Tag: energie

  • Oekraïne wil energie besparen met winter in aantocht

    Oekraïne wil energie besparen met winter in aantocht

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Erdogan wil grondoffensief in Syrië beginnen

    » Bolsonaro probeert stemmen ongeldig te verklaren

    Door Russische aanvallen kampen veel regio’s met stroomuitval

    De eerste sneeuw is gevallen in Oekraïne. Aangezien de winter zich aandient, hebben Oekraïense autoriteiten inwoners van het land opgeroepen vooral zuinig om te gaan met energie en zo veel mogelijk kleren en dekens in te slaan, meldt persbureau Reuters. Aanleiding zijn de aanhoudende aanvallen door de Russische strijdkrachten op de Oekraïense energievoorzieningen.

    Naar verwachting zullen miljoenen mensen met energieproblemen kampen in de winter vanwege het Russisch geweld. De Verenigde Naties waarschuwden al eerder voor een mogelijke humanitaire ramp, ondanks dat Oekraïne een relatief zachte herfst heeft doorgemaakt. Een groot aantal ziekenhuizen in het land zouden al kampen met tekorten aan water, brandstof en stroom.

    In alle regio’s van het land zullen de komende tijd geplande onderbrekingen op het elektriciteitsnet plaatsvinden om zo veel mogelijk energie te besparen. Autoriteiten hebben gezegd niet uit te sluiten dat, zolang de Russische aanvallen op het energienet aanhouden en de winterkou doorzet, burgers geëvacueerd moeten worden.

    Lees ook:

  • Duitsers verminderen gasverbruik dankzij warm weer

    Duitsers verminderen gasverbruik dankzij warm weer

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Lula en Bolsonaro richten zich op argwanende kiezer: evangelicals en vrouwen

    » Eerste wilde bizon geboren in VK sinds duizenden jaren

    Ondanks oorlog daalt gasverbruik Duitse huishoudens

    Volgens de Bundesnetzagentur hebben Duitse huishoudens en de lichte industrie vorige week minder gas verbruikt dan het gemiddelde voor dezelfde periode tussen 2018-2021. Ook de week daarvoor was het gasgebruik lager dan normaal, bericht Deutsche Welle. De voorzitter van de federale netwerkregulator voor elektriciteit, gas, telecommunicatie, post en spoorwegen van Duitsland, Klaus Müller, meldde dat huishoudens in kalenderweek 41 gemiddeld 608 gigawattuur (GWh) per dag verbruikten, tegenover 881 GWh/dag in voorgaande jaren – een daling van 31 procent. 

    Müller merkte op dat Duitsland momenteel in een goede positie verkeert om de winter zonder ernstige problemen door te komen, ondanks de inval van Rusland in Oekraïne en de gevolgen daarvan voor de gasvoorziening in Europa. Het Duitse agentschap noemt als een van de redenen van het lagere gasgebruik het warme weer van de afgelopen weken, aldus DW. Ook zouden burgers bewuster omgaan met energie.

    Volgens het Potsdam-Institut für Klimafolgenforschung (PIK) is het mogelijk voor Duitse huishoudens om hun gasverbruik met 30 procent te verminderen. PIK zegt dat Duitsers hun verbruik kunnen verminderen door ‘de thermostaten een of twee graden lager te zetten en alleen de verwarming aan te zetten als dat nodig is’.

    Lees ook:

  • EU presenteert groen energieplan als alternatief voor Russische olie en gas

    EU presenteert groen energieplan als alternatief voor Russische olie en gas

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Amerikaanse ambassade in Kyiv weer geopend

    » Joe Biden stelt luchtbrug in om babymelkcrisis op te lossen

    Europese Commissie wil 210 miljard euro extra uittrekken

    De Europese Unie heeft woensdag een plan voor energieonafhankelijkheid gepresenteerd. De EU plant een ‘enorme’ toename van zonne- en windenergie, en een kortetermijnstimulans voor steenkool, om zo snel mogelijk een einde te maken aan haar afhankelijkheid van Russische olie en gas, aldus The Guardian. In het plan dat de Europese Commissie gisteren bekendmaakte, zei ze dat de EU de komende vijf jaar 210 miljard euro extra moet vrijmaken om het afbouwen van Russische fossiele brandstoffen te financieren en om de overschakeling op groene energie te versnellen.

    De Europese Commissie wil dat in 2030 45 procent van de energiemix uit hernieuwbare energiebronnen komt

    ‘Opgesteld als reactie op de Russische invasie in Oekraïne en het daaropvolgende debat over Europa’s afhankelijkheid van Russisch gas, is het plan een aanscherping van de Green Deal van de EU, het vlaggenschip van het Europees beleid om de klimaatcrisis aan te pakken,’ aldus The Guardian.

    De Europese Commissie wil dat tegen 2030 45 procent van de Europese energiemix uit hernieuwbare energiebronnen komt, wat de Britse krant omschrijft als ‘een stap vooruit ten opzichte van de huidige doelstelling van 40 procent, die minder dan een jaar geleden werd voorgesteld’.

    Lees ook:

  • Israël boekt succes in ontwikkeling van luchtafweer met laser

    Israël boekt succes in ontwikkeling van luchtafweer met laser

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: mannen over- en vrouwen onderschatten hun IQ

    » Indonesië neemt na tien jaar wet op seksueel geweld aan

    Nieuw verdedigingssysteem zou slechts drie euro kosten

    Israël heeft een belangrijke stap gezet in de richting van de voltooiing van zijn lasersysteem. Bij het uitvoeren van een reeks experimenten, werd een verscheidenheid van luchtdreigingen op ‘uitdagende afstanden‘ neergehaald, kondigde het ministerie van Defensie donderdag aan, aldus The Jerusalem Post.

    Bij de experimenten, die werden uitgevoerd in het zuiden van Israël door het Directoraat Onderzoek en Ontwikkeling (DDR&D, of MAFAT in het Hebreeuws) van het ministerie van Defensie en Rafael Advanced Defense Systems, onderschepte het lasersysteem, bekend als ‘Iron Beam‘, met succes een aantal luchtdoelen, waaronder onbemande luchtvaartuigen, mortieren, raketten en antitankraketten in verschillende scenario’s.

    Dit is een historisch moment voor wapensystemen. Voor het eerst werkt een op energie gebaseerd wapensysteem echt

    ‘Dit is een historisch moment voor de ontwikkeling van wapensystemen. Voor het eerst werkt een op energie gebaseerd wapensysteem in de praktijk,‘ zei Yaniv Rotem, directeur van onderzoek en ontwikkeling bij het ministerie van Defensie, tegen het dagblad.

    Voor drie euro zou het Israëlisch defensieleger in staat zijn drones, mortiervuur of raketten tegen te houden met deze onzichtbare en stille laser. Dit verdedigingssysteem zou het voordeel hebben veel goedkoper te zijn dan de ‘Iron Dome‘, die doeltreffend is tegen raketvuur, maar iedere keer dat hij gebruikt wordt tienduizenden euro’s kost.

    Lees ook:

  • Australische oliebedrijf Santos verdrievoudigd winst door hoge brandstofprijzen

    Australische oliebedrijf Santos verdrievoudigd winst door hoge brandstofprijzen

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Amerikaans onderzoek: huizen in straten met controversiële namen staan langer te koop

    » Directeur Indiase beurs was ‘marionet in handen van goeroe’

    Meer winst door dure brandstof

    Santos, een van de grootste olie- en gasbedrijven van Australië, heeft zijn winst over 2021 ruim verdrievoudigd, met dank aan de wereldwijde energiecrisis die de prijzen uit hun pandemische malaise trekt, bericht Sydney Morning Herald. De olie- en aardgasmarkten zijn wereldwijd sterk gestegen door krappe voorraden en een aantrekkende vraag, aangezien landen sneller dan verwacht uit de lockdowns komen. Daardoor is de concurrentie rond leveringen van fossiele brandstoffen heviger geworden.

    Prijzen voor vloeibaar aardgas in Azië daalden tijdens de door pandemie veroorzaakte ‘crash’ van 2020, maar bedragen sinds afgelopen oktober minimaal het tienvoudige. Ondertussen heeft de angst voor een Russische invasie van Oekraïne de prijs van Brent-olie onlangs voor het eerst in zeven jaar weer boven de 83,50 euro per vat gebracht.

    Over 2021 maakte Santos een nettowinst na belastingen van circa 580 miljoen euro, vergeleken met een verlies van 315 miljoen euro in 2020, toen de olie- en gasprijzen kelderden door het wegvallen van de vraag.

    Lees ook:

  • Lokaal verzet tegen groene energie: ‘Ik heb het recht mijn werk te beschermen’

    Lokaal verzet tegen groene energie: ‘Ik heb het recht mijn werk te beschermen’

    Groene energie stuit op dezelfde problemen als fossiele brandstoffen eerder: protesten vanuit de gemeenschap, vooral vanwege een bedreiging van de inkomsten. Wereldwijd lopen projecten hierdoor aanzienlijke vertraging op.

    Projecten voor wind- en zonne-energie vereisen grote land- en wateroppervlakken, tot ongenoegen van plaatselijke boeren en vissers. Ze stuiten in toenemende mate op protesten waarmee ook fossiele-brandstofbedrijven jarenlang zijn geconfronteerd. Franse vissers hebben onlangs geprotesteerd tegen de aanleg van een 2,5 miljard euro kostend windmolenpark voor de kust van Bretagne.

    Afgelopen juni omsingelden dertig plaatselijke vissersboten een torenhoog offshore installatieschip voor de kust van Bretagne om de aanleg tegen te houden van een 2,5 miljard euro kostend windmolenpark dat zal worden gerund door de Spaanse elektriciteitsmaatschappij Iberdrola SA. De vissers slaagden erin het schip te verjagen, wat heeft geleid tot een gerechtelijk onderzoek op last van Ailes Marines, de Franse poot van Iberdrola. De vissers zeggen dat ze zich tegen het project zullen blijven verzetten omdat het hen in hun levensonderhoud bedreigt door de verstoring van het visbestand en hun toegang daartoe.

    ‘Vissers zeggen dat de zee van hen is, maar die is van ons allemaal’

    In bredere zin onderstrepen hun protesten een wereldwijd almaar toenemend probleem voor energiemaatschappijen en regeringen die de productie van duurzame energie willen opvoeren: groene-energieprojecten vereisen grote land- en wateroppervlakken en vormen daarmee een potentiële bedreiging voor de inkomsten van boeren en vissers. Het resultaat is dat op uiteenlopende locaties als Massachusetts, Zuid-Korea en Colombia de installatie van groene-energievoorzieningen met hetzelfde soort gemeenschapsbezwaren worden geconfronteerd als vroeger de producenten van fossiele brandstoffen.

    Machtige tegenstanders

    De protesterende groeperingen hebben met een scala van machtige tegenstanders te maken. Overal ter wereld zetten regeringen zich in voor de ontwikkeling van duurzame energie om de uitstoot van CO2 te verminderen. En aandeelhouders en rechters oefenen steeds meer druk uit op bedrijven om te investeren in groene energie. Zo bepaalde afgelopen mei een Nederlandse rechter dat Shell mede verantwoordelijk is voor de klimaatverandering en kreeg het bedrijf het bevel zijn CO2-uitstoot uiterlijk in 2030 met 45 procent te verminderen ten opzichte van het niveau van 2019. Enkele uren later verwierf bij Exxon Mobil een Amerikaans hedge fund dat een klein belang in de oliegigant heeft en wil dat deze zich meer op duurzame energie richt, zetels in de raad van bestuur van het bedrijf.

    Ook hebben de protesterende groeperingen het aan de stok met milieubewegingen, die vaak enigszins controversiële projecten steunen, zoals het windmolenpark voor de kust van Bretagne. Diezelfde regio werd in 1978 geconfronteerd met het scheuren van de romp van de mammoettanker Amoco Cadiz, een van de grootste olielekken uit de geschiedenis. ‘In die tijd zag ik vanuit mijn huis de enorme olievervuiling op het strand. Dat was voor mij de druppel,’ zegt Denez L’Hostis, erevoorzitter van France Nature Environnement, een koepel van Franse milieugroeperingen. Hij is voorstander van het Bretonse windmolenpark. ‘Vissers zeggen dat de zee van hen is, maar die is van ons allemaal,’ zegt hij.

    Volgens de Bretonse vissers zal het project schadelijk zijn voor ruim zevenhonderd hectare sint-jakobsschelpgronden en kan het lawaai van het park veel vis- en schelpdiersoorten uit het gebied verdrijven. Daardoor worden volgens hen drieduizend banen bedreigd.

    Volgens een woordvoerder van Ailes Marines kan de visserij doorgang blijven vinden in het gebied van het windmolenpark en heeft het bedrijf een budget van tien miljoen euro om eventuele vangstvermindering tijdens de bouw te compenseren. Ook zal het bedrijf de windmolenparken op grotere afstand van de sint-jakobsschelpgronden plaatsen en wordt het oorspronkelijk voorziene aantal van 100 windturbines teruggebracht naar 62. Daarmee zou vangst van sint-jakobsschelpen maar met 1,5 procent afnemen ten opzichte van het huidige niveau.

    Mede-eigenaar

    Maar de vissers willen dat het plan van tafel gaat. ‘Ik ben een voorstander van duurzame energie,’ zegt Jonathan Thomas, een van de protesterende vissers. ‘Maar ik heb het recht om mijn werk te beschermen, en dit project zal funest zijn voor de zeebodem.’

    Offshore windmolenparken ondervinden overal op de wereld verzet van vissers, met verschillend resultaat. In de VS hebben vissers die vangstverlies vrezen bezwaar aangetekend tegen de bouw van het 2,8 miljard dollar kostende windmolenpark voor de kust van Martha’s Vineyard in Massachusetts. Maar in mei is er federale toestemming gegeven voor het project, dat het eerste grootschalige windmolenpark in de VS zal zijn, en de bouw zal naar verwachting binnen een jaar beginnen. Volgens een woordvoerder van de ontwikkelaar van het park, Vineyard Wind LLC, is de omvang ervan teruggebracht en is na overleg met de visserijsector geld opzijgezet voor verlies van apparatuur of inkomsten.

    In Nederland en Duitsland is in sommige regio’s soms wel 90 procent van de windmolenparken in gemeenschapshanden

    In Zuid-Korea heeft de visserij bezwaar aangetekend tegen plannen van de regering om kolencentrales door windmolenparken te vervangen. Minstens dertig projecten zijn door de protesten met vele jaren vertraagd.

    Ook op het vasteland zijn projecten op het gebied van zonne-energie en geothermie vertraagd of zelfs geschrapt na protesten van boeren en anderen. Windmolenprojecten in Colombia en Mexico zijn herhaaldelijk tegengehouden – door middel van rechtszaken, betogingen en sabotage – door plaatselijke autochtone bevolkingsgroepen die zeiden dat ze onvoldoende werden gecompenseerd voor het verlies van hun voorouderlijke land. In 2017 werd de bouw van een windmolenpark in Kenia gestaakt nadat betogers een van de windmeetmasten hadden vernield en aannemers zich om veiligheidsredenen hadden teruggetrokken.

    In veel gevallen krijgt de plaatselijke bevolking een aandeel in duurzame-energieprojecten. Zo zijn Zuid-Koreaanse boeren in regio’s waar windmolenparken zijn gebouwd in totaal voor 30 procent eigenaar van alle windmolenparken in het land, wat volgens schattingen van de regering jaarlijks maar liefst 230 miljoen euro aan dividend kan opleveren. Dit model is op meer systematische basis ingevoerd in Denemarken, waar 75 procent van alle windturbines die het land telt in particuliere handen is. In Nederland en Duitsland is in sommige regio’s soms wel 90 procent van de windmolenparken in gemeenschapshanden en vormt het dividend daarvan een aanzienlijke bijdrage aan de pensioenpot.

    ‘Onze ervaring is dat gemeenschappen zich minder snel tegen projecten zullen verzetten als ze mede-eigenaars zijn en betrokken bij het runnen ervan,’ zegt Molly Walsh, student duurzame energie bij Friends of the Earth Europe, een netwerk van Europese milieugroeperingen. ‘Wanneer ze op deze manier betrokken zijn, kunnen plaatselijke gemeenschappen zelfs zo ver gaan dat ze de projecten niet alleen accepteren maar actief steunen.’

    Lees ook:

  • De toekomst is een luchtkasteel

    De toekomst is een luchtkasteel

    ‘Smart dust’ is binnen bereik: piepkleine sensoren die energie uit de lucht kunnen halen. Ze bieden allerlei mileuvriendelijke mogelijkheden. Maar het wordt ook een koud kunstje om overal miniscule bewakingscamera’s te plaatsen.

    Het idee van een perpetuum mobile, een apparaat dat eeuwig blijft bewegen als het eenmaal in gang is gezet, slaat nergens op. De energie die zo’n apparaat nodig heeft, moet ergens vandaan komen. Maar een nieuwe variatie 
op dat oude idee, een superzuinig apparaat dat zijn energie aan de omgeving onttrekt, is geen hersenspinsel meer. Sommige mensen spreken al van perpetuum-computers. Zo’n apparaat dat energie uit 
de lucht haalt hoeft nu al niet groter te zijn dan drie stuivers op elkaar. En er is geen natuurwet die verhindert dat ze ooit zo klein worden dat we ze overal in kunnen stoppen. Stel je voor: piepkleine sensoren die geluid, trillingen, chemicaliën, licht of beweging waarnemen en niet afhankelijk zijn van netstroom of batterijen.

    De eerste generatie zullen onopvallende, zelf rekenende sensoren zijn met draadloze zendertjes met een bereik tot wel een kilometer. De eerste toepassingen waaraan gedacht wordt, worden nu vaak al uitgevoerd door hun broertjes op batterijen of netstroom: de sensoren die gebruikt worden in ‘slimme’ fabrieken, huizen en wearables. Uiteindelijk denken deskundigen dat deze piepkleine apparaatjes met hun onuitputtelijke energie ons in staat zullen stellen om dingen te doen die nu nog niet mogelijk zijn. Overal waar we willen piepkleine bewakingscamera’s plaatsen bijvoorbeeld. Of elke vierkante meter van een boerderij volhangen met sensoren.

    Of onze auto’s en huizen volstouwen met sensoren die zowel onze veiligheid als de efficiëntie van onze kostbaarste bezittingen verhogen. Er bestaat al een term voor zulke potentieel alomtegenwoordige sensoren: ‘smart dust’ (slim stof). Eerst moeten er nog wel wat hindernissen worden genomen. De meeste van de huidige microchips 
verbruiken nog te veel energie om zonder opladen 
te kunnen blijven draaien. En de nieuwe technologie om ze zelfvoorzienend te maken staat in de kinderschoenen: de precieze prestaties en levensduur daarvan zijn nog onbekend. En zijn die problemen eenmaal opgelost, dan rijzen er waarschijnlijk vragen over het privacyaspect van microscopisch kleine 
sensoren die altijd aanstaan.

    Ruimte voor verbetering

    Smart dust komt nu binnen bereik doordat elektronica dankzij nieuwe technieken steeds minder energie nodig heeft. ‘Wat stroomverbruik betreft heeft micro-elektronica ten opzichte van ENIAC [een van de eerste elektronische computers ter wereld] inmiddels een energie-efficiëntie die meer dan een biljoen maal zo hoog is,’ zegt Joshua R. Smith, als hoogleraar aan de universiteit van Washington gespecialiseerd in energiezuinige systemen en draadloze communicatie.

    Er is al een hele sector van bedrijfjes die chips met een minuscuul energieverbruik maken. Startups zoals Ambiq Micro, gespecialiseerd in wearables, sensoren en smartcards, en PsiKick, dat met zijn eigen zuinige chips voor de industrie batterijloze ‘internet of things’-netwerken bouwt. De processor in je smartphone verbruikt ongeveer één watt, maar het stroomverbruik van sommige van deze chips wordt gemeten in microwatts: één miljoenste daarvan. Er zijn nu ook betere manieren om energie aan de omgeving te onttrekken.

    Enkele startups werken 
aan draadloze communicatiesystemen die zo weinig stroom nodig hebben dat de veldeenheden hun 
energie kunnen halen uit de communicatie met het basisstation. Die techniek wordt al gebruikt in RFID-chips: die reageren op het draadloze signaal van een RFID-lezer door hun unieke ID-nummer terug te kaatsen. Maar de ontwikkeling van RFID is tot stilstand gekomen, terwijl er nog ruimte voor verbetering is, aldus Gregory Durgin, hoogleraar op het gebied van draadloos opladen aan het Georgia Institute of Technology. ‘We zitten nog lang niet aan de fysieke grens van wat mogelijk is met de energiewinning uit radiofrequenties door computers en communicatieapparatuur,’ zegt hij.

    Een Britse prent uit ca. 1834 getiteld The Century of Invention, met hierop een verbeelding van 
de toekomst van transport. De kunstenaar voorspelt dat in het jaar 2000 het paard een bedreigde diersoort is en dat we in stoomvoertuigen zullen rijden. –
    Een Britse prent uit ca. 1834 getiteld The Century of Invention, met hierop een verbeelding van 
de toekomst van transport. De kunstenaar voorspelt dat in het jaar 2000 het paard een bedreigde diersoort is en dat we in stoomvoertuigen zullen rijden. –

    Een veelbelovende ontwikkeling is zogenaamd passieve wifi, die gebruikmaakt van ‘backscatter’-communicatie. Dat werkt als een soort spiegel, maar dan een spiegel die berekeningen kan uitvoeren op het licht dat erin wordt weerkaatst: passieve wifi-elementen kaatsen een signaal terug dat is gewijzigd door de energiezuinige elektronica waarvan ze deel uitmaken. Joshua Smith is een van de oprichters van de startup Jeeva Wireless, die pioniert met extreem energiezuinige communicatie over lange afstanden voor industrieel gebruik, zoals omgevingssensoren op boerderijen en tal van andere toepassingen.

    Een andere veelbelovende energiebron voor smart dust is warmte. Het is allang bekend dat een temperatuurverschil tussen twee zijden van bepaalde materialen elektriciteit kan genereren. Zo loopt de MATRIX PowerWatch van Matrix Industries op de lichaamswarmte van de drager. Sinds de oprichting in 2011 heeft Matrix al voor 30 miljoen dollar aan investeringen opgehaald, onder meer bij 3M. Het bedrijf beschikt momenteel ook over technologie voor sensoren die hun eigen energie opwekken in fabrieken waar bijvoorbeeld ketels en motoren veel warmte produceren.

    En het Pakistaanse energiebedrijf The Hub Power Company wil de betrouwbaarheid van zijn energiecentrales verhogen door trillings- en warmtegegevens draadloos te verzamelen en naar General Electric te sturen, dat dan onderhoudsadviezen kan geven. Maar honderden sensoren stuk voor stuk van nieuwe batterijen voorzien of op het lichtnet aansluiten is erg arbeidsintensief, zegt Aly Khan, een van de directeuren van Hub Power. Toen de directie van het bedrijf hoorde over de technologie van Matrix, besloten ze die te proberen. Ze zijn nu bezig om de beloofde prestaties te verifiëren en willen de sensoren volgend jaar bij één centrale in gebruik nemen, om de techniek later naar andere locaties uit te rollen.

    Matrix werkt ook aan een systeem om stroom te genereren uit de temperatuurverschillen tussen dag en nacht, zegt directeur en medeoprichter Akram Boukai. Een dagelijkse temperatuurschommeling van tien graden kan gemiddeld vijf tot tien milliwatt opleveren. Dat is genoeg om een keur aan sensoren van stroom te voorzien en hun data om de vijf à tien minuten naar een zendmast te sturen.

    Slimme woningen kunnen worden ingericht zonder alle kabels en stroomvoorzieningen die ze momenteel vereisen

    De omvang van het apparaat dat energie opwekt uit temperatuurverschillen illustreert een van de vele hindernissen bij de ontwikkeling van smart dust: het is ongeveer zo groot als de Amazon Echo-speaker, al hoopt Matrix de omvang te kunnen terugbrengen tot die van een colablikje. Maar thermo-elektrische generatoren moeten nog een stuk kleiner worden om in huis rondgestrooide microsensoren te kunnen aandrijven. Wel zijn er nu al tal van toepassingen waarbij de omvang van een colablikje geen probleem is, en nog meer voorbeelden van warme objecten die genoeg energie genereren voor kleinere sensoren die niet groter zijn dan een munt.

    Zo produceren koeien meer dan genoeg lichaamswarmte om een eigen draagbare gezondheidsmonitor ter grootte van een horloge van stroom te voorzien. (En geloof het of niet, maar veel boeren hebben al in zulke wearables voor koeien geïnvesteerd.) En spionnen die de vijand willen afluisteren, hoeven niet langer hun leven te wagen om achter de vijandelijke linies de batterij in een microfoontje te vervangen.

    De verdere verbetering van deze technologie, die er volgens Gregory Durgin van Georgia Tech absoluut aankomt, leidt misschien niet alleen tot nieuwe 
toepassingen, maar ook tot herinrichting van de bestaande en nog grotendeels bekabelde wereld. Zo bevat een auto gemiddeld zo’n 25 kilo aan kabels. 
Dat kan waarschijnlijk een heel stuk minder door de inzet van draadloze sensoren die zichzelf van stroom voorzien.

    En slimme woningen kunnen worden ingericht zonder alle kabels en stroomvoorzieningen die ze momenteel vereisen. Maar zo mooi als dit allemaal mag klinken, deze technologie kan ook worden gebruikt voor de ontwikkeling van onverslijtbare peilzendertjes, microfoontjes of cameraatjes om aan onze persoon of onze auto te hangen – of waar je maar wil. Niemand heeft de ontwikkeling van zulke apparaatjes nog aangekondigd, maar de grote kans dat ze er gaan komen is wel iets om bij stil te staan.

    Auteur: Christopher Mims

    Wall Street Journal
    Verenigde Staten | dagblad | oplage 2.000.000

    De bijbel voor zakenmensen. Maar bij het lezen is enig beleid vereist: naast reportages van hoge kwaliteit drukt de krant hoofdredactionele commentaren af die zo patriottisch zijn dat ze hun geloofwaardigheid verliezen.

  • Waarom Saoedi-Arabië 16 kerncentrales wil bouwen

    Waarom Saoedi-Arabië 16 kerncentrales wil bouwen

    Voor een land dat zwemt in de olie en makkelijk zou kunnen overschakelen op zonne-energie, is een mega-investering in kerncentrales een vreemde stap. Het echte doel is dan ook een kernwapenprogramma, vrezen sceptici.

    Saoedi-Arabië bezit de op een na grootste oliereserves ter wereld en hoeft zich dus weinig zorgen te maken om energie. Maar het koninkrijk wil nu toch een van de grootste investeringen in kernenergie aller tijden plegen: het steekt 80 miljard dollar in de bouw van zestien kernreactoren die de komende vijfentwintig jaar moeten verrijzen.

    Uit deze krachtpatserij blijkt dat het ’s werelds meest iconische oliegigant ernst is met het terugdringen van zijn bijna totale afhankelijkheid van olie – maar kan het ook zijn dat het land op termijn een kernarsenaal nastreeft?

    123-overeenkomst

    Saoedi-Arabië stelt dat het zijn energieportefeuille wil uitbreiden. Elektriciteitsopwekking uit kernreactoren betekent dat de Golfstaat zelf minder olie hoeft te consumeren en er dus meer van kan exporteren. Meer export betekent meer overheidsinkomsten.

    Volgens energiedeskundigen wil Saoedi-Arabië zo snel mogelijk munt slaan uit zijn oliereserves, omdat verwacht wordt dat de mondiale vraag op termijn zal afnemen vanwege de opkomst van hernieuwbare energie en de uiteindelijke dominantie van de elektrische auto. En dus is het zaak het accent in de Saoedische economie te verleggen van olie naar de tech- en entertainmentsector.

    Momenteel is Riyad in gesprek met bedrijven uit meer dan tien landen over de aankoop van nucleaire technologie om de eerste twee reactoren te bouwen – en Amerikaanse gegadigden staan vooraan in de rij. Probleem is wel dat de regering-Trump voorafgaand aan elke Amerikaanse verkoop een overeenkomst voor nucleaire samenwerking met Saoedi-Arabië moet sluiten, een zogeheten ‘123-overeenkomst’ waarin landen beloven dat ze de krachtige nucleaire installaties die ze van de VS kopen niet op oneigenlijke wijze zullen gebruiken.

    Gesprekken tussen de VS en Saoedi-Arabië over een dergelijk akkoord zijn al gaande – de Amerikaanse minister van Energie Rick Perry besprak de zaak in maart in Londen met Saoedische functionarissen, en ook president Trump zal de kwestie hebben aangesneden tijdens zijn ontmoeting met de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman kort geleden.

    Dekmantel

    Experts op het gebied van nucleaire proliferatie en Amerikaanse Congresleden van beide partijen maken zich echter grote zorgen over de deal. Zij vrezen dat Riyad zal proberen de technologie te gebruiken om een kernwapenprogramma op te zetten. Dat zou een van de meest instabiele regio’s ter wereld nog instabieler maken. Sommige sceptici denken zelfs dat het energieverhaal van Riyad louter een dekmantel is voor militaire ambities.

    Dit is meer dan een gissing. In een interview met de Amerikaanse omroep CBS op 18 maart gaf de Saoedische kroonprins, ook wel MBS genoemd, openlijk toe dat nucleaire bewapening een optie was: ‘Saoedi-Arabië wil geen kernwapens hebben, maar als Iran ze ontwikkelt, dan zullen wij zeker niet achterblijven.’

    De regering-Trump kan proberen ervoor te zorgen dat dit nooit gebeurt. Met de ‘123-overeenkomst’ kan het de Saoedi’s dwingen tot een juridisch bindende toezegging dat ze geen uranium zullen verrijken of verbruikte splijtstof zullen opwerken – processen die nodig zijn om kernwapens te maken.

    Naar verluidt overweegt Washington echter om Saoedi-Arabië toe te staan uranium te verrijken. Daarvoor zouden volgens deskundigen twee belangrijke redenen zijn. Ten eerste heeft Trump duidelijk een zwak voor Saoedi-Arabië: het was het eerste land dat hij op zijn eerste buitenlandse reis als president bezocht. Ook steunde hij een aantal van Riyads meest radicale politieke beslissingen, zoals de campagne van afgelopen zomer om buurland Qatar te isoleren en de vernietigende militaire interventie in Jemen.

    Ten tweede zou Trump kunnen zwichten voor het aanlokkelijke vooruitzicht van miljardencontracten voor Amerikaanse nucleaire productiebedrijven die dolgraag zaken willen doen. De verleiding om een deal te accepteren die de weg naar een Saoedische kernbom effent is mogelijk te groot om te weerstaan.

    Saoedi-Arabië blijft erbij dat het alleen kernenergie wil om de energieproductie te verhogen en niet om wapens te bouwen. ‘Wij voelen wij er niets voor nucleaire technologie aan te wenden voor militaire doeleinden en doen juist erg ons best om de verspreiding van kernwapens door anderen tegen te gaan,’ aldus de Saoedische minister van Energie Khalid al-Falih op een gezamenlijke persconferentie met minister Perry in december vorig jaar.

    Het nucleaire akkoord dat Iran in 2015 met onder meer de VS tekende, beperkt de mogelijkheden van het land om materiaal te maken dat nodig is voor een atoombom aanzienlijk, maar rond 2030 verlopen cruciale onderdelen van de overeenkomst

    Energiedeskundigen zeggen dat het zeker zin heeft voor Saoedi-Arabië om nieuwe vormen van energie te genereren, zodat het meer van zijn olie kan exporteren voordat de verwachte waardedaling van deze grondstof een feit is. Maar waarom gekozen voor nucleaire energie als alternatief, in plaats van hernieuwbare energie?

    Joe Romm, een voormalig onderminister van Energie tijdens de Clinton-jaren, vertelde me dat Saoedi-Arabië een groot deel van het land van stroom zou kunnen voorzien met zonne-energie. De uitgestrekte woestijnen waar de zon vrijwel permanent zeer fel schijnt zijn daarvoor van nature geschikt.

    Aangezien Saoedi-Arabië tegen extreem lage kosten zonne-energiecentrales zou kunnen bouwen om zonnestroom te produceren, is het, aldus Romm, ‘vanuit energie-oogpunt niet zo logisch dat de Saoedi’s zo’n sterke voorkeur aan de dag leggen voor de nucleaire optie, die notoir duur is’.

    Leg de plannen van Saoedi-Arabië om te investeren in hernieuwbare energie naast de voorgenomen investeringen in kernenergie, en je ziet volgens Romm dat Riyad minstens drie keer zo veel elektriciteit uit kernreactoren zal proberen op te wekken als uit hernieuwbare energie.

    Militaire ambities

    Amerikaanse experts op het gebied van buitenlandse politiek en nucleaire non-proliferatie zijn het door de bank genomen eens dat de voorkeur voor het ene programma boven het andere maar één ding kan betekenen: militaire ambities.

    ‘Ik denk dat een belangrijke – zo niet de belangrijkste – drijfveer voor het nucleaire programma van Saoedi-Arabië de veiligheidscompetitie met Iran is,’ aldus Kingston Reif, een non-proliferatie-expert bij de Arms Control Association.

    Iran is de aartsrivaal van Saoedi-Arabië in het Midden-Oosten en Saoedi-Arabië vreest dat Teheran zijn civiele nucleaire programma zal gebruiken om in de toekomst wapens te maken en de machtsverhoudingen in de regio daarmee in zijn voordeel te doen omslaan. Het nucleaire akkoord dat Iran in 2015 met onder meer de VS tekende, beperkt de mogelijkheden van het land om materiaal te maken dat nodig is voor een atoombom aanzienlijk, maar rond 2030 verlopen cruciale onderdelen van de overeenkomst.

    Die beperkingen kunnen nog veel sneller tot het verleden behoren wanneer Trump zijn herhaalde dreigementen uitvoert om zich uit de deal terug te trekken. Iran kan in dat geval binnen enkele dagen de nodige stappen zetten in de richting van wapenproductie.

    Aangezien MBS openlijk heeft toegegeven dat Saoedi-Arabië zich genoodzaakt zal voelen kernwapens na te streven als Iran hetzelfde doet, moet een Saoedisch civiel nucleair programma welhaast als een potentiële militaire troef worden beschouwd.

    De regering-Trump is momenteel in onderhandeling met de Saoedi’s over een overeenkomst inzake nucleaire samenwerking. Waarschijnlijk kwam die ter sprake toen de kroonprins op 20 maart te gast was in het Witte Huis. (Noch Saoedi-Arabië, noch de VS vermeldde hier iets over naar aanleiding van de bijeenkomst, wel werd er gezinspeeld op ‘nieuwe handelsovereenkomsten’.)


    Volgens recente berichten zal het Witte Huis Saoedi-Arabië mogelijk toestaan uranium te verrijken. Een land kan uranium verrijken om brandstof te produceren voor zijn kernreactoren, maar datzelfde proces kan ook dienen om een atoombom te maken – en dat heeft de bezorgdheid van Amerikaanse Congresleden van beide partijen gewekt.

    ‘Het interview met de kroonprins van vorige week zou reden genoeg moeten zijn voor de regering om de rem te zetten op de onderhandelingen en te benadrukken dat er geen 123-overeenkomst mogelijk is die verrijking en opwerking omvat,’ aldus het Republikeinse Congreslid Ileana Ros-Lehtinen, voorzitter van de Subcommissie Buitenlandse Zaken voor het Midden-Oosten en Noord-Afrika van het Huis van Afgevaardigden. ‘Maar helaas blijkt uit het weinige dat de regering loslaat dat ze deze deal louter in handelstermen beziet en dat de nationale veiligheid niet of nauwelijks een overweging is.’

    Senator Bob Corker, voorzitter van de Senaatscommissie voor Buitenlandse Betrekkingen, heeft de regering laten weten dat er in het Congres vanuit beide partijen weerstand is tegen een 123-overeenkomst die uraniumverrijking toestaat.

    Het Witte Huis moet de overeenkomst ter beoordeling aan het Congres voorleggen en Congresleden kunnen deze blokkeren met een gezamenlijke resolutie.
    Maar dat kan een averechts effect hebben: de Saoedi’s kunnen zich dan tot Russische of Chinese bieders wenden. En volgens analisten zullen de Russen en Chinezen minder geneigd zijn de verrijkings- of opwerkingsambities van Saoedi-Arabië te beteugelen. Om die reden stellen sommige analisten dat Washington een compromis met Riyad moet overwegen.

    ‘Ik zie liever de Amerikaanse nucleaire industrie in Saoedi-Arabië dan die van Rusland of China, dus moeten we ons met de Saoedi’s zien te verstaan’

    ‘Ik zie liever de Amerikaanse nucleaire industrie in Saoedi-Arabië dan die van Rusland of China, dus moeten we ons met de Saoedi’s zien te verstaan. We moeten de best mogelijke beperkingsclausules voor verrijking en opwerking zien te bedingen, inclusief een verbod voor langere tijd, bijvoorbeeld twintig of vijfentwintig jaar,’ aldus Robert Einhorn, voormalig adviseur wapenbeheersing en ontwapening van het ministerie van Buitenlandse Zaken, tegen The Washington Post. ‘We moeten enige flexibiliteit tonen.’

    Saoedi-Arabië beschouwt het vermogen om uranium te verrijken als een ‘soeverein’ recht, en kon geen 123-overeenkomst met de regering-Obama bereiken omdat president Obama weigerde dat recht te erkennen.

    Alexandra Bell, een expert op het gebied van wapenbeheersing uit het Obama-tijdperk, vertelde me dat de Saoedi’s niet zullen toegeven ‘zonder druk uit de allerhoogste kringen van het Witte Huis’. Dat wil zeggen: aanhoudende druk van de president zelf of topfunctionarissen als minister van Energie Perry. Maar Trump ligt misschien helemaal niet wakker van de verrijkingskwestie. Hij bekijkt de kwestie door een andere bril dan zijn voorganger – voor de huidige president stijgen de belangen van het Amerikaanse bedrijfsleven ver uit boven het veiligheidsaspect. Vorig jaar, toen Trump zijn enorme wapendeal van 110 miljard dollar met de Saoedi’s beklonk, verkocht hij dit aan het publiek als een manier om ‘banen, banen en nog eens banen’ voor de VS te creëren.

    Een nucleaire deal met de Saoedi’s betekent een stimulans voor de in zwaar weer verkerende Amerikaanse nucleaire bouwbedrijven. Westinghouse, de meest prominente Amerikaanse bieder, zit momenteel in een faillissementsprocedure, wat nu al duizenden banen heeft gekost.

    In hun onderhandelingen met Washington zullen de Saoedi’s Trumps gevoeligheid voor het werkgelegenheidsaspect waarschijnlijk als dankbaar drukmiddel gebruiken om hun zin te krijgen.

    Auteur: Zeeshan Aleem
    Vertaler: Carl Stellweg

    Vox
    Verenigde Staten | vox.com

    in 2014 opgerichte nieuws- en opiniesite die onderdeel is van Vox Media. Dit technologiebedrijf beheert ook de sportwebsite SB Nation, de technologiesite The Verge en gamingsite Polygon. Vox heeft als missie om ‘het nieuws uit te leggen‘ en richt zich op een jong en welvarend publiek.

  • 1. Gebruiken we straks allemaal Chinese stroom?

    1. Gebruiken we straks allemaal Chinese stroom?

    Het Chinese staatsbedrijf State Grid, de grootste energiereus ter wereld, wil de wereld gaan veroveren. In Brazilië laten de Chinezen zien dat het hen ernst is.

    Het is niet altijd duidelijk of de globale ambities van China megalomaan zijn of gewoon realistisch. Wie twijfelde er twintig jaar geleden niet ernstig aan het economisch potentieel van het land? Maar sindsdien heeft China de wereld ondubbelzinnig laten zien een economische grootmacht te zijn. Toch was het in maart van dit jaar door het Chinese staatsenergiebedrijf State Grid gelanceerde plan voor de bouw van een wereldwijd energienetwerk zelfs naar Chinese begrippen buitenissig. Het bedrijf kondigde aan van plan te zijn hier tussen nu en 2050 samen met een aantal partners maar liefst 50 biljoen (ja, biljoen) dollar in te investeren. Als één bedrijf op de wereld in staat zou zijn om deze reusachtige ambitie te realiseren, dan is het State Grid wel. Het is de grootste energiereus ter wereld, met 1,5 miljoen werknemers en een jaaromzet van 340 miljard dollar [304 miljard euro]. Het bedrijf is sinds zes jaar in Brazilië actief en wil, naar het recente beleid te oordelen, vanuit dit land beginnen met zijn plan om de wereld te veroveren.

    Door een serie van acquisities bezit het momenteel 7000 kilometer elektriciteitskabel in Brazilië en legt het nog 6600 kilometer nieuwe aan. In juni kondigde het de overname aan van het belang van de [Braziliaanse] groep Camargo Corrêa in het elektriciteitsbedrijf CBFL uit Saõ Paolo, het kroonjuweel van de Braziliaanse elektriciteitssector.

    Vrijwel zeker zal het ook de rest van de aandelen overnemen en het bedrijf voor een geschatte prijs van 25 miljard reais (6,8 miljard dollar) volledig in bezit krijgen. Als dit lukt, is het de grootste overname uit de geschiedenis van de Braziliaanse elektriciteitssector.

    Chinese dominantie

    Waarnemers van de sector wijzen erop dat de gretigheid waarmee het bedrijf overnames blijft doen past binnen een patroon dat nog maar in een eerste fase lijkt te zijn – de algehele dominantie van de sector door Chinese bedrijven. Gezien haar omvang is het logisch dat State Grid bij deze ontwikkeling vooroploopt. Maar het bedrijf is zeker niet als enige op de Braziliaanse markt actief.

    In de afgelopen vijf jaar investeerden de Chinezen zo’n 40 miljard dollar [35,8 miljard euro] in de Braziliaanse elektriciteitssector. China Three Gorges (CTG), dat de beroemde Drieklovendam (de grootste dam ter wereld) exploiteert, werd in 2013 in Brazilië actief met de aankoop van activa van het Portugese EDP. Inmiddels heeft het al 17 miljard reais (4,6 miljard euro) geïnvesteerd, wat CTG het op twee na grootste elektriciteitsbedrijf van het land maakt. Bij vrijwel alle overnamegesprekken in de Braziliaanse elektriciteitssector bevindt zich wel een Chinees bedrijf onder de kandidaten.

    De onderhandelingsstijl van de Chinese bedrijven is de afgelopen jaren steeds meer gaan lijken op wat internationaal gebruikelijk is. Van alle in Brazilië actieve bedrijven wordt CTG als het meest ‘westers’ beschouwd. De CEO voert zijn onderhandelingen met banken in het Engels en heeft meerdere Braziliaanse directeuren onder zich werken. State Grid daarentegen heeft voor elke Braziliaan een Chinese ‘tegenhanger’ in dienst.

    Tijdens onderhandelingen staan advocatenkantoren onder grote druk, aangezien alle documenten en contracten eerst in het Mandarijn vertaald moeten worden – de vraag naar vertalingen is daardoor zo groot dat er bij een recente transactie nergens een bekwame vertaler te vinden was. Alle afspraken moeten onder voorbehoud worden gemaakt, want de strenge hiërarchie van de Chinese bedrijven vereist dat alles eerst wordt voorgelegd aan superieuren in China. Hoe minder internationaal georiënteerd een bedrijf is, hoe langer de vergaderingen duren – tot wel veertien uur als de kopers verlangen dat alles van het Portugees in het Mandarijn vertaald wordt.
    In mei 2015 was premier Li Keqiang in Brazilië om voor 53 miljard dollar [47,5 miljard euro] aan handelsverdragen af te sluiten – en Chinese bedrijven aan te moedigen om toch vooral in het land te investeren.

    ‘Door het inzakken van hun economie zijn de Chinezen op zoek naar nieuwe markten waar ze hun ruim 3 biljard dollar aan deviezenreserves in kunnen investeren,’ vertelt Luis Augusto de Castro Neves, president van het Conselho Empresarial Brasil-China (een instelling die de wederzijdse handel tussen de twee landen moet bevorderen). De verovering van de Braziliaanse markt werd mogelijk door een radicale beleidswijziging van de regering in Brasília.

    Medewerkers van State Grid voeren een routinecontrole uit in een elektriciteitscentrale in het Braziliaanse Luziania. – © Xinhua News Agency / eyevine
    Medewerkers van State Grid voeren een routinecontrole uit in een elektriciteitscentrale in het Braziliaanse Luziania. – © Xinhua News Agency / eyevine

    Nog maar zo’n vijf jaar geleden deed de Braziliaanse regering er juist alles aan om de Chinezen te laten merken dat ze in Brazilië niet welkom waren. Toen State Grid in 2010 probeerde het aandeel van het Spaanse Iberdrola in het bedrijf Neoenergia over te nemen, werd de Spanjaarden duidelijk gemaakt dat de transactie ‘niet beviel’ – met andere woorden, de regering zou er zijn veto over uitspreken.

    Toen hetzelfde bedrijf in 2013 het belang van Camargo Corrêa in CBFL wilde overnemen (het belang dat het later inderdaad zou verwerven), riep de Braziliaanse regering pensioenfondsen op met deelnames in het bedrijf om hun recht van eerste koop uit te oefenen en zo de Chinezen de voet dwars te zetten. De overname ging niet door.

    Later kon men de realiteit binnen de sector niet langer negeren en moest de regering haar beleid wijzigen. Vanaf dat moment was er voor de gretige Chinese bedrijven meer aanbod van activa en aandelen in energiebedrijven dan ooit tevoren. Volgens bankiers en advocaten worden nu jaarlijks ruim 60 miljard aan activa te koop aangeboden.

    De ultieme ironie: door de nationalistische ijver van Dilma Rousseff valt de nationale elektriciteitssector in handen van de Chinezen

    Het op de markt komen van zo veel activa komt door de voorlopige beleidsmaatregel 579 van de inmiddels afgezette president Dilma Rousseff. Hierin werden elektriciteitsbedrijven verplicht om hun concessies tegen 20 procent lagere tarieven opnieuw af te sluiten – wie hiermee niet akkoord ging, kon zijn contract niet verlengen. Zowel voor bedrijven die het accepteerden als voor andere die niet meededen, betekende dit een forse ingreep in de bedrijfsvoering.

    Volgens consultancyfirma Thymos was het uiteindelijke verlies van de energieproducenten, -transporteurs en -distributeurs zo’n 67 miljard reais (18,5 miljard euro). Na deze maatregel werden de grote investeerders in de sector, zoals Petrobras, Eletrobras, Camargo Corrêa, Odebrecht, OAS en Queiros Galvão, ook nog eens verrast door de operatie-Lava Jato (gerechtelijk onderzoek naar het corruptieschandaal binnen Petrobras).

    Genoodzaakt om hun schulden te verminderen, en om hun investeringen in projecten terug te verdienen en boetes en afkoopsommen in arbitragezaken met de regering te betalen, deden deze bedrijven hun activa in de verkoop. Voor Braziliaanse investeerders waren de kosten van krediet voor deze overnames echter te hoog.

    ‘De Chinezen zijn momenteel praktisch de enigen met genoeg financiële armslag om dit grote aanbod te kunnen financieren,’ vertelt directeur Fernando Camargo van consultancyfirma LCA. Het is de ultieme ironie: door de nationalistische ijver van Dilma Rousseff valt de nationale elektriciteitssector in handen van de Chinezen.

    Auteur: Maria Luíza Filgueiras
    Vertaler: Valentijn van Dijck

    Exame
    Brazilië | tweemaandelijks | oplage 200.000

    Het tweemaandelijkse zakenblad Exame (Portugees voor onderzoek) bestaat precies vijftig jaar en wordt uitgegeven door Editora Abril in het Braziliaanse financiële centrum São Paulo. Het bevat nieuws en achtergrondinformatie over de algemene economie, investeringen, verkooptechnieken en nieuwe technologie. Het blad heeft een oplage van 200.000, waarvan 160.000 abonnementen. Het beschikt over kantoren in Rio de Janeiro, Brasilia en New York, bemand door zeventig journalisten. Dezelfde uitgeverij publiceert van tijd tot tijd ook Vip Exame, een blad dat zich richt op de aangename dingen voor de zakenman, zoals reizen, toerisme, culinair nieuws, mode en culture evenementen.

    Het zakenblad verschijnt onder gelijke naam in licentie in de voormalige Portugese kolonie Angola. In Portugal en in Mozambique worden financiële nieuwsbladen uitgegeven onder dezelfde titel, 
die echter niet tot dezelfde uitgeverij behoren.

  • Getijden- energie moet Swansea 
uit het slop trekken

    Getijden- energie moet Swansea 
uit het slop trekken

    Swansea, de tweede stad van Wales, kende ooit een bloeiende scheepvaartindustrie, maar ligt er nu verlopen bij. De hoop voor de toekomst is gevestigd op een duurzame waterkrachtcentrale.

    Swansea is geen fraaie stad. Als 
je van de trein stapt, beland je 
in een winkelstraat vol dichtgespijkerde of ingegooide etalages. Naar het westen strekt zich een lang strand uit, maar de huizen op de helling van Swansea Bay zijn van het strand afgesneden door parkeerterreinen, een drukke verkeersweg en het gemeentehuis, een betonnen kolos in brutalistische stijl. En juist deze in het slop geraakte stad van 240.000 inwoners 
in Zuid-Wales, ooit het centrum van een welvarende scheepsbouw- en metaalindustrie, gaat pionieren met 
een nieuwe vorm van duurzame energie.

    Swansea heeft schreeuwend behoefte aan een project dat investeringen aantrekt

    De combinatie van sterke getijden-verschillen en een grote behoefte aan stadsvernieuwing heeft geleid tot 
een project om alle huishoudens in 
de stad straks van stroom te voorzien uit getijdenenergie. Het plan is om 
’s werelds eerste waterkrachtcentrale in een kunstmatige lagune te bouwen. Met een ringdijk van opgespoten 
zand en rotsblokken wordt straks 
11,5 vierkante kilometer zee omsloten. In de zeewering worden 16 turbines 
van 8 meter doorsnee geplaatst. Als de poorten worden opengezet, stroomt 
het water langs de turbines en wordt 
er energie opgewekt. Dat gebeurt iedere keer als het niveauverschil van het water aan weerszijden van de dijk op zijn hoogst is, dus viermaal per dag: 
bij eb en bij vloed telkens eenmaal in beide richtingen.

    120 jaar energie

    Volgens Tidal Lagoon Power, het bedrijf dat is opgezet om een aantal van deze projecten uit te voeren, levert dit genoeg energie op voor 155.000 huishoudens. Dat is 90 procent van het particuliere stroomverbruik in de stad. Voor een project van meer dan een 
miljard pond (bijna anderhalf miljard euro) is dat een bescheiden opbrengst. Maar er zijn nog andere voordelen, zoals de lange levensduur: de lagune is ontworpen om diezelfde hoeveelheid energie 120 jaar lang te blijven leveren. Een ander pluspunt is de grote voorspelbaarheid: wind en zonlicht zijn wisselvallig, de getijden bewegen in vaste en zeer voorspelbare patronen.

    Een andere reden voor dit project heeft meer te maken met de wensen van de regio maar is daarom niet minder urgent: Swansea heeft schreeuwend behoefte aan een project dat investeringen aantrekt. Het stadsbeeld van deze in de oorlog verwoeste en in de jaren zestig herbouwde gemeente wordt gedomineerd door beton en dichtgespijkerde winkels. De stad trekt nauwelijks bezoekers. Door onhandige stadsplanning is het prachtige strand afgesneden van het stadshart. En slechts weinigen wagen zich de zee in, omdat de stadsriolering op de baai uitkomt. Vanaf het strand kijk je uit op 
de schoorstenen van de staalfabriek 
in Port Talbot, verderop langs de kust.

    De definitieve vergunning voor de aanleg van de ringdijk moet nog worden afgegeven, maar na vierenhalf jaar ontwikkeling heeft Tidal Lagoon 
Power al 200 miljoen pond aan kapitaal bij elkaar gekregen. Het is nu bezig 
met behulp van infrastructuurfonds Macquarie voor 800 miljoen aan schuldfinanciering rond te krijgen. 
In oktober 2014 werd verzekeraar Prudential als hoofdinvesteerder genoemd en afgelopen februari sloot vermogensbeheerder InfraRed zich daarbij aan. Beide hebben niet officieel bekendgemaakt hoeveel ze in het project investeren, maar het zou rond de 100 miljoen pond zijn. Een waterkrachtcentrale
 in een getijdenlagune is iets nieuws, deelname van grote investeerders aan zo’n project niet. En in een tijd waarin staatsobligaties uitzonderlijk weinig opbrengen, kan een waterkrachtcentrale die meer dan honderd jaar geld blijft opbrengen een aantrekkelijke investering zijn. Om het draagvlak voor het project te verhogen, is ook bijna een half miljoen pond opgehaald met de uitgifte van aandelen voor inwoners en lokale bedrijven.

    Kosten

    De kosten per megawattuur energie zijn hoger dan bij andere energiebronnen: naar schatting 168 pond. Energie uit fossiele brandstoffen kost doorgaans nog geen 100 pond, en zelfs bij windmolens in zee, de duurste vorm van groene energie, kost de stroom maar zo’n 140 pond per megawattuur.

    Duurzame energie is, net als kernenergie en andere vormen van energiewinning, afhankelijk van overheidsgeld om de investeringskosten te dekken. Kosten die bij de consument terechtkomen in de vorm van hogere energieprijzen. Het onafhankelijke adviesorgaan Citizens Advice heeft al gezegd dat het project ‘ontstellend’ weinig opbrengt en roept de betrokken ministers op om er een stokje voor te steken. Er kleeft één heel groot ‘maar’ aan het hele project: ook volgens de ontwikkelaars zelf is het economisch onrendabel als er maar één lagune wordt aangelegd. Daarom wil men er nog vijf aanleggen. Met twee lagunes in Cardiff en Newport erbij zegt Tidal Lagoon Power alle huishoudens in Wales langer dan een eeuw van stroom te kunnen voorzien voor een prijs die vergelijkbaar is met die van kernenergie. Verder hebben ze plannen voor nog drie andere lagunes in Wales, en als ze alle zes worden gerealiseerd, kunnen ze uiteindelijk voorzien in 8 procent van de totale Britse energiebehoefte.

    Er is elders ter wereld wel ervaring opgedaan met getijdenenergie, maar dan in iets andere vorm. Bij het Koreaanse Sihwa-meer is een waterkracht-centrale verwerkt in een zeewering die oorspronkelijk was aangelegd om overstromingen tegen te gaan. En de Franse waterkrachtcentrale van Rance (geen lagune maar een stuwdam) is al sinds 1966 in bedrijf. Bovendien is de technologie nog veel ouder.

    Volgens een adviesorgaan brengt het project ‘ontstellend weinig’ op

    Steenkool nummer 1
    Steenkool nummer 1

    Volgens Simon Boxall van Southampton University, gespecialiseerd in fysische 
oceanografie, wordt er al heel lang graan mee gemalen. ‘Getijdenmolens zijn hier al honderden jaren in gebruik, en in andere landen al duizenden jaren,’ zegt hij. ‘En die werken volgens hetzelfde principe als de geplande getijdencentrale in Swansea Bay.’ Stroom opwekken door getijdenenergie is volgens hem ‘volkomen logisch’ en had al veel eerder moeten gebeuren. Omdat het veel stabieler is dan andere duurzame energiebronnen en daarom bij uitstek bruikbaar als basisvoorziening waar je als land van afhankelijk bent.

    Groene toekomst

    Critici zijn bang dat de lange dam in het water het uitzicht zal bederven. Voorstanders zeggen dat de dam eerder bezoekers zal aantrekken dan wegjagen. Tidal Lagoon Power schat dat er zo’n honderdduizend dagjesmensen per jaar op af zullen komen. Er zijn plannen voor een boulevard, een fietspad, een bezoekerscentrum en een restaurant. Met het waterbedrijf van Wales is afgesproken dat rioolwater niet langer in de baai zal worden geloosd, zodat de lagune geschikt wordt om te zeilen, 
te kanoën en te zwemmen. Een oesterkwekerij kan bijdragen aan het herstel

    Hoe de branding energie levert
    Hoe de branding energie levert

    van de gedecimeerde oesterpopulatie. Er zijn plannen voor een kreeftenkwekerij en de verbouw van zeegroenten als bruinwier en zeekraal. Op een groot videoscherm in het centrum van Swansea komt af en toe een promofilmpje van Tidal Lagoon Power langs, met meeslepende muziek en flitsende computeranimaties. Maar het scherm staat voor de McDonald’s op een uitgestorven plein, omringd door wegwerkzaamheden. Sommigen zien in het laguneproject een utopisch visioen van een groene toekomst. Voor de lokale bevolking betekent het 2000 banen voor de aanleg van de dam en 180 banen voor langere duur, alsmede een manier om meer investeerders naar Swansea te trekken.

    Cassie Werber