Tag: nucleaire wapens

  • Hoe deepfakes een kernoorlog kunnen uitlokken

    Hoe deepfakes een kernoorlog kunnen uitlokken

    Nucleaire waarschuwingssystemen zijn te kwetsbaar voor hallucinerende kunstmatige intelligentie. De gevolgen van een AI-fout kunnen op dit gebied desastreus zijn.

    Al sinds het begin van het atoomtijdperk doen beleidsmakers en strategen hun best om te voorkomen dat landen per ongeluk een kernwapen inzetten. Maar het risico op zo’n ongelukje is nog steeds even groot als tijdens de Koude Oorlog. In 1983 meldde een waarschuwingssysteem van de Sovjet-Unie ten onrechte dat de VS kernraketten hadden afgevuurd. Deze hadden een desastreuze tegenaanval kunnen uitlokken. Dat dit voorkomen werd, is enkel te danken aan de officier van dienst op dat moment, Stanislav Petrov, die besloot dat het loos alarm moest zijn. Had hij die conclusie niet getrokken, dan hadden de Sovjetleiders een reden gehad om de meest verwoestende wapens ter wereld op de Verenigde Staten af te vuren.

    De snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie verhoogt de risico’s voor de nucleaire veiligheid. Zo bestaat de vrees dat een kernmogendheid het besluit over de inzet van kernwapens zou kunnen overlaten aan machines. De VS hebben al waarborgen ingebouwd om ervoor te zorgen dat er uiteindelijk altijd mensen over zo’n aanval beslissen. Volgens de Nationale Defensiestrategie van 2022 moet er altijd een mens ‘betrokken zijn’ bij elk besluit tot het al dan niet inzetten van een kernwapen. President Biden en de Chinese leider Xi Jinping hebben beiden een onderling afgestemde verklaring afgegeven waarin ze in identieke bewoordingen stelden dat een ‘besluit over de inzet van kernwapens door mensen moet worden genomen’.

    Maar de opkomst van AI levert nog een ander gevaar op voor de nucleaire veiligheid. Deze vergemakkelijkt het maken en verspreiden van deepfakes, overtuigend gemanipuleerde beelden en geluiden met valse informatie over mensen of gebeurtenissen. Een techniek die steeds geraffineerder wordt. Enkele weken na de Russische inval in Oekraïne dook er in 2022 al een breed verspreide deepfake op van de Oekraïense president Zelensky die zijn landgenoten opriep de wapens neer te leggen. In 2023 werd mensen door een deepfake wijsgemaakt dat Poetin de tv-uitzending van de staatsomroep had onderbroken om de algehele mobilisatie af te kondigen. In een extremer scenario zou zo’n deepfake de leider van een kernmogendheid ervan kunnen overtuigen dat zijn land wordt aangevallen, of zou een inlichtingenplatform dat berust op AI ten onrechte alarm kunnen slaan over de mobilisatie van een tegenstander of zelfs een aanval met een vuile bom.

    De regering-Trump wil AI inzetten voor de nationale veiligheid. In juli is er een actieplan uitgevaardigd dat oproept tot ‘agressieve’ inzet van AI in alle geledingen van het ministerie van Defensie. In december onthulde het ministerie GenAI.mil, een platform met AI-tools voor zijn medewerkers. Maar als AI geïntegreerd wordt in de infrastructuur voor nationale veiligheid, is het van cruciaal belang dat beleidsmakers en systeemontwerpers heel voorzichtig zijn met de rol die ze machines geven in de beginfasen van de besluitvorming rond kernwapens. Inherent aan AI is ook het probleem van het hallucineren en vervalsen van informatie, waarbij de taalmodellen onjuiste voorspellingen over feiten of patronen spuien. Zolang dat nog niet kan worden voorkomen, moet de Amerikaanse overheid erop toezien dat er bij de nucleaire waarschuwingssystemen mensen aan de knoppen blijven zitten. En hetzelfde geldt voor andere kernmogendheden.

    Opeenlopende crises

    Donald Trump heeft momenteel een telefoon waarop hij deepfakes bekijkt. Die deelt hij soms op sociale media, net als veel van zijn naaste adviseurs. Naarmate de scheidslijn tussen echte en valse informatie vervaagt, groeit de kans dat zulke deepfakes invloed krijgen op de besluitvorming rond nationale veiligheid, ook inzake kernwapens.

    Als desinformatie de Amerikaanse president op het verkeerde been kan zetten, al is het maar voor een paar minuten, kan dat rampzalig uitpakken voor de wereld. De president is niet bij wet verplicht om met iemand ruggespraak te plegen voordat hij bevel geeft tot de inzet van kernwapens, of het nu voor een vergeldingsactie of een eerste aanval is. Het leger staat continu paraat om de vliegtuigen, onderzeeërs en grondraketten met kernkoppen in te zetten. Een Amerikaanse intercontinentale raket kan zijn doel binnen een half uur bereiken, en als zo’n raket eenmaal gelanceerd is, is dat niet meer terug te draaien.

    De nucleaire strijdkrachten van zowel Amerika als Rusland staan paraat voor een zogenaamde ‘launch on warning’, wat inhoudt dat ze meteen tot vuren kunnen overgaan zodra er vijandelijke raketten worden waargenomen. Dat betekent dat het staatshoofd binnen enkele minuten moet beslissen of er van een vijandelijke kernaanval sprake is. (Volgens het huidige Amerikaanse beleid heeft de president ook de optie om zijn besluit uit te stellen tot nadat de VS daadwerkelijk door een kernwapen van de vijand zijn getroffen.) Als het Amerikaanse waarschuwingssysteem een dreiging detecteert, wordt alles in het werk gesteld om die aanval aan de hand van zowel geheime als openbare inlichtingenbronnen te verifiëren. Dan wordt er naar meer context en informatie over de situatie ter plaatse gezocht in satellietgegevens over activiteiten bij bekende militaire faciliteiten, recente verklaringen van buitenlandse regeringsleiders en berichten in buitenlandse nieuwsbronnen en sociale media. Vervolgens moeten militairen, ambtenaren en andere functionarissen bepalen welke informatie ze aan hun superieuren doorgeven en hoe ze die presenteren.

    Omdat de logica achter het AI-proces een black box is, hebben we geen idee hoe AI toe zijn conclusies komt

    Desinformatie afkomstig van AI kan een lawine aan crises veroorzaken. Als AI-systemen worden gebruikt voor de duiding van de data in het waarschuwingssysteem, kunnen ze een aanval hallucineren die helemaal niet plaatsvindt en de Amerikaanse autoriteiten zo in dezelfde positie brengen waarin Petrov veertig jaar geleden verkeerde. Omdat de logica achter het AI-proces een black box is, hebben we geen idee hoe AI toe zijn conclusies komt. Onderzoek wijst uit dat mensen met een gemiddelde mate van AI-ervaring de neiging hebben om de informatie die de machine ophoest eerder klakkeloos te accepteren dan te controleren op eenzijdigheid of fouten, zelfs als de nationale veiligheid in het geding is. Zonder intensieve training en tools en werkprocessen die rekening houden met de minpunten van AI kunnen de adviseurs van de beleidsmakers in het Witte Huis in de gewoonte vervallen om er klakkeloos van uit te gaan, of in ieder geval de mogelijkheid open te houden, dat van AI afkomstige informatie feitelijk correct is.

    Deepfakes op openbare mediakanalen zijn al bijna net zo gevaarlijk. Een Amerikaanse beleidsmaker zou op grond van een deepfakefilmpje bijvoorbeeld een Russische kernproef kunnen aanzien voor een aanval, of Chinese schietoefeningen voor een aanval op een bondgenoot van Amerika. Deepfakes kunnen gebruikt worden om een aanleiding voor een oorlog in scène te zetten, de steun van de bevolking voor een conflict aan te wakkeren of verwarring te zaaien.

    Een kritische blik

    In juli kwam de regering met een actieplan dat oproept tot agressieve inzet van AI-middelen bij Defensie, het grootste overheidsapparaat ter wereld. Dat heeft zijn nut bij het verhogen van de efficiëntie in sommige legeronderdelen al bewezen. Met AI is de planning van het onderhoud van torpedobootjagers gestroomlijnd. Dankzij AI-technologie in autonome munitie zoals drones kunnen soldaten op grotere afstand van het front blijven. En inlichtingenofficieren hebben baat bij AI-vertaaltools om data uit andere landen te analyseren. AI kan zelfs nuttig zijn voor sommige andere standaardtaken, zoals het detecteren van verschillen tussen foto’s die op meerdere dagen zijn genomen van bommenwerpers die op vliegvelden geparkeerd staan.

    Gebruik van AI in militaire systemen is geen simpele kwestie van alles of niets. Er zijn operationele domeinen waar AI beslist uit den boze moet blijven, zoals de nucleaire waarschuwingssystemen en de commandovoering: daar weegt het risico van hallucinatie en datavervalsing zwaarder dan de eventuele voordelen van AI-software. De beste AI-systemen berusten op uitgebreide en geverifieerde datasets. Die zijn voor nucleaire waarschuwingssystemen niet voorhanden, want sinds de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki heeft er geen nucleaire aanval meer plaatsgevonden. Een AI-waarschuwingssysteem zou waarschijnlijk getraind moeten worden met data van raketproeven en van satellietsystemen en met synthetische data. Bij de programmering zouden de ontwerpers bescherming moeten inbouwen tegen hallucinaties en onjuiste betrouwbaarheidsinschattingen: een flinke technische horde.

    Het kan verleidelijk zijn om de controles door hoogopgeleid personeel te vervangen door AI-tools, of om met behulp van AI verschillende gegevensbronnen samen te voegen teneinde de analyse te versnellen. Maar het schrappen van die kritische menselijke blik kan resulteren in fouten, gekleurde interpretaties en misverstanden. Momenteel geldt bij Defensie al de eis dat de acties van autonome drones door mensen worden gecontroleerd, en zo moet ook voor elk onderdeel van de waarschuwingssystemen en inlichtingentechnologie rond kernwapens de lat zelfs nog hoger worden gelegd. AI-tools voor data-integratie mogen geen substituut worden voor menselijke medewerkers die de gegevens over raketten beoordelen. Het proces waarbij de initiële waarschuwing van een nucleaire aanval op grond van satelliet- of radargegevens geverifieerd wordt, mag hooguit ten dele worden geautomatiseerd. En deelnemers aan cruciaal beraad over de nationale veiligheid mogen hun overwegingen alleen baseren op geverifieerde en ongemanipuleerde data.

    In juli 2025 heeft Defensie het Congres om geld gevraagd voor de toevoeging van nieuwe technologie aan de commandovoering en communicatie voor kernwapens. De overheid zou er goed aan doen om de integratie van AI en automatisering te beperken tot cybersecurity, bedrijfsvoering en analyses, en eenvoudige taken zoals het tijdig inschakelen van de noodstroomvoorziening.

    Een oude strategie

    Het risico op een kernoorlog is vandaag de dag groter dan het in decennia is geweest. Rusland heeft al met kernwapens gedreigd in Oekraïne, China is zijn arsenaal in rap tempo aan het uitbreiden, Noord-Korea heeft nu intercontinentale raketten waarmee het de VS kan bereiken en het mondiale nonproliferatiebeleid wankelt. Tegen deze achtergrond is het des te belangrijker dat de daden, intenties en doelen van tegenstrevers niet worden beoordeeld door machines die getraind zijn met slechte en onvolledige data, maar door mensen.

    Inlichtingendiensten moeten beter worden in het traceren van de herkomst van informatie die door AI is gegenereerd en er een gewoonte van maken om beleidsmakers erop te wijzen wanneer data door AI is bewerkt of gegenereerd. In de rapporten met analyses van satellietgegevens van de National Geospatial-Intelligence Agency wordt bijvoorbeeld altijd duidelijk vermeld welke informatie afkomstig is van AI. Inlichtingenanalisten, beleidsmakers en hun medewerkers moeten worden opgeleid om daar extra kritisch op te zijn en gegevens na te trekken die niet meteen verifieerbaar zijn, net zoals men in het bedrijfsleven nu extra waakzaam is op gerichte phishingaanvallen. En beleidsmakers moeten vertrouwen stellen in hun inlichtingendiensten, hoe verleidelijk de neiging ook is om eerder te vertrouwen op hun eigen ogen en wat ze zien op hun telefoon (of dat nu klopt of niet) dan op de conclusies van een inlichtingenrapport.

    Technologen en andere deskundigen moeten blijven zoeken naar methoden voor het opsporen en tegengaan van valse informatie, beelden en filmpjes op sociale media die beleidsmakers kunnen beïnvloeden. Maar aangezien openbare informatiestromen moeilijk te beteugelen zijn, is het van des te groter belang dat de informatie van de inlichtingendiensten zelf wel klopt.

    AI is nu al in staat om leiders te laten denken dat ze een aanval zien die er niet is

    Bij verdere aanpassingen van het kernwapenbeleid in de Nationale Defensiestrategie moet de regering-Trump zich tegen de reële en onbeheersbare gevaren van AI-informatie wapenen door expliciet te bevestigen dat er nooit zonder menselijke inbreng een besluit over de lancering van een kernwapen mag worden genomen door een machine. Als eerste stap moeten alle kernmogendheden samen overeenkomen dat alleen mensen over de inzet van kernwapens mogen beslissen. Vervolgens moeten ze de communicatiekanalen voor crisissituaties verbeteren. Tussen Washington en Moskou is er al een hotline, maar tussen Washington en Beijing nog niet.

    Het Amerikaanse standpunt en beleid inzake kernwapens is nog praktisch hetzelfde als in de jaren tachtig, toen vooral gevreesd werd voor een onverwachte aanval van de Sovjet-Unie. De beleidsmakers van toen hadden zich nooit kunnen voorstellen hoeveel desinformatie er binnenkomt op de mobiele telefoons van de mensen die tegenwoordig aan de knoppen zitten. Het Amerikaanse kernwapenbeleid stamt nog uit de Koude Oorlog en is toe aan een grondige herziening door zowel de regering als het parlement. De beleidsmakers zouden bijvoorbeeld de eis kunnen stellen dat een president in de toekomst eerst met de fractieleiders van het Congres overlegt voordat hij bevel geeft voor het eerste gebruik van een kernwapen. Of dat inlichtingendiensten de tijd moeten krijgen om de informatie waarop zo’n besluit berust te verifiëren. Omdat Amerika over uitstekende opties voor een tegenaanval beschikt, moet juistheid van informatie voorrang krijgen boven snelheid van besluitvorming.

    AI is nu al in staat om belangrijke spelers in het besluitvormingsproces en leden van de nucleaire commandostructuur te laten denken dat ze een aanval zien die er niet is. In het verleden zijn misverstanden tussen kernmogendheden alleen uit de wereld geholpen door middel van echte dialoog en diplomatie. Het beleid en de procedures moeten bescherming bieden tegen de verraderlijke informatierisico’s die anders tot onze nucleaire ondergang kunnen leiden.

  • Noord-Korea: Kim Jong-un onder voorwaarden bereid tot dialoog met de VS

    Noord-Korea: Kim Jong-un onder voorwaarden bereid tot dialoog met de VS

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Rodrigo Duterte aangeklaagd om misdaden tegen de menselijkheid

    » Spanje: stortregens eisen minstens één slachtoffer in Catalonië

    Hij wil dat de VS de wens van denuclearisatie laten varen

    De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un heeft zondag voor het Noord-Koreaanse parlement verklaard dat hij openstaat voor een hervatting van de dialoog met de Verenigde Staten, als deze hun ‘absurde obsessie voor de denuclearisatie’ van zijn land zouden opgeven, aldus NK News. Als Washington ‘op zoek is naar een echte vreedzame co-existentie met ons, dan is er geen reden waarom we niet met hen om de tafel zouden kunnen gaan zitten,’ voegde hij eraan toe.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Hij vervolgde dat hij persoonlijk ‘goede herinneringen’ had aan de Amerikaanse president Donald Trump, die hij in 2018 en 2019 drie keer heeft ontmoet. Kim Jong-un wees opnieuw iedere vorm van denuclearisatie van zijn land van de hand, omdat volgens hem ‘het voortbestaan of de ondergang van de staat’ op het spel staat, en herhaalde dat de hereniging van de twee Korea’s ‘volkomen zinloos’ was, aangezien de twee landen ‘volledig tegengestelde entiteiten’ zijn.

  • Rapport IAEA: Iraanse voorraden verrijkt uranium blijven stijgen

    Rapport IAEA: Iraanse voorraden verrijkt uranium blijven stijgen

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Gaza: humanitaire pauzes ingelast om kinderen in te enten tegen polio

    » Oekraïne: F-16 neergestort bij afslaan Russische aanval

    Iran heeft genoeg uranium voor handvol kernwapens

    De Iraanse voorraden hoogverrijkt uranium zijn tussen mei en augustus met 16 procent gestegen, dat blijkt uit een rapport van het Internationaal Atoomagentschap (IAEA) dat Bloomberg donderdag heeft ingezien. ‘Dit zou genoeg zijn om een handvol kernkoppen van brandstof te voorzien als Iran de politieke beslissing zou nemen om zich met kernwapens uit te rusten’, aldus het zakenmedium.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Volgens het rapport bedroegen de Iraanse reserves van tot 60 procent verrijkt materiaal op 17 augustus 164,7 kilogram (vergeleken met 142,1 kilogram in mei). De directeur-generaal van het IAEA, Rafael Grossi, sprak de hoop uit dat hij de nieuwe president, Massoud Pezeshkian, ‘in de nabije toekomst’ zou kunnen ontmoeten om over het atoomprogramma van Iran te praten.

  • ‘De Wagner-opstand toont aan dat in Rusland alles mogelijk is. Ook een kernaanval’

    ‘De Wagner-opstand toont aan dat in Rusland alles mogelijk is. Ook een kernaanval’

    De oorlog in Oekraïne leidt niet alleen tot binnenlandse onrust in Rusland, maar ook tot de vrees dat Poetin overgaat tot de inzet van kernwapens. Reden te meer om de ‘nucleaire koorts’ in Rusland scherp in de gaten te houden, schrijft Ana Palacio, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Spanje.

    De opstand van Jevgeni Prigozjin met zijn Wagner-groep heeft de klaarblijkelijke kwetsbaarheid van Vladimir Poetins regime het afgelopen weekend in een schril daglicht gezet. Het duurde weliswaar niet lang voordat Prigozjin eieren voor zijn geld koos en zijn naar Moskou oprukkende manschappen weer bevel gaf rechtsomkeert te maken, maar toch illustreert dit incident met een opstandige krijgsheer weer eens hoe dreigend en existentieel het gevaar is dat een agressieve en onstabiele nucleaire mogendheid voor de wereld vormt. 

    Sinds Oekraïne vorig jaar door Rusland werd binnengevallen, en vooral sinds het duidelijk werd dat Poetin daar niet de snelle overwinning zou behalen waarop hij blijkbaar had gerekend, doemt als een van de mogelijke uitkomsten ook een nachtmerriescenario aan de horizon op: dat Poetin ten val wordt gebracht en Rusland zal worden verscheurd door een machtsstrijd tussen krijgsheren, die dan ook met elkaar zullen wedijveren om de macht over het grootste nucleaire arsenaal ter wereld.

    Constant gevaar

    Dit scenario leek even werkelijkheid te worden toen Prigozjin het Russische leger beschuldigde van aanvallen op Wagner-kampen en in reactie daarop het zuidelijke hoofdkwartier van het leger in Rostov aan de Don innam en zijn eigen huurlingenleger liet oprukken naar Moskou. En al is deze opstand nu met een sisser afgelopen, er is geen enkele garantie dat er geen tweede poging volgt, zeker als je ziet hoeveel steun Prigozjin bij sommige delen van de Russische bevolking lijkt te genieten. 

    Maar ook met Poetin in het Kremlin blijven de Russische kernwapens een constant gevaar vormen. Het is immers de dreiging van nucleaire escalatie die het Westen ervan weerhoudt Oekraïne te hulp te schieten met militair ingrijpen, en die de NAVO dwingt de timing en de aard van haar militaire steun aan de Oekraïense strijdkrachten heel precies uit te kienen.

    Poetin heeft het Westen herhaaldelijk gemaand om op zijn tellen te passen. In 2014, het jaar waarin hij de Donbas binnenviel en de Krim annexeerde, heeft Rusland een nieuwe militaire doctrine aangenomen waarbij het zich het recht voorbehoudt kernwapens in te zetten bij een aanval met conventionele wapens die een bedreiging vormt voor het voortbestaan van de Russische staat. Vier jaar later bekrachtigde Poetin zijn geloof in dat principe nog eens. Ja, het zou een ‘mondiale catastrofe’ zijn, gaf hij toe, maar een wereld zonder Rusland had toch geen bestaansrecht.

    Hij voert dit nucleaire wapengekletter steeds verder op. De toespraak waarmee hij afgelopen september de annexatie van nog eens vier Oekraïense oblasten (provincies) afkondigde, zat vol bijtende opmerkingen over het militaire verleden van de Verenigde Staten, waaronder het feit dat de VS als enige land ter wereld ooit nucleaire wapens heeft gebruikt. En eerder deze maand bevestigde Poetin opnieuw dat hij bereid is kernwapens in te zetten als hij dat nodig acht voor ‘het voortbestaan’ en de bescherming van de ‘territoriale integriteit, onafhankelijkheid en soevereiniteit’ van de Russische staat. Hij zei ook dat zijn land dankzij het gigantische Russische kernwapenarsenaal een ‘strategisch voordeel’ heeft tegenover de NAVO. In februari heeft Rusland het START-verdrag opgeschort, het laatste verdrag over de nucleaire wapenbeheersing die het nog met de VS had.

    Rusland is momenteel in de greep van een repressie die doet denken aan de Sovjettijd

    Die provocerende nucleaire retoriek van Poetin begint de laatste tijd ook door te klinken in de commentaren van andere prominente Russen. Sergej Karaganov, erevoorzitter van de Russische Raad voor Buitenlands en Defensiebeleid, pleitte in een recent opiniestuk voor de mogelijkheid van een preventieve nucleaire aanval. Zo’n aanval op ‘een reeks doelwitten in een aantal verschillende landen’ zou Rusland volgens hem in staat stellen ‘diegenen die hun verstand verloren hebben weer tot rede te brengen’ en ‘de wil van het Westen te breken’. Zelfs voor een havik als Karaganov is dat een schokkende stellingname. 

    Maar misschien nog wel zorgwekkender is dat er nu ook zulke opruiende taal te horen is van figuren die zich in het verleden juist altijd gematigd opstelden. Dmitri Trenin, de voormalig directeur van het Carnegie Moscow Center, gold binnen Rusland lange tijd als de stem van de rede, maar ook hij pleit er nu voor dat Rusland ‘de nucleaire kogel’ in ‘het magazijn van zijn revolver’ laadt. Hij oppert dat een preventieve aanval de ‘mythologie’ zou ontkrachten van artikel 5 van de NAVO (dat een aanval op één lidstaat een aanval is op allen) en zo tot het uiteenvallen van heel dat bondgenootschap kan leiden.

    Er klinken natuurlijk ook wel tegengeluiden. De opvatting van Karaganov wordt bestreden door mensen als Fjodor Loekjanov, de huidige voorzitter van de Russische Raad voor Buitenlands en Defensiebeleid, Ivan Timofejev, directeur-generaal van de denktank Russische Raad voor Internationale Zaken, en Aleksej Arbatov van de Russische Academie van Wetenschappen. Maar zo’n pleidooi moet wel in patriottische termen worden vervat, want Rusland is momenteel in de greep van een repressie die doet denken aan de Sovjettijd. Dat blijkt wel uit de recente arrestatie van Evan Gershkovich, de journalist van The Wall Street Journal, en de krankzinnige gevangenisstraf die een oppositiefiguur als Vladimir Kara-Moerza wordt opgelegd. Historisch is interne repressie in Rusland altijd verbonden geweest met externe agressie.

    Voorlopig hoeft Rusland nog geen kernwapens in te zetten, zegt Poetin, althans niet om het voortbestaan van de Russische staat te garanderen. Maar een krijgsheer als Prigozjin zou daar heel anders over kunnen denken. In ieder geval lijkt de kans op de inzet van kleinere, ‘tactische’ kernwapens in Oekraïne sowieso toe te nemen. Terwijl Ruslands conventionele arsenaal stilaan uitgeput raakt, heeft het land onlangs een lading van zulke wapens op het grondgebied van zijn naaste bondgenoot Belarus gestationeerd, en het wil er nog meer sturen.

    ‘Nucleaire koorts’

    Volgens een enquête van het Levada Center uit april dit jaar meende een derde van de ondervraagde Russen dat de Russische leiders wel bereid zijn kernwapens in te zetten in Oekraïne, al is 86 procent van de Russen van mening dat kernwapens onder geen enkel beding mogen worden gebruikt. Vorige week erkende president Biden nog dat er een ‘reëel’ gevaar bestaat op de inzet van tactische kernwapens door Rusland. Dat zou de wereld een stuk gevaarlijker maken – zeker als Poetin er zomaar mee wegkomt. Als het Westen zwicht voor nucleaire chantage van Rusland, vallen er meer aanvallen te verwachten, in Moldavië en elders.

    De oorlog in Oekraïne roept niet alleen het schrikbeeld op van het uiteenvallen van de Russische staat, maar ook van een nucleaire confrontatie zoals de Cubacrisis van 1962 – maar dan misschien een crisis die niet kan worden bezworen. Vanwege dit gevaar moet het Westen alle beschikbare middelen inzetten om de vinger aan de pols te houden van het binnenlands debat in Rusland om te zien of de ‘nucleaire koorts’ in het land niet te hoog oploopt. De opstand van Prigozjin toonde natuurlijk wel aan dat in Rusland alles mogelijk is. En zoals de kremlinologen uit de Koude Oorlog na decennia van koffiedik kijken moesten constateren, valt het onmogelijk te voorspellen of je uit het maatschappelijk debat en uitingen in openbare media iets kunt afleiden over een nieuwe consensus in de politieke en militaire top. Maar er staat voor de wereld zoveel op het spel dat we het op zijn minst moeten proberen.

    Lees ook:

  • Noord-Korea houdt vast aan kernwapens, maar wat wil Kim Jong-un met al die raketten?

    Noord-Korea houdt vast aan kernwapens, maar wat wil Kim Jong-un met al die raketten?

    Kim Jong-un begon zijn tweede decennium als machthebber van Noord-Korea met grote beloften over groeiende welvaart. Maar zolang Kim zijn kernwapens niet wil opgeven, blijft het land economisch geïsoleerd. Ondertussen wordt de Noord-Koreaanse leider steeds brutaler.

    Je zou bijna de tel verliezen, zo veel raketproeven liet Kim Jong-un afgelopen jaar uitvoeren. Onder meer met raketten die in het holst van de nacht vanuit een binnenmeer worden gelanceerd en die in Zuid-Koreaanse wateren belanden, of over Japan vliegen. Alsof dit nog niet genoeg is, onthulde Kim op 19 november zijn grote wapen, de Hwasong-17, een intercontinentale raket. Maar opvallend genoeg werd de 25 meter lange raket, de grootste in zijn soort ter wereld, overschaduwd door de verschijning van een tengere figuur van nog geen anderhalve meter hoog, in een wit jasje en op rode schoenen: Kims dochter Ju-ae, vermoedelijk niet ouder dan een jaar of negen of tien. Het was haar eerste publieke optreden.

    Die vreemde combinatie van een liefhebbende vader en een nieuwsgierige dochter die elkaars hand vasthouden bij het aanschouwen van Noord-Korea’s ‘monsterraket’ deed denken aan een ander opmerkelijk propagandasignaal, van een maand eerder, op de verjaardag van Kims Arbeiderspartij. Er waren veel raketproeven op komst, maar op 10 oktober was in de Arbeiderskrant een ontspannen, stralende Kim te zien tijdens een inspectie – niet van een raketsilo, maar van een kas. Hij werd gefotografeerd terwijl hij trots twee groene paprika’s vasthield, in elke hand een. Kim blijft zijn volk beloven dat hij hen (en hun kinderen) niet alleen zal beschermen, maar ook van voedsel zal voorzien. 

    Jong en onervaren

    Toen Kim Jong-un in 2011 na de dood van zijn vader Kim Jong-il de leiding van Noord-Korea overnam, werd niet verwacht dat hij beide beloftes zou waarmaken. Hij werd alom afgeschilderd als jong en onervaren, en na zijn aantreden voorspelde menig deskundige een ophanden zijnde ineenstorting van het huidige Noord-Korea. Maar meer dan tien jaar later lijkt Kims greep op de macht steviger dan ooit. Hij weerde bedreigingen vanuit zijn eigen familie op brute wijze af door zijn oom te laten executeren en zijn oudere halfbroer te laten vermoorden. Ook vulde Kim de nomenklatoera van partij, leger en regering met mannen die hun positie aan hem te danken hebben. Hij degradeerde de generaals van zijn vader en bevorderde zijn eigen maarschalken. Oudere kaders stuurde hij met pensioen en hij stelde technocraten van middelbare leeftijd aan. Hij knoopte banden aan met lokale functionarissen door ze uit te nodigen naar de hoofdstad en ze in de provincies te bezoeken. 

    Er bestaat in Noord-Korea buiten de staat geen maatschappelijk middenveld. Een levensvatbaar politiek alternatief voor de regering van de Arbeiderspartij ontbreekt, en we hebben niet de minste aanwijzing gezien voor een Pyongyangse Lente. De antioorlogsdemonstraties in Rusland en de protesten tegen de lockdowns in China – laat staan de protesten die Iran op zijn grondvesten doen schudden – vinden in Noord-Korea geen navolging. Hoewel de late uitbraak van corona in het land in het voorjaar van 2022 wellicht ernstiger was dan de autoriteiten toegaven, zijn er geen tekenen dat het virus of de coronamaatregelen hebben geleid tot instabiliteit of noemenswaardige problemen voor Kims bewind.

    De ernstigste bedreiging voor zijn bewind lijkt zijn persoonlijke gezondheid. Hij was lange tijd een zware roker en had morbide obesitas, totdat hij in 2021 wat afviel. Maar in plaats van voortdurend te focussen op de mogelijkheid (gevoed door het wensdenken van analisten) dat Kims regime op instorten staat, is het beter om te kijken waar hij naartoe wil, en hoe hij zijn land over tien jaar ziet. In 2032 is hij immers nog in de bloei van zijn leven – ongeveer vijftig jaar oud – en begint hij ongetwijfeld aan zijn derde decennium aan de macht.

    Om te begrijpen waar hij naartoe wil, moeten we eerst naar zijn verleden kijken

    Bijna alle deskundigen zijn het erover eens dat de kans klein is dat hij binnenkort zijn kernwapens zal opgeven, als dat al ooit gebeurt. Maar dat roept de vraag op: waar zijn al die raketten voor? Is Kim een voorzichtige strateeg die zwakte veinst? Of is hij een risicovolle revanchist die uit is op dwingende diplomatie jegens Zuid-Korea en de Verenigde Staten? Om te begrijpen waar hij naartoe wil, moeten we eerst naar zijn verleden kijken.

    De wereld is geneigd te denken dat kernwapens de belangrijkste prioriteit zijn van Kim Jong-un. Maar voor hemzelf is die belangrijkste prioriteit, op de lange termijn, eerder wat hij voor het eerst verwoordde tijdens zijn inaugurele rede in april 2012. Toen beloofde hij zijn landgenoten dat ze ‘niet opnieuw de broekriem hoefden aan te halen’. In plaats daarvan, benadrukte hij, zouden ze ‘zo veel als ze willen kunnen genieten van de rijkdom en welvaart van het socialisme’.

    Toen hij uit de schaduw trad van zijn vader, die Noord-Korea van 1994 tot 2011 regeerde, begon Kim een reeks veelbelovende economische hervormingen in de landbouw en de industrie, en liet hij de traditionele markten grotendeels met rust. Het leverde het land een paar jaar van solide groei op. Maar na enkele jaren verlegde hij het accent van ‘boter’ naar ‘geweren’ en voerde hij een reeks kern- en raketproeven uit. Die brachten zelfs de formele bondgenoot China van streek en leidden eind 2017 tot strenge sancties van de VN-Veiligheidsraad. Enkele maanden later richtte Kim zich weer abrupt op de economie. In januari 2018 verklaarde hij zijn nucleaire afschrikmiddel als voltooid, en op een partijbijeenkomst in april van dat jaar zette hij een nieuwe strategische lijn uit die ‘alle inspanningen van de partij en het hele land zou richten op de socialistische economische opbouw’.

    Kim werd steeds brutaler. In het voorjaar van 2018 benadrukte hij tegenover de nouveau riche van Noord-Korea (die bekendstaat als de donju) en de lankmoedige massa dat zijn echte strategische doelstelling economische ontwikkeling was. De wereld toonde zich echter geïnteresseerder in het theater van Kims ontmoeting met Donald Trump in Singapore in juni, waarbij internationale media gretig verslag deden van elke wending in het toneelstuk, al veroordeelden tv-commentatoren het theatrale karakter van deze top. Toen de twee mannen elkaar in februari daaropvolgend in Hanoi ontmoetten voor verdere onderhandelingen, was Kim open over wat hij wilde. Hij vroeg om verlichting van de sancties en bood in ruil daarvoor aan zijn belangrijkste nucleaire complex (in Yongbyon) te ontmantelen. 

    Het feit dat het niet tot een overeenkomst kwam, mag de betekenis van Kims verzoek niet verhullen. Het gaf ons de duidelijkste aanwijzing tot nu toe van wat hij wil en wat hij bereid is te geven om dat te krijgen. Door de stille mislukking van de top in Hanoi, die te wijten was aan het feit dat Trump geen belangstelling meer had voor een overeenkomst met Kim, was de kans verkeken om te zien hoe ver Kim bereid was te gaan. De pandemie die begin 2020 toesloeg en de verkiezing van Joe Biden tot president van de VS, later dat jaar, beperkten die kans nog verder.

    Tekortkomingen

    Steeds opnieuw bewees Kim dat hij een blijvende kracht was, en onder waarnemers in de VS en zijn bondgenoten ontstond een nieuw soort angst. Waar er eerder werd gespeculeerd over het schijnbare gevaar van een ophanden zijnde ineenstorting van Noord-Korea, hebben de vorderingen in het nucleaire programma van het land in de afgelopen tien jaar een omgekeerde angst aangewakkerd: dat Kim zich opmaakt om Zuid-Korea binnen te vallen en het Koreaans Schiereiland met geweld te herenigen. Maar een zorgvuldige analyse laat zien dat die vrees misplaatst is. De primaire ambitie van de Noord-Koreaanse machthebber voor 2032 is leiding geven aan een land dat niet langer wordt afgedaan als een economische achterblijver.

    Regelmatig bekritiseerde Kim zichzelf in het openbaar voor zijn tekortkomingen als leider en voor de problemen waarmee het Noord-Koreaanse volk wordt geconfronteerd. In oktober 2020, tijdens de viering van de vijfenzeventigste verjaardag van de Arbeiderspartij, huilde Kim tijdens zijn toespraak vol berouw vanwege zijn falen om een eind te maken aan de ontberingen van het volk. Als Noord-Korea over tien jaar (hoe onwaarschijnlijk dat ook klinkt) uitgroeit tot de nieuwste ‘tijgereconomie’ van Azië, kan Kim zijn strategische lijn een briljant succes noemen en trots verkondigen dat hij na twee zwaarbevochten decennia eindelijk zijn oorspronkelijke belofte heeft ingelost. Een verhoging van de levensstandaard tot wat de Chinese communistische leiders ‘gematigde welvaart’ noemen, zou voor Kim een historische prestatie zijn. Zijn nalatenschap zou die van zijn vader en zijn grootvader, die geen van beiden de kunst van de economische ontwikkeling beheersten, volledig overtreffen.

    De ernstigste bedreiging voor zijn bewind lijkt zijn persoonlijke gezondheid

    Wil hij zijn ambitie van economische modernisering verwezenlijken, dan zal Kim echter moeilijke keuzes moeten maken. Zelfs voor het beste scenario, een door de staat geleid kapitalisme zoals in het communistische China en Vietnam, geldt dat de binnenlandse bronnen voor economische ontwikkeling beperkt zijn. Er is simpelweg niet voldoende investeringskapitaal, persoonlijke rijkdom of marktvraag om een drastische groei te genereren. Of zijn kameraden het nu leuk vinden of niet (en voor velen zal dat laatste gelden), Kim zal het land moeten openstellen als hij serieus werk wil maken van nationale welvaart.

    De makkelijkste plek om op zoek te gaan naar meer handel en investeringen ligt aan de andere kant van de noordgrens, waar zowel China als Rusland oproept tot verlichting van de sancties en betere economische betrekkingen met Noord-Korea. Hoewel het handelsvolume met Rusland van oudsher vrij bescheiden is, is een aanzienlijke toename van de energie-import voorstelbaar nu andere landen zich van Russisch gas en olie ontdoen. En hoewel VN-resoluties landen verbieden om Noord-Koreaanse werknemers in dienst te nemen, zou er in de Russische oorlogseconomie vraag kunnen ontstaan naar vervangende arbeidskrachten in de bouw en bosbouw. China is ondertussen al lang de belangrijkste handelspartner en bron van buitenlandse investeringen voor Noord-Korea. Het handelsvolume zou snel kunnen toenemen als Kim de poorten openzet voor Chinese ondernemers en investeerders – inclusief de onlangs gebouwde, grotendeels ongebruikte Vriendschapsbrug die de twee landen met elkaar verbindt.

    Er is één duidelijke tekortkoming in dit plan. Als Pyongyang niet van plan is zijn nucleaire afschrikmiddel overboord te gooien en een proces op gang te brengen dat kan leiden tot opheffing van de VN-sancties, zou Beijing moeten lobbyen voor versoepeling van die sancties of anders openlijk resoluties moeten schenden die het zelf heeft ondertekend. De eerste strategie zal waarschijnlijk niet werken, aangezien de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk hun veto zullen uitspreken over het verlichten van sancties zolang er geen sprake is van wezenlijke denuclearisering. De tweede strategie zou problematisch zijn, omdat een schaamteloze overtreding van sancties China’s claim een verantwoordelijk lid van de Veiligheidsraad te zijn in diskrediet zou brengen. Een derde optie, waarbij wordt geprobeerd dergelijke grootschalige economische activiteiten geheim te houden, is functioneel onmogelijk gezien de intensieve bewaking van de land- en zeegrenzen van Noord-Korea.

    Kim zou ook een doorbraak kunnen bewerkstelligen in zijn relatie met de Verenigde Staten

    En dan is er nog een ander, minder voor de hand liggend probleem. Zelfs als Kim erin slaagt renminbi en roebels aan te trekken, wordt hij geconfronteerd met een duopolie in de buitenlandse handel. Pyongyang zou voor zijn macro-economische stabiliteit en toekomstige groei bijna volledig afhankelijk worden van twee landen. Kim erfde van zijn vader een gevaarlijke afhankelijkheid van China, wat precies de reden was waarom hij tijdens zijn eerste jaren aan de macht de betrekkingen met Xi Jinping zo sterk liet verslechteren en tot 2018 zelfs weigerde Beijing te bezoeken. Ondanks de warme woorden van ambtenaren dat de twee landen zo hecht zijn ‘als lippen en tanden’, zijn de betrekkingen tussen China en Noord-Korea gekleurd door wederzijds wantrouwen en zelfs minachting, iets wat teruggaat tot de Koreaanse Oorlog (1950-1953). Als Noord-Korea een snelle groei weet te realiseren op basis van Chinees kapitaal, en daarbij vertrouwt op een Chinees defensieverdrag en Chinese diplomatie, zou dat de autonomie van het regime in gevaar brengen.

    In plaats van te vertrouwen op het opkomende Chinees-Russische blok zou Kim ook een doorbraak kunnen bewerkstelligen in zijn relatie met de Verenigde Staten, wat een radicaal alternatief zou zijn. Als Noord-Korea het op een akkoord gooit met Washington, zou het land toegang kunnen krijgen tot een totaal nieuwe wereld van markten en zakenpartners. De dichtstbijzijnde bron van kapitaal zou Zuid-Korea zijn. Maar vanwege de kwetsbaarheid die dat oplevert voor de veiligheid van zijn regime zal Kim vermoedelijk minder bereid zijn om deze route te kiezen. Ongecontroleerde blootstelling aan de open samenleving en de politieke vrijheden van het Zuiden zou immers destabiliserend kunnen werken, en met hun economische geavanceerdheid zouden multinationals als Samsung, LG en Hyundai hun tegenhangers in het Noorden gemakkelijk kunnen overvleugelen. Maar Singapore en Vietnam, twee landen die Kim bezocht in 2018, het jaar van zijn topontmoetingen, zouden natuurlijke economische partners kunnen zijn met minder ideologische verplichtingen. 

    Deze tweede weg is veel ambitieuzer en gevaarlijker. Kim zou moeten voldoen aan basiseisen van de VS en Zuid-Korea op het gebied van veiligheid, zonder zijn eigen fundamentele veiligheid in gevaar te brengen door zijn nucleaire afschrikmiddel op te geven. Het Witte Huis zou zijn strategie ten opzichte van Noord-Korea radicaal moeten heroverwegen, en Washington zou bereid moeten zijn definitief te breken met het nucleaire afschrikkingsbeleid van de afgelopen drie decennia. Deze ontwikkeling zou onvermijdelijk voor enige instabiliteit zorgen in een systeem dat gebaseerd is op controle en isolatie. Maar daar staat wat tegenover: tegen 2032 zou Kim op weg kunnen zijn het lang nagestreefde doel te verwezenlijken en van Noord-Korea een ‘sterke en welvarende grote mogendheid’ te maken – iets wat zijn vader niet was gelukt.

    Toekomst

    Dit veronderstelt natuurlijk dat Kim Jong-un over tien jaar nog steeds aan het roer staat. Afhankelijk van zijn gezondheid kan hij zich vrij zeker voelen over zijn toekomst als leider. Toch zal hij spoedig op een ander probleem stuiten – een probleem dat alle heersers kennen: de kwestie van een troonopvolger. Als de berichten over Kims nageslacht juist zijn, dan studeert zijn oudste zoon in 2032 af aan de universiteit, waarmee hij in aanmerking komt voor het politieke voorbereidingsproces dat zijn vader en grootvader rond die leeftijd ondergingen. Ju-ae, de dochter die Kim onlangs aan de wereld toonde, heeft dan ook de studentenleeftijd bereikt en wil zich misschien mengen in de strijd om de kroon.

    Als Kim vastbesloten is de weg te bereiden voor een regering van de vierde generatie, moet hij op zeker moment het opvolgingsproces in gang zetten. Hoewel de meeste Korea-deskundigen uitgaan van opvolging in de mannelijke lijn, is het mogelijk dat Kim kiest voor zijn dochter. Hij is zelf het product van tanistry (opvolging door de meest bekwame nakomeling) in plaats van eerstgeboorterecht. Kim promoveerde bovendien zijn zus Yo-jong naar een hoge functie, terwijl zijn oudere broer Jong-chul nauwelijks in beeld is. En vorig jaar benoemde Kim de eerste vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken van het land, Choe Son-hui.

    Tenzij het regime ineenstort zal denuclearisering niet snel of helemaal niet gebeuren

    Ook denkbaar is dat Kim het erfelijkheidsbeginsel helemaal afschaft. Misschien wil hij zijn kinderen deze ervaring besparen, of tonen zij er geen belangstelling of aanleg voor (hoewel Ju-ae al wel interesse lijkt te hebben voor langeafstandsraketten). Als de Koreaanse Arbeiderspartij tot het werkelijke bestuursorgaan van Noord-Korea zou worden bevorderd, in plaats van de familie Kim, zou het land meer gaan lijken op de communistische partijstaten China en Vietnam. Daarmee zou het regime zich ontdoen van een belangrijk onderdeel van zijn mythische legitimiteit, aangezien de opeenvolgende leiders een heilige ‘Paektu’-bloedband hebben met oprichter en ‘eeuwig president’ Kim Il-sung (de grootvader van de huidige leider). Ook als Kim Jong-un in 2032 lichamelijk en politiek gezond is, zal de kwestie van de opvolging steeds moeilijker te negeren zijn. Hoe hij met deze kwestie zal omgaan, zal bepalend zijn voor de derde tien jaar van zijn bewind. 

    Terwijl de NAVO zich concentreert op de Russische agressie in Oekraïne, en de Aziatische landen langs de Stille Oceaan zich zorgen maken over de rivaliteit tussen de VS en China, pakken zich het hele jaar al stormwolken samen boven het Koreaans Schiereiland. Noord-Korea ontwaakte uit de ongewone rust van de lockdown, toen vrijwel alle grensoverschrijdende handel was afgesloten, door de raketproeven te hervatten en het tempo ervan op te voeren. Pyongyang deed dit jaar al meer proeven dan ooit tevoren, en inlichtingendiensten verwachten dat een zevende kernproef elk moment kan plaatsvinden.

    De confrontatie tussen Rusland en het Westen biedt Kim een kans. De oorlog van Vladimir Poetin heeft Xi Jinping in een lastig parket gebracht, omdat China probeert zijn speciale relatie met Rusland te behouden en tegelijkertijd de internationale kritiek af te wenden dat het niets doet om het geweld in Oekraïne te stoppen. Het uitgesproken verzet van Beijing tegen de sancties tegen Rusland wijst erop dat de twee permanente leden van de VN-Veiligheidsraad geen zin hebben om Pyongyang nieuwe economische sancties op te leggen (zoals al bleek uit de passiviteit van de Veiligheidsraad na de recente lancering van Kims intercontinentale raket). Intussen is er door de lage prioriteit die Washington aan het Noord-Koreabeleid toekent en het onverzoenlijke standpunt van de conservatieve regering in Seoel voor Kim niet veel aanleiding om van koers te veranderen. 

    Rocinante

    Kim zou inderdaad kunnen besluiten dat hij de patstelling in de betrekkingen tussen de twee Korea’s het best kan gebruiken om binnenlandse politieke punten te scoren, door de nieuwe Zuid-Koreaanse president te verslaan in een wedstrijdje onverzettelijkheid. Trends voorspellen op de korte termijn stapsgewijze cycli van provocatie en tegenprovocatie op het Koreaans Schiereiland en de rest van de regio. Kim zou er ook op kunnen gokken dat een verdere versnelling van zijn strategische wapencapaciteit de beste manier is om gebruik te maken van de stilte in de diplomatie met de Verenigde Staten; dat zou hem in een sterkere positie kunnen brengen bij mogelijke onderhandelingen als Trump of een Trump-achtige figuur bij de verkiezingen van 2024 het Witte Huis verovert. Het is aan de regering-Biden om Kim ervan te overtuigen dat niet alleen de deur naar dialoog openstaat, maar dat het Witte Huis ook echt bereid is om tot een oplossing met Pyongyang te komen. 

    Sinds het einde van de Koude Oorlog willen Amerikanen – zowel Democraten als Republikeinen – maar één enkel hoofddoel bereiken als het gaat om Noord-Korea: denuclearisering. Maar tenzij het regime ineenstort of er een onverwachte, catastrofale oorlog uitbreekt zal dit niet snel of helemaal niet gebeuren, dat is het enige waar vrijwel alle deskundigen het over eens zijn. En toch blijft de regering-Biden, net als haar voorgangers, koppig vechten tegen de windmolens en vasthouden aan ‘volledige, controleerbare en onomkeerbare denuclearisering’. Op hun eigen Rocinante (het trouwe ros van Don Quichot) rijden ze naar de Veiligheidsraad en het ministerie van Financiën om een lans te breken voor meer sancties.

    Maar hoe vaak zij hun lansen ook tonen, de windmolen blijft draaien – en steeds sneller. De discussie onder deskundigen en analisten is op een punt van diepe vermoeidheid aanbeland, een soort van collectieve berusting in de hardnekkige tegenstrijdigheid van de politieke wil. Kim Jong-un zal, net als elke leider, zijn eigen macht, de stabiliteit van het regime of de nationale veiligheid niet in gevaar brengen omwille van economische ontwikkeling, en een nucleaire afschrikking is van essentieel belang voor alle drie. Hij zal onze keuze tussen geweren en boter niet accepteren. Maar ondertussen is het zijn eigen onmogelijke droom om te kunnen regeren over een welvarende natie, waarin de schrijnende armoede van vandaag tot het verleden behoort en meer mensen eindelijk in staat zullen hun gezin te voeden. Moeten we deze windmolen blijven bevechten?

    De eerste, voorzichtige contouren van een serieuze overeenkomst lagen in 2018 op tafel. Nu het tempo van de kernproeven in het Noorden en de gezamenlijke militaire oefeningen in het Zuiden steeds verder wordt opgevoerd, is het tijd om opnieuw te bekijken wat voor toekomst er mogelijk is. Met andere woorden: we moeten Noord-Korea behandelen zoals het werkelijk is en begrijpen wat Kim wil, en waar hij zijn land naartoe wil leiden in zijn volgende tien jaar als machthebber. Misschien is de beste optie voor hem ook de beste voor ons. 

    Lees ook:

  • Diplomatie hoort geen vies woord te zijn in de oorlog in Oekraïne

    Diplomatie hoort geen vies woord te zijn in de oorlog in Oekraïne

    In plaats van elkaar uit te sluiten, moeten vechten en praten hand in hand gaan, stelt Financial Times-columnist Gideon Rachman. Diplomatie kan leiden tot creatieve oplossingen voor lastige problemen.

    360 is recentelijk begonnen met het inspreken van audio-artikelen. Vind je ze leuk? Steun ons dan met een donatie.

    Joe Biden is een van de weinige wereldleiders die zich de Cubaanse rakettencrisis nog levendig zal herinneren. Hij was een student van bijna twintig toen de VS en de Sovjet-Unie op een haar na in een kernoorlog verwikkeld raakten. Nu, als president van de VS, heeft Biden zich half mijmerend, half waarschuwend laten ontvallen dat de kans op een nucleair armageddon momenteel groter is dan op enig ander moment sinds de crisis die zich ontvouwde in oktober 1962, precies zestig jaar geleden.

    Door sommigen is afkeurend gereageerd op de woorden van Biden. De Amerikaanse president zou Vladimir Poetin in de kaart spelen door openlijk over een kernoorlog te spreken. De situatie waarin de Russische president en zijn leger zich bevinden wordt steeds hopelozer. Westerse inlichtingendiensten geloven dat de Russen door hun ammunitie heen raken en dat Poetin daar nog maar net achter is gekomen. Door te dreigen met het gebruik van kernwapens haalt Poetin een van zijn laatste instrumenten van stal om Oekraïne en zijn westerse bondgenoten zoveel schrik aan te jagen dat ze concessies zullen doen.

    Biden is niet de enige die openlijk over de nucleaire dreiging spreekt. Ook Volodymyr Zelensky heeft gezegd dat Poetin het Russische volk psychologisch voorbereidt op het gebruik van kernwapens. De Oekraïense leider noemde dit ‘zeer gevaarlijk’. In het licht van de toenemende escalatie en het oplopende dodental is het zowel opvallend als zorgwekkend dat er nog geen serieuze diplomatieke pogingen worden ondernomen om het conflict te beëindigen.

    Tijdens de Cubacrisis in 1962 werd uiteindelijk de lont uit het nucleaire kruitvat getrokken door stille diplomatie. Die vorm van diplomatie ontbreekt jammerlijk in de oorlog in Oekraïne. Volgens sommige van Oekraïnes vurigste medestanders is alleen het praten over diplomatie al een concessie. Zij vinden het verslaan van Poetin de enige acceptabele en realistische manier om de oorlog te beëindigen. Dat is een mooi principe, maar in de praktijk niet bijster nuttig.

    Vergissing

    Het is een schromelijke vergissing te denken dat diplomatie een alternatief is voor krachtige militaire steun aan Oekraïne. Deze twee benaderingen zouden juist hand in hand moeten gaan en elkaar moeten aanvullen.

    Het zou ongetwijfeld het beste zijn als Rusland op alle fronten zou worden verslagen en er in Moskou een nieuwe boetvaardige regering zou aantreden die bereid zou zijn de oorlogsschade te vergoeden en Poetin te berechten wegens oorlogsmisdaden. Maar hoewel zoiets op de lange termijn tot de mogelijkheden behoort, zit het er voorlopig niet in. Vooralsnog ziet het er eerder naar uit dat de Russische leider en zijn entourage verder zullen radicaliseren naarmate hun opties afnemen.

    Tot de Russische opties behoren economische druk, het in het wilde weg bombarderen van Oekraïne en het saboteren van westerse infrastructuur. Maar het steeds openlijker dreigen met kernwapens is ook een waarschijnlijkheid. Het gebruik van tactische kernwapens valt niet uit te sluiten. Dat westerse leiders daar zo veelvuldig op wijzen en over mogelijke reacties spreken – de laatste in de rij was de Franse president Emmanuel Macron – toont aan wat voor geheime briefings ze krijgen.

    ‘De diplomatie laat momenteel te wensen over’

    Door de Oekraïners de militaire steun te geven die ze nodig hebben om vorderingen te maken op het slagveld, maken ze de grootste kans om bij een uiteindelijk vredesakkoord hun doelen te verwezenlijken. Maar de gevechten dienen gepaard te gaan met onderhandelingen, waarbij de Oekraïners in elke fase moeten worden betrokken en geraadpleegd.

    Sommige westerse militaire leiders vinden het frustrerend dat hun inspanningen in Oekraïne niet door gelijktijdige diplomatie worden ondersteund. ‘Militaire actie is op zichzelf ineffectief,’ aldus een gezaghebbende militaire zegsman. ‘Ze is alleen effectief als ze wordt gecombineerd met economische en diplomatieke inspanningen. En de diplomatie laat momenteel te wensen over.’

    Hoewel sommigen misschien veronderstellen dat er meer stille diplomatie wordt bedreven dan men op het eerste gezicht zou denken, is er volgens insiders maar weinig contact met het Kremlin. Verondersteld wordt dat belangrijke leden van het team van Biden met hun tegenhangers in Moskou hebben gesproken. Maar de resultaten zouden teleurstellen omdat de Russische kant alleen zaken wil bespreken die door het Kremlin zijn goedgekeurd.

    Diplomatie door derden

    Diplomatie door derden zou misschien meer resultaat opleveren. Als voorbeeld zou het akkoord kunnen dienen dat het mogelijk maakte dat Oekraïens graan havens in de Zwarte Zee verliet waardoor de wereldwijde voedselcrisis werd verlicht. Turkije speelde een belangrijke rol bij de totstandkoming van die gesprekken. Niet iedereen zal de Turkse president Recep Tayyip Erdogan als een betrouwbare bemiddelaar beschouwen, maar hij heeft sinds jaar en dag goede contacten in Washington, Brussel en Moskou.

    Ook India zou een mogelijke bemiddelaar kunnen zijn. Dat de Indiërs geen VN-resoluties hebben gesteund waardoor Rusland werd veroordeeld, is op veel westerse kritiek gestuit. Maar daardoor zouden ze geloofwaardige boodschappers kunnen zijn in de ogen van Moskou. En Subrahmanyam Jaishankar, de Indiase minister van Buitenlandse Zaken, wordt alom gerespecteerd.

    Door sommigen in het Westen worden verstrekkende voorwaarden aan een uiteindelijk vredesakkoord verbonden. De Russische troepen moeten zich minstens terugtrekken tot het punt waar ze zich voor de invasie op 24 februari bevonden. De toekomst van Oekraïne als levensvatbare staat moet worden gegarandeerd, met vrije toegang tot de zee, controle over het eigen luchtruim en betrouwbare veiligheidsgaranties die niet afhankelijk zijn van Russische goeder trouw. De status van de Krim zal het moeilijkste punt van onderhandeling zijn. Maar diplomatie op hoog niveau is nu juist bedoeld voor het vinden van creatieve oplossingen voor lastige problemen. En momenteel ontbreekt het daaraan.

  • Noord-Korea is ‘onomkeerbare’ nucleaire macht, aldus Kim Jong-un

    Noord-Korea is ‘onomkeerbare’ nucleaire macht, aldus Kim Jong-un

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Steve Bannon aangeklaagd voor financiële fraude in New York

    » Britten rouwen om dood koningin Elizabeth II

    Nieuwe wet verbiedt gesprekken over denuclearisatie

    Pyongyang heeft een wet aangenomen die het recht vastlegt om preventief nucleaire aanvallen uit te voeren om zichzelf te beschermen, zeiden de Noord-Koreaanse staatsmedia vrijdag, zoals gemeld door The Japan Times. Volgens het officiële persbureau KCNA heeft het Noord-Koreaanse parlement de wet donderdag goedgekeurd.

    De maatregel maakt de nucleaire status van Noord-Korea ‘onomkeerbaar’ en verbiedt alle gesprekken over denuclearisatie, aldus de leider van Noord-Korea, Kim Jong-un. De stap komt op het moment dat deskundigen zeggen dat het land zich lijkt voor te bereiden om voor het eerst sinds 2017 weer kernproeven te gaan uitvoeren.

    Lees ook: