Tag: odessa

  • Deze gezinnen vluchtten van Gaza naar Oekraïne. ‘We zijn van de ene oorlog in de andere beland’

    Deze gezinnen vluchtten van Gaza naar Oekraïne. ‘We zijn van de ene oorlog in de andere beland’

    Ongeveer vijftig Oekraïense burgers zijn geëvacueerd uit de Palestijnse enclave. Een groep vrouwen en kinderen vond hun toevlucht in de grote havenstad Odessa, die eveneens dagelijks bombardementen te verduren krijgt.

    Een kleine Eiffeltoren en vier lachende beeldjes die een gezin voorstellen. Dat is ongeveer alles wat de vijfentwintigjarige Tamara Abu Auda kon meenemen toen ze Gaza ontvluchtte. De souvenirs rusten nu op de vensterbank van haar kamer die uitkijkt op een binnenplaats die omringd wordt door grijze gebouwen in Odessa, Oekraïne. Het gebouw aan de verarmde rand van de havenstad is omgebouwd tot een ontmoetingscentrum en bood tot nu toe alleen onderdak aan binnenlandse bannelingen uit de door het Russische leger bezette gebieden. De afgelopen maanden is een hele verdieping gereserveerd voor tweeëndertig vrouwen en kinderen uit Gaza, op de vlucht voor een andere oorlog dan die Oekraïne al meer dan twee jaar teistert.

    Tamara Abu Auda en haar twee kinderen van vijf en zeven, Tala en Ayham, behoorden tot de ongeveer vijftig Oekraïense burgers die begin maart uit de Gazastrook werden geëvacueerd. ‘We hebben veel meegemaakt,’ zegt hun grootmoeder, Tatiana Abu Auda, 49, ‘en het is moeilijk voor ons om het leven weer op te pakken. Een deel van de familie is hier, het andere deel is daar gebleven. We weten niet wat de toekomst voor ons in petto heeft.’

    26 april was een rustige dag in Odessa, wat uitzonderlijk is gezien de regelmatige Russische bombardementen op de stad. Kinderen spelen en schreeuwen op de zonnige binnenplaats van het gebouw dat ze bewonen. Op de vijfde verdieping, vanuit de slaapkamer die ze deelt met Tamara, Tala en Ayham, werpt Tatiana Abu Auda een tedere blik op de buitenwereld. ‘De kinderen hebben moeite om te slapen na alles wat ze hebben meegemaakt.’ Het is meer dan veertien jaar geleden dat deze vrouw uit de stad Melitopol, die nu onder controle staat van het Russische leger, voor het laatst haar geboorteland bezocht.

    Sinds 1998 leefde ze in de Gazastrook. Net als honderden andere vrouwen die deel uitmaken van de Oekraïense gemeenschap van de enclave (vijftienhonderd mensen in de afgelopen jaren, volgens de website van de Palestijnse diplomatieke vertegenwoordiging in Oekraïne), besloot Tatiana om zich daar te vestigen vanwege de liefde. In 1992, toen ze studeerde aan de Landbouwuniversiteit in Charkiv, een grote stad in het oosten van het land, ontmoette ze Nadil, nu 55, een Palestijn die naar Oekraïne was gekomen om een opleiding te volgen.

    Verspreid

    In 1998 verhuisden ze naar Gaza City, waar ze vier dochters kregen: Tamara, Diana, Nadia en Nour. ‘We waren gelukkig,’ zegt Tatiana. Nadil werkte voor een elektriciteitsbedrijf. De twee oudste meisjes trouwden ook. De twee jongere meisjes droomden ervan zangeres en fotograaf te worden.

    In de stad Gaza ‘waren we allemaal bevriend met elkaar’, zegt Irina Kharara, haar sombere gezicht in een zwarte sjaal gewikkeld. Ook zij is moeder van vijf kinderen en ontmoette haar man Saïd toen hij begin jaren negentig in Charkiv studeerde. In Gaza had het stel een kleine winkel in telefoonaccessoires in het centrum van de stad. De Oekraïense vrouwen wilden de tradities van hun land graag voortzetten. Ze leerden hun kinderen de Russische en Oekraïense taal en gebruiken, met dans- en zangworkshops.

    Op de dag dat de Israëlische bombardementen begonnen als vergelding voor de Hamas-aanval op 7 oktober 2023, ‘vroegen we ons af of we de kinderen naar school moesten brengen en aan het werk moesten gaan’, herinnert Tatiana Abu Auda zich, die net als de anderen ook de vorige Israëlische oorlogen en militaire operaties in de enclave heeft meegemaakt. ‘We bemoeien ons niet met politiek en tot nu toe konden we gewoon verdergaan,’ vervolgt Irina Kharara. ‘Maar deze keer beseften we al snel dat het anders zou gaan. Gezinnen moesten in de chaos evacueren. De gemeenschap raakte verspreid.’

    Irina Abu Auda en haar gezin brachten de eerste weken door in het noorden van de Gazastrook, voordat ze in november naar het zuiden trokken, richting de Egyptische grens. Daae, in Rafah, leefden zij en haar dochters meer dan vier maanden in een tent.

    ‘De mannen vertelden hun vrouwen dat ze eerst aan de kinderen moesten denken’

    Yasmin Al-Jarot, achtentwintig jaar, dochter uit een gemengd huwelijk tussen een Oekraïense vrouw en een Palestijnse man, herinnert zich haar maandenlange zwerftocht met haar man Kamar en haar drie kinderen, waarvan de jongste amper twee weken oud was. 

    ‘Het was een nachtmerrie,’ zegt ze in het Russisch. Irina Kharara verloor haar man Saïd en een van haar zonen, Khalil, tijdens een Israëlisch bombardement. Een andere zoon, Zakaria, student informatica, raakte ook gewond: zijn bekken brak en zijn huid verbrandde ernstig. Hij ligt nog steeds in het ziekenhuis in de enclave.

    Deze Oekraïense vrouwen konden vertrekken dankzij hun nationaliteit, die automatisch ook wordt toegekend aan hun kinderen. In de Gazastrook communiceerden Tatiana Abu Auda en de anderen met een vertegenwoordiger van het Oekraïense consulaat in Ramallah en hielden ze elkaar op de hoogte via een WhatsApp-kanaal.

    Toen ze uiteindelijk te horen kregen dat ze geëvacueerd zouden worden, begrepen ze ook dat dat niet voor hun Palestijnse echtgenoten gold. Sommigen, zoals Diana, een van de dochters van Tatiana Abu Auda, weigerden Gaza te verlaten. ‘Er vloeiden veel tranen,’ zegt haar moeder. ‘De mannen vertelden hun vrouwen dat ze eerst aan de kinderen moesten denken, dat het belangrijkste was dat zij zouden overleven.’ 

    Na een onderbreking van een paar dagen in een Egyptisch hotel werd de groep naar Chisinau in Moldavië gestuurd. Daar scheidden hun wegen opnieuw. De vrouwen die sinds het begin van de Russische invasie naar Europa waren gevlucht voegden zich weer bij hun Oekraïense families, de anderen, ongeveer dertig in totaal, keerden bij gebrek aan een alternatief naar Odessa terug. Geen van hen geeft commentaar op de Russische agressie die al meer dan twee jaar aan de gang is tegen Oekraïne.

    Ze delen allemaal het gevoel dat ze min of meer veilig zijn in Odessa, ondanks de bijna dagelijkse bombardementen

    ‘We zijn van de ene oorlog in de andere beland,’ verzucht Yasmin Al-Jarot in de keuken van het gebouw, haar dochtertje van zeven maanden in de armen. ‘Maar hier is het beter dan daar. Daar [in de Gazastrook, waar haar man en broer nog steeds zijn] is het een verschrikking,’ zegt ze, verwijzend naar de intensiteit van de Israëlische bombardementen en blokkades, het gebrek aan water en voedsel, et cetera. ‘Het is er niet langer leefbaar,’ zegt ze. ‘Het is er niet langer leefbaar,’ beaamt Irina Kharara.

    Ze delen allemaal het gevoel dat ze min of meer veilig zijn in Odessa, ondanks de bijna dagelijkse bombardementen, deze keer vanuit Rusland, die op de stad neerkomen. Als de waarschuwingssirene loeit, gaan zij en hun kinderen naar de centrale gang van het gebouw, het minste wat ze kunnen doen om zichzelf te beschermen. De jongste kinderen hebben moeite om in slaap te vallen omdat hun vaders weg zijn en doordat het geluid van de explosies herinneringen oproept aan de bombardementen op Gaza.

    De Oekraïense vluchtelingen hebben het historische centrum van deze majestueuze stad aan de Zwarte Zee slechts één keer bezocht. Het contact met de lokale bevolking beperkt zich tot de beheerder van het ontmoetingscentrum, Oleh, en andere vluchtelingen uit de gebieden die door het Russische leger zijn bezet.

    Het moeilijkste, zeggen ze, is niet zozeer het leven in een ander land in oorlog als wel het gescheiden zijn van hun geliefden in de Gazastrook. ‘We maken ons voortdurend zorgen omdat we weten dat ze elk moment kunnen sterven,’ zegt Irina Kharara. Net als alle anderen brengt ze haar dagen door met wanhopig wachten op nieuws over haar gewonde zoon en haar dochter, die er vastzit in afwachting van haar documenten.

    Leven tussen aanhalingstekens

    In de keuken barst Yasmin Al-Jarot in tranen uit als ze het heeft over haar man en broer die in Rafah zijn achtergebleven. Twee andere jonge vrouwen staan op en verlaten discreet de kamer om hun tranen te verbergen. ‘Mijn kinderen huilen elke dag en vragen me wanneer hun vader terugkomt,’ zegt Yasmin. ‘Het is zo moeilijk om sterk te blijven.’ 

    Samar Sharaf, negentien jaar, laat de personages zien die zij en haar zus in een notitieboekje tekenden toen ze de belegerde stad ontvluchtten. Het jonge meisje is geboren in Kyiv en woont sinds haar zesde in Gaza. Genoeg om zich er thuis te voelen. ‘Mijn familie is daar, mijn vrienden zijn daar, mijn leven is daar,’ roept ze bijna uit. Elke dag probeert ze nieuws te krijgen van haar familieleden die in de enclave zijn gebleven. Soms, als ze signaal hebben, vragen ze haar om foto’s van Odessa te sturen. 

    Dit leven tussen aanhalingstekens, gevangen tussen twee oorlogen, verhindert hen om aan de toekomst te denken. Maar de overgrote meerderheid droomt ervan om op een dag terug te keren naar Gaza. ‘Alles hangt af van wat hier en daar gebeurt,’ zegt Samaraf over haar toekomst. ‘Oorlogen beginnen om verschillende redenen en eindigen altijd op dezelfde manier,’ zegt Tatiana Abu Auda zachtjes. ‘Met tranen, doden, gebroken gezinnen en geruïneerde lotsbestemmingen.’

    Na drie evacuaties in november en december 2023, en opnieuw in maart van dit jaar, meldt de Oekraïense ambassade in Tel Aviv dat er 363 mensen zijn geëvacueerd, waaronder 141 vrouwen, 135 kinderen en 87 mannen. 

    ‘Oekraïne kon, net als andere landen, alleen de mensen laten evacueren die toestemming hadden van de betreffende autoriteiten in Israël en Egypte, en we speculeren niet over de redenen voor de weigeringen,’ aldus de ambassade. 

    Negentig mensen zijn nog steeds in afwachting van toestemming voor hun vertrek. 

  • Russische raket treft Odessa tijdens bezoek Zelensky

    Russische raket treft Odessa tijdens bezoek Zelensky

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Betogers bestormen nationale paleis Mexico en eisen gerechtigheid

    » Nikki Haley gooit handdoek in ring als tegenkandidaat Trump

    De raket sloeg op slechts vijfhonderd meter van de president in

    Een Russische raket heeft woensdag vijf mensen gedood in de havenstad Odessa. De plaats waar de raket insloeg lag op slechts 500 meter van een konvooi met daarin de Oekraïense president Volodymyr Zelensky en de Griekse premier Kyriakos Mitsotakis, die de stad op dat moment bezochten. Dat schrijft The Moscow Times.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Volgens de website voelden de twee leiders de impact van de inslag en was op een steenworp afstand een ‘paddenstoelwolk’ van rook te zien. Naast de vijf doden raakten meerdere mensen gewond bij de Russische aanval. De twee regeringsleiders bleven ongedeerd bij de aanval.

    ‘Je kunt zien met wie we te maken hebben, het maakt ze niet uit waar ze toeslaan. Ik weet dat er vandaag slachtoffers zijn gevallen, ik ken nog niet alle details, maar ik weet dat er doden en gewonden zijn’, reageerde Zelensky. ‘Ik denk dat dit voor ons de beste, meest levendige herinnering is dat er hier een echte oorlog aan de gang is’, zei Mitsotakis.

  • Grote schade aan kathedraal en twee doden bij Russische aanval op Odessa

    Grote schade aan kathedraal en twee doden bij Russische aanval op Odessa

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Kroatië: Dubrovnik beboet lawaai van rolkoffers

    » Migratie: mediterrane landen komen samen in Rome

    Het historische centrum van Odessa is werelderfgoed

    Bij een Russische raketaanval op Odessa zondag zijn ten minste twee mensen om het leven gekomen. Het bombardement beschadigde met name de Transfiguratiekathedraal, oorspronkelijk gebouwd in 1794 onder keizerlijk Russisch bewind, afgebroken onder Sovjetleider Stalin in 1936 en herbouwd in de jaren 1990 na de ineenstorting van de Sovjet-Unie, aldus Kyiv Post. UNESCO veroordeelde de aanval op het historische centrum van de stad, dat op de Werelderfgoedlijst staat van de organisatie. Directeur-generaal Audrey Azoulay zei dat de aanval ‘een escalatie van geweld tegen het culturele erfgoed van Oekraïne’ betekende.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    Oekraïne beloofde zondag ‘represailles’ na de nachtelijke aanval, waarbij volgens de Oekraïense autoriteiten ook tweeëntwintig mensen gewond raakten, waaronder ten minste vier kinderen. ‘Zelfs in de context van de huidige meedogenloze oorlog van Rusland is een raketaanval op een historische kathedraal (…) een schokkende gebeurtenis. De priesters ter plaatse waren stomverbaasd’, schrijft Shaun Walker, correspondent van The Guardian in Oekraïne, die ter plaatse was.

    Vijfentwintig monumenten raakten beschadigd tijdens de aanval, volgens de regionale gouverneur Oleg Kiper, die het Russische leger beschuldigde van het ‘opzettelijk richten van zijn raketten op het historische centrum van Odessa’. De Russische aanvallen kwamen kort nadat Moskou zich had teruggetrokken uit een graandeal waardoor Kyiv zijn graan kon exporteren.

    Lees ook:

  • Rusland richt zich op Oekraïense graanschuur na verstrijken deal

    Rusland richt zich op Oekraïense graanschuur na verstrijken deal

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Zweedse ambassade in Irak bestormd door woedende menigte

    » Doden door schietpartij Auckland in aanloop naar opening WK

    Tienduizenden tonnen graan zouden al zijn vernietigd

    Na het verstrijken van de graandeal is Rusland zich gaan richten op de Oekraïense graanschuur, die essentieel is voor de voedselvoorraad van veelal arme landen in het Midden-Oosten, Azië en Afrika. Volgens BBC is bij de recente Russische raketaanvallen zeker 60.000 ton graan vernietigd en is er grote schade toegebracht aan opslaginfrastructuur aan de Zwarte Zee.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De Britse omroep citeert de Oekraïense minister van Landbouw Mykola Solskyi, die zegt dat een ‘aanzienlijk deel’ van de exportinfrastructuur buiten gebruik is geraakt door de aanvallen. Eerder liet het Russische ministerie van Defensie al weten dat, nu de graandeal niet meer geldig is, alle schepen die op weg zijn naar Oekraïense havens worden gezien als potentiële militaire schepen, en daarmee als oorlogspartij.

    Deze schepen zullen doelwit kunnen worden door raketaanvallen, en een groot deel van de Zwarte Zee moet daarom vermeden worden door de commerciële scheepvaart, zo liet Rusland weten. Daarop volgden aanvallen op Oekraïense havens, waaronder de haven van Odessa, waar veel grote graanterminals staan.

    Lees ook:

  • Russische droneaanval op Oekraïense havenstad Odessa

    Russische droneaanval op Oekraïense havenstad Odessa

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Nigeria: ten minste 12 doden bij reeks aanslagen

    » Vandaag wordt Donald Trump voorgeleid in historische rechtszaak

    Aanval werd uitgevoerd door drones van Iraanse makelij

    Russische drones hebben de Oekraïense havenstad Odessa getroffen en ‘schade’ veroorzaakt. Dat hebben de lokale autoriteiten bekendgemaakt, meldt Radio-Canada. ’De vijand heeft zojuist Odessa en het district Odessa getroffen met UAV-aanvallen [onbemande vliegtuigen]’, zei het stadsbestuur in een verklaring op Facebook. ‘Er is schade’, voegde het zonder verdere details toe.

    Volgens het Oekraïense luchtmachtcommando betrof het zeventien Shahed-drones van Iraanse makelij en zijn er veertien vernietigd door het luchtverdedigingssysteem. De Oekraïense autoriteiten hebben echter niet aangegeven of de graanexport, waarvan een groot deel via de haven van Odessa loopt, door de aanvallen is getroffen.

    Lees ook:

  • Door de oorlog amputeren deze kinderarts en plastisch chirurg nu armen en benen

    Door de oorlog amputeren deze kinderarts en plastisch chirurg nu armen en benen

    In Oekraïne behandelen artsen in plaats van de gebruikelijke patiënten nu oorlogsslachtoffers. Revista 5W ging langs bij een ziekenhuis in Odessa en een in Dnipro, waar veel zorgmedewerkers gebukt gaan onder de verschrikkingen die ze dagelijks te zien krijgen.

    ‘Dit is andere koek,’ zegt Irakli Belestov. Iets waaraan noch hij, noch zijn collega’s in het kinderziekenhuis in Odessa kunnen wennen. Dit zijn geen baby’s met een aangeboren ziekte, geen kinderen met hartproblemen. Het gaat niet om breuken bij jongeren door ongelukken – die genezen ze al jaren. 

    Wat de hoofdchirurg van dit ziekenhuis bedoelt, is dat hij nu kinderen ontvangt die een ander soort letsel hebben opgelopen. Met ‘andere koek’ bedoelt hij: oorlog. ‘Gisteren konden ze voetballen en vandaag moeten ze een been of arm laten amputeren. Het is een schok voor de artsen, maar vooral voor de ouders. Het is moeilijk om aan te zien. Het is niet normaal. We zijn gewend aan patiënten met andere problemen. Maar dit is iets anders.’

    Belestov is nog niet gewend geraakt aan deze verschrikkelijke nieuwe situatie. Misschien gebeurt dat ook nooit. Misschien is het een cliché om te denken dat professionals – een chirurg, een journalist, een boer, een taxichauffeur – kunnen wennen aan de dagelijkse pijn van oorlog. Belestov zegt dat sinds het begin van de Russische invasie in Oekraïne tussen de vijftien en twintig minderjarige patiënten met oorlogswonden in zijn ziekenhuis zijn behandeld. Een veel groter aantal moest worden doorverwezen naar andere ziekenhuizen.

    ‘Het is psychologisch erg zwaar om hiermee om te gaan, maar als wij het niet doen, doet niemand het’

    Deze gevallen achtervolgen hem en zijn collega’s en herinneren hen, ook op de rustige dagen in Odessa, aan de gebeurtenissen aan het front en in gebieden die regelmatig onder vuur liggen. ‘Ik ben niet alleen arts, maar ook een mens, ik ben een vader. We doen alles wat we kunnen om patiënten te helpen, omdat we willen dat ze in de toekomst een normaal leven kunnen leiden. Het is psychologisch erg zwaar om hiermee om te gaan, maar als wij het niet doen, doet niemand het.’

    Er is een overvloed aan werk in dit ziekenhuis, dat niet alleen Odessa bedient, maar ook het zwaar getroffen Mykolajiv verder naar het oosten, en de rest van Zuid-Oekraïne. Doordat andere ziekenhuizen in de regio in onbruik zijn geraakt, is dit ziekenhuis, dat goed staat aangeschreven, een referentiepunt geworden voor medische zorg aan minderjarigen. De metamorfose van dit ziekenhuis komt niet alleen door de komst van oorlogsgewonden – die vormen een minderheid – maar vooral door de zorg voor zwangere vrouwen en kinderen die bescherming zochten tegen bommen. Alle contradicties die gepaard gaan met het streven naar medische dienstverlening in een land dat in oorlog is, in een gebied dat soms niet in oorlog lijkt te zijn, komen hier samen.

    Mickey Mouse

    Het is een groot ziekenhuiscomplex, met een kinderspeelplaats bij de ingang, een kiosk en zelfs enkele winkels. Er is geen sprake van luxe, uitbundigheid of decadentie. Binnen zijn er lange gangen met stickers van Mickey Mouse en SpongeBob op de deuren. Afdelingen voor hart-, thorax- en buikchirurgie. Aquarellen van bijen, vissen, galopperende paarden met landschappen op de achtergrond. Een afdeling neonatale intensive care met open couveuses en dekens met beertjes en kleuren. ‘De situatie is verbeterd, omdat we hulp kregen,’ zegt Natalia Sivolap, hoofd van de afdeling. Ze heeft halflang blond haar en om haar nek hangen een stethoscoop, een parelketting en een gouden kruis.

    Langs haar loopt een verpleegster in roze pyjama en hemelsblauw schort naar een van de baby’s. Sivolap onderstreept dat ze nog steeds behoefte aan hulp hebben, en ze legt uit aan wat precies. Als ze door het ziekenhuis loopt, is het nagenoeg onmogelijk om haar bij te houden: je moet bijna rennen. Ze wordt begroet door artsen, verpleegkundigen en patiënten. Een dame zegt haar gedag, pakt haar hand, betuigt genegenheid en deelt haar kennelijk iets mee in vertrouwen. Het gebeurt snel en Sivolap, die ook de waarnemend medisch directeur van het ziekenhuis is, vervolgt alweer haar tocht door de ingewikkelde gangen van het gebouw.

    ‘Als je met oorlogsgewonden werkt, vraag je je af: Waarom? Waarvoor?’

    ‘De eerste keer dat ik hier kwam, verdwaalde ik,’ grapt ze. Als we in een vergaderzaal gaan zitten om te praten, wordt ze ernstiger. ‘Veel kinderen in het ziekenhuis komen niet alleen uit Odessa, maar ook uit [het door Rusland bezette] Cherson of Mykolajiv. Er staat dus grote druk op de medische staf. De situatie zorgt voor problemen met hun geestelijke gezondheid. Er zijn kinderen die hier komen nadat ze hun huis en hun familie hebben verloren. Het medische personeel heeft psychologische steun nodig, net als de ouders van kinderen die oorlogsverwondingen hebben opgelopen. Als je een kind ziet dat opzettelijk is verwond, dan is dat erg pijnlijk. Het maakt me woedend, net als iedereen in het ziekenhuis. Het is moeilijk te bevatten waarom dit gebeurt. Als je met oorlogsgewonden werkt, vraag je je af: Waarom? Waarvoor?

    Sivolap herinnert zich een nacht waarin twee kinderen in het ziekenhuis aankwamen die gewond raakten door Russische beschietingen. Ze herinnert zich een meisje dat een aanval in de buurt van Odessa meemaakte en waarvan beide voeten moesten worden geamputeerd. Ze herinnert zich een kind uit Mykolajiv met beschadigde inwendige organen, dat uiteindelijk naar een ander ziekenhuis werd doorverwezen. ‘Maar andere ziekenhuizen hebben nog ernstiger problemen.’

    Oorlogsziekenhuis

    Sivolap plaatst alles in een context. Een paar dagen geleden woonde ze een webinar waar Oekraïense deskundigen vreselijke verwondingen van soldaten lieten zien die zij hier niet heeft gezien. Dit is nog steeds een ziekenhuis voor moeder en kind en geen oorlogsziekenhuis. Natalia pretendeert niet de stress en druk van haar werk te kunnen vergelijken met dat van een militair hospitaal.

    Doorgaans is de gedachte dat oorlog bestaat uit gevechten en bombardementen en dat degenen die direct lijden de oorlogsslachtoffers zijn. De rest is slechts een neveneffect. Maar dat moet hoognodig worden herzien, want als de middelen en de aandacht naar elders verschuiven, wordt ‘de rest’ plotseling te veel. Om het bij de gezondheidszorg te houden: kanker- en hartpatiënten en mensen die aan zeldzame ziekten lijden of die een operatie of gynaecologische zorg nodig hebben, kunnen geen van allen wachten tot een oorlog voorbij is.

    Soms loopt alles door elkaar. De negentienjarige Diana Roesina ligt met haar baby in een kamer met vier bedden. Het is nog niet koud in Odessa, maar de verwarming draait al op volle toeren. Roesina is een paar dagen geleden bevallen, ze was al zwanger toen de oorlog begon. Ze woonde in een klein dorp in de provincie Cherson en wist te ontsnappen aan de Russische bezetting. ‘We werden wakker op 24 februari en ze belden ons om te vertellen dat de oorlog was begonnen. We geloofden het niet.’

    ‘Sommige ziekenhuizen in Cherson zijn verwoest, en de ziekenhuizen die nog functioneren zijn er alleen voor het Russische leger…’

    ‘We waren bang omdat het luchtalarm steeds afging en daarna was er vuur, klonken schoten… We besloten in de kelder te schuilen. Het was koud en er waren voedseltekorten. De buren hielpen ons, we deelden voedsel. We hebben zeven dagen en zeven nachten in de kelder geschuild, maar dat kon niet langer vanwege de kou, dus begonnen we een deel van de dag boven door te brengen bij het vuur. Uiteindelijk besloten we Cherson te verlaten. We vonden een man met een auto die mensen hielp met evacueren. Alles ging goed, maar bij de laatste controlepost in het door Rusland bezette gebied stonden enkele Tsjetsjeense soldaten, die op auto’s en mensen begonnen te schieten.’

    Roesina kwam uiteindelijk met haar moeder aan in Mykolajiv, op twee uur rijden van Odessa. Haar man bleef achter in door Rusland bezet gebied, maar had ook alle reden om te vluchten. ‘Op een dag zochten soldaten hem op, sloegen hem, deden een zak over zijn hoofd, bonden zijn handen vast, richtten een pistool op zijn slaap. Ze namen hem mee naar een weiland en ontdeden hem van zijn kleren. Ze plunderden ons huis, namen alles mee.’

    Roesina’s man moest bij sommige controleposten betalen om verder te mogen. Hij wist uit de door Rusland gecontroleerde gebieden te komen en kwam in Odessa aan om zich bij Diana te voegen. Het ergste was achter de rug. ‘Sommige ziekenhuizen in Cherson zijn verwoest, en de ziekenhuizen die nog functioneren zijn er alleen voor het Russische leger… Ik was ingeschreven bij een ziekenhuis en had er tot 24 februari medische controle, maar vanaf dat moment tot aan mijn aankomst in Odessa niet meer.’

    In het ziekenhuis in Odessa kon Diana terecht voor gynaecologische controles en daar is ze ook bevallen. Cherson ligt iets meer dan tweehonderd kilometer verderop, maar lijkt te bestaan in een parallelle dimensie, omdat het door Rusland is bezet. Maar Roesina legt zich er niet bij neer. Deze ontheemding is tijdelijk, veel mensen die de oorlog zijn ontvlucht denken zo. ‘We hopen dat Oekraïne Cherson zal heroveren en als dat gebeurt gaan we terug, omdat we daar ons huis en ons werk hebben. Ik hoop dat dat in de nabije toekomst zal zijn, hopelijk voor Kerstmis.’ Tijdens ons gesprek huilt de baby een paar keer met gesloten ogen. Diana kijkt naar hem. Even lijkt het of hij wakker wordt, maar dan slaapt hij verder.

    Vrijwillig chirurg

    Ziekenhuizen veranderen en artsen veranderen. Vjatsjeslav Dolenko had een privékliniek in Kyiv en woonde in Irpin, aan de rand van de hoofdstad. Hij was onder andere cosmetisch chirurg. Hij had een flat gekocht, zijn leven liep op rolletjes. Maar na 24 februari veranderde alles. Hij raakte zijn werk kwijt, de kliniek verdween, zijn huis werd vernietigd. Zijn vrouw en zoon verlieten het land en hij ging naar Vinnytsja, in het hart van Oekraïne. Daar werkt hij nu in een militair hospitaal. ‘Nu ben ik vrijwillig chirurg. Ik word niet betaald, ons land is in oorlog en ik begrijp dat ik nodig ben. Ik werk met soldaten en burgers die schotwonden hebben of verwondingen door explosies.’

    De vrijwilligersnetwerken gingen op volle toeren draaien toen de Russische invasie begon. Zij ondersteunen ontheemden, autoriteiten en strijdkrachten. De grens tussen civiel en militair is vervaagd en overal wordt alles ingezet wat voorhanden is. ‘Ik ben niet de enige, er zijn meer chirurgen en verpleegkundigen in het land die gratis werken – omdat het nodig is en omdat we geen keus hebben,’ zegt Dolenko. ‘Als we het niet doen, verliezen we ons land.’

    ‘Ik ben verrast door wat er gebeurt. Toen de oorlog begon, verdwenen alle problemen. Hiervoor hadden we ieder onze eigen conflicten of geschillen, met de buurman, met andere klinieken, met een of ander bedrijf, we concurreerden met elkaar – maar dat hield allemaal op en we werden één geheel dat werkt voor hetzelfde.’ Er is meer dan een half jaar verstreken, maar zowel de persoonlijke als gemeenschappelijke omstandigheden die de chirurg beschrijft wijzen op een noodsituatie die niet afneemt. Hij zegt dat hij geen last heeft van stress, hij begrijpt niet hoe hij het allemaal doet, maar hij blijft werken. ‘Ik hoop terug te gaan naar plastische chirurgie. Maar nu moet ik dit doen.’

    Sinds het begin van de Russische invasie heeft de WHO 550 aanvallen op medische voorzieningen in Oekraïne geregistreerd

    In elke oorlog is gezondheidszorg een van de sectoren die het meest te lijden heeft. Oekraïne is geen uitzondering. Sinds het begin van de Russische invasie heeft de Wereldgezondheidsorganisatie 550 aanvallen op medische voorzieningen in Oekraïne geregistreerd. De behoefte aan voorraden is het grootst in gebieden die door de gevechten worden getroffen, maar ook in gebieden zoals Odessa, waar een deel van de zeven miljoen mensen wordt opgevangen dat door het conflict in Oekraïne ontheemd is geraakt.

    ‘Sinds het begin van de oorlog zijn veel gezondheidswerkers naar Europa vertrokken,’ zegt Pavel Vasiljevitsj, directeur van het kinderziekenhuis van Odessa. ‘Degenen die zijn gebleven hebben nu meer patiënten, maar ze weten waarom ze hier werken, ze kennen hun prioriteiten: de mensen, de regio en het land.’ In zijn kantoor legt hij kalm de situatie in het ziekenhuis uit. Hij is zo iemand die je met zijn ogen gerust weet te stellen. Een vaardigheid die hem helpt bij het uitvoeren van een van zijn taken als directeur: zorgen voor de geestelijke gezondheid van het zorgpersoneel. Hij vertelt dat hij de meest gestreste werknemers een week vrij probeert te geven, hij zorgt voor versnaperingen tijdens de vergaderingen en stimuleert dat ze elke gelegenheid aangrijpen om elkaar te steunen, om samen te werken.

    ‘Misschien begint Rusland morgen nieuwe aanvallen en moeten we weer 24/7 werken’

    ‘Het is heel belangrijk dat we humanitaire hulp krijgen. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal; anders voelt het alsof we er alleen voor staan. Er zijn veel artsen uit het Verenigd Koninkrijk, Spanje of Italië die mij gebeld hebben en hulp hebben aangeboden. Sommigen kwamen ons met de auto voorraden brengen. Dankzij dat soort hulp voelt het medisch personeel zich gesteund, het zorgt ervoor dat ze meer en beter kunnen werken.’

    Zijn ziekenhuis is een van de Oekraïense ziekenhuizen die steun hebben ontvangen van Farmamundi, een ngo die grote voorraden geneesmiddelen en medische benodigdheden naar het hele land heeft gestuurd. Een ander is het Mechnikov-ziekenhuis, in de stad Dnipro die wordt doorkruist door de gelijknamige rivier, in het centrum van Oekraïne. Net als Odessa bedient dat ziekenhuis nu niet langer alleen de eigen provincie, maar ook andere door de oorlog getroffen gebieden. Gewonde patiënten – zowel burgers als militairen – komen er uit verschillende delen van Oost- en Zuid-Oekraïne heen voor een operatie. Het belang van dit ziekenhuis was al voor de oorlog van 2022 bekend.

    ‘Dit ziekenhuis heeft een geschiedenis, het was belangrijk tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog,’ zegt het hoofd van de medische afdeling; zijn naam en die van zijn collega’s verschijnen om veiligheidsredenen niet in dit verslag. ‘Nu is het opnieuw een strategische plek.’

    Geen keuze

    Het werk is sterk toegenomen sinds Rusland zijn invasie van Oekraïne begon. Het ziekenhuis is vol, bevestigt ook de hoofdzuster terwijl ze dozen met medicijnen uitlaadt in het magazijn. ‘Al tijdens de pandemie werkten we hard. Nu is het type patiënten veranderd; vroeger was het ziekenhuis gericht op corona en nu is het er voor oorlogsgewonden. Ze komen uit Mykolajiv, Donetsk, Charkiv… Eerst krijgen ze medische zorg en als het nodig is, worden ze hierheen gebracht. Als ze aan de beterende hand zijn, verwijzen we ze door naar andere centra.’

    Zij en haar collega’s berusten in de toegenomen werkdruk die de oorlog met zich meebrengt. Ze herhalen op verschillende manieren steeds dezelfde opvatting: het is wat het is, er is geen andere keuze, we hebben geen andere optie. ‘We werken hard, net als de monteurs, de ingenieurs… Het is moeilijk, maar niet onmogelijk.’ Ze wil benadrukken dat de inspanning collectief is: dat was zo tijdens de ergste maanden van de pandemie en nu is dat weer zo. De beheerder van de apotheek, die heen en weer loopt om de dozen met medicijnen te controleren, zegt: ‘Aan het begin van de oorlog werkten we vierentwintig uur per dag, zeven dagen per week en hadden we geen vakantie,’ zegt ze. ‘Nu is de situatie stabieler en hebben we wat meer tijd… Maar wie weet? Misschien begint Rusland morgen wel nieuwe aanvallen en moeten we weer 24/7 werken.’

    ‘Morgen’ werd het niet, maar wel kort erna. Dit gesprek vond plaats op 23 september. Op 10 oktober – een dag nadat Vladimir Poetin Oekraïne beschuldigde van de explosie op de brug die zijn land met de Krim verbindt – lanceerde Rusland een gecoördineerde aanval met 83 raketten op verschillende plekken in Oekraïne, waaronder Dnipro.

    Deze reportage werd mogelijk gemaakt dankzij een samenwerking met de ngo Farmamundi.

    Toen de Russische invasie in Oekraïne begon, stelde Farmamundi haar noodprotocol in werking en richtte zich op twee hoofdzaken: levering van medicijnen en medische voorraden en directe humanitaire actie in het land, in samenwerking met de lokale ngo’s Gender Bureau en IDC.

    Naast de eerste distributie van voedsel- en hygiënepakketten verleent de ngo ook psychische steun en juridisch advies aan vluchtelingen in Oekraïne en asielzoekers in Moldavië en Servië. In de komende vijftien maanden zal Farmamundi zich concentreren op het opzetten en bestieren van centra voor tijdelijk verblijf voor binnenlandse ontheemden. Daarbij wordt prioriteit gegeven aan geestelijke gezondheidszorg en psychosociale steun, met de nadruk op vrouwen en kinderen.

  • Grappen over Poetin en arme Russische soldaten. In Odessa lachen ze om de oorlog

    Grappen over Poetin en arme Russische soldaten. In Odessa lachen ze om de oorlog

    De beste manier om de oorlog door te komen? Met humor, als je het aan de inwoners van de Oekraïense stad Odessa vraagt. Comedy is er niet weg te denken uit het dagelijks leven, zelfs toen de Russen op het punt stonden aan te vallen.

    Klik hier voor de luisterversie van het artikel .

    Iedereen die deze avond aanwezig is in de ‘Verborgen Tuin’, een plek voor evenementen in de openlucht, weet dat Vladimir Poetin Odessa op het oog heeft. De stad is het kroonjuweel van het Russische keizerlijke verleden. Ze weten ook dat Russische troepen Oekraïens gebied bezet hebben op amper 160 kilometer afstand en dat de Russische marine een invasie van Odessa vanaf zee aan het voorbereiden is.

    De menigte van zo’n honderdvijftig Odessanen is dus wel toe aan wat ontspanning als Bogatsjenko tijdens een stand-upcomedyfestival het podium betreedt, gekleed in wit T-shirt en spijkerbroek.

    Nadat hij zijn optreden is begonnen met een beschrijving van de rommelige verstedelijking en de bedenkelijke politieke situatie waarmee de arme Russische troepen te maken zouden krijgen, kijkt hij uit over zijn publiek, pauzeert even voor het effect en zegt dan: ‘Ik heb echt medelijden met ze.’

    Het publiek brult instemmend.

    Odessa-humor

    Dit soort troostende humor is al langer kenmerkend voor het dagelijks leven in Odessa. ‘Odessa-humor’ hoort bij de identiteit van de stad, zoals jazz bij New Orleans hoort, of barse straattaal bij New York.

    Aan de basis van de traditionele komedie van de stad liggen verschillende culturen. De moderne stad Odessa werd gesticht door Catharina de Grote in 1794 na haar verovering op de Ottomanen. Ook zijn er invloeden van Joodse humor en vanuit het Sovjettijdperk. Maar de huidige komediegolf is toch het meest beïnvoed door de Russische invasie van Oekraïne.

    ‘We zagen de afgelopen zes maanden een enorme hausse in de Oekraïense stand-upcomedy. Het begin daarvan viel samen met het begin van de oorlog,’ zegt Yulia Onysjtsjenko, een komiek uit Odessa en evenementenorganisator. Ze hielp de financiering van dit stand-upfestival rond te krijgen en organiseerde de afgelopen maanden Oekraïense comedyshows in Berlijn om geld in te zamelen voor de oorlogsinspanningen van haar land.

    In zekere zin, zegt ze, heeft de oorlog de befaamde Odesaanse humor, die een beetje voorspelbaar werd, nieuw leven ingeblazen.

    ‘Humor helpt mensen echt om zich te handhaven in tijden van grote stress’

    ‘Humor helpt mensen echt om zich te handhaven in tijden van grote stress, en alle Oekraïners ervaren momenteel stress door de oorlog,’ aldus Onysjtsjenko. ‘Als een komiek door middel van grappen over zijn oorlogsproblemen praat, herkent iedereen zich daarin,’ legt ze verder uit. ‘Door de oorlog hebben veel Oekraïners het belang van humor herontdekt, en daarmee is stand-upcomedy een nieuwe richting ingeslagen.’

    Volgens Kyrilo Osadtsjy helpt de nieuwe stijl van humor die nu ontstaat de Odessanen niet alleen de oorlog te verwerken, maar ook om zich een betere, gezamenlijke toekomst van Oekraïne voor te stellen. Osadtsjy is manager van het comedyfestival en werkt zelf ook als stand-upcomedian. Hij vindt het mooi om te zien hoe de geschiedenis van Odessa als havenstad en als smeltkroes van verschillende arbeidersculturen leidde tot een eigen gevoel voor humor. De traditionele komische figuren van de Odessaanse humor waren bovendien al voordat de oorlog begon hun relevantie aan het verliezen.

    ‘Onze rijke geschiedenis zorgde voor een bepaalde stijl van humor, maar nu willen we nieuwe wegen inslaan die wegvoeren van de stereotypes,’ zegt hij.

    Terwijl hij spreekt, presenteert een reeks van stand-upcomedians op de achtergrond herkenbare verhalen over dating via sociale media in oorlogstijd of over Poetin, de belangrijkste gemeenschappelijke vijand.

    Hoop voor de toekomst

    ‘Als komiek ga je een relatie aan met je publiek, waar gemeenschappelijke problemen en gemeenschappelijke hoop voor de toekomst onderdeel van uitmaken,’ zegt hij. ‘Het werkt niet om daarbij gebruik te maken van belegen stereotypen als het grappige oude Joodse vrouwtje, de kleine crimineel of de dronken zeeman.’

    Volgens Osadtsjy is er een belangrijke rol weggelegd voor humor en voor de komieken die de grappen brengen. In de eerste plaats helpen ze Oekraïners om te gaan met de moeilijkheden van de oorlog, maar ze dragen bovendien bij aan een fenomeen dat hij in het hele land terugziet: de opkomst van een nieuw gevoel van eenheid en solidariteit. Een praktisch voorbeeld is dat de opbrengst van de kaartverkoop van dit festival zal worden geschonken aan onderwijs en online lessen voor ontheemde Oekraïense kinderen.

    En wat de komedie zelf betreft, zegt hij; ‘die moet zo zijn vormgegeven en gebracht dat mensen zich ermee kunnen identificeren’.

    ‘We blijven grappen vertellen en mensen in donkere tijden aan het lachen maken’

    Borys Barskii, oprichter van het Maski Theater aan de andere kant van de stad en nationaal erkend humorist, toont een voorzichtige, enigszins wrange glimlach als hem wordt gevraagd naar de nieuwe generatie van stand-upcomedians in Odessa, die spreekt over het aanpakken van oude normen en het creëren van nieuwe manieren om humor relevant te maken.

    ‘Toen wij begonnen en ons gevoel voor humor ontwikkelden, zeiden we dezelfde dingen, en dat is een goede zaak; het is een gezonde reactie voor jonge komieken,’ aldus Barskii, die het theater in 1984, ten tijde van het Sovjetbewind, samen met een team van comedians oprichtte. Met vallen en opstaan, voegt hij eraan toe, ‘zullen ze leren om het juiste te doen voor hun eigen tijd’.

    Dan vist hij uit de aanwezige keramische clowns, circusposters, grappige hoeden, certificaten en andere bewijzen van erkenning in zijn kantoor een metershoog metalen beeldje van Charlie Chaplin op.

    The Great Dictator is het volmaakte voorbeeld van het kleineren van de onderdrukker met humor,’ zegt hij, verwijzend naar Chaplins filmklassieker uit 1940. Komieken zullen nieuwe en hedendaagse manieren uitproberen om eenzelfde punt te maken, voegt hij eraan toe, ‘maar bepaalde aspecten van humor zijn onveranderlijk en universeel.’

    Dat betekent voor Barskii dat ‘humor op zich niet iets tijdelijks is, maar wel iets heel menselijks; het is iets wat op zichzelf voortleeft.’ En zo zijn er overeenkomsten tussen Chaplin en de jonge komieken van Odessa. ‘Dat we grappen blijven vertellen en mensen in donkere tijden aan het lachen maken,’ zegt hij, ‘is een onoverwinnelijk en onsterfelijk gegeven.’

    Verlof

    Dat verlangen om te lachen in donkere tijden is precies wat Andrii Antonov en zijn vriendin naar dit comedyfestival bracht. Antonov is een hospik die drie dagen verlof heeft van de frontlinies in Oost-Oekraïne. Hij verheugde zich erop om samen met andere Oekraïners te kunnen lachen. ‘Ik had vermaak nodig om de stress weg te nemen,’ zegt hij, ‘en dat lukt hier beter, dankzij de humor.’

    Het verlangen om samen te lachen en een gemeenschapsgevoel te creëren, vooral in moeilijke tijden, is levendig aanwezig op het comedyfestival. Eén komiek refereert bijvoorbeeld aan het negeren van sirenes door een publiek op te voeren dat nadat een alarm had geklonken bleef zitten, in afwachting van zijn clou. Een ander vertelt dat ze een tijd lang alleen op verzoekjes via dating apps inging als de potentiële kandidaat haar een favoriet merk mineraalwater kon bezorgen, dat door de oorlog schaars is geworden.

    Al deze luchtige grappen zijn een verademing voor Antonov, die zichzelf dan ook niet alleen omschrijft als een inwoner van Odessa, maar daarnaast als een product van Moldavanka, de volksbuurt waaruit de humor van Odessa zou zijn voortgekomen.

    Lees ook:

  • Wereldbeeld: Odessa verwijdert Russischtalige borden

    Wereldbeeld: Odessa verwijdert Russischtalige borden

    De Oekraïense havenstad Odessa is zwaar getroffen door Russische raketaanvallen. Genoeg reden voor de gemeente om Russischtalige borden te verwijderen uit het straatbeeld.

    Na een Russische raketaanval op Odessa heeft de gemeente opdracht gegeven de Russische spelling van de namen van Odessa’s zustersteden op dit monument in de Oekraïense havenstad te ontmantelen.

    Na de Tweede Wereldoorlog zorgde de Neue Ostpolitik van Willy Brandt voor een versoepeling van de relaties met Oost-Europese communistische staten. Daar is weinig sprake meer van nu het Kremlin naar alle waarschijnlijkheid een landbrug probeert te slaan naar het door Moskou geannexeerde schiereiland de Krim, en ‘toegang tot Transnistrië’ wil, een pro-Russische regio in Moldavië.

    ANP 447115607
    © Stepan Franko / EPA

  • Showman Mikheil Saakashvili is terug

    Showman Mikheil Saakashvili is terug

    Mikheil Saakashvili, ex-president van Georgië en later gouverneur van de Oekraïense regio Odessa, verloor eind juni zijn Oekraïense staatsburgerschap. Maar zelfs stateloos droomt hij van een comeback.

    Mikheil Saakashvili is stateloos. Hij bezit geen enkele nationaliteit meer. Een soort Karl Marx, die geboren was in Pruisen maar stateloos werd vanwege zijn politieke ideeën. Het ontnemen van de nationaliteit van een politicus komt in de eenentwintigste eeuw maar zelden voor. Maar Saakashvili heeft tot tweemaal toe met een dergelijk schandaal te maken gehad: in 2011, toen hij zijn belangrijkste opponent Bidzina Ivanishvili het Georgische staatsburgerschap ontnam, en in 2017, toen hemzelf het Oekraïense staatsburgerschap werd ontnomen door de autoriteiten in Kiev, op het moment dat hij onderweg was naar de Verenigde Staten. Een soort Tom Hanks in de film The Terminal, die een stateloze speelt die wordt vastgehouden op een Amerikaanse luchthaven.

    Wees niet bang: de oude Amerikaanse vrienden van Saakashvili zullen een oplossing voor hem vinden, ook al zitten ze een beetje met hem in hun maag. Hij zal heus niet op een luchthaven hoeven te bivakkeren. Maar hij zal wel ingewikkelde procedures moeten ondergaan, Het is niet uitgesloten dat hem zijn Oekraïense nationaliteit, verkregen in mei 2015, zal worden teruggegeven, al doet het betreurenswaardige gebrek aan onafhankelijkheid van de Oekraïense justitie vrezen dat zoiets nog wel even op zich zal laten wachten. Officieel heeft hij zijn Oekraïense nationaliteit verloren (nadat hij in december 2015 afstand had gedaan van zijn Georgische nationaliteit) omdat hij foute informatie zou hebben verstrekt bij het invullen van een formulier: hij had inderdaad ‘verzuimd’ daarop te vermelden dat de Georgische justitie in 2014 een bevel tot voorlopige hechtenis tegen hem had uitgevaardigd. Saakashvili heeft kortgeleden verklaard dat het formulier vervalst is.

    Blijft het feit dat zowel het verlenen van de Oekraïense nationaliteit (door de Oekraïense president Porosjenko, zijn vriend van de universiteit) als het ontnemen ervan een politieke achtergrond heeft. Kiev kan onmogelijk niet op de hoogte zijn van de juridische verwikkelingen van de ex-president in Georgië, waar hem elf jaar gevangenisstraf boven het hoofd hangt op grond van vier aanklachten. De aanhangers van Saakashvili, die de Oekraïense president eerst hemelhoog prezen, komen nu woorden tekort om degene die hun leider internationaal dakloos heeft gemaakt zwart te maken.

    word image 1

    De Oekraïners hebben de Georgiërs met gelijke munt terugbetaald. ‘Het rondreizende circus van Georgië heeft lang genoeg geduurd,’ verklaarde Igor Mosseitsjoek, de afgevaardigde van de Oekraïense Radicale Partij, zinspelend op het team van voormalige hoge ambtenaren uit Georgië dat Saakashvili had laten overkomen om zogenaamde hervormingen door te voeren. De Georgische geschiedenis is rijk aan periodes waarin leiders een bittere nederlaag lijden. Maar die leiders wisten altijd hun waardigheid te behouden. Het meest beledigend voor onze nationale waardigheid is het feit dat Saakashvili zich als een clown heeft ontpopt, dat hij buitenlanders talrijke redenen heeft gegeven om de spot met Georgiërs te drijven, zoals de beroemde scène waarin hij voor een televisiecamera zijn stropdas opeet.

    Ondanks het verlies van zijn nationaliteit heeft Saakashvili politieke plannen in Oekraïne (hij beloofde eerder dat hij er op 10 september zou terugkeren en rekent op de steun van zijn Beweging van Nieuwe Krachten, die hij daar rond een Georgische kern heeft opgebouwd*). Als hij meedoet aan de presidentsverkiezingen van 2018, kan hij rekenen op 4 à 5 procent van de stemmen en zou hij allianties kunnen aangaan met andere kleine partijen. Maar zulke bescheiden resultaten zullen de ambities van de voormalige president zeker niet kunnen bevredigen. In Oekraïne mikt hij, net als vroeger in Georgië, op de totale overwinning, en op totale wraak. Het probleem is dat hij over onvoldoende hulpmiddelen beschikt.

    De omgeving van Saakashvili heeft hem altijd verzekerd dat hij een almachtige reus was

    De omgeving van Saakashvili heeft hem altijd verzekerd dat hij een almachtige reus was. Zelf is hij altijd dol op vleierij geweest, zonder te beseffen dat hij langzaam maar zeker steeds meer werd gemanipuleerd. Zelfs als de ergste nachtmerrie bewaarheid zou worden en hij zich op een dag kandidaat zou kunnen stellen, zou een intelligentere tegenstander hem de loef afsteken en hem daarna als een oude vaatdoek in de politieke vuilnisbak dumpen. Zoiets strookt volstrekt niet met zijn opgeblazen ego. En daar ligt waarschijnlijk de belangrijkste reden voor al deze fiasco’s. Mikheil Saakashvili is tegenwoordig alleen nog maar een gewone sterveling, gezocht door de Georgische politie, zonder paspoort, rondhangend bij het Witte Huis in Washington. Maar hij droomt er nog altijd van keizer van de Melkweg te worden.

    Radicale veranderingen, een Oekraïense herhaling van het ‘Georgische wonder’, strijd tegen de corruptie, snelle economische groei en stralende toekomstperspectieven – dat was waar de Odessieten, en meer in het algemeen de Oekraïners, op hoopten toen de voormalige president van Georgië in mei 2015 tot gouverneur van de regio Odessa werd benoemd door zijn vriend Petro Porosjenko. In minder dan twee jaar heeft de man die in 2003 aan de wieg van de ‘Rozenrevolutie’ stond zijn baan, zijn nieuwe staatsburgerschap en het vertrouwen van de Oekraïners verloren. De oorzaak? Diverse, volgens het Russische dagblad Kommersant, met als belangrijkste ‘het onvermogen van Saakashvili en zijn team om serieus werk te leveren’. Hij wilde ‘Oekraïne een Europees land laten worden’ en een bijdrage leveren aan dit proces. Maar het resultaat van zijn ‘hervormingen’ is teleurstellend.

    Ambitieus als hij was, zag hij zijn gouverneurschap als een springplank naar een politieke carrière op nationale schaal. Hij is ‘vriendjes geworden met de oligarchen van Odessa’, die aanzienlijke bedragen op de bankrekening van zijn stichting ‘Voor Odessa’ stortten. In ruil daarvoor konden ze rekenen op zijn hulp bij het regelen van hun probleempjes. Hoopte hij op de steun van deze rijke vrienden bij zijn verkiezingscampagne? Zeker. Maar zijn relatie met Kiev werd met de dag gespannener. In 2015 had Porosjenko het charisma van Saakashvili nodig om zijn eigen imago en positie in de regio Odessa te versterken. De uiterst ‘hervormingsgezinde’ Saakashvili was ‘een lokaas voor Oekraïners die naar hervorming snakten, een goochelaar die de aandacht van het publiek afleidde van het verdwijnen van het konijn’. Maar toen Porosjenko de macht eenmaal stevig in handen had, besloot hij zich van de politieke showman te ontdoen. Eind 2016 beschuldigde Saakashvili Porosjenko van corruptie en van ‘samenzwering met de oligarchen’ en gaf hij zijn baan op om zich ‘volledig op de politiek te storten’, met als leitmotiv de felle kritiek op het regime. De stateloze Saakashvili is geen gevaarlijke concurrent meer voor Porosjenko. Maar hij mag nog altijd hopen een zekere rol te spelen, al zal die nauwelijks belangrijker zijn dan die van ‘briljante diener van repliek’.

    Auteur: Dmitri Moniav

    • Saakashvili keerde inderdaad op 10 september jl. terug naar Oekraïne. Met een groep aanhangers doorbrak hij een politiepost bij de Pools-Oekraïense grens. Daarbij zouden 22 grensbewakers gewond zijn geraakt. Een paar dagen later arriveerde Saakashvili in de stad Lviv in het gezelschap van voormalig president Joelia Timosjenko, die hem steunt. Onverwachts kreeg hij ook steun van de hoogste aanklager in het land, Joeri Loetsenko, die verklaarde dat Saakashvili niet zou worden gearresteerd en vrij was om te gaan waar hij wilde.

    Sakartvelo da Msoplio
    Georgië | weekblad | oplage onbekend

    ‘Georgië en de Wereld’ brengt een onafhankelijke journalistiek en aarzelt om niet tegen de heersende macht in te gaan en de meest pijnlijke maatschappelijke nationale kwesties, zowel actuele als historische, aan de kaak te stellen