Tag: pandemie

  • WHO-lidstaten bereiken akkoord over voorzorg tegen toekomstige pandemieën

    WHO-lidstaten bereiken akkoord over voorzorg tegen toekomstige pandemieën

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Servische studenten houden fietstocht om corruptie in Servië aan te kaarten

    » Rusland veroordeelt vier journalisten die banden zouden hebben met Navalny

    ‘Een belangrijke mijlpaal,’ aldus de WHO-directeur-generaal

    Na meer dan drie jaar onderhandelen hebben de lidstaten van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) woensdag met consensus een ‘historische’, wettelijk bindende wettekst goedgekeurd die voorziet in een versterking van de bescherming tegen nieuwe ziekteverwekkers, aldus Al-Jazeera. ‘Deze avond markeert een belangrijke mijlpaal in onze gezamenlijke reis naar een veiligere wereld,’ zei Tedros Adhanom Ghebreyesus, de directeur-generaal van de WHO.

    Aanbiedingen 360 artikel
    360 aanbieding: 3 maanden digitaal voor maar 15 euro.

    De onderhandelingen boekten dinsdag echter minder vooruitgang dan verwacht, na een onderbreking van drie dagen. Het belangrijkste struikelblok was de overdracht aan ontwikkelingslanden van technologie waarmee gezondheidsproducten kunnen worden geproduceerd die pandemieën kunnen tegengaan, zoals vaccins. Het was vooral deze kwestie die de ergernis van de armste landen opwekte tijdens de covid-19-pandemie, toen ze zagen dat rijke landen doses vaccins oppotten zonder dat ze zelf daartoe in staat waren bij gebrek aan de daarvoor vereiste technologie.

    Washington ‘nam geen deel aan de meest recente onderhandelingsronden’, aangezien Donald Trump in februari een decreet uitvaardigde om het Amerikaanse lidmaatschap van de WHO op te zeggen, zoals Al-Jazeera opmerkt.

  • Waarom werken we eigenlijk? ‘Het leven draait om meer dan succes en productie’

    Waarom werken we eigenlijk? ‘Het leven draait om meer dan succes en productie’

    Sinds werknemers tijdens de pandemie de lusten (en lasten) van het thuiswerken hebben leren kennen, willen miljoenen mensen niet meer terugkeren naar hun kantoorbaan. Er staat een revolutie op de arbeidsmarkt voor de deur.

    De coronapandemie mag dan officieel voorbij zijn, maar als een reeks wissels op het spoor heeft ze tal van levens totaal verschillende richtingen op gestuurd. Miljoenen mensen keren niet meer terug naar hun arbeidsroutine van vóór de pandemie. Dit dwingt zowel werkgevers als werknemers om nieuwe modellen te bedenken die aan hun veranderende behoeften voldoen. Uit al die probeersels met hybride modellen rijst een cruciale vraag op: hoeveel werk volstaat?

    Solliciteren

    Thomas Edison zou in de jaren 1920 sollicitanten een kom soep voor hun neus gezet hebben met zout en peper ernaast. Als ze de soep op smaak brachten voordat ze een hap namen, werden ze afgewezen: hij wilde niet dat mensen die hij in dienst nam zich door aannames lieten leiden.

    De soeptest wordt niet meer gebruikt, maar generaties werkzoekenden bereiden zich nog altijd voor op de klassieke verwachtingen waaraan zij denken te moeten voldoen. Je moet je opdoffen. Je moet doen alsof projectmanagement, of data-entry, of telemarketing je enige echte passie is. Je moet een antwoord hebben op stompzinnige vragen als: beschrijf jezelf in één zin. Of noem je grootste zwakte. Uit een onderzoek uit 2017 bleek dat 73 procent van de sollicitanten zegt dat het zoeken naar een baan een van de stressvolste ervaringen in hun leven is. Het is daarom steeds gebruikelijker dat sollicitanten vooraf een lijst met interviewvragen krijgen, zodat kandidaten doordachte antwoorden kunnen geven. ‘Een sollicitatiegesprek moet niet onnodig eng of moeilijk zijn en het moet niemand opzettelijk laten struikelen,’ zeggen hr-managers.

    The Wall Street Journal meldt dat meer docenten studenten helpen met ­elementaire basisvaardigheden, zoals sollicitatiebrieven schrijven en mensen bij hun naam noemen als ze met hen praten. Ze hopen dat deze cursussen de generatiekloof zullen helpen overbruggen en de scholieren zullen helpen bij het voeren van een geslaagd sollicitatiegesprek.

    De postpandemische veranderingen en experimenten kunnen in ieder geval in ontwikkelde landen leiden tot een revolutie op de arbeidsmarkt die niet meer is vertoond sinds de industriële revolutie, toen de overgang van landbouw naar fabriekswerk diepgaande veranderingen in werkomgeving, arbeidstijden en loon tot gevolg had. De huidige veranderingen kun je op twee niveaus bekijken. Op macroniveau ontstaat er geleidelijk een nieuwe balans tussen werk en privé. Met de nadruk op ‘geleidelijk’, zoals het ook een halve eeuw aan arbeidsconflicten, vakbondsacties en bedrijfsexperimenten duurde voordat de werkdag in de Verenigde Staten terugging van veertien naar acht uur en de werkweek van zeven naar vijf dagen.

    In 1914 verbaasde de Ford Motor Company concurrenten door de werkdag te beperken tot acht uur en werknemers een minimumloon van 5 dollar per dag uit te betalen. Het Congres maakte deze innovatie in 1938 tot wet, de Fair Labor Standards Act, en zo ontstond wat cultuurhistoricus Fred Turner het ‘sociaal pact uit het industriële tijdperk’ noemt. Evenzo leidden recente experimenten met een 32-urige werkweek tot gunstige effecten: minder vermoeidheid, een betere geestelijke gezondheid en een tevredener levensgevoel. Sterker, wie zijn week eenmaal zo heeft ingedeeld, wil meestal niet meer terug.

    Nieuwe arbeidsroutine

    Op microniveau hebben miljoenen mensen de coronajaren benut om tijd en geld opnieuw tegen elkaar af te wegen. Tijdens de lockdowns moesten veel werknemers zich een nieuwe arbeidsroutine aanwennen; daarbij genoten ze van de mogelijkheid om te pauzeren, meer tijd met hun dierbaren door te brengen en te sporten zonder de stress van het woon-werkverkeer of van de kantooromgeving. Deze ervaringen droegen later bij aan de zogeheten Great Resignation [grote ontslaggolf] in de VS en een toenemende populariteit van ‘quiet quitting’ [het afzweren van overwerk en andere overbodige inzet voor je werkgever]. 

    Dus toen bedrijven hun werknemers begonnen te verzoeken om terug te keren naar de status quo van vóór de pandemie, leidde de vraag ‘Hoeveel werk volstaat?’ al snel tot een andere: ‘Volstaat waarvoor?’ Om de kost te verdienen? Om aan de productiviteitsverwachtingen van werkgevers te voldoen? Om te voorzien in ons streven naar geluk, of misschien om met pensioen te kunnen gaan? De antwoorden variëren al naargelang wie de vraag stelt en wie erop ingaat. Voor miljoenen werknemers met een laag inkomen is het antwoord eenvoudig: ‘volstaan’ betekent het verdienen van een loon waarmee ze zichzelf en hun gezin kunnen onderhouden.

    Op microniveau hebben miljoenen mensen de coronajaren benut om tijd en geld opnieuw tegen elkaar af te wegen

    Onder degenen die het zich kunnen veroorloven om tijd en geld tegen elkaar af te wegen, komen twee groepen werknemers naar voren in de brede discussie over wat een adequate hoeveelheid werk precies inhoudt. De eerste groep bestaat uit zorgverleners, een sector die nog steeds gedomineerd wordt door vrouwen, maar geleidelijk meer mannen aantrekt. In de arbeidseconomie verwijst ‘werk’ traditioneel naar betaalde arbeid waarbij goederen en diensten worden geproduceerd in ruil voor een geldelijke vergoeding. Maar sinds de integratie van vrouwen in de beroepsbevolking (inclusief die van arbeidseconomen) heeft het onderzoeksveld zich uitgebreid naar onbetaald werk. Dit omvat een gezin stichten, een thuis scheppen en in de behoeften voorzien van degenen die niet voor zichzelf kunnen zorgen. Dit zorgwerk is, zoals de Amerikaanse activist Ai-jen Poo zegt, ‘het werk dat al het andere werk mogelijk maakt’. Voor velen heeft deze vorm van arbeid evenveel betekenis als hun formele baan, of zelfs meer.

    Als we met de vraag ‘hoeveel werk volstaat?’ ook onbetaald werk bedoelen, wordt duidelijk dat miljoenen mensen met zorgtaken en betaalde banen vaak veel langer moeten werken dan de traditionele achturige werkdag. Het is dan niet verwonderlijk dat velen, als ze de kans krijgen, ervoor kiezen het aantal betaalde werkuren te verminderen om voor anderen te kunnen zorgen. Gezien het sociale belang van zorgwerk moet deze onmisbare maar onbetaalde vorm van arbeid terug te vinden zijn in economische statistieken en door overheden worden erkend in hun uitkeringsbeleid.

    Vrije tijd als gegeven

    Amerikanen geloven over het algemeen heilig in een volledige werkweek. Werk is alles voor ons, schrijft geschiedenisprofessor James Livingstone in No More Work: Why Full Employment Is a Bad Idea.

    Een baan geeft zin, doel en structuur aan ons dagelijks leven; door je werk kom je je bed uit, kun je je rekeningen betalen en ontwikkel je een gevoel van verantwoordelijkheid, aldus Aeon. Maar zoals antropoloog David Graeber in zijn boek Bullshit Jobs: A Theory stelt, zijn er miljoenen zinloze banen waar geen haan naar zal kraaien als die opeens verdwijnen. Sinds de pandemie weten we ook welke banen wel en welke banen niet als essentieel worden gekenmerkt en dat je de typische van 9 tot 5-baan ook heel anders kunt invullen.

    Ook Livingstone vindt bovenstaande beweringen niet langer plausibel, want er is niet genoeg ‘zinvol’ werk voor iedereen en bovendien betaalt het in de meeste gevallen nauwelijks de rekeningen. De krapte op de arbeidsmarkt voor essentiële banen is weer een ander probleem, dat zou kunnen worden opgelost door omscholing, maar daar blijkt weinig animo voor.
    Net zoals in veel Europese landen ligt het werkloosheidscijfer in de VS al onder de 6 procent, wat dicht in de buurt komt van wat economen ‘volledige werkgelegenheid’ noemen, maar de inkomensongelijkheid is niet veranderd. De zogeheten bullshit jobs lossen de sociale problemen niet op. Bovendien voorspellen economen dat bijna de helft van de bestaande banen binnen twintig jaar zal verdwijnen door automatisering. Daarom, stelt Livingstone, zullen we ons een wereld moeten voorstellen waarin werk niet langer zaligmakend is noch ons inkomen bepaalt of ons dagelijks leven domineert.

    Wat zouden we doen als we niet meer hoefden te werken om in ons levensonderhoud te voorzien? vraagt hij zich af. Als we meer vrije tijd zouden hebben? Die door een falende arbeidsmarkt afgedwongen ethische en morele omslag houdt in dat er een heel nieuw referentiekader bedacht moet worden voor de betekenis van werk, aldus Livingstone. Over de gevolgen voor de economie moeten economen zich op hun beurt buigen.

    Tegencultuur

    Een andere belangrijke groep werknemers die zich afvraagt ‘hoeveel werk volstaat’, bestaat uit jonge mensen, met name jongere millennials en leden van generatie Z, van wie velen tijdens de pandemie hun eerste stappen op de arbeidsmarkt zetten. Net zoals veel jonge mensen in de jaren zestig de tegencultuur omarmden – ‘turn on, tune in, drop out’ – en het conformisme van hun ouders verwierpen, zetten veel gen Z’ers nu vraagtekens bij een op productiviteit, ambitie en succes gerichte cultuur, die ze geneigd zijn te verwerpen als het zoveelste giftige product uit Silicon Valley.

    Gen Z’ers zijn opgegroeid in twee tumultueuze decennia, getekend door de terroristische aanslagen van 11 september, de introductie van de smartphone en sociale media, de financiële crisis van 2008 en de pandemie. Tegenwoordig worden ze geconfronteerd met neerwaartse sociale mobiliteit, tegen de achtergrond van een toenemende politieke polarisatie die de democratie onder druk zet, en een dreigende klimaatramp. Dit alles in aanmerking genomen is het niet vreemd dat ze kritisch staan tegenover de levenswijze van hun ouders en zich richten op het behoud van hun eigen geestelijke en lichamelijke gezondheid.

    Veel gen Z’ers zetten nu vraagtekens bij een op productiviteit, ambitie en succes gerichte cultuur

    Gen Z-iconen zoals turnster Simone Biles en tennisster Naomi Osaka, die zich terugtrokken uit grote sportevenementen om hun geestelijke gezondheid te beschermen, toonden de drive, het lef en het uithoudingsvermogen die nodig zijn om uit te blinken op het hoogste niveau. Maar door het idee te verwerpen dat hun waarde – zeker als prominente vrouwen van kleur – afhangt van de verwachtingen van anderen, lieten ze perfect zien dat persoonlijk welzijn niet mag worden opgeofferd aan goedkeuring van buitenaf. Hun besluit dat het leven om meer moet draait dan om productie en succes alleen is een daad van verzet tegen het kapitalisme zelf.

    Sinds de opkomst van ChatGPT en zijn concurrenten draait de discussie over de toekomst van werk om de mate waarin menselijke arbeid noodzakelijk blijft. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat kunstmatige intelligentie de arbeidsmarkt stevig zal ontwrichten, doordat traditioneel werk en arbeidsomgevingen uit het industriële tijdperk overbodig zullen worden. Maar ongeacht wat ons te wachten staat, kunnen we de vraag waar en hoelang we werken niet beantwoorden zonder eerst de meest fundamentele vraag te beantwoorden: waarom we werken.

    Het is geen kwestie van ‘niet willen’

    Er wordt vaak gezegd dat jonge mensen ‘niet willen werken’, maar klopt dat wel? Dat vroeg de Mexicaanse arbeidsmarktonderzoeker Nataly Hernández zich af in zakenkrant El Economista. Ook Mexicaanse bedrijven kunnen moeilijk personeel vinden, ondanks het feit dat er 2 miljoen werkzoekenden zijn en 6 miljoen mensen in de beroepsgeschikte leeftijd zich momenteel niet op de arbeidsmarkt begeven.

    ‘Het is opvallend dat dit gebeurt in ons land, waar zo veel mensen willen werken, onder wie veel jonge mensen die met hun vaardigheden kunnen bijdragen aan de economie,’ aldus Hernández. Volgens haar zijn de beschikbare banen in Mexico slecht te combineren met een gezinsleven, door een gebrek aan flexibele werktijden en goede kinderopvang, waardoor vooral jonge vrouwen worden uitgesloten.

  • Een nieuwe pandemie lijkt onafwendbaar – maar is te voorkomen

    Een nieuwe pandemie lijkt onafwendbaar – maar is te voorkomen

    We staan niet machteloos tegenover een nieuwe pandemie, maar dan moeten we wel snel in actie komen, aldus klimaatjournalist John Vidal. ‘De enige manier om de gezondheid van mens en planeet langdurig op peil te houden is de verstoring van de natuur tot een minimum terugbrengen.’

    Keuze uit het archief

    Een nieuwe ziekte houdt de wereld in de ban: het hantavirus. De uitbraak begon aan boord van het cruiseschip Hondius, waar meerdere passagiers aan het virus bezweken. In Nijmegen moesten twaalf personeelsleden van het Radboud UMC in quarantaine na in contact te zijn geweest met een patiënt met hantavirus.
    Voor de deskundigen komt de mogelijk nieuwe pandemie niet uit de lucht vallen. Klimaatjournalist John Vidal schreef drie jaar geleden in The Guardian al over het hantavirus. In zijn artikel pleit hij ervoor niet zozeer de symptomen als wel de onderliggende oorzaken van een eventuele pandemie aan te pakken: het landbouwbeleid, klimaatopwarming en de veranderde relatie tussen mens en dier.

    Toen hij op internet voor acht dollar die leuke brandmuis kocht voor zijn dochters zesde verjaardag, wist de zakenman uit São Paulo niet beter of het beestje was gegarandeerd vrij van ziektes en afkomstig van een erkend fokker. In werkelijkheid was het gevangen op de uitgestrekte suikerrietvelden die in Brazilië zijn aangeplant voor de productie van de biobrandstoffen waarmee het gebruik van fossiele brandstoffen moet worden teruggedrongen. Die akkers waren na de zoveelste hittegolf weer eens overspoeld met muizen.

    De muis had wel een keer in de vinger van zijn dochtertje gehapt, maar daar maakte niemand een drama van, en zes dagen later vertrok vader op reis naar Europa. Tegen de tijd dat hij in Amsterdam aankwam, was zijn dochtertje al met hoge koorts, spierpijn en ademhalingsproblemen in het ziekenhuis opgenomen en voelde hij zich ook niet zo lekker. Dat was het begin van een van de ergste pandemieën in de geschiedenis, die meer slachtoffers eiste dan corona, sars en de Spaanse griep bij elkaar.

    Binnen een week waren er al driehonderd mensen besmet en na een maand lagen wereldwijd driehonderdduizend mensen naar adem te happen. Na acht maanden waren er naar schatting al twintig miljoen mensen overleden en een miljard mensen besmet. Dit was corona op anabolen. Aan corona overleed 1 procent van de mensen die besmet waren, maar dit nieuwe hantavirus muteerde net zo snel als de omikronvariant en kostte een op de drie van de besmette personen het leven. Dit was ‘ziekte X’, de in 2018 door deskundigen van de Wereldgezondheidsorganisatie bedachte naam voor een onbekende en extreem schadelijke ziekte waar nog geen medicijn of vaccin tegen bestaat en die honderden miljoenen levens zou kunnen eisen.

    Niet machteloos

    Tot zover is dit fictie. Ziekte X is nog een hypothetische ziekte. Maar men is het er in de wetenschap wel over eens dat er iets dergelijks aan zit te komen. Dat hoeft geen hantavirus te zijn. Het kan ook een griepvirus zijn, een coronavirus zoals covid-19, of de terugkeer in krachtiger gedaante van een oude moordenaar zoals tyfus, tuberculose of de pest. Zo’n virus kan op de mens overspringen via een hamster, een vleermuis, een kip of een teek. Het kan gebeuren in een pelsdierfokkerij in Noorwegen of bij een varkenshouder in Mexico. Het kan ontstaan in een door mensen verstoord bos, in een Amerikaans wapenlaboratorium of op een Britse boerenmarkt. Het kan nog decennia duren voordat het gebeurt, maar met de klimaatverandering, de nieuwe ecologische wereldsituatie, de hypermobiliteit van de mens en de steeds grotere bevolkingsconcentraties van zowel mensen als dieren is een volgende grote pandemie onvermijdelijk.

    Pandemieën kosten veel meer levens en geld dan oorlogen

    Pandemieën kosten veel meer levens en geld dan oorlogen, en toch maakt geen enkele nationale overheid of internationale instantie momenteel plannen om iets te doen aan de onderliggende oorzaken van corona of van het feit dat de uitbraken van grote nieuwe infectieziekten als aids, ebola, het Marburg-virus, de vogelgriep, sars, mers, mpox en het Nipah-virus allemaal in de afgelopen vijftig jaar plaatsvonden. Overheden en bedrijven geven meer prioriteit aan een betere bestrijding van de symptomen met vaccins en technologie dan aan het aanpakken van de oorzaken van de ziektes.

    Toch staan we niet machteloos. We weten dat de volgende grote pandemie hoogstwaarschijnlijk een zoönose zal betreffen (een ziekte die is overgesprongen van dier op mens) en verband zal houden met de staat van het milieu en de wijze waarop de mens overal ter wereld zijn leefomgeving manipuleert, verandert en beschadigt. Intensieve ontbossing, het droogleggen van waterrijke gebieden, bodemuitputting, de instorting van de biodiversiteit en de groei van uitgestrekte, verarmde steden creëren samen de ideale omstandigheden voor virussen om sneller te ontstaan en te evolueren en gemakkelijker van de ene soort naar de andere over te springen.

    Zes lessen

    Corona heeft ons geleerd dat het niet mogelijk is de evolutie van ziektes tegen te houden of ons er volledig voor af te sluiten. Maar er zijn minstens zes dingen die we wel kunnen doen om de kans op een pandemie te verkleinen en de ernst van een eventuele uitbraak te verminderen.

    Ga anders denken over de relatie tussen mens en dier. Sinds 1970 hebben bij welhaast elke grote uitbraak van een ziekte dieren een grote rol gespeeld. In die betrekkelijk korte tijd zijn er zo’n vijfhonderd nieuwe zoönosen ontstaan, waaronder mers, de vogelgriep, ebola, het marburgvirus, lassakoorts, het Nipah-virus, het zikavirus, corona en aids. Nooit eerder hebben zoveel mensen zo dicht op de ziekteverwekkers van andere diersoorten geleefd.

    Hervorm de landbouw. Nooit eerder hebben we zoveel dieren in de intensieve veehouderij gehouden: jaarlijks worden er meer dan zeventig miljard geslacht. De wereldwijde voedselproductie is momenteel afhankelijk van enorme hoeveelheden genetisch identieke kippen, runderen en varkens die in enorm intensieve, overbevolkte, krappe en volstrekt onnatuurlijke omstandigheden worden gehouden. Het groeiende gevaar is dat intensieve veehouderijen een ziektefabriek worden, waar infectieziekten zoals griepvirussen ontstaan en krachtiger worden, totdat extreem schadelijke varianten zich onder de dieren verspreiden en zelfs op de mens overspringen.

    We moeten de verstoring van de natuur minimaliseren en zorgen dat we minder in contact komen met de ziektes van andere soorten

    Herstel ecosystemen. In de afgelopen dertig jaar zijn bossen, watergebieden en bodemstructuren onder druk van de voedselproductie wereldwijd sneller veranderd dan ooit tevoren, zijn er grotere hoeveelheden fossiele brandstoffen en andere delfstoffen aan de aarde onttrokken dan ooit tevoren en is de wereldwijde handel en het verkeer van mensen sterker toegenomen dan ooit tevoren. Door houtkap, verstedelijking en bevolkingsgroei zijn ecosystemen verbrokkeld en is een ideale situatie geschapen voor het ontstaan en de verspreiding van nieuwe ziektes. We moeten de verstoring van de natuur minimaliseren en zorgen dat we minder in contact komen met de ziektes van andere soorten.

    Beperk de uitstoot van broeikasgassen. De opwarming van de aarde verhoogt de kans op nieuwe ziektes en heeft invloed op waar die ontstaan en zich verspreiden. Als temperaturen stijgen, de regenval toeneemt of droogte en hittegolven langer duren, veranderen de levensomstandigheden. De insecten, vleermuizen, teken en andere dieren die dragers zijn van ziektes als malaria, riftdalkoorts, cholera en dengue zullen zich daardoor wijder verspreiden. De klimaatverandering drijft dieren nu al naar nieuwe gebieden doordat hun natuurlijke habitat wordt vernietigd. Zo belanden ze in nieuwe omstandigheden, waarin soorten die nooit eerder met elkaar in contact kwamen naast elkaar leven en ziektekiemen uitwisselen. Als de opwarming geen halt wordt toegeroepen, zal niet alleen de mens daaronder lijden, maar zullen er tal van nieuwe ziektes opduiken, op onverwachte plaatsen.

    Leg laboratoriumproeven aan banden. Over de oorzaak van covid-19 lopen de meningen uiteen, maar het risico op een pandemie die in een laboratorium ontstaat is reëel en groeit ieder jaar. Wereldwijd wordt in duizenden laboratoria van bedrijven, universiteiten en overheidsinstanties nu medisch en militair onderzoek uitgevoerd met de gevaarlijkste bacteriën en virussen ter wereld. De zoektocht naar nieuwe vaccins en manieren om gevaarlijke ziekteverwekkers te beteugelen is een miljardenindustrie. Het risico op een pandemie die voortkomt uit controversieel ‘gain-of-function’ onderzoek (waarbij een virus voor militaire of medische doeleinden doelbewust gevaarlijker wordt gemaakt) is hoog.

    Als we ons beperken tot het met vaccins en technologie bestrijden van eenmaal uitgebroken epidemieën, laten we de kans lopen om te voorkomen dat ze zich überhaupt voordoen

    Hou meer controle op mogelijke ziekte-uitbraken. Van nieuwe uitbraken en mutaties van infectieziekten komen we niet meer af. Maar wie erdoor getroffen wordt en waar het plaatsvindt, daar hebben wij nu wel zelf invloed op. Zeker in grote steden is een goede gezondheidszorg de beste manier om nieuwe uitbraken van een ziekte vroeg te signaleren, te achterhalen welke stammen zich verspreiden, daarop te testen en de verspreiding een halt toe te roepen. Maar daarvoor moeten alle landen echt werk maken van het uitroeien van de armoede in de wereld. Dat is voor het rijke noorden misschien wel de beste garantie tegen toekomstige pandemieën.

    Het is nu net zo onmogelijk om het risico op infectieziekten volledig uit te bannen als twintig jaar geleden. Maar als we ons beperken tot het met vaccins en technologie bestrijden van eenmaal uitgebroken epidemieën, laten we de kans lopen om te voorkomen dat ze zich überhaupt voordoen. De enige manier om de gezondheid van mens en planeet langdurig op peil te houden is de verstoring van de natuur tot een minimum terugbrengen en te zorgen dat wij zo weinig mogelijk in contact komen met de ziekteverwekkers van andere soorten.

    Lees ook:

  • FBI: oorsprong coronavirus ligt in Chinees laboratorium

    FBI: oorsprong coronavirus ligt in Chinees laboratorium

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Groot deel van Argentinië getroffen door stroomuitval

    » Bola Tinubu wint presidentsverkiezingen in Nigeria

    Volgens de FBI is het virus ontsnapt uit een lab in China

    Het coronavirus is waarschijnlijk ontstaan in China en is de wereld in gekomen nadat het ontsnapte uit een laboratorium dat mogelijk in de stad Wuhan stond. Dat heeft de baas van de FBI, Christopher Wray, dinsdag gezegd in een interview met Fox News. Bewijs voor zijn bevinding gaf hij niet. Wel zei Wray dat China weigert mee te werken aan een onderzoek naar de herkomst van het dodelijke virus.

    De oorsprong van het coronavirus is sinds het begin van de pandemie voer voor discussie. In de eerste maanden werd de algemene theorie geaccepteerd dat het virus was ontstaan op een markt in Wuhan, waar onder meer levende vleermuizen werden verkocht. Enkele westerse regeringen wezen later op de mogelijkheid dat het virus uit een Chinees laboratorium komt. China heeft deze stelling altijd afgedaan als laster en zegt sinds kort dat het virus mogelijk uit een militair laboratorium in de VS komt.

    Binnen de Amerikaanse regering is er nog geen eensluidende conclusie over de herkomst van het coronavirus. Zo zou een groot deel van de inlichtingendiensten nog uitgaan van de these dat het virus door een wild dier is overgedragen op de mens. In het interview met Fox News weigerde Wray bewijs te tonen omdat enkele bewijsstukken staatsgeheim zouden zijn.

    Lees ook:

  • ‘Tragische strijd’: In de frontlinie van China’s coronacrisis

    ‘Tragische strijd’: In de frontlinie van China’s coronacrisis

    Er is een tekort aan medisch personeel en onder hen zijn velen ziek aan het werk – ondertussen bezwijkt de nationale gezondheidszorg onder de druk van een toenemende crisis.

    Onderuitgezakt in een rolstoel of liggend op een brancard verdringen de zieke patiënten zich op de spoedeisende hulp van een ziekenhuis in het noorden van China. Samengeperst in de smalle ruimten tussen liftdeuren. Rondom een in onbruik geraakt detectiepoortje. Tegen de muren van een gang die galmt van het gehoest. Kortom, ze bevinden zich in alle hoeken en gaten.

    De Chinese ziekenhuizen waren in betere tijden ook al overvol, vanwege gebrekkige financiering en een tekort aan personeel. Maar nu corona zich voor het eerst vrij rondwaart in China, wordt het medische systeem tot het uiterste op de proef gesteld.

    De taferelen van wanhoop en ellende in het Tianjin Medical University General Hospital, vastgelegd op een van de video’s die The New York Times in handen kreeg, weerspiegelen de groeiende crisis. Terwijl de besmetting toeneemt, vechten gezondheidswerkers in de frontlinie ook tegen de welig tierende infecties binnen de eigen gelederen. In sommige ziekenhuizen zijn zoveel medewerkers positief getest op het virus, dat de overgeblevenen het werk van vijf collega’s of meer moeten doen.

    Om ervoor te zorgen dat er voldoende personeel aanwezig is, eisen sommige instellingen niet meer dat artsen en verpleegkundigen zich testen voordat ze aan het werk gaan. Een arts in de centraal gelegen stad Wuhan zegt dat het personeel in haar ziekenhuis zo is uitgedund dat een neurochirurg van haar afdeling onlangs twee operaties op één dag moest uitvoeren, vechtend tegen besmettingssymptomen.

    ‘Het ziekenhuis functioneert op het randje,’ zegt Judy Pu, de arts wier afdeling normaal tien tot vijftien verpleegsters telt en nu nog maar een. ‘Ongeveer 80 tot 90 procent van de mensen om mij heen is besmet.’

    Tragische strijd

    China ervoer als eerste de paniek over corona toen het virus in 2019 opdook in Wuhan. Vervolgens heeft het land het virus de afgelopen drie jaar grotendeels onderdrukt door een kostbare mengeling van grootschalige tests, strikte lockdowns en potdichte grenzen. De regering had die tijd kunnen gebruiken om de gezondheidszorg te versterken door bijvoorbeeld een voorraad medicijnen aan te leggen en meer eenheden voor kritieke zorg op te zetten. Zij had een grootscheepse vaccinatiecampagne kunnen organiseren, gericht op de miljoenen kwetsbare oudere volwassenen die aarzelden om een prik of booster te halen. Maar China deed er weinig aan en is opnieuw in een crisismodus beland, net zoals in de begindagen van Wuhan.

    De werkelijke omvang van China’s gezondheidscrisis is moeilijk in te schatten, niet in de laatste plaats omdat de regering het grootschalige testen heeft afgeschaft na de abrupte opheffing van het strenge zerocovidbeleid van het land. De ontoereikende vaccinaties en het gebrek aan groepsimmuniteit deden de vrees ontstaan dat het dodental kan oplopen tot het niveau dat eerder tijdens de pandemie werd waargenomen in de Verenigde Staten, West-Europa en, meer recentelijk, in Hongkong.

    Gegevens die de lokale autoriteiten de afgelopen dagen hebben vrijgegeven, lijken te bevestigen dat het virus om zich heen grijpt: in verschillende steden en provincies worden dagelijks honderdduizenden besmettingen gemeld. Er zijn ook veel vragen over het aantal covidgerelateerde sterfgevallen in China, omdat de autoriteiten alleen nog de sterfgevallen tellen die het gevolg zijn van ademhalingsproblemen die rechtstreeks verband houden met een covidinfectie. 

    Officieel zijn er sinds de versoepelde pandemieregels op 7 december zeven mensen aan het virus overleden, een aantal dat in tegenspraak is met het toenemend anekdotisch bewijs uit het hele land – van de hoeveelheid lijkwagens voor een crematorium in Beijing tot de overmaat aan gele lijkzakken bij sommige uitvaartcentra.

    Een ziekenhuis in Shanghai heeft voorspeld dat de helft van de 25 miljoen inwoners van die stad uiteindelijk besmet zal raken en waarschuwt het personeel voor een ‘tragische strijd’ in de komende weken, zo blijkt uit een inmiddels verwijderde verklaring die het ziekenhuis vorige week op het sociale-mediaplatform WeChat plaatste.

    Er heerst breed gedragen frustratie over het feit dat de regering geen tijd bood om zich voor te bereiden op de toestroom van patiënten

    ‘Heel Shangai zal in deze tragische strijd meegetrokken worden, en al het personeel van het ziekenhuis zal worden besmet! Onze families worden besmet! Onze patiënten raken allemaal besmet!’ aldus de verklaring. ‘Er is geen keus, we kunnen niet ontsnappen.’

    In sommige ziekenhuizen is de bezetting zo uitgedund dat gepensioneerde artsen wordt verzocht weer aan het werk te gaan. Naar verluidt worden artsen en verpleegkundigen uit de oostelijke provincies Shandong en Jiangsu gehaald om de medische voorzieningen in Beijing te versterken.

    Medisch studenten die als arts-assistent en stagiair in ziekenhuizen werken, protesteerden tegen de verslechterende werkomstandigheden. Ze eisen dat studenten in de wintervakantie naar huis mogen als zij dat willen, en vragen om gelijke beloning en betere bescherming tegen het virus voor hen die ervoor kiezen om te blijven werken. Deze studenten behoren tot de laagstbetaalde gezondheidswerkers, ondanks het feit dat zij geacht worden langere dagen te maken.

    De protesten vielen samen met de dood op 14 december van een 23-jarige student geneeskunde die had gewerkt in het West China Hospital van de Sichuan-universiteit in de zuidwestelijke stad Chengdu. Volgens het ziekenhuis kreeg de student een hartaanval, maar zijn klasgenoten betwisten dat en zeggen dat hij bezweek omdat hij overwerkt was terwijl hij besmet was met corona.

    Het personeelstekort wordt naar verwachting erger naarmate de winter vordert en miljoenen arbeidsmigranten naar huis reizen in aanloop naar de nieuwjaarsvakantie in januari. De gezondheidswerkers worden nu al achter de schermen geconfronteerd met chaos door veranderend beleid en fysieke en mentale uitputting. Er heerst breed gedragen frustratie over het feit dat de regering hen geen tijd bood om zich voor te bereiden op de toestroom van patiënten.

    ‘We zijn van tevoren helemaal niet ingelicht. Ik hoorde via het nieuws dat de regels waren versoepeld,’ aldus Pu.

    Volgens medisch personeel hadden de tekorten aan medicijnen – waardoor sommige instellingen nu genoodzaakt zijn geneesmiddelen te rantsoeneren – vermeden kunnen worden. Ook had er meer tijd genomen moeten worden om een effectiever triagesysteem op te zetten waarmee overbezetting had kunnen worden voorkomen. 

    Koortskliniek

    Een van de fundamentele problemen van het Chinese gezondheidssysteem is de afhankelijkheid voor zelfs de meest elementaire zorg van ziekenhuizen. Grote, stedelijke instellingen zoals het Tianjin Medical University General Hospital vertegenwoordigen slechts 0,3 procent van alle zorgverleners in China, maar zij behandelden vorig jaar bijna een kwart van alle bezoeken aan poliklinieken in het land, zo blijkt uit gegevens van de Nationale Gezondheidscommissie.

    ‘In de VS hebben mensen hun eigen huisarts, maar in China zijn er in het medische systeem weinig mogelijkheden om aan zorg te komen, behalve als je de Eerste Hulp in een groot ziekenhuis bezoekt,’ aldus Qiao Renli, longarts en arts voor kritieke zorg aan de Universiteit van Zuid-Californië, die zowel in China als in de Verenigde Staten doceerde en praktiseerde.

    Om het ziekenhuispersoneel te ontlasten, heeft de regering het aantal ‘koortsklinieken’ in het hele land uitgebreid. Dat kunnen aparte vleugels binnen ziekenhuizen zijn of zelfstandige klinieken waar patiënten met koorts worden behandeld, ongeacht of ze corona hebben. In de zuidelijke stad Shenzhen werden koortsklinieken opgezet in cabines die voorheen werden gebruikt om op corona te testen. Volgens de regering zijn in Beijing lege stadions en quarantainecentra tot soortgelijke faciliteiten omgebouwd, waardoor het aantal koortsklinieken de afgelopen weken tot boven de duizend is gestegen.

    De bouw van zoveel extra koortsklinieken laat de snelheid zien waarmee de regering probeert zich aan te passen aan het snel verspreidende virus – soms te snel, volgens sommige gezondheidswerkers.

    Adela Xu, verpleegster in een kankercentrum in Shanghai, vertelt dat personeel en bezoekers vóór de versoepelingen een negatieve test moesten laten zien om haar ziekenhuis binnen te mogen. Sinds ongeveer een week begon het ziekenhuis, op last van de regering, met de bouw van een koortskliniek om eventuele covidpatiënten te screenen. Maar tegen de tijd dat die kliniek geopend werd, was de faciliteit al verouderd omdat de stad het testen niet meer verplicht stelde voor toegang tot de spoedeisende hulp. Tegelijkertijd raakten steeds meer mensen besmet.

    ‘Vorige week werden ongeveer twintig van de zevenhonderd patiënten van de spoedeisende hulp positief getest, zegt Xu. ‘Nu zijn dat er ongeveer honderd van de zevenhonderd.’

    De stortvloed aan covidpatiënten is niet de enige uitdaging waarmee ziekenhuizen worden geconfronteerd. Een van de gevolgen van de uitbraak is een wijdverbreid tekort aan bloed doordat het aantal donoren slinkt.

    In de zuidwestelijke stad Kunming laat een bloedbank in een verklaring weten dat de stad momenteel slechts een fractie ontvangt van de vijfhonderd donoren die per dag nodig zijn om aan de vraag te kunnen voldoen – het tekort begint zwangere vrouwen en patiënten op de intensive care te treffen.

    ‘Als we hem niet eens zuurstof kunnen geven, hoe kunnen we hem dan redden?’

    In reactie op de tekorten heeft de Nationale Gezondheidscommissie deze maand haar regels voor bloeddonatie uit 2021 herzien. Daardoor mogen mensen die hersteld zijn van corona alweer na zeven dagen in plaats van na zes maanden bloed geven. Deze nieuwe richtlijn heft ook de beperkingen op die waren opgelegd aan potentiële donoren die in nauw contact stonden met covidpatiënten.

    Sommige ziekenhuizen in de provincie Hebei bij Beijing kampen naar verluidt met een nijpend tekort aan ventilatoren, zuurstoftanks en bedden op de intensive care. Op een door The Associated Press opgenomen video is te horen hoe een medisch medewerker van een ziekenhuis in Zhuozhou, een stad in het noorden van Hebei, een groep mensen aanspoort om een patiënt over te brengen naar een ander ziekenhuis dat beter is uitgerust, met de mededeling dat er geen zuurstof meer is.

    ‘Als we hem niet eens zuurstof kunnen geven, hoe kunnen we hem dan redden?’ zegt de medewerker. ‘Als u geen vertraging wilt, keer dan om en breng hem dan snel naar elders!’

  • Meerdere landen eisen coronatest voor reizigers uit China

    Meerdere landen eisen coronatest voor reizigers uit China

    » Tientallen doden door noodweer op Filipijnen

    » Geweld tussen etnische groepen in Zuid-Soedan laait op

    In China is sprake van een enorme golf van coronabesmettingen

    Meerdere landen zijn weer begonnen met het invoeren van verplichte coronatests voor reizigers die vanuit China komen. Onder meer de Verenigde Staten, India, Japan en Italië hebben de coronamaatregelen ingevoerd, schrijft The Washington Post. In China sprake van een overweldigende golf coronabesmettingen nadat een zeer streng anticoronabeleid werd losgelaten.

    Naast een algemene verspreiding van het coronavirus vrezen veel landen voor nieuwe varianten van het coronavirus die mogelijk in omloop zijn. Italië, de VS en Japan gaan specifiek kijken naar deze nieuwe varianten. Japan heeft daarnaast quarantaineverplichtingen afgekondigd voor mensen die met een coronabesmetting uit China komen.

    Na een maandenlang zeer restrictief coronabeleid, liet de Chinese regering afgelopen maand meerdere maatregelen in een keer varen na zeldzaam protest van burgers. De aantallen coronabesmettingen en coronagerelateerde doden liepen vervolgens rap op. Experts waarschuwden al dat als de regering niet ingrijpt er een miljoen Chinese coronadoden kunnen vallen.

    Lees ook:

  • Militieleider Michigan veroordeeld tot 16 jaar

    Militieleider Michigan veroordeeld tot 16 jaar

    » Hooggerechtshof houdt anti-immigratiewet in stand

    » Ghanese politie wil geen negatieve nieuwjaarsvoorspellingen

    De man wilde in 2020 de gouverneur van de staat ontvoeren

    Een extreemrechtse militieleider uit Michigan is veroordeeld tot een gevangenisstraf van zestien jaar omdat hij van plan was in 2020 de gouverneur van de Amerikaanse staat te ontvoeren. Dat schrijft de Detroit Free Press. Het openbaar ministerie had aanvankelijk levenslang geëist, omdat de man met de ontvoering een burgeropstand had willen ontketenen.

    De Amerikaanse regering noemde de rechtszaak een van de grootste zaken van binnenlands terrorisme in de recente Amerikaanse geschiedenis. Een andere leider van de extremistische beweging hoort later deze week zijn gevangenisstraf. Andere leden van de militie kregen aanzienlijk lagere straffen omdat zij meewerkten aan het proces en getuigden tegen de leiders.

    De groep, bestaande uit dertien leden, werd in 2020 aangehouden door de FBI na maandenlange infiltraties. Naar eigen zeggen waren de leden het niet eens met de strenge coronamaatregelen van de gouverneur van Michigan, maar volgens de autoriteiten wilden zij al langere tijd een staatsgreep plegen en hadden zij daar ruim genoeg vuurwapens en explosieven voor verzameld.

    Lees ook:

  • Hoe een bacterievrij jaar een generatie van ‘coronakinderen’ heeft veranderd

    Hoe een bacterievrij jaar een generatie van ‘coronakinderen’ heeft veranderd

    Kinderen in wiens leefomgeving in de eerste jaren veel ontsmettingsmiddel gebruikt is, hebben vast en zeker een ander microbioom gevormd. De vraag in dit geval is of ‘anders’ ook slecht is.

    In het voorjaar van 2021 deed Brett Finlay, microbioloog aan de Universiteit van British Columbia, een gewaagde en zorgwekkende voorspelling. ‘Ik gok dat we over vijf jaar een grote groep kinderen met astma en obesitas gaan zien,’ zei hij tegen tijdschrift Wired. Hij noemt deze generatie de ‘coronakinderen’: zij die net vóór of tijdens het hoogtepunt van de crisis zijn geboren, toen het coronavirus alom aanwezig was en we collectief alles schoonmaakten om maar niet besmet te raken.

    Finlays voorspelling is niet ongegrond. Zoals James Hamblin vorig jaar in The Atlantic schreef, hangt onze gezondheid af van een constante wisselwerking met triljoenen microben die op en in ons lichaam leven. De microben die tot het zogenaamde microbioom behoren, zorgen ervoor dat we ons voedsel kunnen verteren, ons immuunsysteem kunnen trainen en onze cognitieve functies optimaliseren. Die wisselwerking begint in de kindertijd, waarbij de eerste drie levensjaren cruciaal zijn: eerst moeten bacteriën zich in zogenaamde kolonies op baby’s nestelen en vervolgens moeten beide partijen fysiologisch op elkaar afgestemd raken. Als er in deze vormende periode grote verstoringen plaatsvinden, ‘kan het systeem uit balans raken’, aldus Katherine Amato, biologisch antropoloog aan de Northwestern University. En dat vergroot de kans dat een kind later allergieën, astma, obesitas en andere chronische aandoeningen ontwikkelt.

    Hoe vroeger die verstoringen plaatsvinden en hoe intenser en langduriger ze zijn, hoe dramatischer de gevolgen. Zware antibioticakuren kunnen bijvoorbeeld de microbiële diversiteit vernietigen – baby’s die op jonge leeftijd zo’n kuur ondergaan, lopen een groter risico op eerdergenoemde complicaties. Min of meer hetzelfde geldt voor baby’s die via een keizersnede worden geboren, flesvoeding krijgen of opgroeien in een natuurarme omgeving. Als de coronamaatregelen zelfs maar een fractie van die effecten teweeg hebben gebracht, zijn door de strijd tegen schadelijke microben een heleboel kleine kinderen ook allerlei nuttige microben misgelopen – en dat kan grote problemen veroorzaken.

    Dreiging

    Nu, meer dan anderhalf jaar nadat Finlay zijn oorspronkelijke voorspelling deed, zijn kinderen weer op de crèche en op school te vinden. Mensen houden geen afstand meer en mijden niet langer de grote menigten. En, afgaand op de grote golf luchtwegvirussen die het noordelijk halfrond overspoelt, kan men stellen dat kinderhandjes en -mondjes weer druk microben uitwisselen. Maar voor de coronageneratie hangt de dreiging van de chronische ziektes die Finlay vanaf pakweg 2026 verwacht, nog steeds in de lucht. Het zal nog wel even duren voordat onderzoekers met zekerheid kunnen zeggen hoeveel verschil die maanden van microbiële leegte daadwerkelijk hebben gemaakt. 

    Voorlopig ‘bevinden we ons in het domein van speculatie’, aldus Maria Gloria Dominguez Bello, microbioloog aan Rutgers University. Wetenschappers weten nog niet hoe de samenstelling van onze darmflora zich in de toekomst in ons lichaam zal gedragen. Bovendien duurt het lang voordat chronische ziekten zoals obesitas en astma zich manifesteren. Er is nog geen bewijs dat ze bij de huidige generatie kinderen vaker voorkomen, en als dat inderdaad het geval blijkt te zijn, kunnen onderzoekers het pas over een paar jaar of zelfs langer vaststellen. 

    Finlay blijft bij zijn oorspronkelijke voorspelling dat de pandemie een netto negatief microbioom zal opleveren. ‘We hebben een enorme maatschappelijke verschuiving ondergaan,’ vertelt hij. ‘Ik weet zeker dat we daarvan de gevolgen gaan zien.’ En hij is niet de enige die dat denkt. ‘Ik denk dat gevolgen haast onvermijdelijk zijn, zegt Graham Rook, medisch microbioloog aan University College London. Als zich halfweg dit decennium geen incidenten voordoen, zou Rook ‘zeer verbaasd zijn’. Andere onderzoekers zijn minder overtuigd. ‘Ik denk niet dat we een generatie kinderen de verdoemenis in hebben geholpen,’ zegt Melissa Manus, antropoloog en microbioomonderzoeker aan de Universiteit van Manitoba. Enkele wetenschappers menen zelfs dat de pandemie het microbioom van de coronakinderen wellicht ten positieve heeft beïnvloed. Martin Blaser, microbioloog aan de Rutgers University, gelooft dat het aantal astma- en obesitasgevallen de komende jaren ‘met een beetje geluk’ zelfs zou kunnen dalen.

    Het is bekend dat het microbioom van mens tot mens sterk varieert: soms is er tussen individuen geen enkele overlap

    Wat de mogelijke gevolgen van de pandemie betreft, zijn de onderzoekers het over één ding eens: de coronababy’s hebben een ongewone kindertijd gehad. Hun micriobioom zal er dus gemiddeld heel anders uitzien. Maar anders hoeft niet per se slecht te zijn. ‘Het is niet zo dat er één winnend microbioom is,’ zegt Efrem Lim, microbioloog aan de Arizona State University. Neem bijvoorbeeld de zonen van Liz Johnson. Die werden geboren in maart 2018, augustus 2020 en maart 2022, alle drie vaginaal, in hetzelfde ziekenhuis, met de hulp van dezelfde vroedvrouw. Vervolgens kregen ze alle drie borstvoeding, en geen van hen onderging op jonge leeftijd een zware antibioticakuur. En toch ‘begonnen ze allemaal met een ander microbioom aan hun leven,’ vertelt Lim. 

    Op zich is dat niks zorgbarends. Het is bekend dat het microbioom van mens tot mens sterk varieert: mensen kunnen honderden bacteriesoorten op en in hun lichaam dragen en het is dus ook mogelijk dat er tussen individuen geen enkele overlap is. Bacteriële gemeenschappen lijken in zekere zin op kookrecepten: als je een ingrediënt niet bij de hand hebt, kun je het meestal door iets anders vervangen. 

    Lucas, Johnsons tweede zoon, kwam op een heel andere manier ter wereld dan zijn oudere broer – en in veel opzichten ook anders dan zijn jongere broer. Lucas werd geboren in een verloskamer vol gemaskerde gezichten. In de dagen na zijn geboorte kwam er geen familie op bezoek in het ziekenhuis. En terwijl zijn broers gedurende de eerste maanden van hun leven met hun moeder meegingen op werkreisjes over de hele wereld, bleef Lucas thuis. ‘Bijna niemand wist überhaupt dat hij geboren was,’ vertelt Johnson. Maar tijdens zijn eerste twee levensjaren kreeg Lucas wel borstvoeding en had hij veel contact met zijn familie thuis en met kinderen op de crèche. Bovendien was hij vaak in de natuur. 

    Maar Johnson en anderen weten nog niet precies in hoeverre dat alles opweegt tegen de extreme hygiëne en het weinige sociale contact tijdens Lucas’ eerste dagen. Zowel een teveel als een gebrek aan voorzichtigheid kunnen negatieve gevolgen hebben. Als het erop aankomt, weten wetenschappers gewoonweg niet hoeveel microbiële blootstelling precies goed is. 

    Arm en rijk

    Onder coronababy’s zal het microbioom waarschijnlijk eveneens variëren, afhankelijk van wat voor beslissingen hun ouders op het hoogtepunt van de pandemie namen – wat weer afhangt van de financiële en sociale middelen waarover deze beschikten. Amato maakt zich vooral zorgen kinderen van wie de gezinnen niet alleen flink hebben ontsmet, maar wier microbiome diversiteit daarnaast ook op andere manieren is aangetast: bijvoorbeeld door keizersneden, flesvoeding en antibioticagebruik. Meghan Azad, onderzoekster op het gebied van kindergezondheid aan de Universiteit van Manitoba, legt uit dat het voor sommige nieuwe ouders tijdens de ergste fases van de pandemie aanzienlijk moeilijker kan zijn geweest om borstvoeding te geven. Bijvoorbeeld doordat het lastig was om persoonlijke begeleiding te krijgen, of door werkonzekerheid. Het microbioom kan ook zijn aangetast door een aanhoudend slecht dieet en door stress, waar veel mensen de afgelopen jaren mee te maken hebben gehad.

    Volgens Rook is het probleem deels dat veel risicofactoren onevenredig veel voorkomen bij mensen die sociaaleconomisch zijn achtergesteld en daardoor vaak toch al een minder divers microbioom hebben. ‘Ik ben bang dat deze ontwikkeling de gezondheidsverschillen tussen arm en rijk verder zal vergroten. Zelfs coronabesmettingen zelf lijken het microbioom te veranderen, en die komen nog steeds het meest voor onder mensen met essentiële beroepen en mensen die dicht op elkaar leven. Hoewel de verandering bij volwassenen misschien maar tijdelijk is, kan dat bij zuigelingen anders liggen, aangezien hun microbioom nog geen stabiele toestand kent. 

    Veel gezinnen zitten ertussenin. Het ene gezin vond het bijvoorbeeld belangrijk om het huis te ontsmetten, maar kon vanwege het thuiswerken gemakkelijker borstvoeding geven en gezonde maaltijden koken. Het andere gezin hield de kinderen weg van peuters op de crèche, maar had wel gelegenheid om ze buiten te laten spelen, wat ook contact met bijvoorbeeld honden mogelijk maakte. Wetenschappers hebben nog geen handige formule gevonden om aan de hand van de verschillende factoren de gezondheid van een kind kunnen bepalen. Momenteel wordt uitgezocht hoe zwaar elke component weegt en hoe eventuele aanvullende factoren kunnen worden geïdentificeerd.

    Zelfs in het geval van mensen die niet in aanraking kwamen met extra buitenlucht of hondenkwijl, maakt Lim zich geen zorgen over de gedragsbeperkingen waaraan ze zich moesten houden. We worden allemaal ‘voortdurend blootgesteld aan duizenden microben’, vertelt Lim, die zelf een dochtertje van anderhalf jaar oud heeft. Wat vaker handen wassen, een mondkapje dragen en wat meer tijd thuis doorbrengen verandert daar niet zoveel aan. Zelfs kinderen die behoorlijk afgezonderd waren, ‘hebben niet in een bubbel geleefd’. Mogelijk hebben ze zelfs geprofiteerd van de sociale beperkingen. Kinderen die de crèche of kleuterschool hebben overgeslagen, hebben mogelijk een hele reeks virussen kunnen omzeilen die hen anders een antiobioticakuur hadden opgeleverd en zo hun microbioom hadden beschadigd. Het antibioticagebruik daalde in de ambulante zorg in 2020 aanzienlijk ten opzichte van het jaar ervoor. Volgens Blaser is het mogelijk dat het voordeel van afgenomen antibioticagebruik zwaarder weegt dan de relatief kleine tol van de coronamaatregelen. Als antibioticakuren afnemen, daalt bijvoorbeeld ook het aantal astmagevallen. 

    Deskundigen hebben goede hoop dat bepaalde microbiële verliezen nog kunnen worden hersteld door een combinatie van voeding, buitenspelen en genoeg sociaal contact (met mensen die niet ziek zijn)

    Finlay en anderen houden de komende jaren hun ogen open voor mogelijke signalen. Kinderen wier familie in de eerste paar maanden van hun leven in de ‘hyper-hygiënemodus’ gingen, lopen het grootste risico. Die eerste maanden zijn cruciaal, aangezien microben het immuunsysteem in die fase leren hoe het op gepaste wijze op ziekteverwekkers moet reageren. Als kinderen die kans mislopen, kunnen hun afweercellen vijanden voor bondgenoten gaan aanzien, of andersom, wat zeer ernstige infecties of auto-immuunziekten tot gevolg kan hebben. Als een kind dergelijke aanpassingen eenmaal heeft geïnternaliseerd, kunnen ze moeilijk ongedaan worden gemaakt, zo stelt Finlay. Maar andere deskundigen hebben goede hoop dat bepaalde microbiële verliezen nog kunnen worden hersteld door een combinatie van voeding, buitenspelen en genoeg sociaal contact (met mensen die niet ziek zijn). Die herstellende interventies vinden idealiter zo vroeg mogelijk plaats. ‘Hoe eerder we het oplossen, hoe beter,’ aldus Blaser. 

    Niemand kan kiezen aan welke microben hij of zij precies wordt blootgesteld: het tegengaan van de overdracht van bekende ziekteverwekkers kan ook de overdracht van goedaardige bacteriën stoppen. Maar de context waarin dat gebeurt, is belangrijk. Microben-gunstig gedrag, zoals buitenspelen, kan bijvoorbeeld worden gecombineerd met tactieken die microben uit de weg gaan, zoals het ventileren van binnenruimtes. Tijdens de pandemie zorgden de coronamaatregelen er tevens voor dat griepgevallen en RSV afnamen. Nu die virussen weer actief zijn, herinneren deskundigen ons eraan dat we dus weten hoe we ze kunnen tegenhouden. 

    Coronakinderen kunnen dat concept ook onderschrijven. Zo was Koziks zevenjarige zoon een peuter toen de pandemie begon. Zelfs te midden van de algemene hygiënegekte rolde hij met plezier rond in de modder en speelde hij graag met de twee honden van het gezin. ‘Ik heb hem geleerd dat niet alle bacillen hetzelfde zijn,’ zegt Kozik. Haar zoon heeft bovendien een hygiënische gewoonte opgepakt waar zijn moeder erg trots op is: elke dag als hij uit school komt, loopt hij naar de wasbak om zijn handen te wassen. ‘Het is het eerste wat hij doet,’ vertelt Kozik, ‘zelfs zonder dat het hem gevraagd wordt.’

    Lees ook:

  • Opheffing coronamaatregelen China kan tot ramp leiden

    Opheffing coronamaatregelen China kan tot ramp leiden

    » Duitse vrouw van 97 veroordeeld voor rol in WOII

    » Taliban sluit universiteiten voor vrouwen

    Volgens rekenmodellen kunnen een miljoen Chinezen overlijden

    In China is de manier waarop doden worden geteld en geregistreerd aangepast. Nadat het zeer strenge anti-coronabeleid van de regering deels werd losgelaten, is het aantal besmettingen en doden explosief opgelopen. Daardoor registreert de Chinese regering alleen nog mensen die overleden aan ademhalingsziekten en zijn er volgens deze officiële cijfers slechts zeven doden gevallen tot nu toe deze week.

    Het wetenschappelijke tijdschrift Nature meldt, op basis van rekenmodellen, dat het opheffen van de coronamaatregelen in China desastreuze gevolgen kan hebben. Volgens de berekeningen kunnen er de komende maanden tot een miljoen mensen sterven aan het coronavirus in China. Experts raden een vierde vaccinatie aan, in combinatie met het gebruik van gezichtsmaskers en sociale beperkingen.

    China kende lange tijd een van de strengste anticoronawetgevingen ter wereld. Na toenemende kritiek van burgers, die zelfs de straat opgingen om te protesteren, werd besloten veel beperkingen op te heffen. Lockdowns werden beëindigd, reisverboden werden opgeheven, en mensen met lichte symptomen mochten weer aan het werk. Ook is testen niet langer verplicht.

    Lees ook:

  • China versoepelt coronabeperkingen na protesten

    China versoepelt coronabeperkingen na protesten

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » FTX sleurt cryptowereld mee in val

    » Grote vulkaan Hawaï ineens zeer actief

    Duizenden Chinezen gingen de straat op om te demonstreren

    Nadat Chinezen in meerdere steden in het land de afgelopen dagen de straat op gingen om te demonstreren tegen het coronabeleid van de Chinese regering, zijn op verschillende plekken coronamaatregelen versoepeld, schrijft de South China Morning Post. Het betekent een opvallende knieval van de Communistische partij richting het Chinese volk, na protesten die qua omvang en hevigheid zeldzaam genoemd mogen worden.

    De betogingen begonnen op vrijdag, nadat in miljoenenstad Ürümqi brand uitbrak in een appartementencomplex waar bewoners letterlijk door de autoriteiten waren opgesloten vanwege een strenge lockdown. Tien mensen kwamen om het leven. Door het hele land, van Shanghai tot Guanzhou tot Beijing, gingen mensen de straat op om een einde te eisen aan de draconische coronabeperkingen in China, waar een zerocovidbeleid gevoerd wordt.

    Met dit beleid wil de regering het coronavirus volledig indammen, maar de strategie blijkt tot dusver weinig succesvol te zijn. Zo kampt China momenteel weer met een golf aan besmettingen; maandag werden al ruim 40.000 besmettingen gemeld, het hoogste aantal sinds het begin van de pandemie in 2019.

    Lees ook:

  • VS: 47 mensen aangeklaagd voor 250 miljoen dollar fraude met coronahulpgelden

    VS: 47 mensen aangeklaagd voor 250 miljoen dollar fraude met coronahulpgelden

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van deze week:

    » Poetin kondigt gedeeltelijke mobilisatie af. ‘We zijn in oorlog met het Westen’

    » Venezuela: VN-experts stellen misdaden tegen de menselijkheid aan de kaak

    Verdachten kochten auto’s en huizen met overheidsgeld

    In de Verenigde Staten zijn zevenenveertig mensen beschuldigd van naar schatting 250 miljoen dollar aan fraude. De verdachten die dinsdag door het Amerikaanse ministerie van Justitie zijn aangeklaagd, zouden hebben deelgenomen aan grootschalige fraude met een pandemiehulpprogramma dat voedsel moest verstrekken aan behoeftige kinderen, bericht The Washington Post.

    Volgens de federale aanklagers verkregen de verdachten afkomstig uit Minnesota in sommige gevallen federale fondsen op naam van niet-bestaande kinderen en gaven ze het geld vervolgens uit aan luxe auto’s, huizen en andere persoonlijke aankopen. Zij zouden namen van kinderen hebben vervalst en willekeurige leeftijden hebben gegenereerd om te beweren dat ze maaltijden hadden geserveerd aan mensen in nood, aldus de Amerikaanse krant.

    Lees ook:

  • Joe Biden: ‘Coronapandemie is in de VS voorbij’

    Joe Biden: ‘Coronapandemie is in de VS voorbij’

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Porsche gaat naar de beurs

    » China: 27 doden bij busongeluk met coronacontacten

    Pandemie is voorbij, aldus Amerikaanse president

    In een interview met CBS dat zondagavond werd uitgezonden, zei de Amerikaanse president Joe Biden dat de coronapandemie in de Verenigde Staten ‘voorbij’ was. ‘We hebben nog steeds een probleem met covid-19. We werken er nog steeds hard aan, maar de pandemie is voorbij,’ zei hij.

    The Washington Post wijst erop dat er nog ‘elke dag honderden Amerikanen sterven aan corona’ en vreest dat de uitlatingen van de president ‘de inspanningen van zijn regering – tot nu toe weinig succesvol – zullen bemoeilijken om het Congres zover te krijgen dat het extra geld beschikbaar stelt om meer vaccins en behandelingen voor het coronavirus te ontwikkelen en andere stappen te nemen om het te bestrijden’. Tijdens zijn toespraak verzekerde Joe Biden ook dat hij nog geen definitieve beslissing had genomen over zijn kandidatuur voor een tweede termijn in 2024 en zei hij dat de Verenigde Staten Taiwan zouden verdedigen als China het eiland zou binnenvallen.

    Lees ook:

  • Levensverwachting VS is scherp gedaald sinds pandemie

    Levensverwachting VS is scherp gedaald sinds pandemie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Miljoenen getroffen door overstromingen in Pakistan, meer dan duizend doden

    » Oekraïne gebruikt houten lokwapens om Rusland te verleiden raketten te verspillen

    Levensverwachting daalde van 79 jaar naar 76 jaar

    De gemiddelde levensverwachting van de Amerikanen is in 2020 en 2021 scherp gedaald, de scherpste daling in twee jaar in bijna honderd jaar. ‘Een schrille herinnering aan de tol die de voortdurende coronapandemie eist van de natie,’ schrijft The New York Times. De daling was bijzonder sterk onder inheemse Amerikanen, meldde het National Center for Health Statistics.

    In 2021 is de levensverwachting van de gemiddelde Amerikaan zesenzeventig jaar, meldden federale gezondheidsonderzoekers woensdag. Dat is een verlies van bijna drie jaar sinds 2019, toen Amerikanen gemiddeld bijna negenenzeventig jaar oud konden worden. Hoewel de pandemie verantwoordelijk is voor het grootste deel van de daling van de levensverwachting, heeft een stijging van het aantal sterfgevallen door ongevallen en overdoses drugs ook bijgedragen, evenals sterfgevallen door hartaandoeningen, chronische leveraandoeningen en cirrose, aldus het nieuwe rapport.

    Lees ook:

  • ‘Waarom ik geen nieuws meer consumeer’

    ‘Waarom ik geen nieuws meer consumeer’

    Journalist Amanda Ripley is opgehouden het nieuws te lezen. Ligt dat aan haar of aan het product?

    Ik heb een geheim. Ik heb het langer verzwegen dan ik wil toegeven. Ik voelde me onprofessioneel, ik schaamde me een beetje. Het was niet zoals ik wilde zijn.

    Goed, hier is het: ik heb jarenlang het nieuws willens en wetens gemeden.

    Dat is niet altijd zo geweest. Ik ben al twintig jaar journalist en was gewend urenlang het nieuws te consumeren en dat ‘werken’ te noemen. Iedere ochtend las ik The Washington Post, The New York Times en soms The Wall Street Journal. Op mijn kantoor bij Time had ik een tv die zonder geluid op CNN stond. Ik luisterde onder de douche naar NPR (National Public Radio). In het weekend verslond ik The New Yorker. Ik had het gevoel dat het mijn plicht was op de hoogte te zijn, als burger en als journalist – en ik had er nog best plezier in ook! Over het algemeen werd ik er eerder nieuwsgieriger van dan andersom. 

    Maar zo’n vijf, zes jaar geleden veranderde er iets. Het nieuws begon onder mijn huid te kruipen. Na mijn ochtendlectuur was ik zo uitgeput dat ik niet kon schrijven – of überhaupt iets creatiefs kon doen. Terwijl ik op de radio naar het ochtendnieuws luisterde, voelde ik me sloom, ongemotiveerd, en de dag was nog maar net begonnen. 

    Wat was er aan de hand? Ik was gewend verslag te doen van terreuracties, orkanen, vliegtuigongelukken, al het mogelijke menselijk leed. Maar nu? Ik kon er niet meer tegen. Het was of ik een glutenallergie had ontwikkeld en daar zat ik dan – een tarweboer! 

    Dus begon ik net als veel andere mensen het nieuws te doseren. Het tv-nieuws hield ik voor gezien, wat slechts een kwestie is van gezond verstand, en ik wachtte tot het eind van de middag voor ik ander nieuws las. Vanaf dan hield ik het wel vol tot het avondeten (en de wijn).

    Maar het nieuws drong aan alle kanten toch mijn leven binnen. Ik kon niet voorkomen dat ik eraan werd blootgesteld – via e-mails, op sociale media, in berichtjes van vrienden. Ik probeerde flink te zijn. Ik sprak mezelf streng toe: ‘Dit is het echte leven en het echte leven ís deprimerend! Er is verdorie een pandemie. En racisme! En klimaatverandering! En inflatie! De dingen zijn gewoon deprimerend. Je moet wel gedeprimeerd zijn!’

    Zinloos

    Het probleem is, ik kwam tot niks. De malaise werkte verlammend. Dus als ik las over weer een schietpartij op een school stuurde ik geen vlammend mailtje naar mijn vertegenwoordigers in het Congres. Nee, ik had te veel verhalen gelezen over het falen van het Congres om te geloven dat dat iets zou uithalen. Toen ik eenmaal genoeg had van het nieuws, voelde alle individuele actie zinloos. Eigenlijk was ik alleen maar wanhopig. 

    Ik ging naar een therapeut. Ze zei dat ik – let wel – moest ophouden met het nieuws volgen. Dat voelde verkeerd. Was het niet belangrijk om op de hoogte te zijn? Het nieuws verzaken voelde als de wereld verzaken. 

    Als zovelen van ons zich vergiftigd voelen door onze producten, is er dan niet iets mis mee?

    Op een dag vertrouwde een bevriende collega me echter toe dat ook zij het nieuws meed. Vervolgens hoorde ik het van nog een journalist. En van nog een. (De meeste waren vrouwen, merkte ik, maar niet allemaal.) Dit nieuws over de aversie van nieuws werd altijd gefluisterd, alsof het ging om een smerig geheimpje. Het deed mij denken aan die scène uit de film The Social Dilemma waarin al die techfiguren toegeven dat ze hun kinderen niet toestaan de producten te gebruiken die zijzelf hebben gemaakt.

    En dat raakt de kern van het probleem: als zovelen van ons zich vergiftigd voelen door onze producten, is er dan niet iets mis mee?

    De laatste maand tonen nieuwe cijfers van Reuters aan dat de Verenigde Staten een van de hoogste nieuwsvermijdingspercentages van de wereld hebben. Zo’n vier op de tien Amerikanen mijden soms of vaak het nieuws – een hoger percentage dan in minstens dertig andere landen. En in alle landen zijn vrouwen stelselmatig meer geneigd het nieuws te mijden dan mannen. Het ging dus niet alleen om mij en mijn hypocriete journalistieke vrienden. 

    Machteloos

    Waarom mijden mensen het nieuws? Het is almaar hetzelfde en ontmoedigend, vaak amper te bevatten, en mensen voelen zich er volgens de enquête machteloos door. De feiten ondersteunen hun beslissing om het nieuws voor gezien te houden. Het blijkt dat hoe meer nieuws we tot ons nemen over gebeurtenissen met veel slachtoffers, zoals schietpartijen, hoe meer we lijden. Hoe meer politiek nieuws we tot ons nemen, hoe meer we gaan twijfelen aan onszelf. Als het doel van de journalistiek is om mensen te informeren, waaruit blijkt dan dat het werkt?

    Dus misschien is er iets mis met het nieuws. Maar wat? Velen zeggen dat de zaken worden opgeklopt. Journalisten zeggen dat het allemaal komt door het verdienmodel: negativiteit loont. Maar ik begin langzamerhand te denken dat in beide theorieën het voornaamste stukje van de puzzel over het hoofd wordt gezien: de menselijke factor. 

    Het nieuws van vandaag, zelfs kwalitatief hoogstaand papieren nieuws, is niet op de mens toegesneden. Zoals Krista Tippett, de maker en presentator van het radioprogramma en de podcast On Being, het zegt: ‘Ik denk eigenlijk niet dat we psychisch of mentaal zijn toegerust om 24/7 catastrofale en verwarrende berichten en foto’s te verwerken. We zijn analoge schepsels in een digitale wereld.’

    Ik heb het afgelopen jaar geprobeerd uit te zoeken hoe nieuws dat is toegesneden op de mens van nu eruit zou kunnen zien – door interviews te maken met artsen die gespecialiseerd zijn in het brengen van slecht nieuws aan patiënten, met gedragswetenschappers die begrijpen wat de mens nodig heeft voor een volwaardig leven en met psychologen die patiënten met ‘krantenkoppenstressstoornis’ hebben behandeld. (Ja, dat bestaat.)  

    Toen ik nadacht over wat me zoal was verteld, ontdekte ik dat er in het nieuws van tegenwoordig drie eenvoudige ingrediënten ontbreken. Ten eerste hebben we hoop nodig om ’s morgens op te staan. Onderzoekers hebben ontdekt dat hoop onder andere samenhangt met minder depressie, chronische pijn, slapeloosheid en kanker. Uitzichtloosheid, daarentegen, hangt samen met angst, depressie, posttraumatische stressstoornis en… de dood.

    ‘Hoop is als water,’ zegt David Bornstein, de medeoprichter van nonprofitorganisatie Solutions Journalism Network. ‘Je hebt iets nodig om in te geloven. Als je in het restaurantwezen zit, geef je mensen water. Omdat je begrijpt hoe de mens in elkaar zit. Vreemd dat journalisten daar zo’n moeite mee hebben. Mensen hebben perspectief nodig.’

    Nergens is de schreeuwende behoefte aan perspectief en hoop duidelijker dan bij klimaatberichtgeving

    Afgelopen december publiceerde The New York Times een ambitieus multimediaproject onder de titel ‘Postcards from a World of Fire’, waarin werd vastgelegd hoe klimaatverandering het leven in 193 landen heeft veranderd. Het werd voorafgegaan door een animatie van de brandende aarde die in de ruimte rondtolde en de woorden ‘Steden opgeslokt door stof. De geschiedenis van de mensheid verzwolgen door de zee’. Ik maak geen grapje. Het was vast goedbedoeld maar eenvoudigweg niet op de mens toegesneden. Ik weet niet welke soort hier iets mee zou kunnen, ik ken die in elk geval niet.

    Kijk bij wijze van contrast eens naar een ander recent New York Times-artikel, over een ander probleem – dakloosheid. Daarin werd beschreven hoe 25.000 daklozen met hulp van de gemeente een eigen huis kregen. Het was een diepgravend stuk, een uitgebreide, genuanceerde reportage. Maar als je het las voelde je iets in je borst opengaan – alsof zich een valluik boven een kerker opende. 

    In de tweede plaats hebben mensen het gevoel nodig dat ze iets kunnen doen. Daar houden de meeste verslaggevers geen rekening mee, waarschijnlijk omdat zij dat gevoel zelf al in hun werk ervaren. Maar door het gevoel dat jij en je medemens iets kunnen bereiken – al is het maar iets kleins – kan woede worden omgebogen in actie, frustratie in vindingrijkheid. Zulke zelfredzaamheid is wezenlijk voor iedere goed werkende democratie. 

    Nergens is de schreeuwende behoefte aan perspectief en hoop duidelijker dan bij klimaatberichtgeving. Van alle klimaatverhalen die in 2021 in het avondnieuws en de zondagochtendshows werden gebracht, ging het maar in een derde van de gevallen over mogelijke oplossingen, aldus een studie van Media Matters for America. Hoe zou dat perspectief kunnen worden geboden? Misschien zoals in het artikel uit The Post van april dit jaar waarin zes manieren werden beschreven om klimaatverandering een halt toe te roepen. Of in de virale video’s op TikTok waarin niet-journalisten als @thegarbagequeen in het gat zijn gesprongen door milieusuccessen te vieren en ‘klimaatdoemdenkers’ te ontmaskeren. 

    Waardigheid

    Tot slot hebben we waardigheid nodig. Daar staan maar weinig verslaggevers bij stil, is mijn ervaring. En dat is vreemd, want het is essentieel om te begrijpen waarom mensen doen wat ze doen. 

    Hoe ziet waardigheid eruit? Shamil Idriss, hoofd van Search for Common Ground, een organisatie die zich in 31 landen inzet om geweld te voorkomen, legt het eenvoudig uit: ‘Voor mij is het het gevoel dat ik ertoe doe, dat mijn leven iets voorstelt.’ In de journalistiek betekent mensen het gevoel geven dat ze ertoe doen bovenal dat je naar ze luistert – misschien zoals in het radioprogramma Curious City van de publieke omroep in Chicago het publiek wordt gepeild om te beslissen welk onderwerp er zal worden onderzocht. Het kan betekenen dat je kijkers uitnodigt om een beschaafd gesprek met elkaar aan te gaan, zoals Atlanta NBC station 11Alive, toen ouders die sceptisch waren over kritische rassentheorie werden uitgenodigd om schoolbestuurders en historici voor de camera te interviewen. En het betekent schrijven over mensen als meer dan de som van hun omstandigheden, zoals journalist Katherine Boo zo prachtig heeft gedaan op de bladzijden van deze krant.

    Er is een manier om nieuws te brengen – ook heel slecht nieuws – die minder schadelijk voor ons is. Een manier om woede én actie op te wekken. Empathie en waardigheid. Angst en hoop. Er is een manier die niet leidt tot een gevoel van machteloosheid of hypes. Tot nu toe zijn de voorbeelden nog erg schaars.

    Wel kun je stellen dat als nieuwssites mensen waren, de meeste momenteel zouden worden gediagnosticeerd als klinisch depressief. 

    Nieuwsmedia laten zich moeilijk over één kam scheren. De sector omvat hardwerkende gespecialiseerde verslaggevers, toegewijde factcheckers en producenten, maar ook schaamteloze propagandisten, sensatiezoekers en waarheidverdraaiers. Het is haast een te grote sector om enigszins overzichtelijk over te kunnen praten. Wel kun je stellen dat als nieuwssites mensen waren, de meeste momenteel zouden worden gediagnosticeerd als klinisch depressief. 

    Om dat te veranderen moeten journalisten misschien accepteren dat sommige van hun uitgangspunten verouderd zijn. ‘De journalistieke theory of change houdt in dat je het best een ramp afwendt door mensen 24/7 de mogelijkheid van een ramp voor te houden,’ zegt Bornstein. Dat had altijd effect – enigszins dan. Verslaggevers konden ongenadig verslag doen van gevaren en corruptie en dan achteroverleunen en het publiek het werk laten doen. Maar die dynamiek werkt alleen als het publiek eensgezinder is en journalisten breed worden vertrouwd. Tegenwoordig maakt het niet uit hoeveel leugens van ex-president Trump betrouwbare factcheckers opdiepen; niemand zal erdoor van mening veranderen. Een heleboel journalisten reageerden daarop, misschien uit frustratie vanwege hun eigen onmacht, door almaar luider en feller te worden. En dat zorgde er alleen maar voor dat meer mensen – je raadt het al – het nieuws gingen mijden.

    Een betere theory of change acht Bornstein zoiets als: ‘De wereld zal beter worden als mensen problemen, gevaren en uitdagingen begrijpen én wat hun beste opties voor vooruitgang zijn.’ Hij en zijn collega’s hebben inmiddels meer dan 25.000 journalisten wereldwijd opgeleid om goede oplossingsgerichte verhalen te brengen. 

    Ten slotte, en dit hangt er nauw mee samen: de nieuwsmakers worstelen zelf en al geven ze het niet graag toe, dat beïnvloedt hun verslaggeving. Nieuwsjunkies dompelen zich volledig onder in de duisternis vanuit de onterechte gedachte dat ze daar scherper van zullen worden. Al die angst hoopt zich op – en sijpelt door in onze verhalen.

    Ik weet wat je denkt: en het geld? Het zakelijk nieuwsmodel heeft clicks nodig. En de makkelijkste manier om aandacht te trekken is via een flinke dosis schandalen, angst en verderf.

    museums victoria QLezSKMJOnw unsplash
    – Toen de broadsheetkrant nog op papier werd gelezen in de bibliotheek van het Emily McPherson College, een huishoudschool voor vrouwen in Melbourne. © Museums Victoria / Unsplash

    Maar waarom zouden mensen niet klikken – of een abonnement nemen – als het nieuws op de mens is toegesneden? Hoe kunnen we dat weten als amper iemand het heeft geprobeerd?

    Er zijn tot nu toe niet veel grote nieuwskanalen die systematisch mensgericht nieuws brengen, maar een dat ik bewonder (en waarop ik inmiddels ben geabonneerd) is de Christian Science Monitor. Ieder nummer bevat reportages uit de hele wereld, levendige foto’s, rauwe actualiteit – naast hoop, perspectief en waardigheid. De verhalen gaan vergezeld van een korte toelichting, ‘Waarom we dit hebben geschreven’, waaruit blijkt dat de lezer wordt gezien als een gerespecteerde partner. 

    Leg je oor te luisteren bij de 42 procent van de Amerikanen die het nieuws mijden.

    Het is journalistiek van het type ‘weinig-ego, veel-nieuwsgierigheid’, die ik in mijn eigen werk probeer na te streven. Dat lukt niet altijd. Ik kan me bijvoorbeeld best ongemakkelijk voelen als ik de luisteraars het onderwerp van mijn podcast laat bepalen. Maar afgelopen maand was ik samen met een cameraploeg vier uur lang op een antiabortusbijeenkomst en deed ik iets wat ik nooit eerder had gedaan: ik probeerde gewoon te begrijpen wat mensen me vertelden. Ik probeerde niet de meest schokkende uitspraak of een kleurrijke, ironische anekdote los te krijgen. Ik vroeg gewoon door, zonder te oordelen. Het voelde minder als een transactie, menselijker. Ik voelde me ook beter geïnformeerd.

    Terwijl we ons schrap zetten voor de komende midterms, coronavarianten en catastrofes, daarom hier mijn dringende verzoek aan al mijn collega-journalisten: leg je oor te luisteren bij de 42 procent van de Amerikanen die het nieuws mijden. Het kan niet zo zijn dat we ons allemaal vergissen. Of overgevoelig of zwak zijn. Misschien zijn we gewoon net als jij. 

  • Sokken meest gekochte kledingstuk in VS tijdens pandemie

    Sokken meest gekochte kledingstuk in VS tijdens pandemie

    Lees ook het andere kort nieuws uit de buitenlandse pers van vandaag:

    » Macron, Scholz en Draghi in Kyiv: aandringen op onderhandelen met Rusland

    » VS: experts keuren Pfizer en Moderna goed voor baby’s vanaf zes maanden

    Sokken verdringen T-shirts

    De belangrijkste kledingstukken die Amerikanen kochten tijdens de pandemie waren… sokken. Volgens marktonderzoekbureau NPD Group zijn sokken sinds twee jaar de belangrijkste kledingaankoop en hebben ze de aankoop van T-shirts verdrongen, aldus Quartz. In 2020 en 2021 was een op de vijf kledingitems die in de VS werden gekocht een paar sokken.

    De verkoop van slaapsokken groeide wel vier keer zo snel als die van sokken in het algemeen

    Sokken om mee te slapen vertegenwoordigen slechts 3 procent van de sokkenmarkt, maar de verkoop van slaapsokken groeide wel vier keer zo snel als die van sokken in het algemeen. Volgens de marketeers kwam dat doordat mensen tijdens de pandemie meer tijd doorbrachten in bed.

    Een verklaring voor de verkoopgroei ligt mogelijk ook in de explosieve groei van e-commerce: sokken zijn relatief goedkoop en worden gemakkelijk aan een bestelling toegevoegd als een klant nog maar een paar dollar verwijderd is van gratis verzending, aldus NPD.

    Lees ook: