Inheemse gemeenschappen in het zuidwesten van Colombia gaan de juridische strijd aan met de frisdrankmultinational Coca-Cola. Ze komen in verweer tegen het dreigement van de Amerikaanse multinational om hen aan te klagen omdat ze een plaatselijk bier de naam Coca Pola hebben gegeven.
Donderdag verklaarden vertegenwoordigers van de inheemse groepen Nasa en Emberá Chamí dat ze de verkoop van Coca-Cola in hun gebied willen verbieden als de frisdrankgigant zijn dreigement niet intrekt. ‘Coca is een voorouderlijk symbool voor inheemse volkeren, die op cocabladeren kauwen en ze gebruiken in rituelen en ceremonies’, schrijft het Colombiaanse tijdschrift Semana. ‘Zij zijn dan ook van mening dat het Amerikaanse bedrijf, door de naam Coca zonder overleg met hen te registreren, zich schuldig heeft gemaakt aan misbruikpraktijken die in strijd zijn met nationale, Andes- en internationale regelgeving op het gebied van de mensenrechten, zo concludeert het weekblad.
De Frans-Colombiaanse Ingrid Betancourt, die zes jaar lang gegijzeld werd door de guerrillagroepering FARC, heeft dinsdag haar kandidatuur aangekondigd voor de voorverkiezing van een coalitie van centrumpartijen, meldt El Tiempo. Volgend voorjaar worden in Colombia presidentsverkiezingen gehouden.
Betancourt, negenvijftig jaar, werd ontvoerd in 2002 toen ze als senator voor de groene partij Partido Verde Oxígeno ook al campagne voerde voor het presidentschap. ‘We moeten leren om weer vrije burgers te zijn’, zei ze dinsdag tegen haar aanhangers.
‘Het jaar 2022 begon met veel geweld in drie dorpen in het Colombiaanse departement Arauca’, schrijft de Colombiaanse krant El Espectador. De dissidenten van de FARC en het Nationale Bevrijdingsleger (ELN) voeren strijd om het grensgebied met Venezuela, ondanks de aanwezigheid van de burgerbevolking in Tame, Fortul en Saravena. Arauca is een strategisch gebied voor de drugshandel waarmee de guerrilllabewegingen hun strijd financieren.
Volgens Etelivar Torres, burgemeester van Arauquita, ligt het aantal doden in het departement rond de zeventien. De autoriteiten in de regio spreken van een risico op ontheemding van tweeduizend mensen.
Sinds het vredesakkoord van 2016 heeft de leiding van de FARC, een communistische, revolutionaire guerrillagroep, de gewapende tak opgeheven. Echter, er zijn verschillende fracties van de rebellengroep die de strijd hebben voortgezet. De marxistisch-leninischtische fractie ELN heeft zich niet aangesloten bij het vredesakkoord. In 2017 ontvoerde zij de Nederlandse programmamaker Derk Bolt en zijn cameraman. De groepen voeren onderling strijd om strategische posities.
VS kondigt regionaal pact aan om ontbossing tegen te gaan
De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft tijdens een bezoek aan Colombia aangekondigd dat zijn land een regionaal pact zal lanceren om de ontbossing in het Amazonegebied tegen te gaan, bericht MercoPress. Blinken prees de ambitieuze milieudoelen van Colombia: president Iván Duque legt zich erop toe ontbossing in 2030 tot staan te brengen.
Blinken deed zijn uitspraken kort voor de VN-milieutop die de eerste twee weken van november in het Schotse Glasgow worden gehouden. Ze kunnen worden gezien als een poging om een van de belangrijkste oorzaken van de opwarming van de aarde aan te pakken. Tijdens de top werd er al op dinsdag een akkoord bereikt om ontbossing te stoppen.
Het is niet bekend hoeveel mensen er elk jaar omkomen in het ondoordringbare oerwoud van de Darién, tussen Colombia en Panama. Maar dat het er veel zijn, is duidelijk. De autoriteiten gaan een ‘humanitaire corridor’ opzetten voor de migranten, die het liefst zo snel mogelijk doorreizen naar de Verenigde Staten.
‘Salomon is afgelopen week omgekomen in de jungle.’ Jeff Sagasse, een lange en slungelige Haïtiaan die bijna perfect Spaans spreekt, vertelt het met koele berusting alsof Salomons lot onvermijdelijk was. In een restaurant in Necoclí, een kuststadje in Colombia waar meer dan tienduizend migranten zich hebben verzameld die op doorreis zijn naar Panama, haalt hij zijn mobiele telefoon tevoorschijn en laat een foto zien. Vanonder een breedgerande rode hoed kijkt Raymond Salomon in de camera. Boven zijn foto staat een kruis met een boodschap in het Haïtiaans Creools: ‘Het nieuws heeft me erg veel verdriet gedaan. Rust in vrede, mijn vriend.’ Een Haïtiaan die in Chili verblijft, heeft dit berichtje op Whatsapp geschreven. Ze vertellen dat hij tweeënveertig jaar oud was, bouwvakker, en dat hij met acht familieleden de dichte jungle van de Darién wilde doorkruisen, maar dat hij in een gezwollen rivier is verdronken. Niemand kon hem redden. Zijn lichaam is opgeslokt door de jungle. ‘Salomon was een erg goede bouwvakker. Voor hij vertrok heb ik nog tegen hem gezegd dat hij heel goed moest oppassen. Maar nu is hij er niet meer,’ vertelt Irvens Norvilus, een andere Haïtiaan die vanuit Chili op het punt staat naar de Darién te vertrekken.
De autoriteiten weten niet precies hoeveel migranten er zijn omgekomen tijdens pogingen om Panama te bereiken. Het is stap één van de lange reis via Costa Rica en Mexico naar de Verenigde Staten, waar ze hun Amerikaanse droom willen waarmaken. Degenen die het wel is gelukt, vertellen dat de 500.000 hectare grote Darién een van de gevaarlijkste grenspassages van heel Zuid-Amerika is. En dat dit vochtige en ondoordringbare oerwoud een kerkhof is.
Aan alle kanten loert gevaar en dat weten de Haïtianen. Maar erover praten doen ze niet. Anderen zeggen dat ze geen keus hebben. ‘Gisteren moest ik huilen. Maar toen ik mijn familie belde, zei mijn zus tegen me: “Wat je ook doet, kom niet terug. Je bent al zo ver gekomen, niet opgeven”,’ vertelt de Dominicaanse Surys Rivera die meereist met een groep Haïtianen. Ze is op zoek naar een fles creoline, een ontsmettingsmiddel dat zou helpen tegen slangen en andere wilde dieren in de jungle. In haar koffer heeft ze behalve kleding en wat pijnstillers, ook drie inhalatoren omdat ze astmatisch is. Ze is vertrokken uit Chili en is al door Peru, Ecuador en Colombia gereisd. Onderweg heeft ze van alles weggegeven om minder bagage te hoeven meeslepen. Ze geeft haar mobiele nummer om ons op de hoogte te houden van de doortocht waar ze twee dagen geleden aan is begonnen. Maar nog steeds geen teken van leven. Migratie is een gebed zonder einde, een mobiel zonder signaal en onbeantwoorde appjes.
Villa Haití
Het is druk op de pier van Necoclí. Sinds juli staan er bijna elke dag duizenden Haïtiaanse mannen en vrouwen met kinderen op de arm in de rij om aan boord te gaan. Ze willen weg uit deze kustplaats van zeventigduizend inwoners (de stadskern heeft er twintigduizend) waar ze al enkele dagen zijn om naar Capurganá te gaan, de laatste plaats vóór de jungle van de Darién.
Afrikaanse muziek moet het opnemen tegen de Colombiaanse vallenatos die uit een luidspreker schallen. Door een megafoon leest een verkoper de namen voor van migranten die een plaatsje hebben weten te bemachtigen. Hij telt tot elf en vraagt ze een mondmasker op te doen, maar niemand luistert. De klamme hitte is verstikkend. Een Haïtiaans stel met een baby lukt het niet op de boot te komen. Ze komen uit Brazilië en spreken geen Spaans. Ze konden geen kaartje krijgen van een commerciële maatschappij en moeten dus nog een dag wachten, of het met een illegale boot wagen. De wanhoop straalt van ze af, maar ook zij kunnen daar niet aan toegeven.
Een paar blokken verder probeert een grote groep Haïtianen een boot te bemachtigen om de overtocht mee te wagen. Dit gebied waar opeengepakt op legale boten zo’n duizend mensen per dag vertrekken, wordt Villa Haití genoemd. Volgens de Panamese autoriteiten zijn alleen al in juli, zo’n achttienduizend migranten het land binnengekomen. De Haïtianen reizen in groepen van familieleden, vrienden en buurtgenoten zodat ze elkaar in de jungle kunnen helpen, mocht dat nodig zijn. Een dag voor de reis sturen ze iemand vooruit om kaartjes te kopen. Het lukt alleen niet altijd om genoeg kaartjes te krijgen, dus vallen de groepjes op het moment van vertrek vaak uiteen.
‘Dit is humanitaire hulp, maar we moeten er ook aan verdienen, papi’
‘Alle kinderen boven de twee jaar moeten betalen. Er kunnen maar tweeënnegentig personen op de boot maar we zijn met vierennegentig. De enige optie is dat één persoon uit de groep van boord gaat,’ zegt een Colombiaan die de boten regelt. ‘Dit is humanitaire hulp, maar we moeten er ook aan verdienen, papi.’
Migranten betalen 55 dollar voor de overtocht naar Capurganá. Ze dragen reddingsvesten en de reis is goed verzorgd. Hun koffers zijn beschermd met zakken en er hangt een naamlabel. Maar het kaartje kost meer dan het dubbele dan wat toeristen betalen voor deze boottocht. Want in Necoclí wordt de veiligheid van een migrant berekend in dollars. In de hele stad kun je ermee betalen en ook de detailhandel heeft een impuls gekregen. Hoe duurder, hoe veiliger, zeggen ze dan. Ook al is dat in werkelijkheid niet zo.
Wie geld genoeg heeft en bang is voor de jungle, betaalt liever een illegale boot die in donkere nachten uitvaart wanneer het rustig is op zee. Ze betalen tot 450 dollar per persoon aan coyotes – zoals de migrantensmokkelaars worden genoemd – die ze rechtstreeks naar Panama varen. ‘Zo mijd je een gevaarlijk tocht van acht dagen vol ravijnen en berovingen,’ vertelt een lokale bron.
‘Iedereen denkt dat wilde dieren het ergste probleem zijn, maar het grootste gevaar zijn de criminelen’
‘Iedereen denkt dat wilde dieren het ergste probleem zijn, maar het grootste gevaar zijn de criminelen. Zij schenden de rechten van hun medemens,’ verklaart Juan Francisco Espinosa, directeur van Migración Colombia.
Op zee zijn migranten ook niet veilig. In januari dit jaar verging een boot met Haïtianen aan de Colombiaanse kant van de baai van Pinorroa. Er zijn drie lichamen teruggevonden onder wie een meisje van zes. Vier andere migranten worden nog steeds vermist. Daarvoor verdronken in 2019 eenentwintig Afrikanen onder wie een baby van één. ‘Het werkelijke aantal doden wordt gemaskeerd omdat het om illegale migratie gaat. Dat geldt ook voor de Darién,’ vertelt Espinosa.
Migranten betalen altijd een ‘gids’, die 120 dollar per persoon rekent om ze veilig door het gewelddadig gebied te loodsen waar het stikt van de gewapende groepen zoals de Clan del Golfo. ‘Mensen die hiernaartoe willen komen, druk ik op het hart dat niet te doen. Het oerwoud is veel te gevaarlijk. Ze hebben me alles afgepakt en ze hebben me nog net niet vermoord. De gidsen lieten ons op dag twee al stikken,’ vertelt een Venezolaan die de Darién al heeft doorkruist. Uit meerdere getuigenissen die op de stranden van Necoclí de ronde doen, blijkt dat roof, verkrachting en moord aan de orde van de dag zijn.
Effect van de pandemie
Deze humanitaire crisis is niet nieuw, maar wordt door de coronapandemie weer aangewakkerd. Na de aardbeving van 2010 zijn veel migranten vanuit Haïti naar Brazilië en Chili getrokken. En door de economische gevolgen van lockdowns in die landen, zijn ze opnieuw over het Zuid-Amerikaanse continent gaan zwerven. ‘Ik had een discotheek, maar door de lockdown moest die dicht, vertelt Sagasse. Hij is zesentwintig jaar oud, gaat gekleed als een basketballer en draagt een gouden ketting om zijn nek. Hij zegt dat hij de president van Colombia graag zou willen spreken. ‘We hebben goed transport nodig, een humanitaire corridor naar Panama. We willen helemaal niet in Colombia blijven. We zijn hier alleen op doorreis naar de Verenigde Staten of Canada.’
Maar ook al gaat het hier om transitmigratie, toch heeft dat grote gevolgen. Volgens Migración Colombia is dit de grootste migratiebeweging binnen de regio van de laatste vijftien jaar. In 2016 waren er 34.000 transitmigranten, in 2019 19.000 en in 2020 4000. En nu zie je een inhaalslag op de lagere cijfers van 2020, voegt directeur Espinosa toe.
Over corona heeft bijna niemand het
De opeenhoping van migranten in het stadje Necoclí wordt aangemerkt als een gezondheidscrisis. Een arts van het gemeenteziekenhuis dat gratis zorg verleent op het strand, vertelt dat de kinderen vaak diarree hebben en de volwassenen vaak griep. Over corona heeft bijna niemand het. Vlakbij verstrekt een stand van het Instituto de Bienestar Familiar (Instituut voor Gezinswelzijn) zwangere vrouwen en kinderen voedingssupplementen. Maar daarmee houdt de overheidshulp op.
Allerlei geruchten doen de ronde. Migranten klampen zich vast aan de kleinste zekerheden: een foto, een spraakberichtje van iemand die het is gelukt de grens over te steken. En wanneer ze zich niet aan de journalisten ergeren, komen ze naar hen toe om te vragen of ze meer weten van een mogelijke humanitaire corridor. ‘Weet u of het klopt dat alleen Cubanen en Venezolanen worden doorgelaten?’ vraagt de Cubaanse Julio Chacón. Hij is via Suriname naar Venezuela gereisd, vervolgens naar Colombia en werkt nu hier in de bediening om de tocht door het oerwoud te kunnen betalen.
‘We hebben gehoord van verkrachtingen, berovingen en moorden in de jungle’
Hetzelfde lot is een groep Venezolanen beschoren die te voet in Necoclí zijn aangekomen en in tenten op het strand leven. Onder leiding van Saida González, een Venezolaanse ex-militair die steeds in huilen uitbarst als ze over haar uniform praat, pleiten ook zij voor een veilige corridor naar Panama. ‘We hebben gehoord van verkrachtingen, berovingen en moorden in de jungle,’ vertelt een vrouw naar aanleiding van de filmpjes van landgenoten waarop doden te zien zijn.
De Colombiaanse en Panamese autoriteiten hebben besloten humanitaire oplossingen te zoeken voor een ‘ordelijke en veilige doortocht van migranten’. De Panamese minister van Buitenlandse Zaken Érika Mouynes heeft gezegd maandag een bezoek te brengen aan de haven van Necoclí om het aantal migranten te bepalen dat ordelijk en veilig kan worden opgevangen. ‘We willen niet dat migranten het risico lopen te verdrinken of de Darién te moeten doorkruisen waar het veel te gevaarlijk is. Er zijn veel vrouwen en kinderen bij betrokken,’ voegt haar Colombiaanse collega Martha Lucía Ramírez toe.
‘Veel mensen verdrinken tijdens de overtocht, ik wil niet dat mij dat overkomt’
Voor velen zoals Salomon of de baby uit Congo-Kinshasa die in 2019 omkwam, komt die corridor te laat. Dat geldt ook voor Surys die, als haar astma zijn tol niet heeft geëist, nu bezig is met de vijfde dag van haar tocht door de jungle.
Want zolang er geen maatregelen worden genomen, zullen de migranten blijven komen. Guerlande Lesperance is eenentwintig jaar oud, mager en erg bang: ze kan niet zwemmen. Daags voordat ze aan boord ging van de boot die haar rechtstreeks naar Panama zou brengen, was ze als de dood dat ze zou verdrinken, terwijl haar familie moest toekijken en niemand haar kon redden. ‘Veel mensen verdrinken tijdens de overtocht, ik wil niet dat mij dat overkomt,’ vertelde ze. Net als veel andere migranten heeft ze haar mobiele nummer doorgegeven. Maar ze heeft nog steeds niet geantwoord.
De regering van Venezuela kondigde maandag aan dat het de grens met Colombia gaat openstellen, meldt de Colombiaanse krant El Universal. Venezuela had in februari 2019 de landgrenzen gesloten tijdens de impasse tussen president Nicolás Maduro en oppositieleider Juan Guaidó, die door zo’n vijftig landen, waaronder de VS en Colombia, als interim-president wordt erkend. Caracas had ook de diplomatieke betrekkingen met Bogotá verbroken nadat Colombia Juan Guaidó als interim-president had erkend.
De twee landen delen een grens van 2200 kilometer
De grens was al sinds 2015 bijna volledig gesloten wegens spanningen tussen de twee buurlanden. De twee landen, die in ideologisch opzicht tegenover elkaar staan, delen een grens van 2200 kilometer.
Thailand wil met een economisch stimulerings- en investeringspakket rijke wereldburgers, gepensioneerden en hoogopgeleide professionals uit het buitenland aantrekken om de economie na de pandemie nieuw leven in te blazen. Lokkertjes zijn onder meer een tienjarig Thais visum voor het hele gezin. Daarnaast hoopt Thailand buitenlanders over de streep te trekken met automatische werkvergunningen, dezelfde inkomstenbelasting als Thaise burgers en belastingvrijstelling voor elders verworven inkomsten en eigendommen, meldt The Bangkok Post.
De regering hoopt in de komende vijf jaar meer dan een miljoen professionals naar Thailand te trekken
De regering hoopt zo in de komende vijf jaar meer dan een miljoen gekwalificeerde mensen naar Thailand te trekken, aldus regeringswoordvoerder Thanakorn Wangboonkongchana. ‘De regering verwacht dat deze buitenlanders gemiddeld een miljoen baht, circa 25.520 euro, per persoon per jaar uitgeven gedurende hun verblijf in Thailand, oftewel ongeveer een biljoen baht in de komende vijf jaar.’ Daarnaast rekent de regering erop dat de bezoekers met langetermijnvisa zeker zo’n 540 miljard baht aan belastingen zullen afdragen.
De terugloop van toerisme door corona heeft het levensonderhoud gedecimeerd van duizenden toerisme- en horecamedewerkers in Kenia. Zo verdient een alleenstaande moeder met twee kinderen in Nairobi, die elke maand zo’n 850 euro ontving als gids voor een safaribedrijf, nu nog slechts tussen de 85 en 127 euro per maand door vis te koken en te verpakken voor buren, vrienden en klanten die ze via Facebook vindt, schrijft The New York Times.
Vóór de pandemie was Kenia de op twee na grootste toeristische bestemming in Afrika
Vóór de pandemie was Kenia de op twee na grootste toeristische bestemming in Afrika. Toerisme droeg jaarlijks met 1,37 miljard euro bij aan de nationale economie en zorgde voor 1,1 miljoen banen, oftewel ruim 8 procent van de werkgelegenheid in het land. Het coronavirus was desastreus: tijdens het hoogseizoen tussen juli en oktober vorig jaar werden de meeste boekingen geannuleerd, met ontslagen en salarisverlagingen tot gevolg. Veel reisorganisaties moesten de deuren sluiten. De toerismesector in Kenia en andere Oost-Afrikaanse landen krijgt amper hulp van de overheid.
Colombia weert gerenommeerde schrijvers van boekenbeurs
De boekenbeurs van Madrid, die vandaag van start gaat, heeft dit jaar Colombia als gastland. Het zou een feestelijke aangelegenheid moeten zijn, maar het besluit van de regering van president Iván Duque om enkele grote namen uit de hedendaagse Colombiaanse literatuur, waaronder Laura Restrepo, Fernando Vallejo, William Ospina, Piedad Bonet en Héctor Abad Faciolince, uit te sluiten van de lijst van auteurs die het land vertegenwoordigen, heeft veel stof doen opwaaien, schrijft de Mexicaanse krant La Jornada.
Sinds Duque in 2018 aan de macht kwam, heeft hij een slechte relatie met de cultuurwereld
De regering verklaart dat ze van de beurs geen politiek evenement wil maken ‘noch voor de ene, noch voor de andere partij‘, en daarom heeft men ervoor gekozen ‘neutralere’ stemmen uit te nodigen. De auteurs spreken over ‘zwarte lijsten’ en ‘censuur’ en beweren dat de regering probeert te voorkomen dat tijdens het literaire evenement de ernstige problemen die het land doormaakt sinds het presidentschap van Duque, zoals geweld, armoede en de toename van de ongelijkheid , aan de orde worden gesteld.
Sinds Duque in 2018 aan de macht kwam, heeft hij een slechte relatie met de cultuurwereld, aldus La Jornada, onder meer vanwege zijn belastinghervorming op het hoogtepunt van de pandemie en zijn intolerantie voor kritiek. Al meer dan vier maanden lang vinden er op verschillende plaatsen in Colombia demonstraties plaats tegen het beleid van Duque onder de noemer van een ‘nationale staking’.
Donderdagochtend (9 september) is aan boord van het internationaal ruimtestation (ISS) een brandalarm afgegaan. De bemanning zou rook en verbrand plastic hebben geroken in het Russische deel van het ISS. Aangenomen wordt dat het incident verband houdt met het opladen van de accu’s van de module.
‘Hoewel Roscosmos het incident snel bagatelliseert, is het duidelijk geen grap’
‘Een luchtfilter werd vervangen om de vervuiling door de rook te elimineren en de kunstmatige atmosfeer te verversen’, bericht nieuwsplatform Gizmodo. Roscosmos, het Russische equivalent van de NASA, zegt dat alles aan boord normaal werkt. ‘Hoewel Roscosmos het incident snel bagatelliseert, is het duidelijk geen grap’, aldus de site. ‘Hopelijk komen er in de komende dagen meer details naar buiten om te bevestigen dat alles echt in orde is en dat de bemanning veilig is.’
Seks en drugs in coronahospitaal
De politie heeft in Samut Prakan, net ten zuidwesten van Bangkok, een inval gedaan bij een veldhospitaal voor covid-19-patiënten na berichten dat de patiënten drugs gebruikten en deelnamen aan orgieën. Bij de inval werden geen illegale drugs gevonden, maar de agenten vonden wel 23 pakjes sigaretten en elektronische sigaretten, die tegen de regels in de faciliteit waren binnengesmokkeld, bericht de Thaise website Thaiger.
Op beelden van bewakingscamera’s was duidelijk te zien dat mannelijke en vrouwelijke patiënten naar elkaars afdeling gingen. Ook lijkt het erop dat sommigen drugs gebruikten, maar de beelden zijn niet al te duidelijk en patiënten konden niet worden geïdentificeerd.
Er lijkt geen oplossing in zicht voor Colombia. Het wantrouwen van de betogers in de politiek is groot en de communicatiekanalen zitten potdicht. De regering weigert op haar beurt het gesprek aan te gaan met ‘terroristen’.
Voortdurend hoor je mensen zeggen hoe verbaasd ze zijn dat de protesten in Colombia al zo lang duren en zo heftig zijn. De staking duurt nu een maand en de regering lijkt geen duidelijk plan te hebben om tegemoet te komen aan de eisen van de betogers, waardoor die geen reden zien om te stoppen met protesteren. Het lijkt wel of de regering en de betogers een andere taal spreken en elkaar niet meer begrijpen. De regering spreekt de taal van law-and-order, heeft het over terrorisme en het in gevaar brengen van de veiligheid, de betogers hebben het over armoede, werkgelegenheid en onderwijs. Ze lijken elkaar nauwelijks te horen.
In een land waar het deel van de bevolking dat in armoede leeft met 6,8 procent is gegroeid, waar bijna 30 miljoen Colombianen moeten leven van nog geen 330.000 peso per maand [ca. 75 euro], waar vrouwen sneller arm worden dan mannen, en waar jongeren steeds moeilijker toegang krijgen tot de arbeidsmarkt en het onderwijs, is de onverschillige houding van de regering steeds lastiger te begrijpen. Natuurlijk zijn er aan beide kanten mensen die erbij gebaat zijn meer chaos te creëren. Maar blijven volhouden dat die paar relschoppers het probleem vormen en zo de legitieme eisen negeren van een wanhopige, in armoede levende bevolking, zal alleen maar meer frustratie veroorzaken en meer mensen de straat op jagen.
De jongeren hebben het gevoel nergens bij te horen, een gevoel dat versterkt wordt als er geen kans is op werk en onderwijs
In de arme wijken van de grote steden zijn de demonstraties massaler en soms ook gewelddadiger geworden. Als gevolg van de pandemie is de situatie verslechterd. Vaak zijn er illegale groepen actief (guerrillagroeperingen, partijen die zich bezighouden met het kruimelwerk in de drugshandel of met andere vormen van criminaliteit) die kansen zien om deze jongeren te rekruteren. Het gaat om wijken waarnaar ontheemde gezinnen, die huis en haard hebben verlaten, uitwijken op zoek naar bescherming in de anonimiteit van de grote stad. De jongeren daar hebben het gevoel nergens bij te horen, een gevoel dat versterkt wordt als er geen kans is op werk en onderwijs.
Alsof dat nog niet genoeg is, staat hun verhouding met de politie constant onder hoogspanning: achtervolgingen, onwettige aanhoudingen en machtsmisbruik zijn aan de orde van de dag. Het probleem is nog erger geworden doordat de ordetroepen tijdens de pandemie extra bevoegdheden kregen om de naleving van de maatregelen omtrent bioveiligheid te waarborgen. Terwijl de jongeren en hun families thuiszaten en steeds armer werden, was de politie op straat heer en meester van de publieke ruimte. Toen de economische situatie onhoudbaar werd, botsten de gefrustreerde jongeren en de politie op een manier die in het recente verleden zijn weerga niet kent.
Er is nog een bijkomend probleem. Onder de Colombiaanse bevolking groeit het wantrouwen in de instituties en politieke partijen. In 2004 was 57,7 procent van de bevolking tevreden over de instituties, inmiddels is dat nog maar 18,2 procent, aldus het Observatorio de la Democracia (Democratieobservatorium). Daar komt bij dat het vertrouwen in de media en maatschappelijke organisaties is afgenomen, wat weer met zich meebrengt dat het Comité del Paro (Stakingscomité) de stem van de demonstranten niet lijkt te vertolken. Er is nog geen oplossing gevonden voor het feit dat de stakers zich niet vertegenwoordigd voelen. Vandaar dat veel Colombianen alleen via protestdemonstraties hun eisen kenbaar kunnen maken.
Ze hebben er geen vertrouwen meer in dat hun volksvertegenwoordiging adequaat zal reageren. Als gevolg hiervan zitten de communicatiekanalen tussen de regering en de demonstranten potdicht. Alle partijen benadrukken dat onderhandelen de enige oplossing is voor deze staking, die nu dus al een maand duurt. Maar onderhandelaars aanwijzen blijkt een hels karwei. Intussen heeft de regering haar kaarten gezet op hardhandige ordehandhaving: ze criminaliseert de demonstraties, legt disproportioneel veel nadruk op de materiële schade en beweert slachtoffer te zijn van electorale belangen. En dus zijn de betogers de enigen die iets kunnen doen en hun stem kunnen laten horen.
Als je daarbij optelt dat de regering zelf deel is van het probleem, en dat ze het grove politiegeweld niet veroordeelt, kun je slechts concluderen dat ze zelf bijdraagt aan het voortduren en almaar massaler worden van de staking. De bijzonder zwakke regering van Iván Duque, wiens eigen partij niet eens de belastinghervorming steunt die de directe aanleiding was voor de protestdemonstraties, vormt het grootse obstakel om uit deze impasse te komen. Ze is niet in staat om op te roepen tot een dialoog over de noodzakelijke maatregelen die genomen moeten worden. Het gevolg is weinig perspectief en veel repressie.
De aanleiding van de protesten
De rechtse regering van Iván Duque wil onder meer de mogelijkheden tot belastingaftrek terugschroeven, de inkomstenbelasting voor sommige groepen verhogen en de btw-vrijstellingen voor een aantal goederen en diensten afschaffen. Met de hervormingen hoopte de regering 5 miljard euro te besparen, om de staatsfinanciën te stabiliseren. Dat maakte ze eind april bekend.
Het plan bevatte ook een soort basisinkomen voor de allerarmsten. Sinds het uitbreken van de pandemie kregen drie miljoen Colombianen dankzij de Ingreso Solidario maandelijks zo’n 40 euro. Na de hervormingen zouden zelfs 4,7 miljoen inwoners in aanmerking komen voor deze steun.
Toch bleek uit peilingen dat 82 procent van de Colombianen niet zou stemmen op congresleden die voorstander waren van belastingverhogingen. Er klonk vooral kritiek vanuit de middenklasse, die vreesde erop achteruit te gaan, omdat de hervorming lagere inkomens eerder zou belasten. Na hevige protesten zegde Duque toe zijn plan te herzien.
Maar die repressie vergroot de kans op politiegeweld en zal door de internationale reactie op de mensenrechtenschendingen in Colombia steeds meer ter discussie komen te staan. Een besluit zonder precedent illustreert dit: eerst weigerde de regering het verzoek van de Comisión Interamericana de Derechos Humanos (Inter-Amerikaanse Mensenrechtencommissie) om de situatie in het land ter plekke te bekijken, later stemde ze er alsnog mee in. Het schrijnende van dit alles is dat elke dag die verstrijkt een gemiste kans is om noodmaatregelen te nemen, om de radeloos makende economische situatie van al die arme gezinnen enigszins te verbeteren.
De ordetroepen zijn marionetten van de regering geworden
Elke dag die verstrijkt zal de manier waarop de regering meent te moeten handelen het vertrouwen in de beschadigde instituties verder ondermijnen. De ordetroepen, die erop moeten toezien dat de rechten van de burgers niet worden geschonden, zijn marionetten van de regering geworden en kunnen niet langer functioneren als handhavers. De politiek heeft alleen oog voor haar electorale belangen in de verkiezingen in 2022. Linkse politici, die altijd een leidende rol hebben bij sociale protesten, zijn voorzichtig; ze willen niet beschuldigd worden van medeplichtigheid aan de excessen. Rechtse politici wachten rustig het moment af waarop ze een betoog kunnen afsteken waarin ze verwijzen naar Castro en Chávez, en pleiten voor hard optreden. En het politieke midden heeft dit moment uitgekozen voor een crisis.
De overige maatschappelijke sectoren blijven zich verschansen in soortgelijke veroordelingen, die niet of nauwelijks bijdragen aan een oplossing. Verontwaardiging helpt ons niet om iets voor elkaar te krijgen; daarmee plaatsen we ons in deze netelige situatie alleen maar op een voetstuk van morele superioriteit. Oproepen tot eenheid en terugkeren naar hoe het was, zoals docent Andrés Parra suggereert in een onlangs verschenen artikel, zal geen soelaas bieden als er geen oplossing komt voor de armoede en werkloosheid die als gevolg van de pandemie zijn toegenomen. Met andere woorden, zoals Parra zelf stelt: het probleem is juist de situatie van vóór de pandemie.
De uittocht van Venezolanen die het regime van president Nicolás Maduro ontvluchten gaat onverminderd voort. Naar verwachting zal de hoeveelheid vluchtelingen uit Venezuela dit jaar het aantal Syriërs overstijgen dat is gevlucht vanwege de burgeroorlog, bericht El Mundo. Uit cijfers van vorige maand blijkt dat tot nu toe al 5,6 miljoen Venezolanen hun land zijn ontvlucht. Dat is een stijging van ruim 1100 procent vergeleken met 2010 en het aantal vertegenwoordigt ongeveer 17,1 procent van de totale bevolking die in Venezuela is geboren. Ongeveer 1,7 miljoen van de Venezolaanse migranten bevindt zich in Colombia.
De exodus wordt niet afgeremd door de coronapandemie; noch door de druk die het regime uitoefent om de uittocht te stoppen; noch door smeergelden die betaald moeten worden aan guerrilleros om de gesloten grenzen clandestien te kunnen oversteken. Honderden en honderden mensen steken elke dag de grenzen over om een nieuw leven te zoeken in Colombia, Ecuador, Peru, Chili, Argentinië en zelfs de Verenigde Staten.
‘In Venezuela is geen eten, veel mensen zijn ondervoed, er zijn geen middelen om te overleven’
‘We hebben een maand en zeven dagen gelopen’, vertelde de 66-jarige Hortensia López aan een journalist van de Spaanse krant, die een reportage maakte over de situatie aan de grens tussen Venezuela en Colombia. ‘Ik ga met mijn kleinkinderen naar Cali. Ik heb ze meegenomen uit Venezuela omdat de situatie daar kritiek is: er is geen eten, veel mensen zijn ondervoed, er zijn geen middelen om te overleven. We moesten wel vertrekken. De mensen hier in Colombia zijn barmhartig en verlenen veel hulp aan Venezolanen.’
Een andere vrouw, die net met haar vier kleinkinderen van elf, acht, zeven en drie jaar de grens met Colombia is overgestoken, heeft geen geld en zegt van San Juan de los Morros naar Cali te zullen gaan lopen. De twee steden liggen ruim 1700 kilometer uit elkaar.
De Golden Gate Bridge maakt te veel lawaai
Canadese aerodynamicadeskundigen zijn hard bezig met een missie die van het grootste belang is voor de oren van inwoners van San Francisco, zo schrijft The San Francisco Chronicle. Hun doel is om de Golden Gate Bridge het zwijgen op te leggen.
Tot grote ergernis van omwonenden begon de brug een jaar geleden lawaai te maken na aanpassing van de veiligheidsreling aan de westkant van de brug. Om de brug een slanker profiel te geven en veiliger te maken bij harde wind, werden de originele spijlen vervangen door twaalfduizend smallere exemplaren. Die blijken nu luid gebrom te produceren bij stevige wind. Het geluid is soms tot op zo’n vijf kilometer afstand te horen.
Mogelijk is er tegen de zomer een oplossing. ‘Het is een lastige zaak’, aldus een woordvoerder. ‘We willen er absoluut zeker van zijn dat we het goed doen. De veiligheid van de brug mag niet in het geding komend, maar we moeten ook luisteren naar de inwoners.’
Europa dumpt plastic in Turkije
Volgens een rapport dat Greenpeace in mei publiceerde, dumpt Europa op grote schaal plastic afval in Turkije. Alleen al de export van plastic afval van Groot-Brittannië naar Turkije groeide tussen 2016 en 2020 met factor 18, van 12.000 ton naar 210.000 ton. Dat betekent dat Turkije de eindbestemming was voor bijna 40 procent van het plastic afval uit Groot-Brittannië, schrijft BBC. Volgens het rapport dumpten lidstaten van de Europese Unie vorig jaar twintig keer meer plastic afval in Turkije dan in 2016. Deskundigen en internationale milieugroeperingen waarschuwen dat plastic en ander afval zich opstapelt in Turkije en dat het illegaal wordt verbrand of geloosd zonder acht te slaan op het milieu.
Er komen dagelijks vanuit Europa zo’n 240 vrachtwagenladingen met plastic afval in Turkije aan
Volgens Nihan Temiz Atas, hoofd biodiversiteitsprojecten van Greenpeace Turkije, komen er dagelijks vanuit Europa zo’n 240 vrachtwagenladingen met plastic afval in Turkije aan. ‘Het overweldigt ons. Aan de hand van gegevens zijn we Europa’s grootste stortplaats.’
Het Britse ministerie van Milieu, Voedsel en Plattelandszaken zegt in een reactie: ‘Het is duidelijk dat het VK meer van zijn afval zelf moet verwerken. We zijn vastbesloten om de export van plastic afval naar niet-OESO-landen te verbieden en de illegale uitvoer van afval naar landen als Turkije, strenger te controleren.’
Vorig jaar stuurde Maleisië 150 zeecontainers met illegaal geïmporteerd plastic afval terug naar de landen van herkomst. Milieuminister Yeo Bee Yin zei toen dat die stap bedoeld was om ervoor te zorgen dat haar land niet ‘de vuilnisbelt van de wereld’ zou worden.
Wes Anderson draait in Spanje
The French Dispatch van Wes Anderson gaat in juli in première op het filmfestival van Cannes, maar de 52-jarige Amerikaanse filmregisseur is alweer druk bezig met de voorbereidingen voor zijn volgende film. Volgens de Spaanse krant El Paísdraait hij zijn nieuwe project in juli, augustus en september in het Spaanse Chinchón ten zuidoosten van Madrid. Volgens de krant doen de sets die er worden opgebouwd denken aan een western-achtige woestijn, ook al wordt de film volgens bronnen geen western.
De burgemeester van Chinchón is blij, vertelde hij tegen El País: ‘Het is heel belangrijk voor ons. Er zijn al talloze shoots hier opgenomen, maar dat een grote Amerikaanse productie hier enkele maanden komt filmen, betekent levendigheid, prestige en publiciteit.’ In het stadje werden in het verleden films gedraaid onder regisseurs als Nicholas Ray, Orson Welles, Carlos Saura en Pedro Almodovár. Anderson, die in Frankrijk woont, draaide al zijn films de afgelopen tien jaar in Europa.
Groene oase in New York
Mediamagnaat Barry Diller en zijn vrouw, modeontwerpster Diane von Furstenberg, bedachten in 2013 een plan ter vervanging van Pier 54 in New York, die door orkaan Sandy was verwoest. Ze wilden ‘iets bouwen (…) dat meteen op het eerste gezicht oogverblindend was en iedereen die het bezoekt gelukkig maakt’, schrijft architectuurblog Dezeen. Acht jaar later was daar Little Island.
Dit park op palen van ongeveer één vierkante kilometer ligt aan Hudson River Park aan de westkant van Manhattan, nabij de wijk Chelsea, en steunt op 132 paddestoelvormige kolommen van beton die op verschillende hoogtes zijn geplaatst voor een golvend effect. De groene oase is te bereiken via de loopbruggen North Bridge en South Bridge, beide gelegen aan de Hudson River Greenway. Er zijn verschillende openbare locaties, waaronder een amfitheater, een kleiner theater en een spokenwordpodium. Sinds mei is Little Island open voor publiek.
Beurzen van Mary Beard
Mary Beard, de Britse Hoogleraar Geschiedenis aan Cambridge en populaire presentator van BBC-series over de oudheid, gaat na veertig jaar met pensioen. Om dat te vieren stelt ze twee studiebeurzen in van elk 45.000 euro, die kansarme studenten de mogelijkheid geven Klassieke Oudheid te studeren aan Cambridge.
‘Het is een manier om te laten zien dat we het bieden van gelijke kansen serieus nemen’, aldus Dame Mary tegen The Guardian. ‘Ik ben me zeer bewust van wat ik heb geleerd van de Klassieken. Niemand in mijn familie had een universitair diploma.’ Volgens Beard bieden de Klassieken een manier om ‘anders over de wereld te denken’, met inzichten over filosofie, cultuur, geslacht en ras.
De beurzen heeft ze vernoemd naar Joyce Reynolds (102), haar voormalige docent in Cambridge: een ‘fantastische strijder voor de rechten van vrouwen in wat toen een mannenwereld was’.
Polen wil dat Tsjechië optreedt tegen ‘abortustoerisme‘
De Poolse ambassade in Praag blijkt de Tsjechische regering te hebben verzocht om in te grijpen in plannen voor wetgeving die het voor vrouwen uit Polen gemakkelijker maakt om abortus in Tsjechië te laten uitvoeren, bericht Notes from Poland. De voorgestelde wetgeving heeft betrekking op de voorwaarden waaronder buitenlandse vrouwen abortussen zouden kunnen ondergaan in Tsjechië. Het voorstel zou met name betrekking hebben op vrouwen uit Polen, dat enkele van de strengste abortuswetten van Europa heeft.
Legale abortus is nu vrijwel onmogelijk in Polen
Door een uitspraak van het Poolse Constitutionele Hof in oktober is legale abortus in Polen nu vrijwel onmogelijk, ook al vonden er nog slechts zo’n duizend ingrepen per jaar plaats. Volgens schattingen van vrouwenrechtengroepen worden er daadwerkelijk tussen de tachtig- en honderdvijftigduizend abortussen per jaar uitgevoerd, hetzij illegaal in Polen, hetzij doordat vrouwen naar het buitenland reizen.
In een brief van twee pagina’s aan het Tsjechische ministerie van Volksgezondheid, waarschuwt de Poolse zaakgelastigde Antoni Wręga dat de plannen voor de nieuwe wet ‘de Tsjechisch-Poolse betrekkingen zou kunnen schaden’.
Colombiaanse minister stapt op
De Colombiaanse minister van Financiën Alberto Carrasquilla is deze week opgestapt nadat een voorstel voor belastinghervorming leidde tot meerdere dagen van protesten waarbij zeker vierentwintig doden vielen, bericht Deutsche Welle. Carrasquilla vertrok een dag nadat president Iván Duque het controversiële voorstel had ingetrokken.
Het wetsvoorstel was half april ingediend in de hoop de overheidsuitgaven te kunnen financieren en de economie te vernieuwen. Volgens de regering zijn belastingverhogingen nodig omdat de pandemie grote gaten heeft geslagen in de Colombiaanse overheidsfinanciën. Colombia maakt de ergste recessie in een halve eeuw mee, met een daling van het bbp van 6,8 procent in 2020 ten opzichte van het jaar ervoor. Maar demonstranten vrezen dat de belastingwijzigingen, inclusief een verhoging van de inkomstenbelasting, hen nog armer zullen maken tijdens de pandemie.
Ondanks de intrekking van het wetsvoorstel heeft het ‘Nationaal Stakingscomité’ opgeroepen tot een nieuwe massabijeenkomst, omdat de demonstranten ‘veel meer eisen dan alleen het schrappen van de belastinghervorming’.
Onrust bij Renault Zuid-Korea
Renault Samsung, de Zuid-Koreaanse vestiging van de Franse autofabrikant, heeft deze week zijn fabriek in de stad Busan tijdelijk gesloten na een staking die al drie dagen duurde. De staking is georganiseerd door vakbonden die onder meer loonsverhoging eisen.
Het is al maanden onrustig bij de autofabrikant door vastgelopen loononderhandelingen, teruglopende verkopen en afnemende productie die is te wijten aan een tekort aan chipvoorraden en het ontbreken van nieuwe, aansprekende modellen, schrijft The Korea Herald.
Van januari tot april dit jaar daalde de verkoop tot 31.412 voertuigen, een daling van 24 procent ten opzichte van vorig jaar. In een waarschuwingssignaal aan de vakbonden maakte CEO Dominique Signora zijn positie duidelijk. ‘We moeten dringend kosten besparen tijdens deze crisis, aangezien onze verkopen het laagst zijn in zestien jaar’. Hij waarschuwde ook dat de autofabrikant nog enkele maanden last zal blijven hebben van het aanhoudende wereldwijde chiptekort. Signora suggereerde herstructurering van het bedrijf niet uit te sluiten.
Omstreden Chinese universiteit in Boedapest
Een controversieel Chinees universiteitsproject wekt bezorgdheid over de groeiende invloed van Beijing in Hongarije en over de nauwe banden van premier Viktor Orbán met China, aldus Radio Free Europe/RL. Eind april ondertekende Hongarije een overeenkomst met de Fudan-universiteit uit Shanghai voor bouw van een vestiging in Boedapest in 2024. Daarmee wordt dit de eerste Chinese universiteit in de EU en de eerste buitenlandse vestiging van deze prestigieuze universiteit. Goed voor het hoger onderwijs in Hongarije, vindt Orbán.
Er zijn zorgen over gebrek aan transparantie naar aanleiding van een ondoorzichtige Chinese lening
Maar er zijn zorgen over gebrek aan transparantie, na onthullingen dat de Hongaarse regering van plan is een enorme, ondoorzichtige Chinese lening aan te gaan om de campus te bouwen. Gergely Karácsony, burgemeester van Boedapest is een van de meest uitgesproken critici: ‘Totdat de regering alle details van het project volledig openbaar heeft gemaakt, hebben we niets om over te onderhandelen, hetgeen betekent dat we geen toestemming zullen geven voor de bouw van de Chinese universiteit.’
Griekse horeca voorzichtig open
Sinds maandag zijn terrassen van horecagelegenheden in Griekenland voor het eerst sinds november weer geopend, met tafels op afstand van elkaar. Staande klanten, muziek en activiteiten binnen zijn verboden. Maximaal zijn zes klanten per tafel toegestaan en de avondklok is verlaat van 21.00 tot 23.00 uur, meldt Ekathimerini.
Overigens werd die avondklok de afgelopen weken al grotendeels genegeerd. Bars en cafés schonken alleen om af te halen, maar buiten vormden zich grote groepen op trottoirs en bij de ingangen van nabijgelegen appartementen.
De versoepelingen zijn de eerste stappen op weg naar verdere opening met het oog op de komst van toeristen deze zomer.
Twitterban voor Indiase actrice
Bollywoodactrice Kangana Ranaut, die bekend staat om haar vurige steun aan de Indiase premier Narendra Modi, is permanent van Twitter verbannen wegens haatzaaien en belediging. Ranaut plaatste maandag een tweet waarin ze Modi aanspoort gangstertactieken toe te passen om de West-Bengaalse Mamata Banerjee te ‘temmen’, bericht Al Jazeera.
Ranaut noemde Banerjee op Twitter onder meer een ‘vrijgelaten monster’
De regionale partij van Banerjee, zittend leider van de deelstaat, versloeg bij verkiezingen dit weekend de hindoenationalisten van Modi. Daardoor behield ze de leiding over West-Bengalen. Na de verkiezingen werd de partij van Banerjee beschuldigd van gewelddadige aanvallen op haar tegenstanders.
Ranaut noemde Banerjee op Twitter onder meer een ‘vrijgelaten monster’.
De enige wet die in Altos de Cazucá, Colombia, geldt is de ley de silencio – de wet van het zwijgen. De delincuentes, zoals ze door de plaatselijke bevolking worden genoemd, hebben de wijk in hun greep en bedreigen de bewoners. Sinds corona is hun speelruimte enkel vergroot. Luz Mary, en andere burgers met haar, bieden de enige vorm van verzet die mogelijk is.
Altos de Cazucá, Soacha – Halverwege maart, als Colombia in lockdown gaat om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, weet Luz Mary wat haar te doen staat. Het is niet de eerste keer dat ze thuis zit opgesloten. De snel pratende moeder van twee kinderen doet de deur op slot, vanaf dat moment speelt haar leven zich af in de kamers van haar huis.
Toen Luz Mary zich in het verleden in huis opsloot, was dat vanwege een andere doodsdreiging. De gewapende mannen die de dienst uitmaken in haar wijk hadden er geen doekjes om gewonden: als ze niet tijdelijk uit beeld zou verdwijnen, zou ze weleens voorgoed kunnen verdwijnen.
‘Er zijn dagen en weken geweest dat ik het huis niet uit kon,’ vertelt ze. ‘Je leert scherp observeren – aan de manier waarop mensen zich gedragen zie je of er iets broeit in de wijk.’
Delincuentes
Luz Mary is actief binnen de gemeenschap – sommige Colombianen zouden haar een ‘maatschappelijk leider’ noemen. Haar werk richt zich op de kinderen in de verpauperde wijk. Ze leidt een programma, Semillas y Raíces (Zaden en wortels) om kinderen kennis te laten maken met muziek en toneel en ze ondertussen enige basiskennis bij te brengen op het gebied van gedragsregels en hygiëne.
Semillas y Raíces doet meer dan de deelnemers instrueren. Het programma biedt ook een veilige haven. Het huis van Luz Mary kijkt uit over een steile helling zonder verharde wegen en uit de onverharde paadjes tussen de groepen huisjes steekt her en der een waterleiding.
Delincuentes, zoals ze door de plaatselijke bevolking worden genoemd, hebben de wijk in hun greep en bedreigen de bewoners. Volgens de bewoners hebben deze bandieten banden met nationale drugskartels. Luz Mary zegt dat ze haar als een kwelgeest zien omdat zij de jongeren opvangt die zij proberen te ronselen – jongens en meisjes van soms nog geen negen jaar oud, die de delincuentes gebruiken om op de uitkijk te staan of om kleine klusjes te doen, in ruil voor eten of spullen die de ouders van de kinderen zich niet kunnen veroorloven.
Semillas y Raíces is ‘een manier om van de straat te blijven en weg te blijven van de drugs,’ zegt een tienermeisje in Luz Mary’s geïmproviseerde theater op het dak. ‘Als ik niet hier zou zijn, zou ik op straat rondhangen.’
Luz Mary’s werk is onbezoldigd – het programma levert haar niets op en ze bekostigt het zelf, met geld dat ze bijeensprokkelt met losse baantjes, het inleveren van afgedankte, herbruikbare materialen, en zo nu en dan een bescheiden gift. Het werk is ook gevaarlijk. Ze is talloze keren met de dood bedreigd. Toen ze dat meldde bij de autoriteiten, haalden die slechts hun schouders op, zegt ze. Dus probeert ze goed en zo kwaad als het gaat voor haar eigen bescherming te zorgen. Kinderen van het programma waarschuwen Luz Mary als ze ergens in de buurt dreigende woorden opvangen, en Luz Mary heeft van haar spaargeld camera’s laten plaatsen bij haar huis. ’s Avonds laat ligt ze vaak naar de wazige zwart-witbeelden te kijken en durft niet te gaan slapen. Ze moet er niet aan denken de kinderen in haar programma aan hun lot over te laten, maar ze speelt elke dag met de gedachte Altos de Cazucá te verlaten.
Activisten kunnen niet hun huis verlaten om bedreigingen of aanslagen te melden bij de politie, en vaak beschikken ze niet over de mogelijkheid om dat via internet te doen
Het bijzondere verhaal van Luz Mary doet de ronde door heel Colombia. Overal in het land zien we maatschappelijk leiders, zowel in stadswijken als in dorpen – ze leveren vaak diensten en komen op voor rechten waar de overheid het laat afweten. Activisten en organisatoren nemen zo’n belangrijke positie in binnen de maatschappij dat ze een plek hebben gekregen in het historische vredesakkoord tussen de overheid en de guerrillabeweging FARC (de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia), waarin is vastgelegd dat ze overheidsbescherming zullen krijgen. Ook is in het akkoord vastgelegd dat er ingrijpende hervormingen zullen worden doorgevoerd om ongelijkheid tegen te gaan en te voorkomen dat gemeenschappen ten prooi vallen aan geweld.
Maar waar een zekere mate van bescherming is beloofd, zijn veel maatschappelijk leiders zoals Luz Mary sinds 2016 alleen maar geconfronteerd met nog meer dreiging. De afgelopen vier jaar heeft een golf van geweld meer dan 415 maatschappelijk leiders het leven gekost. De coronapandemie heeft die trend alleen nog maar versterkt. Door een landelijke lockdown van zes maanden zitten mensen als Luz Mary als weerloze slachtoffers thuis. Activisten kunnen niet hun huis verlaten om bedreigingen of aanslagen te melden bij de politie, en vaak beschikken ze niet over de mogelijkheid om dat via internet te doen. De beleidsmakers, die toch al vaak de ogen sluiten voor de benarde situatie op plekken als Altos de Cazucá, worden nu goeddeels in beslag genomen door de crisis in de gezondheidszorg.
Luz Mary is bij toeval uitgegroeid tot maatschappelijk leider nadat ze was verhuisd naar een sloppenwijk op een heuvel in Soacha, een stad ten zuiden van Bogotá, zonder te weten in wat voor ellende ze daar zou belanden. Inwoners zeggen dat ze wel begrijpen dat Soacha zo’n sterke aantrekkingskracht uitoefent op drugshandelaren, milities en guerrilla’s – je hoeft alleen maar naar de kaart te kijken. De snelweg die de stad in tweeën snijdt is de voornaamste verbinding tussen de hoofdstad en het zuiden van Colombia, met de grote havenstad Buenaventura. Wat nog een extra aantrekkingskracht uitoefent op criminelen, zijn de poreuze, meanderende grenzen tussen de verschillende wijken van Soacha en Bogotá zelf. De politie houdt de hoofdweg in de gaten, maar niemand controleert de stroom mensen en goederen die overal de ongemarkeerde gemeentegrens overgaat die door glooiende heuvels vol geïmproviseerde huisjes loopt.
‘Er is hier sprake van een juridisch en administratief vacuüm,’ zegt een jonge leider die aan de grens woont. ‘Deze buurt is van niemand.’
Iedereen weet wie ze zijn en wat ze doen – ze persen ondernemers af en rekenen af met inwoners die zich verzetten tegen hun illegale macht
In 1990 beschouwde het oostelijke front van de FARC de corridor Soacha-Bogotá als een essentieel onderdeel van de strategie om de hoofdstad te omsingelen. De FARC stationeerde strijders op plekken als Altos de Cazucá. Vervolgens mengden paramilitaire groepen van de andere kant zich in de strijd. Deze rechtse milities, een buitengerechtelijke strijdmacht die is gelieerd aan de staat, deden rond 1997 hun intrede in Soacha, omdat zowel zij als de regering de guerrilla’s uit Bogotá wilden verdrijven en wilden voorkomen dat de FARC haar doel zou bereiken.
Vanaf dat moment is Altos de Cazucá een broeinest van geweld. Tussen 2003 en 2006 zijn duizenden paramilitairen gedemobiliseerd, maar volgens de inwoners van veel buurten in Soacha zijn ze nooit echt vertrokken. De namen zijn veranderd maar de structuren zijn ongewijzigd, en dat geldt met name voor de hiërarchieën die zijn verbonden met de illegale economie. Vandaag de dag lopen er geen geüniformeerde mannen meer door de straat, zoals de paramilitairen ooit deden. Maar de delincuentes hoeven geen gevechtstenue te dragen om de bevolking angst in te boezemen. Iedereen weet wie ze zijn en wat ze doen – ze persen ondernemers af en rekenen af met inwoners die zich verzetten tegen hun illegale macht.
Net als in de tijd van de guerrilla’s en paramilitairen, zijn de wijken van Soacha nog altijd belangrijke corridors, met name voor drugs maar ook voor wapens en andere smokkelwaar, en voor illegale immigranten. Cocaïne, crack en marihuana gaan naar Bogotá, de rijkste binnenlandse afzetmarkt. Grondstoffen en andere producten die nodig zijn voor de bereiding van cocaïne, gaan Bogotá uit. De autoriteiten hebben cocapasta in beslag genomen, maar ook bewerkte cocaïne, wat erop duidt dat er in Soacha vermoedelijk drugslaboratoria zijn gevestigd die waarde – en winsten – toevoegen aan de aangevoerde smokkelwaar.
De wetteloosheid die de hellingen van Soacha zo lucratief maakt voor de drugshandel maakt diezelfde hellingen betaalbaar voor de vele arbeiders die werken in Bogotá maar zich de hoge huren daar niet kunnen veroorloven. Plaatselijke overheden noemen Soacha ‘een vat vol slachtoffers’ omdat een groot deel van de bevolking naar Soacha is getrokken na van huis en haard te zijn verdreven in een binnenlandse strijd die al meer dan een halve eeuw woedt. De afgelopen jaren zijn er ook tienduizenden Venezolaanse immigranten naar het gebied getrokken. Officieel telt Soacha 645.000 inwoners, maar Crisis Group heeft van de inwoners zelf en van het stadsbestuur begrepen dat het bevolkingsaantal in werkelijkheid de miljoen is gepasseerd. De mensen leven – vaak dicht opeengepakt – in niet meer dan 200.000 onderkomens, waarvan vele worden bedreigd door aardverschuivingen of overstromingen.
De sloppenwijken van Soacha staan lokaal bekend als invasiones omdat vele zijn gebouwd op privéterrein, of op land dat met geweld is ingenomen. Daarbij wordt telkens hetzelfde patroon gevolgd: tierreros, machtige makelaars met banden met de georganiseerde misdaad – delincuentesofwel corrupte politici – leggen beslag op stukken land om er ondermaatse huizen te bouwen. Vervolgens verkopen de tierreros die aan straatarme mensen, die zelfs een lening krijgen aangeboden om de aankoop te kunnen bekostigen. Om de zoveel jaar verkopen de makelaars hetzelfde stuk land weer door en zetten de bewoners uit, die geen juridische hulp kunnen inschakelen.
Lokaasmethode
Luz Mary is maar al te bekend met deze lokaasmethode. Zij en haar man konden zich geen huis permitteren in Bogotá, maar een terriero wist hen ervan te overtuigen dat ze in Altos de Cazucá wel een eigen huis konden kopen. Omdat de verkopers zeiden dat de grond binnen een aantal jaar zou worden gelegaliseerd, sloten ze een lening van enkele duizenden dollars af om het huis te kunnen betalen. Ze hebben hun schuld nog lang niet afbetaald, maar inmiddels is duidelijk dat het stukje grond nooit hun bezit zal worden.
Soacha kent een aantal overheidsvoorzieningen en de clandestiene handelaren proberen overal van te profiteren, van het openbaar vervoer tot aan de watervoorziening, waardoor de armlastige inwoners het alleen nog maar zwaarder krijgen. Veel winkeliers betalen een ‘vaccin’-belasting aan lokale groepen die beweren voor bescherming te zorgen. Die groepen maken zich schuldig aan afpersing en wie niet meewerkt, wordt daar meedogenloos voor gestraft. Door mensen te vermoorden die hun het hoofd bieden, geven ze een duidelijke boodschap af wie er de baas is.
Toen Luz Mary nog klein was, ging ze met haar moeder mee naar Bogotá, op de vlucht voor paramilitair geweld in een klein plaatsje niet ver van Manizales, in het westen van het land. Daarvoor woonden ze in Suba, een arbeiderswijk in het noordwesten van Bogotá. Luz Mary vertelt: ‘We gingen naar de stad in de hoop op een beter leven, maar we werden geconfronteerd met nog grotere problemen.’ Haar jeugd is getekend door armoede, onveiligheid en misbruik.
Tegen de tijd dat ze een jonge vrouw is, moet Luz Mary de grootste moeite doen om de eindjes aan elkaar te knopen in Suba. Als ze net zwanger is, verhuist ze met haar man naar Altos de Cazucá, in de hoop op een nieuw begin. Binnen enkele weken nadat ze hun intrek hebben genomen in het huisje van twee verdiepingen dat een tierrero hun heeft verkocht, wordt hun hoop getemperd. Ze komt tot de ontdekking dat er twee drugverkooppunten – ollas – in hun huizenblok zijn, eentje iets hoger op de heuvel en eentje vlak naast hun huis. De hogergelegen olla wordt gedreven door een paramilitaire groep; de lagergelegen olla wordt naar verluidt gerund door ‘guerrilla’s’. Haar buren zijn verslaafd aan crack. Luz Mary leert haar kinderen hun handen voor hun ogen te houden en hun oren dicht te stoppen, om ze af te schermen van de afschuwelijke beelden en geluiden in de buurt.
Langzaam krijgt Luz Mary een beeld van wat er om haar heen gebeurt. Lokale bendes drijven de drugverkooppunten en persen plaatselijke winkeliers af. Maar het zijn niet zomaar boefjes die hun kans schoon zien. Zoals de buren uitleggen maken deze groepen deel uit van groter en doelgerichter geheel. De staatsombudsman van Colombia, die tot taak heeft de mensenrechtensituatie in beeld te brengen, noemt deze opzet tercerización. Het is een soort piramide-achtige bedrijfsstructuur waarin gewapende, kartelachtige groepen de macht over een bepaalde buurt uitbesteden aan plaatselijke milities. De grotere groepen betalen de voetsoldaten meestal uit in drugs, die de laatsten weer doorverkopen om in hun levensonderhoud te voorzien. De overkoepelende organisatie wast de handen in onschuld aangezien het de delincuenteszijn die geweld gebruiken om hun macht te behouden.
Geleidelijk, maar gaandeweg steeds sneller, vallen Luz Mary en haar man ten prooi aan een depressie – ze zitten gevangen in een turbulente situatie door de schuld die ze zijn aangegaan nadat ze zonder het te weten een stuk gestolen land hebben gekocht.
Muziek
Op een wel heel troosteloze dag pakt de man van Luz Mary, gezeten op hun geel met bruine bank, zijn oude gitaar en begint te zingen. De muziek raakt hen, en op dat moment realiseren ze zich dat ze twee keuzes hebben. Ze kunnen blijven hangen in hun situatie of ze kunnen, om de woorden van Luz Mary te gebruiken ‘afrekenen met het idee dat ze slachtoffer zijn’ en iets dóén. Ze zijn allebei geschokt dat voor veel kinderen in de buurt geweld de gewoonste zaak van de wereld is. ‘Het is onvoorstelbaar waar kinderen allemaal aan wennen,’ zegt Luz Mary. Dat is het moment waarop ze besluit op zoek te gaan naar een manier om die kinderen te helpen.
Luz Mary en haar man zien muziek als de beste manier om jonge mensen te bereiken. Maar eerst moeten ze de kinderen zo ver zien te krijgen dat ze zich aansluiten bij een gestructureerd programma. De delincuentes delen eten uit om de jongeren te paaien, dus besluiten zij hetzelfde te doen.
Luz Mary herinnert zich de eerste kinderen die haar huis binnen kwamen stommelen en nieuwsgierig om zich heen keken, op zoek naar een reden om te blijven. In het begin komen er maar een paar kinderen, later zijn dat er tientallen. Luz Mary begrijpt dat ze zullen moeten beginnen bij de basis. ‘De kinderen die kwamen, stonken verschrikkelijk,’ zegt ze. ‘Ze wasten zich niet en ze hadden een grote mond, want de mentaliteit die ze meekrijgen is dat ze toch niets voorstellen.’ Als ze één ding kon bereiken, dacht ze, dan was dat om die jongeren een ander zelfbeeld te geven.
Het programma dat ze samen met haar man opzet, Semillas y Raíces, bestaat uit muziekles, kleinschalige toneelvoorstellingen en kleine buurtprojecten, In de begintijd van Semillas y Raíces laat het staatswaterleidingbedrijf de inwoners weten dat ze gratis water krijgen als ze een eigen aquaduct bouwen. Luz Mary en de kinderen gaan aan de slag, storten beton en leggen een voor een de leidingen.
Bij het uitbreken van de pandemie komt de overheidssteun traag op gang en verdwijnen allerlei baantjes. Semillas y Raíces schraapt alles bij elkaar om ouderen en hulpbehoevenden in de buurt eten te kunnen geven. In september en oktober zijn de kinderen en andere inwoners weken in de weer om een steile lokale weg te plaveien zodat de regen niet de huizen binnen stroomt.
‘We roeien met de riemen die we hebben en we werken ons uit de naad,’ zegt Luz Mary. ‘We krijgen geen enkele hulp. We recyclen en we verkopen van alles en nog wat om aan geld te komen. We krijgen eten dat anders weggegooid zou worden.’
Momenteel zijn er meer dan honderd kinderen die geregeld bij Luz Mary over de vloer komen en die zijn uitgegroeid tot een soort broertjes en zussen van haar eigen kinderen. De kinderen hoeven niets te betalen, al dragen sommige ouders bij wat ze maar kunnen missen. Sommige kinderen komen zonder dat hun ouders het weten, soms omdat hun vader of moeder lid is van de gewapende groepering. Om die kinderen te beschermen, maakt Luz Mary een afspraak met hen. Als ze elkaar op straat tegenkomen, doen ze of ze elkaar niet kennen.
De bedreigingen beginnen zodra duidelijk wordt dat Semillas y Raíces effect sorteert. Het aquaductproject van Luz Mary valt slecht bij sommige bewoners die zelf de watertoevoer in de hand hadden willen houden om zo weer andere bewoners te kunnen afpersen. Later komt Luz Mary erachter dat een van de mannen die zich benadeeld voelt een huurmoordenaar in de arm heeft genomen – een man van eenentwintig die al tientallen moorden op zijn naam zou hebben staan. Ze is bang dat er nog altijd een prijs op haar hoofd staat.
Dan volgen de berichtjes op haar telefoon. De eerste keer leest Luz Mary het berichtje niet eens – meestal is het reclame, of onzin. Als ze er toevallig wel een keer een blik op werpt, raakt ze in paniek door de mengeling van gedetailleerde dreigementen en beledigingen. Er wordt een ultimatum gesteld: ze krijgt twintig dagen om uit Soacha te vertrekken en anders komen ze haar vermoorden, staat er. Ze is van mening dat haar ‘vergrijp’ tweevoudig is. Om te beginnen heeft haar programma de vijver drooggelegd van jonge rekruten voor de bendes. Ten tweede heeft het programma met behulp van kleine giften genoeg geld bij elkaar weten te sprokkelen om T-shirts te laten drukken – wat leidt tot geruchten dat Semillas y Raíces geen armoedig clubje is, maar een rijke organisatie die geld probeert te verdienen.
Doodsbang daalt Luz Mary de helling af in de hoop op hulp van de autoriteiten in het centrum van Soacha. Rondom het plein, daterend uit de koloniale tijd, staan overheidsgebouwen, waar merendeels overwerkte ambtenaren de rijen mensen te woord staan die zich dag in dag uit melden met hun problemen. Luz Mary vertelt dat ze naar de officier van justitie is gegaan om een aanklacht in te dienen. Ze zegt dat ze ook naar het politiebureau en de ombudsman is gegaan om melding te maken van de doodsbedreigingen. De dagen verstrijken en ze hoort niets. ‘Ik stond weer met beide benen op de grond,’ zegt ze. ‘Ik begreep dat niemand me te hulp zou komen.’
De buren raden haar aan zich een tijdje gedeisd te houden. Als ze ophoudt met haar werk, zeggen ze, zullen de bedreigingen ook wel ophouden. Ze weet nog dat ze op het gemeentehuis hetzelfde advies kreeg, toen ze daar maanden later aan de bel trok. ‘Ik vertelde mijn verhaal, maar ze zeiden dat ik zelf verantwoordelijk was voor de situatie, gezien de plek waar we wonen.’
Wanneer maatschappelijk leiders op een dergelijke manier worden bedreigd, moeten volgens de Colombiaanse wet de plaatselijke overheden als eerste reageren. Maar hoewel Soacha elk jaar tijdelijk andere huisvesting regelt voor een beperkt aantal mensen dat met vergelijkbare bedreigingen te maken krijgt, schiet de reactie van de overheid vaak te kort en dan kunnen de maatschappelijk leiders eigenlijk nergens meer terecht. Luz Mary hoopt in aanmerking te komen voor het beschermingsprogramma van het ministerie van Binnenlandse Zaken, dat grofweg zo’n vijfduizend maatschappelijk leiders in heel Colombia helpt met kogelvrije vesten of zelfs bodyguards. Ze is maanden bezig om de vereiste papieren bij elkaar te krijgen en het ingewikkelde aanvraagformulier te doorgronden, dat ze uiteindelijk ingevuld en wel afgeeft op een politiebureau. Dit jaar alleen al hebben bijna zevenduizend leiders hulp gevraagd bij deze instantie – slechts zestien procent van de aanvragen is gehonoreerd.
Inmiddels vertrouwt Luz Mary voor haar veiligheid niet langer op de overheid, maar op het netwerk dat ze met Semillas y Raíces heeft opgebouwd. Meer dan eens is ze door kinderen uit gezinnen die banden hebben met de gewapende bandieten gewaarschuwd dat hun ouders het over haar hadden. Dat is voor haar het teken om zich binnenshuis op te sluiten, met als enige gezelschap haar beveiligingscamera’s. Ze registreert alles wat zich op straat afspeelt, tot diep in de nacht, en als er echt iets gebeurt hoopt ze dat haar camera’s het allemaal hebben vastgelegd.
Zoals ook elders in Colombia zien gewapende groepen in Altos de Cazucá corona als een uitgelezen kans om hun greep op de buurt te verstevigen
Door de pandemie is alles anders. Zoals Luz Mary zegt: ‘Alle problemen die in onze gemeenschap spelen komen nu naar de oppervlakte – en ineens zijn het er drie keer zoveel.’
Zoals ook elders in Colombia zien gewapende groepen in Altos de Cazucá corona – en de lockdown om de verspreiding van het virus een halt toe te roepen – als een uitgelezen kans om hun greep op de buurt te verstevigen. Omdat er maar weinig lokale autoriteiten zijn om de lockdown af te dwingen, hebben de delincuentes hun eigen beperkingen aan de bewegingsvrijheid ingesteld. In augustus meldt de ombudsman dat er bepaalde groepen in Soacha zijn die bepalen welke winkels wel of niet open mogen om bevoorraad te worden, waarmee ze duidelijk laten zien wie de macht in handen heeft in Altos de Cazucá. De enige wet die hier geldt is de ley de silencio – de wet van het zwijgen. Wie een bedreiging meldt of in het geweer komt tegen de intimidatie wordt bestempeld tot sapo, informant. Wie de gewapende groeperingen ook maar een strobreed in de weg legt, loopt gevaar. Alleen al het melden van een misdaad kan beteken dat je tot vijand wordt bestempeld. Luz Mary zegt dat er tijdens de lockdown twee mensen zijn vermoord, maar dat ‘niemand zijn mond open heeft gedaan’.
De toekomst voor maatschappelijk leiders zoals Luz Mary ziet er grimmig uit, maar een toekomstbeeld zonder hen is nog grimmiger
De scholen in Colombia zijn sinds maart gesloten vanwege de pandemie, wat de gewapende groeperingen nieuwe kansen biedt om de kinderen los te weken van hun gezin. De meeste kinderen in Soacha volgen geen virtuele lessen; in plaats daarvan krijgen ze opdrachten mee die een zekere mate van ouderlijke supervisie vereisen – en dat is voor veel gezinnen domweg te hoog gegrepen. In juni heeft de inspecteur-generaal melding gemaakt van een toenemend aantal kinderen dat wordt gerekruteerd in stedelijke gebieden zoals Soacha, waar jongeren zich aansluiten bij de plaatselijke bendes of zelfs bij gewapende groeperingen verspreid over het hele land. Maatschappelijk leiders die het ergste proberen te voorkomen moeten nog meer moeite doen dan voorheen om die kinderen een veilige omgeving te bieden.
Onlangs heeft Luz Mary haar buurtgenoten bij elkaar geroepen voor een toneelles – in de nieuwe realiteit van corona. ‘De enige manier om op dit soort plekken les te geven is door een interactieve school op te zetten,’ zegt ze. Een man gekleed in een vuilniszak en met een geschminkt gezicht loopt met gespreide armen van de ene kant van de straat naar de andere. Hij doet alsof hij een vliegtuig is dat het virus van het ene land naar het andere brengt. Hij ‘infecteert’ iedereen die hij aanraakt.
De toekomst voor maatschappelijk leiders zoals Luz Mary ziet er grimmig uit, maar een toekomstbeeld zonder hen is nog grimmiger. ‘Er gebeuren hier de meest vreselijke dingen,’ zegt ze. ‘Er komt geen einde aan de dreigementen. Soms heb ik het gevoel dat ik het niet langer aankan. Maar dan vraag ik me af: als ik het niet meer doe, wie moet het dan doen? (…) Er gebeuren veel afschuwelijke dingen in het leven. Mijn bijdrage aan deze wereld is dat ik deze kinderen iets leer.’
Hoewel al in 2016 de vrede werd getekend, blijft het geweld tussen de guerrillagroepen en het leger in Colombia voortduren. Bij een bombardement op een rebellenkamp kwamen minstens vier minderjarigen om. Het commentaar van de minister van Defensie riep verontwaardiging op.
‘Toen ze dertien was, verliet ze haar ouderlijk huis om zich bij de guerrilla aan te sluiten. Nu, op vijftienjarige leeftijd, ligt Yeimi Sofía Vega in een doodskist, vermoord tijdens een militaire operatie op bevel van haar eigen regering’, opent The New York Times een reportage over een bombardement van de Colombiaanse regering op een rebellenkamp.
Bij de aanval, die op 2 maart plaatsvond, kwamen twaalf mensen om, waaronder ten minste vier minderjarigen. Een van hen was Yeimi Sofía. In het rebellenkamp zou zich een vooraanstaande dissidente FARC-leider schuilhouden die bekend staat onder de schuilnaam Gentil Duarte. Maar het kamp bleek voornamelijk bewoond door jongeren die door de groep waren gerekruteerd.
Een ander bevestigd minderjarig slachtoffer is Danna Lizeth Montilla, zestien jaar. Haar vader, Jhon Albert Montilla, vertelde donderdag aan de plaatselijke krant El Tiempo dat zij bij familie in de afgelegen regio verbleef en mogelijk onder dwang door de rebellen was gerekruteerd.
‘Het komt regelmatig voor’, vertelde Montilla aan de krant. ‘Maar ik had nooit gedacht dat het mijn dochter zou overkomen.’
Kwetsbaarste doelwitten
Bijna vijf jaar nadat Colombia een historisch vredesakkoord tekende met de grootste rebellengroepering, de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (FARC), is het binnenlandse conflict nog lang niet voorbij.
‘Afgelegen plekken zoals Puerto Cachicamo [waar Yeimi Sofía vandaan komt] hebben nog steeds niet de scholen, klinieken en banen die de regering in het akkoord beloofde’, schrijft The New York Times. Duizenden dissidente FARC-strijders zijn teruggekeerd naar de strijd, of hebben hun wapens nooit neergelegd, en bevechten rivalen om de controle over drugsroutes en -markten. Massamoorden en gedwongen verhuizingen zijn weer aan de orde van de dag.
‘En jongeren – gevangen tussen een vaak afwezige staat, de agressieve rekrutering van gewapende groepen en de vuurkracht van het leger – zijn opnieuw de kwetsbaarste doelwitten van het conflict’, concludeert het New Yorkse dagblad.
De rekrutering van minderjarigen in Colombia door gewapende groeperingen gaat nog steeds door, ondanks de pandemie, stelt ook de Colombiaanse krant El Tiempo. Dat blijkt uit onderzoek van de Colombiaanse ombudsman. Het grootste deel van de kinderen wordt geronseld door dissidenten van de FARC, die na het vredesakkoord van 2016 hun ‘strijd’ hebben voortgezet.
Rekrutering van kinderen was aan de orde van de dag in de decennialange burgeroorlog in het Colombia. Nu doen de rebellen het opnieuw: ze hangen rond op dorpspleinen, plakken rekruteringsposters op, geven geld aan jongeren, charmeren de meisjes en overtuigen hen vervolgens om zich bij de strijd aan te sluiten, aldus NYT.
‘Oorlogsmachines’
Het doelwit van het bombardement – de groep van Gentil Duarte – wordt door de militaire autoriteiten en Openbaar Ministerie beschuldigd van het ronselen van minderjarigen, alsmede van het plannen en uitvoeren van terroristische acties, drugshandel, illegale mijnbouw en intimidatie van de burgerbevolking. Ze worden bovendien beschuldigd van de ontvoering van en de moord op tweede luitenant Carlos Arturo Becerra vorig jaar, bericht El Tiempo in een ander artikel.
De minister van Defensie, Diego Molano, gaf de rebellen de schuld van de omgekomen minderjarigen en wees erop dat zij degenen waren die kinderen tot doelwit van de regering maakten door hen om te vormen tot ‘oorlogsmachines’, bericht het Colombiaanse dagblad El Espectador.
Deze uitspraak veroorzaakte een hoog oplaaiende discussie in de Colombiaanse samenleving, waarbij sommigen zeiden dat Molano misschien bot uit de hoek kwam maar wel gelijk had, en anderen beweerden dat het juist deze retoriek was – die kinderen uit arme gezinnen karakteriseert als vijanden van de staat, in plaats van slachtoffers van zijn beleid – die jongeren opnieuw in de armen van de guerrilla dreef, vat The New York Times samen.
Een van de critici is Hollman Morris, journalist en politiek activist. Hij verklaarde op Twitter: ‘Ik geloof niet dat de onder dwang gerekruteerde kinderen “oorlogsmachines’ zijn, zij zijn slachtoffers van een onverschillige staat, zij zijn slachtoffers van een regering die heeft beloofd de vrede te verbreken, van een staat die hen, in deze vergeten regio’s, nooit een kans heeft gegeven.’
Ministro @Diego_Molano no creo que niños reclutados a la fuerza sean “máquinas de guerra”, son las víctimas de un estado indolente, son víctimas de un gobierno que prometió hacer trizas la paz, de un estado que nunca, en estas zonas olvidadas, nunca, les ha dado una oportunidad
Ook Montilla, de vader van Danna Lizeth, verklaart tegenover El Tiempo dat de ongevoelige opmerkingen van Molano weinig helpen. ‘Volgens de minister van Defensie zijn kinderen van dertien, veertien en zestien jaar gevormd tot “oorlogsmachines”’, zegt hij. ‘Het is heel triest dat kinderen zo worden genoemd.’
Schandaal
Het was niet de eerste keer dat kinderen werden gedood door een bombardement van de regering, schrijft The Guardian. Nadat bij een bomaanslag in augustus 2019 acht kinderen waren omgekomen, nam de toenmalige minister van Defensie, Guillermo Botero, ontslag. Niet alleen werden de doden gezien als zijn verantwoordelijkheid, ook werd hij ervan beschuldigd dat hij had geprobeerd de identiteit en de leeftijd van de omgekomen personen te verdoezelen.
Het schandaal was een zware beproeving voor de pas geïnstalleerde president Iván Duque, een conservatief wiens partij fel gekant was tegen het vredesakkoord, schrijft The New York Times.
Critici zeggen dat zijn strategie na het akkoord te veel gericht is op het uitschakelen van grote criminele leiders, en te weinig op het uitvoeren van sociale programma’s die de onderliggende oorzaken van de oorlog zouden moeten aanpakken.
Zijn aanhangers hebben aangedrongen op geduld. ‘We kunnen 56 jaar oorlog niet ongedaan maken in slechts twee jaar’, aldus Miguel Ceballos, de hoge commissaris voor vrede onder Duque tegenover NYT.
Maar de meest recente bomaanslag deed opnieuw kritische vragen rijzen over de verantwoordingsplicht in een land dat nog steeds worstelt met de gruweldaden die door alle partijen zijn begaan tijdens een bittere oorlog, die meer dan 260.000 mensen het leven heeft gekost en meer dan 7 miljoen mensen dwong hun huizen te ontvluchten. Wisten de autoriteiten dat er minderjarigen in het kamp waren? Was de aanval willens en wetens uitgevoerd?
Legale aanval
Het is onduidelijk of de bomaanslag van maart legaal was, zegt René Provost, professor in internationaal recht aan de McGill Universiteit, tegen NYT.
Volgens het internationaal recht kunnen kinderen die zich aansluiten bij een gewapende groep strijders worden, en dus legaal worden aangevallen door regeringen.
Maar het recht vereist ook dat staatsactoren onderzoeken of er minderjarigen aanwezig zijn bij een bepaald doelwit, en zo ja, alternatieve strategieën zoeken die de kinderen kunnen sparen, dan wel nagaan of de waarde van het doelwit groot genoeg is om de dood van minderjarigen te rechtvaardigen.
De minister weigerde herhaaldelijk te zeggen of het leger wist of er minderjarigen in het kamp aanwezig waren
In het meest extreme geval, als een regering er niet in slaagt de verantwoordelijken te onderzoeken en te straffen, kan een dergelijke zaak door het Internationaal Strafhof in behandeling worden genomen.
In een interview met El Espactador verklaart minister Molano dat de aanval binnen de grenzen van het internationaal recht past.
Hij weigerde herhaaldelijk te zeggen of het leger wist of er minderjarigen in het kamp aanwezig waren, eraan toevoegend dat het over het algemeen ‘zeer moeilijk’ is om de leeftijd te bepalen van mensen die aanwezig zijn bij een militair doelwit.
Maar hij heeft ook verklaard dat de aanwezigheid van kinderen een dergelijke operatie niet noodzakelijkerwijs zou tegenhouden.
‘Waar criminelen als Gentil Duarte rekening mee moeten houden, is dat ze niet kunnen doorgaan met het rekruteren van jongeren en hopen dat dit het gebruik van het legitieme geweld van de staat zal beperken’, zegt hij tegen El Espectador. ‘Kinderen moeten worden beschermd wanneer dat gepast is, maar soms moet er ook geweld worden gebruikt.’
Afwezigheid van de staat
The New York Times ging langs bij de woonplaats van Yeimi Sofía, Puerto Cachicamo. Het dorp ligt aan de rivier de Guayabero, op het kruispunt van het Andesgebergte, het Amazonegebied en de uitgestrekte vlaktes van het land. ‘Een van de karakteristieke kenmerken is de bijna totale afwezigheid van de staat’, schrijft de krant.
‘Er zijn geen kinderen die naar school gaan omdat er geen leraren zijn. Er is niet eens een dokter. Als er iemand ziek is is, moet je naar San José del Guaviare [veertig kilometer verderop]’, verklaart Luz Amparo, de moeder van Yeimi Sofía in een interview met El Espectador.
Veel inwoners zijn melkveehouders; sommige verbouwen of plukken coca, een van de weinige winstgevende gewassen in de afgelegen regio. ‘Wij zijn het voetvolk van de drugshandel’, zegt een boer tegen NYT.
‘Vóór het vredesakkoord had de FARC greep op deze regio en bestrafte kleine criminelen, hief belastingen en organiseerde werkploegen, dit alles onder de dreiging van geweld. Ze rekruteerden ook vaak jongeren. In 2016, toen de FARC het vredesakkoord ondertekende en demobiliseerde, vertrokken haar strijders in een vloot van boten op de Guayabero-rivier.
‘Geen wegen, geen scholen, geen gezondheidscentra en geen kansen’
Maar drie maanden na het akkoord kwamen de FARC-dissidenten alweer terug, en werden dorpen volgehangen met rekruteringsposters. De beloofde steun van de regering bleef uit, zelfs de politie bleef weg, en ronselaars haalden gedesillusioneerde jongeren binnen met de keur aan mogelijkheden die zij beweren te bieden: toegang tot vuurwapens, computers én een missie.
‘Guaviare is een van die plattelandsgebieden in Colombia waar het enige wat men van de staat kent de geur van buskruit is; waar de inwoners zijn uitgesloten van de minimumrechten die een burger in een democratisch land ambieert: geen wegen, geen scholen, geen gezondheidscentra en geen kansen’, schrijft advocaat Gabriel Bustamante Peña in El Espectador.
‘Wat in het gebied wel welig tiert is illegaliteit en geweld; geweld dat hen dagelijks het zaad ontneemt waaruit vrede en gerechtigheid zou kunnen ontkiemen, zaad dat voor altijd de glimlach van onschuld verloor en in plaats daarvan het masker draagt van terreur, ontgoocheling en vergetelheid, zaad dat eens kinderen vormde en nu is veranderd in oorlogsmachines.’
De Russische president heeft maandag (5 april) een wet ondertekend die hem toestaat zich kandidaat te stellen voor twee nieuwe presidentiële termijnen en hem levenslange immuniteit garandeert. De wet werd in 2020 middels een referendum goedgekeurd en in maart definitief door het parlement aangenomen.
Poetin, die sinds 2000 in Rusland aan de macht is, had in theorie aan het einde van zijn huidige ambtstermijn in 2024 moeten aftreden, aangezien de Russische wet niet toestaat dat een president meer dan twee opeenvolgende ambtstermijnen dient. Maar volgens de nieuwe wet is ‘deze beperking niet van toepassing op degenen die de functie van staatshoofd bekleedden vóór de inwerkingtreding van de grondwetswijzigingen’. Vladimir Poetin en voormalig president Dmitri Medvedev kunnen dus nog twee keer aan de verkiezingen meedoen, concludeert de onafhankelijke Russische site Meduza.
Record sinds Stalin
‘Als hij steeds wordt gekozen, zal hij tot 2036 president kunnen blijven en daarmee het record van het langdurige ambtstermijn van Joseph Stalin verbreken’, merkt Moscow Timesop. Het kamp van Poetins gevangengenomen tegenstander Aleksej Navalny reageerde door een video uit begin 2000 te verspreiden waarin Poetin verklaart ertegen te zijn dat een president langer dan twee termijnen aan de macht kan blijven.
‘Volgens sommige analisten betekent deze wet niet noodzakelijk dat Poetin president wil blijven’, merkt de Russische correspondent van The Guardian op. Het is ook mogelijk dat hij ‘gewoon probeert te voorkomen dat hij vertrekkend president zal worden’.
‘Sommigen geloven dat hij een manier heeft gevonden om zijn macht over te dragen en er tegelijkertijd voor te zorgen dat hij en zijn gezin veilig blijven als hij met pensioen gaat’, aldus The Guardian, aangezien de nieuwe wet Poetin en Medvedev aldus eveneens ‘levenslange immuniteit tegen mogelijke gerechtelijke procedures’ verschaft.
Nieuwe humanitaire crisis tussen Venezuela en Colombia
Terwijl het Venezolaanse leger een offensief op zijn grondgebied is begonnen tegen dissidenten van de voormalige Colombiaanse guerrillagroep FARC, zoeken al bijna vijfduizend mensen hun toevlucht aan Colombiaanse zijde van de grens, onder andere vanwege vermeend geweld van het Venezolaanse leger tegen burgers. Het aantal vluchtelingen zou volgens verschillende bronnen ook een stuk hoger kunnen liggen.
Volgens dagblad El Espectador uit Bogota ‘verzekerde de directeur van Migración Colombia, Juan Francisco Espinosa, die het gebied aan de grens bezocht, dat het niet de bedoeling was dat deze Venezolaanse emigranten in Colombia zouden blijven, en dat de algemene wens was dat ze zo snel mogelijk naar huis terug kunnen keren, zodra de veiligheid is gegarandeerd’.
Met andere woorden, ze moeten worden onderscheiden van de honderdduizenden Venezolaanse immigranten die de ernstige economische en politieke crisis in hun land zijn ontvlucht en aan wie Bogota in maart een verblijfsvergunning voor tien jaar heeft verleend.
Ongeveer tien dagen geleden lanceerde het Venezolaanse leger (FANB) een offensief in de staat Apure, met name in het gebied nabij de grens waar dissidenten van de FARC, de revolutionaire strijdkrachten van Colombia, hun toevlucht zoeken. Na een eindeloos conflict tekende FARC een vredesakkoord met de Colombiaanse regering, maar een deel van de groep weigerde en zette hun ‘strijd’ voort.
Caracas noemt de beschuldigingen ‘mediamanipulatie door de Colombiaanse regering’
Getuigenissen van geweld door de FANB tegen burgers stapelen zich ondertussen op. Zo schrijft dagblad El Tiempo: ‘De vluchtelingen die zich in Arauquita bevinden – en moesten vluchten met niets anders dan wat ze bij zich hadden, verdreven door de bombardementen en geweerschoten van soldaten uit hun eigen land – geven aan dat de FANB-soldaten moorden, huizen in brand steken, woningen en bedrijven plunderen en de bevolking bedreigen.’
El Tiempo noemt het geval van een echtpaar en hun twintigjarige zoon die ‘uit hun huis in La Victoria [zouden] zijn meegenomen en vervolgens dood teruggevonden in een kazerne, gekleed in camouflage-uniformen en zelfs voorzien van wapens.’ Het was duidelijk dat ze moesten doorgaan voor leden van de FARC.
Caracas noemt deze beschuldigingen echter ‘mediamanipulatie door de Colombiaanse regering’. Het Venezolaanse dagblad Diario 2001 meldde bijvoorbeeld dat vluchtelingen alweer terugkeren naar huis omdat de situatie veilig is en Freddy Ñáñez, minister van Communicatie en Informatie, twitterde: ‘De inwoners van La Victoria [tegenover Arauquita], in de staat Apure, keren geleidelijk naar huis terug. Kalmte en rust zijn wedergekeerd.’
Verschillende ngo’s spreken deze informatie echter tegen en beweren juist dat de vluchtelingenstroom blijft toenemen.
Geen diplomatieke betrekkingen meer
De situatie is des te complexer omdat de twee landen, die samen meer dan 2200 kilometer grens delen, geen diplomatieke betrekkingen meer hebben sinds februari 2019, toen Venezuela Colombiaanse diplomaten het land uit zette. Bogota weigerde na een zeer controversiële verkiezing Nicolás Maduro te erkennen als legitieme president van Venezuela en steunde daarentegen zijn tegenstander Juan Guaidó.
El Espectador publiceert een verklaring van de procureur-generaal die de Colombiaanse regering oproept een beroep te doen op de internationale gemeenschap, zodat die kan garanderen dat ‘in het buurland de regels van het internationaal humanitair recht worden gerespecteerd, met name dat de grondrechten van de burgerbevolking voorrang hebben op ieder conflict’.
Peperdure sneakers die niet bestaan
Het kostte slechts zeven minuten om de limited-editionsneakers van designmerk RTFKT Studio’s, in samenwerking met de jonge ontwerper Fewocious, uit te verkopen.
‘In totaal zijn er 621 paar verkocht, voor een nettowinst van 3,1 miljoen dollar [2,6 miljoen euro]’, meldt TheWall Street Journal. ‘Maar nog bijzonderder is dat niemand de schoenen van RTFKT kan dragen. Ze kunnen zelfs niet worden aangeraakt. Voorlopig althans.’
Het ontwerp (kleurrijk, cartoonachtig) wordt namelijk op de markt gebracht in de vorm van NFT (non-fungible token), een blockchaintechnologie waarmee digitale limited editions kunnen worden vervaardigd.
Gezien de waanzin rondom NFT en de bedragen die erin omgaan, ligt het in de lijn der verwachtingen dat ‘grote namen als Gucci, Yves Saint Laurent en Prada zich in de strijd zullen werpen’, aldus het zakenblad. Mode-experts verwachten dat de techniek eveneens zal worden toegepast op andere, al even verrassende gebieden, of het nu gaat om Instagram-foto’s van modellen die een outfit passen, videoclips van catwalks of de NBA Top Shots-stijl.
Van de tokenized sneakers zou in april een fysieke versie het daglicht moeten zien. Maar, zo schrijft WSJ, volgens ‘Pagotto [zijn] echte schoenen voor zijn klanten uiteindelijk een stuk minder spannend (…) dan hun digitale tegenhanger’.
Waar een groot deel van de wereld stil ligt, is het succes van het videoplatform YouTube sinds het begin van de pandemie vertienvoudigd, meldt CNN. Voor het nieuwe jaar koos het platform de slogan: ‘Geef iedereen een stem en toon die aan de rest van wereld.’ Dit is hoe Alex Okosi, directeur van YouTube voor opkomende landen, het gevoel van het initiatief #YouTubeBlackVoicessamenvatte in Okay Africa.
Het platform heeft besloten om YouTubers van het Afrikaanse continent te steunen door een fonds van honderd miljoen dollar op te richten waarmee ze twintig kanalen met creatieve en originele content kunnen belonen. Het platform ziet Afrika als een veelbelovende markt en is van plan om de komende jaren meer dan 500 YouTubers financieel te ondersteunen.
#YouTubeBlackVoices zou vooral zijn bedoeld om de inhoud die door Afrikaanse YouTubers is gemaakt, te democratiseren. Het aanbod is daarom breed en bevat ook politieke onderwerpen. Zo reflecteert Akah Bants, een acteur in opleiding, op de Nigeriaanse samenleving, en biedt hij aan zijn 42.000 abonnees bijvoorbeeld de ruimte voor een debat over vaccinatie tegen Covid-19 in Nigeria.
Het nucleaire programma van Pyongyang
Volgens een jaarverslag van VN-experts, dat maandag aan de Veiligheidsraad is voorgelegd, heeft Noord-Korea vorig jaar ‘splijtstof geproduceerd, kerncentrales onderhouden en zijn ballistische raketinfrastructuur verbeterd’, terwijl het op zoek was naar materialen en technologieën om uit het buitenland aan te schaffen. Volgens dit document zouden Pyongyang en Teheran in 2020 ook de samenwerking hebben hervat bij de ontwikkeling van langeafstandsraketten.
‘Noord-Korea en Iran, vaak aan de rand van de internationale diplomatie, onderhouden al lang geheime en wederzijds voordelige betrekkingen’, schrijft Bloomberg. Het rapport werd enkele weken nadat Joe Biden aantrad als president van de VS doorgestuurd naar de VN-commissie die toezicht hield op de sancties die aan Noord-Korea werden opgelegd.
Een woordvoerster van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zei maandag dat de regering-Biden voornemens is een nieuwe aanpak met Pyongyang te bepalen, en ook met bondgenoten opnieuw zal kijken naar manieren om druk uit te oefenen.
Colombia biedt bescherming aan Venezolaanse migranten
Bogota zal een ‘tijdelijke beschermingsstatus’ creëren voor migranten zonder papieren die het land binnenkomen om de crisis in het naburige Venezuela te ontvluchten, kondigde de Colombiaanse president Iván Duque maandag aan. Colombia is de belangrijkste bestemming voor Venezolaanse vluchtelingen: ongeveer 1,7 miljoen Venezolanen trokken erheen, van wie meer dan de helft (56 procent) zonder papieren.
Venezolanen krijgen gedurende tien jaar een tijdelijke beschermingsstatus, waarin ze een verblijfsvisum kunnen aanvragen, licht het Colombiaanse dagblad El Tiempotoe. De aankondiging komt nadat president Duque in december zware kritiek kreeg te verduren vanwege zijn voornemen om migranten zonder papieren uit te sluiten van de massale vaccinatiecampagne tegen het coronavirus, die in Colombia op 20 februari van start gaat. De president heeft zich sindsdien teruggetrokken en besloten internationale hulp te vragen voor het vaccineren van deze illegale migranten.
Chinese popster zingt over huiselijk geweld
Het nieuwste nummer van de Chinese popster Tan Weiwei gaat niet over liefde of relaties, maar richt zich op vrouwelijke slachtoffers van huiselijk geweld, schrijft The New York Times in een portret. ‘Ken mijn naam en onthoud hem. Wanneer kunnen we een einde maken aan de tragedie?’ zingt ze zingt in haar nummer Xiao Juan, de Chinese equivalent van Jane Doe, gegeven aan onbekende of niet-geïdentificeerde vrouwelijke slachtoffers van misdrijven.
Still van Bilibili.
Sinds het in december uitkwam, heeft het nummer weerklank gevonden bij miljoenen vrouwen in China. Op een videowebsite die populair is bij jonge Chinese internetgebruikers, Bilibili, is de video van het lied meer dan 1,1 miljoen keer bekeken.
Hoewel China in 2015 een wet tegen huiselijk geweld heeft aangenomen, wordt deze niet goed gehandhaafd. Dat geldt vooral voor kleinere steden en landelijke gebieden. Volgens Beijing Equality, een vrouwenrechtengroep, berichtten Chinese media sinds de wet in 2016 werd aangenomen over de dood van meer dan 900 vrouwen die door hun partners zijn vermoord, maar ligt werkelijke aantal waarschijnlijk veel hoger.
Tan Weiwei, ook wel bekend als Sitar Tan, is een van de weinige muzikanten die het taboe-onderwerp in China aansnijdt – en geen enkele andere Chinese muzikant doet dat zo direct en met zo veel weerklank. De autoriteiten in China hebben hard opgetreden tegen het feminisme en de #MeToo-beweging, en cultureel gezien wordt het niet gepast geacht om openlijk over deze kwesties te spreken, die door Chinezen worden beschouwd als ‘gezinsaangelegenheid’. Het is in de Chinese popcultuur niet gebruikelijk dat musici kritiek uiten op sociale kwesties.
Het Cubaanse regime wil toeristen trekken met vaccins
Cuba wil graag weer buitenlandse bezoekers lokken, die de belangrijkste inkomstenbron van het eiland vormen. ‘Strand, Caribische zee, mojito’s en vaccins, alles op één plek’, zegt een recente reclamespot. ‘Wat denk je ervan? Kom je naar Cuba om een vaccin te halen?’
De campagne wordt uitgezonden door Telesur, een in 2005 opgerichte zender in het Venezuela van Hugo Chávez.
De onafhankelijke website 14ymedio beschrijft de reclame als volgt: ‘In de video wordt Cuba gepresenteerd als een medische grootmacht, het enige ontwikkelingsland dat eigen vaccins op mensen aan het testen is (het heeft er “vier in een vergevorderd stadium”), en wordt verzekerd dat het land 100 miljoen doses zal produceren, met het “doel om alle Cubanen in 2021 te vaccineren”.’
Die laatste woorden zijn van Vicente Vérez, directeur van het vaccininstituut Finlay (IFV). De genoemde ‘100 miljoen doses’ zijn meer dan genoeg voor een bevolking van elf miljoen mensen, aldus Vérez. Daarom heeft Cuba ‘reeds een aantal aangeboden aan Vietnam, Iran, Venezuela en India’. Vérez verwacht in maart te kunnen beginnen met vaccineren.
Hierna komt nog fase III, die veel complexer is en waarvoor veel meer proefpersonen nodig zijn dan voor fase II
Het duurde echter tot 18 januari voordat ‘Cuba begon met fase II van de klinische proeven met het kandidaat-vaccin Soberana02’, aldus Granma, het dagblad van de Communistische Partij. En die is nog steeds niet afgerond. Daarna komt nog fase III, die veel complexer is en waarvoor veel meer proefpersonen nodig zijn dan voor fase II, enkele tienduizenden.
Onafhankelijke nieuwssites lieten zich al snel ironisch uit over de Telesur-video: ‘Castro adverteert zijn vaccin als toeristische attractie’, kopte ADN Cuba op woensdag 27 januari.
Volgens de laatste cijfers telt Cuba slechts 204 doden op een bevolking van iets meer dan 11 miljoen.
Cubaanse minister deelt klappen uit aan demonstranten
Eerder schreef 360 al over de kunstenaarsprotesten op Cuba:
Deze protesten voor de vrijheid van meningsuiting en de vrijlating van verschillende Cubaanse kunstenaars begonnen in november en zijn nog steeds gaande op het Caribische eiland.
ADN Cuba bericht dat toen woensdag zo’n dertig kunstenaars naar het ministerie van Cultuur gingen om de vrijlating van hun collega’s te eisen, er klappen tegen demonstranten zijn uitgedeeld, door opmerkelijk genoeg zowel minister Alpidio Alonso als zijn viceministers.
Een van de vastgehouden kunstenaars was Tania Bruguera, die in 2018 de Prins Claus Prijs ontving, meldt 14ymedio. Zij is inmiddels vrijgelaten.
Doorbraak in Colombiaans vredesproces
Het vredestribunaal, opgericht na het in 2016 ondertekende vredesakkoord tussen de Colombiaanse regering en de FARC, heeft acht voormalige leiders van de guerrillabeweging beschuldigd van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de mensheid, vanwege de ontvoering van meer dan 21.000 mensen tijdens het gewapende conflict.
‘Een ongekende stap in de vier jaar sinds de ondertekening van het vredesakkoord’, noemt El Paísde uitspraak.
De oud-strijders krijgen echter geen gevangenisstraf opgelegd, aangezien dit tribunaal alleen alternatieve straffen uitdeelt in ruil voor het blootleggen van de waarheid, aldus het Spaanse dagblad.
Geen sla en wortelen planten
De reacties op de uitspraak zijn gemengd, meldt het Colombiaanse weekblad Semana. Jaime Felipe Lozado, Colombiaans kamerlid dat ontvoerd werd toen hij zeventien jaar was, zegt tegen het weekblad: ‘Wij hopen dat het geen sla en wortelen planten wordt, maar dat er een passende straf zal volgen.’
Maar zowel advocaat Clara Rojas, die bijna zes jaar lang door de FARC was ontvoerd (samen met toenmalig presidentskandidaat Ingrid Betancourt), als voormalig generaal Luis Mendieta, die meer dan tien jaar gegijzeld werd gehouden, zijn volgens Semana blij dat er in het vredesproces eindelijk een uitspraak ligt die past bij de ernstige misdaden die zijn gepleegd.
Novavax bijna 90 procent effectief
Het Amerikaanse biotechbedrijf Novavax maakte donderdag bekend dat zijn covid-19-vaccin voor 89,3 procent effectief was, meldt CNBC. Volgens de door het bedrijf uitgevoerde proeven zou het vaccin – in twee doses – bijna even doeltreffend zijn bij de Britse variant (85,6 procent). Maar het is veel minder effectief tegen de Zuid-Afrikaanse variant, met een werkzaamheid van minder dan 50 procent.
Novavax kondigde aan dat het onmiddellijk zou beginnen met de ontwikkeling van een nieuwe samenstelling gericht op deze variant. De medische autoriteiten moeten de resultaten nu bestuderen om het vaccin al dan niet goed te keuren.
Nieuwe varianten, zoals de Zuid-Afrikaanse, kunnen problemen opleveren bij de werking van de vaccins, bericht The New York Times. Experts vertellen het dagblad dat bestaande vaccins weliswaar ernstige gevallen van covid-19 zullen voorkomen, maar dat nieuwe varianten gevaccineerden alsnog kunnen besmetten met een milde of asymptomatische vorm van covid.
Koers GameStop-aandelen zakt in
Gisteren berichtte 360 al over de ongekende stijging van de beurswaarde van winkelketen GameStop.
Nadat gistermiddag het kopen van GameStop-aandelen geblokkeerd werd op de populaire beursapp Robinhood, zakte de aandelenkoers van de videogamewinkel weer in, meldt The Guardian. Dit leidde tot beschuldigingen dat de hedgefondsen invloed hadden uitgeoefend op Robinhood en andere handelsplatformen om de koersstijging te stoppen.
De fall-out veroorzaakte zelfs onwaarschijnlijke overeenstemming tussen tegengestelde uitersten van het Amerikaanse politieke spectrum, met Republikein Ted Cruz en Democraat Alexandria Ocasio-Cortez die beide opriepen tot een hoorzitting over het besluit om de handel in GameStop-aandelen te stoppen, aldus The Guardian.
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.