Tag: Russen

  • Toestroom van Russen zet de verhoudingen in Georgië op scherp

    Toestroom van Russen zet de verhoudingen in Georgië op scherp

    Georgië kampt sinds het begin van de oorlog in Oekraïne met een enorme toestroom aan Russische emigranten. Hoofdstad Tbilisi zou er 110.000 nieuwe bewoners bij hebben gekregen uit een land dat nog altijd als de overheerser wordt gezien. Dat roept de nodige spanningen op.

    Dima Belysh staat met zijn oranje hoodie en groezelige witte sneakers in een verlaten amfitheater in een park. Het is november en hij is bezig met een 24 uur durende performance, gewijd aan zijn overhaaste vlucht vanuit Sint-Petersburg naar de hoofdstad van Georgië. Ik blijk de enige toeschouwer op dat moment te zijn, dus we hebben alle tijd om te praten.

    ‘Het is wrang,’ zegt hij. ‘Ik ben gevlucht van een plek waar ik me niet thuis voelde naar een plek waar ik niet welkom ben.’

    Hij heeft zich altijd openlijk uitgesproken tégen de oorlog in Oekraïne, maar buiten Rusland was er voor hem vrijwel geen toekomstperspectief – hij had maar weinig geld en hij sprak alleen Russisch. Dus in de begindagen, na de invasie van Oekraïne in februari 2022, bleef hij zitten waar hij zat. Maar toen de Russische president Vladimir Poetin eind september een algehele mobilisatie afkondigde, kon Dima niet anders dan het land verlaten, omdat hij anders het risico zou lopen te moeten dienen in een leger dat hij niet steunde en te vechten in een oorlog waar hij niet achter stond.

    Georgië was een voor de hand liggende keuze. Het was een van de weinige landen met een grens die nog open was voor Russen die zich geen vliegticket konden veroorloven. Tienduizenden Russen hadden dezelfde gedachte en de grenswachten in Larsi, een  kleine plaats in de Kaukasus, de enige grensovergang met Rusland, wisten niet wat hen overkwam.

    Belysh maakt deel uit van een immense stroom Russische emigranten die sinds het begin van de oorlog zijn neergestreken in Georgië – voornamelijk in Tbilisi, een stad met 1,2 miljoen inwoners. De cijfers zijn niet zo betrouwbaar, maar de overheid vermeldt dat er sinds het begin van de oorlog tot oktober 2022 al meer dan 110.000 Russen naar Georgië zijn gekomen. De toestroom legt een grote druk op de stad wat betreft huisvesting en infrastructuur, en vergroot de al langer bestaande politieke en culturele tweespalt.

    Uit angst

    De postsovjet-identiteit van de Georgiërs stoelt al eeuwenlang voor een belangrijk deel op de Russische overheersing – eind achttiende, begin negentiende eeuw vroegen Georgische koningen de Russen om bescherming, uit angst voor Perzische aanvallen. Niet alleen slaagden de Russen er niet in Georgië te beschermen tegen de Perzische agressie – Tbilisi werd in 1795 met de grond gelijkgemaakt – maar uiteindelijk lijfde Rusland Georgië domweg in en maakte het tot onderdeel van het Russische rijk. Dat was het startschot van twee eeuwen overheersing vanuit het noorden, waaraan pas een einde kwam in 1991, met de ineenstorting van de Sovjet-Unie.

    De Georgiërs hebben lange tijd volgehouden dat ze geen problemen hebben met de Russen zelf, maar met de Russische overheid. Met de inval in Oekraïne is dat onderscheid echter vrijwel geheel verdwenen. De vlucht van tienduizenden Russen die zichzelf beschouwen als slachtoffer van de eigen overheid valt precies in een tijd waarin Georgiërs meer dan ooit zijn geneigd de collectieve verantwoordelijkheid voor de oorlog in Oekraïne bij alle Russen te leggen. De massale migratie heeft de Georgiërs in beroering gebracht en roept lastige morele vragen op: wie geldt als slachtoffer? In hoeverre zijn burgers verantwoordelijk voor de daden van hun land? Waar zou onze sympathie moeten liggen?

    In hoeverre zijn burgers verantwoordelijk voor de daden van hun land?

    De inval in Oekraïne riep bij de Georgiërs bovendien een veelheid aan emoties op: medeleven met de Oekraïners en angst dat Rusland over niet al te lange tijd opnieuw de blik zal richten op Georgië, dat al eerder, namelijk in 2008, door de Russen werd binnengevallen. Als Rusland de strijd in Oekraïne wint, zouden de Georgiërs reden hebben om te vrezen dat het Kremlin zich voldoende gesterkt zou voelen om de klus uit 2008 te komen afmaken. Een andere vrees is dat Rusland, als het de oorlog verliest, het kleine en zwakke Georgië als een makkelijke troostprijs zou kunnen beschouwen.

    En dan is er nog de haat. Er verschenen teksten op muren, er werd gif verspreid op social media. Bezorgde burgers lieten een petitie rondgaan om een visumbeperking voor Russen in te stellen.

    Van een vriend hoorde ik over een Rus en een Georgiër die elkaar in een kroeg te lijf waren gegaan. Op een Telegramkanaal voor Russen in Tbilisi werd een anonieme opname geplaatst van iemand die (in het Russisch, maar met een Georgisch accent) dreigde Russen in elkaar te slaan. Mede gezien het feit dat het Kremlin de Russenhaat in Oekraïne opvoert als rechtvaardiging van de oorlog, is de sfeer in Tbilisi bijzonder gespannen.

    Schermafbeelding 2023 07 26 om 12.46.01
    © The Dial

    Een twintigjarige Russische mensenrechtenactiviste die in 2021 naar Georgië is geëmigreerd, probeerde via Airbnb en Booking.com een accommodatie te huren aan de Zwarte Zee-kust. Ze werd meermaals geweigerd omdat ze Russisch is. Iemand schreef: ‘Ga lekker terug naar Rusland om voor Poetin te vechten.’ Ze probeerde uit te leggen dat ze niet terug kon naar Rusland. ‘Ik was zo kwaad. Ik schreef: “Ik ben mensenrechtenactivist. Ik ben journalist, ik heb vrienden die zijn gemarteld”,’ vertelt ze. Hij wilde bewijzen zien dat ze echt werd vervolgd, en pas toen zei hij: ‘Nou ja, misschien mag je dan toch wel komen.’

    Hoewel Georgië twee eeuwen lang is overheerst door Rusland, hebben de huidige Georgische grieven tegen Rusland vooral te maken met Abchazië en Zuid-Ossetië, twee gebieden waar etnische minderheden wonen, respectievelijk de Abchazen en de Osseten. Beide gebieden hebben zich afgescheiden van Georgië tijdens onafhankelijkheidsoorlogen in de jaren negentig van de vorige eeuw; honderdduizenden etnische Georgiërs zijn het gebied ontvlucht. Deze zelfbenoemde regeringen worden nu gesteund door Rusland, dat in beide gebieden militaire bases heeft. Een veelgehoorde opmerking vandaag de dag is dat Rusland op die manier in feite 20 procent van Georgië ‘bezet’. (Op sommige muren valt tegenwoordig te lezen: ‘Weg met de bezetter’.) Georgiës poging om de controle over Zuid-Ossetië terug te krijgen leidde tot de oorlog van 2008, waarin Rusland niet alleen de Georgische krijgsmacht uit Zuid-Ossetië verdreef, maar ook kortstondig verder wist op te rukken, tot diep in Georgië, met hevige offensieven waarbij zelfs de oostelijk gelegen steden Gori en Poti werden bereikt. Volgens officiële berichten van beide kanten kwamen hierbij 224 Georgische en 162 Zuid-Ossetische burgers om het leven.

    De regerende partij in Georgië lijkt bezig met een balanceeract

    Veel Georgiërs zien de oorlog van 2008 en de Russische aanwezigheid in Abchazië en Zuid-Ossetië eenvoudigweg als de meest recente hoofdstukken in een eeuwenoud verhaal over Rusland dat de nationale ambities van Georgië dwarsboomt. (Die oorlog vond plaats enkele maanden na de belofte dat Georgië op termijn lid van de NAVO zou kunnen worden). De Russische invasie van Oekraïne wordt gezien als een vergelijkbare aanval op mensen die ze inmiddels als verwanten beschouwen. Een links tijdschrift is een campagne begonnen om de etnische zuivering van de Georgiërs in Abchazië te bestempelen als ‘genocide’. ‘Voor Boetsja was er Abchazië’, luidt de titel van die campagne.

    De regerende partij in Georgië lijkt bezig met een balanceeract. Het streven is zorgen dat het land gericht blijft op het Westen: internationale sancties tegen Rusland handhaven, samen optrekken met het Westen op het gebied van VN-resoluties, EU-lidmaatschap aanvragen. Maar uit de mond van een van de topambtenaren klinkt een heel ander geluid. De laatste tijd heeft men zich zorgvuldig onthouden van kritiek op Rusland en heeft men zich kritischer opgesteld ten aanzien van de Oekraïense regering, en zelfs antiwesterse samenzweringstheorieën verspreid. Dit tot grote woede van veel Georgiërs die willen dat de regering zich onomwonden achter Oekraïne schaart; oppositiepartijen en andere criticasters verwijten de regering een knieval te hebben gedaan voor Moskou.

    Onaangename verrassing

    Poetin kwam met een onaangename verrassing: Rusland trok het verbod in op directe vluchten naar Georgië, dat in 2019 was ingesteld, en maakte tevens een einde aan de visumbeperkingen voor Georgiërs die naar Rusland willen reizen. Vóór de oorlog van Rusland met Oekraïne zou deze maatregel in Georgië met gejuich zijn ontvangen, maar nu leek het een gifbeker, bedoeld om een wig te drijven tussen de Georgische regering en haar bondgenoten in het Westen. Met succes: Amerika en de EU waarschuwden dat Georgische bedrijven sancties riskeerden als Russische luchtvaartmaatschappijen toestemming zouden krijgen om op Georgië te vliegen. Georgië heeft evengoed doorgezet, met als argument dat het hervatten van het vliegverkeer economisch voordeel oplevert. Dit besluit kon rekenen op scherpe kritiek vanuit Washington en Brussel.

    De emigranten zitten klem tussen al het geharrewar. De regerende partij heeft geprobeerd de situatie te bagatelliseren door te benadrukken dat veel van de nieuwelingen in feite etnische Georgiërs zijn, en dat veel van hen Georgië enkel gebruiken als doorgangsstation op weg naar andere bestemmingen.

    Punt van discussie zijn Russen met banden met de oppositie, wie de toegang tot Georgië wordt geweigerd: sinds het begin van de oorlog zouden onder meer kritische journalisten, een advocaat van oppositieleider Alexei Navalny en een lid van de activistische groep Pussy Riot de toegang tot Georgië zijn geweigerd. Voor de Georgische oppositie is dit het bewijs dat de regering danst naar de pijpen van het Kremlin. Maar het is schimmig: ik heb veel Russen gesproken die denken dat de overheid mensen weert om te voorkomen dat Tbilisi een centrum wordt van Russische oppositieactiviteiten, wat de woede van Moskou zou kunnen wekken, maar tegelijkertijd valt het aantal Russische oppositieleden dat wordt geweerd in het niet bij het aantal mensen dat wordt toegelaten. Verschillende oppositiegroepen van verbannen Russische journalisten en activisten hebben zich zonder al te veel moeite in Tbilisi weten te vestigen.

    Alexander, die kort geleden in Georgië is komen wonen en die niet zijn volledige naam wil geven, leidt me langs alle anti-Russische graffiti in de wijk Vera, niet ver van waar ik woon. Hij heeft veel van zijn landgenoten horen beweren dat de graffiti afkomstig zijn van Russen, en hij probeert bewijs te verzamelen dat dat niet het geval is. Op de muur staat een variatie op de alomtegenwoordige tekst: ‘Poetin is een klootzak’. Maar hier werden een Russische ‘i’ en een Oekraïense ‘kh’ door elkaar gehaald op een manier die geen enkele moedertaalspreker van een van beide talen zou doen. Niet ver daarvandaan de klassieke tekst: ‘Dood aan het Russische oorlogsschip’. Die had ik al gezien: ‘Russisch’ is met één ‘s’ geschreven. Een foutje dat in beide talen makkelijk is gemaakt, aldus Alexander. Veelzeggender is de manier waarop sommige Cyrillische letters zijn geschreven. De Russische ‘y’ vertoont ongekend veel gelijkenis met de Georgische ‘kh,’ en de Russische ‘b’ met de Georgische ‘n’.  ‘Dit is duidelijk het werk van Georgiërs,’ zegt hij.

    De Georgiërs zelf hoeven er niet van overtuigd te worden dat de graffiti van eigen makelij zijn. 

    Veel van de Russen die ik heb gesproken zijn diep geschokt nu hun land zijn ware aard heeft laten zien, en voor velen heeft Rusland van het ene op het andere moment afgedaan. Collectief het boetekleed aantrekken lijkt de voornaamste reactie.

    ‘De Russen denken dat we nergens zijn zonder hen, maar zo is het niet’

    Russische ondernemingen in Tbilisi zijn veelal te herkennen aan de Oekraïense vlag en een poster met een QR-code om geld te doneren aan de Oekraïense strijdkrachten. Als er al wordt gesproken over het feit dat de Russische emigranten onheus worden behandeld, volgt steevast de nuancering: ‘Het stelt natuurlijk niets voor in vergelijking met wat de Oekraïners doormaken.’

    ‘De Russen denken dat we nergens zijn zonder hen, maar zo is het niet,’ zegt Zurab Chitaia. Hij heeft een ingewikkelde identiteit: met zijn Georgische vader en zijn Russische moeder is hij opgegroeid in Abchazië, maar daar sprak hij Russisch. Tijdens de oorlog in de jaren negentig zijn vrijwel alle etnische Geor­giërs verdreven uit Abchazië, en toen Chitaia tiener was, vluchtten zijn ouders met hem naar Moskou. Een paar jaar geleden is hij teruggekeerd naar Tbilisi, waar hij inmiddels een keten heeft van goedlopende cafés.

    Chitaia maakt een Russischtalige podcast over Georgië, bij wijze van tegenwicht voor de soms wel heel extreme pogingen om de inwoners van Tbilisi zo te intimideren dat ze geen Russisch meer durven te spreken. Maar hij zegt ook dat veel Russen onderschatten hoezeer de Georgiërs een hekel aan hen hebben. ‘Jonge Georgiërs hebben geen boodschap aan Rusland,’ zegt hij. ‘Ze hebben iets van: “Laat ons met rust, we kennen jullie niet, we hebben geen enkele positieve ervaring met jullie, we moeten jullie niet. We zijn zonder jullie opgegroeid en het enige wat we van jullie kennen zijn tanks, bommen en moordpartijen.” Onze ouders en grootouders waren gedwongen om zich tot Rusland te verhouden en zich op Rusland te richten. Maar wij niet.”’

    Schermafbeelding 2023 07 26 om 12.46.21
    Toeristen staan in 2022 bij de douanecontrolepost Verkhni Lars tussen Georgië en Rusland.
    – © Getty Images

    Het feit dat Russen alleen maar hun paspoort hoeven te laten zien om Georgië binnen te komen, steekt veel Georgiërs. Behalve Rusland zijn er nog 94 andere landen waarvan de inwoners gebruik kunnen maken van het visumvrije laisser-fairebeleid van Georgië, maar door de toestroom van afgelopen jaar roepen de oppositiepartijen nu op tot een visumplicht voor Russen. De regering is hiertegen en beroept zich op de economische voordelen: in 2022 is het bnp met meer dan tien procent toegenomen en regeringsambtenaren schrijven dat deels op het conto van de Russische emigranten.

    Huisbazen en horecaondernemers gedijen bij de komst van tienduizenden klanten uit de middenklasse

    Maar de economische voordelen zijn ongelijk verdeeld. Huisbazen en horecaondernemers gedijen bij de komst van tienduizenden klanten uit de middenklasse. Ondertussen krijgen hardwerkende Georgiërs uit de arbeidersklasse te maken met de daaruit voortvloeiende inflatie. Nadat Poetin in mei aankondigde dat er weer directe vluchten zouden komen tussen Rusland en Georgië, laaide de visumdiscussie weer op, en dit keer bemoeide ook de Amerikaanse ambassade zich ermee; de ambassadeur zei dat Poetin de Russische aanwezigheid op de een of andere manier zou willen ‘gebruiken’ om zich te mengen in Georgië. En hoewel ze er een paar maanden eerder op had aangedrongen dat Georgië onderdak zou blijven bieden aan mensen ‘op de vlucht voor de Russische onderdrukking’, zei ze nu dat ‘veel Georgiërs zich zorgen maken over de honderdduizend Russen die afgelopen jaar naar Georgië zijn gekomen’.

    Wie in Tbilisi woont, krijgt te maken met verschillende graden van verantwoordelijkheid en slachtofferschap, wordt deel van een hiërarchie van daders, kolonisators en gekoloniseerden. In de ogen van veel activisten trekt de toestroom van Russen een wissel op de binnenlandse politiek en bemoeilijkt ze de pogingen om af te rekenen met de eigen geschiedenis van onderdrukking van kleinere landen. Er is een verhitte discussie gaande over de aanloop naar de oorlog uit de jaren negentig, maar duidelijk is dat een aanzienlijk deel van de verantwoordelijkheid bij Georgië ligt – een feit dat wordt verdoezeld door het narratief van een ‘Russische bezetting’. In dat narratief wordt ook het aandeel van de Abchazen en de Osseten ontkend – in grote lijnen hebben zij niet het idee dat ze bezet worden, en zien ze de steun van Rusland als een noodzakelijk kwaad dat bescherming biedt tegen het in hun ogen grotere gevaar van het Georgische nationalisme. Dergelijke nuances gaan steeds meer verloren in de hoogoplopende spanningen van vandaag de dag.

    ‘De oorlog van Rusland en Oekraïne heeft een verlammende uitwerking op het proces waarin wordt nagedacht over onze conflicten, en zo wordt het vrijwel onmogelijk onze eigen fouten te ontdekken en onder ogen te zien’, schrijft Anna Dziapshipa, een in Tbilisi woonachtige filmmaker met een Georgische en Abchazische achtergrond.

    Ondertussen duikt er steeds meer graffiti op, die ook steeds transformeren. Het is niet ongebruikelijk om boodschappen te zien die worden overgeschilderd, die worden veranderd, bijna als een publiek debat. ‘Fuck Russia’ wordt geregeld veranderd in ‘Fuck Putin’. Niet ver van mijn huis staat ‘Russians fuck off cunts’, en daar heeft iemand boven gezet ‘nationalists of all countries go fuck yourselves.’ Het begon met ‘Russians go home’, in het blauw, waarna iemand het laatste woord veranderde, met gele verf, zodat er nu (in de kleuren van de Oekraïense vlag) staat: ‘Russians go help.’ Onlangs is ook dat weer veranderd. Nu staat er: ‘Russians go to hell.’  

  • In deze Oekraïense kelder ontstond een mogelijke oplossing voor de oorlog

    In deze Oekraïense kelder ontstond een mogelijke oplossing voor de oorlog

    Een Oekraïense familie bracht tijdens de invasie drie weken door met vijf Russische soldaten. Ze aten samen, ze wandelden en ze praatten. De kelder in Loekasjivka werd een soort microkosmos van het oorlogspropagandafront. Algauw was niet meer duidelijk wie de slachtoffers waren.

    Toen het Russische leger een begin maakte met de beschieting van Loekasjivka, een dorp in Noord-Oekraïne, vluchtten tientallen bewoners naar de kelder van de familie Horbonos. Kinderen, zwangere vrouwen, bedlegerige gepensioneerden en de familieleden zelf scholen er onder de perzikenboomgaard en de groentebedden van de familie en wachtten af. Tien dagen lang hoorden ze meermalen per uur granaten boven hun hoofd fluiten en inslaan. Door de aanvallen ontstonden diepe kraters in het land, werd de auto van de familie in de as gelegd en werd het dak van hun huis verwoest. Op 9 maart was uiteindelijk te horen hoe zwaar wapentuig en tanks het dorp binnenrolden: het Russische leger had Loekasjivka ingenomen.

    Soldaten sommeerden de verschrikte dorpelingen tevoorschijn te komen en gooiden vervolgens een granaat in de kelder, voor het geval daar nog Oekraïense soldaten verborgen zaten. De familie Horbonos – Irina van vijfenvijftig, Sergej van negenenvijftig en hun vijfentwintig jaar oude zoon Nikita – brachten de nacht erna door in de kelder van een buurman, maar het was daar zo nat en koud dat ze besloten naar die van henzelf terug te gaan. Toen ze daar aankwamen, ontdekten ze dat er inmiddels vijf Russische soldaten bivakkeerden. 

    ‘En waar moeten wij dan heen? Dit is ons huis’

    ‘En waar moeten wij dan heen?’ vroeg Irina. ‘Dit is ons huis.’ De soldaten vertelden de familie dat ze terug konden komen – ze konden daar met z’n allen wonen. En dus trok het drietal weer in.

    Ze zouden zo’n drie weken met die vijf Russische soldaten doorbrengen en samen eten, wandelen en praten. De Russen legden onzinnige verklaringen af over hun vermeende missie en stelden verbijsterend onnozele vragen over Oekraïne, maar ze gaven ook inzicht in hun motivatie en moreel. Vader, moeder en zoon ontzenuwden hun beweringen, gaven luid uiting aan hun woede, maar hieven ook het glas met hen en gebruikten dat blijk van vertrouwen om het geloof van de soldaten in Vladimir Poetins oorlog af te zwakken.

    Gedurende die weken, vertelde de familie mij en mijn collega Andri Basjtovy, veranderde de kelder in Loekasjivka in een soort microkosmos van het oorlogspropagandafront. Aan de ene kant had je de Russen die niets anders deden dan de onjuistheden herhalen die hun over hun invasie op de mouw waren gespeld; aan de andere kant was daar de Oekraïense familie die zich afvroeg hoe het bestond dat hun huis was kapotgeschoten door agressors die handelden vanuit een waanidee. 

    Maar toen ik de familie Horbonos en in dezelfde week hun nationale leider, president Volodymyr Zelensky, had gesproken, drong in volle hevigheid tot me door dat de ervaringen van de familie ook interessant waren in verband met een vraag die al die politici, functionarissen, journalisten en activisten in Oekraïne en daarbuiten, die wanhopig proberen deze oorlog tot een einde te brengen, bezighoudt: hoe krijg je Russen die een oneindige reeks leugens door de strot is geduwd zover dat ze hun steun voor Poetins invasie in Oekraïne laten vallen?

    Elkaar leren kennen

    In het begin waren de familie Horbonos te bang om hun mond open te doen tegen hun Russische huisgenoten. De soldaten van hun kant hielden hun geweren de hele tijd stevig vast. Ze verlieten de kelder enkel als ze in actie moesten komen, net als hun gastheren bang voor het spervuur boven hun hoofd terwijl het Oekraïense en Russische leger strijd leverden om de regio rond de nabijgelegen stad Tsjernihiv. 

    De groepen leerden elkaar beter kennen door het gesprek te beperken tot onderwerpen die als neutraal werden ervaren

    Maar na enkele dagen leerden de twee groepen elkaar beter kennen door aanvankelijk het gesprek te beperken tot onderwerpen die als neutraal werden ervaren, zoals eten en populaire Oekraïense recepten. De familie Horbonos kwam erachter dat de vijf soldaten militaire technici waren. Een van hen, met 31 jaar de jongste, was kapitein. Drie anderen waren in de veertig. Twee van hen hadden in Syrië gediend; het gezicht van de ene was verbrand toen een voertuig waarin hij zat een mijn onklaar maakte op de weg naar Loekasjivka en hij vloekte wanneer hij zijn gezicht met zalf insmeerde. Ze kwamen alle vier uit Siberië. De vijfde was eveneens een veertiger, een Tataar, een etnische groepering met haar eigen grote republiek in Centraal-Rusland. De anderen vonden het irritant dat hij almaar Tataarse liedjes zong en plaagden hem met zijn klaarblijkelijke lafheid, want hij leek altijd als eerste de kelder in te rennen als het spervuur begon. 

    Aanvankelijk kraamde de kapitein fervent Kremlin-propaganda uit: hij en zijn landgenoten waren in Oekraïne om de familie Horbonos te redden, zei hij; de soldaten vochten niet tegen de Oekraïners maar tegen de Amerikanen; dit was geen oorlog maar een ‘speciale militaire operatie’. Was die eenmaal voorbij, dan konden ze allemaal met elkaar in vrede leven onder Poetins bewind, zei hij.

    Lik op stuk

    Irina gaf hem lik op stuk. Zij hoefde niet gered te worden, zei ze. Er waren geen Amerikaanse soldaten of bases in Loekasjivka of waar ook in Oekraïne. Ze wilde niet onder Poetin leven. Toen de kapitein zei dat hij had gehoord dat Oekraïners geen Russisch mochten spreken, vertelde zij hem dat ze iedere taal die ze wilden mochten spreken. (Ik spreek Russisch met de familie Horbonos.)

    Gaandeweg begon hij wat in te binden, niet alleen vanwege Irina’s protesten maar ook door de grimmige realiteit van de oorlog. In de begindagen van het conflict was hij goedgehumeurd en verkeerde in de veronderstelling dat de overwinning nooit lang kon uitblijven. Hij stormde soms de kelder binnen met kreten als ‘Kyiv is omsingeld! Tsjernihiv staat op vallen!’ Maar naarmate de weken verstreken en Kyiv noch Tsjernihiv viel, werd hij somberder. Sergej vertelde me dat hij de kapitein op een gegeven moment Kyiv op de kaart had moeten aanwijzen en dat de Rus verbaasd was geweest toen hij zag dat de stad niet in de buurt lag, zoals hij had aangenomen, maar zeker 150 kilometer verderop. 

    Langzaam maar zeker ontstond er een soort vertrouwensband

    De andere soldaten waren minder fanatiek dan hun kapitein. Twee van hen namen hun toevlucht tot cynisme en waren net zo min bereid verslagen of berichten te vertrouwen van de kant van de Russen als van de Oekraïners. De man met het verbrande gezicht was net zo fel anti-Poetin als de kapitein pro. Hij vervloekte de president openlijk en noemde hem een pias. Hij had nog nooit op zijn partij gestemd. 

    Langzaam maar zeker ontstond er een soort vertrouwensband. Op een avond zwalkte er een dronken Russische sergeant-majoor in een leren jack met een Sovjet-insigne door Loekasjivka die dreigde lokale bewoners te vermoorden als wraak voor de soldaten die hij had verloren. Hij was te dronken om zijn dreigement gestand te doen, maar het incident stond niet op zichzelf: de jongere soldaten dronken veel en riepen als ze aangeschoten waren naar de Oekraïners dat ze stuk voor stuk moesten worden ‘gestraft’. Vader, moeder en zoon waagden zich zelden buiten hun boomgaard. Ze voelden zich veiliger in de kelder, bij hun vijf soldaten.

    Als de Russen de kelder verlieten om iets te drinken of te roken, vroegen ze Sergej mee. De groep lengde pure alcohol aan met een beetje water en Sergej rolde tabak in krantenpapier. Hun gesprekken kregen een meer bespiegelend karakter. ‘Wat doen jullie hier eigenlijk?’ vroeg Sergej bijvoorbeeld. ‘Waar slaat deze oorlog op?’ Het moedeloze antwoord van de Russen was dat ze geen gevecht hadden verwacht, maar een viering. Ze waren, zei een van hen, gekomen ‘voor een overwinningsmars in Kyiv’.

    Lage moreel

    Het lage moreel van de soldaten en hun cynisme en wantrouwen zijn niet echt verrassend. Poetins beruchte propagandamachine draaide altijd minder om het wekken van enthousiasme dan om het zaaien van twijfel en onzekerheid door zo veel versies van ‘de waarheid’ te verspreiden dat het volk de weg kwijt raakt en zich tot een autoritaire leider wendt om hen door de duisternis te leiden. In een binnenlandse politieke context kan zo’n tactiek goed uitpakken: het volk blijft passief, onzeker over wat er nu echt gebeurt. Maar deze aanpak voldoet duidelijk niet wanneer een land moet worden opgezweept tot de laaiende geestdrift die nodig is voor een oorlog.

    Ik woonde en werkte als tv-producent en documentairemaker in Rusland gedurende Poetins eerste twee termijnen als president, van 2000 tot 2008. Zoals een van Poetins spindoctors me toen vertelde, heeft het Kremlin altijd moeite gehad met het motiveren van de bevolking. Altijd als het nodig was om een proregeringsdemonstratie te organiseren, werden functionarissen gedwongen om ambtenaren tegen extra betaling te charteren. Opvallend is dat ondanks de buitensporige censuur duizenden mensen zijn vastgezet vanwege protesten tegen de oorlog. Ondanks alle binnenlandse steun die het Kremlin voor de invasie zegt te hebben, zijn massale demonstraties ten gunste van de regeringsmaatregelen in de straten van de Russische steden achterwege gebleven. 

    Hoe langer de oorlog zich voortsleept, des te meer de bevolking zich zal afvragen of het Kremlin wel weet waar het mee bezig is

    Zelfs voor al die Russen die geloven in de complottheorieën – dat hun land wordt bedreigd door de VS, dat Rusland een wereldrijk verdient – blijft het de vraag of het Kremlin competent genoeg is om zijn ambities na te streven. Hoe langer de oorlog zich voortsleept, des te meer de bevolking zich zal afvragen of het Kremlin wel weet waar het mee bezig is. Mannen zoals de officier die bij de familie Horbonos woonde zullen op een gegeven moment gaan twijfelen aan wat het land nog kan wanneer het met de werkelijkheid wordt geconfronteerd.

    Er zijn ook tekenen die erop wijzen dat de Russen niet helemaal overtuigd zijn door het verhaal dat het Kremlin de wereld in stuurt. Een paar van de populairste recente zoekopdrachten op het Russische internet betroffen de vraag naar het verblijf van de minister van Defensie, Sergej Sjojgoe, die op mysterieuze wijze een poosje verdween nadat hij verantwoordelijk was gesteld voor tegenslagen aan het front. Andere populaire zoekopdrachten betroffen de gruwelijkheden die werden toegeschreven aan het Russische leger toen het zich terugtrok uit Boetsja, een voorstad van Kyiv. Onderzoekers aan het Publiek Sociologisch Laboratorium, een onafhankelijke instelling, hielden 134 diepte-interviews met Russen en kwamen tot de bevinding dat zelfs degenen die op zich geloof hechtten aan het idee dat hun land omringd was door vijanden en dat de oorlog in Oekraïne de schuld was van de NAVO, twijfels hadden over de bewijzen waar Moskou mee kwam. Een van de onderzoekers die de studie leidden, Natalja Savaljeva, concludeerde: ‘Bij velen schommelt hun houding tussen steun en verzet. Ze begrijpen de redenen voor de invasie niet en praten anderen na. Ze geven blijk van verwarring als het gaat over een “informatieoorlog” die wordt gevoerd door alle betrokken partijen en “propaganda” die van beide kanten komt.’ 

    Onnodige schade

    Enquêtes in een dictatuur zijn op hun best een hachelijke zaak. Hoe eerlijk verwacht je dat mensen zijn als zelfs het gebruik van het woord ‘oorlog’ een gevangenisstraf van vijftien jaar kan betekenen? Toch lijkt het erop dat het moreel niet alleen laag is onder soldaten, zoals de vijf die verbleven bij de familie Horbonos, maar ook onder gewone Russen. Vlak na het begin van de invasie toonde onderzoek dat circuleerde onder een kleine groep academici en waar ik de hand op legde dat weliswaar bijna de helft van de deelnemers aan een landelijk representatieve enquête Poetins ‘speciale operatie’ steunde, maar dat de emoties die daarmee gepaard gingen oppervlakkig waren: hoop en trots. Daarentegen gaf de 20 procent die tegen de oorlog was uiting aan veel intensere gevoelens, zoals schaamte, schuld, woede en ook verontwaardiging. Ongeveer een kwart zei geen duidelijke mening te hebben of steunde de oorlog met enige reserve, maar gewaagde ook van bedroefdheid. 

    De familie Horbonos merkte dat de Russische soldaten doorkregen hoeveel onnodige schade ze hadden aangericht

    Naarmate de weken verstreken merkte de familie Horbonos dat de Russische soldaten doorkregen hoeveel onnodige schade ze hadden aangericht. Het huis van de familie, dat dertig jaar daarvoor was gebouwd, was volledig verwoest; hun boekenkasten smeulden twee dagen na en eindigden in een hoopje puin. Als Irina het te kwaad had, moest ze huilen en schreeuwde ze de soldaten in het donker van de kelder toe: ‘We hadden alles wat ons hartje begeerde! Wat doen jullie hier?’ De Russen gaven geen antwoord en zaten daar maar, in het donker.

    Op een ochtend nam zij hen mee om wilde kruiden te zoeken voor de thee. Terwijl ze wandelden door het weinige dat over was van het leven van de familie Horbonos verontschuldigden de soldaten zich voor alle vernieling. Het zou zo veel beter zijn, zei er een, als ze hen op een dag konden bezoeken als gasten. Sergej was witheet. ‘Jullie zijn hier gekomen om mij te doden en mijn huis kapot te schieten,’ zei hij, ‘en dan worden we verondersteld vrienden te zijn? We kunnen alleen maar vijanden zijn.’ De Russen verontschuldigden zich opnieuw en algauw zei de een na de ander dat de oorlog zinloos was. Ze begonnen het zelfs een ‘oorlog’ te noemen.

    De soldaten werden niet gedreven door nationale trots of expansiedrift, maar door geld

    De familie Horbonos kreeg ook een ongewoon inkijkje in de motieven van de Russen. Toen ik Sergej vroeg wat hen volgens hem dreef, was hij ondubbelzinnig. De soldaten, zei hij, werden niet gedreven door nationale trots of expansiedrift, maar door geld. De soldaten vertelden stuk voor stuk dat ze schulden hadden – hypotheken, leningen, doktersrekeningen – en hun soldij nodig hadden. En zelfs dat was niet toereikend. Het was hun taak als technici om tanks te repareren, maar met hun deskundigheid konden ze die dingen ook uit elkaar halen. Als het schieten even stillag zochten ze naar beschadigde of vernielde Russische voertuigen en smolten ze platen met gouden bedrading om. Eén zo’n stuk metaal zou thuis 15.000 roebel of ongeveer 200 dollar opleveren.

    Andere soldaten waren minder creatief. Op de dag dat het Russische leger het dorp verliet, graaiden velen van hen alles bij elkaar wat ze te pakken konden krijgen; hun tanks waren hoog opgetast met matrassen en koffers, hun pantservoertuigen volgeladen met lakens, speelgoed en wasmachines. (Toen de Tataarse soldaat afscheid kwam nemen, vertelde hij Sergej dat hij binnenkort het leger zou verlaten en beloofde hij de familie een deel van zijn pensioen te sturen.)

    Oppervlakkig beschouwd bejubelen Russische functionarissen Poetins nieuwe model van splendid isolation en beweren ze dat hun mensen niet geven om sancties, dat ze geen enkel ander land nodig hebben, dat Rusland zichzelf kan bedruipen. Maar het gedrag van de Russen suggereert iets anders: zie de enorme toeloop bij IKEA voordat de Zweedse meubelketen zijn winkels in het land sloot of het wijdverspreide gebruik van VPN-verbindingen en mirror sites om op Instagram en Netflix te kunnen. 

    Van westerse makelij

    Economen maken verschil tussen aangegeven voorkeuren – wat mensen zeggen te willen – en verborgen voorkeuren, wat zij op grond van hun handelingen echt blijken te willen. Russen kunnen wel beweren dat zij het Westen niet nodig hebben, maar uiteindelijk waren verreweg de meeste producten waarop die Russische soldaten bij hun plunderingen in Oekraïne gebrand waren van westerse makelij. 

    Bijna niemand denkt zo veel na over de vraag hoe je het Russische publiek kunt bespelen als Volodymyr Zelensky. Hij roept sympathie op door naar raakvlakken met zijn publiek te zoeken. Dat deed hij als acteur, als stand-upcomedian en als satiricus in sketchshows. Ik ontmoette hem samen met Jeffrey Goldberg en Anne Applebaum voor een interview voor The Atlantic. Zodra ik hem had verteld dat ik in Kyiv was geboren, praatte hij tegen me zonder één ogenblik het oogcontact te verbreken – hij had zijn raakvlak met mij gevonden. Dat is de sleutel tot zijn communicatiestrategie op alle niveaus, met mensen en met landen. Iedere keer dat hij zich tot het parlement van een ander land richt, doen hij en zijn team onderzoek naar de geschiedenis van dat land om overeenkomsten te vinden met wat Oekraïne momenteel doormaakt: voor Groot-Brittannië was dat de Blitzkrieg, voor de VS was het 9/11.

    Vanaf het allereerste begin van de invasie heeft hij geprobeerd Russen rechtstreeks aan te spreken door te zeggen dat hij weet dat er onder hen ook goede mensen zijn. Natuurlijk, vertelde hij ons in ons interview, zijn er altijd Russen geweest die dachten dat Oekraïne geen echt land was, maar velen zagen dat anders en gingen graag in Oekraïne op vakantie. Het probleem, zei hij verder, was dat deze laatste groep niet meer door zijn berichten werd bereikt. Afgezien van bij een kleine kring verbannen Russische democraten lijken zijn appèl en dat van andere Oekraïners niet aan te komen. Enquêtes, hoe problematisch ook, laten in Rusland een overweldigende steun voor de invasie zien, en verhalen over Oekraïners die bekenden in Rusland opbellen om hun over de oorlog te vertellen zijn ontmoedigend – de meesten lijken zelfs bewijsmateriaal dat hun eigen familie aandraagt te verwerpen. Rusland zit in een ‘informatiebunker’, zei Zelensky tegen ons, in zowel psychologisch als technologisch opzicht.

    Waar het Kremlin bijzonder goed in is, is verantwoordelijkheid afschuiven

    ‘Russen,’ aldus Zelensky, ‘huiveren om schuld te bekennen. Hoe ga je daarmee om? Ze moeten leren de waarheid te accepteren.’ Hij beschreef drie stappen die hiervoor nodig zijn: een omslag in het mediaklimaat, een politieke elite die erkent schuldig te zijn aan de agressie en tot slot gewone mensen die zelf verantwoordelijkheid nemen.

    Waar het Kremlin bijzonder goed in is, is verantwoordelijkheid afschuiven. Rusland had ‘geen keus’ en moest zijn ‘speciale operatie’ in Oekraïne wel beginnen, zei Poetin onlangs. Het is aan de cultuur, de media, het onderwijs en de rechtspraak om daar verandering in te brengen. Maar zulke processen kosten tijd. Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog zagen de meeste Duitsers zichzelf niet als daders maar als slachtoffers – zowel van de nazileiding als van de bombardementen door de geallieerden. Pas na de oorlogstribunalen in Neurenberg, waarbij de Holocaust in zijn volle verschrikking aan het licht kwam, en na decennialange culturele en educatieve inspanningen kwam daar verandering in. 

    De situatie in de kelder van de familie Horbonos was uniek. Het komt niet vaak voor dat Russen zo rechtstreeks met de werkelijkheid of met hun slachtoffers worden geconfronteerd. Maar de ervaring van de familie wijst ook op een mogelijke manier om het Russische volk te bereiken – en het einde van Poetins oorlog te bespoedigen.

    Motivatie

    Anders dan je zou denken is de oorlog niet per se het thema om op te focussen. Het gaat eerder om kwesties die de Russen in hun dagelijks leven raken en die hun gedrag bepalen: hypotheken, medicijnen, scholen, de toekomst van hun kinderen en hun verlangen deel uit te maken van een grotere wereld. 

    Voor de doeltreffendheid van zijn systeem is Poetin afhankelijk van miljoenen mensen, inclusief dokters, soldaten, academici en politieagenten, die allemaal gemotiveerd moeten blijven om mee te doen. Die motivatie is langzaam uit het systeem aan het sijpelen. Of Poetin voldoende repressieve middelen heeft om louter door angst te zaaien aan te blijven is niet duidelijk: de gevangenissen zitten al vol. Het meest dramatische eindspel dat zich in Rusland kan voltrekken is een machtswisseling, of zelfs een revolutie. Het volk hoeft alleen maar zijn steun in te trekken omdat het inziet dat de regering niet langer bekwaam is of in hun belang handelt. (Iets dergelijks gebeurde halverwege de jaren tachtig in de Sovjet-Unie: het systeem liep vast doordat het volk afhaakte, wat de top ertoe bracht hun koers te veranderen. Toen was het een zinloze oorlog in Afghanistan die de moedeloosheid katalyseerde. Vandaag de dag zou Oekraïne een overeenkomstige rol kunnen spelen.)

    Democratisch gezinde media en berichtgeving – vanuit onafhankelijke Russische bronnen, het Westen of Oekraïne – kunnen dit proces versnellen. Ondanks de sluiting van websites en bepaalde socialemediaplatforms zijn er wel degelijk technische middelen om het Russische volk te bereiken: radio, Telegram-kanalen, satelliet-tv, beveiligde berichtendiensten, mirror sites en VPN’s.

    Desastreus

    De Russische staatsmedia verspreiden momenteel kamerbrede politieke propaganda, wat altijd desastreus uitpakt. De Russen zullen spoedig naar ander vermaak uitzien. Dat soort behoefte biedt mogelijkheden om onconventionele bronnen te steunen. Steun aan de (nu grotendeels verbannen) onafhankelijke Russische media is van vitaal belang. Deze exponenten van de vrije meningsuiting spraken in het verleden met name een al prodemocratisch publiek aan. Zij en anderen moeten worden aangemoedigd om groepen buiten de liberale bubbel, met hun eigen prioriteiten, voor zich te winnen.

    Maar niet alleen de agenda’s en doelgroepen behoeven nadere beschouwing; het gaat ook om de manier waarop. We weten allemaal hoe het Kremlin zijn informatieoorlog met het buitenland voert, door middel van trollenfabrieken, complotten spuiende staatsmedia en smalende woordvoerders die iedereen die kritiek op hen durft te uiten kleineren en uitschelden. De pogingen van democratische regeringen om de gewone Rus te bereiken moeten hier totaal van verschillen. Denk aan onlineburgerberaden met deelname van doorsnee-Russen waar westerse beroemdheden met een grote Russische aanhang, zoals Arnold Schwarzenegger (wiens recente video-oproep aan zijn Russische fans miljoenen keren werd bekeken) een ander Rusland voorspiegelen. Denk aan praatprogramma’s waarin Russen kunnen vragen naar bijzonderheden over wat er aan het front gebeurt en antwoorden krijgen die op aantoonbare feiten zijn gebaseerd. Denk aan onlineplatforms waar dokters uiteenzetten hoe gewone mensen het hoofd kunnen bieden aan de dreigende crisis in de Russische gezondheidszorg, of aan YouTube-kanalen waar psychologen ingaan op de psychische spanningen waarmee Russen te kampen hebben.

    De familie Horbonos had ons aanknopingspunten getoond om een eind te maken aan deze oorlog

    Terug naar Loekasjivka, waar Irina Horbonos me vertelde dat ze zich soms bizar genoeg gelukkig voelde. Haar dorp waren de ergste gruwelen die zich voordeden terwijl het leger van Poetin de aftocht blies uit Kyiv en Tsjernihiv bespaard gebleven. Ja, zei ze, haar huis was in puin geschoten en alles waar Sergej en zij hun hele leven voor hadden gewerkt was weg, maar het had nog erger gekund.

    Terwijl ik terugreed naar Kyiv dacht ik na over haar verhaal en over wat Zelensky ons een paar dagen daarvoor had verteld. Irina leek te geloven dat het enige wat zij had gedaan overleven was, maar eigenlijk hadden zij en haar gezin veel meer gedaan. Zelensky, met zijn onvermoeibare streven naar empathie en verantwoordelijkheidsgevoel, en de familie Horbonos, met de lessen die ze hadden geput uit hun opmerkelijke gesprekken met hun Russische vijanden, hadden ons aanknopingspunten getoond om een eind te maken aan deze oorlog en zelfs te fantaseren over een ander Rusland.