe zullen sommige landbouwbedrijven onvermijdelijk verdwijnen omdat veel bedrijven te klein zijn om te concurreren. ‘Een econoom die kijkt naar het totale welzijn ziet waarschijnlijk geen probleem,’ voegt hij eraan toe, ‘maar een politicus die de banen van boeren wil beschermen, zal daar negatiever over denken.’

    Existentieel moment

    Geen wonder dat boeren dit zelf als een existentieel moment zien. Volgens de Sloveen Franc Bogovič, fruitteler en lid van het Europees Parlement, zou het plan om het gebruik van pesticiden tegen 2030 met 50 procent te verminderen – een van de doelstellingen van een fel betwiste richtlijn waarover EU-wetgevers momenteel onderhandelen – een groot deel van zijn productie wegvagen. ‘Ik zit al vele jaren in deze sector en ik heb nog nooit zo’n groot bezwaar gehad tegen een beleidsvoorstel,’ zegt hij.

    Hij is vooral ontstemd over het feit dat deze nieuwe verordeningen komen nadat in januari een grootschalige herziening van het Gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) ter bevordering van groenere productie in werking is getreden. Het GLB, dat landbouwers subsidieert, is in de loop der jaren gekrompen en steeds meer geld gaat naar milieuprojecten en nevenbedrijven in plaats van naar voedselproductie. ‘Ze proberen verder te gaan dan het beleid dat pas dit jaar van start is gegaan,’ zegt hij. ‘Mensen zijn bang voor hun toekomst. Ze komen in grote problemen als ze hun wijngaarden, boomgaarden of vleesproductie moeten inkrimpen, die ze vijf jaar geleden met leningen hebben gefinancierd. Je hebt twintig jaar nodig om daarmee je geld terug te verdienen.’

    ‘Boeren vragen zich af: “Waarom haat Brussel ons?”’

    Ondanks het verzet heeft Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, het tempo van de beleidsvorming sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne niet vertraagd. ‘Boeren vragen zich af: “Waarom haat Brussel ons?”,’ zegt Vandenkendelaere. Eén theorie is dat Von der Leyen steun nodig heeft van de Grünen in de Duitse coalitie om haar tweede termijn veilig te stellen. Een andere theorie is dat ze vindt dat landbouw – vooral de veeteelt – de planeet schaadt.

    ANP 467842947 1
    In de Sloveense hoofdstad Ljubljana protesteerden op 25 april duizenden boeren met zo’n 1500 tractoren tegen de milieurestricties voor de landbouw die de Sloveense regering van plan is in te voeren. – © Ales Beno / Anadolu Agency

    EU-doelstellingen Van Boer tot Bord

    – Gebruik van chemische en gevaarlijke pesticiden met 50 procent verminderen tegen 2030.

    – 20 procent minder meststoffen gebruiken tegen 2030.

    – Verkoop van antimicrobiële stoffen voor vee en aquacultuur verminderen met 50 procent.

    – De hoeveelheid land bestemd voor biologische landbouw verhogen van 9,1 procent in 2020 tot 25 procent in 2030.

    – Grotere veehouderijen verplichten zich aan de regelgeving te houden voor schone lucht en schoon water, die geldt voor de zware industrie.

    ‘De Commissie is ervan overtuigd dat de overgang naar een veerkrachtige en duurzame landbouwsector – in overeenstemming met de Europese groene ambities, de Boer tot Bord-strategie en strategieën voor biodiversiteit – van fundamenteel belang is voor de voedselzekerheid,’ zegt Eric Mamer, woordvoerder van Von der Leyen. Hij weigert te bevestigen of zij zelf rood vlees of zuivelproducten gebruikt. ‘De persoonlijke voedingskeuzes van de voorzitter zijn niet van invloed op de voorstellen van de commissie,’ zegt hij.

    Brussel heeft enkele veranderingen doorgevoerd sinds de oorlog in Oekraïne begon. Zo mogen boeren nu gewassen planten voor diervoeder op de 10 procent van de grond die normaal gesproken onbebouwd moet blijven om te herstellen – een regel die als voorwaarde geldt om subsidie te kunnen krijgen. Ook zijn de regels aangaande wisselbouw opgeschort.

    Maar het zijn de nationale regeringen die op de rem hebben getrapt. De voorstellen van de Europese Commissie kunnen door de zevenentwintig lidstaten worden gewijzigd, en punt voor punt werden de ambities afgezwakt.

    Het voornemen tot algemene vermindering van pesticiden is teruggestuurd naar de Commissie met het verzoek tot een nieuwe effectbeoordeling. Ministers klagen dat in plaats van rekening te houden met de uitgangspositie van elk land, aan iedereen dezelfde evenredige vermindering wordt opgelegd. Nederland, dat bijvoorbeeld al veel meer pesticiden gebruikt dan Polen, zou het gebruik bijvoorbeeld niet hoeven te veranderen. Er wordt ook bezwaar gemaakt tegen plannen om alleen rekening te houden met de hoeveelheid gebruikte chemicaliën en niet met de giftigheid ervan.

    Volgens sommigen is afkopen de beste manier om met tegenstand om te gaan

    Wat betreft herziening van de richtlijn industriële emissies (grotere veehouderijen worden verplicht te voldoen aan voorschriften voor schone lucht en schoon water die ook gelden voor de zware industrie) erkende de Commissie in februari dat zij vorig jaar bij de lancering van het voorstel verkeerde cijfers heeft gebruikt.

    De drempel voor naleving werd gesteld voor varkens-, pluimvee- en rundveebedrijven met ten minste 150 grootvee-eenheden, met de bewering dat daarmee slechts 13 procent van de Europese commerciële bedrijven zou worden getroffen. Die berekeningen waren echter gebaseerd op bedrijfsgegevens uit 2016. Toen de berekening opnieuw werd gemaakt met gegevens uit 2020, bleek dat zes op de tien pluimvee- en varkensbedrijven eronder zouden vallen.

    Een voorstel voor wettelijk bindende doelstellingen om daarmee de verslechtering van het milieu aan te pakken – vorig jaar voorgesteld als onderdeel van de Boer tot Bord-strategie – stuit op verzet omdat het onvermijdelijk zal leiden tot het verlies van landbouwgrond. Sommige gedraineerde veengronden zouden bijvoorbeeld opnieuw doorweekt raken. Het doel is om tegen 2030 maatregelen voor natuurherstel te hebben voor ten minste 20 procent van het land en de zee binnen de EU.

    Afzonderlijke wetgeving om ontbossing terug te dringen stuitte vorig jaar op verzet in landen als Zweden en Finland – voor hen werd een uitzondering gemaakt zodat ze de exploitatie van plantages voort kunnen zetten.

    In juni is het tijd voor het laatste deel van het Boer tot Bord-pakket; de wetgeving die landen gaat verplichten om de staat van hun bodem te controleren en te verbeteren. Zo’n zestien EU-ministers van Landbouw hebben in januari een brief aan Brussel ondertekend waarin ze zich erover beklagen dat dat beleid kan leiden tot ‘opoffering van land- en bosbouwgrond in de Unie’. ‘Dat zal zeer waarschijnlijk negatieve gevolgen hebben voor de voedselzekerheid, de toevoer van hernieuwbare grondstoffen (voor houtbouw of de bio-economie) en van hernieuwbare energiebronnen, zoals lokaal beschikbare biomassa’, aldus de brief.

    Afkoop

    Volgens sommigen is afkopen de beste manier om met tegenstand om te gaan. EU-landbouwcommissaris Janusz Wojciechowski deed al een oproep tot meer GLB-financiering omdat de inflatie – die vorig jaar in de eurozone bijna 10 procent bereikte – de reële waarde ervan heeft uitgehold. Het GLB ‘bedraagt slechts 0,4 procent van het bruto binnenlands product van de EU om voedselzekerheid, milieuveiligheid en klimaatzekerheid te garanderen,’ stelt hij.

    De particuliere sector is het daarmee eens. FoodDrinkEurope, dat fabrikanten vertegenwoordigt, heeft Von der Leyen opgeroepen een deel van de miljarden aan subsidies voor de groene transitie naar landbouw over te hevelen. ‘De EU-strategie Boer tot Bord beschikt niet over voldoende middelen en is niet toegerust voor de huidige marktrealiteit en de toekomstige druk,’ aldus de organisatie. Verschillende regeringen hebben eenzelfde oproep gedaan en wijzen erop dat de gestegen rente de prijs van noodzakelijke investeringen heeft opgedreven.

    Terug naar Griekenland, waar Georgios Georgantas, de Griekse landbouwminister, zegt dat boeren zoals Kazanas steun nodig hebben om Europa te kunnen blijven voeden. Aangezien klimaatverandering al gevolgen heeft voor de opbrengsten, ‘moeten we de landbouw op het huidige niveau houden’, zegt hij, ‘of zelfs uitbreiden.’

    Om dat te bereiken heeft Athene een fonds van 525 miljoen euro in het leven geroepen om jongeren te stimuleren in de landbouw te stappen. ‘De groene transitie is noodzakelijk voor de EU, maar dit zet landbouwers onder druk,’ zegt Georgantas. ‘Andere sectoren krijgen steun – ook de boeren hebben daar behoefte aan.’

    Lees ook:

  • Polen verbiedt de invoer van graan uit Oekraïne om eigen boeren te beschermen

    Polen verbiedt de invoer van graan uit Oekraïne om eigen boeren te beschermen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Burkina Faso geteisterd door jihadistisch geweld: 40 doden bij aanval

    » Burgeroorlog dreigt in Soedan: dit weekend zijn al 83 doden gevallen

    Importstop geldt ook voor melk, eieren en pluimvee uit Oekraïne

    De regering van Polen heeft besloten de invoer van graan uit Oekraïne tijdelijk een halt toe te roepen. Minister van Ontwikkeling Waldemar Buda gaf zaterdag ook documenten vrij waarin staat dat Oekraïense melk, eieren en pluimvee tot 30 juni niet in Polen zullen worden toegelaten, meldde de onafhankelijke Russische website Meduza. De leider van de regerende partij, Jaroslaw Kaczynski, zei dat de maatregel bedoeld was om ‘een ernstige crisis in de Poolse landbouwsector’ te voorkomen.

    Oekraïens graan bestemd voor het buitenland wordt doorgevoerd naar de Europese Unie sinds de traditionele exportroute via de Zwarte Zee werd geblokkeerd door de Russische invasie. Maar door logistieke problemen hebben de graanvoorraden zich in Polen opgestapeld, waardoor de lokale prijzen zijn gedaald. Dat heeft geleid tot protesten van boeren en het aftreden van de Poolse minister van Landbouw.

    Een week geleden sloten Kyiv en Warschau nog een akkoord over de doorvoer van Oekraïens graan

    Vorige maand hebben Polen en vier andere Midden-Europese landen de EU om hulp gevraagd bij het zoeken naar een oplossing voor het probleem dat wordt veroorzaakt door de lage Oekraïense graanprijzen. Ook Hongarije heeft besloten de import van Oekraïens graan te verbieden.

    Kaczynski benadrukte dat Polen ondanks de importstop ‘een onveranderde vriend en bondgenoot van Oekraïne’ blijft. Maar, voegde hij eraan toe, ‘de plicht van elke staat, elke regering – elke goede in ieder geval – is om de belangen van zijn eigen burgers te beschermen.’

    Het Oekraïense ministerie van Landbouw toonde zich teleurgesteld over het besluit van Polen en zegt dat het in strijd is met eerdere overeenkomsten tussen beide landen. Nog maar een week geleden sloten Kyiv en Warschau een akkoord over de doorvoer van Oekraïense tarwe, maïs, zonnebloempitten en koolzaad over Pools grondgebied tot 1 juni 2023.

    Lees ook:

  • Lokaal verzet tegen groene energie: ‘Ik heb het recht mijn werk te beschermen’

    Lokaal verzet tegen groene energie: ‘Ik heb het recht mijn werk te beschermen’

    Groene energie stuit op dezelfde problemen als fossiele brandstoffen eerder: protesten vanuit de gemeenschap, vooral vanwege een bedreiging van de inkomsten. Wereldwijd lopen projecten hierdoor aanzienlijke vertraging op.

    Projecten voor wind- en zonne-energie vereisen grote land- en wateroppervlakken, tot ongenoegen van plaatselijke boeren en vissers. Ze stuiten in toenemende mate op protesten waarmee ook fossiele-brandstofbedrijven jarenlang zijn geconfronteerd. Franse vissers hebben onlangs geprotesteerd tegen de aanleg van een 2,5 miljard euro kostend windmolenpark voor de kust van Bretagne.

    Afgelopen juni omsingelden dertig plaatselijke vissersboten een torenhoog offshore installatieschip voor de kust van Bretagne om de aanleg tegen te houden van een 2,5 miljard euro kostend windmolenpark dat zal worden gerund door de Spaanse elektriciteitsmaatschappij Iberdrola SA. De vissers slaagden erin het schip te verjagen, wat heeft geleid tot een gerechtelijk onderzoek op last van Ailes Marines, de Franse poot van Iberdrola. De vissers zeggen dat ze zich tegen het project zullen blijven verzetten omdat het hen in hun levensonderhoud bedreigt door de verstoring van het visbestand en hun toegang daartoe.

    ‘Vissers zeggen dat de zee van hen is, maar die is van ons allemaal’

    In bredere zin onderstrepen hun protesten een wereldwijd almaar toenemend probleem voor energiemaatschappijen en regeringen die de productie van duurzame energie willen opvoeren: groene-energieprojecten vereisen grote land- en wateroppervlakken en vormen daarmee een potentiële bedreiging voor de inkomsten van boeren en vissers. Het resultaat is dat op uiteenlopende locaties als Massachusetts, Zuid-Korea en Colombia de installatie van groene-energievoorzieningen met hetzelfde soort gemeenschapsbezwaren worden geconfronteerd als vroeger de producenten van fossiele brandstoffen.

    Machtige tegenstanders

    De protesterende groeperingen hebben met een scala van machtige tegenstanders te maken. Overal ter wereld zetten regeringen zich in voor de ontwikkeling van duurzame energie om de uitstoot van CO2 te verminderen. En aandeelhouders en rechters oefenen steeds meer druk uit op bedrijven om te investeren in groene energie. Zo bepaalde afgelopen mei een Nederlandse rechter dat Shell mede verantwoordelijk is voor de klimaatverandering en kreeg het bedrijf het bevel zijn CO2-uitstoot uiterlijk in 2030 met 45 procent te verminderen ten opzichte van het niveau van 2019. Enkele uren later verwierf bij Exxon Mobil een Amerikaans hedge fund dat een klein belang in de oliegigant heeft en wil dat deze zich meer op duurzame energie richt, zetels in de raad van bestuur van het bedrijf.

    Ook hebben de protesterende groeperingen het aan de stok met milieubewegingen, die vaak enigszins controversiële projecten steunen, zoals het windmolenpark voor de kust van Bretagne. Diezelfde regio werd in 1978 geconfronteerd met het scheuren van de romp van de mammoettanker Amoco Cadiz, een van de grootste olielekken uit de geschiedenis. ‘In die tijd zag ik vanuit mijn huis de enorme olievervuiling op het strand. Dat was voor mij de druppel,’ zegt Denez L’Hostis, erevoorzitter van France Nature Environnement, een koepel van Franse milieugroeperingen. Hij is voorstander van het Bretonse windmolenpark. ‘Vissers zeggen dat de zee van hen is, maar die is van ons allemaal,’ zegt hij.

    Volgens de Bretonse vissers zal het project schadelijk zijn voor ruim zevenhonderd hectare sint-jakobsschelpgronden en kan het lawaai van het park veel vis- en schelpdiersoorten uit het gebied verdrijven. Daardoor worden volgens hen drieduizend banen bedreigd.

    Volgens een woordvoerder van Ailes Marines kan de visserij doorgang blijven vinden in het gebied van het windmolenpark en heeft het bedrijf een budget van tien miljoen euro om eventuele vangstvermindering tijdens de bouw te compenseren. Ook zal het bedrijf de windmolenparken op grotere afstand van de sint-jakobsschelpgronden plaatsen en wordt het oorspronkelijk voorziene aantal van 100 windturbines teruggebracht naar 62. Daarmee zou vangst van sint-jakobsschelpen maar met 1,5 procent afnemen ten opzichte van het huidige niveau.

    Mede-eigenaar

    Maar de vissers willen dat het plan van tafel gaat. ‘Ik ben een voorstander van duurzame energie,’ zegt Jonathan Thomas, een van de protesterende vissers. ‘Maar ik heb het recht om mijn werk te beschermen, en dit project zal funest zijn voor de zeebodem.’

    Offshore windmolenparken ondervinden overal op de wereld verzet van vissers, met verschillend resultaat. In de VS hebben vissers die vangstverlies vrezen bezwaar aangetekend tegen de bouw van het 2,8 miljard dollar kostende windmolenpark voor de kust van Martha’s Vineyard in Massachusetts. Maar in mei is er federale toestemming gegeven voor het project, dat het eerste grootschalige windmolenpark in de VS zal zijn, en de bouw zal naar verwachting binnen een jaar beginnen. Volgens een woordvoerder van de ontwikkelaar van het park, Vineyard Wind LLC, is de omvang ervan teruggebracht en is na overleg met de visserijsector geld opzijgezet voor verlies van apparatuur of inkomsten.

    In Nederland en Duitsland is in sommige regio’s soms wel 90 procent van de windmolenparken in gemeenschapshanden

    In Zuid-Korea heeft de visserij bezwaar aangetekend tegen plannen van de regering om kolencentrales door windmolenparken te vervangen. Minstens dertig projecten zijn door de protesten met vele jaren vertraagd.

    Ook op het vasteland zijn projecten op het gebied van zonne-energie en geothermie vertraagd of zelfs geschrapt na protesten van boeren en anderen. Windmolenprojecten in Colombia en Mexico zijn herhaaldelijk tegengehouden – door middel van rechtszaken, betogingen en sabotage – door plaatselijke autochtone bevolkingsgroepen die zeiden dat ze onvoldoende werden gecompenseerd voor het verlies van hun voorouderlijke land. In 2017 werd de bouw van een windmolenpark in Kenia gestaakt nadat betogers een van de windmeetmasten hadden vernield en aannemers zich om veiligheidsredenen hadden teruggetrokken.

    In veel gevallen krijgt de plaatselijke bevolking een aandeel in duurzame-energieprojecten. Zo zijn Zuid-Koreaanse boeren in regio’s waar windmolenparken zijn gebouwd in totaal voor 30 procent eigenaar van alle windmolenparken in het land, wat volgens schattingen van de regering jaarlijks maar liefst 230 miljoen euro aan dividend kan opleveren. Dit model is op meer systematische basis ingevoerd in Denemarken, waar 75 procent van alle windturbines die het land telt in particuliere handen is. In Nederland en Duitsland is in sommige regio’s soms wel 90 procent van de windmolenparken in gemeenschapshanden en vormt het dividend daarvan een aanzienlijke bijdrage aan de pensioenpot.

    ‘Onze ervaring is dat gemeenschappen zich minder snel tegen projecten zullen verzetten als ze mede-eigenaars zijn en betrokken bij het runnen ervan,’ zegt Molly Walsh, student duurzame energie bij Friends of the Earth Europe, een netwerk van Europese milieugroeperingen. ‘Wanneer ze op deze manier betrokken zijn, kunnen plaatselijke gemeenschappen zelfs zo ver gaan dat ze de projecten niet alleen accepteren maar actief steunen.’

    Lees ook:

  • Europees landbouwbeleid: een ‘mislukte’ groene hervorming

    Europees landbouwbeleid: een ‘mislukte’ groene hervorming

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Oorverdovende stilte in de Chinese media rondom tennisster Peng Shuai

    » VS: Droogte zorgt voor andere kijk op waterzuivering

    De Groenen en klimaatbewuste boeren zijn teleurgesteld

    Het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) dat dinsdag door het Europees Parlement is goedgekeurd, is bedoeld om de landbouw te ‘vergroenen’. Maar het heeft de parlementsleden van de Groenen en boeren die de strijd tegen de klimaatverandering willen aangaan, grotendeels teleurgesteld. ‘Het bereikte compromis is bij lange na niet in staat om de beloofde klimaatdoelstellingen te halen’, aldus Der Tagesspiegel, dat zei dat Europa heeft ‘gefaald’ in zijn landbouwhervorming.

    ‘Lidstaten hebben de speelruimte om het beleid naar eigen inzicht ten uitvoer te brengen’

    De hervorming, die van toepassing zal zijn vanaf januari 2023, omvat premies voor boeren die deelnemen aan veeleisender milieuprogramma’s, milieuvriendelijker technieken gebruiken of het dierenwelzijn helpen verbeteren. De lidstaten zullen tussen 2023 en 2027 gemiddeld 25 procent per jaar van de rechtstreekse betalingen aan deze ‘ecoregelingen’ moeten besteden, met de mogelijkheid om in de eerste twee jaar slechts 20 procent uit te geven, schrijft Courrier International.

    Elk land moet tegen eind 2021 ook een ‘strategisch plan’ opstellen waarin het gedetailleerd uiteenzet hoe het de EU-middelen gaat gebruiken. Brussel zal ook moeten nagaan of het nationale landbouwbeleid in overeenstemming is met de doelstellingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen (Green Deal) en om het gebruik van pesticiden tegen 2030 met 50 procent te verminderen, waarbij een kwart van de grond voor biologische landbouw wordt gereserveerd.

    ‘Is dit wishful thinking?’ vraagt de Belgische krant Le Soir zich af. ‘Deels omdat de lidstaten de speelruimte hebben om het beleid naar eigen inzicht ten uitvoer te brengen’, aldus de Belgische krant.

    Lees ook:

  • Wereldbeeld: Boerenwelzijn

    Wereldbeeld: Boerenwelzijn

    Ook in India protesteren boeren tegen de landbouwhervormingen. De regering van premier Modi wil af van de vastgestelde garantieprijzen voor graan en rijst. Het zou meer mogelijkheden moeten bieden om producten te verkopen, maar de boeren zijn bang dat zij zo een speelbal worden van de vrije markt. Tijdens het Kisan Kalyan of ‘Boerenwelzijnevenement’, keken duizenden boeren, hindoes, sikhs en moslims naar een toespraak van de premier, die zei dat politieke partijen boeren niet moeten misleiden over de nieuwe hervormingen. Bijna alle oppositiepartijen steunen de protesten, al was het alleen maar om de hindoenationalistische regering dwars te zitten.

    © Epa / Sanjeev Gupta
    © Epa / Sanjeev Gupta