Tag: oorlogen

  • Golf van geweld overspoelt volle breedte van Afrika

    Golf van geweld overspoelt volle breedte van Afrika

    Te midden van de meer in het oog springende oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten is een golf van conflicten op het Afrikaanse continent grotendeels onopgemerkt gebleven.

    Een ongekende uitbarsting van conflicten heeft over de volle breedte van het Afrikaanse continent, van Mali tot Somalië, een spoor van dood en verderf getrokken. Al langer woedende conflicten, zoals de islamistische rebellie in Noord-Nigeria en Somalië en de militieoorlogen in Oost-Congo, zijn enorm in hevigheid toegenomen. Nieuwe oorlogen tussen gewapende milities en het regeringsleger brengen Ethiopië en Soedan, twee van de grootste en meest bevolkte landen van Afrika, in beroering. De landen in de westelijke Sahel op hun beurt vormen nu het centrum van het wereldwijde jihadisme, waar regionale afsplitsingen van Al Qaida en Islamitische Staat elkaar en een paar wankele militaire regeringen bestrijden.

    Deze corridor van geweld strekt zich uit over ongeveer 3000 kilometer en beslaat circa 10 procent van Afrika ten zuiden van de Sahara. Het gebied is in slechts drie jaar tijd verdubbeld en is nu ongeveer tien keer zo groot als het Verenigd Koninkrijk, volgens adviesbureau Verisk Maplecroft. De waslijst aan conflicten brengt onvoorstelbaar menselijk leed met zich mee – massale ontheemding, wreedheden tegen burgers en extreme honger – op een continent dat toch al veruit het armste van de planeet is. 

    De aandacht van mondiale beleidsmakers voor Afrika is afgenomen, vooral in het Westen

    Toch worden deze ontwikkelingen overschaduwd door de meer in het oog springende conflicten in Oekraïne en het Midden-Oosten. Daardoor is de aandacht van mondiale beleidsmakers voor Afrika afgenomen, vooral in het Westen, gaat er veel te weinig geld naar humanitaire hulpprogramma’s en is er grote onzekerheid over het lot van honderden miljoenen mensen.

    Volgens de Universiteit van Uppsala en het Noorse instituut voor vredesonderzoek kampt Afrika nu met meer conflicten dan ooit sinds 1946. Experts van de twee instituten hebben alleen al dit jaar 28 oorlogen vastgesteld in 16 van de 54 landen op het continent; dat is meer dan in welke andere regio ter wereld ook en een verdubbeling van het aantal conflicten ten opzichte van vijftien jaar geleden. Conflicten waarbij geen regeringstroepen zijn betrokken, bijvoorbeeld tussen verschillende lokale gemeenschappen, zijn niet meegerekend, maar ook dat aantal is sinds 2010 verdubbeld. 

    Er is geen specifieke oorzaak aan te wijzen voor het ontstaan en de escalatie van zo veel verschillende conflicten in deze enorme, diverse geografische regio. Maar, zeggen experts, veel van de zwaarst getroffen staten zijn na hun onafhankelijkheid altijd kwetsbaar gebleven, omdat ze er niet in slaagden een sterke bestuursvorm te vinden, of het nu democratieën waren of autoritaire regimes. Of ze raakten ­tijdens een – vrij zeldzame – politieke overgangs­periode instabiel.

    Grondstoffen en macht

    De voormalige Franse koloniën in de Sahel – Mali, Burkina Faso en Niger – waren decennialang slechts in naam democratieën; regelmatig vonden er militaire staatsgrepen plaats. De centrale regering van Congo in Kinshasa slaagde er, net als die van Nigeria in Abuja, nooit in om controle uit te oefenen over het uitgestrekte land. Daardoor kregen lokale en buitenlandse leiders de kans om, vaak met geweld, mee te dingen naar grondstoffen en macht. 

    In Ethiopië hebben de pogingen van premier Abiy Ahmed om de macht te centraliseren na het beëin­digen van de decennialange dominantie door het Volksbevrijdingsfront van Tigray, in 2018, geleid tot een reeks opstanden en botsingen tussen regionale milities. In Soedan werden twee machtige generaals elkaars rivalen, na de afzetting van dictator Omar al-Bashir in 2019 en van een burgerregering, twee jaar later, die het land richting democratie had ­moeten leiden.

    Een keerpunt was 2011, toen NAVO-militairen tijdens de Arabische Lente rebellen in Libië steunden in hun strijd tegen ­dictator Moammar Kadhafi. Toen ­Kadhafi stierf en Libië in chaos verviel, trokken duizenden gewapende rebellen zuidwaarts Mali in, waar een Toeareg-opstand ontbrandde tegen de regering in Bamako. Dit viel samen met de wereldwijde expansie van extremistische ideologieën die door Al Qaida en Islamitische Staat werden uitgedragen. 

    ‘De problemen in de Sahel zijn duidelijk het gevolg van de ineenstorting van Libië en de wedloop van wapens en ideolo­gieën die daardoor is ontstaan,’ zegt Ken Opalo, een Keniaanse academicus en ­universitair hoofddocent aan de School of Foreign Service van de Georgetown-universiteit. ‘Dus je krijgt zwakke staten, veel wapens en jonge mannen die Libië verlaten en ideologieën die helemaal uit Pakistan komen. Dan staat alles in brand.’

    ‘Meer mensen dan ooit tevoren worden voortdurend geconfronteerd met gewapende groepen’

    Vanuit Mali verspreidde de jihadistische opstand zich gemakkelijk over de grens naar Burkina Faso en Niger. Daar hebben nieuwe militaire regimes uit frustratie over het onvermogen om de militanten te verslaan Franse en andere westerse troepen het land uit geschopt. De jihadisten bedreigen nu landen aan de West-Afrikaanse kust, zoals Benin en Ghana. Op dit moment wordt er volgens Verisk Maplecroft op 86 procent van het grondgebied van Burkina Faso en op 44 procent van dat van Nigeria gevochten tussen jihadisten en regeringstroepen.

    Het tellen van doden in Afrikaanse conflicten is bijzonder complex. De toegang tot de frontlinies is voor journalisten en hulporganisaties vaak beperkt. Tijdens de oorlogen in Soedan en Ethiopië maakt het geregeld afsluiten van telefoon en internet het moeilijker om dodentallen bij te houden. Veel mensen sterven bovendien niet tijdens de gevechten zelf, maar door honger of het uitvallen van medische diensten. Voor Ethiopië hebben experts van de Universiteit van Gent geschat dat de twee jaar durende oorlog 162.000 tot 378.000 burgers het leven heeft gekost; non-profitorganisatie Acled telde minder dan twintigduizend oorlogsdoden door de gevechten zelf. 

    Wat duidelijk wordt uit de gegevens is dat burgers bij conflicten in Afrika veel vaker het doelwit zijn dan in oorlogen elders. In Oekraïne was bijvoorbeeld nog geen 7 procent van het geweld sinds februari 2024 volgens Acled gericht tegen burgers, terwijl dat bij Afrikaanse conflicten meer dan een derde was. ‘Meer mensen dan ooit tevoren worden voortdurend geconfronteerd met gewapende groepen,’ zegt Clionadh Raleigh, oprichter van Acled en hoogleraar aan de Universiteit van Sussex. En de gevolgen gaan verder dan het verlies van mensenlevens, zegt hij: langdurige conflicten leiden ook tot een vertraagde ontwikkeling, uitgestelde verkiezingen en een breder gevoel van straffeloosheid. 

    Recordaantal ontheemden 

    Door de oplaaiende conflicten is een recordaantal Afrikanen ontheemd geraakt, veelal in eigen land. Het continent herbergt nu bijna de helft van alle binnenlandse ontheemden ter wereld, zo’n 32,5 miljoen. Dat aantal is in vijftien jaar verdrievoudigd. Ontheemding maakt burgers, vooral vrouwen en kinderen, kwetsbaarder voor de neveneffecten van oorlog. Naar schatting is in de Democratische Republiek Congo 80 procent van de vrouwen in kampen rond de stad Goma verkracht, velen zelfs meerdere keren. In Soedan, waar de eerste hongersnood sinds 2017 een feit is, zijn de mensen die het meest honger lijden van huis en haard verdreven. 

    De conflicten in Afrika hebben in het Westen niet geleid tot de golf van medeleven die er voor Oekraïne wel was, of tot brede verontwaardiging zoals over de oorlog in Gaza. Geen Live Aid-concerten dit keer, zoals bij de hongersnood in Ethiopië in de jaren tachtig, geen protestmarsen zoals tegen de genocide in Darfur begin deze eeuw en geen acties zoals #BringBackOurGirls na de ontvoering van 276 schoolmeisjes in Nigeria, tien jaar geleden. Dat gebrek aan publieke aandacht heeft zich vertaald in een gebrek aan politieke daadkracht om oorlogen in Afrika op te lossen of het lijden te verlichten. Het aandeel van Afrika in de officiële ontwikkelingshulp van rijke, voornamelijk westerse OESO-landen is op het laagste niveau sinds 2000, volgens een analyse van non-profitorganisatie One Campaign. 

    En hoewel de financiering voor humanitaire hulp, die slechts een klein deel van de totale ontwikkelingshulp uitmaakt, is toegenomen, heeft deze geen gelijke tred gehouden met de groeiende behoeften. De VN ontvingen slechts de helft van de 2,6 miljard dollar die ze in 2024 nodig zeiden te hebben voor humanitaire hulp in Congo. De noodhulp voor Soedan werd voor 64 procent gefinancierd, terwijl Nigeria slechts 57 procent van het streefbedrag ontving. 

    De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft Afrika sinds 2021 slechts vier keer bezocht

    Het betekende ook dat diplomatieke druk op de Verenigde Arabische Emiraten, die volgens The Wall Street Journal wapens en strijders leveren aan een van de generaals in Soedan, ondergeschikt werd gemaakt aan de wens van de VS om de steun van het land te behouden. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Antony Blinken heeft Afrika sinds 2021 slechts vier keer bezocht; daartegenover staan maar liefst 43 reizen naar Europa en 22 naar het Midden-Oosten.

    Bij afwezigheid van de VS en andere ­westerse regeringen hebben andere mogendheden hun inspanningen op­gevoerd, vaak ten koste van de lokale bevolking. Rusland stuurde huurlingen naar Mali en de Centraal-Afrikaanse Republiek, wat volgens mensenrechtenorganisaties heeft geleid tot meer geweld tegen burgers. Terwijl de VAE de Rapid Support Forces van Soedan steunen, wordt het Soedanese leger gesteund door Egypte, Iran en sinds kort ook Rusland. In Congo vecht het Rwandese leger aan de zijde van de opstandige March 23 Movement in een campagne die al meer dan 2 miljoen mensen op de vlucht heeft gejaagd. Onderzoek van de Universiteit van Uppsala laat een sterke toename zien van geïnternationaliseerde burgeroorlogen in Afrika; het wijst uit dat oorlogen met buitenlandse inmenging dodelijker zijn dan burgerconflicten zonder bemoeienis van buitenaf. 

    De VS blijven de belangrijkste geld­schieter voor humanitaire hulp in Afrika. Washington droeg 47 procent bij aan het VN-noodhulpplan voor Soedan in 2024 en bijna 70 procent aan dat voor Congo. Andere van oudsher grote donoren, ­waaronder Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, hebben hun hulpbudgetten al verlaagd vanwege de crisis in Oekraïne en de economische problemen in eigen land. En veel experts verwachten ­substantiële veranderingen in het buitenlandbeleid van de VS onder de komende regering-Trump, vooral ten opzichte van VN-organisaties. De VS en de VN ‘waren in staat één lijn aan te houden over wat echt onaanvaardbaar was’, zegt Raleigh van Acled. ‘Met de komst van Trump zal die lijn verdwijnen. Dat betekent dat de conflicten om eigenbelang die we zien, en de mensen die over het hele continent geweld plegen, niet meer beteugeld zullen worden.’ 

  • Het Westen, zoals we dat kennen, is voorbij

    Het Westen, zoals we dat kennen, is voorbij

    De overgang naar een wereldorde die niet door westerse krachten wordt beheerst, vraagt om nieuwe grenzen. ‘Ineens lijkt, door de ontregelende werking van alle oorlogen, het ondenkbare te gebeuren: de herdefiniëring van de inkaartbrenging.’

    De BRP Sierra Madre van de Filipijnse marine is een wrak uit de Tweede Wereldoorlog dat opzettelijk gestrand ligt op een rif in de Chinese Zuidzee; met een handvol mariniers aan boord en de nationale vlag in top bezorgt het Beijing hoofdpijn. De erbarmelijke staat van het schip contrasteert met het stoere van zijn missie. Met haar roestige platen en krakkemikkige dek doet de Sierra Madre denken aan het legendarische spookschip de Vliegende Hollander, maar dan in oorlogsgedaante. Het schip moet de hegemonie van de machtigste vloot ter wereld op de Spratly-eilanden beteugelen, een eilandengroep die in zijn geheel door China wordt geclaimd, ondanks protesten van Taiwan, Vietnam, Maleisië en de Filipijnen. De bemanning, blootgesteld aan tyfoons en een brandende zon, leeft onder benarde omstandigheden terwijl de bevoorrading door de Filipijnse marine keer op keer wordt verhinderd door het Chinese leger, dat afwacht tot het schip kraakt en de mannen van boord gaan.

    Begin maart waren vier boten van de Filipijnse kustwacht via internationale wateren onderweg naar de Sierra Madre, toen ze werden onderschept door een konvooi van de Chinese Maritieme Militie. Ze werden omringd en bestookt met waterkanonnen, waarbij vier mariniers gewond raakten. Een televisieploeg van CNN die aan boord was, registreerde en verspreidde de beelden van de confrontatie, een van de ernstigste tussen beide landen tot dan toe. 

    Kritieke tijd

    Het incident zou normaal gesproken een van de vele recente schermutselingen zijn geweest, ware het niet dat we in zo’n kritieke tijd leven: twee jaar oorlog in Oekraïne en het verwoestende antwoord van Israël op de aanval van Hamas van 7 oktober. Oorlogen die tot voor kort ondenkbaar waren en een extra dimensie krijgen vanwege het algehele, met de coronapandemie begonnen gevoel dat ‘alles mogelijk is’. Zelfs de schending van het heilige beginsel dat internationaal erkende, wettelijk vastgelegde grenzen onaantastbaar zijn. Ineens lijkt, door de ontregelende werking van alle oorlogen, het ondenkbare te gebeuren: de herdefiniëring van de inkaartbrenging. 

    Daarnaast is het een buitenkans voor degenen die het systeem van na de Koude Oorlog beschouwen als een baatzuchtig bedenksel van de liberale democratieën waar eindelijk barsten in komen, net als in de hegemonie van de VS en hun Europese bondgenoten, wier rol steeds geringer wordt – een onmiskenbaar teken van de niet te stuiten overgang naar een wereldorde die door niet-westerse krachten wordt beheerst. Bij wie deze visie zijn toegedaan leeft de overtuiging dat met het einde van de Noord-Amerikaanse unipolariteit de gelegenheid komt om de status quo te herzien. Het zou het steeds openlijker gezicht van de multipolariteit blootleggen; het zou de hoop betekenen een paar knellende, beperkende naden los te tornen. Ondertussen biedt de oorlog in Oekraïne Rusland de kans bevriende landen aan te steken met een revisionisme dat een ongekende historische fase zou inluiden, als bijdrage aan de vorming van een nieuwe internationale orde. 

    Het Midden-Oosten belandt in een vacuüm

    De regio, die een van de ergste crises in zijn geschiedenis doormaakt, is niet unipolair of multi­polair, maar ‘apolair’, aldus het Amerikaanse magazine Foreign Affairs.

    ‘Vergeet al die verhalen over uni- of multipolariteit, het Midden-Oosten is non-polair. De Verenigde Staten zijn een ongeïnteresseerde en inefficiënte grootmacht, en hun rivalen zijn dat zo mogelijk nog meer,’ schrijft Foreign Affairs in een lange analyse. Tot 7 oktober vorig jaar beschouwde het Midden-Oosten zichzelf als multipolair. De VS, die druk waren met Oekraïne en met hun rivaliteit met China, leken hun interesse te verliezen. Washington vestigde zijn hoop op een nieuwe veiligheidsconstructie op basis van een verbond tussen Israël en de Arabische staten in de regio. Maar toen brak ‘de ergste crisis uit die die de regio in tientallen jaren heeft meegemaakt’. En nu houdt de ‘mythe’ van een multipolair Midden-Oosten niet langer stand. Want terwijl de Amerikaanse invloed ontegenzeggelijk afneemt, zijn China en Rusland er nog geen machthebbers van betekenis. Beijing en Moskou waren er weliswaar als de kippen bij om de oorlog tussen Israël en Hamas toe te schrijven aan ‘de westerse hypocrisie’, maar China noch Rusland werd vervolgens gevraagd om ‘diplomatieke actie te ondernemen om de veiligheid in de regio te versterken’. Uiteindelijk is de Russische interventie in Syrië voor Moskou het hoogtepunt geweest van zijn invloed in de regio. En wat China betreft was het ‘enige noemenswaardige diplomatieke succes’ de toenadering tussen Iran en Saoedi-Arabië onder Chinese leiding in 2023. Het machtsvacuüm is voelbaar, want de Golfstaten noch Israël noch Iran kunnen aanspraak maken op de alleenheerschappij, aldus het magazine. En van dit strategisch vacuüm was ‘al voor 7 oktober sprake. De oorlog heeft die landen enkel een illusie armer gemaakt.’

    Dit idee wordt verwoord door onderzoeker Vjatsjeslav Sjoeper van de Russische denktank Valdai: ‘Wij (…) vechten met vreemde geografische kaarten; wij hanteren het wereldbeeld dat door de westerse landen in hun eigen belang is geschapen. Alleen door een diepgaande herziening zullen we met succes de confrontatie met het Westen kunnen aangaan en de sympathie kunnen winnen van niet-westerse landen die dringend behoefte hebben aan een alternatief wereldbeeld, maar niet beschikken over de nodige intellectuele middelen om het tot stand te brengen.’

    In deze onomwonden intentieverklaring wordt de nederlaag van Oekraïne gezien als een overwinning die verder gaat dan alleen territoriale genoegdoening voor een nationale grief. Hier krijgt de overwinning het karakter van een historisch feit dat nodig is voor de stap naar een nieuw tijdperk, een beuk tegen de sluitsteen die de internationale structuur overeind houdt. Een dreun die Rusland trouwens al uitdeelde toen het met de inval in Oekraïne op flagrante wijze de beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties schond, als permanent lid van de Veiligheidsraad nog wel.

    En terwijl de aandacht van de wereld is gericht op Oekraïne en Gaza, wijzen ook conflicten op andere plaatsen erop dat we mogelijk een tijdperk van geopolitiek revisionisme aan het betreden zijn. Afgelopen jaar maakte Azerbeidzjan in het zuiden van de Kaukasus met politieke en economische hulp van Turkije via een gewapend conflict een einde aan de Armeense enclave Nagorno-Karabach. Daaruit bleek, volgens Mira Milosevich-­Juaristi van het Elcano Royal Institute [een Spaanse denktank], duidelijk het fiasco van de internationale rol van de EU, de tanende invloed van Rusland in post-Sovjet-gebied en de bloei van nieuwe imperialistische ambities in Turkije, een sleutelspeler waarvan de invloed zich uitstrekt tot de Zwarte Zee en het Midden-Oosten. 

    In Oost-Azië bewegen twee belangrijke bondgenoten van Poetin in dezelfde richting

    In Oost-Azië bewegen twee belangrijke bondgenoten van Poetin in dezelfde richting. In Noord-Korea wees Kim Jong-un een vreedzame hereniging van het Koreaans Schiereiland af. In januari schoot Pyongyang tweehonderd artilleriegranaten af naar Zuid-Korea en noemde het de banden met Seoel ‘een relatie tussen vijandige landen (…), twee strijdende partijen, volop in oorlog’. En China is bezig te land, ter zee en in de lucht een politiek van voldongen feiten te voeren. Een work in progress dat neerkomt op de annexatie van grondgebied, internationale wateren en luchtruim, wat het land in conflict brengt met minder machtige landen, maar ook met een grootmacht als India. In de praktijk komt het beleid erop neer dat China eenzijdig en onverwachts de territoriale en maritieme afbakeningen in kaart brengt, met inlijving van wat het eigenmachtig aanmerkt als soevereine ruimte, waarna het overgaat tot dwangmaatregelen. Bij het laatste voorval met de Filipijnen in de op zich al verhitte Chinese Zuidzee komt het recente protest van Vietnam vanwege de nieuwe demarcatie vanuit Beijing in de Golf van Tonkin, die de exclusieve economische zone van Vietnam aantast. 

    Er zijn meer potentiële scenario’s, zoals de structureel ontregelde Sahel, waar Rusland probeert zijn ‘multipolaire’ wereldvisie in de praktijk te brengen. In Ethiopië aast premier Abiy Ahmed op een vurig gewenste zee­haven door een akkoord te sluiten met Somaliland, dat zich twintig jaar geleden van Somalië afscheidde, in ruil voor een beetje diplomatieke erkenning die het internationaal ontbeert. Soedan zakt weg in oorlogschaos en hongersnood, met een humanitaire crisis en vluchtelingenstroom tot gevolg die de al zo instabiele regio verder zal destabiliseren.

    Irredentisme

    Het verhitte Midden-Oosten zou ook kunnen profiteren: Iran, de Houthi’s of Netanyahu en zijn extreemrechtse aanhangers met hun versie van een Groot-Israël. En vergeet niet de gevallen van irredentisme [het streven naar hereniging] die zich op Europees grondgebied voordoen. Onlangs nog woonde Victor Orbán een voetbalwedstrijd bij met een sjaal waarop de historische kaart van Hongarije was afgebeeld, die van voor de Eerste Wereldoorlog dus, inclusief delen van Oostenrijk, Kroatië, Roemenië, Servië, Slowakije en Oekraïne. Of neem Maduro in Venezuela, die onlangs een referendum heeft gehouden over de inlijving van Essequibo, een deel van Guyana dat rijk is aan natuurlijke bronnen.

    De Russische invasie in Oekraïne heeft een precedent geschapen voor de vraag hoe geldig de internationale grenzen zijn. Daardoor is de hoop bij het irredentistisch nationalisme aangewakkerd. Het vindt voedsel voor zijn aspiraties in de post-Amerikaanse wereld en acht de tijd rijp om alle al tientallen jaren slepende conflicten voorgoed op te lossen en de wereldkaart opnieuw te tekenen. Feiten die Europa in een bij uitstek lastige situatie plaatsen, die alleen maar zal verergeren als Donald Trump de komende verkiezingen in de Verenigde Staten wint. Het is zaak voor ogen te houden dat de expansiegolf van de oorlog in Oekraïne ver reikt en dat Europese steun bepalend is voor het scenario dat we na afloop zullen aantreffen.