Tag: myanmar

  • De Aziatische lente

    De Aziatische lente

    Sinds 2022 vindt er in Zuidoost-Azië een reeks opstanden plaats onder jongeren die radicale veranderingen opeisen, met één gemeenschappelijke noemer: ze zijn de corruptie en de privileges van politici zat.

    Sri Lanka, Bangladesh, Nepal: sinds 2022 wordt Azië geteisterd door een ‘politieke tsunami’. Het oproer op 8 en 9 september in Kathmandu van generatie Z (de online generatie geboren tussen 1997 en 2012) is de laatste ontwikkeling in een reeks opstanden geleid door jongeren op zoek naar verandering. Het ziet ernaar uit dat deze golf ook Indonesië en de Filipijnen zal bereiken.

    In drie jaar tijd zijn drie regeringen ten val gebracht door straatprotesten waarbij de ontwikkelingen in een stroomversnelling lijken te zitten. In 2022 kostte het de jonge Sri Lankanen vijf maanden om de Rajapaksa-familie, die het land al tientallen jaren regeerde, uit het zadel te wippen. Vervolgens kostte het de Bengalen in 2024 slechts zes weken om premier Sheikh Hasina, die toen zesenzeventig jaar oud was en al meer dan vijftien jaar aan de macht was, tot aftreden te dwingen en in september 2025 had de Nepalese generatie Z slechts twee dagen nodig om een einde te maken aan het bewind van de drieënzeventigjarige communist Khadga Prasad Sharma Oli.

    Pakistan en Myanmar hadden, respectievelijk in mei 2023 en begin 2021, aan deze ‘Aziatische lente’ kunnen deelnemen als in beide gevallen het overmachtige leger de woede-uitbarsting van de jongeren niet met harde hand had onderdrukt.

    In veel buurlanden leiden dezelfde kwalen tot dezelfde ergernis; er is een enorme kloof tussen de oude regering en de jonge bevolking en er is systematische corruptie onder de elites, regerende families of dynastieën hebben vaak een machtsmonopolie, er heerst ongelijkheid en er is een schrijnend gebrek aan economische kansen. Regeringen zijn als rotte appels uit de boom gevallen.

    De Aragalaya

    Toen Sri Lanka in 2022 de weg vrijmaakte voor een vreedzame revolutie stond het eiland met 22 miljoen inwoners, de zogenoemde parel van de Indische Oceaan, op het punt van faillissement door de coronacrisis en door schulden als gevolg van riskante investeringen van de broers Gotabaya en Mahinda Rajapaksa. Maandenlang ging Sri Lanka gebukt onder allerlei gebreken: stroomstoringen die tot dertien uur konden duren, urenlange wachtrijen voor benzinestations en tekorten aan medicijnen en andere basisbehoeften. Het einde leek nabij; de haat tegen de familie Rajapaksa, die verantwoordelijk werd gehouden voor het landelijke faillissement, oversteeg alle lagen van de samenleving.

    In april 2022 begon de Aragalaya (‘de strijd’) zich langs de kust te verspreiden, tot aan een uitkijkplaats vol luxueuze hotels niet ver van het presidentiële paleis. Op 13 juli vluchtte de president met de staart tussen de benen naar de Malediven. De Sri Lankanen hebben laten zien dat ook autoritaire regimes ten val kunnen worden gebracht door een volksopstand en daarmee hebben ze geschiedenis geschreven.

    Een beeld dat deze jeugdige vloedgolf in het collectief geheugen zal vereeuwigen, is dat van honderden jonge Sri Lankanen die het paleis in Colombo bestormen, het bed en het ondergoed van de president uitproberen en een duik nemen in zijn zwembad.

    Ze lieten het zich goed smaken in de keukens, namen meubilair mee in hun riksja’s en gingen er met eenden en konijnen vandoor

    Twee jaar later, op 5 augustus 2024, was er een beladen moment in Dhaka, in de ambtswoning van de Bengaalse premier Sheikh Hasina. Nadat ze hadden vernomen dat hun leider naar India was gevlucht, bestormden de euforische Bengalen het pand. Ze lieten het zich goed smaken in de keukens, namen meubilair mee in hun riksja’s en gingen er met eenden en konijnen vandoor.

    Hasina, de ‘Iron Lady’ die ooit de democratische hoop van het land belichaamde, had zich aan de macht vastgeklampt door middel van vervalste verkiezingen en een systematische jacht op tegenstanders en critici. Niets leek het regime te kunnen deren, totdat de invoering van quota voor overheidsfuncties de vlam in de pan deed slaan. De quota werden gezien als een manier om leden van de regeringspartij te bevoordelen. In een land met meer dan 170 miljoen inwoners, van wie de helft jonger is dan 26, kampt de jeugd met massale werkloosheid.

    Er ontstond een protestbeweging aan de universiteit van Dhaka en die verspreidde zich al snel naar particuliere instellingen. De uiterst gewelddadige onderdrukking van de demonstraties – volgens schattingen van de VN vielen er ongeveer 1400 doden – transformeerde het studentenprotest in een massabeweging die het vertrek van Sheikh Hasina eiste.

    #NepoBaby

    Een jaar later kwam in Nepal generatie Z op haar beurt in opstand tegen de leiders. Het voormalige koninkrijk, sinds 2008 een republiek, was het toneel van een bliksemrevolutie zonder aangewezen leiders. De beweging ver- spreidde zich via sociale media, waar jongeren onder de hashtag #NepoBaby de levensstijl van de zonen en dochters van politieke leiders aan de kaak stel- den als symbool van de corruptie en ongelijkheid die het land teisteren.

    In een poging deze kritiek de kop in te drukken, besloot de communistische regering van premier K.P. Oli op 4 sep- tember zesentwintig digitale platforms te blokkeren. Daarmee staken ze de lont in het kruitvat. Bij gebrek aan Facebook en WhatsApp organiseerden de jongeren zich via de app Discord. Op 8 september werd in Kathmandu een grote demonstratie tegen corruptie gehouden.

    De vreedzame mars ontaardde in extreem geweld toen de politie het vuur opende op de menigte. De studenten kregen bijval van radicalere groepen, en op 9 september veranderde de Nepalese hoofdstad in een vuurzee. Alle machtscentra – de uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht – gingen in vlammen op. De opstand was ‘van een ongekende omvang en snelheid, en staat gelijk aan een totale afwijzing van de gevestigde orde na jaren van wanbestuur en uitbuiting van staatsmiddelen’, merkt Ashish Pradhan van de denktank International Crisis Group op.

    De golf van protest heeft inmiddels Zuidoost-Azië bereikt – Indonesië, de Filipijnen, Oost-Timor – en heeft overal dezelfde voedingsbodem: de jongeren zijn de corruptie en de privileges van politici meer dan zat. In de Indonesische archipel, met 284 miljoen inwoners, was de beslissing van parlementsleden op 25 augustus om zichzelf een maandelijkse huisvestingstoelage van 50 miljoen roepia (circa 2800 euro) toe te kennen de druppel die de emmer deed overlopen. Dit bedrag, bijna tien keer het minimumloon in de hoofdstad, ontketende een storm van studentenprotesten. De studenten eisen een reeks hervormingen om de politiek te zuiveren.

    Familieclans

    Op de Filipijnen dreef de extravagante levensstijl van familieleden van politici en directeuren van bouwbedrijven duizenden mensen de straat op. De betrokkenen worden verdacht van een massaal schandaal rond de verduistering van overheidsgeld dat bedoeld was voor de bescherming tegen overstromingen. Ook hier knaagt hetzelfde kwaad aan de democratie: familieclans die de macht op zowel nationaal als lokaal niveau onderling verdelen. Deze erfenis van de Spaanse en later Amerikaanse kolonisten bleef ondanks de revolutie van 1986 intact. ‘De elite heeft nooit geprobeerd om echte, moderne politieke partijen op te richten. Zelfs na de val van de dictatuur werd de familie Marcos zelf uiteindelijk opgenomen in het systeem van politieke dynastieën dat zich succesvol in stand houdt,’ aldus politicoloog Richard Heydarian. Hij verwijst naar de verkiezing in 2022 van Ferdinand ‘Bongbong’ Marcos, de zoon van dictator Ferdinand Marcos. Het feit dat de protesten in Azië gelijktijdig plaatsvinden, roept vragen op over de onderlinge beïnvloeding. Vergelijkbare methoden, leuzen en gemeenschappelijke eisen suggereren dat de bewegingen elkaar hebben geïnspireerd. De piratenvlag met een strohoedje op de schedel uit de Japanse manga One Piece lijkt het vaandel van generatie Z te zijn geworden. De held van de manga, een tiener, staat symbool voor moed, solidariteit en de strijd tegen corrupte leiders. De vlag wapperde in Indonesië, daarna in Nepal en ten slotte op de Filipijnen. Sindsdien is hij ook veelvuldig opgedoken bij demonstraties in Frankrijk.

    De uitkomst van deze ‘Aziatische Lentes’ blijft onzeker. Het voorbeeld van de zogeheten Arabische Lente uit de jaren 2010 maant tot voorzichtigheid. Die protestgolf begon in Tunesië na de zelfverbranding van een jonge straatverkoper, wanhopig door armoede en vernederingen door de politie, en verspreidde zich naar Egypte, Libië, Bahrein, Jemen en Syrië. Deze opstanden van de jeugd, net als in Azië aangejaagd door sociale media, mondden al snel uit in opstanden tegen tirannieke regimes. Uiteindelijk hadden ze alleen maar nog autoritairdere regeringen als resultaat.

    NOEM HET GEEN ‘GEN Z-PROTESTEN’

    Hoewel veel media de huidige protesten framen als een leeftijdstrend, schrijft Will Shoki van Africa is a Country, worden daarmee middel en boodschap verward. Wat werkelijk zichtbaar wordt, is de terugkeer van de jeugd als politiek subject, als het geweten van een wereldsysteem in verval. Deze golf, aldus Shoki, staat in het verlengde van de cyclus die begon met de Arabische Lente en #FeesMustFall: massamobilisaties die de grenzen van de neoliberale democratie blootlegden, maar zelden structuren veranderden. De energie is terug, gehard door slechtere economische vooruitzichten en ontdaan van hervormingsillusies. Jongeren ervaren de nadelen het eerst: hoge jeugdwerkloosheid (Marokko), emigratie en geldeconomieën die echte transformatie uitstellen (Nepal), en overal privatisering en bezuinigingen die hun toekomst uithollen. Dat sommige groepen het mediabegrip ironisch omarmen, is tactiek, geen identiteit; de benaming depolitiseert en demografiseert tegelijk en maakt van een structurele systeemcrisis een leeftijdsstemming, verbergt de materiële oorzaken en laat de protesten makkelijk wegzetten als een voorbijgaande trend, terwijl in werkelijkheid nationale elites een vastgelopen mondiaal regime bemiddelen.
    ‘De uitgestelde revolutie keert terug om leven, waardigheid en betekenis te ondersteunen buiten de markt en in het belang van de mens in plaats van de macht of winst.’

    Ondanks de overeenkomsten – de centrale rol van de jeugd, de focus op werkloosheid, corruptie en politiegeweld en het domino-effect waardoor mensen hun angst overwonnen – is de context van de ‘Aziatische Lentes’ wezenlijk anders. De demonstraties vonden plaats in democratische, zij het onvolmaakte en autoritaire, regimes. Vooralsnog hebben ze geleid tot vreedzame transities waarbij jongeren de drijvende kracht achter de verandering zijn.

    Wat zal er terechtkomen van generatie Z’s diepe verlangen naar vernieuwing? In Sri Lanka is de grote omwenteling uitgebleven, maar de economie herstelt zich en het land zit weer in de lift. Voormalig marxist en prominent figuur in de Aragalaya-beweging Anura Kumara Dissanayake, die in 2024 tot president werd gekozen, moest zich schikken naar de voorwaarden die het Internationaal Monetair Fonds stelde in ruil voor leningen.

    In Bangladesh, dat sinds augustus 2024 tijdelijk wordt geleid door Nobelprijswinnaar voor de Vrede Muhammad Yunus, hebben politieke partijen en studenten moeite om het eens te worden over de noodzakelijke hervormingen. Het geweld is in het afgelopen jaar sterk toegenomen. Begin 2026 komen er verkiezingen aan, met het risico dat de traditionele politieke elite de macht herovert.

    In Nepal heeft Sushila Karki, voormalig opperrechter en een boegbeeld in de strijd tegen corruptie, de leiding over het land tot de verkiezingen in maart 2026. Ook hier zal de oude elite elke kans grijpen om weer aan de macht te komen. De geschiedenis moet nog geschreven worden; Azië kent immers talloze opstanden die op niets uitliepen.

  • Myanmar: minstens 22 doden bij een luchtaanval op een school

    Myanmar: minstens 22 doden bij een luchtaanval op een school

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Filipijnse ex-president Duterte verkozen tot burgemeester vanuit Haagse gevangenis

    » VN-agentschap stelt Rusland aansprakelijk voor MH17-crash

    De luchtaanval vond plaats tijdens een humanitair bestand

    De Myanmarese luchtmacht bombardeerde maandag een school in Oe Htein Kwin, waarbij twintig leerlingen omkwamen, vertelden bronnen aan Myanmar Now. Andere getuigen zeggen dat het dodental waarschijnlijk veel hoger ligt, omdat veel lichamen nog niet zijn gevonden, meldt de nieuwswebsite.

    Volgens lokale bewoners vonden er geen militaire activiteiten plaats in de buurt van de aanval. Pro-junta Telegramkanalen beweren dat de luchtaanvallen een schuilplaats van het verzet in de buurt van Oe Htein Kwin hebben vernietigd, aldus Myanmar Now.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Het bombardement vond plaats op een moment dat de generaals van de junta, die in 2021 de macht greep, een humanitair bestand hebben afgekondigd tot het einde van de maand om te helpen met de hulpverlening en wederopbouw na de aardbeving van 7,7 magnitude op 28 maart. Tienduizenden inwoners leven nog steeds in de open lucht na de aardbeving, die hun huizen verwoestte of zwaar beschadigde.

  • Aardbeving Myanmar: mensen slapen op straat uit angst voor naschokken

    Aardbeving Myanmar: mensen slapen op straat uit angst voor naschokken

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaza: lichamen van acht ambulancechauffeurs gevonden

    » Frankrijk: Marine Le Pen veroordeeld tot celstraf en onverkiesbaarheid wegens fraude

    Meer dan 2000 mensen zijn overleden en honderden vermist

    Afgelopen vrijdag werd Myanmar geraakt door een verwoestende aardbeving met een kracht van 7.7 op de schaal van Richter. Honderden zijn nog steeds vermist onder het puin, meldt The Nation Thailand. ‘Na de traumatische ervaring van een aardbeving leven veel mensen nu met de angst voor naschokken en daarom slapen ze op straat of in open velden,’ melden medewerkers van het International Rescue Commitee (IRC) in de hoofdstad Mandalay. ‘Overdag gaan mensen terug de gebouwen in,’ vertelt een inwoner van Mandalay. ‘Maar ze durven daar ’s nachts niet te slapen.’ Het IRC dringt aan op het opzetten van tenten voor de veiligheid van slachtoffers die buiten slapen.

    In 2021 greep een militaire junta de macht in Myanmar en sindsdien woedt er een burgeroorlog tussen de junta en de democratische strijdkrachten. Dit conflict maakt het de hulpdiensten nog moeilijker omdat de militaire junta communicatienetwerken, wegen, bruggen en andere infrastructuur onder controle houdt, merkt het Thaise nieuwsplatform op. De democratische strijdkrachten hebben aangegeven dat ze vanaf 30 maart hun militaire acties twee weken lang zullen staken, aldus The Korean Herald.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Hulpverleners in Myanmar worden bijgestaan door satellietbeelden en AI, meldt Associated Press. De satellietbeelden worden doorgestuurd naar Microsofts AI for Good Lab en daar met AI onderzocht om beschadigde gebouwen te identificeren. Lokale autoriteiten kunnen hierdoor inschatten welke locaties de meeste hulp nodig hebben. Microsoft benadrukt dat de geanalyseerde beelden werken als een hulpmiddel, maar nog steeds afhankelijk zijn van controle op de grond.

    Desondanks blijft hulpverlening schaars en veel ziekenhuizen zijn beschadigd. Terwijl burgers uit eigen initiatief op zoek gaan naar overlevenden, snellen reddingsacties uit Rusland, India, China en andere omliggende landen zich naar Myanmar, bericht The Korean Herald. De heftige aardbeving in Myanmar heeft ook buurlanden geraakt, waaronder Thailand en de hoofdstad Bangkok, waar een flatgebouw onder constructie is ingestort. De Thaise autoriteiten zijn nog steeds op zoek naar overlevenden.

  • Aanklager ICC dient aanvraag in voor arrestatiebevel tegen Birmese juntaleider

    Aanklager ICC dient aanvraag in voor arrestatiebevel tegen Birmese juntaleider

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Kamp-Trump maakt melding van bedreigingen tegen verschillende regeringsleden

    » Zwitserland: regering blijft bij flexibele interpretatie van neutraliteit

    Hij zou de Rohingya hebben gedeporteerd en vervolgd

    De aanklager van het ICC, Karim Khan, zei woensdag dat hij ‘redelijke gronden’ had om aan te nemen dat generaal Min Aung Hlaing strafrechtelijk verantwoordelijk zou kunnen zijn voor ‘misdaden tegen de menselijkheid in de vorm van deportatie en vervolging van de Rohingya’, deels in Birma en Bangladesh.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Dit is de eerste keer dat er een arrestatiebevel is aangevraagd voor een leider van de Birmese junta die beschuldigd wordt van misdaden tegen deze vervolgde minderheid. Als het arrestatiebevel wordt goedgekeurd door de rechters van het Internationaal Strafhof, zijn de 124 lidstaten van het Strafhof theoretisch verplicht om de juntaleider te arresteren als hij hun grondgebied bezoekt.

    De kans dat Min Aung Hlaing, die ‘zelden reist’, op een dag voor het Hof in Den Haag komt te staan is echter klein, aldus BBC. ‘Maar voor de honderdduizenden Rohingya die vastzitten in smerige kampen in Bangladesh, zou deze zaak op zijn minst kunnen laten zien dat ze niet vergeten zijn,’ aldus de Britse nieuwszender.

  • Myanmar: dodental als gevolg van overstromingen stijgt naar 226

    Myanmar: dodental als gevolg van overstromingen stijgt naar 226

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Amazon eist van medewerkers dat ze fulltime naar kantoor terugkeren

    » Iran: president Pezeshkian belooft zedenpolitie aan banden te leggen

    De junta heeft de internationale gemeenschap om hulp gevraagd

    Het aantal mensen dat in Myanmar omgekomen is door de overstromingen is verdubbeld ten opzichte van het aantal dat eerst werd gemeld. Ook worden er 77 mensen vermist nadat tyfoon Yagi over het land raasde, aldus de Birmese staatstelevisie maandagavond. Volgens officiële gegevens zijn door overstromingen en aardverschuivingen als gevolg van de tyfoon, die eerder deze maand Zuidoost-Azië trof, in totaal meer dan vijfhonderd mensen om het leven gekomen in Myanmar, Vietnam, Laos en Thailand.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Volgens de Birmese televisiezender MRTV hebben de overstromingen ook bijna 260.000 hectare rijstvelden en andere gewassen in het land verwoest. ‘De crisis heeft de heersende junta ertoe aangezet een beroep te doen op de internationale gemeenschap om hulp’, een ‘ongebruikelijke’ beslissing, aldus Hindustan Times, die specificeert dat India 10 ton hulpmiddelen heeft gestuurd, inclusief rantsoenen droog voedsel, kleding en medicijnen.

  • Zuid- en Zuidoost-Azië gaat gebukt onder extreme hittegolf

    Zuid- en Zuidoost-Azië gaat gebukt onder extreme hittegolf

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Onderzoek: gezonde leefstijl kan vijf jaar aan je leven toevoegen

    » Columbia University schorst studenten die weigeren tentenkamp te verlaten

    In Myanmar is een temperatuur van 48,2 graden Celsius gemeten

    Een extreme hittegolf, met temperaturen ruim boven de 40 graden, eist in Zuid- en Zuidoost-Azië zijn tol. Dat schrijft South China Morning Post. Onder meer de Filipijnen, Myanmar, Thailand en India kampen met de aanhoudende hitte.

    De temperatuur in het centrum van Manilla, de hoofdstad van de Filipijnen, steeg volgens de nationale weerberichtgevers zaterdag tot 38,8 graden Celsius. Daarmee werd de hoogste temperatuur ooit gemeten (in mei 1915) overtroffen, meldde ABS-CBN News. Als reactie op het broeierige weer en de staking van het jeepneyvervoer in het hele land heeft het ministerie van Onderwijs de openbare scholen op maandag en dinsdag gesloten.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    In Thailand bereikte de vraag naar elektriciteit zaterdag een record van 36.356 megawatt, aldus het ministerie van Energie. Bangkok waarschuwde vorige week al voor de extreme hitte toen de hitte-index steeg tot een ‘zeer gevaarlijk’ niveau. Dit jaar zijn er in Thailand al 30 mensen gestorven door de hoge temperaturen, vergeleken met 37 dodelijke slachtoffers door de hitte in heel 2023.

    Myanmar heeft in april de heetste temperatuur ooit gemeten, zeiden de autoriteiten maandag. Het kwik steeg zondag tot 48,2 graden in de stad Chauk in de Magway regio in het midden van Myanmar. Dit is de hoogste temperatuur in Myanmar in april sinds het begin van de metingen 56 jaar geleden.

  • Aung San Suu Kyi overgeplaatst van gevangenis naar huisarrest

    Aung San Suu Kyi overgeplaatst van gevangenis naar huisarrest

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zware overstromingen zorgen voor tientallen doden in Afghanistan

    » Brits Lagerhuis stemt in met unieke antirookwet

    Aanleiding voor de maatregel is een hittegolf in Myanmar

    De voormalige leider van Myanmar, Aung San Suu Kyi is overgeplaatst van de gevangenis naar haar huis vanwege een hittegolf, zo schrijft The Guardian op basis van de militaire regering. Woensdag verleende de regering daarnaast amnestie aan meer dan 3.000 gevangenen, ter gelegenheid van de traditionele nieuwjaarsvakantie.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Suu Kyi, 78 jaar, en Win Myint, de 72-jarige voormalige president van haar afgezette regering, behoorden tot de oudere en zieke gevangenen die uit de gevangenis zijn gehaald vanwege de hitte, vertelde de woordvoerder van het leger.

    Nadat het leger in 2021 de gekozen regering afzette, Suu Kyi gevangen zette en geweldloze protesten begon te onderdrukken, begon een burgeroorlog in het land die tot vandaag de dag voortduurt. Suu Kyi zit al jaren in de gevangenis in de hoofdstad Naypyitaw.

    Volgens haar aanhangers en mensenrechtengroeperingen zijn haar veroordelingen verzonnen om haar achter tralies te houden. Win Myint zat een gevangenisstraf van acht jaar uit in Taungoo in de regio Bago in Myanmar.

  • Myanmarese junta evacueert personeel via Thailand

    Myanmarese junta evacueert personeel via Thailand

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Haïtiaanse leiders sluiten politiek akkoord voor overgangsregering

    » VS: nieuw incident met Boeing-vliegtuig

    De evacuatie volgde na een overgave van honderden troepen

    Thailand heeft de junta van Myanmar toestemming gegeven om een speciale vlucht uit te voeren om haar personeel te evacueren nadat honderden troepen in de buurt van het strategische Myanmarese grenshandelscentrum Myawaddy zich hadden overgegeven aan het verzet. Dat schrijft The Strait Times.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De verliezen in de Myanmarese deelstaat Kayin zijn de laatste in een reeks nederlagen sinds oktober 2023 die het militaire regime – dat de macht greep via een staatsgreep in 2021 – dwong om de controle af te staan in belangrijke grensgebieden zoals de deelstaten Rakhine en Shan, aldus de Singaporese krant.

  • Myanmar: drie jaar na de staatsgreep boekt het verzet vooruitgang

    Myanmar: drie jaar na de staatsgreep boekt het verzet vooruitgang

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Elon Musk krijgt toch geen salarispakket van 55 miljard dollar van Tesla

    » Spanje: Catalaanse separatisten stemmen tegen omstreden amnestiewet

    Het omvangrijke offensief begon eind oktober

    De opstandelingen in Myanmar melden dat ze steeds dichter bij de overwinning komen op het leger, dat drie jaar geleden de macht greep. Al Jazeera schrijft dat de vooruitgang het gevolg is van een omvangrijk offensief dat eind oktober werd ingezet. Een alliantie van verschillende gewapende groepen die zich verzetten tegen de militaire junta rukt op in verschillende gebieden van het land en neemt militaire buitenposten en verschillende plaatsen in. 

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Na drie jaar is de Lenterevolutie sterker dan ooit,’ zei Duwa Lashi La, waarnemend president namens de Regering van Nationale Eenheid van Myanmar, dinsdag. Het leger staat voor zijn grootste uitdaging sinds het in 2021 de gekozen regering van Aung San Suu Kyi omver wierp. De Verenigde Naties en mensenrechtengroeperingen hebben het leger sindsdien beschuldigd van ernstige mensenrechtenschendingen, waaronder misdaden tegen de menselijkheid in hun optreden tegen de oppositie. 

    Volgens de lokale waarnemingsgroep Assistance Association for Political Prisoners zijn er sinds de staatsgreep minstens 4468 burgers gedood en worden er bijna 20.000 mensen vastgehouden op politieke gronden.

  • De duistere kant van Facebook

    De duistere kant van Facebook

    Vanuit het vluchtelingenkamp in Cox’s Bazar in Bangladesh, waar meer dan 1 miljoen Rohingya-vluchtelingen uit Myanmar samengepakt zitten, voert Maung Sawyeddollah een strijd voor de erkenning dat Facebook verantwoordelijkheid draagt voor het ontketenen, zes jaar geleden, van de tegen zijn volk gerichte etnische zuivering.

    MAUNG SAWYEDDOLLAH, WIE IS HIJ?

    Deze 22-jarige Rohingyavluchteling is met zijn familie Myanmar ontvlucht in 2017 om te ontsnappen aan de etnische zuivering die tegen de islamitische minderheid van de Rohingya werd uitgevoerd door de veiligheidstroepen van de staat. Sindsdien leeft hij in het vluchtelingenkamp in Cox’s Bazar en eist rechtvaardigheid voor zijn gemeenschap. Hij verlangt met name een schadevergoeding van één miljoen dollar van Meta, het moederbedrijf van Facebook, dat hij beschuldigt van het publiceren van posts die opriepen tot haat tegen de moslimbevolking. Tot op heden is Meta niet ingegaan op deze eis. Facebook ‘is niet direct verplicht tot filantropische acties’, antwoordt het bedrijf.

    Wat eist Amnesty?
    De erkenning dat het bedrijf heeft bijgedragen aan de wreedheden die in Myanmar zijn begaan en toekenning van effectieve schadevergoedingen aan Maung Sawyeddollah en de betreffende Rohingya-gemeenschap.


    Toen ik een kind was, was er geen sprake van collectief geweld in Arakan,’ herinnert Maung Sawyeddollah zich in een recent forumgesprek, gepubliceerd op de website van Al Jazeera. ‘Wij hadden geen grote problemen met onze buren, terwijl wij islamitische Rohingya’s waren en zij boeddhistische Arakanezen.’ Arakan, gelegen in het westen van Myanmar, langs de grens met Bangladesh, is een regio met een gemengde bevolking; in de loop van de geschiedenis hebben de boeddhistische dorpen, waar de Arakanezen wonen, hun land steeds meer gedeeld met de islamitische Rohingya die uit het westen kwamen.

    ‘Zeker,’ vervolgt Maung Sawyeddollah, ‘de geschiedenis van de spanningen tussen de Rohingyagemeenschap en de Arakanezen in Myanmar gaat ver terug, maar in mijn persoonlijke ervaring was er geen sprake van dagelijkse vijandigheid op grote schaal tussen onze volken. Totdat de mobiele telefoons, en Facebook, in ons leven kwamen.’

    Commercieel buitenkansje

    Na meer dan veertig jaar onafgebroken dictatuur is Myanmar vanaf 2011 begonnen aan een transitie naar een democratischer bestuur. Terwijl het land steeds afgesloten was gebleven van het internet, explodeerde het aantal gebruikers in enkele jaren, en de mobiele telefoon was daarvoor verantwoordelijk. Facebook zag een commercieel buitenkansje en overspoelde de markt met goedkope abonnementen die de gebruikers dwongen om via het Californische platform het internet op te gaan. Die manoeuvre was een enorm succes. Zozeer dat het een monster creëerde: ‘Sinds 2012, toen ik pas elf was, begrijp ik dat Facebook een werktuig van haat kan zijn,’ herinnert Maung zich. ‘De hatelijke uitingen tegen mijn volk in de posts werden toen schering en inslag.’

    De dingen ontwikkelden zich razendsnel. In een onderzoek merkte The New York Times op hoe vanaf 2016 ‘de militairen de grote invloed van Facebook in Myanmar hebben geëxploiteerd. Het gebruik ervan is daar zo wijdverbreid dat het grootste deel van de 18 miljoen internetters in het land het socialemediaplatform uit Silicon Valley duidelijk verwarden met het internet.’

    En met de waarheid, want in die tijd werd Facebook overspoeld met ongeverifieerde informatie – een boeddhistische vrouw verkracht door een moslim, de onthulling van een Rohingyaplan voor een staatsgreep… Allemaal valse berichten, maar dat maakte niet uit. Hoe buitensporiger de berichten, hoe meer likes ze kregen en commentaren ze uitlokten… Evenals reclameopbrengsten voor Facebook.

    ‘Ze beweerden dat die berichten “geen inbreuk maakten op de normen van de Facebookcommunity”’

    Maung heeft toen naar Facebook geschreven om te melden dat valse informatie en berichten die tot moord opriepen massaal circuleerden. ‘Maar de verantwoordelijken hebben niets gedaan, ze beweerden dat die berichten “geen inbreuk maakten op de normen van de Facebookcommunity”. Niet lang daarna is het moorden begonnen.’ Massaslachtingen, systematisch seksueel geweld, in brand gestoken dorpen… De VN moesten snel besluiten te spreken over ‘elementen van genocide’ om de storm van geweld te beschrijven die losbarstte in augustus 2017 en die meer dan 700.000 Rohingya-dorpelingen op de vlucht dreef, over de grens met Bangladesh heen.

    De onderzoeker Azeem Ibrahim heeft onlangs voor de website van Arab News beschreven welke mechanismen er werkzaam waren: ‘De algoritmes en de aanbevelingssystemen van Facebook hebben de anti-Rohingya-propaganda verergerd door verdeeldheid zaaiende en ophitsende content te vermenigvuldigen, en zo bijgedragen aan de escalatie van het geweld en de ontheemding van honderdduizenden Rohingya.’

    Op dit moment voert Maung Sawyeddollah actie om schadevergoeding te vragen van Meta, dat inmiddels het moederbedrijf van Facebook is. Tegenover dat verzoek verschuilt de Californische gigant zich achter het idee dat het niet meer is dan een ‘doorgeefluik’, een neutraal platform dat niet verantwoordelijk is voor de door haar gebruikers gedeelde content.

    Publieke discours

    Een volkomen onhoudbaar argument, oordeelt Ibrahim: ‘Door systemen te ontwerpen die de aandacht en de betrokkenheid van gebruikers maximaliseren, zonder een adequate regulering, heeft Meta een aanzienlijke macht en invloed uitgeoefend op het publieke discours en het moet dan ook verantwoordelijk worden gehouden voor de consequenties van haar handelen in kwetsbare gemeenschappen.’

    ‘Meneer Zuckerberg [de baas van Meta] kan degenen die het leven hebben verloren niet terugbrengen,’ concludeert Maung Sawyeddollah. ‘Maar hij kan wel de opleiding van jonge mensen zoals ik in Cox’s Bazar financieren en ons helpen om een betere toekomst op te bouwen. Gezien de vooroordelen die zijn bedrijf over mijn volk heeft verspreid, is dat werkelijk het minste dat hij kan doen.’

  • In Myanmar wordt afval van over de hele wereld gedumpt

    In Myanmar wordt afval van over de hele wereld gedumpt

    In de Myanmarese stad Yangon stapelt het vuilnis zich op tot aan de huizen. Het veroorzaakt stankoverlast en gezondheidsproblemen. Veel van dit afval is van eigen bodem, maar een deel ervan wordt van over de hele wereld ernaartoe verscheept. ‘We hebben soms moeite met ademen.’

    Frontier heeft zes maanden lang onderzoek gedaan naar de handel in plastic afval en is erin geslaagd een ondoorzichtige wereldwijde toeleveringsketen bloot te leggen, waar buitenlandse bedrijven gemakkelijk misbruik van maken. In samenwerking met onderzoekscollectief Lighthouse Reports en mediaorganisaties in vijf landen vond Frontier bewijs dat Myanmar wordt gebruikt als dumpplaats voor rijke landen. Het land loopt het risico om de komende jaren overspoeld te worden met nog meer buitenlands plastic.

    In de lucht hangt een stank die door een windvlaag wordt meegevoerd vanaf de bergen vuilnis die langs de straten van de noordwestelijke township Shwepyithar in Yangon opgestapeld liggen. Sommige zijn meer dan drie meter hoog – net zo hoog als de huizen die langs dezelfde betonnen wegen staan.

    ‘De geur van de stortplaats is sterk. ’s Nachts, als de deuren dicht zijn, kunnen we de lucht buiten houden, maar als de wind uit het oosten komt, is het echt erg,’ zegt U Zeya Kyaw Moe*, een inwoner van Shwepyithars elfde district. ‘Zelfs volwassenen hebben soms moeite met ademen en het is erg gevaarlijk voor jonge kinderen.’

    Zeya Kyaw Moe woont met zijn vrouw en dochter in een huis van twee verdiepingen dat tegenover een vuilnisbelt ligt. Hij vertelt dat de stortplaats eerder dit jaar is ontstaan en dat hij gaat verhuizen als er niet snel iets verandert.

    Maar niet al het afval komt uit Myanmar. Een deel wordt verscheept vanuit landen die tienduizenden kilometers verderop liggen. Dat wordt gedaan door buitenlandse bedrijven die op zoek zijn naar gemakkelijke manieren om afval te dumpen dat in eigen land alleen tegen hoge kosten of zelfs onmogelijk te recyclen is.

    Frontier heeft Shwepyithar tussen januari en juni meerdere keren bezocht en vond plastic dat niet afkomstig was van consumenten uit Myanmar en niet verkrijgbaar was in plaatselijke supermarkten, zoals wikkels en verpakkingen van bedrijven uit het Verenigd Koninkrijk, Polen en Canada.

    Veel lokale recyclers verwelkomen weliswaar buitenlands plastic afval om er consumentengoederen van te maken. Maar het gemak waarmee binnenlandse en internationale regels kunnen worden omzeild en misbruikt, brengt zowel de gemeenschappen als het milieu in gevaar.

    Toch vertelde de meeste inwoners van Shwepyithar die met Frontier spraken doodsbang te zijn om een klacht in te dienen bij de plaatselijke autoriteiten, omdat dit de aandacht zou kunnen trekken van het wrede militaire regime dat de macht greep tijdens een coup in februari 2021. 

    In de tweeënhalf jaar die sindsdien zijn verstreken, begon het leger van Myanmar een campagne van massaal geweld tegen dissidenten, waarbij duizenden mensen zijn gedood of gearresteerd. Gedwongen om te kiezen tussen de bruutheid van de militairen en een vuilnisbelt voor hun deur, hebben veel inwoners van Shwepyithar ervoor gekozen te leven met de onaangename geur en de bijbehorende gezondheidsrisico’s.

    ‘Ideaal’

    Shwepyithar was niet altijd een enorme vuilnisbelt. Het is een van Yangons meest recent gebouwde townships: het werd opgericht in 1986. De naam betekent ‘gouden en aangename plek’, maar vandaag de dag is het dat allerminst. Bijna elk woonblok is vervuild door hopen plastic en ander afval. Samen met Hlaing Tharyar in het zuiden is Shwepyithar een van de grootste industriegebieden van de voormalige hoofdstad geworden. Er zijn andere stortplaatsen in Yangon, maar het unieke stedelijke ontwerp van de township maakt het bijzonder aantrekkelijk voor mensen die van overtollig afval af willen.

    Jacques Michel*, milieuonderzoeker in Myanmar, legt uit dat Shwepyithar zo is ontworpen dat er voor elke honderd huizen één grote groene ruimte zou zijn – een ambitieus plan om openluchtrecreatie aan te moedigen. Door een gebrek aan geld en wilskracht van de gemeente zijn deze plekken echter leeg gebleven, waardoor ze ‘ideaal’ zijn om afval op te dumpen, aldus Michel. In tegenstelling tot Shwepyithar is Hlaing Tharyar ‘zeer dichtbebouwd, dus is er minder lege ruimte en is het dumpen van afval moeilijker’, voegt hij eraan toe.

    De fabrieken in Shwepyithar zorgen voor een groot deel van het afval dat in de gemeenschap gedumpt wordt, maar ze zijn niet de enige verantwoordelijke partij. Onder het afval dat Frontier onderzocht, bevonden zich verpakkingen van Lidl, Unico Penne Rigate, Foremost, Kasztelan, Spomlek en Oikos. Geen van deze bedrijven levert goederen aan Myanmar.

    U Htun Khaing*, een plasticrecycler en afvalimporteur gevestigd in Mandalay, zegt dat er in Myanmar ook afval ligt dat afkomstig is uit de VS, Japan, Maleisië, Zuid-Korea, Australië en, in mindere mate, Vietnam en enkele Afrikaanse landen die hij niet bij naam kon noemen.

    Volgens een woordvoerder van Spomlek, een Pools kaasmerk, exporteert het bedrijf geen goederen naar Myanmar en is onbekend hoe de verpakkingen van hun producten in het land terecht zijn gekomen. De woordvoerder verkondigt dat het afvalbeheer van het bedrijf ‘in overeenstemming met de regels’ is. 

    Ook Carlsberg Polska, dat Kasztelan (bier) produceert, zegt dat het geen afval exporteert en geen producten aan Myanmar levert. Het bedrijf suggereert dat het aangetroffen afval door individuele consumenten kan zijn weggegooid.

    De Canadese bedrijven Unico Penne Rigate en Foremost reageerden niet op een verzoek om commentaar. Ook Danone North America, dat Oikos (yoghurt) produceert, reageerde niet. Tegen Danone, dat wordt beschouwd als een van de grootste producenten van plastic wereldwijd, loopt momenteel in Frankrijk een vervuilingsrechtszaak.

    Ooit was China de grootste ontvanger van plastic afval, goed voor meer dan 45 procent van alle invoer wereldwijd

    De grootste hoeveelheid buitenlandse verpakkingen die Frontier in Shwepyithar vond, kwam van de Britse tak van Lidl, een Duitse supermarktketen met winkels in heel Europa die zich beroemt op een sterk milieubeleid. De verpakkingen van Lidl UK zijn afkomstig van massagoederen die in pakhuizen worden opgeslagen en die niet aan Myanmar worden geleverd. Volgens voormalig supermarktmedewerkers die de beelden hebben bekeken, betekent dit dat het plastic niet is gedumpt door lokale klanten, maar door het bedrijf zelf. Desondanks beweert Lidl UK dat al het plastic afval van het bedrijf ‘wordt verwerkt in het Verenigd Koninkrijk en dat Lidl een strikt beleid heeft tegen het versturen van afval of recyclebare materialen naar enig land in Azië’.

    In Shwepyithar is ook verpakkingstape van Lidl Polen gevonden. Een vertegenwoordiger van Lidl Polen beweert echter dat het bedrijf afval overdraagt aan derden, en dat in elk contract wordt opgenomen dat ‘verpakkingsafval binnen de Europese Unie wordt gerecycled’.

    Miljoenenhandel

    Maar het plastic dat Frontier vond, is slechts het topje van de ijsberg. Volgens gegevens van United Nations Comtrade, wereldwijd de grootste handelsdatabase, hebben landen aangegeven dat ze tussen 2017 en 2022 voor meer dan 70 miljoen dollar aan plastic afval naar Myanmar hebben geëxporteerd. Dat is 143.000 ton plastic afval, waarvan meer dan 114.000 ton afkomstig is uit Thailand. Hoewel dit slechts een fractie is van de tweeduizend ton die elke dag in Myanmar wordt gegenereerd, is het een aanzienlijke hoeveelheid, die bovendien in de loop van de tijd zou kunnen toenemen als regelgeving genegeerd blijft worden.

    Thailand en Myanmar waren niet altijd de favoriete bestemming voor buitenlands afval. Ooit was China de grootste ontvanger van plastic afval, goed voor meer dan 45 procent van alle invoer wereldwijd. Doordat de afvalverwerkingsindustrie kromp en de lucht- en watervervuiling toenam, kondigde China in 2017 echter een verbod aan op de invoer van plastic afval. Op zoek naar een nieuwe dumpplaats wendden veel exporteurs zich tot het nabijgelegen Zuidoost-Azië.

    Als een van de armste landen in de regio en een land dat bovendien bekendstaat om zijn zwakke wetshandhaving was Myanmar een gemakkelijke keuze. In het eerste jaar na het Chinese verbod meldde Myanmar een enorme toename van de invoer van plastic afval: van 1855 ton in 2017 tot maar liefst 71.050 ton in 2018. Het jaar daarop werd plastic afval toegevoegd aan de Negative Import List van Myanmar en werd de handel formeel verboden. Maar dat had weinig effect. 

    Westerse landen zoals de VS, die voorheen dagelijks naar schatting vierduizend containers met afval naar China stuurden, begonnen ook zendingen naar Maleisië en Vietnam te verschepen, maar deze twee landen voerden al snel hun eigen invoerverbod op plastic afval in.

    Terwijl de verontwaardiging wereldwijd groeide, werd in 2021 een amendement over plastic afval ingediend bij het Verdrag van Bazel, het wereldwijde verdrag dat de internationale afvalhandel reguleert. Alle VN-lidstaten ondertekenden het amendement, met uitzondering van de VS, Oost-Timor, Fiji en Zuid-Soedan. 

    De nieuwe wijziging in het verdrag verbiedt de export van gevaarlijk plastic en verplicht dat gemengd afval alleen mag worden verscheept naar landen die over de middelen beschikken om het adequaat op te ruimen. Bovendien moeten deze landen hier vooraf over worden ingelicht.

    Maar in Myanmar wordt het afval simpelweg gedumpt in wijken zoals Shwepyithar. Landen blijven plastic afval naar het land verschepen zonder het er vooraf over in te lichten.

    ‘Het is een geldprobleem, een machtsprobleem, een probleem van de politieke wil’

    Sinds Canada in 2021 is begonnen met het bijhouden van de export heeft Frontier niets gevonden wat aantoont dat bedrijven die plastic afval van Canada naar Myanmar exporteren, het land hier vooraf over hebben ingelicht. Sterker nog: Canada heeft volgens Environment and Climate Change sindsdien geen vergunningen afgegeven voor Myanmar of Thailand, terwijl het wel nog 5900 ton plastic afval naar Thailand heeft geëxporteerd en bijna 24 ton naar Myanmar.

    Spanje heeft, volgens gegevens die het aan UN Comtrade verstrekte, vorig jaar meer dan 470 ton plastic afval naar Myanmar verscheept. Frontier vond echter geen bewijs dat Spanje de zendingen vooraf had aangekondigd. Het Spaanse ministerie van Ecologische Transitie heeft bij het ter perse van deze rapportage gaan nog niet gereageerd.

    De Myanmarese autoriteit die toezicht houdt op het Verdrag van Bazel valt onder het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en Milieubehoud, dat onder leiding staat van de junta. De autoriteit heeft niet gereageerd op verzoeken om commentaar per telefoon, e-mail en post.

    De EU heeft in 2021 haar eigen regelgeving ingevoerd, waarbij de export van gemengd of verontreinigd afval naar landen die geen deel uitmaken van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling [OESO], verboden wordt. De OESO is een groepering van 38 landen die voor het grootste deel welvarend zijn. De EU overweegt ook een volledig verbod op de export van alle plastic afval naar welk land dan ook.

    Jim Puckett, uitvoerend directeur van het Basel Action Network, een Amerikaanse organisatie die zich inzet tegen de export van giftig afval, legt uit dat Myanmar geen lid is van de OESO en dat daarom ‘al het gebruikte verpakkingsmateriaal wat van de EU naar Myanmar komt, vrijwel zeker illegale afvalhandel is’.

    ‘Regeringen willen zich niet houden aan de plasticamendementen. Het gaat gewoon om te veel geld. Ze kiezen ervoor om de andere kant op te kijken. De VN organiseert allerlei trainingen voor ambtenaren over de nieuwe afvalwijzigingen, maar het is geen educatief probleem. Het is een geldprobleem, een machtsprobleem, een probleem van de politieke wil,’ aldus Puckett.

    Op basis van gegevens van UN Comtrade is er een daling in de export geweest na de invoering van het verbod. In 2021 daalde de hoeveelheid plastic afval die naar Myanmar werd geëxporteerd van meer dan 13.084 ton naar ongeveer 9300 ton. Toch heeft geen enkel land aan deze praktijken een einde gemaakt en worden er nog steeds duizenden tonnen per jaar naar Myanmar verscheept. 

    Om die reden vinden campagnevoerders dat het VN-verdrag over kunststoffen – waarover momenteel wordt onderhandeld en dat naar verwachting eind volgend jaar wordt afgerond – alle export van plastic afval moet verbieden.

    ‘De plasticamendementen van Bazel hebben niet gewerkt. Elk land moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Het is zo hypocriet – je moet je afval thuis houden. En misschien ook zorgen dat je er minder van produceert,’ zegt Jan Dell, oprichter van The Last Beach Cleanup, een Amerikaanse organisatie die zich richt op bewustwording over plasticvervuiling. ‘Er is geen enkele manier om deze praktijk te rechtvaardigen; export van plastic afval is simpelweg niet verantwoord.’

    ‘We want more’

    Enerzijds willen buitenlandse bedrijven hun plastic graag lozen in een ongereguleerde omgeving. Anderzijds nemen lokale recyclers in Myanmar het graag in ontvangst, vooral omdat de vraag naar gerecycled plastic – dat vaak goedkoper is dan nieuw plastic – is gestegen sinds de staatsgreep. 

    Htin Kyaw Win mengt buitenlands plastic afval met lokale grondstoffen om er polypropyleenzakken van te maken voor het verpakken van rijst en bonen. U Aung Kyi She*, die eigenaar is van een recyclingfabriek in Mandalay, gebruikt geïmporteerd afval om plastic pellets te maken – kleine stukjes plastic van vaak niet meer dan een paar centimeter breed, die worden gebruikt voor de fabricage van nieuwe producten. Die palets verkoopt hij vervolgens door aan andere fabrieken.

    ‘In alle gesprekken die we met recyclers hebben gehad, was de strekking: “We willen meer buitenlands plastic afval.” Het is op lange termijn goedkoper, het is van hogere kwaliteit, gemakkelijker te gebruiken, minder vies, betrouwbaarder,’ aldus Michel. Zo vertelt Htun Khaing, eigenaar van twee recyclingfabrieken in Mandalay, dat hij de voorkeur geeft aan buitenlands plastic omdat het ‘schoner’ is. ‘We geven de voorkeur aan geïmporteerd afval, ook al moeten we er meer voor betalen. Als we het lokale afval gebruiken, zijn er meer stappen nodig om het te wassen en te reinigen,’ zegt Htun Khaing.

    Hij legt uit dat plastic waterflessen in veel landen na één keer gebruik worden weggegooid, maar dat ze in Myanmar ‘meerdere keren worden hergebruikt’. Tegen de tijd dat ze in zijn fabriek in Mandalay belandt, moet een plastic waterfles uit eigen land veel uitgebreider worden schoongemaakt – wat dus meer tijd en middelen kost – dan een fles die uit het buitenland is geïmporteerd.

    ‘Als we het geïmporteerde afval gebruiken, kunnen we het direct in de machine stoppen, zodat het proces sneller verloopt en de kwaliteit van de producten beter is,’ zegt hij.

    Aye Thway Ni*, eigenaar van een plasticfabriek in Mandalay, zegt dat sommige artikelen die ze produceert ‘alleen vervaardigd kunnen worden met buitenlandse grondstoffen’. Ze legt uit dat binnenlandse materialen van ‘slechte kwaliteit’ zijn en daarom alleen kunnen worden gebruikt om kleine voorwerpen te maken, zoals flessendoppen. Met buitenlandse grondstoffen kunnen daarentegen hele waterflessen worden gemaakt.

    Je mag niets doen waarbij POP’s vrijkomen, omdat ze nooit verdwijnen

    Maar het importeren van plastic brengt ook risico’s met zich mee. Hoewel buitenlandse ladingen meestal schoner afval van hogere kwaliteit bevatten, is niet elk stuk bruikbaar en het is bijna onmogelijk om plastic van lagere kwaliteit terug te sturen. Plastic dat niet kan worden gebruikt, belandt op stortplaatsen, in waterwegen of, in het geval van Shwepyithar, direct voor de huizen van mensen.

    ‘Om het geïmporteerde afval te krijgen, moeten we een hele container kopen, waar veel gemengd afval in zit. Dus halen we er het een en ander uit en dat maken we schoon. Maar we kunnen het onbruikbare afval niet terugbrengen, dus moeten we het weggooien, en dat betekent minder winst voor ons,’ zegt Ko Win Tun Tun*, die bij een grote recyclingfabriek in Yangon werkt.

    Win Tun Tun zegt dat zijn fabriek de gemeentelijke autoriteiten tussen de zestigduizend en honderdtwintigduizend kyat (tussen de 27 en 54 euro) betaalt om ‘het afval op stortplaatsen te lozen’. Hij vertelt dat ze per maand normaal gesproken één groot voertuig vol met plastic afval dumpen. Min Hset Myat zegt dat zijn fabriek in Yangon ongeveer 10 procent van het geïmporteerde buitenlandse afval opruimt door het te begraven of te verbranden. ‘Meestal verbranden we het,’ zegt hij.

    Het verbranden van afval is gangbaar in Myanmar, maar kan ernstige gezondheidsrisico’s met zich meebrengen. Kunststof van polyvinylchloride (pvc) bijvoorbeeld, dat in allerlei materialen wordt gebruikt, van raamkozijnen tot afvoerbuizen, stoot bij verbranding giftige dampen uit die met borstkanker en andere vormen van kanker in verband worden gebracht.

    ‘Deze chemicaliën staan bekend als POP’s – persistent organic pollutants [persistente organische verontreinigende stoffen]. Ze zijn wereldwijd verboden. Je mag niets doen waarbij POP’s vrijkomen, omdat ze nooit verdwijnen. Als ze in de lucht terechtkomen, nestelen ze zich op alles – op voedsel, op water, alles wat je binnenkrijgt. Zo komen ze in je lichaam en daar blijven ze,’ zegt Michel. ‘In deze plastic afvalbergen zit altijd PVC – de vraag is hoeveel.’

    Van de buitenlandse kunststoffen die in Shwepyithar zijn gevonden, kwam polyethyleen (PE) het meeste voor. PE, dat in plastic zakken en de meeste voedselverpakkingen zit, is het meest gebruikte plastic ter wereld en kan in zijn pure vorm relatief gemakkelijk gerecycled worden. Maar zuiverheid is zeldzaam – Michel legt uit dat PE-producten vaak 10 tot 30 procent andere chemicaliën bevatten, waardoor ze veel moeilijker te recyclen zijn en schadelijker zijn in het geval van verbranding. ‘Telkens als je plastic verbrandt, stoot je deze chemische cocktail uit in de lucht,’ zegt Michel. ‘Maar mensen verbranden het afval omdat ze geen idee hebben wat ze ermee moeten doen.’

    ‘Het water wordt vies en donker. Als we het aanraken, beginnen onze benen te jeuken’

    Afval wordt ook gedumpt in waterwegen en riolen, zoals in Shwepyitars zevenentwintigste district. Daw Aye Mi, die sinds 2018 in de nederzetting woont, zegt dat het dumpen de afgelopen twee jaar een ernstig gevaar voor de gezondheid van de gemeenschap is geworden. ‘Als er ergens een stortplaats is, denken mensen dat ze hun afval daar kunnen lozen, en dat doen ze dan ook. Daarna drijft het via waterwegen naar andere woonwijken. Het water wordt vies en donker. Als we het aanraken, beginnen onze benen te jeuken,’ zegt ze. Ze laat zweren op haar been zien die ze naar eigen zeggen heeft opgelopen door zich in het water te wassen.

    Het gebrek aan bewustzijn over veilige afvalverwerking wordt nog eens verergerd door onvoldoende toezicht en corruptie, vooral sinds de staatsgreep. Drie bewoners van twee districten in Shwepyitar vertellen dat ambtenaren van het district hen onder druk zetten om overeenkomsten te ondertekenen die het dumpen van afval in hun gemeenschap mogelijk maken. 

    ‘Alle bewoners tekenden, dus ik ook. Ik wilde niet de enige zijn die bezwaar maakte. Ik zou niet durven,’ zegt Daw Thwe Kyi Kyi*, een alleenstaande moeder die als voedselverkoper in het negende district werkt.

    Michel legt uit dat het in Myanmar niet gangbaar is om de autoriteiten te confronteren met milieukwesties. Zelfs vóór de coup was er onder verkozen regeringen weinig protest vanuit de getroffen gemeenschappen. Maar sinds de militaire machtsovername is de terughoudendheid veel groter, waardoor Myanmar ‘de perfecte plek is voor het dumpen van afval en voor elke andere vorm van uitbuiting’, aldus Michel.

    Weinig vertrouwen

    ‘Veel mensen zijn bang om zich uit te spreken over hun zorgen, uitdagingen en problemen. Er is veel minder ruimte voor,’ zegt hij. ‘Er is niemand met wie mensen kunnen praten en daarom doen ze dat ook niet. Er is weinig vertrouwen in de instellingen die hun problemen zouden moeten oplossen, dus proberen ze het niet eens.’

    Zeya Kyaw Moe, de 55-jarige inwoner van het elfde district, heeft voorgesteld dat de districtsbeheerder een bijeenkomst zou houden met alle leden van de gemeenschap om samen te beslissen hoe het afval moet worden beheerd. Maar hij heeft nooit iets gehoord en is bang om op de kwestie aan te dringen. ‘In normale tijden, onder een burgerregering, zouden dit soort problemen makkelijk op te lossen zijn. Maar nu krijgen we moeilijkheden als we ergens over klagen,’ zegt Zeya Kyaw Moe. ‘Niemand durft zich uit te spreken, dus moet ik dit ondergaan totdat ik kan verhuizen. Mijn buren hebben me geadviseerd om niets meer tegen het bestuur over de stortplaats te zeggen, omdat ze bang zijn dat ik in de problemen kom.’

    ‘Op mijn leeftijd kan ik het niet meer verdragen om geslagen of gemarteld te worden. Ik kan alleen nog maar hopen. Mijn geest is niet meer zo sterk als toen ik jong was.’

    * Om veiligheidsredenen is er een pseudoniem gebruikt.

    Kyaw Zin, Nandi Theint, Charlotte Alfred, Eva Constantaras, Nalinee Maleeyakul, Mia Rabson en Mariusz Sepiolo hebben bijgedragen aan deze reportage.

    De productie van dit onderzoek werd ondersteund door een subsidie van het fonds Investigative Journalism for Europe (IJ4EU). Dit artikel is gepubliceerd in samenwerking met Prachatai, The Canadian Press, Front Story, The Independent en Politico.

  • Komt er een einde aan de macht van de junta in Myanmar?

    Komt er een einde aan de macht van de junta in Myanmar?

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Myanmar, waar de militaire junta al enkele jaren een bloedige burgeroorlog uitvecht met gewapende verzetsgroepen. Dit verzet lijkt nu bezig aan een tegenoffensief. Hoe succesvol is dat?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Hoe kwam de militaire junta in Myanmar aan de macht?

    Om te begrijpen wat er op dit moment in Myanmar gebeurt, moeten we terug naar 2021. In februari van dat jaar pleegt het leger van het Aziatische land een staatsgreep, nadat het heeft besloten de resultaten van de parlementsverkiezingen niet te accepteren. In die verkiezingen heeft de Nationale Liga voor Democratie, geleid door Aung San Suu Kyi, overweldigend gewonnen met 83 procent van de stemmen.

    De generaals van de Tatmadaw, zoals het leger in Myanmar heet, weigeren de uitslag te accepteren en zeggen dat er fraude is gepleegd. Als het parlement in februari bijeenkomt om de uitslag te ratificeren, komt het leger in actie. Regeringsleden, waaronder Aung San Suu Kyi en president U Win Myint, worden opgepakt. De noodtoestand wordt afgekondigd. Het vliegverkeer wordt stilgelegd. Internet en telefoonverbindingen komen stil te liggen en banken gaan dicht. Het leger neemt de macht over.

    Vreedzame demonstraties worden hardhandig neergeslagen en veel activisten, politici en andere betogers vluchten naar afgelegen delen van het land, waar ze zich aansluiten bij reeds bestaande rebellengroepen, en de People’s Defense Force vormen, dat zo’n 60.000 leden telt.

    ‘In april 2021 vormden etnische leiders en gekozen functionarissen die aan het militaire sleepnet ontsnapten de zogenaamde regering van nationale eenheid. De leiders zeggen dat ze een revolutionaire oorlog voeren om het leger uit de macht te zetten en een echt democratisch systeem te vormen’, schrijft The New York Times.

    ANP 442719411 1
    Verzetsstrijders van het Taaung Nationaal Bevrijdingsleger (TNLA) paraderen door de straten in de noordelijke deelstaat Shan in Myanmar. – © STR / AFP

    Ook zijn er etnische rebellengroepen opgestaan die meer autonomie zoeken, en zo is het verzet tegen de Tatmadaw anno 2023 een bont gezelschap van gewapende groeperingen die vechten tegen het gezag.

    ‘Het leger, dat in februari 2021 de macht greep, heeft moeite om de wijdverspreide oppositie tegen zijn bewind in bedwang te houden, waaronder een gewapend verzet van prodemocratische activisten’, schrijft The Guardian. Inmiddels lijken de groeperingen steeds meer samen te werken tegen het leger.

    ‘In de deelstaat Kayah, ten zuiden van de deelstaat Shan langs de grens met Thailand, vielen etnische Karenni-opstandelingen, die al een groot deel van de deelstaat in handen hebben, de belangrijkste stad Loikaw aan en hebben ze de universiteit in de buitenwijken al veroverd’, aldus de BBC. ‘Verder naar het zuiden heeft het Arakan Army, een van de best bewapende etnische opstandelingen, zijn staakt-het-vuren opgezegd en is het begonnen met aanvallen op leger- en politieposten.’

    Een andere grote etnische groep, de Karen National Union in het zuidoosten van Myanmar, voert bovendien de aanvallen op militaire posities langs de vitale handelsroute naar de Thaise grens op. En er vinden nu zelfs regelmatig aanvallen plaats op het leger in Tanintharyi, de meest zuidelijke staat.

    Hoe ziet de burgeroorlog er nu uit?

    Zoals gezegd is het aantal aanvallen in verschillende staten in Myanmar en door verschillende groeperingen toegenomen. Eind oktober begon een offensief onder de naam ‘Operatie 1027’, en het lijkt erop dat het gaat om een groots gecoördineerde aanval tussen verschillende rebellenbewegingen die steeds meer samenwerken. ‘Drie gewapende groepen – het Ta’ang National Liberation Army (TNLA), het Arakan Army (AA) en het Myanmar National Democratic Alliance Army (MNDAA) – hebben hun krachten gebundeld onder de naam Three Brotherhood Alliance’, meldt South Morning China Post.

    Het offensief verloopt voortvarend, schrijft Radio Free Asia. ‘Drie weken nadat de Three Brotherhood Alliance een offensief lanceerde, hebben de rebellen opmerkelijke overwinningen geboekt op het leger in verschillende belangrijke steden in de deelstaat Shan, in het noordoosten van het land. In het kielzog van de operatie viel het Arakan Army deze week het leger van de junta aan in de westelijke deelstaat Rakhine, waarmee een einde kwam aan een staakt-het-vuren dat een jaar geleden op humanitaire gronden was overeengekomen.’

    ANP 443496905
    Jongerenactivisten en boeddhistische monniken nemen deel aan een protest tegen de militaire regering in februari 2022. – © AP

    Naast de staten Shan, Kachin en Rakhine worden ook bases in de regio’s Mandalay en Sagaing aangevallen, schrijft The Dhaka Tribune. Daarbij zou worden samengewerkt met andere groepen. ‘Gecoördineerde inspanningen van de People’s Defense Force en andere etnische gewapende groepen hebben geresulteerd in de verovering van 161 junta bases en negen steden.’

    Dat al deze groepen, die individueel te klein zijn om het leger ten val te brengen, samenwerken, is ongekend, zegt Zachary Abuza, een professor aan het National War College in Washington, tegen The Washington Post. ‘Ze nemen nota van elkaar en werken samen. Dat is het interessante hier.’ Hij schrijft dat het tegenoffensief van de Three Brotherhood Alliance een mogelijke gamechanger is. ‘De groepen in de alliantie hebben nauwe banden met China en behoren tot de machtigste gewapende actoren in het gebied langs de grens met Myanmar. In tegenstelling tot sommige andere rebellengroeperingen heeft de alliantie zich na de staatsgreep niet onmiddellijk aangesloten bij het verzet en heeft ze, althans in het openbaar, een neutrale positie ingenomen tussen de prodemocratiebeweging en het leger.’

    Myanmar Administrative Map L
    © Nations Online Project

    Wat moet er met Myanmar gebeuren als de junta verdwijnt?

    De vraag is eigenlijk vooral óf de junta wel gaat verdwijnen. ‘Nu haar reputatie op het spel staat, is het onwaarschijnlijk dat de junta zich gemakkelijk gewonnen geeft’, schrijft persbureau Reuters. ‘Langdurige gevechten zullen het uithoudingsvermogen en de arsenalen van beide partijen op de proef stellen. Een voor de hand liggend scenario is dat de junta de controle over sommige grensregio’s verliest, maar centraal aan de macht blijft, een uitkomst die gunstig zou zijn voor buurlanden India, Thailand en China, die zich zorgen maken over de instabiliteit in het land en het vooruitzicht van een vluchtelingencrisis.’

    Die laatste zin is belangrijk. Hoewel het hier een binnenlands conflict betreft, worden veel van de huidige gevechten uitgevochten in grensregio’s. Honderdduizenden mensen zijn inmiddels op de vlucht geslagen voor het conflict. ‘India heeft donderdag opgeroepen tot het staken van de gevechten tussen het leger van Myanmar en anti-juntagroepen in de buurt van de grens tussen India en Myanmar’, schrijft Indian Express. ‘De gevechten tussen de anti-juntagroepen van Myanmar en de regeringstroepen in verschillende belangrijke steden en regio’s in de buurt van de grens met India zijn de afgelopen weken toegenomen.’

    Ook China, een ander buurland, zou de ontwikkelingen in zijn buurland nauw in de gaten houden. Volgens de militaire junta in Myanmar zorgt juist China voor destabilisatie, door steun te geven aan rebellen. ‘Ze beschuldigden China ervan een etnische alliantie te steunen die zware nederlagen heeft toegebracht aan de troepen van het regime in het noorden van de deelstaat Shan’, schrijft The Irawaddy, een medium van Myanmarese journalisten in ballingschap. Zo zou China wapens hebben gestuurd en bewegingen hebben gefinancierd. China zelf heeft niet gereageerd op deze aantijgingen.

    China zelf heeft nauwelijks gereageerd op de beschuldigingen, maar dat is volgens analist Thomas Kean bij France Presse een kwestie van tijd. ‘Beijing heeft veel meer invloed op de gebeurtenissen aan de andere kant van zijn grens dan welke andere internationale actor ook. China kan net zo gemakkelijk druk uitoefenen op etnische groepen als op de junta om een einde te maken aan de gevechten en het conflict te laten verzanden in een status quo’, zegt hij. Kean benadrukt dat China geen voorkeur geeft aan wie de leiding heeft in Myanmar, zolang het maar rustig is bij het buurland. 

    ANP 446151936
    Een militaire parade begin 2022 in Mandalay in Myanmar, waarbij de militaire junta laat hun arsenaal aan het volk vertoont. © Aung Shine Oo / AP

    Analisten en experts geloven ook dat China op de hoogte was van en groen licht gaf voor het tegenoffensief van de rebellen, zo schrijft The Diplomat. ‘De houding en acties van China kunnen het verloop van het conflict en het bredere geopolitieke landschap in de regio aanzienlijk beïnvloeden’, aldus de website. ‘Velen koesteren de hoop dat deze gebeurtenissen (het tegenoffensief van het verzet, red.) een belangrijke nationale verandering teweeg kunnen brengen. Dat gevoel wordt niet alleen gedeeld door etnische bewegingen (…), maar vindt ook weerklank bij de bredere Myanmarese bevolking, die naar een positieve verandering verlangt.’ Na jaren van oppressie is er weinig steun in Myanmar voor de militaire junta.

    China en India kunnen dus een rol spelen in hoe de burgeroorlog in Myanmar zich in de komende maanden ontwikkelt, maar, zo schrijft denktank USIP, het gewapende verzet verdient de steun van een veel groter deel van de internationale gemeenschap, omdat ‘dit een nationale opstand is die gericht is op het opbouwen van een nieuwe natie, met de bijbehorende hoop dat stabiliteit zal volgen’.

    Hoewel de internationale gemeenschap volgens de denktank beweert dat de militairen niet verslagen kunnen worden, wint het verzet aan kracht. ‘Ondanks het feit dat ze weinig tastbare hulp krijgen, hebben de tegenstanders van het regime volgehouden. Nu de verzetsbeweging een nieuwe fase ingaat, moeten de deelnemers hun eigen toekomst kunnen kiezen.’ De denktank roept buurlanden en de rest van de gemeenschap op het verzet te steunen en helpen hen de instrumenten te geven om daadwerkelijk een nieuw land op te bouwen.

    Lees ook:

  • Junta in Myanmar geeft Aung San Suu Kyi strafvermindering

    Junta in Myanmar geeft Aung San Suu Kyi strafvermindering

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Prominente oppositieleider Senegal opnieuw opgepakt

    » Tientallen doden na historische regenval in China

    De politicus moet nog zeker 27 jaar in huisarrest zitten

    Aung San Suu Kyi heeft strafvermindering gekregen van de militaire junta in Myanmar. Dat meldt The New York Times. Ook andere prominente politici in het Aziatische land, onder wie oud-president Win Myint, hebben strafvermindering gekregen, net als ruim zevenduizend andere gevangenen.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De inmiddels 78-jarige Suu Kyi zat een gevangenisstraf van 33 jaar uit vanwege corruptie, een veroordeling die experts altijd als politiek gemotiveerd hebben beschouwd. Het bewind heeft zes jaar van haar celstraf afgehaald en haar onder huisarrest geplaatst, waardoor Suu Kyi dus volkomen onverwachts de gevangenis mag verlaten.

    Het huidige militaire bewind nam tweeënhalf jaar geleden de macht over omdat Suu Kyi volgens hen fraude had gepleegd bij de verkiezingen. De Nobelprijswinnares werd opgesloten en er brak een burgeroorlog uit, waarbij duizenden mensen omkwamen. Zeker tienduizend mensen zitten nog altijd achter de tralies.

    Lees ook:

  • Myanmar getroffen door zwaarste cycloon in jaren

    Myanmar getroffen door zwaarste cycloon in jaren

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Duizenden evacuaties na zware regenval in Noord-Italië

    » Gevechten in Soedan gaan door ondanks gesprekken

    Cycloon Mocha heeft honderden slachtoffers gemaakt

    Cycloon Mocha, die dit weekend aan land ging in Myanmar, heeft aan zeker vierhonderd mensen het leven gekost. Volgens de BBC gaat het om een van de zwaarste cyclonen die de regio de afgelopen jaren heeft getroffen. Het merendeel van de slachtoffers zijn Rohingya-vluchtelingen in de provincie Rakhine.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Mocha kwam dit weekend aan land in de grensstreek tussen Myanmar en Bangladesh en haalde daarbij windsnelheden tot 250 kilometer per uur. In de regio bevinden zich veel vluchtelingenkampen waar mensen reeds in erbarmelijke omstandigheden leven en die zwaar zijn geraakt. In de dagen voorafgaand aan de aankomst van de cycloon hadden beide landen al honderdduizenden mensen geëvacueerd.

    Of Myanmar internationale hulp krijgt, is nog maar de vraag, gezien de autocratische regering die momenteel de scepter zwaait in het land. Westerse landen zouden vrezen dat deze regering, die na de militaire coup van 2021 aan de macht kwam, de hulp voor politieke doeleinden zou kunnen gebruiken.

    Lees ook:

  • Tentoongesteld als etnische bezienswaardigheid

    Tentoongesteld als etnische bezienswaardigheid

    Gevlucht naar Thailand vanwege de conflicten in Myanmar, vinden de Kayan Lahwi een nieuw bestaan als toeristische attractie. Op steun van de Thaise overheid hoeven ze echter niet te rekenen.

    Elke ochtend nadat ze heeft gekookt en het huishouden heeft gedaan, steekt Mai zichzelf en haar zesjarige dochtertje Poe Yal Bal in de traditionele kleding van hun etnische groepering, compleet met de karakteristieke sieraden die de Kayan Lahwi-vrouwen dragen. 

    Nadat ze hun blouse met korte mouwen hebben aangetrokken, die is afgezoomd met kleurrijk garen, en hun haar hebben vastgezet, brengen Mai en haar dochter de koperen nekringen aan die duidelijk maken dat ze tot de Kayan Lahwi behoren. In het Birmees worden ze meestal Padaung genoemd, een term waar velen van hen bezwaar tegen maken. Hun thuisland in Myanmar omvat de subdistricten Demoso en Loikaw in de deelstaat Kayah, het subdistrict Pekon in het zuiden van de deelstaat Shan, en delen van Naypyidaw Union Territory.

    Zodra ze geheel in traditionele kledij zijn gestoken, zijn Mai en haar dochter klaar voor de toeristen. In de meer dan dertig jaar dat er bezoekers naar deze afgelegen Kayan-dorpen in Thailand komen, is er maar weinig veranderd. Evenmin is er veel veranderd aan de groeiende stroom etnische Kayanen die vluchten voor de oorlog in Myanmar.

    Mai en de andere dorpelingen verdienen geld aan de toeristen die foto’s maken

    ‘De kinderen zijn gekleed in etnische dracht en de toeristen die naar het dorp komen maken foto’s van hen en geven hun wat geld. Er zijn ook mensen die foto’s van ons willen maken terwijl we aan het weven zijn. Soms trekken ze zelf onze traditionele kleren aan en laten zich zo fotograferen,’ zegt Mai.

    Mai en de andere dorpelingen verdienen geld aan de toeristen die foto’s maken, en daarnaast verkopen ze handgeweven stoffen en traditionele kledij, en sieraden die worden geassocieerd met de Kayan Lahwi: armbanden, oorbellen en koperen nekringen. 

    Door die koperen nekringen zijn de Kayan Lahwi-vrouwen zowel hier als in Myanmar uitgegroeid tot een toeristische attractie, en in het dorp waar Mai woont is dan ook geen tekort aan bezoekers. Het dorp ligt zo’n 26 kilometer van de stad Mae Hong Son in de gelijknamige Thaise provincie, dat onderdeel uitmaakt van een populaire toeristische route. Over de rivier de Pai is het een tocht van zo’n vier uur naar de grens met de deelstaat Kayah (ook wel Karenni genoemd), waar Mai is geboren.

    Felle strijd

    Na de militaire coup van 2021 zijn de subdistricten Demoso en Loikaw in Kayah getuige geweest van een felle strijd. In een rechte lijn is het vanaf daar zo’n honderd kilometer naar de stad Mae Hong Son, maar via de grenspost bij Myawaddy in de deelstaat Kayin is het een lange, kronkelige weg van zo’n 920 kilometer.

    Huay Pu Keng is, net als enkele andere Kayan Lahwi-dorpen in het noordwesten van Thailand, zo’n dertig jaar geleden ontstaan, toen de inwoners van Kayah op de vlucht sloegen voor de steeds hevigere strijd in hun thuisland. Te midden van de vele ontheemden wisten de Kayan Lahwi de aandacht te trekken met hun fysieke verschijning, die niet alleen belangstelling wekte, maar ook een bron van inkomsten bleek, die uitbuiting met zich meebracht.

    Saw Eh Ke woont al vanaf het begin in Kayan Taryar, een ander Kayan Lahwi-dorp in de provincie Mae Hong Son, maar hij is geboren in het dorp Panpet in Demoso.

    lawrence makoona zvMXo5o3DbE unsplash
    Huay Pu Keng wordt in de volksmond aangeduid met de botte benaming ‘Langenekkendorp’. – © Unsplash

    ‘Ik was heel jong toen ik vertrok, dus ik herinner me er maar weinig van, maar ik weet nog wel dat we een week hebben gelopen’

    Toen in 1990 hun huis ten prooi dreigde te vallen aan de strijd tussen de Tatmadaw [het Myanmarese leger] en het Karenni-leger, besloot zijn moeder, Saw Ae Ke, met hem en zijn zus naar de Thaise grens te vluchten. Saw Eh Ke was acht jaar oud toen de soldaten optrokken naar Panpet, en hij is nooit meer teruggekeerd.

    ‘Ik was heel jong toen ik vertrok, dus ik herinner me er maar weinig van, maar ik weet nog wel dat we een week hebben gelopen. Vervolgens zat ons gezin een maand of drie, vier in een kamp voor ontheemden aan de Thaise grens, waarna we uiteindelijk Kayan Taryar wisten te bereiken. Mijn moeder is inmiddels 72. Ze is de oudste inwoner van het dorp en draagt nog altijd de traditionele kledij, voor bezoekers,’ zegt hij.

    Nooit meer gezien

    Na zijn vertrek uit Kayah heeft Saw Eh Ke zijn vrienden en familieleden die in Myanmar zijn achtergebleven nooit meer gezien, en hij weet maar weinig van de situatie op dit moment, vertelt hij aan Frontier. Omdat hij geen identiteitsbewijs heeft, is er geen legale mogelijkheid voor hem om terug te keren.

    ‘We hebben gehoord dat er een militaire coup is gepleegd in onze thuisstaat – ik ben bereid mijn landgenoten die hier weten te komen [in de Kayan Lahwi-dorpen in Thailand] zo goed mogelijk te helpen,’ zegt Saw Eh Ke, die eraan terugdenkt hoe moeilijk zijn eigen reis is geweest.

    ‘Toen wij de Karenni-regio ontvluchtten, werd mijn zus tijdens onze tocht door de jungle heel erg ziek, van uitputting. We hadden geen eten en geen drinken, en ik zal nooit vergeten dat we de bladeren uit het bos moesten eten om in leven te blijven,’ zegt hij. ‘Alle eerdere oorlogen én de huidige oorlog in Myanmar zijn veroorzaakt door een militaire dictatuur. Zonder het leger van Myanmar zou er in alle regio’s vrede heersen. Ik haat het leger van Myanmar,’ zegt hij.

    Mai is, net als Saw Eh Ke, naar Thailand gekomen om te ontsnappen aan de burgeroorlog. Ze was toen nog heel jong – nog maar net vier – en inmiddels woont ze alweer 28 jaar in Huay Pu Keng.

    Etnische kaart

    Desondanks is Mai nog altijd geen Thais staatsburger en haar enige identiteitsbewijs is een zogenaamde ‘etnische kaart’, een kaart die eens in de tien jaar kan worden verlengd.

    ‘Het is een soort gastburgerschap,’ zegt Mai, die eraan toevoegt dat mensen met zo’n kaart niet stemgerechtigd zijn en te maken krijgen met reisbeperkingen.

    Van de ongeveer tweehonderd mensen in het dorp hebben er maar dertig of veertig zo’n etnische kaart, en de anderen hebben een soort migrantenkaart (ook wel een ‘roze kaart’ genoemd, die wordt uitgereikt aan ongedocumenteerde arbeiders) of ze hebben helemaal geen papieren.

    Op een bord bij de ingang van Huay Pu Keng staat de botte benaming waarmee het dorp in de volksmond wordt aangeduid: ‘Langenekkendorp’

    In het verleden weigerden veel touroperators om naar de Kayan Lahwi-dorpen te gaan, vanwege ethische bedenkingen en zorgen over mogelijke dwangarbeid en mensenhandel. Op een bord bij de ingang van Huay Pu Keng staat, zowel in het Engels als in het Thais, de botte benaming waarmee het dorp in de volksmond wordt aangeduid: ‘Langenekkendorp’. Het dorp kan alleen worden bereikt via een tocht van een half uur per boot, wat de romantische uitstraling voor de toeristen vergroot en tegelijkertijd de bewegingsvrijheid van de inwoners, zoals Mai, verkleint.

    Het dorpshoofd, Naung, zegt dat Huay Pu Keng nog niet officieel is erkend als Kayan-dorp.

    ‘Er wonen meer dan tweehonderd mensen in ons dorp en hoewel het al meer dan dertig jaar bestaat, is het nooit officieel erkend omdat minder dan vijftig procent van de inwoners Thais staatsburger is,’ zegt Naung, die een etnische kaart heeft. Zodra een dorp die grens van vijftig procent bereikt en officieel wordt erkend, is het ook voor de anderen makkelijker om het Thaise staatsburgerschap te krijgen.

    ‘Kinderen van ouders met een etnische kaart worden beschouwd als Thais staatsburger en hebben het recht om naar een Thaise school te gaan. In dit dorp wonen kinderen die als Thais staatsburger worden gezien. Maar voor andere kinderen, van wie de ouders een migrantenkaart hebben, geldt dat niet,’ zegt hij.

    Als ongedocumenteerde dorpelingen naar Mae Hong Son gaan, lopen ze het risico te worden opgepakt door de politie, aldus Naung.

    ‘Mensen zonder kaart kunnen niet naar de stad; ze worden opgepakt door de politie,’ zegt hij. Hij vertelt erbij dat er meestal een uitzondering wordt gemaakt voor Kayan Lahwi in traditionele dracht. Zo worden de vrouwen gedwongen de rol van levende toeristische attractie te spelen, die de plaatselijke overheid hun heeft toegedicht. 

    ‘Als ik met mijn dochter naar Mae Hong Son ga, moet ik de traditionele dracht aan. Als ik dat niet doe, ben ik bang dat de politie me staande houdt voor controle,’ zegt Eh Mwi Paw (42) die een migrantenkaart heeft.

    Toestemming

    De man van Eh Mwi Paw heeft een etnische kaart en hij heeft dan ook officieel toestemming om te werken. Hun twee zoons studeren in Mae Hong Son.

    ‘Mijn zoons vragen altijd waarom hun moeder zich niet kleedt zoals andere vrouwen die naar de stad gaan. Ze snappen niet dat ik het risico loop gearresteerd te worden als ik geen traditionele kledij draag,’ zegt ze. ‘Hoewel we al jaren en jaren in Thailand wonen, worden we van Myanmarese kant niet erkend als etnische groepering, en worden we ook niet erkend als Thais staatsburger. We worden gewoon tentoongesteld als een toeristische attractie.’

    Saw Ae Sehun, dorpshoofd van Kayan Taryar, zegt dat de Thaise autoriteiten sinds de staatsgreep in Myanmar de controles in de grensgebieden hebben aangescherpt, en dat treft ook de Kayan Lahwi die zich in Thailand hebben gevestigd.

    ‘Het is verreweg het veiligste om in traditionele kledij de deur uit te gaan’

    ‘Het is verreweg het veiligste om in traditionele kledij de deur uit te gaan. Onze traditionele dracht garandeert onze veiligheid. Als de Thaise politie ons in traditionele dracht ziet, laten ze ons met rust,’ zegt hij.

    De politieke crisis heeft geleid tot een toestroom van vluchtelingen. Sommigen leven in kampen en anderen hebben hun toevlucht gezocht in Kayan Lahwi-gemeenschappen zoals Huay Pu Keng en Kayan Taryar.

    lawrence makoona cNvwOa6HH4Y unsplash
    Huay Pu Keng wordt in de volksmond aangeduid met de botte benaming ‘Langenekkendorp’. – © Unsplash

    ‘Sommige mensen hier in het dorp zijn weggelopen uit de opvangkampen,’ zegt Hla Bwe Sae uit Kayan Taryar. ‘Ze kunnen niet terug naar huis, dus zitten ze hier vast.’

    Opvangkampen

    Kayan Lahwi die familieleden hebben in een van de toeristendorpen mogen met toestemming van de Thaise autoriteiten de opvangkampen verlaten en naar die dorpen gaan, maar de meesten hebben moeite om te vertrekken. 

    ‘Er wonen hier veel Kayan Lahwi, maar er zijn er maar weinig die ooit in Mae Hong Son zijn geweest. De meesten wagen zich niet buiten het dorp,’ aldus Hla Bwe Sae.

    In tegenstelling tot Huay Pu Keng trekt Kayan Taryar maar weinig bezoekers, omdat het dorp minder inwoners heeft en afgelegener is.

    ‘De Thaise overheid heeft een lagere school geopend in ons dorp, en er is ook een medische post. Hoewel we allemaal hier wonen, spreken we geen Thais en wagen we ons dan ook zelden buiten het dorp. We verbouwen het een en ander in de bergen hier in de buurt, en verder blijven we thuis,’ zegt hij.

    Hla Bwe Sae, die inmiddels dertig is, is op zijn tiende uit Demoso vertrokken. 

    ‘Ik kan niet terug naar Demoso en ik ken niets anders dan het dorp waar ik woon, aan de Thaise kant van de grens. Waarschijnlijk blijf ik hier tot mijn dood,’ zegt hij.

    Kayan Lahwi worden vaak uitgebuit – ze krijgen geen enkele steun

    Hoewel de Kayan Lahwi-dorpen worden gepromoot als toeristische attractie, krijgen ze geen enkele andere steun van de Thaise overheid, zegt Saw Ae Sehun.

    ‘We worden afgeschilderd als een etnische groepering met interessante tradities voor toeristen. Maar onze Kayan Lahwi-familieleden die aan de Thaise grens wonen, worden vaak uitgebuit – ze krijgen geen andere rechten en geen enkele steun,’ zegt hij. ‘Ik droomde er vaak van om terug te gaan naar Myanmar, maar sinds de staatsgreep is dat onmogelijk.’

    Saw Ae Sehun zegt dat hij, hoewel hij zelf niet meer kan terugkeren naar Myanmar, alles wil doen wat in zijn vermogen ligt om de vluchtelingen te helpen die de grens zijn overgestoken en naar Kayan Taryar zijn gekomen.