De met degradatie bedreigde Duitse Bundesliga-club Schalke 04 heeft ook financiële problemen, meldt het Oostenrijkse Der Standard. De voetbalclub uit Gelsenkirchen leed in 2020 een verlies van zo’n 53 miljoen euro, bijna twee keer zo veel als het jaar ervoor, toen het verlies 27 miljoen euro bedroeg. De schulden van de club zijn vorig jaar gestegen tot 217 miljoen euro.
Musea tijdens corona
Is het veilig om een museum te bezoeken in verband met corona? Het Los Angeles County Museum of Art (LACMA) denkt van wel. Dat heeft alles te maken met de aanwezigheid van verwarmings-, ventilatie- en airconditioningsystemen (HVAC) die zijn geïnstalleerd om kunstwerken te beschermen. Door de zeer strenge eisen die worden gesteld aan onder meer temperatuur en vochtigheidsgraad is het volgens het museum minder waarschijnlijk dat bezoekers worden blootgesteld aan ziektekiemen in de lucht.
‘Van alle maatregelen die LACMA implementeert, is HVAC waarschijnlijk de belangrijkste, na uiteraard afstand houden en gezichtsbedekking’, aldus een woordvoerder geciteerd door ArtNet News. In een gids die werd uitgegeven na het begin van de pandemie stelt ook de Amerikaanse Museum Vereniging: ‘Passende ventilatie kan de concentratie van virusdeeltjes in binnenruimtes helpen verminderen.’
Ook een woordvoerder van musea in San Francisco stelt bezoekers gerust: ‘Het ontwerp van onze luchtsystemen, die voorzien zijn van hoogwaardige filters om aan conserveringsbehoeften te voldoen, helpt ons ook om te voldoen aan de huidige ventilatierichtlijnen.’
1,5 miljoen euro per dag
Denise Coates, baas, oprichter en meerderheidsaandeelhouder van het Britse gokbedrijf Bet365, verdiende 492 miljoen in het boekjaar dat eindigde op 29 maart, schrijft BBC. En dat was nog niet alles, want ze ontving ook nog eens ruim 56 miljoen aan dividend.
Volgens Bet365 zijn de betalingen allemaal ‘gepast en eerlijk’
Ze ontving dus ruim 1,5 miljoen per dag en daarmee verdiende Coates meer dan de CEO’s van alle FTSE 100-bedrijven tezamen. Volgens Bet365 zijn de betalingen allemaal ‘gepast en eerlijk’, ook al daalde de omzet van het bedrijf het afgelopen jaar met 8 procent naar 3,28 miljard euro.
Coates, die twintig jaar geleden de Bet365-website in Stoke-on-Trent oprichtte, is al jarenlang de bestbetaalde baas in het Verenigd Koninkrijk. Ze is een van de rijkste vrouwen van Groot-Brittannië en een belangrijke filantroop, die miljoenen doneert via de Denise Coates Foundation. Haar jaarsalaris lag ruim vijftig procent hoger dan de 325 miljoen euro die ze in 2019 ontving.
Angstcultuur bij Nissan
Ravinder Passi, voormalig topadvocaat van Nissan Motor Co., leidde een intern onderzoek naar financieel wangedrag door voormalig CEO Carlos Ghosn. Nadat Passi twijfels had geuit over de integriteit van het onderzoek werd hij geconfronteerd met vergeldingsacties en werden zelfs zijn familieleden gevolgd door het bedrijf, aldus Al Jazeera. Passi, die voor het eerst sprak over de arrestatie van Nissans ex-voorzitter Ghosn en diens vlucht uit Japan, spreekt van een giftige bedrijfscultuur, vol angst, intrige en represailles voor degenen die uit de pas lopen.
‘Dit is echt niet normaal’, zei Passi over de surveillance van zijn familie. ‘Dit is een autobedrijf. Dit is niet de KGB.’ Ook topmanagers van Nissan zouden door beveiligingsteams zijn gevolgd.
Ghosn is ervan beschuldigd zo’n 120 miljoen euro te weinig aan inkomsten te hebben opgegeven, bedrijfsgeld te hebben misbruikt en miljoenen voor zichzelf te hebben weggesluisd. Hij is gevlucht naar zijn geboorteland Libanon, dat geen uitleveringsverdrag heeft met Japan.
Ophef over klimaatconferentie
De Britse regering wordt ervan beschuldigd COP26 in een ‘groenwasaangelegenheid’ te veranderen. COP26 is de 26e VN-klimaatconferentie die in november in Glasgow zal worden gehouden, schrijft The Scotsman uit Edinburgh.
Nadat Groot-Brittannië liet weten van plan te zijn om samen te werken met Reckitt kwamen boze reacties los. Reckitt, het bedrijf achter huishoudelijke producten als Dettol, Vanish en Air Wick, is door Alok Sharma, de voorzitter van COP26, zelfs de ‘belangrijkste partner’ van de komende conferentie genoemd. Sharma loofde de ‘duidelijke toewijding van het bedrijf aan de bestrijding van klimaatverandering’.
Een groot aantal milieugroeperingen twijfelt echter aan de groene reputatie van het bedrijf, aangezien het jaarlijks meer dan 134.000 ton palmolie verwerkt in zijn producten. Tot de leveranciers van het bedrijf behoren tientallen fabrieken die eigendom zijn van Wilmar International, ’s werelds grootste handelaar in palmolie. Wilmar is door onder meer Amnesty International beschuldigd van schendingen van mensenrechten en ontbossingsactiviteiten.
Viacom koopt Chilevisión
In afwachting van goedkeuring door de regering van Chili, breidt de Amerikaanse mediagigant ViacomCBS zijn rol in Latijns-Amerika uit met de aankoop van het Chileense tv-station Chilevisión dat in Santiago is gevestigd. Viacom bereikte deze week een akkoord met voormalig eigenaar WarnerMedia. Een overnamebedrag is volgens het Uruguayaanse MercoPress nog niet bekend gemaakt.
‘Latijns-Amerika is een van de snelst groeiende markten ter wereld en Chilevisión zal een belangrijke motor zijn voor de versnelling van onze streamingstrategie in de regio’, aldus Raffaele Annecchino, CEO van ViacomCBS.
WarnerMedia, destijds nog Time Warner Inc, kocht Chilevision in 2010 van de huidige Chileense president Sebastián Piñera voor circa 150 miljoen dollar.
Betogers eisen opening Italië
Voor het parlementsgebouw in Rome zijn demonstranten afgelopen dinsdag in botsing gekomen met de politie. De betogers riepen op tot beëindiging van de lockdowns en eisen heropening van winkels en restaurants.
Sommige demonstranten waren uitgedost als aanhangers van QAnon
‘Wij zijn ondernemers, geen delinquenten’, werd er geroepen, volgens de Romeinse nieuwssite ANSA. Onder de demonstranten bevonden zich leden van Italexit, een beweging die is gestart door Gianluigi Paragone, journalist en voormalig senator van de Vijfsterrenbeweging.
Paragone is een van de meest uitgesproken voorstanders van heropening in Italië. Ook werden veel aanhangers en politici van radicaal-rechts gesignaleerd. Sommige demonstranten waren uitgedost als aanhangers van QAnon die op 6 januari het Amerikaanse Congres bestormden.
In haar landhuis op Kanaaleiland Jersey vindt een Amerikaanse duizenden documenten. De vondst maakt duidelijk dat het familiekapitaal waarop ze hoopte verdwenen is, en legt grootschalige corruptie en schimmigheid op Jersey bloot. Een verhaal over fraude, belangenverstrengeling, belastingontwijking, machtsmisbruik en een belastingparadijs waarvan onduidelijk is wie het eigenlijk bestuurt.
‘In 2012 ontdekten de Amerikaanse Tanya Dick-Stock en haar man een enorme hoeveelheid documenten toen ze ruimte wilden maken voor hun aanstaande bruiloft, die overdadig beloofde te worden.’ Zo begint Leah McGrath Goodman haar reconstructie voor Institutional Investor.
In een afgesloten, overdekte squashbaan van St. John’s Manor, Tanya’s paleisachtige landhuis van 23 hectare groot op het eiland Jersey voor de Franse kust, ontdekten ze honderden dozen die waren gevuld met meer dan 350.000 vertrouwelijke papieren afkomstig uit het offshore trustkantoor van haar vader.
‘We liepen naar binnen en dachten “Wat is dit?”’, aldus Dick-Stock. ‘Die dossiers lagen er al jaren en niemand had ze ooit aangeraakt. We hadden geen idee waar we op gestuit waren.’
Na verloop van tijd begon het paar de documenten te doorzoeken en geleidelijk werd de omvang duidelijk van wat ze in handen hadden. ‘Als je zag wat er in de documenten stond, zou je ze nooit bewaren’, zegt Darrin Stock, de echtgenoot van Tanya. ‘Het was explosief. Dit trustbedrijf was niets meer of minder dan een enorme fraudemachine.’
Wat volgde was nog verrassender. Het echtpaar deed samen met de vader van Dick-Stock, de 83-jarige Canadese miljonair John Dick, aangifte bij de politie van Jersey, van wat zij omschreven als ‘decennia van financiële fraude gepleegd door een offshore trustbedrijf genaamd La Hougue’. Die naam is afgeleid van het oud Jersey-Franse woord voor heuvel of hoop, die verwijst naar de lange geschiedenis van heidense grafheuvels op het eiland.
Operation Scarlet
Drie jaar na de ontdekking, in maart 2015, arriveerde de politie bij St. John’s Manor, dat ooit dienstdeed als het weelderige hoofdkantoor van La Hougue, om de documenten in beslag te nemen. Er was een vrachtwagen nodig om de 333 dozen met documenten te vervoeren. Een onderzoek, door de politie van Jersey Operation Scarlet genoemd, zou het brein achter La Hougue en de omvang van wereldwijde financiële malversaties bloot moeten leggen.
Maar bijna tien jaar later is er door de autoriteiten van Jersey nog steeds geen strafrechtelijke vervolging ingesteld, zijn er geen sancties opgelegd en worden vragen over het onderzoek met vijandigheid, zwijgzaamheid of zelfs dreigementen beantwoord. Sterker nog, de meeste van de 350.000 documenten die centraal staan in Operatie Scarlet zijn door de politie overgedragen aan advocatenkantoor Garfield-Bennett in Jersey, dat op het moment van het onderzoek in 2015 nog John Dick vertegenwoordigde. Het kantoor, dat weigert te verklaren waarom het de documenten vasthoudt, bevestigt dat ze voor onbepaalde tijd in een kluis zijn weggeborgen, ontkent ooit een relatie met La Hougue te hebben gehad en zegt geen contact meer te hebben met Dick.
De ontdekking van de documenten heeft een storm teweeggebracht. Na het lezen van de La Hougue-bestanden, zegt Dick-Stock dat ze is gaan geloven dat haar vader de leiding had over de fraude. Ze klaagt hem nu aan voor het plunderen van bezittingen, resulterend in een enorme vermindering van het familiekapitaal, dat ooit werd geschat op 500 miljoen dollar (420 miljoen euro). De aantijgingen zijn terug te vinden in de zaak die Dick-Stock heeft aangespannen tegen haar vader bij een districtsrechtbank in Colorado, waar ze oorspronkelijk vandaan komt. De rechtszaak staat gepland voor augustus.
Frustratie
‘We hebben dit voorgelegd aan Amerikaanse rechtbanken en rechtbanken in Jersey’, zegt Stock. ‘We hebben eerdere zaken in de VS herhaaldelijk gewonnen, maar in Jersey weigeren ze er zelfs maar naar te kijken. In plaats van onderzoek te plegen, vallen ze ons aan. Rechters hebben Tanya een boete van meer dan een miljoen dollar aan gerechtskosten opgelegd en een van hen zei tegen haar: “Ik heb de macht om je in de gevangenis te gooien.” Het enige wat ze willen is dat dit weggaat. ’
Uit frustratie begon het paar de documenten, die ze hadden gescand voordat ze alles overdroegen aan de politie, te delen met de internationale pers, waaronder het in Duitsland gevestigde European Investigative Collaborations-netwerk en een tiental andere mediakanalen. De documenten van La Hougue, die een periode beslaan van de jaren tachtig tot ongeveer 2010, tonen het binnenwerk van de schimmige wereld van offshorefinanciën, die vermogende klanten uit de VS, het VK en Europa aanwenden om hun belastingen te minimaliseren, gebruikmakend van mazen in de wet, neprekeningen, opgeklopte schulden, valse klantnamen en zorgvuldig vervaardigde vervalsingen; een specialiteit van La Hougue.
De dozen bevatten privé-informatie van honderden mensen en ook geheimen over het leven van Dick-Stock zelf, inclusief verschillende strategieën die door La Hougue zouden zijn gebruikt om het familiebezit te plunderen. Tanya’s vader weigert commentaar te geven op dit verhaal, maar zijn woordvoerder, Julian Pike, noemt hem slachtoffer van fraude en verklaart dat Dick ‘geen toezicht had op of betrokken was bij de dagelijkse activiteiten van La Hougue’ en dat hij juridische stappen zal ondernemen.
Dubieuze karakters
De documenten van La Hougue leggen een netwerk bloot van dubieuze karakters, waaronder voormalige zakenpartners van Dick, de Amerikaanse pornokoning Eddie Wedelstedt, die in 2006 werd veroordeeld voor belastingfraude en obsceniteit; de Israëlische kunsthandelaar Ronald Führer, die in verband wordt gebracht met de verdwijning van het schilderij Madonna met kind uit 1485 van Sandro Botticelli, dat een geschatte waarde heeft van 10 miljoen dollar en dat sinds zes jaar spoorloos is; en een aantal personen waarvan wordt vermoed dat ze achter de offshoresmokkel van meer dan 100 miljoen dollar zaten tijdens de Amerikaanse spaar- en kredietcrisis van de jaren tachtig.
Jersey is een zogenoemd ‘bijzonder bezit’ van de Britse kroon en gedraagt zich in veel opzichten als een autonoom land
Andere grote namen die op de klantenlijst van La Hougue voorkomen, zijn onder meer het voormalige hoofd van Glencore in Rusland, Igor Vishnevskiy; de Britse miljonair en vastgoedmagnaat Elliott Bernerd en Alexander Zhukov, voormalig schoonvader van de Russisch-Israëlische miljardair Roman Abramovich. ‘Namen op de klantenlijsten zijn gecodeerd’, aldus Dick-Stock, ‘en we leren nog steeds nieuwe namen tijdens het decoderen.’
La Hougue is al lang niet meer gevestigd in St. John’s Manor, dat vorig jaar voor ruim 16 miljoen euro werd verkocht. Het bedrijf verhuisde in 2008 naar Panama, volgens een verklaring van Dick, waar het is omgedoopt tot Pantrust International. Daar werd hun vergunning in 2015 ingetrokken. Eerder dit jaar was La Hougue Trustees naar verluidt actief op de Britse Maagdeneilanden, maar het eigendom van het bedrijf valt onder niet-openbare informatie, dus de eigenaren zijn onbekend.
Stock zegt dat hij en zijn vrouw, in tegenstelling tot bij eerder gelekte offshoredocumenten, zoals de Panama Papers en de Paradise Papers, niet langer anoniem willen blijven, aangezien dat niet helpt ‘als je echt verandering wilt bewerkstelligen’. Die beslissing is niet altijd makkelijk. Volgens Stock hebben internationale journalisten meerdere keren Stocks doopceel gelicht om zijn eigen verleden bloot te leggen, waarin eveneens beschuldigingen van fraude voorkomen evenals een gevecht om een onbetaalde Amerikaanse belastingaanslag.
Gebrand op privacy
Het eilandje van circa acht bij vijftien kilometer waar de documenten werden gevonden, speelt een cruciale rol in het verhaal. Als grootste van de Kanaaleilanden is Jersey een op privacy gebrand belastingparadijs met zo’n honderdduizend inwoners en het is een wereld op zichzelf. De wortels van het eiland gaan terug tot de neolithische tijd, en de stamboom van sommige families gaat duizenden jaren terug. Jersey is een zogenoemd ‘bijzonder bezit’ van de Britse kroon en gedraagt zich in veel opzichten als een autonoom land. Het heeft een eigen parlement, eigen rechterlijke macht, eigen financiën en eigen geld waarop het gezicht van de Britse koningin prijkt en dat is gekoppeld aan het Britse pond. Jersey heeft grondwettelijke rechten die losstaan van het Verenigd Koninkrijk en die dateren uit het jaar 1204 en het valt niet onder het gezag van het Verenigd Koninkrijk maar van de koningin.
Het heeft een geschiedenis van invasies door Vikingen en door Duitsers, is bekend om zijn victoriaanse kastelen, Jersey-koeien, Jersey-room en Jersey-aardappelen, en werd de afgelopen halve eeuw het speelveld voor een compleet alfabet aan topbanken, financiële instellingen en hedgefondsen waarin naar schatting zo’n 2 biljoen dollar van ’s werelds rijkdom rondgaat. Bijna elke grote financiële instelling heeft er een kantoor, van ABN AMRO tot UBS, met kantoren aan het strand in Havre des Pas, een deel van de bruisende hoofdstad St. Helier.
Daarnaast heeft Jersey een filiaal van Coutts Crown Dependencies, een wereldwijde offshore vermogensbeheerder en de privébankier van de Queen. Zij werd ontmaskerd door de Paradise Papers, waaruit bleek dat ze deelnam aan offshore-investeringen via haar privébezit, het hertogdom Lancaster. De vertegenwoordigers van de monarch moesten in 2017 toegeven dat ze niet alleen investeerde in offshore financiële vehikels, maar zich daar ook terdege van bewust was.
Bijna twee decennia geleden verlaagde Jersey zijn vennootschapsbelasting van twintig procent naar nul
Bijna twee decennia geleden verlaagde Jersey zijn vennootschapsbelasting van twintig procent naar nul, met uitzondering van de financiële sector, die tien procent betaalt. Daardoor werd het eiland een prettige plek voor klanten die op zoek zijn naar lagere belastingtarieven. Enkele van de belangrijkste bedrijven op het eiland zijn de Zwitserse handelsfirma Glencore, opgericht door wijlen Marc Rich; Brevan Howard Asset Management, een van Europa’s meest succesvolle hedgefondsen; de Zwitserse handelsmaatschappij voor energie en grondstoffen Vitol; en Goldman Sachs, dat de zogenoemde Abacus-deal regelde die hedgefondsmanager John Paulson miljarden opleverde en die ertoe leidde dat Goldman voor een half miljard dollar moest schikken met de Securities and Exchange Commission, de Amerikaanse tegenhanger van de Autoriteit Financiële Markten.
Met de publicatie van de Paradise Papers in 2017 kwam ook Apple in de schijnwerpers te staan toen bleek dat het bedrijf stilletjes een groot deel van zijn honderden miljarden onbelaste offshore-dollars naar het eiland had verplaatst.
‘Het was een natuurlijke stap voor Jersey om een belastingparadijs te worden, want de machtigste families van het eiland zijn vaak betrokken bij wetgeving of financiën’
‘Men praat over de Kaaimaneilanden, Panama en de Britse Maagdeneilanden, maar Jersey is een van de belangrijkste belastingparadijzen ter wereld’, zegt Stuart Syvret, een voormalig senator van Jersey, die met pensioen is en nog steeds op het eiland woont. ‘Het was een natuurlijke stap voor Jersey om een belastingparadijs te worden, want de machtigste families van het eiland zijn vaak betrokken bij wetgeving of financiën en hun geld wordt doorgegeven van generatie op generatie.’
Syvret, die twintig jaar in het parlement van Jersey zat, zegt dat hij tijdens zijn ambtsperiode heeft geleerd dat het eiland twee kanten heeft. ‘Vanwege de hoeveelheid geld die op het spel staat in Jersey, heb je te maken met een dwingend systeem van zowel straf als beloning’, zegt hij. ‘Je ziet dat mensen heel goede banen krijgen, veel geld hebben, promotie maken, een buitenhuis aanschaffen, naar de prachtigste feesten gaan en een geweldig leven leiden. Maar als ze zich uitspreken over corruptie, wordt het leven hun zwaar gemaakt. Het is gemakkelijk om verkeerde dingen te doen en juist erg moeilijk om het juiste te doen.’
Financiële vloek
Dat iemand die bezwaar maakt tegen het systeem van geavanceerde offshore financiële centra persoonlijk risico loopt of wordt buitengesloten lijkt misschien vergezocht, maar er zijn genoeg mensen op het eiland die dit bevestigen. Gesteund door goedbetaalde legers van advocaten, lobbyisten en accountants, worden deze offshore-ecosystemen vaak zo winstgevend en raken ze zo diep verankerd in de kleine eilanden waar ze bestaan, dat het bijna onmogelijk is om ze te veranderen, zegt John Christensen, hoofd van het Londense Tax Justice Network, dat zich in 2013 afsplitste van de voor een Nobelprijs genomineerde Global Alliance for Tax Justice. Als forensisch auditor en onderzoeker was Christensen economisch adviseur van Jersey van 1987 tot 1998.
‘Gedurende mijn tijd op Jersey werd de financiële sector enorm groot. Een te grote financiële sector kan de rest van de economie om zeep helpen. Dat zagen we aan de huizenprijzen en inflatie op Jersey. Het is een proces dat de “financiële vloek” wordt genoemd.’
Christensen groeide op in een herenhuis op Jersey, op slechts anderhalve kilometer van het landgoed van Dick-Stock. In zijn periode als economisch adviseur van het eiland voelde hij een verpletterende druk om zich te voegen naar de wil van de gevestigde orde van het eiland, vooral als het erom ging een uitzonderlijk rooskleurig beeld van Jersey aan de wereld te presenteren.
Omertà
Deel van zijn werk was toezicht houden op de data- en statistiekafdeling van het eiland en zijn superieuren zetten hem onder druk om de stijgende prijzen op het eiland te bagatelliseren. ‘Het is zorgwekkend als regeringen proberen hun data aan te passen’, zegt hij. ‘Het ondermijnt het vertrouwen van het publiek in feiten, onderzoek, statistieken en alle andere dingen die ons in staat stellen een mening te vormen op basis van accurate informatie.’
In zijn werk waren bezwaren en discussies niet welkom. ‘Het doorbreken van de omertà deed de temperatuur tot oncomfortabele hoogte stijgen.’ Christensen zegt dat hij het eiland verliet om aan belastingrechtvaardigheid te gaan werken nadat hij zich realiseerde dat hij ‘door langer te blijven, als onderdeel van het probleem zou worden gezien.’
‘Op een klein eiland kun je niet strijden tegen het establishment, en zeker niet tegen hooggeplaatste politici, zonder te vertrekken’
Het achterlaten van zijn thuis en zich uitspreken tegen de corruptie waarvan hij getuige was, was ‘hartverscheurend’, maar hij voelde dat hij geen keus had. ‘Op een klein eiland kun je niet strijden tegen het establishment, en zeker niet tegen hooggeplaatste politici, zonder te vertrekken. Blijf je, dan wordt de sfeer onmiddellijk giftig voor je werk, je gezin en kinderen.’
Een groot probleem voor Jersey is dat het werkt als een gesloten circuit, waar eventuele problemen snel kunnen worden weggenomen door een hechte groep van niet-gekozen kroonofficieren, aangesteld door de koningin, die feitelijk de machtsinstrumenten van het eiland bedienen. Jersey heeft niet dezelfde scheiding der machten als de meeste andere democratieën: de bailiff, benoemd door de koningin, leidt het parlement, de rechterlijke macht en het hof van beroep, terwijl het parlement van het eiland uit één kamer bestaat waarin politieke partijen, oppositie en dissidenten snel kunnen worden geneutraliseerd.
Op papier is het een charmant antiek systeem, met allerlei gebruiken en rituelen, maar in praktijk is het hopeloos als er verantwoording moet worden afgelegd. Dat is wat eilandbewoners bedoelen als ze het hebben over de ‘Jersey Way’.
Zwarte lijst
Door brexit wordt Jersey nu geconfronteerd met toenemende tegenwind en zal niet alleen de archaïsche regeringsvorm, maar ook het belastingregime moeten worden hervormd. Samen met een aantal andere zogenaamde ‘geheimhoudingsjurisdicties’ voegde het Europees Parlement Jersey eind januari toe aan een zwarte lijst van belastingparadijzen die een belastingregime van nul procent hanteren. De voorzitter van de subcommissie belastingzaken, de Nederlandse Europarlementariër Paul Tang, noemde de EU-lijst met belastingparadijzen ‘verwarrend en inefficiënt’. Hij zei dat de lijst een goed hulpmiddel was, maar dat ‘de lidstaten iets vergaten bij het samenstellen ervan, namelijk: de echte belastingparadijzen’.
Trailer van Laundromat, the Netflixfilm over de Panama Papers.
Jersey ontkent in alle toonaarden dat het een belastingparadijs is, en zal krachtig pleiten voor zijn belastingregime via het Channel Islands Office in Brussel en in Amsterdam, zegt Joe Moynihan, CEO van Jersey Finance, de groep die de financiële sector op het eiland vertegenwoordigt. ‘Omdat Jersey niet in de EU zit, kunnen we ons gemakkelijk aanpassen aan de marktomstandigheden en zullen we goed kunnen samenwerken met zowel de City of London als de EU-lidstaten’, denkt hij.
Jersey begon aan zelfonderzoek nadat een Britse rechter het eiland had aanbevolen de ‘Jersey Way’ onder de loep te nemen. Hoewel de financiële sector al langer werd bekritiseerd, wist het eiland onder de radar te blijven tot 2008. Toen bracht de politie getuigenissen bijeen van bijna 200 mensen over de hele wereld die zichzelf identificeerden als slachtoffers van kindermisbruik op het eiland. Meer dan 150 verdachten werden genoemd, waaronder mensen uit de elite van Jersey, maar slechts een handjevol werd veroordeeld, hetgeen leidde tot wijdverbreide verontwaardiging. Na een onderzoek van drie jaar concludeerde rechter Frances Mary Oldham in 2017 dat kinderen op het eiland mogelijk nog steeds gevaar lopen, en ze verwees specifiek naar de Jersey Way, die ze omschreef als ‘het falen om een cultuur van openheid en transparantie tot stand te brengen, op zijn minst leidend tot de perceptie van heimelijkheid en doofpot.’
Leugens
De 55-jarige Tanya Dick-Stock, geboren in Denver, herinnert zich dat ze haar vroege jaren doorbracht in een benauwd kelderappartement ‘dat raar rook en bijtende beestjes’ huisvestte, totdat haar ouders, die investeerden in onroerendgoeddeals in Colorado, een fortuin opbouwden dat zou uitgroeien tot enkele honderden miljoenen dollars, die werden ondergebracht in een trustfonds voor haar en andere familieleden. Tegen de tijd dat ze negen jaar oud was, zocht haar vader, een succesvolle advocaat, een tweede huis waar hij offshore trusts kon opzetten. ‘We bezochten verschillende huizen op Bermuda en de Bahama’s’, zegt ze. ‘Mijn familie vroeg: “Wat is de gouden standaard voor trusts?” En we kregen te horen: Jersey. Dus gingen we daarheen.’
Pas toen ze de documenten van La Hougue vonden, leerden zij en haar man de omvang van de zaken kennen. ‘Tanya en ik sloten onszelf in feite vier maanden op in een kamer en verlieten het huis amper, totdat we alle dossiers hadden doorgenomen’, vertelt Stock. ‘We voerden duizenden gegevens in op een tijdlijn en realiseerden ons uiteindelijk dat deze hele operatie op leugens is gebaseerd.’
In politierapporten van Operatie Scarlet beweert John Dick dat directeuren en het personeel van La Hougue schuldig zijn aan fraude die door het trustfonds is gepleegd. Maar Dick-Stock en haar man zeggen dat de La Hougue-documenten bewijzen dat John Dick uiteindelijk de begunstigde was en bepaalde wat er gebeurde.
Via zijn woordvoerder ontkent Dick de aantijgingen stellig. In meerdere lopende rechtszaken in de VS en Jersey, die in 2015 begonnen, wordt geprobeerd te ontrafelen wat er precies is gebeurd en wie schuldig is. ‘La Hougue beheerde de trustfondsen van de familie’, zegt Stock, ‘en heeft ze leeggetrokken.’
Dick-Stock en haar vader praten niet meer met elkaar. Dick is onafhankelijk bestuurder bij het Londense telecommunicatiebedrijf Liberty Global en woont nu in Newport Beach, Californië. De moeder van Dick-Stock, Mary Dick, die in 1981 scheidde van John Dick, stierf in 1997.
Vervalste documenten
Terugkijkend zegt Dick-Stock dat ze opmerkelijke dingen in het landhuis zag. De kluis van haar vaders kantoor bevatte geen contanten, maar een merkwaardige verzameling verouderde kantoorapparatuur, gelabeld en gedateerd per jaar. ‘Er was een inloopkluis met een grote metalen deur en ik herinner me dat ik als tiener al die stoffige typemachines, faxmachines, oude pennen en oud papier op de planken zag staan’, zegt ze. ‘Een keer pakte ik er wat oud papier en toen trok mijn vader mijn hoofd er bijna af.’
Nu weet ze waarom de inhoud van de kluis nooit mocht worden aangeraakt. Volgens een uitgelekt memorandum tussen de directeuren van La Hougue die met haar vader werkten, moesten documenten zorgvuldig worden vervalst door met behulp van drukmateriaal en tijdstempels een vermeende herkomstdatum te creëren. ‘Denk aan het papier dat werd gebruikt, de machine die de documenten heeft gemaakt, de datum van de inkt die is gebruikt om de documenten op te stellen en te ondertekenen’, zo staat in het memorandum. ‘Wees voorzichtig met floppydisks en harde schijven, ik ben van mening dat ze niets anders dan fotokopieën moeten bevatten.’ Originele kopieën mochten niet worden bewaard.
Bestuurders gaven later in een rechtbank in Denver toe dat ze bij La Hougue tientallen documenten hadden geantedateerd en vervalst die miljoenen dollars aan nepschuld vertegenwoordigden. De rechtbank in Denver bestrafte hen voor meineed en noemde hun handelen ‘werkelijk schandalig’. Maar toen dezelfde bestuurders bij een gerechtelijke procedure in Jersey probeerden de nepdocumenten te gebruiken, nam de rechtbank er geen aanstoot aan en besloot de frauduleuze documenten eenvoudigweg buiten de zaak te houden, ook al zijn dergelijke fraudepogingen wel degelijk een misdrijf volgens de wet van Jersey.
Krantenkoppen
Hoewel deze nepdocumenten wereldwijd voor krantenkoppen zorgden, in onder meer The Guardian, The Daily Beast, The Toronto Star, Mother Jones en het in Londen gevestigde non-profit Bureau of Investigative Journalism, zeggen Dick-Stock en haar man dat het ze niet is gelukt om de enige krant van Jersey, de Jersey Evening Post, die wordt gesubsidieerd door de regering van het eiland, zover te krijgen erover te schrijven. ‘Een journalist sprak met ons’, zegt Stock, ‘maar ze durfden niet aan het verhaal te beginnen.’
St. John’s Manor, het landgoed van John Dick op Jersey, van dichterbij.
Behalve dat ze naar de pers, de rechtbanken en de politie gingen, lichtte het echtpaar ook de Jersey Financial Services Commission (JFSC) in, de enige financiële toezichthouder van het eiland. Destijds spraken ze met Barry Faudemer, hoofd handhaving van de commissie, maar ze zeggen dat hij weigerde een onderzoek in te stellen. In het verleden had de JFSC La Hougue op de lijst van instellingen met een ‘hoog risico’ gezet en bijna een vergunning geweigerd om op het eiland te opereren vanwege onorthodoxe handelspraktijken, die volgens de toezichthouder doordrenkt waren van belangenconflicten, nalevingskwesties en de handelswijze om met codenamen naar klanten te verwijzen. ‘Het lijdt geen twijfel dat uw systeem zeer ongebruikelijk is en aanzienlijk verschilt van de geaccepteerde best practices in de branche’, schreef een JFSC-functionaris na inspectie van La Hougue in 2002.
Faudemer was op Jersey tot 2007 hoofd van de eenheid financiële misdrijven en is nu CEO van het offshore adviesbureau Baker Regulatory Services op het eiland. In een e-mail weigert hij te antwoorden op de vraag waarom de zaak niet werd vervolgd: ‘U vraagt mij een strafbaar feit te plegen door over deze zaken te spreken.’ Waarop hij verwijst naar artikel 37 van de Jersey Financial Services Law, waarin staat dat ‘specifieke informatie’ niet mag worden gegeven zonder toestemming, op straffe van een boete en maximaal twee jaar gevangenisstraf. Artikel 37 is echter niet van toepassing op informatie die al bekend is bij het publiek, zoals de dossiers in de zaak La Hougue, maar Faudemer wil geen antwoord geven op vervolgvragen.
Spiegels in spiegels
De JFSC zelf antwoordde ook via e-mail en noemt het onderzoek naar La Hougue een ‘burgerlijk geschil over een familietrust’ en een ‘criminele’ zaak die aan de politie moet worden overgelaten. ‘Het is niet onze taak als toezichthouder om aantijgingen van fraude te onderzoeken, want dat betreft strafbare feiten.’
Een politieagent die met de financiële misdaadeenheid van Jersey aan Operatie Scarlet werkte, noemt de enorme hoeveelheid documenten in de zaak ‘overweldigend’, zowel in hoeveelheid als inhoudelijk. Hij herinnert zich de squashbaan te hebben gezien op de dag dat de dossiers werden weggehaald. ‘De documenten waren rondom tegen de muren opgestapeld’, zegt hij. ‘Het is een buitengewoon complexe zaak, op meerdere rechtsgebieden, met veel onbeantwoorde vragen. Het ging om spiegels in spiegels.’
Hij schat dat voltooiing van Operatie Scarlet ongeveer drie jaar zou hebben gekost, zelfs met een heel team van accountants om alle onderdelen te ontrafelen. Uiteindelijk, zegt hij, heeft de procureur-generaal van Jersey besloten geen middelen aan het onderzoek te besteden. ‘Het was niet onze beslissing om de zaak te laten vallen, maar van de pg’, zegt hij. ‘Fraudeonderzoeken vragen veel investering en tijd. Als het niet in het algemeen belang is, wordt er niet op aangedrongen.’ De politieagent sprak op voorwaarde van anonimiteit, want het eiland bestraft degenen die zich uitspreken.
Patronagesysteem
Sinds zijn verkiezing in het parlement van Jersey in 2008, wordt Mike Higgins overspoeld met hulpverzoeken van eilanders die niet in staat zijn om gerechtigheid te zoeken. Een van de moeilijkste dingen aan het vertegenwoordigen van mensen op Jersey, zegt hij, is dat hun problemen peilloos zijn. ‘Ik zou zeggen dat de crux over het algemeen het ontbreken van rekenschap is. Het hele systeem, inclusief rechtbanken, diensten voor kinderen en de politie, laat mensen hier jammerlijk in de steek.’
Het ontbreken van een onafhankelijke openbaar aanklager en de gewoonte om door de Queen aangestelde functionarissen een wurggreep op de macht te laten houden, waarbij velen van hen ook nog eens opereren in het parlement en de rechtbanken van Jersey, betekent dat gerechtelijke dwalingen en tekortkomingen in de democratie vaak niet worden aangepakt. ‘Het systeem is erg moeilijk te kraken’, zegt Higgins. ‘We hebben een patronagesysteem waarbij je, als je procureur-generaal wordt, kunt verwachten dat je daarna plaatsvervangend bailiff en dan bailiff wordt en uiteindelijk meestal tot ridder wordt geslagen.’
Het gebrek aan scheiding der machten betekent dat er zorgen zijn over ernstige conflicten in de hoogste regionen van het leiderschap
Het gebrek aan scheiding der machten betekent ook dat er zorgen zijn over ernstige conflicten in de hoogste regionen van het leiderschap. De procureur-generaal ten tijde van de politie-inval in St. John’s Manor, Timothy Le Cocq, is nu de bailiff van het eiland en hij zit rechtszaken voor die rechtstreeks verband houden met de trusts van La Hougue. Gedurende zijn lange juridische carrière verleende Le Cocq juridische diensten en advies aan La Hougue trusts, zo blijkt uit documenten die in beslag werden genomen bij Operatie Scarlet. Ook een andere rechter, Julian Clyde-Smith, heeft recht gesproken in zaken die verband houden met de trusts die door La Hougue werden beheerd, terwijl uit documenten van het bedrijf blijkt dat hij in feite een van de oprichters van La Hougue was. Beide rechters verrichtten juridisch werk voor La Hougue, en deden uitspraak in zaken rond La Hougue. Sprekend namens zowel Le Cocq als Clyde-Smith, verwerpt Steven Cartwright, hoofdofficier van de Jersey Bailiff’s Chambers, elke suggestie van belangenverstrengeling.
Tevreden
Clyde-Smith beweert geen herinnering te hebben aan het oprichten van La Hougue of verwante entiteiten, aldus Cartwright, maar de rechter ‘herinnert zich dat hij abonnee was van bijna alle bedrijven’ die werden opgericht voor cliënten van zijn advocatenkantoor, Ogier & Le Cornu (nu Ogier), in de jaren tachtig tot negentig. Een abonnee is een van de eerste aandeelhouders van een bedrijf. Op Jersey zijn abonnees verplicht voor het vormen van een bedrijf en advocaten nemen deze rol vaak tijdelijk op zich voor hun klanten, aldus Cartwright. ‘Clyde-Smith was op geen enkele manier betrokken bij de activiteiten van die bedrijven’, voegde hij eraan toe, ‘en het zou verkeerd zijn iets anders te suggereren.’ Noch Clyde-Smith, noch Le Cocq beantwoordde telefoontjes of e-mails voor commentaar.
‘Na twaalf jaar in het parlement weet ik soms nog steeds niet wie dit eiland nu bestuurt’
In een nieuw vonnis eind februari 2021 stemde Clyde-Smith ermee in om Tanya Dick-Stock als begunstigde van de familietrust te verwijderen, onder verwijzing naar haar ‘onredelijke’ en ‘schadelijke’ handelen in haar pogingen om de vermeende fraude binnen de trusts aan te pakken en door documenten van La Hougue te delen met de media. Hij heeft kennisgenomen van aantijgingen in de pers over zijn vermeende belangenconflicten als rechter, maar stelt ‘tevreden’ te zijn dat er geen sprake is van belangenverstrengeling.
Clyde-Smith erkende dat Dick-Stock een procedure tegen haar vader had aangespannen bij de rechtbanken van Jersey ‘om verliezen te verhalen die zouden zijn ontstaan door vermeende schending van vertrouwen, fraude en andere niet-gespecificeerde acties die decennia teruggaan.’ Maar, oordeelde hij, ‘er mag geen procedure worden aangespannen.’
Kapot systeem
Volgens Higgins zijn dergelijke tactieken gemeengoed op het eiland. Als vertegenwoordiger van hoofdstad St. Helier zit hij in het parlement. Met andere parlementsleden maakt hij nu deel uit van een panel dat moet onderzoeken hoe Jersey zijn systemische tekortkomingen kan aanpakken zoals aanbevolen door de Britse rechter na de kindermisbruikzaak in 2017. ‘Het is duidelijk dat we een groot probleem hebben’, zegt Higgins. ‘Ons systeem is kapot. Het werkt niet voor gewone mensen. Maar dit is een zware klus, want mensen willen de Jersey Way niet echt van dichtbij bestuderen.’ Een afsluitend rapport, waarvan hij verwacht dat het voor de zomer uitkomt, zal waarschijnlijk ‘vernietigend’ zijn, zegt hij.
Een van de lastigste dingen bij het aanpakken van de problemen is dat het eiland wordt gerund door een afwezige koningin. ‘Ik kijk vaak naar hoe Jersey bestuurd wordt en zeg dan: “Dit is gek”,’ aldus Higgins. ‘Er gebeuren hier dingen die we niet snappen en waar we geen controle over hebben. Na twaalf jaar in het parlement weet ik soms nog steeds niet wie dit eiland nu bestuurt.’
Een brief aan de koningin
Enkele jaren geleden schreef Christensen van het Londense Tax Justice Network een brief aan de koningin, waarin hij haar aanspoorde sterker op te treden tegen de wijd verspreide constellatie van belastingparadijzen, kroonafhankelijkheden, overzeese gebiedsdelen en rechtsgebieden met geheimhouding, die, merkte hij op, behoren tot de machtigste ter wereld. Hij was direct, maar ook zeer beleefd.
‘Ik verzoek u dringend,’ schreef hij, ‘als staatshoofd van al deze gebieden om alle mogelijke invloed uit te oefenen om een van de schadelijkste breuklijnen in de wereldeconomie aan te pakken.’ Hoewel hij in zijn brief erkent dat de koningin, als soeverein, niet rechtstreeks mag ingrijpen in de politiek van haar rijk, schreef Christensen dat hij hoopte dat ze haar mening over belastingparadijzen kenbaar zou maken, vanwege ‘de lang bestaande conventie die u het recht geeft uw premiers te adviseren, aan te moedigen en te waarschuwen.’
Bijzonder genoeg schreef de koningin via een hoge ambtenaar terug. ‘De positie van de koningin als constitutionele soeverein belet haar in te grijpen in zaken als deze’, aldus de brief. ‘Bedankt dat u de tijd en moeite hebt genomen voor uw schrijven.’
Christensen is niet onder de indruk. ‘Deze plekken ondermijnen de wereldeconomie, en ze kan zich niet schoonwassen van haar rol als monarch en staatshoofd van al deze belastingparadijzen’, zegt hij. En het helpt niet, voegt hij eraan toe, dat ze er zelf ook direct de vruchten van plukt. ‘Als het staatshoofd niets doet en offshoreconstructies gebruikt om haar eigen geld voor de belastingen te verbergen, slaagt ze niet voor de stankproef’, zegt hij. ‘Een vis begint te rotten vanaf de kop.’
Hondervijfentachtig lesbische, homoseksuele, biseksuele, queer, non-binaire en trans acteurs komen in SZ-Magazine uit voor hun seksuele oriëntatie of genderidentiteit, ‘en eisen meer erkenning en diversiteit in theater, film en televisie’.
‘Tot nu toe konden we niet open zijn over ons privéleven zonder te vrezen voor professionele gevolgen’, schrijven de acteurs in het manifest #ActOut. Enkele bekende namen zijn Ulrich Matthes (Der Untergang), Godehard Giese (Transit) en Mark Waschke (Dark).
185 Schauspieler*innen outen sich im neuen SZ-Magazin als lesbisch, schwul, bi, queer, nicht-binär, trans*. Was sie mit #actout erreichen wollen – am Freitag im neuen Heft in der @SZ und jetzt digital unter https://t.co/GYWsgfjudBpic.twitter.com/Ej84a9W8EQ
‘Mij is altijd verteld dat ik niet publiekelijk uit de kast moet komen,’ zegt Tatort-actrice Karin Hanczewski tegen SZ-Magazin. ‘Er zijn bijvoorbeeld castingdirectors die zeggen: als je uit de kast komt, kan ik je geen rollen meer geven.’
Ook heerst er volgens Hanczewski angst onder lesbische actrices om overgeslagen te worden voor rollen waarbij ze een begeerlijke vrouw moeten spelen. ‘Dat is precies de grote angst voor lesbische actrices: dat ze niet meer als sexy gezien worden en daarom niet zullen worden gecast.’
De groep ageert hier nu tegen in hun manifest: ‘Alsof we bepaalde personages en relaties niet zouden kunnen spelen als we uitkomen voor onze seksuele oriëntatie en genderidentiteit. (…) Wij zijn acteurs. Wij hoeven niet samen te vallen met de personages die we spelen. We doen alsof – dat is de essentie van ons werk.’
De ondertekenaars van het manifest roepen de Duitse film-, televisie- en theaterwereld op eindelijk meer diversiteit te omarmen. ‘De [Duitse] maatschappij is er allang klaar voor. De kijkers zijn er klaar voor.’ Nu de industrie nog.
Bekentenis in Spaans corruptieschandaal raakt oud-premier Rajoy
Spanje is opgeschrikt door een nieuwe ontwikkeling in de al jaren voortslepende corruptiezaak rondom de rechtse Partido Popular. Volgens een bekentenis van de voormalig penningmeester van de PP, Luis Bárcenas, heeft toenmalig partijleider en oud-minister president Mariano Rajoy bewijs van illegale financiering van de partij vernietigd en was Rajoy op de hoogte van een zwarte boekhouding, bericht El País.
Bárcenas staat op 8 februari voor de rechter in een zaak over de illegale financiering van de partij van oud-premiers José María Aznar en Rajoy, die plaatsvond van 1990 tot 2009. In de verklaring die de oud-penningmeester naar de rechtbank heeft gestuurd, belooft hij met justitie samen te werken in de nog lopende onderzoeken, aldus El País.
Mogelijk leidt dit tot verdere aanklachten tegen de partijtop van de PP, waarvan al meerderen, waaronder Bárcenas zelf, veroordeeld zijn in corrupties- en fraudeschandalen met publieke aanbestedingen.
‘Dit is de erfenis van Rajoy. Bij hem moet jullie zijn’
Het Spaanse Openbaar Ministerie twijfelt alleen aan de woorden van Bárcenas, meldt het Spaanse dagblad El Mundo. Het OM is van mening dat zijn bekentenis rijkelijk laat is en eist bewijzen die zijn beweringen ondersteunen. De bekentenis van Bárcenas is ‘weinig geloofwaardig’ gezien hij al meerdere keren zijn verhaal heeft gewijzigd, aldus het OM.
Bárcenas stelt dat hij bandopnames heeft waarop een andere voormalig penningmeester, Álvaro Lapuerta, vertelt dat hij zwarte betalingen in contant geld deed aan PP-kopstukken, waaronder Rajoy, aldus El Mundo in een ander artikel.
De huidige partijleiding van de PP verklaart tegen El Mundoin een derde artikel, dat zij niets meer te maken hebben met de illegale praktijken uit het verleden. ‘Bárcenas heeft geen enkel lid van de huidige partijleiding genoemd omdat hij dat niet kan. We kennen hem niet, we weten niet wie die meneer is en we hebben niets met hem te maken. Dit is de erfenis van Rajoy. Bij hem moet jullie zijn.’
Myanmarezen protesteren online en offline tegen staatsgreep
Donderdag werden de Myanmarezen wakker zonder toegang tot Facebook. De nieuwe regering die na de staatsgreep van 1 februari door het leger is geïnstalleerd, had ’s nachts de belangrijkste internetproviders gevraagd het sociale netwerk te blokkeren. Facebook was een belangrijk kanaal voor verzet tegen de door het leger gepleegde coup, die weigerde de uitslag te erkennen van de verkiezingen die Aung San Suu Kyi in november 2020 een verpletterende overwinning opleverden, schrijft Courrier International.
Sinds maandag kleuren veel Myanmarezen hun Facebookprofielfoto zwart en rood als steunbetuiging aan de Nationale Liga voor Democratie (NLD) en haar gearresteerde leider.
Het protest tegen de militaire coup werd gecoördineerd via internet. Campagnes die opriepen tot burgerlijke ongehoorzaamheid, aanvankelijk gelanceerd door gezondheidswerkers, hebben zich als een lopend vuurtje via sociale media verspreid, meldt Frontier Myanmar.
Democratiekliniek
‘Werknemers van honderd ziekenhuizen kwamen woensdag niet opdagen op het werk,’ aldus het nieuws- en zakenblad. Studenten geneeskunde in Yangon en Mandalay volgenden hun voorbeeld. Een Facebook-pagina die was gelanceerd om hun campagne te steunen, verzamelde in de loop van de dag meer dan 170.000 volgers.
‘Om de continuïteit van de zorg te waarborgen, hebben de gezondheidswerkers een “democratiekliniek” opgezet waar online consulten worden gegeven’, aldus Frontier.
Ook professoren, studenten en ingenieurs die voor de aan het leger gelieerde mobiele operator Mytel werken, weigerden woensdag naar hun werk te gaan. Donderdag circuleerden op Twitter beelden van ambtenaren van het ministerie van Landbouw die zich bij de beweging aansloten.
Het sluiten van Facebook betekent dat de militairen niet de duizenden video’s en beelden hoeven te zien van de lawaaiprotesten die de Myanmarezen sinds dinsdag elke avond om acht uur organiseren. Op balkons en voor hun huizen komen families en buren samen, terwijl ze op potten en pannen slaan. Een gezamenlijk gebaar om nee te zeggen tegen een terugkeer naar de dictatuur, aldus CI.
Jan Marsalek, ‘De meest gezochte man op aarde’, is de spil in een miljardenfraude rond de Duitse betaaldienst Wirecard. Hij is sinds juni spoorloos, ook al zijn er inmiddels aanwijzingen over zijn verblijfplaats. Afgelopen weekeinde begonnen opnames voor een documentaire rond het schandaal. Ook kwam er nieuwe informatie over zijn verdwijning aan het licht, die leidde tot de arrestatie van een voormalige hooggeplaatste geheim agent en een Oostenrijkse politicus.
Het Duitse mediabureau WuV schreef dit weekeinde op zijn website dat opnames van het docudrama The big fake – The Wirecard story zijn begonnen in Berlijn. De hoofdrollen in de film worden gespeeld door Christoph Maria Herbst en Franz Hartwig, als respectievelijk de in hechtenis genomen Markus Braun, baas van Wirecard, en de voortvluchtige Chief Operational Officer (COO) Jan Marsalek. Volgens WuV belicht de film niet alleen de wereldwijde economische dimensie van de fraudezaak, maar ook de psyche van de twee mannen.
Een uitgebreid team van journalisten van onder meer de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung, Stern, Capital en infoNetwork tekende voor de research.
Het blijft overigens niet alleen bij deze documentaire: later dit jaar volgt ook nog een meerdelige True Crime-podcast die de geschiedenis en achtergrond van het Wirecard-schandaal behandelt en Penguin Random House komt dit voorjaar met het boek Wirecard – Psychogram van het schandaal van de eeuw door Bettina Weiguny en Georg Meck, de twee journalisten die het idee voor de documentaire opperden.
Het Wirecardschandaal
Wirecard is een Duitse betalingsverwerker en financiële dienstverlener. In juni vorig jaar maakte het bedrijf bekend dat € 1,9 miljard aan contanten spoorloos was verdwenen en dat het bedrijf een schuld had van € 3,2 miljard. De Oostenrijker Markus Braun, oprichter en voormalig CEO, twee bestuursleden en andere leidinggevenden zijn gearresteerd of betrokken bij strafrechtelijke procedures. Tegen de voortvluchtige COO Jan Marsalek loopt een internationaal arrestatiebevel.
In november 2020 verkocht Wirecard de activa van zijn belangrijkste onderdelen voor € 100 miljoen aan Santander Bank en het bedrijf wordt nu verder ontmanteld.
De Ierse publieke zender RTÉ noemde de val van Wirecard vorig jaar ‘een schandaal dat is te vergelijken met de ineenstorting van het Amerikaanse energiebedrijf Enron door boekhoudfraude in de vroege jaren 2000.’
Il Sogno
Ondertussen publiceerde Süddeutsche Zeitung, dat een uitgebreid dossier over de Wirecard-zaak bijhoudt, afgelopen weekeinde een artikel over de vlucht van Jan Marsalek, dat leest als een verhaal van John le Carré en de documentairemakers mogelijk noopt hun scenario aan te passen. Volgens het artikel zouden een voormalig inlichtingenagent en een voormalig FPÖ-politicus, Marsalek hebben geholpen te ontsnappen.
Il Sogno, zo beginnnen journalisten Oliver das Gupta, Klaus Ott en Jörg Schmitt hun artikel in de Süddeutsche, is een klein Italiaans restaurant in het centrum van München.
Specialiteit: de steak van de lavagrill voor € 24,90. Il Sogno betekent zoiets als ‘de droom’, en dat is passend, want een droom was uiteengespat vlak voordat drie mensen elkaar ontmoetten tijdens een diner in het restaurant op de avond van 18 juni 2020. Jan Marsalek, als COO lange tijd de tweede man van Wirecard, was een paar uur eerder op non-actief gesteld door de raad van commissarissen van de financiële dienstverlener uit Aschheim. Men had namelijk geconstateerd dat zo’n € 1,9 miljard, die op rekeningen in Azië zou moeten staan, gewoonweg niet bestond.
Ruim 24 uur na het etentje was Jan Marsalek verdwenen
Marsalek dineerde bij Il Sogno met twee van zijn naaste vertrouwelingen; zijn voormalige assistent Sabine E. en de Oostenrijker Martin W., voorheen een hooggeplaatste medewerker van het Oostenrijkse federale bureau voor de bescherming van de grondwet en terrorismebestrijding (BVT), vergelijkbaar met de Nederlandse AIVD.
Ruim 24 uur na het etentje was Jan Marsalek verdwenen; zijn spoor loopt dood op de luchthaven van Minsk, de hoofdstad van Wit-Rusland. Hij landde daar op de avond van 19 juni in een kleine privéjet vanaf de luchthaven Bad Vöslau bij Wenen.
Sabine E. en Martin W. ontkennen beiden dat de ontsnapping van Marsalek gepland werd tijdens het diner in Il Sogno. Ze wisten er niets van, laat staan dat ze erbij betrokken waren. Volgens hen sprak Marsalek tijdens het diner alleen over zijn ontslag en vertelde hij dat hij naar de Filippijnen wilde om de vermiste Wirecard-miljarden te zoeken. Oostenrijkse opsporingsdiensten betwijfelen dat.
Martin W. wordt sinds vrijdagavond vastgehouden door de politie van Wenen. Het parket van Wenen beschuldigt hem er onder meer van Marsalek te hebben geholpen te ontsnappen naar Minsk. Dit blijkt uit een aanhoudingsbevel van de Weense officier van justitie gedateerd op 22 januari, dat de Süddeutsche Zeitung in bezit heeft en waarover de Oostenrijkse krant Der Standard als eerste berichtte.
De verklaring van Schellenbacher
De Oostenrijkse autoriteiten denken dat Martin W. de vlucht van Marsalek niet in zijn eentje heeft georganiseerd. Hij zou zijn geholpen door de voormalige Oostenrijkse parlementariër Thomas Schellenbacher, die de onderzoekers op het spoor kwamen na telefoontaps en surveillance. Deze ondernemer was van 2013 tot 2017 parlementslid in Oostenrijk voor de rechts-populistische FPÖ. Ook hij zit nu in hechtenis. Naar verluidt heeft hij een uitgebreide getuigenis afgelegd aan speurders van de Oostenrijkse federale politie.
Volgens Schellenbacher had W. hem half juni gebeld met het verzoek om voor Marsalek een vliegtuig naar Minsk te regelen. Schellenbacher zou bezwaren hebben gehad maar gaf wel toe aan het verzoek, waarna de ex-inlichtingenagent hem het paspoort van Jan Marsalek overhandigde.
Onderzoek van Bellingcat
Over de voortvluchtige Jan Marsalek schreef Bellingcat in juli van vorig jaar:
‘Jan Marsalek is momenteel een van de meest gezochte personen op aarde. Het bedrijf waar hij operationeel toezicht op had, het Duitse Wirecard, stortte vorige maand van de ene op de andere dag ineen nadat accountants de aandacht hadden gevestigd op een gapend gat in de balans van bijna 2 miljard euro.
Dat bedrag in contanten, waarvan werd gedacht dat het op bankrekeningen stond van derden in Oost-Azië, waar zich een coderings- en verwerkingscentrum van Wirecard bevond, was er in feite niet.
De 40-jarige Oostenrijkse Jan Marsalek, COO van Wirecard sinds 2010, had de leiding over de Aziatische activiteiten van het bedrijf.’
‘Op 18 juni 2020 werd het managementteam, waaronder Jan Marsalek, ontslagen. Hij vertelde zijn collega’s dat hij naar de Filippijnen zou gaan om de vermiste miljarden te traceren en zo zijn onschuld te bewijzen. Later die dag werd hij vermist.
Terwijl boekingen van luchtvaartmaatschappijen en immigratiedossiers suggereerden dat hij op 23 juni naar Manilla was vertrokken en van daaruit naar China doorgereisd, bleek uit onderzoek door de Filippijnse autoriteiten dat die reis een dwaalspoor was en dat de immigratieformulieren op zijn naam waren vervalst.
Sindsdien wordt Jan Marsalek gezocht door de Duitse en Oostenrijkse autoriteiten op verdenking van fraude en verduistering.’
‘Bellingcat heeft in samenwerking met onderzoeksjournalisten van Der Spiegel en The Insider nu de locatie vastgesteld waarheen Marsalek enkele uren na zijn ontslag vluchtte: Minsk, de hoofdstad van Wit-Rusland. Russische immigratiedossiers en gegevens die worden bijgehouden door de Russische FSB suggereren dat de Russische veiligheidsdienst al langer geïnteresseerd was in Marsalek, die een aantal verschillende paspoorten gebruikte, waaronder een diplomatiek paspoort van een derde land waarmee hij Rusland tientallen keren bezocht in de afgelopen vijftien jaar.
Ten minste één keer, in 2017, hebben de Russische veiligheidsdiensten waarschijnlijk een langdurige interactie gehad met Marsalek in Moskou.’
Zoals het zich laat aanzien, richtte Schellenbacher zich tot Jet X Aviation Services in Kottingbrunn. Dat bedrijf had op 19 juni een Cessna Citation Mustang 50 beschikbaar, die Marsalek kon ophalen op het privévliegveld Bad Vöslau, ongeveer 30 kilometer ten zuiden van Wenen.
Tijdens het verhoor zou Schellenbacher ook hebben verklaard dat Martin W. hem herhaaldelijk had gebeld om te laten weten dat Marsalek te laat bij het vliegtuig zou komen. Hij vertelde de Oostenrijkse rechercheurs dat W. tijdens zijn laatste telefoontje zei dat de aankomst van Marsalek was vertraagd omdat de taxichauffeur de ingang van het luchthavengebouw niet kon vinden.
Volgens informatie van de Süddeutsche Zeitung had de voortvluchtige COO eigenlijk al ’s middags rond 15.30 uur moeten vertrekken naar Minsk, maar hij kwam pas rond 19.00 uur op het vliegveld aan. Om 20:03 uur vertrok de Cessna met Marsalek aan boord in noordoostelijke richting om rond 23:00 uur in Minsk te landen. Marsalek zou zo’n € 8000 voor de vlucht hebben betaald. In contanten.
Een gekochte parlementszetel
Een voormalige Oostenrijkse inlichtingenagent en een ex-parlementslid als vermeende vluchthulp voor de momenteel meest gezochte witteboordencrimineel ter wereld, dat zou toch ook in Oostenrijk een aantal politieke vragen moeten oproepen, schrijft Süddeutsche Zeitung.
Schellenbacher was al eens eerder het onderwerp van onderzoeken, toen het ging om de vraag hoe hij in het Oostenrijkse parlement was terechtgekomen. Aangenomen wordt dat de zetel van Schellenbacher in het Oostenrijkse parlement is gekocht door een groep Oekraïense zakenlieden.
Volgens een getuige, die dit heeft verklaard onder ede, zouden de Oekraïners in totaal € 10 miljoen hebben neergeteld voor zijn parlementszetel, een bedrag dat werd betaald aan onder meer de FPÖ en de toenmalige partijleider van de FPÖ, Heinz-Christian Strache. Strache en de FPÖ ontkennen, ook al toonden Süddeutsche Zeitung en Der Spiegelmeerdere foto’s die ze in 2019 kregen toegespeeld en waarop stapels contant geld zijn te zien. De foto’s zouden zijn gemaakt in de dienstwagen van Strache, precies in de periode dat Schellenbacher een plaats op de FPÖ-kieslijst kreeg. Tot veler verrassing, want Schellenbacher was een onbekende, middelgrote ondernemer die pas kort tevoren lid was geworden van de FPÖ.
Van geheime dienst naar Wirecard
De tweede vermeende vluchthelper van Marsalek is eveneens een illustere figuur. Martin W. was lange tijd de nummer drie van de Oostenrijkse inlichtingendienst BVT, verantwoordelijk voor operationele taken en voor terrorismebestrijding. Eind 2017 verliet hij de dienst vanwege gezondheidsproblemen, maar ook omdat hij op gespannen voet stond met bepaalde afdelingen van de dienst en meende daarom gepasseerd te zijn voor een topfunctie bij de BVT.
W. was in 2018 nog officieel in dienst van het Ministerie van Binnenlandse Zaken dat verantwoordelijk is voor de BVT, maar zonder taken en zonder bezoldiging.
W. en Marsalek kennen elkaar sinds 2015. De ex-BVT-man vertelde meerdere vertrouwelingen dat ze elkaar hadden ontmoet in de wandelgangen van een conferentie over cybersecurity in Wenen. Kort nadat W. de BVT had verlaten, wendde hij zich tot Marsalek. Die bracht hem vervolgens in contact met Aleksandar V., een vriend en financiële investeerder die kantoor hield aan de Prinzregentenstrasse 61 in München.
Het vermoeden bestaat dat er nog andere Oostenrijkse inlichtingenagenten op de loonlijst van Marsalek stonden
W. zou daar sinds begin 2019 een eigen kantoor hebben gekregen. Desgevraagd kregen mensen te horen dat hij een soort start-upscout was, op zoek naar interessante bedrijven die projecten voor Wirecard zouden kunnen ontwikkelen.
W. heeft herhaaldelijk ontkend zijn oude contacten met de geheime dienst te hebben gebruikt ten dienste van Marsalek en Wirecard. Nog onlangs vertelde de ex-inlichtingenofficier aan gesprekspartners dat hij nooit rechtstreeks voor Jan Marsalek had gewerkt en dat hij de Wirecard-COO zeker niet adviseerde over beveiligingskwesties.
Het parket van Wenen ziet dat anders. De rechercheurs beschuldigen W. ervan zijn oude contacten bij BVT te hebben misbruikt om voor Wirecard ‘de solvabiliteit van aanbieders van pornografische internetsites te controleren’, zo staat in het arrestatiebevel. Niet alleen het faciliteren door W. van de ontsnapping van Marsalek wordt onderzocht, maar ook misbruik van autoriteit en corruptie. Daarnaast bestaat het vermoeden dat er nog andere Oostenrijkse inlichtingenagenten op de loonlijst van Jan Marsalek stonden.
W., wiens advocaat niet reageerde op verzoeken van Süddeutsche Zeitung, zou de afgelopen maanden voornamelijk in Dubai hebben doorgebracht, waar hij een appartement zou hebben en een nieuwe professionele positie zou trachten te verwerven, naar het zich laat aanzien met hulp van Jan Marsalek.
Kennissen van W. lieten weten dat hij erg overstuur was nadat Süddeutsche Zeitung hem afgelopen oktober in een artikel voor het eerst koppelde aan Marsalek, en daarin verslag deed van hun ontmoeting in Il Sogno. Volgens de Oostenrijkse onderzoekers heeft hij sindsdien het nummer van zijn mobiele telefoon zeker ‘vijf tot zes keer’ gewijzigd.
Minister-president Jüri Ratas van Estland is woensdagochtend afgetreden, meldt de Estse publieke omroep ERR. Hij nam ontslag nadat bekend werd dat zijn partij betrokken was bij een strafrechtelijk onderzoek naar leningen die door staatsagentschap KredEx aan een vastgoedproject in het havengebied in Tallinn waren verleend. Het geld moest naar bedrijven gaan die hard getroffen waren door de pandemie, maar dit project was nog in aanbouw, aldus ERR.
De Estse openbaar aanklager beschuldigt de liberale Centrumpartij van Ratas er ook van steekpenningen te hebben aangenomen, bericht Euronews. De zakenman Hillar Teder zou zo’n miljoen euro hebben gedoneerd aan de partijkas in ruil voor het recht om een parkeergarage te bouwen.
Een van de verdachten is wel Martin Helme, leider van de extreemrechtse EKRE-partij en coalitiegenoot van Rata
Ratas verklaart dat hij noch op de hoogte was van de details van de lening noch van steekpenningen. Hij staat dan ook niet onder verdenking in het strafrechtelijk onderzoek, aldus ERR. ‘Ondanks het feit dat ik mijn politieke verantwoordelijkheid neem, kan ik met een gerust hart zeggen dat ik als minister-president geen enkel kwaadaardig of bewust verkeerd besluit heb genomen,’ verklaarde de minister-president in een persconferentie woensdagochtend.
Een van de verdachten is wel Martin Helme, leider van de extreemrechtse EKRE-partij en coalitiegenoot van Ratas, schrijft The New York Times. Helme beschreef zijn migratiestandpunt ooit als: ‘Ben je zwart, ga dan terug.’
De coalitieregering met de EKRE-partij van Helme, die het liberale imago van Estland ernstig heeft geschaad, volgde op de verkiezingen van 2019 waarin de Centrumpartij slecht presteerde, maar erin slaagde aan de macht te blijven door een verbond aan te gaan met extreemrechts en de rivaliserende conservatieve partij, aldus de NYT. Het aftreden van Ratas betekent ook het einde van het kabinet.
President Kersti Kaljulaid heeft inmiddels gevraagd aan Kaja Kallas, de leider van de Hervormingspartij, om een nieuwe coalitie te vormen, meldt de ERR. De Hervormingspartij is met 34 van de 101 zetels de grootste partij van de Riigikogu, het Estse parlement.
Einde recordkoudegolf Spanje nadert
De poolkou die Spanje de afgelopen week teisterde lijkt ten einde, schrijft El País. ‘We kunnen vandaag [14 januari] of morgen een einde verwachten aan de koudegolf, hoewel de temperatuur nog steeds lager dan normaal zal zijn’, zegt de woordvoerder van de AEMET, de Spaanse KNMI, tegen het dagblad.
De koudegolf volgde op sneeuwstorm Filomena, die vorige week een dik pak sneeuw in Centraal- en Oost-Spanje deponeerde en daarmee het openbare leven ernstig belemmerde met mensen die ’s nachts vastzaten in hun auto, omgevallen bomen, gevaarlijke situaties op de snelwegen, geblokkeerde straten, hulpdiensten die zich niet konden verplaatsen en essentiële werknemers die niet naar hun werk konden gaan, somt El País op.
De nieuwe temperatuurrecords in Spanje.
‘Iedereen keek in 2020 uit naar de terugkeer naar het oude normaal en zodra 2021 begon kregen we te maken met de grootste sneeuwstorm in 50 jaar’, schrijft El Confidencial.
Dinsdag had Spanje te maken met de koudste dag in twintig jaar, bericht El País, met minimumtemperaturen die in het hele land, behalve op de Canarische Eilanden, onder de nul lagen. De koudste temperatuur werd gemeten in het dorpje Bello, in de provincie Teruel in het midden van het land. De minimumtemperatuur was daar -25,4ºC. Ook in de rest van het land zijn lokale kouderecords dinsdagnacht gebroken.
Uitstoot VS op niveau van 1990
De pandemie heeft de uitstoot van broeikasgassen in de Verenigde Staten teruggebracht naar hetzelfde niveau als dertig jaar geleden. ‘De laatste keer dat de uitstoot van broeikasgassen in de VS zo laag was, zat George H.W. Bush [senior] in het Witte Huis en draaiden Ghost en Pretty Woman in de bioscoop’, schrijft het zakenblad Quartz.
Volgens een nieuwe data-analyse van het Amerikaanse onderzoeksbureau Rhodium Group is in 2020 in de Verenigde Staten de uitstoot van gassen die leiden tot opwarming van de aarde met 10,3 procent gedaald ten opzichte van 2019. Dit zou het laagste niveau betekenen sinds 1990. Deze spectaculaire daling is terug te brengen tot de pandemie, waardoor het openbare leven ernstig is ingeperkt en een ongekende economische vertraging is ingezet.
De meest opvallende reductie van vorig jaar was te zien in de transportsector
Een uitzonderlijke situatie, waaruit niet per se af te leiden is dat er sprake is van een algemene neerwaartse trend, merken de deskundigen op. ‘De meest opvallende reductie van vorig jaar was te zien in de transportsector, die grotendeels afhankelijk blijft van fossiele brandstoffen’, zei Kate Larsen, directeur van Rhodium, tegen The New York Times. ‘Maar nu meer mensen worden gevaccineerd verwachten we, afhankelijk van hoe snel mensen zich voldoende beschermd voelen om weer aan boord van vliegtuigen en andere vormen van vervoer te stappen, een opleving van de uitstoot als er in de tussentijd geen grote beleidswijzigingen worden doorgevoerd.’
Dinsdag schreven we al dat Duitsland dankzij de pandemie zijn klimaatdoelen haalt. De CO2-uitstoot bij onze Oosterburen is in 2020 met 42,3 procent is gedaald ten opzichte van het niveau van 1990.
Sinds de spectaculaire arrestatie in 2015 van een van de machtigste zakenmensen van Brazilië, is de opschudding over de corruptiezaak rondom bouwbedrijf Odebrecht nauwelijks afgenomen.
De Braziliaanse zakenwereld trilde op zijn grondvesten toen een rechercheteam Marcelo Odebrecht arresteerde in zijn luxueuze huis in São Paulo. En de politieke wereld niet minder. Sindsdien is de opschudding echter niet afgenomen. Odebrecht, de kleinzoon van de oprichter van de het grootste bouwbedrijf van Latijns-Amerika – en inmiddels de directeur – kent genoeg geheimen om op het hele continent presidenten tot aftreden te dwingen en regeringen ten val te brengen. Het bedrijf heeft 168.000 werknemers en is actief in 28 landen, waaronder Venezuela, Colombia, Peru en de Verenigde Staten.
Vergiftigd cadeautje
Maandenlang weigerde de zelfverzekerde en koppige Odebrecht het vergiftigde cadeautje van het Braziliaanse Openbaar Ministerie te accepteren: alles vertellen wat hij wist – en dan vooral wie hij allemaal steekpenningen had toegestopt in ruil voor lucratieve contracten – om zo zijn strafmaat te verminderen. Maar zijn bedrijf was in een vrije val geraakt en dreigde niet meer aan publieke aanbestedingen mee te mogen doen. Dit gevaar, tezamen met het door de onderzoekers verzamelde bewijsmateriaal, deed hem uiteindelijk toch buigen. Een door een secretaresse vergeten dossier met daarin alle namen van politici die geregeld betalingen hadden ontvangen, was een van de meest doorslaggevende bewijsstukken.
Odebrecht besloot uit de school te klappen in ruil voor een verlaging met tien jaar van de hem in maart 2016 opgelegde gevangenisstraf van negentien jaar. In navolging van hun chef besloten nog 77 andere hoge functionarissen van het bedrijf alle namen, periodes en exacte geldbedragen waarvan zij op de hoogte waren aan de politie te melden, in ruil voor jaren van vrijheid.
De Odebrecht-groep bood publiekelijk zijn verontschuldigingen aan en betaalde de hoogste boete die een bedrijf ooit wegens corruptie kreeg opgelegd: 3,5 miljard dollar. De Verenigde Staten en Zwitserland deelden in dit bedrag, aangezien ook zij de corrupte praktijken van Odebrecht waren gaan onderzoeken. Door de straf te accepteren mocht het bedrijf weer meedingen bij publieke aanbestedingen van grote bouwprojecten, de belangrijkste bron van inkomsten.
Toen het onderzoek eenmaal in gang was gezet, kon niets verhinderen dat de vloedgolf aan onthullingen allerlei publieke figuren met zich meesleurde. Buiten Brazilië staan de Colombiaanse president Juan Manuel Santos en de Peruaanse ex-president Alejandro Toledo onder verdenking van de Amerikaanse autoriteiten en van justitie in eigen land. Volgens de Amerikaanse hoofdofficier van justitie Sung-Hee Suh beschikte ‘het bedrijf Odebrecht over een geheime maar zeer effectieve eenheid – zeg maar een smeergeldafdeling – die systematisch honderden miljoenen dollars aan steekpenningen betaalde aan regeringsfunctionarissen uit landen op drie verschillende continenten’.
Niets wijst erop dat de storm overtrekt, integendeel: de bekentenissen van de 77 topfunctionarissen (en die van Marcelo Odebrecht) worden in Brazilië nu nog beschermd door regels van justitiële geheimhouding. Maar deze bescherming zal binnenkort worden opgeheven, en vroeger of later zullen de verklaringen op straat liggen. De Braziliaanse pers heeft ze niet geheel onterecht tot ‘de bekentenis van het einde van de wereld’ bestempeld. Een maand geleden kwam de verklaring van een van deze topfunctionarissen al naar buiten – slechts van eentje. Deze Claudio Melo Filho bekende tegenover de politie dat zijn werk eruit bestond Braziliaanse politici onder druk te zetten (en te betalen) om zijn bedrijf te begunstigen bij wetswijzigingen en de toekenning van contracten. Hij verklaarde ook de huidige president Michel Temer op het terras van het presidentieel paleis 10 miljoen real (ruim 3 miljoen dollar) te hebben overhandigd voor zijn verkiezingskas.
Te verwachten valt dat de verklaring van Marcelo Odebrecht, die in meerdere landen kind aan huis was bij presidenten en ministers, zal inslaan als een bom. Dit is wat tot nu toe uit het onderzoek is gebleken:
COLOMBIA
Bouwbedrijf Odebrecht heeft toegegeven in Colombia 11 miljoen dollar aan smeergeld te hebben betaald. De mogelijkheid dat ook de Colombiaanse president Juan Manuel Santos bij ‘de zaak-Odebrecht’ is betrokken, veroorzaakte de afgelopen weken een politieke wervelstorm in het Zuid-Amerikaanse land. Het Openbaar Ministerie verklaarde dat een deel van het bedrag waarmee een oud-senator werd omgekocht, zou zijn toegekomen aan de campagnekas van Juan Manuel Santos bij de race om het presidentschap in 2014. De dienst maakte dit voorbehoud naar eigen zeggen omdat het zich daarbij uitsluitend baseerde op de verklaring van de oud-senator; fysiek bewijs was er niet. Een verzoek om nader onderzoek naar de kwestie werd door de president ingewilligd. Op 14 januari van dit jaar werd een oud-parlementslid van de liberale partij, Otto Bula, gearresteerd onder verdenking van het aannemen van 4,6 miljoen dollar aan steekpenningen om Odebrecht de opdracht voor de bouw van een snelweg te gunnen.
BRAZILIË
Volgens de aanklagers in de rechtszaak tegen de Braziliaanse staatsoliemaatschappij Petrobras is er in totaal ongeveer 20 miljard real (6 miljard euro) achterovergedrukt; 7 miljard real (2,1 miljard euro) daarvan is in de zakken van Odebrecht terechtgekomen. Om de hand op deze bedragen te leggen, betaalde de multinational op zijn beurt 1 miljard real (300 miljoen euro) aan steekpenningen aan politici en andere ambtenaren, meestal in de vorm van donaties aan verkiezingscampagnes.
De strafzaak tegen Odebrecht wachtte nog op juridische goedkeuring van de deals met de 77 topmanagers die bekentenissen hebben afgelegd. Op 30 januari jl. gaf het hooggerechtshof hieraan inderdaad zijn zegen. De bekentenissen zijn nog geheim, maar de Braziliaanse pers heeft de namen van een aantal sleutelfiguren al naar buiten gebracht, waaronder die van de huidige president Michel Temer en zijn voorgangers Dilma Rousseff en Luiz Inácio Lula da Silva. Ook zijn er leiders van de Braziliaanse Sociaal-Democratische Partij (PSDB) bij, onder wie de huidige minister van Buitenlandse Zaken José Serra en de gouverneur van São Paulo Geraldo Alckmin, die zich warmloopt voor de presidentsverkiezingen van 2018.
PERU
De anticorruptie-eenheid van het Peruaanse Openbaar Ministerie heeft achttien maanden gevangenisstraf geëist tegen Alejandro Toledo, president van Peru van 2001 tot 2006. Toledo [die in december in Parijs opdook en sindsdien onvindbaar is] wordt ervan beschuldigd 20 miljoen dollar aan smeergeld te hebben ontvangen van Odebrecht. In ruil daarvoor hielp hij het bedrijf aan de opdracht voor een snelweg van Peru naar Brazilië, die de Stille Oceaan moet verbinden met de Atlantische Oceaan. Vanuit de Franse hoofdstad gaf hij een interview aan het programma Cuarto Poder waarin hij ontkende ooit smeergeld te hebben aangenomen.
Overigens is Toledo niet de enige Peruaanse oud-president die door het corruptieschandaal rond Odebrecht is besmet. Ook de vorige president, Ollanta Humala, kwam in juridische problemen, toen de Braziliaanse krant Folha de São Paulo onthulde dat het bedrijf 3 miljoen dollar had bijgedragen aan zijn presidentscampagne. Vóór deze onthulling was de Peruaanse justitie sowieso al bezig met een onderzoek naar Humala wegens illegale campagnefinanciering.
De Braziliaanse bouwgigant heeft niet alleen door corruptie de Peruanen het leven zuur gemaakt
Verder werd op 31 januari bij terugkomst uit de Verenigde Staten Jorge Cuba aangehouden, de Peruaanse staatssecretaris van Communicatie tijdens de tweede ambtsperiode van Humala’s voorganger Alan García. Cuba wordt ervan beschuldigd 1,8 miljoen euro te hebben gekregen om een contract voor de aanleg van een aantal metrolijnen aan Odebrecht te gunnen.
De Braziliaanse bouwgigant heeft niet alleen door corruptie de Peruanen het leven zuur gemaakt. Peru moest vorige week een contract annuleren voor de constructie van een gaspijplijn, met een budget van 6,6 miljard euro het grootste infrastructurele project uit de geschiedenis van het land. Het voor de aanleg verantwoordelijke consortium onder leiding van Odebrecht kon de financiering voor de uitvoering niet rond krijgen. Hiervoor kreeg het bedrijf een fikse boete.
In Argentinië leeft het idee dat ‘de zaak-Odebrecht’ een probleem was van de regeringen van het echtpaar Kirchner. In de dertien jaar dat Nestor en Christina Kirchner aan de macht waren, deed de Braziliaanse multinational er goede zaken en doneerde volgens het justitiële onderzoek 33 miljoen euro aan ‘tussenpersonen’ in Buenos Aires, waardoor het contracten ter waarde van 263 miljoen euro binnenhaalde. Het schandaal nam onlangs een onverwachte wending, toen ook de entourage van de huidige president Mauricio Macri bij de corruptie betrokken bleek.
De chef van de Argentijnse geheime dienst, Gustavo Arribas, een goede vriend van de president – die hem zelfs zijn luxeappartement verhuurde voor hij het presidentieel paleis betrok – moest voor de Argentijnse justitie verschijnen om uitleg te geven over betalingen van bijna 600.000 dollar die hij in 2013 ontving van Leonardo Meirelles, de man die veel van Odebrechts steekpenningen uitbetaalde.
De Argentijnse krant La Nación, die dit nieuws naar buiten bracht, vermoedt dat dit smeergeld bestemd was voor de aanbesteding van de bouw van de Sarmiento-trein, waar Macri’s neef Ángelo Calcaterra graag aan mee wilde doen. De Argentijnse regering wees deze hypothese verontwaardigd van de hand en Macri verdedigde zijn vriend: ‘Ik begrijp niet waar ze die link met Odebrecht vandaan halen, het is een sprookje.’
MEXICO
Odebrecht heeft toegegeven 9,8 miljoen euro aan steekpenningen te hebben betaald aan ‘topfunctionarissen van een door de Mexicaanse staat geleid bedrijf’. Het Braziliaanse bouwbedrijf vertelde de Amerikaanse juridische autoriteiten dat het dit smeergeld tussen oktober 2013 en eind 2014 betaalde om contracten binnen te slepen met een niet bij name genoemd bedrijf. SFP, de dienst die in Mexico beschuldigingen van overheidscorruptie onderzoekt, heeft aangegeven de zaak te bekijken.
De aan de staat gelieerde oliemaatschappij Petróleos Mexicanos (Pemex) maakte bekend drie grote aan Odebrecht toegekende contracten, waar 37 miljoen euro aan smeergeld voor werd betaald, te willen herzien. Een daarvan is voor de 450 kilometer lange gasleiding Los Ramones, in het noorden van het land, en voor het bouwklaar maken van een stuk land in Tula, in de staat Hidalgo, waar een raffinaderij komt te staan.
In de tijd dat de steekpenningen werden betaald, was Pimex een belangrijke speler bij het openbreken van de Mexicaanse energiemarkt. Eind januari zei het hoofd van de SFP, Arely Gómez, dat het door Odebrecht aan Mexicaanse ambtenaren betaalde smeergeld een van haar prioriteiten is, maar ze liet niets los over de voortgang van het onderzoek.
In de aanklacht van de Amerikaanse justitie staat vermeld dat in Venezuela 93 miljoen euro werd betaald aan tussenpersonen die toegang tot bepaalde overheidsdiensten hadden. Odebrecht wilde zo geheime informatie over nieuwe infrastructurele projecten in handen krijgen om zich van concessies te verzekeren.
DOMINICAANSE REPUBLIEK
Odebrecht zal de Dominicaanse overheid de komende acht jaar 174 miljoen euro betalen, ter compensatie van de steekpenningen die het bedrijf in het land betaalde om opdrachten voor publieke werken in de wacht te slepen. Volgens het Spaanse persbureau EFE maakte het Openbaar Ministerie op 2 januari details bekend van deze met het Braziliaanse bedrijf gesloten deal. De Dominicaanse Republiek is ‘tot op heden het enige Latijns-Amerikaanse land naast Brazilië dat een terugbetaling van maar liefst twee keer de hoogte van het betaalde smeergeld ontvangt’.
ECUADOR
Ook Ecuador is niet aan het schandaal ontsnapt. Regeringsfunctionarissen ontvingen tussen 2007 en 2016 voor 31,7 miljoen euro aan smeergeld. Momenteel loopt er een verzoek van het Ecuadoraanse Openbaar Ministerie aan Spanje om Rodrigo Tecla Durán te ondervragen, een op Spaanse bodem opgepakte verdachte die mogelijk meer informatie heeft over Odebrechts praktijken in Ecuador, zo meldt persbureau EFE. Durán wordt verdacht van het witwassen van geld, omkoping van ambtenaren en deelname aan een criminele organisatie.
PANAMA
Net als in de Dominicaanse Republiek heeft de firma Odebrecht ook met de Panamese autoriteiten een mondeling akkoord gesloten. Het bedrijf moet een schadevergoeding betalen voor omkopingspraktijken in de periode 2010-2014 en volledig meewerken aan het onderzoek. De Panamese procureur-generaal maakte 12 januari jl. bekend dat het Braziliaanse bouwbedrijf 59 miljoen dollar aan schadevergoeding zal betalen.
Auteur: Antonio Jiménez Barca
Vertaler: Valentijn van Dijck
Zes maanden na de dood van Franco opgericht. Prachtige tabloidkrant met exquise journalisten en bijdragen van grote Spaanse schrijvers.
CONTEXT: Razendsnelle ontwikkelingen
Sinds het artikel in El País verscheen, volgden de ontwikkelingen zich razendsnel op. Een kleine greep:
Colombia. Volgens de krant El Tiempo heeft Otto Bula op 14 februari ontkend dat het geld in de verkiezingskas van president Santos terecht is gekomen.
Brazilië. Op 1 maart vertelde Marcelo Odebrecht aan justitie dat zijn groep in 2014 150 miljoen real (45 miljoen euro) stortte in de campagnekas van Dilma Rousseff en Michel Temer. Hij liet onvermeld of het om illegale bijdragen ging, aldus de krant O Globo.
Argentinië. Het bedrijf BTP van Ángelo Calcaterra, de neef van president Mauricio Macri, heeft inderdaad steekpenningen van Odebrecht ontvangen, zo onthulde O Estado do São Paulo. Odebrecht wilde deelnemen aan de bouw van een ondergrondse trein in de agglomeratie Buenos Aires.
Venezuela. Justitie verdenkt een van de belangrijkste oppositieleiders, Henrique Capriles, ervan bijna 3 miljoen aan ‘gratificaties’ van Odebrecht te hebben ontvangen toen hij nog gouverneur was, schrijft El Economista. Capriles ontkent.
Mexico. Justitie onderzoekt een lijntje dat leidt naar oud-president Felipe Calderón (2006-2012). Medewerkers van Odebrecht zouden een ontmoeting tussen Calderón en Lula hebben gearrangeerd, waarin deze laatste een lans zou hebben gebroken voor Braziliaanse investeerders, schrijft Animal Político.
Het corruptieschandaal rond de Braziliaanse staatsoliemaatschappij Petrobras blijft slachtoffers maken. Een van de laatste is de schatrijke bouwondernemer Marcelo Odebrecht. Zijn gewoonte om alles te noteren in zijn mobiele telefoon werd hem fataal.
Marcelo Odebrecht deed het liefst zaken tijdens onderonsjes: vrijwel altijd wist hij dan met zijn assertiviteit en dominantie zijn gesprekspartners te overtuigen. Op zijn vijfenveertigste gaf hij met een hem kenmerkende hooghartigheid leiding aan een imperium met een omzet van 107 miljard reais [27,5 miljard euro]. Tot op de dag van zijn arrestatie, op 19 juni van dit jaar, verliep zijn leven vlekkeloos. Daarna zagen we een ander beeld: een in het nauw gedreven, diep beschaamde man. De directeur van het grootste bouwconglomeraat van het land zit nog steeds vast, op de korrel genomen door het anti-corruptieoffensief Lava Jato. Evenals veel van zijn collega-directeuren en naaste concurrenten is hij zijn leidende rol in een van de grootste economische sectoren van Brazilië voorlopig kwijt.
Odebrecht, geschoold aan een van de meest vooraanstaande managementinstituten ter wereld, wordt beschuldigd van omkoping, vernietiging van bewijsmateriaal en beïnvloeding van politici ten faveure van zijn bedrijf. Noodlottig werd hem zijn gewoonte om elk detail in zijn mobiele telefoon te noteren, gegevens die nu tegen hem gebruikt gaan worden. Op 24 juli werd hij aangeklaagd wegens corruptie, witwassen en het deelnemen aan een criminele organisatie.
Uit de e-mails, voicemailberichten, uitnodigingen voor etentjes, whatsapp-berichten en kattebelletjes aan advocaten die door de federale politie zijn verzameld, blijkt volgens het rechercheteam dat Odebrecht tot in detail op de hoogte was van de corrupte handel en wandel binnen zijn bedrijf. Bij geen van de andere verdachten in de Operatie Lava Jato vond de politie zo veel schriftelijk bewijsmateriaal als bij hem.
Volgens mensen uit zijn omgeving is hij begiftigd met een vlijmscherpe intelligentie en een uitstekend concentratievermogen. Bovendien is hij workaholic. Bij zijn benoeming tot directeur van de onderneming in januari 2009 gaven die eigenschappen de doorslag. Hij is al de derde generatie Odebrecht aan het hoofd van het bedrijf: bij zijn medewerkers staat hij bekend als Odebrecht III. De eerste klant van het bouwbedrijf was (in 1944) het aartsbisdom Salvador de Bahia.
‘Hij is veel introverter dan zijn vader Emilio en minder charismatisch dan zijn grootvader Norberto. Maar hij onderscheidt zich van die twee door zijn intelligentie en hij heeft de perfecte opleiding gekregen om aan het hoofd van het bedrijf te staan,’ zegt iemand uit zijn naaste omgeving.
Marcelo kreeg de zegen van de hele Odebrecht-clan om het imperium te gaan leiden, niet alleen omdat hij de natuurlijke erfgenaam was, maar ook vanwege zijn ondernemingszin, waarmee hij het bedrijf moest gaan uitbouwen. Van hem werd verwacht dat hij met nog grotere voortvarendheid zaken zou doen dan zijn voorgangers. Voordat hij de leiding van de groep overnam, haalde hij zijn MBA aan het International Institute for Management Development (IMD) in het Zwitserse Lausanne.
Eerder had hij toen al civiele techniek gestudeerd aan de universiteit van Salvador de Bahia, waarna hij in het bedrijf was komen werken. Eerst liep hij een tijdlang rond op de bouwplaatsen om het werk van onderaf te leren kennen. Later vloog onder zijn leiding de omzet van de Odebrecht Groep omhoog van 38 miljard reais in 2009 naar 107 miljard in 2014.
De Odebrecht Groep wordt verdacht van het betalen van steekpenningen
Uit de honderden in beslag genomen pagina’s notities rijst het beeld op van een man die met toewijding discussies voert over de hoogte van contracten, verwoed politici te spreken probeert te krijgen, financiering zoekt bij banken over de hele wereld en journalisten reportages laat schrijven over zijn bedrijf. Zijn e-mails naar directeuren van andere bouwbedrijven waren altijd even bondig als direct: hij verduidelijkte zichzelf graag met puntsgewijze argumenten.
De Odebrecht Groep wordt verdacht van het betalen van steekpenningen aan buitenlandse directeuren van de oliegigant Petrobras, in ruil voor een voorkeursbehandeling bij op zijn minst zes afgesloten contracten. Toen federale opsporingsagenten op 22 juni in Odebrechts digitale administratie op twee pagina’s stuitten die voor zijn advocaten bestemd waren, bleek voor het eerst diens manie met het noteren van zijn ideeën.
De zin ‘Vernietig e-mails boren’ [het ging om boren die overgefactureerd waren] deed uiteindelijk bij de politie de alarmbellen rinkelen, omdat het erop leek dat hij sporen van e-mailverkeer wilde wissen. De verdediging houdt echter staande dat de zakenman met de term ‘vernietigen’ doelde op het weerleggen van de argumenten van de onderzoekers van Lava Jato. Behalve deze zinsnede bevatten de twee pagina’s een lange lijst maatregelen, bedoeld om het bouwbedrijf in te dekken tegen lopende beschuldigingen. Drie dagen voordat hij werd aangehouden, besprak Odebrecht nog tot in detail de te volgen strategie.
Het in beslag genomen bewijsmateriaal laat zien hoezeer het sociale leven van de Odebrechts verweven was met hun onderneming. In hun herenhuis in São Paulo organiseerde het echtpaar ten minste drie etentjes voor politici, hoge ambtenaren en de top van het bedrijfsleven, zo blijkt uit e-mails die de zakenman uitwisselde met zijn vrouw Isabela Alvarez.
Het huis ligt op een kleine zes kilometer van Odebrechts kantoor in Marumbi, in het zuiden van São Paulo. Ondanks zijn drukke zakenleven bracht Odebrecht meer tijd met zijn zoons en vrouw door dan zijn vader en grootvader in hun tijd hadden gedaan. Deze hechte familieband maakte dat het gezin uiterst emotioneel op de arrestatie van Marcelo Odebrecht reageerde. Een vriend van de familie vertelt dat ze er allemaal kapot van zijn.
Tot op de dag van zijn arrestatie verliep zijn leven vlekkeloos
Vijf dagen voor zijn arrestatie, op 19 juni, vermoedde Odebrecht nog in het geheel niet dat zijn leven zo’n ongunstige wending zou nemen. Hij nam deel aan een studiedag in het Hiltonhotel in São Paulo, waar gesproken werd over manieren om de export van diensten te bevorderen. Er was een minister bij, een aantal andere leden van de regering en senator Gleisi Hoffmann. Odebrecht pleitte ervoor om de Banco Nacional de Desenvolvimento Econômico e Social (BNDES) [Nationale Economische en Sociale Ontwikkelingsbank] nog meer middelen in handen te geven voor buitenlandse bouwprojecten. De Odebrecht Groep had veel aan dit stimuleringsbeleid gehad en dat had het bedrijf al de nodige kritiek opgeleverd.
‘Ik ben gefrustreerd en geïrriteerd. Wij scheppen arbeidsplaatsen, maar liggen tegelijkertijd politiek onder vuur. Er is niets immoreels of illegaals aan deze subsidies, maar het onderwerp wordt opgeblazen door de media. Het is wel erg gemakkelijk om te roepen dat Brazilië geen bouwprojecten in het buitenland moet entameren, maar in het land zelf,’ zei Odebrecht destijds. Hij verwees daarmee naar argumenten van de oppositie, die het thema gebruikte om het beleid van de BNDES te torpederen.
Op zijn reizen naar het buitenland liet de ondernemer zich vaak in vergelijkbare termen uit. Als directeur van een Braziliaanse multinational nam hij meer dan eens de rol op zich van vertegenwoordiger van het nationale bedrijfsleven en verdedigde hij het regeringsbeleid ter ondersteuning van Braziliaanse bedrijven in het buitenland. Soms gaf hij zelfs gezamenlijk met vertegenwoordigers van de BNDES interviews aan de buitenlandse pers. Tussen 2007 en 2014 maakte de Ontwikkelingsbank 2 miljard euro aan subsidies over aan landen die Odebrecht inhuurden voor bouwprojecten.
In tegenstelling tot andere bouwondernemers ging Odebrecht de confrontatie met het rechercheteam van Lava Jato niet uit de weg: de ondernemer bepaalde eigenhandig de te volgen verdedigingsstrategie. Al snel bleek dit echter een vergissing en het liet fatale sporen na: zijn mobiele telefoon en e-mails belandden in handen van de onderzoekers en werden vervolgens als bewijs tegen hem gebruikt.
O Globo onthulde dat uit diplomatieke telegrammen tussen het Braziliaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en buitenlandse diplomaten kan worden opgemaakt dat oud-president Luiz Inácio Lula da Silva zich ten minste twee keer heeft ingezet voor de Odebrecht Groep, en wel in Cuba en in Portugal. In juni 2011 werd Lula naar het schijnt op Cuba ontvangen door Odebrecht zelf. In Portugal zou de oud-president er bij premier Pedro Passos Coelho op hebben aangedrongen bij privatiseringen in zijn land de belangen van het Braziliaanse bouwbedrijf niet uit het oog te verliezen.
Het optreden van Lula wordt nu door de openbaar aanklager tegen het licht gehouden op verdenking van ‘ongeoorloofde beïnvloeding van internationale commerciële transacties’.
Tiago Dantas, João Sorima Neto, Cleide Carvalho
Deze website gebruikt cookies. Door de site te gebruiken gaan we er vanuit dat je ze accepteert. OK
Manage consent
Over onze cookies
Deze website gebruiks cookies die de gebruikservaring verbeteren. De cookies die we als noodzakelijk categoriseren worden opgeslagen door je browser en zijn essentiëel voor een goede werking van de basisfuncties van deze website. We gebruiken ook third-party cookies die ons helpen te analyseren hoe deze website gebruikt wordt. Deze cookies kunnen ook voor marketingdoeleinden worden gebruikt. Ze worden alleen door je browser opgeslagen als je daar toestemming voor geeft.
Onze noodzakelijke cookies zijn essentiëel voor het goed functioneren van deze website. De basisfuncties en beveiliging van deze website zijn hiervan afhankelijk. Deze cookies slaan geen persoonlijke informatie op.