Tag: Colombia

  • Stad van Pablo Escobar is nu 
een paradijs voor pensionado’s

    Stad van Pablo Escobar is nu 
een paradijs voor pensionado’s

    Ooit gold Medellín als de gevaarlijkste stad op aarde. Maar die tijd is voorbij. Tegenwoordig is de stad met zijn zachte klimaat en goede voorzieningen een populaire bestemming voor Amerikaanse bejaarden.

    In een drukbezocht café aan een lommerrijke straat in Medellín drinkt Cindy Crawford Thomas een cappuccino. De gepensioneerde lerares uit Colorado Springs vertelt dat het haar geen enkele moeite kostte om het zuiden van Florida te verlaten en zich te vestigen in wat ooit de gevaarlijkste stad van de wereld was. ‘De beslissing om weg te gaan uit Florida was zo genomen. Het leven is daar te hectisch. Je kent je buren nauwelijks. Er zijn veel mensen, maar er is geen cohesie.’

    Medellín – waar Pablo Escobar opgroeide en vroeger ’s werelds gewelddadigste drugskartel zetelde – is een warme, kosmopolitische stad, vertellen Thomas en haar man David, met betaalbare huurwoningen, aangenaam weer en goede medische voorzieningen. Bovendien voelen ze zich hier veiliger dan in Florida. ‘Er wordt nog steeds gedacht dat in Medellín het hoogste aantal moorden ter wereld wordt gepleegd,’ zegt Thomas, ‘maar dat klopt niet meer.’

    Het echtpaar maakt deel uit van een almaar groeiende golf avontuurlijke gepensioneerden die besluiten naar Colombia te emigreren. In 2017 maakte de Amerikaanse Social Security 6704 pensioenuitkeringen over naar Colombia – een stijging van 85 procent ten opzichte van 2010 en op basis van voorlopige schattingen het hoogste aantal Amerikaanse pensioenen van alle landen in Latijns-Amerika, met uitzondering van Mexico.

    Pablo Escobar

    Media die zich op gepensioneerden richten, zijn vol lof over Medellín; televisieprogramma’s als House Hunters International brengen de stad prominent in beeld. En dat terwijl Medellín decennialang een plek was waar bezoekers met een grote boog omheen liepen. De stad was de thuishaven van drugsbaron Pablo Escobar en zijn Medellín-kartel. Huurmoorden en aanslagen met autobommen hielden de op een na grootste stad van het land in een wurggreep. Gedurende een groot deel van de jaren negentig werden er de meeste moorden ter wereld gepleegd, met als dieptepunt het jaar 1995: 225 moorden per 100.000 inwoners.

    Ondanks de bloedige reputatie die nog steeds aan de stad kleeft, is het aantal moorden gedaald naar 20 per 100.000 inwoners – veel lager dan in steden als St. Louis, Baltimore, New Orleans en Detroit.

    ‘Nu de stad steeds veiliger is geworden, komen er steeds meer toeristen en gepensioneerden deze kant op,’ zegt Juliana Cardona Quirós, wethouder Toerisme van Medellín. In 2017 bezochten meer dan 735.000 bezoekers de stad, een stijging van 5 procent ten opzichte van het jaar ervoor. ‘En het zijn niet alleen jonge mensen die je in cafés ziet zitten. Ook ouderen hebben de potentie van Medellín ontdekt,’ aldus Cardona. ‘Ze waarderen het zachte klimaat, het goede openbaar vervoer en een leven in een door natuur en bergen omringde stad.’

    Toch doen populaire series als Narcos of El Patrón del Mal, die zich afspelen in het gewelddadige verleden van de stad, afbreuk aan de reputatie van Medellín. Toen Nancy Kiernan en haar man met de gedachte speelden om na hun pensioen in Latijns-Amerika te gaan wonen, sprak ze een man die enorm enthousiast was over Medellín. ‘We glimlachten beleefd,’ weet ze zich nog te herinneren, ‘terwijl ik hem in gedachten voor gek verklaarde.’

    De 59-jarige Kiernan komt uit Maine en is manager medische dienstverlening. Toen ze bijna zes jaar geleden naar Medellín verhuisde, kende ze nauwelijks expats van haar leeftijd. Dat is wel anders sinds de stad zo vaak genoemd wordt in artikelen over pensioengerelateerde onderwerpen. Niet alleen trekt Medellín Amerikanen aan die in de VS wonen, maar ook Amerikanen die zich al hadden gevestigd in landen als Ecuador of Panama. ‘Sommige delen van de stad zitten vol gringo’s,’ zegt Kiernan.

     Het fraai gelegen Medellín is de tweede stad van Colombia met zo’n 2,5 miljoen inwoners. – © Jim Wyss / Getty Images
    Het fraai gelegen Medellín is de tweede stad van Colombia met zo’n 2,5 miljoen inwoners. – © Jim Wyss / Getty Images

    Het echtpaar Thomas verhuisde zes weken geleden van Boquete – een stad met ongeveer 25.000 inwoners in het noorden van Panama – naar Medellín. ‘Ik vond het daar saai, dus besloten we te kijken of Medellín beter zou bevallen,’ aldus Cindy Thomas.

    Ze vonden er een driekamerappartement dat ze delen met hun drie honden en drie katten. Ze betalen ongeveer 1400 dollar per maand. Hun maandelijkse uitgaven, inclusief lidmaatschap van een sportschool en frequente uitjes, schatten ze op ‘ruim onder de 3000 dollar’. Volgens Kiernan kan het overgrote deel van de mensen comfortabel leven voor minder dan 2000 dollar per maand. ‘Colombia is niet het goedkoopste land om in te leven, maar het is goed te doen,’ zegt Kiernan, terwijl ze haar vruchtensap drinkt in een glimmende shoppingmall vol winkels met internationale merken. ‘Het weer is fantastisch, het is een kosmopolitische stad, je kunt water uit de kraan drinken en de dienstverlening is deugdelijk.’

    De stad heeft een internationale luchthaven, waardoor Medellín makkelijk toegankelijk is vanuit de oostkust van de Verenigde Staten. Daarnaast zijn alle mogelijke medische voorzieningen aanwezig. Uit een enquête over het jaar 2017, gepubliceerd in het tijdschrift América Economía, blijkt dat 7 van de 49 belangrijkste ziekenhuizen van Latijns-Amerika in Medellín staan. Een rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie plaatst Colombia op plek 22 in een ranking van medische voorzieningen in 190 landen, boven de Verenigde Staten en Canada, die op nummer 37 en 33 staan. Emigranten met een permanente verblijfsvergunning die in Medellín wonen, kunnen zich inschrijven bij het ziekenfonds, dat maar 30 dollar per maand kost. David Thomas vertelde dat een vriend met een particuliere verzekering onlangs met een hartaanval met spoed naar het ziekenhuis moest. Hij hoefde maar 14 dollar uit eigen zak te betalen.

    Colombia is nog altijd de grootste cocaïneproducent ter wereld, de regering blijft strijden tegen linkse guerrillastrijders en nog altijd zijn politieke moorden dagelijkse 
realiteit

    Ondanks de juichende woorden is Medellín niet voor iedereen geschikt, vindt Brad Hinkelman, eigenaar van Casacol, een makelaarskantoor dat diensten verleent aan beleggers die in vastgoed willen investeren en aan gepensioneerden die een tweede woning zoeken. Hinkelman verwijt de media dat ze onrealistische verwachtingen scheppen van Medellín: of het is een poel van verderf waar harddrugs de dienst uitmaken, of het is ‘het Parijs van Latijns-Amerika’. ‘Er komen mensen naar ons kantoor die niet adequaat zijn voorbereid op een leven in deze stad,’ zegt hij. ‘Ze denken dat ze met een uitkering een luxeleven kunnen leiden. Aan ons de taak om hen te confronteren met de werkelijkheid.’

    Bovendien kampt Colombia nog steeds met omvangrijke en hardnekkige problemen. Het land is nog altijd de grootste cocaïneproducent ter wereld, de regering blijft strijden tegen linkse guerrillastrijders en nog altijd zijn politieke moorden dagelijkse 
realiteit. Desondanks plaatste het gezaghebbende tijdschrift International Living, dat zich richt op gepensioneerden, Colombia als zesde op de lijst van landen waar je na je pensioen het best kunt gaan wonen.

    Het echtpaar Thomas gaf les op de J.P. Taravella 
High School in Broward County, op ongeveer 8 
kilometer van de Marjory Stoneman Douglas High School, waar onlangs zeventien leerlingen en 
docenten met een geweer werden afgeslacht. En de moeder van David Thomas woonde een tijd in het bejaardenhuis in Hollywood waar in 2017 twaalf 
personen omkwamen door een elektriciteitsstoring die werd veroorzaakt door de orkaan Irma. Incidenten als deze maken dat er op een andere manier naar de wereld wordt gekeken, waardoor zelfs een stad met de reputatie van Medellín veilig lijkt. ‘Ik denk niet dat we ooit nog terugkeren naar Florida,’ aldus Cindy Thomas.

    Auteur: Jim Wyss
    Vertaler: Henriëtte Aronds

    El Nuevo Herald
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 42.000

    In 1977 voor het eerst uitgebracht als bijlage van de Miami Herald, sinds 1986 op eigen benen. Dé Spaanstalige krant (de tweede en meest gelezen in de VS) van de latinogemeenschap in Miami.

  • Moet Colombia het vredesakkoord met de FARC goedkeuren?

    Moet Colombia het vredesakkoord met de FARC goedkeuren?

    Na vier jaar onderhandelen in Havana hebben de Colombiaanse regering en de rebellen van de FARC een vredesakkoord getekend. De Colombiaanse president roept zijn landgenoten op het verdrag goed te keuren in een referendum dat gepland staat voor 2 oktober.

    NEE

    Wat anderen ook mogen zeggen, het vredesakkoord lijkt verdacht veel op een capitulatie voor de eisen van de FARC. En ik ben bang dat die onomkeerbaar zal zijn. De FARC heeft de status gekregen van gelijkwaardige conflictpartij en heeft zijn terroristische acties daardoor kunnen rechtvaardigen als oorlogsdaden. Hun commandanten stellen duizenden ontvoeringen voor als gijzelnemingen, en stelselmatige afpersing als het innen van oorlogsheffingen. De rekrutering van minderjarigen is in de ogen van de FARC geen misdaad tegen de menselijkheid, maar een vrijwillige en spontane keuze van jonge boeren om zich 
bij een gewapende strijd in dienst van de onderdrukten aan te sluiten. In Havana kreeg drugssmokkel de status van politiek delict, in plaats van de duistere associatie met internationale drugskartels die het in werkelijkheid is.

    Beide partijen dragen schuld aan het gebeurde, maar een van de twee blijft straffeloos. Terwijl FARC-leden, in plaats van de gevangenis in te draaien, hooguit een theoretische en lankmoedige vrijheidsbeperking krijgen opgelegd, zitten vijftienduizend militairen vast in afwachting van hun rechtszaak of zitten al onrechtvaardige gevangenisstraffen uit. Het is een heel ander lot dan dat van ‘Timoshenko’ [Rodrigo Londoño, de leider van de FARC] en andere FARC-commandanten, die met een mojito in de hand een lekker leventje leiden met de Cubaanse regeringschefs.

    Mijn nee-stem moet gezien worden als een protest tegen de hoge prijs die de regering-Santos bereid is te betalen voor een op zijn best partiële vrede

    Laten we vooral ook niet vergeten dat de slachtoffers geen schadeloosstelling krijgen. Maar in mijn ogen is dat nog niet eens het meest verontrustende. De FARC mag zelf leden van de Waarheidscommissie aanwijzen, en kan daardoor ook 
de keuze van rechters beïnvloeden die de fameuze Vredesrechtspraak moeten gaan uitvoeren.

    Ook is het verre van ondenkbeeldig dat de regering samen met de FARC-commandanten een Grondwetgevende Vergadering zal gaan vormen. Wat betekent een stem in het referendum eigenlijk? Volgens de regering is een ja-stem een stem voor de vrede en is een nee-stem er een voor oorlog. Om de kiezers ervan te overtuigen voor het akkoord te stemmen, is president Santos een overweldigende publiciteitscampagne begonnen, vol valse beloften. Je onthouden van stemming dient nergens toe; dat is geen alternatief. Door nee te stemmen daarentegen wijs je het gevaarlijke recept af dat het Havana-akkoord inhoudt, met al zijn vredesofferanden.

    Ik zal in ieder geval nee stemmen, al ben ik absoluut geen liefhebber van oorlog. Ik hoop oprecht dat de FARC zichzelf tot politieke partij zal omvormen. Mijn nee-stem moet gezien worden als een protest tegen de hoge prijs die de regering-Santos bereid is te betalen voor een op zijn best partiële vrede. In feite komt het akkoord neer op een capitulatie.

    Auteur: Plinio Apuleyo Mendoza (rechts op de foto)

    Plinio Apuleyo Mendoza is journalist, schrijver en diplomaat. Hij is vernoemd naar de klassieke schrijvers Plinius de Jongere en Apuleius. Mendoza was goed bevriend met Gabriel García Márquez.

    schermafbeelding 2016 09 07 om 10 28 09

    JA

    Ik heb begrip voor het wantrouwen dat veel Colombianen koesteren jegens de FARC. Toch heb ik vertrouwen in het akkoord en de manier waarop de onderhandelingen zijn gevoerd. U schrijft, meneer Mendoza [auteur van het artikel boven]: ‘Terwijl FARC-leden (…) hooguit een theoretische en lankmoedige vrijheidsbeperking krijgen opgelegd, zitten 15.000 militairen vast in afwachting van hun rechtszaak of zitten al onrechtvaardige gevangenisstraffen uit.’

    Allereerst moet worden benadrukt dat de afspraken over de Vredesrechtspraak in het akkoord op alle plegers van misdaden van toepassing zijn. Daar horen zeker ook delinquente leden van leger en politie bij, maar ook alle anderen die zware delicten hebben gepleegd. U schrijft dat er vijftienduizend militairen vastzitten, terwijl de FARC-commandanten in Havana een lekker leventje leiden.

    Ik moet zeggen dat deze overdrijving een tikje demagogisch op me overkomt: u vergeet dat in verhouding een groter deel van de FARC-strijders gevangenzit. En dat de aanwezigheid van FARC-leden in Havana als enig doel heeft om door middel van onderhandelingen een einde aan het conflict te brengen. Tot 2011 weigerden opeenvolgende Colombiaanse regeringen te erkennen dat er in juridische zin sprake was van een militair conflict met de FARC. Dit leidde ertoe dat militairen die zich aan misdaden schuldig hadden gemaakt, beoordeeld werden naar de strenge regels van de Rechten van de Mens, in plaats van naar die van het Internationaal Humanitair Recht, dat onderkent dat er een conflict gaande is en daarom voor een oorlogssituatie redelijkere criteria hanteert.

    Uw keuze om nee te stemmen is volstrekt legitiem. Maar ik denk dat u daarmee een gouden kans laat liggen om een einde te maken aan dit slepende conflict

    Verder beweert u dat ‘drugssmokkel in Havana de status (kreeg) van politiek delict’. Dat is onjuist. Er is een amnestie afgesproken, maar uiteraard niet voor zwaardere gevallen. U vergeet ook te vermelden dat de FARC beloofd heeft om elke connectie met drugs te verbreken.

    U vermeldt niet dat de rekrutering van minderjarigen is opgenomen in de lijst van delicten waarvoor geen amnestie geldt, zoals het internationaal recht dicteert. Ook is het niet waar dat, zoals u zegt, slachtoffers niet schadeloos gesteld zullen worden. Terecht veroordeelt u de verschrikkingen die de FARC op haar geweten heeft. Wij waren niet in Havana om dergelijke misdaden toe te juichen of te rechtvaardigen. Alle betrokken partijen moeten onvoorwaardelijk afstand nemen van hun wandaden.

    Uw keuze om nee te stemmen is volstrekt legitiem; het is uw goed recht. Maar ik denk dat u daarmee een gouden kans laat liggen om een einde te maken aan dit slepende conflict en te beginnen met de moeilijke taak een duurzame vrede te waarborgen. Ik hoop dat de Colombianen elkaar met dit referendum tegemoet zullen komen. Democratie en onenigheid gaan hand in hand. Maar een volwassen maatschappij moet op een volwassen manier zijn problemen kunnen oplossen.

    Auteur: Humberto de la Calle (links op de foto)
    Vertaler beide stukken: Valentijn van Dijk

    Humberto de la Calle leidde de vredesonderhandelingen met de FARC namens de Colombiaanse overheid. In het verleden was hij minister en vicepresident.

    El Tiempo (2x)
    Colombia | dagblad | 243.000 (487.000 op zondag)

    Een van de belangrijkste kranten van Colombia. Goed geïnformeerd, goed geschreven. Eigendom van de miljardair Luis Carlos Sarmiento

  • Denkend aan Holland…

    Denkend aan Holland…

    De Colombiaanse schrijver Héctor Abad, die vijf maanden in Den Haag woont, is onder de indruk van de Nederlandse strijd tegen het water. En van Multatuli.

    Als ik bij het huis in de buitenwijk van Den Haag kom waar ik vijf maanden ga wonen, 
kijk ik op de hoogtemeter van mijn mobiele telefoon en zie dat ik op één meter onder de zeespiegel sta.

    Dat zit er niet ver naast. Een kwart van Nederland ligt onder de zeespiegel. Ik wandel over de bodem van een strandmeer, doorsneden met kanalen en vol windmolens. Er zijn nauwelijks hoogteverschillen in dit winderige, vlakke land. En het is niet de laatste verrassing waarvoor deze bergbewoner uit de Andes komt te staan.

    Veel Europese rivieren monden in Nederland in zee uit. Dat is nogal 
wiedes, zeggen ze, want juist omdat het land zo laag ligt, komen ze hier uit. Dat wil zeggen dat Nederland één grote delta is waar de rivieren aan hun einde komen. Maar het lijkt wel of ze zich daar niet zomaar bij neerleggen: ze wringen zich in bochten, maken 
van de vloed gebruik om hun loop om te keren en zo hun leven te rekken, 
vormen grote meren van brak water in kommen laagland en bezinken in het zand (waarin ze zich levend begraven) in plaats van zich over te geven aan de zeedood.

    Zelf gemaakt

    Nederland is het grote kerkhof van de Europese rivieren. Het land dankt zijn vruchtbaarheid aan de dikke lagen sediment van al die stromen. Hier arriveren de majestueuze Rijn, Maas en Waal (in werkelijkheid de grootste zijrivier van de Rijn, vlak voordat hij zich in zee stort). Ook is er de Schelde, wellicht de traagste van alle, zo traag dat 
je op een bepaald punt niet meer weet of hij komt of gaat, want de vloed van de zee laat zich tot op tientallen kilometers landinwaarts voelen. En de IJssel (het enige woord dat ik ken dat met twee hoofdletters begint) en die andere zijrivier van de Rijn, de Nederrijn. Met al die waterlopen weet je nooit wat nu de hoofdrivier is en wat alleen maar zijrivieren.

    In mijn vocabulaire spreek je van een rivier als er zijstromen in uitmonden, maar het waterweefsel hier (kanalen, stuwen, dijken, sluizen, dammen, uiterwaarden) is nog ingewikkelder dan Brussels kant of het halfcirkelvormig web van Amsterdamse grachten dat een fascinerend labyrint van straten creëert.

    Volgens de schrijver Cees Nooteboom – de volgende Nobelprijswinnaar – hebben de Nederlanders ‘het land dat ze bewonen niet ontdekt of in bezit genomen, maar zelf gemaakt’. Grachten en sloten graven om meren droog te leggen, grond ophopen om het water tegen te houden en er landbouw op te bedrijven. Windmolens om het water weg te pompen en polders te creëren, windmolens om moerassen droog te malen, windmolens voor de prachtige schilderijen van de Vlaamse School. 
Die schilderkunst is zo volmaakt dat het wel lijkt of ze alle energie uit de andere kunsten heeft weggezogen: de Lage Landen hebben bij mijn weten geen grote componisten van klassieke muziek voortgebracht. Wel grote denkers: Erasmus en Spinoza, die de tolerantie predikten in een Europa dat verscheurd werd door politiek en religieus fanatisme. En Anne Frank, niet te vergeten, die in wezen hetzelfde deed.

    © Bert Spiertz / Hollandse Hoogte
    © Bert Spiertz / Hollandse Hoogte

    De Cervantes van Nederland, de klassieker en het boegbeeld van de Nederlandse literatuur, is Multatuli. Hij diende het koloniale Nederland zijn eigen tegengif toe, hij was de scherpste criticus van het kolonialisme, want hij kende de misstanden in Indonesië uit de eerste hand. Zijn roman Max Havelaar is een aanklacht vol ironie en spot die in alle landen gelezen zou moeten worden die, net als wij, voormalige koloniën zijn en gedeeltelijk nog steeds koloniën zijn. Sinds ik gelezen heb wat Multatuli over Oost-Indië heeft geschreven, begrijp 
ik Nieuw-Granada (de Spaanse kolonie waar het huidige Colombia deel van uitmaakte) beter.

    De Lage Landen leveren een heroïsche en tragische strijd tegen de dood. Het is niet ondenkbaar dat door de opwarming van de aarde en het stijgen van de zeespiegel het land, dat met eeuwenlang ploeteren aan het water is ontworsteld, weer overstroomd zal worden. Maar het tegendeel lijkt waarschijnlijker: misschien zal dit watervolk, gewend als het is met deze dreiging te leven, het enige zijn dat die aanstormende ramp keert. Nu al bereidt het zich voor op een zeespiegelstijging van 1,10 m in 
de volgende honderd jaar. Welk ander land is nu al bezig zich voor te bereiden op de komende eeuw? Alleen dit rijzige volk der Lage Landen.

    Auteur: Héctor Abad
    Vertaler: Jos den Bekker

    Héctor Abad (1958), writer in residence bij het NIAS, geldt als een van de belangrijkste auteurs van ná de Latijns-Amerikaanse boom. In 2010 verscheen van hem Het vergeten dat ons wacht (2010), een boek over de moord op zijn vader door de paramilitairen in 1987. Op 16 juni komt de vertaling van zijn nieuwste boek uit, De geheime droom van het land.

    Héctor Abad.
    Héctor Abad.

    El Espectador
    Colombia | dagblad | oplage 80.000

    Opgericht in 1887 en tot 2000 een van de meest dynamische kranten van het land. De stellingname tegen de drugskartels bezorgde de krant een internationale reputatie. Financiële problemen dwongen El Espectador ertoe zich om te vormen tot weekblad, maar sinds 2008 verschijnt de krant opnieuw als dagblad.

  • Panden van de peetmoeder van Pablo Escobar onteigend

    Panden van de peetmoeder van Pablo Escobar onteigend

    Colombia begint een onteigeningsprocedure tegen de erven van Griselda Blanco, alias ‘de zwarte weduwe’, beter bekend als de peetmoeder van Pablo Escobar. Inzet is onroerend goed met een geschatte waarde van 2,7 miljoen euro.

    Griselda Blanco, de buitenechtelijke dochter van een grondbezitter en zijn dienstmeisje, was de koningin van de wereldwijde cocaïnehandel en peetmoeder van de destijds nog ordinaire autodief Pablo Escobar, voor wie ze de weg plaveide.

    Volgens de legende liet ze jarretels, hakken en bh’s met geheime ruimtes ontwerpen om drugs in te vervoeren. Op het hoogtepunt in haar carrière verscheepte ze meer dan 1500 kilo cocaïne per maand tussen Colombia en de Verenigde Staten. Haar dood drie jaar geleden – ze werd op haar negenenzestigste geliquideerd nadat ze vlees had gekocht bij haar vaste slager – was een onverwachtse afrekening.

    De staat Colombia probeert in een procedure beslag te leggen op vier panden, gelegen in de exclusieve wijk El Poblado van Medellín. De eigendommen zouden zijn gekocht met geld dat afkomstig is uit de drugshandel. De panden ter waarde van ongeveer 2,7 miljoen euro staan op naam van Griselda’s zonen Michael Corleone – vernoemd naar de Godfather – en Dixon Darío Trujillo Blanco, en vertegenwoordigen slechts een klein deel van het fortuin van ‘de weduwe’, ooit een van de rijkste vrouwen ter wereld. Het meeste is via legale verkoop in handen van derden gekomen. Vandaar dat de autoriteiten besloten die zaken niet mee te nemen in het onteigeningsproces. Wel wordt beslag gelegd op enkele eigendommen die Griselda Blanco in de Verenigde Staten wist te bemachtigen.


    Genadeloos

    Griselda’s moeder, Ana Lucía Restrepo, was huishoudster op een landgoed in Cartagena, maar werd ontslagen toen ze zwanger bleek te zijn van haar baas. Moeder en dochter leefden in grote armoede en konden niets anders dan hun heil te zoeken in de sloppenwijken van Medellín. Daar ontwikkelde Griselda, nauwelijks elf jaar oud, zich tot een professionele zakkenroller. Op haar elfde zou Blanco tevens haar eerste moord hebben gepleegd, toen ze samen met leeftijdsgenoten een rijk jongetje ontvoerde in de hoop op losgeld. Toen de familie van het slachtoffer niet snel genoeg reageerde, zette de jonge Blanco een pistool tussen zijn ogen en haalde de trekker over. Deze genadeloosheid 
is kenmerkend voor haar verdere loopbaan. Begin jaren zeventig vermoordde ze haar eerste echtgenoot José Trujillo, een kleine straatcrimineel en Blanco’s jeugdliefde. In de VS trouwde ze cocaïnedealer Alberto Bravo en legde met hem een geraffineerd smokkelnetwerk aan. Maar Blanco verdacht haar man ervan geld achterover te drukken en schoot hem meerdere malen in zijn gezicht. Sindsdien draagt ze de bijnaam ‘de zwarte weduwe’.

    Arrestatiefoto van Griselda Blanco
    Arrestatiefoto van Griselda Blanco

    Griselda Blanco werd in 1975 door een rechtbank in New York bij verstek veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf, het gevolg van de zogenoemde Operatie Bashee, die in dat jaar een zware slag toebracht aan de Colombiaanse kartels die in de Verenigde Staten werkzaam waren.


    Twee kogels

    Haar arrestatie in 1985 maakte een abrupt einde aan Blanco’s loopbaan. Ze werd in Californië opgepakt en veroordeeld tot 25 jaar cel, tien jaar boven op haar eerdere straf. Eind jaren negentig ontsnapte ze ternauwernood aan de doodstraf doordat haar aanklagers een procedurefout maakten. In 2004 kwam ze vrij en werd ze naar haar vaderland gedeporteerd. Daar leidde ze een betrekkelijk onopvallend bestaan, totdat ze in 2012 stierf met twee kogels in haar hoofd toen ze in de wijk Belén de slagerij uitliep.

    Pablo Escobar en Donald Trump

    In Colombia wordt getergd gereageerd op de Amerikaanse serie Narcos (op Netflix) over het leven van Pablo Escobar. ‘De serie overtuigt wellicht de gringo’s in Miami, maar ons absoluut niet’, briest de krant El Tiempo (Bogotá). Al jaren verdraaien Amerikaanse tv-series volgens de krant de werkelijkheid en vergelijken ze Colombia met een narcostaat. ‘Het grappige is ditmaal dat volgens de serie de Amerikaanse drugsbestrijders van de DEA de klus hebben geklaard. Narcos schetst een even vertekend beeld van Colombia als Donald Trump van de latino’s in het algemeen.’

    Lees ook:
    Hoe latinokinderen griezelen van Donald Trump (360, editie 84)


    (Foto boven: Griselda Blanco met haar voormalige minnaar en partner in crime Charles Cosby. – Still uit de documentaire Cocaine Cowboys)