Tag: Oorlog in Oekraïne

  • Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Hoe een ecologische ramp in Oekraïne uitgroeide tot een natuurwonder

    Anderhalf jaar geleden, nadat Russische troepen een dam hadden opgeblazen in de bezette regio Cherson, werd verwacht dat het leeggelopen Kachovka-stuwmeer zou veranderen in een dode woestijn, vervuild met gevaarlijke sedimenten. Het is echter een uniek wilgen- en populierenbos geworden, het enige in zijn soort in Europa.

    Op 6 juni 2023 pleegden de Russische strijdkrachten een terroristische aanslag door de dam van de Kachovka-waterkrachtcentrale op te blazen. Als gevolg van de explosie liep het reservoir leeg; de omliggende gebieden raakten overstroomd, waardoor zo’n zestienduizend mensen werden getroffen en ongeveer tachtig steden onder water kwamen te staan. 

    Het water bedekte akkers, woningen, bedrijven en infrastructuur. Volgens de eerste schattingen zou de schade oplopen tot ongeveer 2 miljard dollar. De vernietiging van de dam leidde tot een ecologische ramp. Minstens vier nationale natuurparken, een biosfeerreservaat en gebieden die beschermd worden door de Ramsar- en Bern-verdragen werden getroffen.

    Onmiddellijk na de tragedie deden experts de ergste voorspellingen, bijvoorbeeld dat de bodem van het voormalige Kachovka-stuwmeer in een woestijn zou veranderen. Ze spraken over zandstormen en de verspreiding van gevaarlijke sedimenten die zich in de loop der jaren hadden opgehoopt. Deze voorspellingen zijn vooralsnog niet uitgekomen.

    We spraken met Oekraïense wetenschappers die hebben deelgenomen aan expedities naar het Kachovka-stuwmeer om erachter te komen wat er het afgelopen jaar is gebeurd op de plek van de grootste milieuramp van de eeuw.

    Een ongelofelijke ontdekking

    Drie weken nadat de Russen de waterkrachtcentrale hadden vernietigd, vond de eerste onderzoeksexpeditie naar het stuwmeer plaats, in het ontruimde nationale park Kamianska Sich, gelegen aan de oevers van het voormalige Kachovka-stuwmeer. De reizen werden georganiseerd door Ivan Moisienko en Oleksandr Chodosovtsev, leden van de Ukrainian Nature Conservation Group en professoren aan de staatsuniversiteit van Cherson, en door geobotanicus en ecoloog Jakiv Diduch, verbonden aan de Oekraïense Nationale Academie van Wetenschappen. 

    Bioloog Anna Kuzemko, een van de deelnemende wetenschappers, vertelt ons dat er met elke volgende reis minder zorgen waren over de natuur. ‘Er waren zorgen dat het slib dat zich in de loop der jaren op de bodem van het reservoir had opgehoopt veel verschillende en zelfs gevaarlijke chemicaliën bevatte en dat die zich zouden verspreiden als de bodem opdroogde,’ vertelt Kuzemko. ‘Maar toen we er voor het eerst heen gingen, zagen we dat de grond erg compact was en waarschijnlijk niet zou verstuiven bij opdroging. We waren nog steeds bezorgd dat er invasieve plantensoorten zouden gaan groeien, zoals de valse acacia, de indigostruik en de vederesdoorn. Deze zorgen werden uiteindelijk weggenomen toen we er in oktober 2023 heen gingen en dit jonge wilgenbos aantroffen.’

    In juni 2023 zagen ze alleen nog maar kleine scheuten, vertelt Kuzemko, maar vier maanden later waren er al aaneengesloten wilgenbosjes van tot twee meter hoog. Sommige bomen bereikten een hoogte van meer dan drie meter.

    Zelfs toen konden de sceptische onderzoekers niet geloven wat er in slechts zes maanden zou gebeuren met het voormalige Kachovka-stuwmeer: ‘Ze zeiden dat het wilgenbos de winter niet zou overleven, dat er geen overstromingen in het voorjaar zouden zijn en dat het zou verdorren,’ vertelt Kuzemko. ‘[In de lente] keerden we terug en zagen we het wilgenbos op de linkeroever. We zagen dat het ten opzichte van het jaar ervoor ongeveer 30 procent was gegroeid, en deze wilgen waren in uitstekende conditie, ze groeiden hard en dicht tegen elkaar aan! We zagen ook populierenbosjes bij het nabijgelegen eiland Chortytsia.’

    Nergens anders in Europa

    Op basis van hun veldonderzoek en met behulp van remote sensing en machine learning, oftewel kunstmatige intelligentie, hebben wetenschappers een kaart gemaakt van de biotopen van het Kachovka-stuwmeer. In november 2023 was ongeveer 40 procent van het voormalige reservoir bedekt met wilgen, populieren en andere uiterwaardenvegetatie, en dit bos blijft zich uitbreiden.

    Het jonge wilgen-populierenbos dat het uitgestrekte gebied bedekt, is uniek; nergens anders in Europa zijn vergelijkbare bossen te vinden. Volgens Kuzemko was zo’n uiterwaardenbos typisch voor dit gebied voordat het stuwmeer werd aangelegd.

    ‘Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa’

    ‘Normaal gesproken kunnen deze uiterwaardenbossen niet groeien waar ze zouden willen; ze ontstaan slechts langs waterlopen omdat het omliggende gebied bevolkt is of als landbouwgrond of voor iets anders gebruikt wordt,’ legt de wetenschapper uit. ‘Zulke grote gebieden zijn echt uniek. Ik denk dat er geen ander wilgen-populierenbos van deze omvang is in Oekraïne en Europa.’

    De groeisnelheid van het bos is fenomenaal. ‘Kun je het je voorstellen? Een wilg die in minder dan een jaar 4,7 meter hoog is geworden!’ zegt professor Moisienko. Zijn collega Diduch zegt dat de wilgen in het Kachovka-stuwmeer twee keer zo snel groeien als elders. Dit kan worden verklaard door de vruchtbaarheid van de steppebodem in het zuiden van Oekraïne en de grote hoeveelheid voedselrijk slib op de bodem van het voormalige stuwmeer.

    Het is van belang dat de beschermingsstatus van het bos snel verbetert naarmate het groeit. Op de plek van de ecologische ramp ontwikkelt zich nu een biotooptype dat door de Conventie van Bern wordt beschermd. ‘De waarde van deze gebieden zal alleen maar toenemen naarmate de biotopen zich blijven vormen. De biodiversiteit zal toenemen en daarmee zal ook de status van dit gebied als onderdeel van het Emerald Network verbeteren,’ zegt Kuzemko. Natuurlijk zal dit alleen gebeuren als niets de vorming van het bos in de weg staat.

    Aanpassingsvermogen

    Het zal niemand ontgaan zijn dat de laatste jaren steeds vaker te zien is dat vogels afval – van plastic zakken tot stukjes touw en ijzerdraad – gebruiken bij het bouwen van hun nesten. Het roept de vraag op of vogels dit doen uit innovatie of dat ze simpelweg gedwongen worden door een gebrek aan natuurlijke materialen. Wetenschapsblad Quebec Science beschrijft hoe bioloog Auke-Florian Hiemstra van het Nederlandse Naturalis gefascineerd raakte door het vermogen van vogels om zich aan te passen aan veranderingen in hun omgeving. Hij onderzocht de complexiteit van dit gedrag en de mogelijke gevaren die hiermee gepaard gaan. Waar vogels eerder volop takken, gras, bladeren, mos, veren en zelfs modder tot hun beschikking hadden, zijn ze in de groeiende verstedelijking van gebieden aangewezen op ons afval.
    Dit verschijnsel is niet beperkt tot Nederland; over de hele wereld zijn voorbeelden te vinden van vogels die zich aanpassen aan de moderne wereld. In Australië werd in 2018 een nest van een ekster ontdekt dat was gebouwd met duivenpinnen, die worden gebruikt om vogels van gebouwen te weren. Een geeloorhoningeter (Meliphaga lewinii) verwerkte plasticdraad als nestmateriaal.
    Mooi dat onze gevederde vrienden zo creatief reageren op hun veranderde omstandigheden, maar het is ook een teken aan de wand: de biodiversiteit en de gezondheid van ecosystemen zijn in gevaar.

    Positieve invloed op het klimaat

    Het uitgestrekte nieuwe bos zal koolstof opslaan en schadelijke stoffen afvangen. ‘Deze wilgen, populieren en andere planten op de bodem van het reservoir hebben al miljoenen tonnen koolstofdioxide geabsorbeerd,’ legt Moisienko uit. ‘Ik weet niet of er een ander ecosysteem ter wereld of in Europa is dat de opwarming van de aarde effectiever bestrijdt.’

    ‘Kijk naar de miljard bomen [het boomplantprogramma van de Oekraïense president Zelensky] die geplant zijn op ongeschikte plaatsen zoals steppe- en zandgrond… Hier, bij het Kachovka-stuwmeer, staan misschien al een miljard bomen. Misschien zelfs meer. En daar zijn geen grote investeringen voor nodig geweest,’ zegt Kuzemko.

    Op een onlinevideo zijn vier sterke mannen te zien die in het jonge Kachovka-bos samen een metershoge jonge wilg uit de grond proberen te trekken. Diduch legt uit dat het boommonster nodig was voor onderzoek naar de rol van wilgen en wilgenbossen, hun invloed op het klimaat, indicatoren voor klimaatverandering, bodemvorming en koolstofverbruik. De analyse van het monster stelt wetenschappers in staat om voorspellingen te doen voor vijf, tien of zelfs vijftig jaar later. Dit soort onderzoeken zijn cruciaal om aan economen, landbouwers, hydrologen en degenen die aanspraak maken op het door het stuwmeer vrijgekomen gebied, uit te leggen waar het om gaat: dat het voormalige stuwmeer nu en in de toekomst in zijn nieuwe natuurlijke staat veel waardevoller zal zijn dan welk infrastructuurproject dan ook.

    Uit het onderzoek van het team is gebleken dat de ecosysteemdiensten van volgroeide bossen, als ze ten minste 30 procent van het reservoiroppervlak uitmaken, zestien keer zo groot zullen zijn als de voordelen van het kunstmatige reservoir. Dankzij deze ecosysteemdiensten krijgen de Oekraïners niet alleen een schoon en verbeterd milieu, een rijkere biodiversiteit, een beter klimaat en zelfs een uniek natuurgebied, maar ook geld.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken

    Oekraïners kunnen aanzienlijke subsidies ontvangen van wereldwijde fondsen als ze de natuur in het reservoir ongemoeid laten. Het herstel van de vegetatie en de natuurlijke rivierbedding van de Dnipro op het grondgebied van het voormalige Kachovka-stuwmeer is in lijn met de Europese Green Deal, waarin de EU-landen het streven uitspreken om rivieren in hun normale, natuurlijke staat terug te brengen. Plannen om het reservoir te herstellen druisen in tegen dit beleid. Het Oekraïense waterkrachtbedrijf Ukrhydroenergo begon een maand na de ramp in Kachovka met de bespreking van de reconstructie. Het nieuwe project zou alle voordelen tenietdoen die de nieuwe gebieden ons zouden kunnen bieden als ze onaangeroerd blijven.

    De optie ‘onaangeroerd’ zou investeringen kunnen aantrekken. Internationale fondsen staan klaar om landeigenaren te betalen. De eigenaren zelf hoeven niets te doen; ze laten het land gewoon met rust en laten de natuur haar gang gaan.

    Een betere oplossing voor het Kachovka-stuwmeer lijkt er niet te bestaan. Voor dit gunstige scenario moet Oekraïne aan een paar voorwaarden voldoen. Ten eerste moet er een einde komen aan de oorlog. Ten tweede moeten mondiale fondsen garanties krijgen dat de nieuwe waterkrachtcentrale waar Ukrhydroenergo van droomt niet op deze locatie zal worden gebouwd.

    ‘Als deze garanties worden gegeven, denk ik dat we de financiering voor natuurherstel kunnen krijgen en die ook vele jaren kunnen blijven ontvangen. Maar aan zowel de eerste als de tweede voorwaarde is lastig te voldoen,’ concludeert Moisienko.

    Ondertussen kunnen we alleen maar de expedities volgen, nieuwe onderzoeksresultaten afwachten en observeren hoe de Grote Weide, die zich in dit gebied bevond vóór het Kachovka-stuwmeer er werd gebouwd, in de nasleep van de ecologische catastrofe weer tot leven komt.

  • Poetin dreigt westerse landen met vergelding wegens wapenleveranties

    Poetin dreigt westerse landen met vergelding wegens wapenleveranties

    Lees ook het andere nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Mexico: eerste mens overleden aan vogelgriepvirus H5N2

    » VS: gerechtshof Georgia schort strafzaak tegen Trump op

    Westerse landen raken direct betrokken bij de oorlog, waarschuwde hij

    Vladimir Poetin dreigt westerse landen met ‘vergeldingsmaatregelen’ omdat ze Oekraïne toestemming hebben gegeven met hun wapens Russische doelen aan te vallen. Dat schrijft The Independent. In een toespraak tot buitenlandse journalisten waarschuwde de Russische president dat het leveren van langeafstandsraketten aan Oekraïne en de toestemming voor gebruik ervan bij aanvallen binnen Rusland een ‘gevaarlijke stap’ was. Het zou voor Moskou een reden kunnen zijn om soortgelijke wapens aan andere landen te leveren om westerse doelen aan te vallen, zei hij.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    ‘Dit zou betekenen dat ze direct betrokken raken bij de oorlog tegen de Russische Federatie markeren, en we behouden ons het recht voor om op dezelfde manier te handelen’, voegde hij eraan toe tijdens een drie uur durende ontmoeting met de hoofdredacteuren van internationale persbureaus.

    Verschillende landen, waaronder de VS en Duitsland, hebben Oekraïne groen licht gegeven om doelen in Rusland aan te vallen. Deze koerswijziging in de wapenleveranties kwam vorige week, nadat Rusland begin mei een nieuw offensief op Kharkiv had ingezet, aldus The Independent.

  • De eeuwenoude vraag: hoe betaalt een land een oorlog?

    De eeuwenoude vraag: hoe betaalt een land een oorlog?

    Vanwege de oorlog in Oekraïne verhogen meerdere regeringen hun defensie-uitgaven. Maar waar moet al dat geld vandaan komen? ‘Er zullen moeilijke keuzes moeten worden gemaakt.’

    Volgend jaar april zullen de Denen voor het eerst in drie eeuwen moeten werken op de Grote Gebedsdag, aangezien de regering deze vrije dag heeft afgeschaft, deels om de extra defensie-uitgaven te bekostigen. Het besluit van afgelopen maart stuitte op grote weerstand onder de bevolking: volgens een peiling was 70 procent van de Denen tegen. Economen daarentegen hebben Kopenhagen geprezen omdat het met een oplossing komt voor zijn hogere defensiekosten, in tegenstelling tot veel andere regeringen. ‘Niemand wil meer belasting betalen. Maar tegelijkertijd wil iedereen een betere defensie en goede gezondheidszorg,’ zegt John Llewellyn, voormalig hoofd economische voorspellingen van de OESO. ‘Op een gegeven moment wordt de kwestie de politieke arena in geduwd omdat niemand weet waar het geld vandaan moet komen.’

    Japan, bezorgd over een steeds assertiever China en het risico van oorlog in de Indo-Pacific-regio, heeft nog niet gespecificeerd hoe het tegen 2027 zijn defensiebegroting met twee derde verhoogd denkt te kunnen hebben. Het VK wil, onder invloed van de Russische inval in Oekraïne, zijn militaire uitgaven uiteindelijk laten oplopen tot 2,5 procent van het bnp, maar alleen als ‘de fiscale en economische omstandigheden dat toelaten’. Duitsland, geschrokken van de Russische agressie, wil zijn defensie-uitgaven eveneens verhogen, maar niet ten koste van een officiële vrije dag. Frankrijk heeft nog niet toegelicht waar het geld vandaan moet komen voor de geplande verhoging van zijn militaire begroting met 40 procent de komende vijf jaar. Hetzelfde geldt voor Polen, dat zijn uitgaven bijna wil verdubbelen tot 4 procent van het bnp.

    Zenuw

    De vraag hoe oorlogen gefinancierd moeten worden is even oud als het fenomeen oorlog zelf. De Romeinse staatsman Cicero noemde ‘geld de zenuw van de oorlog’. In 1694 werd de Bank of England opgericht om William III te helpen zijn oorlog met Frankrijk te financieren. Vandaag de dag lijken zelfs in een steeds chaotischer wereld de uitgaven beperkter als gevolg van de stijgende rentepercentages en de hoge staatsschulden.

    Europa zit midden in het grootste gewapende conflict sinds 1945. De geopolitieke spanningen tussen China en Taiwan lopen op. Iran zal wellicht weldra in staat zijn een kernwapen te produceren. Bovendien kunnen ook wereldwijde problemen als klimaatverandering en migratie overheden ertoe dwingen veel geld uit te geven.

    Het Internationaal Instituut voor Vredesonderzoek van Stockholm (SIPRI) heeft berekend dat de defensie-uitgaven vorig jaar wereldwijd zijn gestegen tot een recordbedrag van 2,24 triljoen dollar. Die trend zal zich dit jaar voortzetten, ook al zijn overheden meer geld kwijt aan leningen vanwege de stijgende rente.

    Economen als Lawrence Summers, voormalig minister van Financiën van de VS, en Olivier Blanchard, voormalig hoofdeconoom bij het IMF, hebben erop gewezen dat hogere defensie-uitgaven de rentepercentages zelfs nog verder kunnen opjagen.

    ‘Eén scenario is dat landen die in 2022 al meer aan defensie hebben uitgegeven dat zullen blijven doen, terwijl landen die dat voor 2023 hebben aangekondigd daar nu werkelijk mee beginnen,’ zegt Diego Lopes Da Silva, hoofdonderzoeker bij de afdeling militaire uitgaven en wapenproductie van SIPRI.

    In de vijf landen met de hoogste defensie-uitgaven ter wereld gaat het om duizelingwekkende bedragen. In de VS hebben politici een incidentele verhoging van het schuldenplafond mogelijk gemaakt om de defensie-uitgaven in 2024 met 3 procent te kunnen verhogen tot 886 miljard dollar. De defensiebegroting van China, die SIPRI op 292 miljard dollar schat, zal dit jaar voor het negenentwintigste achtereenvolgende jaar worden verhoogd. Rusland, dat vorig jaar naar schatting 86 miljard dollar aan defensie uitgaf, heeft inmiddels verklaard dat er geen ‘financieringsbeperkingen’ zullen gelden voor zijn oorlog tegen Oekraïne, ook al blijft het precieze bedrag geheim. India wil zijn defensiebegroting het komende jaar met 13 procent verhogen tot 73 miljard dollar, terwijl Saoedi-Arabië, uit vrees voor een nucleair Iran, nu 7,5 procent van zijn bnp aan defensie besteedt, na Oekraïne het hoogste percentage.

    Oorlogen gaan dikwijls gepaard met hogere inflatie en beperking van rentepercentages

    Binnen de NAVO hebben maar 7 van de 31 lidstaten vorig jaar de beoogde norm van 2 procent van het bnp gehaald. Zouden ze dat allemaal doen, dan zouden de totale defensie-uitgaven met meer dan 150 miljard dollar per jaar stijgen, volgens onderzoek van Financial Times.

    Hoewel oorlog tot de ‘duurste en minst productieve menselijke activiteiten’ behoort, zegt James Grant, financieel historicus en hoofdredacteur van Grant’s Interest Rate Observer in New York, ‘kan de boel ook in vredestijd flink uit de hand (…) lopen. Als dat gebeurt, nemen de uitgaven en het bijdrukken van geld vaak hand over hand toe.’

    Over het algemeen worden ‘korte, hete oorlogen’ die een plotselinge verhoging van uitgaven vereisen gefinancierd met extra leningen, terwijl ‘korte, koude oorlogen’, die langdurige defensie-uitgaven vereisen, via belastingen worden betaald.

    De napoleontische oorlogen en de Eerste en Tweede Wereldoorlog werden grotendeels gefinancierd met geleend geld. Maar tijdens de lange decennia van de Koude Oorlog financierde het Westen zijn defensie-uitgaven met belastingverhogingen. In de kwarteeuw die voorafging aan de val van de Berlijnse muur stegen de belastinginkomsten van de OESO-landen gemiddeld van 25 procent van het bnp naar meer dan 32 procent, terwijl de staatsschuld over het algemeen daalde.

    Inflatie

    ‘Voor korte oorlogen kunnen regeringen de kosten dekken met leningen,’ zegt James Macdonald, auteur van A Free Nation Deep in Debt, dat over de geschiedenis van openbare financiën en oorlogen handelt. ‘Maar als het gaat om een langdurige oorlog, moet je andere methodes gebruiken naarmate die langer duurt, zoals belastingheffing.’

    Oorlogen gaan ook dikwijls gepaard met hogere inflatie en beperking van rentepercentages. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stegen de Amerikaanse groothandelsprijzen gemiddeld met 8,2 procent, terwijl de rente op langjarige leningen werd beperkt tot 2,5 procent, een gat dat Washington hielp de waarde van Amerikaanse staatsobligaties door inflatie te laten wegsmelten.

    ‘Alle oorlogen worden over het algemeen geassocieerd met enige inflatie. Politici houden er niet van belastingen te verhogen [om oorlogen te financieren], en inflatie is verborgen belasting,’ zegt Richard Sylla, coauteur van A History of Interest Rates.

    Economen verwachten dat aanhoudend hoge defensie-uitgaven, die in de OESO-landen na de val van de Berlijnse muur met een derde waren gedaald, een mengeling van hogere belastingen en bezuinigingen elders vereisen. ‘Om de politiek kun je niet heen,’ zegt Llewellyn. ‘Samenlevingen worden met een aantal ingewikkelde problemen geconfronteerd en er zullen moeilijke keuzes moeten worden gemaakt.’

  • Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Ondanks sancties blijft Europa olie van Rusland kopen – en financiert zo de oorlog

    Hoewel de EU nieuwe sancties heeft ingesteld tegen de handel in Russische fossiele brandstoffen, blijven Europese tankers olie uit Rusland verschepen – en dus de Russische schatkist vullen. Het land verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan olie, kolen en gas.

    Ondanks een EU-embargo exporteren Europese schepen nog steeds miljoenen tonnen fossiele brandstoffen vanuit Rusland. Zo financieren ze een aanzienlijk deel van de oorlog die Vladimir Poetin in Oekraïne begon. De sancties gelden sinds begin december en zijn bedoeld om Rusland minder te laten verdienen aan de oliehandel met Europa. Ook moeten ze Europese rederijen ontmoedigen om Russische olie naar andere landen te vervoeren.

    Uit nieuw onderzoek van Investigate Europe en Reporters United, in samenwerking met Der Tagesspiegel, blijkt dat het embargo grotendeels zonder effect blijft. Rusland blijft profiteren van de export van fossiele brandstoffen – en Europese bedrijven helpen daarbij. Dit blijkt uit scheepsgegevens die het team van journalisten vijf maanden lang heeft verzameld.

    Uit het onderzoek blijkt dat het gesanctioneerde Russische staatsbedrijf Sovcomflot nog altijd handelspartner van Europa is

    Nadat de sancties begin december werden ingevoerd, hebben Europese vrachtschepen en tankers met een capaciteit van bijna 16 miljoen ton draagvermogen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. De schepen vervoerden ongeveer 40 procent van de fossiele brandstoffen die sindsdien de Russische havens zijn uitgevaren.

    Van alle Europese scheepvaartsmaatschappijen doen Griekse rederijen de meeste zaken met Rusland. Maar ook schepen uit Italië, Noorwegen en Duitsland blijven vanuit Russische havens exporteren. Uit het onderzoek blijkt dat ook het Russische staatsbedrijf Sovcomflot, dat door de EU is gesanctioneerd, nog altijd handelspartner van Europa is.

    Oorlogskas

    Vorig jaar hebben de EU-lidstaten de handel in fossiele brandstoffen vanuit Rusland grotendeels aan banden gelegd. Sinds augustus geldt er een verbod op het vervoer van Russische kolen naar Europa, en sinds begin december mogen bedrijven ook geen Russische ruwe olie meer naar de EU verschepen. Naar andere landen mogen Europese rederijen en handelaren alleen ruwe olie uit Rusland vervoeren als deze landen niet meer betalen dan een maximumprijs, die vooraf door de EU-staten is vastgesteld.

    Ondanks deze embargo’s blijven veel Europese bedrijven goed verdienen aan de handel met Rusland. Of de rederijen en handelaren daarbij gemaakte afspraken overtreden, kan niet worden aangetoond aan de hand van openbare gegevens. Duidelijk is in ieder geval dat ze met hun handel de Russische oorlogskas spekken.

    Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten

    Voor het onderzoek analyseerden Investigate Europe en Reporters United de databanken van het Centre for Research on Energy and Clean Air (CREA) en Equasis, leverancier van scheepvaartgegevens.

    Volgens de onderzochte data verlieten tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 in totaal 689 schepen beladen met olie, kolen of gas de Russische havens. Hiervan kwamen 250 schepen uit Europa. De meeste waren gedekt door Europese verzekeraars.

    In de eerste maand na de invoering van de nieuwe sancties hebben binnen de EU vooral Griekse rederijen olie, kolen en gas uit Rusland geëxporteerd. Hun schepen legden in totaal 161 keer aan in Russische havens, met een capaciteit van 12 miljoen ton. Ook Duitse rederijen bleven handel drijven met Rusland: er zijn meer dan twintig gevallen bekend van tankers, met een totale capaciteit van bijna 1 miljoen ton, die vanuit Russische havens fossiele brandstoffen vervoerden.

    De hoeveelheid Russische brandstof die door EU-lidstaten wordt verscheept, is nauwelijks afgenomen

    Onderstaande tabel toont de totale hoeveelheid gas, olie en steenkool die volgens de onderzoeksgegevens tussen 24 februari en eind december vorig jaar vanuit Russische havens naar andere landen is verscheept. De zendingen zijn geordend naar het land waar de betreffende rederij is geregistreerd.
    1. Griekenland                                               135,8 miljoen ton
    2. China                                                          53,8
    3. Verenigde Arabische Emiraten                 35,5
    4. Rusland                                                      18,9
    5. Singapore                                                  17,4
    6. Turkije                                                       17,4
    7. Duitsland                                                   14,2
    8. Japan                                                          12,5
    9. Groot-Brittannië                                        11,3
    10. Monaco                                                     9,9

    Voor zover bekend hebben de Duitse rederijen met hun leveringen niet het embargo geschonden. Volgens openbaar toegankelijke gegevens vervoerden zij geen ruwe olie, maar zogenaamde olieproducten – en de EU zou de handel in bepaalde olieproducten pas begin februari verbieden.

    Onderstaande gegevens hebben betrekking op de export vanuit Russische havens. Het kan daarbij gaan om olie, gas en steenkool, maar ook afgeleide of verwerkte producten. De onderzochte periode loopt vanaf het begin van het embargo (5 december) tot en met 5 januari.

    De in Bremen gevestigde rederij German Tanker Shipping is verantwoordelijk voor vijftien van de twintig transporten. Tegenover Investigate Europe verklaarde een woordvoerder van het bedrijf dat de rederij ‘alle geldende sancties’ naleeft.

    Maar Svitlana Romanko, directeur van de Oekraïense hulporganisatie Razom We Stand, maakt zich zorgen. ‘Ik ben geschokt dat Europese scheepvaartmaatschappijen Russische olie en gas blijven exporteren,’ zegt ze. ‘Ik eis dat de EU-functionarissen die hiervoor verantwoordelijk zijn onmiddellijk uitzoeken of sancties niet zijn nageleefd en of bedrijven hier illegaal hebben samengewerkt met de Russische staat.’

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties

    Volgens de data-analyse van Investigate Europe en Reporters United hebben schepen met een totale capaciteit van acht miljoen ton tussen 5 december 2022 en 5 januari 2023 olie, kolen en gas vanuit Russische havens naar Europa geëxporteerd. Sinds begin december vorig jaar geldt een EU-embargo op de invoer van Russische ruwe olie. Maar de analyse wijst uit dat ook na het begin van de sancties in ten minste dertig gevallen ruwe olie vanuit Rusland naar Europa is verscheept. In achttien van die gevallen gebeurde dat met Europese schepen.

    Het kan zijn dat deze transacties toch legaal waren vanwege een maas in de sancties: schepen mogen nog steeds ruwe olie vanuit Russische havens exporteren als die olie oorspronkelijk uit een ander land komt.

    Export via andere landen

    Vanuit Kazachstan worden grote hoeveelheden ruwe olie verscheept naar de Russische havens in Novorossiysk en Oest-Loega. Drieëntwintig van de dertig ladingen ruwe olie die vorige maand de EU bereikten, zijn afkomstig uit Kazachstan. De scheepsterminal in Novorossiysk is onderdeel van het Caspian Pipeline Consortium (CPC), dat via pijpleidingen olie vanuit het westen van Kazachstan naar de haven aan de Zwarte Zee vervoert. De Russische staat heeft 24 procent van dat consortium in handen.

    Naar verluidt blijft de Russische regering naar manieren zoeken om ondanks de sancties toch fossiele brandstoffen naar de EU te kunnen exporteren. De Russische rederij Sovcomflot zou al begonnen zijn een deel van haar vloot over te dragen aan een onderneming die geregistreerd is in de Verenigde Arabische Emiraten. De EU heeft Sovcomflot gesanctioneerd, maar de rederij kan dankzij deze truc handel blijven drijven.

    Vooraanstaande managers van Sovcomflot staan in openbare registers vermeld als bestuurders van de onderneming Sun Ship Management. Die onderneming heeft de afgelopen maand al 39 transporten uitgevoerd, met een capaciteit van 3,2 miljoen ton. Zeven van die verschepingen hadden een haven in de EU als bestemming.

    Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export

    Ondanks de EU-sancties blijft Rusland dus enorme hoeveelheden fossiele brandstoffen exporteren. De totale exportcapaciteit is vorig jaar nauwelijks afgenomen, maar tankers uit Russische havens gaan de laatste tijd vaker naar China, India en Turkije in plaats van naar Europa. Waar hun ladingen uiteindelijk terechtkomen, is moeilijk te traceren.

    De EU heeft naast het exportverbod ook een prijsplafond ingevoerd. In januari publiceerde het Centre for Research on Energy and Clean Air een onderzoek waaruit blijkt dat de wereldmarktprijzen van olie en gas weer aanzienlijk zijn gedaald als gevolg van die maatregel. Maar Rusland verdient nog steeds ongeveer 640 miljoen euro per dag aan export.

    Het probleem is volgens deskundigen dat China, India en Turkije, de nieuwe handelspartners van Rusland, zich niet aan dat prijsplafond houden. Bovendien ligt het plafond van 56 euro hoger dan de gemiddelde prijs van Russische ruwe olie. De Oekraïense president Volodymyr Zelensky noemt de regeling dan ook ‘zwak’. Samen met Polen en de Baltische staten heeft hij voor een aanzienlijk lager plafond gepleit.

  • Het sprookje van wereldwijde graantekorten

    Het sprookje van wereldwijde graantekorten

    In tegenstelling tot wat vaak wordt gezegd, heeft de oorlog in Oekraïne niet geleid tot een wereldwijd graantekort. Wel is de honger in de wereld de afgelopen jaren toegenomen, maar de echte oorzaken van deze voedselcrisis zijn vooral financieel van aard, aldus hoogleraar economie Jayati Ghosh.

    Stijgende voedselprijzen en steeds meer en hevigere overstromingen, droogteperiodes en andere vormen van extreem weer hebben de afgelopen jaren geleid tot waarschuwingen over een dreigend graantekort. Dat kan een ramp zijn voor de armste en kwetsbaarste bevolkingsgroepen. Hoewel klimaatverandering op de middellange tot lange termijn de grootste bedreiging vormt voor mondiale voedselzekerheid, wordt de Russische invasie van Oekraïne vaak genoemd als directe oorzaak van de huidige voedselcrisis, maar dat is een wassen neus.

    Zeker, de oorlog heeft de tarwe-export uit zowel Rusland als Oekraïne – twee van ’s werelds grootste producenten – verstoord en daarmee ook cruciale handelsrelaties in het ongerede gebracht. Aangezien Oekraïne en Rusland eerder goed waren voor meer dan een kwart van mondiale tarwe-export, hebben beleidsmakers en commentatoren de prijsstijging begin 2022 grotendeels toegeschreven aan schaarste als gevolg van het conflict.

    Inderdaad steeg de wereldwijde tarweprijsindex in de maanden na de Russische invasie met ongeveer 23 procent, maar in juni 2022 daalde die alweer. In december was de index weer op vooroorlogs niveau. Deze ontwikkeling wordt dan weer toegeschreven aan het succes van het Black Sea Grain Initiative (BSGI), een door de Verenigde Naties gesteunde regeling die de Russische blokkade van de Oekraïense graanexport ophief. Andersom heeft het recente Russische besluit zich uit deze ‘graandeal’ terug te trekken geleid tot zorgen over gevolgen voor de wereldwijde graanhandel.

    De mondiale tarwevoorraad is stabiel gebleven sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne

    Deze zorgen snijden geen hout. Ten eerste is de mondiale tarwevoorraad (de totale productie én de verhandelde hoeveelheid) stabiel gebleven sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. In het Agricultural Market Information System, waarover de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties het beheer voert, zijn gegevens van de International Grains Council verwerkt, waardoor er schattingen van aanbod, gebruik en handel te maken zijn. Tussen juli 2021 en juni 2022 – toen de tarweprijzen piekten – steeg de wereldproductie met 5 miljoen ton en de handelsvolumes met 3 miljoen ton. Tegelijkertijd stegen de voorraden enigszins (met 3 miljoen ton).

    Overschot

    Het meest opvallend was dat de totale tarwevoorraad (ofwel: productie plus beginvoorraden) het gebruik met maar liefst 275 miljoen ton overtrof. Dit overschot staat op gespannen voet met het heersende verhaal van een wereldwijd tekort. Daar komt bij dat het aanbod tussen juli 2022 en juni 2023 de vraag volgens schattingen heeft overtroffen, wat op een consistente ontwikkeling duidt.

    Ten tweede leggen regeringen en media doorgaans de nadruk op specifieke regionale tekorten. De toename van productie en handel in andere delen van de wereld wordt over het hoofd gezien. Tarwe wordt wereldwijd geproduceerd, wat betekent dat een verhoogde productie in een regio tekorten in een andere kan compenseren. 

    Vanwaar dan die stijging van de tarweprijzen? Volg het geldspoor. De graanmarkt werkt als een oligopolie, waarbij de vier grootste graanhandelaren – Archer-Daniels-Midland, Bunge (onlangs gefuseerd met Viterra), Cargill en Louis Dreyfus – ruim 70 procent van de markt in handen hebben en Glencore nog eens 10 procent.

    Tien hedgefondsen verdienden naar verluidt 1,9 miljard dollar door te profiteren van gestegen voedselprijzen vanwege de Russische aanval op Oekraïne

    Toen de oorlog in Oekraïne nog niet zo lang aan de gang was, boekten de vier grote graanhandelaren vooral tussen maart en juni 2022 recordwinsten en -inkomsten. De jaaromzet van Cargill steeg met 23 procent tot 165 miljard dollar, de winst van Louis Dreyfus met 80 procent. De prijsstijgingen die uit deze winsten voortvloeiden, hielden geen verband met de werkelijke ontwikkeling van vraag en aanbod.

    Bovendien waren de graantermijnmarkten tussen april en juni 2022 buitengewoon levendig. Beleggingsmaatschappijen, zoals pensioenfondsen, verhoogden hun aandeel in longposities op de Parijse tarwetermijnmarkt van 23 procent in mei 2018 tot 72 procent in april 2022. Tien door het momentum gedreven hedgefondsen verdienden naar verluidt 1,9 miljard dollar door te profiteren van gestegen voedselprijzen vanwege de Russische aanval op Oekraïne. Regelgevers in de Verenigde Staten en de Europese Unie stonden rustig toe dat deze financiële manoeuvres onverminderd doorgingen.

    Armste landen

    Opvallend genoeg bleven de armste landen grotendeels verstoken van Oekraïens graan. In plaats daarvan ging 81 procent van de onder het BSGI geëxporteerde 32,9 miljoen ton naar landen met hoge en bovengemiddelde inkomens: voornamelijk Europese landen zoals Spanje, Italië en Nederland, én China en Turkije. Landen met lage inkomens ontvingen 3 procent van het Oekraïense graan en 9 procent van zijn tarwe (Bangladesh was de voornaamste begunstigde). Aangezien voedselimporterende Afrikaanse landen slechts een fractie van deze export ontvingen, lijkt de vrees dat het mislukken van de graandeal tot massale hongersnood in Afrika zal leiden schromelijk overdreven.

    Het BSGI lijkt meer te gaan over facilitering van de Oekraïense export – op zich lofwaardig – dan over de bestrijding van hongersnood in de wereld. Naast de Russische blokkade van zeeroutes zijn de routes over land van Oekraïne aangetast door de impliciete invoerbeperkingen die Midden- en Oost-Europese landen als Polen, Bulgarije, Hongarije, Slowakije en Roemenië hebben opgelegd om noodlijdende lokale boeren te beschermen tegen scherp geprijsd Oekraïens graan. Waar het uiteindelijk op neerkomt is dat het BSGI vooral de belangen dient van de agribusinessreuzen die in Oekraïens graan handelen, en hun financiers.

    We kunnen de strijd tegen wereldwijde voedseltekorten alleen winnen als we de werkelijke oorzaken van die tekorten onderkennen

    Hoewel de mondiale voedselzekerheid de afgelopen jaren sterk is afgenomen, komt dat niet door een tekort aan graan. Waardoor dan wel? Door dalende export, slinkende deviezeninkomsten, kapitaalvlucht en hogere schuldenlasten. Als gevolg daarvan kunnen veel landen minder levensmiddelen importeren.

    Om deze problemen het hoofd te bieden, moeten we onze prioriteiten verleggen. In plaats van graan uit te delen als gebaar van liefdadigheid, moeten mondiale beleidsmakers de kwetsbaarheid van wisselkoersen in verarmde landen verminderen. En ze moeten een beleid voeren dat de binnenlandse en regionale productie van essentiële voedselproducten stimuleert. We kunnen de strijd tegen wereldwijde voedseltekorten nog steeds winnen, maar alleen als we de werkelijke oorzaken van die tekorten onderkennen.

    Lees ook:

  • Naast oorlog voert Oekraïne ook een strijd tegen corruptie

    Naast oorlog voert Oekraïne ook een strijd tegen corruptie

    Elke week pluist de redactie van 360 een actuele gebeurtenis voor je uit aan de hand van de internationale pers. Deze week kijken we naar Oekraïne, waar de minister van Defensie is ontslagen vanwege corruptie. Lukt het het in oorlog verwikkelde land het om een vuist te maken tegen machtsmisbruik en zelfverrijking?

    Dit artikel verscheen woensdag in de nieuwsbrief Buiten de grenzen, exclusief voor abonnees. Wil je elke week op de hoogte blijven? Neem dan een (proef)abonnement – al vanaf €5 per maand – op 360 Magazine en abonneer je op de nieuwsbrieven.

    Waarom is de Oekraïense minister van Defensie ontslagen?

    Volodymyr Zelensky, de Oekraïense president, heeft zondag bekendgemaakt dat hij zijn minister van Defensie, Oleksi Reznikov, vervangt. ‘De grootste verandering in het leiderschap van de Oekraïense oorlogsinspanningen sinds het begin van de Russische invasie’, aldus The New York Times. Zelensky benadrukte de noodzaak van een ‘nieuwe aanpak’ voor de oorlog na meer dan achttien maanden van conflict.

    Defensieminister Reznikov, die in november 2021 op zijn post werd benoemd, ‘hielp bij het binnenhalen van miljarden dollars aan westerse militaire hulp om de oorlogsinspanningen van zijn land te ondersteunen’. Maar hij is ook betrokken bij een ‘corruptiezaak binnen zijn ministerie’, schrijft The Guardian

    Na onthullingen van de Oekraïense kranten Dzerkalo Tyzjnja en Oekrajinska Pravda was Reznikov in opspraak geraakt. Zo zou het ministerie van Defensie veel te hoge bedragen hebben betaald voor onder andere winterjassen en kogelvrije vesten voor het leger, en zou de uitrusting niet aan de kwaliteitseisen voldoen. Inmiddels is de regering een onderzoek gestart naar corruptie op het ministerie. Reznikov zelf heeft de beschuldigingen altijd ontkend.

    Het ontslag ‘zat al maanden in de pijplijn’, schrijft El País. Al sinds februari 2023 zijn er berichten dat zich meerdere financiële schandalen binnen het ministerie van Defensie hebben voorgedaan, onder andere bij de inkoop van eieren voor het leger. Reznikov werd eerder niet direct beschuldigd, maar gaf toe dat hij ‘eindverantwoordelijk was voor zijn team’, meldt het Spaanse dagblad.

    ANP 476569557
    De Oekraïense minister van Defensie Oleksi Reznikov toont Oekraïense militaire uniformen aan de media tijdens een persconferentie in Kyiv. Reznikov kwam in opspraak vanwege gesjoemel bij de inkoop van winterjassen op zijn ministerie. – © Sergei Chuzavkov / AFP

    Destijds gaf de politicus een persconferentie waarin hij de balans opmaakte van zijn ambtsjaar. Hij verzekerde dat hij afstand zou doen van de defensieportefeuille zodra zijn vervanger was gevonden en noemde het stressniveau dat hij tijdens de invasie had ervaren ‘moeilijk te beschrijven’. Reznikov was een van de bepalende gezichten van Oekraïne op het wereldtoneel en een van de weinige topfunctionarissen die in Kyiv bleven toen de hoofdstad gedeeltelijk werd omsingeld door Russische troepen aan het begin van de invasie, schrijft The New York Times.

    Hij wordt vervangen door Roestem Oemerov, de voorzitter van het Oekraïense Staatseigendomsfonds en lid van een oppositiepartij. Oemerov was de belangrijkste Oekraïense onderhandelaar van de graandeal met Rusland en een prominent onderhandelaar als het gaat om de uitwisseling van gevangenen. Hij maakt als Krim-Tataar onderdeel uit van een Turkssprekende minderheidsgroep die voornamelijk op de in 2014 door Rusland geannexeerde Krim woont. 

    Hoe is het gesteld met de corruptie in Oekraïne?

    ‘Oekraïne wordt al lange tijd geassocieerd met corruptie en oligarchie en Rusland heeft dit feit gebruikt om de oorlog tegen het land deels te rechtvaardigen’, schrijft Al Jazeera. Het bestrijden van corruptie was dan ook een van de speerpunten in de presidentscampagne van Zelensky in 2019. Tijdens zijn inauguratiespeech op 20 mei van dat jaar zei de president: ‘Laten we een land van andere kansen opbouwen. Waar iedereen gelijk is voor de wet en waar de spelregels eerlijk, transparant en voor iedereen hetzelfde zijn.’

    Sindsdien heeft het land belangrijke stappen gezet om corruptie te bevechten, aldus de Qatarese zender. Zo is Oekraïne van de 126ste plek in 2019 opgeklommen naar plek 116 in 2022 van de Corruption Perceptions Index van Transparency International, daarin worden landen gerangschikt op de mate waarin corruptie in de publieke sector aanwezig is. Wel is het volgens de ranking nog steeds het op een na meest corrupte land van Europa, na Rusland.

    ‘Het zeer actieve Oekraïense maatschappelijk middenveld beschouwt (…) corruptiebestrijding als een integraal onderdeel van de oorlogsinspanning’, schrijft The Guardian. Maar oorlog is ook een situatie waarin corruptie juist kan gedijen, aldus de Britse krant. Door de staat van beleg zijn veel van de transparantiemaatregelen die Zelensky bij zijn aantreden heeft ingevoerd, weer afgeschaft. Zo hoeven overheidsfunctionarissen hun eigendommen en inkomsten niet langer te registreren.

    ANP 477117355
    De arrestatie van de Oekraïense zakenmagnaat Ihor Kolomojsky afgelopen zaterdag. Hij wordt verdacht van fraude en witwassen. – © Maxym Marusenko / NurPhoto / Shutterstock

    Een dag voor het ontslag van Reznikov kwam er een ander corruptieschandaal in Oekraïne aan het licht. Zaterdag arresteerde de SBOe, de binnenlandse veiligheidsdienst van Oekraïne, Ihor Kolomojsky, een controversiële oligarch die ooit nauwe banden had met de president, op verdenking van fraude en het witwassen van geld. Kolomosjky was ‘een van de invloedrijkste zakenlieden in Oekraïne’, schrijft de Oekraïenstalige versie van de BBC

    Volgens de aanklagers, vervolgt de BBC, heeft Ihor Kolomojsky tussen 2013 en 2020 miljarden hryvnia verduisterd met behulp van zijn eigen bancaire instellingen. Saillant is dat Kolomojski in die tijd een trouw bondgenoot van Zelensky was. Hij was ‘de eigenaar van het televisiekanaal 1+1 toen de komische acteur Volodymyr Zelensky daar werkte. In 2019 steunden Kolomojsky en zijn kanaal actief de kandidatuur van Zelensky voor het presidentschap.’ 

    Het mag dan ook een verrassing heten dat hij eindelijk wordt opgepakt, aldus dagblad Visoky Zamok uit Lviv. ‘Kolomojsky staat in de beklaagdenbank – dat is een uniek beeld. Kolomojsky zelf had dat nooit kunnen bedenken (…). Maar veel mensen dromen hier al jaren van.’ Volgens The Economist zijn Zelensky en Kolomojsky de laatste tijd gebrouilleerd geraakt. ‘Dat heeft de president in staat gesteld om hem [Kolomojsky] publiekelijk als voorbeeld te stellen in zijn strijd tegen corruptie.’

    Maar sommige Oekraïense media zijn sceptisch over de vraag of de zaak tegen Kolomojsky iets oplevert. Zo ook Visoky Zamok: ‘De waarheid is dat een proces tegen Kolomojsky alleen vertrouwen kan wekken als het in de Verenigde Staten plaatsvindt. Elke zaak die in Oekraïne tegen hem wordt aangespannen, zal twijfels oproepen onder de bevolking.’

    ANP 473522357
    Joe Biden, links, noemde corruptie in Oekraïne ooit ‘endemisch’. Volodymyr Zelensky, rechts, sloot in december een rechtbank in Oekraïne nadat een onderzoek daar corruptie aan het licht had gebracht. – © Alexi Witwicki / Sipa USA

    Hoe beïnvloedt corruptie de oorlog tegen Rusland?

    Uit recente peilingen blijkt dat zes van de tien Oekraïners geloven dat corruptie de ‘belangrijkste’ factor is die een militaire overwinning op Rusland in de weg staat, schrijft The Economist. Ook veel westerse landen die Oekraïne steunen benadrukken dat hun hulp gepaard moet gaan met een harde aanpak van gesjoemel met overheidsgeld. 

    Ook als het gaat om de wederopbouw van het land zijn westerse landen en private partijen bevreesd dat hun financiële steun in de zakken van de elite verdwijnt, schrijft The Guardian. ‘De particuliere sector zal geen investering riskeren als ze vrezen dat de financiering niet naar een voorgestelde nieuwe brug gaat, maar in de zak van een oligarch verdwijnt.’ Zowel de EU als internationale financiële instellingen en de G7 hebben daarom voorwaarden gesteld op het gebied van corruptiebestrijding. 

    ‘De uiteindelijke oplossing van beide zaken – of Kolomojsky voor de rechter moet verschijnen en of het Oekraïense ministerie van Defensie kan worden gezuiverd – zal voor een deel bepalen hoe bereid het Westen is om de financiering van Oekraïne te blijven steunen’, concludeert The Economist.

    Omdat zelfs Rusland corruptie in Oekraïne als rechtvaardiging van zijn agressie jegens het land gebruikt, ‘moeten we heel voorzichtig zijn met hoe we de kwestie van corruptie in Oekraïne aankaarten. Doen we dat niet, dan dragen we alleen maar bij aan het propagandaverhaal van Rusland,’ citeert Al Jazeera Koen Slootmaeckers, hoofddocent internationale politiek aan de City University of London.

    Lees ook:

  • ‘De Wagner-opstand toont aan dat in Rusland alles mogelijk is. Ook een kernaanval’

    ‘De Wagner-opstand toont aan dat in Rusland alles mogelijk is. Ook een kernaanval’

    De oorlog in Oekraïne leidt niet alleen tot binnenlandse onrust in Rusland, maar ook tot de vrees dat Poetin overgaat tot de inzet van kernwapens. Reden te meer om de ‘nucleaire koorts’ in Rusland scherp in de gaten te houden, schrijft Ana Palacio, voormalig minister van Buitenlandse Zaken van Spanje.

    De opstand van Jevgeni Prigozjin met zijn Wagner-groep heeft de klaarblijkelijke kwetsbaarheid van Vladimir Poetins regime het afgelopen weekend in een schril daglicht gezet. Het duurde weliswaar niet lang voordat Prigozjin eieren voor zijn geld koos en zijn naar Moskou oprukkende manschappen weer bevel gaf rechtsomkeert te maken, maar toch illustreert dit incident met een opstandige krijgsheer weer eens hoe dreigend en existentieel het gevaar is dat een agressieve en onstabiele nucleaire mogendheid voor de wereld vormt. 

    Sinds Oekraïne vorig jaar door Rusland werd binnengevallen, en vooral sinds het duidelijk werd dat Poetin daar niet de snelle overwinning zou behalen waarop hij blijkbaar had gerekend, doemt als een van de mogelijke uitkomsten ook een nachtmerriescenario aan de horizon op: dat Poetin ten val wordt gebracht en Rusland zal worden verscheurd door een machtsstrijd tussen krijgsheren, die dan ook met elkaar zullen wedijveren om de macht over het grootste nucleaire arsenaal ter wereld.

    Constant gevaar

    Dit scenario leek even werkelijkheid te worden toen Prigozjin het Russische leger beschuldigde van aanvallen op Wagner-kampen en in reactie daarop het zuidelijke hoofdkwartier van het leger in Rostov aan de Don innam en zijn eigen huurlingenleger liet oprukken naar Moskou. En al is deze opstand nu met een sisser afgelopen, er is geen enkele garantie dat er geen tweede poging volgt, zeker als je ziet hoeveel steun Prigozjin bij sommige delen van de Russische bevolking lijkt te genieten. 

    Maar ook met Poetin in het Kremlin blijven de Russische kernwapens een constant gevaar vormen. Het is immers de dreiging van nucleaire escalatie die het Westen ervan weerhoudt Oekraïne te hulp te schieten met militair ingrijpen, en die de NAVO dwingt de timing en de aard van haar militaire steun aan de Oekraïense strijdkrachten heel precies uit te kienen.

    Poetin heeft het Westen herhaaldelijk gemaand om op zijn tellen te passen. In 2014, het jaar waarin hij de Donbas binnenviel en de Krim annexeerde, heeft Rusland een nieuwe militaire doctrine aangenomen waarbij het zich het recht voorbehoudt kernwapens in te zetten bij een aanval met conventionele wapens die een bedreiging vormt voor het voortbestaan van de Russische staat. Vier jaar later bekrachtigde Poetin zijn geloof in dat principe nog eens. Ja, het zou een ‘mondiale catastrofe’ zijn, gaf hij toe, maar een wereld zonder Rusland had toch geen bestaansrecht.

    Hij voert dit nucleaire wapengekletter steeds verder op. De toespraak waarmee hij afgelopen september de annexatie van nog eens vier Oekraïense oblasten (provincies) afkondigde, zat vol bijtende opmerkingen over het militaire verleden van de Verenigde Staten, waaronder het feit dat de VS als enige land ter wereld ooit nucleaire wapens heeft gebruikt. En eerder deze maand bevestigde Poetin opnieuw dat hij bereid is kernwapens in te zetten als hij dat nodig acht voor ‘het voortbestaan’ en de bescherming van de ‘territoriale integriteit, onafhankelijkheid en soevereiniteit’ van de Russische staat. Hij zei ook dat zijn land dankzij het gigantische Russische kernwapenarsenaal een ‘strategisch voordeel’ heeft tegenover de NAVO. In februari heeft Rusland het START-verdrag opgeschort, het laatste verdrag over de nucleaire wapenbeheersing die het nog met de VS had.

    Rusland is momenteel in de greep van een repressie die doet denken aan de Sovjettijd

    Die provocerende nucleaire retoriek van Poetin begint de laatste tijd ook door te klinken in de commentaren van andere prominente Russen. Sergej Karaganov, erevoorzitter van de Russische Raad voor Buitenlands en Defensiebeleid, pleitte in een recent opiniestuk voor de mogelijkheid van een preventieve nucleaire aanval. Zo’n aanval op ‘een reeks doelwitten in een aantal verschillende landen’ zou Rusland volgens hem in staat stellen ‘diegenen die hun verstand verloren hebben weer tot rede te brengen’ en ‘de wil van het Westen te breken’. Zelfs voor een havik als Karaganov is dat een schokkende stellingname. 

    Maar misschien nog wel zorgwekkender is dat er nu ook zulke opruiende taal te horen is van figuren die zich in het verleden juist altijd gematigd opstelden. Dmitri Trenin, de voormalig directeur van het Carnegie Moscow Center, gold binnen Rusland lange tijd als de stem van de rede, maar ook hij pleit er nu voor dat Rusland ‘de nucleaire kogel’ in ‘het magazijn van zijn revolver’ laadt. Hij oppert dat een preventieve aanval de ‘mythologie’ zou ontkrachten van artikel 5 van de NAVO (dat een aanval op één lidstaat een aanval is op allen) en zo tot het uiteenvallen van heel dat bondgenootschap kan leiden.

    Er klinken natuurlijk ook wel tegengeluiden. De opvatting van Karaganov wordt bestreden door mensen als Fjodor Loekjanov, de huidige voorzitter van de Russische Raad voor Buitenlands en Defensiebeleid, Ivan Timofejev, directeur-generaal van de denktank Russische Raad voor Internationale Zaken, en Aleksej Arbatov van de Russische Academie van Wetenschappen. Maar zo’n pleidooi moet wel in patriottische termen worden vervat, want Rusland is momenteel in de greep van een repressie die doet denken aan de Sovjettijd. Dat blijkt wel uit de recente arrestatie van Evan Gershkovich, de journalist van The Wall Street Journal, en de krankzinnige gevangenisstraf die een oppositiefiguur als Vladimir Kara-Moerza wordt opgelegd. Historisch is interne repressie in Rusland altijd verbonden geweest met externe agressie.

    Voorlopig hoeft Rusland nog geen kernwapens in te zetten, zegt Poetin, althans niet om het voortbestaan van de Russische staat te garanderen. Maar een krijgsheer als Prigozjin zou daar heel anders over kunnen denken. In ieder geval lijkt de kans op de inzet van kleinere, ‘tactische’ kernwapens in Oekraïne sowieso toe te nemen. Terwijl Ruslands conventionele arsenaal stilaan uitgeput raakt, heeft het land onlangs een lading van zulke wapens op het grondgebied van zijn naaste bondgenoot Belarus gestationeerd, en het wil er nog meer sturen.

    ‘Nucleaire koorts’

    Volgens een enquête van het Levada Center uit april dit jaar meende een derde van de ondervraagde Russen dat de Russische leiders wel bereid zijn kernwapens in te zetten in Oekraïne, al is 86 procent van de Russen van mening dat kernwapens onder geen enkel beding mogen worden gebruikt. Vorige week erkende president Biden nog dat er een ‘reëel’ gevaar bestaat op de inzet van tactische kernwapens door Rusland. Dat zou de wereld een stuk gevaarlijker maken – zeker als Poetin er zomaar mee wegkomt. Als het Westen zwicht voor nucleaire chantage van Rusland, vallen er meer aanvallen te verwachten, in Moldavië en elders.

    De oorlog in Oekraïne roept niet alleen het schrikbeeld op van het uiteenvallen van de Russische staat, maar ook van een nucleaire confrontatie zoals de Cubacrisis van 1962 – maar dan misschien een crisis die niet kan worden bezworen. Vanwege dit gevaar moet het Westen alle beschikbare middelen inzetten om de vinger aan de pols te houden van het binnenlands debat in Rusland om te zien of de ‘nucleaire koorts’ in het land niet te hoog oploopt. De opstand van Prigozjin toonde natuurlijk wel aan dat in Rusland alles mogelijk is. En zoals de kremlinologen uit de Koude Oorlog na decennia van koffiedik kijken moesten constateren, valt het onmogelijk te voorspellen of je uit het maatschappelijk debat en uitingen in openbare media iets kunt afleiden over een nieuwe consensus in de politieke en militaire top. Maar er staat voor de wereld zoveel op het spel dat we het op zijn minst moeten proberen.

    Lees ook:

  • Wat zij zeggen over de gevolgen van de opstand van Prigozjin voor Poetin

    Wat zij zeggen over de gevolgen van de opstand van Prigozjin voor Poetin

    Internationale commentatoren en opiniemakers over de gewapende opstand van de Wagner-groep van Jevgeni Priogozjin tegen de Russische legerleiding op 24 juni.

    Lucian Kim – oud-Moskou-correspondent NPR

    Foreign Policy

    ‘Ondanks de dramatiek van de situatie zou een opstand door de engste mensen van Rusland niet moeten verrassen. Het Kremlin liet Prigozjin rekruteren in gevangenissen, Wagners strijdmacht zat vol veroordeelden. Jevgeni Prigozjin was voor het Kremlin lange tijd de man voor de vuile zaakjes, van de inmenging met zijn trollenfabrieken in de Amerikaanse verkiezingen van 2016 tot de heimelijke gevechten in Oekraïne, Syrië en de Centraal-Afrikaanse Republiek.’


    Andrew Roth – correspondent Moskou

    The Guardian

    ‘Hoewel ze openlijk bloedvergieten hebben vermeden, is het moeilijk voor te stellen dat Vladimir Poetin en Jevgeni Prigozjin zich ooit nog met elkaar zullen verzoenen. De Russische leider heeft een politiek motief om hard op te treden tegen zijn eigenzinnige krijgsheer en loopt anders het risico zwak over te komen, een kardinale zonde in de Kremlinpolitiek. Bovendien heeft de Russische leider nooit bekendgestaan als iemand die verraad vergeeft.’


    Anton Troianovski – correspondent Moskou

    The New York Times

    ‘De belangrijkste test voor Poetin was loyaliteit, en Prigozjin begreep dat, ondanks zijn kritiek. “Ik luister naar Poetin,” zei hij in mei. Maar na meer dan twintig jaar te hebben geprofiteerd van zijn band met Poetin, wierp hij de laatste flarden van die loyaliteit weg en stortte Rusland in de grootste politieke crisis in drie decennia, toen zijn troepen de macht overnamen in de zuidwestelijke stad Rostov aan de Don en dreigden Moskou aan te vallen.’


    Gary Kasparov – oud-wereldkampioen schaken en voorzitter Human Rights Foundation

    Twitter

    ‘Dat Poetin door deze gebeurtenissen het vertrouwen heeft verloren van oligarchen, voormalige trawanten en ambtenaren, is van groter belang voor het voortbestaan van zijn regime dan dat zijn rivalen zich nu aangemoedigd voelen. Een capo di tutti capi garandeert bescherming in ruil voor loyaliteit: bescherming van fortuinen, van autoriteit. Met het afnemen van die bescherming neemt ook de loyaliteit af.’

  • De grote winnaar van de botsing tussen Kremlin en Wagner? Dictator Loekasjenka

    De grote winnaar van de botsing tussen Kremlin en Wagner? Dictator Loekasjenka

    Waar Poetin en Prigozjin tijdens de opstand van Wagner een zwakke indruk maakten, streek de sterke leider van Belarus de eer op door zich als bemiddelaar op te stellen. ‘Poetin en Loekasjenka kunnen niet zonder elkaar. De val van de één betekent de politieke dood van de ander.’

    Vladimir Poetin staat bekend om zijn ijzeren greep op de nieuwsmedia in Rusland. Zijn voormalige bondgenoot, Jevgeni Prigozjin, oprichter van de militaire Wagner-groep, is eigenaar van een conservatief mediabedrijf én een flamboyante showman op sociale media. Toch ging geheel onverwachts de echte pr-overwinning na de muiterij van Prigozjin naar iemand anders: de oude dictator van Belarus, het buurland dat stevig binnen de Russische invloedssfeer ligt.

    De Belarussische leider, Aljaksandr Loekasjenka, wordt vooral gezien als een volgzame stroman van het Kremlin. Maar zondag was hij degene die met de eer streek voor de totstandkoming van een akkoord tussen Poetin en Prigozjin. Daarmee voorkwam hij een situatie die volgens de Russische leider overeen zou komen met de burgeroorlog volgend op de revolutie van 1917.

    Nu probeert Loekasjenka – een internationale paria – zijn pr-overwinning te gebruiken om zijn geloofsbrieven als geloofwaardig staatsman, bemiddelaar en bovenal trouwe bondgenoot van Poetin te verfraaien.

    Profijtelijk en aanvaardbaar

    Laat op zaterdagavond 24 juni, toen de angst toenam voor een mogelijke botsing tussen Wagner-troepen – die zich op minder dan 200 kilometer van Moskou bevonden – en Russische soldaten, kwam de persdienst van Loekasjenka met een mededeling: de Belarussische president had ‘een absoluut profijtelijke en aanvaardbare manier gevonden om de situatie op te lossen’. Kort daarna kondigde Prigozjin aan dat een colonne met zijn strijders, die zo’n 800 kilometer vanuit Zuid-Rusland had afgelegd, zou omkeren en huiswaarts zou gaan.

    Als onderdeel van de deal zou een strafzaak tegen Prigozjin voor het organiseren van een gewapende opstand worden ingetrokken. De Wagner-troepen zouden niet worden aangeklaagd en Prigozjin zou Rusland verlaten voor Belarus, aldus een woordvoerder van het Kremlin. De volgende dag was niet bekend waar hij zich bevond.

    Welke beloften er zijn gedaan namens het Kremlin, Wagner of Loekasjenka blijft onduidelijk. Maar de door de staat gecontroleerde media van Loekasjenka haastten zich om zijn inspanningen ter bezwering van het conflict af te schilderen als een bewijs van zijn staatsmanschap.

    Het staatspersbureau Belta meldde dat Poetin die zaterdagochtend – toen hij werd geconfronteerd met ‘de meest acute fase van de situatie in Rusland’ – zijn Belarussische tegenhanger in Minsk belde. Poetin ‘was sceptisch over eventuele onderhandelingen en betwijfelde of Jevgeni Prigozjin de telefoon zou opnemen, aangezien hij op dat moment met niemand wilde spreken’, zei Vadim Gigin, propagandist van de Belarussische regering, zondag tegen pro-Kremlinmedia tijdens een interview, dat uitgebreid werd behandeld door Belta. Maar Poetin stemde in met bemiddeling en toen ‘de president van Belarus belde, nam Jevgeni Prigozjin onmiddellijk de telefoon op’, zei Gigin, aan wie de Europese Unie ooit sancties oplegde voor ‘het steunen en rechtvaardigen van repressie tegen de democratische oppositie en het maatschappelijk middenveld’.

    ‘Ze flapten er meteen zulke vulgaire dingen uit dat elke moeder ervan zou schrikken’

    Het gesprek tussen Loekasjenka en Prigozjin verliep ‘erg moeizaam’, aldus Gigin, die deze maand werd aangesteld als directeur van de Nationale Bibliotheek van Belarus. ‘Ze flapten er meteen zulke vulgaire dingen uit dat elke moeder ervan zou schrikken. Het gesprek was hard en, zoals mij verteld is, nogal masculien.’

    Er worden ook andere mogelijke verklaringen aangedragen voor de reden waarom Prigozjin zijn ‘mars voor gerechtigheid’ naar Moskou beëindigde. In sommige daarvan krijgt Loekasjenka slechts minimale erkenning. Maar de Belarussische mediamachine gaf hoog op van zijn rol als machtsmakelaar; een zeldzame omkering van rollen in een tijd waarin de dictator bijzonder afhankelijk is geworden van Rusland.

    ‘Poetin heeft verloren omdat hij liet zien dat zijn systeem zo zwak is dat hij gemakkelijk kan worden uitgedaagd,’ zegt Pavel Slunkin, een voormalige Belarussische diplomaat en analist bij denktank ECFR, de Europese Raad voor Buitenlandse Relaties. ‘Prigozjin daagde uit, viel aan, was brutaal en trok zich toen terug: ook hij kwam over als een verliezer. Alleen Loekasjenka won punten als bemiddelaar of onderhandelaar en als een mogelijke garantie voor de deal – eerst in de ogen van Poetin en toen in de ogen van de internationale gemeenschap.’

    Loekasjenka is erin geslaagd om negenentwintig jaar aan de macht te blijven, maar wel tegen een prijs. Hij heeft Belarus steeds meer een vazalstaat van Rusland laten worden, vooral nadat hij in 2020 de steun van Moskou nodig had. Een democratische beweging bestreed toen zijn bewering dat hij de verkiezingen overweldigend had gewonnen, en werd door de leider met geweld de kop ingedrukt.

    Vanwege zijn afhankelijkheid van Moskou, niet alleen voor politieke maar ook voor economische steun, liet Belarus toe dat Poetin het land gebruikte als vertrekpunt voor zijn grootschalige invasie van Oekraïne in februari 2022 en als opslagplaats voor Russische tactische kernwapens. Er zijn ook feiten aan het licht gekomen die uitwijzen dat Belarus deelneemt aan Russische praktijken om kinderen uit door Rusland bezette gebieden in Oekraïne te halen en ze naar zogenaamde zomerkampen te brengen. Het Internationaal Strafhof heeft arrestatiebevelen uitgevaardigd tegen Poetin en zijn kinderrechtencommissaris. Oekraïense aanklagers onderzoeken bewijs dat kinderen naar drie kampen in Belarus zijn gebracht, waaronder ten minste één kamp dat eigendom is van een staatsbedrijf.

    Machtsevenwicht

    Oppositieleiders denken dat de ambitie van Poetin niet beperkt zal blijven tot Oekraïens grondgebied. Zij voorspellen dat hij uiteindelijk zal proberen zijn controle over Belarus te vergroten. Met de berichtgeving over zijn bemiddeling in de crisis rond Wagner hoopt Loekasjenka misschien iets van zijn snel afbrokkelende soevereiniteit terug te winnen en de Belarussische angst weg te nemen om opgeslokt te worden door zijn grotere buurman, zegt Dmitri Avosja, oprichter van de Belarussische website Tribuna. ‘Loekasjenka deed Poetin uiteindelijk gewoon een plezier en met het oplossen van het bezettingsprobleem hielp hij ondertussen zichzelf,’ zegt hij.

    Het is niet de eerste keer dat Loekasjenka de rol van bemiddelaar probeert op te eisen. Hij deed dat eveneens in 2014 en 2015, na eerdere Russische invallen in Oekraïne, toen Moskou separatisten steunde in de oostelijke Donbas-regio. En kort na de grootschalige invasie probeerde hij het opnieuw door delegaties uit Moskou en Kyiv in de zuidoostelijke stad Homel uit te nodigen, maar die gesprekken liepen snel spaak.

    Waarnemers vragen zich nu af of Prigozjin in Belarus wel veilig is voor de dreiging van ontvoering of moord, gezien de woede die Poetin openlijk jegens hem uitte. Al vóór 2020, dus voordat Loekasjenka nog meer dan eerst een marionet van Poetin werd, begaven Russische speciale diensten zich soms op het grondgebied van Belarus om vijanden gevangen te nemen, zegt Slunkin, de analist van de ECFR. ‘En nu doen ze gewoon helemaal wat ze willen.’

    Hoezeer het machtsevenwicht tussen Loekasjenka en Poetin ook verschoven is, beide mannen hebben elkaar nog steeds nodig om aan de macht te blijven. ‘Het is een Siamese tweeling,’ zegt Pavel Latoesjka, een voormalige Belarussische diplomaat en minister die nu in ballingschap leeft. ‘Ze kunnen niet zonder elkaar. Het is één lichaam met twee hoofden. De val van de een betekent de politieke dood van de ander.’

    Lees ook:

  • Maakt Rusland raketten van wasmachines uit Europa? 

    Maakt Rusland raketten van wasmachines uit Europa? 

    Ondanks de sancties slaagt Rusland erin via derde landen huishoudelijke apparaten uit de EU te importeren. Voor de sloop, welteverstaan, zodat de onderdelen gebruikt kunnen worden voor Russisch oorlogstuig.

    Het verhaal dat al een tijdje de ronde doet klinkt te bizar om waar te zijn: Rusland zou het gemunt hebben op westerse koelkasten, vaatwassers en wasmachines. Niet omdat ze nu meer wassen dan voor de oorlog tegen Oekraïne, maar om de toestellen, die onder andere uit Duitsland komen, te slopen. Door de sancties komt het land veel spullen tekort, en halfgeleiders, transistors, weerstanden, spoelen en condensatoren kunnen gemakkelijk uit de apparaten worden gehaald. Die kan Rusland dan, in theorie althans, gebruiken als reserveonderdelen voor zijn oorlogstuig.

    Het Bijbelse citaat ‘van zwaarden tot ploegscharen’ was een motto van de vredesbeweging in de jaren tachtig. Gebeurt hier het tegenovergestelde? Van koelkasten en wasmachines naar tanks en raketten? Een raar idee misschien, maar het is niet onmogelijk. Feit is dat deze apparaten naar Rusland gaan.

    De export van elektrische apparaten uit de Europese Unie naar Russische buurlanden floreert. Vooral Kazachstan springt eruit. Volgens cijfers van Eurostat, het bureau voor de statistiek van de EU, doen wasmachines en koelkasten uit het Westen het daar momenteel buitengewoon goed. In 2022 steeg de waarde van geëxporteerde wasmachines met maar liefst 5172 procent ten opzichte van 2021. In de voormalige Sovjetrepubliek Armenië steeg de waarde in dezelfde periode met 450 procent. En in 2023 waren er maanden waarin het exportvolume van wasmachines naar Kazachstan zelfs nog sterker steeg.

    Van koelkasten steeg de export ook aanzienlijk, hoewel minder dramatisch. De waarde van koelkasten die naar de twee landen werden geëxporteerd, steeg in 2021 en 2022 drie tot vier keer, aldus Eurostat. Het is onwaarschijnlijk dat Kazachen en Armeniërs opeens veel meer zijn gaan wassen. Dus wat is er aan de hand? Fungeren landen als Kazachstan in deze oorlog als draaischijf voor nieuwe Russische handel? Als een hub, een eldorado voor clandestiene tussenpersonen en verkopers van koelkasten?

    Raadsel

    Het in München gevestigde bedrijf BSH Hausgeräte maakt wasmachines en koelkasten voor Bosch en Siemens en stopte na het uitbreken van de oorlog met de productie in Rusland. Het bedrijf leverde ook geen apparaten meer aan het land – ook al viel dat niet onder de sancties. In ieder geval staan hightechproducten zoals geavanceerde halfgeleiders en speciale elektronische componenten wel op de sanctielijst, wat de zaak minder eenvoudig maakt. In München hebben ze geprobeerd om het pad van koelapparatuur en vaatwassers te volgen, maar ze staan voor een raadsel. 

    ‘We keken naar onze verkooptrends in landen als Kazachstan en zagen geen grote schommelingen in de verkoop buiten de normale marktgroei,’ zegt het bedrijf. Ze kijken nu ‘veel nauwkeuriger’ naar nieuwe handelaren en leveranciers en houden hun handels- en distributienetwerken in de gaten. Maar zodra een handelaar de goederen heeft gekocht, is het traject ‘niet meer controleerbaar’. Bovendien komen de halfgeleiders in BSH-toestellen voornamelijk uit Azië, vooral uit China. China heeft zich niet aangesloten bij de Russische sancties. Is die route niet veel makkelijker voor raketreparateurs? Is het wel nodig om nieuwe wasmachines te slopen voor het interieur?

    We bellen met Erlend Bollmann Bjørtvedt in Oslo. Bjørtvedt werkt voor het Noorse adviesbureau Corisk als risico-expert en hij heeft de westerse export naar buurlanden van Rusland geëvalueerd. Het gedoe met de keukenapparatuur komt hem ‘nogal vreemd’ voor, zegt hij. Op het eerste gezicht.

    Het is wel zo dat ‘de Russen momenteel alles hamsteren wat ze kunnen’. Hij ziet dat ‘veel zaken nu via derde landen gaan – via Kazachstan, Wit-Rusland of Armenië’. Voor hem is dit het bewijs dat de westerse sancties tegen Rusland worden omzeild, want goederen vinden via ingewikkelde routes toch hun weg naar Russische klanten. Bjørtvedt zegt dat alleen al vanuit Duitsland goederen ter waarde van ongeveer twee miljard euro op deze manier Rusland hebben bereikt: ‘De sancties werken vaak niet omdat er in veel landen nog steeds mazen in de wet zijn.’

    Dat wordt al langer erkend in Brussel, waar de EU-lidstaten al weken onderhandelen over een elfde sanctiepakket, zonder dat er noemenswaardige vooruitgang wordt geboekt. Er zit geen rek meer in de bereidheid om compromissen te sluiten over nieuwe, strengere sancties tegen Rusland, en economische strafmaatregelen vereisen consensus van de zevenentwintig EU-staten. Daarom richten diplomaten in Brussel zich nu op de nieuwe toeleveringsketens en de omzeiling van eerdere sancties via derde landen, want die moeten worden voorkomen.

    Het oorspronkelijke idee om deze derde landen direct te sanctioneren is mislukt door verzet van onder andere Duitsland

    Deskundigen van de EU-Commissie hebben hiervoor handelsgegevens bestudeerd, net als Bjørtvedt. Telkens weer duiken Turkije en Kazachstan op, evenals Georgië, Armenië, de Verenigde Arabische Emiraten en Oezbekistan. Gegevens over de export en import van grotere productgroepen, geven geen duidelijk antwoord, zegt een EU-diplomaat. Maar ze laten wel zien dat deze staten als doorvoerlanden fungeren en het mogelijk maken om EU-sancties te omzeilen. Hoogtechnologische onderdelen die ook worden gebruikt in moderne wapens, kunnen op deze manier nog steeds Rusland bereiken.

    Het oorspronkelijke idee om deze derde landen direct te sanctioneren is mislukt door verzet van onder andere Duitsland. De EU wil namelijk ook met deze landen partnerschappen aangaan.

    In wezen komt het daarom nu neer op drie maatregelen. Ten eerste moet de doorvoer van gevoelige producten – zoals vliegtuigonderdelen – naar Rusland worden beperkt; goederen bestemd voor export naar derde landen blijven nu vaak in Rusland hangen. Een tweede maatregel die wordt besproken is het aan banden leggen van de export van bepaalde goederen naar derde landen als laatste redmiddel, als die landen betrokken zijn bij het omzeilen van sancties en diplomatieke druk niets uitricht. Ten derde zou de EU doelgericht sancties kunnen opleggen aan bedrijven die betrokken zijn bij het omzeilen van sancties. Dat is omstreden omdat er in de huidige stand van zaken nog steeds enkele Chinese bedrijven op de lijst staan.

    Het is interessant om te zien wat er behalve wasmachines en koelkasten nog meer in derde landen terechtkomt. Een groot deel van de export bestaat uit auto’s en vrachtwagens, zegt Bjørtvedt. ‘We zien vrachtwagens van alle grote fabrikanten, MAN, Daimler, Iveco, Volvo – ze zijn er allemaal.’

    Uit cijfers van Eurostat blijkt dat er in 2022 bijna twee keer zoveel transportvoertuigen vanuit de EU naar Kazachstan werden geëxporteerd als in het jaar ervoor. Naar Armenië waren het er zelfs meer dan drie keer zoveel. Dat is in de eerste maanden van 2023 opnieuw toegenomen. Kazachstan importeerde in het eerste kwartaal vrachtwagens ter waarde van bijna 23 miljoen euro uit de EU: zes keer zoveel als in dezelfde periode vorig jaar. In Armenië steeg de waarde anderhalf keer. 

    Nieuw Kazachstan

    Wasmachines en vaatwassers, halfgeleiders en vrachtwagens voor Poetins oorlog? Daimler is net zo verbijsterd als koelkastfabrikant BSH Hausgeräte. Ook bij Daimler is ‘geen buitengewone toename in de verkoop van vrachtwagens aan Kazachstan waargenomen’, aldus een woordvoerder. Aangenomen wordt dat het vaak om Jahreswagen gaat, voertuigen die binnen twaalf maanden door de eerste eigenaar zijn doorverkocht.

    Als derden zoals Kazachstan zich nu aanbieden voor een soort omweg, roept dat een heel andere vraag op. Dat wordt duidelijk aan de hand van de website van het Oost-Europa Comité voor de Duitse economie, dat bedrijven vertegenwoordigt die actief zijn in de betreffende landen.

    Daar wordt momenteel gesproken over een ‘nieuw Kazachstan’. Want het land zal in de toekomst een nieuwe rol spelen als belangrijke handelspartner voor westerse landen nu Rusland is afgehaakt vanwege de oorlog. ‘Door de Russische oorlog tegen Oekraïne en de gevolgen ervan staan de schijnwerpers nu gericht op het economisch sterkste land van Centraal-Azië’, staat op de website van het Oost-Europa Comité. Kazachstan presenteert zichzelf ‘vol vertrouwen als een alternatieve leverancier van energie en grondstoffen, als knooppunt tussen Europa en Azië en als een geopolitieke speler’.

    Als de bevindingen van Bjørtvedt en anderen kloppen, dan heeft de term ‘draaischijf’ mogelijk een heel speciale betekenis. Michael Harms, directeur van het Oost-Europa Comité, is voorzichtig. ‘De Duitse exportgroei naar landen als Kazachstan kan niet automatisch worden geïnterpreteerd als het ontduiken van sancties,’ zegt hij.

    ‘Het zijn kleinere, vaak pas opgerichte bedrijven of individuen die via derde landen zakendoen met Rusland’

    In veel gevallen zijn de distributiekanalen door de oorlog veranderd – wat niet betekent dat deze producten automatisch in Rusland terechtkomen. Er zijn ‘natuurlijk bedrijven die op criminele wijze de sancties proberen te omzeilen’. Maar het zijn ‘kleinere, vaak pas opgerichte bedrijven of individuen die via derde landen zakendoen met Rusland’. Harms wil dan ook dat ‘dergelijke tussenpersonen die betrokken zijn bij het omzeilen van sancties door de EU, publiekelijk op een zwarte lijst worden gezet, die als leidraad kan worden gebruikt door serieuze bedrijven’.

    Er bestaat al een controversiële zwarte lijst, ‘Internationale Sponsors van Oorlog’ genaamd, die is samengesteld door een afdeling van het anticorruptieagentschap in Kyiv. Op deze lijst staan bedrijven die Rusland zouden helpen. De lijst is het grootste twistpunt geworden in de zware onderhandelingen over het elfde sanctiepakket. ‘We boeken eigenlijk goede vooruitgang,’ zegt een EU-diplomaat. ‘Maar er zijn nog steeds twee landen die alles blokkeren.’ Met zeldzame eensgezindheid verhinderen de Hongaarse en Griekse regering dat er een compromis wordt bereikt zolang Oekraïne bedrijven uit hun landen aanklaagt als sponsors van Poetins oorlog. De Hongaren maken zich zorgen over de OTP-bank en de Grieken over hun reders die met hun tankers Russische olie vervoeren. De lijst en de EU-strategie tegen het omzeilen van sancties zijn weliswaar twee verschillende dingen, maar beide landen gebruiken de onderhandelingen om Kyiv zover te krijgen dat hun bedrijven van de sanctielijst worden geschrapt.

    Van Duitsland staat alleen Metro AG op de lijst. Deze levensmiddelengroothandel is een van de weinige bedrijven die nog volhardt in zijn Russische activiteiten. Net als chocoladeproducent Ritter Sport. De meeste Duitse bedrijven hebben hun activiteiten in Rusland allang gestaakt en leveren er geen producten meer aan.

    Wie zaken blijft doen met het oorlogvoerende Rusland, wordt al snel aan de schandpaal genageld. Maar zakendoen met en in Rusland gaat verder dan chocoladerepen. Je ziet het alleen niet op de verpakking.

    Lees ook:

  • Het geheime plan van het Kremlin: nepprotesten tegen Erdogan en Turkije

    Het geheime plan van het Kremlin: nepprotesten tegen Erdogan en Turkije

    Uitgelekte documenten laten zien dat Russische agenten nepprotesten organiseerden in Europese steden, waaronder Den Haag, om Erdogan te beledigen en Oekraïne daarvan de schuld te geven. Op die manier wil Rusland verdeling zaaien in Europa, zo blijkt uit een onderzoek van verschillende Europese media.

    Een koranverbranding voor de Turkse ambassade in Stockholm in januari zette de toch al gespannen betrekkingen tussen Turkije en Zweden op scherp en leidde uiteindelijk tot opschorting van het Zweedse NAVO-lidmaatschap. Het incident inspireerde Russische inlichtingendiensten; ze zagen een kans om het conflict tussen EU-landen en Turkije aan te wakkeren en ontwikkelden een plan om Erdogan in enkele grote Europese steden te beledigen. Dit blijkt uit uitgelekte documenten die werden verkregen door de journalistenorganisatie Dossier Center in Londen en gedeeld met een groep Europese media, waaronder de Zweedse krant Expressen. Tot het samenwerkingsverband behoren ook Danmarks Radio, Le Monde, Süddeutsche Zeitung, NRK, SVT, Delfi en WDR/NRD.

    In de documenten wordt de achterliggende gedachte van het plan beschreven: ‘Vandaag de dag zijn er aanzienlijke spanningen tussen Turkije en EU-landen. Dat betreft niet alleen de moeizame diplomatieke betrekkingen tussen Turkije en Zweden en uitstel van het toetredingsproces van Scandinavische landen tot de NAVO. In heel Europa is er sprake van een algehele toename van islamofobe sentimenten.’ Om de bron te beschermen zal deze niet worden gepubliceerd. De documenten zijn oorspronkelijk afkomstig van een officier van een van de Russische inlichtingendiensten, wiens identiteit bij de redactie bekend is.

    Het protest van Ankara

    De verbranding van de koran in Zweden door de Zweeds-Deense rechtsextremist Rasmus Paludan sloeg over naar Nederland; de leider van de antimoslimbeweging Pegida scheurde tijdens een demonstratie pagina’s uit een koran. Dat was voor Ankara aanleiding om de Nederlandse ambassadeur te ontbieden en protest aan te tekenen.

    De Russische documenten verwijzen naar dat incident en stellen voor dat demonstranten in Den Haag de Turkse vlag zullen vertrappen en portretten van de Turkse president in brand zullen steken. Ze beschrijven ook een uitgebreide graffiticampagne met ‘beledigingen aan het adres van Erdogan in alle grote Europese steden’. Daarnaast bevatten de documenten beknopte beschrijvingen van hoe de demonstraties kunnen worden georganiseerd: ‘Vijf mensen (lokale bewoners en migranten) met maskers vertrappen de Turkse vlag en verbranden een portret van Erdogan. Een van de deelnemers neemt dat op met een mobiele telefoon. De locatie is een iconische plek in Den Haag. De video wordt vervolgens naar Turkse media en organisaties gestuurd. De video wordt gepubliceerd op sociale netwerken, etc.’

    Behalve Den Haag zijn beoogde plekken voor zulke acties Parijs, Brussel en Frankfurt. Uit een van de gelekte documenten van de Russische inlichtingendienst blijkt dat deze acties ook al zijn uitgevoerd; een actie in Parijs met ingehuurde ‘demonstranten’ is omschreven door de Russische inlichtingendienst. ‘Op 5 maart om acht uur ’s ochtends ontvouwden leden van de Oekraïense gemeenschap een groot en een klein anti-Turkijespandoek in het centrum van Parijs, op een bekende plek, namelijk bij de toegang tot Place Saint-Pierre. Bij het spandoek stonden twee activisten, die salueerden en naar de camera riepen: STOP ERDOGAN!’

    Volgens plan werd de actie gepost op Facebook en op YouTube werden clips van de gebeurtenis geplaatst. Uit de documenten blijkt dat de actie niet al te lang duurde omdat voorbijgangers de politie belden: ‘Helaas werden de spandoeken al binnen 40 minuten van het hek gehaald’, aldus het document. Het doel van de Russische actie was vooral om Oekraïne de schuld in de schoenen te schuiven. Dat wordt expliciet beschreven: ‘Het belangrijkste doel van de actie: toon de ondankbaarheid en de provocerende reacties van Oekraïense zijde op de tragedie in Turkije (aardbeving). Benadruk het destructieve nazikarakter van pro-Oekraïense activisten en de Oekraïense samenleving onder het bewind van V. Zelensky in het algemeen.’

    Dezelfde mensen duiken op bij de ene demonstratie na de andere en hun berichten op sociale media zijn terug te voeren op drie accounts

    Uit een analyse van foto’s en socialemedia-accounts door het Deense Danmarks Radio en het Franse Le Monde blijkt dat de man die op 5 maart beweerde een pro-Oekraïense demonstrant te zijn, aan verschillende eerdere demonstraties heeft deelgenomen, maar dan in een heel andere hoedanigheid. Zo was er op 11 februari in Parijs een grote demonstratie over de pensioenhervorming in Frankrijk, waar de man een bord droeg tegen Oekraïne, de NAVO en de VS.

    Tien van zulke acties zijn getraceerd in steden als Den Haag, Brussel, Parijs en Madrid. De aanpak is steeds hetzelfde: drie mannen gaan naar demonstraties die niets met de oorlog in Oekraïne te maken hebben en fotograferen zichzelf in de menigte terwijl ze borden omhooghouden met boodschappen als ‘NAVO, stop met het bombarderen van Donetsk’ en ‘Stuur geen wapens meer naar Oekraïne!’ Deze zelfde mensen duiken op bij de ene demonstratie na de andere en hun berichten op sociale media zijn terug te voeren op drie accounts.

    Met behulp van informatie uit Russische databases van luchtvaartmaatschappijen heeft Dossier Center de man achter het meest actieve profiel kunnen traceren in Sint-Petersburg. Hij is Algerijns staatsburger en voormalig student aan de Elektrotechnische Universiteit van Sint-Petersburg. Eind december vorig jaar, vlak voordat de beïnvloedingsoperatie begon, werd hij lid van verschillende Franse Facebookgroepen. Daar plaatste hij advertenties die bijverdiensten beloofden van zo’n 80 tot 100 euro per dag voor het maken van foto’s.

    Als de man achter het Facebook-profiel telefonisch wordt benaderd, ontkent hij elke betrokkenheid en beweert hij dat zijn account enige tijd geleden is gehackt. Kort na het telefoontje worden zijn socialemedia-accounts echter opgeheven, net als enkele andere accounts die eraan gelieerd zijn. Verschillende andere mensen die deelnamen aan de demonstraties zijn geïdentificeerd, maar geen van hen wilde antwoorden op onze vraag of ze werden betaald voor hun deelname.

    Verdeeldheid

    Expressen heeft geen acties in Zweden kunnen vinden die verband houden met het Russische plan, maar het is duidelijk dat gebeurtenissen in Zweden de operatie hebben geïnspireerd. ‘Deze campagne is geïnspireerd door de koranverbranding van Paludan in januari in Zweden,’ laat Valentyna Shapovalova weten aan Danmarks Radio. Zij doet onderzoek naar Russische desinformatie en propaganda aan de Universiteit van Kopenhagen.

    Rasmus Paludan zegt tegen Danmarks Radio dat hij geen banden heeft met Rusland. ‘Ik ben niet direct of indirect door Rusland of Russische agenten beïnvloed om welke actie dan ook te ondernemen of om wat dan ook te uiten,’ zegt hij.

    Voorafgaand aan publicatie gaf Expressen de Zweedse veiligheidsdienst (Säpo) inzage in de Russische documenten met het verzoek om commentaar. ‘Dit is interessante informatie die overeenkomt met wat we eerder hebben gezien van de Russische invloed op Zweden en andere westerse landen,’ zegt Gabriel Wernstedt, woordvoerder van de Zweedse veiligheidsdienst.

    Verschillende westerse veiligheidsdiensten waren naar verluidt op de hoogte van het plan. Säpo wil geen commentaar geven op wat zij wist, maar zegt dat Russische beïnvloedingscampagnes Rusland in een gunstig daglicht willen stellen, en ‘een gebruikelijke manier om dat te doen is verdeeldheid zaaien in de samenleving’.

    ‘We weten dat Rusland op verschillende manieren agenten of proxies gebruikt voor destabilisatie’

    ‘Daarbij wordt gebruikgemaakt van strategieën die voor verdeeldheid zorgen. Ze creëren  gemeenschappen of allianties om landen uit elkaar te drijven en het vertrouwen in het liberaal-democratische regeringsstelsel van het Westen op verschillende manieren te schaden,’ zegt Wernstedt. ‘Dat gebeurt vooral binnen het kader van bestaande internationale organisaties, zoals de EU en niet in de laatste plaats de NAVO – organisaties dus die Zweden beschouwen als onderdeel van het collectieve Westen. We maken al deel uit van de EU en we zijn op weg om lid te worden van de NAVO.’

    Zulke acties van de Russische inlichtingendiensten zijn niet verrassend, vindt Indrek Kannik, directeur van het International Center for Defence and Security, die de documenten onderzocht op verzoek van het Estse Delfi. ‘Ze vormen een klassiek onderdeel van hun gedragspatroon. De Russen begrijpen dat ze geen vrienden kunnen worden met sommige landen, maar weten dat ze wel verdeeldheid tussen landen kunnen zaaien. Rusland doet dat om het Westen te verzwakken en uit elkaar te drijven.’

    In eerdere onderzoeken heeft Expressen laten zien hoe de Russische regering plannen maakte om Zweedse milieuactivisten en zelfs een afdeling van de Universiteit van Stockholm te gebruiken om pleidooien tegen de NAVO te verspreiden. Het zijn pogingen waar Säpo goed van op de hoogte is. ‘We weten dat Rusland op verschillende manieren agenten of proxies gebruikt voor destabilisatie, maar ook om platforms op te zetten voor beïnvloedingsactiviteiten of sabotage,’ zegt Gabriel Wernstedt. ‘En ze maken gebruik van bedrijven die zich legaal gezien in een grijs gebied bevinden.’

    Russische beïnvloedingsactiviteiten in Zweden zijn vaak gericht op de Russische diaspora. Volgens Wernstedt gaat het zowel om mensen van Russische afkomst als om mensen die uiteenlopende banden met Rusland hebben. ‘Maar er wordt ook op verschillende manieren invloed uitgeoefend op andere groepen in Zweden, niet in de laatste plaats op politici en ambtenaren die beslissingen nemen. Daarnaast wordt desinformatie verspreid om het imago van Rusland te verbeteren en Zweden zwart te maken.’

    Op vragen van Expressen aan de Russische regering en het Russische ministerie van Defensie werd niet gereageerd.

    Lees ook:

  • Kaja Kallas, de Estse premier die het gevaar van Poetin voorzag

    Kaja Kallas, de Estse premier die het gevaar van Poetin voorzag

    Voordat andere regeringsleiders dat deden, waarschuwde de Estse premier Kaja Kallas al voor Vladimir Poetin. Wie is deze vrouw, die nu als mogelijke secretaris-generaal van de NAVO genoemd wordt?

    In Kaja Kallas’ familie worden twee soorten verhalen verteld over de jaren in Siberië. Er zijn verhalen over de honger, de kou en de angst. Over hoe Sovjet-soldaten Kallas’ moeder in 1949 met haar moeder en grootmoeder in een veewagen opsloten en hen naar het oosten deporteerden, tot voorbij Novosibirsk. En er zijn verhalen waar ze om lachen. Over hoe ze een naaimachine in de veewagen meetorsten en hoe deze machine hen van een bescheiden inkomen voorzag, omdat ze op een plaats waar alleen wat houten hutten stonden, voor anderen kleding oplapten. ‘Mijn grootouders hebben verschrikkelijke dingen doorstaan,’ zegt Kaja Kallas, ‘en ze hebben mij geleerd dat je moet vieren dat je leeft.’

    Kallas zit aan de ovale tafel waar ze als regeringsleider van Estland buitenlandse gasten ontvangt. Twee dagen na ons gesprek zal ze hier de minister van Defensie van de Verenigde Staten Lloyd Austin ontmoeten en een week eerder was de Zweedse premier Ulf Kristersson op bezoek.

    Allemaal kennen zij het verhaal van haar grootouders. Ze weten dat de minister-president de dochter is van een vrouw die als baby naar Siberië werd gedeporteerd en dat alleen met veel geluk heeft overleefd. Het verhaal stond in een artikel van Kallas in The New York Times, en ze vertelde het tijdens een toespraak voor het Europees Parlement in maart 2022, twee weken nadat Rusland Oekraïne was binnengevallen.

    Voor het tweede deel van Kallas’ familiegeschiedenis is zelden genoeg tijd. Voor de terugkomst uit Siberië en voor het gevoel dat haar grootouders aan hun kinderen en kleinkinderen hebben meegegeven: ons krijgen ze niet meer klein. Kallas zegt dat ze thuis heeft geleerd dat veel mensen zich in zware tijden van hun beste kant laten zien.

    Al in januari 2022, toen de meesten in Europa meenden dat er alleen omdat Rusland meer dan 100.000 soldaten naar de Oekraïense grens stuurde, nog geen reden was voor paniek, kwam Kallas in actie. Ze eiste ondersteuning voor Oekraïne. En leverde wapens.

    Waarschuwingen

    De media berichtten destijds routinematig over haar waarschuwingen. Het was het Baltische geluid dat iedereen nou wel kende: Poetin is gevaarlijk, we moeten de NAVO in het oosten versterken, we moeten stoppen met Nord Stream. Na 24 februari zei Kallas hetzelfde, maar nu werd er wel naar haar geluisterd. De premier van een landje met maar net 1,3 miljoen inwoners veranderde in een politicus met wie op het wereldtoneel rekening wordt gehouden en die nu zelfs als kandidaat wordt genoemd voor de opvolging van Jens Stoltenberg als secretaris-generaal van de NAVO.

    En dat niet alleen omdat de regeringsleiders in Berlijn, Parijs en Brussel hebben moeten toegeven dat Kallas het met haar inschatting van Poetin bij het rechte eind had – maar ook omdat zij optreedt als iemand die zich in het licht van de schijnwerpers van de wereldgeschiedenis op haar gemak voelt.

    De digitalisering is onderdeel van een overlevingsstrategie van Estland

    Haar liberale partij Reformier (de Hervormingspartij) blijft stabiel op ruim 30 procent. Daarop volgt lang niemand tot – allebei rond de 20 procent – de rechts-populistische partij EKRE (de Conservatieve Volkspartij) en de middenpartij Kesker (de Centrumpartij). Hoe komt het dat de 45-jarige Kallas, die haar ambt pas twee jaar bekleedt, een van de belangrijkste waarschuwende stemmen van Europa is geworden?

    Medio december 2022 moet de bondskanselier Olaf Scholz in Berlijn tijdens het afsluitende panelgesprek van de Digitaliserings-top van de Duitse regering uitleggen hoe het vordert met de digitalisering in Duitsland. Hij zit erbij met zijn typische Scholzse verfrommeldheid, die erop lijkt te wijzen dat hij zich wel genoeglijkere dingen kan voorstellen voor een dergelijke vrijdagnamiddag. Naast hem zit Kallas. Ze straalt. ‘Het is een grote eer voor mijn land dat ik hier vandaag ben. Als men ziet waar wij vandaan komen en waar we vandaag staan, dat we gelijkwaardig zijn aan Duitsland – dat betekent heel veel voor ons,’ zegt Kallas.

    Lichtend voorbeeld

    Ze is hier uitgenodigd als lichtend voorbeeld, als premier van E-Estonia, de digitale koploper van de EU. En ze vervult die rol glansrijk. ‘Wij hebben alles al eens uitgeprobeerd. U heeft het voordeel dat u van onze fouten kunt leren,’ stelt ze. Spontaan applaus uit de zaal. ‘Er is natuurlijk wel een verschil wanneer je dit doet voor een land met 84 miljoen burgers en wanneer je het doet voor een land dat zo groot is als het uwe,’ bromt Scholz. ‘Wij hebben sinds 2007 te maken gehad met het afweren van cyberaanvallen vanuit Rusland,’ zegt Kallas.

    Het beeld dat van dit panelgesprek blijft hangen is dat van een vrouw die in vlekkeloos Engels vertelt over behaalde successen, terwijl naast haar een man met de nodige tegenzin over de problemen van het federalisme spreekt.

    Een underdog moet altijd meer moeite doen. Kallas heeft dat zozeer geïnternaliseerd dat je haar, wanneer je haar langere tijd volgt, vaak kunt zien wachten. Ze wacht tijdens de Veiligheidsconferentie in München midden februari op de Franse president Emmanuel Macron, die vanwege zijn begrip van macht graag als laatste een kamer binnenkomt. Precies zo zit ze in het Estse dorp Varbola in haar eentje voor twintig lege stoelen te wachten, terwijl de gepensioneerden die haar hebben uitgenodigd nog aan de koffie zitten.

    GettyImages 1374879595
    Premier Kaja Kallas op een persconferentie met de toenmalige Britse premier Boris Johnson en Jens Stoltenberg, secretaris-generaal van de NAVO. – © Getty Images / Leon Neal

    Als Kallas tijdens het interview in haar kantoor in Tallinn over digitalisering spreekt, wordt duidelijk dat het er voor de Esten nooit alleen om ging hoe ze op soepele wijze uit het papieren tijdperk konden komen. De digitalisering is onderdeel van de overlevingsstrategie van het land, omdat ze Estland op de kaart zet. ‘Als mensen niet weten dat je bestaat, merken ze het ook niet als je verdwijnt,’ zegt Kallas. Dat is de les die de Esten hebben getrokken uit eenenvijftig jaar Sovjetbezetting. ‘Toen het IJzeren Gordijn werd neergelaten, hebben Frankrijk en Duitsland ons niet gemist. Maar wij, wij hebben jullie wel gemist. Wij hebben de vrijheid gemist.’

    Hoe pak je dat aan, niet nog eens vergeten te worden? ‘We moeten nuttig zijn, we moeten laten zien dat we nodig zijn.’ Kallas somt op hoe Estse troepen hebben deelgenomen aan de Franse militaire missie in Mali, hoe Estse reddingswerkers kort na de aardbeving in Turkije zijn komen helpen.

    Broche

    Kallas heeft voor dit interview een lichtgele jurk aangetrokken en draagt op haar borst een blauw-zwart-witte broche, de kleuren van Estland. Die is op de gele ondergrond niet te missen. Het veiligheidsbeleid van het land, dat een grens van zowat 300 kilometer met Rusland deelt, schrijft niet alleen een verhoging tot drie procent in het defensiebudget voor. Het schrijft ook voor dat de Esten actief moeten laten zien dat het land bestaat.

    Op een namiddag in februari, een uur rijden van de hoofdstad Tallinn, gaat Kallas op bezoek bij de vereniging van particuliere bosbezitters. Estland bestaat voor de helft uit bos. Wie niet kan meepraten over bodemkwaliteit en de behoeftes van berken, hoeft niet te proberen premier van Estland te worden.

    Superwoman

    De bosbezitters hebben dennentakken op het pad gelegd, zodat Kallas op haar weg van de auto naar het kampvuur en de worstjes niet uitglijdt over de bevroren grond. Een uur lang wordt er uitsluitend over bomen gesproken. Iets apart van het gezelschap staat Anniki Leppik, die administratief werk doet voor de bosbezitters.

    Ze draagt wandelschoenen en een parka. ‘Hoe Kallas de wereld afreist, dat is een beetje zoals Superwoman, ze komt echt overal,’ zegt Leppik. Hier in het bos gaan ze wel op een bijzondere manier om met superhelden. Aan het einde wordt er geen groepsfoto gemaakt, geen selfies met Kallas. In plaats daarvan geven ze haar een fles vers getapt berkensap cadeau.

    De ene vrede is de andere niet. Voor ons in Oost-Europa ging het stalinisme verder

    Onderweg in het bos is Kallas met haar chauffeur en assistent bij een snackbar gestopt. Gehaktballen en een koolsalade voor 7,80 euro. Aan andere tafels wordt kort opgekeken als de premier met haar dienblad voorbijloopt, dan wordt er weer verder gegeten. ‘Zo gaat dat in Estland,’ zegt Kallas. ‘We laten elkaar met rust.’ Een man wenkt haar. Kallas begroet hem bij naam. ‘Nu ja, en daarnaast is het een klein land en kennen we elkaar.’

    Voor Kallas geldt dat in het bijzonder. Haar vader, Siim Kallas, was een van de kopstukken in de Estse Onafhankelijkheidsbeweging en voorzitter van de Estse centrale bank. In 2002 werd hij premier. Vanaf 2004 was hij EU-commissaris voor Estland. De roddelpers berichtte over Kaja Kallas’ eerste huwelijk, omdat ze met begin twintig al tot de vooraanstaande personen van het land hoorde. Toen ze op haar drieëndertigste besloot de politiek in te gaan en een zetel in het Estse parlement bemachtigde, was het eerste commentaar van de pers dat ze niet hetzelfde voor elkaar zou kunnen krijgen als haar vader.

    Vaders faam

    Haar vaders faam bracht niet alleen met zich mee dat ze al vroeg in de schijnwerpers stond, maar ook dat haar jeugd in het teken stond van de politiek. Kallas herinnert zich hoe er op 20 augustus 1991 Sovjet-tanks naar Estland werden gestuurd nadat het land zich onafhankelijk had verklaard. Ze was veertien jaar oud en verbleef bij haar grootouders op het platteland; haar vader was in de hoofdstad. ‘Ik was ongelooflijk bang, ik dacht dat ik mijn vader nooit meer zou zien. Ik kende immers alle verhalen over wat de Russen doen met mensen die zich verzetten.’

    Dit moment haalt Kallas ook aan omdat ze wil benadrukken wat ze sinds Ruslands oorlog tegen Oekraïne als een mantra herhaalt: de ene vrede is de andere niet. ‘Toen de Tweede Wereldoorlog voorbij was, begon men in West-Europa aan de wederopbouw. Voor ons in Oost-Europa ging het stalinisme verder. De deportaties, de moorden, de onderdrukking, de schaarste.’ Ieder kind weet dat oorlog verschrikkelijk is, zegt Kallas. En aan degenen die eisen dat Oekraïne zo snel mogelijk een vredesakkoord met Rusland sluit, legt ze – telkens opnieuw – uit hoe het voelt wanneer het einde van de bombardementen niet hetzelfde betekent als het einde van het geweld.

    Op het eerste gezicht lijkt Kallas’ een sterke positie te hebben bemachtigd door als ooggetuige een zeer duister beeld van Rusland te schetsen, een beeld dat het Westen aanvankelijk niet serieus nam. Maar haar invloed is ook groot omdat ze over de toekomst spreekt. Over een toekomst die in Estland al werkelijkheid is en die, als het aan haar ligt, ook voor Oekraïne mogelijk moet worden.

    GettyImages 543858146
    Voormalig minister van Buitenlandse Zaken Jeroen Dijsselbloem (l) in gesprek met een van de kopstukken in de Estse Onafhankelijkheidsbeweging en voorzitter van de Estse centrale bank, Siim Kallas. – © Getty Images / Thierry Tronnel

    Van 2014 tot 2018 was Kallas Europarlementariër. Ze werd in deze periode door de nieuwssite Politico als een van de invloedrijkste parlementariërs bestempeld. Zij was erbij toen de associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne werd ondertekend. ‘Mijn vader heeft voor de Esten meegewerkt aan de toetredingsprocedure tot de Europese Unie. Een generatie later sta ik aan de kant van de EU en bereid de toetreding van de volgende staat voor,’ zegt ze. Voor Kallas is de Europese Unie een belofte dat er vooruitgang wordt geboekt.

    Op haar Instagramprofiel zie je Kallas zelden handen schudden. Ze omhelst. Bijvoorbeeld de voorzitter van het Europees parlement, Roberta Metsola, die ze een vriendin noemt. Of de voorzitter van de Europese Commissie von der Leyen, die ze in ons gesprek kortweg Ursula noemt. Toen Kallas in 2018 een boek over haar tijd als parlementariër schreef en benadrukte wie ze allemaal had leren kennen, maakte de Estse pers daar grappen over. Vandaag verkondigt de publieke omroep: ‘Estland profiteert enorm van Kallas’ internationale zichtbaarheid.’

    Netwerk

    Kallas gebruikt haar wijdvertakte netwerk om haar opvattingen op het gebied van de buitenlandse politiek naar voren te brengen. Ze eist dat Vladimir Poetin als oorlogsmisdadiger wordt vervolgd. Ze staat erop dat Oekraïne de oorlog moet winnen en dat alleen Oekraïne kan bepalen wanneer die overwinning behaald is. En ze doet er alles voor om de oorlog bij de media op de voorgrond te houden.

    Dat Estland meer dan zestigduizend vluchtelingen heeft opgenomen, wat percentueel meer is dan welk ander EU-land dan ook, laat ook zien hoe serieus zij is over solidariteit met Oekraïne. De Russische aanval op Oekraïne voelt voor Estland als een schampschot. Als de Russen Oekraïne aanvallen met de rechtvaardiging dat ze het land ‘bevrijden’, waarom zou die logica dan niet ook voor Estland gelden?

    Uitgerekend op 24 februari viert Estland ieder jaar zijn onafhankelijkheid. Dit jaar wordt tegelijkertijd met de viering ook de aanval op Oekraïne op dezelfde datum herdacht. De Estse onafhankelijkheid presenteert Kallas niet als iets vanzelfsprekends, maar als iets waar zijzelf voor heeft gevochten. Kallas was achttien en studeerde nog aan de rechtenfaculteit toen ze tegelijkertijd op een ministerie aan de slag ging. ‘Mensen die niet veel ouder waren dan ik, hebben destijds onze staat opnieuw uitgevonden.’

    Een partijgenoot zou haar eens hebben aangeraden zich mannelijker te gedragen, om succesvoller te zijn

    In 1992 werd historicus Mart Laar op 32-jarige leeftijd premier van Estland. ‘We moesten onze relatie met de staat volledig herzien,’ zegt Kallas. Ten tijde van de Sovjet-Unie was je een held als je iets van de bezetter wist te stelen. Tegenwoordig is Estland een van de minst corrupte lidstaten van de EU. Op haar verkiezingsposters, die in februari overal in Tallinn hingen, zie je in een bovenhoek het symbool van haar partij. Het is een eekhoorn die op het punt staat op te springen. Een eekhoorn? Kallas: ‘Het is een ijverig en altijd actief beestje, dat zich er goed op voorbereidt de winter door te komen.’

    Alleen wil en kan niet iedereen in Estland zich met het eekhoorntje identificeren. Hoezeer Kallas ook straalt in de buitenlandse politiek, in de binnenlandse politiek is haar positie minder stabiel. ‘De jaren waarin we de Esten telkens weer nieuwe successen zoals EU- of NAVO-toetreding konden voorschotelen, zijn voorbij,’ zegt politicoloog Tõnis Saarts van de Universiteit van Tallinn. Het zelfbeeld van het gestaag vorderingen boekende land vervaagt, en tegelijkertijd neemt het aantal mensen toe dat hard wordt getroffen door inflatie en stijgende energieprijzen. In Estland klinkt er geen sterk links geluid, en wie bang is voor achteruitgang, wendt zich tot de rechts-populistische partij EKRE. Kallas wordt door rechtse politici een ‘oorlogsprinses’ genoemd, haar defensiebeleid noemen ze ‘hysterisch’.

    Desalniettemin wil geen van de tegenstanders van Kallas iets wezenlijks veranderen aan de grondslagen van de nationale buitenlandse politiek. Niemand in Estland verlangt dat het land uit de NAVO stapt of toenadering zoekt tot Rusland. ‘EKRE is een partij die zich in de eerste plaats op mannen richt, omdat veel van hun kiezers het niet kunnen verkroppen dat Estland voor het eerst door een vrouw wordt geregeerd,’ zegt Saarts.

    Mannen

    Wie eens wil meemaken dat Kallas haar diplomatieke en vriendelijke manier van spreken laat varen, moet haar vragen naar mannen in de politiek. ‘Vrouwen moeten twee keer zo hard werken,’ zegt Kallas, ‘en dan nog wordt onze competentie voortdurend betwijfelt.’ Een partijgenoot zou haar eens hebben aangeraden zich mannelijker te gedragen, om succesvoller te zijn. Inmiddels heeft Kallas voor vragen over haar nadrukkelijk vrouwelijke optreden een standaardantwoord klaarliggen. Totdat ze werd gekozen als premier had ze geen enkele broek in huis. Nu heeft ze er alleen een paar gekocht omdat het gemakkelijker is als ze bij een bezoek aan de troepen op een tank moet klimmen.

    Als je met mensen praat die Kallas goed kennen, zeggen zij dat ze op haar sterkst is wanneer ze bij anderen weerstand voelt. Kallas zelf zegt over Estland hetzelfde als over haar grootouders: ‘Door onze geschiedenis weten we dat wij ook de moeilijkste tijden kunnen doorstaan.’ Om deze geschiedenis te begrijpen raadt zij aan het monument voor de slachtoffers van het Sovjetcommunisme te bezoeken, dat onder haar voorganger werd opgericht.

    Het gedenkteken staat aan de rand van Tallinn, pal aan de Oostzee. Je loopt via een lange gang omhoog, op de wanden staan de namen van mensen die zijn gedeporteerd of zijn omgebracht. 75.000 mensen, een vijfde van de Estse bevolking, werden tussen 1940 en 1941 door de communistische bezetters gedood, opgepakt of gedeporteerd. Men had het bij dat aantal kunnen laten. In plaats daarvan is in het monument een fruittuin aangeplant. Boven een halve cirkel appelbomen staat in grote letters een gedicht. Het gaat over hoe een onweersbui een bijenvolk overrompelt. Op de muur, om de tekst van het gedicht heen, zitten twaalfduizend bijen van metaal, elk zo groot als een hand. Het is windig en donker in deze avond in februari, in geen van de appelbomen zitten knoppen. Maar de bijen spreken van de hoop dat er een nieuwe lente komt.

    Lees ook:

  • De westerse relaties met Afrika en Azië staan op instorten en daar profiteert Rusland van

    De westerse relaties met Afrika en Azië staan op instorten en daar profiteert Rusland van

    Supermachten willen dat de landen in Afrika en Azië een kant kiezen, maar daar kunnen ze niet zo makkelijk toe worden gedwongen. Moskou begrijpt dat, het Westen niet, aldus de Congolese politicus Jérémy Lissouba. ‘Ontwikkelingslanden pikken de paternalistische houden van het Westen niet meer.’

    Al meer dan een jaar, sinds het begin van de oorlog in Oekraïne, bevindt de wereld zich tussen twee vuren. En tegen een achtergrond van hoge energie- en voedselprijzen, een verwoestende inflatie, sociale onrust en angst voor een nieuwe wereldwijde recessie, wedijveren het westerse en het Russische blok opnieuw om de steun van de ontwikkelingslanden.

    Leiders als de Franse president Emmanuel Macron, de Duitse bondskanselier Olaf Scholz, de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov, de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Qin Gang, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken en de Amerikaanse vicepresident Kamala Harris zijn maar enkele van de namen die het afgelopen jaar een spraakmakend bezoek aan Afrika hebben gebracht, waarbij het centrale thema keer op keer samenwerking en handel was. Toch ademde elk bezoek een soort nieuwe Koude Oorlogssfeer, met Oekraïne als een van de belangrijkste symptomen.

    Allemaal proberen deze supermachten op hun eigen manier – en gewapend met hun eigen propaganda – de landen in Afrika en Azië partij te laten kiezen. Maar anders dan in de vorige eeuw kunnen deze landen ditmaal niet meer zo makkelijk tot een keus worden gedwongen, en is dat ook niet nodig. Rusland begrijpt dat. Het Westen niet.

    Het is geen geheim dat Afrika aarzelt om de Russische acties in Oekraïne openlijk te veroordelen, of deel te nemen aan westerse sancties tegen de Russische agressor of pogingen om die te isoleren. In plaats daarvan blijven deze landen hun jarenlange partner met open armen ontvangen en veroordelen ze weliswaar in brede kring de oorlog, maar niet Rusland zelf.

    Faux pas

    In Malawi bijvoorbeeld wordt de Russische levering van tienduizenden tonnen kunstmest, op een moment dat er een wereldwijd tekort is, door ploeterende boeren als een geschenk uit de hemel beschouwd en heeft de minister van Landbouw Rusland dankbaar ‘een echte vriend’ genoemd. En de door Moskou aangekondigde plannen om 260.000 ton kunstmest naar andere landen op het Afrikaanse continent te sturen zullen daar zeker soortgelijke gevoelens losmaken.

    In mijn eigen land, Congo-Brazzaville, heeft de regering ondanks de oorlog in Oekraïne vijf grote samenwerkingscontracten met Rusland getekend, bijvoorbeeld voor de bouw van een nieuwe oliepijplijn en intensivering van de militaire samenwerking.

    Dit charmeoffensief – prominent geleid door minister Lavrov, die sinds afgelopen januari op bezoek is geweest in Zuid-Afrika, Swaziland, Angola, Eritrea, Mali, Soedan en Mauritanië – bevordert overal op het continent de pro-Russische houding en staat in schril contrast met het jammerlijk mislukte recente Afrikaanse avontuur van Emmanuel Macron.

    Macron bestond het zelfs om de Congolese president de les te lezen over persvrijheid

    Misschien wel de meest toondove faux pas van zijn hele reis beging Macron door, hoewel hem dat tijdens een persconferentie in de Democratische Republiek Congo (DRC) herhaaldelijk werd verzocht, te weigeren de Rwandese steun voor M23-rebellen te veroordelen die zo veel schade aanrichten in de DRC, een situatie die sterke overeenkomsten vertoont met de semiheimelijke steun die Moskou de afgelopen jaren aan de separatisten in de Donbas-regio heeft verleend. Hij bestond het zelfs om de Congolese president de les te lezen over persvrijheid.

    Ondanks de omstandige retoriek van de Franse president over ‘nieuwe relaties’ en ‘een nieuw begin’ was zijn uitbarsting de zoveelste bittere herinnering aan de langdurige paternalistische en oneigenlijke houding van Europa jegens Afrika, dezelfde houding die ervoor heeft gezorgd dat decennia van Europese en militaire invloed op het Afrikaanse continent geen noemenswaardig resultaat hebben opgeleverd en waardoor die invloed misschien zelfs wel daadwerkelijk is ondermijnd.

    Afrikanen zijn zich hiervan bewust en pikken het niet langer, getuige het groeiende anti-Franse sentiment in westelijk Afrika. Rusland, China en anderen grijpen alleen maar de kansen die zich voordoen, al valt ook hun het nodige te verwijten.

    Korreltje zout

    Ondertussen, terwijl het Europese aandeel in de hulp aan Afrika aanzienlijk is afgenomen, krijgt de Europese Unie in Azië met soortgelijke problemen te maken. Met uitzondering van China is het EU-aandeel in de export naar Zuidoost-Aziatische landen de afgelopen twee decennia met een derde afgenomen en was in 2021 minder dan een tiende van de Maleisische, Singaporese, Zuid-Koreaanse en Taiwanese export voor West-Europa bestemd.

    Ook hier is Rusland als de wiedeweerga in het gat gesprongen door China als zijn belangrijkste handelspartner te bestempelen en consequent olie en gas naar gretige Aziatische kopers te exporteren. En toen Rusland half maart zijn verdragen ter voorkoming van dubbele belasting opschortte in het geval van tal van ‘onvriendelijke landen’ overal op de wereld, werden de meeste Zuidoost-Aziatische landen van deze maatregel uitgezonderd.

    Bovendien is Rusland het afgelopen decennium ook de grootste wapenleverancier in de regio geworden en heeft het recentelijk gezamenlijke marine-oefeningen gehouden met de Associatie van Zuidoost-Aziatische Naties. Indonesië, de Filippijnen en Maleisië hebben allemaal geweigerd Moskou sancties op te leggen, en Maleisië heeft eerder dit jaar een memorandum van overeenstemming met Rusland getekend ter verbetering van de agrarische handelsbetrekkingen.

    We kunnen het deze landen niet kwalijk nemen dat ze samenwerken met internationale partners om hun dringendste maatschappelijke prioriteiten aan te pakken. Evenmin kunnen we ze kwalijk nemen dat ze het Europese discours over internationale waarden en verandering met een korreltje zout nemen wanneer deze veronderstelde verandering niet voortkomt uit de erkenning van huidige tekortkomingen, maar wordt ingegeven door opkomende mondiale trends.

    Zolang de onderliggende veronderstellingen en overtuigingen niet veranderen blijven de relaties tussen de oude en de nieuwe wereld gespannen

    Wat voor lessen vallen er te geven over territoriale integriteit en rechtvaardigheid wanneer de gebeurtenissen van 2011 in Libië, en de blijvende gevolgen daarvan, een open wond blijven in de Afrikaanse ziel? Of wanneer de houding van deze landen ten opzichte van de oorlog in Oekraïne bijna identiek is aan die van Europa ten opzichte van het conflict in het oosten van de Democratische Republiek Congo?

    Wat voor lessen vallen er te trekken uit de procedures van Europese rechtbanken om Maleisische activa en eigendommen ter waarde van 15 miljard dollar in beslag te nemen op grond van een twijfelachtige arbitrage-uitspraak van een Spaanse arbiter die zelf strafrechtelijk vervolgd dreigt te worden? En wie zal daar werkelijk van profiteren als je bedenkt dat deze aanspraak op soeverein grondgebied, die voortvloeit uit een halverwege de negentiende eeuw gemaakte afspraak tussen een allang verdwenen sultanaat en een Brits bedrijf uit de koloniale tijd, wordt gefinancierd door onbekende externe investeerders?

    Wat het antwoord op deze vragen ook is, het is duidelijk dat de relaties tussen de oude en de nieuwe wereld gespannen zullen blijven zolang de onderliggende veronderstellingen en overtuigingen niet veranderen.

    Nieuwe leest

    Wat we specifiek nodig hebben is een verandering in het denken, en een besef bij het Westen dat ontwikkelingslanden niet blind zijn voor de vele retorische en praktische contradicties die kenmerkend zijn voor de wereld zoals we haar kennen, of het nu gaat om een hulp- en handelssysteem dat de onbalans en de misstanden die het beweert aan te pakken alleen maar versterkt, of om een discours over internationale wetten en waarden waar overtredingen uit het verleden en de huidige hervormingsdrang niets van overlaten, of zelfs om onderhandelingen over klimaatfinanciering waarvan de urgentie staat of valt met westerse economische belangen.

    De westerse wereld kan deze gang van zaken alleen omdraaien als ze haar relaties met de Afrikaanse en Aziatische landen werkelijk op een nieuwe leest schoeit en haar kijk op een respectvol partnerschap tussen landen met een gelijkwaardige legitimiteit grondig herziet.

    Het gaat er niet om dat het moeite kost om op een overtuigende manier lippendienst aan idealen te bewijzen, en evenmin dat deze idealen op het altaar van het economisch pragmatisme moeten worden geofferd. Het gaat erom dat er voldoende verantwoordelijkheid wordt genomen voor de huidige stand van zaken, dat toekomstverwachtingen worden begrepen, dat er echte concessies worden gedaan en dat het discours gepaard gaat met dollars en daadkracht.

    Alleen dan zal de westerse wereld ons ervan overtuigen dat de beloften van het VN-Handvest en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens niet alleen maar voorwendsels waren om te voorkomen dat de westerse hegemonie in haar bestaan werd bedreigd, maar in plaats daarvan een blijvend perspectief bieden op een betere wereld die het alleszins waard is om voor te vechten.

    Jérémy Lissouba is parlementslid voor de belangrijkste oppositiepartij in de Republiek Congo. Hij is ook plaatsvervangend rechter in het Hooggerechtshof van het land en een alumnus van het 2018 Africa Leaders Program van de Obama Foundation.

    Lees ook:

  • Ondernemen in Oekraïne: ‘Supermarkten zijn de plekken van onze onverzettelijkheid’

    Ondernemen in Oekraïne: ‘Supermarkten zijn de plekken van onze onverzettelijkheid’

    Poetin wil met zijn bombardementen de Oekraïense maatschappij platleggen. Maar het bedrijfsleven gaat gewoon door. De supermarkten liggen vol, de IT-industrie groeit, en er worden zelfs weer vliegtuigen gebouwd. Hoe doen de Oekraïners dat?

    Bij elke stroomstoring in het westen van Oekraïne gaat er in het bedrijf van Maxim Ivanov iets zoemen: de dieselgenerator voor zijn kantoren in Ivano-Frankivsk start dan op. ‘Teksan Jeneratör’ is de naam van de kolos uit Turkije. Het apparaat genereert 80 kilowatt stroom, genoeg om het bedrijf met zijn 350 werknemers draaiende te houden – en om de plannen van Vladimir Poetin te dwarsbomen. Want zo ziet de eigenaar dat.

    Ivanovs IT-bedrijf Aimprosoft heeft programmeurs, webdesigners en productmanagers in dienst. De opdrachten komen van westerse bedrijven die zelf geen nieuw personeel durven aan te nemen, of die op hun thuismarkt nauwelijks nog geschoolde werknemers vinden. Ondanks de oorlog hoeven zijn klanten niet bezorgd te zijn over vertragingen. Of de Russische strijdkrachten nu een elektriciteitscentrale of –knooppunt aanvallen, de mensen van Aimprosoft werken gewoon door, dankzij de generator en de vaten met diesel, die maximaal tien dagen stroomuitval aankunnen.

    Aanvankelijk had de Russische president Poetin zijn zinnen gezet op een snelle verovering van Kyiv. Vervolgens liet hij zijn troepen beginnen met de gerichte vernietiging van vitale infrastructuur in Oekraïne. Vanaf de herfst troffen honderden kruisraketten en kamikazedrones elektriciteitscentrales en verdeelstations. Eind december zat 90 procent van de 700.000 inwoners van Lviv zonder elektriciteit. De stadsverwarming werkte met horten en stoten en Kyiv zat soms zonder stromend water. Vanuit de ruimte was het effect van de bombardementen goed te zien: Rusland deed het licht in Oekraïne uit.

    Maar het land raakte niet verlamd door duisternis en kou. De winterse apocalyps bleef uit. Onder andere dankzij de generatoren. Bij grote bedrijven zoals Ivanovs Aimprosoft staan buiten de kolossen te zoemen; voor kapsalons en cafés staan kleinere exemplaren. Alleen al in de laatste drie maanden van vorig jaar kocht Oekraïne in het buitenland ongeveer een half miljoen aggregaten voor noodstroom, plus accu’s op zonne-energie met namen als EcoFlow of Bluetti. Samen leveren deze eenheden hetzelfde vermogen als een blok in een kerncentrale. Strategisch gezien zijn ze nog waardevoller, aangezien Rusland ze niet in één klap kan uitschakelen of met een aanval kan veroveren.

    Gewoon overleven

    De snelle verspreiding van de generatoren is meer dan alleen een symbool van de taaie Oekraïense assertiviteit. Het doorzettingsvermogen van zakenlieden als Ivanov is simpelweg noodzakelijk, wil het land volharden in zijn militaire weerstand tegen de indringers. De kosten van het snel gestegen defensiebudget moet Oekraïne immers zelf opbrengen. De partners in de EU en de VS maken maandelijks weliswaar miljarden over aan de regering in Kyiv, maar zij zien er in de staatsbegroting op toe dat het geld vooral wordt besteed aan civiele doeleinden. De eigen belastinginkomsten van Oekraïne vloeien nu bijna volledig naar het leger. Die mogen niet verdwijnen.

    Dat is al moeilijk genoeg: de economische productie van Oekraïne is vorig jaar drastisch gedaald. Miljoenen mensen hebben het land verlaten. De belangrijke staalfabrieken in het oosten zijn vernietigd of bezet door Rusland. Alleen de IT-sector is blijven groeien, zelfs in 2022. Daarvan zijn de exportinkomsten gestegen tot 7,3 miljard dollar: een plus van 6 procent. De belastingafdracht van techbedrijven aan de Oekraïense staat stegen – gerekend in dollars – met 16 procent.

    De oorlog veranderde zijn industrie, zegt Ivanov. Hij heeft nu andere prioriteiten. Vroeger hielden hij en zijn partners zich vooral bezig met groei. Dit jaar echter heeft hij zich als doel gesteld ‘dat we allemaal gewoon overleven’. Veel van zijn werknemers doneren tot 20 procent van hun maandsalaris aan de strijdkrachten. Elke Oekraïner heeft vrienden of familieleden in de strijd. Zij staan voortdurend met elkaar in contact, via berichtenservices als Telegram en dankzij de Starlink-systemen van Tesla-baas Elon Musk.

    De donaties gaan naar het leger of naar vrijwilligersorganisaties. Soms sturen ze nachtzichtapparatuur of winteruitrusting. De particuliere koeriersdienst Nova Poschta – Nieuwe Post – bezorgt de pakketten portvrij aan het front. ‘Ook de koeriers,’ zegt Ivanov, ‘liggen vaak onder vuur.’

    De oorlog heeft de Oekraïense samenleving gemobiliseerd, en daarmee ook de economie. Volgens een onderzoek van adviesbureau Deloitte doneert meer dan de helft van de Oekraïners aan de strijdkrachten. Van de Oekraïense bedrijven maakt 56 procent geld over en 40 procent regelt donaties in natura, aldus de European Business Association (EBA). Poetin wilde de nationale economie van het buurland op de knieën dwingen door gerichte klappen toe te brengen aan de meest kwetsbare punten, maar hij lijkt geen rekening te hebben gehouden met de bevolking.

    Ze zijn zo geroutineerd geraakt dat ze beschadigde apparatuur ‘vier keer sneller repareren dan in de herfst’

    Neem de eenenzestigjarige Joeri Jakovlev. Meteen al aan het begin van de invasie vernietigden de Russen zijn levenswerk, Aeroprakt. Ze rukten op naar het kleine vliegveld bij Kyiv waar Jakovlev zijn bedrijf had. Het produceerde ultralichte vliegtuigen voor de wereldmarkt – negen stuks op maandbasis voor de oorlog. De Russen beschoten de hangar, het dak stortte in. Met durf en geluk wist hij belangrijk gereedschap en bouwtekeningen in veiligheid te brengen. Korte tijd later sloegen de Russen alles aan diggelen, herinnert Jakovlev zich. Hij bracht het materiaal naar zijn bedrijfsvestiging in Polen, zodat hij ten minste de onderhouds- en reparatiewerkzaamheden voor zijn klanten in het Westen kon continueren.

    In de luchtvaartwereld heeft Jakovlev een legendarische status: wereldwijd verkocht de Oekraïner afgelopen decennia meer dan duizend vliegtuigen. Hij leerde zijn vak bij Sovjet-vliegtuigbouwer Antonov. Wanhoop en angst zijn hem vreemd. In Polen maakte hij eerst een doorstart met de verzending van reserveonderdelen, daarna nam hij contact op met verkooppartners en klanten en beloofde hij weldra weer nieuwe vliegtuigen te bouwen. Al in april was hij met zijn onderneming aanwezig op de luchtvaartbeurs in Friedrichshafen. Op Jakovlev en Aeroprakt kan nog steeds gerekend worden, was de boodschap.

    Een jaar na het begin van de oorlog doet hij provisorische reparaties op het vliegveld en in de buitenwijken van de Oekraïense hoofdstad. Deze zijn nodig vanwege de raketinslagen en het geweergeschut. Helaas is het personeelsbestand nu veel kleiner, zegt hij. Veel van de jongere werknemers zijn aan het front. Niettemin assembleert Aeroprakt weer vliegtuigen. ‘Negen per maand,’ aldus Jakovlev. Dat zijn er net zoveel als in januari 2022.

    In Oekraïne zijn er veel van dit soort verhalen over hardnekkig doorgaan. Neem de bestuursleden van de centrale bank NBU, de controlekamer van de economie. Als het luchtalarm afgaat, haasten ze zich naar de bunkers en onderhandelen desnoods vanuit een cel van vier vierkante meter verder met het Internationaal Monetair Fonds over miljardensteun.

    In de pikorde ver daaronder zijn er de reparatieploegen van staatsenergieleverancier Ukrenergo. Na maanden onafgebroken werken zijn ze zo geroutineerd geraakt dat ze beschadigde apparatuur ‘vier keer sneller repareren dan in de herfst’, aldus het hoofd van Ukrenergo. Ze zijn nu even snel in repareren als de Russen in vernietigen en ‘soms zelfs sneller’.

    Demografische crisis

    De Oekraïners hebben de vrije val van hun economie tot staan gebracht. In de zomer voorspelde de Wereldbank een daling van het bruto binnenlands product met 45,1 procent. Eind 2022 zou de min 30 procent al aangetikt moeten zijn – nog steeds een enorme inzinking. Maar voor het lopende jaar achten deskundigen zoals German Economic Team zelfs een lichte groei van 1,8 procent mogelijk.

    Is het genoeg? Van de staalproductie, die vroeger zo belangrijk was voor Oekraïne, is 85 procent ingestort. Russische troepen hebben fabrieken in het oosten bezet en de Azov-staalfabriek in Marioepol verwoest. De productie is daardoor gedaald van 60.000 ton staal per dag naar slechts 10.000 ton. De werkloosheid is verdrievoudigd, naar schatting tot 30 procent, ook al zijn sinds het begin van de oorlog honderdduizenden mannen opgeroepen voor de militaire dienst.

    Een demografische crisis begint zich af te tekenen. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie verminderde de Oekraïense bevolking met ongeveer acht miljoen door emigratie en een laag geboortecijfer. Voor de oorlog telde het land nog zo’n vierenveertig miljoen inwoners. Sindsdien zijn acht miljoen mensen gevlucht. Dat betekent dat de bevolking is gekrompen tot het niveau van voor de Tweede Wereldoorlog, tachtig jaar geleden. De meeste vluchtelingen verklaren dat zij na de oorlog willen terugkeren. Sommige EU-regeringen proberen hen te behouden – driekwart van de vluchtelingen heeft een universitair diploma.

    Zonder de miljardensteun van zijn partners zou de Oekraïense staat waarschijnlijk zijn ingestort. Toch is het betalingsgedrag van de internationale gemeenschap nog voor verbetering vatbaar. In 2022 werd er 64 miljard euro toegezegd, maar tot nu toe is slechts 31 miljard euro uitbetaald, zo berekende het Institut für Weltwirtschaft uit Kiel.

    Oekraïne moet nog steeds elke maand tot zo’n vijf miljard euro bij andere staten ophalen, anders kan het zijn leraren en ambtenaren niet meer betalen. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) wordt niet geacht geld uit te keren aan staten die in een militair conflict verwikkeld zijn maar verklaart zich bereid een uitzondering te maken voor Oekraïne. Om dat proces officieel gestalte te geven zijn de donoren overeengekomen een secretariaat op te zetten met kantoren in Kyiv en Brussel.

    De EU is de belangrijkste handelspartner. In de eerste maanden na het uitbreken van de oorlog steeg haar aandeel in de Oekraïense export van 40 naar 80 procent. Kort voor de oorlog werd de al langer geplande synchronisatie van de elektriciteitsnetten van de EU en Oekraïne voltooid. Dat was een zegen voor Kyiv: in de eerste maanden van de oorlog exporteerde het land kernenergie naar het Westen, waarmee het broodnodige deviezen verdiende. Sinds de bombardementen op energiecentrales begonnen, kan het land nu grote hoeveelheden elektriciteit van de EU kopen. De banden zijn inmiddels zo hecht dat sommige commentatoren Oekraïne beschouwen als ‘de facto lid van de EU’.

    Gewild

    Zover is het nog niet helemaal. ‘Er zijn initiatieven om Oekraïne te integreren in de toeleveringsketens van de EU,’ zegt Michael Harms, directeur van de op Oost-Europa en Centraal-Azië gerichte handelsvereniging Ost-Ausschusses der Deutschen Wirtschaft. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan omdat sommige producten nog niet aan de EU-normen voldoen of om andere redenen nog niet concurrerend zijn. Soms is het ook gewoon een kwestie van bureaucratie. Zo zijn er landbouwbedrijven in Oekraïne die biogas produceren en vloeibaar maken en klanten in de EU die dat willen kopen. De certificaten ontbreken echter nog.

    Economen van de Kyiv School of Economics schatten de oorlogsverwoesting op 138 miljard dollar – een bedrag dat elke dag stijgt. ‘Zonder particulier kapitaal lukt de wederopbouw niet,’ zegt econoom Robert Kirchner, plaatsvervangend hoofd van het Duitse economische team dat Oekraïne op last van de Duitse regering adviseert. Maar welke investeerder wil vrijwillig geld steken in een land dat door buurland Rusland met vernietiging wordt bedreigd? Desondanks heeft het Bayer-concern onlangs aangekondigd vast te houden aan een investering van 30 miljoen euro in een zaadfabriek. En de fabrieken van westerse autoleveranciers hebben hun activiteiten weer opgevoerd. Om ervoor te zorgen dat er nieuwe investeringen worden gedaan, ontwikkelen de Europese Bank voor Wederopbouw en Wereldbankdochter Miga programma’s om risico’s in Oekraïne af te dekken.

    Voor Oekraïense handelaren is vlotte bevoorrading van hun winkels een patriottische plicht geworden

    Oekraïense levensmiddelen zijn bijzonder gewild. Een Britse logistieke reus heeft daarom geïnvesteerd in een overslagcentrum in Moldavië om toegang te krijgen tot Oekraïense landbouwproducten. Het centrum ligt op 190 kilometer ten westen van de havenstad Odessa. Van daaruit zullen groenten en fruit binnenkort via Moldavië het Verenigd Koninkrijk bereiken. Het zou echt kunnen werken: de Oekraïners zijn erin geslaagd om zelfs in de onmiddellijke nabijheid van het front de bevoorrading op peil te houden – heel anders dan wat momenteel in bijvoorbeeld Britse supermarktketens gebeurt.

    Voor Oekraïense handelaren is vlotte bevoorrading van hun winkels een patriottische plicht geworden. Velen bieden voorbijgangers de mogelijkheid aan om zich binnen op te warmen of mobiele telefoons en laptops op te laden. Sommige winkels hebben openbare werkplekken ingericht, die voor iedereen toegankelijk zijn. ‘Supermarkten,’ zegt het hoofd van de winkeliersvereniging, ‘zijn nu de plekken van onze onverzettelijkheid.’

    Lees ook:

  • Finland treedt officieel toe tot de NAVO

    Finland treedt officieel toe tot de NAVO

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Macron brengt bezoek aan Xi om Chinees Oekraïnestandpunt te bespreken

    » Peru: motie van wantrouwen tegen president vanwege doden bij protesten verworpen

    Russische dreiging is de aanleiding voor de toetreding

    De NAVO is weer een lidstaat rijker. In bijzijn van secretaris-generaal Jens Stoltenberg en de Finse buitenlandminister Pekka Haavisto verklaarde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Anthony Blinken dinsdag op het hoofdkwartier van de NAVO in Brussel dat Finland officieel lid is van de militaire verdragsorganisatie. Daarmee staat de teller nu op eenendertig lidstaten, schrijft Politico.

    Finland diende vorig jaar samen met Zweden een verzoek tot lidmaatschap in bij de NAVO, nadat beide landen zich jarenlang afzijdig hadden gehouden van militaire conflicten. Onder druk van de oorlog in Oekraïne veranderden ze echter hun neutralistische beleid en zochten ze aansluiting bij het militaire blok.

    ‘Poetin wilde met zijn invasie de toetreding van nieuwe Europese lidstaten voorkomen, maar hij heeft precies het tegenovergestelde bereikt’

    Blinken merkte bij de gelegenheid op dat het NAVO-lidmaatschap van Finland wellicht het enige is waarvoor we Poetin dankbaar kunnen zijn. Secretaris-generaal Jens Stoltenberg voegde daaraan toe: ‘Poetin wilde met zijn invasie de aanwezigheid van de NAVO rondom de grenzen van Rusland verminderen en de toetreding van nieuwe Europese lidstaten voorkomen, maar hij heeft precies het tegenovergestelde bereikt.’

    De Finse president Sauli Niinistö verklaarde dat Finland er alles aan zal doen om ook Zweden tot de NAVO te laten toetreden: ‘Het lidmaatschap van Finland is niet compleet zonder het lidmaatschap van Zweden.’

    Ook Rusland heeft van zich laten horen. Dmitri Peskov, de woordvoerder van het Kremlin, heeft laten weten dat Rusland de toetreding ziet als een inbreuk op zijn eigen veiligheid en nationale belangen en zich gedwongen ziet om tactische en strategische tegenmaatregelen te nemen om zichzelf te beschermen, aldus de Russischtalige BBC.

    Lees ook: