Tag: gaza

  • Redactioneel

    Redactioneel

    Amsterdam heeft 850.000 inwoners op een grondgebied van 219 vierkante kilometer. De Gazastrook telt 1,8 miljoen inwoners op 365 vierkante kilometer. Iets dichtbevolkter dus, met ongeveer 5000 homo sapiens per vierkante kilometer.

    We doen meestal een beetje lacherig over ons kleine land, in nog geen drie uur en 295 kilometer ben je van Noord-Groningen in Zuid-Limburg. De langst mogelijke reis in Gaza beslaat niet meer dan 45 kilometer. Van oost naar west zijn de mogelijkheden nog beperkter: een kilometer of 12 tot 15, hooguit.

    De meeste inwoners van Gaza zullen hun leven lang niet verder komen dan de hermetisch gesloten grenzen – met Israël, Egypte en met de Middellandse Zee. En dan te bedenken dat de bevolkingsaanwas nog groter is dan in Amsterdam. Natuurlijke groei, welteverstaan, van import is in Gaza geen sprake.

    Het wil maar niet opschieten met de vrede in het Midden-Oosten. Na de Oslo-akkoorden, ook alweer een kwart eeuw geleden gesloten, is men geen stap verder gekomen

    Het wil maar niet opschieten met de vrede in het Midden-Oosten. Na de Oslo-akkoorden, ook alweer een kwart eeuw geleden gesloten, is men geen stap verder gekomen. Integendeel, de Palestijnen zijn onderling ernstig verdeeld geraakt over wie de lakens uitdeelt: Hamas (in Gaza) tegen Fatah (in Ramallah) – zodanig zelfs dat de premier van Palestijnse regering, Rami Hamdallah, bij een bezoek aan Gaza ternauwernood een moordaanslag overleefde. Ook de mensonterende levensomstandigheden in de Gazastrook zijn deels te wijten aan dat langlopende conflict.

    De ‘Grote Mars van de Terugkeer’, die Hamas sinds vorige week in haar bolwerk organiseert, mag misschien wel Groot zijn, maar hij is vooral nogal kort, namelijk niet veel verder dan naar het prikkeldraad. En ondanks dat de protesten breed worden gedragen onder de Palestijnen, is de provocatie – in de aanloop naar de zeventigste verjaardag van Israël volgende maand – een olietanker in een vuurzee.

    De Israëlische president Benjamin Netanyahu en zijn regering lijken met open ogen in die opzet te trappen en antwoorden zoals we van hen gewend zijn: zestien doden en honderden gewonden. Netanyahu, raak geportretteerd door Gregg Carlstrom in Newsweek (p. 10), verkeert in grote problemen, waarvan de oorzaak niet laag genoeg kan worden gezocht: ordinaire corruptie. En toch, als er vandaag verkiezingen worden gehouden, is de kans groot dat hij wint. Israëls wegen zijn ondoorgrondelijk.

    Katrien Gottlieb
    gottlieb@360international.nl

    Illustratie: © Ale+Ale

  • Gay in Gaza

    Gay in Gaza

    Hoe is het om homo te zijn in de Gazastrook? 
De Israëlische krant Haaretz sprak met Palestijnse homo’s over datingapps, Israëlische mannen, 
Hamas en de lokroep van het buitenland.

    Jamils avatar op een berichtenapp ziet eruit als een gelukkige man, jong, met een bril en een trendy kapsel. Maar Jamil (niet zijn echte naam) zegt dat hij voortdurend in angst leeft en dat zijn ultieme droom is om zijn vaderland achter zich te laten en zich los te maken van zijn familie. De 21-jarige student uit de Gazastrook is homo en leidt een dubbelleven. In zijn publieke bestaan is hij een ijverige student, de jongste telg van het gezin, en helpt hij zijn ouders, die al aardig op leeftijd zijn, om het huishouden draaiende te houden (door boodschappen 
te doen, te zorgen dat de elektrische generator het doet en dat er water in huis is). Daarnaast leidt hij een geheim leven, waarvan hij een groot deel doorbrengt op datingapps en nepaccounts op sociale netwerken.

    Jamil zegt dat hij zich op zijn veertiende voor het eerst realiseerde dat hij homo was. Hij was toen in het buitenland en ontmoette daar, voor het eerst van zijn leven, iemand die openlijk homo was. Bij thuiskomst ging hij, op internet en sociale netwerken, op zoek naar mensen zoals hijzelf. Naar eigen zeggen is hij er pas sinds een jaar of twee van overtuigd dat zijn homo-
seksualiteit niet ‘een of andere 
psychologische afwijking is’. Een paar homovrienden hebben hem ervan weten te overtuigen dat hij zichzelf moet accepteren zoals hij is.

    Op je tellen passen

    ‘Om te beginnen leg je contact op een nepaccount op social media, of op een app waar je identiteit geheim blijft,’ zegt Jamil tijdens een telefoongesprek. ‘Op zeker moment weet een van de twee voldoende moed bij elkaar te rapen om de eerste stap te zetten en wat foto’s te sturen. Nadat je een tijdje op die manier contact hebt, besluit je om elkaar al dan niet te ontmoeten. Maar degene met wie je contact hebt kan ook een [undercover]agent van Hamas in Gaza zijn. Je moet altijd op 
je tellen passen. Je moet zorgen dat je eerst met hem aan de praat raakt, 
bijvoorbeeld op Skype. En hij moet je ervan zien te overtuigen dat hij geen lid van Hamas is.’

    Jamil legt uit dat het voor iemand uit Gaza niet al te moeilijk is om agenten van Hamas te herkennen. Hoewel Hamas altijd zeer is gespitst op homo’s en de sociale media strak in de gaten houdt, heeft de organisatie een paar blinde vlekken – zo veronderstelt Jamil dat Hamas geen weet heeft van bepaalde apps die homomannen in 
de Gazastrook kunnen gebruiken om contact te leggen en te chatten, soms ook met Joden in Israël of op de 
Westelijke Jordaanoever.

    Op de vraag wat hij allemaal bespreekt met mensen uit Israël, antwoordt Jamil dat zij vaak van alles en nog wat willen weten over het leven in de Gazastrook, met name hoe het leven daar is voor een homo. Er komen natuurlijk ook politieke kwesties aan de orde. Een van degenen met wie hij contact heeft wil bijvoorbeeld weten wat Jamil ervan vindt dat Israël raketten afschiet op de Gazastrook. Jamil heeft gezegd het te betreuren dat er onschuldigen omkomen, vertelt hij.

    De moeder en zus van Hamascommandant Mahmoud Ishtiwi, die werd vermoord nadat hij was beschuldigd van homoseksualiteit.
 – © Wissam Nassar / The New York Times
    De moeder en zus van Hamascommandant Mahmoud Ishtiwi, die werd vermoord nadat hij was beschuldigd van homoseksualiteit.
 – © Wissam Nassar / The New York Times

    ‘Ik heb ooit iemand gesproken die me vertelde dat hij niet ver van Khan Yunis was geboren; dat was nog voor de Israëlische terugtrekking [uit Gaza] in 2005,’ zegt hij. ‘Hij vertelde me hoe dierbaar dat gebied hem was, en zei dat hij zich nog elk moment kon herinneren dat hij daar had doorgebracht. Hij zei dat hij nog altijd een geschenk had dat hij ooit van een vriend van zijn vader had gekregen, een Palestijn uit Gaza.’

    Een jonge Israëlische Jood die via een van de apps contact heeft gelegd met Jamil (en die me ook heeft verzocht zijn anonimiteit te waarborgen), vertelt 
me dat Jamil en hij het hadden over politiek, over Jamils leven en de verhoudingen binnen zijn familie – maar niet alleen daarover. ‘We hebben het ook gehad over de erotische aantrekkingskracht van soldaten,’ herinnert de Israëli zich. ‘Ik had rekening gehouden met een zeer vijandige en afwijzende reactie, maar als ik het me goed herinner zei Jamil dat hij wel met een Israëlische soldaat naar bed zou willen. En dan zijn er nog de gebruikelijke dingen waar homo’s het op dergelijke apps over hebben, wat we lekker vinden in bed en zo. En misschien sturen we elkaar wel een paar ondeugende foto’s.’

    Om maar vooral geen argwaan te wekken, beginnen homo’s in Gaza geen clubjes of groepen. Als ze elkaar ontmoeten, dan is het een op een, in een café of een restaurant, of op de promenade langs het strand. Ze zorgen dat 
ze niet vaker dan één keer op dezelfde plek worden gezien. Soms spreken 
ze ook thuis af – ervan uitgaande, natuurlijk, dat er geen familieleden 
in de buurt zijn.

    Jamil zegt dat hij geen lesbische vrouwen kent; hij denkt ook dat het voor vrouwen in de Gazastrook nog lastiger is om iets met elkaar te beginnen. ‘Voor vrouwen gelden zoveel meer beperkingen, ze worden veel meer aan banden gelegd,’ zegt hij. ‘Vrouwen durven niet over dit soort dingen te praten, ook niet onderling.’

    De negatieve houding ten opzichte van homoseksualiteit is niet per se terug te 
voeren op de islam, maar eerder op de cultuur en het beeld van mannelijkheid

    Zoals in alle abrahamitische godsdiensten zijn homoseksuele relaties binnen de islam verboden. De sharia, de islamitische wet, die is gebaseerd op de Koran en de Hadith (de overlevering van uitspraken die worden toegeschreven aan de profeet Mohammed en enkele mensen uit zijn nabije omgeving) wantrouwt alle homoseksuele handelingen, aldus dr. Nesia Shemer, verbonden aan de faculteit voor de Geschiedenis van het Midden-Oosten van de Bar-Ilan Universiteit. ‘Al sinds jaar en dag,’ zo licht ze toe, ‘bestaat er onenigheid onder islamitische geleerden over de vraag welke straf een homoseksueel moet krijgen. Volgens sommigen dient hij zijn daden te bekopen met de doodstraf, volgens anderen is dat niet per se noodzakelijk en moeten ook de omstandigheden worden meegewogen.’

    Tegenwoordig staat er volgens de meest invloedrijke islamitische soennigeleerde, sjeik Yusuf al-Qaradawi 
uit Qatar, dezelfde straf op homoseksualiteit als op prostitutie, benadrukt Shemer: de doodstraf. In veel moslimlanden, waaronder Iran en Saoedi-Arabië, worden homoseksuelen vervolgd. Wie schuldig wordt bevonden, wordt ter dood gebracht.

    In de moderne Palestijnse samenleving wordt homoseksualiteit in sterke mate gestigmatiseerd en veroordeeld. M., een Palestijnse psycholoog die in Duitsland woont en werkt, is bereid om met Ha’aretz te praten op voorwaarde dat hij anoniem blijft. Hij zegt dat de negatieve houding ten opzichte van homoseksualiteit niet per se is terug te 
voeren op de islam, maar eerder op de cultuur en het beeld van mannelijkheid. ‘De islam speelt natuurlijk wel een rol,’ aldus M., ‘maar ook mensen die volstrekt seculier zijn, wijzen homoseksualiteit af.’

    In geen enkele Arabische samenleving in het Midden-Oosten kun je openlijk homo zijn, en datzelfde geldt voor Gaza, de Westelijke Jordaanoever en 
de Arabische dorpen en steden binnen Israël. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat er in die samenlevingen geen homoseksuele mannen en vrouwen wonen.

    Sterker nog, volgens M. zorgt het taboe op seksuele activiteit buiten het huwelijk ervoor dat veel jongens en mannen hun eerste seksuele ervaring opdoen met een leeftijdgenoot van hetzelfde geslacht. ‘Het wordt verdoezeld, en zodra het naar buiten dreigt 
te komen zet de familie vaart achter een gearrangeerd huwelijk,’ zegt hij. Hij haast zich eraan toe te voegen dat er ook gevallen zijn van polygame mannen die hun vrouwen ertoe aanzetten seks met elkaar te hebben, teneinde hun eigen seksuele fantasieën 
te bevredigen – iets wat natuurlijk ook wordt veroordeeld door het geloof.

    In tegenstelling tot de Westelijke Jordaanoever, waar homoseksualiteit niet officieel bij wet verboden is, geldt in Gaza nog een wet die resteert uit de tijd van het Brits mandaatgebied, waarin homoseksualiteit officieel wordt verboden. Maar het sociale taboe, waardoor seksueel actieve homo’s zowel door hun familie als door de autoriteiten worden vervolgd, is veel sterker dan het wettelijke verbod. Vorig jaar werd een 
vooraanstaande Hamas-commandant, Mahmoud Ishtiwi, gemarteld en doodschoten nadat hij er onder meer van was beschuldigd homo te zijn.


    Jamil vertelt over een vriend die drie jaar heeft vastgezeten omdat hij homo is, na valselijk te zijn beschuldigd van zowel samenzwering met de Palestijnse Autoriteit als spionage. Zelf heeft Jamil twee jaar geleden een maand in de gevangenis gezeten – nadat hij iets op Facebook had gezet om te pleiten voor homorechten in Gaza. Hij werd ervan beschuldigd antioverheidspropaganda te verspreiden, moest voor de rechter komen en werd uiteindelijk vrijgelaten nadat hij een boete had betaald van 500 sjekel [ca. 117 euro]. Tijdens zijn gevangenschap, zo vertelt Jamil, kreeg hij te maken met seksueel geweld. ‘Een bewaker schold me uit 
en probeerde me te misbruiken. Ik dreigde het aan de grote klok te hangen. Uiteindelijk liet hij me met rust.’

    Ondanks de gevaren en de schande is er volgens Jamil een ‘immense’ homogemeenschap in Gaza. Hij zeg dat het aantal mensen dat in het geheim een homoseksuele relatie heeft, toeneemt. ‘Ik ken zo’n honderdvijftig homo’s in de Gazastrook. Ik heb ze in de afgelopen vier jaar allemaal ontmoet’, schrijft hij in een sms. Aan de telefoon vertelt hij er nog bij dat het moeilijk is om in Gaza iets geheim te houden; geruchten doen er snel de ronde en iedereen weet alles van iedereen. ‘In Gaza doet men niets liever dan roddelen. Het is een gesloten gemeenschap, mensen hebben weinig omhanden, dus ze zitten het grootste deel van de tijd over 
elkaar te kletsen,’ zegt Jamil.

    Desondanks probeert hij zijn eigen voorkeur geheim te houden en is hij ervan overtuigd dat zijn familie van niets weet – behalve een van zijn broers, die een tijdje geleden argwaan begon te koesteren. ‘Je mag niet dat soort gedachten koesteren,’ citeert Jamil de waarschuwende woorden 
van zijn broer. ‘Die gedachten passen hier niet. Ik probeer je te beschermen. De situatie in Gaza is niet goed.’

    ‘Ik ben voor allebei even bang’

    Uiteindelijk, vertelt Jamil verder, ging zijn broer hem bedreigen en pikte zijn mobieltje. Hij gaf het pas acht maanden later weer terug, nadat Jamil had moeten beloven dat hij alles wat homogerelateerd was eraf zou halen. De broer heeft het momenteel druk met zijn eigen leven en Jamil heeft het gevoel dat hij, in ieder geval voor even, wat meer ruimte heeft. Maar de situatie kan elk moment weer veranderen. ‘Ik probeer uit alle macht weg te komen uit Gaza,’ zegt Jamil. Op de vraag voor wie hij banger is – zijn broer of Hamas – antwoordt hij: ‘Ik ben voor allebei even bang.’

    Jamil kent een stuk of acht mannen 
die de afgelopen jaren zijn gevlucht uit de Gazastrook. Voor zover Jamil weet 
is zeker de helft van hen in Rafah de grens met Egypte overgestoken, na duizenden dollars smeergeld te hebben betaald aan de grenswachten, waarna ze over zee naar Europa zijn gegaan, met behulp van mensensmokkelaars. ‘Daar heb ik de moed niet voor,’ bekent Jamil. Hij droomt ervan om te ontkomen via de Israëlische grens, en dan naar Jordanië te gaan, totdat hij klaar 
is voor de volgende stap.

    Op de vraag of hij zich niet eenzaam 
en verloren zou voelen, zo ver van 
zijn familie en van alles wat hem vertrouwd is, legt hij uit dat zijn persoonlijke veiligheid zwaarder weegt dan 
het gevaar van eenzaamheid. ‘Het is 
zo triest dat mensen me niet kunnen accepteren,’ zegt hij. ‘Je krijgt bepaalde waarden mee van je familie en de samenleving waarin je opgroeit. Maar ik kan niet leven met waarden waarin ik niet als mens wordt beschouwd.’

    Auteur: Liza Rozovsky

  • Voorkom een exodus van vluchtelingen, begin bij het Palestijnse conflict

    Voorkom een exodus van vluchtelingen, begin bij het Palestijnse conflict

    Het vluchtelingendebacle heeft z’n hoogtepunt nog niet bereikt. Eén nieuwe geweldsexplosie en het aantal migranten kan verdubbelen. Met meer dan vijf miljoen Palestijnen in vluchtelingenkampen is de noodzaak een politieke oplossing te vinden voor het Palestijnse conflict groter dan ooit.

    Keuze uit het archief

    Een van de hete hangijzers in de huidige politieke debatten is de vluchtelingenproblematiek, de kwestie waarover kabinet Rutte-IV in juli dit jaar viel. Iedere politieke partij die serieus een kans wil maken bij de verkiezingen in november zal zich over het onderwerp moeten uitspreken.

    Met de uitbraak van de oorlog in Israël lijkt het probleem alleen maar groter te worden. Als Europa wil voorkomen dat er nog meer migranten naar het continent komen, moet het werken aan een vreedzame oplossing van het Palestijnse conflict, zo luidt de conclusie van dit artikel van El País van begin 2016.

    ‘Ik ben hier geboren. Hier heb ik mijn hele leven doorgebracht. Maar ik kom ergens anders vandaan.’ Hatim Mighiz is 49 jaar, nooit heeft hij een voet buiten de Gazastrook gezet. En toch, als je hem vraagt waar hij vandaan komt, zal hij altijd antwoorden: Al-Jiyya, een dorp in de buurt van Ashkelon.

    Wie daar wel echt heeft gewoond is zijn vader Ibrahim, totdat in 1948 de Arabisch-Israëlische oorlog uitbrak, waarna Israël het gebied bezette en de Palestijnen verjoeg. Ibrahim werd naar het zuiden gestuurd, naar vluchtelingenkamp Beach aan de kust van Gaza. Daar sleet hij de rest van zijn dagen en daar wachten zijn nakomelingen het moment af om terug te keren.

    Voor een groot deel van de publieke opinie in Europa zijn vluchtelingen een fenomeen dat dit jaar is ontstaan, toen het geweld Syriërs met honderdduizenden tegelijk naar de Middellandse Zeegebied dreef en de vluchtelingen wereldnieuws werden. Maar voor Hatim is ‘vluchteling’ zoiets als een nationaliteit. Zo werd hij geboren. En misschien gaat hij ook zo dood.

    Toekomstdromen

    Beach lijkt niet op de vluchtelingenkampen die je op tv ziet. In ruim zes decennia veranderde het van een kamp in een dorp van beton en asfalt. Als de muren niet vol stonden met Arabische leuzen zou het net zo goed een sloppenwijk in Lima of Bogota kunnen zijn. De vluchtelingen krijgen kinderen, die op hun beurt weer kinderen krijgen – het zijn er nu al meer dan 1.300.000, zo’n twee derde van de bevolking van de Gazastrook –, maar de ruimte neemt niet als bij toverslag toe. De bevolkingsdichtheid in Gaza is een van de hoogste ter wereld.

    Toen Hatim trouwde metselde hij een scheidingsmuur in de flat van zijn ouders, en samen met zijn vrouw trok hij bij hen in. Hij werkte in een textielfabriek. Hij had toekomstdromen. Maar de loop van de geschiedenis scheurde die aan flarden. Toen zijn tweede dochter Ola werd geboren brak de tweede intifada uit. Waseem, zijn derde kind, kwam ter wereld toen Israël een muur om Gaza heen bouwde.

    Niemand mocht Gaza meer zonder toestemming in of uit. Handeldrijven werd vrijwel onmogelijk en de fabriek moest haar deuren sluiten, waardoor Hatim zijn baan verloor. Bij de geboorte van Lama, zijn vijfde kind, nam de extremistische Palestijnse Hamasbeweging met geweld de macht over in de Gazastrook en raakte het gebied nog verder geïsoleerd.

    Hatim, zijn vrouw en hun zeven kinderen wonen nu opgepropt in twee kamers. In de Gazastrook is de werkeloosheid opgelopen naar 42 procent, het hoogste percentage ter wereld. De VN voorspellen dat Gaza als gevolg van luchtvervuiling en overbevolking over vijf jaar onbewoonbaar is.

    Er wonen meer dan vijf miljoen Palestijnse vluchtelingen in dezelfde omstandigheden als Hamit in kampen in Syrië, Libanon, Jordanië en in Palestina onder de vlag van de United Nations Relief and Works Agency (UNRWA). Noch Israël noch de Arabische Staten erkennen deze paria’s als burgers. Voor Palestijnse vluchtelingen komt de UNRWA nog het meest in de buurt van een staat. De organisatie voorziet in scholing, gezondheidszorg, eten, een beetje infrastructuur en doet aan sociale dienstverlening zoals het oprichten van vrouwencentra en het verstrekken van kredieten aan kleine bedrijfjes. Bovendien is het de grootste werkgever: 29.000 tot 30.000 duizend van de UNRWA-werknemers zijn zelf vluchteling.

    Het probleem is dat na 65 jaar – waarvan 15 jaar volledig isolement – het geduld opraakt en de druk toeneemt. Dat geldt niet alleen voor Gaza, op de Westelijke Jordaanoever drijft de Joodse nederzettingenpolitiek de Palestijnse bedoeïenen in het nauw. Hun gezinnen hebben geen water. Hun huizen worden systematisch gesloopt. Zodra ze buiten de almaar krimpende dorpsgrenzen komen, wordt hun vee geconfisqueerd.

    Dit moeras is een broeinest van geweld: regelmatig komen jongeren van de Westelijke Jordaanoever in opstand en gooien stenen of stokken naar de andere kant van de muur. Sommigen delen messteken uit. De Israëlische militairen antwoorden met kogelschoten.
    In twee jaar tijd is het aantal vluchtelingen dat door een kogel is geraakt met 139 procent gestegen. In 2014 stierven 53 Palestijnen aan schotwonden, 21 van hen waren vluchtelingen. En alleen al in oktober van dit jaar kwamen 71 Palestijnen en 8 Israëli’s om bij gewapende aanslagen.

    De UNRWA heeft met haar aanwezigheid een gewelddadige opstand of een exodus van de Palestijnse bevolking weten te voorkomen. Met een jaarlijks budget van zo’n 2500 miljoen dollar – vergelijkbaar met dat van een arm land – slagen ze er telkens weer in kansen te creëren, een aantal burgergrondrechten te waarborgen en de rust te bewaren. Maar het geweld in Syrië laat de status quo stilletjes aan uit zijn voegen barsten. Het geweld ontwricht de Syrische vluchtelingenkampen, waardoor er minder overblijft voor andere kampen. Dit jaar moest er een noodfonds van nog eens 420 miljoen dollar in de UNRWA worden gepompt. Volgend jaar moet er 81 miljoen dollar bij.

    Vluchteling worden is zoiets als springen uit een brandende wolkenkrabber: dat doe je alleen als achterblijven erger is

    Afgelopen zomer stonden de vluchtelingen aan de rand van de afgrond: het scheelde maar weinig of de scholen in de vluchtelingenkampen konden vanwege een tekort van 101 miljoen hun deuren niet openen. Behalve dat de toekomst van miljoenen mensen in rook zou zijn opgegaan, zouden vanwege de gesloten scholen duizenden jongeren verveeld op straat zijn gaan rondhangen, met als enig tijdverdrijf het botvieren van hun frustratie op Israëlische militairen. Of de muur over klimmen.

    Het tij werd ternauwernood gekeerd met een flinke financiële injectie van de Europese Unie, de Verenigde Staten, een aantal Europese landen die bijdroegen op persoonlijke titel en verschillende Arabische landen. Zij zorgden ervoor dat het financiële gat net op tijd werd gedicht. De scholen gingen open. Het lont werd net op tijd uit het kruitvat gehaald. Toch is een nieuwe crisis slechts een kwestie van tijd. De kosten en de druk blijven toenemen.

    Is dit een kwestie die alleen Israëli’s en Palestijnen aangaat? Is dit een probleem dat het Midden-Oosten moet oplossen? Nee. Vanaf dit jaar is het ook, en vooral, een Europees probleem.

    De grote stroom vluchtelingen die naar Europa trok bedroeg bijna een miljoen mensen. Maar in de vluchtelingenkampen van de UNRWA zitten er nog eens vijf miljoen. Als een geweldsexplosie hen dwingt te vluchten, en slechts 20 procent van hen probeert een toekomst te vinden binnen de Europese Unie, dan zal het aantal vluchtelingen in het Middellandse Zeegebied verdubbelen. De organisatie schat dat zo’n 52.000 bewoners van Syrische vluchtelingenkampen inmiddels naar het Westen geëmigreerd zijn. En daar moet je de volksverhuizingen bij op tellen die de tegen IS gerichte bombardementen veroorzaken.

    Vredesakkoord

    Vluchteling worden is zoiets als springen uit een brandende wolkenkrabber: dat doe je alleen als achterblijven erger is. In het Midden-Oosten is het onmogelijk om de vluchtelingenstroom uit de door geweld geteisterde gebieden een halt toe te roepen. Wat de internationale gemeenschap wel kan doen, is druk uitoefenen op de betrokken partijen om eindelijk een politieke oplossing te vinden voor het Palestijnse conflict. Alleen met een vredesakkoord voorkom je nieuwe geweldsescalaties en een regionale exodus. En daarmee zou je grote sommen geld een andere bestemming kunnen geven, en bijvoorbeeld in het nieuwe vluchtelingenprobleem kunnen steken.

    De familie van Hatim wacht al 65 jaar op deze oplossing. Nu heeft Europa deze oplossing ook nodig.